Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
20 DECEMBER 2024. - Financieordonnantie houdende opening van voorlopige kredieten voor de maanden januari, februari en maart 2025 op de begroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2025
Titre
20 DECEMBRE 2024. - Ordonnance de finances ouvrant des crédits provisoires pour les mois de janvier, février et mars 2025 sur le budget de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2025
Documentinformatie
Numac: 2024011912
Datum: 2024-12-20
Info du document
Numac: 2024011912
Date: 2024-12-20
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepalingen
HOOFDSTUK 2. - Financiële bepalingen
Afdeling 1. - Invordering van de belastingen
Afdeling 2. - Aangaan van leningen
HOOFDSTUK 3. - Voorlopige kredieten
Afdeling 1. - Algemene bepalingen in verband me...
Onderafdeling 1. - Begrotingstabellen van de di...
Onderafdeling 2. - Begrotingstabellen van de au...
Afdeling . - Bepalingen in verband met herverde...
Afdeling . - Bepalingen in verband met subsidies
Art.24. De diensten van de Regering en de auton...
HOOFDSTUK 4. - Bepalingen voor de diensten van ...
Art.28. De variabele kredieten van de organieke...
Art.29. In afwijking van punt 5° van artikel 2 ...
Art.30. In het eerste lid van het punt 6° van a...
Art.31. In afwijking van punt 9° van artikel 2 ...
Art.32. In het kader van de financiering van aa...
Art.34. In afwijking van het artikel 7, § 1, ee...
Art.36. In afwijking van punt 13° van artikel 2...
Art.37. In afwijking van artikel 22, § 2, van d...
Art.39. In afwijking van het punt 17 van artike...
Afdeling 1. - Bepalingen in verband met het bes...
Onderafdeling 1. - Bepalingen in verband met de...
Art.40. Gelet op het ontbreken van een definiti...
Art.43. In uitvoering van artikel 123, § 1, van...
Art.46. In afwijking van de ESR-classificatie, ...
Art.47. § 1. De Regering is gemachtigd om het b...
Art.48. De Regering is gemachtigd een of meerde...
Art.50. Artikel 10 van het besluit van de Bruss...
Art.53. De bevoegde ordonnateur wordt gemachtig...
Art.54. In afwijking van paragraaf 1 van artike...
Art.55. In aanvulling op het artikel "hoe kunt ...
Afdeling 1. - Specifieke bepalingen voor de aut...
Art.56. De ABI's van categorie 2 die, in toepas...
Art.58. In toepassing van artikel 5 van de ordo...
Art.61. In afwijking van de bepalingen van arti...
Art.62. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering w...
Art.64. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering w...
Art.66. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering w...
Art.67. Het Rekenhof stelt geen certificering o...
Art.68. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering w...
Art.70. Artikel 28 van het besluit van 19 oktob...
HOOFDSTUK 8. - Bijzondere bepalingen in verband...
Afdeling 1. - Bepalingen in verband met de gewe...
Art.91. Wanneer de Brusselse Hoofdstedelijke Re...
Art.93. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering w...
Art.98. In artikel 2 van de de Codex worden de ...
Art.103. Deze ordonnantie treedt in werking op ...
Art. N. Bijlage.
Inhoud
CHAPITRE 1. - Dispositions introductives
CHAPITRE 2. - Dispositions financières
Section 1re. - Recouvrement des impôts
Section 2. - Recourir à des emprunts
CHAPITRE 3. - Crédits provisoires
Section 1re. - Dispositions générales relatives...
Sous-section 1. - Tableaux budgétaires des serv...
Sous-section 2. - Tableaux budgétaires des orga...
Section 2. - Dispositions relatives aux ventila...
Section 3. - Dispositions relatives aux subvent...
Art.24. Les services du Gouvernement et les org...
CHAPITRE 4. - Dispositions pour les services du...
Art.28. Les crédits variables des fonds budgéta...
Art.29. Par dérogation au point 5° de l'article...
Art.30. Dans l'alinéa 1er du point 6° de l'arti...
Art.31. Par dérogation au point 9° de l'article...
Art.32. Dans le cadre du financement des opérat...
Art.34. Par dérogation à l'article 7, § 1er, al...
Art.36. Par dérogation au point 13° de l'articl...
Art.37. Par dérogation à l'article 22, § 2, de ...
Art.39. Par dérogation au point 17 de l'article...
Section 1re. - Dispositions relatives à l'admin...
Sous-section 1. - Dispositions relatives à la C...
Art.40. Vu l'absence de définition de la date d...
Art.43. En exécution de l'article 123, § 1er, d...
Art.46. Par dérogation à la classification SEC,...
Art.47. § 1er. Le Gouvernement est autorisé à a...
Art.48. Le Gouvernement est autorisé à accorder...
Art.50. L'article 10 de l'arrêté du Gouvernemen...
Art.53. L'ordonnateur compétent est autorisé à ...
Art.54. En dérogation au paragraphe 1er de l'ar...
Art.55. En complément à l'article " comment dem...
Section 1re. - Dispositions spécifiques pour le...
Art.56. Les OAA de catégorie 2 qui, en vertu de...
Art.58. En application de l'article 5 de l'ordo...
Art.61. Par dérogation aux dispositions de l'ar...
Art.62. Le Gouvernement de la Région de Bruxell...
Art.64. Le Gouvernement de la Région de Bruxell...
Art.66. Le Gouvernement de la Région de Bruxell...
Art.67. La Cour des comptes n'établit pas de ce...
Art.68. Le Gouvernement de la Région de Bruxell...
Art.70. L'article 28 de l'arrêté du 19 octobre ...
CHAPITRE 8. - Dispositions spécifiques relative...
Section 1re. - Dispositions relatives à la gara...
Art.91. Lorsque le Gouvernement de la Région de...
Art.93. Le Gouvernement de la Région de Bruxell...
Art.98. A l'article 2 du Code, les points 8 et ...
Art.103. La présente ordonnance entre en vigueu...
Art. N. Annexe
Tekst (153)
Texte (153)
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepalingen
CHAPITRE 1. - Dispositions introductives
Artikel 1. Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 39 van de Grondwet.
Article 1er. La présente ordonnance règle une matière visée à l'article 39 de la Constitution.
Art.2. Voor de toepassing van deze ordonnantie wordt verstaan onder:
Codex: de ordonnantie van 4 april 2024 houdende de Codex van de openbare financiën van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
Ordonnantie van 23 februari 2006: de organieke ordonnantie van 23 februari 2006 houdende de bepalingen die van toepassing zijn op de begroting, de boekhouding en de controle.
Codex: de ordonnantie van 4 april 2024 houdende de Codex van de openbare financiën van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
Ordonnantie van 23 februari 2006: de organieke ordonnantie van 23 februari 2006 houdende de bepalingen die van toepassing zijn op de begroting, de boekhouding en de controle.
Art.2. Pour l'application de la présente ordonnance on entend par:
Code: l'ordonnance du 4 avril 2024 portant le Code des finances publiques de la Région de Bruxelles-Capitale;
Ordonnance du 23 février 2006: l'ordonnance organique du 23 février 2006 portant les dispositions applicables au budget, à la comptabilité et au contrôle.
Code: l'ordonnance du 4 avril 2024 portant le Code des finances publiques de la Région de Bruxelles-Capitale;
Ordonnance du 23 février 2006: l'ordonnance organique du 23 février 2006 portant les dispositions applicables au budget, à la comptabilité et au contrôle.
Art.3. De bepalingen opgenomen in deze financieordonnantie houdende opening van voorlopige kredieten zijn slechts van toepassing voor de maanden januari, februari en maart van het begrotingsjaar 2025 en hebben geen gevolgen meer na deze maanden.
Afwijkingen aan of aanpassingen van ordonnanties die worden opgenomen in de bepalingen van deze financieordonnantie houdende opening van voorlopige kredieten zijn dus tijdelijk van aard en enkel geldig voor de maanden januari, februari en maart van het begrotingsjaar 2025 en tot op het moment dat een wijzigende ordonnantie of een wijzigend regeringsbesluit in voege treedt.
Afwijkingen aan of aanpassingen van ordonnanties die worden opgenomen in de bepalingen van deze financieordonnantie houdende opening van voorlopige kredieten zijn dus tijdelijk van aard en enkel geldig voor de maanden januari, februari en maart van het begrotingsjaar 2025 en tot op het moment dat een wijzigende ordonnantie of een wijzigend regeringsbesluit in voege treedt.
Art.3. Les dispositions incluses dans la présente ordonnance de finances ouvrant des crédits provisoires ne sont valables que pour les mois de janvier, février et mars de l'année budgétaire 2025 et ne produisent plus d'effets au-delà de ces mois.
Des dérogations aux ou des adaptations d'ordonnances qui sont reprises dans les dispositions de la présente ordonnance de finances ouvrant des crédits provisoires ont donc un caractère temporaire et ne sont valables que pour les mois de janvier, février et mars de l'année budgétaire 2025 et jusqu'à l'entrée en vigueur d'une ordonnance modificative ou d'un arrêté gouvernemental modificatif.
Des dérogations aux ou des adaptations d'ordonnances qui sont reprises dans les dispositions de la présente ordonnance de finances ouvrant des crédits provisoires ont donc un caractère temporaire et ne sont valables que pour les mois de janvier, février et mars de l'année budgétaire 2025 et jusqu'à l'entrée en vigueur d'une ordonnance modificative ou d'un arrêté gouvernemental modificatif.
HOOFDSTUK 2. - Financiële bepalingen
CHAPITRE 2. - Dispositions financières
Afdeling 1. - Invordering van de belastingen
Section 1re. - Recouvrement des impôts
Art.4. De op 31 december 2024 bestaande belastingen ten behoeve van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden tijdens het jaar 2025 ingevorderd volgens de wetten, ordonnanties, besluiten en tarieven die er de zetting en invordering van regelen.
Art.4. Les impôts au profit de la Région de Bruxelles-Capitale existant au 31 décembre 2024 sont recouvrés pendant l'année 2025 d'après les lois, ordonnances, arrêtés et tarifs qui en règlent l'assiette et la perception.
Afdeling 2. - Aangaan van leningen
Section 2. - Recourir à des emprunts
Art.5. De Regering wordt gemachtigd om het overschot van de uitgaven op de ontvangsten van de begroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor de begrotingsjaren 1989 tot en met 2025 door leningen te dekken, met inbegrip van de hernieuwing van reeds bestaande leningen en (her)consolideringen.
Deze machtiging houdt met name de mogelijkheid in om via leningen de financieringen te dekken, toegekend door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, aan de entiteiten die de mogelijkheid hebben om schulden aan te gaan bij het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, in het kader van de voorlopige kredieten van de begroting 2025.
Deze machtiging omvat ook de mogelijkheid leningen aan te gaan om de aankoop te financieren van titels (op korte en lange termijn) uitgegeven door gewestelijke entiteiten in het kader van het thesaurieprogramma van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Nieuwe leningen kunnen ook aangegaan worden voor de consolidatie van schulden op korte termijn of schulden die tijdens het jaar vervallen.
Deze machtiging houdt met name de mogelijkheid in om via leningen de financieringen te dekken, toegekend door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, aan de entiteiten die de mogelijkheid hebben om schulden aan te gaan bij het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, in het kader van de voorlopige kredieten van de begroting 2025.
Deze machtiging omvat ook de mogelijkheid leningen aan te gaan om de aankoop te financieren van titels (op korte en lange termijn) uitgegeven door gewestelijke entiteiten in het kader van het thesaurieprogramma van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Nieuwe leningen kunnen ook aangegaan worden voor de consolidatie van schulden op korte termijn of schulden die tijdens het jaar vervallen.
Art.5. Le Gouvernement est autorisé à couvrir par des emprunts l'excédent des dépenses par rapport aux recettes du budget de la Région de Bruxelles-Capitale pour les années budgétaires 1989 à 2025 incluse, y compris le renouvellement des emprunts existants et les (re)consolidations.
Cette autorisation inclut notamment la possibilité de couvrir par des emprunts les financements, octroyés par la Région de Bruxelles-Capitale, aux entités bénéficiant de la possibilité de s'endetter auprès de la Région de Bruxelles-Capitale, dans le cadre des crédits provisoires du budget 2025.
Cette autorisation inclut également la possibilité de recourir à des emprunts pour financer l'achat de titres (à court et long terme) émis par des entités régionales dans le cadre du programme de trésorerie de la Région de Bruxelles-Capitale.
De nouveaux emprunts peuvent également être contractés pour la consolidation de dettes à court terme ou arrivant à échéance en cours d'année.
Cette autorisation inclut notamment la possibilité de couvrir par des emprunts les financements, octroyés par la Région de Bruxelles-Capitale, aux entités bénéficiant de la possibilité de s'endetter auprès de la Région de Bruxelles-Capitale, dans le cadre des crédits provisoires du budget 2025.
Cette autorisation inclut également la possibilité de recourir à des emprunts pour financer l'achat de titres (à court et long terme) émis par des entités régionales dans le cadre du programme de trésorerie de la Région de Bruxelles-Capitale.
De nouveaux emprunts peuvent également être contractés pour la consolidation de dettes à court terme ou arrivant à échéance en cours d'année.
HOOFDSTUK 3. - Voorlopige kredieten
CHAPITRE 3. - Crédits provisoires
Afdeling 1. - Algemene bepalingen in verband met de begrotingstabellen
Section 1re. - Dispositions générales relatives aux tableaux budgétaires
Onderafdeling 1. - Begrotingstabellen van de diensten van de Regering
Sous-section 1. - Tableaux budgétaires des services du Gouvernement
Art. 6. Voorlopige kredieten, welke in mindering komen van de algemene uitgavenbegroting voor het begrotingsjaar 2025 van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, worden geopend voor de maanden januari, februari en maart 2025 ten bedrage van:
Art. 6. Des crédits provisoires, qui seront déduits du budget général des dépenses pour l'année budgétaire 2025 des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, sont ouverts pour les mois de janvier, février et mars 2025 pour un montant de:
| En euros | Crédits d'engagement Vastleggingskredieten | Crédits de liquidation Vereffeningskredieten | In euro |
| Crédits dissociés | 2.344.441.000 | 2.227.877.000 | Gesplitste kredieten |
| Crédits dissociés variables | 225.564.000 | 221.586.000 | Variabele gesplitste kredieten |
| Totaux | 2.570.005.000 | 2.449.463.000 | Totalen |
Crédits de liquidation Vereffeningskredieten In euro Crédits dissociés 2.344.441.000 2.227.877.000 Gesplitste kredieten Crédits dissociés variables 225.564.000 221.586.000 Variabele gesplitste kredieten Totaux 2.570.005.000 2.449.463.000 Totalen
Deze kredieten worden opgesomd in de bij deze financieordonnantie gevoegde tabellen, afdeling 1.
| En euros | Crédits d'engagement Vastleggingskredieten | Crédits de liquidation Vereffeningskredieten | In euro |
| Crédits dissociés | 2.344.441.000 | 2.227.877.000 | Gesplitste kredieten |
| Crédits dissociés variables | 225.564.000 | 221.586.000 | Variabele gesplitste kredieten |
| Totaux | 2.570.005.000 | 2.449.463.000 | Totalen |
Crédits de liquidation Vereffeningskredieten In euro Crédits dissociés 2.344.441.000 2.227.877.000 Gesplitste kredieten Crédits dissociés variables 225.564.000 221.586.000 Variabele gesplitste kredieten Totaux 2.570.005.000 2.449.463.000 Totalen
Ces crédits sont énumérés aux tableaux annexés à la présente ordonnance de finances, section 1re.
Art.7. In toepassing van artikel 27 van de Codex, worden de uitgaven gemachtigd per programma waarvan de krediettotalen opgenomen zijn in de bij deze financieordonnantie gevoegde begrotingstabellen, afdeling 1.
De voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest mogen enkel aangewend worden om:
1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de diensten van de Regering;
2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
De voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest mogen enkel aangewend worden om:
1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de diensten van de Regering;
2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
Art.7. En application de l'article 27 du Code, les dépenses sont autorisées par programme dont les totaux de crédits sont repris dans les tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance de finances, section 1re.
Les crédits d'engagement et de liquidation provisoires des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale ne peuvent être utilisés que pour:
1° poursuivre la gestion administrative quotidienne nécessaire au bon fonctionnement des services du Gouvernement;
2° traiter des matières qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative gouvernementale et qui doivent être traitées afin de garantir la continuité du service public;
3° prendre en charge les affaires urgentes qui doivent être traitées rapidement, sous peine de mettre en péril ou de compromettre les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
Les crédits d'engagement et de liquidation provisoires des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale ne peuvent être utilisés que pour:
1° poursuivre la gestion administrative quotidienne nécessaire au bon fonctionnement des services du Gouvernement;
2° traiter des matières qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative gouvernementale et qui doivent être traitées afin de garantir la continuité du service public;
3° prendre en charge les affaires urgentes qui doivent être traitées rapidement, sous peine de mettre en péril ou de compromettre les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
Art.8. De volgende afwijkingen van de voorlopige kredieten van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor januari, februari en maart 2025 worden toegestaan, zowel in vastleggingskredieten als in vereffeningskredieten:
GOB.34.100.10
GOB.36.023.06
GOB.36.023.15
GOB.36.023.16
GOB.36.042.06
GOB.36.042.16
GOB.37.101.09
GOB.38.041.05
GOB.41.041.08
GOB.41.041.11
GOB.41.103.09
GOB.41.145.10
GOB.41.301.09
GOB.44.045.08
GOB.44.047.08
GOB.44.048.05
GOB.44.048.08
GOB.45.003.08
GOB.45.041.03
GOB.45.041.08
Voor de begrotingsposten van het type "Aggregaat 04" (personeelsuitgaven) van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, wordt 4/12de van de initiële kredieten voor 2024 opgenomen, in afwijking van de 3/12de van de voorlopige kredieten voor 2025.
GOB.34.100.10
GOB.36.023.06
GOB.36.023.15
GOB.36.023.16
GOB.36.042.06
GOB.36.042.16
GOB.37.101.09
GOB.38.041.05
GOB.41.041.08
GOB.41.041.11
GOB.41.103.09
GOB.41.145.10
GOB.41.301.09
GOB.44.045.08
GOB.44.047.08
GOB.44.048.05
GOB.44.048.08
GOB.45.003.08
GOB.45.041.03
GOB.45.041.08
Voor de begrotingsposten van het type "Aggregaat 04" (personeelsuitgaven) van de diensten van de Regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, wordt 4/12de van de initiële kredieten voor 2024 opgenomen, in afwijking van de 3/12de van de voorlopige kredieten voor 2025.
Art.8. Les dérogations suivantes aux crédits provisoires des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale pour janvier, février et mars 2025 sont autorisées, autant en crédits d'engagement qu'en crédits de liquidation:
SPRB.34.100.10
SPRB.36.023.06
SPRB.36.023.15
SPRB.36.023.16
SPRB.36.042.06
SPRB.36.042.16
SPRB.37.101.09
SPRB.38.041.05
SPRB.41.041.08
SPRB.41.041.11
SPRB.41.103.09
SPRB.41.145.10
SPRB.41.301.09
SPRB.44.045.08
SPRB.44.047.08
SPRB.44.048.05
SPRB.44.048.08
SPRB.45.003.08
SPRB.45.041.03
SPRB.45.041.08
Pour les postes budgétaires du type " Aggrégat 04 " (dépenses de personnel) des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, 4/12èmes des crédits initiaux 2024 sont repris en dérogation aux 3/12èmes des crédits provisoires 2025.
SPRB.34.100.10
SPRB.36.023.06
SPRB.36.023.15
SPRB.36.023.16
SPRB.36.042.06
SPRB.36.042.16
SPRB.37.101.09
SPRB.38.041.05
SPRB.41.041.08
SPRB.41.041.11
SPRB.41.103.09
SPRB.41.145.10
SPRB.41.301.09
SPRB.44.045.08
SPRB.44.047.08
SPRB.44.048.05
SPRB.44.048.08
SPRB.45.003.08
SPRB.45.041.03
SPRB.45.041.08
Pour les postes budgétaires du type " Aggrégat 04 " (dépenses de personnel) des services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, 4/12èmes des crédits initiaux 2024 sont repris en dérogation aux 3/12èmes des crédits provisoires 2025.
Onderafdeling 2. - Begrotingstabellen van de autonome bestuursinstellingen
Sous-section 2. - Tableaux budgétaires des organismes administratifs autonomes
Art.9. Voorlopige kredieten, welke in mindering komen van de uitgavenbegrotingen voor het begrotingsjaar 2025 van de autonome bestuursinstellingen van eerste categorie, hierna ABI's 1 genoemd, worden geopend voor de maanden januari, februari en maart 2025 en worden opgesomd in de bij deze ordonnantie gevoegde begrotingstabellen, afdeling 2.
Art.9. Des crédits provisoires, qui seront déduits des budgets des dépenses pour l'année budgétaire 2025 des organismes administratifs autonomes de première catégorie, ci-après dénommés OAA 1, sont ouverts pour les mois de janvier, février et mars 2025 et sont énumérés dans les tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance, section 2.
Art.10. De volgende afwijkingen van de voorlopige kredieten voor januari, februari en maart 2025 worden toegestaan, zowel in vastleggingskredieten als in vereffeningskredieten:
BIM.41.201.05
CIBG.37.201.04
CIBG.37.201.05
CIBG.37.202.05
CIBG.37.203.05
DBDMH.40.201.05
DBDMH.40.202.14
DBDMH.40.203.05
DBDMH.40.203.14
GAN.41.251.05
GAN.41.252.05
BGHFGT.40.253.15
BGHFGT.40.253.16
Voor de begrotingsposten van het type "Aggregaat 04" (personeelsuitgaven) van de autonome bestuursinstellingen van eerste categorie wordt 4/12de van de initiële kredieten voor 2024 opgenomen, in afwijking van de 3/12de van de voorlopige kredieten voor 2025.
BIM.41.201.05
CIBG.37.201.04
CIBG.37.201.05
CIBG.37.202.05
CIBG.37.203.05
DBDMH.40.201.05
DBDMH.40.202.14
DBDMH.40.203.05
DBDMH.40.203.14
GAN.41.251.05
GAN.41.252.05
BGHFGT.40.253.15
BGHFGT.40.253.16
Voor de begrotingsposten van het type "Aggregaat 04" (personeelsuitgaven) van de autonome bestuursinstellingen van eerste categorie wordt 4/12de van de initiële kredieten voor 2024 opgenomen, in afwijking van de 3/12de van de voorlopige kredieten voor 2025.
Art.10. Les dérogations suivantes aux crédits provisoires pour janvier, février et mars 2025 sont autorisées, autant en crédits d'engagement qu'en crédits de liquidation:
IBGE.41.201.05
CIRB.37.201.04
CIRB.37.201.05
CIRB.37.202.05
CIRB.37.203.05
SIAMU.40.201.05
SIAMU.40.202.14
SIAMU.40.203.05
SIAMU.40.203.14
ARP.41.251.05
ARP.41.252.05
FRBRTC.40.253.15
FRBRTC.40.253.16
Pour les postes budgétaires du type " Aggrégat 04 " (dépenses de personnel) des organismes administratifs autonomes de première catégorie, 4/12èmes des crédits initiaux 2024 sont repris en dérogation aux 3/12èmes des crédits provisoires 2025.
IBGE.41.201.05
CIRB.37.201.04
CIRB.37.201.05
CIRB.37.202.05
CIRB.37.203.05
SIAMU.40.201.05
SIAMU.40.202.14
SIAMU.40.203.05
SIAMU.40.203.14
ARP.41.251.05
ARP.41.252.05
FRBRTC.40.253.15
FRBRTC.40.253.16
Pour les postes budgétaires du type " Aggrégat 04 " (dépenses de personnel) des organismes administratifs autonomes de première catégorie, 4/12èmes des crédits initiaux 2024 sont repris en dérogation aux 3/12èmes des crédits provisoires 2025.
Art.11. § 1. In toepassing van artikel 27 van de Codex, worden de uitgaven gemachtigd per programma waarvan de krediettotalen opgenomen zijn in de bij deze financieordonnantie gevoegde begrotingstabellen, afdeling 2.
§ 2. De vastleggings- en vereffeningskredieten van de ABI's 1, mogen enkel aangewend worden om:
1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de ABI's 1;
2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
De Inspecteurs van Financiën zien erop toe dat deze paragraaf wordt nageleefd.
§ 3. De ABI's 1 die worden geconsolideerd in de begroting van de gewestelijke entiteit worden hieronder opgesomd:
1° Centrum voor informatica voor het Brusselse Gewest - Paradigm (CIBG);
2° Leefmilieu Brussel (BIM);
3° Net Brussel - Gewestelijk Agentschap voor Netheid (GAN);
4° Brusselse Hoofdstedelijke Dienst voor Brandweer en Dringende Medische Hulp (DBDMH);
5° Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT);
6° Innoviris - Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel (IWOIB);
7° Brussel - Preventie & Veiligheid (BPV) - (safe.brussels);
8° Perspective.brussels - Brussels Planningsbureau (BPB).
§ 2. De vastleggings- en vereffeningskredieten van de ABI's 1, mogen enkel aangewend worden om:
1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de ABI's 1;
2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
De Inspecteurs van Financiën zien erop toe dat deze paragraaf wordt nageleefd.
§ 3. De ABI's 1 die worden geconsolideerd in de begroting van de gewestelijke entiteit worden hieronder opgesomd:
1° Centrum voor informatica voor het Brusselse Gewest - Paradigm (CIBG);
2° Leefmilieu Brussel (BIM);
3° Net Brussel - Gewestelijk Agentschap voor Netheid (GAN);
4° Brusselse Hoofdstedelijke Dienst voor Brandweer en Dringende Medische Hulp (DBDMH);
5° Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT);
6° Innoviris - Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel (IWOIB);
7° Brussel - Preventie & Veiligheid (BPV) - (safe.brussels);
8° Perspective.brussels - Brussels Planningsbureau (BPB).
Art.11. § 1er. En application de l'article 27 du Code, les dépenses sont autorisées par programme dont les totaux de crédits sont repris dans les tableaux budgétaires annexés à la présente ordonnance de finances, section 2.
§ 2. Les crédits d'engagement et de liquidation des OAA 1 ne peuvent être utilisés que pour:
1° poursuivre la gestion administrative courante nécessaire au bon fonctionnement des OAA 1;
2° traiter des questions qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative publique et qui doivent être traitées afin de garantir la continuité du service public;
3° prendre en charge les affaires urgentes qui doivent être traitées rapidement sous peine de mettre en péril les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
Les Inspecteurs des Finances veillent à ce que ce paragraphe soit respecté.
§ 3. Les OAA 1 qui sont consolidés dans le budget de l'entité régionale sont énumérés ci-dessous:
1° Centre d'informatique pour la Région bruxelloise - Paradigm (CIRB);
2° Bruxelles Environnement (IBGE);
3° Bruxelles-Propreté - Agence régionale pour la propreté (ARP);
4° Service d'Incendie et d'Aide médicale urgente de la Région de Bruxelles-Capitale (SIAMU);
5° Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC);
6° Innoviris - Institut d'Encouragement de la Recherche Scientifique et de l'Innovation de Bruxelles (IRSIB);
7° Bruxelles Prévention & Sécurité (BPS) - (safe.brussels);
8° Perspective.brussels - Bureau bruxellois de la planification (BBP).
§ 2. Les crédits d'engagement et de liquidation des OAA 1 ne peuvent être utilisés que pour:
1° poursuivre la gestion administrative courante nécessaire au bon fonctionnement des OAA 1;
2° traiter des questions qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative publique et qui doivent être traitées afin de garantir la continuité du service public;
3° prendre en charge les affaires urgentes qui doivent être traitées rapidement sous peine de mettre en péril les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
Les Inspecteurs des Finances veillent à ce que ce paragraphe soit respecté.
§ 3. Les OAA 1 qui sont consolidés dans le budget de l'entité régionale sont énumérés ci-dessous:
1° Centre d'informatique pour la Région bruxelloise - Paradigm (CIRB);
2° Bruxelles Environnement (IBGE);
3° Bruxelles-Propreté - Agence régionale pour la propreté (ARP);
4° Service d'Incendie et d'Aide médicale urgente de la Région de Bruxelles-Capitale (SIAMU);
5° Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC);
6° Innoviris - Institut d'Encouragement de la Recherche Scientifique et de l'Innovation de Bruxelles (IRSIB);
7° Bruxelles Prévention & Sécurité (BPS) - (safe.brussels);
8° Perspective.brussels - Bureau bruxellois de la planification (BBP).
Art.12. De vastleggings- en vereffeningskredieten van de ABI's 2 mogen enkel aangewend worden, rekening houdend met het feit dat de financiering vanuit de diensten van de Regering beperkt is door de opening van voorlopige kredieten voor de maanden januari, februari en maart 2025, om:
1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de ABI's 2;
2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
De Regeringscommissarissen zien erop toe dat dit artikel wordt nageleefd.
1° het dagelijkse administratieve beheer voort te zetten dat nodig is voor een vlotte werking van de ABI's 2;
2° zaken af te handelen waarvoor geen nieuw overheidsinitiatief nodig is en die moeten worden afgehandeld om de continuïteit van de openbare dienstverlening te garanderen;
3° dringende zaken aan te pakken, welke snel moeten worden afgehandeld, om de fundamentele belangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest niet in gevaar te brengen.
De Regeringscommissarissen zien erop toe dat dit artikel wordt nageleefd.
Art.12. Les crédits d'engagement et de liquidation des OAA 2 ne peuvent être utilisés, compte tenu du fait que le financement en provenance des services du Gouvernement est limité par l'ouverture de crédits provisoires pour les mois de janvier, février et mars 2025 que pour:
1° poursuivre la gestion administrative quotidienne nécessaire au bon fonctionnement des OAA 2;
2° traiter des questions qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative gouvernementale et qui doivent être traitées pour assurer la continuité du service public;
3° prendre en charge les questions urgentes qui doivent être traitées rapidement sous peine de mettre en péril ou de compromettre les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
Les commissaires du Gouvernement veillent à ce que cet article soit respecté.
1° poursuivre la gestion administrative quotidienne nécessaire au bon fonctionnement des OAA 2;
2° traiter des questions qui ne nécessitent pas une nouvelle initiative gouvernementale et qui doivent être traitées pour assurer la continuité du service public;
3° prendre en charge les questions urgentes qui doivent être traitées rapidement sous peine de mettre en péril ou de compromettre les intérêts fondamentaux de la Région de Bruxelles-Capitale.
Les commissaires du Gouvernement veillent à ce que cet article soit respecté.
Art.13. De begrotingscorrespondenten van de eenheden die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en die een of meerdere gedelegeerde opdrachten uitvoeren voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, bezorgen alle informatie aangaande hun begrotingen, alsook de maandelijkse uitvoeringscijfers voor deze begrotingen, aan Brussel Financiën en Begroting van de GOB.
De rekeningen van de eenheden die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en die een of meerdere gedelegeerde opdrachten uitvoeren voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden niet geconsolideerd in de algemene rekening van de gewestelijke entiteit en het Rekenhof certificeert deze rekeningen niet.
De rekeningen van de eenheden die geen deel uitmaken van de ESR-perimeter van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en die een of meerdere gedelegeerde opdrachten uitvoeren voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden niet geconsolideerd in de algemene rekening van de gewestelijke entiteit en het Rekenhof certificeert deze rekeningen niet.
Art.13. Les correspondants budgétaires des unités qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale et qui exécutent une ou plusieurs missions déléguées pour la Région de Bruxelles-Capitale, communiquent toutes les informations concernant leurs budgets, ainsi que les chiffres mensuels d'exécution de ces budgets, à Bruxelles Finances et Budget du SPRB.
Les comptes des unités qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale et qui exécutent une ou plusieurs missions déléguées pour la Région de Bruxelles-Capitale ne sont pas consolidés dans le compte général de l'entité régionale, et la Cour des comptes n'établit pas de certification de ces comptes.
Les comptes des unités qui ne font pas partie du périmètre SEC de la Région de Bruxelles-Capitale et qui exécutent une ou plusieurs missions déléguées pour la Région de Bruxelles-Capitale ne sont pas consolidés dans le compte général de l'entité régionale, et la Cour des comptes n'établit pas de certification de ces comptes.
Afdeling . - Bepalingen in verband met herverdelingen van voorlopige kredieten
Section 2. - Dispositions relatives aux ventilations de crédits provisoires
Art.14. De Regering is gemachtigd om de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten voor de diensten van de Regering en de ABI's 1 te herverdelen, mits inachtname van de bepalingen van de artikelen 40, 41 en 42 van de Codex en de artikelen 48 tot 56 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 betreffende de begrotingsfondsen, het begrotingskader, de ontvangsten- en uitgavenbegroting en de begrotingswijzigingen.
Het is evenwel niet toegestaan kredieten te herverdelen vanuit de begrotingsposten waarvoor afwijkingen zijn toegestaan uit hoofde van de artikelen 8 en 10 van deze ordonnantie, met uitzondering van de provisie-begrotingsposten
Het is evenwel niet toegestaan kredieten te herverdelen vanuit de begrotingsposten waarvoor afwijkingen zijn toegestaan uit hoofde van de artikelen 8 en 10 van deze ordonnantie, met uitzondering van de provisie-begrotingsposten
Art.14. Le Gouvernement est autorisé à ventiler les crédits provisoires d'engagement et de liquidation des services du Gouvernement et des OAA 1, sous réserve du respect des dispositions des articles 40, 41 et 42 du Code et des articles 48 à 56 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 relatifs aux fonds budgétaires, au cadre budgétaire, au budget des recettes et des dépenses et aux modifications budgétaires.
Il n'est toutefois pas autorisé d'effectuer des reventilations de crédits à partir des postes budgétaires sur lesquels des dérogations ont été accordées, par les articles 8 et 10 de la présente ordonnance, à l'exception des postes budgétaires de provisions.
Il n'est toutefois pas autorisé d'effectuer des reventilations de crédits à partir des postes budgétaires sur lesquels des dérogations ont été accordées, par les articles 8 et 10 de la présente ordonnance, à l'exception des postes budgétaires de provisions.
Afdeling . - Bepalingen in verband met subsidies
Section 3. - Dispositions relatives aux subventions
Art.15. De Regering is gemachtigd om binnen de marges van de voorlopige vastleggings- en vereffeningskredieten faculatieve subsidies toe te kennen aan de ABI's.
Art.15. Le Gouvernement est autorisé à octroyer des subventions facultatives aux OAA dans les marges des crédits d'engagement et de liquidation provisoires.
Art.16. De ministeriële besluiten in toepassing van artikel 50 en de akkoordprotocollen in toepassing van artikel 51 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 december 2021 betreffende de begrotingscontrole, de begrotingsopmaak, de begrotingswijzigingen en de monitoring van de uitvoering van de begroting van de gewestelijke entiteit, die in 2024 van kracht waren, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe beslissingen die geleidelijk in 2025 zullen worden opgesteld om de nieuwe begrotingsstructuur te integreren. Tot deze nieuwe beslissingen van kracht zijn, zal de Directie Begroting van de GOB aan de betrokken begrotingscorrespondenten en ordonnateurs een concordantietabel bezorgen met de oude uitgavenbasisallocaties van de oude begrotingsstructuur, opgenomen in de ministeriële besluiten en akkoordprotocollen van kracht in 2024, en de nieuwe overeenstemmende uitgavenbasisallocaties van de nieuwe begrotingsstructuur, opgenomen in de begroting 2025, die deze vervangen.
Art.16. Les arrêtés ministériels en application de l'article 50 et les protocoles d'accord en application de l'article 51 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 décembre 2021 relatif au contrôle budgétaire, à l'établissement du budget, aux modifications du budget et au monitoring de l'exécution du budget de l'entité régionale, qui étaient en vigueur en 2024, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouvelles décisions qui seront progressivement établies en 2025 afin d'y intégrer la nouvelle structure budgétaire. Jusqu'à l'entrée en vigueur de ces nouvelles décisions, la Direction du Budget du SPRB met à disposition des correspondants budgétaires et des ordonnateurs concernés un tableau de concordance, reprenant les anciennes allocations de base de dépenses de l'ancienne structure budgétaire, reprises dans les arrêtés ministériels et protocoles d'accord en vigueur en 2024, et les nouvelles allocations de base de dépenses correspondantes de la nouvelle structure budgétaire, reprise au niveau du budget 2025, qui les remplacent.
Art.17. De subsidies waarvoor, in afwijking van artikel 76 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 december 2021 betreffende de begrotingscontrole, de begrotingsopmaak, de begrotingswijzigingen en de monitoring van de uitvoering van de begroting van de gewestelijke entiteit, in het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, werd bepaald dat men geen besluit en/of overeenkomst moest opstellen, blijven hiervan vrijgesteld in 2025. De basisallocaties, opgenomen in het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, waarvoor deze vrijstellingen werden toegekend, worden vervangen door de ermee verbonden basisallocaties van de nieuwe begrotingsstructuur van de begroting 2025.
In afwijking van artikel 59 van het regeringsbesluit van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de facultatieve subsidies toegekend aan Net Brussel, Leefmilieu Brussel en BRUGEL geen voorwerp uit van een overeenkomst.
In afwijking van artikel 59 van het regeringsbesluit van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de facultatieve subsidies toegekend aan het WFBHG en de BGHM niet het voorwerp uit van een overeenkomst, maar dienen zij te beantwoorden aan de vereisten van de beheerscontracten.
In afwijking van artikel 59 van het regeringsbesluit van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de facultatieve subsidies toegekend aan Net Brussel, Leefmilieu Brussel en BRUGEL geen voorwerp uit van een overeenkomst.
