Naar hoofdinhoud

ADB:hof-van-beroep-gent-19-12-2025-0

Beslissingsdetails

🏛️ Hof van Beroep Gent 📅 2025-12-19 🌐 NL Arrest

Rechtsgebied

Ruimtelijke Ordening Woonbeleid

Geciteerde wetgeving

wet van 15 juni 1935

Samenvatting

Arrestnummer { '1 //662. /2025 Repertorium nummer 2025 / 4î11 Datum van uit spraak 19 december 2025 Notitienummer griffie Notitienummer parket-generaal 2023/PGG/1380 2024/VJU/665 Hof van beroep Gent Arrest tiende kamer correctionele zaken Hof van beroep Gent - tiende kamer · - p. 2 2023/PGG/1380 ...

Volledige tekst

Arrestnummer { '1 //662. /2025 Repertorium nummer 2025 / 4î11 Datum van uit spraak 19 december 2025 Notitienummer griffie Notitienummer parket-generaal 2023/PGG/1380 2024/VJU/665 Hof van beroep Gent Arrest tiende kamer correctionele zaken Hof van beroep Gent - tiende kamer · - p. 2 2023/PGG/1380 - 2024/VJll/665 Not.nr. In de zaak van het OPENBAAR MINISTERIE en van 1. nr. DE WOONINSPECTEUR, bevoegd voor en handelend namens het Vlaamse Gewest, woonstkeuze bij meester , advocaat met kantoor te - eiser tot herstel - ., 2. nr. , (ON met maatschappelijke zetel te - vrijwillig tussenkomende partij- tegen 1. nr (ON en(RRN met Belgische nationaliteit, geboren wonende te - beklaagde - 2. nr. , (RRN met Belgische nationaliteit, geboren te wonende te - beklaagde - verdacht van: als dader of mededader In de zin van artikel 66 Strafwetboek, namelijk zij die de misdaad of he_t wanbedrijf hebben uitgevoerd of aan de uitvoering rechtstreeks hebben meegewerkt; verhuren, te huur of ter beschikking stellen, met het oog op bewoning, van een niet conforme of overbewoonde woning Hof van beroep Gent - t iende kamer · - p. 3 als verhuurder, als eventuele onderverhuurder of als persoon die een won ing ter beschikking stelt, een niet-conforme of overbewoonde woning rechtstreeks of via tussenpersoon te hebben verhuurd, te huur gesteld of ter beschikking gesteld met het oog op bewoning, (art. 3.34. Vlaamse Codex Wonen van 2021), namelijk diverse woonentiteiten in een pand gelegen te het kadaster als een oppervlakte van 16a en 78ca, en bekend bij met toebehorende aan eigendom, openbaar aangekocht van notaris te bij akte van 24 juni 2021, ) voor de geheelheid in volle :, bij in de periode van 7 juni 2019 tot en met 31 mei 2021 door :, ten nadele van , geboren , ten nadele van ·, geboren , ten nadele van , geboren De beklaagden zijn eveneens gedagvaard met het oog op de bijzondere verbeurdverkarling overeenkomstig art. 42 en 43bis Strafwetboek van de hierna verme lde vermogensvoordelen die zich bevinden in hun patrimon ium, zijnde hetzij de vermogensvoordelen die rechtstreeks uit het misdrijf zijn verkregen, hetzij de goederen en waarden die in de plaats ervan zijn gesteld, hetzij de inkomsten uit de belegde voordelen, waarbij de rechter, indien de zaken niet kunnen worden gevonden in het vermogen van de beklaagden, de geldwaarde daarvan dient te ramen (het equivalent bedrag), namelijk: Berekening vermogensvoordeel: periode 7 juni 2019 - mei 2021 woning woning = 330 euro/mnd x 24 maanden= 7.920,00 euro = 500 euro/mnd x 24 maanden= 12.000,00 euro totaal = 19.920,00 euro * * * * 1. Voorafgaande procedure 1.1 De rechtbank van eerste aan leg West-Vlaanderen, afdeling Kortrijk, kamer K.17, besliste bij vonnis van 15 april 2024 op tegenspraak als volgt: Hof van beroep Gent - tiende kamer· . - p. 4 "OP STRAFGEBIED Op tegenspraak ten aanzien van de eerste beklaagde Verklaart