Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
21 JUNI 2024. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering, wat betreft de structuur en organisatie van het leerplichtonderwijs, het volwassenenonderwijs, het deeltijds kunstonderwijs en het hoger onderwijs
Titre
21 JUIN 2024. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant divers arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand, en ce qui concerne la structure et l'organisation de l'enseignement obligatoire, de l'Ă©ducation des adultes, de l'enseignement artistique Ă temps partiel et de l'enseignement supĂ©rieur
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het besluit van de...
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het besluit van ...
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het besluit van de...
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van het besluit van ...
HOOFDSTUK 5. - Wijziging van het besluit van de...
HOOFDSTUK 6. - Wijziging van het besluit van de...
HOOFDSTUK 7. - Wijzigingen van het besluit van ...
HOOFDSTUK 8. - Wijzigingen van besluit van de V...
HOOFDSTUK 9. - Wijziging van het besluit van de...
HOOFDSTUK 10. - Wijziging van het besluit van d...
HOOFDSTUK 11. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 12. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 13. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 14. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 15. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 16. - Wijziging van het besluit van d...
HOOFDSTUK 17. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 18. - Wijziging van het besluit van d...
HOOFDSTUK 19. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 20. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 21. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 22. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 23. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 24. - Wijziging van het besluit van d...
HOOFDSTUK 25. - Wijziging van het besluit van d...
HOOFDSTUK 26. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 27. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 28. - Wijzigingen van het besluit van...
HOOFDSTUK 29. - Wijziging van het besluit van d...
HOOFDSTUK 30. - Slotbepalingen
BIJLAGE.
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 2. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 3. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouve...
CHAPITRE 4. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 5. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouve...
CHAPITRE 6. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouve...
CHAPITRE 7. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 8. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 9. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouve...
CHAPITRE 10. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 11. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 12. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 13. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 14. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 15. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 16. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 17. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 18. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 19. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 20. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 21. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 22. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 23. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 24. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 25. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 26. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 27. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 28. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gou...
CHAPITRE 29. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouv...
CHAPITRE 30. - Dispositions finales
Tekst (102)
Texte (100)
HOOFDSTUK 1. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 1989 tot vaststelling van de algemene vakken, de kunstvakken, de technische vakken en de praktische vakken in de instellingen voor voltijds secundair onderwijs en in de instellingen voor voltijds secundair onderwijs die als centra voor deeltijds beroepssecundair onderwijs fungeren, georganiseerd of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap, met uitzondering van de instellingen voor buitengewoon secundair onderwijs
CHAPITRE 1er. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 juin 1989 dĂ©terminant les cours gĂ©nĂ©raux, les cours artistiques, les cours techniques et les cours pratiques dans les Ă©tablissements d'enseignement secondaire Ă temps plein et dans les Ă©tablissements d'enseignement secondaire Ă temps plein qui fonctionnent comme centres d'enseignement secondaire professionnel Ă temps partiel organisĂ©s ou subventionnĂ©s par la CommunautĂ© flamande, Ă l'exception des Ă©tablissements d'enseignement secondaire spĂ©cial
Artikel 1. In artikel 4, § 3, van het besluit van de Vlaamse regering van 5 juni 1989 tot vaststelling van de algemene vakken, de kunstvakken, de technische vakken en de praktische vakken in de instellingen voor voltijds secundair onderwijs en in de instellingen voor voltijds secundair onderwijs die als centra voor deeltijds beroepssecundair onderwijs fungeren, georganiseerd of gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap, met uitzondering van de instellingen voor buitengewoon secundair onderwijs, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 30 mei 1996 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 9 oktober 2009, worden de woorden "opleiding verpleegkunde" vervangen door de woorden "de opleidingen".
Article 1er. Dans l'article 4, § 3, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 juin 1989 dĂ©terminant les cours gĂ©nĂ©raux, les cours artistiques, les cours techniques et les cours pratiques dans les Ă©tablissements d'enseignement secondaire Ă temps plein et dans les Ă©tablissements d'enseignement secondaire Ă temps plein qui fonctionnent comme centres d'enseignement secondaire professionnel Ă temps partiel organisĂ©s ou subventionnĂ©s par la CommunautĂ© flamande, Ă l'exception des Ă©tablissements d'enseignement secondaire spĂ©cial, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 30 mai 1996 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 9 octobre 2009, les mots " Ă la formation de nursing " sont remplacĂ©s par les mots " aux formations ".
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse regering van 31 juli 1990 tot vastlegging van het pakket "uren-leraar" in het voltijds secundair onderwijs
CHAPITRE 2. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 fixant le capital " pĂ©riodes-professeur " dans l'enseignement secondaire Ă temps plein
Art. 2. In artikel 4 van het besluit van de Vlaamse regering van 31 juli 1990 tot vastlegging van het pakket "uren-leraar" in het voltijds secundair onderwijs, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 november 2021 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 2 september 2022 en 22 september 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, 2°, i), worden de woorden "zonder HBO verpleegkunde maar" opgeheven;
  2° in paragraaf 2, 2°, worden de woorden "HBO verpleegkunde" vervangen door de woorden "het hoger beroepsonderwijs";
  3° in paragraaf 4, eerste lid, worden de woorden "HBO verpleegkunde" vervangen door de woorden "het hoger beroepsonderwijs".
  1° in paragraaf 1, 2°, i), worden de woorden "zonder HBO verpleegkunde maar" opgeheven;
  2° in paragraaf 2, 2°, worden de woorden "HBO verpleegkunde" vervangen door de woorden "het hoger beroepsonderwijs";
  3° in paragraaf 4, eerste lid, worden de woorden "HBO verpleegkunde" vervangen door de woorden "het hoger beroepsonderwijs".
Art. 2. A l'article 4 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 31 juillet 1990 fixant le capital " pĂ©riodes-professeur " dans l'enseignement secondaire Ă temps plein, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 novembre 2021 et modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 2 septembre 2022 et 22 septembre 2023, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° au paragraphe 1er, 2°, i), les mots " sans le HBO en nursing mais " sont abrogés ;
  2° au paragraphe 2, 2°, les mots " ESP soins infirmiers " sont remplacés par les mots " de l'enseignement supérieur professionnel " ;
  3° au paragraphe 4, alinéa 1er, les mots " ESP soins infirmiers " sont remplacés par les mots " de l'enseignement supérieur professionnel ".
  1° au paragraphe 1er, 2°, i), les mots " sans le HBO en nursing mais " sont abrogés ;
  2° au paragraphe 2, 2°, les mots " ESP soins infirmiers " sont remplacés par les mots " de l'enseignement supérieur professionnel " ;
  3° au paragraphe 4, alinéa 1er, les mots " ESP soins infirmiers " sont remplacés par les mots " de l'enseignement supérieur professionnel ".
Art. 3. In artikel 6, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 november 2021, worden de woorden "HBO verpleegkunde" vervangen door de woorden "het hoger beroepsonderwijs".
Art. 3. Dans l'article 6, § 1er, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 novembre 2021, les mots " nursing HBO " sont remplacĂ©s par les mots " l'enseignement supĂ©rieur professionnel ".
Art. 4. Aan artikel 13bis van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt een tweede lid toegevoegd dat luidt als volgt:
  "Het eerste lid, 3° is eveneens van toepassing bij de overdracht van uren-leraar van een school voor voltijds gewoon secundair onderwijs naar een andere partner van het samenwerkingsverband, zoals vermeld in artikel II.397 van de Codex Hoger Onderwijs.".
  "Het eerste lid, 3° is eveneens van toepassing bij de overdracht van uren-leraar van een school voor voltijds gewoon secundair onderwijs naar een andere partner van het samenwerkingsverband, zoals vermeld in artikel II.397 van de Codex Hoger Onderwijs.".
Art. 4. L'article 13bis du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est complĂ©tĂ© par un alinĂ©a 2, rĂ©digĂ© comme suit :
  " L'alinéa 1er, 3°, s'applique également lors du transfert de périodes-professeur d'une école d'enseignement secondaire ordinaire à temps plein vers un autre partenaire du partenariat tel que visé à l'article II.397 du Code de l'Enseignement supérieur. ".
  " L'alinéa 1er, 3°, s'applique également lors du transfert de périodes-professeur d'une école d'enseignement secondaire ordinaire à temps plein vers un autre partenaire du partenariat tel que visé à l'article II.397 du Code de l'Enseignement supérieur. ".
Art. 5. Artikel 13ter van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 3 juli 2015 en 22 september 2023, wordt opgeheven.
Art. 5. L'article 13ter du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 3 juillet 2015 et 22 septembre 2023, est abrogĂ©.
Art. 6. Bijlage 1 bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van 12 november 2021 en vervangen bij het besluit van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 1, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 6. L'annexe 1re du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du 12 novembre 2021 et remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 1re jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs
CHAPITRE 3. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 juin 1997 relatif au cadre organique dans l'enseignement fondamental ordinaire
Art. 7. In artikel 6 van het besluit van de Vlaamse regering van 17 juni 1997 betreffende de personeelsformatie in het gewoon basisonderwijs, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 oktober 2012 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 15 maart 2019, 3 mei 2019 en 10 februari 2023, wordt paragraaf 5 opnieuw opgenomen in de volgende lezing:
  " § 5. Met toepassing van artikel 140, § 1, 6°, van het decreet wordt de indicator leerlingen die gebruik maken van een jeugdhulpverleningsbeslissing als vermeld in artikel 140, § 1, 6°, c), van het decreet, vastgesteld door AGODI, de verwerkingsverantwoordelijke, op basis van de data van het agentschap Opgroeien. Als er geen automatische data-uitwisseling met het agentschap Opgroeien plaatsvindt, wordt het voldoen aan de voormelde indicator vastgesteld op basis van een bewijs van het gebruik van een jeugdhulpverleningsbeslissing als vermeld in artikel 2, § 1, 28°, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, voor verblijf op verwijzing van een gemandateerde voorziening of een Sociale Dienst Jeugdrechtbank.".
  " § 5. Met toepassing van artikel 140, § 1, 6°, van het decreet wordt de indicator leerlingen die gebruik maken van een jeugdhulpverleningsbeslissing als vermeld in artikel 140, § 1, 6°, c), van het decreet, vastgesteld door AGODI, de verwerkingsverantwoordelijke, op basis van de data van het agentschap Opgroeien. Als er geen automatische data-uitwisseling met het agentschap Opgroeien plaatsvindt, wordt het voldoen aan de voormelde indicator vastgesteld op basis van een bewijs van het gebruik van een jeugdhulpverleningsbeslissing als vermeld in artikel 2, § 1, 28°, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, voor verblijf op verwijzing van een gemandateerde voorziening of een Sociale Dienst Jeugdrechtbank.".
Art. 7. A l'article 6 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 juin 1997 relatif au cadre organique dans l'enseignement fondamental ordinaire, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 octobre 2012 et modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 15 mars 2019, 3 mai 2019 et 10 fĂ©vrier 2023, le paragraphe 5 est rĂ©tabli dans la rĂ©daction suivante :
  " § 5. En application de l'article 140, § 1er, 6°, du décret, l'indicateur " élÚves qui utilisent une décision de services d'aide à la jeunesse " tel que visé à l'article 140, § 1er, 6°, c), du décret, est déterminé par AGODI, le responsable du traitement, sur la base des données de l'agence Grandir (" agentschap Opgroeien "). S'il n'y a pas d'échange automatique de données avec l'agence Grandir, le respect de l'indicateur précité est déterminé sur la base d'une preuve du recours à une décision d'aide à la jeunesse telle que visée à l'article 2, § 1er, 28°, du décret du 12 juillet 2013 relatif à l'aide intégrale à la jeunesse, pour un séjour sur renvoi d'une structure mandatée ou d'un Service social du Tribunal de la jeunesse. ".
  " § 5. En application de l'article 140, § 1er, 6°, du décret, l'indicateur " élÚves qui utilisent une décision de services d'aide à la jeunesse " tel que visé à l'article 140, § 1er, 6°, c), du décret, est déterminé par AGODI, le responsable du traitement, sur la base des données de l'agence Grandir (" agentschap Opgroeien "). S'il n'y a pas d'échange automatique de données avec l'agence Grandir, le respect de l'indicateur précité est déterminé sur la base d'une preuve du recours à une décision d'aide à la jeunesse telle que visée à l'article 2, § 1er, 28°, du décret du 12 juillet 2013 relatif à l'aide intégrale à la jeunesse, pour un séjour sur renvoi d'une structure mandatée ou d'un Service social du Tribunal de la jeunesse. ".
HOOFDSTUK 4. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse regering van 16 september 1997 betreffende de controle op de inschrijvingen van leerlingen in het secundair onderwijs of in het stelsel van leren en werken
CHAPITRE 4. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 septembre 1997 relatif au contrĂŽle des inscriptions d'Ă©lĂšves dans l'enseignement secondaire ou dans le systĂšme d'apprentissage et de travail
Art. 8. In artikel 14ter, eerste lid, 1°, van het besluit van de Vlaamse regering van 16 september 1997 betreffende de controle op de inschrijvingen van leerlingen in het secundair onderwijs of in het stelsel van leren en werken, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 maart 2003, wordt punt b) opgeheven.
Art. 8. Dans l'article 14ter, alinĂ©a 1er, 1°, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 septembre 1997 relatif au contrĂŽle des inscriptions d'Ă©lĂšves dans l'enseignement secondaire ou dans le systĂšme d'apprentissage et de travail, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 21 mars 2003, le point b) est abrogĂ©.
Art. 9. In artikel 14septies, eerste lid, 1°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 juli 2005 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 9 oktober 2009 een 22 september 2023, wordt de zinsnede ", verpleegkunde" opgeheven.
Art. 9. Dans l'article 14septies, alinĂ©a 1er, 1°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 juillet 2005 et modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 9 octobre 2009 et 22 septembre 2023, le membre de phrase " , nursing, " est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 5. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 12 november 1997 betreffende de controle op de inschrijvingen van leerlingen in het basisonderwijs
CHAPITRE 5. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 novembre 1997 relatif au contrĂŽle des inscriptions d'Ă©lĂšves dans l'enseignement fondamental
Art. 10. In artikel 10ter, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse regering van 12 november 1997 betreffende de controle op de inschrijvingen van leerlingen in het basisonderwijs, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 maart 2003 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2010, wordt punt a) opgeheven.
