Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
18 DECEMBER 2025. - Financieordonnantie houdende opening van voorlopige kredieten voor de maanden januari, februari en maart 2026 op de begroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2026
Titre
18 DECEMBRE 2025. - Ordonnance de finances ouvrant des crédits provisoires pour les mois de janvier, de février et de mars 2026 sur le budget de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2026
Documentinformatie
Numac: 2025009753
Datum: 2025-12-18
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2025009753
Date: 2025-12-18
Moniteur: Voir
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepalingen HOOFDSTUK 2. - Financiële bepalingen Afdeling 1. - Invordering van de belastingen Afdeling 2. - Aangaan van leningen HOOFDSTUK 3. - Voorlopige kredieten Afdeling 1. - Algemene bepalingen in verband me... Onderafdeling 1. - Begrotingstabellen van de di... Onderafdeling 2. - Begrotingstabellen van de au... Afdeling 2. - Bepalingen in verband met herverd... Afdeling 3. - Bepalingen in verband met subsidies Afdeling 4. - Bepalingen met betrekking tot boe... HOOFDSTUK 4. - Bepalingen voor de diensten van ... Afdeling 1. - Algemene bepalingen in verband me... Afdeling 2. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 3. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 4. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 5. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 6. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 7. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 8. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 9. - Bepalingen in verband met het beg... Afdeling 10. - Bepalingen in verband met het be... HOOFDSTUK 5. - Bijzondere bepalingen in verband... Afdeling 1. - Bepalingen in verband met het bes... Onderafdeling 1. - Bepalingen in verband met de... Onderafdeling 2. - Bepalingen in verband met de... Onderafdeling 3. - Bepalingen in verband met de... Afdeling 2. - Bepalingen in verband met het bes... Afdeling 3. - Bepalingen in verband met het bes... Afdeling 4. - Bijzondere bepalingen in verband ... Afdeling 5. - Bijzondere bepalingen in verband ... Afdeling 6. - Bijzondere bepalingen voor Brusse... HOOFDSTUK 6. - Bijzondere bepalingen in verband... Afdeling 1. - Specifieke bepalingen voor de aut... Afdeling 2. - Bijzondere bepalingen voor het Br... Afdeling 3. - Bijzondere bepalingen voor perspe... Afdeling 4. - Bijzondere bepalingen voor de cvb... Afdeling 5. - Bijzondere bepalingen voor de nv ... Afdeling 6. - Bijzondere bepalingen voor het Br... Afdeling 7. - Bepalingen in verband met Brussel... Afdeling 8. - Bepalingen in verband met Net Bru... HOOFDSTUK 7. - Bijzondere bepalingen in verband... HOOFDSTUK 8. - Bijzondere bepalingen in verband... Afdeling 1. - Bepalingen in verband met de gewe... Onderafdeling 1. - Algemene principes Onderafdeling 2. - Specifieke machtigingen Afdeling 2. - Andere bepalingen HOOFDSTUK 9. - Slotbepaling Artikel 110 BIJLAGE.
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Dispositions introductives CHAPITRE 2. - Dispositions financières Section 1re. - Recouvrement des impôts Section 2. - Recourir à des emprunts CHAPITRE 3. - Crédits provisoires Section 1re. - Dispositions générales relatives... Sous-section 1re. - Tableaux budgétaires des se... Sous-section 2. - Tableaux budgétaires des orga... Section 2. - Dispositions relatives aux ventila... Section 3. - Dispositions relatives aux subvent... Section 4. - Dispositions relatives aux opérati... CHAPITRE 4. - Dispositions pour les services du... Section 1re. - Dispositions générales relatives... Section 2. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 3. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 4. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 5. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 6. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 7. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 8. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 9. - Dispositions relatives au fonds bu... Section 10. - Dispositions relatives au fonds b... CHAPITRE 5. - Dispositions spécifiques relative... Section 1re. - Dispositions relatives à l'admin... Sous-section 1re. - Dispositions relatives à la... Sous-section 2. - Dispositions relatives à la T... Sous-section 3. - Dispositions relatives aux co... Section 2. - Dispositions relatives à l'adminis... Section 3. - Dispositions relatives à l'adminis... Section 4. - Dispositions spécifiques relatives... Section 5. - Disposition spécifiques relatives ... Section 6. - Dispositions spécifiques pour Brux... CHAPITRE 6. - Dispositions spécifiques relative... Section 1re. - Dispositions spécifiques pour le... Section 2. - Dispositions spécifiques pour le F... Section 3. - Dispositions spécifiques pour pers... Section 4. - Dispositions spécifiques pour la S... Section 5. - Dispositions spécifiques pour la S... Section 6. - Dispositions spécifiques pour l'Ag... Section 7. - Dispositions relatives à Bruxelles... Section 8. - Dispositions relatives à Bruxelles... CHAPITRE 7. - Dispositions spécifiques relative... CHAPITRE 8. - Dispositions spécifiques relative... Section 1re. - Dispositions relatives à la gara... Sous-section 1re. - Principes généraux Sous-section 2. - Autorisations spécifiques Section 2. - Autres dispositions CHAPITRE 9. - Disposition finale Article 110 ANNEXE.
Tekst (159)
Texte (159)
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions introductives
Artikel 1   Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.
Article 1er   La présente ordonnance règle une matière visée à l'article 39 de la Constitution.
Artikel 2   Voor de toepassing van deze ordonnantie wordt verstaan onder:
  Codex: de ordonnantie van 4 april 2024 houdende de Codex van de openbare financiën van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Article 2   Pour l'application de la présente ordonnance on entend par:
  Code: l'ordonnance du 4 avril 2024 portant le Code des finances publiques de la Région de Bruxelles-Capitale.
Artikel 3   De bepalingen opgenomen in deze financieordonnantie houdende opening van voorlopige kredieten zijn slechts van toepassing voor de maanden januari, februari en maart van het begrotingsjaar 2026 en hebben geen gevolgen meer na deze maanden.
  Afwijkingen aan of aanpassingen van ordonnanties die worden opgenomen in de bepalingen van deze financieordonnantie houdende opening van voorlopige kredieten zijn dus tijdelijk van aard en enkel geldig voor de maanden januari, februari en maart van het begrotingsjaar 2026 en tot op het moment dat een wijzigende ordonnantie of een wijzigend regeringsbesluit in voege treedt.
Article 3   Les dispositions incluses dans la présente ordonnance de finances ouvrant des crédits provisoires ne sont valables que pour les mois de janvier, février et mars de l'année budgétaire 2026 et ne produisent plus d'effets au-delà de ces mois.
  Des dérogations aux ou des adaptations d'ordonnances qui sont reprises dans les dispositions de la présente ordonnance de finances ouvrant des crédits provisoires ont donc un caractère temporaire et ne sont valables que pour les mois de janvier, février et mars de l'année budgétaire 2026 et jusqu'à l'entrée en vigueur d'une ordonnance modificative ou d'un arrêté gouvernemental modificatif.
HOOFDSTUK 2. - Financiële bepalingen
CHAPITRE 2. - Dispositions financières
Afdeling 1. - Invordering van de belastingen
Section 1re. - Recouvrement des impôts
Artikel 4   De op 31 december 2025 bestaande belastingen ten behoeve van het Gewest worden tijdens het jaar 2026 ingevorderd volgens de wetten, ordonnanties, besluiten en tarieven die er de zetting en invordering van regelen.
Article 4   Les impôts au profit de la Région existant au 31 décembre 2025 sont recouvrés pendant l'année 2026 d'après les lois, ordonnances, arrêtés et tarifs qui en règlent l'assiette et la perception.
Afdeling 2. - Aangaan van leningen
Section 2. - Recourir à des emprunts
Artikel 5   De Regering wordt gemachtigd om het overschot van de uitgaven op de ontvangsten van de begroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor de begrotingsjaren 1989 tot en met 2026 door leningen te dekken, met inbegrip van de hernieuwing van reeds bestaande leningen en (her)consolideringen.
  Deze machtiging houdt met name de mogelijkheid in om via leningen de financieringen te dekken, toegekend door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, aan de entiteiten die de mogelijkheid hebben om schulden aan te gaan bij het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, in het kader van de begroting 2026.
  Deze machtiging omvat ook de mogelijkheid leningen aan te gaan om de aankoop te financieren van titels (op korte en lange termijn) uitgegeven door gewestelijke entiteiten in het kader van het thesaurieprogramma van het Gewest.
  Nieuwe leningen kunnen ook aangegaan worden voor de consolidatie van schulden op korte termijn of schulden die tijdens het jaar vervallen.
Article 5   Le Gouvernement est autorisé à couvrir par des emprunts l'excédent des dépenses par rapport aux recettes du budget de la Région de Bruxelles-Capitale pour les années budgétaires 1989 à 2026 incluse, y compris le renouvellement des emprunts existants et les (re)consolidations.
  Cette autorisation inclut notamment la possibilité de couvrir par des emprunts les financements, octroyés par la Région de Bruxelles-Capitale, aux entités bénéficiant de la possibilité de s'endetter auprès de la Région de Bruxelles-Capitale, dans le cadre du budget 2026.
  Cette autorisation inclut également la possibilité de recourir à des emprunts pour financer l'achat de titres (à court et long terme) émis par des entités régionales dans le cadre du programme de trésorerie de la Région.
  Le recours à de nouveaux emprunts peut aussi couvrir la consolidation des dettes à court terme ou des dettes arrivant à échéance dans l'année.
Artikel 6   De Regering wordt gemachtigd om elke financiële beheersverrichting in het algemeen belang van de gewestelijke thesaurie en elke beheersverrichting met betrekking tot de gewestschuld uit te voeren, met inbegrip van de verrichtingen die na het begrotingsjaar 2026 van start zullen kunnen gaan.
Article 6   Le Gouvernement est autorisé à conclure toute opération de gestion financière dans l'intérêt général de la trésorerie régionale et toute opération de gestion de la dette régionale, y compris les opérations dont le démarrage pourra avoir lieu au-delà de l'année budgétaire 2026.
Artikel 7   De Regering wordt gemachtigd om de vervroegde terugbetaling van leningen en afgeleide producten, overeenkomstig de bepalingen van de leningovereenkomsten en de overeenkomsten voor de afgeleide producten, net zoals de in het algemeen belang van de gewestelijke thesaurie gerealiseerde verrichtingen inzake financieel beheer en de uitgaven die voortvloeien uit verrichtingen inzake het beheer van de gewestschuld via leningen te dekken.
Article 7   Le Gouvernement est autorisé à couvrir par des emprunts le remboursement par anticipation d'emprunts et de produits dérivés, conformément aux dispositions des conventions d'emprunt et aux dispositions des conventions de produits dérivés, ainsi que les opérations de gestion financière réalisées dans l'intérêt général de la trésorerie régionale et les dépenses découlant des opérations de gestion de la dette régionale.
Artikel 8   De Regering wordt gemachtigd om rentedragende financieringsmiddelen te creëren met inbegrip van de thesauriebewijzen als bedoeld door de wet van 22 juli 1991 betreffende de thesauriebewijzen en de depositobewijzen.
Article 8   Le Gouvernement est autorisé à créer des moyens de financement productifs d'intérêts en ce compris les billets de trésorerie tels que visés par la loi du 22 juillet 1991 relative aux billets de trésorerie et aux certificats de dépôt.
Artikel 9   De bedragen in hoofdsom van de uitgiften en terugbetalingen van schuldbeheertransacties die door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zijn afgesloten met een looptijd van hoogstens één jaar, ongeacht of het gaat om leningen of beleggingen worden niet ten laste van de begroting gelegd.
Article 9   Ne sont pas portés au budget les montants en principal des émissions et remboursement des opérations de gestion de la dette conclues par la Région de Bruxelles-Capitale à un an au plus d'échéance, qu'il s'agisse d'emprunts ou de placements.
HOOFDSTUK 3. - Voorlopige kredieten
CHAPITRE 3. - Crédits provisoires
Afdeling 1. - Algemene bepalingen in verband met de begrotingstabellen
Section 1re. - Dispositions générales relatives aux tableaux budgétaires
Onderafdeling 1. - Begrotingstabellen van de diensten van de Regering
Sous-section 1re. - Tableaux budgétaires des services du Gouvernement
Artikel 10   Voorlopige kredieten, welke in mindering komen van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2026 van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, worden geopend voor de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, voor de maanden januari, februari en maart 2026 ten bedrage van:
Article 10   Des crédits provisoires, qui seront déduits du budget général des dépenses pour l'année budgétaire 2026 des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles Capitale, sont ouverts, pour les services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale pour les mois de janvier, février et mars 2026 pour un montant de:
En euros Crédits d'engagement
  -
  Vastleggingskredieten
Crédits de liquidation
  -
  Vereffeningskredieten
In euro
Crédits dissociés 1.906.876.000 1.809.896.000 Gesplitste kredieten
Crédits dissociés variables 104.086.000 100.108.000 Variabele gesplitste kredieten
Totaux 2.010.962.000 1.910.004.000 Totalen
En euros Crédits d'engagement
  -
  Vastleggingskredieten Crédits de liquidation
  -
  Vereffeningskredieten In euro Crédits dissociés 1.906.876.000 1.809.896.000 Gesplitste kredieten Crédits dissociés variables 104.086.000 100.108.000 Variabele gesplitste kredieten Totaux 2.010.962.000 1.910.004.000 Totalen
Deze kredieten worden opgesomd in de bij deze financieordonnantie gevoegde tabellen, afdeling 1.
En euros Crédits d'engagement
  -
  Vastleggingskredieten
Crédits de liquidation
  -
  Vereffeningskredieten
In euro
Crédits dissociés 1.906.876.000 1.809.896.000 Gesplitste kredieten
Crédits dissociés variables 104.086.000 100.108.000 Variabele gesplitste kredieten
Totaux 2.010.962.000 1.910.004.000 Totalen
En euros Crédits d'engagement
  -
  Vastleggingskredieten Crédits de liquidation
  -
  Vereffeningskredieten In euro Crédits dissociés 1.906.876.000 1.809.896.000 Gesplitste kredieten Crédits dissociés variables 104.086.000 100.108.000 Variabele gesplitste kredieten Totaux 2.010.962.000 1.910.004.000 Totalen
Ces crédits sont énumérés aux tableaux annexés à la présente ordonnance de finances, section 1re.
Artikel 11   In toepassing van artikel 27 van de Codex, worden de uitgaven gemachtigd per programma waarvan de krediettotalen opgenomen zijn in de bij deze financieordonnantie gevoegde begrotingstabellen, afdeling 1.
  De voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest mogen enkel aangewend worden om:
  1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de diensten van de Regering;
  2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
  3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
Article 11   En application de l'article 27 du Code, les dépenses sont autorisées par programme dont les totaux de crédits sont repris dans les tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance de finances, section 1re.
  Les crédits d'engagement et de liquidation provisoires des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale ne peuvent être utilisés que pour:
  1° poursuivre la gestion administrative quotidienne nécessaire au bon fonctionnement des services du Gouvernement;
  2° traiter des matières qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative gouvernementale et qui doivent être traitées afin de garantir la continuité du service public;
  3° prendre en charge les affaires urgentes qui doivent être traitées rapidement, sous peine de mettre en péril ou de compromettre les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
Artikel 12   De afwijkingen van de voorlopige kredieten van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, per programma, tegenover de initiële begroting 2024, opgenomen in bijlage 1, worden toegestaan, zowel in vastleggingskredieten als in vereffeningskredieten.
Article 12   Les dérogations aux crédits provisoires des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles[00e2][80][91]Capitale, par programme, par rapport au budget initial 2024, reprises dans l'annexe 1, sont autorisées, autant en crédits d'engagement qu'en crédits de liquidation.
Onderafdeling 2. - Begrotingstabellen van de autonome bestuursinstellingen
Sous-section 2. - Tableaux budgétaires des organismes administratifs autonomes
Artikel
  Voorlopige kredieten, welke in mindering komen van de uitgavenbegrotingen voor het begrotingsjaar 2026 van voor de autonome bestuursinstellingen van eerste categorie, hierna ABI's 1 genoemd, worden geopend voor de maanden januari, februari en maart 2026 en worden opgesomd in de bij deze ordonnantie gevoegde begrotingstabellen, afdeling 2.
Article 13   Des crédits provisoires, qui seront déduits des budgets des dépenses pour l'année budgétaire 2026 des organismes administratifs autonomes de première catégorie, ci-après dénommés OAA 1, sont ouverts pour les mois de janvier, février et mars 2026 et sont énumérés dans les tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance, section 2.
Artikel 14   § 1. In toepassing van artikel 27 van de Codex, worden de uitgaven gemachtigd per programma waarvan de krediettotalen opgenomen zijn in de bij deze financieordonnantie gevoegde begrotingstabellen, afdeling 2.