de feiten van de tenlastelegging voor de beklaagde Gelast op de opschorting van de uitspraak van veroordeling voor de beklaagde • bewezen. • voor de duur van 3 jaar. Veroordeelt strafzaken van 58,90 euro. tot betaling van de vergoeding voor beheerskosten in Veroordeelt het Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand. • tot betaling van een bedrag van 24,00 euro als bijdrage voor Ten aanzien van de tweede beklaagde Verklaart de feiten van de tenlastelegging voor de beklaagde ·bewezen. Gelast op de opschorting van de uitspraak van veroordeling voor de beklaagde • voor de duur van 3 jaar. Veroordeelt strafzaken van 58,90 euro. • tot betaling van de vergoeding voor beheerskosten in Veroordeelt het Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand. • tot betaling van een bedrag van 24,00 euro als bijdrage voor Gerechtskosten Veroordeelt gerechtskosten van 327,27 euro. BIJZONDERE VERBEURDVERKLARING solidair tot betaling van de Zegt voor recht dat de wettelijke voorwaarden voor de bijzondere verbeurdverklaring (artikelen 42,3° Sw. en 43bis Sw.} vervuld zijn en spreekt de bijzondere verbeurdverklaring uit in hoofde van de eerste beklaagde • en de tweede beklaagde voor een bedrag van 19.920,00 euro, namelijk voor elk 9.960,00 euro. DE HERSTELVORDERING Verklaart de herstelvordering wat betreft het pand gelegen aan , ontvankelijk en als volgt gegrond. Hof van beroep Gent- tiende kamer - - p. 5 Beveelt erin gelegen woonentiteiten, gelegen onder artikel 3.43 van de Vlaamse Codex Wonen: - zo de veroordeelden geen regulariserende omgevingsvergunning bekomen op grond van artikel 4.2.1, 7° VCRO: • tot het herstel van het onroerend goed en de ,, kadastraal gekend ' in de zin van * ofwel het betrokken pand een andere bestemming te geven op basis van de bepalingen van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening; * ofwel het pand te slopen, tenzij dit verboden is op grond van wettelijke, decretale of reglementaire bepalingen; - zo de veroordeelden wel een regulariserende omgevingsvergunning bekomen op grond van artikel 4.2.1 .7° VCRO: * het wegwerken, door middel van renovatie-, verbeterings- en aanpassingswerken van de gebreken aan het gebouw en de daarin ondergebrachte woongelegenheden, zodat dit gebouw en de daarin ondergebrachte woongelegenheden voldoen aan de veiligheids-, gezondheids- en woonkwaliteitsvereisten conform de Vlaamse Codex Wonen. en dit binnen een termijn van 10 maanden vanaf het in kracht van gewijsde gaan van het vonnis. Zegt voor recht dat op vordering van de Wooninspecteur en/of het college van burgemeester en schepenen van , door de veroordeelden • een dwangsom zal worden verbeurd van 150,00 euro per dag vertraging in nakoming van dit bevel, te rekenen vanaf het verstrijken van de termijn van 10 maanden vanaf het in kracht van gewijsde gaan van dit vonnis. Sluit een bijkomende termijn in de zin van artikel 1385bis, 4° lid Ger. W. uitdrukkelijk uit. Machtigt voor zover geen gunstig gevolg wordt gegeven aan boven vermeld bevel binnen de termijn van 10 maanden de Wooninspecteur en het college van burgemeester en schepenen van ambtswege om in de uitvoering ervan te kunnen voorzien op van kosten veroordeelden Zegt voor recht dat de gebeurlijke herhuisvestingskosten o,:. van de • kunnen worden verhaald. Verklaart het vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad wat het opgelegde herstel betreft. Verklaart de vordering van de