In afwijking van artikel 59 van het regeringsbesluit van 30 mei 2024 betreffende de administratieve en begrotingscontrole van de gewestelijke entiteit, maken de facultatieve subsidies toegekend aan het WFBHG en de BGHM niet het voorwerp uit van een overeenkomst, maar dienen zij te beantwoorden aan de vereisten van de beheerscontracten.
Art.17. Les subventions pour lesquelles, par dérogation à l'article 76 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 décembre 2021 relatif au contrôle budgétaire, à l'établissement du budget, aux modifications du budget et au monitoring de l'exécution du budget de l'entité régionale, il était stipulé au niveau du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, qu'il ne fallait pas établir un arrêté et/ou une convention, en restent exemptées en 2025. Les allocations de base, reprises dans les articles du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, pour lesquelles ces exemptions étaient accordées, sont remplacées par les allocations de base y liées de la nouvelle structure budgétaire du budget 2025.
Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté gouvernemental du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les dotations facultatives octroyées à Bruxelles-Propreté, Bruxelles Environnement et BRUGEL ne font pas l'objet d'une convention.
Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté gouvernemental du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les dotations facultatives octroyées au FLRBC et à la SLRB ne font pas l'objet d'une convention, mais doivent répondre aux exigences des contrats de gestion.
Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté gouvernemental du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les dotations facultatives octroyées à Bruxelles-Propreté, Bruxelles Environnement et BRUGEL ne font pas l'objet d'une convention.
Par dérogation à l'article 59 de l'arrêté gouvernemental du 30 mai 2024 relatif au contrôle administratif et budgétaire de l'entité régionale, les dotations facultatives octroyées au FLRBC et à la SLRB ne font pas l'objet d'une convention, mais doivent répondre aux exigences des contrats de gestion.
Art.18. De subsidies waarvoor, in afwijking van artikel 76 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 16 december 2021 betreffende de begrotingscontrole, de begrotingsopmaak, de begrotingswijzigingen en de monitoring van de uitvoering van de begroting van de gewestelijke entiteit, in het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, werd bepaald dat men geen besluit en/of overeenkomst moest opstellen, blijven hiervan vrijgesteld in 2025. De basisallocaties, opgenomen in het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, waarvoor deze vrijstellingen werden toegekend, worden vervangen door de ermee verbonden basisallocaties van de nieuwe begrotingsstructuur van de begroting 2025.
De Directie Begroting van de GOB bezorgt aan de betrokken begrotingscorrespondenten en ordonnateurs een concordantietabel met de oude uitgavenbasisallocaties van de oude begrotingsstructuur, opgenomen in de artikelen van het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, en de nieuwe uitgavenbasisallocaties verbonden met de nieuwe begrotingsstructuur, opgenomen in de begroting 2025, die deze vervangen.
De Directie Begroting van de GOB bezorgt aan de betrokken begrotingscorrespondenten en ordonnateurs een concordantietabel met de oude uitgavenbasisallocaties van de oude begrotingsstructuur, opgenomen in de artikelen van het beschikkend gedeelte van de ordonnantie van 22 december 2023 houdende de Algemene Uitgavenbegroting van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voor het begrotingsjaar 2024, en de nieuwe uitgavenbasisallocaties verbonden met de nieuwe begrotingsstructuur, opgenomen in de begroting 2025, die deze vervangen.
Art.18. Les subventions pour lesquelles, par dérogation à l'article 76 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 16 décembre 2021 relatif au contrôle budgétaire, à l'établissement du budget, aux modifications du budget et au monitoring de l'exécution du budget de l'entité régionale, il était stipulé au niveau du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, qu'il ne fallait pas établir un arrêté et/ou une convention, en restent exemptées en 2025. Les allocations de base, reprises dans les articles du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, pour lesquelles ces exemptions étaient accordées, sont remplacées par les allocations de base y liées de la nouvelle structure budgétaire du budget 2025.
La Direction du Budget du SPRB met à disposition des correspondants budgétaires et ordonnateurs concernés un tableau de concordance, reprenant les anciennes allocations de base de dépenses de l'ancienne structure budgétaire, reprises dans les articles du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, et les nouvelles allocations de base de dépenses liées à la nouvelle structure budgétaire, reprises au niveau du budget 2025, qui les remplacent.
La Direction du Budget du SPRB met à disposition des correspondants budgétaires et ordonnateurs concernés un tableau de concordance, reprenant les anciennes allocations de base de dépenses de l'ancienne structure budgétaire, reprises dans les articles du dispositif de l'ordonnance du 22 décembre 2023 contenant le Budget général des Dépenses de la Région de Bruxelles-Capitale pour l'année budgétaire 2024, et les nouvelles allocations de base de dépenses liées à la nouvelle structure budgétaire, reprises au niveau du budget 2025, qui les remplacent.
Art.19. In het kader van de uitvoering van de wet van 19 juli 2012 houdende wijziging van de wet van 10 augustus 2001 tot oprichting van een Fonds ter financiering van de internationale rol en de hoofdstedelijke functie van Brussel en tot wijziging van de organieke wet van 27 december 1990 houdende oprichting van begrotingsfondsen, heeft de FOD Binnenlandse Zaken een rechtstreekse tussenkomst voor taalpremies betaald aan bepaalde Brusselse organisaties. Deze interventie was al opgenomen in hun initiële werkingsdotaties.
De betrokken instanties betalen het niet-gebruikte deel van de subsidie terug aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest volgens het door de Regering vastgestelde bedrag.
De betrokken instanties betalen het niet-gebruikte deel van de subsidie terug aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest volgens het door de Regering vastgestelde bedrag.
Art.19. Dans le cadre de l'exécution de la loi du 19 juillet 2012 portant modification de la loi du 10 août 2001 créant un Fonds de financement du rôle international et de la fonction de capitale de Bruxelles et modifiant la loi organique du 27 décembre 1990 créant des fonds budgétaires, le SPF Intérieur a versé directement une intervention pour les primes linguistiques à certains organismes bruxellois. Cette intervention était déjà incluse dans leurs dotations de fonctionnement initiales.
Les organismes concernés remboursent à la Région de Bruxelles-Capitale la part non utilisée de la subvention selon le montant arrêté par le Gouvernement.
Les organismes concernés remboursent à la Région de Bruxelles-Capitale la part non utilisée de la subvention selon le montant arrêté par le Gouvernement.
Art. 20. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, voor de diensten van de Regering en de ABI's 1, en het bestuursorgaan, voor de ABI's 2, zijn gemachtigd om nominatieve subsidies toe te kennen ten laste van de volgende begrotingsposten:
Art. 20. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, pour les services du Gouvernement et les OAA 1, et l'organe d'administration, pour les OAA 2, sont autorisés à octroyer des subventions nominatives à charge des postes budgétaires suivants:
| Description | Poste budgetaire | Budget initial 2024 Initiele begroting 2024 | Crédits provisoires Voorlopige kredieten | Begrotingspost | Omschrijving |
| Transfert de revenu à BECI dans le cadre du programme européen EEB | ABE.44.352.08 | 14.000,00 | 3.500,00 | BAO.44.352.08 | Overdracht van inkomsten aan BECI in het kader van het Europese EEB-programma |
| Transferts de revenus à la Région flamande en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie et à la Région wallonne en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie | IBGE.41.201.08 | 1.000,00 | 500,00 | BIM.41.201.08 | Inkomensoverdrachten aan het Vlaams Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid en aan het Waals Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid |
| Subventions d'investissement à la Communauté française en matière de politique de l'air, du climat, de l'énergie et du bâtiment durable | IBGE.41.202.11 | 60.000,00 | 15.000,00 | BIM.41.202.11 | Investeringssubsidies aan de Franse Gemeenschap inzake het beleid van lucht, klimaat, energie en duurzaam bouwen |
| Subventions de fonctionnement à l'ERIP | BPS.40.304.08 | 4.539.000,00 | 1.135 000,00 | BPV.40.304.08 | Werkingssubsidies aan de GIP |
| Dotation de fonctionnement à BRUSAFE | BPS.40.304.10 | 5.673.000,00 | 1.419 000,00 | BPV.40.304.10 | Werkingsdotatie aan BRUSAFE |
| Subventions d'investissement à l'ERIP | BPS.40.304.11 | 599.000,00 | 150.000,00 | BPV.40.304.11 | Investeringssubsidies aan de GIP |
| Dotation d'investissement à BRUSAFE | BPS.40.304.13 | 270.000,00 | 68.000,00 | BPV.40.304.13 | Investeringsdotatie aan BRUSAFE |
| Subvention de fonctionnement à la Société d'aménagement urbain (SAU) liée à la mission déléguée | SIAMU.40.201.02 | 352.000,00 | 88.000,00 | DBDMH.40.201.02 | Werkingssubsidie aan de Maatschappij voor Stedelijke Inrichting (MSI) verbonden met de gedelegeerde opdracht |
| Subventions de fonctionnement pour l'Union des Pompiers de Bruxelles | SIAMU.40.202.08 | 120.000,00 | 30.000,00 | DBDMH.40.202.08 | Werkingssubsidies voor de Brandweer Vereniging Brussel |
| Dotations facultatives à l'ASBL " Le Service Social (ARP) " | ARP.41.251.10 | 1.182 000,00 | 296.000,00 | GAN.41.251.10 | Facultatieve dotatie aan VZW 'Sociale dienst (GAN)' |
| Transferts de revenus aux ménages concernant l'interruption de carrière (par des dotations réglementées à l'ONEm) | SPRB.35.041.08 | 7.190 000,00 | 1.798 000,00 | GOB.35.041.08 | Inkomensoverdrachten aan gezinnen betreffende de loopbaanonderbreking (via gereglementeerde dotaties aan de RVA) |
| Transfert en capital vers le SPF Stratégie et Appui pour la maintenance et le support relatif à la plateforme e-Procurement | SPRB.37.042.11 | 40.000,00 | 10.000,00 | GOB.37.042.11 | Kapitaaloverdracht naar de FOD Beleid en Ondersteuning voor het onderhoud en de ondersteuning m.b.t. het e-Procurementplatform |
| Subvention de fonctionnement à l'Institut pour l'égalité des femmes et des hommes dans le cadre de la lutte contre les discriminations fondées sur le sexe au Centre interfédéral pour l'égalité des chances et la lutte contre le racisme et les discriminations | SPRB.39.041.08 | 100.000,00 | 25.000,00 | GOB.39.041.08 | Werkingssubsidie aan het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen in het kader van de bestrijding van discriminatie gebaseerd op geslacht en aan het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van racisme en discriminatie |
| Subvention en Investissement à l'ASBL Train World | SPRB.39.071.11 | 500.000,00 | 125.000,00 | GOB.39.071.11 | Investeringssubsidie aan Train World vzw |
| Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets 'Rénovation urbaine' dans le cadre du programme FEDER | SPRB.39.073.08 | 62.000,00 | 16.000,00 | GOB.39.073.08 | Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor projecten 'Stadsvernieuwing' in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions d'investissement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets dans le cadre du programme FEDER | SPRB.39.073.11 | 1.190 000,00 | 298.000,00 | GOB.39.073.11 | Investeringssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor de projecten in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions d'investissement à la SAU dans le cadre du programme FEDER | 3.720 000,00 | 930.000,00 | Investeringssubsidies aan de MSI in het kader van het EFRO-programma | ||
| Subventions de fonctionnement à l'ASBL 'Commissariat à l'Europe et aux organisations internationales' | SPRB.39.144.10 | 767.000,00 | 192.000,00 | GOB.39.144.10 | Werkingssubsidies aan de vzw 'Commissariaat voor Europa en de internationale organisaties' |
| Subvention de fonctionnement à screen.brussels fund | SPRB.39.150.10 | 500.000,00 | 125.000,00 | GOB.39.150.10 | Werkingssubsidie aan screen.brussels fund |
| Subvention d'investissement à screen.brussels fund pour les actions spécifiques | SPRB.39.150.13 | 3.000 000,00 | 750.000,00 | GOB.39.150.13 | Investeringssubsidies aan screen.brussels fund voor specifieke acties |
| Subventions de fonctionnement à la Fondation publique CIVA | SPRB.39.155.10 | 3.040 000,00 | 760.000,00 | GOB.39.155.10 | Werkingssubsidies aan de openbare stichting CIVA |
| Subvention de fonctionnement à la Fondation Kanal | SPRB.39.156.10 | 17.712 000,00 | 4.428 000,00 | GOB.39.156.10 | Werkingssubsidie aan de Stichting Kanal |
| Subvention d'investissement à la Fondation Kanal | SPRB.39.156.13 | 8.075 000,00 | 2.019 000,00 | GOB.39.156.13 | Investeringssubsidie aan de Stichting Kanal |
| Dotation de fonctionnement à Bruxelles Infrastructure Finance (BRINFIN) dans le cadre de la gestion financière et le rôle de conseilfinancier du Fonds régionale bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC) | SPRB.40.041.10 | 674.000,00 | 169.000,00 | GOB.40.041.10 | Werkingsdotatie aan Brussel Infrastructuur Financiering (BRINFIN) in het kader van het financieel beheer en de rol van financieelraadgever van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT) |
| Subsides aux pouvoirs subordonnés pour des infrastructures sportives communales (PTIS) | SPRB.40.041.11 | 8.272 000,00 | 2.068 000,00 | GOB.40.041.11 | Subsidies aan de ondergeschikte besturen voor gemeentelijke sportinfrastructuur (DPSI) |
| Subventions de fonctionnement à l'ASBL Ecole Régionale d'Administration Publique (ERAP) pour la formation du personnel des pouvoirs locaux | SPRB.40.151.10 | 3.369 000,00 | 843.000,00 | GOB.40.151.10 | Werkingssubsidies aan de vzw Gewestelijke School voor Openbaar Bestuur (GSOB) voor de opleiding van het personeel van de plaatselijke besturen |
| Dotations de fonctionnement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion | SPRB.41.041.08 | 5.575 000,00 | 2.323 000,00 | GOB.41.041.08 | Gereglementeerde werkingsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst |
| Dotations d'investissement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion | SPRB.41.041.11 | 32.221 000,00 | 32.221 000,00 | GOB.41.041.11 | Gereglementeerde investeringsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst |
| Subventions d'investissement à Bruxelles Environnement (IBGE) dans le cadre du programme FEDER | SPRB.41.102.12 | 2.605 000,00 | 652.000,00 | GOB.41.102.12 | Investeringssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions d'investissement à Bruxelles-Propreté (ARP) dans le cadre du programme FEDER | SPRB.41.103.12 | 2.373 000,00 | 594.000,00 | GOB.41.103.12 | Investeringssubsidies aan Net Brussel (GAN) in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions de fonctionnement à Homegrade.brussels | SPRB.41.145.10 | 5.722 000,00 | 2.385 000,00 | GOB.41.145.10 | Werkingssubsidies aan Homegrade.brussels |
| Subventions de fonctionnement à la Vrije Universiteit Brussel (VUB, la Communauté flamande) dans le cadre de projets européens. | SPRB.42.041.08 | 3.000,00 | 1.000,00 | GOB.42.041.08 | Werkingssubsidies aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB, Vlaamse Gemeenschap) in het kader van Europese projecten |
| Subvention de fonctionnement à l'ASBL Community Land Trust - Bruxelles (CLTB) | SPRB.43.042.08 | 516.000,00 | 129.000,00 | GOB.43.042.08 | Werkingssubsidie aan de vzw Community Land Trust - Brussel (CLTB) |
| Subventions d'investissement de la fondation d'utilité publique Community Land Trust Brussels (CLTB) | SPRB.43.043.11 | 800.000,00 | 200.000,00 | GOB.43.043.11 | Investeringssubsidies aan de openbare stichting Community Land Trust Brussels (CLTB) |
| Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet 'occupation temporaire' et pour l'accompagnementpour les projets locaux d'équipements - missions déléguées pour la Rénovation urbaine | SPRB.43.072.02 | 313.000,00 | 79.000,00 | GOB.43.072.02 | Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket 'tijdelijke gebruiksbestemmingen' en ondersteuning voorlokale voorzieningsprojecten - gedelegeerde opdrachten voor het Stadsvernieuwing |
| Subvention de fonctionnement à l'ASBL Zinneke Parade | SPRB.43.072.08 | 360.000,00 | 90.000,00 | GOB.43.072.08 | Werkingssubsidie aan de vzw Zinneke Parade |
| Subventions de fonctionnement au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts nonhypothécaires pour les travaux aux logements (ECORENO) | SPRB.43.109.09 | 657.000,00 | 165.000,00 | GOB.43.109.09 | Werkingssubsidies aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaireleningen voor werken aan woningen (ECORENO) |
| Transferts en capital au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts non hypothécairespour les travaux aux logements (ECORENO) | SPRB.43.109.12 | 789.000,00 | 198.000,00 | GOB.43.109.12 | Kapitaaloverdrachten aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaire leningen voor werken aan woningen (ECORENO) |
| Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) liées au Fonds de transition économique - mission déléguée | SPRB.44.041.02 | 235.000,00 | 59.000,00 | GOB.44.041.02 | Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) verbonden aan het Economisch Transitiefonds - gedelegeerde opdracht |
| Subventions de fonctionnement réglementées à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet " occupation temporaire " - mission déléguée incluse dans le contrat de gestion | 142.000,00 | 36.000,00 | Gereguleerde werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket "tijdelijke bewoning" - gedelegeerde opdracht opgenomen in het beheerscontract | ||
| Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) ou ses filiales non-consolidées | SPRB.44.041.08 | 3.000,00 | 1.000,00 | GOB.44.041.08 | Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) of haar niet-geconsolideerde filialen |
| Subvention de fonctionnement à l'ASBL Coopcity | 690.000,00 | 173.000,00 | Werkingsusbidies aan de vzw Coopcity | ||
| Subvention de fonctionnement à Brufotec dans le cadre du soutien aux entreprises actives dans le secteur alimentaire | SPRB.44.042.08 | 306.000,00 | 77.000,00 | GOB.44.042.08 | Werkingssubsidie aan Brufotec in het kader van de ondersteuning van de bedrijven actief in de voedingssector |
| Subventions de fonctionnement facultatives aux chambres de commerce belges à l'étranger pour la réalisation de projets de promotion du commerce extérieur (pays membres de l'UE) | SPRB.44.045.08 | 15.000,00 | 4.000,00 | GOB.44.045.08 | Facultatieve werkingssubsidies aan de Belgische kamers van koophandel in het buitenland voor het realiseren van projecten terbevordering van de buitenlandse handel (lidstaten van de EU) |
| Dotations de fonctionnement réglementées à l'Agence fédérale pour le Commerce extérieur | 136.000,00 | 34.000,00 | Gereglementeerde werkingsdotaties aan het federaal Agentschap voor Buitenlandse Handel | ||
| Subvention de fonctionnement à citydev.brussels pour la coordination du réseau des fablabs bruxellois - mission déléguée non incluse dans le contrat de gestion | SPRB.44.046.02 | 190.000,00 | 48.000,00 | GOB.44.046.02 | Werkingsubsidie aan citydev.brussels voor de coordinatie van het netwerk van de Brusselse FabLabs - gedelegeerde opdrachtniet opgenomen in het beheerscontract |
| Subvention de fonctionnement au CVDC (Consortium de Validation de Compétences) dans le cadre de dispositifs spécifiques | SPRB.44.047.08 | 150.000,00 | 38.000,00 | GOB.44.047.08 | Werkingssubsidie aan het CVDC (Consortium de Validation des Compétences) in het kader van specifieke regelingen |
| Subvention de fonctionnement à la première coopérative de repreneuriat de Belgique dans le cadre du Plan pour la Reprise et la Résilience (PRR - I - 4.07) | 800.000,00 | 200.000,00 | Werkingssubsidies aan de eerste coöperatieve voor "ondernemerschap" van België in het kader van het Plan voor Herstel en Veerkracht (PHV - I - 4.07) | ||
| Subventions de fonctionnement facultatives à l'ASBL 'Communauté portuaire bruxelloise' (CPB) ainsi qu'aux associations privées contribuant à la promotion de l'utilisation de la voie d'eau | SPRB.44.113.08 | 33.000,00 | 9.000,00 | GOB.44.113.08 | Facultatieve werkingssubsidies aan de vzw 'Brusselse Havengemeenschap' (BHG) evenals aan privéverenigingen die bijdragen tot hetbevorderen van het gebruik maken van de waterweg |
| Subventions de fonctionnement facultatives à logisticity.brussels | 430.000,00 | 108.000,00 | Facultatieve werkingssubsidies aan logisticity.brussels | ||
| Subventions de fonctionnement à BRUSOC pour le démarrage du prêt proxi dans le cadre de la crise sanitaire COVID-19 | SPRB.44.115.09 | 90.000,00 | 23.000,00 | GOB.44.115.09 | Werkingssubsidies aan BRUSOC voor de opstart van de proxi-lening in het kader van de gezondheidscrisis COVID-19 |
| Subventions de fonctionnement à hub.brussels (ABE) dans le cadre du programme FEDER | SPRB.44.122.09 | 495.000,00 | 124.000,00 | GOB.44.122.09 | Werkingssubsidies aan hub.brussels (BAO) in het kader van het EFRO-programma |
| Dotations de fonctionnement facultatives à MAD Brussels en vue de la promotion de l'image de la Région de Bruxelles-Capitale (compétence Ministre-Président) | SPRB.44.143.10 | 170.000,00 | 43.000,00 | GOB.44.143.10 | Facultatieve werkingsdotaties aan MAD Brussels ter promotie van het imago van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (bevoegdheid minister-president) |
| Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire flamande à titre de droit de tirage | SPRB.45.002.08 | 18.841 000,00 | 4.711 000,00 | GOB.45.002.08 | Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Vlaamse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht |
| Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire française à titre de droit de tirage | SPRB.45.003.08 | 76.485 000,00 | 31.869 000,00 | GOB.45.003.08 | Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Franse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht |
| Ville de Bruxelles - rente prévue à l'article 9 des statuts | PORT.44.501.08 | 9.000,00 | 3.000,00 | HAVEN.44.501.08 | Stad Brussel - rente voorzien in artikel 9 der statuten |
| Don au " Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS " en faveur de la recherche sur la leucémie et le cancer (action " Télévie " - RTL) | IRSIB.44.202.08 | 14.000,00 | 4.000,00 | IWOIB.44.202.08 | Gift aan "Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS" ten voordele van onderzoek naar leukemie en kanker (actie "Télévie" - RTL) |
| Don à l'ASBL " Vlaamse Liga Tegen Kanker " en faveur de la recherche sur le cancer (action " Kom op tegen Kanker ") | 14.000,00 | 4.000,00 | Gift aan de vzw "Vlaamse Liga Tegen Kanker" ten voordele van kankeronderzoek (actie "Kom op tegen Kanker") | ||
| Subventions de fonctionnement à l'association " Centre BEL " | 40.000,00 | 10.000,00 | Werkingssubsidies aan de vereninging "Centrum BEL" | ||
| Subventions de fonctionnement à Bruxelles Mobilité afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.202.09 | 72.000,00 | 18.000,00 | IWOIB.44.202.09 | Werkingssubsidies aan Brussel Mobiliteit om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
| Subventions de fonctionnement à Urban.brussels afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | 163.000,00 | 41.000,00 | Werkingssubsidies aan Urban.brussels om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen | ||
| Subventions de fonctionnement au CIRB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.203.09 | 100.000,00 | 25.000,00 | IWOIB.44.203.09 | Werkingssubsidies aan het CIBG om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
| Subventions de fonctionnement à Bruxelles Environnement (IBGE) afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.205.09 | 212.000,00 | 53.000,00 | IWOIB.44.205.09 | Werkingssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
| Subventions de fonctionnement à la STIB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.206.09 | 93.000,00 | 24.000,00 | IWOIB.44.206.09 | Werkingssubsidies aan de MIVB om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
provisoires Voorlopige kredieten Begrotingspost Omschrijving Transfert de revenu à BECI dans le cadre du programme européen EEB ABE.44.352.08 14.000,00 3.500,00 BAO.44.352.08 Overdracht van inkomsten aan BECI in het kader van het Europese EEB-programma Transferts de revenus à la Région flamande en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie et à la Région wallonne en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie IBGE.41.201.08 1.000,00 500,00 BIM.41.201.08 Inkomensoverdrachten aan het Vlaams Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid en aan het Waals Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid Subventions d'investissement à la Communauté française en matière de politique de l'air, du climat, de l'énergie et du bâtiment durable IBGE.41.202.11 60.000,00 15.000,00 BIM.41.202.11 Investeringssubsidies aan de Franse Gemeenschap inzake het beleid van lucht, klimaat, energie en duurzaam bouwen Subventions de fonctionnement à l'ERIP BPS.40.304.08 4.539.000,00 1.135 000,00 BPV.40.304.08 Werkingssubsidies aan de GIP Dotation de fonctionnement à BRUSAFE BPS.40.304.10 5.673.000,00 1.419 000,00 BPV.40.304.10 Werkingsdotatie aan BRUSAFE Subventions d'investissement à l'ERIP BPS.40.304.11 599.000,00 150.000,00 BPV.40.304.11 Investeringssubsidies aan de GIP Dotation d'investissement à BRUSAFE BPS.40.304.13 270.000,00 68.000,00 BPV.40.304.13 Investeringsdotatie aan BRUSAFE Subvention de fonctionnement à la Société d'aménagement urbain (SAU) liée à la mission déléguée SIAMU.40.201.02 352.000,00 88.000,00 DBDMH.40.201.02 Werkingssubsidie aan de Maatschappij voor Stedelijke Inrichting (MSI) verbonden met de gedelegeerde opdracht Subventions de fonctionnement pour l'Union des Pompiers de Bruxelles SIAMU.40.202.08 120.000,00 30.000,00 DBDMH.40.202.08 Werkingssubsidies voor de Brandweer Vereniging Brussel Dotations facultatives à l'ASBL " Le Service Social (ARP) " ARP.41.251.10 1.182 000,00 296.000,00 GAN.41.251.10 Facultatieve dotatie aan VZW 'Sociale dienst (GAN)' Transferts de revenus aux ménages concernant l'interruption de carrière (par des dotations réglementées à l'ONEm) SPRB.35.041.08 7.190 000,00 1.798 000,00 GOB.35.041.08 Inkomensoverdrachten aan gezinnen betreffende de loopbaanonderbreking (via gereglementeerde dotaties aan de RVA) Transfert en capital vers le SPF Stratégie et Appui pour la maintenance et le support relatif à la plateforme e-Procurement SPRB.37.042.11 40.000,00 10.000,00 GOB.37.042.11 Kapitaaloverdracht naar de FOD Beleid en Ondersteuning voor het onderhoud en de ondersteuning m.b.t. het e-Procurementplatform Subvention de fonctionnement à l'Institut pour l'égalité des femmes et des hommes dans le cadre de la lutte contre les discriminations fondées sur le sexe au Centre interfédéral pour l'égalité des chances et la lutte contre le racisme et les discriminations SPRB.39.041.08 100.000,00 25.000,00 GOB.39.041.08 Werkingssubsidie aan het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen in het kader van de bestrijding van discriminatie gebaseerd op geslacht en aan het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van racisme en discriminatie Subvention en Investissement à l'ASBL Train World SPRB.39.071.11 500.000,00 125.000,00 GOB.39.071.11 Investeringssubsidie aan Train World vzw Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets 'Rénovation urbaine' dans le cadre du programme FEDER SPRB.39.073.08 62.000,00 16.000,00 GOB.39.073.08 Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor projecten 'Stadsvernieuwing' in het kader van het EFRO-programma Subventions d'investissement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets dans le cadre du programme FEDER SPRB.39.073.11 1.190 000,00 298.000,00 GOB.39.073.11 Investeringssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor de projecten in het kader van het EFRO-programma Subventions d'investissement à la SAU dans le cadre du programme FEDER 3.720 000,00 930.000,00 Investeringssubsidies aan de MSI in het kader van het EFRO-programma Subventions de fonctionnement à l'ASBL 'Commissariat à l'Europe et aux organisations internationales' SPRB.39.144.10 767.000,00 192.000,00 GOB.39.144.10 Werkingssubsidies aan de vzw 'Commissariaat voor Europa en de internationale organisaties' Subvention de fonctionnement à screen.brussels fund SPRB.39.150.10 500.000,00 125.000,00 GOB.39.150.10 Werkingssubsidie aan screen.brussels fund Subvention d'investissement à screen.brussels fund pour les actions spécifiques SPRB.39.150.13 3.000 000,00 750.000,00 GOB.39.150.13 Investeringssubsidies aan screen.brussels fund voor specifieke acties Subventions de fonctionnement à la Fondation publique CIVA SPRB.39.155.10 3.040 000,00 760.000,00 GOB.39.155.10 Werkingssubsidies aan de openbare stichting CIVA Subvention de fonctionnement à la Fondation Kanal SPRB.39.156.10 17.712 000,00 4.428 000,00 GOB.39.156.10 Werkingssubsidie aan de Stichting Kanal Subvention d'investissement à la Fondation Kanal SPRB.39.156.13 8.075 000,00 2.019 000,00 GOB.39.156.13 Investeringssubsidie aan de Stichting Kanal Dotation de fonctionnement à Bruxelles Infrastructure Finance (BRINFIN) dans le cadre de la gestion financière et le rôle de conseilfinancier du Fonds régionale bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC) SPRB.40.041.10 674.000,00 169.000,00 GOB.40.041.10 Werkingsdotatie aan Brussel Infrastructuur Financiering (BRINFIN) in het kader van het financieel beheer en de rol van financieelraadgever van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT) Subsides aux pouvoirs subordonnés pour des infrastructures sportives communales (PTIS) SPRB.40.041.11 8.272 000,00 2.068 000,00 GOB.40.041.11 Subsidies aan de ondergeschikte besturen voor gemeentelijke sportinfrastructuur (DPSI) Subventions de fonctionnement à l'ASBL Ecole Régionale d'Administration Publique (ERAP) pour la formation du personnel des pouvoirs locaux SPRB.40.151.10 3.369 000,00 843.000,00 GOB.40.151.10 Werkingssubsidies aan de vzw Gewestelijke School voor Openbaar Bestuur (GSOB) voor de opleiding van het personeel van de plaatselijke besturen Dotations de fonctionnement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion SPRB.41.041.08 5.575 000,00 2.323 000,00 GOB.41.041.08 Gereglementeerde werkingsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst Dotations d'investissement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion SPRB.41.041.11 32.221 000,00 32.221 000,00 GOB.41.041.11 Gereglementeerde investeringsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst Subventions d'investissement à Bruxelles Environnement (IBGE) dans le cadre du programme FEDER SPRB.41.102.12 2.605 000,00 652.000,00 GOB.41.102.12 Investeringssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) in het kader van het EFRO-programma Subventions d'investissement à Bruxelles-Propreté (ARP) dans le cadre du programme FEDER SPRB.41.103.12 2.373 000,00 594.000,00 GOB.41.103.12 Investeringssubsidies aan Net Brussel (GAN) in het kader van het EFRO-programma Subventions de fonctionnement à Homegrade.brussels SPRB.41.145.10 5.722 000,00 2.385 000,00 GOB.41.145.10 Werkingssubsidies aan Homegrade.brussels Subventions de fonctionnement à la Vrije Universiteit Brussel (VUB, la Communauté flamande) dans le cadre de projets européens. SPRB.42.041.08 3.000,00 1.000,00 GOB.42.041.08 Werkingssubsidies aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB, Vlaamse Gemeenschap) in het kader van Europese projecten Subvention de fonctionnement à l'ASBL Community Land Trust - Bruxelles (CLTB) SPRB.43.042.08 516.000,00 129.000,00 GOB.43.042.08 Werkingssubsidie aan de vzw Community Land Trust - Brussel (CLTB) Subventions d'investissement de la fondation d'utilité publique Community Land Trust Brussels (CLTB) SPRB.43.043.11 800.000,00 200.000,00 GOB.43.043.11 Investeringssubsidies aan de openbare stichting Community Land Trust Brussels (CLTB) Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet 'occupation temporaire' et pour l'accompagnementpour les projets locaux d'équipements - missions déléguées pour la Rénovation urbaine SPRB.43.072.02 313.000,00 79.000,00 GOB.43.072.02 Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket 'tijdelijke gebruiksbestemmingen' en ondersteuning voorlokale voorzieningsprojecten - gedelegeerde opdrachten voor het Stadsvernieuwing Subvention de fonctionnement à l'ASBL Zinneke Parade SPRB.43.072.08 360.000,00 90.000,00 GOB.43.072.08 Werkingssubsidie aan de vzw Zinneke Parade Subventions de fonctionnement au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts nonhypothécaires pour les travaux aux logements (ECORENO) SPRB.43.109.09 657.000,00 165.000,00 GOB.43.109.09 Werkingssubsidies aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaireleningen voor werken aan woningen (ECORENO) Transferts en capital au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts non hypothécairespour les travaux aux logements (ECORENO) SPRB.43.109.12 789.000,00 198.000,00 GOB.43.109.12 Kapitaaloverdrachten aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaire leningen voor werken aan woningen (ECORENO) Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) liées au Fonds de transition économique - mission déléguée SPRB.44.041.02 235.000,00 59.000,00 GOB.44.041.02 Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) verbonden aan het Economisch Transitiefonds - gedelegeerde opdracht Subventions de fonctionnement réglementées à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet " occupation temporaire " - mission déléguée incluse dans le contrat de gestion 142.000,00 36.000,00 Gereguleerde werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket "tijdelijke bewoning" - gedelegeerde opdracht opgenomen in het beheerscontract Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) ou ses filiales non-consolidées SPRB.44.041.08 3.000,00 1.000,00 GOB.44.041.08 Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) of haar niet-geconsolideerde filialen Subvention de fonctionnement à l'ASBL Coopcity 690.000,00 173.000,00 Werkingsusbidies aan de vzw Coopcity Subvention de fonctionnement à Brufotec dans le cadre du soutien aux entreprises actives dans le secteur alimentaire SPRB.44.042.08 306.000,00 77.000,00 GOB.44.042.08 Werkingssubsidie aan Brufotec in het kader van de ondersteuning van de bedrijven actief in de voedingssector Subventions de fonctionnement facultatives aux chambres de commerce belges à l'étranger pour la réalisation de projets de promotion du commerce extérieur (pays membres de l'UE) SPRB.44.045.08 15.000,00 4.000,00 GOB.44.045.08 Facultatieve werkingssubsidies aan de Belgische kamers van koophandel in het buitenland voor het realiseren van projecten terbevordering van de buitenlandse handel (lidstaten van de EU) Dotations de fonctionnement réglementées à l'Agence fédérale pour le Commerce extérieur 136.000,00 34.000,00 Gereglementeerde werkingsdotaties aan het federaal Agentschap voor Buitenlandse Handel Subvention de fonctionnement à citydev.brussels pour la coordination du réseau des fablabs bruxellois - mission déléguée non incluse dans le contrat de gestion SPRB.44.046.02 190.000,00 48.000,00 GOB.44.046.02 Werkingsubsidie aan citydev.brussels voor de coordinatie van het netwerk van de Brusselse FabLabs - gedelegeerde opdrachtniet opgenomen in het beheerscontract Subvention de fonctionnement au CVDC (Consortium de Validation de Compétences) dans le cadre de dispositifs spécifiques SPRB.44.047.08 150.000,00 38.000,00 GOB.44.047.08 Werkingssubsidie aan het CVDC (Consortium de Validation des Compétences) in het kader van specifieke regelingen Subvention de fonctionnement à la première coopérative de repreneuriat de Belgique dans le cadre du Plan pour la Reprise et la Résilience (PRR - I - 4.07) 800.000,00 200.000,00 Werkingssubsidies aan de eerste coöperatieve voor "ondernemerschap" van België in het kader van het Plan voor Herstel en Veerkracht (PHV - I - 4.07) Subventions de fonctionnement facultatives à l'ASBL 'Communauté portuaire bruxelloise' (CPB) ainsi qu'aux associations privées contribuant à la promotion de l'utilisation de la voie d'eau SPRB.44.113.08 33.000,00 9.000,00 GOB.44.113.08 Facultatieve werkingssubsidies aan de vzw 'Brusselse Havengemeenschap' (BHG) evenals aan privéverenigingen die bijdragen tot hetbevorderen van het gebruik maken van de waterweg Subventions de fonctionnement facultatives à logisticity.brussels 430.000,00 108.000,00 Facultatieve werkingssubsidies aan logisticity.brussels Subventions de fonctionnement à BRUSOC pour le démarrage du prêt proxi dans le cadre de la crise sanitaire COVID-19 SPRB.44.115.09 90.000,00 23.000,00 GOB.44.115.09 Werkingssubsidies aan BRUSOC voor de opstart van de proxi-lening in het kader van de gezondheidscrisis COVID-19 Subventions de fonctionnement à hub.brussels (ABE) dans le cadre du programme FEDER SPRB.44.122.09 495.000,00 124.000,00 GOB.44.122.09 Werkingssubsidies aan hub.brussels (BAO) in het kader van het EFRO-programma Dotations de fonctionnement facultatives à MAD Brussels en vue de la promotion de l'image de la Région de Bruxelles-Capitale (compétence Ministre-Président) SPRB.44.143.10 170.000,00 43.000,00 GOB.44.143.10 Facultatieve werkingsdotaties aan MAD Brussels ter promotie van het imago van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (bevoegdheid minister-president) Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire flamande à titre de droit de tirage SPRB.45.002.08 18.841 000,00 4.711 000,00 GOB.45.002.08 Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Vlaamse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire française à titre de droit de tirage SPRB.45.003.08 76.485 000,00 31.869 000,00 GOB.45.003.08 Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Franse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht Ville de Bruxelles - rente prévue à l'article 9 des statuts PORT.44.501.08 9.000,00 3.000,00 HAVEN.44.501.08 Stad Brussel - rente voorzien in artikel 9 der statuten Don au " Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS " en faveur de la recherche sur la leucémie et le cancer (action " Télévie " - RTL) IRSIB.44.202.08 14.000,00 4.000,00 IWOIB.44.202.08 Gift aan "Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS" ten voordele van onderzoek naar leukemie en kanker (actie "Télévie" - RTL) Don à l'ASBL " Vlaamse Liga Tegen Kanker " en faveur de la recherche sur le cancer (action " Kom op tegen Kanker ") 14.000,00 4.000,00 Gift aan de vzw "Vlaamse Liga Tegen Kanker" ten voordele van kankeronderzoek (actie "Kom op tegen Kanker") Subventions de fonctionnement à l'association " Centre BEL " 40.000,00 10.000,00 Werkingssubsidies aan de vereninging "Centrum BEL" Subventions de fonctionnement à Bruxelles Mobilité afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.202.09 72.000,00 18.000,00 IWOIB.44.202.09 Werkingssubsidies aan Brussel Mobiliteit om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement à Urban.brussels afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences 163.000,00 41.000,00 Werkingssubsidies aan Urban.brussels om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement au CIRB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.203.09 100.000,00 25.000,00 IWOIB.44.203.09 Werkingssubsidies aan het CIBG om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement à Bruxelles Environnement (IBGE) afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.205.09 212.000,00 53.000,00 IWOIB.44.205.09 Werkingssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement à la STIB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.206.09 93.000,00 24.000,00 IWOIB.44.206.09 Werkingssubsidies aan de MIVB om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen
| Description | Poste budgetaire | Budget initial 2024 Initiele begroting 2024 | Crédits provisoires Voorlopige kredieten | Begrotingspost | Omschrijving |
| Transfert de revenu à BECI dans le cadre du programme européen EEB | ABE.44.352.08 | 14.000,00 | 3.500,00 | BAO.44.352.08 | Overdracht van inkomsten aan BECI in het kader van het Europese EEB-programma |
| Transferts de revenus à la Région flamande en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie et à la Région wallonne en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie | IBGE.41.201.08 | 1.000,00 | 500,00 | BIM.41.201.08 | Inkomensoverdrachten aan het Vlaams Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid en aan het Waals Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid |
| Subventions d'investissement à la Communauté française en matière de politique de l'air, du climat, de l'énergie et du bâtiment durable | IBGE.41.202.11 | 60.000,00 | 15.000,00 | BIM.41.202.11 | Investeringssubsidies aan de Franse Gemeenschap inzake het beleid van lucht, klimaat, energie en duurzaam bouwen |
| Subventions de fonctionnement à l'ERIP | BPS.40.304.08 | 4.539.000,00 | 1.135 000,00 | BPV.40.304.08 | Werkingssubsidies aan de GIP |
| Dotation de fonctionnement à BRUSAFE | BPS.40.304.10 | 5.673.000,00 | 1.419 000,00 | BPV.40.304.10 | Werkingsdotatie aan BRUSAFE |
| Subventions d'investissement à l'ERIP | BPS.40.304.11 | 599.000,00 | 150.000,00 | BPV.40.304.11 | Investeringssubsidies aan de GIP |
| Dotation d'investissement à BRUSAFE | BPS.40.304.13 | 270.000,00 | 68.000,00 | BPV.40.304.13 | Investeringsdotatie aan BRUSAFE |
| Subvention de fonctionnement à la Société d'aménagement urbain (SAU) liée à la mission déléguée | SIAMU.40.201.02 | 352.000,00 | 88.000,00 | DBDMH.40.201.02 | Werkingssubsidie aan de Maatschappij voor Stedelijke Inrichting (MSI) verbonden met de gedelegeerde opdracht |
| Subventions de fonctionnement pour l'Union des Pompiers de Bruxelles | SIAMU.40.202.08 | 120.000,00 | 30.000,00 | DBDMH.40.202.08 | Werkingssubsidies voor de Brandweer Vereniging Brussel |
| Dotations facultatives à l'ASBL " Le Service Social (ARP) " | ARP.41.251.10 | 1.182 000,00 | 296.000,00 | GAN.41.251.10 | Facultatieve dotatie aan VZW 'Sociale dienst (GAN)' |
| Transferts de revenus aux ménages concernant l'interruption de carrière (par des dotations réglementées à l'ONEm) | SPRB.35.041.08 | 7.190 000,00 | 1.798 000,00 | GOB.35.041.08 | Inkomensoverdrachten aan gezinnen betreffende de loopbaanonderbreking (via gereglementeerde dotaties aan de RVA) |
| Transfert en capital vers le SPF Stratégie et Appui pour la maintenance et le support relatif à la plateforme e-Procurement | SPRB.37.042.11 | 40.000,00 | 10.000,00 | GOB.37.042.11 | Kapitaaloverdracht naar de FOD Beleid en Ondersteuning voor het onderhoud en de ondersteuning m.b.t. het e-Procurementplatform |
| Subvention de fonctionnement à l'Institut pour l'égalité des femmes et des hommes dans le cadre de la lutte contre les discriminations fondées sur le sexe au Centre interfédéral pour l'égalité des chances et la lutte contre le racisme et les discriminations | SPRB.39.041.08 | 100.000,00 | 25.000,00 | GOB.39.041.08 | Werkingssubsidie aan het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen in het kader van de bestrijding van discriminatie gebaseerd op geslacht en aan het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van racisme en discriminatie |
| Subvention en Investissement à l'ASBL Train World | SPRB.39.071.11 | 500.000,00 | 125.000,00 | GOB.39.071.11 | Investeringssubsidie aan Train World vzw |
| Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets 'Rénovation urbaine' dans le cadre du programme FEDER | SPRB.39.073.08 | 62.000,00 | 16.000,00 | GOB.39.073.08 | Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor projecten 'Stadsvernieuwing' in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions d'investissement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets dans le cadre du programme FEDER | SPRB.39.073.11 | 1.190 000,00 | 298.000,00 | GOB.39.073.11 | Investeringssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor de projecten in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions d'investissement à la SAU dans le cadre du programme FEDER | 3.720 000,00 | 930.000,00 | Investeringssubsidies aan de MSI in het kader van het EFRO-programma | ||
| Subventions de fonctionnement à l'ASBL 'Commissariat à l'Europe et aux organisations internationales' | SPRB.39.144.10 | 767.000,00 | 192.000,00 | GOB.39.144.10 | Werkingssubsidies aan de vzw 'Commissariaat voor Europa en de internationale organisaties' |
| Subvention de fonctionnement à screen.brussels fund | SPRB.39.150.10 | 500.000,00 | 125.000,00 | GOB.39.150.10 | Werkingssubsidie aan screen.brussels fund |
| Subvention d'investissement à screen.brussels fund pour les actions spécifiques | SPRB.39.150.13 | 3.000 000,00 | 750.000,00 | GOB.39.150.13 | Investeringssubsidies aan screen.brussels fund voor specifieke acties |
| Subventions de fonctionnement à la Fondation publique CIVA | SPRB.39.155.10 | 3.040 000,00 | 760.000,00 | GOB.39.155.10 | Werkingssubsidies aan de openbare stichting CIVA |
| Subvention de fonctionnement à la Fondation Kanal | SPRB.39.156.10 | 17.712 000,00 | 4.428 000,00 | GOB.39.156.10 | Werkingssubsidie aan de Stichting Kanal |
| Subvention d'investissement à la Fondation Kanal | SPRB.39.156.13 | 8.075 000,00 | 2.019 000,00 | GOB.39.156.13 | Investeringssubsidie aan de Stichting Kanal |
| Dotation de fonctionnement à Bruxelles Infrastructure Finance (BRINFIN) dans le cadre de la gestion financière et le rôle de conseilfinancier du Fonds régionale bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC) | SPRB.40.041.10 | 674.000,00 | 169.000,00 | GOB.40.041.10 | Werkingsdotatie aan Brussel Infrastructuur Financiering (BRINFIN) in het kader van het financieel beheer en de rol van financieelraadgever van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT) |
| Subsides aux pouvoirs subordonnés pour des infrastructures sportives communales (PTIS) | SPRB.40.041.11 | 8.272 000,00 | 2.068 000,00 | GOB.40.041.11 | Subsidies aan de ondergeschikte besturen voor gemeentelijke sportinfrastructuur (DPSI) |
| Subventions de fonctionnement à l'ASBL Ecole Régionale d'Administration Publique (ERAP) pour la formation du personnel des pouvoirs locaux | SPRB.40.151.10 | 3.369 000,00 | 843.000,00 | GOB.40.151.10 | Werkingssubsidies aan de vzw Gewestelijke School voor Openbaar Bestuur (GSOB) voor de opleiding van het personeel van de plaatselijke besturen |
| Dotations de fonctionnement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion | SPRB.41.041.08 | 5.575 000,00 | 2.323 000,00 | GOB.41.041.08 | Gereglementeerde werkingsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst |
| Dotations d'investissement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion | SPRB.41.041.11 | 32.221 000,00 | 32.221 000,00 | GOB.41.041.11 | Gereglementeerde investeringsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst |
| Subventions d'investissement à Bruxelles Environnement (IBGE) dans le cadre du programme FEDER | SPRB.41.102.12 | 2.605 000,00 | 652.000,00 | GOB.41.102.12 | Investeringssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions d'investissement à Bruxelles-Propreté (ARP) dans le cadre du programme FEDER | SPRB.41.103.12 | 2.373 000,00 | 594.000,00 | GOB.41.103.12 | Investeringssubsidies aan Net Brussel (GAN) in het kader van het EFRO-programma |
| Subventions de fonctionnement à Homegrade.brussels | SPRB.41.145.10 | 5.722 000,00 | 2.385 000,00 | GOB.41.145.10 | Werkingssubsidies aan Homegrade.brussels |
| Subventions de fonctionnement à la Vrije Universiteit Brussel (VUB, la Communauté flamande) dans le cadre de projets européens. | SPRB.42.041.08 | 3.000,00 | 1.000,00 | GOB.42.041.08 | Werkingssubsidies aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB, Vlaamse Gemeenschap) in het kader van Europese projecten |
| Subvention de fonctionnement à l'ASBL Community Land Trust - Bruxelles (CLTB) | SPRB.43.042.08 | 516.000,00 | 129.000,00 | GOB.43.042.08 | Werkingssubsidie aan de vzw Community Land Trust - Brussel (CLTB) |
| Subventions d'investissement de la fondation d'utilité publique Community Land Trust Brussels (CLTB) | SPRB.43.043.11 | 800.000,00 | 200.000,00 | GOB.43.043.11 | Investeringssubsidies aan de openbare stichting Community Land Trust Brussels (CLTB) |
| Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet 'occupation temporaire' et pour l'accompagnementpour les projets locaux d'équipements - missions déléguées pour la Rénovation urbaine | SPRB.43.072.02 | 313.000,00 | 79.000,00 | GOB.43.072.02 | Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket 'tijdelijke gebruiksbestemmingen' en ondersteuning voorlokale voorzieningsprojecten - gedelegeerde opdrachten voor het Stadsvernieuwing |
| Subvention de fonctionnement à l'ASBL Zinneke Parade | SPRB.43.072.08 | 360.000,00 | 90.000,00 | GOB.43.072.08 | Werkingssubsidie aan de vzw Zinneke Parade |
| Subventions de fonctionnement au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts nonhypothécaires pour les travaux aux logements (ECORENO) | SPRB.43.109.09 | 657.000,00 | 165.000,00 | GOB.43.109.09 | Werkingssubsidies aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaireleningen voor werken aan woningen (ECORENO) |
| Transferts en capital au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts non hypothécairespour les travaux aux logements (ECORENO) | SPRB.43.109.12 | 789.000,00 | 198.000,00 | GOB.43.109.12 | Kapitaaloverdrachten aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaire leningen voor werken aan woningen (ECORENO) |
| Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) liées au Fonds de transition économique - mission déléguée | SPRB.44.041.02 | 235.000,00 | 59.000,00 | GOB.44.041.02 | Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) verbonden aan het Economisch Transitiefonds - gedelegeerde opdracht |
| Subventions de fonctionnement réglementées à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet " occupation temporaire " - mission déléguée incluse dans le contrat de gestion | 142.000,00 | 36.000,00 | Gereguleerde werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket "tijdelijke bewoning" - gedelegeerde opdracht opgenomen in het beheerscontract | ||
| Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) ou ses filiales non-consolidées | SPRB.44.041.08 | 3.000,00 | 1.000,00 | GOB.44.041.08 | Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) of haar niet-geconsolideerde filialen |
| Subvention de fonctionnement à l'ASBL Coopcity | 690.000,00 | 173.000,00 | Werkingsusbidies aan de vzw Coopcity | ||
| Subvention de fonctionnement à Brufotec dans le cadre du soutien aux entreprises actives dans le secteur alimentaire | SPRB.44.042.08 | 306.000,00 | 77.000,00 | GOB.44.042.08 | Werkingssubsidie aan Brufotec in het kader van de ondersteuning van de bedrijven actief in de voedingssector |
| Subventions de fonctionnement facultatives aux chambres de commerce belges à l'étranger pour la réalisation de projets de promotion du commerce extérieur (pays membres de l'UE) | SPRB.44.045.08 | 15.000,00 | 4.000,00 | GOB.44.045.08 | Facultatieve werkingssubsidies aan de Belgische kamers van koophandel in het buitenland voor het realiseren van projecten terbevordering van de buitenlandse handel (lidstaten van de EU) |
| Dotations de fonctionnement réglementées à l'Agence fédérale pour le Commerce extérieur | 136.000,00 | 34.000,00 | Gereglementeerde werkingsdotaties aan het federaal Agentschap voor Buitenlandse Handel | ||
| Subvention de fonctionnement à citydev.brussels pour la coordination du réseau des fablabs bruxellois - mission déléguée non incluse dans le contrat de gestion | SPRB.44.046.02 | 190.000,00 | 48.000,00 | GOB.44.046.02 | Werkingsubsidie aan citydev.brussels voor de coordinatie van het netwerk van de Brusselse FabLabs - gedelegeerde opdrachtniet opgenomen in het beheerscontract |
| Subvention de fonctionnement au CVDC (Consortium de Validation de Compétences) dans le cadre de dispositifs spécifiques | SPRB.44.047.08 | 150.000,00 | 38.000,00 | GOB.44.047.08 | Werkingssubsidie aan het CVDC (Consortium de Validation des Compétences) in het kader van specifieke regelingen |
| Subvention de fonctionnement à la première coopérative de repreneuriat de Belgique dans le cadre du Plan pour la Reprise et la Résilience (PRR - I - 4.07) | 800.000,00 | 200.000,00 | Werkingssubsidies aan de eerste coöperatieve voor "ondernemerschap" van België in het kader van het Plan voor Herstel en Veerkracht (PHV - I - 4.07) | ||
| Subventions de fonctionnement facultatives à l'ASBL 'Communauté portuaire bruxelloise' (CPB) ainsi qu'aux associations privées contribuant à la promotion de l'utilisation de la voie d'eau | SPRB.44.113.08 | 33.000,00 | 9.000,00 | GOB.44.113.08 | Facultatieve werkingssubsidies aan de vzw 'Brusselse Havengemeenschap' (BHG) evenals aan privéverenigingen die bijdragen tot hetbevorderen van het gebruik maken van de waterweg |
| Subventions de fonctionnement facultatives à logisticity.brussels | 430.000,00 | 108.000,00 | Facultatieve werkingssubsidies aan logisticity.brussels | ||
| Subventions de fonctionnement à BRUSOC pour le démarrage du prêt proxi dans le cadre de la crise sanitaire COVID-19 | SPRB.44.115.09 | 90.000,00 | 23.000,00 | GOB.44.115.09 | Werkingssubsidies aan BRUSOC voor de opstart van de proxi-lening in het kader van de gezondheidscrisis COVID-19 |
| Subventions de fonctionnement à hub.brussels (ABE) dans le cadre du programme FEDER | SPRB.44.122.09 | 495.000,00 | 124.000,00 | GOB.44.122.09 | Werkingssubsidies aan hub.brussels (BAO) in het kader van het EFRO-programma |
| Dotations de fonctionnement facultatives à MAD Brussels en vue de la promotion de l'image de la Région de Bruxelles-Capitale (compétence Ministre-Président) | SPRB.44.143.10 | 170.000,00 | 43.000,00 | GOB.44.143.10 | Facultatieve werkingsdotaties aan MAD Brussels ter promotie van het imago van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (bevoegdheid minister-president) |
| Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire flamande à titre de droit de tirage | SPRB.45.002.08 | 18.841 000,00 | 4.711 000,00 | GOB.45.002.08 | Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Vlaamse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht |
| Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire française à titre de droit de tirage | SPRB.45.003.08 | 76.485 000,00 | 31.869 000,00 | GOB.45.003.08 | Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Franse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht |
| Ville de Bruxelles - rente prévue à l'article 9 des statuts | PORT.44.501.08 | 9.000,00 | 3.000,00 | HAVEN.44.501.08 | Stad Brussel - rente voorzien in artikel 9 der statuten |
| Don au " Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS " en faveur de la recherche sur la leucémie et le cancer (action " Télévie " - RTL) | IRSIB.44.202.08 | 14.000,00 | 4.000,00 | IWOIB.44.202.08 | Gift aan "Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS" ten voordele van onderzoek naar leukemie en kanker (actie "Télévie" - RTL) |
| Don à l'ASBL " Vlaamse Liga Tegen Kanker " en faveur de la recherche sur le cancer (action " Kom op tegen Kanker ") | 14.000,00 | 4.000,00 | Gift aan de vzw "Vlaamse Liga Tegen Kanker" ten voordele van kankeronderzoek (actie "Kom op tegen Kanker") | ||
| Subventions de fonctionnement à l'association " Centre BEL " | 40.000,00 | 10.000,00 | Werkingssubsidies aan de vereninging "Centrum BEL" | ||
| Subventions de fonctionnement à Bruxelles Mobilité afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.202.09 | 72.000,00 | 18.000,00 | IWOIB.44.202.09 | Werkingssubsidies aan Brussel Mobiliteit om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
| Subventions de fonctionnement à Urban.brussels afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | 163.000,00 | 41.000,00 | Werkingssubsidies aan Urban.brussels om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen | ||
| Subventions de fonctionnement au CIRB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.203.09 | 100.000,00 | 25.000,00 | IWOIB.44.203.09 | Werkingssubsidies aan het CIBG om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
| Subventions de fonctionnement à Bruxelles Environnement (IBGE) afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.205.09 | 212.000,00 | 53.000,00 | IWOIB.44.205.09 | Werkingssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
| Subventions de fonctionnement à la STIB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences | IRSIB.44.206.09 | 93.000,00 | 24.000,00 | IWOIB.44.206.09 | Werkingssubsidies aan de MIVB om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen |
provisoires Voorlopige kredieten Begrotingspost Omschrijving Transfert de revenu à BECI dans le cadre du programme européen EEB ABE.44.352.08 14.000,00 3.500,00 BAO.44.352.08 Overdracht van inkomsten aan BECI in het kader van het Europese EEB-programma Transferts de revenus à la Région flamande en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie et à la Région wallonne en matière de politique d'environnement, de climat et d'énergie IBGE.41.201.08 1.000,00 500,00 BIM.41.201.08 Inkomensoverdrachten aan het Vlaams Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid en aan het Waals Gewest in het kader van het milieu-, klimaat- en energiebeleid Subventions d'investissement à la Communauté française en matière de politique de l'air, du climat, de l'énergie et du bâtiment durable IBGE.41.202.11 60.000,00 15.000,00 BIM.41.202.11 Investeringssubsidies aan de Franse Gemeenschap inzake het beleid van lucht, klimaat, energie en duurzaam bouwen Subventions de fonctionnement à l'ERIP BPS.40.304.08 4.539.000,00 1.135 000,00 BPV.40.304.08 Werkingssubsidies aan de GIP Dotation de fonctionnement à BRUSAFE BPS.40.304.10 5.673.000,00 1.419 000,00 BPV.40.304.10 Werkingsdotatie aan BRUSAFE Subventions d'investissement à l'ERIP BPS.40.304.11 599.000,00 150.000,00 BPV.40.304.11 Investeringssubsidies aan de GIP Dotation d'investissement à BRUSAFE BPS.40.304.13 270.000,00 68.000,00 BPV.40.304.13 Investeringsdotatie aan BRUSAFE Subvention de fonctionnement à la Société d'aménagement urbain (SAU) liée à la mission déléguée SIAMU.40.201.02 352.000,00 88.000,00 DBDMH.40.201.02 Werkingssubsidie aan de Maatschappij voor Stedelijke Inrichting (MSI) verbonden met de gedelegeerde opdracht Subventions de fonctionnement pour l'Union des Pompiers de Bruxelles SIAMU.40.202.08 120.000,00 30.000,00 DBDMH.40.202.08 Werkingssubsidies voor de Brandweer Vereniging Brussel Dotations facultatives à l'ASBL " Le Service Social (ARP) " ARP.41.251.10 1.182 000,00 296.000,00 GAN.41.251.10 Facultatieve dotatie aan VZW 'Sociale dienst (GAN)' Transferts de revenus aux ménages concernant l'interruption de carrière (par des dotations réglementées à l'ONEm) SPRB.35.041.08 7.190 000,00 1.798 000,00 GOB.35.041.08 Inkomensoverdrachten aan gezinnen betreffende de loopbaanonderbreking (via gereglementeerde dotaties aan de RVA) Transfert en capital vers le SPF Stratégie et Appui pour la maintenance et le support relatif à la plateforme e-Procurement SPRB.37.042.11 40.000,00 10.000,00 GOB.37.042.11 Kapitaaloverdracht naar de FOD Beleid en Ondersteuning voor het onderhoud en de ondersteuning m.b.t. het e-Procurementplatform Subvention de fonctionnement à l'Institut pour l'égalité des femmes et des hommes dans le cadre de la lutte contre les discriminations fondées sur le sexe au Centre interfédéral pour l'égalité des chances et la lutte contre le racisme et les discriminations SPRB.39.041.08 100.000,00 25.000,00 GOB.39.041.08 Werkingssubsidie aan het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen in het kader van de bestrijding van discriminatie gebaseerd op geslacht en aan het interfederaal Centrum voor gelijke kansen en bestrijding van racisme en discriminatie Subvention en Investissement à l'ASBL Train World SPRB.39.071.11 500.000,00 125.000,00 GOB.39.071.11 Investeringssubsidie aan Train World vzw Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets 'Rénovation urbaine' dans le cadre du programme FEDER SPRB.39.073.08 62.000,00 16.000,00 GOB.39.073.08 Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor projecten 'Stadsvernieuwing' in het kader van het EFRO-programma Subventions d'investissement à citydev.brussels (SDRB) pour des projets dans le cadre du programme FEDER SPRB.39.073.11 1.190 000,00 298.000,00 GOB.39.073.11 Investeringssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor de projecten in het kader van het EFRO-programma Subventions d'investissement à la SAU dans le cadre du programme FEDER 3.720 000,00 930.000,00 Investeringssubsidies aan de MSI in het kader van het EFRO-programma Subventions de fonctionnement à l'ASBL 'Commissariat à l'Europe et aux organisations internationales' SPRB.39.144.10 767.000,00 192.000,00 GOB.39.144.10 Werkingssubsidies aan de vzw 'Commissariaat voor Europa en de internationale organisaties' Subvention de fonctionnement à screen.brussels fund SPRB.39.150.10 500.000,00 125.000,00 GOB.39.150.10 Werkingssubsidie aan screen.brussels fund Subvention d'investissement à screen.brussels fund pour les actions spécifiques SPRB.39.150.13 3.000 000,00 750.000,00 GOB.39.150.13 Investeringssubsidies aan screen.brussels fund voor specifieke acties Subventions de fonctionnement à la Fondation publique CIVA SPRB.39.155.10 3.040 000,00 760.000,00 GOB.39.155.10 Werkingssubsidies aan de openbare stichting CIVA Subvention de fonctionnement à la Fondation Kanal SPRB.39.156.10 17.712 000,00 4.428 000,00 GOB.39.156.10 Werkingssubsidie aan de Stichting Kanal Subvention d'investissement à la Fondation Kanal SPRB.39.156.13 8.075 000,00 2.019 000,00 GOB.39.156.13 Investeringssubsidie aan de Stichting Kanal Dotation de fonctionnement à Bruxelles Infrastructure Finance (BRINFIN) dans le cadre de la gestion financière et le rôle de conseilfinancier du Fonds régionale bruxellois de refinancement des trésoreries communales (FRBRTC) SPRB.40.041.10 674.000,00 169.000,00 GOB.40.041.10 Werkingsdotatie aan Brussel Infrastructuur Financiering (BRINFIN) in het kader van het financieel beheer en de rol van financieelraadgever van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën (BGHFGT) Subsides aux pouvoirs subordonnés pour des infrastructures sportives communales (PTIS) SPRB.40.041.11 8.272 000,00 2.068 000,00 GOB.40.041.11 Subsidies aan de ondergeschikte besturen voor gemeentelijke sportinfrastructuur (DPSI) Subventions de fonctionnement à l'ASBL Ecole Régionale d'Administration Publique (ERAP) pour la formation du personnel des pouvoirs locaux SPRB.40.151.10 3.369 000,00 843.000,00 GOB.40.151.10 Werkingssubsidies aan de vzw Gewestelijke School voor Openbaar Bestuur (GSOB) voor de opleiding van het personeel van de plaatselijke besturen Dotations de fonctionnement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion SPRB.41.041.08 5.575 000,00 2.323 000,00 GOB.41.041.08 Gereglementeerde werkingsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst Dotations d'investissement réglementées à HYDRIA dans le cadre du contrat de gestion SPRB.41.041.11 32.221 000,00 32.221 000,00 GOB.41.041.11 Gereglementeerde investeringsdotaties aan HYDRIA in het kader van de beheersovereenkomst Subventions d'investissement à Bruxelles Environnement (IBGE) dans le cadre du programme FEDER SPRB.41.102.12 2.605 000,00 652.000,00 GOB.41.102.12 Investeringssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) in het kader van het EFRO-programma Subventions d'investissement à Bruxelles-Propreté (ARP) dans le cadre du programme FEDER SPRB.41.103.12 2.373 000,00 594.000,00 GOB.41.103.12 Investeringssubsidies aan Net Brussel (GAN) in het kader van het EFRO-programma Subventions de fonctionnement à Homegrade.brussels SPRB.41.145.10 5.722 000,00 2.385 000,00 GOB.41.145.10 Werkingssubsidies aan Homegrade.brussels Subventions de fonctionnement à la Vrije Universiteit Brussel (VUB, la Communauté flamande) dans le cadre de projets européens. SPRB.42.041.08 3.000,00 1.000,00 GOB.42.041.08 Werkingssubsidies aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB, Vlaamse Gemeenschap) in het kader van Europese projecten Subvention de fonctionnement à l'ASBL Community Land Trust - Bruxelles (CLTB) SPRB.43.042.08 516.000,00 129.000,00 GOB.43.042.08 Werkingssubsidie aan de vzw Community Land Trust - Brussel (CLTB) Subventions d'investissement de la fondation d'utilité publique Community Land Trust Brussels (CLTB) SPRB.43.043.11 800.000,00 200.000,00 GOB.43.043.11 Investeringssubsidies aan de openbare stichting Community Land Trust Brussels (CLTB) Subventions de fonctionnement à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet 'occupation temporaire' et pour l'accompagnementpour les projets locaux d'équipements - missions déléguées pour la Rénovation urbaine SPRB.43.072.02 313.000,00 79.000,00 GOB.43.072.02 Werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket 'tijdelijke gebruiksbestemmingen' en ondersteuning voorlokale voorzieningsprojecten - gedelegeerde opdrachten voor het Stadsvernieuwing Subvention de fonctionnement à l'ASBL Zinneke Parade SPRB.43.072.08 360.000,00 90.000,00 GOB.43.072.08 Werkingssubsidie aan de vzw Zinneke Parade Subventions de fonctionnement au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts nonhypothécaires pour les travaux aux logements (ECORENO) SPRB.43.109.09 657.000,00 165.000,00 GOB.43.109.09 Werkingssubsidies aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaireleningen voor werken aan woningen (ECORENO) Transferts en capital au Fonds du logement de la Région de Bruxelles-Capitale dans le cadre de l'octroi des prêts non hypothécairespour les travaux aux logements (ECORENO) SPRB.43.109.12 789.000,00 198.000,00 GOB.43.109.12 Kapitaaloverdrachten aan het Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in het kader van de toekenning van de niet-hypothecaire leningen voor werken aan woningen (ECORENO) Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) liées au Fonds de transition économique - mission déléguée SPRB.44.041.02 235.000,00 59.000,00 GOB.44.041.02 Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) verbonden aan het Economisch Transitiefonds - gedelegeerde opdracht Subventions de fonctionnement réglementées à citydev.brussels (SDRB) pour la gestion du guichet " occupation temporaire " - mission déléguée incluse dans le contrat de gestion 142.000,00 36.000,00 Gereguleerde werkingssubsidies aan citydev.brussels (GOMB) voor het beheer van het loket "tijdelijke bewoning" - gedelegeerde opdracht opgenomen in het beheerscontract Subventions de fonctionnement à finance&invest.brussels (SRIB) ou ses filiales non-consolidées SPRB.44.041.08 3.000,00 1.000,00 GOB.44.041.08 Werkingssubsidies aan finance&invest.brussels (GIMB) of haar niet-geconsolideerde filialen Subvention de fonctionnement à l'ASBL Coopcity 690.000,00 173.000,00 Werkingsusbidies aan de vzw Coopcity Subvention de fonctionnement à Brufotec dans le cadre du soutien aux entreprises actives dans le secteur alimentaire SPRB.44.042.08 306.000,00 77.000,00 GOB.44.042.08 Werkingssubsidie aan Brufotec in het kader van de ondersteuning van de bedrijven actief in de voedingssector Subventions de fonctionnement facultatives aux chambres de commerce belges à l'étranger pour la réalisation de projets de promotion du commerce extérieur (pays membres de l'UE) SPRB.44.045.08 15.000,00 4.000,00 GOB.44.045.08 Facultatieve werkingssubsidies aan de Belgische kamers van koophandel in het buitenland voor het realiseren van projecten terbevordering van de buitenlandse handel (lidstaten van de EU) Dotations de fonctionnement réglementées à l'Agence fédérale pour le Commerce extérieur 136.000,00 34.000,00 Gereglementeerde werkingsdotaties aan het federaal Agentschap voor Buitenlandse Handel Subvention de fonctionnement à citydev.brussels pour la coordination du réseau des fablabs bruxellois - mission déléguée non incluse dans le contrat de gestion SPRB.44.046.02 190.000,00 48.000,00 GOB.44.046.02 Werkingsubsidie aan citydev.brussels voor de coordinatie van het netwerk van de Brusselse FabLabs - gedelegeerde opdrachtniet opgenomen in het beheerscontract Subvention de fonctionnement au CVDC (Consortium de Validation de Compétences) dans le cadre de dispositifs spécifiques SPRB.44.047.08 150.000,00 38.000,00 GOB.44.047.08 Werkingssubsidie aan het CVDC (Consortium de Validation des Compétences) in het kader van specifieke regelingen Subvention de fonctionnement à la première coopérative de repreneuriat de Belgique dans le cadre du Plan pour la Reprise et la Résilience (PRR - I - 4.07) 800.000,00 200.000,00 Werkingssubsidies aan de eerste coöperatieve voor "ondernemerschap" van België in het kader van het Plan voor Herstel en Veerkracht (PHV - I - 4.07) Subventions de fonctionnement facultatives à l'ASBL 'Communauté portuaire bruxelloise' (CPB) ainsi qu'aux associations privées contribuant à la promotion de l'utilisation de la voie d'eau SPRB.44.113.08 33.000,00 9.000,00 GOB.44.113.08 Facultatieve werkingssubsidies aan de vzw 'Brusselse Havengemeenschap' (BHG) evenals aan privéverenigingen die bijdragen tot hetbevorderen van het gebruik maken van de waterweg Subventions de fonctionnement facultatives à logisticity.brussels 430.000,00 108.000,00 Facultatieve werkingssubsidies aan logisticity.brussels Subventions de fonctionnement à BRUSOC pour le démarrage du prêt proxi dans le cadre de la crise sanitaire COVID-19 SPRB.44.115.09 90.000,00 23.000,00 GOB.44.115.09 Werkingssubsidies aan BRUSOC voor de opstart van de proxi-lening in het kader van de gezondheidscrisis COVID-19 Subventions de fonctionnement à hub.brussels (ABE) dans le cadre du programme FEDER SPRB.44.122.09 495.000,00 124.000,00 GOB.44.122.09 Werkingssubsidies aan hub.brussels (BAO) in het kader van het EFRO-programma Dotations de fonctionnement facultatives à MAD Brussels en vue de la promotion de l'image de la Région de Bruxelles-Capitale (compétence Ministre-Président) SPRB.44.143.10 170.000,00 43.000,00 GOB.44.143.10 Facultatieve werkingsdotaties aan MAD Brussels ter promotie van het imago van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (bevoegdheid minister-president) Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire flamande à titre de droit de tirage SPRB.45.002.08 18.841 000,00 4.711 000,00 GOB.45.002.08 Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Vlaamse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht Transferts de revenus complémentaires à la Commission communautaire française à titre de droit de tirage SPRB.45.003.08 76.485 000,00 31.869 000,00 GOB.45.003.08 Bijkomende inkomensoverdrachten aan de Franse Gemeenschapscommissie bij wijze van trekkingsrecht Ville de Bruxelles - rente prévue à l'article 9 des statuts PORT.44.501.08 9.000,00 3.000,00 HAVEN.44.501.08 Stad Brussel - rente voorzien in artikel 9 der statuten Don au " Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS " en faveur de la recherche sur la leucémie et le cancer (action " Télévie " - RTL) IRSIB.44.202.08 14.000,00 4.000,00 IWOIB.44.202.08 Gift aan "Fonds de la Recherche Scientifique - FNRS" ten voordele van onderzoek naar leukemie en kanker (actie "Télévie" - RTL) Don à l'ASBL " Vlaamse Liga Tegen Kanker " en faveur de la recherche sur le cancer (action " Kom op tegen Kanker ") 14.000,00 4.000,00 Gift aan de vzw "Vlaamse Liga Tegen Kanker" ten voordele van kankeronderzoek (actie "Kom op tegen Kanker") Subventions de fonctionnement à l'association " Centre BEL " 40.000,00 10.000,00 Werkingssubsidies aan de vereninging "Centrum BEL" Subventions de fonctionnement à Bruxelles Mobilité afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.202.09 72.000,00 18.000,00 IWOIB.44.202.09 Werkingssubsidies aan Brussel Mobiliteit om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement à Urban.brussels afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences 163.000,00 41.000,00 Werkingssubsidies aan Urban.brussels om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement au CIRB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.203.09 100.000,00 25.000,00 IWOIB.44.203.09 Werkingssubsidies aan het CIBG om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement à Bruxelles Environnement (IBGE) afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.205.09 212.000,00 53.000,00 IWOIB.44.205.09 Werkingssubsidies aan Leefmilieu Brussel (BIM) om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen Subventions de fonctionnement à la STIB afin de soutenir la recherche scientifique, l'innovation et la promotion aux sciences IRSIB.44.206.09 93.000,00 24.000,00 IWOIB.44.206.09 Werkingssubsidies aan de MIVB om het wetenschappelijk onderzoek, de innovatie en de bevordering van de wetenschap te ondersteunen
