Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
5 JULI 2024. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van verschillende besluiten, over de subsidiëring van variabele prestaties
Titre
5 JUILLET 2024. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant divers arrĂȘtĂ©s relatifs au subventionnement de prestations variables
Documentinformatie
Numac: 2024007986
Datum: 2024-07-05
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2024007986
Date: 2024-07-05
Moniteur: Voir
Tekst (35)
Texte (35)
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale
Artikel 1. Artikel 8 van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 12 juni 1995 en 22 maart 2024, wordt opgeheven.
Article 1er. L'article 8 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 12 juin 1995 et 22 mars 2024, est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 september 2011 betreffende de erkenning en subsidiëring van diensten Ondersteuningsplan voor het voortraject van personen met een handicap
CHAPITRE 2. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 30 septembre 2011 portant agrĂ©ment et subventionnement des services Plan de Soutien pour le parcours prĂ©alable des personnes handicapĂ©es
Art. 2. In artikel 12, zevende lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 september 2011 betreffende de erkenning en subsidiëring van diensten Ondersteuningsplan voor het voortraject van personen met een handicap, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 2. Dans l'article 12, alinĂ©a 7, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 30 septembre 2011 portant agrĂ©ment et subventionnement des services Plan de Soutien pour le parcours prĂ©alable des personnes handicapĂ©es, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2013 betreffende rechtstreeks toegankelijke hulp voor personen met een handicap
CHAPITRE 3. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 fĂ©vrier 2013relatif Ă  l'aide directement accessible pour les personnes handicapĂ©es
Art. 3. In artikel 9, § 3, vierde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2013 betreffende rechtstreeks toegankelijke hulp voor personen met een handicap, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 3. Dans l'article 9, § 3, alinĂ©a 4, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 fĂ©vrier 2013 relatif Ă  l'aide directement accessible pour les personnes handicapĂ©es, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
HOOFDSTUK 4. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap
CHAPITRE 4. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures
Art. 4. In artikel 19, vijfde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 4. Dans l'article 19, alinĂ©a 5, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 flamand portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
HOOFDSTUK 5. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 over de besteding van het budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning voor meerderjarige personen met een handicap en over organisatiegebonden kosten voor vergunde zorgaanbieders
CHAPITRE 5. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juin 2016 relatif Ă  l'affectation du budget pour les soins et le soutien non directement accessibles pour personnes handicapĂ©es majeures ainsi qu'aux frais liĂ©s Ă  l'organisation pour les offreurs de soins autorisĂ©s
Art. 5. In artikel 3, § 5/1, tweede lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 over de besteding van het budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning voor meerderjarige personen met een handicap en over organisatiegebonden kosten voor vergunde zorgaanbieders, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 december 2019 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 5. Dans l'article 3, § 5/1, alinĂ©a 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juin 2016 relatif Ă  l'affectation du budget pour les soins et le soutien non directement accessibles pour personnes handicapĂ©es majeures ainsi qu'aux frais liĂ©s Ă  l'organisation pour les offreurs de soins autorisĂ©s, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 dĂ©cembre 2019 et remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
HOOFDSTUK 6. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 houdende de transitie van personen met een handicap die gebruikmaken van een persoonlijke-assistentiebudget of een persoonsgebonden budget of die ondersteund worden door een flexibel aanbodcentrum voor meerderjarigen of een thuisbegeleidingsdienst, naar persoonsvolgende financiering en houdende de transitie van de flexibele aanbodcentra voor meerderjarigen en de thuisbegeleidingsdiensten
CHAPITRE 6. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juin 2016 portant la transition de personnes handicapĂ©es qui font usage d'un budget d'assistance personnelle ou d'un budget personnalisĂ© ou qui sont soutenues par un centre d'offre de services flexible en faveur de personnes majeures ou un service d'aide Ă  domicile vers une aide financiĂšre personnalisĂ©e et portant la transition des centres d'offre de services flexible en faveur de personnes majeures et des services d'aide Ă  domicile
Art. 6. In het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 houdende de transitie van personen met een handicap die gebruikmaken van een persoonlijke-assistentiebudget of een persoonsgebonden budget of die ondersteund worden door een flexibel aanbodcentrum voor meerderjarigen of een thuisbegeleidingsdienst, naar persoonsvolgende financiering en houdende de transitie van de flexibele aanbodcentra voor meerderjarigen en de thuisbegeleidingsdiensten worden de volgende artikelen opgeheven:
1° artikel 27, hersteld bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 februari 2017;
2° artikel 28.
Art. 6. Dans l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juin 2016 portant la transition de personnes handicapĂ©es qui font usage d'un budget d'assistance personnelle ou d'un budget personnalisĂ© ou qui sont soutenues par un centre d'offre de services flexible en faveur de personnes majeures ou un service d'aide Ă  domicile vers un financement personnalisĂ© et portant transition des centres d'offre de services flexible en faveur de personnes majeures et des services d'aide Ă  domicile, les articles suivants sont abrogĂ©s :
1° l'article 27, rĂ©tabli par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 fĂ©vrier 2017 ;
2° l'article 28.
