1 JUNI 2023. - Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van diverse bepalingen betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water
HOOFDSTUK 1. - Voorwerp
Art. 1
Hoofdstuk 2. - Wijzigingen in Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt
Art. 2-23
Hoofdstuk 3. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002 tot bepaling van de lijst van de aan een milieueffectstudie onderworpen projecten, van de ingedeelde installaties en activiteiten of van de installaties of activiteiten die een risico voor de bodem vormen
Art. 24
Hoofdstuk 4. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Regering van 12 februari 2009 tot bepaling van de sectorale voorwaarden betreffende de installaties voor de waterwinning(en) en/of de verwerking van grondwater dat tot drinkwater verwerkbaar of voor menselijk verbruik bestemd is en betreffende de installaties voor de waterwinning(en) en/of de verwerking van grondwater dat niet tot drinkwater verwerkbaar of niet voor menselijk verbruik bestemd is en tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning worde, de woorden "R.154" vervangen door de woorden "R.146 tot R.150"
Art. 25-27
Hoofdstuk 5. Slot- en overgangsbepalingen
Art. 28-30
BIJLAGE.
Art. N
HOOFDSTUK 1. - Voorwerp
Artikel 1. Dit besluit strekt tot gedeeltelijke omzetting van Richtlijn (EU) 2020/2184 van het Europees Parlement en de Raad van 16 december 2020 betreffende de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water.
Hoofdstuk 2. - Wijzigingen in Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt
Art.2. In artikel R.230, § 1, van het reglementair deel van Boek II van het Milieuwetboek, dat het Waterwetboek inhoudt, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 13 juni 2014, worden, onder de punten 2° en 3° de woorden "31 maart" vervangen door de woorden "31 januari".
Art.3. In artikel R. 233 van hetzelfde wetboek, laatst gewijzigd bij het besluit van 1 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° er wordt een punt 3° bis ingevoegd, luidend als volgt :
"3° bis "samenstelling": de chemische samenstelling van een metaal, email, keramiek of ander anorganisch materiaal. " ;
2° er wordt een punt 12° bis ingevoegd, luidend als volgt :
"12° bis "gevaarlijk voorval": een gebeurtenis waardoor gevaren worden geïntroduceerd in het systeem dat voor menselijke consumptie bestemd water levert, of waardoor deze gevaren niet uit het systeem worden verwijderd. " ;
3° er wordt een punt 21° ter ingevoegd, luidend als volgt :
"21° ter "risico": voor het begrip van de bepalingen van deel III, titel I, hoofdstukken III en IV van dit Wetboek is risico een combinatie van de waarschijnlijkheid dat een gevaarlijke gebeurtenis zich voordoet en de ernst van de gevolgen, indien het gevaar en de gevaarlijke gebeurtenis zich voordoen in het systeem dat voor menselijke consumptie bestemd water levert. " ;
4° er wordt een punt 22° bis ingevoegd, luidend als volgt :
"22° bis "uitgangsstof": een stof die doelbewust wordt toegevoegd bij de productie van organische materialen of hulpstoffen voor materialen op basis van cement. " ;
5° er wordt een punt 28° bis ingevoegd, luidend als volgt :
"28° bis "winningsgebied": het gebied of hydrogeologisch gebied waar grond- of oppervlaktewater op een bepaald punt wordt afgenomen. ".
Art.4. In Deel III, titel I, van hetzelfde Wetboek, wordt een nieuw hoofdstuk 2bis, dat de artikelen R.251bis/1 tot R.251bis/8 omvat, ingevoegd, luidend als volgt:
" Hoofdstuk 2bis. - Beoordeling en beheer van risico's in verband met de winningsgebieden en het waterleversysteem
Deel 1. - Beoordeling en beheer van risico's verbonden aan waterwingebieden bestemd voor menselijke consumptie R. 251bis/1. Deze afdeling is niet van toepassing op voor menselijke consumptie bestemd water dat uitgesloten is van het toepassingsgebied bedoeld in artikel D.182.