  § 2. De vastleggings- en vereffeningskredieten van de ABI's 1, mogen enkel aangewend worden om:
  1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de ABI's 1;
  2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
  3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
  De Inspecteurs van Financiën zien erop toe dat deze paragraaf wordt nageleefd.
  § 3. De ABI's 1 die worden geconsolideerd in de begroting van de gewestelijke entiteit worden hieronder opgesomd:
  1° Centrum voor informatica voor het Brussels Gewest - Paradigm (CIBG);
  2° Leefmilieu Brussel (BIM);
  3° Net Brussel - Gewestelijk Agentschap voor Netheid (GAN);
  4° Brusselse Hoofdstedelijke Dienst voor Brandweer en Dringende Medische Hulp (DBDMH);
  5° Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT);
  6° Innoviris - Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel (IWOIB);
  7° Brussel - Preventie & Veiligheid (BPV) - (Safe.brussels);
  8° Perspective.brussels - Brussels Planningsbureau (BPB).
Article 14   -1. En application de l'article 27 du Code, les dépenses sont autorisées par programme dont les totaux de crédits sont repris dans les tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance de finances, section 2.
  § 2. Les crédits d'engagement et de liquidation des OAA 1 ne peuvent être utilisés que pour:
  1° poursuivre la gestion administrative courante nécessaire au bon fonctionnement des OAA 1;
  2° traiter des questions qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative publique et qui doivent être traitées afin de garantir la continuité du service public;
  3° prendre en charge les affaires urgentes qui doivent être traitées rapidement sous peine de mettre en péril les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
  Les Inspecteurs des Finances veillent à ce que ce paragraphe soit respecté.
  § 3. Les OAA 1 qui sont consolidés dans le budget de l'entité régionale sont énumérés ci-dessous:
  1° Centre d'informatique pour la Région bruxelloise - Paradigm (CIRB);
  2° Bruxelles Environnement (IBGE);
  3° Bruxelles-Propreté - Agence régionale pour la propreté (ARP);
  4° Service d'Incendie et d'Aide médicale urgente de la Région de Bruxelles-Capitale (SIAMU);
  5° Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC);
  6° Innoviris - Institut d'Encouragement de la Recherche Scientifique et de l'Innovation de Bruxelles (IRSIB);
  7° Bruxelles Prévention & Sécurité (BPS) - (Safe.brussels);
  8° Perspective.brussels - Bureau bruxellois de la planification (BBP).
Artikel 15   De afwijkingen van de voorlopige kredieten van de ABI's 1, per programma, tegenover de initiële begroting 2024, opgenomen in bijlage 1, worden toegestaan, zowel in vastleggingskredieten als in vereffeningskredieten.
Article 15   Les dérogations aux crédits provisoires des OAA 1, par programme, par rapport au budget initial 2024, reprises dans l'annexe 1, sont autorisées, autant en crédits d'engagement qu'en crédits de liquidation.
Artikel 16   De vastleggings- en vereffeningskredieten van de ABI's 2 worden opgesomd in de bij deze ordonnantie gevoegde begrotingstabellen, bijlage 2 en mogen enkel aangewend worden, rekening houdend met het feit dat de financiering vanuit de diensten van de Regering beperkt is door de opening van voorlopige kredieten voor de maanden januari, februari en maart 2026, om:
  1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de ABI's 2;
  2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
  3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
  De Regeringscommissarissen en gemachtigden van de Minister van Begroting zien erop toe dat dit artikel wordt nageleefd.
Article 16   Les crédits d'engagement et de liquidation des OAA 2 sont énumérés dans les tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance, annexe 2 et ne peuvent être utilisés, compte tenu du fait que le financement en provenance des services du Gouvernement est limité par l'ouverture de crédits provisoires pour les mois de janvier, février et mars 2026 que pour:
  1° poursuivre la gestion administrative quotidienne nécessaire au bon fonctionnement des OAA 2;
  2° traiter des questions qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative gouvernementale et qui doivent être traitées pour assurer la continuité du service public;
  3° prendre en charge les questions urgentes qui doivent être traitées rapidement sous peine de mettre en péril ou de compromettre les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
  Les commissaires du Gouvernement et délégués du Ministre du Budget veillent à ce que cet article soit respecté.
Artikel 17   In toepassing van de regels voor economische hergroepering worden de kredieten van de uitgavenbegrotingen van de instellingen, die gecreëerd zijn in de begroting van de gewestelijke entiteit om de verrichtingen uitgevoerd in gedelegeerde opdrachten aan eenheden die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest rechtstreeks te consolideren in de begroting van de gewestelijke entiteit, opgesomd in de bij deze ordonnantie gevoegde begrotingstabellen, bijlage 3.
  De instellingen die gecreëerd zijn in de begroting van de gewestelijke entiteit om de verrichtingen uitgevoerd in gedelegeerde opdrachten aan eenheden die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest rechtstreeks te consolideren in de begroting van de gewestelijke entiteit, worden hieronder opgesomd:
  1° Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest - citydev.brussels (GOMB) (gedelegeerde opdrachten);
  2° nv Maatschappij voor Stedelijke Inrichting (MSI) (gedelegeerde opdrachten);
  3° nv St'art (gedelegeerde opdrachten);
  4° finance&invest.brussels (GIMB) - inclusief haar filialen die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (gedelegeerde opdrachten).
  Alle informatie aangaande deze begrotingen, alsook de maandelijkse uitvoeringscijfers voor deze begrotingen, worden aan Brussel Financiën en Begroting van de GOB bezorgd door begrotingscorrespondenten binnen die eenheden die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en die (een) gedelegeerde opdracht(en) uitvoeren voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
  De rekeningen van de eenheden die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en die een of meerdere gedelegeerde opdrachten uitvoeren voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden niet geconsolideerd in de algemene rekening van de gewestelijke entiteit en het Rekenhof certificeert deze rekeningen niet.
Article 17   En application des règles du regroupement économique, les crédits des budgets de dépenses des organismes, créés dans le budget de l'entité régionale pour consolider directement dans le budget de l'entité régionale les opérations effectuées en missions déléguées à des unités qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale, sont énumérés aux tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance, annexe 3.
  Les organismes, créés dans le budget de l'entité régionale pour consolider directement dans le budget de l'entité régionale les opérations effectuées en missions déléguées à des unités qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale, sont énumérés ci-dessous:
  1° Société de Développement pour la Région de Bruxelles-Capitale - citydev.brussels (SDRB) (missions déléguées);
  2° SA Société d'aménagement urbain (SAU) (missions déléguées);
  3° SA St'art (missions déléguées);
  4° finance&invest.brussels (SRIB) - y compris ses filiales qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale (missions déléguées).
  Toutes les informations concernant ces budgets, ainsi que les chiffres mensuels d'exécution de ces budgets, sont communiqués à Bruxelles Finances et Budget du SPRB par les correspondants budgétaires au sein de ces unités qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale et qui exécutent une ou des missions déléguées pour la Région de Bruxelles-Capitale.
  Les comptes des unités qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale et qui exécutent une ou plusieurs missions déléguées pour la Région de Bruxelles-Capitale ne sont pas consolidés dans le compte général de l'entité régionale, et la Cour des comptes n'établit pas de certification de ces comptes.
Afdeling 2. - Bepalingen in verband met herverdelingen van voorlopige kredieten
Section 2. - Dispositions relatives aux ventilations de crédits provisoires
Artikel 18   In afwijking van artikel 40 van de Codex is de Regering gemachtigd om de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten voor de diensten van de Regering te herverdelen over de verschillende programma's en opdrachten heen, met inbegrip van de uitgavenposten betreffende de personeels- en werkingskosten. De artikelen 48 tot en met 53 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de begrotingsfondsen, het begrotingskader, de ontvangsten- en uitgavenbegroting en de begrotingswijzigingen zijn van toepassing op deze herverdelingen, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Begroting.
  De Regering is ook gemachtigd om de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten voor de diensten van de Regering en de ABI's 1 te herverdelen mits inachtname van de bepalingen en de artikelen 48 tot 56 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Begroting.
  De bestuursorganen van de ABI's 2 zijn gemachtigd om de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten van de ABI's 2 te herverdelen, mits inachtname van de bepalingen van de artikelen 48 tot en met 53 en de artikelen 57 en 58 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Begroting.
Article 18   Par dérogation à l'article 40 du Code, le Gouvernement est autorisé à reventiler les crédits provisoires d'engagement et de liquidation des services du Gouvernement entre les différents programmes et missions, y compris les postes de dépenses relatifs aux frais de personnel et de fonctionnement. Les articles 48 à 53 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatif aux fonds budgétaires, au cadre budgétaire, au budget des recettes et des dépenses et aux modifications budgétaires sont applicables à ces reventilations, sauf dérogation accordée par le Ministre du Budget.
  Le Gouvernement est également autorisé à reventiler les crédits provisoires d'engagement et de liquidation des services du Gouvernement et des OAA 1, sous réserve du respect des dispositions des articles 48 à 56 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024, sauf dérogation accordée par le Ministre du Budget.
  Les organes d'administration des OAA 2 sont autorisés à reventiler les crédits provisoires d'engagement et de liquidation des OAA 2, sous réserve du respect des dispositions des articles 48 à 53 et les articles 57 et 58 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024, sauf dérogation accordée par le Ministre du Budget.
Afdeling 3. - Bepalingen in verband met subsidies
Section 3. - Dispositions relatives aux subventions
Artikel 19   De Regering is gemachtigd om binnen de marges van de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten en binnen de voorwaarden opgenomen in artikelen 11 en 14 van deze ordonnantie facultatieve subsidies en dotaties toe te kennen aan de ABI's.
Article 19   Le Gouvernement est autorisé à octroyer des dotations et subventions facultatives aux OAA dans les marges des crédits d'engagement et de liquidation provisoires et dans les conditions prévues aux articles 11 et 14 de la présente ordonnance.
Artikel 20   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering is gemachtigd om facultatieve subsidies toe te kennen, binnen de marges van de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten en binnen de voorwaarden opgenomen in de artikelen 11 en 14 van deze ordonnantie ten laste van de begrotingsposten opgesomd in bijlage 4.
Article 20   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à octroyer des subventions facultatives, dans les marges des crédits d'engagement et de liquidation provisoires et dans les conditions prévues aux articles 11 et 14 de la présente ordonnance, à charge des postes budgétaires énumérés à l'annexe 4.
Artikel 21   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering kan binnen de marges van de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten en binnen de voorwaarden opgenomen in de artikelen 11 en 14 overgaan tot de toekenning van de nominatieve subsidies van facultatieve aard, opgesomd in bijlage 5, ten laste van de vermelde begrotingsposten.
Article 21   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale peut, dans les marges des crédits d'engagement et de liquidation provisoires et dans les conditions prévues aux articles 11 et 14 de la présente ordonnance, octroyer les subventions nominatives de nature facultatives, énumérées à l'annexe 5, à charge des postes budgétaires mentionnés.
Artikel 22   De ministeriële besluiten in toepassing van artikel 50 en de akkoordprotocollen in toepassing van artikel 51 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 december 2021 betreffende de begrotingscontrole, de begrotingsopmaak, de begrotingswijzigingen en de monitoring van de uitvoering van de begroting van de gewestelijke entiteit, die in 2025 van kracht waren, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe beslissingen die geleidelijk in 2026 zullen worden opgesteld om de nieuwe begrotingsstructuur te integreren. Tot deze nieuwe beslissingen van kracht zijn, zal de Directie Begroting van de GOB aan de betrokken begrotingscorrespondenten en ordonnateurs een concordantietabel bezorgen met de oude uitgavenbasisallocaties van de oude begrotingsstructuur, opgenomen in de ministeriële besluiten en akkoordprotocollen van kracht in 2025, en de nieuwe overeenstemmende uitgavenbasisallocaties van de nieuwe begrotingsstructuur, opgenomen in de begroting 2026, die deze vervangen.
Article 22   Les arrêtés ministériels en application de l'article 50 et les protocoles d'accord en application de l'article 51 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 décembre 2021 relatif au contrôle budgétaire, à l'établissement du budget, aux modifications du budget et au monitoring de l'exécution du budget de l'entité régionale, qui étaient en vigueur en 2025, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouvelles décisions qui seront progressivement établies en 2026 afin d'y intégrer la nouvelle structure budgétaire. Jusqu'à l'entrée en vigueur de ces nouvelles décisions, la Direction du Budget du SPRB met à disposition des correspondants budgétaires et des ordonnateurs concernés un tableau de concordance, reprenant les anciennes allocations de base de dépenses de l'ancienne structure budgétaire, reprises dans les arrêtés ministériels et protocoles d'accord en vigueur en 2025, et les nouvelles allocations de base de dépenses correspondantes de la nouvelle structure budgétaire, reprises au niveau du budget 2026, qui les remplacent.
Artikel 23   De subsidies waarvoor, in afwijking van artikel 76 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 december 2021 betreffende de begrotingscontrole, de begrotingsopmaak, de begrotingswijzigingen en de monitoring van de uitvoering van de begroting van de gewestelijke entiteit, in het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, werd bepaald dat men geen besluit en/of overeenkomst moest opstellen, blijven hiervan vrijgesteld in 2026. De basisallocaties, opgenomen in het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, waarvoor deze vrijstellingen werden toegekend, worden vervangen door de ermee verbonden basisallocaties van de nieuwe begrotingsstructuur van de begroting 2026.
  In afwijking van artikel 59 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de verplichte supraregionale milieubijdragen geen voorwerp uit noch van een beluit noch van een overeenkomst. Ze worden op factuur vereffend.
  In afwijking van artikel 59 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de facultatieve subsidies toegekend aan de ABI's 1, aan de ABI's 2, aan BRUGEL, en aan de sociale dienst van de GAN geen voorwerp uit van een overeenkomst.
  In afwijking van artikel 59 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de subsidies toegekend aan de gemeenschapscommissies binnen opdracht 45 geen voorwerp uit van een overeenkomst.
  In afwijking van artikel 59 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de facultatieve subsidies toegekend aan het WFBHG en de BGHM niet het voorwerp uit van een overeenkomst, maar dienen zij te beantwoorden aan de vereisten van de beheerscontracten.
Article 23   Les subventions pour lesquelles, par dérogation à l'article 76 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 décembre 2021 relatif au contrôle budgétaire, à l'établissement du budget, aux modifications du budget et au monitoring de l'exécution du budget de l'entité régionale, il était stipulé au niveau du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, qu'il ne fallait pas établir un arrêté et/ou une convention, en restent exemptées en 2026. Les allocations de base, reprises dans les articles du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, pour lesquelles ces exemptions étaient accordées, sont remplacées par les allocations de base y liées de la nouvelle structure budgétaire du budget 2026.
  Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les contributions suprarégionales environnementales obligatoires ne font l'objet ni d'un arrêté ni d'une convention. Elles seront liquidées sur facture.
  Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les subventions facultatives octroyées aux OAA 1, aux OAA 2, à BRUGEL, et au service social de l'ARP ne font pas l'objet d'une convention.
  Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les subventions octroyées aux Commissions communautaires au sein de la mission 45 ne font pas l'objet d'une convention.
  Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les dotations facultatives octroyées au FLRBC et à la SLRB ne font pas l'objet d'une convention, mais doivent répondre aux exigences des contrats de gestion.
Artikel 24   In het kader van de uitvoering van de wet van 19 juli 2012 houdende wijziging van de wet van 10 augustus 2001 tot oprichting van een Fonds ter financiering van de internationale rol en de hoofdstedelijke functie van Brussel en tot wijziging van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen, heeft de FOD Binnenlandse Zaken een rechtstreekse tussenkomst voor taalpremies betaald aan bepaalde Brusselse organisaties. Deze interventie was al opgenomen in hun initiële werkingsdotaties.
  De betrokken instanties betalen het niet-gebruikte deel van de subsidie terug aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest volgens het door de Regering vastgestelde bedrag.
Article 24   Dans le cadre de l'exécution de la loi du 19 juillet 2012 portant modification de la loi du 10 août 2001 créant un Fonds de financement du rôle international et de la fonction de capitale de Bruxelles et modifiant la loi organique du 27 décembre 1990 créant des fonds budgétaires, le SPF Intérieur a versé directement une intervention pour les primes linguistiques à certains organismes bruxellois. Cette intervention était déjà incluse dans leurs dotations de fonctionnement initiales.
  Les organismes concernés remboursent à la Région de Bruxelles-Capitale la part non utilisée de la subvention selon le montant arrêté par le Gouvernement.
Afdeling 4. - Bepalingen met betrekking tot boekhoudkundige verrichtingen
Section 4. - Dispositions relatives aux opérations comptables
Artikel 25   De diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om, in het kader van de afsluiting van de budgettaire en boekhoudkundige verrichtingen van het jaar 2025, de uitstaande vastleggingen op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden basisallocaties in 2026.
