Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
13 NOVEMBER 2025. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende het model van de uitvoeringsrekening van de begroting en haar bijlage
Titre
13 NOVEMBRE 2025. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale fixant le modèle du compte d'exécution du budget et de son annexe
Documentinformatie
Numac: 2025008796
Datum: 2025-11-13
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2025008796
Date: 2025-11-13
Moniteur: Voir
Tekst (16)
Texte (14)
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° Codex: de ordonnantie van 4 april 2024 houdende de Codex van de openbare financiën van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  2° Autonome bestuursinstelling (hierna ABI genoemd): de instellingen als gedefinieerd in artikel 2, 2° van de Codex;
  3° Diensten van de regering: de diensten van de regering als gedefinieerd in artikel 2, 5° van de Codex;
  4°. Boekhoudkundige entiteit: entiteit als gedefinieerd in artikel 2, 16° van de Codex;
  5° Begrotingsposten: de begrotingsposten als gedefinieerd in artikel 1, 17° van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de begrotingsfondsen, het begrotingskader, de ontvangsten- en uitgavenbegroting en de begrotingswijzigingen;
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° Code : l'ordonnance du 4 avril 2024 portant le Code des finances publiques de la région de Bruxelles-Capitale ;
  2° Organisme administratif autonome (ci-après dénommé OAA) : les organismes tels que définis à l'article 2, 2° du Code ;
  3° Services du Gouvernement : les services du Gouvernement tels que définis à l'article 2, 5° du Code ;
  4° Entité comptable : entité telle que définie à l'article 2, 16° du Code ;
  5° Postes budgétaires : postes budgétaires tels que définis à l'article 1, 17° de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatif aux fonds budgétaires, au cadre budgétaire, au budget des recettes et des dépenses et aux modifications budgétaires ;
Art. 2. Dit besluit is van toepassing op:
  1° de diensten van de Regering;
  2° de ABI's 1 ;
  3° de ABI's 2 zoals bepaald in artikel 4, § 1, eerste lid van de Codex;
  4° de ABI's 2 als gedefinieerd in artikel 4, § 2 van de Codex.
Art. 2. Le présent arrêté s'applique :
  1° aux services du Gouvernement ;
  2° aux OAA1 ;
  3° aux OAA2 tels que définis à l'article 4, § 1, premier alinéa du Code ;
  4° aux OAA2 tels que définis à l'article 4, § 2 du Code.
HOOFDSTUK 1. - vorm en inhoud van de uitvoeringsrekening van de begroting van de ontvangsten
CHAPITRE 1. - forme et contenu du compte d'exécution du budget des recettes
Art. 3. De uitvoeringsrekening van de begroting ontvangsten van de boekhoudkundige entiteiten worden gepresenteerd per begrotingsposten met subtotalen per opdracht en per programma. Ze omvat de volgende gegevens:
  1° het opdrachtnummer;
  2° de naam van de opdracht;
  3° het programmanummer;
  4° de naam van het programma;
  5° het aggregaatnummer;
  6° de raming van de vastgestelde rechten voor het begrotingsjaar;
  7° de vastgestelde rechten tijdens het begrotingsjaar;
  8° het verschil tussen de raming van de vastgestelde rechten voor het begrotingsjaar en de vastgestelde rechten tijdens het begrotingsjaar;
  9° het percentage gerealiseerde ontvangsten ;
  10° een algemeen totaal van de begrote van de vastgestelde rechten en de werkelijk vastgestelde rechten.
Art. 3. Le compte d'exécution du budget des recettes des entités comptables est présenté par postes budgétaires avec des sous-totaux par mission et par programme. Il comporte les renseignements suivants :
  1° le numéro de la mission ;
  2° le libellé de la mission ;
  3° le numéro du programme ;
  4° le libellé du programme;
  5° le numéro de l'agrégat ;
  6° l'estimation des droits constatés pour l'année budgétaire ;
  7° les droits constatés au cours de l'année budgétaire ;
  8° la différence entre l'estimation des droits constatés pour l'année budgétaire et les droits constatés au cours de l'année budgétaire ;
  9° le pourcentage de réalisation des recettes ;
  10° un total général de l'estimation des droits constatés et des droits réellement constatés.