R. 251bis/2. § 1. De beoordeling van risico's verbonden aan waterwingebieden bestemd voor menselijke consumptie omvat de volgende elementen:
1° een karakterisering van de winningsgebieden, met inbegrip van :
a) het inventariseren en in kaart brengen van winningsgebieden ;
een kaartdocument met preventiezones en monitoringzones voor drinkwaterwingebieden;
b) behalve wanneer de toegang tot deze gegevens beperkt is krachtens het decreet van 22 december 2010 betreffende de Waalse geografische informatie-infrastructuur, de geografische referenties van alle winningspunten in de winningsgebieden;
c) een omschrijving van de bestemming van de bodems en afvloeiings- en aanvullingsprocessen in winningsgebieden;
2° de identificatie van gevaren en gevaarlijke gebeurtenissen in de winningsgebieden en een beoordeling van de risico's die zij kunnen inhouden voor de kwaliteit van het voor menselijke consumptie bestemde water. Deze informatie heeft betrekking op alle risico's die de kwaliteit van het water kunnen aantasten, voor zover er een risico voor de volksgezondheid kan bestaan;
3° een passende monitoring in oppervlaktewater of grondwater, of in beide watertypes, in winningsgebieden of in ongezuiverd water, van relevante parameters, stoffen of verontreinigende stoffen geselecteerd uit de volgende :
a) de parameters in bijlage XXXI, delen A en B, of de aanvullende parameters die zijn vastgesteld krachtens artikel D. 183, § 1;
b) de in artikel R. 43ter-4 en bijlage XIV, deel A, bedoelde grondwaterverontreinigende stoffen, alsmede verontreinigende stoffen en verontreinigingsindicatoren waarvoor krachtens bijlage XIV, deel B, drempelwaarden zijn vastgesteld;
c) prioritaire stoffen en bepaalde andere verontreinigende stoffen van de bijlagen I en X bis ;
d) verontreinigende stoffen die specifiek zijn voor stroomgebieden en die zijn geïdentificeerd als onderdeel van de monitoring van de watertoestand;
e) andere verontreinigende stoffen die relevant zijn voor voor menselijke consumptie bestemd water, bepaald op basis van de overeenkomstig 2° verzamelde informatie;
f) in de natuur voorkomende stoffen die een potentieel gevaar vormen voor de menselijke gezondheid door het gebruik van voor menselijke consumptie bestemd water;
g) stoffen of verbindingen die zijn opgenomen in de toezichtlijst, opgesteld volgens artikel D. 188, § 5.
De risicobeoordeling wordt uitgevoerd door de administratie. In de zin van dit artikel wordt onder "Bestuur" verstaan de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst.
Voor de karakterisering bedoeld in paragraaf 1, 1°, kan de Administratie gebruik maken van de informatie verzameld krachtens de artikelen D. 17 en D. 168.
Met het oog op de identificatie van de gevaren en gevaarlijke gebeurtenissen bedoeld in paragraaf 1, 2°, kan de administratie een beroep doen op het effectenonderzoek inzake menselijke activiteiten uitgevoerd overeenkomstig artikel D. 17 en informatie over significante druk verzameld krachtens artikelen D.17 tot D.17/2.
Uit de punten, vermeld in paragraaf 1, 3°, a) tot c), selecteert de Administratie de parameters, stoffen of verontreinigende stoffen die relevant worden geacht voor monitoring in het licht van de gevaren en gevaarlijke gebeurtenissen geïdentificeerd overeenkomstig paragraaf 1, 2°, of in het licht van de informatie meegedeeld door de waterleveranciers overeenkomstig artikel D.185, tweede lid.
Met het oog op een passende monitoring als bedoeld in het eerste lid, 3°, onder meer om nieuwe stoffen op te sporen die schadelijk zijn voor de volksgezondheid ten gevolge van het gebruik van voor menselijke consumptie bestemd water, kan de administratie een beroep doen op de monitoring die wordt uitgevoerd krachtens de artikelen D.19 en D.168 of andere bepalingen van de wetgeving van de Europese Unie die relevant zijn voor winningsgebieden.