HOOFDSTUK 7. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten
CHAPITRE 7. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel
Art. 7. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 5 oktober 2018 en 20 maart 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° er wordt een punt 2° /0 ingevoegd, dat als volgt luidt:
"2° /0: besluit van 26 februari 2016: het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap;";
2° er wordt een punt 11° /1 ingevoegd, dat als volgt luidt:
"11° /1 variabele prestaties: prestaties tijdens de avond en nacht, en op een zaterdag, zondag of een feestdag waarvoor de werkgever extra salarissupplementen moet betalen;".
Art. 7. A l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel, modifiĂ© par les arrĂȘtes du Gouvernement flamand des 5 octobre 2018 et 20 mars 2020, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° il est inséré un point 2° /0, rédigé comme suit :
" 2° /0 : arrĂȘtĂ© du 26 fĂ©vrier 2016 : l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures ; " ;
2° il est inséré un point 11° /1, rédigé comme suit :
" 11° /1 prestations variables : prestations effectuées le soir et la nuit, ainsi que le samedi, le dimanche et les jours fériés, pour lesquelles l'employeur doit payer des suppléments de salaire additionnels ; ".
Art. 8. In artikel 3 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 22 december 2017, 17 juli 2020 en 22 maart 2024, wordt punt 2° vervangen door wat volgt:
"2° het besluit van 26 februari 2016;".
Art. 8. Dans l'article 3 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 22 dĂ©cembre 2017, 17 juillet 2020 et 22 mars 2024, le point 2° est remplacĂ© par ce qui suit :
" 2° l'arrĂȘtĂ© du 26 fĂ©vrier 2016 ; ".
Art. 9. In artikel 13 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 17 juli 2020 en 5 maart 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid, inleidende zin, wordt de zinsnede "opvoedend, administratief en logistiek" opgeheven;
2° in het eerste lid, 1°, wordt de zinsnede "beperkt tot het aantal uren dat conform artikel 8 van het voormelde besluit gesubsidieerd kan worden," opgeheven;
3° in het derde lid wordt de zinsnede "wordt niet toegekend aan barema 22 tot en met 25 en" opgeheven.
Art. 9. A l'article 13 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 17 juillet 2020 et 5 mars 2021, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° dans l'alinéa 1er, phrase introductive, le membre de phrase " éducatif, administratif et logistique " est abrogé ;
2° dans l'alinĂ©a 1er, le membre de phrase " limitĂ© au nombre d'heures Ă©ligibles conformĂ©ment Ă  l'article 8 de l'arrĂȘtĂ© prĂ©citĂ©, " est abrogĂ© ;
3° dans l'alinéa 3, le membre de phrase " n'est pas accordé aux barÚmes 22 à 25 et " est abrogé.
Art. 10. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, worden een artikel 13/1 en 13/2 ingevoegd, die luiden als volgt:
Art. 13/1. § 1. Het agentschap subsidieert de extra salarissupplementen, vermeld in artikel 4, eerste lid, 6°, van het besluit van 15 december 1993, conform paragraaf 2 tot en met 4.
§ 2. Per subsidie-eenheid wordt het maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties van een werkingsjaar op de volgende wijze vastgelegd op basis van het jaar 2023:
1° voor een MFC wordt er voor de ondersteuningsfunctie verblijf, vermeld in artikel 10, § 1, 1°, van het besluit van 26 februari 2016, die is opgenomen in de geregistreerde begeleidingsovereenkomst, vermeld in artikel 35, eerste lid, van het voormelde besluit, een aantal uur variabele prestaties bepaald per vork die is vastgelegd in tabel 2, die is opgenomen in de bijlage 3, die bij dit besluit is gevoegd. Het aantal uur variabele prestaties per vork is bepaald in tabel 1, die is opgenomen in bijlage 3, die bij dit besluit is gevoegd;
2° voor een vergunde zorgaanbieder worden er uren variabele prestaties in aanmerking genomen, aan de hand van de vouchers die zijn geregistreerd conform artikel 13 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 over de besteding van het budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning voor meerderjarige personen met een handicap en over organisatiegebonden kosten voor vergunde zorgaanbieders. Het aantal uren variabele prestaties wordt bepaald in tabel 2, die is opgenomen in bijlage 3, die bij dit besluit is gevoegd en hangt af van de bij het agentschap geregistreerde vormen van ondersteuning, als vermeld in artikel 4, 1° en de frequentie daarvan;
3° voor een vergunde zorgaanbieder die een individuele dienstverleningsovereenkomst bij het agentschap heeft geregistreerd als vermeld in artikel 10, § 1, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 september 2018 over de zorg en ondersteuning voor personen met een niet-aangeboren hersenletsel of tetraplegie ten gevolge van een hoge dwarslaesie met de hoogste zorg- en ondersteuningsnood, wordt er per gesubsidieerd personeelspunt, vermeld in artikel 10, § 1, eerste lid, van het voormelde besluit, 12,67 uren variabele prestaties in aanmerking genomen;
