Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
13 OKTOBER 2025. - Wet betreffende het versturen van een sensibiliseringsbrief inzake de uitdagingen op het vlak van veiligheid waarvoor de toegang tot bepaalde informatiegegevens van het Rijksregister van natuurlijke personen door het ministerie van Landsverdediging noodzakelijk is
Titre
13 OCTOBRE 2025. - Loi relative à l'envoi d'une lettre de sensibilisation aux enjeux sécuritaires pour lequel l'accès à certaines informations du Registre national des personnes physiques par le ministère de la Défense est nécessaire
Documentinformatie
Numac: 2025007882
Datum: 2025-10-13
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2025007882
Date: 2025-10-13
Moniteur: Voir
Tekst (5)
Texte (5)
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 74 de la Constitution.
Art. 2. § 1. Het ministerie van Landsverdediging verstuurt een sensibiliseringsbrief aan iedere Belgische burger of onderdaan van een lidstaat van de Europese economische ruimte of van de Zwitserse Bondstaat, die in België verblijft en die de leeftijd van achttien jaar bereikt in het jaar volgend op het jaar waarin de brief wordt verstuurd.
  § 2. Het verzenden van de brief bedoeld in paragraaf 1 gebeurt jaarlijks met het oog op een mogelijke inlijving in het jaar volgend op het jaar waarin de brief wordt verstuurd.
  § 3. De brief bedoeld in paragraaf 1 bevat de volgende elementen:
  1° een beschrijving van de uitdagingen op het vlak van veiligheid;
  2° een uitnodiging om te solliciteren bij het reservekader van de Krijgsmacht om vrijwillig één jaar te dienen, indien de bestemmeling van de brief meent aan de selectievoorwaarden te kunnen voldoen;
  3° de inschrijvingsmodaliteiten en de verwijzing naar de selectievoorwaarden om als kandidaat-reservemilitair te worden aanvaard;
  4° een beschrijving van de gegevensverwerking die wordt uitgevoerd in het kader van de verzending van de brief;
  5° informatie over het bestaan van andere vormen van samenlevingsdienst zoals voorzien door de wet van 15 mei 2024 tot invoering van een Samenlevingsdienst, wanneer deze operationeel zullen zijn.
  § 4. De brief bedoeld in paragraaf 1 legt geen enkele verplichting op aan de bestemmeling.
Art. 2. § 1er. Le ministère de la Défense adresse une lettre de sensibilisation à chaque citoyen belge ou ressortissant d'un Etat membre de l'Espace économique européen ou de la Confédération suisse, résidant en Belgique et atteignant l'âge de dix-huit ans dans l'année qui suit celle où la lettre est envoyée.
  § 2. L'envoi de la lettre visée au paragraphe 1er s'effectue annuellement en vue d'une possible incorporation pendant l'année qui suit celle où la lettre est envoyée.
  § 3. La lettre visée au paragraphe 1er contient les éléments suivants:
  1° une description des enjeux sécuritaires;
  2° une invitation à postuler dans le cadre de réserve des Forces armées pour y servir volontairement pendant une année si le destinataire de la lettre estime pouvoir satisfaire aux conditions de sélection;
  3° les modalités d'inscription et la référence aux conditions de sélection pour être admis comme candidat militaire de réserve;
  4° une description du traitement des données réalisé pour l'envoi de la lettre;
  5° une information sur l'existence d'autres formes de service à la communauté telles que prévues par la loi du 15 mai 2024 instaurant un Service citoyen, lorsque celles-ci seront opérationnelles.
  § 4. La lettre visée au paragraphe 1er n'impose aucune obligation pour son destinataire.
Art. 3. Om artikel 2 uit te voeren, wordt, na machtiging door de minister van Binnenlandse Zaken, toegang verleend aan het ministerie van Landsverdediging tot de informatie bedoeld in artikel 3, eerste lid, 1°, 2°, 4°, 5° en 6°, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen teneinde een lijst op te stellen van personen aan wie de brief moet worden verzonden overeenkomstig artikel 2, paragraaf 1.
  Wat betreft de informatie bedoeld in artikel 3, eerste lid, 2°, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen, wordt de toegang evenwel beperkt tot het geboortejaar.
  Wat betreft de informatie bedoeld in artikel 3, eerste lid, 6°, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen, wordt de toegang evenwel beperkt tot, in voorkomend geval, de datum van het overlijden of de datum van de overschrijving van de beslissing houdende verklaring van afwezigheid.
Art. 3. Pour mettre en oeuvre l'article 2, l'accès aux informations visées à l'article 3, alinéa 1er, 1°, 2°, 4°, 5° et 6°, de la loi du 8 août 1983 organisant un Registre national des personnes physiques est accordé au ministère de la Défense, après l'habilitation par le ministre de l'Intérieur, afin d'établir une liste de personnes auxquelles la lettre doit être envoyée conformément à l'article 2, paragraphe 1er.
  En ce qui concerne les informations visées à l'article 3, alinéa 1er, 2°, de la loi du 8 août 1983 organisant un Registre national des personnes physiques, l'accès est toutefois limité à l'année de naissance.
  En ce qui concerne les informations visées à l'article 3, alinéa 1er, 6°, de la loi du 8 août 1983 organisant un Registre national des personnes physiques, l'accès est toutefois limité, le cas échéant, à la date du décès ou à la date de la transcription de la décision déclarative d'absence.
Art. 4. § 1. Voor de verwerking van de gegevens bedoeld in artikel 3 treedt het ministerie van Landsverdediging op als verwerkingsverantwoordelijke.
  § 2. De consultaties van de gegevens bedoeld in artikel 3 worden gedurende tien jaar bijgehouden in een consultatieregister.
  Zodra de in artikel 2, § 1, bedoelde brief is verzonden, worden de lijst van personen aan wie de brief moet worden verzonden overeenkomstig artikel 2, § 1, evenals de overeenkomstig artikel 3 verzamelde gegevens die nodig waren voor het opstellen van deze lijst, vernietigd.
  § 3. De met toepassing van artikel 3 geconsulteerde gegevens mogen niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan die voorzien in deze wet.
Art. 4. § 1er. Pour le traitement des données visées à l'article 3, le ministère de la Défense agit comme responsable du traitement.
  § 2. Les consultations des données visées à l'article 3 sont conservées durant dix ans dans un registre des consultations.
  Dès que la lettre visée à l'article 2, § 1er, est envoyée, la liste de personnes auxquelles la lettre doit être envoyée conformément à l'article 2, § 1er, ainsi que les données qui étaient nécessaires pour l'établissement de cette liste, recueillies conformément à l'article 3, sont détruites.
  § 3. Les données consultées en application de l'article 3 ne peuvent pas être utilisées à d'autres fins que celles prévues par la présente loi.
Art. 5. Deze wet treedt in werking de dag waarop ze in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
  Deze wet wordt aan een evaluatie onderworpen door de minister van Defensie in het zesde jaar na de inwerkingtreding ervan. De evaluatie heeft betrekking op de evolutie van de uitdagingen op het vlak van veiligheid teneinde te oordelen of het versturen van een sensibiliseringsbrief nog opportuun is. De minister van Defensie stelt de uitkomst van de evaluatie voor aan de Kamer van volksvertegenwoordigers.
Art. 5. La présente loi entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
  La présente loi est soumise à une évaluation par le ministre de la Défense dans le courant de la sixième année après son entrée en vigueur. L'évaluation porte sur l'évolution des enjeux sécuritaires afin de juger si l'envoi d'une lettre de sensibilisation est encore opportun. Le ministre de la Défense présente le résultat de l'évaluation à la Chambre des représentants.