Art. 10. Dans l'article 10ter, alinĂ©a 1er, 2°, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 novembre 1997 relatif au contrĂŽle des inscriptions d'Ă©lĂšves dans l'enseignement fondamental, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 21 mars 2003 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 10 septembre 2010, le point a) est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 6. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 1998 betreffende de regels voor het uitreiken van het getuigschrift van basisonderwijs en het vastleggen van de vorm ervan
CHAPITRE 6. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 1998 dĂ©terminant la forme et la procĂ©dure de dĂ©livrance du certificat d'enseignement fondamental
Art. 11. Bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse regering van 24 november 1998 betreffende de regels voor het uitreiken van het getuigschrift van basisonderwijs en het vastleggen van de vorm ervan, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 2 september 2022, wordt vervangen door bijlage 2, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 11. L'annexe 1re de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 1998 dĂ©terminant la forme et la procĂ©dure de dĂ©livrance du certificat d'enseignement fondamental, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 2 septembre 2022, est remplacĂ©e par l'annexe 2 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ© :
HOOFDSTUK 7. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 1999 betreffende een geĂŻntegreerde economische boekhouding en budgettaire rapportering voor de scholengroepen en het centrale niveau van het gemeenschapsonderwijs
CHAPITRE 7. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 6 juillet 1999 relatif Ă une comptabilitĂ© Ă©conomique intĂ©grĂ©e et un compte rendu budgĂ©taire pour les groupes d'Ă©coles et le niveau central de l'enseignement communautaire
Art. 12. In artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 1999 betreffende een geĂŻntegreerde economische boekhouding en budgettaire rapportering voor de scholengroepen en het centrale niveau van het gemeenschapsonderwijs worden de woorden "de Vlaamse minister bevoegd voor onderwijs en ambtenarenzaken" vervangen door de zinsnede "de Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming".
Art. 12. Dans l'article 2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 6 juillet 1999 relatif Ă une comptabilitĂ© Ă©conomique intĂ©grĂ©e et un compte rendu budgĂ©taire pour les groupes d'Ă©coles et le niveau central de l'enseignement communautaire, les mots " le Ministre flamand ayant l'Enseignement et la Fonction publique dans ses attributions " sont remplacĂ©s par les mots " le ministre flamand qui a l'enseignement et la formation dans ses attributions ".
Art. 13. In artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 november 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het derde lid, 1°, wordt de zinsnede ", internaat (inclusief internaat van het Gemeenschapsonderwijs dat voorziet in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen)," vervangen door de zinsnede ", onderwijsinternaat, leersteuncentrum, residentiële voorziening, vermeld in artikel 2, § 1, 49° en 55° /1, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, of een multifunctioneel centrum als bepaald in het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap,";
  2° in het vijfde lid wordt het woord "departement" vervangen door het woord "beleidsdomein".
  1° in het derde lid, 1°, wordt de zinsnede ", internaat (inclusief internaat van het Gemeenschapsonderwijs dat voorziet in verblijf en begeleiding tijdens schoolvrije dagen)," vervangen door de zinsnede ", onderwijsinternaat, leersteuncentrum, residentiële voorziening, vermeld in artikel 2, § 1, 49° en 55° /1, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, of een multifunctioneel centrum als bepaald in het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap,";
  2° in het vijfde lid wordt het woord "departement" vervangen door het woord "beleidsdomein".
Art. 13. A l'article 6 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 21 novembre 2014, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans l'alinĂ©a 3, 1°, le membre de phrase " un internat (y compris l'internat de l'enseignement communautaire assurant l'hĂ©bergement et l'accompagnement pendant les jours oĂč il n'y a pas de cours), " est remplacĂ© par le membre de phrase " un internat de l'enseignement, un centre de soutien Ă l'apprentissage, une structure rĂ©sidentielle visĂ©e Ă l'article 2, § 1er, 49° et 55° /1, du dĂ©cret du 12 juillet 2013 relatif Ă l'aide intĂ©grale Ă la jeunesse, ou un centre multifonctionnel tel que visĂ© Ă l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures, " ;
  2° dans l'alinéa 5, le mot " Département " est remplacé par les mots " domaine politique ".
  1° dans l'alinĂ©a 3, 1°, le membre de phrase " un internat (y compris l'internat de l'enseignement communautaire assurant l'hĂ©bergement et l'accompagnement pendant les jours oĂč il n'y a pas de cours), " est remplacĂ© par le membre de phrase " un internat de l'enseignement, un centre de soutien Ă l'apprentissage, une structure rĂ©sidentielle visĂ©e Ă l'article 2, § 1er, 49° et 55° /1, du dĂ©cret du 12 juillet 2013 relatif Ă l'aide intĂ©grale Ă la jeunesse, ou un centre multifonctionnel tel que visĂ© Ă l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures, " ;
  2° dans l'alinéa 5, le mot " Département " est remplacé par les mots " domaine politique ".
Art. 14. In artikel 59, § 2, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede ", 1 vertegenwoordiger van het departement Algemene Zaken en Financiën, 1 vertegenwoordiger aangeduid door het departement Onderwijs," vervangen door de zinsnede ", 1 vertegenwoordiger van het Departement Financiën en Begroting, 1 vertegenwoordiger die Agodi aanwijst,".
Art. 14. Dans l'article 59, § 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, le membre de phrase " d'un (1) reprĂ©sentant du DĂ©partement des Affaires gĂ©nĂ©rales et des Finances, d'un (1) reprĂ©sentant dĂ©signĂ© par le DĂ©partement de l'Enseignement, " est remplacĂ© par le membre de phrase " , 1 reprĂ©sentant du DĂ©partement des Finances et du Budget, 1 reprĂ©sentant dĂ©signĂ© par AGODI, ".
HOOFDSTUK 8. - Wijzigingen van besluit van de Vlaamse regering van 17 maart 2000 houdende de regeling van de procedure en de voorwaarden voor subsidiëring van studenten- en leerlingenkoepelverenigingen
CHAPITRE 8. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 mars 2000 portant rĂšglement de la procĂ©dure et des modalitĂ©s d'octroi de subventions aux associations coordinatrices d'Ă©tudiants et d'Ă©lĂšves
Art. 15. In artikel 7 van het besluit van de Vlaamse regering van 17 maart 2000 houdende de regeling van de procedure en de voorwaarden voor subsidiëring van studenten- en leerlingenkoepelverenigingen, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 augustus 2020, wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De koepelvereniging kan sociaal passief opbouwen met de middelen van de subsidie die op het einde van het werkingsjaar niet werden aangewend. De koepelvereniging kan nooit meer sociaal passief aanleggen dan nodig is om de wettelijke verplichtingen na te komen. De berekening van het sociaal passief moet jaarlijks samen met het financieel verslag opnieuw ter goedkeuring worden voorgelegd aan de administratie.".
  "De koepelvereniging kan sociaal passief opbouwen met de middelen van de subsidie die op het einde van het werkingsjaar niet werden aangewend. De koepelvereniging kan nooit meer sociaal passief aanleggen dan nodig is om de wettelijke verplichtingen na te komen. De berekening van het sociaal passief moet jaarlijks samen met het financieel verslag opnieuw ter goedkeuring worden voorgelegd aan de administratie.".
Art. 15. L'article 7 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 mars 2000 portant rĂšglement de la procĂ©dure et des modalitĂ©s d'octroi de subventions aux associations coordinatrices d'Ă©tudiants et d'Ă©lĂšves, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 aoĂ»t 2020, est complĂ©tĂ© par un alinĂ©a 2, rĂ©digĂ© comme suit :
  " L'association coordinatrice peut construire du passif social avec les moyens de la subvention qui n'ont pas Ă©tĂ© utilisĂ©s Ă la fin de l'annĂ©e d'activitĂ©. L'association coordinatrice ne peut jamais constituer plus de passif social que nĂ©cessaire pour remplir les obligations lĂ©gales. Le calcul du passif social doit ĂȘtre soumis chaque annĂ©e Ă nouveau Ă l'administration pour approbation, en mĂȘme temps que le rapport financier. ".
  " L'association coordinatrice peut construire du passif social avec les moyens de la subvention qui n'ont pas Ă©tĂ© utilisĂ©s Ă la fin de l'annĂ©e d'activitĂ©. L'association coordinatrice ne peut jamais constituer plus de passif social que nĂ©cessaire pour remplir les obligations lĂ©gales. Le calcul du passif social doit ĂȘtre soumis chaque annĂ©e Ă nouveau Ă l'administration pour approbation, en mĂȘme temps que le rapport financier. ".
Art. 16. Artikel 8 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
  "De koepelvereniging rapporteert elk werkingsjaar aan de hand van een jaarverslag binnen een termijn van maximaal 6 maanden na de werkingsperiode waarop ze betrekking heeft.".
  "De koepelvereniging rapporteert elk werkingsjaar aan de hand van een jaarverslag binnen een termijn van maximaal 6 maanden na de werkingsperiode waarop ze betrekking heeft.".
Art. 16. L'article 8 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
  " Chaque année d'activité, l'association coordinatrice rend compte au moyen d'un rapport annuel dans un délai maximal de six mois aprÚs la période d'activité auquel il se rapporte. ".
  " Chaque année d'activité, l'association coordinatrice rend compte au moyen d'un rapport annuel dans un délai maximal de six mois aprÚs la période d'activité auquel il se rapporte. ".
HOOFDSTUK 9. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 21 februari 2003 tot vaststelling van de gelijkwaardigheid van Vlaamse en Nederlandse studiebewijzen voor het voltijds secundair onderwijs
CHAPITRE 9. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 21 fĂ©vrier 2003 fixant l'Ă©quivalence des titres flamands et nĂ©erlandais d'enseignement secondaire Ă temps plein
Art. 17. De bijlage bij hetzelfde besluit wordt vervangen door de bijlage 3 die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 17. L'annexe au mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ©e par l'annexe 3 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 10. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 5 maart 2004betreffende de puntenenveloppen voor de scholengemeenschappen basisonderwijs
CHAPITRE 10. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 mars 2004 relatif aux enveloppes de points pour les centres d'enseignement de l'enseignement fondamental
Art. 18. In artikel 4, 2°, van het besluit van de Vlaamse regering van 5 maart 2004 betreffende de puntenenveloppen voor de scholengemeenschappen basisonderwijs, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 september 2018, wordt punt b) opgeheven.
Art. 18. Dans l'article 4, 2°, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 mars 2004 relatif aux enveloppes de points pour les centres d'enseignement de l'enseignement fondamental, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 7 septembre 2018, le point b) est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 11. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 2007 tot vaststelling van de indienings- en adviseringsprocedure voor voorstellen van nieuwe structuuronderdelen in het secundair onderwijs dat niet of niet automatisch tot een onderwijskwalificatie leidt
CHAPITRE 11. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 6 juillet 2007 Ă©tablissant la procĂ©dure d'introduction et de consultation pour les propositions de nouvelles subdivisions structurelles dans l'enseignement secondaire qui ne conduit pas ou pas automatiquement Ă une qualification d'enseignement
Art. 19. In artikel 6/1, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 juli 2007 tot vaststelling van de indienings- en adviseringsprocedure voor voorstellen van nieuwe structuuronderdelen in het secundair onderwijs dat niet of niet automatisch tot een onderwijskwalificatie leidt, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021, wordt een punt 4° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "4° /1 de schrapping uit de samenstelling van een structuuronderdeel van een door de Vlaamse Regering opgeheven beroepskwalificatie, een deelkwalificatie of sets van competenties daaruit, zonder dat die schrapping leidt tot een andere benaming van het structuuronderdeel of een wijziging van de competenties;".
  "4° /1 de schrapping uit de samenstelling van een structuuronderdeel van een door de Vlaamse Regering opgeheven beroepskwalificatie, een deelkwalificatie of sets van competenties daaruit, zonder dat die schrapping leidt tot een andere benaming van het structuuronderdeel of een wijziging van de competenties;".
Art. 19. Dans l'article 6/1, § 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 6 juillet 2007 Ă©tablissant la procĂ©dure d'introduction et de consultation pour les propositions de nouvelles subdivisions structurelles dans l'enseignement secondaire qui ne conduit pas ou pas automatiquement Ă une qualification d'enseignement, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 juillet 2021, le point 4° /1 est insĂ©rĂ©, rĂ©digĂ© comme suit :
  " 4° /1 la suppression de la composition d'une subdivision structurelle d'une qualification professionnelle abrogée par le Gouvernement flamand, d'une qualification partielle ou d'ensembles de compétences relevant de la qualification, sans que cette suppression ne conduise à une autre dénomination de la subdivision structurelle ou à une modification des compétences ; ".
  " 4° /1 la suppression de la composition d'une subdivision structurelle d'une qualification professionnelle abrogée par le Gouvernement flamand, d'une qualification partielle ou d'ensembles de compétences relevant de la qualification, sans que cette suppression ne conduise à une autre dénomination de la subdivision structurelle ou à une modification des compétences ; ".
HOOFDSTUK 12. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 juli 2007 betreffende het onderwijs aan huis voor zieke kinderen en jongeren
CHAPITRE 12. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 13 juillet 2007 relatif Ă l'enseignement en milieu familial destinĂ© aux enfants et jeunes malades
Art. 20. Aan artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 juli 2007 betreffende het onderwijs aan huis voor zieke kinderen en jongeren, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 19 juni 2009 en 17 december 2010, worden een punt 8° en 9° toegevoegd, die luiden als volgt:
  "8° Vlaams detentiecentrum: een Vlaams detentiecentrum als vermeld in artikel 41 van het decreet van 15 februari 2019 betreffende het jeugddelinquentierecht;
  9° voorziening veilig verblijf: een voorziening als vermeld in artikel 15 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019 betreffende de erkenningsvoorwaarden en de subsidienormen voor voorzieningen in de jeugdhulp.".
  "8° Vlaams detentiecentrum: een Vlaams detentiecentrum als vermeld in artikel 41 van het decreet van 15 februari 2019 betreffende het jeugddelinquentierecht;
  9° voorziening veilig verblijf: een voorziening als vermeld in artikel 15 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019 betreffende de erkenningsvoorwaarden en de subsidienormen voor voorzieningen in de jeugdhulp.".
Art. 20. L'article 2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 13 juillet 2007 relatif Ă l'enseignement en milieu familial destinĂ© aux enfants et jeunes malades, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 19 juin 2009 et 17 dĂ©cembre 2010, est complĂ©tĂ© par les points 8° et 9°, rĂ©digĂ©s comme suit :
  " 8° centre de détention flamand : un centre de détention flamand tel que visé à l'article 41 du décret du 15 février 2019 sur le droit en matiÚre de délinquance juvénile ;
  9° structure de sĂ©jour sĂ»r : une structure telle que visĂ©e Ă l'article 15 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 avril 2019 relatif aux conditions d'agrĂ©ment et aux normes de subventionnement des structures d'aide Ă la jeunesse. ".
  " 8° centre de détention flamand : un centre de détention flamand tel que visé à l'article 41 du décret du 15 février 2019 sur le droit en matiÚre de délinquance juvénile ;
  9° structure de sĂ©jour sĂ»r : une structure telle que visĂ©e Ă l'article 15 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 avril 2019 relatif aux conditions d'agrĂ©ment et aux normes de subventionnement des structures d'aide Ă la jeunesse. ".
Art. 21. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 maart 2019, wordt een hoofdstuk II/1, dat bestaat uit artikel 7/1 tot en met 7/5 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Hoofdstuk II/1. Tijdelijk onderwijs aan huis voor leerlingen die verblijven in een ziekenhuis waar geen onderwijsaanbod aanwezig is en voor leerlingen die opgenomen zijn in voorzieningen veilig verblijf en het Vlaams detentiecentrum
  Art. 7/1. Voor een leerling die verblijft in een ziekenhuis waar geen onderwijs van type 5 gefinancierd of gesubsidieerd wordt of dat geen dienst met onderwijsbehoeften is als vermeld in deel IV, hoofdstuk 2, van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016, geldt de voorwaarde van maximale afstand, vermeld in artikel 3, eerste lid, 2°, van dit besluit, niet. De school organiseert in de voormelde situaties altijd tijdelijk onderwijs aan huis. De voormelde verplichting blijft bestaan tijdens een verder herstel thuis en tot de leerling opnieuw naar school gaat.
