Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
17 NOVEMBER 2025. - Wet houdende wijziging van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie voor wat betreft de compensatie van ocmw's naar aanleiding van de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 28-11-2025 en tekstbijwerking tot 21-01-2026)
Titre
17 NOVEMBRE 2025. - Loi modifiant la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale en ce qui concerne la compensation des cpas suite à la limitation dans le temps des allocations de chômage(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 28-11-2025 et mise à jour au 21-01-2026)
Documentinformatie
Numac: 2025008997
Datum: 2025-11-17
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2025008997
Date: 2025-11-17
Moniteur: Voir
Tekst (9)
Texte (9)
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepaling
CHAPITRE 1. - Disposition introductive
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 74 de la Constitution.
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
CHAPITRE 2. - Modification de la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'Intégration sociale
Art. 2. In titel II, hoofdstuk VI, van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie, wordt in afdeling 4/1, ingevoegd bij de wet van 26 december 2015, een artikel 43/5 ingevoegd, luidende:
  "Art. 43/5. Wanneer het leefloon wordt toegekend aan een begunstigde wiens aanvraag werd ingediend van 1 januari 2026 tot en met 30 juni 2026 en die geen recht meer heeft op een werkloosheidsuitkering overeenkomstig [1 de artikelen 169 of 212]1 van de programmawet van 18 juli 2025, zal de Staat een toelage toekennen aan het centrum.
  Deze toelage bedraagt:
  - 100% van het bedrag van het leefloon voor het jaar 2026;
  - 90% van het bedrag van het leefloon voor het jaar 2027;
  - 80% van het bedrag van het leefloon voor het jaar 2028;
  - 75% van het bedrag van het leefloon vanaf het jaar 2029."
  
Art. 2. Dans le titre II, chapitre VI, de la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'Intégration sociale, il est inséré dans la section 4/1, insérée par la loi du 26 décembre 2015, un article 43/5 rédigé comme suit :
  " Art. 43/5. Lorsque le revenu d'intégration est octroyé à un bénéficiaire dont la demande a été introduite entre le 1er janvier 2026 jusqu'au 30 juin 2026 et qui n'a plus droit au bénéfice des allocations de chômage conformément [1 aux articles 169 ou 212]1 de la loi-programme du 18 juillet 2025, l'Etat accorde une subvention au centre.
  Cette subvention s'élève à :
  - 100% du montant du revenu d'intégration pour l'année 2026 ;
  - 90% du montant du revenu d'intégration pour l'année 2027 ;
  - 80% du montant du revenu d'intégration pour l'année 2028 ;
  - 75% du montant du revenu d'intégration à partir de l'année 2029. "
  
Art. 3. In titel II, hoofdstuk VI, van dezelfde wet, wordt in afdeling 4/1, ingevoegd bij de wet van 26 december 2015, een artikel 43/6 ingevoegd, luidende:
  "Art. 43/6. Een aanvullende toelage wordt toegekend aan het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn wanneer het leefloon wordt toegekend aan een begunstigde wiens aanvraag werd ingediend vanaf 1 juli 2026 en die geen recht meer heeft op een werkloosheidsuitkering overeenkomstig [1 de artikelen 169 of 212]1 van de programmawet van 18 juli 2025.
  Deze toelage bedraagt 15% van het bedrag van het leefloon."
  
Art. 3. Dans le titre II, chapitre VI, de la même loi, il est inséré dans la section 4/1, insérée par la loi du 26 décembre 2015, un article 43/6 rédigé comme suit :
  " Art. 43/6. Une subvention complémentaire est octroyée au centre public d'action sociale lorsque le revenu d'intégration a été octroyé à un bénéficiaire dont la demande a été introduite à partir du 1er juillet 2026 et qui n'a plus droit au bénéfice des allocations de chômage conformément [1 aux articles 169 ou 212]1 de la loi-programme du 18 juillet 2025.
  Cette subvention s'élève à 15% du montant du revenu d'intégration. "
  
Art. 4. In dezelfde titel, in hetzelfde hoofdstuk van dezelfde wet, wordt in afdeling 4/1 een artikel 43/7 ingevoegd dat als volgt luidt:
  " Art. 43/7. Voor de jaren 2026 tot en met 2028 wordt aan het OCMW een bijzondere toelage van 518 euro toegekend per dossier vermeld in het tweede lid en dat voor terugbetaling door de Staat in aanmerking komt.
  Het in aanmerking genomen dossier is het dossier van de begunstigde die tussen 1 januari 2026 en 30 juni 2026 werd uitgesloten van het recht op werkloosheidsuitkeringen overeenkomstig [1 de artikelen 169 of 212]1 van de programmawet van 18 juli 2025 .
  De in aanmerking te nemen referentieperiode loopt van 1 maart 2026 tot en met 31 maart 2028."
  
Art. 4. Dans le même titre, dans le même chapitre de la même loi, il est inséré dans la section 4/1, un article 43/7 rédigé comme suit :
  " Art. 43/7. Pour les années 2026 à 2028, est octroyée au CPAS, une subvention particulière de 518 euros par dossier mentionné à l'alinéa 2 et qui a été pris en compte pour les remboursements par l'Etat.
  Le dossier pris en compte est le dossier du bénéficiaire qui a été exclu entre le 1er janvier 2026 et le 30 juin 2026 du bénéfice des allocations de chômage conformément [1 aux articles 169 ou 212]1 de la loi-programme du 18 juillet 2025.
  La période de référence à prendre en considération court du 1er mars 2026 au 31 mars 2028 inclus ".
  