4° voor een vergunde zorgaanbieder die een individuele dienstverleningsovereenkomst bij het agentschap heeft geregistreerd als vermeld in artikel 12, § 1, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018 over de zorg en ondersteuning voor geïnterneerde personen met een handicap door vergunde zorgaanbieders, wordt er per gesubsidieerd personeelspunt, vermeld in artikel 12, § 1, eerste lid, van het voormelde besluit, 12,67 uren variabele prestaties in aanmerking genomen;
5° voor de observatie-, diagnose- en behandelingsunits wordt er per erkend personeelspunt, vermeld in artikel 14 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2017 over de erkenning en subsidiëring van observatie-, diagnose- en behandelingsunits, 12,67 variabele prestaties in aanmerking genomen;
6° voor de units voor geïnterneerden wordt er per personeelspunt voor alle plaatsen waarvoor de unit voor geïnterneerden erkend is, vermeld in artikel 16, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 november 2017 over de erkenning en subsidiëring van voorzieningen die ondersteuning bieden aan personen met een handicap in de gevangenis, en van units voor geïnterneerden, 12,67 variabele prestaties in aanmerking genomen;
7° voor de rechtstreeks toegankelijke diensten wordt per erkend personeelspunt, vermeld in artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2013 betreffende rechtstreeks toegankelijke hulp voor personen met een handicap, 0,10 uren variabele prestaties in aanmerking genomen.
De aantallen uren variabele prestaties per subsidie-eenheid die worden verkregen conform het eerste lid, 1° tot en met 7°, worden samengeteld.
In afwijking van het eerste lid, worden bij een subsidie-eenheid, die is gestart in 2023 of 2024, de maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties berekend aan de hand van de gegevens van het eerste volledige werkingsjaar. Als het eerste werkingsjaar geen volledig kalenderjaar omvat, dan worden de maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties voor dat werkingsjaar berekend aan de hand van de gegevens van het eerste werkingsjaar.
§ 3. De gepresteerde uren variabele prestaties, die door de subsidie-eenheid voor het werkingsjaar worden doorgegeven aan het agentschap conform artikel 13, eerste lid, 1°, worden omgezet aan de hand van tabel 3 die is opgenomen in bijlage 4, die bij dit besluit is gevoegd. Het totale aantal uren variabele prestaties dat wordt verkregen na de voormelde omzetting, wordt vergeleken met het maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties, vastgelegd conform paragraaf 2.
§ 4. Het agentschap subsidieert de uren variabele prestaties van een werkingsjaar op basis van de uren variabele prestaties die door de subsidie-eenheid voor het werkingsjaar zijn doorgegeven aan het agentschap conform artikel 13, eerste lid, 1°, en na de omzetting, vermeld in paragraaf 3, rekening houdend met de gegevens, vermeld in artikel 13, eerste lid, 2° tot en met 5°.
Als het aantal door de subsidie-eenheid gepresteerde uren variabele prestaties voor een werkingsjaar dat is doorgegeven aan het agentschap conform artikel 13, eerste lid, 1°, na de omzetting van die uren, vermeld in paragraaf 3, hoger is dan het aantal uren dat wordt berekend conform paragraaf 2, wordt van het totale bedrag van de subsidieerbare kostprijs van de gepresteerde uren variabele prestaties, na de omzetting van die uren, vermeld in paragraaf 3, een bedrag in mindering gebracht dat overeenkomt met het verschil tussen die uren en het maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties die worden berekend conform paragraaf 2, vermenigvuldigd met het gemiddelde subsidiebedrag per variabel uur van die subsidie-eenheid.
Art. 13/2. § 1. Voor het werkingsjaar 2024, 2025, 2026 en 2027 is de overgangsmaatregel voorzien in paragraaf 2 en 3 van toepassing in het geval dat de maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022, berekend conform artikel 13/1, § 2, eerste en tweede lid, voor het werkingsjaar 2022 lager is dan het huidige maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022 omgezet conform artikel 13/1, § 3.
Als de werkelijk gesubsidieerde uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022, omgezet conform artikel 13/1, § 3, lager is dan het huidige maximumaantal te subsidiëren uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022 omgezet conform artikel 13/1, § 3, dan is de overgangsmaatregel, vermeld in paragraaf 2 en 3, van toepassing als de maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022, berekend conform artikel 13/1, § 2, eerste en tweede lid, lager is dan de werkelijk gesubsidieerde uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022, omgezet conform artikel 13/1, § 3.