vrijwillig tussenkomende partij Wijst het anders of meer gevorderde af als ongegrond. ongegrond. Hof van beroep Gent - tiende kamer - . - p. 6 Beveelt dat bij toepassing van artikel 3.49 §1, tweede lid Vlaamse Codex Wonen een uittreksel van dit vonn is, nadat het in kracht van gewijsde zal zijn getreden, op de kant van de overgeschreven dagvaarding of van het overgeschreven exploot ingeschreven zal worden op de wijze bepaald in artikel 84 van de hypotheekwet en bij gebreke daarvan, een uittreksel van onderhavig vonnis ingeschreven dient te worden op de kant van de overschrijving van de titel van verkrijging. Verzoekt de griffier om in toepassing van artikel 3.45 van de Vlaamse Codex Wonen aan de herstelvorderende overheid binnen de termijn om rechtsmiddelen tegen de uitspraak aan te wenden een afschrift te bezorgen. OP BURGERLIJK GEBIED Houdt de burgerlijke belangen overeenkomstig artikel 4 al. 2 van de voorafgaande titel van het Wetboek van Strafvordering ambtshalve aan." 1.2 Tegen dit vonnis werd hoger beroep ingesteld door het afleggen van een verklaring op de griffie van de rechtbank van eerste aanleg West-Vlaanderen, afdeling Kortrijk, op: 14 mei 2024 door beide beklaagden; 14 mei 2024 door de vrijwillig tussenkomende partij; 16 mei 2024 door het openbaar ministerie. Deze partijen dienden op diezelfde data ook elk een verzoekschrift in op de griffie, zoals voorgeschreven door artikel 204 Wetboek van Strafvordering. 1.3 Op de rechtszitting van 23 januari 2025 (inleidingszitting) legde het hof met toepassing lid, Wetboek van Strafvordering, van de artikelen 152, § 1 en 209bis, conclusletermijnen vast en bepaalde de rechtsdag op de rechtszitting van 15 mei 2025. laatste Op de rechtszitting van 15 mei 2025 werd de zaak op vraag van de advocaat van de vrijwillig tussenkomende partij uitgesteld naar de rechtszitting van 21 november 2025. De conclusietermijnen zijn nageleefd. 1.4 Het hof hoorde op de openbare rechtszitting van 21 november 2025 in het Nederlands: de beklaagde kantoor te bijgestaan door meester ., advocaat met de beklaagde advocaat met kantoor te vertegenwoordigd door meester .. •I het openbaar ministerie, vertegenwoordigd door , advocaat-generaal; Hof van beroep Gent - t iende kamer- • - p. 7 de vrijwillig tussenkomende partij ;, voor meester meester te en voor meester vertegenwoordigd door ·, beiden advocaat met kantoor ., ., ~, advocaat met kantoor te de eiser tot herstel, vertegenwoordigd door meester kantoor te voor meester ., advocaat met kantoor te ·, advocaat met 2. Ontvankelijkheid van de hoger beroepen 2.1 Alle verklaringen van hoger beroep tegen het vonnis van 15 april 2024 zijn tijdig en regelmatig naar de vorm. Dat is ook het geval voor de grievenformulieren. duidde in het grievenformulier een grief aan over de procedure 2.2 (reden: de eerste rechter heeft niet op alle argumenten geantwoord, de bewijskracht van verschillende akten werd geschonden). In de rubriek "Andere" voert de vrijwil lig tussenkomende partij aan dat ze gegriefd is door de veroordeling van Axelle en Céline Kerckhof tot het herstel. Als nieuwe eigenaar van het pand worden ze geconfronteerd met een potentiële bestemmingswijziging, dan wel een sloop. De beklaagden specifieerden in de rubriek "Straf en/of maatregel" dat ze het niet eens zijn met de beslissing van de eerste rechter over de verbeurdverklaring, omdat het te verbeuren bedrag niet correct zou zijn berekend. Daarnaast betwisten ze de opgelegde herstelmaatregel. Het openbaar ministerie kruiste enkel de rubriek "Straf en/of maatregel" aan, waarin het verduidelijkte dat een zwaardere straf, verbeurdverklaring en/of herstelmaatregel aangewezen lijken. Al deze grieven zijn nauwkeurig. 