HOOFDSTUK 2. - vorm en inhoud van de uitvoeringsrekening van de begroting van de uitgaven
CHAPITRE 2. - forme et contenu du compte d'exécution du budget des dépenses
Art. 4. De uitvoeringsrekening van de begroting uitgaven van de boekhoudkundige entiteiten worden gepresenteerd per begrotingsposten met subtotalen per opdrachten en per programma. Ze omvat de volgende gegevens:
  1° het opdrachtnummer;
  2° de naam van de opdracht;
  3° het programmanummer;
  4° de naam van het programma;
  5° het aggregaatnummer;
  6° De vastleggingskredieten voor het begrotingsjaar waarvan:
  - de vastleggingskredieten exclusief variabele kredieten
  - desgevallend, de variabele vastleggingskredieten
  7° De bedragen die tijdens het begrotingsjaar werden vastgelegd waaronder:
  - de vastgelegde bedragen exclusief variabele kredieten
  - desgevallend, de op de variabele kredieten vastgelegde bedragen
  8° De vereffeningskredieten voor het begrotingsjaar waaronder:
  - de vereffeningskredieten exclusief variabele kredieten
  - desgevallend, de variabele vereffeningskredieten
  9° De bedragen die tijdens het begrotingsjaar werden vereffend waaronder:
  - de vereffende bedragen exclusief variabele kredieten
  - desgevallend, de op de variabele kredieten vereffende bedragen
  10° Het verschil tussen de vastleggingskredieten voor het begrotingsjaar en de bedragen die tijdens het begrotingsjaar werden vastgelegd (exclusief variabele kredieten en desgevallend voor de variabele vastleggingskredieten).
  11° Het verschil tussen de vereffeningskredieten voor het begrotingsjaar en de bedragen die tijdens het begrotingsjaar werden vereffend (exclusief variabele kredieten en desgevallend voor de variabele vereffeningskredieten).
  12° Een algemeen totaal van de begrote van de vastleggingskredieten en vereffeningskredieten en van de werkelijk vastgelegde en vereffende bedragen.
Art. 4. Le compte d'exécution du budget des dépenses des entités comptables est présenté par postes budgétaires avec des sous-totaux par missions et par programme. Il comporte les renseignements suivants :
  1° le numéro de la mission ;
  2° le libellé de la mission ;
  3° le numéro du programme ;
  4° le libellé du programme;
  5° le numéro de l'agrégat ;
  6° Les crédits d'engagements pour l'année budgétaire dont :
  - les crédits d'engagement hors crédits variables
  - le cas échéant, les crédits d'engagement variables
  7° Les sommes engagées au cours de l'année budgétaire dont :
  - les sommes engagées hors crédits variables
  - le cas échéant, les sommes engagées sur les crédits variables
  8° Les crédits de liquidation au cours de l'année budgétaire dont :
  - les crédits de liquidation hors crédits variables
  - le cas échéant, les crédits de liquidation variables
  9° Les sommes liquidées au cours de l'année budgétaire dont :
  - les sommes liquidées hors crédits variables
  - le cas échéant, les sommes liquidées sur les crédits variables
  10° La différence entre les crédits d'engagement pour l'année budgétaire et les sommes engagées au cours de l'année budgétaire (hors crédits variables et le cas échéant pour les crédits variables).
  11° La différence entre les crédits de liquidation pour l'année budgétaire et les sommes liquidées au cours de l'année budgétaire (hors crédits variables et le cas échéant pour les crédits variables).
  12° Un total général des prévisions des crédits d'engagement et de liquidation et des sommes réellement engagées et liquidées.
HOOFDSTUK 3. - vorm en inhoud van de bijlage bij de uitvoeringsrekening voor niet-variabele kredieten (kredieten C)
CHAPITRE 3. - forme et contenu de l'annexe au compte d'exécution du budget pour les crédits non variables (crédits C)
Art. 5. De bijlage bij de uitvoeringsrekening voor niet-variabele kredieten van de boekhoudkundige entiteiten wordt gepresenteerd per begrotingsposten met subtotalen per opdracht en per programma. Ze omvat de volgende kolommen:
  a) de uitstaande vastleggingen op 1 januari;
  b) de vastleggingskredieten vermeld in artikel 13, lid 3, 2°, a) van de Codex;
  c) de op de vastleggingskredieten aangerekende vastleggingen: positieve en negatieve bewegingen gedurende het jaar;
  d) het verschil tussen de vastleggingskredieten vermeld in punt b) en de aangerekende vastleggingen vermeld in punt c) = geannuleerde vastleggingskredieten op het einde van het begrotingsjaar;
  e) de geannuleerde vastleggingen op de uitstaande vastleggingen op 1 januari;
  f) de op de vereffeningskredieten aangerekende vereffeningen: positieve en negatieve bewegingen;
  g) de uitstaande vastleggingen op 31 december verkregen door "a" en "c" op te tellen en "e" en "f" af te trekken.
