Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
18 DECEMBER 2025. - Besluit van de Waalse Regering tot vaststelling en wijziging van diverse bepalingen inzake tewerkstelling en vorming voor de aangelegenheden bedoeld in artikel 138 van de Grondwet
Titre
18 DECEMBRE 2025. - Arrêté du Gouvernement wallon portant et modifiant diverses dispositions en matière d'emploi et de formation pour les matières visées à l'article 138 de la Constitution
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepaling
HOOFDSTUK 2. - Incentive voor de mobiliteit van...
Afdeling 1. - Gemeenschappelijke bepalingen
Afdeling 2. - Incentive voor de mobiliteit van ...
Afdeling 3. - Incentive voor de mobiliteit van ...
HOOFDSTUK 3. - Opheffing van het besluit van de...
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen in op het besluit va...
HOOFDSTUK 5. - Overgangs- en slotbepalingen.
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Disposition introductive
CHAPITRE 2. - Incitant à la mobilité des cherch...
Section 1ière. - Dispositions communes
Section 2. - Incitant à la mobilité des cherche...
Section 3. - Incitant à la mobilité des travail...
CHAPITRE 3. - Abrogation de l'arrêté du Gouvern...
CHAPITRE 4. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
CHAPITRE 5. - Dispositions transitoires et finales
Tekst (29)
Texte (29)
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition introductive
Artikel 1. Dit besluit regelt, overeenkomstig artikel 138 van de Grondwet, een aangelegenheid bedoeld in artikel 127 ervan.
Article 1er. Le présent arrêté règle, en application de l'article 138 de la Constitution, une matière visée à l'article 127 de celle-ci.
HOOFDSTUK 2. - Incentive voor de mobiliteit van werkzoekenden en werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques
CHAPITRE 2. - Incitant à la mobilité des chercheurs d'emploi et des travailleurs liés par un contrat de travail titres-services
Afdeling 1. - Gemeenschappelijke bepalingen
Section 1ière. - Dispositions communes
Art. 2. Binnen de perken van de beschikbare begrotingsmiddelen verleent FOREm een "cheque praktisch rijbewijs" aan werkzoekenden en werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques, zoals gedefinieerd in artikel 7bis van de wet van 20 juli 2001tot bevordering van buurtdiensten en -banen teneinde een opleiding te volgen met het oog op het behalen van een rijbewijs van categorie B of categorie AM (tweewielers).
De in lid 1 bedoelde "cheque praktisch rijbewijs " omvat:
1° voor het rijbewijs categorie B:
a) dertig uur praktijklessen;
b) een begeleiding bij het praktijkexamen;
c) inschrijvingsgeld voor een praktijkexamen;
b) voor het rijbewijs categorie AM (tweewielers):
a) acht uur praktijklessen;
b) een begeleiding bij het praktijkexamen;
c) inschrijvingsgeld voor een praktijkexamen.
De in lid 1 bedoelde "cheque praktisch rijbewijs " omvat:
1° voor het rijbewijs categorie B:
a) dertig uur praktijklessen;
b) een begeleiding bij het praktijkexamen;
c) inschrijvingsgeld voor een praktijkexamen;
b) voor het rijbewijs categorie AM (tweewielers):
a) acht uur praktijklessen;
b) een begeleiding bij het praktijkexamen;
c) inschrijvingsgeld voor een praktijkexamen.
Art. 2. Dans les limites des moyens budgétaires disponibles, le FOREm octroie un " chèque permis de conduire pratique " aux chercheurs d'emploi et aux travailleurs liés par un contrat de travail titres-services, tel que défini par l'article 7bis de la loi du 20 juillet 2001 visant à favoriser le développement de services et d'emplois de proximité, afin de suivre une formation visant l'obtention du permis de conduire catégorie B ou catégorie AM deux roues.
Le " chèque permis de conduire pratique " visé à l'alinéa 1er comprend :
1° pour le permis de conduire catégorie B :
a) trente heures de cours pratiques ;
b) un accompagnement à l'examen pratique ;
c) les frais d'inscription à un examen pratique ;
2° pour le permis de conduire catégorie AM deux roues :
a) huit heures de cours pratiques ;
b) un accompagnement à l'examen pratique ;
c) les frais d'inscription à un examen pratique.
Le " chèque permis de conduire pratique " visé à l'alinéa 1er comprend :
1° pour le permis de conduire catégorie B :
a) trente heures de cours pratiques ;
b) un accompagnement à l'examen pratique ;
c) les frais d'inscription à un examen pratique ;
2° pour le permis de conduire catégorie AM deux roues :
a) huit heures de cours pratiques ;
b) un accompagnement à l'examen pratique ;
c) les frais d'inscription à un examen pratique.
Art. 3. FOREm stelt op basis van een oproep tot het indienen van blijken van belangstelling een lijst op van erkende rijscholen waar werkzoekenden of werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques de in artikel 2 bedoelde opleiding kunnen volgen.
Onverminderd de in dit artikel vermelde voorwaarden stelt FOREm, via de oproep tot het indienen van blijken van belangstelling, de voorwaarden vast voor het gebruik van de cheque, met name de modaliteiten voor betalingen aan rijscholen, en voor de controle en het toezicht op de regeling, met uitsluiting van alle aanvullende voorwaarden met betrekking tot de selectie van de rijschool, de tarieven, de inhoud of de organisatie van de door de rijscholen verstrekte opleiding.
De voorwaarden waaraan de rijschool moet voldoen om te worden opgenomen in de in lid 1 bedoelde lijst zijn de volgende:
1° de rijschool is erkend voor haar rijschoolactiviteiten;
2° de rijschool laat toe dat de opleiding in het Franse taalgebied wordt gevolgd en verbindt zich ertoe ervoor te zorgen dat de opleiding zo snel mogelijk na de inschrijving van de werkzoekende of de werknemer met een arbeidsovereenkomst dienstencheques bij de rijschool begint;
3° de rijschool past het volgende tarief toe:
a) voor de opleiding voor het rijbewijs van categorie B:
(1) 30 uur praktijkopleiding ter hoogte van maximum 2004 euro, alle taksen inbegrepen;
(2) een begeleiding naar het praktijkexamen, met één mogelijke poging, ter hoogte van maximum van 115 euro, alle taksen inbegrepen.
b) voor de opleiding voor het rijbewijs van categorie AM (tweewielers):
(1) acht uur praktijkopleiding ter hoogte van maximum 520 euro, alle taksen inbegrepen;
(2) een begeleiding naar het praktijkexamen, met één mogelijke poging, ter hoogte van maximum van 65 euro, alle taksen inbegrepen.
4° de rijschool vergoedt de werkzoekende of de werknemer met een arbeidsovereenkomst dienstencheques de inschrijvingskosten voor het praktijkexamen voor een mogelijke poging.
De in lid 2, 3°, bedoelde tarieven kunnen door de Minister van Vorming geïndexeerd worden, met dien verstande dat de indexering niet hoger mag zijn dan het indexcijfer van de consumptieprijzen van december 2025. De toepasselijke tarieven zijn die welke zijn vastgesteld op het moment dat de cheque door FOREm wordt toegekend.
FOREm deelt de lijst van de in het eerste lid bedoelde rijscholen mee aan elke werkzoekende die overeenkomstig artikel 5 is geselecteerd of aan elke werknemer met een arbeidsovereenkomst dienstencheque die overeenkomstig artikel 10 is geselecteerd, zodat hij de rijschool kan kiezen waar hij zich wil inschrijven voor de opleiding om het rijbewijs van categorie B of categorie AM (tweewielers) te behalen.
Onverminderd de in dit artikel vermelde voorwaarden stelt FOREm, via de oproep tot het indienen van blijken van belangstelling, de voorwaarden vast voor het gebruik van de cheque, met name de modaliteiten voor betalingen aan rijscholen, en voor de controle en het toezicht op de regeling, met uitsluiting van alle aanvullende voorwaarden met betrekking tot de selectie van de rijschool, de tarieven, de inhoud of de organisatie van de door de rijscholen verstrekte opleiding.
De voorwaarden waaraan de rijschool moet voldoen om te worden opgenomen in de in lid 1 bedoelde lijst zijn de volgende:
1° de rijschool is erkend voor haar rijschoolactiviteiten;
2° de rijschool laat toe dat de opleiding in het Franse taalgebied wordt gevolgd en verbindt zich ertoe ervoor te zorgen dat de opleiding zo snel mogelijk na de inschrijving van de werkzoekende of de werknemer met een arbeidsovereenkomst dienstencheques bij de rijschool begint;
3° de rijschool past het volgende tarief toe:
a) voor de opleiding voor het rijbewijs van categorie B:
(1) 30 uur praktijkopleiding ter hoogte van maximum 2004 euro, alle taksen inbegrepen;
(2) een begeleiding naar het praktijkexamen, met één mogelijke poging, ter hoogte van maximum van 115 euro, alle taksen inbegrepen.
b) voor de opleiding voor het rijbewijs van categorie AM (tweewielers):
(1) acht uur praktijkopleiding ter hoogte van maximum 520 euro, alle taksen inbegrepen;
(2) een begeleiding naar het praktijkexamen, met één mogelijke poging, ter hoogte van maximum van 65 euro, alle taksen inbegrepen.
4° de rijschool vergoedt de werkzoekende of de werknemer met een arbeidsovereenkomst dienstencheques de inschrijvingskosten voor het praktijkexamen voor een mogelijke poging.
De in lid 2, 3°, bedoelde tarieven kunnen door de Minister van Vorming geïndexeerd worden, met dien verstande dat de indexering niet hoger mag zijn dan het indexcijfer van de consumptieprijzen van december 2025. De toepasselijke tarieven zijn die welke zijn vastgesteld op het moment dat de cheque door FOREm wordt toegekend.
FOREm deelt de lijst van de in het eerste lid bedoelde rijscholen mee aan elke werkzoekende die overeenkomstig artikel 5 is geselecteerd of aan elke werknemer met een arbeidsovereenkomst dienstencheque die overeenkomstig artikel 10 is geselecteerd, zodat hij de rijschool kan kiezen waar hij zich wil inschrijven voor de opleiding om het rijbewijs van categorie B of categorie AM (tweewielers) te behalen.