  De diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om tijdens het jaar 2026 de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden basisallocaties op voorwaarde dat er tijdens het lopende jaar nog geen vereffening op werd uitgevoerd.
  De lijsten van de over te dragen visumnummers worden bezorgd aan de betrokken diensten van Brussel Financiën en Begroting voor wat de diensten van de Regering en de instellingen betreft die opgenomen zijn in het SAP-Platform en aan de betrokken diensten van de instellingen zelf voor wat de instellingen betreft die niet opgenomen zijn in het SAP-Platform.
Article 25   Les services du Gouvernement et les organismes administratifs autonomes sont autorisés, dans le cadre de la clôture des opérations budgétaires et comptables de l'année 2025, à transférer l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou qui sont incorrectes vers les allocations de base à utiliser dorénavant en 2026.
  Les services du Gouvernement et les organismes administratifs autonomes sont autorisés à transférer au cours de l'année 2026 l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou qui sont incorrectes vers les allocations de base à utiliser dorénavant, à condition qu'aucune liquidation n'ait encore eu lieu sur celui-ci pendant l'année en cours.
  Les listes des numéros de visa à transférer sont transmises aux services concernés de Bruxelles Finances et Budget pour les services du Gouvernement et les organismes inclus dans la Plateforme SAP et aux services concernés des organismes eux-mêmes pour ceux qui ne sont pas inclus dans la Plateforme SAP.
Artikel 26   In afwijking van artikel 83 van de Codex, mogen de noodzakelijke vereffeningen, die verbonden zijn aan de juridische verbintenissen die nodig zijn om de continuïteit van de werking van de gewestelijke entiteit te verzekeren, uitgevoerd worden vanaf 1 december 2025 ten laste van de vereffeningskredieten van de begroting 2026, beperkt tot een vierde van de vereffeningskredieten ingeschreven in de laatst goedgekeurde uitgavenbegroting van 2026, onverminderd andere wettelijke, reglementaire of contractuele verplichtingen.
  De Inspectie van Financiën, op het niveau van de diensten van de Regering en de ABI's 1, en de regeringscommissarissen of de gemachtigden van de Minister van Begroting, op het niveau van de ABI's 2, beoordelen voorafgaandelijk de noodzaak van de uitgaven om de continuïteit van de werking van de diensten van de Regering, de ABI's 1 en de ABI's 2 te verzekeren.
Article 26   Par dérogation à l'article 83 du Code, les liquidations nécessaires, afférentes aux engagements juridiques nécessaires pour assurer la continuité du fonctionnement de l'entité régionale, peuvent être effectuées à partir du 1er décembre 2025 à charge des crédits de liquidation du budget 2026, dans la limite du quart des crédits de liquidation inscrits au dernier budget des dépenses adopté de 2026, sans préjudice de certaines autres obligations légales, réglementaires ou contractuelles.
  L'Inspection des Finances, au niveau des services du Gouvernement et des OAA1, et les commissaires du Gouvernement ou les délégués du Ministre du Budget, au niveau des OAA2, évaluent préalablement la nécessité des dépenses pour assurer la continuité du fonctionnement des services du Gouvernement, des OAA1 et des OAA2.
Artikel 27   Overeenkomstig artikel 8 van de wet van 16 mei 2003 tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof, is de bevoegde ordonnateur gemachtigd de elementen die voortvloeien uit de boekingen in de algemene boekhouding die worden gegenereerd door de gegeven bevelen tot annulering van vastgestelde rechten, ongeacht of deze al dan niet aanleiding geven tot een financiële terugbetalingsstroom, budgettair aan te rekenen als uitgaven.
  De Minister van Financiën is gemachtigd een rekenplichtige voor de terugbetalingen aan te stellen. Deze rekenplichtige van de terugbetalingen is belast met de uitvoering van de betalingen met betrekking tot de annuleringen van vastgestelde rechten op fiscaal gebied; ongeacht of deze annuleringen al dan niet betrekking hebben op het lopende begrotingsjaar en ongeacht of deze vastgestelde rechten al dan niet betrekking hebben op derdengelden.
Article 27   Conformément à l'article 8 de la loi du 16 mai 2003 fixant les dispositions générales applicables aux budgets, au contrôle des subventions et à la comptabilité des communautés et régions, ainsi qu'à l'organisation du contrôle de la Cour des comptes, l'ordonnateur compétent est habilité à imputer budgétairement en dépenses les éléments découlant des écritures de comptabilité générale générées par les ordres d'annulation de droits constatés donnés, que ceux-ci donnent ou pas lieu à un flux financier de remboursement.
  Le Ministre des Finances est autorisé à désigner un comptable-trésorier des remboursements. Ce comptable-trésorier des remboursements est chargé d'exécuter les paiements relatifs aux annulations de droits constatés en matières fiscales; que ces annulations soient relatives ou pas à l'année budgétaire en cours et que ces droits constatés soient relatifs ou pas à des fonds de tiers.
Artikel 28   In afwijking van artikel 152 van de Codex, worden de basisallocaties die opgenomen zijn in de delegatie- of subdelegatiebesluiten die uiterlijk op 31 december 2024 in voege zijn getreden automatisch omgezet volgens de nieuwe begrotingsstructuur die sinds 1 januari 2025 van kracht is.
  Deze besluiten blijven van kracht totdat er nieuwe delegatie- of subdelegatiebesluiten van kracht worden die rekening houden met de nieuwe begrotingsstructuur.
Article 28   Par dérogation à l'article 152 du Code, les allocations de base reprises dans les arrêtés de délégation ou subdélégation entrés en vigueur au plus tard le 31 décembre 2024, sont automatiquement transformées suivant la nouvelle structure budgétaire qui est entrée en vigueur depuis le 1er janvier 2025.
  Ces arrêtés restent en vigueur jusqu'à ce que de nouveaux arrêtés de délégation ou subdélégation, tenant compte de la nouvelle structure budgétaires, entrent en vigueur.
HOOFDSTUK 4. - Bepalingen voor de diensten van de Regering in verband met de begrotingsfondsen
CHAPITRE 4. - Dispositions pour les services du Gouvernement relatives aux fonds budgétaires
Afdeling 1. - Algemene bepalingen in verband met de begrotingsfondsen
Section 1re. - Dispositions générales relatives aux fonds budgétaires
Artikel 29   De variabele kredieten van de organieke begrotingsfondsen worden toegewezen aan de programma's van hun respectieve opdrachten binnen de grenzen van de in de begroting voorlopige kredieten 2026 ingeschreven kredieten op de met de begrotingsfondsen verbonden begrotingsposten.
Article 29   Les crédits variables des fonds budgétaires organiques sont affectés aux programmes de leurs missions dans les limites des montants des crédits inscrits sur les postes budgétaires liées aux fonds budgétaires dans le budget crédits provisoires 2026.
Afdeling 2. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Fonds voor stedenbouw en grondbeheer" - BFB 05
Section 2. - Dispositions relatives au fonds budgétaire " Fonds d'aménagement urbain et foncier " - BFB 05
Artikel 30   In afwijking van punt 5° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, worden eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 05:
  1° de ontvangsten uit de verkoop van boeken en uit de terugbetalingen van ten onrechte ontvangen subsidies in verband met stedenbouw en planning;
  2° de ontvangsten uit terugbetalingen van kosten en de verkoopopbrengsten die resulteren uit ambtshalve uitvoeringsmaatregelen, genomen in uitvoering van artikel 305 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO);
  3° de terugbetalingen door de gemeenten en OCMW's van ten onrechte ontvangen subsidies voor stadsvernieuwing;
  4° het bedrag van de administratieve dadingen en elk ander bedrag dat het Gewest int naar aanleiding van beslissingen van hoven en rechtbanken ten laste van overtreders van het BWRO, evenals het bedrag van administratieve boetes opgelegd aan overtreders wegens de misdrijven opgesomd in artikel 300 van het BWRO, op grond van een beslissing genomen vóór 1 januari 2016.
  In afwijking van punt 5° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 05 eveneens toegewezen aan de investeringspremies aan particulieren ter aanmoediging van de renovatie van privéwoningen en de woningsanering.
Article 30   Par dérogation au point 5° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 05:
  1° les recettes issues de la vente de livres et des remboursements de subsides indûment perçus en matière d'urbanisme et de planification;
  2° les recettes issues des remboursements de frais et les produits de vente résultant des mesures d'exécution d'office, effectuées en application de l'article 305 du Code bruxellois de l'Aménagement du Territoire (CoBAT);
  3° les remboursements par les communes et les CPAS de subsides indûment perçus en matière de rénovation urbaine;
  4° le montant des transactions administratives ainsi que toute autre somme perçue par la Région à la suite des décisions des cours et tribunaux à charge des contrevenants au CoBAT, ainsi que le montant des amendes administratives infligées à charge des contrevenants du fait des infractions énumérées à l'article 300 du CoBAT, issu d'une décision prise avant le 1er janvier 2016.
  Par dérogation au point 5° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du fonds budgétaire BFB 05 sont également affectés aux primes d'investissement aux particuliers pour encourager la rénovation de biens privés et l'assainissement de l'habitat.
Afdeling 3. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Fonds voor investeringen en aflossing van de schuldenlast in de sector van de sociale woningbouw" - BFB 06
Section 3. - Dispositions relatives au fonds budgétaire " Fonds pour l'investissement et pour le remboursement des charges de la dette dans le secteur du logement social " - BFB 06
Artikel 31   In het eerste lid van het punt 6° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt het vierde streepje als volgt vervangen:
  "- Alle andere inkomsten inzake sociale huisvesting, met inbegrip van terugbetalingen en toevallige ontvangsten."
  In afwijking van punt 6° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 06 eveneens toegewezen aan de huurtoelagen, alsmede aan de kosten verbonden met de installatie in een nieuwe woning.
Article 31   Dans l'alinéa 1er du point 6° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, le quatrième tiret est remplacé par ce qui suit:
  " - Toutes autres ressources en matière de logement social, y compris des remboursements et des recettes fortuites. "
  Par dérogation au point 6° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du fonds budgétaire BFB 06 sont également affectés aux allocations loyer ainsi qu'aux frais d'installation dans un nouveau logement.
Afdeling 4. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Fonds voor de bescherming van het milieu" - BFB 09
Section 4. - Dispositions relatives au fonds budgétaire " Fonds pour la protection de l'environnement " - BFB 09
Artikel 32   In afwijking van punt 9° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt de forfaitaire bijdrage van "Fost Plus" tot de financiering van het beleid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de preventie en het beheer van verpakkingsafval, eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 09.
  In afwijking van punt 9° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de onderstaande middelen van het begrotingsfonds BFB 09, eveneens toegewezen aan de uitgaven gedaan door het Gewestelijke Agentschap voor Netheid (GAN) in het kader van het verplicht sorteren (werkingssubsidie aan het GAN):
  1° voor wat een gedeelte betreft van de ontvangsten afkomstig van de forfaitaire bijdrage van "Fost Plus";
  2° voor wat de opbrengst van de administratieve boetes betreft.
Article 32   Par dérogation au point 9° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, est également affectée au fonds budgétaire BFB 09 la contribution forfaitaire de " Fost Plus " au financement de la politique de la Région de Bruxelles-Capitale en matière de prévention et de gestion des déchets d'emballages.
  Par dérogation au point 9° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens suivants du fonds budgétaire BFB 09 sont également affectés aux dépenses réalisées par l'Agence régionale pour la Propreté (ARP) dans le cadre de l'obligation du tri (subvention de fonctionnement à l'ARP):
  1° pour ce qui concerne une part des recettes provenant de la contribution forfaitaire de " Fost Plus ";
  2° pour ce qui concerne le produit des amendes administratives.
Afdeling 5. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Fonds voor het beheer van de gewestschuld" - BFB 12
Section 5. - Dispositions relatives au fonds budgétaire " Fonds pour la gestion de la dette régionale " - BFB 12
Artikel 33   In het kader van de financiering van aankoopverrichtingen met betrekking tot obligatie-uitgiftes (op korte en lange termijn) uitgegeven door gewestelijke entiteiten via het obligatieprogramma van het Gewest, wordt er een specifieke afdeling opgericht binnen het begrotingsfonds BFB 12.
  Deze afdeling heeft als doel de stromen van de externe financieringsverrichtingen in overeenstemming te brengen met de aankoopverrichtingen met betrekking tot de uitgiftes van de entiteiten die ze spiegelen.
  Het eventuele saldo van de afdeling zal uitsluitend dienen voor het dekken van de operationele tekorten binnen de afdeling.
Article 33   Dans le cadre du financement des opérations d'achat d'émissions obligataires (à court et long terme) émises par des entités régionales au travers du programme obligataire de la Région, un compartiment spécifique est créé au sein du fonds budgétaire BFB 12.
  Ce compartiment a pour objectif de réconcilier les flux des opérations de financement extérieur faisant miroir aux opérations d'achat des émissions des entités.
  Le solde éventuel du compartiment servira exclusivement à la couverture des déficits opérationnels au sein du compartiment.
Artikel 34   In afwijking van punt 12° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen afkomstig van de "fees" die door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gevraagd worden aan de instanties die financiële operaties wensen aan te gaan waarvoor ze de gewestwaarborg vragen, eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 12.
  De waarborgfees worden binnen het Fonds voor het beheer van de gewestschuld opgenomen in een afzonderlijk compartiment.
  In afwijking van artikel 7, § 1, van de Codex en van het artikel 2, 12°, van hoofdstuk II van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het "Fonds voor het beheer van de gewestschuld - BFB 12" eveneens toegewezen aan de uitgaven in verband met de vervroegde terugbetaling van leningen en afgeleide producten, overeenkomstig de bepalingen van de leningsovereenkomsten en de overeenkomsten voor de afgeleide producten (programma 023 van opdracht 36).
Article 34   Par dérogation au point 12° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 12 les recettes résultant des " fees " demandés par la Région de Bruxelles-Capitale aux instances qui souhaitent conclure des opérations financières pour lesquelles elles demandent la garantie régionale.
  Les " fees " des garanties sont repris dans un compartiment distinct au sein du Fonds de gestion de la dette régionale.
  Par dérogation à l'article 7, § 1er, du Code et à l'article 2, 12°, du chapitre 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du " Fonds de gestion de la dette régionale - BFB 12 " sont également affectés aux dépenses liées au remboursement par anticipation d'emprunts et de produits dérivés, conformément aux dispositions des conventions d'emprunt et aux dispositions des conventions de produits dérivés (programme 023 de la mission 36).
Afdeling 6. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Gewestelijk begrotingsfonds voor solidariteit"- BFB 14
Section 6. - Dispositions relatives au fonds budgétaire " Fonds budgétaire régional de solidarité " - BFB 14
Artikel 35   In afwijking van het artikel 7, § 1, eerste lid van de Codex is het begrotingsfonds BFB 14 niet gecreëerd door één enkele materiële ordonnantie, maar wordt deze gelijkgesteld aan een organiek begrotingsfonds volgens de andere bepalingen van artikel 7 van de Codex.
Article 35   Par dérogation à l'article 7, § 1er, alinéa 1er du Code, le fonds budgétaire BFB 14 n'est pas créé par une ordonnance matérielle unique, mais est assimilé à un fonds budgétaire organique conformément aux autres dispositions de l'article 7 du Code.
Artikel 36   De ontvangsten in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd worden toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 14 op de begrotingspost 43.026.53.
  In afwijking van artikel 11 van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 14 toegewezen aan de overdracht van inkomsten aan de particulieren onder de vorm van een herhuisvestingstoelage, een toelage voor verhuis- of installatiekosten, met inbegrip van de kosten voor de huurwaarborg alsook voor de uitgaven in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd.
  De middelen van het begrotingsfonds BFB14 worden tevens toegewezen voor de uitgaven in verband met inkomensoverdrachten aan verhuurders ter dekking van achterstallige huurgelden tijdens het wintermoratorium (actie 28 van het Noodplan voor huisvesting).
Article 36   Sont affectées au fonds budgétaire BFB 14 les recettes liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location, tels que les logements de transit régionaux sur le poste budgétaire 43.026.53.
  Par dérogation à l'article 11 de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont affectés aux transferts de revenus aux particuliers en guise d'une allocation de relogement, de frais de déménagement ou d'installation, en ce compris le coût de la garantie locative, ainsi que pour les dépenses liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location.
  Les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont également affectés aux dépenses liées aux transferts de revenus aux bailleurs afin de prendre en charge des arriérés de loyers pendant le moratoire hivernal (action 28 du Plan d'Urgence Logement).
Afdeling 7. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Fonds van het onroerend erfgoed" - BFB 15
Section 7. - Dispositions relatives au fonds budgétaire "Fonds du patrimoine immobilier" - BFB 15
Artikel 37   In afwijking van punt 13° van artikel 2, van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen afkomstig van subsidies die door Europese of internationale instellingen gestort worden aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in zijn hoedanigheid van projectleider of partner eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 15.