Art. 5. In artikel 43/2 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 21 juli 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° Er wordt een paragraaf 6 ingevoegd, luidende :
  " § 6. Het percentage van de bijzondere toelage bedoeld in de paragrafen 1 tot en met 4 wordt aangepast aan het aantal bestaande geïndividualiseerde projecten voor maatschappelijke integratie, berekend per kalenderjaar :
  - het percentage bedraagt 15% van het bedrag van het toegekende leefloon wanneer het OCMW met ten minste 80% van de begunstigden geïndividualiseerde projecten voor maatschappelijke integratie heeft afgesloten;
  - het percentage bedraagt 12,5% van het bedrag van het toegekende leefloon wanneer het OCMW met tussen 60% en 80% van de begunstigden geïndividualiseerde projecten voor maatschappelijke integratie heeft afgesloten;
  - het percentage bedraagt van 10% van het bedrag van het toegekende leefloon wanneer het OCMW met tussen 40% en 60% van de begunstigden geïndividualiseerde projecten voor maatschappelijke integratie heeft afgesloten;
  - het percentage bedraagt 7,5% van het bedrag van het toegekende leefloon wanneer het OCMW met tussen 20% en 40% van de begunstigden geïndividualiseerde projecten voor maatschappelijke integratie heeft afgesloten;
  - het percentage bedraagt 5% van het bedrag van het toegekende leefloon wanneer het OCMW minder dan 20% van de begunstigden geïndividualiseerde projecten voor maatschappelijke integratie heeft afgesloten.
  2° Een paragraaf 7 wordt ingevoegd, luidende:
  § 7. Een aanvullende toelage wordt toegekend aan het OCMW voor de kosten van begeleiding en activering op voorwaarde dat aan de in het tweede en derde lid bedoelde voorwaarden is voldaan.
  Deze toelage wordt toegekend wanneer het leefloon is toegekend aan de leefloongerechtigde die niet langer gerechtigd is omdat hij niet langer voldoet aan de voorwaarde van artikel 3, 5°, van de wet wegens uitoefening van een beroepsactiviteit die aanleiding kan geven tot een inkomen in de zin van artikel 23, § 1, 1°, 2° of 4° van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen van 1992 en op voorwaarde dat hij of zij gedurende een ononderbroken periode van één jaar geen aanspraak meer maakt op dit recht.
  Bovendien nam hij op het moment dat hij een leefloon ontving deel aan een geïndividualiseerd project voor maatschappelijke integratie. Het bedrag van de aanvullende toelage bedraagt een twaalfde van het jaarlijks bedrag van het leefloon, vastgesteld in artikel 14, § 1, eerste lid, 3°. "
Art. 5. A l'article 43/2 de la même loi, modifié en dernier lieu par la loi du 21 juillet 2016, les modifications suivantes sont apportées :
  1° Un paragraphe 6 est inséré comme suit :
  " § 6. Le pourcentage de la subvention particulière prévue aux paragraphes 1 à 4 est réadapté en fonction du nombre de projets individualisés d'intégration sociale existants, calculés par année civile :
  - le pourcentage s'élève à 15 % du montant du revenu d'intégration octroyé lorsque le CPAS a conclu des projets individualisés d'intégration sociale avec au moins 80 % des bénéficiaires ;
  - le pourcentage s'élève à 12,5% du montant du revenu d'intégration octroyé lorsque le CPAS a conclu des projets individualisés d'intégration sociale avec entre 60 à 80% des bénéficiaires ;
  - le pourcentage s'élève à 10% du montant du revenu d'intégration octroyé lorsque le CPAS a conclu des projets individualisés d'intégration sociale avec entre 40 à 60% des bénéficiaires ;
  - le pourcentage s'élève à 7,5% du montant du revenu d'intégration octroyé lorsque le CPAS a conclu des projets individualisés d'intégration sociale avec entre 20 à 40 % des bénéficiaires ;
  - le pourcentage s'élève à 5% du montant du revenu d'intégration octroyé lorsque le CPAS a conclu des projets individualisés d'intégration sociale avec moins de 20% des bénéficiaires.
  2° Un paragraphe 7 est inséré comme suit :
  § 7. Une subvention complémentaire est octroyée au CPAS pour les frais d'accompagnement et d'activation pour autant que les conditions visées aux alinéas 2 et 3 soient remplies.
  Cette subvention est octroyée lorsque le revenu d'intégration a été octroyé au bénéficiaire du revenu d'intégration qui ne peut plus bénéficier du droit à l'intégration sociale parce qu'il ne répond plus à la condition prévue à l'article 3, 5° de la loi en raison de l'exercice d'une activité professionnelle susceptible de produire un revenu au sens de l'article 23, § 1er, 1°, 2° ou 4° du Code des Impôts sur les revenus de 1992 et pour autant qu'il ne fasse plus valoir ce droit pendant une période ininterrompue d'un an.
  En outre, au moment où il percevait un revenu d'intégration, il participait à un projet individualisé d'intégration sociale. Le montant de la subvention supplémentaire s'élève à un douzième du montant annuel du revenu d'intégration, fixé à l'article 14, § 1er, alinéa 1er, 3° . "
HOOFDSTUK 3. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 3. . - Entrée en vigueur
Art. 6. Deze wet treedt in werking op een door de Koning te bepalen datum, met uitzondering van artikel 5,1° dat in werking treedt op 1 januari 2028.
Art. 6. La présente loi entre en vigueur à une date à déterminer par le Roi, à l'exception de son article 5, 1°, qui entre en vigueur le 1er janvier 2028.