§ 2. Voor subsidie-eenheden waarvoor de overgangsmaatregel van toepassing is, wordt het maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties op de volgende wijze bepaald: het verschil in kostprijs tussen het huidige maximumaantal te subsidiëren uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022, dat is omgezet conform artikel 13/1, § 3, in het geval paragraaf 1, eerste lid van toepassing is, of de werkelijk gepresteerde uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022, dat is omgezet conform artikel 13/1, § 3, in het geval paragraaf 1, tweede lid van toepassing is, en het maximumaantal te subsidiëren uren variabele prestaties voor werkingsjaar 2022 dat is berekend conform artikel 13/1, § 2, eerste en tweede lid, wordt omgezet in een aantal uren variabele prestaties door dat verschil in kostprijs te delen door de gemiddelde kostprijs van een variabel uur voor het werkingsjaar 2022 van de subsidie-eenheid.
Het aantal uren variabele prestaties dat wordt verkregen na toepassing van de berekening in het eerste lid, wordt bijgeteld bij het maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2022, berekend conform artikel 13/1, § 2, eerste en tweede lid.
Voor het werkingsjaar waarin de overgangsmaatregel, van toepassing is, wordt in afwijking van 13/1, § 4, het totale aantal uren variabele prestaties, vermeld in het tweede lid, gesubsidieerd door het agentschap, onder voorbehoud van paragraaf 3.
§ 3. Het bedrag dat overeenstemt met het totaal van de bedragen dat in werkingsjaar 2022 van de subsidies van de subsidie-eenheid in mindering is gebracht met toepassing van de volgende bepalingen, opgesomd onder punt 1° tot en met 3°, zoals van kracht op de dag vóór de datum van de inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juni 2024 tot wijziging van verschillende besluiten, wat betreft de subsidiëring van variabele prestaties, wordt gedeeld door de gemiddelde kosten van een variabel uur per subsidie-eenheid in 2022:
1° artikel 27 en artikel 28 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 houdende de transitie van personen met een handicap die gebruikmaken van een persoonlijke-assistentiebudget of een persoonsgebonden budget of die ondersteund worden door een flexibel aanbodcentrum voor meerderjarigen of een thuisbegeleidingsdienst, naar persoonsvolgende financiering en houdende de transitie van de flexibele aanbodcentra voor meerderjarigen en de thuisbegeleidingsdiensten;
2° artikel 26/1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 november 2017 over de erkenning en subsidiëring van voorzieningen die ondersteuning bieden aan personen met een handicap in de gevangenis, en van units voor geïnterneerden;
3° artikel 15 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2017 over de erkenning en subsidiëring van observatie-, diagnose- en behandelingsunits.
Het aantal uren dat verkregen wordt conform het eerste lid, wordt in mindering gebracht van het aantal uren variabele prestaties dat wordt verkregen door toepassing van paragraaf 2, eerste lid.
Het eventuele saldo van uren dat overblijft na toepassing van het eerste en tweede lid, wordt voor de toepassing van paragraaf 2, tweede lid, bijgeteld bij het maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties van werkingsjaar 2022, berekend conform artikel 13/1, § 2, eerste en tweede lid.
§ 4. Als er na toepassing van paragraaf 3, eerste en tweede lid, geen saldo van uren variabele prestaties dat wordt berekend conform paragraaf 2, eerste lid, meer overblijft, is de overgangsmaatregel, vermeld in paragraaf 2 en 3, niet van toepassing.".
Als het maximumaantal subsidieerbare uren variabele prestaties voor het werkingsjaar 2023, berekend conform artikel 13/1, § 2, eerste en tweede lid, hoger is dan het totaal aantal uren bekomen overeenkomstig paragraaf 2, tweede lid of indien van toepassing, paragraaf 3, derde lid, dan is de overgangsmaatregel eveneens niet van toepassing.
Art. 10. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, il est insĂ©rĂ© un article 13/1 et un article 13/2, rĂ©digĂ©s comme suit :
Art. 13/1. § 1er. L'agence subventionne les supplĂ©ments de salaire additionnels, visĂ©s Ă  l'article 4, alinĂ©a 1er, 6°, de l'arrĂȘtĂ© du 15 dĂ©cembre 1993, conformĂ©ment aux paragraphes 2 Ă  4.