Art. 21. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, voor de diensten van de Regering en de ABI's 1, en het bestuursorgaan, voor de ABI's 2, zijn gemachtigd om facultatieve subsidies toe te kennen ten laste van de volgende begrotingsposten:
ACTIRIS.44.255.08
BGHM.43.252.11
BGHM.43.253.11
BGHM.43.254.08
BIM.41.201.08
BIM.41.201.11
BIM.41.202.08
BIM.41.202.09
BIM.41.202.11
BIM.41.203.08
BIM.41.203.11
BIM.41.204.08
BIM.41.204.11
BPB.39.202.08
BPB.39.203.08
BPB.39.204.08
BPV.40.301.08
BPV.40.302.08
BPV.40.302.10
BPV.40.302.11
BPV.40.302.13
BPV.40.303.08
BPV.40.304.10
BPV.40.304.13
CIBG.37.203.08
CIBG.37.203.10
CIBG.37.203.11
CITYDEV.43.601.08
DBDMH.40.202.08
GAN.41.251.08
GAN.41.253.08
GOB.35.071.08
GOB.36.041.08
GOB.37.042.08
GOB.39.001.08
GOB.39.041.08
GOB.39.041.11
GOB.39.042.08
GOB.39.071.08
GOB.39.071.10
GOB.39.071.11
GOB.39.072.08
GOB.39.073.08
GOB.39.073.11
GOB.39.074.08
GOB.39.150.10
GOB.40.041.08
GOB.40.041.11
GOB.40.042.08
GOB.41.025.08
GOB.41.025.11
GOB.41.041.08
GOB.42.036.08
GOB.42.036.11
GOB.42.041.08
GOB.42.041.11
GOB.42.043.08
GOB.42.043.11
GOB.42.044.11
GOB.42.045.08
GOB.43.002.08
GOB.43.026.08
GOB.43.041.08
GOB.43.041.11
GOB.43.042.11
GOB.43.043.08
GOB.43.043.11
GOB.43.071.08
GOB.43.071.11
GOB.43.072.08
GOB.43.072.11
GOB.44.041.08
GOB.44.041.11
GOB.44.042.08
GOB.44.042.11
GOB.44.045.08
GOB.44.046.08
GOB.44.046.11
GOB.44.047.08
GOB.44.047.10
GOB.44.113.08
GOB.44.113.11
GOB.44.143.10
GOB.45.041.08
GOB.45.041.11
GPA.42.301.08
GPA.42.302.08
HAVEN.44.501.08
IWOIB.44.202.08
IWOIB.44.202.10
VISIT.39.302.08
ACTIRIS.44.255.08
BGHM.43.252.11
BGHM.43.253.11
BGHM.43.254.08
BIM.41.201.08
BIM.41.201.11
BIM.41.202.08
BIM.41.202.09
BIM.41.202.11
BIM.41.203.08
BIM.41.203.11
BIM.41.204.08
BIM.41.204.11
BPB.39.202.08
BPB.39.203.08
BPB.39.204.08
BPV.40.301.08
BPV.40.302.08
BPV.40.302.10
BPV.40.302.11
BPV.40.302.13
BPV.40.303.08
BPV.40.304.10
BPV.40.304.13
CIBG.37.203.08
CIBG.37.203.10
CIBG.37.203.11
CITYDEV.43.601.08
DBDMH.40.202.08
GAN.41.251.08
GAN.41.253.08
GOB.35.071.08
GOB.36.041.08
GOB.37.042.08
GOB.39.001.08
GOB.39.041.08
GOB.39.041.11
GOB.39.042.08
GOB.39.071.08
GOB.39.071.10
GOB.39.071.11
GOB.39.072.08
GOB.39.073.08
GOB.39.073.11
GOB.39.074.08
GOB.39.150.10
GOB.40.041.08
GOB.40.041.11
GOB.40.042.08
GOB.41.025.08
GOB.41.025.11
GOB.41.041.08
GOB.42.036.08
GOB.42.036.11
GOB.42.041.08
GOB.42.041.11
GOB.42.043.08
GOB.42.043.11
GOB.42.044.11
GOB.42.045.08
GOB.43.002.08
GOB.43.026.08
GOB.43.041.08
GOB.43.041.11
GOB.43.042.11
GOB.43.043.08
GOB.43.043.11
GOB.43.071.08
GOB.43.071.11
GOB.43.072.08
GOB.43.072.11
GOB.44.041.08
GOB.44.041.11
GOB.44.042.08
GOB.44.042.11
GOB.44.045.08
GOB.44.046.08
GOB.44.046.11
GOB.44.047.08
GOB.44.047.10
GOB.44.113.08
GOB.44.113.11
GOB.44.143.10
GOB.45.041.08
GOB.45.041.11
GPA.42.301.08
GPA.42.302.08
HAVEN.44.501.08
IWOIB.44.202.08
IWOIB.44.202.10
VISIT.39.302.08
Art. 21. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, pour les services du Gouvernement et les OAA 1, et l'organe d'administration, pour les OAA 2, sont autorisés à octroyer des subventions facultatives à charge des postes budgétaires suivants:
ACTIRIS.44.255.08
SLRB.43.252.11
SLRB.43.253.11
SLRB.43.254.08
IBGE.41.201.08
IBGE.41.201.11
IBGE.41.202.08
IBGE.41.202.09
IBGE.41.202.11
IBGE.41.203.08
IBGE.41.203.11
IBGE.41.204.08
IBGE.41.204.11
BBP.39.202.08
BBP.39.203.08
BBP.39.204.08
BPS.40.301.08
BPS.40.302.08
BPS.40.302.10
BPS.40.302.11
BPS.40.302.13
BPS.40.303.08
BPS.40.304.10
BPS.40.304.13
CIRB.37.203.08
CIRB.37.203.10
CIRB.37.203.11
CITYDEV.43.601.08
SIAMU.40.202.08
ARP.41.251.08
ARP.41.253.08
SPRB.35.071.08
SPRB.36.041.08
SPRB.37.042.08
SPRB.39.001.08
SPRB.39.041.08
SPRB.39.041.11
SPRB.39.042.08
SPRB.39.071.08
SPRB.39.071.10
SPRB.39.071.11
SPRB.39.072.08
SPRB.39.073.08
SPRB.39.073.11
SPRB.39.074.08
SPRB.39.150.10
SPRB.40.041.08
SPRB.40.041.11
SPRB.40.042.08
SPRB.41.025.08
SPRB.41.025.11
SPRB.41.041.08
SPRB.42.036.08
SPRB.42.036.11
SPRB.42.041.08
SPRB.42.041.11
SPRB.42.043.08
SPRB.42.043.11
SPRB.42.044.11
SPRB.42.045.08
SPRB.43.002.08
SPRB.43.026.08
SPRB.43.041.08
SPRB.43.041.11
SPRB.43.042.11
SPRB.43.043.08
SPRB.43.043.11
SPRB.43.071.08
SPRB.43.071.11
SPRB.43.072.08
SPRB.43.072.11
SPRB.44.041.08
SPRB.44.041.11
SPRB.44.042.08
SPRB.44.042.11
SPRB.44.045.08
SPRB.44.046.08
SPRB.44.046.11
SPRB.44.047.08
SPRB.44.047.10
SPRB.44.113.08
SPRB.44.113.11
SPRB.44.143.10
SPRB.45.041.08
SPRB.45.041.11
ASR.42.301.08
ASR.42.302.08
PORT.44.501.08
IRSIB.44.202.08
IRSIB.44.202.10
VISIT.39.302.08
ACTIRIS.44.255.08
SLRB.43.252.11
SLRB.43.253.11
SLRB.43.254.08
IBGE.41.201.08
IBGE.41.201.11
IBGE.41.202.08
IBGE.41.202.09
IBGE.41.202.11
IBGE.41.203.08
IBGE.41.203.11
IBGE.41.204.08
IBGE.41.204.11
BBP.39.202.08
BBP.39.203.08
BBP.39.204.08
BPS.40.301.08
BPS.40.302.08
BPS.40.302.10
BPS.40.302.11
BPS.40.302.13
BPS.40.303.08
BPS.40.304.10
BPS.40.304.13
CIRB.37.203.08
CIRB.37.203.10
CIRB.37.203.11
CITYDEV.43.601.08
SIAMU.40.202.08
ARP.41.251.08
ARP.41.253.08
SPRB.35.071.08
SPRB.36.041.08
SPRB.37.042.08
SPRB.39.001.08
SPRB.39.041.08
SPRB.39.041.11
SPRB.39.042.08
SPRB.39.071.08
SPRB.39.071.10
SPRB.39.071.11
SPRB.39.072.08
SPRB.39.073.08
SPRB.39.073.11
SPRB.39.074.08
SPRB.39.150.10
SPRB.40.041.08
SPRB.40.041.11
SPRB.40.042.08
SPRB.41.025.08
SPRB.41.025.11
SPRB.41.041.08
SPRB.42.036.08
SPRB.42.036.11
SPRB.42.041.08
SPRB.42.041.11
SPRB.42.043.08
SPRB.42.043.11
SPRB.42.044.11
SPRB.42.045.08
SPRB.43.002.08
SPRB.43.026.08
SPRB.43.041.08
SPRB.43.041.11
SPRB.43.042.11
SPRB.43.043.08
SPRB.43.043.11
SPRB.43.071.08
SPRB.43.071.11
SPRB.43.072.08
SPRB.43.072.11
SPRB.44.041.08
SPRB.44.041.11
SPRB.44.042.08
SPRB.44.042.11
SPRB.44.045.08
SPRB.44.046.08
SPRB.44.046.11
SPRB.44.047.08
SPRB.44.047.10
SPRB.44.113.08
SPRB.44.113.11
SPRB.44.143.10
SPRB.45.041.08
SPRB.45.041.11
ASR.42.301.08
ASR.42.302.08
PORT.44.501.08
IRSIB.44.202.08
IRSIB.44.202.10
VISIT.39.302.08
Art. 22. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, voor de diensten van de Regering en de ABI's 1, en het bestuursorgaan, voor de ABI's 2, zijn gemachtigd om dotaties toe te kennen ten laste van de volgende begrotingsposten:
ACTIRIS.44.253.02
ACTIRIS.44.253.09
BIM.41.147.09
BIM.41.202.12
BIM.42.112.09
GAN.41.254.09
GOB.35.071.09
GOB.35.071.10
GOB.37.101.09
GOB.37.101.12
GOB.39.041.09
GOB.39.073.09
GOB.39.073.12
GOB.39.074.10
GOB.39.108.09
GOB.39.108.12
GOB.39.114.09
GOB.39.121.09
GOB.39.121.12
GOB.39.144.10
GOB.40.104.09
GOB.40.104.12
GOB.40.105.09
GOB.40.105.12
GOB.40.107.09
GOB.40.107.12
GOB.40.135.10
GOB.40.135.13
GOB.40.148.10
GOB.40.148.13
GOB.40.149.10
GOB.41.020.09
GOB.41.032.09
GOB.41.032.12
GOB.41.102.09
GOB.41.102.12
GOB.41.103.09
GOB.41.301.09
GOB.41.302.09
GOB.42.112.09
GOB.42.112.12
GOB.42.120.09
GOB.42.120.12
GOB.43.071.02
GOB.43.071.12
GOB.43.109.09
GOB.43.109.10
GOB.43.109.12
GOB.43.110.09
GOB.43.110.12
GOB.44.046.02
GOB.44.106.09
GOB.44.111.09
GOB.44.111.12
GOB.44.113.09
GOB.44.113.12
GOB.44.115.09
GOB.44.115.12
GOB.44.116.09
GOB.44.116.12
GOB.44.122.09
GOB.44.122.12
GOB.44.143.10
IWOIB.44.201.09
IWOIB.44.202.09
IWOIB.44.204.09
IWOIB.44.207.09
IWOIB.44.209.09
ACTIRIS.44.253.02
ACTIRIS.44.253.09
BIM.41.147.09
BIM.41.202.12
BIM.42.112.09
GAN.41.254.09
GOB.35.071.09
GOB.35.071.10
GOB.37.101.09
GOB.37.101.12
GOB.39.041.09
GOB.39.073.09
GOB.39.073.12
GOB.39.074.10
GOB.39.108.09
GOB.39.108.12
GOB.39.114.09
GOB.39.121.09
GOB.39.121.12
GOB.39.144.10
GOB.40.104.09
GOB.40.104.12
GOB.40.105.09
GOB.40.105.12
GOB.40.107.09
GOB.40.107.12
GOB.40.135.10
GOB.40.135.13
GOB.40.148.10
GOB.40.148.13
GOB.40.149.10
GOB.41.020.09
GOB.41.032.09
GOB.41.032.12
GOB.41.102.09
GOB.41.102.12
GOB.41.103.09
GOB.41.301.09
GOB.41.302.09
GOB.42.112.09
GOB.42.112.12
GOB.42.120.09
GOB.42.120.12
GOB.43.071.02
GOB.43.071.12
GOB.43.109.09
GOB.43.109.10
GOB.43.109.12
GOB.43.110.09
GOB.43.110.12
GOB.44.046.02
GOB.44.106.09
GOB.44.111.09
GOB.44.111.12
GOB.44.113.09
GOB.44.113.12
GOB.44.115.09
GOB.44.115.12
GOB.44.116.09
GOB.44.116.12
GOB.44.122.09
GOB.44.122.12
GOB.44.143.10
IWOIB.44.201.09
IWOIB.44.202.09
IWOIB.44.204.09
IWOIB.44.207.09
IWOIB.44.209.09
Art. 22. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, pour les services du Gouvernement et les OAA 1, et l'organe d'administration, pour les OAA 2, sont autorisés à octroyer des dotations à charge des postes budgétaires suivants:
ACTIRIS.44.253.02
ACTIRIS.44.253.09
IBGE.41.147.09
IBGE.41.202.12
IBGE.42.112.09
ARP.41.254.09
SPRB.35.071.09
SPRB.35.071.10
SPRB.37.101.09
SPRB.37.101.12
SPRB.39.041.09
SPRB.39.073.09
SPRB.39.073.12
SPRB.39.074.10
SPRB.39.108.09
SPRB.39.108.12
SPRB.39.114.09
SPRB.39.121.09
SPRB.39.121.12
SPRB.39.144.10
SPRB.40.104.09
SPRB.40.104.12
SPRB.40.105.09
SPRB.40.105.12
SPRB.40.107.09
SPRB.40.107.12
SPRB.40.135.10
SPRB.40.135.13
SPRB.40.148.10
SPRB.40.148.13
SPRB.40.149.10
SPRB.41.020.09
SPRB.41.032.09
SPRB.41.032.12
SPRB.41.102.09
SPRB.41.102.12
SPRB.41.103.09
SPRB.41.301.09
SPRB.41.302.09
SPRB.42.112.09
SPRB.42.112.12
SPRB.42.120.09
SPRB.42.120.12
SPRB.43.071.02
SPRB.43.071.12
SPRB.43.109.09
SPRB.43.109.10
SPRB.43.109.12
SPRB.43.110.09
SPRB.43.110.12
SPRB.44.046.02
SPRB.44.106.09
SPRB.44.111.09
SPRB.44.111.12
SPRB.44.113.09
SPRB.44.113.12
SPRB.44.115.09
SPRB.44.115.12
SPRB.44.116.09
SPRB.44.116.12
SPRB.44.122.09
SPRB.44.122.12
SPRB.44.143.10
IRSIB.44.201.09
IRSIB.44.202.09
IRSIB.44.204.09
IRSIB.44.207.09
IRSIB.44.209.09
ACTIRIS.44.253.02
ACTIRIS.44.253.09
IBGE.41.147.09
IBGE.41.202.12
IBGE.42.112.09
ARP.41.254.09
SPRB.35.071.09
SPRB.35.071.10
SPRB.37.101.09
SPRB.37.101.12
SPRB.39.041.09
SPRB.39.073.09
SPRB.39.073.12
SPRB.39.074.10
SPRB.39.108.09
SPRB.39.108.12
SPRB.39.114.09
SPRB.39.121.09
SPRB.39.121.12
SPRB.39.144.10
SPRB.40.104.09
SPRB.40.104.12
SPRB.40.105.09
SPRB.40.105.12
SPRB.40.107.09
SPRB.40.107.12
SPRB.40.135.10
SPRB.40.135.13
SPRB.40.148.10
SPRB.40.148.13
SPRB.40.149.10
SPRB.41.020.09
SPRB.41.032.09
SPRB.41.032.12
SPRB.41.102.09
SPRB.41.102.12
SPRB.41.103.09
SPRB.41.301.09
SPRB.41.302.09
SPRB.42.112.09
SPRB.42.112.12
SPRB.42.120.09
SPRB.42.120.12
SPRB.43.071.02
SPRB.43.071.12
SPRB.43.109.09
SPRB.43.109.10
SPRB.43.109.12
SPRB.43.110.09
SPRB.43.110.12
SPRB.44.046.02
SPRB.44.106.09
SPRB.44.111.09
SPRB.44.111.12
SPRB.44.113.09
SPRB.44.113.12
SPRB.44.115.09
SPRB.44.115.12
SPRB.44.116.09
SPRB.44.116.12
SPRB.44.122.09
SPRB.44.122.12
SPRB.44.143.10
IRSIB.44.201.09
IRSIB.44.202.09
IRSIB.44.204.09
IRSIB.44.207.09
IRSIB.44.209.09
Art. 23. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering, in het geval van de autonome bestuursinstellingen van 1ste categorie, of het bestuursorgaan, in het geval van de autonome bestuursinstellingen van 2de categorie, zijn eveneens gemachtigd tot het toekennen van facultatieve subsidies, ten laste van nieuwe begrotingposten die in de loop van het begrotingsjaar 2025 gecreëerd worden door ministeriële beslissing, regeringsbeslissing of door beslissing van het bestuursorgaan tot kredietherverdeling of -overschrijding en die als voorwerp facultatieve subsidies hebben in het kader van dezelfde objectieven als deze verbonden met de reeds in de begroting voorlopige kredieten 2025 bestaande begrotingposten van waaruit de kredieten worden overgedragen.
Art. 23. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, dans le cas des organismes administratifs autonomes de 1re catégorie, ou l'organe d'administration, dans le cas des organismes administratifs autonomes de 2e catégorie, sont également autorisés à octroyer des subventions facultatives, à charge de nouveaux postes budgétaires, créés dans le courant de l'année budgétaire 2025 par décision ministérielle, gouvernementale ou par décision de l'organe d'administration de nouvelle ventilation ou de dépassement de crédits, et qui ont comme objet des subventions facultatives dans le cadre des mêmes objectifs que ceux liés aux postes budgétaires déjà existants dans le budget crédits provisoires 2025 et à partir desquelles les crédits sont transférés.
Art.24. De diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om, in het kader van de afsluiting van de budgettaire en boekhoudkundige verrichtingen van het jaar 2024, de uitstaande vastleggingen op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden basisallocaties in 2025.
Art.24. Les services du Gouvernement et les organismes administratifs autonomes sont autorisés, dans le cadre de la clôture des opérations budgétaires et comptables de l'année 2024, à transférer l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou qui sont incorrectes vers les allocations de base à utiliser dorénavant en 2025.
Art. 24. De diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om, in het kader van de afsluiting van de budgettaire en boekhoudkundige verrichtingen van het jaar 2024, de uitstaande vastleggingen op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden basisallocaties in 2025.
De diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om tijdens het jaar 2025 de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden basisallocaties op voorwaarde dat er tijdens het lopende jaar nog geen vereffening op werd uitgevoerd.
De lijsten van de over te dragen visumnummers worden bezorgd aan de betrokken diensten van Brussel Financiën en Begroting voor wat de diensten van de Regering en de instellingen betreft die opgenomen zijn in het SAP-Platform en aan de betrokken diensten van de instellingen zelf voor wat de instellingen betreft die niet opgenomen zijn in het SAP-Platform.
De diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om tijdens het jaar 2025 de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden basisallocaties op voorwaarde dat er tijdens het lopende jaar nog geen vereffening op werd uitgevoerd.
De lijsten van de over te dragen visumnummers worden bezorgd aan de betrokken diensten van Brussel Financiën en Begroting voor wat de diensten van de Regering en de instellingen betreft die opgenomen zijn in het SAP-Platform en aan de betrokken diensten van de instellingen zelf voor wat de instellingen betreft die niet opgenomen zijn in het SAP-Platform.
Art. 24. Les services du Gouvernement et les organismes administratifs autonomes sont autorisés, dans le cadre de la clôture des opérations budgétaires et comptables de l'année 2024, à transférer l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou qui sont incorrectes vers les allocations de base à utiliser dorénavant en 2025.
Les services du Gouvernement et les organismes administratifs autonomes sont autorisés à transférer au cours de l'année 2025 l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou qui sont incorrectes vers les allocations de base à utiliser dorénavant, à condition qu'aucune liquidation n'ait encore eu lieu sur celui-ci pendant l'année en cours.
Les listes des numéros de visa à transférer sont transmises aux services concernés de Bruxelles Finances et Budget pour les services du Gouvernement et les organismes inclus dans la Plateforme SAP et aux services concernés des organismes eux-mêmes pour ceux qui ne sont pas inclus dans la Plateforme SAP.
Les services du Gouvernement et les organismes administratifs autonomes sont autorisés à transférer au cours de l'année 2025 l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou qui sont incorrectes vers les allocations de base à utiliser dorénavant, à condition qu'aucune liquidation n'ait encore eu lieu sur celui-ci pendant l'année en cours.
Les listes des numéros de visa à transférer sont transmises aux services concernés de Bruxelles Finances et Budget pour les services du Gouvernement et les organismes inclus dans la Plateforme SAP et aux services concernés des organismes eux-mêmes pour ceux qui ne sont pas inclus dans la Plateforme SAP.
Art.26. Overeenkomstig artikel 8 van de wet van 16 mei 2003 tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof, is de bevoegde ordonnateur gemachtigd de elementen die voortvloeien uit de boekingen in de algemene boekhouding die worden gegenereerd door de gegeven bevelen tot annulering van vastgestelde rechten, ongeacht of deze al dan niet aanleiding geven tot een financiële terugbetalingsstroom, budgettair aan te rekenen als uitgaven.
De Minister van Financiën is gemachtigd een rekenplichtige voor de terugbetalingen aan te stellen. Deze rekenplichtige van de terugbetalingen is belast met de uitvoering van de betalingen met betrekking tot de annuleringen van vastgestelde rechten op fiscaal gebied; ongeacht of deze annuleringen al dan niet betrekking hebben op het lopende begrotingsjaar en ongeacht of deze vastgestelde rechten al dan niet betrekking hebben op derdengelden.
De Minister van Financiën is gemachtigd een rekenplichtige voor de terugbetalingen aan te stellen. Deze rekenplichtige van de terugbetalingen is belast met de uitvoering van de betalingen met betrekking tot de annuleringen van vastgestelde rechten op fiscaal gebied; ongeacht of deze annuleringen al dan niet betrekking hebben op het lopende begrotingsjaar en ongeacht of deze vastgestelde rechten al dan niet betrekking hebben op derdengelden.
Art.26. Conformément à l'article 8 de la loi du 16 mai 2003 fixant les dispositions générales applicables aux budgets, au contrôle des subventions et à la comptabilité des communautés et régions, ainsi qu'à l'organisation du contrôle de la Cour des comptes, l'ordonnateur compétent est habilité à imputer budgétairement en dépenses les éléments découlant des écritures de comptabilité générale générées par les ordres d'annulation de droits constatés donnés, que ceux-ci donnent ou pas lieu à un flux financier de remboursement.
Le Ministre des Finances est autorisé à désigner un comptable-trésorier des remboursements. Ce comptable-trésorier des remboursements est chargé d'exécuter les paiements relatifs aux annulations de droits constatés en matières fiscales; que ces annulations soient relatives ou pas à l'année budgétaire en cours et que ces droits constatés soient relatifs ou pas à des fonds de tiers.
Le Ministre des Finances est autorisé à désigner un comptable-trésorier des remboursements. Ce comptable-trésorier des remboursements est chargé d'exécuter les paiements relatifs aux annulations de droits constatés en matières fiscales; que ces annulations soient relatives ou pas à l'année budgétaire en cours et que ces droits constatés soient relatifs ou pas à des fonds de tiers.
Art. 26. Overeenkomstig artikel 8 van de wet van 16 mei 2003 tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof, is de bevoegde ordonnateur gemachtigd de elementen die voortvloeien uit de boekingen in de algemene boekhouding die worden gegenereerd door de gegeven bevelen tot annulering van vastgestelde rechten, ongeacht of deze al dan niet aanleiding geven tot een financiële terugbetalingsstroom, budgettair aan te rekenen als uitgaven.
De Minister van Financiën is gemachtigd een rekenplichtige voor de terugbetalingen aan te stellen. Deze rekenplichtige van de terugbetalingen is belast met de uitvoering van de betalingen met betrekking tot de annuleringen van vastgestelde rechten op fiscaal gebied; ongeacht of deze annuleringen al dan niet betrekking hebben op het lopende begrotingsjaar en ongeacht of deze vastgestelde rechten al dan niet betrekking hebben op derdengelden.
De Minister van Financiën is gemachtigd een rekenplichtige voor de terugbetalingen aan te stellen. Deze rekenplichtige van de terugbetalingen is belast met de uitvoering van de betalingen met betrekking tot de annuleringen van vastgestelde rechten op fiscaal gebied; ongeacht of deze annuleringen al dan niet betrekking hebben op het lopende begrotingsjaar en ongeacht of deze vastgestelde rechten al dan niet betrekking hebben op derdengelden.
Art. 26. Conformément à l'article 8 de la loi du 16 mai 2003 fixant les dispositions générales applicables aux budgets, au contrôle des subventions et à la comptabilité des communautés et régions, ainsi qu'à l'organisation du contrôle de la Cour des comptes, l'ordonnateur compétent est habilité à imputer budgétairement en dépenses les éléments découlant des écritures de comptabilité générale générées par les ordres d'annulation de droits constatés donnés, que ceux-ci donnent ou pas lieu à un flux financier de remboursement.
Le Ministre des Finances est autorisé à désigner un comptable-trésorier des remboursements. Ce comptable-trésorier des remboursements est chargé d'exécuter les paiements relatifs aux annulations de droits constatés en matières fiscales; que ces annulations soient relatives ou pas à l'année budgétaire en cours et que ces droits constatés soient relatifs ou pas à des fonds de tiers.
Le Ministre des Finances est autorisé à désigner un comptable-trésorier des remboursements. Ce comptable-trésorier des remboursements est chargé d'exécuter les paiements relatifs aux annulations de droits constatés en matières fiscales; que ces annulations soient relatives ou pas à l'année budgétaire en cours et que ces droits constatés soient relatifs ou pas à des fonds de tiers.
Art. 27. In afwijking van artikel 152 van de Codex, worden de basisallocaties die opgenomen zijn in de delegatie- of subdelegatiebesluiten die uiterlijk op 31 december 2024 in voege zijn getreden automatisch omgezet volgens de aan deze ordonnantie toegevoegde concordantietabel, gelet op de nieuwe begrotingsstructuur die vanaf 1 januari 2025 van kracht wordt.
Deze besluiten blijven van kracht totdat er nieuwe delegatie- of subdelegatiebesluiten van kracht worden die rekening houden met de nieuwe begrotingsstructuur.
Deze besluiten blijven van kracht totdat er nieuwe delegatie- of subdelegatiebesluiten van kracht worden die rekening houden met de nieuwe begrotingsstructuur.
Art. 27. Par dérogation à l'article 152 du Code, les allocations de base reprises dans les arrêtés de délégation ou subdélégation entrés en vigueur au plus tard le 31 décembre 2024, sont automatiquement transformées suivant le tableau de concordance joint à la présente ordonnance, vu la nouvelle structure budgétaire qui entre en vigueur à partir du 1er janvier 2025.
Ces arrêtés restent en vigueur jusqu'à ce que de nouveaux arrêtés de délégation ou subdélégation, tenant compte de la nouvelle structure budgétaires, entrent en vigueur.
Ces arrêtés restent en vigueur jusqu'à ce que de nouveaux arrêtés de délégation ou subdélégation, tenant compte de la nouvelle structure budgétaires, entrent en vigueur.
HOOFDSTUK 4. - Bepalingen voor de diensten van de Regering in verband met de begrotingsfondsen
CHAPITRE 4. - Dispositions pour les services du Gouvernement relatives aux fonds budgétaires
Art.28. De variabele kredieten van de organieke begrotingsfondsen worden toegewezen aan de programma's van hun respectieve opdrachten binnen de grenzen van de in de begroting voorlopige kredieten 2025 ingeschreven kredieten op de met de begrotingsfondsen verbonden begrotingsposten.
Art.28. Les crédits variables des fonds budgétaires organiques sont affectés aux programmes de leurs missions dans les limites des montants des crédits inscrits sur les postes budgétaires liées aux fonds budgétaires dans le budget crédits provisoires 2025.
Art. 28. De variabele kredieten van de organieke begrotingsfondsen worden toegewezen aan de programma's van hun respectieve opdrachten binnen de grenzen van de in de begroting voorlopige kredieten 2025 ingeschreven kredieten op de met de begrotingsfondsen verbonden begrotingsposten.
Art. 28. Les crédits variables des fonds budgétaires organiques sont affectés aux programmes de leurs missions dans les limites des montants des crédits inscrits sur les postes budgétaires liées aux fonds budgétaires dans le budget crédits provisoires 2025.
Art.29. In afwijking van punt 5° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, worden eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 05:
Art.29. Par dérogation au point 5° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 05:
Art. 29. In afwijking van punt 5° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, worden eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 05:
1° de ontvangsten uit de verkoop van boeken en uit de terugbetalingen van ten onrechte ontvangen subsidies in verband met stedenbouw en planning;
2° de ontvangsten uit terugbetalingen van kosten en de verkoopopbrengsten die resulteren uit ambtshalve uitvoeringsmaatregelen, genomen in uitvoering van artikel 305 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO);
3° de terugbetalingen door de gemeenten en OCMW's van ten onrechte ontvangen subsidies voor stadsvernieuwing;
4° het bedrag van de administratieve dadingen en elk ander bedrag dat het Gewest int naar aanleiding van beslissingen van hoven en rechtbanken ten laste van overtreders van het BWRO, evenals het bedrag van administratieve boetes opgelegd aan overtreders wegens de misdrijven opgesomd in artikel 300 van het BWRO, op grond van een beslissing genomen vóór 1 januari 2016.
In afwijking van punt 5° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 05 eveneens toegewezen aan de investeringspremies aan particulieren ter aanmoediging van de renovatie van privéwoningen en de woningsanering.
1° de ontvangsten uit de verkoop van boeken en uit de terugbetalingen van ten onrechte ontvangen subsidies in verband met stedenbouw en planning;
2° de ontvangsten uit terugbetalingen van kosten en de verkoopopbrengsten die resulteren uit ambtshalve uitvoeringsmaatregelen, genomen in uitvoering van artikel 305 van het Brussels Wetboek van Ruimtelijke Ordening (BWRO);
3° de terugbetalingen door de gemeenten en OCMW's van ten onrechte ontvangen subsidies voor stadsvernieuwing;
4° het bedrag van de administratieve dadingen en elk ander bedrag dat het Gewest int naar aanleiding van beslissingen van hoven en rechtbanken ten laste van overtreders van het BWRO, evenals het bedrag van administratieve boetes opgelegd aan overtreders wegens de misdrijven opgesomd in artikel 300 van het BWRO, op grond van een beslissing genomen vóór 1 januari 2016.
In afwijking van punt 5° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 05 eveneens toegewezen aan de investeringspremies aan particulieren ter aanmoediging van de renovatie van privéwoningen en de woningsanering.
Art. 29. Par dérogation au point 5° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 05:
1° les recettes issues de la vente de livres et des remboursements de subsides indûment perçus en matière d'urbanisme et de planification;
2° les recettes issues des remboursements de frais et les produits de vente résultant des mesures d'exécution d'office, effectuées en application de l'article 305 du Code bruxellois de l'Aménagement du Territoire (CoBAT);
3° les remboursements par les communes et les CPAS de subsides indûment perçus en matière de rénovation urbaine;
4° le montant des transactions administratives ainsi que toute autre somme perçue par la Région à la suite des décisions des cours et tribunaux à charge des contrevenants au CoBAT, ainsi que le montant des amendes administratives infligées à charge des contrevenants du fait des infractions énumérées à l'article 300 du CoBAT, issu d'une décision prise avant le 1er janvier 2016.
Par dérogation au point 5° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du fonds budgétaire BFB 05 sont également affectés aux primes d'investissement aux particuliers pour encourager la rénovation de biens privés et l'assainissement de l'habitat.
1° les recettes issues de la vente de livres et des remboursements de subsides indûment perçus en matière d'urbanisme et de planification;
2° les recettes issues des remboursements de frais et les produits de vente résultant des mesures d'exécution d'office, effectuées en application de l'article 305 du Code bruxellois de l'Aménagement du Territoire (CoBAT);
3° les remboursements par les communes et les CPAS de subsides indûment perçus en matière de rénovation urbaine;
4° le montant des transactions administratives ainsi que toute autre somme perçue par la Région à la suite des décisions des cours et tribunaux à charge des contrevenants au CoBAT, ainsi que le montant des amendes administratives infligées à charge des contrevenants du fait des infractions énumérées à l'article 300 du CoBAT, issu d'une décision prise avant le 1er janvier 2016.
Par dérogation au point 5° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du fonds budgétaire BFB 05 sont également affectés aux primes d'investissement aux particuliers pour encourager la rénovation de biens privés et l'assainissement de l'habitat.
Art.30. In het eerste lid van het punt 6° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt het vierde streepje als volgt vervangen:
Art.30. Dans l'alinéa 1er du point 6° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, le quatrième tiret est remplacé par ce qui suit:
Art. 30. In het eerste lid van het punt 6° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt het vierde streepje als volgt vervangen:
"- Alle andere inkomsten inzake sociale huisvesting, met inbegrip van terugbetalingen en toevallige ontvangsten."
In afwijking van punt 6° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 06 eveneens toegewezen aan de huurtoelagen, alsmede aan de kosten verbonden met de installatie in een nieuwe woning.
"- Alle andere inkomsten inzake sociale huisvesting, met inbegrip van terugbetalingen en toevallige ontvangsten."
In afwijking van punt 6° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 06 eveneens toegewezen aan de huurtoelagen, alsmede aan de kosten verbonden met de installatie in een nieuwe woning.
Art. 30. Dans l'alinéa 1er du point 6° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, le quatrième tiret est remplacé par ce qui suit:
" - Toutes autres ressources en matière de logement social, y compris des remboursements et des recettes fortuites. "
Par dérogation au point 6° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du fonds budgétaire BFB 06 sont également affectés aux allocations loyer ainsi qu'aux frais d'installation dans un nouveau logement.
" - Toutes autres ressources en matière de logement social, y compris des remboursements et des recettes fortuites. "
Par dérogation au point 6° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du fonds budgétaire BFB 06 sont également affectés aux allocations loyer ainsi qu'aux frais d'installation dans un nouveau logement.
Art.31. In afwijking van punt 9° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt de forfaitaire bijdrage van "Fost Plus" tot de financiering van het beleid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de preventie en het beheer van verpakkingsafval, eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 09.
Art.31. Par dérogation au point 9° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, est également affectée au fonds budgétaire BFB 09 la contribution forfaitaire de " Fost Plus " au financement de la politique de la Région de Bruxelles-Capitale en matière de prévention et de gestion des déchets d'emballages.
Art. 31. In afwijking van punt 9° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt de forfaitaire bijdrage van "Fost Plus" tot de financiering van het beleid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest inzake de preventie en het beheer van verpakkingsafval, eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 09.
In afwijking van punt 9° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de onderstaande middelen van het begrotingsfonds BFB 09, eveneens toegewezen aan de uitgaven gedaan door het Gewestelijke Agentschap voor Netheid (GAN) in het kader van het verplicht sorteren (werkingssubsidie aan het GAN):
1° voor wat een gedeelte betreft van de ontvangsten afkomstig van de forfaitaire bijdrage van " Fost Plus ";
2° voor wat de opbrengst van de administratieve boetes betreft.
In afwijking van punt 9° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de onderstaande middelen van het begrotingsfonds BFB 09, eveneens toegewezen aan de uitgaven gedaan door het Gewestelijke Agentschap voor Netheid (GAN) in het kader van het verplicht sorteren (werkingssubsidie aan het GAN):
1° voor wat een gedeelte betreft van de ontvangsten afkomstig van de forfaitaire bijdrage van " Fost Plus ";
2° voor wat de opbrengst van de administratieve boetes betreft.
Art. 31. Par dérogation au point 9° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, est également affectée au fonds budgétaire BFB 09 la contribution forfaitaire de " Fost Plus " au financement de la politique de la Région de Bruxelles-Capitale en matière de prévention et de gestion des déchets d'emballages.
Par dérogation au point 9° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens suivants du fonds budgétaire BFB 09 sont également affectés aux dépenses réalisées par l'Agence régionale pour la Propreté (ARP) dans le cadre de l'obligation du tri (subvention de fonctionnement à l'ARP):
1° pour ce qui concerne une part des recettes provenant de la contribution forfaitaire de " Fost Plus ";
2° pour ce qui concerne le produit des amendes administratives.
Par dérogation au point 9° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens suivants du fonds budgétaire BFB 09 sont également affectés aux dépenses réalisées par l'Agence régionale pour la Propreté (ARP) dans le cadre de l'obligation du tri (subvention de fonctionnement à l'ARP):
1° pour ce qui concerne une part des recettes provenant de la contribution forfaitaire de " Fost Plus ";
2° pour ce qui concerne le produit des amendes administratives.
Art.32. In het kader van de financiering van aankoopverrichtingen met betrekking tot obligatie-uitgiftes (op korte en lange termijn) uitgegeven door gewestelijke entiteiten via het obligatieprogramma van het Gewest, wordt er een specifieke afdeling opgericht binnen het begrotingsfonds BFB 12.
Art.32. Dans le cadre du financement des opérations d'achat d'émissions obligataires (à court et long terme) émises par des entités régionales au travers du programme obligataire de la Région, un compartiment spécifique est créé au sein du fonds budgétaire BFB 12.
Art.33. In afwijking van punt 12° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen afkomstig van de "fees" die door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gevraagd worden aan de instanties die financiële operaties wensen aan te gaan waarvoor ze de gewestwaarborg vragen, eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 12.
De waarborgfees worden binnen het Fonds voor het beheer van de gewestschuld opgenomen in een afzonderlijk compartiment.
In afwijking van het artikel 7, § 1, van de Codex en van artikel 2, 12°, van hoofdstuk II van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het "Fonds voor het beheer van de gewestschuld - BFB 12" eveneens toegewezen aan de uitgaven in verband met de vervroegde terugbetaling van leningen en afgeleide producten, overeenkomstig de bepalingen van de leningsovereenkomsten en de overeenkomsten voor de afgeleide producten (programma 023 van opdracht 36).
De waarborgfees worden binnen het Fonds voor het beheer van de gewestschuld opgenomen in een afzonderlijk compartiment.
In afwijking van het artikel 7, § 1, van de Codex en van artikel 2, 12°, van hoofdstuk II van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het "Fonds voor het beheer van de gewestschuld - BFB 12" eveneens toegewezen aan de uitgaven in verband met de vervroegde terugbetaling van leningen en afgeleide producten, overeenkomstig de bepalingen van de leningsovereenkomsten en de overeenkomsten voor de afgeleide producten (programma 023 van opdracht 36).
Art.33. Par dérogation au point 12° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 12 les recettes résultant des " fees " demandés par la Région de Bruxelles-Capitale aux instances qui souhaitent conclure des opérations financières pour lesquelles elles demandent la garantie régionale.