  Het recht op tijdelijk onderwijs aan huis, vermeld in het eerste lid, kan overeenkomstig artikel 34, § 6 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117, § 6 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, gecombineerd worden met het recht op synchroon internetonderwijs, vermeld in artikel 36/1 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117/1 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
  Art. 7/2. In afwijking van artikel 3, 4, 5 en 7 hebben jongeren die verblijven in een voorziening veilig verblijf of in het Vlaams detentiecentrum, recht op tijdelijk onderwijs aan huis gedurende de volledige duur van hun verblijf in de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum.
  Het recht op tijdelijk onderwijs aan huis, vermeld in het eerste lid, kan overeenkomstig artikel 34, § 6, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117, § 6, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, gecombineerd worden met het recht op synchroon internetonderwijs, vermeld in artikel 36/1 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117/1 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
  Art. 7/3. De voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum sluit een samenwerkingsovereenkomst met een gefinancierde of gesubsidieerde school voor gewoon of buitengewoon basisonderwijs of secundair onderwijs om het recht op tijdelijk onderwijs aan huis, vermeld in artikel 7/2 te realiseren.
  De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in het eerste lid, heeft een duur van minimaal één schooljaar.
  Art. 7/4. Voor de voorzieningen veilig verblijf worden op schooljaarbasis met toepassing van artikel 15 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019 betreffende de erkenningsvoorwaarden en de subsidienormen voor voorzieningen in de jeugdhulp vier lestijden tijdelijk onderwijs aan huis per erkende plaats veilig verblijf toegekend.
  Voor het Vlaams detentiecentrum worden op schooljaarbasis vier lestijden tijdelijk onderwijs aan huis toegekend per erkende plaats, vermeld in artikel 7 van het ministerieel besluit van 3 maart 2023 tot vaststelling van de capaciteit van de gemeenschapsinstellingen en het Vlaams detentiecentrum.
  Per erkende plaats in de voorzieningen veilig verblijf en het Vlaams detentiecentrum wordt 234 euro werkingsbudget voorzien.
  Art. 7/5. § 1. De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 7/3, legt vast welke school het pakket aan lestijden, lesuren of uren-leraar, vermeld in artikel 7/4, kan aanwenden om het tijdelijk onderwijs aan huis te organiseren in een voorziening veilig verblijf of in het Vlaams detentiecentrum.
  De school, vermeld in het eerste lid, bezorgt de volgende informatie aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten:
  1° de vermelding dat een onderwijsopdracht opgenomen wordt in het Vlaams detentiecentrum of een voorziening veilig verblijf;
  2° de vermelding over welk volume het gaat;
  3° welke personeelsleden het aanbod tijdelijk onderwijs aan huis zullen uitvoeren.
  § 2. Als de jongere die verblijft in een voorziening veilig verblijf of in het Vlaams detentiecentrum, nog ingeschreven is in een andere school dan de school, vermeld in paragraaf 1, blijft de jongere in die school ingeschreven. Er is geen bijkomende inschrijving nodig in de school die het tijdelijk onderwijs aan huis organiseert.
  § 3. De school, vermeld in paragraaf 1, werkt verder aan het curriculum dat de leerling volgde in de school waar de jongere ingeschreven is. De beide scholen maken daarover afspraken, die ze vastleggen in een individueel handelingsplan voor de jongere. In overleg met de jongere wordt bepaald welke vakken worden onderwezen. De voormelde vakken mogen tijdens de duurtijd van het tijdelijk onderwijs aan huis wisselen. De school waar de jongere ingeschreven is, staat in voor de studiebekrachtiging.
  Bij afwezigheid van een school van inschrijving wordt verder gewerkt aan het curriculum van de school waar de jongere het laatst ingeschreven was. De school, vermeld in paragraaf 1, bepaalt in overleg met de jongere en de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum welke vakken worden onderwezen. De voormelde vakken mogen tijdens de duurtijd van het tijdelijk onderwijs aan huis wisselen. Het verder werken aan het curriculum wordt gespecificeerd in een individueel handelingsplan voor de jongere, zonder afspraken met die vroegere school waar de jongere het laatst ingeschreven was.
  De leerling wordt door de school, vermeld in paragraaf 1, toegeleid naar een studiebekrachtiging via de Examencommissie basisonderwijs of de Examencommissie secundair onderwijs of wordt toegeleid naar een studiebekrachtiging door de school zelf die het tijdelijk onderwijs aan huis aanbiedt of een andere school waarmee de school, vermeld in paragraaf 1, de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum een samenwerking aangaan, met toepassing van artikel 34, § 1, derde lid van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 of artikel 117, § 1, derde lid van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
  § 4. De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 7/3, legt ook vast op welke wijze de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum en de school die het tijdelijk onderwijs aan huis aanbiedt, toewerken naar een inschrijving in een nieuwe school als er geen school van inschrijving meer is als de jongere de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum verlaat.".
  "Hoofdstuk II/1. Tijdelijk onderwijs aan huis voor leerlingen die verblijven in een ziekenhuis waar geen onderwijsaanbod aanwezig is en voor leerlingen die opgenomen zijn in voorzieningen veilig verblijf en het Vlaams detentiecentrum
  Art. 7/1. Voor een leerling die verblijft in een ziekenhuis waar geen onderwijs van type 5 gefinancierd of gesubsidieerd wordt of dat geen dienst met onderwijsbehoeften is als vermeld in deel IV, hoofdstuk 2, van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs van 28 oktober 2016, geldt de voorwaarde van maximale afstand, vermeld in artikel 3, eerste lid, 2°, van dit besluit, niet. De school organiseert in de voormelde situaties altijd tijdelijk onderwijs aan huis. De voormelde verplichting blijft bestaan tijdens een verder herstel thuis en tot de leerling opnieuw naar school gaat.
  Het recht op tijdelijk onderwijs aan huis, vermeld in het eerste lid, kan overeenkomstig artikel 34, § 6 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117, § 6 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, gecombineerd worden met het recht op synchroon internetonderwijs, vermeld in artikel 36/1 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117/1 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
  Art. 7/2. In afwijking van artikel 3, 4, 5 en 7 hebben jongeren die verblijven in een voorziening veilig verblijf of in het Vlaams detentiecentrum, recht op tijdelijk onderwijs aan huis gedurende de volledige duur van hun verblijf in de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum.
  Het recht op tijdelijk onderwijs aan huis, vermeld in het eerste lid, kan overeenkomstig artikel 34, § 6, van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117, § 6, van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010, gecombineerd worden met het recht op synchroon internetonderwijs, vermeld in artikel 36/1 van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 en artikel 117/1 van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
  Art. 7/3. De voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum sluit een samenwerkingsovereenkomst met een gefinancierde of gesubsidieerde school voor gewoon of buitengewoon basisonderwijs of secundair onderwijs om het recht op tijdelijk onderwijs aan huis, vermeld in artikel 7/2 te realiseren.
  De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in het eerste lid, heeft een duur van minimaal één schooljaar.
  Art. 7/4. Voor de voorzieningen veilig verblijf worden op schooljaarbasis met toepassing van artikel 15 van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 april 2019 betreffende de erkenningsvoorwaarden en de subsidienormen voor voorzieningen in de jeugdhulp vier lestijden tijdelijk onderwijs aan huis per erkende plaats veilig verblijf toegekend.
  Voor het Vlaams detentiecentrum worden op schooljaarbasis vier lestijden tijdelijk onderwijs aan huis toegekend per erkende plaats, vermeld in artikel 7 van het ministerieel besluit van 3 maart 2023 tot vaststelling van de capaciteit van de gemeenschapsinstellingen en het Vlaams detentiecentrum.
  Per erkende plaats in de voorzieningen veilig verblijf en het Vlaams detentiecentrum wordt 234 euro werkingsbudget voorzien.
  Art. 7/5. § 1. De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 7/3, legt vast welke school het pakket aan lestijden, lesuren of uren-leraar, vermeld in artikel 7/4, kan aanwenden om het tijdelijk onderwijs aan huis te organiseren in een voorziening veilig verblijf of in het Vlaams detentiecentrum.
  De school, vermeld in het eerste lid, bezorgt de volgende informatie aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten:
  1° de vermelding dat een onderwijsopdracht opgenomen wordt in het Vlaams detentiecentrum of een voorziening veilig verblijf;
  2° de vermelding over welk volume het gaat;
  3° welke personeelsleden het aanbod tijdelijk onderwijs aan huis zullen uitvoeren.
  § 2. Als de jongere die verblijft in een voorziening veilig verblijf of in het Vlaams detentiecentrum, nog ingeschreven is in een andere school dan de school, vermeld in paragraaf 1, blijft de jongere in die school ingeschreven. Er is geen bijkomende inschrijving nodig in de school die het tijdelijk onderwijs aan huis organiseert.
  § 3. De school, vermeld in paragraaf 1, werkt verder aan het curriculum dat de leerling volgde in de school waar de jongere ingeschreven is. De beide scholen maken daarover afspraken, die ze vastleggen in een individueel handelingsplan voor de jongere. In overleg met de jongere wordt bepaald welke vakken worden onderwezen. De voormelde vakken mogen tijdens de duurtijd van het tijdelijk onderwijs aan huis wisselen. De school waar de jongere ingeschreven is, staat in voor de studiebekrachtiging.
  Bij afwezigheid van een school van inschrijving wordt verder gewerkt aan het curriculum van de school waar de jongere het laatst ingeschreven was. De school, vermeld in paragraaf 1, bepaalt in overleg met de jongere en de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum welke vakken worden onderwezen. De voormelde vakken mogen tijdens de duurtijd van het tijdelijk onderwijs aan huis wisselen. Het verder werken aan het curriculum wordt gespecificeerd in een individueel handelingsplan voor de jongere, zonder afspraken met die vroegere school waar de jongere het laatst ingeschreven was.
  De leerling wordt door de school, vermeld in paragraaf 1, toegeleid naar een studiebekrachtiging via de Examencommissie basisonderwijs of de Examencommissie secundair onderwijs of wordt toegeleid naar een studiebekrachtiging door de school zelf die het tijdelijk onderwijs aan huis aanbiedt of een andere school waarmee de school, vermeld in paragraaf 1, de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum een samenwerking aangaan, met toepassing van artikel 34, § 1, derde lid van het decreet basisonderwijs van 25 februari 1997 of artikel 117, § 1, derde lid van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
  § 4. De samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 7/3, legt ook vast op welke wijze de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum en de school die het tijdelijk onderwijs aan huis aanbiedt, toewerken naar een inschrijving in een nieuwe school als er geen school van inschrijving meer is als de jongere de voorziening veilig verblijf of het Vlaams detentiecentrum verlaat.".
Art. 21. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 mars 2019, il est insĂ©rĂ© un chapitre II/1, comprenant les articles 7/1 Ă 7/5 inclus, rĂ©digĂ© comme suit :
  " Chapitre II/1. Enseignement temporaire en milieu familial pour les Ă©lĂšves sĂ©journant dans un hĂŽpital oĂč aucune offre d'enseignement n'est disponible et pour les Ă©lĂšves admis dans des structures de sĂ©jour sĂ»r et dans le centre de dĂ©tention flamand
  Art. 7/1. Pour un Ă©lĂšve sĂ©journant dans un hĂŽpital oĂč l'enseignement de type 5 n'est pas financĂ© ou subventionnĂ© ou qui n'est pas un service prĂ©sentant des besoins en matiĂšre d'enseignement tel que visĂ© Ă la partie IV, chapitre 2, de la Codification de certaines dispositions relatives Ă l'enseignement du 28 octobre 2016, la condition de distance maximale, visĂ©e Ă l'article 3, alinĂ©a 1er, 2°, du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, ne s'applique pas. Dans les situations prĂ©citĂ©es, l'Ă©cole organise toujours de l'enseignement temporaire en milieu familial. L'obligation prĂ©citĂ©e demeure applicable pendant une pĂ©riode de convalescence Ă domicile et jusqu'Ă ce que l'Ă©lĂšve retourne Ă l'Ă©cole.
  Le droit Ă l'enseignement temporaire en milieu familial, visĂ© Ă l'alinĂ©a 1er, peut ĂȘtre combinĂ© conformĂ©ment Ă l'article 34, § 6, du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117, § 6, du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010, avec le droit Ă l'enseignement synchrone via internet, visĂ© Ă l'article 36/1 du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117/1 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010.
  Art. 7/2. Par dérogation aux articles 3, 4, 5 et 7, les jeunes séjournant dans une structure de séjour sûr ou dans le centre de détention flamand ont droit à l'enseignement temporaire en milieu familial pendant toute la durée de leur séjour dans la structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand.
  Le droit Ă l'enseignement temporaire en milieu familial, visĂ© Ă l'alinĂ©a 1er, peut ĂȘtre combinĂ© conformĂ©ment Ă l'article 34, § 6, du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117, § 6, du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010, avec le droit Ă l'enseignement synchrone via internet, visĂ© Ă l'article 36/1 du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117/1 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010.
  Art. 7/3. La structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand conclut un accord de coopération avec une école financée ou subventionnée pour l'enseignement fondamental ou secondaire ordinaire ou spécial afin de réaliser le droit à l'enseignement temporaire en milieu familial visé à l'article 7/2.
  L'accord de coopération, visé au paragraphe 1er, a une durée minimale d'une année scolaire.
  Art. 7/4. Pour les structures de sĂ©jour sĂ»r, quatre pĂ©riodes de cours de l'enseignement temporaire en milieu familial sont accordĂ©es sur la base d'une annĂ©e scolaire pour chaque place agréée de sĂ©jour sĂ»r, en application de l'article 15 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 avril 2019 relatif aux conditions d'agrĂ©ment et aux normes de subventionnement des structures de l'aide Ă la jeunesse.
  Pour le centre de dĂ©tention flamand, quatre pĂ©riodes de cours de l'enseignement temporaire en milieu familial sont accordĂ©es sur la base d'une annĂ©e scolaire pour chaque place agréée visĂ©e Ă l'article 7 de l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 3 mars 2023 fixant la capacitĂ© des institutions communautaires et du centre de dĂ©tention flamand.
  Un budget de fonctionnement de 234 euros est prévu pour chaque place agréée dans les structures de séjour sûr et le centre de détention flamand.
  Art. 7/5. § 1er. L'accord de coopération visé à l'article 7/3 détermine quelle école peut utiliser l'ensemble de périodes de cours, de heures de cours ou de périodes-professeur visé à l'article 7/4 pour organiser l'enseignement temporaire en milieu familial dans une structure de séjour sûr ou dans le centre de détention flamand.