2.3 De hoger beroepen van respectief de beklaagden, de vrijwill ig tussenkomende pa rtij en van het openbaar ministerie zijn ontvankelijk (art. 203 en 204 Wetboek van Strafvordering). Het hof beslist in dit arrest binnen de perken van de hoger beroepen en vervolgens van de grieven zoals bedoeld in artikel 210 Wetboek van St rafvordering. Het stelt vast dat er geen redenen zijn om ambtshalve een grief in de zin van deze bepaling op te werpen. De devolutieve werking van de beperkte hoger beroepen en de grieven brengt mee dat de saisine van het hof beperkt is tot de strafmaat, de bijdrage aan het Slachtofferfonds en de herstelmaatregel. Alle overige beslissingen van de eerste rechter zijn definitief. 3. Overschrijving van de dagvaarding Hof van beroep Gent - tiende kamer - - p. 8 De dagvaarding werd met toepassing van artikel 3.49, § 1, Vlaamse Codex Wonen 2021 op 17 november 2022 overgeschreven op het kantoor Rechtszekerheid ref.: ). 4. Feiten 4.1 Op 22 april 2021 voerde de wooninspecteur een controle uit van het hoevecomplex gelegen aan . De gemeente had de wooninspectie gecontacteerd, omdat ze vermoedde dat er inbreuken werden gepleegd op de Vlaamse Codex Wonen van 2021. De woningen op het terrein leken verwaarloosd en er was ook sprake van een ernstig stabiliteitsrisico. i, bestond uit meerdere Het hoevecomplex, gekend onder gebouwen. Het door de wooninspecteur onderzochte gebouw omvatte één verdieping en een zadeldak. Er waren vier woongelegenheden in ondergebracht. De wooninspecteur stelde een zeer groot aantal ernstige gebreken vast van de tweede en de derde categorie, zowel aan het gebouw als aan de individuele woningen. Zo boog het dak van het gebouw door op verschillende plaatsen. De schouw in het midden van het dak vertoonde scheuren en aan de schouw uiterst links waren stenen en voegen losgekomen. De buitenmuur van woning was ernstig verzakt. In de woonkamer van woning kwam de schouw los van de muur. Zowel in de woonkamer als in de slaapkamer waren er scheuren tussen de schouw en de muur. In de bijkeuken van woning was er instortingsgevaar, als gevolg van een ernstige verzakking van het plafond. In de woonkamer van woning was een houtkachel type B geïnstalleerd, zonder dat een onafsluitbaar verluchtingsrooster was voorzien dat permanent voldoende luchttoevoer verzekerde, met een risico op CO vergiftiging tot gevolg. De houtkachel was aangesloten op de schouw die loskwam van de muur. Ook dit bracht een risico op CO-intoxicatie mee. Ook de woonkamer van woning werd verwarmd met een hout kachel type B, zonder dat permanente luchttoevoer was gebreken aan het voorzien. Verder waren er zowel in woning elektriciteitsnetwerk en was er vochtschade in woning in woning als Woningen en waren op het ogenblik van de controle niet toegankelijk, maar waren als gevolg van de vastgestelde gebreken aan het gebouw net als woningen en ongeschikt en onbewoonbaar. huurde de woning met nummer Hij vertelde de wooninspecteur er sinds 4.2 augustus 2017 te wonen. Hij sliep in een camper op het terrein, omdat hij zich onveil ig voelde in de woning. Het raam van de slaapkamer was immers te klein, waardoor hij niet zou kunnen wegvluchten