Les " fees " des garanties sont repris dans un compartiment distinct au sein du Fonds de gestion de la dette régionale.
Par dérogation à l'article 7, § 1er, du Code et à l'article 2, 12°, du chapitre 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du " Fonds de gestion de la dette régionale - BFB 12 " sont également affectés aux dépenses liées au remboursement par anticipation d'emprunts et de produits dérivés, conformément aux dispositions des conventions d'emprunt et aux dispositions des conventions de produits dérivés (programme 023 de la mission 36).
Les " fees " des garanties sont repris dans un compartiment distinct au sein du Fonds de gestion de la dette régionale.
Par dérogation à l'article 7, § 1er, du Code et à l'article 2, 12°, du chapitre 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du " Fonds de gestion de la dette régionale - BFB 12 " sont également affectés aux dépenses liées au remboursement par anticipation d'emprunts et de produits dérivés, conformément aux dispositions des conventions d'emprunt et aux dispositions des conventions de produits dérivés (programme 023 de la mission 36).
Art. 33. In afwijking van punt 12° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen afkomstig van de "fees" die door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gevraagd worden aan de instanties die financiële operaties wensen aan te gaan waarvoor ze de gewestwaarborg vragen, eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 12.
De waarborgfees worden binnen het Fonds voor het beheer van de gewestschuld opgenomen in een afzonderlijk compartiment.
In afwijking van het artikel 7, § 1, van de Codex en van artikel 2, 12°, van hoofdstuk II van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het "Fonds voor het beheer van de gewestschuld - BFB 12" eveneens toegewezen aan de uitgaven in verband met de vervroegde terugbetaling van leningen en afgeleide producten, overeenkomstig de bepalingen van de leningsovereenkomsten en de overeenkomsten voor de afgeleide producten (programma 023 van opdracht 36).
De waarborgfees worden binnen het Fonds voor het beheer van de gewestschuld opgenomen in een afzonderlijk compartiment.
In afwijking van het artikel 7, § 1, van de Codex en van artikel 2, 12°, van hoofdstuk II van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen van het "Fonds voor het beheer van de gewestschuld - BFB 12" eveneens toegewezen aan de uitgaven in verband met de vervroegde terugbetaling van leningen en afgeleide producten, overeenkomstig de bepalingen van de leningsovereenkomsten en de overeenkomsten voor de afgeleide producten (programma 023 van opdracht 36).
Art. 33. Par dérogation au point 12° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 12 les recettes résultant des " fees " demandés par la Région de Bruxelles-Capitale aux instances qui souhaitent conclure des opérations financières pour lesquelles elles demandent la garantie régionale.
Les " fees " des garanties sont repris dans un compartiment distinct au sein du Fonds de gestion de la dette régionale.
Par dérogation à l'article 7, § 1er, du Code et à l'article 2, 12°, du chapitre 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du " Fonds de gestion de la dette régionale - BFB 12 " sont également affectés aux dépenses liées au remboursement par anticipation d'emprunts et de produits dérivés, conformément aux dispositions des conventions d'emprunt et aux dispositions des conventions de produits dérivés (programme 023 de la mission 36).
Les " fees " des garanties sont repris dans un compartiment distinct au sein du Fonds de gestion de la dette régionale.
Par dérogation à l'article 7, § 1er, du Code et à l'article 2, 12°, du chapitre 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les moyens du " Fonds de gestion de la dette régionale - BFB 12 " sont également affectés aux dépenses liées au remboursement par anticipation d'emprunts et de produits dérivés, conformément aux dispositions des conventions d'emprunt et aux dispositions des conventions de produits dérivés (programme 023 de la mission 36).
Art.34. In afwijking van het artikel 7, § 1, eerste lid van de Codex is het begrotingsfonds BFB 14 niet gecreëerd door één enkele materiële ordonnantie, maar wordt deze gelijkgesteld aan een organiek begrotingsfonds volgens de andere bepalingen van artikel 7 van de Codex.
Art.34. Par dérogation à l'article 7, § 1er, alinéa 1er du Code, le fonds budgétaire BFB 14 n'est pas créé par une ordonnance matérielle unique, mais est assimilé à un fonds budgétaire organique conformément aux autres dispositions de l'article 7 du Code.
Art.35. De ontvangsten in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd worden toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 14 op de begrotingspost 43.026.53.
In afwijking van artikel 11 van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 14 toegewezen aan de overdracht van inkomsten aan de particulieren onder de vorm van een herhuisvestingstoelage, een toelage voor verhuis- of installatiekosten,
met inbegrip van de kosten voor de huurwaarborg alsook voor de uitgaven in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd.
De middelen van het begrotingsfonds BFB14 worden tevens toegewezen voor de uitgaven in verband met inkomensoverdrachten aan verhuurders ter dekking van achterstallige huurgelden tijdens het wintermoratorium (actie 28 van het Noodplan voor huisvesting).
In afwijking van artikel 11 van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 14 toegewezen aan de overdracht van inkomsten aan de particulieren onder de vorm van een herhuisvestingstoelage, een toelage voor verhuis- of installatiekosten,
met inbegrip van de kosten voor de huurwaarborg alsook voor de uitgaven in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd.
De middelen van het begrotingsfonds BFB14 worden tevens toegewezen voor de uitgaven in verband met inkomensoverdrachten aan verhuurders ter dekking van achterstallige huurgelden tijdens het wintermoratorium (actie 28 van het Noodplan voor huisvesting).
Art.35. Sont affectées au fonds budgétaire BFB 14 les recettes liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location, tels que les logements de transit régionaux sur le poste budgétaire 43.026.53.
Par dérogation à l'article 11 de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont affectés aux transferts de revenus aux particuliers en guise d'une allocation de relogement, de frais de déménagement ou d'installation, en ce compris le coût de la garantie locative, ainsi que pour les dépenses liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location.
Les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont également affectés aux dépenses liées aux transferts de revenus aux bailleurs afin de prendre en charge des arriérés de loyers pendant le moratoire hivernal (action 28 du Plan d'Urgence Logement).
Par dérogation à l'article 11 de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont affectés aux transferts de revenus aux particuliers en guise d'une allocation de relogement, de frais de déménagement ou d'installation, en ce compris le coût de la garantie locative, ainsi que pour les dépenses liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location.
Les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont également affectés aux dépenses liées aux transferts de revenus aux bailleurs afin de prendre en charge des arriérés de loyers pendant le moratoire hivernal (action 28 du Plan d'Urgence Logement).
Art. 35. De ontvangsten in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd worden toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 14 op de begrotingspost 43.026.53.
In afwijking van artikel 11 van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 14 toegewezen aan de overdracht van inkomsten aan de particulieren onder de vorm van een herhuisvestingstoelage, een toelage voor verhuis- of installatiekosten,
met inbegrip van de kosten voor de huurwaarborg alsook voor de uitgaven in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd.
De middelen van het begrotingsfonds BFB14 worden tevens toegewezen voor de uitgaven in verband met inkomensoverdrachten aan verhuurders ter dekking van achterstallige huurgelden tijdens het wintermoratorium (actie 28 van het Noodplan voor huisvesting).
In afwijking van artikel 11 van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, worden de middelen van het begrotingsfonds BFB 14 toegewezen aan de overdracht van inkomsten aan de particulieren onder de vorm van een herhuisvestingstoelage, een toelage voor verhuis- of installatiekosten,
met inbegrip van de kosten voor de huurwaarborg alsook voor de uitgaven in verband met oplossingen voor de tijdelijke herhuisvesting van huurders aan wier woning een huurverbod werd opgelegd.
De middelen van het begrotingsfonds BFB14 worden tevens toegewezen voor de uitgaven in verband met inkomensoverdrachten aan verhuurders ter dekking van achterstallige huurgelden tijdens het wintermoratorium (actie 28 van het Noodplan voor huisvesting).
Art. 35. Sont affectées au fonds budgétaire BFB 14 les recettes liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location, tels que les logements de transit régionaux sur le poste budgétaire 43.026.53.
Par dérogation à l'article 11 de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont affectés aux transferts de revenus aux particuliers en guise d'une allocation de relogement, de frais de déménagement ou d'installation, en ce compris le coût de la garantie locative, ainsi que pour les dépenses liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location.
Les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont également affectés aux dépenses liées aux transferts de revenus aux bailleurs afin de prendre en charge des arriérés de loyers pendant le moratoire hivernal (action 28 du Plan d'Urgence Logement).
Par dérogation à l'article 11 de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont affectés aux transferts de revenus aux particuliers en guise d'une allocation de relogement, de frais de déménagement ou d'installation, en ce compris le coût de la garantie locative, ainsi que pour les dépenses liées aux solutions de relogement temporaire des locataires dont le logement a été interdit à la location.
Les moyens du fonds budgétaire BFB 14 sont également affectés aux dépenses liées aux transferts de revenus aux bailleurs afin de prendre en charge des arriérés de loyers pendant le moratoire hivernal (action 28 du Plan d'Urgence Logement).
Art.36. In afwijking van punt 13° van artikel 2, van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen afkomstig van subsidies die door Europese of internationale instellingen gestort worden aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in zijn hoedanigheid van projectleider of partner eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 15.
Art.36. Par dérogation au point 13° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 15 les recettes résultant des subventions versées par des institutions européennes ou internationales à la Région de Bruxelles-Capitale en sa qualité de chef de projet ou de partenaire.
Art. 36. In afwijking van punt 13° van artikel 2, van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de middelen afkomstig van subsidies die door Europese of internationale instellingen gestort worden aan het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in zijn hoedanigheid van projectleider of partner eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 15.
Art. 36. Par dérogation au point 13° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, sont également affectées au fonds budgétaire BFB 15 les recettes résultant des subventions versées par des institutions européennes ou internationales à la Région de Bruxelles-Capitale en sa qualité de chef de projet ou de partenaire.
Art.37. In afwijking van artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, om rekening te houden met de overgangsperiode, wordt negentig procent van de totale opbrengst van boetes opgelegd vóór 1 januari 2023 gestort in het begrotingsfonds BFB 16 (begrotingspost 43.028.56). Tien procent van de totale opbrengst van die boetes wordt toegewezen aan de algemene middelen (begrotingspost 43.005.56) van de middelenbegroting.
Art.37. Par dérogation à l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, afin de respecter la période transitoire, nonante pour cent du produit total des amendes infligées avant le 1er janvier 2023, sont versés dans le fonds budgétaire BFB 16 (poste budgétaire 43.028.56). Dix pour cent du produit total de ces amendes sont affectés aux moyens généraux (poste budgétaire 43.005.56) du budget des voies et moyens.
Art. 37. In afwijking van artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, om rekening te houden met de overgangsperiode, wordt negentig procent van de totale opbrengst van boetes opgelegd vóór 1 januari 2023 gestort in het begrotingsfonds BFB 16 (begrotingspost 43.028.56). Tien procent van de totale opbrengst van die boetes wordt toegewezen aan de algemene middelen (begrotingspost 43.005.56) van de middelenbegroting.
Voor de boetes opgelegd na 1 januari 2023 is artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode van toepassing.
In afwijking van artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, om rekening te houden met de overgangsperiode, wordt in 2025 vijfentachtig procent van de negentig procent van de totale opbrengst van de geldboeten opgelegd vóór 1 januari 2023, die in 2024 gestort werd in het begrotingsfonds BFB 16 doorgestort aan de gemeente op wier grondgebied het leegstaand goed zich bevindt, voor zover ze uitdrukkelijk de onbewoonde woningen geweerd heeft uit het toepassingsgebied van haar belastingreglement betreffende de verlaten, onbewoonde of onafgewerkte woningen. De gemeente wendt de opbrengst aan voor de werkingskosten in het kader van de ontwikkeling van haar huisvestingsbeleid.
Van voormelde negentig procent blijft vijf procent in het voormelde begrotingsfonds, om aangewend te worden, in voorkomend geval, voor de voorziene uitgaven van het begrotingsfonds.
Voor de boetes opgelegd na 1 januari 2023 is artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode van toepassing.
Voor de boetes opgelegd na 1 januari 2023 is artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode van toepassing.
In afwijking van artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode, om rekening te houden met de overgangsperiode, wordt in 2025 vijfentachtig procent van de negentig procent van de totale opbrengst van de geldboeten opgelegd vóór 1 januari 2023, die in 2024 gestort werd in het begrotingsfonds BFB 16 doorgestort aan de gemeente op wier grondgebied het leegstaand goed zich bevindt, voor zover ze uitdrukkelijk de onbewoonde woningen geweerd heeft uit het toepassingsgebied van haar belastingreglement betreffende de verlaten, onbewoonde of onafgewerkte woningen. De gemeente wendt de opbrengst aan voor de werkingskosten in het kader van de ontwikkeling van haar huisvestingsbeleid.
Van voormelde negentig procent blijft vijf procent in het voormelde begrotingsfonds, om aangewend te worden, in voorkomend geval, voor de voorziene uitgaven van het begrotingsfonds.
Voor de boetes opgelegd na 1 januari 2023 is artikel 22, § 2, van de ordonnantie van 17 juli 2003 houdende de Brusselse Huisvestingscode van toepassing.
Art. 37. Par dérogation à l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, afin de respecter la période transitoire, nonante pour cent du produit total des amendes infligées avant le 1er janvier 2023, sont versés dans le fonds budgétaire BFB 16 (poste budgétaire 43.028.56). Dix pour cent du produit total de ces amendes sont affectés aux moyens généraux (poste budgétaire 43.005.56) du budget des voies et moyens.
Pour les amendes infligées après le 1er janvier 2023, l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement est d'application.
Par dérogation à l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, afin de respecter la période transitoire, quatre-vingt-cinq pour cent des nonante pour cent du produit total des amendes infligées avant le 1er janvier 2023, versées en 2024 au fonds budgétaire BFB 16, seront en 2025 ristournées à la commune sur le territoire de laquelle se situe le bien inoccupé pour autant qu'elle ait expressément exclu les logements inoccupés du champs d'application de son règlement-taxe relatif aux immeubles abandonnés, inoccupés ou inachevés. La commune affecte le produit aux frais de fonctionnement dans le cadre du développement de sa politique en matière de logement.
Des nonante pour cent susmentionnées, cinq pour cent, reste dans le fonds budgétaire susmentionné, pour être affecté, le cas échéant, aux dépenses prévues pour le fonds budgétaire.
Pour les amendes infligées après le 1er janvier 2023, l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement est d'application.
Pour les amendes infligées après le 1er janvier 2023, l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement est d'application.
Par dérogation à l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement, afin de respecter la période transitoire, quatre-vingt-cinq pour cent des nonante pour cent du produit total des amendes infligées avant le 1er janvier 2023, versées en 2024 au fonds budgétaire BFB 16, seront en 2025 ristournées à la commune sur le territoire de laquelle se situe le bien inoccupé pour autant qu'elle ait expressément exclu les logements inoccupés du champs d'application de son règlement-taxe relatif aux immeubles abandonnés, inoccupés ou inachevés. La commune affecte le produit aux frais de fonctionnement dans le cadre du développement de sa politique en matière de logement.
Des nonante pour cent susmentionnées, cinq pour cent, reste dans le fonds budgétaire susmentionné, pour être affecté, le cas échéant, aux dépenses prévues pour le fonds budgétaire.
Pour les amendes infligées après le 1er janvier 2023, l'article 22, § 2, de l'ordonnance du 17 juillet 2003 portant le Code bruxellois du Logement est d'application.
Art. 38. In het eerste lid van het punt 14° van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende de oprichting van begrotingsfondsen, wordt het derde streepje als volgt vervangen:
"- Alle andere inkomsten inzake openbaar beheersrecht, met inbegrip van terugbetalingen en toevallige ontvangsten;".
"- Alle andere inkomsten inzake openbaar beheersrecht, met inbegrip van terugbetalingen en toevallige ontvangsten;".
Art. 38. Dans l'alinéa 1 du point 14° de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, le troisième tiret est remplacé par ce qui suit:
" - Toutes autres ressources en matière de droit de gestion publique, y compris des remboursements et des recettes fortuites; ".
" - Toutes autres ressources en matière de droit de gestion publique, y compris des remboursements et des recettes fortuites; ".
Art.39. In afwijking van het punt 17 van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de opbrengsten bedoeld in de artikelen 8, 13, 14 en 27 van het "Samenwerkingsakkoord betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen en voor zwerfvuil" en de opbrengsten bedoeld in artikel 13, § 1, 14°, van het "Samenwerkingsakkoord betreffende de preventie en het beheer van verpakkingsafval" eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 20.
Art.39. Par dérogation au point 17 de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les recettes visées aux articles 8, 13, 14 et 27 de " l'Accord de Coopération concernant le cadre de la Responsabilité Elargie des Producteurs pour certains flux de déchets et pour les déchets sauvages " et les recettes visées à l'article 13, § 1er, 14°, de " l'Accord de coopération concernant la prévention et la gestion des déchets d'emballages " sont également affectées au fonds budgétaire BFB 20.
Art. 39. In afwijking van het punt 17 van artikel 2 van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen, worden de opbrengsten bedoeld in de artikelen 8, 13, 14 en 27 van het "Samenwerkingsakkoord betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen en voor zwerfvuil" en de opbrengsten bedoeld in artikel 13, § 1, 14°, van het "Samenwerkingsakkoord betreffende de preventie en het beheer van verpakkingsafval" eveneens toegewezen aan het begrotingsfonds BFB 20.
Art. 39. Par dérogation au point 17 de l'article 2 de l'ordonnance du 12 décembre 1991 créant des fonds budgétaires, les recettes visées aux articles 8, 13, 14 et 27 de " l'Accord de Coopération concernant le cadre de la Responsabilité Elargie des Producteurs pour certains flux de déchets et pour les déchets sauvages " et les recettes visées à l'article 13, § 1er, 14°, de " l'Accord de coopération concernant la prévention et la gestion des déchets d'emballages " sont également affectées au fonds budgétaire BFB 20.
Afdeling 1. - Bepalingen in verband met het bestuur Brussel Financiën en Begroting
Section 1re. - Dispositions relatives à l'administration Bruxelles Finances et Budget
Onderafdeling 1. - Bepalingen in verband met de Boekhouding, de Entiteit van de Gewestelijke Boekhouder en met de Boekhouder van de diensten van de Regering
Sous-section 1. - Dispositions relatives à la Comptabilité, l'Entité du Comptable Régional et au Comptable des services du Gouvernement
Art.40. Gelet op het ontbreken van een definitie van de datum van de overheidsopdracht in bijlage 3 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 4 oktober 2018 houdende uitvoering van artikel 7 van de gezamenlijke ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 december 2017 betreffende de transparantie van de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse openbare mandatarissen, zal de tabel met de inventaris van de overheidsopdrachten, gevoegd bij de algemene rekening van de diensten van de Regering, geen datum van de overheidsopdracht bevatten.
Art.40. Vu l'absence de définition de la date de marché public dans l'annexe 3 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 4 octobre 2018 portant exécution de l'article 7 de l'ordonnance conjointe à la Région de Bruxelles-Capitale et à la Commission communautaire commune du 14 décembre 2017 sur la transparence des rémunérations et avantages des mandataires publics bruxellois, le tableau reprenant l'inventaire des marchés publics, joint en annexe du compte général des services du Gouvernement, ne reprendra pas de date de marché public.
Art.41. § 1. De Regering stelt een gewestelijke boekhouder en een plaatsvervangende gewestelijke boekhouder aan. De gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger maken deel uit van het bestuur Brussel Financiën en Begroting van de GOB.
§ 2. Bij afwezigheid van minder dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, wordt zijn functie onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefend door zijn enige plaatsvervanger, tot op het ogenblik dat de gewestelijke boekhouder zijn beheer weer opneemt. De gewestelijke boekhouder stelt de instructies op voor de uitoefening van zijn vervanging.
Bij afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, neemt zijn enige plaatsvervanger de functie van gewestelijke boekhouder tijdelijk over tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder.
Bij gelijktijdige afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger, stelt de Regering, overeenkomstig de in paragraaf 1 bepaalde modaliteiten, tijdelijk een gewestelijke boekhouder aan tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder of van zijn afwezige plaatsvervanger.
§ 3. In de loop van het boekjaar ondersteunt de plaatsvervangende gewestelijke boekhouder de gewestelijke boekhouder bij zijn opdrachten en taken. De gewestelijke boekhouder geeft hiertoe de nodige instructies.
§ 2. Bij afwezigheid van minder dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, wordt zijn functie onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefend door zijn enige plaatsvervanger, tot op het ogenblik dat de gewestelijke boekhouder zijn beheer weer opneemt. De gewestelijke boekhouder stelt de instructies op voor de uitoefening van zijn vervanging.
Bij afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, neemt zijn enige plaatsvervanger de functie van gewestelijke boekhouder tijdelijk over tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder.
Bij gelijktijdige afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger, stelt de Regering, overeenkomstig de in paragraaf 1 bepaalde modaliteiten, tijdelijk een gewestelijke boekhouder aan tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder of van zijn afwezige plaatsvervanger.
§ 3. In de loop van het boekjaar ondersteunt de plaatsvervangende gewestelijke boekhouder de gewestelijke boekhouder bij zijn opdrachten en taken. De gewestelijke boekhouder geeft hiertoe de nodige instructies.
Art.41. § 1er. Le Gouvernement désigne un comptable régional et un comptable régional suppléant. Le comptable régional et son suppléant font partie de l'administration Bruxelles Finances et Budget du SPRB.
§ 2. En cas d'absence de moins de 60 jours calendrier du comptable régional, sa fonction est exercée, sous sa responsabilité, par son unique suppléant, jusqu'au moment où le comptable régional reprend sa gestion. Le comptable régional établit les instructions d'exercice de sa suppléance.
En cas d'absence de plus de 60 jours calendrier du comptable régional, son unique suppléant, assume la fonction de comptable régional temporairement jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent.
En cas d'absence simultanée de plus de 60 jours calendrier du comptable régional et de son suppléant, le Gouvernement désigne temporairement, conformément aux modalités déterminées au paragraphe 1er, un comptable régional jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent ou de son suppléant absent.
§ 3. Au cours de l'exercice comptable, le comptable régional suppléant soutient le comptable régional dans ses missions et tâches. Le comptable régional donne les instructions nécessaires à cet effet.
§ 2. En cas d'absence de moins de 60 jours calendrier du comptable régional, sa fonction est exercée, sous sa responsabilité, par son unique suppléant, jusqu'au moment où le comptable régional reprend sa gestion. Le comptable régional établit les instructions d'exercice de sa suppléance.
En cas d'absence de plus de 60 jours calendrier du comptable régional, son unique suppléant, assume la fonction de comptable régional temporairement jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent.
En cas d'absence simultanée de plus de 60 jours calendrier du comptable régional et de son suppléant, le Gouvernement désigne temporairement, conformément aux modalités déterminées au paragraphe 1er, un comptable régional jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent ou de son suppléant absent.
§ 3. Au cours de l'exercice comptable, le comptable régional suppléant soutient le comptable régional dans ses missions et tâches. Le comptable régional donne les instructions nécessaires à cet effet.
Art. 41. § 1. De Regering stelt een gewestelijke boekhouder en een plaatsvervangende gewestelijke boekhouder aan. De gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger maken deel uit van het bestuur Brussel Financiën en Begroting van de GOB.
§ 2. Bij afwezigheid van minder dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, wordt zijn functie onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefend door zijn enige plaatsvervanger, tot op het ogenblik dat de gewestelijke boekhouder zijn beheer weer opneemt. De gewestelijke boekhouder stelt de instructies op voor de uitoefening van zijn vervanging.
Bij afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, neemt zijn enige plaatsvervanger de functie van gewestelijke boekhouder tijdelijk over tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder.
Bij gelijktijdige afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger, stelt de Regering, overeenkomstig de in paragraaf 1 bepaalde modaliteiten, tijdelijk een gewestelijke boekhouder aan tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder of van zijn afwezige plaatsvervanger.
§ 3. In de loop van het boekjaar ondersteunt de plaatsvervangende gewestelijke boekhouder de gewestelijke boekhouder bij zijn opdrachten en taken. De gewestelijke boekhouder geeft hiertoe de nodige instructies.
§ 2. Bij afwezigheid van minder dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, wordt zijn functie onder zijn verantwoordelijkheid uitgeoefend door zijn enige plaatsvervanger, tot op het ogenblik dat de gewestelijke boekhouder zijn beheer weer opneemt. De gewestelijke boekhouder stelt de instructies op voor de uitoefening van zijn vervanging.
Bij afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder, neemt zijn enige plaatsvervanger de functie van gewestelijke boekhouder tijdelijk over tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder.
Bij gelijktijdige afwezigheid van meer dan 60 kalenderdagen van de gewestelijke boekhouder en zijn plaatsvervanger, stelt de Regering, overeenkomstig de in paragraaf 1 bepaalde modaliteiten, tijdelijk een gewestelijke boekhouder aan tot er een nieuwe gewestelijke boekhouder is aangesteld of tot de terugkeer van de afwezige gewestelijke boekhouder of van zijn afwezige plaatsvervanger.
§ 3. In de loop van het boekjaar ondersteunt de plaatsvervangende gewestelijke boekhouder de gewestelijke boekhouder bij zijn opdrachten en taken. De gewestelijke boekhouder geeft hiertoe de nodige instructies.
Art. 41. § 1er. Le Gouvernement désigne un comptable régional et un comptable régional suppléant. Le comptable régional et son suppléant font partie de l'administration Bruxelles Finances et Budget du SPRB.
§ 2. En cas d'absence de moins de 60 jours calendrier du comptable régional, sa fonction est exercée, sous sa responsabilité, par son unique suppléant, jusqu'au moment où le comptable régional reprend sa gestion. Le comptable régional établit les instructions d'exercice de sa suppléance.
En cas d'absence de plus de 60 jours calendrier du comptable régional, son unique suppléant, assume la fonction de comptable régional temporairement jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent.
En cas d'absence simultanée de plus de 60 jours calendrier du comptable régional et de son suppléant, le Gouvernement désigne temporairement, conformément aux modalités déterminées au paragraphe 1er, un comptable régional jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent ou de son suppléant absent.
§ 3. Au cours de l'exercice comptable, le comptable régional suppléant soutient le comptable régional dans ses missions et tâches. Le comptable régional donne les instructions nécessaires à cet effet.
§ 2. En cas d'absence de moins de 60 jours calendrier du comptable régional, sa fonction est exercée, sous sa responsabilité, par son unique suppléant, jusqu'au moment où le comptable régional reprend sa gestion. Le comptable régional établit les instructions d'exercice de sa suppléance.
En cas d'absence de plus de 60 jours calendrier du comptable régional, son unique suppléant, assume la fonction de comptable régional temporairement jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent.
En cas d'absence simultanée de plus de 60 jours calendrier du comptable régional et de son suppléant, le Gouvernement désigne temporairement, conformément aux modalités déterminées au paragraphe 1er, un comptable régional jusqu'à la désignation d'un nouveau comptable régional ou jusqu'au retour du comptable régional absent ou de son suppléant absent.
§ 3. Au cours de l'exercice comptable, le comptable régional suppléant soutient le comptable régional dans ses missions et tâches. Le comptable régional donne les instructions nécessaires à cet effet.
Art. 42. De rapporteringen opgesteld in 2025 in het kader van de jaarafsluiting 2024 (of hieraan voorafgaande jaren), met name de algemene rekening 2024, de geconsolideerde jaarrekening 2024, de rekeningen van de rekenplichtigen, van de beheerders van voorschotten en economische en commerciële raadgevers 2024 alsook de definitieve regelingen van de begroting 2024 (of hieraan voorafgaande jaren) van de gewestelijke entiteit, de diensten van de Regering en de ABI's categorie 1 en categorie 2 betreffen rapporteringen met betrekking tot verrichtingen uitgevoerd tot en met 31 december 2024 en vallen hierdoor onder het wettelijk kader gespecifieerd in de ordonnantie van 23 februari 2006, zoals gewijzigd, en haar uitvoeringsbesluiten, zoals gewijzigd. De controle op deze verrichtingen en rapporteringen 2024 wordt tevens op basis van voorvermeld wettelijk kader georganiseerd.
Art. 42. Les reportings établis en 2025 dans le cadre de la clôture annuelle 2024 (ou d'années antérieures), notamment le compte général 2024, le compte annuel consolidé 2024, les comptes des comptables-trésoriers, des régisseurs d'avances et des conseillers économiques et commerciaux 2024 ainsi que les règlements définitifs du budget 2024 (ou d'années antérieures) de l'entité régionale, des services du Gouvernement et des OOA de catégorie 1 et de catégorie 2 concernent des reportings relatifs à des opérations effectuées jusqu'au 31 décembre 2024 et sont de ce fait soumis au cadre légal spécifié dans l'ordonnance du 23 février 2006, telle que modifiée, et ses arrêtés d'exécution, tels que modifiés. Le contrôle sur ces opérations et reportings 2024 s'organise également sur la base du cadre légal précité.
Art.43. In uitvoering van artikel 123, § 1, van de Codex en zijn memorie van toelichting, zal het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering in 2025 enkel contact opnemen met de ABI's 1 die zijn opgenomen in de gewestbegroting en in de geconsolideerde rekening van de gewestelijke entiteit om te bepalen of, op basis van een vooraf door het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering vastgelegde methodologie, deze laatsten over een toezichtsorgaan beschikken dat kwalitatief gelijkwaardig is aan het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering. Zo niet, dan wordt het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering hun toezichtsorgaan op basis van een dienstverleningsovereenkomst die door de twee betrokken instanties wordt ondertekend. De dienstverleningsovereenkomsten die momenteel van kracht zijn tussen de ABI's 1 en 2 en het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering blijven van toepassing, tenzij de betrokken ABI's niet langer voldoen aan de toepassingsvoorwaarden van het voormelde artikel.
Art.43. En exécution de l'article 123, § 1er, du Code et de son exposé des motifs, l'organe de surveillance des services du Gouvernement prendra contact en 2025 uniquement avec les OAA 1 qui sont repris dans le budget régional et dans le compte consolidé de l'entité régionale afin de déterminer si, sur la base d'une méthodologie préétablie par l'organe de surveillance des services du Gouvernement, ces derniers ont un organe de surveillance de qualité équivalente à l'organe de surveillance des services de Gouvernement. Dans le cas contraire, l'organe de surveillance des services du Gouvernement devient leur organe de surveillance sur la base d'une convention de service signée par les deux instances concernés. Les conventions de service actuellement en vigueur entre les OAA 1 et 2 et l'organe de surveillance des services du Gouvernement restent d'application, sauf si les OAA concernés ne répondent plus aux conditions d'application de l'article précité.
Art. 43. In uitvoering van artikel 123, § 1, van de Codex en zijn memorie van toelichting, zal het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering in 2025 enkel contact opnemen met de ABI's 1 die zijn opgenomen in de gewestbegroting en in de geconsolideerde rekening van de gewestelijke entiteit om te bepalen of, op basis van een vooraf door het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering vastgelegde methodologie, deze laatsten over een toezichtsorgaan beschikken dat kwalitatief gelijkwaardig is aan het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering. Zo niet, dan wordt het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering hun toezichtsorgaan op basis van een dienstverleningsovereenkomst die door de twee betrokken instanties wordt ondertekend. De dienstverleningsovereenkomsten die momenteel van kracht zijn tussen de ABI's 1 en 2 en het toezichtsorgaan van de diensten van de Regering blijven van toepassing, tenzij de betrokken ABI's niet langer voldoen aan de toepassingsvoorwaarden van het voormelde artikel.
Art. 43. En exécution de l'article 123, § 1er, du Code et de son exposé des motifs, l'organe de surveillance des services du Gouvernement prendra contact en 2025 uniquement avec les OAA 1 qui sont repris dans le budget régional et dans le compte consolidé de l'entité régionale afin de déterminer si, sur la base d'une méthodologie préétablie par l'organe de surveillance des services du Gouvernement, ces derniers ont un organe de surveillance de qualité équivalente à l'organe de surveillance des services de Gouvernement. Dans le cas contraire, l'organe de surveillance des services du Gouvernement devient leur organe de surveillance sur la base d'une convention de service signée par les deux instances concernés. Les conventions de service actuellement en vigueur entre les OAA 1 et 2 et l'organe de surveillance des services du Gouvernement restent d'application, sauf si les OAA concernés ne répondent plus aux conditions d'application de l'article précité.
Art.45. De toezichtsorganen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen moeten de arresten van het Rekenhof over de beheersrekeningen overmaken aan de rekenplichtigen die onder hun toezichtsbevoegdheid vallen.
Daartoe kan het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB toegang vragen tot het rijksregister om de volgende gegevens te raadplegen "naam/voornaam/wettelijke woonplaats" van de rekenplichtigen die definitief de entiteit hebben verlaten waarop het toezichtsorgaan van BFB toezicht houdt, namelijk de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, alsook de ABI's die met haar een dienstenovereenkomst hebben gesloten.
De geraadpleegde gegevens worden niet opgeslagen en de raadpleging wordt strikt beperkt tot het personeel dat deel uitmaakt van het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB dat verantwoordelijk is voor de verzending van de arresten van het Rekenhof.
Daartoe kan het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB toegang vragen tot het rijksregister om de volgende gegevens te raadplegen "naam/voornaam/wettelijke woonplaats" van de rekenplichtigen die definitief de entiteit hebben verlaten waarop het toezichtsorgaan van BFB toezicht houdt, namelijk de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, alsook de ABI's die met haar een dienstenovereenkomst hebben gesloten.
De geraadpleegde gegevens worden niet opgeslagen en de raadpleging wordt strikt beperkt tot het personeel dat deel uitmaakt van het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB dat verantwoordelijk is voor de verzending van de arresten van het Rekenhof.
Art.45. Les organes de surveillances des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes sont chargés de transmettre les arrêts des comptes de gestion émis par la Cour des comptes aux comptables-trésoriers qui relèvent de leur mission de contrôle.
A cette fin, l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB peut demander l'accès au registre national afin de consulter les données suivantes " nom/prénom/domicile légal " des comptables-trésoriers qui ont quitté définitivement l'entité contrôlée par l'organe de surveillance de BFB, à savoir les services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, y compris les cabinets ministériels, ainsi que les OAA ayant signé une convention de service avec lui.
Les données consultées ne seront pas conservées et la consultation sera strictement limitée aux agents faisant partie de l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB chargés de l'envoi des arrêts de la Cour des comptes.
A cette fin, l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB peut demander l'accès au registre national afin de consulter les données suivantes " nom/prénom/domicile légal " des comptables-trésoriers qui ont quitté définitivement l'entité contrôlée par l'organe de surveillance de BFB, à savoir les services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, y compris les cabinets ministériels, ainsi que les OAA ayant signé une convention de service avec lui.
Les données consultées ne seront pas conservées et la consultation sera strictement limitée aux agents faisant partie de l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB chargés de l'envoi des arrêts de la Cour des comptes.
Art. 45. De toezichtsorganen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen moeten de arresten van het Rekenhof over de beheersrekeningen overmaken aan de rekenplichtigen die onder hun toezichtsbevoegdheid vallen.
Daartoe kan het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB toegang vragen tot het rijksregister om de volgende gegevens te raadplegen "naam/voornaam/wettelijke woonplaats" van de rekenplichtigen die definitief de entiteit hebben verlaten waarop het toezichtsorgaan van BFB toezicht houdt, namelijk de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, alsook de ABI's die met haar een dienstenovereenkomst hebben gesloten.
De geraadpleegde gegevens worden niet opgeslagen en de raadpleging wordt strikt beperkt tot het personeel dat deel uitmaakt van het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB dat verantwoordelijk is voor de verzending van de arresten van het Rekenhof.
Daartoe kan het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB toegang vragen tot het rijksregister om de volgende gegevens te raadplegen "naam/voornaam/wettelijke woonplaats" van de rekenplichtigen die definitief de entiteit hebben verlaten waarop het toezichtsorgaan van BFB toezicht houdt, namelijk de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, alsook de ABI's die met haar een dienstenovereenkomst hebben gesloten.
De geraadpleegde gegevens worden niet opgeslagen en de raadpleging wordt strikt beperkt tot het personeel dat deel uitmaakt van het toezichtsorgaan van Brussel Financiën en Begroting van de GOB dat verantwoordelijk is voor de verzending van de arresten van het Rekenhof.
Art. 45. Les organes de surveillances des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes sont chargés de transmettre les arrêts des comptes de gestion émis par la Cour des comptes aux comptables-trésoriers qui relèvent de leur mission de contrôle.
A cette fin, l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB peut demander l'accès au registre national afin de consulter les données suivantes " nom/prénom/domicile légal " des comptables-trésoriers qui ont quitté définitivement l'entité contrôlée par l'organe de surveillance de BFB, à savoir les services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, y compris les cabinets ministériels, ainsi que les OAA ayant signé une convention de service avec lui.
Les données consultées ne seront pas conservées et la consultation sera strictement limitée aux agents faisant partie de l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB chargés de l'envoi des arrêts de la Cour des comptes.
A cette fin, l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB peut demander l'accès au registre national afin de consulter les données suivantes " nom/prénom/domicile légal " des comptables-trésoriers qui ont quitté définitivement l'entité contrôlée par l'organe de surveillance de BFB, à savoir les services du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale, y compris les cabinets ministériels, ainsi que les OAA ayant signé une convention de service avec lui.
Les données consultées ne seront pas conservées et la consultation sera strictement limitée aux agents faisant partie de l'organe de surveillance de Bruxelles Finances et Budget du SPRB chargés de l'envoi des arrêts de la Cour des comptes.
Art.46. In afwijking van de ESR-classificatie, is het toegestaan om de huidige niet-verdeelde economische codes 11.00 binnen de opdrachten 34 en 40 te behouden.