§ 2. Pour chaque unité de subvention, le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables d'une année d'activité est fixé de la maniÚre suivante sur la base de l'année 2023 :
1° pour un MFC, en ce qui concerne la fonction d'assistance de sĂ©jour, visĂ©e Ă  l'article 10, § 1er, 1°, de l'arrĂȘtĂ© du 26 fĂ©vrier 2016, qui est reprise dans le contrat d'accompagnement enregistrĂ©, visĂ© Ă  l'article 35, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© prĂ©citĂ©, un nombre d'heures de prestations variables est dĂ©terminĂ© par fourchette qui est fixĂ©e dans le tableau 2, qui figure Ă  l'annexe 3, jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. le nombre d'heures de prestations variables par fourchette est dĂ©terminĂ© dans le tableau 1, qui figure Ă  l'annexe 3, jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ© ;
2° pour un offreur de soins autorisĂ©, des heures de prestations variables sont prises en compte sur la base des vouchers qui sont enregistrĂ©s conformĂ©ment Ă  l'article 13 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juin 2016 relatif Ă  l'affectation du budget pour les soins et le soutien non directement accessibles pour personnes handicapĂ©es majeures ainsi qu'aux frais liĂ©s Ă  l'organisation pour les offreurs de soins autorisĂ©s. Le nombre d'heures de prestations variables est dĂ©terminĂ© dans le tableau 2, qui figure Ă  l'annexe 3, jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©, et dĂ©pend des formes d'assistance enregistrĂ©es auprĂšs de l'agence, telles que visĂ©es Ă  l'article 4, 1°, et de leur frĂ©quence ;
3° pour un offreur de soins autorisĂ© qui a enregistrĂ© une convention individuelle de prestation de services auprĂšs de l'agence, telle que visĂ©e Ă  l'article 10, § 1er, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 septembre 2018 relatif aux soins et au soutien pour les personnes atteintes d'une lĂ©sion cĂ©rĂ©brale non congĂ©nitale ou de tĂ©traplĂ©gie suite Ă  une paraplĂ©gie haute, ayant le besoin de soins et de soutien le plus Ă©levĂ©, 12,67 heures de prestations variables sont prises en compte par point de personnel subventionnĂ©, visĂ© Ă  l'article 10, § 1er, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© prĂ©citĂ© ;
4° pour un offreur de soins autorisĂ© qui a enregistrĂ© une convention individuelle de prestation de services auprĂšs de l'agence, telle que visĂ©e Ă  l'article 12, § 1er, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 dĂ©cembre 2018 relatif aux soins et au soutien pour les personnes handicapĂ©es internĂ©es par des offreurs de soins autorisĂ©s, 12,67 heures de prestations variables sont prises en compte par point de personnel subventionnĂ©, visĂ© Ă  l'article 12, § 1er, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© prĂ©citĂ© ;
5° pour les unitĂ©s d'observation de diagnostic et de traitement, 12,67 heures de prestations variables sont prises en compte par point de personnel agréé, visĂ© Ă  l'article 14 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement d'unitĂ©s d'observation, de diagnostic et de traitement ;
6° pour les unitĂ©s pour internĂ©s, 12,67 heures de prestations variables sont prises en compte par point de personnel pour toutes les places pour lesquelles l'unitĂ© pour internĂ©s est agréée, telle que visĂ©e Ă  l'article 16, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement de structures offrant du soutien aux personnes handicapĂ©es en prison, et d'unitĂ©s pour internĂ©s ;
7° pour les services directement accessibles, 0,10 heure de prestations variables est prise en compte par point de personnel agréé, visĂ© Ă  l'article 3 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 fĂ©vrier 2013 relatif Ă  l'aide directement accessible pour les personnes handicapĂ©es.
Les nombres d'heures de prestations variables par unité de subvention obtenue conformément à l'alinéa 1er, 1° à 7°, sont additionnés.
Contrairement à l'alinéa 1er, dans le cas d'une unité de subvention qui a démarré en 2023 ou 2024, le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables est calculé sur la base des données de la premiÚre année complÚte d'activité. Si la premiÚre année d'activité ne comprend pas une année calendaire complÚte, le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables pour cette année d'activité est calculé sur la base des données de la premiÚre année d'activité.
§ 3. Les heures de prestations variables effectuĂ©es, qui ont Ă©tĂ© transmises par l'unitĂ© de subvention Ă  l'agence pour l'annĂ©e d'activitĂ©, conformĂ©ment Ă  l'article 13, alinĂ©a 1er, 1°, sont converties sur la base du tableau 3 figurant Ă  l'annexe 4, jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. Le nombre total d'heures de prestations variables obtenu aprĂšs la conversion susmentionnĂ©e est comparĂ© au nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables, qui est fixĂ© conformĂ©ment au paragraphe 2.
§ 4. L'agence subventionne les heures de prestations variables d'une année d'activité sur la base des heures de prestations variables qui ont été transmises par l'unité de subvention à l'agence pour l'année d'activité, conformément à l'article 13, alinéa 1er, 1°, et aprÚs la conversion visée au paragraphe 3, compte tenu des données visées à l'article 13, alinéa 1er, 2° à 5°.
Si le nombre d'heures de prestations variables effectuées par l'unité de subvention pour une année d'activité qui a été transmis à l'agence conformément à l'article 13, alinéa 1er, 1°, aprÚs la conversion de ces heures visée au paragraphe 3, dépasse le nombre d'heures calculé conformément au paragraphe 2, un montant correspondant à la différence entre ces heures et le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables calculé conformément au paragraphe 2, multiplié par le montant moyen de la subvention par heure variable de cette unité de subvention, est déduit du montant total du prix de revient subventionnable des heures de prestations variables effectuées, aprÚs la conversion de ces heures visée au paragraphe 3.