Art. 3. Le FOREm établit, sur la base d'un appel à manifestation d'intérêt, la liste des écoles de conduite agréées auprès desquelles le chercheur d'emploi ou le travailleur lié par un contrat de travail titres-services peut suivre la formation visée à l'article 2.
Sans préjudice des conditions visées au présent article, le FOREm fixe via l'appel à manifestation d'intérêt, les modalités d'utilisation du chèque, notamment les modalités des versements aux écoles de conduite, de contrôle et de suivi du dispositif, à l'exclusion de toute condition supplémentaire relative à la sélection de l'auto-école, aux tarifs, au contenu ou à l'organisation de la formation dispensée par les écoles de conduite.
Les conditions auxquelles l'école de conduite répond pour figurer dans la liste visée à l'alinéa 1er sont les suivantes :
1° l'école de conduite est agréée pour son activité d'auto-école ;
2° l'école de conduite permet que la formation soit réalisée sur le territoire de la région de langue française et s'engage à ce que la formation démarre le plus rapidement possible à dater de l'inscription du chercheur d'emploi ou du travailleur lié par un contrat titres-services auprès de l'auto-école ;
3° l'école de conduite applique le tarif suivant :
a) pour la formation pour le permis de conduire de catégorie B :
(1) trente heures de cours pratiques à concurrence de maximum 2 004 euros toutes taxes comprises ;
(2) un accompagnement à l'épreuve pratique à raison d'un essai possible, à concurrence de maximum 115 euros toutes taxes comprises ;
b) pour la formation pour le permis de conduire de catégorie AM deux roues :
(1) huit heures de cours pratiques à concurrence de maximum 520 euros toutes taxes comprises ;
(2) un accompagnement à l'épreuve pratique à raison d'un essai possible, à concurrence de maximum 65 euros toutes taxes comprises ;
4° l'école de conduite rembourse au chercheur d'emploi ou au travailleur lié par un contrat titres-services les frais d'inscription à l'examen pratique à raison d'un essai possible.
Les tarifs visés à l'alinéa 2, 3°, peuvent être indexés par le ministre ayant la Formation dans ses attributions, pour autant que l'indexation ne dépasse pas l'indice des prix à la consommation du mois de décembre 2025. Les tarifs applicables sont ceux fixés au moment de l'octroi du chèque par le FOREm
Le FOREm communique la liste des écoles de conduite, visée à l'alinéa 1er, à chaque chercheur d'emploi sélectionné conformément à l'article 5 ou à chaque travailleur lié par un contrat de travail titres-services sélectionné conformément à l'article 10, pour qu'il choisisse l'école de conduite auprès de laquelle il souhaite s'inscrire pour suivre la formation en vue de l'obtention du permis de conduire catégorie B ou catégorie AM 2 roues.
Sans préjudice des conditions visées au présent article, le FOREm fixe via l'appel à manifestation d'intérêt, les modalités d'utilisation du chèque, notamment les modalités des versements aux écoles de conduite, de contrôle et de suivi du dispositif, à l'exclusion de toute condition supplémentaire relative à la sélection de l'auto-école, aux tarifs, au contenu ou à l'organisation de la formation dispensée par les écoles de conduite.
Les conditions auxquelles l'école de conduite répond pour figurer dans la liste visée à l'alinéa 1er sont les suivantes :
1° l'école de conduite est agréée pour son activité d'auto-école ;
2° l'école de conduite permet que la formation soit réalisée sur le territoire de la région de langue française et s'engage à ce que la formation démarre le plus rapidement possible à dater de l'inscription du chercheur d'emploi ou du travailleur lié par un contrat titres-services auprès de l'auto-école ;
3° l'école de conduite applique le tarif suivant :
a) pour la formation pour le permis de conduire de catégorie B :
(1) trente heures de cours pratiques à concurrence de maximum 2 004 euros toutes taxes comprises ;
(2) un accompagnement à l'épreuve pratique à raison d'un essai possible, à concurrence de maximum 115 euros toutes taxes comprises ;
b) pour la formation pour le permis de conduire de catégorie AM deux roues :
(1) huit heures de cours pratiques à concurrence de maximum 520 euros toutes taxes comprises ;
(2) un accompagnement à l'épreuve pratique à raison d'un essai possible, à concurrence de maximum 65 euros toutes taxes comprises ;
4° l'école de conduite rembourse au chercheur d'emploi ou au travailleur lié par un contrat titres-services les frais d'inscription à l'examen pratique à raison d'un essai possible.
Les tarifs visés à l'alinéa 2, 3°, peuvent être indexés par le ministre ayant la Formation dans ses attributions, pour autant que l'indexation ne dépasse pas l'indice des prix à la consommation du mois de décembre 2025. Les tarifs applicables sont ceux fixés au moment de l'octroi du chèque par le FOREm
Le FOREm communique la liste des écoles de conduite, visée à l'alinéa 1er, à chaque chercheur d'emploi sélectionné conformément à l'article 5 ou à chaque travailleur lié par un contrat de travail titres-services sélectionné conformément à l'article 10, pour qu'il choisisse l'école de conduite auprès de laquelle il souhaite s'inscrire pour suivre la formation en vue de l'obtention du permis de conduire catégorie B ou catégorie AM 2 roues.
Afdeling 2. - Incentive voor de mobiliteit van werkzoekenden
Section 2. - Incitant à la mobilité des chercheurs d'emploi
Art. 4. § 1. De werkzoekende kan aanspraak maken op de in artikel 2 bedoelde opleiding onder de volgende cumulatieve voorwaarden:
1° een niet-werkende werkzoekende zijn die ingeschreven is bij FOREm in de zin van artikel 2, lid 1, 8°, van het decreet van 12 november 2021 betreffende de coaching- en oplossingsgerichte begeleiding van werkzoekenden;
2° zijn hoofdverblijfplaats in het Franse taalgebied hebben;
3° in het bezit zijn van een geldig theoretisch rijbewijs;
4° tot een van de volgende doelgroepen behoren:
a) in het jaar waarin de financiële incentive wordt toegekend, een door FOREm of een vaardigheidscentrum georganiseerde kwalificerende opleiding hebben gevolgd of deze ijverig volgen, met een minimum van vier weken onder beroepsopleidingsovereenkomst in de zin van het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers;
b) in het jaar waarin de financiële incentive wordt toegekend, een opleiding in het kader van het plan voor een instapopleiding bij een werkgever in de zin van het decreet van 4 april 2019 betreffende de individuele beroepsopleiding hebben voltooid of ijverig volgen;
c) in het jaar waarin de financiële incentive wordt toegekend, een kwalificerende opleiding bij een derde operator hebben voltooid of deze ijverig volgen, met een minimum van vier weken onder beroepsopleidingsovereenkomst in de zin van het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers;
d) ingeschreven zijn in het laatste jaar van een leercontract en een opleiding in een beroepssector hebben gevolgd die wordt aangeboden in een IFAPME-centrum, met een minimum van 270 dagen alternerende opleiding in de zin van het besluit van de Regering van 16 juli 2015 betreffende de alternerende overeenkomst;
e) ingeschreven zijn in het laatste jaar van het volwassenenonderwijs en een opleiding in een beroepssector hebben gevolgd die wordt aangeboden in een IFAPME-centrum, met een minimum van 270 dagen alternerende opleiding in onder stageovereenkomst in de zin van het besluit van de Regering van 1 juni 2023 betreffende de stageovereenkomst, de stageovereenkomst professionele praktijkervaring, de erkenning van ondernemingen, de stage voor het vertrouwd maken met ambachten en de verplichte observatiestage in de alternerende opleiding en in de opleiding van zelfstandigen en kleine en middelgrote ondernemingen;
f) actief deelnemen aan de begeleiding naar werk georganiseerd door FOREm, een centrum voor socioprofessionele inschakeling (CFISPA) of een OCMW, op voorwaarde dat het behalen van een rijbewijs deel uitmaakt van de begeleiding en dat de werkzoekende over de nodige vaardigheden beschikt om de inschakeling te verrichten via het beroep of de beroepen waarop het traject naar werk gericht is of dat de verwerving van deze vaardigheden gepland is aan het einde van de begeleiding;
f) actief deelnemen aan de begeleiding naar werk georganiseerd door een derde operator, met minimum vier weken opleiding in het kader van het plan voor een instapopleiding in de zin van het besluit van de Waalse regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers op voorwaarde dat het behalen van een rijbewijs deel uitmaakt van de begeleiding en dat de werkzoekende over de nodige vaardigheden beschikt om de inschakeling te verrichten via het beroep of de beroepen waarop het traject naar werk gericht is of dat de verwerving van deze vaardigheden gepland is aan het einde van de begeleiding;
h) een arbeidsovereenkomst hebben in het kader van de artikelen 60, § 7, en 61 van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn op het moment van inschrijving in de rijschool;
5° het theoretisch rijbewijs hebben behaald na in het jaar voorafgaand aan de toekenning van de cheque bedoeld in artikel 2 te hebben genoten van een begeleidingsmodule voor het leren van het theoretisch rijbewijs bij FOREm of een derde operator waarnaar de werkzoekende door FOREm wordt doorverwezen.
Het in aanmerking komen van de doelgroepen bedoeld in lid 1, 4°, c) tot i), is onderworpen aan de verbintenis van het Centrum voor socioprofessionele inschakeling (CFISPA), het OCMW of de betrokken derde operator om de begeleiding en de opvolging van de werkzoekende in het kader van zijn opleiding voor het rijbewijs bedoeld in artikel 2 te garanderen.
In afwijking van lid 1 wordt de niet-werkende werkzoekende die reeds een opleiding voor een praktisch rijbewijs heeft gevolgd door middel van een door FOREm of IFAPME toegekende cheque rijbewijs, uitgesloten van het voordeel van de in artikel 2 bedoelde opleiding.
Voor de toepassing van de voorwaarde bedoeld in het eerste lid, 1°, worden de in lid 1, 4°, f) werkzoekenden gelijkgesteld met niet-werkende werkzoekenden die ingeschreven zijn bij FOREm.
Onder kwalificerende opleiding in de zin van het eerste lid, 4°, a) en c) wordt verstaan een opleiding die leidt tot de uitoefening van een beroep.