Art.46. Par dérogation à la classification SEC, il est autorisé de conserver les codes économiques non ventilés 11.00 actuels au sein des missions 34 et 40.
Art. 46. In afwijking van de ESR-classificatie, is het toegestaan om de huidige niet-verdeelde economische codes 11.00 binnen de opdrachten 34 en 40 te behouden.
Art. 46. Par dérogation à la classification SEC, il est autorisé de conserver les codes économiques non ventilés 11.00 actuels au sein des missions 34 et 40.
Art.47. § 1. De Regering is gemachtigd om het budget ingeschreven op de begrotingspost 43.110.15 toe te wijzen aan één of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn voor de BGHM om de eigen financiering te verzekeren van de statutaire opdrachten van deze laatste.
Art.47. § 1er. Le Gouvernement est autorisé à affecter le budget inscrit au poste budgétaire 43.110.15 à un ou plusieurs financements à court et à long terme à la SLRB afin d'assurer le financement propre des missions statutaires de ce dernier.
Art. 47. § 1. De Regering is gemachtigd om het budget ingeschreven op de begrotingspost 43.110.15 toe te wijzen aan één of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn voor de BGHM om de eigen financiering te verzekeren van de statutaire opdrachten van deze laatste.
§ 2. De Regering is gemachtigd om het budget ingeschreven op de begrotingspost 43.109.15 toe te wijzen aan één of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn voor het WFBHG, om de eigen financiering te verzekeren van de statutaire opdrachten van deze laatste.
§ 3. Deze financieringen zullen plaatsvinden tegen de financieringsvoorwaarden van het BHG, verhoogd met een kredietkost verbonden aan het risicoprofiel van de begunstigde entiteit (opgesteld door het Front Office van het Agentschap van de Schuld op basis van een voorafgaande risicoanalyse).
§ 2. De Regering is gemachtigd om het budget ingeschreven op de begrotingspost 43.109.15 toe te wijzen aan één of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn voor het WFBHG, om de eigen financiering te verzekeren van de statutaire opdrachten van deze laatste.
§ 3. Deze financieringen zullen plaatsvinden tegen de financieringsvoorwaarden van het BHG, verhoogd met een kredietkost verbonden aan het risicoprofiel van de begunstigde entiteit (opgesteld door het Front Office van het Agentschap van de Schuld op basis van een voorafgaande risicoanalyse).
Art. 47. § 1er. Le Gouvernement est autorisé à affecter le budget inscrit au poste budgétaire 43.110.15 à un ou plusieurs financements à court et à long terme à la SLRB afin d'assurer le financement propre des missions statutaires de ce dernier.
§ 2. Le Gouvernement est autorisé à affecter le budget inscrit au poste budgétaire 43.109.15 à un ou plusieurs financements à court et à long terme au FLRBC afin d'assurer le financement propre des missions statutaires de ce dernier.
§ 3. Ces financements s'effectueront aux conditions de financement de la RBC augmentées d'une charge de crédit liée au profil de risque de l'entité bénéficiaire (établie par le Front Office de l'Agence de la Dette sur la base d'une analyse de risque préalable).
§ 2. Le Gouvernement est autorisé à affecter le budget inscrit au poste budgétaire 43.109.15 à un ou plusieurs financements à court et à long terme au FLRBC afin d'assurer le financement propre des missions statutaires de ce dernier.
§ 3. Ces financements s'effectueront aux conditions de financement de la RBC augmentées d'une charge de crédit liée au profil de risque de l'entité bénéficiaire (établie par le Front Office de l'Agence de la Dette sur la base d'une analyse de risque préalable).
Art.48. De Regering is gemachtigd een of meerdere financiering(en) op korte en lange termijn toe te kennen aan het BGHGT, binnen de grenzen van de gewaarborgde volumes in toepassing van artikel 5 van de ordonnantie van 8 april 1993 houdende oprichting van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën, en zoals jaarlijks gestemd.
Art.48. Le Gouvernement est autorisé à accorder un ou plusieurs financements à court et à long terme au FRBRTC dans les limites des volumes garantis en application de l'article 5 de l'ordonnance du 8 avril 1993 portant la création du Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales, et tels que votés annuellement.
Art.49. Overeenkomstig de met de gemeenten afgesloten overeenkomsten, is de Minister van Financiën en Begroting gemachtigd om vanaf 1 januari 2025 voorschotten toe te kennen aan de gemeenten maximaal ten belope van 784.149.000 euro (gemeentelijke opcentiemen onroerende voorheffing).
Deze voorschotten worden op een op naam van de betrokken gemeente binnen de globale staat van het Gewest geopende transitorekening gestort.
De betalingen vanuit deze op naam van de gemeenten geopende transitorekeningen binnen de globale staat naar de eigen rekening van de gemeente worden uitgevoerd volgens de modaliteiten beschreven in de overeenkomsten gesloten met de gemeenten en met de kassier.
Deze voorschotten worden op een op naam van de betrokken gemeente binnen de globale staat van het Gewest geopende transitorekening gestort.
De betalingen vanuit deze op naam van de gemeenten geopende transitorekeningen binnen de globale staat naar de eigen rekening van de gemeente worden uitgevoerd volgens de modaliteiten beschreven in de overeenkomsten gesloten met de gemeenten en met de kassier.
Art.49. Conformément aux conventions conclues avec les communes, le Ministre des Finances et du Budget est autorisé à octroyer des avances aux communes à partir du 1er janvier 2025 au maximum à concurrence de 784.149.000 euros (centimes additionnels communaux précompte immobilier).
Ces avances sont versées sur un compte de transit ouvert au nom de la commune concernée au sein de l'état global de la Région.
Les paiements à partir de ces comptes de transit ouverts au nom des communes au sein de l'état global vers le compte propre de la commune seront exécutés selon les modalités décrites dans les conventions conclues avec les communes et avec le caissier.
Ces avances sont versées sur un compte de transit ouvert au nom de la commune concernée au sein de l'état global de la Région.
Les paiements à partir de ces comptes de transit ouverts au nom des communes au sein de l'état global vers le compte propre de la commune seront exécutés selon les modalités décrites dans les conventions conclues avec les communes et avec le caissier.
Art. 49. Overeenkomstig de met de gemeenten afgesloten overeenkomsten, is de Minister van Financiën en Begroting gemachtigd om vanaf 1 januari 2025 voorschotten toe te kennen aan de gemeenten maximaal ten belope van 784.149.000 euro (gemeentelijke opcentiemen onroerende voorheffing).
Deze voorschotten worden op een op naam van de betrokken gemeente binnen de globale staat van het Gewest geopende transitorekening gestort.
De betalingen vanuit deze op naam van de gemeenten geopende transitorekeningen binnen de globale staat naar de eigen rekening van de gemeente worden uitgevoerd volgens de modaliteiten beschreven in de overeenkomsten gesloten met de gemeenten en met de kassier.
Deze voorschotten worden op een op naam van de betrokken gemeente binnen de globale staat van het Gewest geopende transitorekening gestort.
De betalingen vanuit deze op naam van de gemeenten geopende transitorekeningen binnen de globale staat naar de eigen rekening van de gemeente worden uitgevoerd volgens de modaliteiten beschreven in de overeenkomsten gesloten met de gemeenten en met de kassier.
Art. 49. Conformément aux conventions conclues avec les communes, le Ministre des Finances et du Budget est autorisé à octroyer des avances aux communes à partir du 1er janvier 2025 au maximum à concurrence de 784.149.000 euros (centimes additionnels communaux précompte immobilier).
Ces avances sont versées sur un compte de transit ouvert au nom de la commune concernée au sein de l'état global de la Région.
Les paiements à partir de ces comptes de transit ouverts au nom des communes au sein de l'état global vers le compte propre de la commune seront exécutés selon les modalités décrites dans les conventions conclues avec les communes et avec le caissier.
Ces avances sont versées sur un compte de transit ouvert au nom de la commune concernée au sein de l'état global de la Région.
Les paiements à partir de ces comptes de transit ouverts au nom des communes au sein de l'état global vers le compte propre de la commune seront exécutés selon les modalités décrites dans les conventions conclues avec les communes et avec le caissier.
Art.50. Artikel 10 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 14 juli 2016 tot invoering van een methode om de genderdimensie te integreren in de begrotingscyclus wordt opgeheven.
Art.50. L'article 10 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 14 juillet 2016 instaurant une méthode pour l'intégration de la dimension de genre dans le cycle budgétaire est abrogé.
Art. 50. Artikel 10 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 14 juli 2016 tot invoering van een methode om de genderdimensie te integreren in de begrotingscyclus wordt opgeheven.
Art. 50. L'article 10 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 14 juillet 2016 instaurant une méthode pour l'intégration de la dimension de genre dans le cycle budgétaire est abrogé.
Art.52. In artikel 212 van de Codex wordt een paragraaf 3 ingevoegd, luidende:
" § 3. De Regering legt de inwerkingtreding van artikel 196 van deze ordonnantie vast.".
" § 3. De Regering legt de inwerkingtreding van artikel 196 van deze ordonnantie vast.".
Art.52. A l'article 212 du Code, il est inséré un paragraphe 3 rédigé comme suit:
" § 3. Le Gouvernement fixe l'entrée en vigueur de l'article 196 de la présente ordonnance. ".
" § 3. Le Gouvernement fixe l'entrée en vigueur de l'article 196 de la présente ordonnance. ".
Art. 52. In artikel 212 van de Codex wordt een paragraaf 3 ingevoegd, luidende:
" § 3. De Regering legt de inwerkingtreding van artikel 196 van deze ordonnantie vast.".
" § 3. De Regering legt de inwerkingtreding van artikel 196 van deze ordonnantie vast.".
Art. 52. A l'article 212 du Code, il est inséré un paragraphe 3 rédigé comme suit:
" § 3. Le Gouvernement fixe l'entrée en vigueur de l'article 196 de la présente ordonnance. ".
" § 3. Le Gouvernement fixe l'entrée en vigueur de l'article 196 de la présente ordonnance. ".
Art.53. De bevoegde ordonnateur wordt gemachtigd om op de begrotingsposten 36.071.04 en 36.71.17 de annuleringen van vastgestelde rechten en, in voorkomend geval, de terugbetalingen, voor rekening van derden, uit te voeren voor zover de in de begroting opgenomen begrotingskredieten het mogelijk maken het deel dat ten laste komt van de gewestbegroting aan te rekenen.
Art.53. L'ordonnateur compétent est autorisé à exécuter sur les postes budgétaires 36.071.04 et 36.71.17 les annulations de droits constatés et, le cas échéant, les remboursements, pour compte de tiers, pour autant que les crédits budgétaires prévus au budget permettent d'imputer la part imputable au budget régional.
Art. 53. De bevoegde ordonnateur wordt gemachtigd om op de begrotingsposten 36.071.04 en 36.71.17 de annuleringen van vastgestelde rechten en, in voorkomend geval, de terugbetalingen, voor rekening van derden, uit te voeren voor zover de in de begroting opgenomen begrotingskredieten het mogelijk maken het deel dat ten laste komt van de gewestbegroting aan te rekenen.
Daartoe moet op instructie van de bevoegde ordonnateur in de begrotingsboekhouding een technisch krediet worden opgenomen, mits dit technische krediet door middel van een diverse verrichting in de begrotingsrekening van het betrokken begrotingsjaar wordt verrekend.
Daartoe moet op instructie van de bevoegde ordonnateur in de begrotingsboekhouding een technisch krediet worden opgenomen, mits dit technische krediet door middel van een diverse verrichting in de begrotingsrekening van het betrokken begrotingsjaar wordt verrekend.
Art. 53. L'ordonnateur compétent est autorisé à exécuter sur les postes budgétaires 36.071.04 et 36.71.17 les annulations de droits constatés et, le cas échéant, les remboursements, pour compte de tiers, pour autant que les crédits budgétaires prévus au budget permettent d'imputer la part imputable au budget régional.
A cette fin, sur instruction de l'ordonnateur compétent, un crédit technique doit être prévu en comptabilité budgétaire pour autant que ce crédit technique soit soldé par une opération diverse dans le compte budgétaire de l'année budgétaire concernée.
A cette fin, sur instruction de l'ordonnateur compétent, un crédit technique doit être prévu en comptabilité budgétaire pour autant que ce crédit technique soit soldé par une opération diverse dans le compte budgétaire de l'année budgétaire concernée.
Art.54. In afwijking van paragraaf 1 van artikel 46 van de ordonnantie van 6 oktober 2016 houdende organisatie van de stedelijke herwaardering (SHO) wordt het volledige opdrachtgeverschap voor de operatie Sporthal Bergen 409 van het Stadvernieuwingscontract (SVC) 3 overgedragen van het Gewest naar de DBDMH (opdrachtgeverschap gedelegeerd aan de nv MSI), dat zich moet houden aan de budgettaire controleverplichtingen vervat in hoofdstuk 1 - afdeling II en hoofdstuk 5 van het SVC-besluit tot uitvoering van de SHO.
Art.54. En dérogation au paragraphe 1er de l'article 46 de l'ordonnance organique du 6 octobre 2016 de la revitalisation urbaine (ORU), la maîtrise d'ouvrage complète de l'opération Hall de Sport Mons 409 du Contrat de Revitalisation Urbaine (CRU) 3 est transférée de la Région vers le SIAMU (maîtrise d'ouvrage déléguée à la SA SAU) qui se soumettra aux obligations de contrôle budgétaire contenues aux Chapitre 1er. Section II et chapitre 5 de l'arrêté CRU exécutant l'ORU.
Art. 54. In afwijking van paragraaf 1 van artikel 46 van de ordonnantie van 6 oktober 2016 houdende organisatie van de stedelijke herwaardering (SHO) wordt het volledige opdrachtgeverschap voor de operatie Sporthal Bergen 409 van het Stadvernieuwingscontract (SVC) 3 overgedragen van het Gewest naar de DBDMH (opdrachtgeverschap gedelegeerd aan de nv MSI), dat zich moet houden aan de budgettaire controleverplichtingen vervat in hoofdstuk 1 - afdeling II en hoofdstuk 5 van het SVC-besluit tot uitvoering van de SHO.
Art. 54. En dérogation au paragraphe 1er de l'article 46 de l'ordonnance organique du 6 octobre 2016 de la revitalisation urbaine (ORU), la maîtrise d'ouvrage complète de l'opération Hall de Sport Mons 409 du Contrat de Revitalisation Urbaine (CRU) 3 est transférée de la Région vers le SIAMU (maîtrise d'ouvrage déléguée à la SA SAU) qui se soumettra aux obligations de contrôle budgétaire contenues aux Chapitre 1er. Section II et chapitre 5 de l'arrêté CRU exécutant l'ORU.
Art.55. In aanvulling op het artikel "hoe kunt u de Renoclick-premie (belofte en uitbetaling) aanvragen" in de gedetailleerde regels voor de Renoclick-premies 2023 en in overeenstemming met het uitvoeringsprogramma van de Renolution-premies 2023 goedgekeurd door de regering op 8 december 2022, zullen de voorschotten worden toegestaan.
Art.55. En complément à l'article " comment demander la prime Rénoclick (promesse et liquidation) " du règlement détaillé des primes Rénoclick 2023 et conformément au programme d'exécution des primes Renolution 2023 validé par le gouvernement le 8 décembre 2022, les avances seront autorisées.
Art. 55. In aanvulling op het artikel "hoe kunt u de Renoclick-premie (belofte en uitbetaling) aanvragen" in de gedetailleerde regels voor de Renoclick-premies 2023 en in overeenstemming met het uitvoeringsprogramma van de Renolution-premies 2023 goedgekeurd door de regering op 8 december 2022, zullen de voorschotten worden toegestaan.
Art. 55. En complément à l'article " comment demander la prime Rénoclick (promesse et liquidation) " du règlement détaillé des primes Rénoclick 2023 et conformément au programme d'exécution des primes Renolution 2023 validé par le gouvernement le 8 décembre 2022, les avances seront autorisées.
Afdeling 1. - Specifieke bepalingen voor de autonome bestuursinstellingen van categorie 2 betreffende de algemene rekening van de gewestelijke entiteit en de gecoördineerde audit
Section 1re. - Dispositions spécifiques pour les organismes administratifs autonomes de catégorie 2 par rapport au compte général de l'Entité régionale et à l'audit coordonné
Art.56. De ABI's van categorie 2 die, in toepassing van artikel 4, §§ 2 en 3, van de Codex, niet onderworpen zijn aan de bepalingen van de vermelde ordonnantie, worden niet geconsolideerd met de jaarrekening van de diensten van de Regering en worden niet opgenomen binnen de algemene rekening van de gewestelijke entiteit, ongeacht het feit of ze al dan niet worden geconsolideerd op budgettair niveau.
Art.56. Les OAA de catégorie 2 qui, en vertu de l'article 4, §§ 2 et 3, du Code, ne sont pas soumis aux dispositions de ladite ordonnance, ne sont pas consolidés avec le compte annuel des services du Gouvernement et ne sont pas repris au sein du compte général de l'entité régionale, indépendant du fait qu'ils soient ou non consolidés au niveau budgétaire.
Art.57. In het kader van de gecoördineerde audit, treden de bepalingen uit de artikelen 154, 159 en 164, § 4, van de Codex in werking op 1 januari 2025 (boekdatum, met het oog op de jaarrekeningen 2025) voor de volgende ABI's van categorie 2: Brusoc, IRISteam, MIVB, Visit Brussels en Woningfonds.
Voor de andere met betrekking tot de gecoördineerde audit betrokken ABI's van categorie 2, wordt beslist om de inwerkingtreding van deze bepalingen uit te stellen tot 1 januari 2026 (conform artikel 212 van de Codex) (boekdatum, met het oog op de jaarrekeningen 2026).
Voor de andere met betrekking tot de gecoördineerde audit betrokken ABI's van categorie 2, wordt beslist om de inwerkingtreding van deze bepalingen uit te stellen tot 1 januari 2026 (conform artikel 212 van de Codex) (boekdatum, met het oog op de jaarrekeningen 2026).
Art.57. Dans le cadre de l'audit coordonné, les dispositions des articles 154, 159 et 164, § 4, du Code entrent en vigueur au 1er janvier 2025 (date comptable, en vue des comptes annuels 2025) pour les OAA de catégorie 2 suivantes: Brusoc, IRISteam, STIB, Visit Brussels et Fonds du logement.
Pour les autres OAA de catégorie 2 concernées par l'audit coordonné, il est décidé de reporter l'entrée en vigueur de ces dispositions au 1er janvier 2026 (conformément à l'article 212 du Code) (date comptable, en vue des comptes annuels 2026).
Pour les autres OAA de catégorie 2 concernées par l'audit coordonné, il est décidé de reporter l'entrée en vigueur de ces dispositions au 1er janvier 2026 (conformément à l'article 212 du Code) (date comptable, en vue des comptes annuels 2026).
Art. 57. In het kader van de gecoördineerde audit, treden de bepalingen uit de artikelen 154, 159 en 164, § 4, van de Codex in werking op 1 januari 2025 (boekdatum, met het oog op de jaarrekeningen 2025) voor de volgende ABI's van categorie 2: Brusoc, IRISteam, MIVB, Visit Brussels en Woningfonds.
Voor de andere met betrekking tot de gecoördineerde audit betrokken ABI's van categorie 2, wordt beslist om de inwerkingtreding van deze bepalingen uit te stellen tot 1 januari 2026 (conform artikel 212 van de Codex) (boekdatum, met het oog op de jaarrekeningen 2026).
Voor de andere met betrekking tot de gecoördineerde audit betrokken ABI's van categorie 2, wordt beslist om de inwerkingtreding van deze bepalingen uit te stellen tot 1 januari 2026 (conform artikel 212 van de Codex) (boekdatum, met het oog op de jaarrekeningen 2026).
Art. 57. Dans le cadre de l'audit coordonné, les dispositions des articles 154, 159 et 164, § 4, du Code entrent en vigueur au 1er janvier 2025 (date comptable, en vue des comptes annuels 2025) pour les OAA de catégorie 2 suivantes: Brusoc, IRISteam, STIB, Visit Brussels et Fonds du logement.
Pour les autres OAA de catégorie 2 concernées par l'audit coordonné, il est décidé de reporter l'entrée en vigueur de ces dispositions au 1er janvier 2026 (conformément à l'article 212 du Code) (date comptable, en vue des comptes annuels 2026).
Pour les autres OAA de catégorie 2 concernées par l'audit coordonné, il est décidé de reporter l'entrée en vigueur de ces dispositions au 1er janvier 2026 (conformément à l'article 212 du Code) (date comptable, en vue des comptes annuels 2026).
Art.58. In toepassing van artikel 5 van de ordonnantie van 8 april 1993 houdende de oprichting van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën, wordt de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gemachtigd de gewestwaarborg te verlenen in 2025 voor:
Art.58. En application de l'article 5 de l'ordonnance du 8 avril 1993 portant création du Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales, le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale en 2025 aux:
Art. 58. In toepassing van artikel 5 van de ordonnantie van 8 april 1993 houdende de oprichting van het Brussels Gewestelijk Herfinancieringsfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën, wordt de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gemachtigd de gewestwaarborg te verlenen in 2025 voor:
1° de door voormeld Fonds aangegane leningen voor een bedrag dat de 327.560.000 euro niet mag overschrijden.
2° de door voormeld Fonds aangegane leningen, in het kader van zijn opdracht 40 programma 253 (Ondersteuning van lokale besturen via leningen), voor een bedrag dat de 600.000.000 euro niet mag overschrijden.
1° de door voormeld Fonds aangegane leningen voor een bedrag dat de 327.560.000 euro niet mag overschrijden.
2° de door voormeld Fonds aangegane leningen, in het kader van zijn opdracht 40 programma 253 (Ondersteuning van lokale besturen via leningen), voor een bedrag dat de 600.000.000 euro niet mag overschrijden.
Art. 58. En application de l'article 5 de l'ordonnance du 8 avril 1993 portant création du Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales, le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale en 2025 aux:
1° emprunts contractés par ledit fonds pour un montant n'excédant pas 327.560.000 d'euros.
2° emprunts contractés par ledit Fonds, dans le cadre de sa mission 40 programme 253 (Soutien au pouvoirs locaux via l'octroi de prêts), pour un montant n'excédant pas 600.000.000 d'euros.
1° emprunts contractés par ledit fonds pour un montant n'excédant pas 327.560.000 d'euros.
2° emprunts contractés par ledit Fonds, dans le cadre de sa mission 40 programme 253 (Soutien au pouvoirs locaux via l'octroi de prêts), pour un montant n'excédant pas 600.000.000 d'euros.
Art.60. In afwijking van artikel 129 van de Codex, wordt het Brussels Gewestelijk Herfinancieringfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën gemachtigd fondsen te plaatsen bij de door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten erkende kredietinstellingen.
Art.60. Par dérogation à l'article 129 du Code, le Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales est autorisé à placer des fonds auprès des établissements de crédit agréés par l'Autorité des services et marchés financiers.
Art. 60. In afwijking van artikel 129 van de Codex, wordt het Brussels Gewestelijk Herfinancieringfonds van de Gemeentelijke Thesaurieën gemachtigd fondsen te plaatsen bij de door de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten erkende kredietinstellingen.
Art. 60. Par dérogation à l'article 129 du Code, le Fonds régional bruxellois de refinancement des trésoreries communales est autorisé à placer des fonds auprès des établissements de crédit agréés par l'Autorité des services et marchés financiers.
Art.61. In afwijking van de bepalingen van artikel 14, § 1, 2de lid, van de ordonnantie van 16 mei 2019 in verband met het Schoolcontract, mogen de uitvoeringstermijnen voor investeringsoperaties en operaties ter herkwalificering van de openbare ruimte verlengd worden tot 2026.
Art.61. Par dérogation aux dispositions de l'article 14, § 1er, alinéa 2, de l'ordonnance du 16 mai 2019 relative au Contrat Ecole, le délai d'exécution pour les opérations d'investissements et les opérations visant à requalifier l'espace public peut être prolongées jusque 2026.
Art. 61. In afwijking van de bepalingen van artikel 14, § 1, 2de lid, van de ordonnantie van 16 mei 2019 in verband met het Schoolcontract, mogen de uitvoeringstermijnen voor investeringsoperaties en operaties ter herkwalificering van de openbare ruimte verlengd worden tot 2026.
Art. 61. Par dérogation aux dispositions de l'article 14, § 1er, alinéa 2, de l'ordonnance du 16 mai 2019 relative au Contrat Ecole, le délai d'exécution pour les opérations d'investissements et les opérations visant à requalifier l'espace public peut être prolongées jusque 2026.
Art.62. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door het WFBHG in 2025 voor een initieel nominaal kapitaalsbedrag dat de 200.000.000 euro niet overschrijdt.
Art.62. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par le FLRBC pour un montant nominal initial du capital n'excédant pas 200.000.000 d'euros.
Art. 62. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door het WFBHG in 2025 voor een initieel nominaal kapitaalsbedrag dat de 200.000.000 euro niet overschrijdt.
Deze waarborg omvat het kapitaalbedrag, de intresten en alle andere bijkomende kosten met betrekking tot deze leningen, zoals verder gespecificeerd in de waarborg.
Deze waarborg omvat het kapitaalbedrag, de intresten en alle andere bijkomende kosten met betrekking tot deze leningen, zoals verder gespecificeerd in de waarborg.
Art. 62. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par le FLRBC pour un montant nominal initial du capital n'excédant pas 200.000.000 d'euros.
La garantie comprend le montant du capital, les intérêts et toutes autres sommes accessoires relatifs à ces emprunts, tels que plus amplement détaillés dans la garantie.
La garantie comprend le montant du capital, les intérêts et toutes autres sommes accessoires relatifs à ces emprunts, tels que plus amplement détaillés dans la garantie.
Art. 63. In toepassing van artikel 14 van de Codex, voorziet de uitgavenbegroting van het WFBHG dat, voor de begrotingspost 43.202.15 de kredieten tot beloop waarvan bedragen kunnen worden vereffend niet-limitatief zijn.
Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
Art. 63. En application de l'article 14 du Code, le budget des dépenses du FLRBC prévoit que, pour le poste budgétaire 43.202.15, les crédits à concurrence desquels des sommes peuvent être liquidées sont non-limitatifs.
Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédit qui n'est pas compensé par des recettes.
Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédit qui n'est pas compensé par des recettes.
Art.64. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door de Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij in 2025 voor een initieel nominaal kapitaalsbedrag dat de 150.000.000 euro niet overschrijdt.
Art.64. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par la Société du Logement de la Région de Bruxelles-Capitale pour un montant nominal initial du capital n'excédant pas 150.000.000 euros.
Art.65. In toepassing van artikel 14 van de Codex, voorziet de uitgavenbegroting van de BGHM dat, voor de volgende begrotingsposten, de kredieten tot beloop waarvan bedragen kunnen worden vereffend niet-limitatief zijn:
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
Art.65. En application de l'article 14 du Code, le budget des dépenses de la SLRB prévoit que, pour les postes budgétaires suivants, les crédits à concurrence desquels des sommes peuvent être liquidées sont non-limitatifs:
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédits qui n'est pas compensé par des recettes.
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédits qui n'est pas compensé par des recettes.
Art. 65. In toepassing van artikel 14 van de Codex, voorziet de uitgavenbegroting van de BGHM dat, voor de volgende begrotingsposten, de kredieten tot beloop waarvan bedragen kunnen worden vereffend niet-limitatief zijn:
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Dit neemt de vorm aan van een kredietoverschrijding die niet gecompenseerd wordt door ontvangsten.
Art. 65. En application de l'article 14 du Code, le budget des dépenses de la SLRB prévoit que, pour les postes budgétaires suivants, les crédits à concurrence desquels des sommes peuvent être liquidées sont non-limitatifs:
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédits qui n'est pas compensé par des recettes.
1° 43.251.15;
2° 43.251.16;
3° 43.252.02;
4° 43.252.15;
5° 43.252.16;
6° 43.253.15.
Cela se présente sous la forme d'un dépassement de crédits qui n'est pas compensé par des recettes.
Art.66. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door het Brussels Agentschap voor het Ondernemerschap (BAO) in 2025 voor een maximum bedrag van 10.000.000 euro.
Art.66. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par l'Agence bruxelloise pour l'Entrepreneuriat (ABE), pour un montant n'excédant pas 10.000.000 euros.
Art. 66. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door het Brussels Agentschap voor het Ondernemerschap (BAO) in 2025 voor een maximum bedrag van 10.000.000 euro.
Art. 66. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par l'Agence bruxelloise pour l'Entrepreneuriat (ABE), pour un montant n'excédant pas 10.000.000 euros.
Art.67. Het Rekenhof stelt geen certificering op voor de algemene rekening van de nv Brussel Ontmanteling.
Art.67. La Cour des comptes n'établit pas de certification de compte pour le compte général de la SA Bruxelles Démontage.
Art. 67. Het Rekenhof stelt geen certificering op voor de algemene rekening van de nv Brussel Ontmanteling.
Art. 67. La Cour des comptes n'établit pas de certification de compte pour le compte général de la SA Bruxelles Démontage.
Art.68. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan een lening, aan te gaan in 2025 door het Gewestelijk Agentschap Netheid voor een maximumbedrag van 27.200.000 euro, teneinde het verschuldigde bedrag te kunnen dekken bij een eventuele veroordeling van het Gewestelijk Agentschap Netheid in het kader van haar geschil met de FOD Financiën, Administratie van de btw.
Art.68. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie de la Région à un emprunt, à contracter en 2025 par l'Agence régionale pour la Propreté, pour un montant maximal de 27.200.000 euros, afin de pouvoir couvrir le montant dû lors d'une éventuelle condamnation de l'Agence régionale pour la Propreté dans le cadre du litige qui l'oppose au SPF Finances, Administration de la T.V.A..
Art. 68. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan een lening, aan te gaan in 2025 door het Gewestelijk Agentschap Netheid voor een maximumbedrag van 27.200.000 euro, teneinde het verschuldigde bedrag te kunnen dekken bij een eventuele veroordeling van het Gewestelijk Agentschap Netheid in het kader van haar geschil met de FOD Financiën, Administratie van de btw.
Art. 68. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie de la Région à un emprunt, à contracter en 2025 par l'Agence régionale pour la Propreté, pour un montant maximal de 27.200.000 euros, afin de pouvoir couvrir le montant dû lors d'une éventuelle condamnation de l'Agence régionale pour la Propreté dans le cadre du litige qui l'oppose au SPF Finances, Administration de la T.V.A..
Art. 69. Het Gewestelijk Agentschap Netheid is gemachtigd om over de inkomsten te beschikken, die het heeft geïnd ingevolge de verkoop van de toegekende groene stroomcertificaten, in toepassing van artikel 28 van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Art. 69. L'Agence régionale pour la Propreté est autorisée à disposer des recettes, qu'elle a perçues suite à la vente des certificats verts octroyés en application de l'article 28 de l'ordonnance du 19 juillet 2001, relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale.
Art.70. Artikel 28 van het besluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, wordt als volgt vervangen:
Art.70. L'article 28 de l'arrêté du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, est remplacé par ce qui suit:
Art. 70. Artikel 28 van het besluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, wordt als volgt vervangen:
"Artikel 28 - Binnen de grenzen van de beschikbare liquiditeiten, en overeenkomstig de door de bevoegde ordonnateurs gegeven bevelen, is de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven belast met het geven aan de gewestelijke kassier, ten laste van de centrale uitgavenrekening, van:
1° de betalingsbevelen, hetzij rechtstreeks ten gunste van de schuldeisers en andere crediteuren, hetzij ten gunste van de andere rekenplichtigen van de diensten van de Regering;
2° de bevelen tot interne overschrijving van gelden die nodig zijn voor het beheer van de globale thesauriestaat bij de gewestelijke kassier;
3° de bevelen tot externe overschrijving die voortvloeien uit begrotingsverrichtingen waarvoor bedragen tijdelijk op bij de gewestelijke kassier geopende rekeningen werden geplaatst;
4° de betalingsbevelen met betrekking tot aan begrotingsfondsen gekoppelde uitgaven rechtstreeks ten gunste van schuldeisers en andere crediteuren.
Hij is ook belast met de termijnverrichtingen en beheert de rekeningen die nodig zijn voor de inschrijving van transacties in verband met de opbrengsten van leningen of van beleggingen van overschotten alsook de rekeningen geopend voor de boeking van de intresten.".
"Artikel 28 - Binnen de grenzen van de beschikbare liquiditeiten, en overeenkomstig de door de bevoegde ordonnateurs gegeven bevelen, is de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven belast met het geven aan de gewestelijke kassier, ten laste van de centrale uitgavenrekening, van:
1° de betalingsbevelen, hetzij rechtstreeks ten gunste van de schuldeisers en andere crediteuren, hetzij ten gunste van de andere rekenplichtigen van de diensten van de Regering;
2° de bevelen tot interne overschrijving van gelden die nodig zijn voor het beheer van de globale thesauriestaat bij de gewestelijke kassier;
3° de bevelen tot externe overschrijving die voortvloeien uit begrotingsverrichtingen waarvoor bedragen tijdelijk op bij de gewestelijke kassier geopende rekeningen werden geplaatst;
4° de betalingsbevelen met betrekking tot aan begrotingsfondsen gekoppelde uitgaven rechtstreeks ten gunste van schuldeisers en andere crediteuren.
Hij is ook belast met de termijnverrichtingen en beheert de rekeningen die nodig zijn voor de inschrijving van transacties in verband met de opbrengsten van leningen of van beleggingen van overschotten alsook de rekeningen geopend voor de boeking van de intresten.".
Art. 70. L'article 28 de l'arrêté du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, est remplacé par ce qui suit:
" Article 28 - Le comptable centralisateur des dépenses est chargé de donner au caissier régional, dans la limite des liquidités disponibles, et conformément aux ordres émis par les ordonnateurs compétents, à charge du compte central des dépenses:
1° les ordres de paiement soit bénéficiant directement aux créanciers et autres créditeurs, soit bénéficiant aux autres comptables des services du Gouvernement;
2° les ordres de virement interne de fonds qui sont nécessaires à la gestion de l'état global de trésorerie auprès du caissier régional;
3° les ordres de virement externe résultant d'opérations budgétaires pour lesquelles des sommes ont été déposées temporairement sur des comptes ouverts auprès du caissier régional;
4° les ordres de paiement relatifs à des dépenses liées à des fonds budgétaires bénéficiant directement aux créanciers et autres créditeurs.
Il est également chargé des opérations à terme et gère les comptes nécessaires à l'inscription des transactions relatives aux produits de prêts ou de placements d'excédents ainsi que les comptes ouverts pour l'imputation des intérêts. ".
" Article 28 - Le comptable centralisateur des dépenses est chargé de donner au caissier régional, dans la limite des liquidités disponibles, et conformément aux ordres émis par les ordonnateurs compétents, à charge du compte central des dépenses:
1° les ordres de paiement soit bénéficiant directement aux créanciers et autres créditeurs, soit bénéficiant aux autres comptables des services du Gouvernement;
2° les ordres de virement interne de fonds qui sont nécessaires à la gestion de l'état global de trésorerie auprès du caissier régional;
3° les ordres de virement externe résultant d'opérations budgétaires pour lesquelles des sommes ont été déposées temporairement sur des comptes ouverts auprès du caissier régional;
4° les ordres de paiement relatifs à des dépenses liées à des fonds budgétaires bénéficiant directement aux créanciers et autres créditeurs.
Il est également chargé des opérations à terme et gère les comptes nécessaires à l'inscription des transactions relatives aux produits de prêts ou de placements d'excédents ainsi que les comptes ouverts pour l'imputation des intérêts. ".
Art.72. In het kader van de opstelling van de algemene rekeningen van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit en de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit, staan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit onder de richtlijnen van de gewestelijke boekhouder.
De gewestelijke boekhouder geeft aan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit de nodige instructies en volgt deze op om, samen met de boekhouders, de leidende ambtenaren, de raden van bestuur en de bevoegde ministers en staatssecretarissen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen, ervoor te zorgen dat de termijnen voor het opstellen en certificeren van de algemene rekeningen worden nageleefd en dat deze rekeningen volledig en juist zijn.
De volgende principes worden in acht genomen:
1° de gewestelijke boekhouder ontvangt van de leidende ambtenaren en boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit op eenvoudig verzoek onverwijld alle informatie die nodig is voor de juiste en tijdige opstelling van de geconsolideerde algemene rekening;
2° de leidende ambtenaren en de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit geven hoge prioriteit aan de opstelling van hun algemene rekeningen bij de afsluiting van het boekjaar;
3° de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit verlenen de gewestelijke boekhouder onverwijld en op eenvoudig verzoek de nodige steun bij de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit;
4° de boekhouders en de leidende ambtenaren van de autonome bestuursinstellingen en de (besturen van de) GOB's dienen de nodige maatregelen te nemen opdat de doorstroming van deze informatie vlot en snel verloopt met respect voor de opgegeven deadlines. De gewestelijke boekhouder zal de instellingen waar er tekortkomingen zijn een actieplan opleggen;
5° de gewestelijke boekhouder organiseert ingevolge de opmerkingen van het Rekenhof naar aanleiding van de certificering van de algemene rekeningen van de GOB's en autonome bestuursinstellingen en van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit werkgroepen met de betrokken instanties teneinde, in overleg met het Rekenhof tot de gepaste oplossingen te komen. De (betrokken besturen van de) betrokken GOB's en autonome bestuursinstellingen zullen aan deze werkgroepen deelnemen en oplossingen voorstellen.
Deze werkgroepen worden ondersteund door de bevoegde ministers en, in voorkomend geval, de raden van bestuur;
6° de boekhouders van de autonome bestuursinstellingen kunnen tijdens het opmaakproces van hun algemene rekening aan de gewestelijke boekhouder ook tussentijdse adviezen en controles vragen.