§ 2. Waterleveranciers die monitoring uitvoeren in winningsgebieden of in ruw water dienen de administratie in kennis te stellen van de gegevens met betrekking tot de parameters, stoffen of verontreinigende stoffen die worden gemonitord, evenals van alle ongewone aantallen of concentraties die voor deze parameters, stoffen of verontreinigende stoffen worden aangetroffen.
R. 251bis/3. Op basis van de risicobeoordeling uitgevoerd overeenkomstig art. R.251bis/2, bepaalt de Minister het volgende en neemt hij in voorkomend geval risicobeheersmaatregelen om de geïdentificeerde risico's te voorkomen of te beheersen, te beginnen met preventieve maatregelen.
Daartoe zal de Minister :
1° de preventieve en de verzachtende maatregelen in de waterwinningsgebieden vastleggen en uitvoeren naast de maatregelen dieovereenkomstih artikel D.23, § 3, 5°, voorzien of genomen worden wanneer dit nodig is voor de vrijwaring van de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water;
2° voorzien in een passend toezicht, in de oppervlaktewateren of in het grondwater of in deze beide types wateren in de waterwinningsgebieden of in ruw water, op de parameters, de stoffen of de verontreinigende stoffen die een risico kunnen vormen voor de menselijke gezondheid wanneer het water wordt geconsumeerd of wanneer deze stoffen voor een onaanvaardbare achteruitgang van de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water en ze niet in aanmerking zijn genomen in het toezicht uitgevoerd overeenkomstig de artikelen D.19 en D.168. ;
3° de noodzaak beoordelen om de preventieve of de toezichtsgebieden voor het grondwater en de oppervlaktewateren, bedoeld in artikel D.168, § 3, en ieder ander relevant gebied vast te leggen of aan te passen.
Voor de toepassing van lid 2, 1°, zijn deze preventieve maatregelen inbegrepen in de maatregelenprogramma's bedoeld in artikel D.23 en desgevallend ziet de Minister erop toe dat de vervuilers, in samenwerking met de waterleveranciers en de betrokken partijen de preventiemaatregelen nemen overeenkomstig Boek II van het Milieuwetboek en het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning.
Het toezicht bedoeld in lid 2, 2°, is inbegrepen in de toezichtsprogramma's bedoeld in artikel D.19.
De Minister ziet erop toe dat de doeltreffendheid van de maatregelen, bedoeld in dit artikel, volgens een passende frequentie herbekeken wordt.
Afdeling 3. - Beoordeling en beheer van de risico's in verband met het waterleversysteem R. 251bis/4. Deze afdeling is niet van toepassing op voor menselijke consumptie bestemd water dat uitgesloten is van het toepassingsgebied bedoeld in artikel D.182.
R.251bis/5. De beoordeling van de risico's in verband met het waterleversysteem bevat volgende kenmerken:
1° er wordt rekening gehouden met de resultaten van de beoordeling en van het beheer van de risico's van de winningsgebieden uitgevoerd overeenkomstig artikel D.19;
2° zij bevat een omschrijving van het waterleversysteem vanaf het winningspunt tot aan het verdelingspunt met de waterbehandeling, de wateropslag en de waterverdeling als tussenstations, en;
3° zij maakt de omstandige lijst op van de gevaren en de gevaarlijke voorvallen in het waterleversysteem en houdt een risicobeoordeling in die deze gevaren kunnen vormen voor de menselijke gezondheid wegens het gebruik van water bestemd voor menselijke gezondheid, rekening houdend met de risico's wegens de klimaatverandering en de lekken in het net, evenals wegens de staat en de aard van de leidingen.