Onder derde operatoren in de zin van het eerste lid, 4°, c) en e), wordt verstaan elke andere operator dan FOREm, de OCMW's en de centra voor socioprofessionele inschakeling waarvan de dienstverleningen het voorwerp uitmaken van een beroepsopleidingsovereenkomst in de zin van het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers.
§ 2. De werkzoekende die in aanmerking komt voor de voorwaarden van paragraaf 1, kan geen aanspraak maken op de opleiding bedoeld in artikel 2 wanneer hij zich, met betrekking tot het rijbewijs waarvoor hij een opleiding aanvraagt bij FOREm, in een van de volgende situaties bevindt:
1° de werkzoekende is reeds ingeschreven bij een erkende rijschool en is daar met de praktische opleiding begonnen;
2° de werkzoekende is in het bezit van een voorlopig rijbewijs;
3° de werkzoekende heeft een verval van het recht tot sturen opgelegd gekregen, waardoor hij opnieuw zijn volledige rijbewijs moet halen.
§ 3. Om de in paragraaf 1 bedoelde voorwaarden te controleren, kan FOREm, indien hij daar niet over beschikt, de werkzoekende vragen om het volgende te verstrekken:
1° een afschrift van een van de contracten bedoeld in paragraaf 1, 4° ;
2° een attest van het bezit van een theoretisch rijbewijs.
Om de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen te controleren, vraagt FOREm ofwel aan de werkzoekende om een uittreksel uit het strafregister model 595 te overleggen waaruit blijkt dat de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen wordt vastgesteld, ofwel raadpleegt FOREm het centraal bestand van de rijbewijzen.
1° een niet-werkende werkzoekende zijn die ingeschreven is bij FOREm in de zin van artikel 2, lid 1, 8°, van het decreet van 12 november 2021 betreffende de coaching- en oplossingsgerichte begeleiding van werkzoekenden;
2° zijn hoofdverblijfplaats in het Franse taalgebied hebben;
3° in het bezit zijn van een geldig theoretisch rijbewijs;
4° tot een van de volgende doelgroepen behoren:
a) in het jaar waarin de financiële incentive wordt toegekend, een door FOREm of een vaardigheidscentrum georganiseerde kwalificerende opleiding hebben gevolgd of deze ijverig volgen, met een minimum van vier weken onder beroepsopleidingsovereenkomst in de zin van het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers;
b) in het jaar waarin de financiële incentive wordt toegekend, een opleiding in het kader van het plan voor een instapopleiding bij een werkgever in de zin van het decreet van 4 april 2019 betreffende de individuele beroepsopleiding hebben voltooid of ijverig volgen;
c) in het jaar waarin de financiële incentive wordt toegekend, een kwalificerende opleiding bij een derde operator hebben voltooid of deze ijverig volgen, met een minimum van vier weken onder beroepsopleidingsovereenkomst in de zin van het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers;
d) ingeschreven zijn in het laatste jaar van een leercontract en een opleiding in een beroepssector hebben gevolgd die wordt aangeboden in een IFAPME-centrum, met een minimum van 270 dagen alternerende opleiding in de zin van het besluit van de Regering van 16 juli 2015 betreffende de alternerende overeenkomst;
e) ingeschreven zijn in het laatste jaar van het volwassenenonderwijs en een opleiding in een beroepssector hebben gevolgd die wordt aangeboden in een IFAPME-centrum, met een minimum van 270 dagen alternerende opleiding in onder stageovereenkomst in de zin van het besluit van de Regering van 1 juni 2023 betreffende de stageovereenkomst, de stageovereenkomst professionele praktijkervaring, de erkenning van ondernemingen, de stage voor het vertrouwd maken met ambachten en de verplichte observatiestage in de alternerende opleiding en in de opleiding van zelfstandigen en kleine en middelgrote ondernemingen;
f) actief deelnemen aan de begeleiding naar werk georganiseerd door FOREm, een centrum voor socioprofessionele inschakeling (CFISPA) of een OCMW, op voorwaarde dat het behalen van een rijbewijs deel uitmaakt van de begeleiding en dat de werkzoekende over de nodige vaardigheden beschikt om de inschakeling te verrichten via het beroep of de beroepen waarop het traject naar werk gericht is of dat de verwerving van deze vaardigheden gepland is aan het einde van de begeleiding;
f) actief deelnemen aan de begeleiding naar werk georganiseerd door een derde operator, met minimum vier weken opleiding in het kader van het plan voor een instapopleiding in de zin van het besluit van de Waalse regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers op voorwaarde dat het behalen van een rijbewijs deel uitmaakt van de begeleiding en dat de werkzoekende over de nodige vaardigheden beschikt om de inschakeling te verrichten via het beroep of de beroepen waarop het traject naar werk gericht is of dat de verwerving van deze vaardigheden gepland is aan het einde van de begeleiding;
h) een arbeidsovereenkomst hebben in het kader van de artikelen 60, § 7, en 61 van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn op het moment van inschrijving in de rijschool;
5° het theoretisch rijbewijs hebben behaald na in het jaar voorafgaand aan de toekenning van de cheque bedoeld in artikel 2 te hebben genoten van een begeleidingsmodule voor het leren van het theoretisch rijbewijs bij FOREm of een derde operator waarnaar de werkzoekende door FOREm wordt doorverwezen.
Het in aanmerking komen van de doelgroepen bedoeld in lid 1, 4°, c) tot i), is onderworpen aan de verbintenis van het Centrum voor socioprofessionele inschakeling (CFISPA), het OCMW of de betrokken derde operator om de begeleiding en de opvolging van de werkzoekende in het kader van zijn opleiding voor het rijbewijs bedoeld in artikel 2 te garanderen.
In afwijking van lid 1 wordt de niet-werkende werkzoekende die reeds een opleiding voor een praktisch rijbewijs heeft gevolgd door middel van een door FOREm of IFAPME toegekende cheque rijbewijs, uitgesloten van het voordeel van de in artikel 2 bedoelde opleiding.
Voor de toepassing van de voorwaarde bedoeld in het eerste lid, 1°, worden de in lid 1, 4°, f) werkzoekenden gelijkgesteld met niet-werkende werkzoekenden die ingeschreven zijn bij FOREm.
Onder kwalificerende opleiding in de zin van het eerste lid, 4°, a) en c) wordt verstaan een opleiding die leidt tot de uitoefening van een beroep.
Onder derde operatoren in de zin van het eerste lid, 4°, c) en e), wordt verstaan elke andere operator dan FOREm, de OCMW's en de centra voor socioprofessionele inschakeling waarvan de dienstverleningen het voorwerp uitmaken van een beroepsopleidingsovereenkomst in de zin van het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers.
§ 2. De werkzoekende die in aanmerking komt voor de voorwaarden van paragraaf 1, kan geen aanspraak maken op de opleiding bedoeld in artikel 2 wanneer hij zich, met betrekking tot het rijbewijs waarvoor hij een opleiding aanvraagt bij FOREm, in een van de volgende situaties bevindt:
1° de werkzoekende is reeds ingeschreven bij een erkende rijschool en is daar met de praktische opleiding begonnen;
2° de werkzoekende is in het bezit van een voorlopig rijbewijs;
3° de werkzoekende heeft een verval van het recht tot sturen opgelegd gekregen, waardoor hij opnieuw zijn volledige rijbewijs moet halen.
§ 3. Om de in paragraaf 1 bedoelde voorwaarden te controleren, kan FOREm, indien hij daar niet over beschikt, de werkzoekende vragen om het volgende te verstrekken:
1° een afschrift van een van de contracten bedoeld in paragraaf 1, 4° ;
2° een attest van het bezit van een theoretisch rijbewijs.
Om de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen te controleren, vraagt FOREm ofwel aan de werkzoekende om een uittreksel uit het strafregister model 595 te overleggen waaruit blijkt dat de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen wordt vastgesteld, ofwel raadpleegt FOREm het centraal bestand van de rijbewijzen.
Art. 4. § 1er. Le chercheur d'emploi peut bénéficier de la formation visée à l'article 2 aux conditions cumulatives suivantes :
1° être un chercheur d'emploi inoccupé inscrit auprès du FOREm au sens de l'article 2, alinéa 1er, 8°, du décret du 12 novembre 2021 relatif à l'accompagnement orienté coaching et solutions des chercheurs d'emploi ;
2° avoir sa résidence principale en région de langue française ;
3° avoir d'un permis de conduire théorique en cours de validité ;
4° faire partie d'une des catégories de public cible suivantes :
a) avoir terminé ou suivre assidument durant l'année au cours de laquelle l'incitant financier est octroyé une formation qualifiante organisée par le FOREm ou un Centre de Compétence, comportant au minimum quatre semaines sous contrat de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs ;
b) avoir terminé ou suivre assidument durant l'année au cours de laquelle l'incitant financier est octroyé une formation sous plan de formation insertion auprès d'un employeur au sens du décret du 4 avril 2019 relatif à la formation professionnelle individuelle ;
c) avoir terminé ou suivre assidument durant l'année au cours de laquelle l'incitant financier est octroyé une formation qualifiante auprès d'un opérateurs tiers, comportant au minimum quatre semaines sous contrat de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs ;
d) être inscrit en dernière en année de formation apprentissage et avoir suivi une formation dans un secteur métier dispensée au sein d'un Centre IFAPME, tout en cumulant une durée minimale de 270 jours d'alternance au sens de l'arrêté du Gouvernement du 16 juillet 2015 relatif au contrat d'alternance ;
e) être inscrit en dernière en année de formation pour adultes et avoir suivi une formation dans un secteur métier dispensée au sein d'un Centre IFAPME, tout en cumulant une durée minimale de 270 jours d'alternance sous convention de stage au sens de l'arrêté du Gouvernement du 1er juin 2023 relatif à la convention de stage, à la convention de stage de pratique professionnelle, à l'agrément des entreprises, au stage découverte métiers et au stage d'observation obligatoire dans la formation en alternance et des indépendants et petites et moyennes entreprises ;
f) participer activement à l'accompagnement vers l'emploi organisé par le FOREm, un Centre de formation et d'insertion socioprofessionnelle adapté (CFISPA) ou un CPAS, à la condition que l'obtention du permis de conduire soit prévu dans le cadre de l'accompagnement et pour autant que le chercheur d'emploi dispose des compétences nécessaires pour s'insérer sur le ou les métiers visés par le parcours vers l'emploi ou que l'acquisition de ces compétences soit prévue au terme de l'accompagnement ;
g) participer activement à l'accompagnement vers l'emploi organisé par un opérateur tiers, comportant au minimum quatre semaines sous plan de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs, à la condition que l'obtention du permis de conduire soit prévu dans le cadre de l'accompagnement et pour autant que le chercheur d'emploi dispose des compétences nécessaires pour s'insérer sur le ou les métiers visés par le parcours vers l'emploi ou que l'acquisition de ces compétences soit prévue au terme du parcours ;
h) être sous contrat de travail dans le cadre des articles 60, § 7, et 61 de la loi du 8 juillet 1976 organique des Centres publics d'action sociale au moment de l'inscription dans l'école de conduite ;
5° avoir obtenu le permis de conduire théorique après avoir bénéficié au cours de l'année précédant l'octroi du chèque visé à l'article 2, d'un module de soutien à l'apprentissage du permis de conduire théorique auprès du FOREm ou d'un opérateur tiers auquel le chercheur d'emploi est adressé par le FOREm.