De gewestelijke boekhouder geeft aan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit de nodige instructies en volgt deze op om, samen met de boekhouders, de leidende ambtenaren, de raden van bestuur en de bevoegde ministers en staatssecretarissen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen, ervoor te zorgen dat de termijnen voor het opstellen en certificeren van de algemene rekeningen worden nageleefd en dat deze rekeningen volledig en juist zijn.
De volgende principes worden in acht genomen:
1° de gewestelijke boekhouder ontvangt van de leidende ambtenaren en boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit op eenvoudig verzoek onverwijld alle informatie die nodig is voor de juiste en tijdige opstelling van de geconsolideerde algemene rekening;
2° de leidende ambtenaren en de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit geven hoge prioriteit aan de opstelling van hun algemene rekeningen bij de afsluiting van het boekjaar;
3° de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit verlenen de gewestelijke boekhouder onverwijld en op eenvoudig verzoek de nodige steun bij de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit;
4° de boekhouders en de leidende ambtenaren van de autonome bestuursinstellingen en de (besturen van de) GOB's dienen de nodige maatregelen te nemen opdat de doorstroming van deze informatie vlot en snel verloopt met respect voor de opgegeven deadlines. De gewestelijke boekhouder zal de instellingen waar er tekortkomingen zijn een actieplan opleggen;
5° de gewestelijke boekhouder organiseert ingevolge de opmerkingen van het Rekenhof naar aanleiding van de certificering van de algemene rekeningen van de GOB's en autonome bestuursinstellingen en van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit werkgroepen met de betrokken instanties teneinde, in overleg met het Rekenhof tot de gepaste oplossingen te komen. De (betrokken besturen van de) betrokken GOB's en autonome bestuursinstellingen zullen aan deze werkgroepen deelnemen en oplossingen voorstellen.
Deze werkgroepen worden ondersteund door de bevoegde ministers en, in voorkomend geval, de raden van bestuur;
6° de boekhouders van de autonome bestuursinstellingen kunnen tijdens het opmaakproces van hun algemene rekening aan de gewestelijke boekhouder ook tussentijdse adviezen en controles vragen.
Art.72. Dans le cadre de l'établissement des comptes généraux des entités comptables de l'entité régionale, et de l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale, les comptables des entités comptables de l'entité régionale sont placés sous les directives du comptable régional.
Le comptable régional donne aux comptables des entités comptables de l'entité régionale les instructions nécessaires et en assure le suivi afin de veiller, ensemble avec les comptables, les fonctionnaires dirigeants, les conseils d'administration et les ministres et secrétaires d'Etat compétents des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes, au respect des échéances d'établissement et de certification des comptes généraux, ainsi qu'à l'exhaustivité et à l'exactitude de ces comptes.
Les principes suivants seront respectés:
1° le comptable régional reçoit sans délai, sur simple demande, de la part des fonctionnaires dirigeants et des comptables des entités comptables de l'entité régionale, toutes les informations nécessaires à l'établissement correct et en temps utile du compte général consolidé;
2° les fonctionnaires dirigeants et les comptables des entités comptables de l'entité régionale accordent une grande priorité à l'établissement de leurs comptes généraux lors de la clôture de l'exercice comptable;
3° les comptables des entités comptables de l'entité régionale fournissent, sans délai et sur simple demande, au comptable régional l'appui souhaité à l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale;
4° les comptables et les fonctionnaires dirigeants des organismes administratifs autonomes et des (administrations des) SPRB doivent prendre les mesures nécessaires pour assurer un flux d'informations fluide et rapide tout en respectant les délais impartis. Le comptable régional imposera un plan d'action aux organismes qui présentent des lacunes;
5° le comptable régional organise des groupes de travail avec les instances concernées suite aux observations de la Cour des comptes lors de la certification des comptes généraux des SPRB et des organismes administratifs autonomes et du compte général consolidé de l'entité régionale afin de trouver des solutions appropriées en concertation avec la Cour des comptes. Les (administrations concernées des) SPRB concernés et les organismes administratifs autonomes concernés participeront à ces groupes de travail et proposeront des solutions. Ces groupes de travail sont soutenus par les ministres compétents et, le cas échéant, par les conseils d'administration;
6° les comptables des organismes administratifs autonomes peuvent également demander des avis et des contrôles intermédiaires au cours du processus d'élaboration de leur compte général au comptable régional.
Le comptable régional donne aux comptables des entités comptables de l'entité régionale les instructions nécessaires et en assure le suivi afin de veiller, ensemble avec les comptables, les fonctionnaires dirigeants, les conseils d'administration et les ministres et secrétaires d'Etat compétents des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes, au respect des échéances d'établissement et de certification des comptes généraux, ainsi qu'à l'exhaustivité et à l'exactitude de ces comptes.
Les principes suivants seront respectés:
1° le comptable régional reçoit sans délai, sur simple demande, de la part des fonctionnaires dirigeants et des comptables des entités comptables de l'entité régionale, toutes les informations nécessaires à l'établissement correct et en temps utile du compte général consolidé;
2° les fonctionnaires dirigeants et les comptables des entités comptables de l'entité régionale accordent une grande priorité à l'établissement de leurs comptes généraux lors de la clôture de l'exercice comptable;
3° les comptables des entités comptables de l'entité régionale fournissent, sans délai et sur simple demande, au comptable régional l'appui souhaité à l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale;
4° les comptables et les fonctionnaires dirigeants des organismes administratifs autonomes et des (administrations des) SPRB doivent prendre les mesures nécessaires pour assurer un flux d'informations fluide et rapide tout en respectant les délais impartis. Le comptable régional imposera un plan d'action aux organismes qui présentent des lacunes;
5° le comptable régional organise des groupes de travail avec les instances concernées suite aux observations de la Cour des comptes lors de la certification des comptes généraux des SPRB et des organismes administratifs autonomes et du compte général consolidé de l'entité régionale afin de trouver des solutions appropriées en concertation avec la Cour des comptes. Les (administrations concernées des) SPRB concernés et les organismes administratifs autonomes concernés participeront à ces groupes de travail et proposeront des solutions. Ces groupes de travail sont soutenus par les ministres compétents et, le cas échéant, par les conseils d'administration;
6° les comptables des organismes administratifs autonomes peuvent également demander des avis et des contrôles intermédiaires au cours du processus d'élaboration de leur compte général au comptable régional.
Art. 72. In het kader van de opstelling van de algemene rekeningen van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit en de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit, staan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit onder de richtlijnen van de gewestelijke boekhouder.
De gewestelijke boekhouder geeft aan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit de nodige instructies en volgt deze op om, samen met de boekhouders, de leidende ambtenaren, de raden van bestuur en de bevoegde ministers en staatssecretarissen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen, ervoor te zorgen dat de termijnen voor het opstellen en certificeren van de algemene rekeningen worden nageleefd en dat deze rekeningen volledig en juist zijn.
De volgende principes worden in acht genomen:
1° de gewestelijke boekhouder ontvangt van de leidende ambtenaren en boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit op eenvoudig verzoek onverwijld alle informatie die nodig is voor de juiste en tijdige opstelling van de geconsolideerde algemene rekening;
2° de leidende ambtenaren en de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit geven hoge prioriteit aan de opstelling van hun algemene rekeningen bij de afsluiting van het boekjaar;
3° de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit verlenen de gewestelijke boekhouder onverwijld en op eenvoudig verzoek de nodige steun bij de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit;
4° de boekhouders en de leidende ambtenaren van de autonome bestuursinstellingen en de (besturen van de) GOB's dienen de nodige maatregelen te nemen opdat de doorstroming van deze informatie vlot en snel verloopt met respect voor de opgegeven deadlines. De gewestelijke boekhouder zal de instellingen waar er tekortkomingen zijn een actieplan opleggen;
5° de gewestelijke boekhouder organiseert ingevolge de opmerkingen van het Rekenhof naar aanleiding van de certificering van de algemene rekeningen van de GOB's en autonome bestuursinstellingen en van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit werkgroepen met de betrokken instanties teneinde, in overleg met het Rekenhof tot de gepaste oplossingen te komen. De (betrokken besturen van de) betrokken GOB's en autonome bestuursinstellingen zullen aan deze werkgroepen deelnemen en oplossingen voorstellen.
Deze werkgroepen worden ondersteund door de bevoegde ministers en, in voorkomend geval, de raden van bestuur;
6° de boekhouders van de autonome bestuursinstellingen kunnen tijdens het opmaakproces van hun algemene rekening aan de gewestelijke boekhouder ook tussentijdse adviezen en controles vragen.
De gewestelijke boekhouder geeft aan de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit de nodige instructies en volgt deze op om, samen met de boekhouders, de leidende ambtenaren, de raden van bestuur en de bevoegde ministers en staatssecretarissen van de diensten van de Regering en de autonome bestuursinstellingen, ervoor te zorgen dat de termijnen voor het opstellen en certificeren van de algemene rekeningen worden nageleefd en dat deze rekeningen volledig en juist zijn.
De volgende principes worden in acht genomen:
1° de gewestelijke boekhouder ontvangt van de leidende ambtenaren en boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit op eenvoudig verzoek onverwijld alle informatie die nodig is voor de juiste en tijdige opstelling van de geconsolideerde algemene rekening;
2° de leidende ambtenaren en de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit geven hoge prioriteit aan de opstelling van hun algemene rekeningen bij de afsluiting van het boekjaar;
3° de boekhouders van de boekhoudkundige entiteiten van de gewestelijke entiteit verlenen de gewestelijke boekhouder onverwijld en op eenvoudig verzoek de nodige steun bij de opstelling van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit;
4° de boekhouders en de leidende ambtenaren van de autonome bestuursinstellingen en de (besturen van de) GOB's dienen de nodige maatregelen te nemen opdat de doorstroming van deze informatie vlot en snel verloopt met respect voor de opgegeven deadlines. De gewestelijke boekhouder zal de instellingen waar er tekortkomingen zijn een actieplan opleggen;
5° de gewestelijke boekhouder organiseert ingevolge de opmerkingen van het Rekenhof naar aanleiding van de certificering van de algemene rekeningen van de GOB's en autonome bestuursinstellingen en van de geconsolideerde algemene rekening van de gewestelijke entiteit werkgroepen met de betrokken instanties teneinde, in overleg met het Rekenhof tot de gepaste oplossingen te komen. De (betrokken besturen van de) betrokken GOB's en autonome bestuursinstellingen zullen aan deze werkgroepen deelnemen en oplossingen voorstellen.
Deze werkgroepen worden ondersteund door de bevoegde ministers en, in voorkomend geval, de raden van bestuur;
6° de boekhouders van de autonome bestuursinstellingen kunnen tijdens het opmaakproces van hun algemene rekening aan de gewestelijke boekhouder ook tussentijdse adviezen en controles vragen.
Art. 72. Dans le cadre de l'établissement des comptes généraux des entités comptables de l'entité régionale, et de l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale, les comptables des entités comptables de l'entité régionale sont placés sous les directives du comptable régional.
Le comptable régional donne aux comptables des entités comptables de l'entité régionale les instructions nécessaires et en assure le suivi afin de veiller, ensemble avec les comptables, les fonctionnaires dirigeants, les conseils d'administration et les ministres et secrétaires d'Etat compétents des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes, au respect des échéances d'établissement et de certification des comptes généraux, ainsi qu'à l'exhaustivité et à l'exactitude de ces comptes.
Les principes suivants seront respectés:
1° le comptable régional reçoit sans délai, sur simple demande, de la part des fonctionnaires dirigeants et des comptables des entités comptables de l'entité régionale, toutes les informations nécessaires à l'établissement correct et en temps utile du compte général consolidé;
2° les fonctionnaires dirigeants et les comptables des entités comptables de l'entité régionale accordent une grande priorité à l'établissement de leurs comptes généraux lors de la clôture de l'exercice comptable;
3° les comptables des entités comptables de l'entité régionale fournissent, sans délai et sur simple demande, au comptable régional l'appui souhaité à l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale;
4° les comptables et les fonctionnaires dirigeants des organismes administratifs autonomes et des (administrations des) SPRB doivent prendre les mesures nécessaires pour assurer un flux d'informations fluide et rapide tout en respectant les délais impartis. Le comptable régional imposera un plan d'action aux organismes qui présentent des lacunes;
5° le comptable régional organise des groupes de travail avec les instances concernées suite aux observations de la Cour des comptes lors de la certification des comptes généraux des SPRB et des organismes administratifs autonomes et du compte général consolidé de l'entité régionale afin de trouver des solutions appropriées en concertation avec la Cour des comptes. Les (administrations concernées des) SPRB concernés et les organismes administratifs autonomes concernés participeront à ces groupes de travail et proposeront des solutions. Ces groupes de travail sont soutenus par les ministres compétents et, le cas échéant, par les conseils d'administration;
6° les comptables des organismes administratifs autonomes peuvent également demander des avis et des contrôles intermédiaires au cours du processus d'élaboration de leur compte général au comptable régional.
Le comptable régional donne aux comptables des entités comptables de l'entité régionale les instructions nécessaires et en assure le suivi afin de veiller, ensemble avec les comptables, les fonctionnaires dirigeants, les conseils d'administration et les ministres et secrétaires d'Etat compétents des services du Gouvernement et des organismes administratifs autonomes, au respect des échéances d'établissement et de certification des comptes généraux, ainsi qu'à l'exhaustivité et à l'exactitude de ces comptes.
Les principes suivants seront respectés:
1° le comptable régional reçoit sans délai, sur simple demande, de la part des fonctionnaires dirigeants et des comptables des entités comptables de l'entité régionale, toutes les informations nécessaires à l'établissement correct et en temps utile du compte général consolidé;
2° les fonctionnaires dirigeants et les comptables des entités comptables de l'entité régionale accordent une grande priorité à l'établissement de leurs comptes généraux lors de la clôture de l'exercice comptable;
3° les comptables des entités comptables de l'entité régionale fournissent, sans délai et sur simple demande, au comptable régional l'appui souhaité à l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale;
4° les comptables et les fonctionnaires dirigeants des organismes administratifs autonomes et des (administrations des) SPRB doivent prendre les mesures nécessaires pour assurer un flux d'informations fluide et rapide tout en respectant les délais impartis. Le comptable régional imposera un plan d'action aux organismes qui présentent des lacunes;
5° le comptable régional organise des groupes de travail avec les instances concernées suite aux observations de la Cour des comptes lors de la certification des comptes généraux des SPRB et des organismes administratifs autonomes et du compte général consolidé de l'entité régionale afin de trouver des solutions appropriées en concertation avec la Cour des comptes. Les (administrations concernées des) SPRB concernés et les organismes administratifs autonomes concernés participeront à ces groupes de travail et proposeront des solutions. Ces groupes de travail sont soutenus par les ministres compétents et, le cas échéant, par les conseils d'administration;
6° les comptables des organismes administratifs autonomes peuvent également demander des avis et des contrôles intermédiaires au cours du processus d'élaboration de leur compte général au comptable régional.
Art.74. In afwijking van artikel 69, § 1, zesde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006, wordt de driemaandelijkse rekening van de beheerders van voorschotten aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de maand volgend op ieder trimester.
De beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering, met inbegrip van die van de ministeriële kabinetten, en van de autonome bestuursinstellingen die een dienstenovereenkomst hebben met het toezichstorgaan van BFB, houden jaarlijks een overzicht bij van de kleine en goedkope duurzame goederen die met de ontvangen voorschotten zijn aangeschaft. Dit overzicht, opgesteld op 31 december of aan het einde van de beheersperiode, wordt bij de laatste driemaandelijkse beheersrekening van het jaar gevoegd en ondertekend door de beheerder van voorschotten. Het bevoegde toezichtsorgaan is bevoegd om ter plaatse de realiteit van de in het overzicht opgenomen uitgaven te verifiëren. Over deze verificatie wordt een proces-verbaal opgesteld.
In afwijking van artikel 69, § 1, zesde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006, wordt de jaarrekening van het beheer van de rekenplichtigen, met uitzondering van de beheerders van voorschotten, aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de tweede maand volgend op ieder jaar.
De beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering, met inbegrip van die van de ministeriële kabinetten, en van de autonome bestuursinstellingen die een dienstenovereenkomst hebben met het toezichstorgaan van BFB, houden jaarlijks een overzicht bij van de kleine en goedkope duurzame goederen die met de ontvangen voorschotten zijn aangeschaft. Dit overzicht, opgesteld op 31 december of aan het einde van de beheersperiode, wordt bij de laatste driemaandelijkse beheersrekening van het jaar gevoegd en ondertekend door de beheerder van voorschotten. Het bevoegde toezichtsorgaan is bevoegd om ter plaatse de realiteit van de in het overzicht opgenomen uitgaven te verifiëren. Over deze verificatie wordt een proces-verbaal opgesteld.
In afwijking van artikel 69, § 1, zesde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006, wordt de jaarrekening van het beheer van de rekenplichtigen, met uitzondering van de beheerders van voorschotten, aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de tweede maand volgend op ieder jaar.
Art.74. Par dérogation à l'article 69, § 1er, alinéa 6, de l'ordonnance du 23 février 2006, le compte trimestriel des régisseurs d'avances est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du mois suivant chaque trimestre.
Les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, en ce compris ceux des cabinets ministériels, et des organismes administratifs autonomes conventionnés avec l'organe de surveillance de BFB, tiennent à jour un relevé annuel des petits biens durables à bon marché acquis au moyen des avances de fonds reçues bien que ces derniers ne fassent pas l'objet d'amortissements comptables. Ce relevé, arrêté au 31 décembre ou en fin de période de gestion, est annexé au dernier compte trimestriel de gestion de l'année et est signé par le régisseur d'avances. L'organe de surveillance compétent est autorisé à vérifier sur place la réalité des dépenses reprises au sein dudit relevé. Cette vérification fait l'objet d'un procès-verbal.
Par dérogation à l'article 69, § 1er, alinéa 6, de l'ordonnance du 23 février 2006, le compte annuel de gestion des comptables-trésoriers, à l'exception des régisseurs d'avances, est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du deuxième mois suivant chaque année.
Les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, en ce compris ceux des cabinets ministériels, et des organismes administratifs autonomes conventionnés avec l'organe de surveillance de BFB, tiennent à jour un relevé annuel des petits biens durables à bon marché acquis au moyen des avances de fonds reçues bien que ces derniers ne fassent pas l'objet d'amortissements comptables. Ce relevé, arrêté au 31 décembre ou en fin de période de gestion, est annexé au dernier compte trimestriel de gestion de l'année et est signé par le régisseur d'avances. L'organe de surveillance compétent est autorisé à vérifier sur place la réalité des dépenses reprises au sein dudit relevé. Cette vérification fait l'objet d'un procès-verbal.
Par dérogation à l'article 69, § 1er, alinéa 6, de l'ordonnance du 23 février 2006, le compte annuel de gestion des comptables-trésoriers, à l'exception des régisseurs d'avances, est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du deuxième mois suivant chaque année.
Art. 74. In afwijking van artikel 69, § 1, zesde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006, wordt de driemaandelijkse rekening van de beheerders van voorschotten aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de maand volgend op ieder trimester.
De beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering, met inbegrip van die van de ministeriële kabinetten, en van de autonome bestuursinstellingen die een dienstenovereenkomst hebben met het toezichstorgaan van BFB, houden jaarlijks een overzicht bij van de kleine en goedkope duurzame goederen die met de ontvangen voorschotten zijn aangeschaft. Dit overzicht, opgesteld op 31 december of aan het einde van de beheersperiode, wordt bij de laatste driemaandelijkse beheersrekening van het jaar gevoegd en ondertekend door de beheerder van voorschotten. Het bevoegde toezichtsorgaan is bevoegd om ter plaatse de realiteit van de in het overzicht opgenomen uitgaven te verifiëren. Over deze verificatie wordt een proces-verbaal opgesteld.
In afwijking van artikel 69, § 1, zesde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006, wordt de jaarrekening van het beheer van de rekenplichtigen, met uitzondering van de beheerders van voorschotten, aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de tweede maand volgend op ieder jaar.
De beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering, met inbegrip van die van de ministeriële kabinetten, en van de autonome bestuursinstellingen die een dienstenovereenkomst hebben met het toezichstorgaan van BFB, houden jaarlijks een overzicht bij van de kleine en goedkope duurzame goederen die met de ontvangen voorschotten zijn aangeschaft. Dit overzicht, opgesteld op 31 december of aan het einde van de beheersperiode, wordt bij de laatste driemaandelijkse beheersrekening van het jaar gevoegd en ondertekend door de beheerder van voorschotten. Het bevoegde toezichtsorgaan is bevoegd om ter plaatse de realiteit van de in het overzicht opgenomen uitgaven te verifiëren. Over deze verificatie wordt een proces-verbaal opgesteld.
In afwijking van artikel 69, § 1, zesde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006, wordt de jaarrekening van het beheer van de rekenplichtigen, met uitzondering van de beheerders van voorschotten, aan het toezichtsorgaan overgemaakt uiterlijk de laatste kalenderdag van de tweede maand volgend op ieder jaar.
Art. 74. Par dérogation à l'article 69, § 1er, alinéa 6, de l'ordonnance du 23 février 2006, le compte trimestriel des régisseurs d'avances est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du mois suivant chaque trimestre.
Les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, en ce compris ceux des cabinets ministériels, et des organismes administratifs autonomes conventionnés avec l'organe de surveillance de BFB, tiennent à jour un relevé annuel des petits biens durables à bon marché acquis au moyen des avances de fonds reçues bien que ces derniers ne fassent pas l'objet d'amortissements comptables. Ce relevé, arrêté au 31 décembre ou en fin de période de gestion, est annexé au dernier compte trimestriel de gestion de l'année et est signé par le régisseur d'avances. L'organe de surveillance compétent est autorisé à vérifier sur place la réalité des dépenses reprises au sein dudit relevé. Cette vérification fait l'objet d'un procès-verbal.
Par dérogation à l'article 69, § 1er, alinéa 6, de l'ordonnance du 23 février 2006, le compte annuel de gestion des comptables-trésoriers, à l'exception des régisseurs d'avances, est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du deuxième mois suivant chaque année.
Les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, en ce compris ceux des cabinets ministériels, et des organismes administratifs autonomes conventionnés avec l'organe de surveillance de BFB, tiennent à jour un relevé annuel des petits biens durables à bon marché acquis au moyen des avances de fonds reçues bien que ces derniers ne fassent pas l'objet d'amortissements comptables. Ce relevé, arrêté au 31 décembre ou en fin de période de gestion, est annexé au dernier compte trimestriel de gestion de l'année et est signé par le régisseur d'avances. L'organe de surveillance compétent est autorisé à vérifier sur place la réalité des dépenses reprises au sein dudit relevé. Cette vérification fait l'objet d'un procès-verbal.
Par dérogation à l'article 69, § 1er, alinéa 6, de l'ordonnance du 23 février 2006, le compte annuel de gestion des comptables-trésoriers, à l'exception des régisseurs d'avances, est transmis à l'organe de surveillance au plus tard le dernier jour calendrier du deuxième mois suivant chaque année.
Art.76. In aanvulling op artikel 69, § 7, van de ordonnantie van 23 februari 2006 wordt een tweede lid toegevoegd luidend als volgt:
"Indien de laatste driemaandelijkse beheersrekening niet binnen de gestelde termijn werd overgelegd, is het toezichtsorgaan gemachtigd de toekenning van nieuwe voorschotten aan de beheerders van voorschotten op te schorten.".
"Indien de laatste driemaandelijkse beheersrekening niet binnen de gestelde termijn werd overgelegd, is het toezichtsorgaan gemachtigd de toekenning van nieuwe voorschotten aan de beheerders van voorschotten op te schorten.".
Art.76. En complément à l'article 69, § 7, de l'ordonnance du 23 février 2006, un deuxième alinéa est ajouté dont la teneur suit:
" En cas de non remise du dernier compte trimestriel de gestion dans les délais prévus, l'organe de surveillance est habilité à suspendre provisoirement l'octroi de nouvelles avances de fonds aux régisseurs d'avances. ".
" En cas de non remise du dernier compte trimestriel de gestion dans les délais prévus, l'organe de surveillance est habilité à suspendre provisoirement l'octroi de nouvelles avances de fonds aux régisseurs d'avances. ".
Art. 76. In aanvulling op artikel 69, § 7, van de ordonnantie van 23 februari 2006 wordt een tweede lid toegevoegd luidend als volgt:
"Indien de laatste driemaandelijkse beheersrekening niet binnen de gestelde termijn werd overgelegd, is het toezichtsorgaan gemachtigd de toekenning van nieuwe voorschotten aan de beheerders van voorschotten op te schorten.".
"Indien de laatste driemaandelijkse beheersrekening niet binnen de gestelde termijn werd overgelegd, is het toezichtsorgaan gemachtigd de toekenning van nieuwe voorschotten aan de beheerders van voorschotten op te schorten.".
Art. 76. En complément à l'article 69, § 7, de l'ordonnance du 23 février 2006, un deuxième alinéa est ajouté dont la teneur suit:
" En cas de non remise du dernier compte trimestriel de gestion dans les délais prévus, l'organe de surveillance est habilité à suspendre provisoirement l'octroi de nouvelles avances de fonds aux régisseurs d'avances. ".
" En cas de non remise du dernier compte trimestriel de gestion dans les délais prévus, l'organe de surveillance est habilité à suspendre provisoirement l'octroi de nouvelles avances de fonds aux régisseurs d'avances. ".
Art.78. De rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen is uitsluitend verantwoordelijk voor het ondertekenen van betalingsopdrachten met betrekking tot aanvullende kredietlijnen op basis van een instructie van de bevoegde ordonnateur.
Hij wordt gekozen uit het personeel van de bestuur Brussel Financiën en Begroting van de Gewestelijke Overheidsdienst Brussel en wordt benoemd door de Minister belast met Financiën.
In afwijking van artikel 27 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, registreert de rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen de thesaurieverrichtingen die hij uitvoert, niet in het boekhoudsysteem.
De enige ontvangsten die de rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen mag innen zijn deze geïnd in het kader van het aanzuiveren van het debetsaldo van de financiële rekening.
Hij wordt gekozen uit het personeel van de bestuur Brussel Financiën en Begroting van de Gewestelijke Overheidsdienst Brussel en wordt benoemd door de Minister belast met Financiën.
In afwijking van artikel 27 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, registreert de rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen de thesaurieverrichtingen die hij uitvoert, niet in het boekhoudsysteem.
De enige ontvangsten die de rekenplichtige van aanvullende kredietlijnen mag innen zijn deze geïnd in het kader van het aanzuiveren van het debetsaldo van de financiële rekening.
Art.78. Le comptable-trésorier de lignes de crédit complémentaires est chargé exclusivement de la signature des ordres de paiement relatifs aux lignes de crédit complémentaires sur la base d'une instruction de l'ordonnateur compétent.
Il est choisi parmi les agents de l'administration Bruxelles Finances et Budget du Service public régional de Bruxelles et est désigné par le Ministre en charge des Finances.
Par dérogation à l'article 27 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, le comptable-trésorier des lignes de crédit complémentaires n'enregistre pas dans le système de comptabilité les opérations de trésorerie qu'il exécute.
Les seules recettes que le comptable-trésorier de lignes de crédit complémentaires peut percevoir sont celles perçues en vue de la remise à zéro du solde débiteur du compte financier.
Il est choisi parmi les agents de l'administration Bruxelles Finances et Budget du Service public régional de Bruxelles et est désigné par le Ministre en charge des Finances.
Par dérogation à l'article 27 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, le comptable-trésorier des lignes de crédit complémentaires n'enregistre pas dans le système de comptabilité les opérations de trésorerie qu'il exécute.
Les seules recettes que le comptable-trésorier de lignes de crédit complémentaires peut percevoir sont celles perçues en vue de la remise à zéro du solde débiteur du compte financier.
Art.79. § 1. Artikel 40, § 3, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
" § 3. Het maximumbedrag van de voorschotten die de beheerder van voorschotten op een gegeven moment mag innen en gelijktijdig aanhouden op de rekening of rekeningen die op zijn naam zijn geopend bij de kassier bedraagt, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Financiën:
1° voor de beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering: 5.000 euro;
2° voor de beheerders van voorschotten van de kabinetten: 50.000 euro.".
§ 2. Artikel 40, § 5, van het regeringsbesluit van 16 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
" § 5. Voor de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, evenals de autonome bestuursinstellingen wordt het op het einde van het begrotingsjaar niet-gebruikte saldo van het voorschot door de beheerder van voorschotten teruggestort op de centrale ontvangstenrekening.".
" § 3. Het maximumbedrag van de voorschotten die de beheerder van voorschotten op een gegeven moment mag innen en gelijktijdig aanhouden op de rekening of rekeningen die op zijn naam zijn geopend bij de kassier bedraagt, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Financiën:
1° voor de beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering: 5.000 euro;
2° voor de beheerders van voorschotten van de kabinetten: 50.000 euro.".
§ 2. Artikel 40, § 5, van het regeringsbesluit van 16 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
" § 5. Voor de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, evenals de autonome bestuursinstellingen wordt het op het einde van het begrotingsjaar niet-gebruikte saldo van het voorschot door de beheerder van voorschotten teruggestort op de centrale ontvangstenrekening.".
Art.79. § 1er. L'article 40, § 3, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" § 3. Le montant maximum des avances que le régisseur d'avances peut percevoir et détenir simultanément, et à un moment donné, sur le ou les comptes ouverts à son nom auprès du caissier s'élève, sauf dérogation accordée par le Ministre des Finances:
1° pour les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, à 5.000 euros;
2° pour les régisseurs d'avances des cabinets, à 50.000 euros. ".
§ 2. L'article 40, § 5, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" § 5. Pour les services du Gouvernement, en ce compris les cabinets ministériels, ainsi que les organismes administratifs autonomes, le solde non utilisé de l'avance à la fin de l'année budgétaire est restitué par le régisseur d'avances au compte central de recettes. ".
" § 3. Le montant maximum des avances que le régisseur d'avances peut percevoir et détenir simultanément, et à un moment donné, sur le ou les comptes ouverts à son nom auprès du caissier s'élève, sauf dérogation accordée par le Ministre des Finances:
1° pour les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, à 5.000 euros;
2° pour les régisseurs d'avances des cabinets, à 50.000 euros. ".
§ 2. L'article 40, § 5, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" § 5. Pour les services du Gouvernement, en ce compris les cabinets ministériels, ainsi que les organismes administratifs autonomes, le solde non utilisé de l'avance à la fin de l'année budgétaire est restitué par le régisseur d'avances au compte central de recettes. ".
Art. 79. § 1. Artikel 40, § 3, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
" § 3. Het maximumbedrag van de voorschotten die de beheerder van voorschotten op een gegeven moment mag innen en gelijktijdig aanhouden op de rekening of rekeningen die op zijn naam zijn geopend bij de kassier bedraagt, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Financiën:
1° voor de beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering: 5.000 euro;
2° voor de beheerders van voorschotten van de kabinetten: 50.000 euro.".
§ 2. Artikel 40, § 5, van het regeringsbesluit van 16 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
" § 5. Voor de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, evenals de autonome bestuursinstellingen wordt het op het einde van het begrotingsjaar niet-gebruikte saldo van het voorschot door de beheerder van voorschotten teruggestort op de centrale ontvangstenrekening.".
" § 3. Het maximumbedrag van de voorschotten die de beheerder van voorschotten op een gegeven moment mag innen en gelijktijdig aanhouden op de rekening of rekeningen die op zijn naam zijn geopend bij de kassier bedraagt, behoudens afwijking toegestaan door de Minister van Financiën:
1° voor de beheerders van voorschotten van de diensten van de Regering: 5.000 euro;
2° voor de beheerders van voorschotten van de kabinetten: 50.000 euro.".
§ 2. Artikel 40, § 5, van het regeringsbesluit van 16 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
" § 5. Voor de diensten van de Regering, met inbegrip van de ministeriële kabinetten, evenals de autonome bestuursinstellingen wordt het op het einde van het begrotingsjaar niet-gebruikte saldo van het voorschot door de beheerder van voorschotten teruggestort op de centrale ontvangstenrekening.".
Art. 79. § 1er. L'article 40, § 3, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" § 3. Le montant maximum des avances que le régisseur d'avances peut percevoir et détenir simultanément, et à un moment donné, sur le ou les comptes ouverts à son nom auprès du caissier s'élève, sauf dérogation accordée par le Ministre des Finances:
1° pour les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, à 5.000 euros;
2° pour les régisseurs d'avances des cabinets, à 50.000 euros. ".
§ 2. L'article 40, § 5, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" § 5. Pour les services du Gouvernement, en ce compris les cabinets ministériels, ainsi que les organismes administratifs autonomes, le solde non utilisé de l'avance à la fin de l'année budgétaire est restitué par le régisseur d'avances au compte central de recettes. ".
" § 3. Le montant maximum des avances que le régisseur d'avances peut percevoir et détenir simultanément, et à un moment donné, sur le ou les comptes ouverts à son nom auprès du caissier s'élève, sauf dérogation accordée par le Ministre des Finances:
1° pour les régisseurs d'avances des services du Gouvernement, à 5.000 euros;
2° pour les régisseurs d'avances des cabinets, à 50.000 euros. ".
§ 2. L'article 40, § 5, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" § 5. Pour les services du Gouvernement, en ce compris les cabinets ministériels, ainsi que les organismes administratifs autonomes, le solde non utilisé de l'avance à la fin de l'année budgétaire est restitué par le régisseur d'avances au compte central de recettes. ".
Art.81. In afwijking van artikel 69, § 1, van de ordonnantie van 23 februari 2006, kan de door de Minister van Financiën en Begroting aangewezen rekenplichtige uitgaven- en ontvangstenverrichtingen voor rekening van derden uitvoeren in het kader van de door de Minister van Financiën en Begroting gespecifieerde activiteiten, op voorwaarde dat die financiële stromen geen budgettaire weerslag hebben en de door het bestuur Brussel Financiën en Begroting vastgestelde procedures eerbiedigen.
De gedelegeerde ordonnateur voor de bovenvermelde verrichtingen is de door de Minister van Financiën en Begroting aangewezen gedelegeerde ordonnateur.
De gedelegeerde ordonnateur voor de bovenvermelde verrichtingen is de door de Minister van Financiën en Begroting aangewezen gedelegeerde ordonnateur.
Art.81. Par dérogation à l'article 69, § 1er, de l'ordonnance du 23 février 2006, le comptable-trésorier, désigné par le Ministre des Finances et du Budget, peut effectuer des opérations de dépenses et de recettes pour compte de tiers, dans le cadre des activités spécifiées par le Ministre des Finances et du Budget, à la condition que ces flux financiers soient sans impact budgétaire et qu'ils respectent les procédures établies par l'administration Bruxelles Finances et Budget.
L'ordonnateur délégué pour les opérations susvisées est l'ordonnateur délégué désigné par le Ministre des Finances et du Budget.
L'ordonnateur délégué pour les opérations susvisées est l'ordonnateur délégué désigné par le Ministre des Finances et du Budget.
Art.82. Overeenkomstig artikel 69, derde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006 dat bepaalt dat de rekenplichtigen, met inbegrip van de beheerders van voorschotten, enkel thesaurieverrichtingen doen en volgens de modaliteiten voorzien in artikel 40 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, zijn de door de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven aan een beheerder van voorschotten betaalde voorschotten begrotingsverrichtingen in de zin van artikel 5 van de ordonnantie van 23 februari 2006 en worden zij budgettair en boekhoudkundig aangerekend op het moment van de vereffening van het voorschot. De uitgaven van de beheerder van voorschoten zijn geen vastgestelde rechten geboekt overeenkomstig artikel 14 van voornoemd besluit.
Art.82. Conformément à l'article 69, alinéa 3, de l'ordonnance du 23 février 2006 qui précise que les comptables-trésoriers, dont les régisseurs d'avances, ne font que des opérations de trésorerie et selon les modalités prévues à l'article 40 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, les avances faites par le comptable centralisateur des dépenses à un régisseur d'avances sont des opérations budgétaires au sens de l'article 5 de l'ordonnance du 23 février 2006 et sont imputées budgétairement et comptablement au moment de la liquidation de l'avance. Les dépenses du régisseur d'avance ne sont pas des droits constatés comptabilisés conformément à l'article 14 de l'arrêté susmentionné.
Art. 82. Overeenkomstig artikel 69, derde lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006 dat bepaalt dat de rekenplichtigen, met inbegrip van de beheerders van voorschotten, enkel thesaurieverrichtingen doen en volgens de modaliteiten voorzien in artikel 40 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, zijn de door de centraliserende rekenplichtige van de uitgaven aan een beheerder van voorschotten betaalde voorschotten begrotingsverrichtingen in de zin van artikel 5 van de ordonnantie van 23 februari 2006 en worden zij budgettair en boekhoudkundig aangerekend op het moment van de vereffening van het voorschot. De uitgaven van de beheerder van voorschoten zijn geen vastgestelde rechten geboekt overeenkomstig artikel 14 van voornoemd besluit.
Art. 82. Conformément à l'article 69, alinéa 3, de l'ordonnance du 23 février 2006 qui précise que les comptables-trésoriers, dont les régisseurs d'avances, ne font que des opérations de trésorerie et selon les modalités prévues à l'article 40 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, les avances faites par le comptable centralisateur des dépenses à un régisseur d'avances sont des opérations budgétaires au sens de l'article 5 de l'ordonnance du 23 février 2006 et sont imputées budgétairement et comptablement au moment de la liquidation de l'avance. Les dépenses du régisseur d'avance ne sont pas des droits constatés comptabilisés conformément à l'article 14 de l'arrêté susmentionné.