R.251bis/6. In functie van de resultaten van de beoordeling van de risico's, uitgevoerd overeenkomstig artikel R.251bis/5, ziet de Minister erop toe dat de volgende risicobeheersmaatregelen worden genomen:
1° controlemaatregelen omschrijven en uitvoeren voor de voorkoming en de verzachting van de risico's opgelijst in het waterleversysteem, wanneer deze risico's de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water in gevaar kan brengen;
2° controlemaatregelen van het waterleversysteem omschrijven en uitvoeren naast de maatregelen voorzien in artikel R.251bis/3 of in arikel D.23, § 3, voor de verzachting van de risico's afkomstig van de waterwinningsgebieden die de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water in gevaar kunnen brengen;
3° een operationeel bewakingsprogramma uitvoeren dat gericht is op de waterlevering, overeenkomstig artikel D.188;
4° wanneer de voorbereiding of de verdeling van voor menselijke consumptie bestemd water een ontsmettingsbehandeling omvat, waarborgen dat de doeltreffendheid van de toegepaste ontsmetting continu is, dat elke besmetting door subproducten van de ontsmetting zo laag mogelijk wordt gehouden zonder de ontsmetting in gevaar te brengen, dat elke besmetting met chemische behandelingsmiddelen zo laag mogelijk wordt gehouden en dat er geen enkele, in het water overblijvende stof de inachtneming van de algemene verplichtingen, verwoord in artikel D.181, § 2, en D.183, § 1, in gevaar brengt;
5° nagaan of de in het waterleversysteem overeenkomstig de artikelen D.181, § 1, lid 1, 7° en 8°, en D.187 gebruikte materialen, scheikundige behandelingsmiddelen en filter media die met het voor menselijke consumptie bestemd water in aanraking komen conform zijn.
R.251bis/7. De risicobeoordeling in verband met waterleversysteem houdt verband met de parameters opgesomd in bijlage XXXI, delen A, B en C, de parameters vastgesteld krachtens artikel D.183, § 1, vierde lid, evenals de stoffen en verbindingen opgenomen op de aandachtstoffenlijst opgesteld krachtens artikel D.188, § 5.
R.251bis/8. Deze risicobeoordeling wordt door de leverancier ter ondersteuning van zijn controleprogramma verstrekt en wordt de Administratie ter goedkeuring voorgelegd. In de zin van dit artikel wordt onder "Administratie" verstaan de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst.
Daartoe maakt de leverancier, volgens de criteria en in de voorwaarden vastgesteld door de Minister, een ontwerp van beheersplan voor de sanitaire veiligheid van het water per distributiegebied op en maakt het over aan de Administratie op hetzelfde ogenblik als het jaarlijkse controleprogramma. Op voorwaarde dat de doelstellingen inzake de kwaliteit van voor menselijke consumptie bestemd water en de gezondheid van de consumenten niet in gevaar wordt gebracht, kan hij, in de voorwaarden bepaald door de Minister, een ontwerp van beheersplan voor de sanitaire veiligheid van het water in een geheel van distributiegebieden met onderlinge functionele en hydraulische banden vaststellen om reden van geografische nabijheid en functionele gelijkenissen.
Het beheersplan voor de sanitaire veiligheid van het water omvat de overwogen beoordeling en risicobeheersmaatregelen en geeft, in voorkomend geval, een nadere bepaling van de verminderingen in de frequentie en de uitstel van controles voor één of verschillende distributiegebieden.
Het beheersplan voor de sanitaire veiligheid van het water wordt door de Minister goedgekeurd.
Het beheersplan voor de sanitaire veiligheid van het water wordt op initiatief van de leverancier of op verzoek van de Administratie bijgewerkt. De leverancier vergewist zich van de voortdurende geldigheid van zijn plan en onderzoekt het opnieuw minstens in de volgende gevallen:
1° in antwoord op relevante veranderingen, bij voorbeeld op het gebied van:
a) het drinkwatervoorzieningsysteem;
b) de reglementaire eisen, met inbegrip van de algemene principes van de risicobeoordeling;
c) de technische specificaties en de procedures;
d) het leefmilieu waarin hij handelt;
2° in antwoord op incidenten of spoedgevallen;
3° na elk significant gevaarlijk gebeurtenis. ".