L'éligibilité des publics cibles visés à l'alinéa 1er, 4°, c) à i), est conditionné à l'engagement par le Centre de formation et d'insertion socioprofessionnelle adapté (CFISPA), le CPAS ou l'opérateur tiers concerné, de garantir le soutien et le suivi du chercheur d'emploi dans le cadre de sa formation au permis de conduire visé à l'article 2.
Par dérogation à l'alinéa 1er, le chercheur d'emploi inoccupé qui a déjà bénéficié de la formation au permis de conduire pratique par le biais d'un chèque permis de conduire octroyé par le FOREm ou par l'IFAPME est exclu du bénéfice de la formation visée à l'article 2.
Pour l'application de la condition visée à l'alinéa 1er, 1°, les chercheurs d'emploi visés à l'alinéa 1er, 4°, f), sont assimilés à des chercheurs d'emploi inoccupés inscrits auprès du FOREm.
Par formation qualifiante au sens de l'alinéa 1er, 4°, a) et c), l'on entend une formation menant à l'exercice d'un métier.
Par opérateurs tiers, au sens de l'alinéa 1er, 4°, c) et e), l'on entend tout opérateur autre que le FOREm, les CPAS et les CFISPA, dont les prestations sont couvertes par un contrat de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs.
§ 2. Le chercheur d'emploi éligible au regard des conditions prévues au paragraphe 1er, ne peut pas bénéficier de la formation visée à l'article 2 lorsqu'il se trouve, concernant le permis pour lequel il sollicite une formation auprès du FOREm, dans une des situations suivantes :
1° le chercheur d'emploi est déjà inscrit auprès d'une école de conduite agréée et y a entamé sa formation pratique ;
2° le chercheur d'emploi est en possession d'un permis de conduire provisoire " ;
3° le chercheur d'emploi est sous le coup d'une déchéance de permis de conduire l'obligeant à repasser l'intégralité de son permis de conduire.
§ 3. Aux fins de vérifier les conditions visées au paragraphe 1er, le FOREm, s'il n'en dispose pas, peut demander au chercheur d'emploi de lui fournir :
1° une copie d'un des contrats visés au paragraphe 1er, 4° ;
2° une attestation de détention d'un permis de conduire théorique.
Pour la vérification de l'absence de déchéance du droit de conduire, le FOREm, soit demande au chercheur d'emploi de produire un extrait de casier judiciaire modèle 595 établissant cette absence de déchéance du droit de conduire, soit consulte le fichier central des permis de conduire.
1° être un chercheur d'emploi inoccupé inscrit auprès du FOREm au sens de l'article 2, alinéa 1er, 8°, du décret du 12 novembre 2021 relatif à l'accompagnement orienté coaching et solutions des chercheurs d'emploi ;
2° avoir sa résidence principale en région de langue française ;
3° avoir d'un permis de conduire théorique en cours de validité ;
4° faire partie d'une des catégories de public cible suivantes :
a) avoir terminé ou suivre assidument durant l'année au cours de laquelle l'incitant financier est octroyé une formation qualifiante organisée par le FOREm ou un Centre de Compétence, comportant au minimum quatre semaines sous contrat de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs ;
b) avoir terminé ou suivre assidument durant l'année au cours de laquelle l'incitant financier est octroyé une formation sous plan de formation insertion auprès d'un employeur au sens du décret du 4 avril 2019 relatif à la formation professionnelle individuelle ;
c) avoir terminé ou suivre assidument durant l'année au cours de laquelle l'incitant financier est octroyé une formation qualifiante auprès d'un opérateurs tiers, comportant au minimum quatre semaines sous contrat de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs ;
d) être inscrit en dernière en année de formation apprentissage et avoir suivi une formation dans un secteur métier dispensée au sein d'un Centre IFAPME, tout en cumulant une durée minimale de 270 jours d'alternance au sens de l'arrêté du Gouvernement du 16 juillet 2015 relatif au contrat d'alternance ;
e) être inscrit en dernière en année de formation pour adultes et avoir suivi une formation dans un secteur métier dispensée au sein d'un Centre IFAPME, tout en cumulant une durée minimale de 270 jours d'alternance sous convention de stage au sens de l'arrêté du Gouvernement du 1er juin 2023 relatif à la convention de stage, à la convention de stage de pratique professionnelle, à l'agrément des entreprises, au stage découverte métiers et au stage d'observation obligatoire dans la formation en alternance et des indépendants et petites et moyennes entreprises ;
f) participer activement à l'accompagnement vers l'emploi organisé par le FOREm, un Centre de formation et d'insertion socioprofessionnelle adapté (CFISPA) ou un CPAS, à la condition que l'obtention du permis de conduire soit prévu dans le cadre de l'accompagnement et pour autant que le chercheur d'emploi dispose des compétences nécessaires pour s'insérer sur le ou les métiers visés par le parcours vers l'emploi ou que l'acquisition de ces compétences soit prévue au terme de l'accompagnement ;
g) participer activement à l'accompagnement vers l'emploi organisé par un opérateur tiers, comportant au minimum quatre semaines sous plan de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs, à la condition que l'obtention du permis de conduire soit prévu dans le cadre de l'accompagnement et pour autant que le chercheur d'emploi dispose des compétences nécessaires pour s'insérer sur le ou les métiers visés par le parcours vers l'emploi ou que l'acquisition de ces compétences soit prévue au terme du parcours ;
h) être sous contrat de travail dans le cadre des articles 60, § 7, et 61 de la loi du 8 juillet 1976 organique des Centres publics d'action sociale au moment de l'inscription dans l'école de conduite ;
5° avoir obtenu le permis de conduire théorique après avoir bénéficié au cours de l'année précédant l'octroi du chèque visé à l'article 2, d'un module de soutien à l'apprentissage du permis de conduire théorique auprès du FOREm ou d'un opérateur tiers auquel le chercheur d'emploi est adressé par le FOREm.
L'éligibilité des publics cibles visés à l'alinéa 1er, 4°, c) à i), est conditionné à l'engagement par le Centre de formation et d'insertion socioprofessionnelle adapté (CFISPA), le CPAS ou l'opérateur tiers concerné, de garantir le soutien et le suivi du chercheur d'emploi dans le cadre de sa formation au permis de conduire visé à l'article 2.
Par dérogation à l'alinéa 1er, le chercheur d'emploi inoccupé qui a déjà bénéficié de la formation au permis de conduire pratique par le biais d'un chèque permis de conduire octroyé par le FOREm ou par l'IFAPME est exclu du bénéfice de la formation visée à l'article 2.
Pour l'application de la condition visée à l'alinéa 1er, 1°, les chercheurs d'emploi visés à l'alinéa 1er, 4°, f), sont assimilés à des chercheurs d'emploi inoccupés inscrits auprès du FOREm.
Par formation qualifiante au sens de l'alinéa 1er, 4°, a) et c), l'on entend une formation menant à l'exercice d'un métier.
Par opérateurs tiers, au sens de l'alinéa 1er, 4°, c) et e), l'on entend tout opérateur autre que le FOREm, les CPAS et les CFISPA, dont les prestations sont couvertes par un contrat de formation professionnelle au sens de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs.
§ 2. Le chercheur d'emploi éligible au regard des conditions prévues au paragraphe 1er, ne peut pas bénéficier de la formation visée à l'article 2 lorsqu'il se trouve, concernant le permis pour lequel il sollicite une formation auprès du FOREm, dans une des situations suivantes :
1° le chercheur d'emploi est déjà inscrit auprès d'une école de conduite agréée et y a entamé sa formation pratique ;
2° le chercheur d'emploi est en possession d'un permis de conduire provisoire " ;
3° le chercheur d'emploi est sous le coup d'une déchéance de permis de conduire l'obligeant à repasser l'intégralité de son permis de conduire.
§ 3. Aux fins de vérifier les conditions visées au paragraphe 1er, le FOREm, s'il n'en dispose pas, peut demander au chercheur d'emploi de lui fournir :
1° une copie d'un des contrats visés au paragraphe 1er, 4° ;
2° une attestation de détention d'un permis de conduire théorique.
Pour la vérification de l'absence de déchéance du droit de conduire, le FOREm, soit demande au chercheur d'emploi de produire un extrait de casier judiciaire modèle 595 établissant cette absence de déchéance du droit de conduire, soit consulte le fichier central des permis de conduire.
Art. 5. Binnen de perken van de beschikbare begrotingsmiddelen selecteert FOREm werkzoekenden die voldoen aan de voorwaarden bedoeld in artikel 4 en die de opleiding bedoeld in artikel 2 kunnen volgen, op basis van de volgende criteria:
1° de relevantie en de toegevoegde waarde van het behalen van een rijbewijs met het oog op de inschakeling van de kandidaat op de arbeidsmarkt, in het licht van zijn beroepsproject en zijn stappen in het zoeken naar werk;
2° de motivatie van de kandidaat voor de opleiding en voor het behalen van het betrokken rijbewijs;
3° de haalbaarheid van de opleiding met betrekking tot de middelen waarover de kandidaat beschikt om de cursussen te volgen, om te rijden tijdens de periode van het behalen van het voorlopig rijbewijs en om over een voertuig te beschikken;
4° de toegankelijkheid van de opleiding voor het rijbewijs die door de erkende rijschool wordt gegeven ten opzichte van zijn woonplaats en de gebieden die door het openbaar vervoer worden bediend.