bij brand. Drie jaar geleden ontplofte de gastank. De vroegere eigenaar wilde de tank niet vervangen, zodat hij sindsdien kookte en verwarmde op werden de drie kleinkinderen eigenaar, elektriciteit. Na het overlijden van maar ze kwamen niet overeen. Hof van beroep Gent - t iende kamer · . - p. 9 waren de bewoners van woning Ook zij woonden er sinds 2017. Ze verklaarden dat ze veel problemen hadden met de woning. Pleister brokkelde af, het dak vertoonde openingen en de wind waaide door het huis. Er waren al twee jaar stabiliteitsproblemen en sinds enkele maanden werd de won ing gestut. 4.3 Het pand was behept met meerdere stedenbouwkundige inbreuken, waaronder het zonder vergunning opsplitsen van een gebouw (art. 4.2.1, 7° Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening) en het geheel of gedeeltelijk wijzigen van de hoofdfunctie van een bebouwd onroerend goed (art. 4.2.1, 6° Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening). 4.4 Op 4 mei 2021 stelde de wooninspecteur een herstelvordering op, die hij overmaakte aan het openbaar ministerie. op 4.5 7 juni 2019 volle eigenaar van het hoevecomplex. Zij zijn halfzus(sen) en halfbroer van elkaar. werden samen met de minderjarige Op 24 juni 2021 verkochten ze het complex via een openbare verkoop aan 5. Toepassing wetgeving in de tijd De decreten over het Vlaamse woonbeleid werden gecodificeerd op 17 juli 2020 bij artike l 2 Besluit van de Vlaamse Regering van 17 juli 2020 (BS 13 november 2020) in de Vlaamse Codex Wonen van 2021 (art. 1). De Vlaamse Wooncode werd mee gebundeld. Sinds 1 januari 2021 is de woningkwaliteitsbewaking gebundeld in boek 3 van de Vlaamse Codex Wonen. Artikel 3.1, § 1, Vlaamse Codex Wonen van 2021 bepaa lt de veiligheids gezondheids- en woningkwaliteitsnormen, zoals die tot 1 januari 2021 vermeld waren in artikel 5, § 1, Vlaamse Wooncode. Op grond van artikel 3.1, § 1, derde lid, Vlaamse Codex Wonen van 2021 zijn de mogelijke gebreken onderverdeeld in de volgende drie categorieën: 1 • gebreken van categorie 1: kleine gebreken die de levensomstandigheden van de bewoners negatief beïnvloeden of die potentieel kunnen uitgroeien tot ernstige gebreken; 2° gebreken van categorie Il: ernstige gebreken die de levensomstandigheden van de bewoners negatief beïnvloeden maar die geen direct gevaar vormen voor hun veiligheid of gezondheid, waardoor de woning niet in aanmerking zou komen voor bewon ing; 3° die mensonwaardige 111: levensomstandigheden veroorzaken of die een direct gevaar vormen voor de veiligheid of de gezondheid van de bewone rs, waardoor de woning niet in aanmerking komt voo r bewoning. gebreken gebreken categorie ernstige van Hof van beroep Gent - tiende kamer· - p.10 De strafbaarstelling voor inbreuk op de gestelde vereisten is sinds 1 januari 2021 vervat In artikel 3.34, eerste lid, Vlaamse Codex Wonen van 2021 en luidt: "Als een niet-conforme of overbewoonde woning rechtstreeks of via tussenpersoon wordt verhuurd, te huur gesteld of ter beschikking gesteld met het oog op bewoning, wordt de verhuurder, de eventuele onderverhuurder of diegene die de woning ter beschikking stelt, gestraft met een gevangenisstraf van zes maanden tot drie jaar en een geldboete van 500 tot 25.000 euro of met een van die straffen alleen." De door de wooninspectie in deze zaak vastgestelde gebreken zijn voornamelijk ernstige gebreken, namelijk gebreken van nu minstens categorie Il en 111. Elk van de vier woningen was ongeschikt en onbewoonbaar. Dit bevestigt de ernst van de vastgestelde gebreken. De te last gelegde feiten zijn dus sinds 1 januari 2021 onond erbroken strafbaar gebleven. De strafmaat is dezelfde gebleven. 