Art.5. Artikel R.252 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 30 februari 2017, wordt vervangen als volgt:
"R.252. Dit hoofdstuk stelt de kwaliteitsregels en de regels voor de controle of de bewaking van de kwaliteit van het voor menselijke consumptie bestemde water vast. ".
Art.6. Artikel 253 van hetzelfde Boek wordt vervangen als volgt:
"R. 253. De microbiologische en chemische parameterwaarden, van toepassing op water bestemd voor menselijke consumptie, zijn opgenomen in bijlage XXXI, delen A en B.
De parameters-indicatoren zijn opgenomen in bijlage XXXI, deel C.
De relevante parameters voor de beoordeling van de risico's in verband met de privé-verdelingsinstallatie zijn opgenomen in bijlage XXXI, deel D. ".
Art.7. In artikel R. 255 van hetzelfde Wetboek, laatst gewijzigd bij het besluit van 30 november 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Voor de toepassing van artikel D.188 is de waterleverancier ertoe verplicht, een jaarlijks en passend controleprogramma vast te stellen waardoor regelmatig kan worden nagegaan of het water bestemd voor menselijke consumptie beantwoordt aan de vereisten van de artikelen 180 tot 193bis, 401 en 402 van het decreetgevend deel; het eerste controleprogramma, aangepast aan deze artikelen, heeft betrekking op het jaar 2024. " ;
2° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt :
" § 3. Deze controleprogramma's zijn gericht op de bevoorrading, houden rekening met de resultaten van de beoordeling van de risico's in verband met de waterwinningsgebieden en met de bevoorradingssystemen, en bestaan uit volgende verbindingen:
1° de controle van de parameters, vernoemd in bijlage XXXI, delen A, B en C, overeenkomstig bijlage XXXIII, delen A en B, en, wanneer een beoordeling van de risico's in verband met het bevoorradingssysteem is uitgevoerd, overeenkomstig artikel D.181, § 1, 5°, en overeenkomstig bijlage XXXIII, deel C, behoudens als de Minister besluit dat één van deze parameters ingetrokken mag worden, in toepassing van artikel 256, § 1, van de lijst van de parameters waarvoor toezicht noodzakelijk is; wat betreft de pesticiden en hun metabolieten, heeft de controle betrekking op minstens de parameters opgenomen in bijlage XI; deze lijst wordt maximum om de vijf jaar op voorstel van de Minister aangepast;
2° de controle van de parameters vernoemd in bijlage XXXI, deel D, uitgezonderd de Legionella bacteries, met als doel de beoordeling van de risico's in verband met de prové-verdelingsinstallaties overeenkomstig artikel D.181, § 1, 6° ;
3° de controle van de parameters vernoemd in bijlage XXXI, deel E, die de aandachtstoffenlijst vormen overeenkomstig artikel D.188, § 5;
4° de controle, met de oplijsting als doel, van de gevaren en gevaarlijke gebeurtenissen, ten gevolge van de identificatie van de passende monitoring, in oppervlaktewater of grondwater, of in beide watertypes, in winningsgebieden of in ruw water, van relevante parameters, stoffen of verontreinigende stoffen geselecteerd uit de volgende :
5° de operationele controle uitgevoerd overeenkomstig bijlage XXXIII, deel A, punt 3.
De Minister stelt de vereisten vast inzake toezicht betreffende de potentiële aanwezigheid van stoffen of verbindingen opgenomen op de aandachtsstoffenlijst bedoeld onder 3°, en op relevante punten van de bevoorradingsketen van het water bestemd voor menselijke consumptie. Daartoe kan hij gebruik maken van de informatie ingewonnen in het kader van de beoordeling en het beheers van de risico's verband houdend met het waterwinningsgebied voor winningspunten als bedoeld in artikel D.181, § 1, lid 2. Daarnaast kan hij zowel de toezichtsgegevens gebruiken als ingewonnen met het oog op het toezicht van de staat van het water overeenkomstig de artikelen R.43, R.43bis en R.43bis-3, als de toezichtsgegevens van de prioritaire en verontreinigende stoffen waarvoor kwaliteitsnormen zijn vastgesteld.