De in lid 1 bedoelde criteria worden beoordeeld tijdens een face-to-face gesprek of een gesprek op afstand.
Voor de toepassing van het eerste lid selecteert FOREm bij voorrang werkzoekenden die ten hoogste in het bezit zijn van een diploma van de derde graad van het secundair onderwijs of een gelijkwaardig diploma, of die ten minste een jaar als niet-werkende werkzoekende bij FOREm zijn ingeschreven.
Met betrekking tot de kandidaat bedoeld in artikel 4, § 1, eerste lid, 4°, c), d), e) en f), wordt de selectie van de kandidaat overeengekomen tussen FOREm en de IFAPME-centra, de centra voor socioprofessionele inschakeling, de OCMW's en de betrokken derde operatoren.
Met betrekking tot de kandidaat bedoeld in artikel 4, eerste lid, 4°, h), wordt de selectie van de kandidaat overeengekomen tussen FOREm en de OCMW's.
Het overleg tussen FOREm en de in de leden 4 en 5 bedoelde partners of derde operatoren vindt plaats overeenkomstig artikel 17, § 2, van het decreet van 12 november 2021 betreffende de coaching- en oplossingsgerichte begeleiding van werkzoekenden.
1° de relevantie en de toegevoegde waarde van het behalen van een rijbewijs met het oog op de inschakeling van de kandidaat op de arbeidsmarkt, in het licht van zijn beroepsproject en zijn stappen in het zoeken naar werk;
2° de motivatie van de kandidaat voor de opleiding en voor het behalen van het betrokken rijbewijs;
3° de haalbaarheid van de opleiding met betrekking tot de middelen waarover de kandidaat beschikt om de cursussen te volgen, om te rijden tijdens de periode van het behalen van het voorlopig rijbewijs en om over een voertuig te beschikken;
4° de toegankelijkheid van de opleiding voor het rijbewijs die door de erkende rijschool wordt gegeven ten opzichte van zijn woonplaats en de gebieden die door het openbaar vervoer worden bediend.
De in lid 1 bedoelde criteria worden beoordeeld tijdens een face-to-face gesprek of een gesprek op afstand.
Voor de toepassing van het eerste lid selecteert FOREm bij voorrang werkzoekenden die ten hoogste in het bezit zijn van een diploma van de derde graad van het secundair onderwijs of een gelijkwaardig diploma, of die ten minste een jaar als niet-werkende werkzoekende bij FOREm zijn ingeschreven.
Met betrekking tot de kandidaat bedoeld in artikel 4, § 1, eerste lid, 4°, c), d), e) en f), wordt de selectie van de kandidaat overeengekomen tussen FOREm en de IFAPME-centra, de centra voor socioprofessionele inschakeling, de OCMW's en de betrokken derde operatoren.
Met betrekking tot de kandidaat bedoeld in artikel 4, eerste lid, 4°, h), wordt de selectie van de kandidaat overeengekomen tussen FOREm en de OCMW's.
Het overleg tussen FOREm en de in de leden 4 en 5 bedoelde partners of derde operatoren vindt plaats overeenkomstig artikel 17, § 2, van het decreet van 12 november 2021 betreffende de coaching- en oplossingsgerichte begeleiding van werkzoekenden.
Art. 5. Dans les limites des moyens budgétaires disponibles, le FOREm sélectionne les chercheurs d'emplois, répondant aux conditions visées à l'article 4, qui peuvent suivre la formation visée à l'article 2, sur la base des critères suivants :
1° la pertinence et la plus-value de l'obtention du permis de conduire en vue de l'insertion sur le marché du travail du candidat, au regard de son projet professionnel et de ses démarches de recherche d'emploi ;
2° la motivation du candidat par rapport à la formation et par rapport à l'obtention du permis de conduire concerné ;
3° la faisabilité de l'apprentissage par rapport aux moyens dont dispose le candidat pour suivre les cours, pour conduire pendant la période d'obtention du permis provisoire et pour avoir un véhicule à disposition ;
4° l'accessibilité de la formation au permis de conduire dispensée par l'école de conduite agréée au regard de sa résidence et des zones desservies par les transports en commun.
Les critères visés à l'alinéa 1er sont évalués lors d'un entretien physique ou à distance.
Pour l'application de l'alinéa 1er, le FOREm sélectionne, en priorité, des chercheurs d'emploi qui disposent au maximum d'un certificat d'enseignement secondaire du troisième degré, ou d'un titre équivalent, ou qui sont inscrits en tant que chercheurs d'emploi inoccupés au FOREm depuis au minimum un an.
En ce qui concerne le candidat visé à l'article 4, § 1er, alinéa 1er, 4°, c), d), e) et f), la sélection du candidat est concertée entre le FOREm et les Centres IFAPME, les CFISPA, les CPAS et les opérateurs tiers concernés.
En ce qui concerne le candidat visé à l'article 4, § 1er, alinéa 1er, 4°, h), la sélection du candidat est concertée entre le FOREm et les CPAS.
La concertation entre le FOREm et les partenaires ou les opérateurs tiers visés aux alinéas 4 et 5 a lieu conformément à l'article 17, § 2, du décret du 12 novembre 2021 relatif à l'accompagnement orienté coaching et solutions.
1° la pertinence et la plus-value de l'obtention du permis de conduire en vue de l'insertion sur le marché du travail du candidat, au regard de son projet professionnel et de ses démarches de recherche d'emploi ;
2° la motivation du candidat par rapport à la formation et par rapport à l'obtention du permis de conduire concerné ;
3° la faisabilité de l'apprentissage par rapport aux moyens dont dispose le candidat pour suivre les cours, pour conduire pendant la période d'obtention du permis provisoire et pour avoir un véhicule à disposition ;
4° l'accessibilité de la formation au permis de conduire dispensée par l'école de conduite agréée au regard de sa résidence et des zones desservies par les transports en commun.
Les critères visés à l'alinéa 1er sont évalués lors d'un entretien physique ou à distance.
Pour l'application de l'alinéa 1er, le FOREm sélectionne, en priorité, des chercheurs d'emploi qui disposent au maximum d'un certificat d'enseignement secondaire du troisième degré, ou d'un titre équivalent, ou qui sont inscrits en tant que chercheurs d'emploi inoccupés au FOREm depuis au minimum un an.
En ce qui concerne le candidat visé à l'article 4, § 1er, alinéa 1er, 4°, c), d), e) et f), la sélection du candidat est concertée entre le FOREm et les Centres IFAPME, les CFISPA, les CPAS et les opérateurs tiers concernés.
En ce qui concerne le candidat visé à l'article 4, § 1er, alinéa 1er, 4°, h), la sélection du candidat est concertée entre le FOREm et les CPAS.
La concertation entre le FOREm et les partenaires ou les opérateurs tiers visés aux alinéas 4 et 5 a lieu conformément à l'article 17, § 2, du décret du 12 novembre 2021 relatif à l'accompagnement orienté coaching et solutions.
Art. 6. Om aan een opleiding te kunnen deelnemen, schrijft de door FOREm overeenkomstig artikel 5 geselecteerde werkzoekende zich in bij een rijschool die voorkomt op de in artikel 3 bedoelde lijst.
De in artikel 2 bedoelde opleiding eindigt uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op de selectie van de kandidaat voor de opleiding.
De in artikel 2 bedoelde opleiding eindigt uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op de selectie van de kandidaat voor de opleiding.
Art. 6. Pour entrer en formation, le chercheur d'emploi sélectionné par le FOREm, conformément à l'article 5, s'inscrit auprès d'une école de conduite figurant sur la liste visée à l'article 3.
La formation visée à l'article 2 se termine au plus tard le 31 décembre de l'année qui suit la sélection du candidat au bénéfice de la formation.
La formation visée à l'article 2 se termine au plus tard le 31 décembre de l'année qui suit la sélection du candidat au bénéfice de la formation.
Art. 7. FOREm evalueert jaarlijks de effecten van de financiële incentive voor de mobiliteit van werkzoekenden die uit hoofde van deze afdeling wordt toegekend, met name op :
1° het behalen van het rijbewijs;
2° de arbeidsinschakeling.
Het jaarlijkse evaluatieverslag bevat een kwantitatief en een kwalitatief luik waarvan het model door de Minister van Vorming op voorstel van het beheerscomité van FOREm wordt gevalideerd. Het wordt uiterlijk op 1 september naar de Minister van Vorming en het beheerscomité van FOREm gestuurd en heeft betrekking op de laatste drie jaar voorafgaand aan het jaarlijkse evaluatieverslag.
Wanneer dit de uitvoering van de analyses niet belemmert of de kwaliteit ervan niet aantast, anonimiseert of pseudonimiseert FOREm de persoonsgegevens die nodig zijn voor de evaluatie. Het jaarlijks evaluatieverslag bevat geen persoonsgegevens.
1° het behalen van het rijbewijs;
2° de arbeidsinschakeling.
Het jaarlijkse evaluatieverslag bevat een kwantitatief en een kwalitatief luik waarvan het model door de Minister van Vorming op voorstel van het beheerscomité van FOREm wordt gevalideerd. Het wordt uiterlijk op 1 september naar de Minister van Vorming en het beheerscomité van FOREm gestuurd en heeft betrekking op de laatste drie jaar voorafgaand aan het jaarlijkse evaluatieverslag.
Wanneer dit de uitvoering van de analyses niet belemmert of de kwaliteit ervan niet aantast, anonimiseert of pseudonimiseert FOREm de persoonsgegevens die nodig zijn voor de evaluatie. Het jaarlijks evaluatieverslag bevat geen persoonsgegevens.
Art. 7. Le FOREm évalue annuellement les effets de l'incitant financier à la mobilité des chercheurs d'emploi accordé en vertu de la présente section, en particulier sur :
1° l'obtention du permis de conduire ;
2° l'insertion à l'emploi.