  L'école visée à l'alinéa 1er fournit les informations suivantes à l'Agence de Services d'Enseignement :
  1° la mention qu'une mission d'enseignement est assumée par le centre de détention flamand ou par une structure de séjour sûr ;
  2° la mention du volume concerné ;
  3° les membres du personnel qui exerceront l'offre d'enseignement temporaire en milieu familial.
  § 2. Si le jeune séjournant dans une structure de séjour sûr ou dans le centre de détention flamand est encore inscrit dans une école autre que celle visée au paragraphe 1er, il reste inscrit dans cette école. Aucune inscription supplémentaire n'est nécessaire dans l'école qui organise l'enseignement temporaire en milieu familial.
  § 3. L'Ă©cole visĂ©e au paragraphe 1er continue Ă utiliser le programme d'Ă©tudes que l'Ă©lĂšve a suivi dans l'Ă©cole oĂč le jeune est inscrit. Les deux Ă©coles prennent des dispositions Ă cet effet qu'elles fixent dans un plan d'action individuel pour le jeune. Les matiĂšres Ă enseigner sont dĂ©terminĂ©es en concertation avec le jeune. Les matiĂšres prĂ©citĂ©es peuvent ĂȘtre modifiĂ©es pendant la durĂ©e de l'enseignement temporaire en milieu familial. L'Ă©cole oĂč le jeune est inscrit est responsable de la validation d'Ă©tudes.
  En l'absence d'une Ă©cole d'inscription, le programme d'Ă©tudes de l'Ă©cole dans laquelle le jeune a Ă©tĂ© inscrit en dernier lieu, est utilisĂ©. L'Ă©cole visĂ©e au paragraphe 1er dĂ©termine les matiĂšres Ă enseigner en concertation avec le jeune et la structure de sĂ©jour sĂ»r ou le centre de dĂ©tention flamand. Les matiĂšres prĂ©citĂ©es peuvent ĂȘtre modifiĂ©es pendant la durĂ©e de l'enseignement temporaire en milieu familial. Dans un plan d'action individuel pour le jeune, on prĂ©cise la poursuite du programme d'Ă©tudes, sans arrangements avec cette Ă©cole prĂ©cĂ©dente dans laquelle le jeune Ă©tait inscrit en dernier lieu.
  L'Ă©cole visĂ©e Ă l'alinĂ©a 1er accompagne l'Ă©lĂšve Ă atteindre une validation d'Ă©tudes accordĂ©e par le jury pour l'enseignement fondamental ou le jury pour l'enseignement secondaire ou Ă atteindre une validation d'Ă©tudes accordĂ©e par l'Ă©cole mĂȘme qui fournit l'enseignement temporaire en milieu familial ou par une autre Ă©cole avec laquelle l'Ă©cole visĂ©e au paragraphe 1er, la structure de sĂ©jour sĂ»r ou le centre de dĂ©tention flamand entre en partenariat, en application de l'article 34, § 1er, alinĂ©a 3, du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 ou de l'article 117, § 1er, alinĂ©a 3 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010.
  § 4. L'accord de coopération visé à l'article 7/3 détermine également comment la structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand et l'école qui fournit l'enseignement temporaire en milieu familial procÚdent pour obtenir une inscription dans une nouvelle école si le jeune n'a plus d'école d'inscription lorsqu'il quitte la structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand. ".
  " Chapitre II/1. Enseignement temporaire en milieu familial pour les Ă©lĂšves sĂ©journant dans un hĂŽpital oĂč aucune offre d'enseignement n'est disponible et pour les Ă©lĂšves admis dans des structures de sĂ©jour sĂ»r et dans le centre de dĂ©tention flamand
  Art. 7/1. Pour un Ă©lĂšve sĂ©journant dans un hĂŽpital oĂč l'enseignement de type 5 n'est pas financĂ© ou subventionnĂ© ou qui n'est pas un service prĂ©sentant des besoins en matiĂšre d'enseignement tel que visĂ© Ă la partie IV, chapitre 2, de la Codification de certaines dispositions relatives Ă l'enseignement du 28 octobre 2016, la condition de distance maximale, visĂ©e Ă l'article 3, alinĂ©a 1er, 2°, du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, ne s'applique pas. Dans les situations prĂ©citĂ©es, l'Ă©cole organise toujours de l'enseignement temporaire en milieu familial. L'obligation prĂ©citĂ©e demeure applicable pendant une pĂ©riode de convalescence Ă domicile et jusqu'Ă ce que l'Ă©lĂšve retourne Ă l'Ă©cole.
  Le droit Ă l'enseignement temporaire en milieu familial, visĂ© Ă l'alinĂ©a 1er, peut ĂȘtre combinĂ© conformĂ©ment Ă l'article 34, § 6, du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117, § 6, du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010, avec le droit Ă l'enseignement synchrone via internet, visĂ© Ă l'article 36/1 du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117/1 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010.
  Art. 7/2. Par dérogation aux articles 3, 4, 5 et 7, les jeunes séjournant dans une structure de séjour sûr ou dans le centre de détention flamand ont droit à l'enseignement temporaire en milieu familial pendant toute la durée de leur séjour dans la structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand.
  Le droit Ă l'enseignement temporaire en milieu familial, visĂ© Ă l'alinĂ©a 1er, peut ĂȘtre combinĂ© conformĂ©ment Ă l'article 34, § 6, du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117, § 6, du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010, avec le droit Ă l'enseignement synchrone via internet, visĂ© Ă l'article 36/1 du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 et Ă l'article 117/1 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010.
  Art. 7/3. La structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand conclut un accord de coopération avec une école financée ou subventionnée pour l'enseignement fondamental ou secondaire ordinaire ou spécial afin de réaliser le droit à l'enseignement temporaire en milieu familial visé à l'article 7/2.
  L'accord de coopération, visé au paragraphe 1er, a une durée minimale d'une année scolaire.
  Art. 7/4. Pour les structures de sĂ©jour sĂ»r, quatre pĂ©riodes de cours de l'enseignement temporaire en milieu familial sont accordĂ©es sur la base d'une annĂ©e scolaire pour chaque place agréée de sĂ©jour sĂ»r, en application de l'article 15 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 5 avril 2019 relatif aux conditions d'agrĂ©ment et aux normes de subventionnement des structures de l'aide Ă la jeunesse.
  Pour le centre de dĂ©tention flamand, quatre pĂ©riodes de cours de l'enseignement temporaire en milieu familial sont accordĂ©es sur la base d'une annĂ©e scolaire pour chaque place agréée visĂ©e Ă l'article 7 de l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 3 mars 2023 fixant la capacitĂ© des institutions communautaires et du centre de dĂ©tention flamand.
  Un budget de fonctionnement de 234 euros est prévu pour chaque place agréée dans les structures de séjour sûr et le centre de détention flamand.
  Art. 7/5. § 1er. L'accord de coopération visé à l'article 7/3 détermine quelle école peut utiliser l'ensemble de périodes de cours, de heures de cours ou de périodes-professeur visé à l'article 7/4 pour organiser l'enseignement temporaire en milieu familial dans une structure de séjour sûr ou dans le centre de détention flamand.
  L'école visée à l'alinéa 1er fournit les informations suivantes à l'Agence de Services d'Enseignement :
  1° la mention qu'une mission d'enseignement est assumée par le centre de détention flamand ou par une structure de séjour sûr ;
  2° la mention du volume concerné ;
  3° les membres du personnel qui exerceront l'offre d'enseignement temporaire en milieu familial.
  § 2. Si le jeune séjournant dans une structure de séjour sûr ou dans le centre de détention flamand est encore inscrit dans une école autre que celle visée au paragraphe 1er, il reste inscrit dans cette école. Aucune inscription supplémentaire n'est nécessaire dans l'école qui organise l'enseignement temporaire en milieu familial.
  § 3. L'Ă©cole visĂ©e au paragraphe 1er continue Ă utiliser le programme d'Ă©tudes que l'Ă©lĂšve a suivi dans l'Ă©cole oĂč le jeune est inscrit. Les deux Ă©coles prennent des dispositions Ă cet effet qu'elles fixent dans un plan d'action individuel pour le jeune. Les matiĂšres Ă enseigner sont dĂ©terminĂ©es en concertation avec le jeune. Les matiĂšres prĂ©citĂ©es peuvent ĂȘtre modifiĂ©es pendant la durĂ©e de l'enseignement temporaire en milieu familial. L'Ă©cole oĂč le jeune est inscrit est responsable de la validation d'Ă©tudes.
  En l'absence d'une Ă©cole d'inscription, le programme d'Ă©tudes de l'Ă©cole dans laquelle le jeune a Ă©tĂ© inscrit en dernier lieu, est utilisĂ©. L'Ă©cole visĂ©e au paragraphe 1er dĂ©termine les matiĂšres Ă enseigner en concertation avec le jeune et la structure de sĂ©jour sĂ»r ou le centre de dĂ©tention flamand. Les matiĂšres prĂ©citĂ©es peuvent ĂȘtre modifiĂ©es pendant la durĂ©e de l'enseignement temporaire en milieu familial. Dans un plan d'action individuel pour le jeune, on prĂ©cise la poursuite du programme d'Ă©tudes, sans arrangements avec cette Ă©cole prĂ©cĂ©dente dans laquelle le jeune Ă©tait inscrit en dernier lieu.
  L'Ă©cole visĂ©e Ă l'alinĂ©a 1er accompagne l'Ă©lĂšve Ă atteindre une validation d'Ă©tudes accordĂ©e par le jury pour l'enseignement fondamental ou le jury pour l'enseignement secondaire ou Ă atteindre une validation d'Ă©tudes accordĂ©e par l'Ă©cole mĂȘme qui fournit l'enseignement temporaire en milieu familial ou par une autre Ă©cole avec laquelle l'Ă©cole visĂ©e au paragraphe 1er, la structure de sĂ©jour sĂ»r ou le centre de dĂ©tention flamand entre en partenariat, en application de l'article 34, § 1er, alinĂ©a 3, du dĂ©cret relatif Ă l'enseignement fondamental du 25 fĂ©vrier 1997 ou de l'article 117, § 1er, alinĂ©a 3 du Code de l'Enseignement secondaire du 17 dĂ©cembre 2010.
  § 4. L'accord de coopération visé à l'article 7/3 détermine également comment la structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand et l'école qui fournit l'enseignement temporaire en milieu familial procÚdent pour obtenir une inscription dans une nouvelle école si le jeune n'a plus d'école d'inscription lorsqu'il quitte la structure de séjour sûr ou le centre de détention flamand. ".
HOOFDSTUK 13. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 juli 2008 houdende organisatie van het experimenteel voltijds gewoon secundair onderwijs volgens een modulair stelsel
CHAPITRE 13. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 18 juillet 2008 portant organisation de l'enseignement secondaire ordinaire expĂ©rimental Ă temps plein suivant un rĂ©gime modulaire
Art. 22. In artikel 4/1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 juli 2008 houdende organisatie van het experimenteel voltijds gewoon secundair onderwijs volgens een modulair stelsel, ingevoegd bij besluit van de Vlaamse Regering van 9 oktober 2009, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in punt 2° wordt de zinsnede "het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen" vervangen door de zinsnede "de wet betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, gecoördineerd op 10 mei 2015";
  2° er wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De opleidingsstructuur en de competenties voor de opleiding verpleegkunde, vermeld in het eerste lid, zijn opgenomen in bijlage XXXIV en XXXV, die bij dit besluit zijn gevoegd.".
  1° in punt 2° wordt de zinsnede "het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen" vervangen door de zinsnede "de wet betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen, gecoördineerd op 10 mei 2015";
  2° er wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De opleidingsstructuur en de competenties voor de opleiding verpleegkunde, vermeld in het eerste lid, zijn opgenomen in bijlage XXXIV en XXXV, die bij dit besluit zijn gevoegd.".
Art. 22. A l'article 4/1 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 18 juillet 2008 portant organisation de l'enseignement secondaire ordinaire expĂ©rimental Ă temps plein suivant un rĂ©gime modulaire, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 9 octobre 2009, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° au point 2°, le membre de phrase " l'arrĂȘtĂ© royal n° 78 du 10 novembre 1967 relatif Ă l'exercice des professions des soins de santĂ© " est remplacĂ© par le membre de phrase " la loi relative Ă l'exercice des professions des soins de santĂ©, coordonnĂ©e le 10 mai 2015 " ;
  2° un alinéa 2 est ajouté, rédigé comme suit :
  " La structure de formation et les compĂ©tences pour la formation de nursing, visĂ©es Ă l'alinĂ©a 1er, sont reprises aux annexes XXXIV et XXXV jointes au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. ".
  1° au point 2°, le membre de phrase " l'arrĂȘtĂ© royal n° 78 du 10 novembre 1967 relatif Ă l'exercice des professions des soins de santĂ© " est remplacĂ© par le membre de phrase " la loi relative Ă l'exercice des professions des soins de santĂ©, coordonnĂ©e le 10 mai 2015 " ;
  2° un alinéa 2 est ajouté, rédigé comme suit :
  " La structure de formation et les compĂ©tences pour la formation de nursing, visĂ©es Ă l'alinĂ©a 1er, sont reprises aux annexes XXXIV et XXXV jointes au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. ".
Art. 23. Aan artikel 5, tweede lid van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2022, wordt de zinsnede ", met uitzondering van artikel 4/1 en bijlage XXXIV en XXXV, die bij dit besluit zijn gevoegd" toegevoegd.
Art. 23. L'article 5, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 juillet 2022, est complĂ©tĂ© par le membre de phrase " , Ă l'exception de l'article 4/1 et des annexes XXXIV et XXXV jointes au prĂ©sent arrĂȘtĂ© ".
Art. 24. Aan hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, worden bijlagen XXXIV en XXXV toegevoegd, die als bijlage 4 en 5 bij dit besluit zijn gevoegd.
Art. 24. Le mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est complĂ©tĂ© par les annexes XXXIV et XXXV, jointes comme annexes 4 et 5 au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 14. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 houdende uitvoering van het decreet van 10 juli 2008 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap
CHAPITRE 14. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 octobre 2008 portant exĂ©cution du dĂ©cret du 10 juillet 2008 relatif au systĂšme d'apprentissage et de travail en CommunautĂ© flamande
Art. 25. In artikel 6 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 oktober 2008 houdende uitvoering van het decreet van 10 juli 2008 betreffende het stelsel van leren en werken in de Vlaamse Gemeenschap, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 2 september 2022 en 22 september 2023, wordt de zinsnede "2023-2024" vervangen door de zinsnede "2024-2025".
Art. 25. Dans l'article 6 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 octobre 2008 portant exĂ©cution du dĂ©cret du 10 juillet 2008 relatif au systĂšme d'apprentissage et de travail en CommunautĂ© flamande, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 juillet 2021 et modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 2 septembre 2022 et 22 septembre 2023, le membre de phrase " 2023-2024 " est remplacĂ© par le membre de phrase " 2024-2025 ".
Art. 26. In artikel 8 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 2 september 2022 en 22 september 2023, wordt de zinsnede "2023-2024" telkens vervangen door de zinsnede "2024-2025".