De analysemethodes worden in bijlage XXXIV gespecifieerd. De specificaties voor de analyse van de parameters nemen de beginselen in acht als bepaald in artikel R. 259.
De gerichte monsternemingen worden overeenkomstig bijlage XXXIII, deel D uitgevoerd. " ;
3° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt :
" § 4. De Minister kan de controleprogramma's van de leveranciers in termen van parameters, bemonstering en analyses bedoeld in § 3 aanpassen om ze aan te vullen. Deze aanpassing wordt verricht op grond van het verslag van het beheersplan voor de sanitaire veiligheid van het water .
Geval per geval wordt een bijkomende controle uitgevoerd voor de stoffen en de micro-organismen waarvoor geen enkele parameterwaarde is vastgesteld overeenkomstig artikel R.253, als er redenen zijn om te vermoeden dat ze in getale of in concentraties aanwezig kunnen zijn die een potentieel gevaar vormen voor de menselijke gezondheid.
De Minister kan eveneens bijkomende parametercontroles opleggen, zoals opgenomen in de aandachtsstoffenlijst als bedoeld in § 1. De bijkomende kosten in verband met deze controles worden overgenomen door een project in het kader van een subsidiebesluit. In dat besluit worden de controlefrequenties en -plaatsen, evenals de inhoud van het eindverslag van het project, door de Minister nader bepaald. ".
Art.8. Artikel R.256 van hetzelfde Wetboek, laatst gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 30 november 2017, wordt vervangen als volgt:
"R.256. Op basis van de beoordeling van de risico's in verband met het bevoorradingssysteem, uitgevoerd overeenkomstig artikel R.251bis/5, kan de Minister de toezichtsfrequentie van een parameter verminderen of een in parameter die gecontroleerd moet worden intrekken, uitgezonderd de parameters bedoeld in bijlage XXXI, deel A, voor zover de kwaliteit van het voor menselijke consumptie bestemde water niet in gevaar wordt gebracht:
1° op basis van het zich voordoen van een parameter in ruw water, overeenkomstig de beoordeling van de risico's in verband met de winningsgebieden als bedoeld in artikel R.251bis/2, § 1;
2° wanneer een parameter enkel voortvloeit uit het gebruik van een bepaalde verwerkingstechniek of een bepaalde ontsmettingsmethode en deze techniek of methode niet door de waterleverancier wordt gebruikt, of;
3° op grond van de specificaties verwoord in bijlage XXXIII, deel C.
De Minister kan de controleprogramma's van de waterleveranciers eveneens verstreken wat betreft de parameters en frequenties inzake monsterneming als bedoeld in artikel R.255, § 3, in volgende gevallen:
1° ten gevolge van een beoordeling van de risico's als bedoeld in artikel R.251bis/2, § 1;2° op grond van de specificaties als bedoeld in bijlage XXXIII, deel C;
3° op grond van de resultaten van analyses uitgevoerd in het kader van het toezicht;
4° op grond van iedere nieuwe officiële relevante wetenschappelijke informatie betreffende de kwaliteit van het water bestemd voor menselijke consumptie die het distributiegebied zou kunnen beïnvloeden.
Art.9. In artikel R.259 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij het besluit van 30 november 2017, wordt paragraaf 3 aangevuld met een tweede lid, luidend als volgt:
"De Administratie deelt de Commissie iedere relevante informatie mee betreffende deze methodes en hun gelijkwaardigheid, door middel waarvan kan worden aangetoond dat de verkregen resultaten minstens even betrouwbaar zijn als de resultaten verkregen door de methodes uiteengezet in bijlage XXXIV, deel A. ".
