Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
1 OKTOBER 2024. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale Interneauditdienst
Titre
1 OCTOBRE 2024. - Arrêté royal modifiant l'arrêté royal du 4 mai 2016 portant création du Service fédéral d'audit interne
Documentinformatie
Info du document
Tekst (21)
Texte (21)
Artikel 1. Het opschrift van het koninklijk besluit van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale Interneauditdienst wordt vervangen als volgt : "Koninklijk besluit betreffende de federale interne audit".
Article 1er. L'intitulé de l'arrêté royal du 4 mai 2016 portant création du Service fédéral d'audit interne est remplacé par ce qui suit : " Arrêté royal relatif à l'audit interne fédéral ".
Art. 2. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale Interneauditdienst, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 15 mei 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt:
"1° "dienst": een entiteit bedoeld in artikel 1;";
2° na het 2° worden de bepalingen onder 2°/1 en 2°/2 ingevoegd, luidende:
"2°/1 "forensisch auditor": personeelslid van de Federale Interneauditdienst, bedoeld in Titel 2, dat forensische auditactiviteiten uitoefent;
2°/2 "auditor": een intern of forensisch auditor;";
3° de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° "leidinggevende": de administratief verantwoordelijke met het hoogste niveau in een dienst;";
4° de bepaling onder 5° wordt vervangen als volgt:
"5° "organisatiebeheersing": het proces bedoeld in artikel 2, 5°, van het koninklijk besluit van 15 mei 2022 betreffende de organisatiebeheersing binnen sommige diensten van de federale uitvoerende macht, en tot wijziging van de koninklijke besluiten van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale Interneauditdienst en van 17 augustus 2007 tot oprichting van het Auditcomité van de federale overheid;";
5° na het 5°, vervangen bij artikel 2, 4°, van dit besluit, wordt een 5°/1 ingevoegd, luidende:
" 5°/1 " systeem voor organisatiebeheersing ": het systeem bedoeld in artikel 2, 6°, van het koninklijk besluit van 15 mei 2022 betreffende de organisatiebeheersing binnen sommige diensten van de federale uitvoerende macht, en tot wijziging van de koninklijke besluiten van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale Interneauditdienst en van 17 augustus 2007 tot oprichting van het Auditcomité van de federale overheid;";
6° het artikel wordt aangevuld met bepalingen onder 7°, 8° en 9°, luidende:
"7° "integriteitsschending": de schending bedoeld in artikel 2, § 1, 1° en 2°, van de wet van 8 december 2022 betreffende de meldingskanalen en de bescherming van de melders van integriteitsschendingen in de federale overheidsinstanties en bij de geïntegreerde politie;
8° "audituniversum": het geheel van de entiteiten bedoeld in artikel 1.
9° "forensische auditactiviteiten":
1° administratieve onderzoeken naar vermoedelijke integriteitsschendingen gepleegd in het kader van de activiteiten van een dienst;
2° taken die betrekking hebben op integriteitschendingen en die door of krachtens de wet of andere besluiten aan de Federale Interneauditdienst worden toevertrouwd.".
1° de bepaling onder 1° wordt vervangen als volgt:
"1° "dienst": een entiteit bedoeld in artikel 1;";
2° na het 2° worden de bepalingen onder 2°/1 en 2°/2 ingevoegd, luidende:
"2°/1 "forensisch auditor": personeelslid van de Federale Interneauditdienst, bedoeld in Titel 2, dat forensische auditactiviteiten uitoefent;
2°/2 "auditor": een intern of forensisch auditor;";
3° de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° "leidinggevende": de administratief verantwoordelijke met het hoogste niveau in een dienst;";
4° de bepaling onder 5° wordt vervangen als volgt:
"5° "organisatiebeheersing": het proces bedoeld in artikel 2, 5°, van het koninklijk besluit van 15 mei 2022 betreffende de organisatiebeheersing binnen sommige diensten van de federale uitvoerende macht, en tot wijziging van de koninklijke besluiten van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale Interneauditdienst en van 17 augustus 2007 tot oprichting van het Auditcomité van de federale overheid;";
5° na het 5°, vervangen bij artikel 2, 4°, van dit besluit, wordt een 5°/1 ingevoegd, luidende:
" 5°/1 " systeem voor organisatiebeheersing ": het systeem bedoeld in artikel 2, 6°, van het koninklijk besluit van 15 mei 2022 betreffende de organisatiebeheersing binnen sommige diensten van de federale uitvoerende macht, en tot wijziging van de koninklijke besluiten van 4 mei 2016 tot oprichting van de Federale Interneauditdienst en van 17 augustus 2007 tot oprichting van het Auditcomité van de federale overheid;";
6° het artikel wordt aangevuld met bepalingen onder 7°, 8° en 9°, luidende:
"7° "integriteitsschending": de schending bedoeld in artikel 2, § 1, 1° en 2°, van de wet van 8 december 2022 betreffende de meldingskanalen en de bescherming van de melders van integriteitsschendingen in de federale overheidsinstanties en bij de geïntegreerde politie;
8° "audituniversum": het geheel van de entiteiten bedoeld in artikel 1.
9° "forensische auditactiviteiten":
1° administratieve onderzoeken naar vermoedelijke integriteitsschendingen gepleegd in het kader van de activiteiten van een dienst;
2° taken die betrekking hebben op integriteitschendingen en die door of krachtens de wet of andere besluiten aan de Federale Interneauditdienst worden toevertrouwd.".
Art. 2. A l'article 2 de l'arrêté royal du 4 mai 2016 portant création du Service fédéral d'audit interne, modifié par l'arrêté royal du 15 mai 2022, les modifications suivantes sont apportées :
1° le 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° " service " : une entité visée à l'article 1er ; " ;
2° après le 2°, les 2°/1 et le 2°/2 sont insérés, rédigés comme suit :
" 2°/1 " auditeur forensique " : membre du personnel du Service fédéral d'audit interne visé au Titre 2, qui exerce des activités d'audit forensique ;
2°/2 " auditeur " : auditeur interne ou auditeur forensique; " ;
3° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° " dirigeant " : le responsable administratif du niveau le plus élevé dans un service; " ;
4° le 5° est remplacé par ce qui suit :
" 5° " maîtrise de l'organisation " : le processus visé à l'article 2, 5°, de l'arrêté royal du 15 mai 2022 relatif à la maîtrise de l'organisation au sein de certains services du pouvoir exécutif fédéral et modifiant les arrêtés royaux du 4 mai 2016 portant création du Service fédéral d'audit interne et du 17 août 2007 portant création du Comité d'audit de l'Administration fédérale; " ;
5° après le 5°, remplacé par l'article 2, 4°, du présent arrêté, un 5°/1 est inséré, rédigé comme suit :
" 5°/1 " système pour la maîtrise de l'organisation " : le système visé à l'article 2, 6°, de l'arrêté royal du 15 mai 2022 relatif à la maîtrise de l'organisation au sein de certains services du pouvoir exécutif fédéral et modifiant les arrêtés royaux du 4 mai 2016 portant création du Service fédéral d'audit interne et du 17 août 2007 portant création du Comité d'audit de l'Administration fédérale; " ;
6° l'article est complété par un 7°, 8° et un 9° rédigés comme suit :
" 7° " atteinte à l'intégrité " : l'atteinte visée à l'article 2, § 1er, 1° et 2°, de la loi du 8 décembre 2022 relative aux canaux de signalement et à la protection des auteurs de signalement d'atteintes à l'intégrité dans les organismes du secteur public fédéral et au sein de la police intégrée ;
8° " univers d'audit " : l'ensemble des entités visées à l'article 1er.
9° " activités d'audit forensique " :
1° enquêtes administratives sur des atteintes à l'intégrité présumées commises dans le cadre des activités d'un service ;
2° tâches relatives aux atteintes à l'intégrité confiées au Service fédéral d'audit interne par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés. ".