Art. 26. Dans l'article 8 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 juillet 2021 et modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 2 septembre 2022 et 22 septembre 2023, le membre de phrase " 2023-2024 " est chaque fois remplacĂ© par le membre de phrase " 2024-2025 ".
Art. 27. Artikel 8quater van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 augustus 2020 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021, 2 september 2022 en 22 september 2023 wordt opgeheven.
Art. 27. L'article 8quater du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 aoĂ»t 2020 et modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 16 juillet 2021, 2 septembre 2022 et 22 septembre 2023, est abrogĂ©.
Art. 28. Bijlage III bij hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 6, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 28. L'annexe III du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 6 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 29. Bijlage V bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juli 2009 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 7, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 29. L'annexe V du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 3 juillet 2009 et remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 7 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 30. Bijlage VI bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juli 2009 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 8, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 30. L'annexe VI du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 3 juillet 2009 et remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 8 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 31. Bijlage XXI bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 augustus 2020 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt opgeheven.
Art. 31. L'annexe XXI du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 aoĂ»t 2020 et remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est abrogĂ©e.
HOOFDSTUK 15. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2009 betreffende het ondersteuningsaanbod voor gelijke onderwijskansen in het buitengewoon basisonderwijs
CHAPITRE 15. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 30 octobre 2009 relatif Ă l'offre d'appui Ă l'Ă©galitĂ© des chances en Ă©ducation dans l'enseignement fondamental spĂ©cial
Art. 32. In artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2009 betreffende het ondersteuningsaanbod voor gelijke onderwijskansen in het buitengewoon basisonderwijs, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018 en 9 juli 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° punt 3° wordt opgeheven;
  2° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt:
  "De leerlingen in het buitengewoon basisonderwijs die regelmatige leerlingen in het type basisaanbod of type 3 zijn en die binnen de niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening, vermeld in artikel 2, § 1, 40°, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, niet gebruik maken van de module verblijf in een multifunctioneel centrum als vermeld in artikel 10, § 1, 1° en § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap, vallen onder de toepassing van dit besluit.";
  3° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Leerlingen type 1 die vallen onder de toepassing van artikel 15, § 5, van het decreet en die voldoen aan de gelijkekansenindicator, vermeld in artikel 139undecies, § 1, 1°, van het decreet, worden voor de toepassing van dit besluit beschouwd als leerlingen type basisaanbod.".
  1° punt 3° wordt opgeheven;
  2° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt:
  "De leerlingen in het buitengewoon basisonderwijs die regelmatige leerlingen in het type basisaanbod of type 3 zijn en die binnen de niet rechtstreeks toegankelijke jeugdhulpverlening, vermeld in artikel 2, § 1, 40°, van het decreet van 12 juli 2013 betreffende de integrale jeugdhulp, niet gebruik maken van de module verblijf in een multifunctioneel centrum als vermeld in artikel 10, § 1, 1° en § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap, vallen onder de toepassing van dit besluit.";
  3° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Leerlingen type 1 die vallen onder de toepassing van artikel 15, § 5, van het decreet en die voldoen aan de gelijkekansenindicator, vermeld in artikel 139undecies, § 1, 1°, van het decreet, worden voor de toepassing van dit besluit beschouwd als leerlingen type basisaanbod.".
Art. 32. A l'article 2 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 30 octobre 2009 relatif Ă l'offre d'appui Ă l'Ă©galitĂ© des chances en Ă©ducation dans l'enseignement fondamental spĂ©cial, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 20 juillet 2018 et 9 juillet 2021, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° le point 3° est abrogé ;
  2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
  " Les Ă©lĂšves inscrits dans l'enseignement fondamental spĂ©cial qui sont des Ă©lĂšves rĂ©guliers en type offre de base ou type 3 et qui, au sein de l'aide Ă la jeunesse non directement accessible, visĂ©e Ă l'article 2, § 1er, 40°, du dĂ©cret du 12 juillet 2013 relatif Ă l'aide intĂ©grale Ă la jeunesse, n'utilisent pas le module de sĂ©jour dans un centre multifonctionnel, tel que visĂ© Ă l'article 10, § 1er, 1° et § 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures, relĂšvent de l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ©. " ;
  3° un alinéa 3 est ajouté, rédigé comme suit :
  " Les Ă©lĂšves en type 1 relevant de l'application de l'article 15, § 5, du dĂ©cret et qui rĂ©pondent Ă l'indicateur d'Ă©galitĂ© des chances, visĂ© Ă l'article 139undecies, § 1er, 1°, du dĂ©cret, sont considĂ©rĂ©s, pour l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, comme des Ă©lĂšves en type offre de base. ".
  1° le point 3° est abrogé ;
  2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
  " Les Ă©lĂšves inscrits dans l'enseignement fondamental spĂ©cial qui sont des Ă©lĂšves rĂ©guliers en type offre de base ou type 3 et qui, au sein de l'aide Ă la jeunesse non directement accessible, visĂ©e Ă l'article 2, § 1er, 40°, du dĂ©cret du 12 juillet 2013 relatif Ă l'aide intĂ©grale Ă la jeunesse, n'utilisent pas le module de sĂ©jour dans un centre multifonctionnel, tel que visĂ© Ă l'article 10, § 1er, 1° et § 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures, relĂšvent de l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ©. " ;
  3° un alinéa 3 est ajouté, rédigé comme suit :
  " Les Ă©lĂšves en type 1 relevant de l'application de l'article 15, § 5, du dĂ©cret et qui rĂ©pondent Ă l'indicateur d'Ă©galitĂ© des chances, visĂ© Ă l'article 139undecies, § 1er, 1°, du dĂ©cret, sont considĂ©rĂ©s, pour l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, comme des Ă©lĂšves en type offre de base. ".
Art. 33. Artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018 en 9 juli 2021 wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 6. Het totale aantal aanvullende lestijden voor het voeren van een gelijkekansenbeleid in het buitengewoon basisonderwijs waar de school recht op heeft, wordt met toepassing van artikel 139terdecies van het decreet op de volgende wijze berekend:
  1° het aantal punten dat de school dat met toepassing van artikel 5 van dit besluit genereert op de eerste schooldag van februari van het voorgaande schooljaar, vermeld in artikel 139duodecies van het decreet, wordt vermenigvuldigd met 0,252220818 lestijden;
  2° het aantal lestijden dat met toepassing van punt 1° wordt verkregen, wordt afgerond naar de hogere eenheid als het eerste cijfer na de komma groter dan vier is en naar de lagere eenheid als het eerste cijfer na de komma kleiner dan of gelijk aan vier is.
  De lestijden, vermeld in het eerste lid, worden toegekend als de school beantwoordt aan de voorwaarden, vermeld in artikel 139duodecies van het decreet.".
  "Art. 6. Het totale aantal aanvullende lestijden voor het voeren van een gelijkekansenbeleid in het buitengewoon basisonderwijs waar de school recht op heeft, wordt met toepassing van artikel 139terdecies van het decreet op de volgende wijze berekend:
  1° het aantal punten dat de school dat met toepassing van artikel 5 van dit besluit genereert op de eerste schooldag van februari van het voorgaande schooljaar, vermeld in artikel 139duodecies van het decreet, wordt vermenigvuldigd met 0,252220818 lestijden;
  2° het aantal lestijden dat met toepassing van punt 1° wordt verkregen, wordt afgerond naar de hogere eenheid als het eerste cijfer na de komma groter dan vier is en naar de lagere eenheid als het eerste cijfer na de komma kleiner dan of gelijk aan vier is.
  De lestijden, vermeld in het eerste lid, worden toegekend als de school beantwoordt aan de voorwaarden, vermeld in artikel 139duodecies van het decreet.".
Art. 33. L'article 6 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 20 juillet 2018 et 9 juillet 2021, est remplacĂ© par ce qui suit :
  " Art. 6. Le nombre total de périodes de cours complémentaires pour l'exécution d'une politique d'égalité des chances dans l'enseignement fondamental spécial auquel l'école a droit, est calculé, en application de l'article 139terdecies du décret, comme suit :
  1° le nombre de points gĂ©nĂ©rĂ©s par l'Ă©cole en application de l'article 5 du prĂ©sent arrĂȘtĂ© le premier jour d'Ă©cole de fĂ©vrier de l'annĂ©e scolaire prĂ©cĂ©dente, visĂ© Ă l'article 139duodecies du dĂ©cret, est multipliĂ© par 0,252220818 pĂ©riodes de cours ;
  2° le nombre de périodes de cours obtenu en application du point 1° est arrondi à l'unité supérieure si le premier chiffre aprÚs la virgule est supérieur à quatre, et à l'unité inférieure si le premier chiffre aprÚs la virgule est inférieur ou égal à quatre.
  Les périodes de cours visées à l'alinéa 1er sont octroyées si l'école répond aux conditions visées à l'article 319duodecies du décret. ".
  " Art. 6. Le nombre total de périodes de cours complémentaires pour l'exécution d'une politique d'égalité des chances dans l'enseignement fondamental spécial auquel l'école a droit, est calculé, en application de l'article 139terdecies du décret, comme suit :
  1° le nombre de points gĂ©nĂ©rĂ©s par l'Ă©cole en application de l'article 5 du prĂ©sent arrĂȘtĂ© le premier jour d'Ă©cole de fĂ©vrier de l'annĂ©e scolaire prĂ©cĂ©dente, visĂ© Ă l'article 139duodecies du dĂ©cret, est multipliĂ© par 0,252220818 pĂ©riodes de cours ;
  2° le nombre de périodes de cours obtenu en application du point 1° est arrondi à l'unité supérieure si le premier chiffre aprÚs la virgule est supérieur à quatre, et à l'unité inférieure si le premier chiffre aprÚs la virgule est inférieur ou égal à quatre.
  Les périodes de cours visées à l'alinéa 1er sont octroyées si l'école répond aux conditions visées à l'article 319duodecies du décret. ".
Art. 34. Artikel 7 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 34. L'article 7 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 16. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 2013 betreffende de voorwaarden en procedure tot de erkenning van de gelijkwaardigheid van buitenlandse studiebewijzen met Vlaamse studiebewijzen uitgereikt in het basisonderwijs en secundair onderwijs, en sommige Vlaamse studiebewijzen uitgereikt in het volwassenenonderwijs
CHAPITRE 16. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 juin 2013 relatif aux conditions et Ă la procĂ©dure de reconnaissance de l'Ă©quivalence de titres Ă©trangers Ă des titres flamands dĂ©livrĂ©s dans l'enseignement fondamental et secondaire, et Ă certains titres flamands dĂ©livrĂ©s dans l'Ă©ducation des adultes
Art. 35. Aan artikel 7 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 2013 betreffende de voorwaarden en procedure tot de erkenning van de gelijkwaardigheid van buitenlandse studiebewijzen met Vlaamse studiebewijzen uitgereikt in het basisonderwijs en secundair onderwijs, en sommige Vlaamse studiebewijzen uitgereikt in het volwassenenonderwijs wordt een paragraaf 4 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 4. De erkenningsautoriteit sluit het erkenningsonderzoek ambtshalve af als ze vaststelt dat een of meer documenten in de aanvraag fraude impliceren of een onverklaarde onregelmatigheid aantonen. De erkenningsautoriteit brengt de aanvrager op de hoogte van de voormelde stopzetting.
  De erkenningsautoriteit weigert een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon in geval van fraude. De erkenningsautoriteit kan een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon weigeren in geval van een onverklaarde onregelmatigheid.".
  " § 4. De erkenningsautoriteit sluit het erkenningsonderzoek ambtshalve af als ze vaststelt dat een of meer documenten in de aanvraag fraude impliceren of een onverklaarde onregelmatigheid aantonen. De erkenningsautoriteit brengt de aanvrager op de hoogte van de voormelde stopzetting.
  De erkenningsautoriteit weigert een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon in geval van fraude. De erkenningsautoriteit kan een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon weigeren in geval van een onverklaarde onregelmatigheid.".
Art. 35. L'article 7 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 juin 2013 relatif aux conditions et Ă la procĂ©dure de reconnaissance de l'Ă©quivalence de titres Ă©trangers Ă des titres flamands dĂ©livrĂ©s dans l'enseignement fondamental et secondaire, et Ă certains titres flamands dĂ©livrĂ©s dans l'Ă©ducation des adultes, est complĂ©tĂ© par un paragraphe 4, rĂ©digĂ© comme suit :
  " § 4. L'autoritĂ© de reconnaissance conclut d'office l'examen de reconnaissance si elle constate qu'un ou plusieurs documents de la demande impliquent une fraude ou prĂ©sentent une irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. L'autoritĂ© de reconnaissance informe le demandeur de l'arrĂȘt prĂ©citĂ©.
  L'autoritĂ© de reconnaissance refuse une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas de fraude. L'autoritĂ© de reconnaissance peut refuser une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas d'irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. ".
  " § 4. L'autoritĂ© de reconnaissance conclut d'office l'examen de reconnaissance si elle constate qu'un ou plusieurs documents de la demande impliquent une fraude ou prĂ©sentent une irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. L'autoritĂ© de reconnaissance informe le demandeur de l'arrĂȘt prĂ©citĂ©.
  L'autoritĂ© de reconnaissance refuse une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas de fraude. L'autoritĂ© de reconnaissance peut refuser une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas d'irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. ".
HOOFDSTUK 17. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 2013 betreffende de voorwaarden en de procedure tot de erkenning van buitenlandse studiebewijzen uitgereikt in het hoger onderwijs
CHAPITRE 17. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 juin 2013 relatif aux conditions et Ă la procĂ©dure de reconnaissance de titres Ă©trangers dĂ©livrĂ©s dans l'enseignement supĂ©rieur
Art. 36. In artikel 9, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 2013 betreffende de voorwaarden en de procedure tot de erkenning van buitenlandse studiebewijzen uitgereikt in het hoger onderwijs wordt de inleidende zin vervangen door wat volgt:
  "Iedere houder van een buitenlands studiebewijs heeft het recht op een onderzoek naar een erkenning van de niveaugelijkwaardigheid van het buitenlands studiebewijs op voorwaarde dat de aanvrager:".
  "Iedere houder van een buitenlands studiebewijs heeft het recht op een onderzoek naar een erkenning van de niveaugelijkwaardigheid van het buitenlands studiebewijs op voorwaarde dat de aanvrager:".
Art. 36. Dans l'article 9, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 juin 2013 relatif aux conditions et Ă la procĂ©dure de reconnaissance de titres Ă©trangers dĂ©livrĂ©s dans l'enseignement supĂ©rieur, la phrase introductive est remplacĂ©e par ce qui suit :
  " Tout titulaire d'un titre étranger a droit à un examen de la reconnaissance de l'équivalence de niveau du titre étranger à condition que le demandeur : ".
  " Tout titulaire d'un titre étranger a droit à un examen de la reconnaissance de l'équivalence de niveau du titre étranger à condition que le demandeur : ".