Le rapport d'évaluation annuel contient un volet quantitatif et un volet qualitatif dont le modèle est validé par le ministre de la Formation, sur proposition du Comité de gestion du FOREm. Il est communiqué au ministre de la Formation et au Comité de gestion du FOREm au plus tard le 1er septembre et porte sur les trois dernières années précédant le rapport annuel d'évaluation.
Lorsque cela n'entrave pas la réalisation des analyses ou n'affecte pas leur qualité, le FOREm procède à l'anonymisation ou à la pseudonymisation des données à caractère personnel nécessaires à l'évaluation. Le rapport d'évaluation annuel ne contient pas de données à caractère personnel.
1° l'obtention du permis de conduire ;
2° l'insertion à l'emploi.
Le rapport d'évaluation annuel contient un volet quantitatif et un volet qualitatif dont le modèle est validé par le ministre de la Formation, sur proposition du Comité de gestion du FOREm. Il est communiqué au ministre de la Formation et au Comité de gestion du FOREm au plus tard le 1er septembre et porte sur les trois dernières années précédant le rapport annuel d'évaluation.
Lorsque cela n'entrave pas la réalisation des analyses ou n'affecte pas leur qualité, le FOREm procède à l'anonymisation ou à la pseudonymisation des données à caractère personnel nécessaires à l'évaluation. Le rapport d'évaluation annuel ne contient pas de données à caractère personnel.
Afdeling 3. - Incentive voor de mobiliteit van werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques
Section 3. - Incitant à la mobilité des travailleurs liés par un contrat de travail titres-services
Art. 8. De werknemer met een arbeidsovereenkomst dienstencheques kan aanspraak maken op de in artikel 2 bedoelde opleiding onder de volgende cumulatieve voorwaarden:
1° een werknemer zijn met een arbeidsovereenkomst dienstencheques wiens woonplaats zich in het Franse taalgebied bevindt;
2° tewerkgesteld zijn in een erkende dienstencheque-onderneming bedoeld in artikel 2, § 1, 6°, van de wet van 20 juli 2001 tot bevordering van buurtdiensten en -banen, waarvan de maatschappelijke zetel in het Waals Gewest is gevestigd;
3° een anciënniteit van minimum 6 maanden hebben in de onderneming bedoeld in 2° ;
4° gedurende de laatste drie jaar jaarlijks ten minste één buurtwerk of -dienst hebben uitgevoerd die aanleiding geeft tot de toekenning van een dienstencheque.
De werknemer kan slechts eenmaal de in artikel 2 bedoelde opleiding genieten.
De werknemer die in aanmerking komt voor de voorwaarden bedoeld in het eerste lid, kan geen aanspraak maken op de opleiding bedoeld in artikel 2 wanneer hij zich, met betrekking tot het rijbewijs waarvoor hij een opleiding aanvraagt bij FOREm, in een van de volgende situaties bevindt:
1° de werknemer is reeds ingeschreven bij een erkende rijschool en is daar met de praktische opleiding begonnen;
2° de werknemer is in het bezit van een voorlopig rijbewijs;
3° de werknemer heeft een verval van het recht tot sturen opgelegd gekregen, waardoor hij opnieuw zijn volledige rijbewijs moet halen.
Om de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen te controleren, vraagt FOREm ofwel aan de werknemer om een uittreksel uit het strafregister model 595 te overleggen waaruit blijkt dat de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen wordt vastgesteld, ofwel raadpleegt FOREm het centraal bestand van de rijbewijzen.
1° een werknemer zijn met een arbeidsovereenkomst dienstencheques wiens woonplaats zich in het Franse taalgebied bevindt;
2° tewerkgesteld zijn in een erkende dienstencheque-onderneming bedoeld in artikel 2, § 1, 6°, van de wet van 20 juli 2001 tot bevordering van buurtdiensten en -banen, waarvan de maatschappelijke zetel in het Waals Gewest is gevestigd;
3° een anciënniteit van minimum 6 maanden hebben in de onderneming bedoeld in 2° ;
4° gedurende de laatste drie jaar jaarlijks ten minste één buurtwerk of -dienst hebben uitgevoerd die aanleiding geeft tot de toekenning van een dienstencheque.
De werknemer kan slechts eenmaal de in artikel 2 bedoelde opleiding genieten.
De werknemer die in aanmerking komt voor de voorwaarden bedoeld in het eerste lid, kan geen aanspraak maken op de opleiding bedoeld in artikel 2 wanneer hij zich, met betrekking tot het rijbewijs waarvoor hij een opleiding aanvraagt bij FOREm, in een van de volgende situaties bevindt:
1° de werknemer is reeds ingeschreven bij een erkende rijschool en is daar met de praktische opleiding begonnen;
2° de werknemer is in het bezit van een voorlopig rijbewijs;
3° de werknemer heeft een verval van het recht tot sturen opgelegd gekregen, waardoor hij opnieuw zijn volledige rijbewijs moet halen.
Om de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen te controleren, vraagt FOREm ofwel aan de werknemer om een uittreksel uit het strafregister model 595 te overleggen waaruit blijkt dat de afwezigheid van het verval van het recht tot sturen wordt vastgesteld, ofwel raadpleegt FOREm het centraal bestand van de rijbewijzen.
Art. 8. Le travailleur lié par un contrat de travail titres-services peut bénéficier de la formation visée à l'article 2 aux conditions cumulatives suivantes :
1° être un travailleur sous contrat de travail titres-services dont la résidence est située en région de langue française ;
2° être occupé au sein d'une entreprise agréée en titres-services visée à l'article 2, paragraphe 1er, 6°, de la loi du 20 juillet 2001 visant à favoriser le développement de services et d'emplois de proximité dont le siège social est situé en Région wallonne ;
3° avoir minimum six mois d'ancienneté au sein de l'entreprise visée au 2° ;
4° avoir effectué au minimum une prestation de travaux ou services de proximité donnant lieu à l'octroi d'un titre-service chaque année durant les trois dernières années.
Le travailleur peut bénéficier une seule fois de la formation visée à l'article 2.
Le travailleur éligible au regard des conditions prévues à l'alinéa 1er ne peut pas bénéficier de la formation visée à l'article 2, lorsqu'il se trouve, concernant le permis pour lequel il sollicite une formation auprès du FOREm, dans une des situations suivantes :
1° le travailleur est déjà inscrit auprès d'une école de conduite agréée et y a entamé sa formation pratique ;
2° le travailleur est en possession d'un permis de conduire provisoire ;
3° le travailleur est sous le coup d'une déchéance de permis de conduire l'obligeant à repasser l'intégralité de son permis de conduire.
Pour la vérification de l'absence de déchéance du droit de conduire, le FOREm, soit demande au travailleur de produire un extrait de casier judiciaire modèle 595 établissant cette absence de déchéance du droit de conduire, soit consulte le fichier central des permis de conduire.
1° être un travailleur sous contrat de travail titres-services dont la résidence est située en région de langue française ;
2° être occupé au sein d'une entreprise agréée en titres-services visée à l'article 2, paragraphe 1er, 6°, de la loi du 20 juillet 2001 visant à favoriser le développement de services et d'emplois de proximité dont le siège social est situé en Région wallonne ;
3° avoir minimum six mois d'ancienneté au sein de l'entreprise visée au 2° ;
4° avoir effectué au minimum une prestation de travaux ou services de proximité donnant lieu à l'octroi d'un titre-service chaque année durant les trois dernières années.
Le travailleur peut bénéficier une seule fois de la formation visée à l'article 2.
Le travailleur éligible au regard des conditions prévues à l'alinéa 1er ne peut pas bénéficier de la formation visée à l'article 2, lorsqu'il se trouve, concernant le permis pour lequel il sollicite une formation auprès du FOREm, dans une des situations suivantes :
1° le travailleur est déjà inscrit auprès d'une école de conduite agréée et y a entamé sa formation pratique ;
2° le travailleur est en possession d'un permis de conduire provisoire ;
3° le travailleur est sous le coup d'une déchéance de permis de conduire l'obligeant à repasser l'intégralité de son permis de conduire.
Pour la vérification de l'absence de déchéance du droit de conduire, le FOREm, soit demande au travailleur de produire un extrait de casier judiciaire modèle 595 établissant cette absence de déchéance du droit de conduire, soit consulte le fichier central des permis de conduire.
Art. 9. De in artikel 8 bedoelde werknemers vragen de toekenning van de opleiding voor het rijbewijs aan via het daartoe door FOREm opgestelde elektronische formulier. FOREm bevestigt de ontvangst van de aanvraag en analyseert het volledig karakter ervan binnen tien dagen na indiening van het opleidingsaanvraagformulier.
Als de aanvraag onvolledig is, vraagt FOREm de ontbrekende elementen op bij de werknemer, die opnieuw tien dagen de tijd krijgt om zijn aanvraag te vervolledigen.
Als de aanvraag niet binnen de in lid 2 bedoelde termijn door de werknemer wordt ingevuld, wordt deze door FOREm binnen dertig dagen na de indiening van het opleidingsaanvraagformulier zonder gevolg geklasseerd en wordt de werknemer hiervan op de hoogte gebracht.
Als de aanvraag onvolledig is, vraagt FOREm de ontbrekende elementen op bij de werknemer, die opnieuw tien dagen de tijd krijgt om zijn aanvraag te vervolledigen.
Als de aanvraag niet binnen de in lid 2 bedoelde termijn door de werknemer wordt ingevuld, wordt deze door FOREm binnen dertig dagen na de indiening van het opleidingsaanvraagformulier zonder gevolg geklasseerd en wordt de werknemer hiervan op de hoogte gebracht.
Art. 9. Les travailleurs visés à l'article 8 sollicitent l'octroi de la formation au permis de conduire au moyen du formulaire électronique établi à cet effet par le FOREm. Le FOREm accuse réception de la demande et analyse le caractère complet de celle-ci dans un délai de dix jours suivant l'introduction du formulaire de demande de formation.
Lorsque la demande est incomplète, le FOREm réclame les éléments manquants au travailleur qui dispose à nouveau de dix jours pour compléter sa demande.