1° le 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° " service " : une entité visée à l'article 1er ; " ;
2° après le 2°, les 2°/1 et le 2°/2 sont insérés, rédigés comme suit :
" 2°/1 " auditeur forensique " : membre du personnel du Service fédéral d'audit interne visé au Titre 2, qui exerce des activités d'audit forensique ;
2°/2 " auditeur " : auditeur interne ou auditeur forensique; " ;
3° le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° " dirigeant " : le responsable administratif du niveau le plus élevé dans un service; " ;
4° le 5° est remplacé par ce qui suit :
" 5° " maîtrise de l'organisation " : le processus visé à l'article 2, 5°, de l'arrêté royal du 15 mai 2022 relatif à la maîtrise de l'organisation au sein de certains services du pouvoir exécutif fédéral et modifiant les arrêtés royaux du 4 mai 2016 portant création du Service fédéral d'audit interne et du 17 août 2007 portant création du Comité d'audit de l'Administration fédérale; " ;
5° après le 5°, remplacé par l'article 2, 4°, du présent arrêté, un 5°/1 est inséré, rédigé comme suit :
" 5°/1 " système pour la maîtrise de l'organisation " : le système visé à l'article 2, 6°, de l'arrêté royal du 15 mai 2022 relatif à la maîtrise de l'organisation au sein de certains services du pouvoir exécutif fédéral et modifiant les arrêtés royaux du 4 mai 2016 portant création du Service fédéral d'audit interne et du 17 août 2007 portant création du Comité d'audit de l'Administration fédérale; " ;
6° l'article est complété par un 7°, 8° et un 9° rédigés comme suit :
" 7° " atteinte à l'intégrité " : l'atteinte visée à l'article 2, § 1er, 1° et 2°, de la loi du 8 décembre 2022 relative aux canaux de signalement et à la protection des auteurs de signalement d'atteintes à l'intégrité dans les organismes du secteur public fédéral et au sein de la police intégrée ;
8° " univers d'audit " : l'ensemble des entités visées à l'article 1er.
9° " activités d'audit forensique " :
1° enquêtes administratives sur des atteintes à l'intégrité présumées commises dans le cadre des activités d'un service ;
2° tâches relatives aux atteintes à l'intégrité confiées au Service fédéral d'audit interne par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés. ".
Art. 3. Artikel 3 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Art. 3. De Federale Interneauditdienst wordt opgericht bij de Federale Overheidsdienst Beleid en Ondersteuning.
Voor de vervulling van zijn opdrachten kan de Federale Interneauditdienst een beroep doen op de administratieve en logistieke ondersteuning van de Federale Overheidsdienst Beleid en Ondersteuning.
De ministers bevoegd voor ambtenarenzaken en begroting staan in voor de goede werking van de Federale Interneauditdienst.".
"Art. 3. De Federale Interneauditdienst wordt opgericht bij de Federale Overheidsdienst Beleid en Ondersteuning.
Voor de vervulling van zijn opdrachten kan de Federale Interneauditdienst een beroep doen op de administratieve en logistieke ondersteuning van de Federale Overheidsdienst Beleid en Ondersteuning.
De ministers bevoegd voor ambtenarenzaken en begroting staan in voor de goede werking van de Federale Interneauditdienst.".
Art. 3. L'article 3 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 3. Le Service fédéral d'audit interne est créé auprès du Service public fédéral Stratégie et Appui.
Pour l'exécution de ses missions le Service fédéral d'audit interne peut faire appel à l'appui administratif et logistique du Service public fédéral Stratégie et Appui.
Les ministres ayant la fonction publique et le budget dans leurs attributions assurent le bon fonctionnement du Service fédéral d'audit interne. ".
" Art. 3. Le Service fédéral d'audit interne est créé auprès du Service public fédéral Stratégie et Appui.
Pour l'exécution de ses missions le Service fédéral d'audit interne peut faire appel à l'appui administratif et logistique du Service public fédéral Stratégie et Appui.
Les ministres ayant la fonction publique et le budget dans leurs attributions assurent le bon fonctionnement du Service fédéral d'audit interne. ".
Art. 4. Artikel 4 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 4. L'article 4 du même arrêté est abrogé.
Art. 5. In artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 15 mei 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt:
" § 1. De Federale Interneauditdienst evalueert binnen elke dienst de kwaliteit, performantie en volledigheid van de organisatiebeheersing, het risicobeheer en het goed bestuur.
De bevindingen van deze evaluatie en de eventuele aanbevelingen die eruit voortvloeien worden overgemaakt aan de leidinggevende van de dienst en aan de verantwoordelijke van de betrokken geauditeerde dienst.
Het auditrapport wordt bezorgd aan de minister bevoegd voor de dienst of het onderdeel ervan waarop de evaluatie betrekking heeft.
De Federale Interneauditdienst evalueert eveneens elk jaar het verslag opgesteld door de leidinggevende voorzien in de reglementering betreffende de organisatiebeheersing binnen sommige diensten van de federale uitvoerende macht. De Federale Interneauditdienst bespreekt dit verslag met de leidinggevende alvorens het aan het Auditcomité over te maken.";
2° in paragraaf 3 worden de woorden "of over de verspreiding van de resultaten ervan" opgeheven.
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt:
" § 1. De Federale Interneauditdienst evalueert binnen elke dienst de kwaliteit, performantie en volledigheid van de organisatiebeheersing, het risicobeheer en het goed bestuur.
De bevindingen van deze evaluatie en de eventuele aanbevelingen die eruit voortvloeien worden overgemaakt aan de leidinggevende van de dienst en aan de verantwoordelijke van de betrokken geauditeerde dienst.
Het auditrapport wordt bezorgd aan de minister bevoegd voor de dienst of het onderdeel ervan waarop de evaluatie betrekking heeft.
De Federale Interneauditdienst evalueert eveneens elk jaar het verslag opgesteld door de leidinggevende voorzien in de reglementering betreffende de organisatiebeheersing binnen sommige diensten van de federale uitvoerende macht. De Federale Interneauditdienst bespreekt dit verslag met de leidinggevende alvorens het aan het Auditcomité over te maken.";
2° in paragraaf 3 worden de woorden "of over de verspreiding van de resultaten ervan" opgeheven.
Art. 5. A l'article 6 du même arrêté, modifié par l'arrêté royal du 15 mai 2022, les modifications suivantes sont apportées :
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit:
" § 1er. Le Service fédéral d'audit interne évalue dans chacun des services la qualité, la performance et la complétude de la maîtrise de l'organisation, de la gestion des risques et de la bonne gouvernance.
Les résultats de cette évaluation et les éventuelles recommandations qui en découlent sont communiqués au dirigeant du service et au responsable du service audité concerné.
Le rapport d'audit est communiqué au ministre en charge du service ou de la subdivision faisant l'objet de l'évaluation.
Le Service fédéral d'audit interne évalue en plus chaque année le rapport établi par le dirigeant prévu dans la réglementation relative à la maîtrise de l'organisation au sein de certains services du pouvoir exécutif fédéral. Le Service fédéral d'audit interne discute de ce rapport avec le dirigeant avant de le communiquer au Comité d'audit. " ;
2° au paragraphe 3, les mots " ni sur la diffusion de ses résultats " sont abrogés.
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit:
" § 1er. Le Service fédéral d'audit interne évalue dans chacun des services la qualité, la performance et la complétude de la maîtrise de l'organisation, de la gestion des risques et de la bonne gouvernance.
Les résultats de cette évaluation et les éventuelles recommandations qui en découlent sont communiqués au dirigeant du service et au responsable du service audité concerné.
Le rapport d'audit est communiqué au ministre en charge du service ou de la subdivision faisant l'objet de l'évaluation.
Le Service fédéral d'audit interne évalue en plus chaque année le rapport établi par le dirigeant prévu dans la réglementation relative à la maîtrise de l'organisation au sein de certains services du pouvoir exécutif fédéral. Le Service fédéral d'audit interne discute de ce rapport avec le dirigeant avant de le communiquer au Comité d'audit. " ;
2° au paragraphe 3, les mots " ni sur la diffusion de ses résultats " sont abrogés.
Art. 6. In artikel 7 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 wordt het eerste lid als volgt vervangen:
"Het geheel van alle interne auditactiviteiten van de Federale Interneauditdienst wordt opgevat en uitgevoerd op basis van een onafhankelijke, objectieve, systematische en methodologische aanpak. Ze dragen bij om de dienst een redelijke zekerheid te geven over de graad van beheersing van haar verrichtingen en geven aanbevelingen om deze te verbeteren. Zij dragen bij tot het scheppen van toegevoegde waarde. Zij helpen de diensten of hun onderdelen hun doelstellingen te halen door hun processen van organisatiebeheersing, risicobeheer en goed bestuur te evalueren en door voorstellen te doen om de doelmatigheid ervan te versterken.";
2° in paragraaf 3 worden de woorden ""forensic audit"-activiteiten" vervangen door de woorden "forensische auditactiviteiten".
1° in paragraaf 1 wordt het eerste lid als volgt vervangen:
"Het geheel van alle interne auditactiviteiten van de Federale Interneauditdienst wordt opgevat en uitgevoerd op basis van een onafhankelijke, objectieve, systematische en methodologische aanpak. Ze dragen bij om de dienst een redelijke zekerheid te geven over de graad van beheersing van haar verrichtingen en geven aanbevelingen om deze te verbeteren. Zij dragen bij tot het scheppen van toegevoegde waarde. Zij helpen de diensten of hun onderdelen hun doelstellingen te halen door hun processen van organisatiebeheersing, risicobeheer en goed bestuur te evalueren en door voorstellen te doen om de doelmatigheid ervan te versterken.";
2° in paragraaf 3 worden de woorden ""forensic audit"-activiteiten" vervangen door de woorden "forensische auditactiviteiten".