Art. 13/2. § 1er. Pour les annĂ©es d'activitĂ© 2024, 2025, 2026 et 2027, la mesure transitoire prĂ©vue aux paragraphes 2 et 3 s'applique dans le cas oĂč le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables pour l'annĂ©e d'activitĂ© 2022, calculĂ© conformĂ©ment Ă  l'article 13/1, § 2, alinĂ©as 1er et 2, est infĂ©rieur au nombre maximum actuel d'heures subventionnables de prestations variables pour l'annĂ©e d'activitĂ© 2022 converti conformĂ©ment Ă  l'article 13/1, § 3.
Si le nombre réel d'heures subventionnées de prestations variables pour l'année d'activité 2022, converti conformément à l'article 13/1, § 3, est inférieur au nombre maximum actuel d'heures subventionnables de prestations variables pour l'année d'activité 2022, converti conformément à l'article 13/1, § 3, alors la mesure transitoire, visée aux paragraphes 2 et 3, s'applique si le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables pour l'année d'activité 2022, calculé conformément à l'article 13/1, § 2, alinéas 1er et 2, est inférieur au nombre réel d'heures subventionnables de prestations variables pour l'année d'activité 2022, converti conformément à l'article 13/1, § 3.
§ 2. Pour les unités de subvention auxquelles la mesure transitoire s'applique, le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables est déterminé de la maniÚre suivante : la différence de prix de revient entre le nombre maximum actuel d'heures subventionnables de prestations variables pour l'année d'activité 2022, converti conformément à l'article 13/1, § 3, en cas d'application du paragraphe 1er, alinéa 1er, ou le nombre réel d'heures de prestations variables pour l'année d'activité 2022, converti conformément à l'article 13/1, § 3, en cas d'application du paragraphe 1er, alinéa 2, et le nombre maximum d'heures de prestations variables à subventionner pour l'année d'activité 2022, calculé conformément à l'article 13/1, § 2, alinéas 1er et 2, est converti en un nombre d'heures de prestations variables en divisant cette différence de prix de revient par le prix de revient moyen d'une heure variable pour l'année d'activité 2022 de l'unité de subvention.
Le nombre d'heures de prestations variables obtenu aprÚs l'application du calcul visé à l'alinéa 1er est ajouté au nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables pour l'année d'activité 2022, calculé conformément à l'article 13/1, § 2, alinéas 1er et 2.
Pour l'année d'activité au cours de laquelle la mesure transitoire s'applique, contrairement à l'article 13/1, § 4, le nombre total d'heures de prestations variables, visé à l'alinéa 2, est subventionné par l'agence, sous réserve du paragraphe 3.
§ 3. Le montant correspondant au total des montants dĂ©duits des subventions de l'unitĂ© de subvention au cours de l'annĂ©e d'activitĂ© 2022 en application des dispositions suivantes, Ă©numĂ©rĂ©es aux points 1° Ă  3°, telles qu'en vigueur le jour prĂ©cĂ©dant la date d'entrĂ©e en vigueur de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 7 juin 2024 modifiant divers arrĂȘtĂ©s, en ce qui concerne le subventionnement de prestations variables, est divisĂ© par les coĂ»ts moyens d'une heure variable par unitĂ© de subvention en 2022 :
1° les articles 27 et 28 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juin 2016 portant la transition de personnes handicapĂ©es qui font usage d'un budget d'assistance personnelle ou d'un budget personnalisĂ© ou qui sont soutenues par un centre d'offre de services flexible en faveur de personnes majeures ou un service d'aide Ă  domicile vers un financement qui suit la personne et portant la transition des centres d'offre de services flexible en faveur de personnes majeures et des services d'aide Ă  domicile ;
2° l'article 26/1 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement de structures offrant du soutien aux personnes handicapĂ©es en prison, et d'unitĂ©s pour internĂ©s ;
3° l'article 15 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement d'unitĂ©s d'observation, de diagnostic et de traitement.
Le nombre d'heures obtenu conformément à l'alinéa 1er est déduit du nombre d'heures de prestations variables obtenu en application du paragraphe 2, alinéa 1er.
Le solde éventuel d'heures restant aprÚs l'application des alinéas 1er et 2 est, pour l'application du paragraphe 2, ajouté au nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables de l'année d'activité 2022, calculé conformément à l'article 13/1, § 2, alinéas 1er et 2.
§ 4. Si, aprÚs l'application du paragraphe 3, alinéas 1er et 2, il ne reste plus aucun solde d'heures de prestations variables calculé conformément au paragraphe 2, alinéa 1er, la mesure transitoire visée aux paragraphes 2 et 3 ne s'applique pas. ".