La demande qui n'est pas complétée par le travailleur dans le délai visé à l'alinéa 2 fait l'objet d'une décision de classement sans suite notifiée au travailleur, par le FOREm, dans les trente jours à dater de l'introduction du formulaire de demande de formation.
Lorsque la demande est incomplète, le FOREm réclame les éléments manquants au travailleur qui dispose à nouveau de dix jours pour compléter sa demande.
La demande qui n'est pas complétée par le travailleur dans le délai visé à l'alinéa 2 fait l'objet d'une décision de classement sans suite notifiée au travailleur, par le FOREm, dans les trente jours à dater de l'introduction du formulaire de demande de formation.
Art. 10. Binnen de perken van de beschikbare begrotingsmiddelen selecteert FOREm de werknemer die voldoet aan de voorwaarden bedoeld in artikel 8, die de subsidie overeenkomstig artikel 9 heeft aangevraagd, en die de opleiding bedoeld in artikel 2 kan volgen.
Binnen dezelfde erkende onderneming kan de opleiding in hetzelfde kalenderjaar door maximaal twee werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques worden gevolgd. FOREm controleert deze voorwaarde alvorens over te gaan tot de in lid 1 bedoelde selectie.
Voor de in lid 1 bedoelde selectie gaat FOREm te werk in de chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, rekening houdende met de dag, het uur en de minuut van indiening of van volledige aanvraag.
Binnen dezelfde erkende onderneming kan de opleiding in hetzelfde kalenderjaar door maximaal twee werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques worden gevolgd. FOREm controleert deze voorwaarde alvorens over te gaan tot de in lid 1 bedoelde selectie.
Voor de in lid 1 bedoelde selectie gaat FOREm te werk in de chronologische volgorde van indiening van de aanvragen, rekening houdende met de dag, het uur en de minuut van indiening of van volledige aanvraag.
Art. 10. Dans les limites des moyens budgétaires disponibles, le FOREm sélectionne le travailleur, répondant aux conditions visées à l'article 8 et ayant sollicité le bénéfice de la subvention conformément à l'article 9, qui peut suivre la formation visée à l'article 2.
Au sein d'une même entreprise agréée, la formation peut être suivie par maximum deux travailleurs liés par un contrat de travail titres-services au cours d'une même année civile. Le FOREm vérifie cette condition avant de procéder à la sélection visée à l'alinéa 1er.
Pour la sélection visée à l'alinéa 1er, le FOREm procède dans l'ordre chronologique de l'introduction des demandes, en tenant compte du jour, de l'heure et de la minute d'introduction de la demande complète.
Au sein d'une même entreprise agréée, la formation peut être suivie par maximum deux travailleurs liés par un contrat de travail titres-services au cours d'une même année civile. Le FOREm vérifie cette condition avant de procéder à la sélection visée à l'alinéa 1er.
Pour la sélection visée à l'alinéa 1er, le FOREm procède dans l'ordre chronologique de l'introduction des demandes, en tenant compte du jour, de l'heure et de la minute d'introduction de la demande complète.
Art. 11. Om aan een opleiding te kunnen deelnemen, schrijft de door FOREm overeenkomstig artikel 10 geselecteerde werknemer zich in bij een rijschool die voorkomt op de in artikel 3 bedoelde lijst.
De in artikel 2 bedoelde opleiding eindigt uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op de selectie van de kandidaat voor de opleiding.
De in artikel 2 bedoelde opleiding eindigt uiterlijk op 31 december van het jaar dat volgt op de selectie van de kandidaat voor de opleiding.
Art. 11. Pour entrer en formation, le travailleur sélectionné par le FOREm, conformément à l'article 10, s'inscrit auprès d'une école de conduite figurant sur la liste visée à l'article 3.
La formation visée à l'article 2 se termine au plus tard le 31 décembre de l'année qui suit la sélection du candidat au bénéfice de la formation.
La formation visée à l'article 2 se termine au plus tard le 31 décembre de l'année qui suit la sélection du candidat au bénéfice de la formation.
Art. 12. FOREm evalueert jaarlijks de effecten van de financiële incentive voor de mobiliteit van werknemers met een arbeidsovereenkomst dienstencheques die uit hoofde van deze afdeling wordt toegekend, met name op:
1° het behalen van het rijbewijs;
2° de arbeidsinschakeling.
Het jaarlijkse evaluatieverslag bevat een kwantitatief en een kwalitatief luik waarvan het model door de Minister van Vorming op voorstel van het beheerscomité van FOREm wordt gevalideerd. Het wordt uiterlijk op 1 september naar de Minister van Vorming en het beheerscomité van FOREm gestuurd en heeft betrekking op de laatste drie jaar voorafgaand aan het jaarlijkse evaluatieverslag.
Wanneer dit de uitvoering van de analyses niet belemmert of de kwaliteit ervan niet aantast, anonimiseert of pseudonimiseert FOREm de persoonsgegevens die nodig zijn voor de evaluatie. Het jaarlijks evaluatieverslag bevat geen persoonsgegevens.
1° het behalen van het rijbewijs;
2° de arbeidsinschakeling.
Het jaarlijkse evaluatieverslag bevat een kwantitatief en een kwalitatief luik waarvan het model door de Minister van Vorming op voorstel van het beheerscomité van FOREm wordt gevalideerd. Het wordt uiterlijk op 1 september naar de Minister van Vorming en het beheerscomité van FOREm gestuurd en heeft betrekking op de laatste drie jaar voorafgaand aan het jaarlijkse evaluatieverslag.
Wanneer dit de uitvoering van de analyses niet belemmert of de kwaliteit ervan niet aantast, anonimiseert of pseudonimiseert FOREm de persoonsgegevens die nodig zijn voor de evaluatie. Het jaarlijks evaluatieverslag bevat geen persoonsgegevens.
Art. 12. Le FOREm évalue annuellement les effets de l'incitant financier à la mobilité des travailleurs liés par un contrat de travail titres-services accordé en vertu de la présente section, en particulier sur :
1° l'obtention du permis de conduire ;
2° l'insertion à l'emploi.
Le rapport d'évaluation annuel contient un volet quantitatif et un volet qualitatif dont le modèle est validé par le ministre de la Formation, sur proposition du Comité de gestion du FOREm. Il est communiqué au ministre de la Formation et au Comité de gestion du FOREm au plus tard le 1er septembre et porte sur les trois dernières années précédant le rapport annuel d'évaluation.
Lorsque cela n'entrave pas la réalisation des analyses ou n'affecte pas leur qualité, le FOREm procède à l'anonymisation ou à la pseudonymisation des données à caractère personnel nécessaires à l'évaluation. Le rapport d'évaluation annuel ne contient pas de données à caractère personnel.
1° l'obtention du permis de conduire ;
2° l'insertion à l'emploi.
Le rapport d'évaluation annuel contient un volet quantitatif et un volet qualitatif dont le modèle est validé par le ministre de la Formation, sur proposition du Comité de gestion du FOREm. Il est communiqué au ministre de la Formation et au Comité de gestion du FOREm au plus tard le 1er septembre et porte sur les trois dernières années précédant le rapport annuel d'évaluation.
Lorsque cela n'entrave pas la réalisation des analyses ou n'affecte pas leur qualité, le FOREm procède à l'anonymisation ou à la pseudonymisation des données à caractère personnel nécessaires à l'évaluation. Le rapport d'évaluation annuel ne contient pas de données à caractère personnel.
HOOFDSTUK 3. - Opheffing van het besluit van de Waalse Regering van 28 februari 2019 betreffende de financiële incentive met het oog op doorstroming van de werkzoekenden naar opleidingen
CHAPITRE 3. - Abrogation de l'arrêté du Gouvernement wallon du 28 février 2019 relatif à l'incitant financier visant la mobilisation des demandeurs d'emploi vers la formation
Art. 13. Het besluit van de Waalse Regering van 28 februari 2019 betreffende de financiële incentive met het oog op doorstroming van de werkzoekenden naar opleidingen wordt opgeheven.
Art. 13. L'arrêté du Gouvernement wallon du 28 février 2019 relatif à l'incitant financier visant la mobilisation des demandeurs d'emploi vers la formation est abrogé.
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen in op het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers
CHAPITRE 4. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs
Art. 14. In artikel 3, § 1, eerste lid, van het besluit van de Waalse Regering van 6 juni 2024 betreffende de betreffende de beroepsopleiding van werkzoekenden en werknemers, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
a) in 1° c) wordt het woord "specifieke" ingevoegd tussen het woord "een" en het woord "functie";
b) het lid wordt aangevuld met een punt 7°, luidend als volgt:
"7° de acties bij het begeleiden van zelftewerkstelling. ".
a) in 1° c) wordt het woord "specifieke" ingevoegd tussen het woord "een" en het woord "functie";
b) het lid wordt aangevuld met een punt 7°, luidend als volgt:
"7° de acties bij het begeleiden van zelftewerkstelling. ".
Art. 14. A l'article 3, § 1er, alinéa 1er de l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juin 2024 relatif à la formation professionnelle des chercheurs d'emploi et des travailleurs, les modifications suivantes sont apportées :
a) le 1°, c) est complété par le mot " spécifique " ;
b) l'alinéa est complété par un 7°, rédigé comme suit :
" 7° les actions d'accompagnement à l'autocréation d'emploi. ".
a) le 1°, c) est complété par le mot " spécifique " ;
b) l'alinéa est complété par un 7°, rédigé comme suit :
" 7° les actions d'accompagnement à l'autocréation d'emploi. ".
Art. 15. In artikel 7, § 2, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt punt 7° vervangen door wat volgt:
"7° het biedt echt meetbare toegevoegde waarde in termen van:
i) de inschakeling van de stagiair op de arbeidsmarkt;
ii) de toegang van de stagiair tot kwalificerende opleidingen. ".
"7° het biedt echt meetbare toegevoegde waarde in termen van:
i) de inschakeling van de stagiair op de arbeidsmarkt;
ii) de toegang van de stagiair tot kwalificerende opleidingen. ".
Art. 15. A l'article 7, § 2, alinéa 2, du même arrêté, le 7° est remplacé par :
" 7° il apporte une réelle plus-value mesurable en termes :
i) d'insertion du stagiaire sur le marché du travail ;
ii) d'accession du stagiaire aux formations qualifiantes. ".