Art. 6. A l'article 7 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° au paragraphe 1er, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" L'ensemble des activités d'audit interne du Service fédéral d'audit interne est conçu et réalisé sur la base d'une approche indépendante, objective, systématique et méthodologique. Elles contribuent à donner au service une assurance raisonnable sur le degré de maîtrise de ses opérations et lui apportent des recommandations pour les améliorer. Elles contribuent à créer de la valeur ajoutée. Elles aident les services ou leurs subdivisions à atteindre leurs objectifs en évaluant leurs processus de maîtrise de l'organisation, de gestion des risques et de bonne gouvernance et en faisant des propositions pour renforcer leur efficacité. " ;
2° au paragraphe 3, le mot " 'forensic' " est remplacé par le mot " forensique ".
1° au paragraphe 1er, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" L'ensemble des activités d'audit interne du Service fédéral d'audit interne est conçu et réalisé sur la base d'une approche indépendante, objective, systématique et méthodologique. Elles contribuent à donner au service une assurance raisonnable sur le degré de maîtrise de ses opérations et lui apportent des recommandations pour les améliorer. Elles contribuent à créer de la valeur ajoutée. Elles aident les services ou leurs subdivisions à atteindre leurs objectifs en évaluant leurs processus de maîtrise de l'organisation, de gestion des risques et de bonne gouvernance et en faisant des propositions pour renforcer leur efficacité. " ;
2° au paragraphe 3, le mot " 'forensic' " est remplacé par le mot " forensique ".
Art. 7. In artikel 8 van hetzelfde besluit wordt het tweede lid als volgt vervangen:
"De forensische auditactiviteiten worden bovendien uitgevoerd in overeenstemming met de voor dit type audit van toepassing zijnde professionele standaarden.".
"De forensische auditactiviteiten worden bovendien uitgevoerd in overeenstemming met de voor dit type audit van toepassing zijnde professionele standaarden.".
Art. 7. A l'article 8 du même arrêté, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit:
" Les activités d'audit forensique sont en plus menées conformément aux normes professionnelles d'application à ce type d'audit. ".
" Les activités d'audit forensique sont en plus menées conformément aux normes professionnelles d'application à ce type d'audit. ".
Art. 8. In artikel 9 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 worden het eerste en tweede lid vervangen als volgt:
"De prioriteiten van de interne auditactiviteiten worden vastgelegd in een auditplan opgesteld door de verantwoordelijke interne audit en goedgekeurd door het Auditcomité.
Het auditplan wordt opgesteld op basis van een onafhankelijke, objectieve, methodologische en systematische risicoanalyse van het audituniversum. De leidinggevende van elke dienst bezorgt aan de Federale Interneauditdienst de noodzakelijke informatie die hem kan helpen bij de uitvoering van deze risicoanalyse. De risicoanalyse van het audituniversum voorafgaand aan het auditplan alsook het plan zelf worden geactualiseerd volgens een frequentie bepaald door de Federale Interneauditdienst in overleg met het Auditcomité.";
2° paragraaf 2, tweede lid, wordt vervangen door de volgende leden:
"De interne auditactiviteiten worden zo georganiseerd dat de externe controle-instanties zich kunnen beroepen op de besluiten ervan. Hiertoe kan de Federale Interneauditdienst, na gunstig advies van het Auditcomité, protocollen afsluiten met andere controle-instanties.
Voor wat betreft de samenwerking met de Inspectie van Financiën strekt het protocol ertoe de voorwaarden te formaliseren voor het coördineren van de taken en het uitwisselen van informatie voor onder meer de processen met betrekking tot overheidsopdrachten, de toekenning van facultatieve toelagen en de werving van contractuele personeelsleden. Daartoe houdt hij desgevallend rekening met het protocol bedoeld in artikel 12, 5°, van het koninklijk besluit van 17 augustus 2007 tot oprichting van het Auditcomité van de federale overheid (ACFO).
Voor wat betreft de samenwerking met het Rekenhof strekt het protocol ertoe om de gebruikte auditmethodologie te delen, informatie uit te wisselen en het principe van single audit na te streven.".
1° in paragraaf 1 worden het eerste en tweede lid vervangen als volgt:
"De prioriteiten van de interne auditactiviteiten worden vastgelegd in een auditplan opgesteld door de verantwoordelijke interne audit en goedgekeurd door het Auditcomité.
Het auditplan wordt opgesteld op basis van een onafhankelijke, objectieve, methodologische en systematische risicoanalyse van het audituniversum. De leidinggevende van elke dienst bezorgt aan de Federale Interneauditdienst de noodzakelijke informatie die hem kan helpen bij de uitvoering van deze risicoanalyse. De risicoanalyse van het audituniversum voorafgaand aan het auditplan alsook het plan zelf worden geactualiseerd volgens een frequentie bepaald door de Federale Interneauditdienst in overleg met het Auditcomité.";
2° paragraaf 2, tweede lid, wordt vervangen door de volgende leden:
"De interne auditactiviteiten worden zo georganiseerd dat de externe controle-instanties zich kunnen beroepen op de besluiten ervan. Hiertoe kan de Federale Interneauditdienst, na gunstig advies van het Auditcomité, protocollen afsluiten met andere controle-instanties.
Voor wat betreft de samenwerking met de Inspectie van Financiën strekt het protocol ertoe de voorwaarden te formaliseren voor het coördineren van de taken en het uitwisselen van informatie voor onder meer de processen met betrekking tot overheidsopdrachten, de toekenning van facultatieve toelagen en de werving van contractuele personeelsleden. Daartoe houdt hij desgevallend rekening met het protocol bedoeld in artikel 12, 5°, van het koninklijk besluit van 17 augustus 2007 tot oprichting van het Auditcomité van de federale overheid (ACFO).
Voor wat betreft de samenwerking met het Rekenhof strekt het protocol ertoe om de gebruikte auditmethodologie te delen, informatie uit te wisselen en het principe van single audit na te streven.".
Art. 8. A l'article 9 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° au paragraphe 1er, les alinéas 1er et 2 sont remplacés par ce qui suit :
" Les priorités des activités d'audit interne sont fixées dans un plan d'audit établi par le responsable de l'audit interne et validé par le Comité d'audit.
Le plan d'audit est établi sur la base d'une analyse de risque indépendante, objective, méthodologique et systématique de l'univers d'audit. Le dirigeant de chaque service fournit au Service fédéral d'audit interne les informations nécessaires pour l'aider à réaliser cette analyse de risque. L'analyse des risques de l'univers d'audit préalable au plan d'audit ainsi que le plan d'audit lui-même sont actualisés selon une fréquence, déterminée par le Service fédéral d'audit interne en concertation avec le Comité d'Audit. " ;
2° le paragraphe 2, alinéa 2, est remplacé par les alinéas suivants :
" Les activités d'audit interne sont organisées de manière à ce que les organes de contrôle externe puissent s'appuyer sur leurs conclusions. A cette fin, le Service fédéral d'audit interne peut conclure des protocoles avec d'autres organes de contrôle, sur avis favorable du Comité d'audit.
En ce qui concerne la coopération avec l'Inspection des Finances, le protocole vise à formaliser les conditions pour la coordination des tâches et le partage des informations pour notamment les processus relatifs aux marchés publics, à l'octroi de subsides facultatifs et à l'embauche de personnel contractuel. Pour ce faire, il tient compte le cas échéant du protocole visé à l'article 12, 5°, de l'arrêté royal du 17 août 2007 portant création du Comité d'audit de l'Administration fédérale (CAAF).
En ce qui concerne la coopération avec la Cour des comptes, le protocole vise à partager la méthodologie d'audit utilisée, à échanger des informations et à appliquer le principe du single audit. ".
1° au paragraphe 1er, les alinéas 1er et 2 sont remplacés par ce qui suit :
" Les priorités des activités d'audit interne sont fixées dans un plan d'audit établi par le responsable de l'audit interne et validé par le Comité d'audit.
Le plan d'audit est établi sur la base d'une analyse de risque indépendante, objective, méthodologique et systématique de l'univers d'audit. Le dirigeant de chaque service fournit au Service fédéral d'audit interne les informations nécessaires pour l'aider à réaliser cette analyse de risque. L'analyse des risques de l'univers d'audit préalable au plan d'audit ainsi que le plan d'audit lui-même sont actualisés selon une fréquence, déterminée par le Service fédéral d'audit interne en concertation avec le Comité d'Audit. " ;
2° le paragraphe 2, alinéa 2, est remplacé par les alinéas suivants :
" Les activités d'audit interne sont organisées de manière à ce que les organes de contrôle externe puissent s'appuyer sur leurs conclusions. A cette fin, le Service fédéral d'audit interne peut conclure des protocoles avec d'autres organes de contrôle, sur avis favorable du Comité d'audit.