Art. 37. Aan artikel 11 van hetzelfde besluit wordt een paragraaf 4 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 4. De erkenningsautoriteit sluit het erkenningsonderzoek ambtshalve af als ze vaststelt dat een of meer documenten in de aanvraag fraude impliceren of een onverklaarde onregelmatigheid aantonen. De erkenningsautoriteit brengt de aanvrager op de hoogte van voormelde stopzetting.
  De erkenningsautoriteit weigert een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon in geval van fraude. De erkenningsautoriteit kan een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon weigeren in geval van een onverklaarde onregelmatigheid.".
  " § 4. De erkenningsautoriteit sluit het erkenningsonderzoek ambtshalve af als ze vaststelt dat een of meer documenten in de aanvraag fraude impliceren of een onverklaarde onregelmatigheid aantonen. De erkenningsautoriteit brengt de aanvrager op de hoogte van voormelde stopzetting.
  De erkenningsautoriteit weigert een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon in geval van fraude. De erkenningsautoriteit kan een nieuwe aanvraag van dezelfde persoon weigeren in geval van een onverklaarde onregelmatigheid.".
Art. 37. L'article 11 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, est complĂ©tĂ© par un paragraphe 4, rĂ©digĂ© comme suit :
  " § 4. L'autoritĂ© de reconnaissance conclut d'office l'examen de reconnaissance si elle constate qu'un ou plusieurs documents de la demande impliquent une fraude ou prĂ©sentent une irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. L'autoritĂ© de reconnaissance informe le demandeur de l'arrĂȘt prĂ©citĂ©.
  L'autoritĂ© de reconnaissance refuse une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas de fraude. L'autoritĂ© de reconnaissance peut refuser une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas d'irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. ".
  " § 4. L'autoritĂ© de reconnaissance conclut d'office l'examen de reconnaissance si elle constate qu'un ou plusieurs documents de la demande impliquent une fraude ou prĂ©sentent une irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. L'autoritĂ© de reconnaissance informe le demandeur de l'arrĂȘt prĂ©citĂ©.
  L'autoritĂ© de reconnaissance refuse une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas de fraude. L'autoritĂ© de reconnaissance peut refuser une nouvelle demande de la part de la mĂȘme personne en cas d'irrĂ©gularitĂ© inexpliquĂ©e. ".
HOOFDSTUK 18. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 januari 2014 houdende de uitvoering van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, wat betreft de erkenning van onderwijskwalificaties van niveau 1 tot en met niveau 4, en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 11 januari 2013 houdende de uitvoering van het decreet betreffende de kwalificatiestructuur van 30 april 2009 inzake de erkenning van onderwijskwalificaties voor het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs
CHAPITRE 18. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 10 janvier 2014 portant exĂ©cution du dĂ©cret du 30 avril 2009 relatif Ă la structure des certifications, en ce qui concerne la reconnaissance de qualifications d'enseignement des niveaux 1 Ă 4 inclus, et modifiant l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 11 janvier 2013 portant exĂ©cution du dĂ©cret relatif Ă la structure des certifications du 30 avril 2009 en matiĂšre de reconnaissance des qualifications d'enseignement pour l'enseignement secondaire aprĂšs secondaire et l'enseignement supĂ©rieur professionnel
Art. 38. In artikel 8/1, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 januari 2014 houdende de uitvoering van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, wat betreft de erkenning van onderwijskwalificaties van niveau 1 tot en met niveau 4, en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 11 januari 2013 houdende de uitvoering van het decreet betreffende de kwalificatiestructuur van 30 april 2009 inzake de erkenning van onderwijskwalificaties voor het secundair na secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021, wordt een punt 4° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "4° /1 de schrapping uit de samenstelling van een onderwijskwalificatie van een door de Vlaamse Regering opgeheven beroepskwalificatie, een deelkwalificatie of sets van competenties daaruit, zonder dat die schrapping leidt tot een andere benaming van de onderwijskwalificatie of een wijziging van de competenties;".
  "4° /1 de schrapping uit de samenstelling van een onderwijskwalificatie van een door de Vlaamse Regering opgeheven beroepskwalificatie, een deelkwalificatie of sets van competenties daaruit, zonder dat die schrapping leidt tot een andere benaming van de onderwijskwalificatie of een wijziging van de competenties;".
Art. 38. Dans l'article 8/1, § 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 10 janvier 2014 portant exĂ©cution du dĂ©cret du 30 avril 2009 relatif Ă la structure des certifications, en ce qui concerne la reconnaissance de qualifications d'enseignement des niveaux 1 Ă 4 inclus, et modifiant l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 11 janvier 2013 portant exĂ©cution du dĂ©cret relatif Ă la structure des certifications du 30 avril 2009 en matiĂšre de reconnaissance des qualifications d'enseignement pour l'enseignement secondaire aprĂšs secondaire et l'enseignement supĂ©rieur professionnel, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 juillet 2021, un point 4° /1 est insĂ©rĂ©, rĂ©digĂ© comme suit :
  " 4° /1 la suppression de la composition d'une qualification d'enseignement d'une qualification professionnelle abrogée par le Gouvernement flamand, d'une qualification partielle ou d'ensembles de compétences relevant de la qualification, sans que cette suppression ne conduise à une autre dénomination de la qualification d'enseignement ou à une modification des compétences ; ".
  " 4° /1 la suppression de la composition d'une qualification d'enseignement d'une qualification professionnelle abrogée par le Gouvernement flamand, d'une qualification partielle ou d'ensembles de compétences relevant de la qualification, sans que cette suppression ne conduise à une autre dénomination de la qualification d'enseignement ou à une modification des compétences ; ".
HOOFDSTUK 19. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 februari 2015 tot bepaling van de inhoud van het GC-verslag en van het attest bij het IAC-verslag of OV4-verslag
CHAPITRE 19. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 13 fĂ©vrier 2015 fixant le contenu du rapport GC et de l'attestation jointe au rapport IAC ou au rapport OV4
Art. 39. In artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 februari 2015 tot bepaling van de inhoud van het GC-verslag en van het attest bij het IAC-verslag of OV4-verslag, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018 en 5 mei 2023, worden aan punt 5°, c) de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° punt 2) wordt opgeheven;
  2° er wordt een punt 7) toegevoegd dat luidt als volgt:
  "7) de mogelijkheid tot inschrijving van een leerling in een school voor buitengewoon basisonderwijs of een school voor buitengewoon secundair onderwijs waar de leerling een mededeling van niet-gerealiseerde inschrijving heeft ontvangen doordat de capaciteit is bereikt, en die in de loop van het schooljaar een vrije plaats heeft;".
  1° punt 2) wordt opgeheven;
  2° er wordt een punt 7) toegevoegd dat luidt als volgt:
  "7) de mogelijkheid tot inschrijving van een leerling in een school voor buitengewoon basisonderwijs of een school voor buitengewoon secundair onderwijs waar de leerling een mededeling van niet-gerealiseerde inschrijving heeft ontvangen doordat de capaciteit is bereikt, en die in de loop van het schooljaar een vrije plaats heeft;".
Art. 39. A l'article 3 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 13 fĂ©vrier 2015 fixant le contenu du rapport GC et de l'attestation jointe au rapport IAC ou au rapport OV4, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 20 juillet 2018 et 5 mai 2023, les modifications suivantes sont apportĂ©es au point 5°, c) :
  1° le point 2) est abrogé ;
  2° un point 7 est ajouté, rédigé comme suit :
  " 7) la possibilité d'inscrire un élÚve dans une école d'enseignement fondamental spécial ou dans une école d'enseignement secondaire spécial pour laquelle l'élÚve a reçu une communication d'inscription non réalisée en raison d'une capacité atteinte, et qui dispose d'une place libre au cours de l'année scolaire ; ".
  1° le point 2) est abrogé ;
  2° un point 7 est ajouté, rédigé comme suit :
  " 7) la possibilité d'inscrire un élÚve dans une école d'enseignement fondamental spécial ou dans une école d'enseignement secondaire spécial pour laquelle l'élÚve a reçu une communication d'inscription non réalisée en raison d'une capacité atteinte, et qui dispose d'une place libre au cours de l'année scolaire ; ".
HOOFDSTUK 20. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende de lokale samenwerkingsinitiatieven tussen scholen voor basis- en secundair onderwijs, instellingen voor hoger onderwijs en de academies voor deeltijds kunstonderwijs
CHAPITRE 20. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 mai 2018 relatif aux initiatives locales de coopĂ©ration entre les Ă©coles d'enseignement fondamental et secondaire, les institutions d'enseignement supĂ©rieur et les acadĂ©mies d'enseignement artistique Ă temps partiel
Art. 40. In artikel 7, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende de lokale samenwerkingsinitiatieven tussen scholen voor basis- en secundair onderwijs, instellingen voor hoger onderwijs en de academies voor deeltijds kunstonderwijs, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2019, wordt de datum "15 februari" vervangen door de datum "15 januari".
Art. 40. Dans l'article 7, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 mai 2018 relatif aux initiatives locales de coopĂ©ration entre les Ă©coles d'enseignement fondamental et secondaire, les institutions d'enseignement supĂ©rieur et les acadĂ©mies d'enseignement artistique Ă temps partiel, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand, la date " 15 fĂ©vrier " est remplacĂ©e par la date " 15 janvier ".
Art. 41. In artikel 9, vierde lid van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 mei 2019, wordt de datum "31 maart" vervangen door de datum "3 maart".
Art. 41. Dans l'article 9, alinĂ©a 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 mai 2019, la date " 31 mars " est remplacĂ©e par la date " 3 mars ".
Art. 42. In artikel 10 van hetzelfde besluit wordt de datum "15 mei" vervangen door de datum "15 april".
Art. 42. Dans l'article 10 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, la date " 15 mai " est remplacĂ©e par la date " 15 avril ".
HOOFDSTUK 21. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de organisatie, de personeelsformatie, de inning van het inschrijvingsgeld en de certificering van het deeltijds kunstonderwijs
CHAPITRE 21. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 mai 2018 relatif Ă l'offre de formation, Ă l'organisation, au cadre du personnel, Ă la perception des droits d'inscription et Ă la certification de l'enseignement artistique Ă temps partiel
Art. 43. In artikel 17, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de organisatie, de personeelsformatie, de inning van het inschrijvingsgeld en de certificering van het deeltijds kunstonderwijs, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 24 mei 2019, 10 september 2021 en 2 september 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt de zin "De academie kiest de vakken in functie van de basiscompetenties, de specifieke eindtermen of de beroepskwalificatie die de leerlingen moeten bereiken." vervangen door de zin "Voor de leerlingen van de eerste, tweede en derde graad kiest de academie de vakken in functie van de te bereiken basiscompetenties van de graad in kwestie.";
  2° aan het eerste lid worden de volgende zinnen toegevoegd:
  "Voor de leerlingen van de vierde graad dans, woordkunst-drama of muziek of de derde graad audiovisuele en beeldende kunsten die willen doorstromen naar het hoger kunstonderwijs, kiest de academie de vakken in functie van de te bereiken specifieke eindtermen en op maat van de artistieke ambities van de leerlingen. Het bestuur garandeert bij die keuze de organiseerbaarheid en de invulling van de kwaliteitsverwachtingen van de academie. Door het toepassen van deze maatregel kan er geen nieuwe of bijkomende terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking worden uitgesproken. De Vlaamse Regering organiseert in het schooljaar 2026-2027 een evaluatie van deze keuzemogelijkheid, met organiseerbaarheid en de invulling van de kwaliteitsverwachtingen van de academie als elementen van deze evaluatie. Voor de overige leerlingen van de vierde graad kiest de academie de vakken in functie van de te behalen beroepskwalificatie.";
  3° het vijfde, het zesde en het zevende lid worden opgeheven.
  1° in het eerste lid wordt de zin "De academie kiest de vakken in functie van de basiscompetenties, de specifieke eindtermen of de beroepskwalificatie die de leerlingen moeten bereiken." vervangen door de zin "Voor de leerlingen van de eerste, tweede en derde graad kiest de academie de vakken in functie van de te bereiken basiscompetenties van de graad in kwestie.";
  2° aan het eerste lid worden de volgende zinnen toegevoegd:
  "Voor de leerlingen van de vierde graad dans, woordkunst-drama of muziek of de derde graad audiovisuele en beeldende kunsten die willen doorstromen naar het hoger kunstonderwijs, kiest de academie de vakken in functie van de te bereiken specifieke eindtermen en op maat van de artistieke ambities van de leerlingen. Het bestuur garandeert bij die keuze de organiseerbaarheid en de invulling van de kwaliteitsverwachtingen van de academie. Door het toepassen van deze maatregel kan er geen nieuwe of bijkomende terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking worden uitgesproken. De Vlaamse Regering organiseert in het schooljaar 2026-2027 een evaluatie van deze keuzemogelijkheid, met organiseerbaarheid en de invulling van de kwaliteitsverwachtingen van de academie als elementen van deze evaluatie. Voor de overige leerlingen van de vierde graad kiest de academie de vakken in functie van de te behalen beroepskwalificatie.";
  3° het vijfde, het zesde en het zevende lid worden opgeheven.
Art. 43. A l'article 17, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 mai 2018 relatif Ă l'offre de formation, Ă l'organisation, au cadre du personnel, Ă la perception des droits d'inscription et Ă la certification de l'enseignement artistique Ă temps partiel, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 24 mai 2019, 10 septembre 2021 et 2 septembre 2022, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° à l'alinéa 1er, la phrase " L'académie sélectionne les cours en fonction des compétences de base, des objectifs finaux spécifiques ou de la qualification professionnelle que les élÚves doivent atteindre. " est remplacée par la phrase " Pour les élÚves des premier, deuxiÚme et troisiÚme degrés, l'académie sélectionne les cours en fonction des compétences de base à atteindre du degré en question. " ;
  2° l'alinéa 1er est complété par les phrases suivantes :
  " Pour les Ă©lĂšves du quatriĂšme degrĂ© danse, arts de la parole-théùtre ou musique, ou du troisiĂšme annĂ©e arts plastiques et audiovisuels qui souhaitent faire la transition vers l'enseignement supĂ©rieur artistique, l'acadĂ©mie sĂ©lectionne les cours en fonction des objectifs finaux spĂ©cifiques Ă atteindre et en fonction des ambitions artistiques des Ă©lĂšves. Dans le cadre ce choix, l'administration garantit l'organisation et la concrĂ©tisation des attentes en termes de qualitĂ© de l'acadĂ©mie. En appliquant cette mesure, aucune mise en disponibilitĂ© par dĂ©faut d'emploi nouvelle ou supplĂ©mentaire ne peut ĂȘtre prononcĂ©e. Le Gouvernement flamand organise une Ă©valuation de cette option au cours de l'annĂ©e scolaire 2026-2027. L'organisation et la concrĂ©tisation des attentes en termes de qualitĂ© de l'acadĂ©mie font partie de cette Ă©valuation. Pour les autres Ă©lĂšves du quatriĂšme degrĂ©, l'acadĂ©mie sĂ©lectionne les cours en fonction de la qualification professionnelle Ă atteindre. " ;
  3° les alinéas 5, 6 et 7 sont abrogés.