6. Straftoemeting De regelgeving over het Vlaamse woonbeleid beoogt onder meer het waarborgen van het fundamenteel recht op menswaardig wonen. Personen die onroerende goederen verhuren met winstoogmerk moeten bij de verhuur of terbeschikkingstelling van woningen de door de overheid opgelegde kwaliteitsnormen en - vereisten strikt naleven en mogen niet besparen op investeringen hiertoe. Bij de beslissing over de aan de beklaagden op te leggen sanctie of maatregel houdt het hof er nochtans rekening mee dat de beklaagden het hoevecomplex met daarin de onbewoonbare woningen hebben geërfd. Op het ogenblik dat ze er de volle eigenaars van werden, bevonden de woningen zich met zekerheid al in een abominabele toestand. Ze zijn dus zelf niet de veroorzaker daarvan en ze sloten ook zelf de huurovereenkomsten niet af. Ze raakten als het ware verzeild in een toestand waarvoor ze zelf niet hebben gekozen. Omwille van de complexe familiale situatie vergde het bovendien wat t ijd om de huurovereenkomsten te beëindigen en het on roerend goed te verkopen. Beide beklaagden hebben een blanco strafregister. boekhoudster en is momenteel mantelzorger voor haar moeder die ernstig ziek is. werkte tot voor kort als is bejaa rdenhelpster en is alleenstaande. Hen een straf opleggen, al dan niet met uitstel, zou op onevenredige wijze leiden tot hun sociale declassering. Rekening houdend met dit alles bevestigt het hof de besl issing van de eerste rechter om hen allebei de gunst van de opschorting te verlenen gedurende een proeftermijn van drie jaar. Hof van beroep Gent - tiende kam er• -p.11 Allebei voldoen ze aan de wettelijke voorwaarden daarvoor. Ze werden immers nog niet veroordeeld tot een criminele straf of tot een hoofgevangenisstraf van meer dan zes maanden. 7. Verbeurdverklaring Het openbaar ministerie vorderde schriftelijk de bijzondere verbeurdverklaring van de vermogensvoordelen in de zin van artikel 42, 3° Strafwetboek en voldeed zo aan de vereiste gesteld door artikel 43bis, eerste lid, Strafwetboek. De verbeurdverklaring van de vermogensvoordelen is facultatief. Het hof is niet verplicht ze toe te passen. De beklaagden zetten in conclusies uiteen dat de berekening van het openbaar ministerie er geen rekening mee houdt dat de huurders de verschuldigde huur niet altijd hebben betaald. Bovendien maken ze aannemelijk dat hen niet als verhuurder wilde erkennen en gedurende meerdere maanden de huur is blijven betalen op rekening van hun grootmoeder. De zo betaalde huurgelden kwame n terecht in de nalatenschap van hun grootmoeder, waarin ook hun tante en oom gerechtigd waren. In real iteit genoten ze dus heel wat minder huuropbrengsten dan vooropgesteld in de berekening van het openbaar ministerie. Daarenboven zou het verbeurdverklaren van de vermogensvoordelen in dit geval afbreuk doen aan het doel dat het hof beoogt door de beklaagden de gunst van de opschorting te verlenen, namelijk het vermijden van het sociaal declasserend effect van een daadwerkelij ke straf. Het hof wijst de vordering tot verbeurdverklaring daarom af. Kosten - bijdrage aan het Slachtofferfonds De beklaagden zijn hoofdelijk gehouden tot de kosten van de strafvordering in beroep. Nu de beklaagden niet veroordeeld zijn tot een correctionele hoofdstraf, zijn ze niet gehouden tot de bijdrage aan het Slachtofferfonds. 