En ce qui concerne la coopération avec l'Inspection des Finances, le protocole vise à formaliser les conditions pour la coordination des tâches et le partage des informations pour notamment les processus relatifs aux marchés publics, à l'octroi de subsides facultatifs et à l'embauche de personnel contractuel. Pour ce faire, il tient compte le cas échéant du protocole visé à l'article 12, 5°, de l'arrêté royal du 17 août 2007 portant création du Comité d'audit de l'Administration fédérale (CAAF).
En ce qui concerne la coopération avec la Cour des comptes, le protocole vise à partager la méthodologie d'audit utilisée, à échanger des informations et à appliquer le principe du single audit. ".
Art. 9. In artikel 10 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 15 mei 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1, eerste lid, wordt aangevuld met volgende zinnen:
"Bij een verzoek van de leidinggevende van een dienst om een audit uit te voeren, gaat de leidinggevende in overleg met de Federale Interneauditdienst om na te gaan wie de audit kan uitvoeren. De leidinggevende houdt de verantwoordelijke interne audit op de hoogte van beslissingen om audits door externe partijen te laten uitvoeren.";
2° het tweede lid van dezelfde paragraaf wordt aangevuld met de woorden " en wordt bezorgd aan de verantwoordelijke interne audit.";
3° paragraaf 2, eerste lid, wordt vervangen als volgt:
" § 2. De verantwoordelijke interne audit overweegt de specifieke verzoeken geval per geval. De aard van de opdrachten en de werklast die zij meebrengen, moeten verenigbaar zijn met de basisopdrachten van de Federale Interneauditdienst. De verantwoordelijke interne audit zal hiertoe tevens voorafgaand overleggen met de Inspectie van Financiën voor zover het voorwerp van het verzoek betrekking heeft op bevoegdheden die zij uitoefent, onder meer voor wat processen betreft die betrekking hebben op overheidsopdrachten, subsidies en wervingen. Als de verantwoordelijke interne audit een specifiek verzoek aanvaardt, schrijft hij deze in in het auditplan. De wijzigingen met grote impact op het lopende auditplan worden aan het Auditcomité voorgelegd ter goedkeuring.";
4° in paragraaf 2, tweede lid, wordt het woord "interne" opgeheven en worden de woorden "interne controle" vervangen door het woord "organisatiebeheersing";
5° de paragraaf wordt aangevuld met de volgende leden:
"De verantwoordelijke interne audit overweegt geval per geval de verzoeken en redelijke vermoedens in de zin van § 4, 1° tot 5°, en beslist in functie van de potentiële impact ervan en de onderzoekbaarheid of een forensische auditactiviteit moet worden uitgevoerd.
Als de verantwoordelijke interne audit beslist een forensische audit uit te voeren, kent hij er een graad van prioriteit aan toe.";
6° paragraaf 3 wordt als volgt vervangen:
" § 3. Als de Inspectie van Financiën overeenkomstig de artikelen 15, tweede lid, 16 en 22 van het koninklijk besluit van 20 mei 2022 betreffende de administratieve, begrotings- en beheerscontrole belast wordt met een opdracht tot evaluatie van de beheerssystemen, of met een opdracht bedoeld in artikel 34 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat, brengt de Korpschef van de Inspectie van Financiën het Auditcomité en de Federale Interneauditdienst hiervan op de hoogte.";
7° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidende:
" § 4. Een forensische auditactiviteit kan worden uitgevoerd naar aanleiding van:
1° de vraag hiertoe door de minister bevoegd voor een dienst of een onderdeel ervan;
2° de vraag hiertoe door de leidinggevende voor zijn dienst of een onderdeel ervan;
3° de vraag hiertoe door het Auditcomité;
4° een verwijzing door een andere instantie die op wettelijke of reglementaire basis toezicht houdt op een dienst;
5° elk redelijk vermoeden, voorkomend uit welke bron dan ook, waaruit blijkt dat in één van de diensten een integriteitsschending wordt of is begaan.".
1° paragraaf 1, eerste lid, wordt aangevuld met volgende zinnen:
"Bij een verzoek van de leidinggevende van een dienst om een audit uit te voeren, gaat de leidinggevende in overleg met de Federale Interneauditdienst om na te gaan wie de audit kan uitvoeren. De leidinggevende houdt de verantwoordelijke interne audit op de hoogte van beslissingen om audits door externe partijen te laten uitvoeren.";
2° het tweede lid van dezelfde paragraaf wordt aangevuld met de woorden " en wordt bezorgd aan de verantwoordelijke interne audit.";
3° paragraaf 2, eerste lid, wordt vervangen als volgt:
" § 2. De verantwoordelijke interne audit overweegt de specifieke verzoeken geval per geval. De aard van de opdrachten en de werklast die zij meebrengen, moeten verenigbaar zijn met de basisopdrachten van de Federale Interneauditdienst. De verantwoordelijke interne audit zal hiertoe tevens voorafgaand overleggen met de Inspectie van Financiën voor zover het voorwerp van het verzoek betrekking heeft op bevoegdheden die zij uitoefent, onder meer voor wat processen betreft die betrekking hebben op overheidsopdrachten, subsidies en wervingen. Als de verantwoordelijke interne audit een specifiek verzoek aanvaardt, schrijft hij deze in in het auditplan. De wijzigingen met grote impact op het lopende auditplan worden aan het Auditcomité voorgelegd ter goedkeuring.";
4° in paragraaf 2, tweede lid, wordt het woord "interne" opgeheven en worden de woorden "interne controle" vervangen door het woord "organisatiebeheersing";
5° de paragraaf wordt aangevuld met de volgende leden:
"De verantwoordelijke interne audit overweegt geval per geval de verzoeken en redelijke vermoedens in de zin van § 4, 1° tot 5°, en beslist in functie van de potentiële impact ervan en de onderzoekbaarheid of een forensische auditactiviteit moet worden uitgevoerd.
Als de verantwoordelijke interne audit beslist een forensische audit uit te voeren, kent hij er een graad van prioriteit aan toe.";
6° paragraaf 3 wordt als volgt vervangen:
" § 3. Als de Inspectie van Financiën overeenkomstig de artikelen 15, tweede lid, 16 en 22 van het koninklijk besluit van 20 mei 2022 betreffende de administratieve, begrotings- en beheerscontrole belast wordt met een opdracht tot evaluatie van de beheerssystemen, of met een opdracht bedoeld in artikel 34 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat, brengt de Korpschef van de Inspectie van Financiën het Auditcomité en de Federale Interneauditdienst hiervan op de hoogte.";
7° het artikel wordt aangevuld met een paragraaf 4, luidende:
" § 4. Een forensische auditactiviteit kan worden uitgevoerd naar aanleiding van:
1° de vraag hiertoe door de minister bevoegd voor een dienst of een onderdeel ervan;
2° de vraag hiertoe door de leidinggevende voor zijn dienst of een onderdeel ervan;
3° de vraag hiertoe door het Auditcomité;
4° een verwijzing door een andere instantie die op wettelijke of reglementaire basis toezicht houdt op een dienst;
5° elk redelijk vermoeden, voorkomend uit welke bron dan ook, waaruit blijkt dat in één van de diensten een integriteitsschending wordt of is begaan.".
Art. 9. A l'article 10 du même arrêté, modifié par l'arrêté royal du 15 mai 2022, les modifications suivantes sont apportées :
1° le paragraphe 1er, alinéa 1er, est complété par les phrases suivantes :
" En cas de demande émanant du dirigeant d'un service pour la réalisation d'un audit, le dirigeant se concerte avec le Service fédéral d'audit interne qui pourrait réaliser l'audit. Le dirigeant informe le responsable de l'audit interne des décisions pour faire réaliser des audits par des parties externes. " ;
2° l'alinéa 2 du même paragraphe est complété par les mots " et est remise au responsable de l'audit interne " ;
3° le paragraphe 2, alinéa 1er, est remplacé par ce qui suit :
" § 2. Le responsable de l'audit interne considère les demandes spécifiques au cas par cas. La nature des missions et la charge de travail qu'elles impliquent doivent être compatibles avec les missions de base du Service fédéral d'audit interne. A cet effet, le responsable de l'audit interne consultera également au préalable l'Inspection des Finances dans la mesure où l'objet de la demande relève des compétences qu'elle exerce, notamment en ce qui concerne les processus relatifs aux marchés publics, aux subsides et aux recrutements. Si le responsable de l'audit interne accepte une demande spécifique, il l'intègre dans le plan d'audit. Les modifications ayant un impact important sur le plan d'audit en cours sont soumises au Comité d'audit pour approbation. " ;
4° dans le paragraphe 2, alinéa 2, le mot " internes " est abrogé et les mots " du contrôle interne " sont remplacés par les mots " de la maîtrise de l'organisation " ;
5° le paragraphe est complété par les alinéas suivants :
" Le responsable de l'audit interne examine au cas par cas les demandes et les soupçons raisonnables au sens du paragraphe 4, 1° à 5°, et décide, en fonction de leur impact potentiel et de la possibilité de mener une enquête, s'il y a lieu d'effectuer une activité d'audit forensique.