Article 37   Par dérogation au point 13° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 15 les recettes résultant des subventions versées par des institutions européennes ou internationales à la Région de Bruxelles-Capitale en sa qualité de chef de projet ou de partenaire.
Afdeling 8. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Fonds openbaar beheersrecht" - BFB 16
Section 8. - Dispositions relatives au fonds budgétaire " Fonds droit de gestion publique " - BFB 16
Artikel 38   In afwijking van artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, om rekening te houden met de overgangsperiode, wordt negentig procent van de totale opbrengst van boetes opgelegd vóór 1 januari 2023 gestort in het begrotingsfonds BFB 16 (begrotingspost 43.028.56). Tien procent van de totale opbrengst van die boetes wordt toegewezen aan de algemene middelen (begrotingspost 43.005.56) van de middelenbegroting.
  Voor de boetes opgelegd na 1 januari 2023 is het artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode van toepassing.
  In afwijking van het artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, om rekening te houden met de overgangsperiode, wordt in 2026 vijfentachtig procent van de negentig procent van de totale opbrengst van de geldboeten opgelegd vóór 1 januari 2023, die in 2025 gestort werd in het begrotingsfonds BFB 16 doorgestort aan de gemeente op wier grondgebied het leegstaand goed zich bevindt, voor zover ze uitdrukkelijk de onbewoonde woningen geweerd heeft uit het toepassingsgebied van haar belastingreglement betreffende de verlaten, onbewoonde of onafgewerkte woningen. De gemeente wendt de opbrengst aan voor de werkingskosten in het kader van de ontwikkeling van haar huisvestingsbeleid.
  Van voormelde negentig procent blijft vijf procent in het voormelde begrotingsfonds, om aangewend te worden, in voorkomend geval, voor de voorziene uitgaven van het begrotingsfonds.
  Voor de boetes opgelegd na 1 januari 2023 is artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode van toepassing.
Article 38   Par dérogation à l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, afin de respecter la période transitoire, nonante pour cent du produit total des amendes infligées avant le 1er janvier 2023, sont versés dans le fonds budgétaire BFB 16 (poste budgétaire 43.028.56). Dix pour cent du produit total de ces amendes sont affectés aux moyens généraux (poste budgétaire 43.005.56) du budget des voies et moyens.
  Pour les amendes infligées après le 1er janvier 2023, l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement est d'application.
  Par dérogation à l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, afin de respecter la période transitoire, quatre-vingt-cinq pour cent des nonante pour cent du produit total des amendes infligées avant le 1er janvier 2023, versées en 2025 au fonds budgétaire BFB 16, seront en 2026 ristournées à la commune sur le territoire de laquelle se situe le bien inoccupé pour autant qu'elle ait expressément exclu les logements inoccupés du champs d'application de son règlement-taxe relatif aux immeubles abandonnés, inoccupés ou inachevés. La commune affecte le produit aux frais de fonctionnement dans le cadre du développement de sa politique en matière de logement.
  Des nonante pour cent susmentionnées, cinq pour cent, reste dans le fonds budgétaire susmentionné, pour être affecté, le cas échéant, aux dépenses prévues pour le fonds budgétaire.
  Pour les amendes infligées après le 1er janvier 2023, l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement est d'application.
Artikel 39   In het eerste lid van het punt 14° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt het derde streepje als volgt vervangen:
  "- Alle andere inkomsten inzake openbaar beheersrecht, met inbegrip van terugbetalingen en toevallige ontvangsten;".
Article 39   Dans l'alinéa 1er du point 14° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, le troisième tiret est remplacé par ce qui suit:
  " - Toutes autres ressources en matière de droit de gestion publique, y compris des remboursements et des recettes fortuites; ".
Afdeling 9. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Fonds voor de preventie, sortering, hergebruik, recycling en nuttige toepassing van afvalstoffen" - BFB 20
Section 9. - Dispositions relatives au fonds budgétaire " Fonds pour la prévention, le tri, le réemploi, le recyclage et la valorisation des déchets " - BFB 20
Artikel 40   In afwijking van het punt 17 van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de opbrengsten bedoeld in de artikelen 8, 13, 14 en 27 van het "Samenwerkingsakkoord betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen en voor zwerfvuil" en de opbrengsten bedoeld in artikel 13, § 1, 14° van het "Samenwerkingsakkoord betreffende de preventie en het beheer van verpakkingsafval" eveneeens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 20.
Article 40   Par dérogation au point 17 de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les recettes visées aux articles 8, 13, 14 et 27 de " l'Accord de Coopération concernant le cadre de la Responsabilité Elargie des Producteurs pour certains flux de déchets et pour les déchets sauvages " et les recettes visées à l'article 13, § 1er, 14° de " l'Accord de coopération concernant la prévention et la gestion des déchets d'emballages " sont également affectées au fonds budgétaire BFB 20.
Afdeling 10. - Bepalingen in verband met het begrotingsfonds "Verkeersveiligheidsfonds" - BFB 23
Section 10. - Dispositions relatives au fonds budgétaire "Fonds de la Sécurité routière - BFB 23
Artikel 41   In afwijking van het punt 21° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de opbrengsten uit de retributies betaald door de operatoren van deelfietsvoertuigen voor het gebruik van het openbaar domein en de opbrengsten uit de retributies betaald door de operatoren van deelfietsvoertuigen voor de verplaatsing of verwijderen van deelfietsen eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 23.
Article 41   Par dérogation au point 21° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les recettes visées les redevances payées par les opérateurs des véhicules de cyclopartage pour l'utilisation du domaine public et les recettes visées les redevances payées par les opérateurs des véhicules de cyclopartage pour le déplacement et l'enlèvement des véhicules de cyclopartage sont également affectées au fonds budgétaire BFB 23.
HOOFDSTUK 5. - Bijzondere bepalingen in verband met de diensten van de Regering
CHAPITRE 5. - Dispositions spécifiques relatives aux services du Gouvernement
Afdeling 1. - Bepalingen in verband met het bestuur Brussel Financiën en Begroting
Section 1re. - Dispositions relatives à l'administration Bruxelles Finances et Budget
Onderafdeling 1. - Bepalingen in verband met de Boekhouding, de Entiteit van de Gewestelijke Boekhouder en met de Boekhouder van de diensten van de Regering
Sous-section 1re. - Dispositions relatives à la Comptabilité, l'Entité du Comptable Régional et au Comptable des services du Gouvernement
Artikel 42   Gelet op het ontbreken van een definitie van de datum van de overheidsopdracht in bijlage 3 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 4 oktober 2018 houdende uitvoering van artikel 7 van de gezamenlijke ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 december 2017 betreffende de transparantie van de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse openbare mandatarissen, zal de tabel met de inventaris van de overheidsopdrachten, gevoegd bij de algemene rekening van de diensten van de Regering, geen datum van de overheidsopdracht bevatten.
  In de tabel in bijlage 3 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 4 oktober 2018 houdende uitvoering van artikel 7 van de gezamenlijke ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 december 2017 betreffende de transparantie van de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse openbare mandatarissen, wordt voor overheidsopdrachten van minder dan 30.000 euro exclusief btw de totale waarde van die overheidsopdrachten weergegeven in de bijlage bij de algemene rekening van de diensten van de Regering. De totale waarde van deze overheidsopdrachten moet worden uitgesplitst naargelang het gaat om overheidsopdrachten voor werken, leveringen of diensten.
Article 42   Vu l'absence de définition de la date de marché public dans l'annexe 3 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 4 octobre 2018 portant exécution de l'article 7 de l'ordonnance conjointe à la Région de Bruxelles-Capitale et à la Commission communautaire commune du 14 décembre 2017 sur la transparence des rémunérations et avantages des mandataires publics bruxellois, le tableau reprenant l'inventaire des marchés publics, joint en annexe du compte général des services du Gouvernement, ne reprendra pas de date de marché public.
  Dans le tableau figurant à l'annexe 3 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 4 octobre 2018 portant exécution de l'article 7 de l'ordonnance conjointe à la Région de Bruxelles-Capitale et à la Commission communautaire commune du 14 décembre 2017 sur la transparence des rémunérations et avantages des mandataires publics bruxellois, pour les marchés publics d'un montant inférieur à 30.000 euros hors TVA, c'est la valeur totale de ces marchés public qui est présentée dans l'annexe jointe au compte général des services du Gouvernement. La valeur totale de ces marchés publics doit être ventilée suivant qu'il s'agit de marchés public de travaux, de fournitures ou de services.
Artikel 43   § 1. De Regering stelt een gewestelijke boekhouder en een plaatsvervangende gewestelijke boekhouder aan. De gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger maken deel uit van het bestuur Brussel Financiën en Begroting van de GOB.
  § 2. Bij afwezigheid van minder dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, wordt zijn functie onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefend door zijn enige plaatsvervanger, tot op het ogenblik dat de gewestelijke boekhouder zijn beheer weer opneemt. De gewestelijke boekhouder stelt de instructies op voor de uitoefening van zijn vervanging.
  Bij afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, neemt zijn enige plaatsvervanger de functie van gewestelijke boekhouder tijdelijk over tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder.
  Bij gelijktijdige afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger, stelt de Regering, overeenkomstig de in paragraaf 1 bepaalde modaliteiten, tijdelijk een gewestelijke boekhouder aan tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder of van zijn afwezige plaatsvervanger.
  § 3. In de loop van het boekjaar ondersteunt de plaatsvervangende gewestelijke boekhouder de gewestelijke boekhouder bij zijn opdrachten en taken. De gewestelijke boekhouder geeft hiertoe de nodige instructies.
Article 43   § 1er. Le Gouvernement désigne un comptable régional et un comptable régional suppléant. Le comptable régional et son suppléant font partie de l'administration Bruxelles Finances et Budget du SPRB.
  § 2. En cas d'absence de moins de 60 jours calendrier du comptable régional, sa fonction est exercée, sous sa responsabilité, par son unique suppléant, jusqu'au moment où le comptable régional reprend sa gestion. Le comptable régional établit les instructions d'exercice de sa suppléance.
  En cas d'absence de plus de 60 jours calendrier du comptable régional, son unique suppléant, assume la fonction de comptable régional temporairement jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent.
  En cas d'absence simultanée de plus de 60 jours calendrier du comptable régional et de son suppléant, le Gouvernement désigne temporairement, conformément aux modalités déterminées au paragraphe 1er, un comptable régional jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent ou de son suppléant absent.
  § 3. Au cours de l'exercice comptable, le comptable régional suppléant soutient le comptable régional dans ses missions et tâches. Le comptable régional donne les instructions nécessaires à cet effet.
Artikel 44   De rapporteringen opgesteld in 2026 in het kader van de jaarafsluiting 2024 (of hieraan voorafgaande jaren), met name de algemene rekening 2024, de geconsolideerde jaarrekening 2024, de rekeningen van de rekenplichtigen, van de beheerders van voorschotten en economische en commerciële raadgevers 2024 alsook de definitieve regelingen van de begroting 2024 (of hieraan voorafgaande jaren) van de gewestelijke entiteit, de diensten van de Regering en de ABI's categorie 1 en categorie 2 betreffen rapporteringen met betrekking tot verrichtingen uitgevoerd tot en met 31 december 2024 en vallen hierdoor onder het wettelijk kader gespecifieerd in de organieke ordonnantie houdende de bepalingen die van toepassing zijn op de begroting, de boekhouding en de controle van 23 februari 2006, zoals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten, zoals gewijzigd. De controle op deze verrichtingen en rapporteringen 2024 wordt tevens op basis van voorvermeld wettelijk kader georganiseerd.
Article 44   Les reportings établis en 2026 dans le cadre de la clôture annuelle 2024 (ou d'années antérieures), notamment le compte général 2024, le compte annuel consolidé 2024, les comptes des comptables-trésoriers, des régisseurs d'avances et des conseillers économiques et commerciaux 2024 ainsi que les règlements définitifs du budget 2024 (ou d'années antérieures) de l'entité régionale, des services du Gouvernement et des OOA de catégorie 1 et de catégorie 2 concernent des reportings relatifs à des opérations effectuées jusqu'au 31 décembre 2024 et sont de ce fait soumis au cadre légal spécifié dans l'ordonnance organique portant les dispositions applicables au budget, à la comptabilité et au contrôle du 23 février 2006, telle que modifiée, et ses arrêtés d'exécution, tels que modifiés. Le contrôle sur ces opérations et reportings 2024 s'organise également sur la base du cadre légal précité.
Onderafdeling 2. - Bepalingen in verband met de Thesaurie en de rekenplichtigen
Sous-section 2. - Dispositions relatives à la Trésorerie et aux comptables-trésoriers
Artikel 45   Overeenkomstig artikel 123, § 1, van de Codex en haar memorie van toelichting, zal het Toezichtsorgaan van de diensten van de Regering in 2026 bij voorrang een dienstverleningsovereenkomst ondertekenen met de ABI's 1 die zijn opgenomen in de gewestelijke begroting en in de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit en die geen intern toezichtsorgaan hebben van een kwaliteit die gelijkwaardig is aan het Toezichtsorgaan van de diensten van de Regering. De ABI's 2 die aan dezelfde voorwaarden voldoen, kunnen, indien zij dit wensen, eveneens een dienstverleningsovereenkomst ondertekenen met het Toezichtsorgaan van de diensten van de Regering. Het Toezichtsorgaan van de diensten van de Regering zal de bankrekeningen van deze boekhoudkundige entiteiten bij de gewestelijke kassier administratief beheren en zal inzage krijgen in de bankrekeningen geopend bij andere bankinstellingen. De momenteel geldende dienstverleningsovereenkomsten tussen de ABI's 1 en 2 en het Toezichtsorgaan van de diensten van de Regering blijven van toepassing, tenzij de betrokken ABI's niet langer voldoen aan de voorwaarden voor de toepassing van het bovengenoemde artikel.
Article 45   En exécution de l'article 123, § 1er, du Code et de son exposé des motifs, l'Organe de surveillance des Services du Gouvernement signera en priorité en 2026 une convention de service avec les OAA 1 qui sont repris dans le budget régional et dans le compte général consolidé de l'entité régionale et qui n'ont pas d'organe de surveillance en interne d'une qualité équivalente à l'Organe de surveillance des Services du Gouvernement. Les OAA 2 qui répondent aux mêmes conditions peuvent, également s'ils le souhaitent, signer une convention de service avec l'Organe de surveillance des Services du Gouvernement. L'Organe de surveillance des Services du Gouvernement gérera administrativement les comptes bancaires de ces entités comptables ouverts auprès du caissier régional et bénéficiera d'un accès en consultation aux comptes bancaires ouverts auprès d'autres institutions bancaires. Les conventions de service actuellement en vigueur entre les OAA 1 et 2 et l'Organe de surveillance des services du Gouvernement restent d'application, sauf si les OAA concernés ne répondent plus aux conditions d'application de l'article précité.
Artikel 46   De besluiten, opgesteld door het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe besluiten die geleidelijk in 2026 zullen worden opgesteld. Tot deze nieuwe besluiten in werking treden, bezorgt het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering aan de betrokken rekenplichtigen en gesubdelegeerde ordonnateurs een concordantietabel bezorgen met de oude basisallocaties voor uitgaven en ontvangsten en de nieuwe basisallocaties die ze vervangen in 2026.
Article 46   Les arrêtés, établis par l'organe de surveillance des services du Gouvernement sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouveaux arrêtés qui seront progressivement établis en 2026. Jusqu'à l'entrée en vigueur de ces nouveaux arrêtés, l'organe de surveillance des services du Gouvernement met à disposition des comptables-trésoriers et des ordonnateurs subdélégués concernés un tableau de concordance, reprenant les anciennes allocations de base de dépenses et de recettes et les nouvelles allocations de base qui les remplacent en 2026.
Artikel 47   De toezichtsorganen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen moeten de arresten van het Rekenhof over de beheersrekeningen overmaken aan de rekenplichtigen die onder hun toezichtsbevoegdheid vallen.
Article 47   Les organes de surveillances des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes sont chargés de transmettre les arrêts des comptes de gestion émis par la Cour des comptes aux comptables-trésoriers qui relèvent de leur mission de contrôle.
Onderafdeling 3. - Bepalingen in verband met de economische codes
Sous-section 3. - Dispositions relatives aux codes économiques
Artikel 48   In afwijking van de ESR-classificatie, is het toegestaan om de huidige niet-verdeelde economische codes 11.00 voor de basisallocaties verbonden met de opdrachten 34 en 40 te behouden.
Article 48   Par dérogation à la classification SEC, il est autorisé de conserver les codes économiques non ventilés 11.00 actuels pour les allocations de base liées aux missions 34 et 40.