Art.10. In artikel R.260, gewijzigd bij het besluit van 30 november 2017, worden de woorden "in de loop van het kwartaal volgend op het verstrijken van het kalenderjaar" vervangen door de woorden "uiterlijk op 15 februari van het volgende jaar".
Art.11. In artikel R.261, gewijzigd bij het besluit van 13 december 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in paragraaf 1 worden volgende wijzigingen aangebracht:
a) in lid 1 worden de woorden "het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu, Afdeling Water" vervangen door de woorden "de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu";
b) in lid 2 worden de woorden "onder voorbehoud van § 2" ingevoegd tussen het woord "kan" en de woorden "een tweede afwijking";
2° in paragraaf 2 worden volgende wijzigingen aangebracht:
a) lid 1 wordt opgeheven;
b) de woorden "Die derde afwijking duurt niet langer dan drie jaar." worden opgeheven.
Art.12. In artikel R.262 van hetzelfde Wetboek worden de woorden "het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu, Afdeling Water" vervangen door de woorden "de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu";
Art.13. In artikel R.264 van hetzelfde Wetboek, paragraaf 3, worden de woorden "het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu, Afdeling Water" vervangen door de woorden "de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu".
Art.14. In artikel R.265 van hetzelfde Wetboek, in lid 3, worden de woorden "het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu, Afdeling Water" vervangen door de woorden "de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu".
Art.15. In artikel R.268 van hetzelfde Wetboek worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragrafen 1 en 2 worden de woorden "in artikel 184" vervangen door de woorden "in artikel D.183, § 1";
2° in paragraaf 4, worden de woorden "het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu, Afdeling Water" vervangen door de woorden "de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu".
Art.16. In artikel R.270 van hetzelfde Wetboek worden de woorden "het Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu, Afdeling Water" vervangen door de woorden "de Directie Grondwater van het Departement Leefmilieu en Water van de Waalse Overheidsdienst Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu".
Art.17. In Deel III, Titel I, van hetzelfde Wetboek, wordt een hoofdstuk IV-ter, dat artikel R.270bis-21 omvat, ingevoegd, luidend als volgt:
" Hoofdstuk IV/ter. Informatie
R. 270bis-21. § 1. Onverminderd artikel D.193, § 4, van het Wetboek wordt de informatie opgenomen onder volgende punten in een aangepaste vorm online ten behoeve van de consumenten bekendgemaakt. Via andere middelen en mits een verantwoorde aanvraag kunnen de consumenten toegang verkrijgen tot volgende informatie:
1° de identiteit van de betrokken waterleverancier, het gebied en het aantal bevoorrade personen, evenals de gebruikte methode voor de waterproductie, met inbegrip van de algemene informatie over de toegepaste soorten behandeling en ontsmetting van het water. Deze vereiste kan het voorwerp uitmaken van een afwijking overeenkomstig artikel 13 van het decreet van 22 december 2010 betreffende de Waalse infrastructuur voor ruimtelijke informatie ;
2° de resultaten van het meest recente toezicht voor de parameters vernoemd in bijlage XXXI, delen A, B en C, omvattende de frequentie van het toezicht en de parameterwaarde vastgesteld overeenkomstig artikel D.183, § 1. De resultaten van het toezicht mogen niet ouder zijn dan één jaar, behalve wanneer de frequentie van het toezicht andersluidend is;
3° de dienovereenkomstige informatie en waarden niet vernoemd in bijlage XXXI, deel C, betreffende volgende parameters:
a) de waterhardheid;
b) de mineralen, de in het water opgeloste anionen/kationen;
4° in geval van potentieel gevaar voor de menselijke gezondheid, zoals bepaald door de bevoegde autoriteiten of andere relevante instellingen, voorvloeiend uit een overschrijding van de parameterwaarden vastgesteld overeenkomstig artikel D.183, § 1, van de informatie over de potentiële gevaren voor de menselijke gezondheid, samen met raad over de gezondheid of het verbruik, of met een hyperlink naar een dergelijke informatie;
5° de relevante informatie over de beoordeling van de risico's in verband met het bevoorradingssysteem;
6° raad aan de consumenten over de wijzen om hun waterverbruik te verminderen en, desgevallend, water op een verantwoorde manier te gebruiken in functie van de plaatselijke condities met het oog op de voorkoming van de gezondheidsrisico's in verband met stilstaand water;
7° iedere informatie vastgesteld in paragraaf 2;
8° wanneer de informatie beschikbaar is en de consument een gemotiveerde aanvraag indient, kan laatstgenoemde toegang krijgen tot de gezamenlijke historische gegevens verstrekt uit hoofde van de punten 2 en 3 tot tien jaar terug in de tijd.