Si le responsable de l'audit interne décide qu'une activité d'audit forensique doit être menée, il lui attribue un degré de priorité. " ;
6° le paragraphe 3 est remplacé par ce qui suit :
" § 3. Si l'Inspection des Finances est chargée d'une mission d'évaluation des systèmes de gestion conformément aux articles 15, deuxième alinéa, 16 et 22 de l'arrêté royal du 20 mai 2022 relatif au contrôle administratif, budgétaire et de gestion, ou d'une mission visée à l'article 34 de la loi du 22 mai 2003 portant organisation du budget et de la comptabilité de l'Etat fédéral, le Chef de Corps de l'Inspection des Finances en informe le Comité d'audit et le Service fédéral d'audit interne. " ;
7° l'article est complété par un paragraphe 4 rédigé comme suit :
" § 4. Une activité d'audit forensique peut être exercée dans les cas suivants :
1° à la demande du ministre compétent pour un service ou une partie de celui-ci ;
2° à la demande du responsable pour son service ou une partie de celui-ci ;
3° à la demande du Comité d'audit ;
4° après renvoi par un autre organe qui contrôle un service sur une base légale ou réglementaire ;
5° à la suite de tout soupçon raisonnable, provenant de quelque source que ce soit, qu'une atteinte à l'intégrité soit ou ait été commise dans l'un des services. ".
1° le paragraphe 1er, alinéa 1er, est complété par les phrases suivantes :
" En cas de demande émanant du dirigeant d'un service pour la réalisation d'un audit, le dirigeant se concerte avec le Service fédéral d'audit interne qui pourrait réaliser l'audit. Le dirigeant informe le responsable de l'audit interne des décisions pour faire réaliser des audits par des parties externes. " ;
2° l'alinéa 2 du même paragraphe est complété par les mots " et est remise au responsable de l'audit interne " ;
3° le paragraphe 2, alinéa 1er, est remplacé par ce qui suit :
" § 2. Le responsable de l'audit interne considère les demandes spécifiques au cas par cas. La nature des missions et la charge de travail qu'elles impliquent doivent être compatibles avec les missions de base du Service fédéral d'audit interne. A cet effet, le responsable de l'audit interne consultera également au préalable l'Inspection des Finances dans la mesure où l'objet de la demande relève des compétences qu'elle exerce, notamment en ce qui concerne les processus relatifs aux marchés publics, aux subsides et aux recrutements. Si le responsable de l'audit interne accepte une demande spécifique, il l'intègre dans le plan d'audit. Les modifications ayant un impact important sur le plan d'audit en cours sont soumises au Comité d'audit pour approbation. " ;
4° dans le paragraphe 2, alinéa 2, le mot " internes " est abrogé et les mots " du contrôle interne " sont remplacés par les mots " de la maîtrise de l'organisation " ;
5° le paragraphe est complété par les alinéas suivants :
" Le responsable de l'audit interne examine au cas par cas les demandes et les soupçons raisonnables au sens du paragraphe 4, 1° à 5°, et décide, en fonction de leur impact potentiel et de la possibilité de mener une enquête, s'il y a lieu d'effectuer une activité d'audit forensique.
Si le responsable de l'audit interne décide qu'une activité d'audit forensique doit être menée, il lui attribue un degré de priorité. " ;
6° le paragraphe 3 est remplacé par ce qui suit :
" § 3. Si l'Inspection des Finances est chargée d'une mission d'évaluation des systèmes de gestion conformément aux articles 15, deuxième alinéa, 16 et 22 de l'arrêté royal du 20 mai 2022 relatif au contrôle administratif, budgétaire et de gestion, ou d'une mission visée à l'article 34 de la loi du 22 mai 2003 portant organisation du budget et de la comptabilité de l'Etat fédéral, le Chef de Corps de l'Inspection des Finances en informe le Comité d'audit et le Service fédéral d'audit interne. " ;
7° l'article est complété par un paragraphe 4 rédigé comme suit :
" § 4. Une activité d'audit forensique peut être exercée dans les cas suivants :
1° à la demande du ministre compétent pour un service ou une partie de celui-ci ;
2° à la demande du responsable pour son service ou une partie de celui-ci ;
3° à la demande du Comité d'audit ;
4° après renvoi par un autre organe qui contrôle un service sur une base légale ou réglementaire ;
5° à la suite de tout soupçon raisonnable, provenant de quelque source que ce soit, qu'une atteinte à l'intégrité soit ou ait été commise dans l'un des services. ".
Art. 10. In artikel 12 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden ", maar wordt wel beschouwd als leidinggevende van de dienst";
2° in het zesde lid worden de woorden "De bestuursovereenkomst" vervangen door de woorden "Het strategisch plan";
3° in het zevende lid worden in de bepaling onder 1° de woorden "het managementplan" vervangen door de woorden "het strategisch plan" en wordt in de bepalingen onder 3° en 5° het woord "interne" opgeheven.
1° het eerste lid wordt aangevuld met de woorden ", maar wordt wel beschouwd als leidinggevende van de dienst";
2° in het zesde lid worden de woorden "De bestuursovereenkomst" vervangen door de woorden "Het strategisch plan";
3° in het zevende lid worden in de bepaling onder 1° de woorden "het managementplan" vervangen door de woorden "het strategisch plan" en wordt in de bepalingen onder 3° en 5° het woord "interne" opgeheven.
Art. 10. A l'article 12 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er est complété par les mots " , mais est considéré comme dirigeant de service " ;
2° à l'alinéa 6, les mots " contrat d'administration " sont remplacés par les mots " plan stratégique " ;
3° à l'alinéa 7, dans le 1°, les mots " plan de management " sont remplacés par les mots " plan stratégique " et dans les 3° et 5°, le mot " interne " est abrogé.
1° l'alinéa 1er est complété par les mots " , mais est considéré comme dirigeant de service " ;
2° à l'alinéa 6, les mots " contrat d'administration " sont remplacés par les mots " plan stratégique " ;
3° à l'alinéa 7, dans le 1°, les mots " plan de management " sont remplacés par les mots " plan stratégique " et dans les 3° et 5°, le mot " interne " est abrogé.
Art. 11. In artikel 14 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt:
" § 1. Op het ogenblik van integratie van een dienst in het audituniversum, worden de betrekkingen van interne of forensische auditor en verantwoordelijke voor interne of forensische auditactiviteiten voorzien in de personeelsplannen of het organiek kader van de betrokken dienst afgeschaft.";
2° in paragraaf 2 wordt het woord "interne" opgeheven;
3° paragraaf 3, eerste lid, wordt vervangen als volgt:
§ 3. De houders van de betrekkingen bedoeld in § 1, aangeworven bij arbeidsovereenkomst en die zich kandidaat stellen voor een betrekking van auditor bij de Federale Interneauditdienst, blijven louter door de ondertekening van een aanhangsel aan hun arbeidsovereenkomst, genieten van dezelfde arbeidsvoorwaarden bij de Federale Interneauditdienst waarnaar ze worden overgedragen.";
4° in paragraaf 4, derde lid, worden de woorden "24 september 2013" vervangen door de woorden "14 januari 2022".
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt:
" § 1. Op het ogenblik van integratie van een dienst in het audituniversum, worden de betrekkingen van interne of forensische auditor en verantwoordelijke voor interne of forensische auditactiviteiten voorzien in de personeelsplannen of het organiek kader van de betrokken dienst afgeschaft.";
2° in paragraaf 2 wordt het woord "interne" opgeheven;
3° paragraaf 3, eerste lid, wordt vervangen als volgt:
§ 3. De houders van de betrekkingen bedoeld in § 1, aangeworven bij arbeidsovereenkomst en die zich kandidaat stellen voor een betrekking van auditor bij de Federale Interneauditdienst, blijven louter door de ondertekening van een aanhangsel aan hun arbeidsovereenkomst, genieten van dezelfde arbeidsvoorwaarden bij de Federale Interneauditdienst waarnaar ze worden overgedragen.";
4° in paragraaf 4, derde lid, worden de woorden "24 september 2013" vervangen door de woorden "14 januari 2022".
Art. 11. A l'article 14 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Au moment de l'intégration d'un service dans l'univers d'audit, les emplois d'auditeur interne ou forensique et de responsable des activités d'audit interne ou forensique prévus dans les plans de personnel ou dans le cadre organique du service concerné sont supprimés. " ;
2° au paragraphe 2, les mots " auditeur interne " sont remplacés par le mot " auditeur " ;
3° le paragraphe 3, alinéa 1er, est remplacé par ce qui suit :
" § 3. Les titulaires des emplois visés au § 1er, engagés sous contrat de travail et qui se portent candidats à un emploi d'auditeur au Service fédéral d'audit interne, continuent de bénéficier, par simple signature d'un avenant à leur contrat de travail, des mêmes conditions de travail auprès du Service fédéral d'audit interne, vers lequel ils sont transférés. " ;
4° au paragraphe 4, troisième alinéa, les mots " 24 septembre 2013 " sont remplacés par les mots " 14 janvier 2022 ".