Afdeling 2. - Bepalingen in verband met het bestuur Brussel Huisvesting
Section 2. - Dispositions relatives à l'administration Bruxelles Logement
Artikel 49   § 1. De Regering is gemachtigd om het budget ingeschreven op de begrotingspost 43.110.15 toe te wijzen aan één of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn voor de BGHM om de eigen financiering te verzekeren van de statutaire opdrachten van deze laatste.
  § 2. De Regering is gemachtigd om het budget ingeschreven op de begrotingspost 43.109.15 toe te wijzen aan één of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn voor het WFBHG, om de eigen financiering te verzekeren van de statutaire opdrachten van deze laatste.
  § 3. Deze financieringen zullen plaatsvinden tegen de financieringsvoorwaarden van het BHG, verhoogd met een kredietkost verbonden aan het risicoprofiel van de begunstigde entiteit (opgesteld door het Front Office van het Agentschap van de Schuld op basis van een voorafgaande risicoanalyse).
Article 49   § 1er. Le Gouvernement est autorisé à affecter le budget inscrit au poste budgétaire 43.110.15 à un ou plusieurs financements à court et à long terme à la SLRB afin d'assurer le financement propre des missions statutaires de ce dernier.
  § 2. Le Gouvernement est autorisé à affecter le budget inscrit au poste budgétaire 43.109.15 à un ou plusieurs financements à court et à long terme au FLRBC afin d'assurer le financement propre des missions statutaires de ce dernier.
  § 3. Ces financements s'effectueront aux conditions de financement de la RBC augmentées d'une charge de crédit liée au profil de risque de l'entité bénéficiaire (établie par le Front Office de l'Agence de la Dette sur la base d'une analyse de risque préalable).
Artikel 50   Bij wijze van uitzondering kan bij Brussel Huisvesting, voor de periode gaande van januari tot maart 2026, een tweede plaatsvervangende rekenplichtige van de ontvangsten belast met niet-fiscale zaken worden aangewezen, op basis van een gemotiveerde aanvraag van de bevoegde ordonnateur en, daarna een validering door het toezichtsorgaan.
Article 50   A titre exceptionnel, durant la période allant de janvier à mars 2026, un deuxième comptable-trésorier des recettes suppléant chargé de matières non fiscales peut être désigné au sein de Bruxelles Logement sur la base d'une demande motivée de l'ordonnateur compétent et ensuite, d'une validation par l'organe de surveillance.
Afdeling 3. - Bepalingen in verband met het bestuur Brussel Plaatselijke Besturen
Section 3. - Dispositions relatives à l'administration Bruxelles Pouvoirs Locaux
Artikel 51   De Regering is gemachtigd een of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn toe te kennen aan het BGHFGT, binnen de grenzen van de gewaarborgde volumes in toepassing van artikel 5 van de ordonnantie van 8 april 1993 houdende oprichting van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën, en zoals jaarlijks gestemd.
  Deze financieringen zullen plaatsvinden tegen de financieringsvoorwaarden van het BHG, verhoogd met een kredietkost verbonden aan het risicoprofiel van de begunstigde entiteit (opgesteld door het Front Office van het Agentschap van de Schuld op basis van een voorafgaande risicoanalyse).
Article 51   Le Gouvernement est autorisé à accorder un ou plusieurs financements à court et à long terme au FRBRTC dans les limites des volumes garantis en application de l'article 5 de l'ordonnance du 8 avril 1993 portant la création du Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales, et tels que votés annuellement.
  Ces financements s'effectueront aux conditions de financement de la RBC augmentées d'une charge de crédit liée au profil de risque de l'entité bénéficiaire (établie par le Front Office de l'Agence de la Dette sur la base d'une analyse de risque préalable).
Artikel 52   Overeenkomstig de met de gemeenten afgesloten overeenkomsten, is de Minister van Financiën en Begroting gemachtigd om vanaf 1 januari 2026 voorschotten toe te kennen aan de gemeenten maximaal ten belope van 800.773.000 euro (gemeentelijke opcentiemen onroerende voorheffing).
  Deze voorschotten worden op een op naam van de betrokken gemeente binnen de globale staat van het Gewest geopende transitorekening gestort.
  De betalingen vanuit deze op naam van de gemeenten geopende transitorekeningen binnen de globale staat naar de eigen rekening van de gemeente worden uitgevoerd volgens de modaliteiten beschreven in de overeenkomsten gesloten met de gemeenten en met de kassier.
Article 52   Conformément aux conventions conclues avec les communes, le Ministre des Finances et du Budget est autorisé à octroyer des avances aux communes à partir du 1er janvier 2026 au maximum à concurrence de 800.773.000 euros (centimes additionnels communaux précompte immobilier).
  Ces avances sont versées sur un compte de transit ouvert au nom de la commune concernée au sein de l'état global de la Région.
  Les paiements à partir de ces comptes de transit ouverts au nom des communes au sein de l'état global vers le compte propre de la commune seront exécutés selon les modalités décrites dans les conventions conclues avec les communes et avec le caissier.
Afdeling 4. - Bijzondere bepalingen in verband met het bestuur Brussel Synergie
Section 4. - Dispositions spécifiques relatives à l'administration Bruxelles Synergie
Artikel 53   Artikel 10 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 14 juli 2016 tot invoering van een methode om de genderdimensie te integreren in de begrotingscyclus wordt opgeheven.
Article 53   L'article 10 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 14 juillet 2016 instaurant une méthode pour l'intégration de la dimension de genre dans le cycle budgétaire est abrogé.
Artikel 54   In artikel 196, 2de lid van de Codex, worden de woorden "kan bepalen" vervangen door het woord "bepaalt".
Article 54   A l'article 196, alinéa 2 de du Code, les mots " peut définir " sont remplacés par le mot " définit ".
Artikel 55   In artikel 212 van de Codex wordt een paragraaf 3 ingevoegd, luidende:
  " § 3. De Regering legt de inwerkingtreding van artikel 196 van deze ordonnantie vast.".
Article 55   A l'article 212 du Code, il est inséré un paragraphe 3 rédigé par ce qui suit:
  " § 3. Le Gouvernement fixe l'entrée en vigueur de l'article 196 de la présente ordonnance. ".
Afdeling 5. - Bijzondere bepalingen in verband met de GOB Fiscaliteit
Section 5. - Disposition spécifiques relatives au SPRB Fiscalité
Artikel 56   De bevoegde ordonnateur wordt gemachtigd om op de begrotingspost 36.071.17 de annuleringen van vastgestelde rechten van voorgaande jaren en, in voorkomend geval, de terugbetalingen, voor rekening van derden, uit te voeren voor zover de in de begroting opgenomen begrotingskredieten het mogelijk maken het deel dat ten laste komt van de gewestbegroting aan te rekenen.
  Daartoe moet op instructie van de bevoegde ordonnateur in de begrotingsboekhouding een technisch krediet worden opgenomen, mits dit technische krediet door middel van een diverse verrichting in de begrotingsrekening van het betrokken begrotingsjaar wordt verrekend.
Article 56   L'ordonnateur compétent est autorisé à exécuter sur le poste budgétaire 36.071.17 les annulations de droits constatés d'années antérieures et, le cas échéant, les remboursements, pour compte de tiers, pour autant que les crédits budgétaires prévus au budget permettent d'imputer la part imputable au budget régional.
  A cette fin, sur instruction de l'ordonnateur compétent, un crédit technique doit être prévu en comptabilité budgétaire pour autant que ce crédit technique soit soldé par une opération diverse dans le compte budgétaire de l'année budgétaire concernée.
Afdeling 6. - Bijzondere bepalingen voor Brussel-Energie
Section 6. - Dispositions spécifiques pour Bruxelles-Energie
Artikel 57   In aanvulling op het artikel "hoe kunt u de Renoclick-premie (belofte en uitbetaling) aanvragen" in de gedetailleerde regels voor de Renoclick-premies 2023 en in overeenstemming met het uitvoeringsprogramma van de Renolution-premies 2023 goedgekeurd door de regering op 8 december 2022, zullen de voorschotten worden toegestaan.
Article 57   En complément à l'article " comment demander la prime Rénoclick (promesse et liquidation) " du règlement détaillé des primes Rénoclick 2023 et conformément au programme d'exécution des primes Renolution 2023 validé par le gouvernement le 8 décembre 2022, les avances seront autorisées.
HOOFDSTUK 6. - Bijzondere bepalingen in verband met de autonome bestuursinstellingen (ABI's)
CHAPITRE 6. - Dispositions spécifiques relatives aux organismes administratifs autonomes (les OAA)
Afdeling 1. - Specifieke bepalingen voor de autonome bestuursinstellingen van categorie 2 betreffende de algemene rekening van de gewestelijke entiteit en de gecoördineerde audit
Section 1re. - Dispositions spécifiques pour les organismes administratifs autonomes de catégorie 2 par rapport au compte général de l'Entité régionale et à l'audit coordonné
Artikel 58   De ABI's van categorie 2 die, in toepassing van artikel 4, §§ 2 en 3, van de Codex, niet onderworpen zijn aan de bepalingen van de vermelde ordonnantie, worden niet geconsolideerd met de jaarrekening van de diensten van de Regering en worden niet opgenomen binnen de algemene rekening van de gewestelijke entiteit, ongeacht het feit of ze al dan niet worden geconsolideerd op budgettair niveau.
  Het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt, in overeenstemming met de INR-lijst sector 1312, uitsluitend geconsolideerd met de jaarrekening van de diensten van de Regering en opgenomen binnen de algemene rekening van de gewestelijke entiteit voor het gedeelte dat overeenstemt met haar financiële activiteiten.
Article 58   Les OAA de categorie 2 qui, en vertu de l'article 4, §§ 2 et 3, du Code, ne sont pas soumis aux dispositions de ladite ordonnance, ne sont pas consolidés avec le compte annuel des services du Gouvernement et ne sont pas repris au sein du compte général de l'entité régionale, indépendant du fait qu'ils soient ou non consolidés au niveau budgétaire.
  Conformément à la liste ICN - secteur 1312, le Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale est uniquement consolidé avec le compte annuel des services du Gouvernement et repris au sein du compte général de l'entité régionale pour la partie correspondant à ses activités financières.
Afdeling 2. - Bijzondere bepalingen voor het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT)
Section 2. - Dispositions spécifiques pour le Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC)
Artikel 59   In toepassing van artikel 5 van de ordonnantie van 8 april 1993 houdende de oprichting van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën, wordt de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gemachtigd de gewestwaarborg te verlenen in 2026 voor:
  1° de door voormeld Fonds aangegane leningen voor een bedrag dat de 327.560.000 euro niet mag overschrijden.
  2° de door voormeld Fonds aangegane leningen, in het kader van zijn opdracht 40 programma 253 (Ondersteuning van lokale besturen via leningen), voor een bedrag dat de 600.000.000 euro niet mag overschrijden.
Article 59   En application de l'article 5 de l'ordonnance du 8 avril 1993 portant création du Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales, le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale en 2026 aux:
  1° emprunts contractés par ledit fonds pour un montant n'excédant pas 327.560.000 d'euros.
  2° emprunts contractés par ledit Fonds, dans le cadre de sa mission 40 programme 253 (Soutien au pouvoirs locaux via l'octroi de prêts), pour un montant n'excédant pas 600.000.000 d'euros.
Artikel 60   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd uitgaven te doen in naam en voor rekening van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën.
Article 60   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles [00e2][80][91] Capitale est autorisé à effectuer des dépenses au nom et pour compte du Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales.
Artikel 61   In afwijking van artikel 129 van de Codex, wordt het Brussels Gewestelijk Herfinancieringfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën gemachtigd fondsen te plaatsen bij de door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten erkende kredietinstellingen.
Article 61   Par dérogation à l'article 129 du Code, le Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales est autorisé à placer des fonds auprès des établissements de crédit agréés par l'Autorité des services et marchés financiers.
Artikel 62   In toepassing van artikel 14 van de Codex, voorziet de uitgavenbegroting van het BGHFGT dat, voor de begrotingsposten 40.253.15 en 40.253.16 de kredieten tot beloop waarvan bedragen kunnen worden vereffend niet-limitatief zijn. Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding.
  In afwijking van artikel 14 van de Codex, voorziet de uitgavenbegroting van het BGHFGT dat, voor de begrotingsposten 40.253.15 en 40.253.16 de kredieten tot beloop waarvan bedragen kunnen worden vastgelegd niet-limitatief zijn. Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding.
  Elke kredietoverschrijding van deze begrotingsposten dient ondertekent te worden door de Minister bevoegd voor plaatselijke besturen en de Minister van Begroting.
Article 62   En application de l'article 14 du Code, le budget des dépenses du FRBRTC prévoit que, pour les postes budgétaires 40.253.15 et 40.253.16, les crédits à concurrence desquels des sommes peuvent être liquidées sont non-limitatifs. Cela se présente sous la forme d'un dépassement.
  Par dérogation à l'article 14 du Code, le budget des dépenses du FRBRTC prévoit que, pour les postes budgétaires 40.253.15 et 40.253.16, les crédits à concurrence desquels des sommes peuvent être engagées sont non-limitatifs. Cela se présente sous la forme d'un dépassement.
  Tout dépassement de crédits de ces postes budgétaires doit être signé par le ministre pour les pouvoir locaux et le ministre du Budget.
Afdeling 3. - Bijzondere bepalingen voor perspective.brussels - Brussels Planningsbureau (BPB)
Section 3. - Dispositions spécifiques pour perspective.brussels - Bureau bruxellois de la planification (BBP)
Artikel 63   In afwijking van de bepalingen van artikel 14 § 1, 2de lid, van de ordonnantie van 16 mei 2019 in verband met het Schoolcontract, mogen de uitvoeringstermijnen voor investeringsoperaties en operaties ter herkwalificering van de openbare ruimte verlengd worden tot 2026.
  In afwijking van artikel 59 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de subsidies toegekend op de begrotingsposten 39.202.08 en 39.202.11 geen voorwerp uit van een overeenkomst.
Article 63   Par dérogation aux dispositions de l'article 14, § 1er, alinéa 2, de l'ordonnance du 16 mai 2019 relative au Contrat Ecole, le délai d'exécution pour les opérations d'investissements et les opérations visant à requalifier l'espace public peut être prolongées jusque 2026.
  Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les subventions octroyées aux postes budgétaires 39.202.08 et 39.202.11 ne font pas l'objet d'une convention.
Afdeling 4. - Bijzondere bepalingen voor de cvba Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (WFBHG)
Section 4. - Dispositions spécifiques pour la SCRL Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale (FLRBC)
Artikel 64   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door het WFBHG (financiële activiteiten) in 2026 voor een initieel nominaal kapitaalsbedrag dat de 200.000.000 euro niet overschrijdt.
  Deze waarborg omvat het kapitaalbedrag, de intresten en alle andere bijkomende kosten met betrekking tot deze leningen, zoals verder gespecificeerd in de waarborg.
Article 64   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2026 par le FLRBC (activités financières) pour un montant nominal initial du capital n'excédant pas 200.000.000 d'euros.
  La garantie comprend le montant du capital, les intérêts et toutes autres sommes accessoires relatifs à ces emprunts, tels que plus amplement détaillés dans la garantie.
Artikel 65   In toepassing van artikel 14 van de Codex, voorziet de uitgavenbegroting van het WFBHG (financiële activiteiten) dat, voor de begrotingspost 43.202.15 de kredieten tot beloop waarvan bedragen kunnen worden vereffend niet-limitatief zijn.
  Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
Article 65   En application de l'article 14 du Code, le budget des dépenses du FLRBC (activités financières) prévoit que, pour le poste budgétaire 43.202.15, les crédits à concurrence desquels des sommes peuvent être liquidées sont non-limitatifs.
  Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédit qui n'est pas compensé par des recettes.
Afdeling 5. - Bijzondere bepalingen voor de nv Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij (BGHM)
Section 5. - Dispositions spécifiques pour la SA Société du Logement de la Région Bruxelles-Capitale (SLRB)
Artikel 66   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij in 2026 (de bilaterale lening en/of uitgifteprogramma van thesauriebewijzen) voor een initieel nominaal kapitaalsbedrag dat de 150.000.000 euro niet overschrijdt.
Article 66   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2026 (le prêt bilatéral et/ ou le programme de billet de trésorerie) par la Société du Logement de la Région de Bruxelles-Capitale pour un montant nominal initial du capital n'excédant pas 150.000.000 euros.
Artikel 67   In toepassing van artikel 14 van de Codex, voorziet de uitgavenbegroting van de BGHM dat, voor de volgende begrotingsposten, de kredieten tot beloop waarvan bedragen kunnen worden vereffend niet- limitatief zijn:
  1° 43.251.15;
  2° 43.251.16;
  3° 43.252.02;
  4° 43.252.15;
  5° 43.252.16;
  6° 43.253.15.
  Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
Article 67   En application de l'article 14 du Code, le budget des dépenses de la SLRB prévoit que, pour les postes budgétaires suivants, les crédits à concurrence desquels des sommes peuvent être liquidées sont non-limitatifs:
  1° 43.251.15;
  2° 43.251.16;
  3° 43.252.02;
  4° 43.252.15;
  5° 43.252.16;
  6° 43.253.15.
  Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédits qui n'est pas compensé par des recettes.
Afdeling 6. - Bijzondere bepalingen voor het Brussels Agentschap voor het Ondernemerschap (BAO)
Section 6. - Dispositions spécifiques pour l'Agence bruxelloise pour l'Entrepreneuriat (ABE)
Artikel 68   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door het Brussels Agentschap voor het Ondernemerschap (BAO) in 2026 voor een maximum bedrag van 10.000.000 euro.
Article 68   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2026 par l'Agence bruxelloise pour l'Entrepreneuriat (ABE), pour un montant n'excédant pas 10.000.000 euros.
Afdeling 7. - Bepalingen in verband met Brussel Ontmanteling
Section 7. - Dispositions relatives à Bruxelles Démontage
Artikel 69   Het Rekenhof stelt geen certificering op voor de algemene rekening van de nv Brussel Ontmanteling.
Article 69   La Cour des comptes n'établit pas de certification de compte pour le compte général de la SA Bruxelles Démontage.
Afdeling 8. - Bepalingen in verband met Net Brussel
Section 8. - Dispositions relatives à Bruxelles-Propreté
Artikel 70   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan een lening, aan te gaan in 2026 door het Gewestelijk Agentschap Netheid voor een maximumbedrag van 27.200.000 euro, teneinde het verschuldigde bedrag te kunnen dekken bij een eventuele veroordeling van het Gewestelijk Agentschap Netheid in het kader van haar geschil met de FOD Financiën, Administratie van de BTW.
Article 70   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie de la Région à un emprunt, à contracter en 2026 par l'Agence régionale pour la Propreté, pour un montant maximal de 27.200.000 euros, afin de pouvoir couvrir le montant dû lors d'une éventuelle condamnation de l'Agence régionale pour la Propreté dans le cadre du litige qui l'oppose au SPF Finances, Administration de la TVA.
Artikel 71   Het Gewestelijk Agentschap Netheid is gemachtigd om over de inkomsten te beschikken, die het heeft geïnd ingevolge de verkoop van de toegekende groene stroomcertificaten, in toepassing van artikel 28 van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Article 71   L'Agence régionale pour la Propreté est autorisée à disposer des recettes, qu'elle a perçues suite à la vente des certificats verts octroyés en application de l'article 28 de l'ordonnance du 19 juillet 2001, relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale.
Artikel 72   In afwijking van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 29 oktober 2011 tot vaststelling van het administratief en geldelijk statuut van het personeel van Net Brussel, Gewestelijk Agentschap voor Netheid, wordt een verantwoordelijkheidstoelage toegekend aan de centraliserende rekenplichtigen van de uitgaven en aan de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de niet-fiscale ontvangsten, zoals voorzien in artikel 365 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 maart 2018 houdende het administratief statuut en de bezoldigingsregeling van de ambtenaren van de instellingen van openbaar nut van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Article 72   Par dérogation à l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 octobre 2011 fixant le statut administratif et pécuniaire du personnel de Bruxelles-Propreté, Agence régionale pour la propreté, il est alloué une allocation de responsabilité aux comptables-trésoriers centralisateurs des dépenses et au comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes non fiscales, telle que prévue à l'article 365 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 21 mars 2018 portant le statut administratif et pécuniaire des agents des organismes d'intérêt public de la Région Bruxelles-Capitale.
HOOFDSTUK 7. - Bijzondere bepalingen in verband met de financiële actoren
CHAPITRE 7. - Dispositions spécifiques relatives aux acteurs financiers
Artikel 73   Artikel 28 van het besluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, wordt als volgt vervangen:
  "Artikel 28 - Binnen de grenzen van de beschikbare liquiditeiten, en overeenkomstig de door de bevoegde ordonnateurs gegeven bevelen, is de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven belast met het geven aan de gewestelijke kassier, ten laste van de centrale uitgavenrekening, van:
  1° de betalingsbevelen, hetzij rechtstreeks ten gunste van de schuldeisers en andere crediteuren, hetzij ten gunste van de andere rekenplichtigen van de diensten van de Regering;
  2° de bevelen tot interne overschrijving van gelden die nodig zijn voor het beheer van de globale thesauriestaat bij de gewestelijke kassier;
  3° de bevelen tot externe overschrijving die voortvloeien uit begrotingsverrichtingen waarvoor bedragen tijdelijk op bij de gewestelijke kassier geopende rekeningen werden geplaatst;
  4° de betalingsbevelen met betrekking tot aan begrotingsfondsen gekoppelde uitgaven rechtstreeks ten gunste van schuldeisers en andere crediteuren.
  Hij is ook belast met de termijnverrichtingen en beheert de rekeningen die nodig zijn voor de inschrijving van transacties in verband met de opbrengsten van leningen of van beleggingen van overschotten alsook de rekeningen geopend voor de boeking van de intresten.".
Article 73   L'article 28 de l'arrêté du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, est remplacé par ce qui suit:
  " Article 28 - Le comptable-trésorier centralisateur des dépenses est chargé de donner au caissier régional, dans la limite des liquidités disponibles, et conformément aux ordres émis par les ordonnateurs compétents, à charge du compte central des dépenses:
  1° les ordres de paiement soit bénéficiant directement aux créanciers et autres créditeurs, soit bénéficiant aux autres comptables des services du Gouvernement;
  2° les ordres de virement interne de fonds qui sont nécessaires à la gestion de l'état global de trésorerie auprès du caissier régional;
  3° les ordres de virement externe résultant d'opérations budgétaires pour lesquelles des sommes ont été déposées temporairement sur des comptes ouverts auprès du caissier régional;
  4° les ordres de paiement relatifs à des dépenses liées à des fonds budgétaires bénéficiant directement aux créanciers et autres créditeurs.
  Il est également chargé des opérations à terme et gère les comptes nécessaires à l'inscription des transactions relatives aux produits de prêts ou de placements d'excédents ainsi que les comptes ouverts pour l'imputation des intérêts. ".
Artikel 74   In het kader van de opstelling van de algemene rekeningen van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit en de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit, staan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit onder de richtlijnen van de gewestelijke boekhouder.
  De gewestelijke boekhouder geeft aan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit de nodige instructies en volgt deze op om, samen met de boekhouders, de leidende ambtenaren, de raden van bestuur en de bevoegde ministers en staatssecretarissen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen, ervoor te zorgen dat de termijnen voor het opstellen en certificeren van de algemene rekeningen worden nageleefd en dat deze rekeningen volledig en juist zijn.
  De volgende principes worden in acht genomen:
  1° De gewestelijke boekhouder ontvangt van de leidende ambtenaren en boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit op eenvoudig verzoek onverwijld alle informatie die nodig is voor de juiste en tijdige opstelling van de geconsolideerde algemene rekening;
  2° De leidende ambtenaren en de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit geven hoge prioriteit aan de opstelling van hun algemene rekeningen bij de afsluiting van het boekjaar;
  3° De boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit verlenen de gewestelijke boekhouder onverwijld en op eenvoudig verzoek de nodige steun bij de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit;
  4° De boekhouders en de leidende ambtenaren van de autonome bestuursinstellingen en de (besturen van de) GOB's dienen de nodige maatregelen te nemen opdat de doorstroming van deze informatie vlot en snel verloopt met respect voor de opgegeven deadlines. De gewestelijke boekhouder zal de instellingen waar er tekortkomingen zijn een actieplan opleggen;
  5° De gewestelijke boekhouder organiseert ingevolge de opmerkingen van het Rekenhof naar aanleiding van de certificering van de algemene rekeningen van de GOB's en autonome bestuursinstellingen en van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit werkgroepen met de betrokken instanties teneinde, in overleg met het Rekenhof tot de gepaste oplossingen te komen. De (betrokken besturen van de) betrokken GOB's en autonome bestuursinstellingen zullen aan deze werkgroepen deelnemen en oplossingen voorstellen. Deze werkgroepen worden ondersteund door de bevoegde ministers en, in voorkomend geval, de raden van bestuur;
  6° De boekhouders van de autonome bestuursinstellingen kunnen tijdens het opmaakproces van hun algemene rekening aan de gewestelijke boekhouder ook tussentijdse adviezen en controles vragen.
Article 74   Dans le cadre de l'établissement des comptes généraux des entités comptables de l'entité régionale, et de l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale, les comptables des entités comptables de l'entité régionale sont placés sous les directives du comptable régional.
  Le comptable régional donne aux comptables des entités comptables de l'entité régionale les instructions nécessaires et en assure le suivi afin de veiller, ensemble avec les comptables, les fonctionnaires dirigeants, les conseils d'administration et les ministres et secrétaires d'Etat compétents des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes, au respect des échéances d'établissement et de certification des comptes généraux, ainsi qu'à l'exhaustivité et à l'exactitude de ces comptes.
  Les principes suivants seront respectés:
  1° Le comptable régional reçoit sans délai, sur simple demande, de la part des fonctionnaires dirigeants et des comptables des entités comptables de l'entité régionale, toutes les informations nécessaires à l'établissement correct et en temps utile du compte général consolidé;
  2° Les fonctionnaires dirigeants et les comptables des entités comptables de l'entité régionale accordent une grande priorité à l'établissement de leurs comptes généraux lors de la clôture de l'exercice comptable;
  3° Les comptables des entités comptables de l'entité régionale fournissent, sans délai et sur simple demande, au comptable régional l'appui souhaité à l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale;
  4° Les comptables et les fonctionnaires dirigeants des organismes administratifs autonomes et des (administrations des) SPRB doivent prendre les mesures nécessaires pour assurer un flux d'informations fluide et rapide tout en respectant les délais impartis. Le comptable régional imposera un plan d'action aux organismes qui présentent des lacunes;
  5° Le comptable régional organise des groupes de travail avec les instances concernées suite aux observations de la Cour des comptes lors de la certification des comptes généraux des SPRB et des organismes administratifs autonomes et du compte général consolidé de l'entité régionale afin de trouver des solutions appropriées en concertation avec la Cour des comptes. Les (administrations concernées des) SPRB concernés et les organismes administratifs autonomes concernés participeront à ces groupes de travail et proposeront des solutions. Ces groupes de travail sont soutenus par les ministres compétents et, le cas échéant, par les conseils d'administration;
  6° Les comptables des organismes administratifs autonomes peuvent également demander des avis et des contrôles intermédiaires au cours du processus d'élaboration de leur compte général au comptable régional.
Artikel 75   In afwijking van artikel 16, eerste lid, van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, worden de rekenplichtigen, inclusief de beheerders van voorschotten, niet verplicht gekozen uit de ambtenaren van niveau A onderworpen aan het statuut.
Article 75   Par dérogation à l'article 16, alinéa 1er, de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, les comptables-trésoriers, y compris les régisseurs d'avances, ne sont pas obligatoirement choisis parmi les agents de niveau A soumis au statut.
Artikel 76   In aanvulling op artikel 119 van de Codex, wordt de driemaandelijkse rekening van de beheerders van voorschotten aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de maand volgend op ieder trimester.
  De beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering, met inbegrip van die van de ministeriële kabinetten, en van de autonome bestuursinstellingen die een dienstenovereenkomst hebben met het toezichstorgaan van BFB, houden jaarlijks een overzicht bij van de kleine en goedkope duurzame goederen die met de ontvangen voorschotten zijn aangeschaft. Dit overzicht, opgesteld op 31 december of aan het einde van de beheersperiode, wordt bij de laatste driemaandelijkse beheersrekening van het jaar gevoegd en ondertekend door de beheerder van voorschotten. Het bevoegde toezichtsorgaan is bevoegd om ter plaatse de realiteit van de in het overzicht opgenomen uitgaven te verifiëren. Over deze verificatie wordt een proces-verbaal opgesteld.
  In aanvulling op artikel 119 van de Codex, wordt de jaarrekening van het beheer van de rekenplichtigen, met uitzondering van de beheerders van voorschotten, aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de tweede maand volgend op ieder jaar.
Article 76   En complément à l'article 119 du Code, le compte trimestriel des régisseurs d'avances est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du mois suivant chaque trimestre.
  Les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, en ce compris ceux des cabinets ministériels, et des organismes administratifs autonomes conventionnés avec l'organe de surveillance de BFB, tiennent à jour un relevé annuel des petits biens durables à bon marché acquis au moyen des avances de fonds reçues bien que ces derniers ne fassent pas l'objet d'amortissements comptables. Ce relevé, arrêté au 31 décembre ou en fin de période de gestion, est annexé au dernier compte trimestriel de gestion de l'année et est signé par le régisseur d'avances. L'organe de surveillance compétent est autorisé à vérifier sur place la réalité des dépenses reprises au sein dudit relevé. Cette vérification fait l'objet d'un procès-verbal.
  En complément à l'article 119 du Code, le compte annuel de gestion des comptables-trésoriers, à l'exception des régisseurs d'avances, est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du deuxième mois suivant chaque année.
Artikel 77   Behoudens de uitzonderingen voorzien in het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, worden de bepalingen die gelden voor de beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering mutatis mutandis toegepast op de beheerders van voorschotten van de kabinetten.
Article 77   Sauf exceptions prévues dans l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, les dispositions qui sont en vigueur pour les régisseurs d'avances des services du Gouvernement s'appliquent mutatis mutandis aux régisseurs d'avances des cabinets.
Artikel 78   In aanvulling op artikel 119 van de Codex, wordt een tweede lid toegevoegd luidend als volgt:
  "Indien de laatste driemaandelijkse beheersrekening niet binnen de gestelde termijn werd overgelegd, is het toezichtsorgaan gemachtigd de toekenning van nieuwe voorschotten aan de beheerders van voorschotten op te schorten.".
Article 78   En complément à l'article 119 du Code, un deuxième alinéa est ajouté dont la teneur suit:
  " En cas de non remise du dernier compte trimestriel de gestion dans les délais prévus, l'organe de surveillance est habilité à suspendre provisoirement l'octroi de nouvelles avances de fonds aux régisseurs d'avances. ".
Artikel 79   De beheerders van voorschotten zijn, tot hun integratie in de boekhoudsystemen van de gewestelijke entiteit, vrijgesteld van de boeking van hun uitgaven in de boekhoudsystemen van de gewestelijke entiteit.
Article 79   Les régisseurs d'avances, jusqu'à leur intégration dans les systèmes de comptabilité de l'entité régionale, sont exemptés d'enregistrer leurs dépenses dans les systèmes de comptabilité de l'entité régionale.
Artikel 80   De rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen is uitsluitend verantwoordelijk voor het ondertekenen van betalingsopdrachten met betrekking tot aanvullende kredietlijnen op basis van een instructie van de bevoegde ordonnateur.
  Hij wordt gekozen uit het personeel van de bestuur Brussel Financiën en Begroting van de Gewestelijke Overheidsdienst Brussel en wordt benoemd door de Minister belast met Financiën.
  In afwijking van artikel 27 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, registreert de rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen de thesaurieverrichtingen die hij uitvoert, niet in het boekhoudsysteem.
  De enige ontvangsten die de rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen mag innen zijn deze geïnd in het kader van het aanzuiveren van het debetsaldo van de financiële rekening.
Article 80   Le comptable-trésorier de lignes de crédit complémentaires est chargé exclusivement de la signature des ordres de paiement relatifs aux lignes de crédit complémentaires sur la base d'une instruction de l'ordonnateur compétent.
  Il est choisi parmi les agents de l'administration Bruxelles Finances et Budget du Service public régional de Bruxelles et est désigné par le Ministre en charge des Finances.
  Par dérogation à l'article 27 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, le comptable-trésorier des lignes de crédit complémentaires n'enregistre pas dans le système de comptabilité les opérations de trésorerie qu'il exécute.
  Les seules recettes que le comptable-trésorier de lignes de crédit complémentaires peut percevoir sont celles perçues en vue de la remise à zéro du solde débiteur du compte financier.
Artikel 81   § 1. Artikel 40, § 3, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
  " § 3. Het maximumbedrag van de voorschotten die de beheerder van voorschotten op een gegeven moment mag innen en gelijktijdig aanhouden op de rekening of rekeningen die op zijn naam zijn geopend bij de kassier bedraagt, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Financiën:
  1° voor de beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering: 5.000 euro;
  2° voor de beheerders van voorschotten van de kabinetten: 50.000 euro.".
  § 2. Artikel 40, § 5, van het regeringsbesluit van 16 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
  " § 5. Voor de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, evenals de autonome bestuursinstellingen wordt het op het einde van het begrotingsjaar niet-gebruikte saldo van het voorschot door de beheerder van voorschotten teruggestort op de centrale ontvangstenrekening.".