  Voor elke kolom wordt een eindtotaal berekend.
Art. 5. L'annexe au compte d'exécution du budget pour les crédits non variables des entités comptables est présentée par postes budgétaires avec des sous-totaux par mission et par programme. Elle comporte les colonnes suivantes :
  a) l'encours des engagements au 1er janvier ;
  b) les crédits d'engagement, mentionnés à l'article 13, alinéa 3, point 2, a) du Code ;
  c) les engagements imputés aux crédits d'engagement : mouvements positifs et négatifs de l'année ;
  d) la différence entre les crédits d'engagement, mentionnés au point b), et les engagements imputés mentionnés au point c) = crédits d'engagement annulés à la fin de l'année budgétaire ;
  e) les engagements annulés sur l'encours des engagements au 1er janvier ;
  f) les liquidations imputées aux crédits de liquidation : mouvements positifs et négatifs ;
  g) l'encours des engagements au 31 décembre qui s'obtient en additionnant " a " et " c " et en soustrayant " e " et " f ".
  Un total général est calculé par colonne.
HOOFDSTUK 4. - vorm en inhoud van de bijlage bij de uitvoeringsrekening voor variabele kredieten (kredieten F)
CHAPITRE 4. - forme et contenu de l'annexe au compte d'exécution du budget pour les crédits variables (crédits F)
Art. 6. De bijlage bij de uitvoeringsrekening voor variabele kredieten van de boekhoudkundige entiteiten wordt gepresenteerd per begrotingsposten met subtotalen per opdracht en per programma. Ze omvat de volgende kolommen:
  a) de uitstaande vastleggingen op 1 januari;
  b) de vastleggingskredieten vermeld in artikel 13, lid 3, 2°, a) van de Codex;
  c) de op de vastleggingskredieten aangerekende vastleggingen: positieve en negatieve bewegingen gedurende het jaar;
  d) het verschil tussen de vastleggingskredieten vermeld in punt b) en de aangerekende vastleggingen vermeld in punt c) = geannuleerde vastleggingskredieten op het einde van het begrotingsjaar;
  e) de geannuleerde vastleggingen op de uitstaande vastleggingen op 1 januari;
  f) de op de vereffeningskredieten aangerekende vereffeningen (positieve en negatieve bewegingen);
  g) de uitstaande vastleggingen op 31 december verkregen door "a" en "c" op te tellen en "e" en "f" af te trekken.
  Voor elke kolom wordt een eindtotaal berekend.
Art. 6. L'annexe au compte d'exécution du budget pour les crédits variables des entités comptables est présentée par postes budgétaires avec des sous-totaux par mission et par programme. Elle comporte les colonnes suivantes :
  a) l'encours des engagements au 1er janvier ;
  b) les crédits d'engagement, mentionnés à l'article 13, alinéa 3, point 2, a) du Code ;
  c) les engagements imputés aux crédits d'engagement : mouvements positifs et négatifs de l'année ;
  d) la différence entre les crédits d'engagement, mentionnés au point b), et les engagements imputés mentionnés au point c) = les crédits d'engagement annulés à la fin de l'année budgétaire ;
  e) les engagements annulés sur l'encours des engagements au 1er janvier ;
  f) les liquidations imputées aux crédits de liquidation (mouvements positifs et négatifs) ;
  g) l'encours des engagements au 31 décembre qui s'obtient en additionnant " a " et " c " et en soustrayant " e " et " f ".
  Un total général est calculé par colonne.
Art. 7. De modellen van de uitvoeringsrekening van de begrotingen en haar bijlage zijn aan dit besluit gehecht.
Art. 7. Les modèles du compte d'exécution du budget et de son annexe sont annexés au présent arrêté.
Art. 8. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2025 voor elke boekhoudkundige transactie die wordt uitgevoerd vanaf het boekjaar 2025.
Art. 8. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2025 pour toute opération comptable réalisée à partir de l'exercice 2025.
Art. 9. In afwijking op artikel 8, treden artikel 3, 8° en artikel 4, 10° en 11° in werking op 1 januari 2026 voor elke boekhoudkundige transactie die wordt uitgevoerd vanaf het boekjaar 2026.
Art. 9. Par dérogation à l'article 8, l'article 3, 8° et l'article 4, 10° et 11° entrent en vigueur le 1er janvier 2026 pour toute opération comptable réalisée à partir de l'exercice 2026.
Art. 10. De minister van Financiën en Begroting van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 10. Le ministre des Finances et du Budget du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
-
Art. N. Bijlage.
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 26-11-2025, p. 89550)
-