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Au moment de l'intégration d'un service dans l'univers d'audit, les emplois d'auditeur interne ou forensique et de responsable des activités d'audit interne ou forensique prévus dans les plans de personnel ou dans le cadre organique du service concerné sont supprimés. " ;
2° au paragraphe 2, les mots " auditeur interne " sont remplacés par le mot " auditeur " ;
3° le paragraphe 3, alinéa 1er, est remplacé par ce qui suit :
" § 3. Les titulaires des emplois visés au § 1er, engagés sous contrat de travail et qui se portent candidats à un emploi d'auditeur au Service fédéral d'audit interne, continuent de bénéficier, par simple signature d'un avenant à leur contrat de travail, des mêmes conditions de travail auprès du Service fédéral d'audit interne, vers lequel ils sont transférés. " ;
4° au paragraphe 4, troisième alinéa, les mots " 24 septembre 2013 " sont remplacés par les mots " 14 janvier 2022 ".
Art. 12. In het opschrift van titel 2, hoofdstuk 3, afdeling 3, van hetzelfde besluit, wordt het woord "interne" opgeheven.
Art. 12. Dans l'intitulé du titre 2, chapitre 3, section 3, du même arrêté, le mot " interne " est abrogé.
Art. 13. Artikel 15 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt:
"Art. 15. Voor interne auditactiviteiten die betrekking hebben op transversale en algemene processen die gemeenschappelijk zijn over de diensten heen, worden binnen de Federale Interneauditdienst expertiseteams ingezet en transversale audits uitgevoerd.
De verantwoordelijke interne audit duidt op schriftelijke wijze de auditoren aan voor elke afdeling. De auditoren handelen volgens de schriftelijke richtlijnen van de verantwoordelijke interne audit.".
"Art. 15. Voor interne auditactiviteiten die betrekking hebben op transversale en algemene processen die gemeenschappelijk zijn over de diensten heen, worden binnen de Federale Interneauditdienst expertiseteams ingezet en transversale audits uitgevoerd.
De verantwoordelijke interne audit duidt op schriftelijke wijze de auditoren aan voor elke afdeling. De auditoren handelen volgens de schriftelijke richtlijnen van de verantwoordelijke interne audit.".
Art. 13. L'article 15 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 15. Pour les activités d'audit interne ayant trait aux processus transversaux et généraux communs aux services, des équipes d'experts sont déployées au sein du Service fédéral d'audit interne et des audits transversaux sont menés.
Le responsable de l'audit interne désigne par écrit les auditeurs pour chaque division. Les auditeurs agissent conformément aux instructions par écrit du responsable de l'audit interne. ".
" Art. 15. Pour les activités d'audit interne ayant trait aux processus transversaux et généraux communs aux services, des équipes d'experts sont déployées au sein du Service fédéral d'audit interne et des audits transversaux sont menés.
Le responsable de l'audit interne désigne par écrit les auditeurs pour chaque division. Les auditeurs agissent conformément aux instructions par écrit du responsable de l'audit interne. ".
Art. 14. Artikel 16 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 15 mei 2022, wordt als volgt vervangen:
"Art. 16. § 1. De auditoren hebben in uitvoering van de opdrachten van de Federale Interneauditdienst:
1° toegang tot elk document, databestand, communicatie of informatica-apparaat die eigendom zijn van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst auditactiviteiten kan verrichten;
2° toegang tot elk informatica-apparaat dat eigendom is van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert en de daarop aanwezige data;
3° toegang tot afschriften van elk document, databestand of communicatie die eigendom zijn van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert of dat is opgeslagen op een informatica-apparaat dat eigendom is van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert;
4° toegang tot alle ruimtes en terreinen die ter beschikking staan van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert;
5° de mogelijkheid om zich te onderhouden met elk personeelslid van een dienst of een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert, tijdens de uren dat het personeelslid in kwestie zijn dienst vervult.
Deze toegangen worden op redelijke, proportionele en doelmatige wijze aangewend.
De uitoefening van deze toegangen gebeurt middels een vraag aan de leidinggevende van de betrokken dienst of diens afgevaardigde. Het verzoek bepaalt de termijnen waarbinnen een antwoord of actie wordt verwacht.
De auditactiviteiten sluiten aan op de controleketen. Zij houden rekening met verificaties en evaluaties die reeds verricht zijn door andere actoren en zijn zelf natrekbaar en controleerbaar.
§ 2. De auditoren dienen de deontologie van het beroep na te leven. De ministers bevoegd voor begroting en ambtenarenzaken kunnen deze deontologische regels aanvullen.
§ 3. De auditactiviteiten worden uitgevoerd onder de voorwaarden die de bekwaamheid, de onafhankelijkheid en de objectiviteit van de auditoren garanderen, zoals vereist in de definitie van audit in artikel 7.
§ 4. De Federale Interneauditdienst houdt een register van belangenconflicten bij, waarmee rekening wordt gehouden voor de samenstelling van het auditteam voor elke auditopdracht. Indien er een belangenconflict in het kader van een specifieke auditopdracht door een auditor wordt gemeld, treft de verantwoordelijke interne audit de nodige maatregelen door een andere auditor die zich niet in een toestand van belangenconflict bevindt, toe te wijzen aan de desbetreffende audit.
Er is sprake van een belangenconflict wanneer de onpartijdige en objectieve uitoefening van de auditactiviteiten in het gedrang komt om gezinsredenen, affectieve redenen, beroepsredenen, van economisch of financieel belang of om elke andere reden van belangengemeenschap of tegenstelling met de verantwoordelijken van de geëvalueerde processen.".
"Art. 16. § 1. De auditoren hebben in uitvoering van de opdrachten van de Federale Interneauditdienst:
1° toegang tot elk document, databestand, communicatie of informatica-apparaat die eigendom zijn van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst auditactiviteiten kan verrichten;
2° toegang tot elk informatica-apparaat dat eigendom is van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert en de daarop aanwezige data;
3° toegang tot afschriften van elk document, databestand of communicatie die eigendom zijn van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert of dat is opgeslagen op een informatica-apparaat dat eigendom is van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert;
4° toegang tot alle ruimtes en terreinen die ter beschikking staan van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert;
5° de mogelijkheid om zich te onderhouden met elk personeelslid van een dienst of een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert, tijdens de uren dat het personeelslid in kwestie zijn dienst vervult.
Deze toegangen worden op redelijke, proportionele en doelmatige wijze aangewend.
De uitoefening van deze toegangen gebeurt middels een vraag aan de leidinggevende van de betrokken dienst of diens afgevaardigde. Het verzoek bepaalt de termijnen waarbinnen een antwoord of actie wordt verwacht.
De auditactiviteiten sluiten aan op de controleketen. Zij houden rekening met verificaties en evaluaties die reeds verricht zijn door andere actoren en zijn zelf natrekbaar en controleerbaar.
§ 2. De auditoren dienen de deontologie van het beroep na te leven. De ministers bevoegd voor begroting en ambtenarenzaken kunnen deze deontologische regels aanvullen.
§ 3. De auditactiviteiten worden uitgevoerd onder de voorwaarden die de bekwaamheid, de onafhankelijkheid en de objectiviteit van de auditoren garanderen, zoals vereist in de definitie van audit in artikel 7.
§ 4. De Federale Interneauditdienst houdt een register van belangenconflicten bij, waarmee rekening wordt gehouden voor de samenstelling van het auditteam voor elke auditopdracht. Indien er een belangenconflict in het kader van een specifieke auditopdracht door een auditor wordt gemeld, treft de verantwoordelijke interne audit de nodige maatregelen door een andere auditor die zich niet in een toestand van belangenconflict bevindt, toe te wijzen aan de desbetreffende audit.
Er is sprake van een belangenconflict wanneer de onpartijdige en objectieve uitoefening van de auditactiviteiten in het gedrang komt om gezinsredenen, affectieve redenen, beroepsredenen, van economisch of financieel belang of om elke andere reden van belangengemeenschap of tegenstelling met de verantwoordelijken van de geëvalueerde processen.".