  1° à l'alinéa 1er, la phrase " L'académie sélectionne les cours en fonction des compétences de base, des objectifs finaux spécifiques ou de la qualification professionnelle que les élÚves doivent atteindre. " est remplacée par la phrase " Pour les élÚves des premier, deuxiÚme et troisiÚme degrés, l'académie sélectionne les cours en fonction des compétences de base à atteindre du degré en question. " ;
  2° l'alinéa 1er est complété par les phrases suivantes :
  " Pour les Ă©lĂšves du quatriĂšme degrĂ© danse, arts de la parole-théùtre ou musique, ou du troisiĂšme annĂ©e arts plastiques et audiovisuels qui souhaitent faire la transition vers l'enseignement supĂ©rieur artistique, l'acadĂ©mie sĂ©lectionne les cours en fonction des objectifs finaux spĂ©cifiques Ă atteindre et en fonction des ambitions artistiques des Ă©lĂšves. Dans le cadre ce choix, l'administration garantit l'organisation et la concrĂ©tisation des attentes en termes de qualitĂ© de l'acadĂ©mie. En appliquant cette mesure, aucune mise en disponibilitĂ© par dĂ©faut d'emploi nouvelle ou supplĂ©mentaire ne peut ĂȘtre prononcĂ©e. Le Gouvernement flamand organise une Ă©valuation de cette option au cours de l'annĂ©e scolaire 2026-2027. L'organisation et la concrĂ©tisation des attentes en termes de qualitĂ© de l'acadĂ©mie font partie de cette Ă©valuation. Pour les autres Ă©lĂšves du quatriĂšme degrĂ©, l'acadĂ©mie sĂ©lectionne les cours en fonction de la qualification professionnelle Ă atteindre. " ;
  3° les alinéas 5, 6 et 7 sont abrogés.
Art. 44. In artikel 35/3 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 10 september 2021 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 2 september 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt punt 7° opgeheven;
  2° het derde lid wordt vervangen door wat volgt:
  "De directeur kan aan een leerling afwezigheden toestaan wegens omstandigheden van persoonlijke aard. De voormelde afwezigheden worden beschouwd als gewettigd.".
  1° in het eerste lid wordt punt 7° opgeheven;
  2° het derde lid wordt vervangen door wat volgt:
  "De directeur kan aan een leerling afwezigheden toestaan wegens omstandigheden van persoonlijke aard. De voormelde afwezigheden worden beschouwd als gewettigd.".
Art. 44. A l'article 35/3 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 10 septembre 2021 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 2 septembre 2022, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans l'alinéa 1er, le point 7° est abrogé ;
  2° l'alinéa 3 est remplacé par ce qui suit :
  " Le directeur peut accorder à un élÚve des absences en raison de circonstances de nature personnelle. Les absences précitées sont considérées comme des absences justifiées. ".
  1° dans l'alinéa 1er, le point 7° est abrogé ;
  2° l'alinéa 3 est remplacé par ce qui suit :
  " Le directeur peut accorder à un élÚve des absences en raison de circonstances de nature personnelle. Les absences précitées sont considérées comme des absences justifiées. ".
Art. 45. In artikel 46/1, derde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 25 september 2020, worden de woorden "en de onderwijsinspectie" opgeheven.
Art. 45. Dans l'article 46/1, alinĂ©a 3, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 25 septembre 2020, les mots " et de l'inspection de l'enseignement " sont abrogĂ©s.
Art. 46. Aan artikel 58, tweede lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 2 september 2022, wordt de zinsnede ", over de optie of het muziekinstrument en, in voorkomend geval, de nieuwe vakken." toegevoegd.
Art. 46. L'article 58, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 2 septembre 2022, est complĂ©tĂ© par le membre de phrase " , concernant l'option ou l'instrument de musique et, le cas Ă©chĂ©ant, les nouveaux cours. ".
HOOFDSTUK 22. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 van de Vlaamse Regering betreffende het opleidingsaanbod, de structuur, organisatie en financiering van de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen
CHAPITRE 22. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 mai 2018 relatif Ă l'offre de formation, Ă la structure, Ă l'organisation et au financement de l'Ă©cole royale de carillon Jef Denyn Ă Malines
Art. 47. In artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 mei 2018 betreffende het opleidingsaanbod, de structuur, organisatie en financiering van de Koninklijke Beiaardschool Jef Denyn in Mechelen, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juli 2023, wordt paragraaf 3 vervangen door wat volgt:
  " § 3. In afwijking van paragraaf 2 kan de Beiaardschool de studierichtingen ook organiseren in intensievere lespakketten op een kortere termijn dan een leerjaar in het lineaire traject. In het voormelde geval is de totale studieomvang dezelfde als die van een leerjaar in het lineaire traject.".
  " § 3. In afwijking van paragraaf 2 kan de Beiaardschool de studierichtingen ook organiseren in intensievere lespakketten op een kortere termijn dan een leerjaar in het lineaire traject. In het voormelde geval is de totale studieomvang dezelfde als die van een leerjaar in het lineaire traject.".
Art. 47. Dans l'article 3 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 mai 2018 relatif Ă l'offre de formation, Ă la structure, Ă l'organisation et au financement de l'Ă©cole royale de carillon Jef Denyn Ă Malines, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 7 juillet 2023, le paragraphe 3 est remplacĂ© par ce qui suit :
  " § 3. Par dĂ©rogation au paragraphe 2, l'Ă©cole de carillon peut Ă©galement organiser les orientations d'Ă©tudes en module de cours plus intensifs sur une durĂ©e infĂ©rieure Ă une annĂ©e d'Ă©tudes dans le parcours linĂ©aire. Dans le cas prĂ©citĂ©, le volume total d'Ă©tudes est la mĂȘme que celui d'une annĂ©e d'Ă©tudes dans le parcours linĂ©aire. ".
  " § 3. Par dĂ©rogation au paragraphe 2, l'Ă©cole de carillon peut Ă©galement organiser les orientations d'Ă©tudes en module de cours plus intensifs sur une durĂ©e infĂ©rieure Ă une annĂ©e d'Ă©tudes dans le parcours linĂ©aire. Dans le cas prĂ©citĂ©, le volume total d'Ă©tudes est la mĂȘme que celui d'une annĂ©e d'Ă©tudes dans le parcours linĂ©aire. ".
HOOFDSTUK 23. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 2018 houdende sommige maatregelen betreffende de modernisering van het secundair onderwijs
CHAPITRE 23. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 1er juin 2018 portant certaines mesures concernant la modernisation de l'enseignement secondaire
Art. 48. In artikel 1, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 2018 houdende sommige maatregelen betreffende de modernisering van het secundair onderwijs, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2019, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Hierbij houdt de Vlaamse Regering minstens rekening met de beperkingen vermeld in bijlage 10, die bij dit besluit is gevoegd.";
  2° in het zesde lid wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Hierbij houdt de Vlaamse Regering minstens rekening met de beperkingen vermeld in bijlage 10, die bij dit besluit is gevoegd.".
  1° in het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Hierbij houdt de Vlaamse Regering minstens rekening met de beperkingen vermeld in bijlage 10, die bij dit besluit is gevoegd.";
  2° in het zesde lid wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Hierbij houdt de Vlaamse Regering minstens rekening met de beperkingen vermeld in bijlage 10, die bij dit besluit is gevoegd.".
Art. 48. A l'article 1er, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 1er juin 2018 portant certaines mesures concernant la modernisation de l'enseignement secondaire, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 19 juillet 2019, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° l'alinéa 2 est complété par la phrase suivante :
  " A cet Ă©gard, le Gouvernement flamand tient au moins compte des restrictions visĂ©es Ă l'annexe 10 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. " ;
  2° l'alinéa 6 est complété par la phrase suivante :
  " A cet Ă©gard, le Gouvernement flamand tient au moins compte des restrictions visĂ©es Ă l'annexe 10 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. ".
  1° l'alinéa 2 est complété par la phrase suivante :
  " A cet Ă©gard, le Gouvernement flamand tient au moins compte des restrictions visĂ©es Ă l'annexe 10 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. " ;
  2° l'alinéa 6 est complété par la phrase suivante :
  " A cet Ă©gard, le Gouvernement flamand tient au moins compte des restrictions visĂ©es Ă l'annexe 10 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©. ".
Art. 49. Bijlage 2 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 9, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 49. L'annexe 2 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 9 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 50. Bijlage 4 bij hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 10, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 50. L'annexe 4 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 10 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 51. Bijlage 4/1 bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juli 2019 en vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 11, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 51. L'annexe 4/1 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 19 juillet 2019 et remplacĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 11 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 52. Bijlage 4/2 bij hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 12, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 52. L'annexe 4/2 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©e par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 12 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 53. Aan hetzelfde besluit wordt een bijlage 10 toegevoegd, die als bijlage 13 bij dit besluit is gevoegd.
Art. 53. Le mĂȘme arrĂȘtĂ© est complĂ©tĂ© par une annexe 10 jointe en annexe 13 au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 24. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 oktober 2018 tot vastlegging van structuuronderdelen duaal en standaardtrajecten in het secundair onderwijs
CHAPITRE 24. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 octobre 2018 dĂ©terminant les subdivisions structurelles duales et les parcours standard dans l'enseignement secondaire
Art. 54. Bijlage 1 bij het besluit van de Vlaamse Regering van 12 oktober 2018 tot vastlegging van structuuronderdelen duaal en standaardtrajecten in het secundair onderwijs, het laatst vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 december 2023, wordt vervangen door bijlage 14, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 54. L'annexe 1re de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 octobre 2018 dĂ©terminant les subdivisions structurelles duales et les parcours standard dans l'enseignement secondaire, remplacĂ©e en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 dĂ©cembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 14 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 25. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2020 tot vastlegging van de vakken in de instellingen voor secundair onderwijs
CHAPITRE 25. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 septembre 2020 fixant les matiĂšres dans les Ă©tablissements d'enseignement secondaire
Art. 55. In artikel 1, eerste lid, 3°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 4 september 2020 tot vastlegging van de vakken in de instellingen voor secundair onderwijs wordt de zinsnede ", opleiding verpleegkunde" opgeheven.
Art. 55. Dans l'article 1er, alinĂ©a 1er, 3°, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 4 septembre 2020 fixant les matiĂšres dans les Ă©tablissements d'enseignement secondaire, le membre de phrase " , formation en soins infirmiers " est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 26. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021 over het geïntegreerde ondersteuningsaanbod gelijke onderwijskansen in het secundair onderwijs en tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering, wat betreft studieaanbod, studietoelagen en projectsubsidiëring contractuelen
CHAPITRE 26. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 juillet 2021 relatif Ă l'offre d'appui intĂ©grĂ©e Ă l'Ă©galitĂ© des chances en Ă©ducation dans l'enseignement secondaire et modifiant divers arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand, en ce qui concerne l'offre d'Ă©tudes, les allocations d'Ă©tudes et le subventionnement de projets de contractuels
Art. 56. In artikel 1, tweede lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juli 2021 over het geïntegreerde ondersteuningsaanbod gelijke onderwijskansen in het secundair onderwijs en tot wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering, wat betreft studieaanbod, studietoelagen en projectsubsidiëring contractuelen worden de volgende wijzingen aangebracht:
  1° in punt a) wordt de zinsnede ", 4°, " vervangen door de zinsnede ", 40°, ";
  2° punt b) wordt opgeheven.
  1° in punt a) wordt de zinsnede ", 4°, " vervangen door de zinsnede ", 40°, ";
  2° punt b) wordt opgeheven.
Art. 56. A l'article 1er, alinĂ©a 2, 2°, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 16 juillet 2021 relatif Ă l'offre d'appui intĂ©grĂ©e Ă l'Ă©galitĂ© des chances en Ă©ducation dans l'enseignement secondaire et modifiant divers arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand, en ce qui concerne l'offre d'Ă©tudes, les allocations d'Ă©tudes et le subventionnement de projets de contractuels, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans le point a), le membre de phrase " 4° " est remplacé par le membre de phrase " 40° " ;
  2° le point b) est abrogé.
  1° dans le point a), le membre de phrase " 4° " est remplacé par le membre de phrase " 40° " ;
  2° le point b) est abrogé.
HOOFDSTUK 27. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2022 over de organisatie van het secundair onderwijs, wat leerlingen betreft
CHAPITRE 27. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 juillet 2022 relatif Ă l'organisation de l'enseignement secondaire, en ce qui concerne les Ă©lĂšves
Art. 57. In artikel 23 van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2022 over de organisatie van het secundair onderwijs, wat leerlingen betreft, wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
  "Met behoud van de toepassing van het eerste lid is verandering van structuuronderdeel tijdens het schooljaar toegestaan:
  1° tot en met 15 oktober: van rechtswege;
  2° van 16 oktober tot en met 15 januari: van rechtswege binnen hetzelfde studiedomein of binnen domeinoverschrijdende structuuronderdelen.
  In alle andere gevallen is verandering alleen toegestaan wegens een ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige reden en op voorwaarde van een gunstige beslissing van de klassenraad, na advies van de klassenraad van het structuuronderdeel waaruit de leerling overstapt.".
  "Met behoud van de toepassing van het eerste lid is verandering van structuuronderdeel tijdens het schooljaar toegestaan:
  1° tot en met 15 oktober: van rechtswege;
  2° van 16 oktober tot en met 15 januari: van rechtswege binnen hetzelfde studiedomein of binnen domeinoverschrijdende structuuronderdelen.
  In alle andere gevallen is verandering alleen toegestaan wegens een ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige reden en op voorwaarde van een gunstige beslissing van de klassenraad, na advies van de klassenraad van het structuuronderdeel waaruit de leerling overstapt.".
Art. 57. Dans l'article 23 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 juillet 2022 relatif Ă l'organisation de l'enseignement secondaire, en ce qui concerne les Ă©lĂšves, l'alinĂ©a 2 est remplacĂ© par ce qui suit :
  " Sans préjudice de l'application de l'alinéa 1er, le changement de subdivision structurelle pendant l'année scolaire est autorisé :
  1° jusqu'au 15 octobre : de plein droit ;
  2° du 16 octobre jusqu'au 15 janvier : de plein droit au sein du mĂȘme domaine d'Ă©tudes ou au sein des subdivisions structurelles transversales.
  Dans tous les autres cas, le changement est uniquement autorisé pour motif psychique, social, pédagogique ou médical grave et moyennant une décision favorable du conseil de classe, aprÚs avis du conseil de classe de la subdivision structurelle de laquelle passe l'élÚve. ".
  " Sans préjudice de l'application de l'alinéa 1er, le changement de subdivision structurelle pendant l'année scolaire est autorisé :
  1° jusqu'au 15 octobre : de plein droit ;
  2° du 16 octobre jusqu'au 15 janvier : de plein droit au sein du mĂȘme domaine d'Ă©tudes ou au sein des subdivisions structurelles transversales.
  Dans tous les autres cas, le changement est uniquement autorisé pour motif psychique, social, pédagogique ou médical grave et moyennant une décision favorable du conseil de classe, aprÚs avis du conseil de classe de la subdivision structurelle de laquelle passe l'élÚve. ".