8. Herstelvordering De wooninspecteur stelde op 4 mei 2021 een herstelvordering op en maakte die over aan het openbaar ministerie. Op de rechtszitting van 21 november 2025 verklaarde de vrijwillig tussenkomende partij, •, dat ze het hoevecomplex grotendeels heeft gesloopt. In elk geval werd het gebouw met daarin de ongeschikte en onbewoonbare woningen volledig met de grond gelijk gemaakt. Ze legde daarvan foto's voor. Hof van beroep Gent - tiende kamer- - p. 12 Artikel 3.46 Vlaamse Codex Wonen voorziet: "Als de overtreder de gevorderde of de door de rechtbank opgelegde herstelmaatregelen vrijwillig heeft uitgevoerd, brengt hij de wooninspecteur en het college van burgemeester en schepenen daarvan onmiddellijk op de hoogte. ( ... ) Na ontvangst van de vergoeding, vermeld in het tweede lid, doet de wooninspecteur ( ... ) een controle ter plaatse en stelt hij een proces verbaal van vaststelling op. ( ... ) Behoudens bewijs van het tegendeel geldt alleen het proces verbaal van uitvoering als bewijs van het herstel en van de datum van het herstel. ( ... )" Op vandaag is er nog geen proces-verbaal van herstel. De afbraakwerken konden volgens pas in november van 2025 worden aangevat, waardoor een hercontrole nog niet kon worden gevraagd. Vergelijking van de foto's die op de rechtszitting van het hof neerlegde met de foto's van het hoevecomplex in het strafdossier (p. 29) bevestigt dat het gebouw waarin zich de verhuurde woningen bevonden, inderdaad werd gesloopt. Deze foto's zijn authentiek en waarheidsgetrouw, wat geen enkele partij betwistte. Het bewijs is dan ook geleverd dat de herstelvordering zonder voorwerp is geworden. Toegepaste wetsartikelen: Het hof maakt toepassing van de hiervoor aangehaalde artikelen en van de artikelen: 211 Wetboek van Strafvordering, 24 van de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken. Perken van het hoger beroep: De saisine van het hof beperkt is tot de strafmaat, de bijdrage aan het Slachtofferfonds en de herstelmaatregel. Beslissing van het hof: Het hof, rechtsprekend op tegenspraak, verklaart de beroepen ontvankelijk en beslist over de grond ervan als volgt: wijzigt het beroepen vonnis voor zover bestreden als volgt: op strafgebied: Hof van beroep Gent - tiende kamer · - p. 13 verleent de beklaagden allebei voor de bewezen feiten van de enige telastlegging de gunst van de opschorting gedurende een proeftermijn van drie jaar; wijst de vordering tot verbeurdverklaring van de vermogensvoordelen af; veroordeelt de beklaagden hoofdelijk tot betaling van de kosten van de strafvordering, voor het openbaar ministerie begroot op 249,61 euro in beroep; wat betreft de herstelvordering: verklaart de herstelvordering zonder voorwerp. Hof van beroep Gent - tiende kamer- . -p. 14 Kosten beroep: Afschrift vonnis: Afschriften akten HB: Opstelrecht ber. bekl.: Dagv. le bekl.: Dagv. 2e bekl.: Dagv. eiser tot herstel: Dagv. VTP: € 54,00 €9,00 € 35,00 € 31,41 € 33,19 € 31,13 € 33,19 + 10%: € 226,92 € 22,69 Totaal : € 249,61 Dit arrest is gewezen te Gent door het hof van beroep, tiende correctionele kamer, , als waarnemend kamervoorzitter, raadsheren samengesteld uit raadsheer • en in openbare rechtszitting van 19 december 2025 uitgesproken door wnd. kamervoorzitter , in aanwezigheid van advocaat-generaal, met bijstand van griffier