Art. 14. L'article 16 du même arrêté, modifié par l'arrêté royal du 15 mai 2022, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 16. § 1er. Dans le cadre de leurs missions au sein du Service fédéral d'Audit interne, les auditeurs ont :
1° accès à tout document, fichier de données, communication ou dispositif informatique appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'Audit interne peut exercer des activités d'audit ;
2° accès à tout dispositif informatique appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions, et aux données qui s'y trouvent ;
3° accès à des copies de tout document, fichier de données ou communication appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions, ou stocké sur un dispositif informatique appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions ;
4° accès à tous les locaux et terrains mis à la disposition d'un service ou d'une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service d'audit interne exerce des missions ;
5° la possibilité de s'entretenir à tout membre du personnel d'un service ou d'une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés le Service fédéral d'audit interne exerce des missions, pendant les heures où le membre du personnel en question est en service.
Ces accès sont utilisés de manière raisonnable, proportionnée et efficace.
Ces accès sont exercés par le biais d'une demande adressée au dirigeant du service concerné ou à son délégué. La demande indique le délai dans lequel une réponse ou une action est attendue.
Les activités d'audit s'inscrivent dans la perspective de la chaîne de contrôle. Elles tiennent compte des vérifications et évaluations déjà effectuées par d'autres acteurs et sont elles-mêmes traçables et vérifiables.
§ 2. Les auditeurs sont tenus de respecter la déontologie de la profession. Les ministres ayant le budget et la fonction publique dans leurs attributions peuvent compléter ces règles déontologiques.
§ 3. Les activités d'audit sont exercées dans des conditions telles que la compétence, l'indépendance et l'objectivité des auditeurs soient garanties, en application de la définition de l'audit établie à l'article 7.
§ 4. Le Service fédéral d'audit interne tient un registre des conflits d'intérêts, qui est pris en compte lors de la composition de l'équipe d'audit pour chaque mission d'audit. Si un conflit d'intérêt est signalé par un auditeur dans le cadre d'une mission d'audit spécifique, le responsable de l'audit interne prend les mesures nécessaires en affectant l'audit en question à un autre auditeur qui ne se trouve pas en situation de conflit d'intérêt.
Il y a conflit d'intérêt lorsque l'exercice impartial et objectif des activités d'audit est compromis pour des motifs familiaux, affectifs, professionnels, d'intérêt économique ou financier ou pour tout autre motif de communauté d'intérêts ou d'antagonisme avec les responsables des processus évalués. ".
" Art. 16. § 1er. Dans le cadre de leurs missions au sein du Service fédéral d'Audit interne, les auditeurs ont :
1° accès à tout document, fichier de données, communication ou dispositif informatique appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'Audit interne peut exercer des activités d'audit ;
2° accès à tout dispositif informatique appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions, et aux données qui s'y trouvent ;
3° accès à des copies de tout document, fichier de données ou communication appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions, ou stocké sur un dispositif informatique appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions ;
4° accès à tous les locaux et terrains mis à la disposition d'un service ou d'une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service d'audit interne exerce des missions ;
5° la possibilité de s'entretenir à tout membre du personnel d'un service ou d'une instance au sein de laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés le Service fédéral d'audit interne exerce des missions, pendant les heures où le membre du personnel en question est en service.
Ces accès sont utilisés de manière raisonnable, proportionnée et efficace.
Ces accès sont exercés par le biais d'une demande adressée au dirigeant du service concerné ou à son délégué. La demande indique le délai dans lequel une réponse ou une action est attendue.
Les activités d'audit s'inscrivent dans la perspective de la chaîne de contrôle. Elles tiennent compte des vérifications et évaluations déjà effectuées par d'autres acteurs et sont elles-mêmes traçables et vérifiables.
§ 2. Les auditeurs sont tenus de respecter la déontologie de la profession. Les ministres ayant le budget et la fonction publique dans leurs attributions peuvent compléter ces règles déontologiques.
§ 3. Les activités d'audit sont exercées dans des conditions telles que la compétence, l'indépendance et l'objectivité des auditeurs soient garanties, en application de la définition de l'audit établie à l'article 7.
§ 4. Le Service fédéral d'audit interne tient un registre des conflits d'intérêts, qui est pris en compte lors de la composition de l'équipe d'audit pour chaque mission d'audit. Si un conflit d'intérêt est signalé par un auditeur dans le cadre d'une mission d'audit spécifique, le responsable de l'audit interne prend les mesures nécessaires en affectant l'audit en question à un autre auditeur qui ne se trouve pas en situation de conflit d'intérêt.
Il y a conflit d'intérêt lorsque l'exercice impartial et objectif des activités d'audit est compromis pour des motifs familiaux, affectifs, professionnels, d'intérêt économique ou financier ou pour tout autre motif de communauté d'intérêts ou d'antagonisme avec les responsables des processus évalués. ".
Art. 15. In hetzelfde besluit wordt een artikel 16/1 ingevoegd, luidende:
"Art. 16/1. § 1. In de uitoefening van de forensische auditactiviteiten kunnen de forensische auditoren de minister of de leidinggevende schriftelijk vragen om opdracht te geven tot:
1° het ontzeggen van toegang - gedurende een redelijke termijn - tot bepaalde informatica-apparaten en bestanden die eigendom zijn van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert inzake integriteitsschendingen;
2° het ontzeggen van toegang - gedurende een redelijke termijn - tot ruimtes en terreinen die ter beschikking staan van een dienst of een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert inzake integriteitsschendingen;
§ 2. De in § 1 bedoelde verzoeken worden op redelijke, proportionele en doelmatige wijze gesteld.
§ 3. Bij weigering door de leidinggevende om gevolg te geven aan de verzoeken van de forensische auditoren kan de verantwoordelijke interne audit de minister bevoegd voor de betrokken dienst of dienstonderdeel hierover inlichten.
§ 4. Wanneer tijdens de forensische auditactiviteiten er een reëel en ernstig gevaar is dat relevant bewijsmateriaal onherroepelijk vernietigd, weggemaakt of gemanipuleerd wordt, kan de verantwoordelijke interne audit op schriftelijke en gemotiveerde wijze de forensische auditoren machtigen rechtstreeks de maatregelen te nemen die nodig zijn om het bewijsmateriaal in kwestie veilig te stellen.
In voorkomend geval is elk personeelslid van de betrokken dienst ertoe gehouden onmiddellijk gevolg te geven aan instructies van de forensische auditoren.
De leidinggevende of de minister ontvangt zo snel mogelijk een afschrift van de gemotiveerde machtiging van de verantwoordelijke interne audit en van de genomen maatregelen ter uitvoering hiervan.".
"Art. 16/1. § 1. In de uitoefening van de forensische auditactiviteiten kunnen de forensische auditoren de minister of de leidinggevende schriftelijk vragen om opdracht te geven tot:
1° het ontzeggen van toegang - gedurende een redelijke termijn - tot bepaalde informatica-apparaten en bestanden die eigendom zijn van een dienst of van een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert inzake integriteitsschendingen;
2° het ontzeggen van toegang - gedurende een redelijke termijn - tot ruimtes en terreinen die ter beschikking staan van een dienst of een instantie waarbinnen door of krachtens de wet of andere besluiten de Federale Interneauditdienst opdrachten uitvoert inzake integriteitsschendingen;
§ 2. De in § 1 bedoelde verzoeken worden op redelijke, proportionele en doelmatige wijze gesteld.
§ 3. Bij weigering door de leidinggevende om gevolg te geven aan de verzoeken van de forensische auditoren kan de verantwoordelijke interne audit de minister bevoegd voor de betrokken dienst of dienstonderdeel hierover inlichten.
§ 4. Wanneer tijdens de forensische auditactiviteiten er een reëel en ernstig gevaar is dat relevant bewijsmateriaal onherroepelijk vernietigd, weggemaakt of gemanipuleerd wordt, kan de verantwoordelijke interne audit op schriftelijke en gemotiveerde wijze de forensische auditoren machtigen rechtstreeks de maatregelen te nemen die nodig zijn om het bewijsmateriaal in kwestie veilig te stellen.
In voorkomend geval is elk personeelslid van de betrokken dienst ertoe gehouden onmiddellijk gevolg te geven aan instructies van de forensische auditoren.
De leidinggevende of de minister ontvangt zo snel mogelijk een afschrift van de gemotiveerde machtiging van de verantwoordelijke interne audit en van de genomen maatregelen ter uitvoering hiervan.".
Art. 15. Dans le même arrêté, un article 16/1 est inséré, rédigé comme suit :
" Art. 16/1. § 1er. Dans l'exercice de leurs activités d'audit forensique, les auditeurs forensiques peuvent demander par écrit au ministre ou au dirigeant de donner l'ordre :
1° de refuser l'accès - pendant une période raisonnable - à certains dispositifs et fichiers informatiques appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle, par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions en matière d'atteintes à l'intégrité ;
2° de refuser l'accès - pendant une période raisonnable - aux locaux et terrains mis à la disposition d'un service ou d'une instance dans laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions relatives aux atteintes à l'intégrité ;
§ 2. Les demandes visées au § 1er sont faites de manière raisonnable, proportionnée et efficace.