Si le nombre maximum d'heures subventionnables de prestations variables pour l'année d'activité 2023, calculé conformément à l'article 13/1, § 2, alinéas 1er et 2, est supérieur au nombre total d'heures obtenu conformément au paragraphe 2, alinéa 2, ou, le cas échéant, au paragraphe 3, alinéa 3, la mesure transitoire ne s'applique pas non plus.
Art. 11. Aan hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt een bijlage 3 toegevoegd, die als bijlage bij dit besluit is gevoegd.
Art. 11. Le mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, est complĂ©tĂ© par une annexe 3, jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 8. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 november 2017 over de erkenning en subsidiëring van voorzieningen die ondersteuning bieden aan personen met een handicap in de gevangenis, en van units voor geïnterneerden
CHAPITRE 8. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement de structures offrant du soutien aux personnes handicapĂ©es en prison, et d'unitĂ©s pour internĂ©s
Art. 12. In artikel 8, vierde lid van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 november 2017 over de erkenning en subsidiëring van voorzieningen die ondersteuning bieden aan personen met een handicap in de gevangenis, en van units voor geïnterneerden, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 12. Dans l'article 8, alinĂ©a 4, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement de structures offrant du soutien aux personnes handicapĂ©es en prison, et d'unitĂ©s pour internĂ©s, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
Art. 13. In artikel 17, vierde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 13. Dans l'article 17, alinĂ©a 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
Art. 14. Artikel 26/1 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 juni 2018, wordt opgeheven.
Art. 14. L'article 26/1 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 juin 2018, est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 9. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2017 over de erkenning en subsidiëring van observatie-, diagnose- en behandelingsunits
CHAPITRE 9. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement d'unitĂ©s d'observation, de diagnostic et de traitement
Art. 15. In artikel 9, vierde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2017 over de erkenning en subsidiëring van observatie-, diagnose- en behandelingsunits, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 15. Dans l'article 9, alinĂ©a 4, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement d'unitĂ©s d'observation, de diagnostic et de traitement, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
Art. 16. Artikel 15 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 16. L'article 15 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 10. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 september 2018 over de zorg en ondersteuning voor personen met een niet-aangeboren hersenletsel of tetraplegie ten gevolge van een hoge dwarslaesie met de hoogste zorg- en ondersteuningsnood
CHAPITRE 10. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 septembre 2018 relatif aux soins et au soutien pour les personnes atteintes d'une lĂ©sion cĂ©rĂ©brale non congĂ©nitale ou de tĂ©traplĂ©gie suite Ă  une paraplĂ©gie haute, ayant le besoin de soins et de soutien le plus Ă©levĂ©
Art. 17. In artikel 10, § 2, vierde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 28 september 2018 over de zorg en ondersteuning voor personen met een niet-aangeboren hersenletsel of tetraplegie ten gevolge van een hoge dwarslaesie met de hoogste zorg- en ondersteuningsnood, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 17. Dans l'article 10, § 2, alinĂ©a 4, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 septembre 2018 relatif aux soins et au soutien pour les personnes atteintes d'une lĂ©sion cĂ©rĂ©brale non congĂ©nitale ou de tĂ©traplĂ©gie suite Ă  une paraplĂ©gie haute, ayant le besoin de soins et de soutien le plus Ă©levĂ©s, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
HOOFDSTUK 11. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018 over de zorg en ondersteuning voor geĂŻnterneerde personen met een handicap door vergunde zorgaanbieders
CHAPITRE 11. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 dĂ©cembre 2018 relatif aux soins et au soutien pour les personnes handicapĂ©es internĂ©es par des offreurs de soins autorisĂ©s
Art. 18. In artikel 12, § 2, vierde lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018 over de zorg en ondersteuning voor geïnterneerde personen met een handicap door vergunde zorgaanbieders, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2024, wordt de zinsnede "artikel 8, § 1, van het besluit van de Vlaamse regering van 15 december 1993 houdende de subsidiëring van de personeelskosten in bepaalde voorzieningen van de welzijnssector" vervangen door de zinsnede "artikel 13/1 en 13/2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten".
Art. 18. Dans l'article 12, § 2, alinĂ©a 4, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 dĂ©cembre 2018 relatif aux soins et au soutien pour les personnes handicapĂ©es internĂ©es par des offreurs de soins autorisĂ©s, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2024, le membre de phrase " Ă  l'article 8, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 dĂ©cembre 1993 rĂ©glant l'octroi de subventions pour les frais de personnel dans certaines structures du secteur de l'aide sociale " est remplacĂ© par le membre de phrase " aux articles 13/1 et 13/2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel ".
HOOFDSTUK 12. - Slotbepalingen
CHAPITRE 12. - Dispositions finales
Art. 19. Vanaf 1 januari 2026 vallen de internaten, vermeld in artikel 1, 5°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 31 augustus 2023 over de transitie van sommige instellingen van Onderwijs naar Welzijn, die zijn erkend als MFC met toepassing van de procedure, vermeld in artikel 3 tot en met 5 van het voormelde besluit, onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten, zoals gewijzigd bij artikel 7 tot en met 11 van dit besluit.