§ 2. Wanneer beschikbaar, verstrekken de waterleveranciers die minstens tien duizend m3 water per dag leveren of minstens vijftig duizend personen bedienen jaarlijks volgende informatie aan de consumenten:
1° de globale performantie van het waterdistributiesysteem in termen van doeltreffendheid en het percentage aan lekken;
2° de eigendomsstructuur van de waterbevoorrading door de waterleverancier;
3° de informatie over de tariefstructuur per m3 water, met alle vaste en variabele kosten evenals, in voorkomend geval, de kosten in verband met de maatregelen genomen door de waterleveranciers met het oog op de toepassing van artikel D.180, § 2;
4° een samenvatting en de statistieken betreffende de klachten van de consumenten die ontvangen werden over onderwerpen die onder het toepassingsgebied van deze afdeling vallen.
De Minister bepaalt de inhoud van deze informatie nader. ".
Art.18. In bijlage IV bij hetzelfde Wetboek, laatst gewijzigd bij het besluit van 22 oktober 2015, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° onder titel II, punt 1, e), onder lid 1, worden de woorden "31 maart" vervangen door de woorden "31 januari";
2° onder titel II, punt 2, e), onder lid 2, worden de woorden "31 maart" vervangen door de woorden "31 januari".
Art.19. Bijlage XI, laatst gewijzigd bij het besluit van 30 november 2017, wordt gewijzigd als volgt:
1° in de tabel worden tussen de woorden "Pesticiden en" en de woorden "metabolieten ervan" de woorden "relevante" ingevoegd;
2° in dezelfde tabel vervallen, onder het nieuwe opschrift "Pesticiden en relevante metabolieten ervan", de lijnen die overeenstemmen met de ESO codes " 4483 ", " 4618 ", " 4497 ", " 4499 ", " 4620 " van de volgende parameters: " 2,6 dichlorobenzamide ", " Chloridazon desfenyl ", " Chlorothalonil ESA ", " Metazachloor ESA ", " Metolachloor ESA " ;
3° in dezelfde tabel wordt de LQ van de stof "Deisopropyl Atrazine " onder ESO code " 4436 " vervangen door 25 ;
4° in dezelfde tabel wordt, juist na de lijnen vermeld onder het opschrift "Pesticiden en relevante metabolieten ervan" een nieuw opschrift ingevoegd, met volgende inhoudelijke elementen:
4483 | 2,6-dichlorobenzamide | BAM | ng/l | 25 | |
4618 | MET-B | ng/l | 100 | ||
4497 | Chlorothalonil ESA** | VIS-01 | ng/l | 50 | |
4499 | Metazachloor ESA** | BH479-8 | ng/l | 50 | |
4620 | Metazachloor ESA** | CGA354743 | ng/l | 50 | |
4610 | Flufénacet ESA | ng/l | 50 |
Nummer - Installatie of activiteit | Klasse | EIE | Risico voor de bodem | Te raadplegen organen | Deelfactoren | ||
ZH | ZHR | ZI | |||||
42.02 Behandeling van voor menselijk verbruik bestemd regenwater 42.02.01 Installatie voor de behandeling van voor menselijk verbruik bestemd regenwater uit een collectieve tank | 2 | DESO |