§ 3. En cas de refus du dirigeant de donner suite aux demandes des auditeurs forensiques, le responsable de l'audit interne peut en informer le ministre compétent pour le service ou la sous-division concerné.
§ 4. Lorsqu'il existe, en cours d'activités d'audit forensique, un risque réel et sérieux que des éléments de preuve pertinents soient irrévocablement détruits, dissimulés ou altérés, le responsable de l'audit interne peut, par écrit et de manière motivée, autoriser les auditeurs forensiques à prendre les mesures nécessaires pour sauvegarder les éléments de preuve en question.
Le cas échéant, tout membre du personnel d'un service est tenu de se conformer immédiatement aux instructions des auditeurs forensiques.
Le dirigeant ou le ministre reçoit dès que possible une copie des autorisations motivées du responsable de l'audit interne et des mesures prises pour leur mise en oeuvre. ".
" Art. 16/1. § 1er. Dans l'exercice de leurs activités d'audit forensique, les auditeurs forensiques peuvent demander par écrit au ministre ou au dirigeant de donner l'ordre :
1° de refuser l'accès - pendant une période raisonnable - à certains dispositifs et fichiers informatiques appartenant à un service ou à une instance au sein de laquelle, par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions en matière d'atteintes à l'intégrité ;
2° de refuser l'accès - pendant une période raisonnable - aux locaux et terrains mis à la disposition d'un service ou d'une instance dans laquelle par ou en vertu de la loi ou d'autres arrêtés, le Service fédéral d'audit interne exerce des missions relatives aux atteintes à l'intégrité ;
§ 2. Les demandes visées au § 1er sont faites de manière raisonnable, proportionnée et efficace.
§ 3. En cas de refus du dirigeant de donner suite aux demandes des auditeurs forensiques, le responsable de l'audit interne peut en informer le ministre compétent pour le service ou la sous-division concerné.
§ 4. Lorsqu'il existe, en cours d'activités d'audit forensique, un risque réel et sérieux que des éléments de preuve pertinents soient irrévocablement détruits, dissimulés ou altérés, le responsable de l'audit interne peut, par écrit et de manière motivée, autoriser les auditeurs forensiques à prendre les mesures nécessaires pour sauvegarder les éléments de preuve en question.
Le cas échéant, tout membre du personnel d'un service est tenu de se conformer immédiatement aux instructions des auditeurs forensiques.
Le dirigeant ou le ministre reçoit dès que possible une copie des autorisations motivées du responsable de l'audit interne et des mesures prises pour leur mise en oeuvre. ".
Art. 16. In artikel 17, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "interne auditoren" vervangen door de woorden "personeelsleden van de Federale Interneauditdienst".
Art. 16. A l'article 17, alinéa 1er, du même arrêté, les mots " auditeurs internes " sont remplacés par les mots " membres du personnel du Service fédéral d'audit interne ".
Art. 17. Artikel 18 van hetzelfde besluit wordt als volgt vervangen:
"Art. 18. De Federale Interneauditdienst gaat na of de aanbevelingen door elke leidinggevende op adequate wijze en op het gepaste niveau in aanmerking worden genomen.
Hiertoe wordt nagegaan of de leidinggevende adequate maatregelen heeft genomen of zich engageert tot het nemen van maatregelen om binnen een welbepaalde termijn de risico's terug te brengen tot een aanvaardbaar peil.
Indien het risico verbonden aan een aanbeveling aanvaard werd, bekomt de Federale Interneauditdienst van de leidinggevende een motivatie waarom geen maatregelen of acties noodzakelijk geacht worden.
In het kader van de opvolging door de Federale Interneauditdienst wordt aan een tussen de dienst en de Federale Interneauditdienst overeen te komen periodiciteit een stand van zaken gegeven van de status van de ondernomen acties die tegemoetkomen aan de geformuleerde aanbevelingen. De Federale Interneauditdienst gaat op basis van de aangeleverde bewijsstukken de juistheid van deze status na.
De Federale Interneauditdienst maakt aan het Auditcomité een stand van zaken over van de actieplannen die door de diensten in uitvoering werden gebracht als gevolg van de auditopdrachten en vestigt de aandacht op de risico's die door de leidinggevende werden aanvaard alsook de motivatie van de leidinggevende voor deze aanvaarding.".
"Art. 18. De Federale Interneauditdienst gaat na of de aanbevelingen door elke leidinggevende op adequate wijze en op het gepaste niveau in aanmerking worden genomen.
Hiertoe wordt nagegaan of de leidinggevende adequate maatregelen heeft genomen of zich engageert tot het nemen van maatregelen om binnen een welbepaalde termijn de risico's terug te brengen tot een aanvaardbaar peil.
Indien het risico verbonden aan een aanbeveling aanvaard werd, bekomt de Federale Interneauditdienst van de leidinggevende een motivatie waarom geen maatregelen of acties noodzakelijk geacht worden.
In het kader van de opvolging door de Federale Interneauditdienst wordt aan een tussen de dienst en de Federale Interneauditdienst overeen te komen periodiciteit een stand van zaken gegeven van de status van de ondernomen acties die tegemoetkomen aan de geformuleerde aanbevelingen. De Federale Interneauditdienst gaat op basis van de aangeleverde bewijsstukken de juistheid van deze status na.
De Federale Interneauditdienst maakt aan het Auditcomité een stand van zaken over van de actieplannen die door de diensten in uitvoering werden gebracht als gevolg van de auditopdrachten en vestigt de aandacht op de risico's die door de leidinggevende werden aanvaard alsook de motivatie van de leidinggevende voor deze aanvaarding.".
Art. 17. L'article 18 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 18. Le Service fédéral d'audit interne vérifie que les recommandations sont prises en compte de manière adéquate, au niveau qui convient, par chaque dirigeant.
A cette fin, il vérifie si le dirigeant a pris des mesures adéquates ou s'est engagé à prendre les mesures pour ramener les risques à un niveau acceptable dans un délai défini.
Si le risque associé à une recommandation a été accepté, le Service fédéral d'audit interne obtient du dirigeant une motivation expliquant pourquoi aucune mesure ou action n'est jugée nécessaire.
Dans le cadre du suivi par le Service fédéral d'audit interne, à une fréquence à convenir entre le service et le Service fédéral d'audit interne, une mise à jour du statut des actions entreprises pour répondre aux recommandations formulées est donnée. Le Service fédéral d'audit interne vérifie sur base des éléments de preuve délivrés l'exactitude de ce statut.
Le Service fédéral d'audit interne transmet au Comité d'audit un état des lieux de la mise en place des plans d'actions mis en place par les services consécutivement aux missions d'audit et y met en évidence les risques qui ont été acceptés par le dirigeant ainsi que la motivation de cette acceptation par le dirigeant. ".
" Art. 18. Le Service fédéral d'audit interne vérifie que les recommandations sont prises en compte de manière adéquate, au niveau qui convient, par chaque dirigeant.
A cette fin, il vérifie si le dirigeant a pris des mesures adéquates ou s'est engagé à prendre les mesures pour ramener les risques à un niveau acceptable dans un délai défini.
Si le risque associé à une recommandation a été accepté, le Service fédéral d'audit interne obtient du dirigeant une motivation expliquant pourquoi aucune mesure ou action n'est jugée nécessaire.
Dans le cadre du suivi par le Service fédéral d'audit interne, à une fréquence à convenir entre le service et le Service fédéral d'audit interne, une mise à jour du statut des actions entreprises pour répondre aux recommandations formulées est donnée. Le Service fédéral d'audit interne vérifie sur base des éléments de preuve délivrés l'exactitude de ce statut.
Le Service fédéral d'audit interne transmet au Comité d'audit un état des lieux de la mise en place des plans d'actions mis en place par les services consécutivement aux missions d'audit et y met en évidence les risques qui ont été acceptés par le dirigeant ainsi que la motivation de cette acceptation par le dirigeant. ".
Art. 18. In artikel 19 van hetzelfde besluit worden de woorden "interne auditors" vervangen door het woord "auditoren".
Art. 18. Dans l'article 19 du même arrêté, les mots " auditeurs internes " sont remplacés par le mots " auditeurs ".
Art. 19. In artikel 20, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "interne auditor" vervangen door het woord "auditor" en de woorden "interne auditactiviteiten" door het woord "auditactiviteiten".
Art. 19. Dans l'article 20, alinéa 1er, du même arrêté, les mots " auditeur interne " sont remplacés par le mot " auditeur " et les mots " activités d'audit interne " par les mots " activités d'audit ".
Art. 20. De artikelen 3 en 4 treden in werking op 1 januari 2025.
Art. 20. Les articles 3 et 4 entrent en vigueur le 1er janvier 2025.
Art. 21. De eerste minister en de ministers bevoegd voor ambtenarenzaken en begroting, zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 21. Le Premier Ministre et les Ministres ayant la fonction publique et le budget dans leurs attributions, sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.