Art. 58. In artikel 24 van hetzelfde besluit wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
  "Met behoud van de toepassing van het eerste lid is verandering van structuuronderdeel tijdens het schooljaar toegestaan:
  1° tot en met 15 oktober: van rechtswege;
  2° van 16 oktober tot en met 15 januari: van rechtswege binnen hetzelfde studiedomein.
  In alle andere gevallen is verandering alleen toegestaan wegens een ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige reden en op voorwaarde van een gunstige beslissing van de klassenraad, na advies van de klassenraad van het structuuronderdeel waaruit de leerling overstapt.".
  "Met behoud van de toepassing van het eerste lid is verandering van structuuronderdeel tijdens het schooljaar toegestaan:
  1° tot en met 15 oktober: van rechtswege;
  2° van 16 oktober tot en met 15 januari: van rechtswege binnen hetzelfde studiedomein.
  In alle andere gevallen is verandering alleen toegestaan wegens een ernstige medische, psychische, sociale of onderwijskundige reden en op voorwaarde van een gunstige beslissing van de klassenraad, na advies van de klassenraad van het structuuronderdeel waaruit de leerling overstapt.".
Art. 58. Dans l'article 24 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, l'alinĂ©a 2 est remplacĂ© par ce qui suit :
  " Sans préjudice de l'application de l'alinéa 1er, le changement de subdivision structurelle pendant l'année scolaire est autorisé :
  1° jusqu'au 15 octobre : de plein droit ;
  2° du 16 octobre jusqu'au 15 janvier : de plein droit au sein du mĂȘme domaine d'Ă©tudes.
  Dans tous les autres cas, le changement est uniquement autorisé pour motif psychique, social, pédagogique ou médical grave et moyennant une décision favorable du conseil de classe, aprÚs avis du conseil de classe de la subdivision structurelle de laquelle passe l'élÚve. ".
  " Sans préjudice de l'application de l'alinéa 1er, le changement de subdivision structurelle pendant l'année scolaire est autorisé :
  1° jusqu'au 15 octobre : de plein droit ;
  2° du 16 octobre jusqu'au 15 janvier : de plein droit au sein du mĂȘme domaine d'Ă©tudes.
  Dans tous les autres cas, le changement est uniquement autorisé pour motif psychique, social, pédagogique ou médical grave et moyennant une décision favorable du conseil de classe, aprÚs avis du conseil de classe de la subdivision structurelle de laquelle passe l'élÚve. ".
Art. 59. Aan artikel 55 van hetzelfde besluit, wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Bij schoolverandering tijdens het schooljaar wordt de beslissing van de klassenraad overgedragen naar de nieuwe school, tenzij kennelijk blijkt dat de beslissing is verkregen zonder dat de leerling het oogmerk had om in de desbetreffende school daadwerkelijk en regelmatig de lessen te volgen. In dat geval is de klassenraad van de nieuwe school bevoegd om zelf een beslissing te nemen.".
  "Bij schoolverandering tijdens het schooljaar wordt de beslissing van de klassenraad overgedragen naar de nieuwe school, tenzij kennelijk blijkt dat de beslissing is verkregen zonder dat de leerling het oogmerk had om in de desbetreffende school daadwerkelijk en regelmatig de lessen te volgen. In dat geval is de klassenraad van de nieuwe school bevoegd om zelf een beslissing te nemen.".
Art. 59. L'article 55 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, est complĂ©tĂ© par un alinĂ©a 3, rĂ©digĂ© comme suit :
  " En cas de changement d'Ă©cole au cours de l'annĂ©e scolaire, la dĂ©cision du conseil de classe est transfĂ©rĂ©e Ă la nouvelle Ă©cole, sauf s'il s'avĂšre manifestement que la dĂ©cision a Ă©tĂ© prise sans que l'Ă©lĂšve avait l'intention de suivre effectivement et rĂ©guliĂšrement les cours dans l'Ă©cole en question. Dans ce cas, le conseil de classe de la nouvelle Ă©cole est compĂ©tent pour prendre une dĂ©cision lui-mĂȘme. ".
  " En cas de changement d'Ă©cole au cours de l'annĂ©e scolaire, la dĂ©cision du conseil de classe est transfĂ©rĂ©e Ă la nouvelle Ă©cole, sauf s'il s'avĂšre manifestement que la dĂ©cision a Ă©tĂ© prise sans que l'Ă©lĂšve avait l'intention de suivre effectivement et rĂ©guliĂšrement les cours dans l'Ă©cole en question. Dans ce cas, le conseil de classe de la nouvelle Ă©cole est compĂ©tent pour prendre une dĂ©cision lui-mĂȘme. ".
Art. 60. Aan artikel 61, tweede lid, 2°, van hetzelfde besluit wordt de volgende zin toegevoegd:
  "Een clausulering omvat, naargelang het geval, het gelijknamige duale structuuronderdeel en niet-duale structuuronderdeel.".
  "Een clausulering omvat, naargelang het geval, het gelijknamige duale structuuronderdeel en niet-duale structuuronderdeel.".
Art. 60. L'article 61, alinĂ©a 2, 2°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, est complĂ©tĂ© par la phrase suivante :
  " Une restriction comprend, selon le cas, la subdivision structurelle duale et non duale du mĂȘme nom. ".
  " Une restriction comprend, selon le cas, la subdivision structurelle duale et non duale du mĂȘme nom. ".
Art. 61. In artikel 71, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° aan punt 3° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "c) als de leerling die met toepassing van artikel 24, eerste lid, 4°, van dit besluit op basis van een certificaat dat gebaseerd is op een beroepskwalificatie is toegelaten tot een duaal structuuronderdeel van de derde graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, in het eerste leerjaar of het tweede leerjaar van dat duale structuuronderdeel de nog niet behaalde doelen van een structuuronderdeel van de tweede graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, vastgelegd door of krachtens decreet- of regelgeving, in voldoende mate heeft behaald;";
  2° aan punt 4° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "c) als de leerling die met toepassing van artikel 24, eerste lid, 4°, van dit besluit op basis van een certificaat dat niet gebaseerd is op een beroepskwalificatie is toegelaten tot een duaal structuuronderdeel van de derde graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, in het eerste leerjaar of het tweede leerjaar van dat duale structuuronderdeel de nog niet behaalde doelen van een structuuronderdeel van de tweede graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, vastgelegd door of krachtens decreet- of regelgeving, in voldoende mate heeft behaald;".
  1° aan punt 3° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "c) als de leerling die met toepassing van artikel 24, eerste lid, 4°, van dit besluit op basis van een certificaat dat gebaseerd is op een beroepskwalificatie is toegelaten tot een duaal structuuronderdeel van de derde graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, in het eerste leerjaar of het tweede leerjaar van dat duale structuuronderdeel de nog niet behaalde doelen van een structuuronderdeel van de tweede graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, vastgelegd door of krachtens decreet- of regelgeving, in voldoende mate heeft behaald;";
  2° aan punt 4° wordt een punt c) toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "c) als de leerling die met toepassing van artikel 24, eerste lid, 4°, van dit besluit op basis van een certificaat dat niet gebaseerd is op een beroepskwalificatie is toegelaten tot een duaal structuuronderdeel van de derde graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, in het eerste leerjaar of het tweede leerjaar van dat duale structuuronderdeel de nog niet behaalde doelen van een structuuronderdeel van de tweede graad van de arbeidsmarktfinaliteit - bso, vastgelegd door of krachtens decreet- of regelgeving, in voldoende mate heeft behaald;".
Art. 61. A l'article 71, alinĂ©a 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° le point 3° est complété par un point c), rédigé comme suit :
  " c) si l'Ă©lĂšve qui, en application de l'article 24, alinĂ©a 1er, 4°, du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, a Ă©tĂ© admis Ă une subdivision structurelle duale du troisiĂšme degrĂ© de la finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP sur la base d'un certificat basĂ© sur une qualification professionnelle, a atteint dans une mesure suffisante, au cours de la premiĂšre ou deuxiĂšme annĂ©e de cette subdivision structurelle duale, les objectifs non encore atteints d'une subdivision structurelle du deuxiĂšme degrĂ© de finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP, dĂ©finis par ou en vertu d'un dĂ©cret ou d'une rĂ©glementation ; " ;
  1° le point 4° est complété par un point c), rédigé comme suit :
  " c) si l'Ă©lĂšve qui, en application de l'article 24, alinĂ©a 1er, 4°, du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, a Ă©tĂ© admis Ă une subdivision structurelle duale du troisiĂšme degrĂ© de la finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP sur la base d'un certificat qui n'est pas basĂ© sur une qualification professionnelle, a atteint dans une mesure suffisante, au cours de la premiĂšre ou deuxiĂšme annĂ©e de cette subdivision structurelle duale, les objectifs non encore atteints d'une subdivision structurelle du deuxiĂšme degrĂ© de finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP, dĂ©finis par ou en vertu d'un dĂ©cret ou d'une rĂ©glementation ; ".
  1° le point 3° est complété par un point c), rédigé comme suit :
  " c) si l'Ă©lĂšve qui, en application de l'article 24, alinĂ©a 1er, 4°, du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, a Ă©tĂ© admis Ă une subdivision structurelle duale du troisiĂšme degrĂ© de la finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP sur la base d'un certificat basĂ© sur une qualification professionnelle, a atteint dans une mesure suffisante, au cours de la premiĂšre ou deuxiĂšme annĂ©e de cette subdivision structurelle duale, les objectifs non encore atteints d'une subdivision structurelle du deuxiĂšme degrĂ© de finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP, dĂ©finis par ou en vertu d'un dĂ©cret ou d'une rĂ©glementation ; " ;
  1° le point 4° est complété par un point c), rédigé comme suit :
  " c) si l'Ă©lĂšve qui, en application de l'article 24, alinĂ©a 1er, 4°, du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, a Ă©tĂ© admis Ă une subdivision structurelle duale du troisiĂšme degrĂ© de la finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP sur la base d'un certificat qui n'est pas basĂ© sur une qualification professionnelle, a atteint dans une mesure suffisante, au cours de la premiĂšre ou deuxiĂšme annĂ©e de cette subdivision structurelle duale, les objectifs non encore atteints d'une subdivision structurelle du deuxiĂšme degrĂ© de finalitĂ© marchĂ© du travail - ESP, dĂ©finis par ou en vertu d'un dĂ©cret ou d'une rĂ©glementation ; ".
Art. 62. In artikel 72, tweede lid, van hetzelfde besluit, worden tussen de zinsnede "onderwijskwalificatie niveau 2," en het woord "behaalde" de woorden "of een getuigschrift van de tweede graad van het secundair onderwijs" ingevoegd.
Art. 62. L'article 72, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, est complĂ©tĂ© par le membre de phrase " , ou un certificat du deuxiĂšme degrĂ© de l'enseignement secondaire ".
Art. 63. Aan artikel 82, § 2, 1°, van hetzelfde besluit, worden de woorden "en het eerste leerjaar van de derde graad" toegevoegd.
Art. 63. L'article 82, § 2, 1°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, est complĂ©tĂ© par les mots " et en premiĂšre annĂ©e d'Ă©tudes du troisiĂšme degrĂ© ".
Art. 64. Aan artikel 116, 3°, van hetzelfde besluit, worden de woorden "wordt de zinsnede ", met uitzondering van artikel 4/1 en bijlage XXXIV en XXXV" toegevoegd.
Art. 64. L'article 116, 3°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, est complĂ©tĂ© par le membre de phrase " , Ă l'exception de l'article 4/1 et l'annexe XXXIV et XXXV ".
Art. 65. De bijlage bij hetzelfde besluit, het laatst vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023, wordt vervangen door bijlage 15, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 65. L'annexe du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ©e en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 septembre 2023, est remplacĂ©e par l'annexe 15 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 28. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 oktober 2022 over het inschrijvingsrecht in het basisonderwijs en het secundair onderwijs
CHAPITRE 28. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 7 octobre 2022 relatif au droit d'inscription dans l'enseignement fondamental et l'enseignement secondaire
Art. 66. In artikel 24, vierde lid, 2°, van het besluit van 7 oktober 2022 van de Vlaamse Regering over het inschrijvingsrecht in het basisonderwijs en het secundair onderwijs wordt de datum "20 mei 2025" vervangen door de datum "27 mei 2025".
Art. 66. Dans l'article 24, alinĂ©a 4, 2°, de l'arrĂȘtĂ© du 7 octobre 2022 du Gouvernement flamand relatif au droit d'inscription dans l'enseignement fondamental et l'enseignement secondaire, la date " 20 mai 2025 " est remplacĂ©e par la date " 27 mai 2025 ".
Art. 67. Bijlage 1 bij hetzelfde besluit wordt vervangen door bijlage 16, die bij dit besluit is gevoegd.
Art. 67. L'annexe 1re du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ©e par l'annexe 16 jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK 29. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2023 over de onderwijsinternaten
CHAPITRE 29. - Modification de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 juillet 2023 relatif aux internats de l'enseignement
Art. 68. In artikel 41 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juli 2023 over de onderwijsinternaten, wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
  "De waarde van één ORE wordt voor het schooljaar 2024-2025 vastgelegd op 5,934 euro.".
  "De waarde van één ORE wordt voor het schooljaar 2024-2025 vastgelegd op 5,934 euro.".
Art. 68. Dans l'article 41 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 14 juillet 2023 relatif aux internats de l'enseignement, l'alinĂ©a 2 est remplacĂ© par ce qui suit :
  " La valeur d'une ORE est fixée à 5,934 euros pour l'année scolaire 2024-2025. ".
  " La valeur d'une ORE est fixée à 5,934 euros pour l'année scolaire 2024-2025. ".
HOOFDSTUK 30. - Slotbepalingen
CHAPITRE 30. - Dispositions finales
Art. 69. Dit besluit treedt in werking op 1 september 2024, met uitzondering van de artikelen 61 en 62, die in werking treden de dag na de publicatie in het Belgisch Staatsblad, artikel 63, dat in werking treedt op 1 juni 2024 en de artikelen 22, 23 en 24, die in werking treden op 1 september 2025.
  De artikelen 1, 19 en 38 hebben uitwerking op 1 september 2023.
  De artikelen 1, 19 en 38 hebben uitwerking op 1 september 2023.
Art. 69. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le 1er septembre 2024, Ă l'exception des articles 61 et 62 qui entrent en vigueur un jour aprĂšs de la publication au Moniteur belge, de l'article 63 qui entre en vigueur le 1er juin 2024 et des articles 22, 23 et 24 qui entrent en vigueur le 1er septembre 2025.
  Les articles 1er, 19 et 38 produisent leurs effets le 1er septembre 2023.
  Les articles 1er, 19 et 38 produisent leurs effets le 1er septembre 2023.
Art. 70. De Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, en de Vlaamse minister, bevoegd voor werk, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 70. Le ministre flamand qui a l'enseignement et la formation dans ses attributions et le ministre flamand qui a l'emploi dans ses attributions sont chargĂ©s, chacun en ce qui le concerne, de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
BIJLAGE.
-
Art. N. Â Â (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 28-08-2024, p. 98725)
-