Article 81   § 1er. L'article 40, § 3, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
  " § 3. Le montant maximum des avances que le régisseur d'avances peut percevoir et détenir simultanément, et à un moment donné, sur le ou les comptes ouverts à son nom auprès du caissier s'élève, sauf dérogation accordée par le Ministre des Finances:
  1° pour les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, à 5.000 euros;
  2° pour les régisseurs d'avances des cabinets, à 50.000 euros. ".
  § 2. L'article 40, § 5, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
  " § 5. Pour les services du Gouvernement, en ce compris les cabinets ministériels, ainsi que les organismes administratifs autonomes le solde non utilisé de l'avance à la fin de l'année budgétaire est restitué par le régisseur d'avances au compte central de recettes. ".
Artikel 82   Artikel 17, § 1, tweede lid, van het besluit van de Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt vervangen door het volgende: "De rekenplichtigen zijn verantwoording verschuldigd aan het Rekenhof voor de verrichtingen die zij uitvoeren tijdens hun beheerperiode, zoals bepaald in artikel 117 van de ordonnantie van 4 april 2024 houdende de Codex van de openbare financiën van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.".
Article 82   L'article 17, § 1er, alinéa 2, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit: " Les comptables-trésoriers sont justiciables devant la Cour des comptes pour les opérations qu'ils exécutent durant leur période de gestion, telles que définies à l'article 117 de l'ordonnance du 4 avril 2024 portant le Code des finances publiques de la Région de Bruxelles-Capitale. ".
Artikel 83   Bij wijze van uitzondering kan een tweede plaatsvervangende centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten worden aangewezen, op basis van een gemotiveerde aanvraag van de bevoegde ordonnateur en, daarna een validering door het toezichtsorgaan.
Article 83   A titre exceptionnel, un deuxième comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales peut être désigné, sur la base d'une demande motivée de l'ordonnateur compétent et ensuite, d'une validation par l'organe de surveillance.
Artikel 84   De door de Minister van Financiën en Begroting aangewezen rekenplichtige kan uitgaven- en ontvangstenverrichtingen voor rekening van derden uitvoeren in het kader van de door de Minister van Financiën en Begroting gespecifieerde activiteiten, op voorwaarde dat die financiële stromen geen budgettaire weerslag hebben en de door het bestuur Brussel Financiën en Begroting van de GOB vastgestelde procedures eerbiedigen.
  De gedelegeerde ordonnateur voor de bovenvermelde verrichtingen is de door de Minister van Financiën en Begroting aangewezen gedelegeerde ordonnateur.
Article 84   Le comptable-trésorier, désigné par le Ministre des Finances et du Budget, peut effectuer des opérations de dépenses et de recettes pour compte de tiers, dans le cadre des activités spécifiées par le Ministre des Finances et du Budget, à la condition que ces flux financiers soient sans impact budgétaire et qu'ils respectent les procédures établies par l'administration Bruxelles Finances et Budget du SPRB.
  L'ordonnateur délégué pour les opérations susvisées est l'ordonnateur délégué désigné par le Ministre des Finances et du Budget.
Artikel 85   Overeenkomstig artikel 117 van de Codex dat bepaalt dat de rekenplichtigen, met inbegrip van de beheerders van voorschotten, enkel thesaurieverrichtingen doen en volgens de modaliteiten voorzien in artikel 40 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, zijn de door de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven aan een beheerder van voorschotten betaalde voorschotten begrotingsverrichtingen in de zin van artikel 13 van de Codex en worden zij budgettair en boekhoudkundig aangerekend op het moment van de vereffening van het voorschot. De uitgaven van de beheerder van voorschoten zijn geen vastgestelde rechten geboekt overeenkomstig artikel 14 van voornoemd besluit.
Article 85   Conformément à l'article 117 du Code qui précise que les comptables-trésoriers, dont les régisseurs d'avances, ne font que des opérations de trésorerie et selon les modalités prévues à l'article 40 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, les avances faites par le comptable centralisateur des dépenses à un régisseur d'avances sont des opérations budgétaires au sens de l'article 13 du Code et sont imputées budgétairement et comptablement au moment de la liquidation de l'avance. Les dépenses du régisseur d'avance ne sont pas des droits constatés comptabilisés conformément à l'article 14 de l'arrêté susmentionné.
Artikel 86   Overeenkomstig artikel 123, lid 3, van de Codex van de openbare financiën van 4 april 2024, is het Toezichtsorgaan van de diensten van de Regering belast:
  1° met het openen, wijzigen en afsluiten van de bankrekeningen van de boekhoudkundige entiteiten die het controleert en begeleidt,
  2° met het bezorgen aan de rekenplichtigen van de betalingsinstrumenten die nodig zijn voor de goede uitvoering van hun opdracht,
  3° met de financiële controle van de thesaurieverrichtingen in het kader van de beheersrekeningen en beheerstabellen die door de rekenplichtigen worden ingediend,
  4° met de controle van de wettigheid en regelmatigheid van de thesaurieverrichtingen, waaronder de beroepsmatige motivering van de uitgaven en de naleving van de wetgeving inzake overheidsopdrachten, alsook van de overeenstemming van die verrichtingen met de boekhoud- en de bankgegevens,
  5° met de controle van het correct aanwenden van overheidsgelden, dat wil zeggen het controleren van de zuinigheid, doeltreffendheid en doelmatigheid van de thesaurieverrichtingen,
  6° met de controle van de beheers- en controlesystemen, met name van de interne controlemaatregelen die door de financiële en boekhoudkundige actoren geïmplementeerd werden om de financiële risico's inherent aan thesaurieverrichtingen te beperken,
  7° met het begeleiden van de rekenplichtigen bij het vervullen van hun opdracht,
  8° met het controleren en viseren, in voorkomend geval, van de geldvoorschotaanvragen van de beheerders van voorschotten.
  Wanneer het vanwege het hoge aantal thesaurieverrichtingen niet mogelijk is om een exhaustieve controle uit te voeren, kan het toezichtsorgaan gebruikmaken van algemeen aanvaarde steekproeftechnieken. Deze steekproef kan met name gebaseerd zijn op een analyse van de risico's.
Article 86   En exécution de l'article 123 § 3 du Code des finances publiques du 4 avril 2024, il est précisé que l'Organe de surveillance des Services du Gouvernement est chargé:
  1° de l'ouverture, de la modification et de la clôture des comptes bancaires des entités comptables qu'elle contrôle et accompagne,
  2° de mettre à disposition des comptables-trésoriers les outils de paiement nécessaires à la bonne exécution de leur mission,
  3° du contrôle financier des opérations de trésorerie dans le cadre des comptes et des tableaux de gestion remis par les comptables-trésoriers,
  4° du contrôle de la légalité et de la régularité des opérations de trésorerie, dont la motivation professionnelle des dépenses et le respect de la législation sur les marchés publics, ainsi que de la conformité de ces opérations aux données comptables et bancaires,
  5° du contrôle du bon emploi des deniers publics, c'est-à-dire le contrôle de l'économie, de l'efficacité et de l'efficience des opérations de trésorerie,
  6° du contrôle des systèmes de gestion et de contrôle, notamment les dispositifs de contrôle interne mis en oeuvre par les acteurs financiers et comptables en vue de réduire les risques financiers, sous-jacents aux opérations de trésorerie,
  7° d'accompagner les comptables-trésoriers dans l'exercice de leur mission,
  8° de contrôler et de viser, le cas échéant, les demandes d'avances de fonds des régisseurs d'avances.
  Lorsque le contrôle par exhaustivité n'est pas possible vu le nombre élevé d'opérations de trésorerie, l'organe de surveillance peut recourir aux techniques d'échantillonnage communément admises. Cet échantillonnage peut se baser notamment sur une analyse des risques.
Artikel 87   In afwijking van artikel 46, 2de lid, van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, zoals gewijzigd, zijn de ambtenaren die deel uitmaken van de toezichtsorganen, zoals gedefinieerd in artikel 1, 4°, van het voorgenoemd besluit, niet verplicht onderworpen aan het statuut.
Article 87   Par dérogation à l'article 46, 2e alinéa, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 de la Région de Bruxelles-Capitale portant sur les acteurs financiers, tel que modifié, les agents faisant partie des organes de surveillance, tels que définis dans l'article premier, 4°, de l'arrêté précité, ne sont pas obligatoirement soumis au statut.
Artikel 88   § 1. In aanvulling op artikel 45 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, moet de bijlage, die de beheersrekening van de rekenplichtigen vormt, worden ondertekend met een gekwalificeerde elektronische handtekening. Dit artikel heeft geen betrekking op het kasverslag en het overdrachtsverslag.
  § 2. Artikel 19, 4de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
  "De rekenplichtige blijft verantwoording verschuldigd tegenover het Rekenhof tot de datum waarop zijn benoeming wordt opgeheven.".
  § 3. Artikel 20 van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt opgeheven.
Article 88   § 1er. En complément à l'article 45 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, l'annexe qui compose le compte de gestion des comptables-trésoriers devra être signé à l'aide de la signature électronique qualifiée. Ce présent article ne concerne pas le procès-verbal de caisse et le procès-verbal de remise-reprise.
  § 2. L'article 19, alinéa 4, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
  " Le comptable-trésorier demeure justiciable de la Cour des comptes jusqu'à la date de l'abrogation de sa désignation. ".
  § 3. L'article 20 de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est abrogé.
Artikel 89   § 1. De Regering is gemachtigd om voor de autonome bestuursinstellingen van eerste categorie een contractueel personeelslid aan te stellen als boekhouder of rekenplichtige.
  § 2. De personeelsleden van de autonome bestuursinstellingen van eerste categorie die de functie van rekenplichtige innemen, blijven in functie tot op het moment dat een nieuw besluit daaraan een einde stelt.
Article 89   § 1er. Le Gouvernement est autorisé à désigner pour les organismes administratifs autonomes de première catégorie un agent contractuel comme comptable ou comptable-trésorier.
  § 2. Les membres du personnel des organismes administratifs autonomes de première catégorie qui occupent la fonction de comptable-trésorier restent en fonction jusqu'à ce qu'un nouvel arrêté y mette fin.
Artikel 90   De leidende ambtenaren en, in voorkomend geval, het beslissingsorgaan van de ABI's, evenals de functioneel bevoegde ministers en staatssecretarissen nemen alle nodige maatregelen om de opmaak van de algemene rekeningen bij hun instellingen te bespoedigen en te optimaliseren en zodoende ook het opstellen van de geconsolideerde rekening van de gewestelijke entiteit, zodat voornoemde termijnen in acht genomen kunnen worden.
  Dit voorstel wordt vervolgens besproken met de gewestelijke boekhouder, en de betrokken auditeur van het Rekenhof, in een werkgroep die regelmatig vergadert.
  De bevoegde minister en in voorkomend geval de raad van bestuur dragen er eveneens toe bij de door het Rekenhof vastgestelde problemen zo spoedig mogelijk te verhelpen.
Article 90   Les fonctionnaires dirigeants, et le cas échéant, l'organe de décision des OAA ainsi que les Ministres et Secrétaires d'Etat fonctionnellement compétents prennent toutes les mesures nécessaires au niveau de leurs organismes pour accélérer et optimaliser le processus de l'établissement des comptes généraux de ces organismes, et par conséquent de l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale, afin que ces délais soient respectés.
  Cette proposition sera ensuite discutée avec le comptable régional et l'auditeur concerné de la Cour des comptes dans un groupe de travail qui se réunira régulièrement.
  Le ministre compétent et, le cas échéant, le conseil d'administration s'efforcent également de résoudre les problèmes identifiés par la Cour des comptes dans les meilleurs délais.
Artikel 91   Het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, zoals gewijzigd, blijft van kracht in 2026 tot op het moment van zijn vervanging door een nieuw besluit dienaangaande.
Article 91   L'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, tel que modifié, reste en vigueur en 2026 jusqu'au moment de son remplacement par un nouvel arrêté y relatif.
Artikel 92   De beslissingen tot aanstelling van de boekhouder en - in voorkomend geval - zijn plaatsvervanger van de ABI's van tweede categorie, opgesteld op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren en de organieke ordonnantie van 23 februari 2006 houdende de bepalingen die van toepassing zijn op de begroting, de boekhouding en de controle, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe beslissingen die deze vervangen.
Article 92   Les décisions de désignation du comptable et - le cas échéant - son suppléant au sein des OAA de seconde catégorie, établis sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers et l'ordonnance organique portant les dispositions applicables au budget, à la comptabilité et au contrôle du 23 février 2006, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouvelles décisions qui les remplacent.
Artikel 93   De titelvoerende centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten en rekenplichtigen van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten worden gekozen onder de personeelsleden van de GOB Brussel Fiscaliteit.
Article 93   Le comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales, titulaire, ainsi que les comptables-trésoriers des recettes pour les recettes fiscales, sont choisis parmi les membres du personnel du SPRB Bruxelles Fiscalité.
Artikel 94   De rekenplichtigen van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten en de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten zijn ertoe gehouden maandelijks de definitief verworven ontvangsten over te boeken naar de centraliserende bankrekening voor de uitgaven.
  Het concept van definitief verworven ontvangst wordt naargelang het geval beoordeeld op basis van de wettelijke, reglementaire en materiële bepalingen, of op basis van de procedures die deze ontvangst regelen.
Article 94   Les comptables-trésoriers des recettes pour les recettes fiscales, et le comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales sont tenus de verser mensuellement les recettes définitivement acquises sur le compte bancaire centralisateur des dépenses.
  Le concept de recette définitivement acquise s'apprécie, suivant le cas, au regard des dispositions légales, réglementaires et matérielles ou au regard des procédures qui régissent ladite recette.
Artikel 95   DE centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten vormt samen met de rekenplichtigen van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten de structuur van de rekenplichtigen belast met fiscale zaken.
  Op basis van de instructies van de bevoegde ordonnateur, kan de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten:
  1° instructies geven aan de rekenplichtigen van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten;
  2° de rekenplichtigen van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten vervangen.
  De centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten brengt regelmatig verslag uit bij de bevoegde ordonnateur.
  Onverminderd de voorgaande leden, bepaalt de Minister van Financiën, op voorstel van de Directeur-generaal van de Gewestelijke Overheidsdienst Brussel Fiscaliteit, de operationele regels en hiërarchische regels die specifiek van toepassing zijn binnen het kader van de structuur van de rekenplichtigen belast met fiscale zaken.
Article 95   Le comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales constitue avec les comptables-trésoriers des recettes pour les recettes fiscales la structure des comptables-trésoriers chargés de matières fiscales.
  Sur la base des instructions de l'ordonnateur compétent, le comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales peut:
  1° donner des instructions aux comptables-trésoriers des recettes pour les recettes fiscales;
  2° remplacer les comptables-trésoriers des recettes pour les recettes fiscales.
  Le comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales fait régulièrement rapport à l'ordonnateur compétent.
  Sans préjudice des alinéas précédents, le Ministre des Finances détermine, sur la proposition du directeur général du Service public régional de Bruxelles Fiscalité, les règles opérationnelles et les règles hiérarchiques qui s'appliquent spécifiquement dans le cadre de la structure des comptables-trésoriers chargés de matières fiscales.
Artikel 96   § 1. De centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten is, op de centraliserende bankrekening voor de fiscale ontvangsten, belast met:
  1° de invordering van de vastgestelde rechten inzake fiscale zaken betreffende de bevoegdheden waarvoor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de dienst van de belasting uitoefent.
  De dienst van de belasting wordt begrepen in de materiële en organisatorische zin zoals beschreven in het besluit van 15 december 2016 betreffende de oprichting van de Gewestelijke Overheidsdienst Brussel Fiscaliteit;
  2° de invordering van de vastgestelde rechten met betrekking tot opcentiemen voor rekening van derden;
  3° de invordering onder dwang van vastgestelde rechten of vorderingen die hem werden toevertrouwd.
  § 2. Wat de uitbetalingen betreft, kan de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten slechts volgende verrichtingen uitvoeren:
  1° maandelijkse overschrijvingen van de definitief verworven ontvangsten naar de centraliserende bankrekening van de uitgaven, zoals bedoeld in artikel 90;
  2° overschrijvingen naar de bankrekening van een andere rekenplichtige;
  3° de terugbetalingen aan derden van de door deze derden uitgevoerde foutieve stortingen wanneer er geen hieraan verbonden vastgestelde rechten bestaan;
  4° de terugbetalingen aan derden van te veel ontvangen bedragen wanneer de hieraan verbonden annulering van het vastgestelde recht in de loop van hetzelfde begrotingsjaar wordt uitgevoerd als dat waarin het oorspronkelijk vastgestelde recht werd gecreëerd;
  5° de terugbetalingen aan derden van te veel ontvangen bedragen wanneer de daarop betrekking hebbende annulering van het vastgestelde recht wordt uitgevoerd in de loop van een begrotingsjaar volgend op dat waarin het oorspronkelijk vastgestelde recht werd gecreëerd;
  6° de stortingen op de centraliserende bankrekening voor de uitgaven, indien deze zijn goedgekeurd door de Minister van Financiën, en op voorwaarde dat de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven, in het geval van kasvoorschotten op fiscale ontvangsten voor rekening van derden, aan de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten, als bewijsstukken de rekeninguittreksels heeft overgemaakt waaruit blijkt dat de genoemde bedragen aan deze derden werden gestort.