Art.84. § 1. In aanvulling op artikel 45 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, moet de bijlage, die de beheersrekening van de rekenplichtigen vormt, worden ondertekend met een gekwalificeerde elektronische handtekening. Dit artikel heeft geen betrekking op het kasverslag en het overdrachtsverslag.
§ 2. Artikel 17, 2de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtigen zijn verantwoording verschuldigd aan het Rekenhof, voor de thesaurieverrichtingen die ze uitvoeren, zoals bepaald in artikel 69, § 1, 3e lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006.".
§ 3. Artikel 19, 4de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtige blijft verantwoording verschuldigd tegenover het Rekenhof tot op de datum van de infunctietreding van zijn opvolger.".
§ 4. Artikel 20 van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt opgeheven.
§ 2. Artikel 17, 2de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtigen zijn verantwoording verschuldigd aan het Rekenhof, voor de thesaurieverrichtingen die ze uitvoeren, zoals bepaald in artikel 69, § 1, 3e lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006.".
§ 3. Artikel 19, 4de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtige blijft verantwoording verschuldigd tegenover het Rekenhof tot op de datum van de infunctietreding van zijn opvolger.".
§ 4. Artikel 20 van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt opgeheven.
Art.84. § 1er. En complément à l'article 45 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, l'annexe qui compose le compte de gestion des comptables-trésoriers devra être signé à l'aide de la signature électronique qualifiée. Cet article ne concerne pas le procès-verbal de caisse et le procès-verbal de remise-reprise.
§ 2. L'article 17, alinéa 2, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Les comptables-trésoriers sont justiciables de la Cour des comptes, pour les opérations de trésorerie qu'ils exécutent, telles que définies à l'article 69, § 1er, alinéa 3, de l'ordonnance du 23 février 2006. ".
§ 3. L'article 19, alinéa 4, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Le comptable-trésorier demeure justiciable de la Cour des comptes jusqu'à la date de l'entrée en fonction de son successeur. ".
§ 4. L'article 20 de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est abrogé.
§ 2. L'article 17, alinéa 2, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Les comptables-trésoriers sont justiciables de la Cour des comptes, pour les opérations de trésorerie qu'ils exécutent, telles que définies à l'article 69, § 1er, alinéa 3, de l'ordonnance du 23 février 2006. ".
§ 3. L'article 19, alinéa 4, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Le comptable-trésorier demeure justiciable de la Cour des comptes jusqu'à la date de l'entrée en fonction de son successeur. ".
§ 4. L'article 20 de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est abrogé.
Art. 84. § 1. In aanvulling op artikel 45 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren, moet de bijlage, die de beheersrekening van de rekenplichtigen vormt, worden ondertekend met een gekwalificeerde elektronische handtekening. Dit artikel heeft geen betrekking op het kasverslag en het overdrachtsverslag.
§ 2. Artikel 17, 2de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtigen zijn verantwoording verschuldigd aan het Rekenhof, voor de thesaurieverrichtingen die ze uitvoeren, zoals bepaald in artikel 69, § 1, 3e lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006.".
§ 3. Artikel 19, 4de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtige blijft verantwoording verschuldigd tegenover het Rekenhof tot op de datum van de infunctietreding van zijn opvolger.".
§ 4. Artikel 20 van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt opgeheven.
§ 2. Artikel 17, 2de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtigen zijn verantwoording verschuldigd aan het Rekenhof, voor de thesaurieverrichtingen die ze uitvoeren, zoals bepaald in artikel 69, § 1, 3e lid, van de ordonnantie van 23 februari 2006.".
§ 3. Artikel 19, 4de lid, van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt als volgt vervangen:
"De rekenplichtige blijft verantwoording verschuldigd tegenover het Rekenhof tot op de datum van de infunctietreding van zijn opvolger.".
§ 4. Artikel 20 van het regeringsbesluit van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren wordt opgeheven.
Art. 84. § 1er. En complément à l'article 45 de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers, l'annexe qui compose le compte de gestion des comptables-trésoriers devra être signé à l'aide de la signature électronique qualifiée. Cet article ne concerne pas le procès-verbal de caisse et le procès-verbal de remise-reprise.
§ 2. L'article 17, alinéa 2, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Les comptables-trésoriers sont justiciables de la Cour des comptes, pour les opérations de trésorerie qu'ils exécutent, telles que définies à l'article 69, § 1er, alinéa 3, de l'ordonnance du 23 février 2006. ".
§ 3. L'article 19, alinéa 4, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Le comptable-trésorier demeure justiciable de la Cour des comptes jusqu'à la date de l'entrée en fonction de son successeur. ".
§ 4. L'article 20 de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est abrogé.
§ 2. L'article 17, alinéa 2, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Les comptables-trésoriers sont justiciables de la Cour des comptes, pour les opérations de trésorerie qu'ils exécutent, telles que définies à l'article 69, § 1er, alinéa 3, de l'ordonnance du 23 février 2006. ".
§ 3. L'article 19, alinéa 4, de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est remplacé par ce qui suit:
" Le comptable-trésorier demeure justiciable de la Cour des comptes jusqu'à la date de l'entrée en fonction de son successeur. ".
§ 4. L'article 20 de l'arrêté du Gouvernement du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers est abrogé.
Art.86. De autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om, in het kader van de afsluiting van de budgettaire en boekhoudkundige verrichtingen van het jaar 2024, de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden (nieuwe) basisallocaties.
De autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om tijdens het jaar de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden (nieuwe) basisallocaties op voorwaarde dat er tijdens het lopende jaar nog geen vereffening op werd uitgevoerd.
De lijsten van de over te dragen visumnummers worden bezorgd aan de betrokken diensten van Brussel Financiën en Begroting voor wat de instellingen betreft die opgenomen zijn in het SAP-Platform en aan de betrokken diensten van de instellingen zelf voor wat de instellingen betreft die niet opgenomen zijn in het SAP-Platform.
De autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om tijdens het jaar de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden (nieuwe) basisallocaties op voorwaarde dat er tijdens het lopende jaar nog geen vereffening op werd uitgevoerd.
De lijsten van de over te dragen visumnummers worden bezorgd aan de betrokken diensten van Brussel Financiën en Begroting voor wat de instellingen betreft die opgenomen zijn in het SAP-Platform en aan de betrokken diensten van de instellingen zelf voor wat de instellingen betreft die niet opgenomen zijn in het SAP-Platform.
Art.86. Les organismes administratifs autonomes sont autorisés, dans le cadre de la clôture des opérations budgétaires et comptables de l'année 2024, à transférer l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou sont incorrectes vers les (nouvelles) allocations de base à utiliser dorénavant.
Les organismes administratifs autonomes sont autorisés à transférer au cours de l'année l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou sont incorrectes vers les (nouvelles) allocations de base à utiliser dorénavant, à condition qu'aucune liquidation n'ait encore eu lieu sur celle-ci pendant l'année en cours.
Les listes des numéros de visa à transférer sont transmises aux services concernés de Bruxelles Finances et Budget pour les organismes inclus dans la Plateforme SAP et aux services concernés des organismes eux-mêmes pour ceux qui ne sont pas inclus dans la Plateforme SAP.
Les organismes administratifs autonomes sont autorisés à transférer au cours de l'année l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou sont incorrectes vers les (nouvelles) allocations de base à utiliser dorénavant, à condition qu'aucune liquidation n'ait encore eu lieu sur celle-ci pendant l'année en cours.
Les listes des numéros de visa à transférer sont transmises aux services concernés de Bruxelles Finances et Budget pour les organismes inclus dans la Plateforme SAP et aux services concernés des organismes eux-mêmes pour ceux qui ne sont pas inclus dans la Plateforme SAP.
Art. 86. De autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om, in het kader van de afsluiting van de budgettaire en boekhoudkundige verrichtingen van het jaar 2024, de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden (nieuwe) basisallocaties.
De autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om tijdens het jaar de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden (nieuwe) basisallocaties op voorwaarde dat er tijdens het lopende jaar nog geen vereffening op werd uitgevoerd.
De lijsten van de over te dragen visumnummers worden bezorgd aan de betrokken diensten van Brussel Financiën en Begroting voor wat de instellingen betreft die opgenomen zijn in het SAP-Platform en aan de betrokken diensten van de instellingen zelf voor wat de instellingen betreft die niet opgenomen zijn in het SAP-Platform.
De autonome bestuursinstellingen zijn gemachtigd om tijdens het jaar de uitstaande vastlegging(en) op de oude niet meer te gebruiken en/of verkeerde basisallocaties over te dragen naar de voortaan aan te wenden (nieuwe) basisallocaties op voorwaarde dat er tijdens het lopende jaar nog geen vereffening op werd uitgevoerd.
De lijsten van de over te dragen visumnummers worden bezorgd aan de betrokken diensten van Brussel Financiën en Begroting voor wat de instellingen betreft die opgenomen zijn in het SAP-Platform en aan de betrokken diensten van de instellingen zelf voor wat de instellingen betreft die niet opgenomen zijn in het SAP-Platform.
Art. 86. Les organismes administratifs autonomes sont autorisés, dans le cadre de la clôture des opérations budgétaires et comptables de l'année 2024, à transférer l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou sont incorrectes vers les (nouvelles) allocations de base à utiliser dorénavant.
Les organismes administratifs autonomes sont autorisés à transférer au cours de l'année l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou sont incorrectes vers les (nouvelles) allocations de base à utiliser dorénavant, à condition qu'aucune liquidation n'ait encore eu lieu sur celle-ci pendant l'année en cours.
Les listes des numéros de visa à transférer sont transmises aux services concernés de Bruxelles Finances et Budget pour les organismes inclus dans la Plateforme SAP et aux services concernés des organismes eux-mêmes pour ceux qui ne sont pas inclus dans la Plateforme SAP.
Les organismes administratifs autonomes sont autorisés à transférer au cours de l'année l'encours des engagements des anciennes allocations de base qui ne peuvent plus être utilisées et/ou sont incorrectes vers les (nouvelles) allocations de base à utiliser dorénavant, à condition qu'aucune liquidation n'ait encore eu lieu sur celle-ci pendant l'année en cours.
Les listes des numéros de visa à transférer sont transmises aux services concernés de Bruxelles Finances et Budget pour les organismes inclus dans la Plateforme SAP et aux services concernés des organismes eux-mêmes pour ceux qui ne sont pas inclus dans la Plateforme SAP.
Art.88. De leidende ambtenaren en, in voorkomend geval, het beslissingsorgaan van de ABI's, evenals de functioneel bevoegde ministers en staatssecretarissen nemen alle nodige maatregelen om de opmaak van de algemene rekeningen bij hun instellingen te bespoedigen en te optimaliseren en zodoende ook het opstellen van de geconsolideerde rekening van de gewestelijke entiteit, zodat voornoemde termijnen in acht genomen kunnen worden.
Dit voorstel wordt vervolgens besproken met de gewestelijke boekhouder, en de betrokken auditeur van het Rekenhof, in een werkgroep die regelmatig vergadert.
De bevoegde minister en in voorkomend geval de raad van bestuur dragen er eveneens toe bij de door het Rekenhof vastgestelde problemen zo spoedig mogelijk te verhelpen.
Dit voorstel wordt vervolgens besproken met de gewestelijke boekhouder, en de betrokken auditeur van het Rekenhof, in een werkgroep die regelmatig vergadert.
De bevoegde minister en in voorkomend geval de raad van bestuur dragen er eveneens toe bij de door het Rekenhof vastgestelde problemen zo spoedig mogelijk te verhelpen.
Art.88. Les fonctionnaires dirigeants, et le cas échéant, l'organe de décision des OAA ainsi que les Ministres et Secrétaires d'Etat fonctionnellement compétents prennent toutes les mesures nécessaires au niveau de leurs organismes pour accélérer et optimaliser le processus de l'établissement des comptes généraux de ces organismes, et par conséquent de l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale, afin que ces délais soient respectés.
Cette proposition sera ensuite discutée avec le comptable régional et l'auditeur concerné de la Cour des comptes dans un groupe de travail qui se réunira régulièrement.
Le ministre compétent et, le cas échéant, le conseil d'administration s'efforcent également de résoudre les problèmes identifiés par la Cour des comptes dans les meilleurs délais.
Cette proposition sera ensuite discutée avec le comptable régional et l'auditeur concerné de la Cour des comptes dans un groupe de travail qui se réunira régulièrement.
Le ministre compétent et, le cas échéant, le conseil d'administration s'efforcent également de résoudre les problèmes identifiés par la Cour des comptes dans les meilleurs délais.
Art. 88. De leidende ambtenaren en, in voorkomend geval, het beslissingsorgaan van de ABI's, evenals de functioneel bevoegde ministers en staatssecretarissen nemen alle nodige maatregelen om de opmaak van de algemene rekeningen bij hun instellingen te bespoedigen en te optimaliseren en zodoende ook het opstellen van de geconsolideerde rekening van de gewestelijke entiteit, zodat voornoemde termijnen in acht genomen kunnen worden.
Dit voorstel wordt vervolgens besproken met de gewestelijke boekhouder, en de betrokken auditeur van het Rekenhof, in een werkgroep die regelmatig vergadert.
De bevoegde minister en in voorkomend geval de raad van bestuur dragen er eveneens toe bij de door het Rekenhof vastgestelde problemen zo spoedig mogelijk te verhelpen.
Dit voorstel wordt vervolgens besproken met de gewestelijke boekhouder, en de betrokken auditeur van het Rekenhof, in een werkgroep die regelmatig vergadert.
De bevoegde minister en in voorkomend geval de raad van bestuur dragen er eveneens toe bij de door het Rekenhof vastgestelde problemen zo spoedig mogelijk te verhelpen.
Art. 88. Les fonctionnaires dirigeants, et le cas échéant, l'organe de décision des OAA ainsi que les Ministres et Secrétaires d'Etat fonctionnellement compétents prennent toutes les mesures nécessaires au niveau de leurs organismes pour accélérer et optimaliser le processus de l'établissement des comptes généraux de ces organismes, et par conséquent de l'établissement du compte général consolidé de l'entité régionale, afin que ces délais soient respectés.
Cette proposition sera ensuite discutée avec le comptable régional et l'auditeur concerné de la Cour des comptes dans un groupe de travail qui se réunira régulièrement.
Le ministre compétent et, le cas échéant, le conseil d'administration s'efforcent également de résoudre les problèmes identifiés par la Cour des comptes dans les meilleurs délais.
Cette proposition sera ensuite discutée avec le comptable régional et l'auditeur concerné de la Cour des comptes dans un groupe de travail qui se réunira régulièrement.
Le ministre compétent et, le cas échéant, le conseil d'administration s'efforcent également de résoudre les problèmes identifiés par la Cour des comptes dans les meilleurs délais.
Art.90. De besluiten tot aanstelling van de boekhouder en - in voorkomend geval - zijn plaatsvervanger van de ABI's van eerste categorie, opgesteld op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren en de ordonnantie van 23 februari 2006, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe besluiten die deze vervangen.
De beslissingen tot aanstelling van de boekhouder en - in voorkomend geval - zijn plaatsvervanger van de ABI's van tweede categorie, opgesteld op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren en de ordonnantie van 23 februari 2006, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe beslissingen die deze vervangen.
De beslissing van de Regering, referentie GRBC-SG-20.87679, van 23 mei 2024 met betrekking tot de verlenging van de aanstelling van de Gewestelijke Boekhouder wordt verlengd tot en met het inwerking treden van een nieuw Regeringsbesluit die deze vervangt.
De beslissingen tot aanstelling van de boekhouder en - in voorkomend geval - zijn plaatsvervanger van de ABI's van tweede categorie, opgesteld op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren en de ordonnantie van 23 februari 2006, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe beslissingen die deze vervangen.
De beslissing van de Regering, referentie GRBC-SG-20.87679, van 23 mei 2024 met betrekking tot de verlenging van de aanstelling van de Gewestelijke Boekhouder wordt verlengd tot en met het inwerking treden van een nieuw Regeringsbesluit die deze vervangt.
Art.90. Les arrêtés de désignation du comptable et. le cas échéant. son suppléant au sein des OAA de première catégorie, établis sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers et l'ordonnance du 23 février 2006, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouveaux arrêtés qui les remplacent.
Les décisions de désignation du comptable et. le cas échéant. son suppléant au sein des OAA de seconde catégorie, établis sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers et l'ordonnance du 23 février 2006, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouvelles décisions qui les remplacent.
La décision du Gouvernement, référence GRBC-SG-20.87679, du 23 mai 2024 portant sur la prolongation de désignation du comptable régional est prolongée jusqu'à l'entrée en vigueur du nouvel arrêté du Gouvernement qui la remplace.
Les décisions de désignation du comptable et. le cas échéant. son suppléant au sein des OAA de seconde catégorie, établis sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers et l'ordonnance du 23 février 2006, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouvelles décisions qui les remplacent.
La décision du Gouvernement, référence GRBC-SG-20.87679, du 23 mai 2024 portant sur la prolongation de désignation du comptable régional est prolongée jusqu'à l'entrée en vigueur du nouvel arrêté du Gouvernement qui la remplace.
Art. 90. De besluiten tot aanstelling van de boekhouder en - in voorkomend geval - zijn plaatsvervanger van de ABI's van eerste categorie, opgesteld op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren en de ordonnantie van 23 februari 2006, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe besluiten die deze vervangen.
De beslissingen tot aanstelling van de boekhouder en - in voorkomend geval - zijn plaatsvervanger van de ABI's van tweede categorie, opgesteld op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren en de ordonnantie van 23 februari 2006, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe beslissingen die deze vervangen.
De beslissing van de Regering, referentie GRBC-SG-20.87679, van 23 mei 2024 met betrekking tot de verlenging van de aanstelling van de Gewestelijke Boekhouder wordt verlengd tot en met het inwerking treden van een nieuw Regeringsbesluit die deze vervangt.
De beslissingen tot aanstelling van de boekhouder en - in voorkomend geval - zijn plaatsvervanger van de ABI's van tweede categorie, opgesteld op basis van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 oktober 2006 betreffende de financiële actoren en de ordonnantie van 23 februari 2006, blijven van toepassing tot de inwerkingtreding van nieuwe beslissingen die deze vervangen.
De beslissing van de Regering, referentie GRBC-SG-20.87679, van 23 mei 2024 met betrekking tot de verlenging van de aanstelling van de Gewestelijke Boekhouder wordt verlengd tot en met het inwerking treden van een nieuw Regeringsbesluit die deze vervangt.
Art. 90. Les arrêtés de désignation du comptable et. le cas échéant. son suppléant au sein des OAA de première catégorie, établis sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers et l'ordonnance du 23 février 2006, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouveaux arrêtés qui les remplacent.
Les décisions de désignation du comptable et. le cas échéant. son suppléant au sein des OAA de seconde catégorie, établis sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers et l'ordonnance du 23 février 2006, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouvelles décisions qui les remplacent.
La décision du Gouvernement, référence GRBC-SG-20.87679, du 23 mai 2024 portant sur la prolongation de désignation du comptable régional est prolongée jusqu'à l'entrée en vigueur du nouvel arrêté du Gouvernement qui la remplace.
Les décisions de désignation du comptable et. le cas échéant. son suppléant au sein des OAA de seconde catégorie, établis sur la base de l'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 19 octobre 2006 portant sur les acteurs financiers et l'ordonnance du 23 février 2006, restent d'application jusqu'à l'entrée en vigueur de nouvelles décisions qui les remplacent.
La décision du Gouvernement, référence GRBC-SG-20.87679, du 23 mai 2024 portant sur la prolongation de désignation du comptable régional est prolongée jusqu'à l'entrée en vigueur du nouvel arrêté du Gouvernement qui la remplace.
HOOFDSTUK 8. - Bijzondere bepalingen in verband met de andere verbintenissen van de gewestelijke entiteit
CHAPITRE 8. - Dispositions spécifiques relatives aux autres engagements de l'entité régionale
Afdeling 1. - Bepalingen in verband met de gewestwaarborg
Section 1re. - Dispositions relatives à la garantie régionale
Art.91. Wanneer de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gemachtigd is om de gewestwaarborg te verlenen voor financiële operaties waaronder in hoofdzaak aan te gane leningen of voor een afgeleid product dat eraan verbonden is, moet vooraf een risicoanalyse van de begunstigde entiteit van de gewestwaarborg en van de te waarborgen verrichting uitgevoerd worden door de diensten van de Regering.
Art.91. Lorsque le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à octroyer la garantie régionale aux opérations financières dont principalement des emprunts à contracter ou à un produit dérivé y étant relatif, une analyse de risques de l'entité bénéficiaire de la garantie régionale et de l'opération à garantir doit être effectuée préalablement par les services du Gouvernement.
Art. 91. Wanneer de Brusselse Hoofdstedelijke Regering gemachtigd is om de gewestwaarborg te verlenen voor financiële operaties waaronder in hoofdzaak aan te gane leningen of voor een afgeleid product dat eraan verbonden is, moet vooraf een risicoanalyse van de begunstigde entiteit van de gewestwaarborg en van de te waarborgen verrichting uitgevoerd worden door de diensten van de Regering.
Bij deze risicoanalyse wordt rekening gehouden met de financiële risico's, de institutionele nabijheid van de begunstigde entiteit ten opzichte van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en met elk ander element dat de blootstelling van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest als borgverlener verhoogt of verlaagt.
Deze risicoanalyse dient als basis voor de berekening van de vergoeding (fees) die door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zal gevraagd worden voor het toekennen van de gewestwaarborg.
De fees worden opgenomen in een compartiment van het organieke begrotingsfonds voor het beheer van de gewestschuld en zullen gebruikt worden om een eventueel toekomstig onvermogen op een gewestwaarborg te dekken.
Elke toegekende gewestwaarborg zal regelmatig opgevolgd worden door de diensten van de Regering tot aan de uitdoving ervan.
Bij deze risicoanalyse wordt rekening gehouden met de financiële risico's, de institutionele nabijheid van de begunstigde entiteit ten opzichte van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en met elk ander element dat de blootstelling van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest als borgverlener verhoogt of verlaagt.
Deze risicoanalyse dient als basis voor de berekening van de vergoeding (fees) die door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zal gevraagd worden voor het toekennen van de gewestwaarborg.
De fees worden opgenomen in een compartiment van het organieke begrotingsfonds voor het beheer van de gewestschuld en zullen gebruikt worden om een eventueel toekomstig onvermogen op een gewestwaarborg te dekken.
Elke toegekende gewestwaarborg zal regelmatig opgevolgd worden door de diensten van de Regering tot aan de uitdoving ervan.
Art. 91. Lorsque le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à octroyer la garantie régionale aux opérations financières dont principalement des emprunts à contracter ou à un produit dérivé y étant relatif, une analyse de risques de l'entité bénéficiaire de la garantie régionale et de l'opération à garantir doit être effectuée préalablement par les services du Gouvernement.
Cette analyse de risques tient compte des risques financiers, de la proximité institutionnelle de l'entité bénéficiaire par rapport à la Région de Bruxelles-Capitale et de tout autre élément augmentant ou diminuant l'exposition de la Région de Bruxelles-Capitale en tant que garant.
Cette analyse de risques sert de base de calcul à la rémunération (fees) qui sera demandée par la Région de Bruxelles-Capitale pour l'octroi de la garantie régionale.
Les fees sont rassemblés dans un compartiment du Fonds budgétaire organique de la gestion de la dette régionale et participeront à la couverture d'un défaut futur éventuel sur une garantie régionale.
Chaque garantie régionale octroyée fera l'objet d'un suivi régulier, par les services du Gouvernement, jusqu'à son extinction.
Cette analyse de risques tient compte des risques financiers, de la proximité institutionnelle de l'entité bénéficiaire par rapport à la Région de Bruxelles-Capitale et de tout autre élément augmentant ou diminuant l'exposition de la Région de Bruxelles-Capitale en tant que garant.
Cette analyse de risques sert de base de calcul à la rémunération (fees) qui sera demandée par la Région de Bruxelles-Capitale pour l'octroi de la garantie régionale.
Les fees sont rassemblés dans un compartiment du Fonds budgétaire organique de la gestion de la dette régionale et participeront à la couverture d'un défaut futur éventuel sur une garantie régionale.
Chaque garantie régionale octroyée fera l'objet d'un suivi régulier, par les services du Gouvernement, jusqu'à son extinction.
Art. 92. Om te voorkomen dat een schuldeiser een beroep doet op de gewestelijke waarborg, is de Regering gemachtigd om aan de begunstigde entiteiten van die waarborg een rechtstreekse lening toe te kennen voor een totaal bedrag van maximaal 100 miljoen euro voor het begrotingsjaar 2025, voor alle begunstigde entiteiten als geheel.
De lening kan slechts toegekend worden door de Regering na een financiële analyse en een contractvoorstel van de Front Office van het Agentschap van de Schuld.
Deze rechtstreekse lening kan enkel verstrekt worden als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1° het was niet mogelijk om tot een vergelijk te komen met de gewaarborgde schuldeiser en hierdoor bestaat er een imminent risico op activering van de waarborg;
2° de lening beoogt uitsluitend een volledige of gedeeltelijke dekking van de financiële lasten die uitsluitend verschuldigd zijn aan een gewaarborgde schuldeiser voor het betrokken begrotingsjaar;
3° de lening is gekoppeld aan een herstelplan of corrigerende maatregelen, bepaald in samenspraak met de toezichthoudende overheid.
De lening en de voorwaarden van haar terugbetaling ervan worden voorafgaand aan de verstrekking geregeld in een contract.
De lening kan slechts toegekend worden door de Regering na een financiële analyse en een contractvoorstel van de Front Office van het Agentschap van de Schuld.
Deze rechtstreekse lening kan enkel verstrekt worden als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
1° het was niet mogelijk om tot een vergelijk te komen met de gewaarborgde schuldeiser en hierdoor bestaat er een imminent risico op activering van de waarborg;
2° de lening beoogt uitsluitend een volledige of gedeeltelijke dekking van de financiële lasten die uitsluitend verschuldigd zijn aan een gewaarborgde schuldeiser voor het betrokken begrotingsjaar;
3° de lening is gekoppeld aan een herstelplan of corrigerende maatregelen, bepaald in samenspraak met de toezichthoudende overheid.
De lening en de voorwaarden van haar terugbetaling ervan worden voorafgaand aan de verstrekking geregeld in een contract.
Art. 92. Afin de prévenir l'activation d'une garantie régionale par un créancier, le Gouvernement est autorisé à octroyer aux entités bénéficiaires de la garantie un prêt direct à concurrence d'un montant total maximum de 100 millions d'euros pour l'exercice 2025, pour toutes les entités bénéficiaires confondues.
Le prêt ne pourra être octroyé par le Gouvernement qu'après une analyse financière et une proposition de contractualisation émanant du Front Office de l'Agence de la Dette.
Ce prêt direct ne pourra être effectué que si les conditions suivantes sont remplies:
1° une conciliation avec le créancier garanti n'a pas été possible, cette absence de conciliation pouvant entraîner un risque d'activation de la garantie imminent;
2° le prêt a pour finalité de couvrir totalement ou partiellement les charges financières exclusivement dues à un créancier garanti pour l'année budgétaire considérée;
3° le prêt s'accompagne d'un plan de redressement ou de mesures correctrices fixées en concertation avec le pouvoir de tutelle.
Le prêt et les conditions de son remboursement seront contractuellement établis au préalable de la mise en oeuvre du prêt.
Le prêt ne pourra être octroyé par le Gouvernement qu'après une analyse financière et une proposition de contractualisation émanant du Front Office de l'Agence de la Dette.
Ce prêt direct ne pourra être effectué que si les conditions suivantes sont remplies:
1° une conciliation avec le créancier garanti n'a pas été possible, cette absence de conciliation pouvant entraîner un risque d'activation de la garantie imminent;
2° le prêt a pour finalité de couvrir totalement ou partiellement les charges financières exclusivement dues à un créancier garanti pour l'année budgétaire considérée;
3° le prêt s'accompagne d'un plan de redressement ou de mesures correctrices fixées en concertation avec le pouvoir de tutelle.
Le prêt et les conditions de son remboursement seront contractuellement établis au préalable de la mise en oeuvre du prêt.
Art.93. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan de leningen aangegaan in 2025 door de door het Gewest erkende instellingen voor sociaal krediet, volgens de controleregels en ten belope van een maximumbedrag van 25.000.000 euro; in voorkomend geval kan een bijkomend waarborgbedrag vastgelegd worden door de Regering op voorstel van de Minister van Begroting en de Minister voor Huisvesting.
Art.93. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par les sociétés de crédit social agréées par la Région, selon des modalités de contrôle et à concurrence d'un montant maximum de 25.000.000 d'euros; le cas échéant, un montant complémentaire de garantie pourra être fixé par le Gouvernement, sur la proposition du Ministre du Budget et du Ministre du Logement.
Art. 93. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan de leningen aangegaan in 2025 door de door het Gewest erkende instellingen voor sociaal krediet, volgens de controleregels en ten belope van een maximumbedrag van 25.000.000 euro; in voorkomend geval kan een bijkomend waarborgbedrag vastgelegd worden door de Regering op voorstel van de Minister van Begroting en de Minister voor Huisvesting.
Art. 93. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par les sociétés de crédit social agréées par la Région, selon des modalités de contrôle et à concurrence d'un montant maximum de 25.000.000 d'euros; le cas échéant, un montant complémentaire de garantie pourra être fixé par le Gouvernement, sur la proposition du Ministre du Budget et du Ministre du Logement.
Art. 94. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen aan de leningen en/of kredietlijnen aangegaan in 2025 door de nv HYDRIA voor een maximumbedrag van 20.000.000 euro.
Art. 94. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts et/ou lignes de crédit contractés en 2025 par la SA HYDRIA pour un montant maximal de 20.000.000 d'euros.
Art.96. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor de leningen aangegaan door de cvba Brussel-Energie in 2025 voor een maximum bedrag van 36.000.000 euro.
Art.96. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à apporter la garantie régionale aux emprunts contractés en 2025 par la SCRL Bruxelles-Energie, pour un montant n'excédant pas 36.000.000 d'euros.
Art.97. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering is gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor verbintenissen van finance&invest.brussels of haar filialen in het kader van het Plan voor de Toekomst van de Huisvesting, voor een kredietlijn van maximaal 5.000.000 euro (in verband met S.F.A.R. en zijn filialen) in 2025.
Art.97. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à octroyer la garantie régionale aux engagements de finance&invest.brussels ou de ses filiales dans le cadre du Plan pour l'Avenir du Logement, pour une ligne de crédit de maximum 5.000.000 d'euros (par rapport à S.F.A.R. et ses filiales) en 2025.
Art. 97. De Brusselse Hoofdstedelijke Regering is gemachtigd om de gewestwaarborg te verlenen voor verbintenissen van finance&invest.brussels of haar filialen in het kader van het Plan voor de Toekomst van de Huisvesting, voor een kredietlijn van maximaal 5.000.000 euro (in verband met S.F.A.R. en zijn filialen) in 2025.
Art. 97. Le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est autorisé à octroyer la garantie régionale aux engagements de finance&invest.brussels ou de ses filiales dans le cadre du Plan pour l'Avenir du Logement, pour une ligne de crédit de maximum 5.000.000 d'euros (par rapport à S.F.A.R. et ses filiales) en 2025.
Art.98. In artikel 2 van de de Codex worden de punten 8 en 9 vervangen door:
Art.98. A l'article 2 du Code, les points 8 et 9 sont remplacés par ce qui suit:
Art. 98. In artikel 2 van de de Codex worden de punten 8 en 9 vervangen door:
"8° nationaal budgettair-structureel plan voor de middellange termijn: het nationaal budgettair-structureel plan voor de middellange termijn als bedoeld in de artikelen 11 en volgende van Verordening (EG) nr. 2024/1263 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2024 betreffende de doeltreffende coördinatie van het economisch beleid en betreffende het multilaterale begrotingstoezicht en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad;
9° jaarlijks voortgangsverslag: het jaarlijks voortgangsverslag als bedoeld in artikel 21 van Verordening (EG) nr. 2024/1263 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2024 betreffende de doeltreffende coördinatie van het economisch beleid en betreffende het multilaterale begrotingstoezicht en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad;".
"8° nationaal budgettair-structureel plan voor de middellange termijn: het nationaal budgettair-structureel plan voor de middellange termijn als bedoeld in de artikelen 11 en volgende van Verordening (EG) nr. 2024/1263 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2024 betreffende de doeltreffende coördinatie van het economisch beleid en betreffende het multilaterale begrotingstoezicht en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad;
9° jaarlijks voortgangsverslag: het jaarlijks voortgangsverslag als bedoeld in artikel 21 van Verordening (EG) nr. 2024/1263 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2024 betreffende de doeltreffende coördinatie van het economisch beleid en betreffende het multilaterale begrotingstoezicht en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1466/97 van de Raad;".
Art. 98. A l'article 2 du Code, les points 8 et 9 sont remplacés par ce qui suit:
" 8° plan budgétaire et structurel national à moyen terme: le plan budgétaire et structurel national à moyen terme visé aux articles 11 et suivants du Règlement (CE) n° 2024/1263 du Parlement européen et du Conseil du 29 avril 2024 relatif à la coordination efficace des politiques économiques et à la surveillance budgétaire multilatérale et abrogeant le règlement (CE) n° 1466/97 du Conseil;
9° rapport d'avancement annuel: le rapport d'avancement annuel, visé à l'article 21 du Règlement (CE) n° 2024/1263 du Parlement européen et du Conseil du 29 avril 2024 relatif à la coordination efficace des politiques économiques et à la surveillance budgétaire multilatérale et abrogeant le règlement (CE) n° 1466/97 du Conseil; ".
" 8° plan budgétaire et structurel national à moyen terme: le plan budgétaire et structurel national à moyen terme visé aux articles 11 et suivants du Règlement (CE) n° 2024/1263 du Parlement européen et du Conseil du 29 avril 2024 relatif à la coordination efficace des politiques économiques et à la surveillance budgétaire multilatérale et abrogeant le règlement (CE) n° 1466/97 du Conseil;
9° rapport d'avancement annuel: le rapport d'avancement annuel, visé à l'article 21 du Règlement (CE) n° 2024/1263 du Parlement européen et du Conseil du 29 avril 2024 relatif à la coordination efficace des politiques économiques et à la surveillance budgétaire multilatérale et abrogeant le règlement (CE) n° 1466/97 du Conseil; ".
Art.100. In afwijking van de artikelen 3 en 5 van de wet van 22 december 1986 over de intercommunales, kunnen gemeenten een participatie nemen in de coöperatieve vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Irisnet gewijd aan de levering van diensten van tele- en elektronische communicatie in het kader van de overheidsopdracht IRISnet 2 die door het Gewest in hun naam en voor hun rekening werd verwezenlijkt.
Art.100. Par dérogation aux articles 3 et 5 de la loi du 22 décembre 1986 sur les intercommunales, les communes peuvent prendre une participation dans la société coopérative à responsabilité limitée Irisnet dédiée à la fourniture de services de télécommunications et de communications électroniques dans le cadre du marché public IRISnet 2 réalisé par la Région en leur nom et pour leur compte.
Art.101. De gedecentraliseerde diensten, instellingen, overheidsbedrijven, publiekrechtelijke organen en rechtspersonen die werden opgericht door of die afhangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden gemachtigd om een participatie te nemen in het kapitaal van de cvba Irisnet die instaat voor de levering van diensten van elektronische communicatie en die werd opgericht na afloop van de overheidsopdracht IRISnet2, die zelf werd gegund door het Gewest.
Art.101. Les services décentralisés, établissements, entreprises publiques, organes et personnes morales de droit public qui ont été créés par ou qui dépendent de la Région de Bruxelles-Capitale sont autorisés à prendre des participations en capital dans la SCRL Irisnet dédiée à la fourniture de services de communications électroniques qui a été créée à l'issue du marché public IRISnet2, lui-même attribué par la Région.
Art. 101. De gedecentraliseerde diensten, instellingen, overheidsbedrijven, publiekrechtelijke organen en rechtspersonen die werden opgericht door of die afhangen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden gemachtigd om een participatie te nemen in het kapitaal van de cvba Irisnet die instaat voor de levering van diensten van elektronische communicatie en die werd opgericht na afloop van de overheidsopdracht IRISnet2, die zelf werd gegund door het Gewest.
Art. 101. Les services décentralisés, établissements, entreprises publiques, organes et personnes morales de droit public qui ont été créés par ou qui dépendent de la Région de Bruxelles-Capitale sont autorisés à prendre des participations en capital dans la SCRL Irisnet dédiée à la fourniture de services de communications électroniques qui a été créée à l'issue du marché public IRISnet2, lui-même attribué par la Région.
Art. 102. De Regering is gemachtigd om provisies toe te kennen aan advocaten, experten en gerechtsdeurwaarders die voor rekening van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest optreden.
Art. 102. Le Gouvernement est autorisé à allouer des provisions aux avocats, aux experts et aux huissiers de justice agissant pour compte de la Région de Bruxelles-Capitale.
Art.103. Deze ordonnantie treedt in werking op 1 januari 2025.
Art.103. La présente ordonnance entre en vigueur le 1er janvier 2025.
Art. 103. Deze ordonnantie treedt in werking op 1 januari 2025.
Art. 103. La présente ordonnance entre en vigueur le 1er janvier 2025.
Art. N. Bijlage.
Art. N. Annexe
Art. N. Bijlage.
(Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 28-02-2025, p. 32711)
(Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 28-02-2025, p. 32711)
Art. N. Annexe
(Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 28-02-2025, p. 32711)
(Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 28-02-2025, p. 32711)