Art. 19. A partir du 1er janvier 2026, les internats visĂ©s Ă  l'article 1er, 5°, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 31 aoĂ»t 2023 relatif Ă  la transition de certains Ă©tablissements du domaine politique de l'Enseignement vers le domaine politique du Bien-Etre, qui ont Ă©tĂ© agréés en tant que MFC en application de la procĂ©dure visĂ©e aux articles 3 Ă  5 de l'arrĂȘtĂ© prĂ©citĂ©, relĂšvent de l'application de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel, tel que modifiĂ© par les articles 7 Ă  11 du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 20. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2024.
Art. 20. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© produit ses effets Ă  partir du 1er janvier 2024.
Art. 21. De Vlaamse minister, bevoegd voor de personen met een beperking, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 21. Le ministre flamand qui a les personnes handicapĂ©es dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Bijlage 3 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten
Bijlage 3. Tabellen als vermeld in artikel 13/1
Tabel 1
Art. N. Annexe 3 Ă  l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel
Annexe 3. Tableaux visés à l'article 13/1
Tableau 1
ondersteuningsfunctie frequentie uren per week
verblijf vork 2/3 nachten 3,07
verblijf vork 4/5 nachten deeltijds 2,56
verblijf vork 4/5 nachten 5,11
verblijf vork 6/7 nachten 34,98
ondersteuningsfunctie frequentie uren per week verblijf vork 2/3 nachten 3,07 verblijf vork 4/5 nachten deeltijds 2,56 verblijf vork 4/5 nachten 5,11 verblijf vork 6/7 nachten 34,98
Tabel 2
Fonction d'assistance Fréquence Heures par semaine
Séjour Fourchette de 2/3 nuits 3,07
Séjour Fourchette de 4/5 nuits à temps partiel 2,56
Séjour Fourchette de 4/5 nuits 5,11
Séjour Fourchette de 6/7 nuits 34,98
Fonction d'assistance Fréquence Heures par semaine Séjour Fourchette de 2/3 nuits 3,07 Séjour Fourchette de 4/5 nuits à temps partiel 2,56 Séjour Fourchette de 4/5 nuits 5,11 Séjour Fourchette de 6/7 nuits 34,98
Tableau 2
ondersteuningsfunctie frequentie uren per voucherpunt
dagondersteuning meer dan 5 dagen 0,68
dagondersteuning meer dan 6 dagen 4,05
woonondersteuning tot 5 dagen 3,20
woonondersteuning meer dan 5 dagen 0,68
woonondersteuning meer dan 6 dagen 4,05
psychosociale begeleiding zonder woon- en dagondersteuning 2,51
ondersteuningsfunctie frequentie uren per voucherpunt dagondersteuning meer dan 5 dagen 0,68 dagondersteuning meer dan 6 dagen 4,05 woonondersteuning tot 5 dagen 3,20 woonondersteuning meer dan 5 dagen 0,68 woonondersteuning meer dan 6 dagen 4,05 psychosociale begeleiding zonder woon- en dagondersteuning 2,51
Tabel 3
Fonction d'assistance Fréquence Heures par point voucher
Assistance de jour Plus de 5 jours 0,68
Assistance de jour Plus de 6 jours 4,05
Assistance au logement Jusqu'Ă  5 jours 3,20
Assistance au logement Plus de 5 jours 0,68
Assistance au logement Plus de 6 jours 4,05
Accompagnement psychosocial sans assistance au logement et de jour 2,51
Fonction d'assistance Fréquence Heures par point voucher Assistance de jour Plus de 5 jours 0,68 Assistance de jour Plus de 6 jours 4,05 Assistance au logement Jusqu'à 5 jours 3,20 Assistance au logement Plus de 5 jours 0,68 Assistance au logement Plus de 6 jours 4,05 Accompagnement psychosocial sans assistance au logement et de jour 2,51
Tableau 3
variabel uur variabel uur na omzetting
één zaterdaguur 1,00
één zondaguur 5,00
één avonduur 1,00
één nachtuur 1,00
één feestdaguur 2,50
variabel uur variabel uur na omzetting één zaterdaguur 1,00 één zondaguur 5,00 één avonduur 1,00 één nachtuur 1,00 één feestdaguur 2,50
Heure variable Heure variable aprĂšs la conversion
Une heure le samedi 1,00
Une heure le dimanche 5,00
Une heure le soir 1,00
Une heure la nuit 1,00
Une heure un jour férié 2,50
Heure variable Heure variable aprÚs la conversion Une heure le samedi 1,00 Une heure le dimanche 5,00 Une heure le soir 1,00 Une heure la nuit 1,00 Une heure un jour férié 2,50