" 7° il apporte une réelle plus-value mesurable en termes :
i) d'insertion du stagiaire sur le marché du travail ;
ii) d'accession du stagiaire aux formations qualifiantes. ".
Art. 16. In artikel 20 van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 wordt punt 4° opgeheven;
2° er wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidend als volgt:
" § 1/1. De beroepsopleidingstoelage bedoeld in het eerste lid, 1°, is slechts verschuldigd voor personen die een beroepsopleiding volgen:
1° zoals bedoeld in artikel 3, § 1, eerste lid, 1°, 1°, 3° en 4° ;
2° met een minimumduur van 140 uur.
Met betrekking tot het eerste lid, 1° tot en met 4°, als beoogd, betreffen enkel de trajecten bedoeld in artikel 7, § 2, tweede lid, 7°, i).
In afwijking van lid 1 geeft een beroepsopleiding gesubsidieerd in het kader van een projectoproep georganiseerd door FOREm overeenkomstig artikel 7bis/1 van het decreet van 6 mei 1999 betreffende de Waalse Dienst voor Beroepsopleiding en Tewerkstelling recht op de beroepsopleidingstoelage bedoeld in paragraaf 1, 1°, op voorwaarde dat de vorming de cursist in staat stelt de nodige competenties te verwerven om een vak uit te oefenen.
De lijst van beroepsopleidingen bedoeld in lid 1 wordt jaarlijks door de Minister vastgesteld op voorstel van FOREm. ";
3° paragraaf 4 wordt opgeheven;
4° in paragraaf 5, lid 1, worden de woorden ", 3° en 4° " vervangen door de woorden "en 3° ";
5° in paragraaf 5, tweede lid, worden de woorden "en 4° " opgeheven;
1° in paragraaf 1 wordt punt 4° opgeheven;
2° er wordt een paragraaf 1/1 ingevoegd, luidend als volgt:
" § 1/1. De beroepsopleidingstoelage bedoeld in het eerste lid, 1°, is slechts verschuldigd voor personen die een beroepsopleiding volgen:
1° zoals bedoeld in artikel 3, § 1, eerste lid, 1°, 1°, 3° en 4° ;
2° met een minimumduur van 140 uur.
Met betrekking tot het eerste lid, 1° tot en met 4°, als beoogd, betreffen enkel de trajecten bedoeld in artikel 7, § 2, tweede lid, 7°, i).
In afwijking van lid 1 geeft een beroepsopleiding gesubsidieerd in het kader van een projectoproep georganiseerd door FOREm overeenkomstig artikel 7bis/1 van het decreet van 6 mei 1999 betreffende de Waalse Dienst voor Beroepsopleiding en Tewerkstelling recht op de beroepsopleidingstoelage bedoeld in paragraaf 1, 1°, op voorwaarde dat de vorming de cursist in staat stelt de nodige competenties te verwerven om een vak uit te oefenen.
De lijst van beroepsopleidingen bedoeld in lid 1 wordt jaarlijks door de Minister vastgesteld op voorstel van FOREm. ";
3° paragraaf 4 wordt opgeheven;
4° in paragraaf 5, lid 1, worden de woorden ", 3° en 4° " vervangen door de woorden "en 3° ";
5° in paragraaf 5, tweede lid, worden de woorden "en 4° " opgeheven;
Art. 16. A l'article 20 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° au paragraphe 1er, le 4° est abrogé ;
2° il est inséré un paragraphe 1er/1 rédigé comme suit :
" § 1er/1. L'indemnité de formation professionnelle visée au paragraphe 1er, 1° est uniquement due pour le stagiaire qui suit une formation professionnelle :
1° telle que visée à l'article 3, § 1er, alinéa 1er, 1°, 3° et 4° ;
2° dont la durée minimale est de 140 heures.
Concernant l'alinéa 1er, 1° au 4° visé, seuls les parcours visés à l'article 7, § 2, alinéa2, 7°, i), sont concernés.
Par dérogation à l'alinéa 1er, une formation professionnelle subventionnée dans le cadre d'un appel à projet organisé par le FOREm en vertu de l'article 7bis/1 du décret du 6 mai 1999 relatif à l'Office wallon de la Formation professionnelle et de l'Emploi donne droit à l'indemnité de formation professionnelle visée au paragraphe 1er, 1°, à condition que la formation permette d'acquérir les compétences nécessaires à l'exercice d'un métier.
La liste des formations professionnelles visées à l'alinéa 1er est arrêtée annuellement par le Ministre sur proposition du FOREm. " ;
3° le paragraphe 4 est abrogé ;
4° au paragraphe 5, alinéa 1er, les mots " , 3° et 4° " sont remplacés par les mots " et 3° " ;
5° au paragraphe 5, alinéa 2, les mots " et 4° " sont abrogés.
1° au paragraphe 1er, le 4° est abrogé ;
2° il est inséré un paragraphe 1er/1 rédigé comme suit :
" § 1er/1. L'indemnité de formation professionnelle visée au paragraphe 1er, 1° est uniquement due pour le stagiaire qui suit une formation professionnelle :
1° telle que visée à l'article 3, § 1er, alinéa 1er, 1°, 3° et 4° ;
2° dont la durée minimale est de 140 heures.
Concernant l'alinéa 1er, 1° au 4° visé, seuls les parcours visés à l'article 7, § 2, alinéa2, 7°, i), sont concernés.
Par dérogation à l'alinéa 1er, une formation professionnelle subventionnée dans le cadre d'un appel à projet organisé par le FOREm en vertu de l'article 7bis/1 du décret du 6 mai 1999 relatif à l'Office wallon de la Formation professionnelle et de l'Emploi donne droit à l'indemnité de formation professionnelle visée au paragraphe 1er, 1°, à condition que la formation permette d'acquérir les compétences nécessaires à l'exercice d'un métier.
La liste des formations professionnelles visées à l'alinéa 1er est arrêtée annuellement par le Ministre sur proposition du FOREm. " ;
3° le paragraphe 4 est abrogé ;
4° au paragraphe 5, alinéa 1er, les mots " , 3° et 4° " sont remplacés par les mots " et 3° " ;
5° au paragraphe 5, alinéa 2, les mots " et 4° " sont abrogés.
Art. 17. In hetzelfde besluit wordt hoofdstuk 4 aangevuld met een artikel 23/1, luidend als volgt:
"Art.23/1. FOREm evalueert de effecten van de financiële voordelen die krachtens dit hoofdstuk worden toegekend, met name op :
1° toetreders;
2° aanwezigheids- en uitval tijdens de vorming;
3° de arbeidsinschakeling.
Het jaarlijkse evaluatieverslag bevat een kwantitatief en een kwalitatief luik waarvan het model door de Minister van Vorming op voorstel van het beheerscomité van FOREm wordt gevalideerd. De evaluatie wordt voor 1 september van het jaar dat volgt op het jaar waarvoor de evaluatie wordt uitgevoerd, naar de minister van Opleiding en het beheerscomité van FOREm gestuurd. ".
"Art.23/1. FOREm evalueert de effecten van de financiële voordelen die krachtens dit hoofdstuk worden toegekend, met name op :
1° toetreders;
2° aanwezigheids- en uitval tijdens de vorming;
3° de arbeidsinschakeling.
Het jaarlijkse evaluatieverslag bevat een kwantitatief en een kwalitatief luik waarvan het model door de Minister van Vorming op voorstel van het beheerscomité van FOREm wordt gevalideerd. De evaluatie wordt voor 1 september van het jaar dat volgt op het jaar waarvoor de evaluatie wordt uitgevoerd, naar de minister van Opleiding en het beheerscomité van FOREm gestuurd. ".
Art. 17. Dans le même arrêté, le chapitre 4 est complété par un article 23/1 rédigé comme suit :
" Art.23/1. Le FOREm évalue les effets des avantages financiers accordés en vertu du présent chapitre, en particulier sur :
1° les entrées en formation ;
2° l'assiduité et le décrochage en formation ;
3° l'insertion à l'emploi.
Le rapport d'évaluation contient un volet quantitatif et un volet qualitatif dont le modèle est validé par le ministre de la Formation, sur proposition du Comité de gestion du FOREm. Il est communiqué au ministre de la Formation, au Comité de gestion du FOREm pour le 1er septembre de l'année qui suit l'année pour laquelle l'évaluation est réalisée. ".
" Art.23/1. Le FOREm évalue les effets des avantages financiers accordés en vertu du présent chapitre, en particulier sur :
1° les entrées en formation ;
2° l'assiduité et le décrochage en formation ;
3° l'insertion à l'emploi.
Le rapport d'évaluation contient un volet quantitatif et un volet qualitatif dont le modèle est validé par le ministre de la Formation, sur proposition du Comité de gestion du FOREm. Il est communiqué au ministre de la Formation, au Comité de gestion du FOREm pour le 1er septembre de l'année qui suit l'année pour laquelle l'évaluation est réalisée. ".
HOOFDSTUK 5. - Overgangs- en slotbepalingen.
CHAPITRE 5. - Dispositions transitoires et finales
Art. 18. Artikel 16 van dit besluit is van toepassing op beroepsopleidingsovereenkomsten gesloten vanaf 1 april 2026.
Art. 18. L'article 16 du présent arrêté s'applique aux contrats de formation professionnelle conclus à dater du 1er avril 2026.
Art. 19. Het besluit van de Waalse Regering van 28 februari 2019 betreffende de financiële stimulans om werkzoekenden te mobiliseren voor een opleiding blijft ook na de inwerkingtreding van dit besluit uitwerking hebben voor alle in aanmerking komende vormingen die vóór 1 januari 2026 zijn begonnen.
Art. 19. L'arrêté du Gouvernement wallon du 28 février 2019 relatif à l'incitant financier visant la mobilisation des demandeurs d'emploi vers la formation continue à produire ses effets après l'entrée en vigueur du présent arrêté pour toutes les formations éligibles ayant débuté avant le 1er janvier 2026.
Art. 20. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026.
Art. 20. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2026.
Art. 21. De Minister bevoegd voor Vorming is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 21. Le Ministre qui a la formation dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.