  De onder de punten 3, 4 en 5 bedoelde verrichtingen moeten formeel worden goedgekeurd door de bevoegde ordonnateur, of, als dat niet het geval is, voldoen aan een adequaat niveau van interne controle in termen van scheiding van rollen en bescherming van activa, wanneer deze bedragen definitief en onherroepelijk de bankrekeningen van de gewestelijke entiteit verlaten.
  De in punt 5 bedoelde verrichtingen dienen voorafgaandelijk het voorwerp uit te maken van een door de bevoegde ordonnateur in het boekhoudsysteem gevalideerde boekhoudkundige en budgettaire inschrijving in de uitgaven. Deze aanrekening wordt gevolgd door een interne overschrijving van de bankrekening van de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven naar de bankrekening van de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten.
  De besluiten tot aanstelling van de rekenplichtigen van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten en van de centraliserende rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten kunnen hen belasten met het boeken, onder het functionele gezag van de bevoegde boekhouder, van de vastgestelde rechten in het boekhoudsysteem.
Article 96   § 1er. Le comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales est chargé, sur le compte bancaire centralisateur des recettes fiscales:
  1° du recouvrement des droits constatés en matières fiscales concernant les compétences pour lesquelles la Région de Bruxelles-Capitale exerce le service de l'impôt.
  Le service de l'impôt s'entend au sens matériel et organisationnel tels que décrits dans l'arrêté du 15 décembre 2016 portant création du Service public régional de Bruxelles Fiscalité;
  2° du recouvrement des droits constatés relatifs à des additionnels pour compte de tiers;
  3° du recouvrement par la contrainte de droits constatés ou de créances qui lui ont été confiés.
  § 2. Pour ce qui concerne les décaissements, le comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales ne peut effectuer que les opérations suivantes:
  1° des virements mensuels des recettes définitivement acquises vers le compte bancaire centralisateur des dépenses, tel que visé à l'article 90;
  2° des virements vers le compte bancaire d'un autre comptable-trésorier;
  3° des remboursements à des tiers de versements erronés effectués par ces tiers dans le cas où il n'y a pas de droits constatés qui y sont liés;
  4° des remboursements à des tiers de montants trop perçus lorsque l'annulation du droit constaté y relative est effectuée durant la même année budgétaire que celle où le droit constaté initial a été créé;
  5° des remboursements à des tiers de montants trop perçus lorsque l'annulation du droit constaté y relative est effectuée au cours d'une année budgétaire postérieure à celle où le droit constaté initial a été créé;
  6° des versements sur le compte bancaire centralisateur des dépenses, si ceux-ci sont approuvés par le Ministre des Finances, et pour autant que le comptable-trésorier centralisateur des dépenses ait communiqué, dans le cas d'avances de trésorerie sur recettes fiscales pour compte de tiers, au comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales, comme pièces justificatives les extraits de compte attestant des versements desdites sommes à ces tiers.
  Les opérations visées aux points 3, 4 et 5 précités doivent faire l'objet de l'approbation formelle de l'ordonnateur compétent, ou à défaut, répondre à un niveau adéquat de contrôle interne en termes de séparation des rôles et de protection des actifs, lorsque ces sommes quittent de manière définitive et irrévocable les comptes bancaires de l'entité régionale.
  Les opérations visées au point 5 doivent faire, au préalable, l'objet d'un enregistrement comptable et budgétaire en dépenses validé par l'ordonnateur compétent dans le système comptable. Cette imputation est suivie par un virement interne du compte bancaire du comptable-trésorier centralisateur des dépenses vers le compte bancaire du comptable-trésorier centralisateur de recettes pour les recettes fiscales.
  les arrêtés de désignation des comptables-trésoriers des recettes pour les recettes fiscales et du comptable-trésorier centralisateur des recettes pour les recettes fiscales peuvent les charger d'enregistrer, sous l'autorité fonctionnelle du comptable compétent, les droits constatés dans le système de comptabilité.
Artikel 97   De rekenplichtige van de ontvangsten voor de fiscale ontvangsten beheert zonder verwijl de vastgestelde rechten die zijn opgenomen in de boekingen van het boekhoudsysteem. Hij neemt de maatregelen die nodig zijn voor de invordering en de inning van de vastgestelde rechten, overeenkomstig de invorderingsbevelen van de bevoegde ordonnateur volgens de geldende fiscale bepalingen of, in voorkomend geval, volgens de modaliteiten bepaald door de functioneel bevoegde minister. Hij ziet bovendien ook toe op de bewaring van deze vastgestelde rechten.
Article 97   Le comptable-trésorier des recettes pour les recettes fiscales gère sans délai les droits constatés repris dans les écritures du système de comptabilité. Il prend les mesures nécessaires au recouvrement et à la perception des droits constatés, conformément aux ordres de recouvrement de l'ordonnateur compétent selon les dispositions fiscales en vigueur ou, le cas échéant, selon les modalités fixées par le ministre fonctionnellement compétent. Il veille en outre à la préservation de ces droits constatés.
HOOFDSTUK 8. - Bijzondere bepalingen in verband met de andere verbintenissen van de gewestelijke entiteit
CHAPITRE 8. - Dispositions spécifiques relatives aux autres engagements de l'entité régionale
Afdeling 1. - Bepalingen in verband met de gewestwaarborg
Section 1re. - Dispositions relatives à la garantie régionale
Onderafdeling 1. - Algemene principes
Sous-section 1re. - Principes généraux
Artikel 98   Wanneer de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gemachtigd is om de gewestwaarborg te verlenen voor financiële operaties waaronder in hoofdzaak aan te gane leningen of voor een afgeleid product dat eraan verbonden is, moet vooraf een risicoanalyse van de begunstigde entiteit van de gewestwaarborg en van de te waarborgen verrichting uitgevoerd worden door de diensten van de Regering.
  Bij deze risicoanalyse wordt rekening gehouden met de financiële risico's, de institutionele nabijheid van de begunstigde entiteit ten opzichte van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en met elk ander element dat de blootstelling van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest als borgverlener verhoogt of verlaagt.
  Deze risicoanalyse dient als basis voor de berekening van de vergoeding (fees) die door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zal gevraagd worden voor het toekennen van de gewestwaarborg.
  De fees worden opgenomen in een compartiment van het organieke begrotingsfonds voor het beheer van de gewestschuld en zullen gebruikt worden om een eventueel toekomstig onvermogen op een gewestwaarborg te dekken.
  Elke toegekende gewestwaarborg zal regelmatig opgevolgd worden door de diensten van de Regering tot aan de uitdoving ervan.
Article 98   Lorsque le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à octroyer la garantie régionale aux opérations financières dont principalement des emprunts à contracter ou à un produit dérivé y étant relatif, une analyse de risques de l'entité bénéficiaire de la garantie régionale et de l'opération à garantir doit être effectuée préalablement par les services du Gouvernement.
  Cette analyse de risques tient compte des risques financiers, de la proximité institutionnelle de l'entité bénéficiaire par rapport à la Région de Bruxelles-Capitale et de tout autre élément augmentant ou diminuant l'exposition de la Région de Bruxelles-Capitale en tant que garant.
  Cette analyse de risques sert de base de calcul à la rémunération (fees) qui sera demandée par la Région de Bruxelles-Capitale pour l'octroi de la garantie régionale.
  Les fees sont rassemblés dans un compartiment du Fonds budgétaire organique de la gestion de la dette régionale et participeront à la couverture d'un défaut futur éventuel sur une garantie régionale.
  Chaque garantie régionale octroyée fera l'objet d'un suivi régulier, par les services du Gouvernement, jusqu'à son extinction.
Artikel 99   Om te voorkomen dat een schuldeiser een beroep doet op de gewestelijke waarborg, is de Regering gemachtigd om aan de begunstigde entiteiten van die waarborg een rechtstreekse lening toe te kennen voor een totaal bedrag van maximaal 100 miljoen euro voor het begrotingsjaar 2026, voor alle begunstigde entiteiten als geheel.
  De lening kan slechts toegekend worden door de Regering na een financiële analyse en een contractvoorstel van de Front Office van het Agentschap van de Schuld.
  Deze rechtstreekse lening kan enkel verstrekt worden als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
  1° het was niet mogelijk om tot een vergelijk te komen met de gewaarborgde schuldeiser en hierdoor bestaat er een imminent risico op activering van de waarborg;
  2° de lening beoogt uitsluitend een volledige of gedeeltelijke dekking van de financiële lasten die uitsluitend verschuldigd zijn aan een gewaarborgde schuldeiser voor het betrokken begrotingsjaar;
  3° de lening is gekoppeld aan een herstelplan of corrigerende maatregelen, bepaald in samenspraak met de toezichthoudende overheid.
  De lening en de voorwaarden van haar terugbetaling ervan worden voorafgaand aan de verstrekking geregeld in een contract.
Article 99   Afin de prévenir l'activation d'une garantie régionale par un créancier, le Gouvernement est autorisé à octroyer aux entités bénéficiaires de la garantie un prêt direct à concurrence d'un montant total maximum de 100 millions d'euros pour l'exercice 2026, pour toutes les entités bénéficiaires confondues.
  Le prêt ne pourra être octroyé par le Gouvernement qu'après une analyse financière et une proposition de contractualisation émanant du Front Office de l'Agence de la Dette.
  Ce prêt direct ne pourra être effectué que si les conditions suivantes sont remplies:
  1° une conciliation avec le créancier garanti n'a pas été possible, cette absence de conciliation pouvant entraîner un risque d'activation de la garantie imminent;
  2° le prêt a pour finalité de couvrir totalement ou partiellement les charges financières exclusivement dues à un créancier garanti pour l'année budgétaire considérée;
  3° le prêt s'accompagne d'un plan de redressement ou de mesures correctrices fixées en concertation avec le pouvoir de tutelle.
  Le prêt et les conditions de son remboursement seront contractuellement établis au préalable de la mise en oeuvre du prêt.
Onderafdeling 2. - Specifieke machtigingen
Sous-section 2. - Autorisations spécifiques
Artikel 100   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan de leningen aangegaan in 2026 door de door het Gewest erkende instellingen voor sociaal krediet, volgens de controleregels en ten belope van een maximumbedrag van 25.000.000 euro; in voorkomend geval kan een bijkomend waarborgbedrag vastgelegd worden door de Regering op voorstel van de Minister van Begroting en de Minister voor Huisvesting.
Article 100   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2026 par les sociétés de crédit social agréées par la Région, selon des modalités de contrôle et à concurrence d'un montant maximum de 25.000.000 d'euros; le cas échéant, un montant complémentaire de garantie pourra être fixé par le Gouvernement, sur la proposition du Ministre du Budget et du Ministre du Logement.
Artikel 101   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan de leningen en/of kredietlijnen aangegaan in 2026 door de nv HYDRIA voor een maximumbedrag van 20.000.000 euro.
Article 101   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts et/ou lignes de crédit contractés en 2026 par la SA HYDRIA pour un montant maximal de 20.000.000 d'euros.
Artikel 102   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan in 2026 door de nv Sorteercentrum voor een maximumbedrag van 60.000.000 euro.
Article 102   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2026 par la SA Centre de Tri, pour un montant n'excédant pas 60.000.000 d'euros.
Artikel 103   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door de cvba Brussel-Energie in 2026 voor een maximum bedrag van 36.000.000 euro.
Article 103   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2026 par la SCRL Bruxelles-Energie, pour un montant n'excédant pas 36.000.000 d'euros.
Artikel 104   De Brusselse Hoofdstedelijke Regering is gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor verbintenissen van finance&invest.brussels of haar filialen in het kader van het Plan voor de Toekomst van de Huisvesting, voor een kredietlijn van maximaal 5.000.000 euro (in verband met S.F.A.R. en zijn filialen) in 2026.
Article 104   Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à octroyer la garantie régionale aux engagements de finance&invest.brussels ou de ses filiales dans le cadre du Plan pour l'Avenir du Logement, pour une ligne de crédit de maximum 5.000.000 euros (par rapport à S.F.A.R. et ses filiales) en 2026.
Afdeling 2. - Andere bepalingen
Section 2. - Autres dispositions
Artikel 105   In artikel 2 van de Codex worden de punten 8 en 9 vervangen door:
  "8° nationaal budgettair-structureel plan voor de middellange termijn: het nationaal budgettair-structureel plan voor de middellange termijn als bedoeld in de artikelen 11 e.v. van Verordening (EG) nr. 2024/1263 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2024 betreffende de doeltreffende coördinatie van het economisch beleid en betreffende het multilaterale begrotingstoezicht en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad;
  9° jaarlijks voortgangsverslag: het jaarlijks voortgangsverslag als bedoeld in artikel 21 van Verordening (EG) nr. 2024/1263 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2024 betreffende de doeltreffende coördinatie van het economisch beleid en betreffende het multilaterale begrotingstoezicht en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad;".
Article 105   A l'article 2 du Code, les points 8 et 9 sont remplacés par ce qui suit:
  " 8° plan budgétaire et structurel national à moyen terme: le plan budgétaire et structurel national à moyen terme visé aux articles 11 et suivants du Règlement (CE) n° 2024/1263 du Parlement européen et du Conseil du 29 avril 2024 relatif à la coordination efficace des politiques économiques et à la surveillance budgétaire multilatérale et abrogeant le règlement (CE) n° 1466/97 du Conseil;
  9° rapport d'avancement annuel: le rapport d'avancement annuel, visé à l'article 21 du Règlement (CE) n° 2024/1263 du Parlement européen et du Conseil du 29 avril 2024 relatif à la coordination efficace des politiques économiques et à la surveillance budgétaire multilatérale et abrogeant le règlement (CE) n° 1466/97 du Conseil; ".
Artikel 106   In artikel 9, derde lid, van de Codex worden de woorden "het stabiliteitsprogramma en het nationale hervormingsprogramma" vervangen door de woorden "het nationaal budgettair-structureel plan voor de middellange termijn en het jaarlijks voortgangsverslag".
Article 106   A l'article 9, 3e alinéa, du Code, les mots " du programme de stabilité et du programme national de réforme " sont remplacés par les mots " du plan budgétaire et structurel national à moyen terme et du rapport d'avancement annuel ".
Artikel 107   In afwijking van de artikelen 3 en 5 van de wet van 22 december 1986 over de intercommunales, kunnen gemeenten een participatie nemen in de coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Irisnet gewijd aan de levering van diensten van tele- en elektronische communicatie in het kader van de overheidsopdracht IRISnet 2 die door het Gewest in hun naam en voor hun rekening werd verwezenlijkt.
Article 107   Par dérogation aux articles 3 et 5 de la loi du 22 décembre 1986 sur les intercommunales, les communes peuvent prendre une participation dans la société coopérative à responsabilité limitée Irisnet dédiée à la fourniture de services de télécommunications et de communications électroniques dans le cadre du marché public IRISnet 2 réalisé par la Région en leur nom et pour leur compte.
Artikel 108   De gedecentraliseerde diensten, instellingen, overheidsbedrijven, publiekrechtelijke organen en rechtspersonen die werden opgericht door of die afhangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden gemachtigd om een participatie te nemen in het kapitaal van de cvba Irisnet die instaat voor de levering van diensten van elektronische communicatie en die werd opgericht na afloop van de overheidsopdracht IRISnet2, die zelf werd gegund door het Gewest.
Article 108   Les services décentralisés, établissements, entreprises publiques, organes et personnes morales de droit public qui ont été créés par ou qui dépendent de la Région de Bruxelles-Capitale sont autorisés à prendre des participations en capital dans la SCRL Irisnet dédiée à la fourniture de services de communications électroniques qui a été créée à l'issue du marché public IRISnet2, lui-même attribué par la Région.
Artikel 109   De Regering is gemachtigd om provisies toe te kennen aan advocaten, experten en gerechtsdeurwaarders die voor rekening van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest optreden.
Article 109   Le Gouvernement est autorisé à allouer des provisions aux avocats, aux experts et aux huissiers de justice agissant pour compte de la Région de Bruxelles-Capitale.
HOOFDSTUK 9. - Slotbepaling Artikel 110
CHAPITRE 9. - Disposition finale Article 110
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Bijlage.
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 09-01-2026, p. 787)
Art. N. Annexe.
  (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 09-01-2026, p. 787)