Artikel 1. § 1. In uitvoering van artikel 54, § 1, van het decreet van 29 maart 2024 houdende wijziging van diverse decreten over het landbouw- en visserijbeleid wordt een commissie Krengenfinanciering opgericht.
§ 2. De vertegenwoordigers van de landbouworganisaties, vermeld in artikel 54, § 1, eerste lid, 1°, van hetzelfde decreet, worden voorgedragen door de Strategische Adviesraad voor Landbouw en Visserij, opgericht bij het decreet van 6 juli 2007, gewijzigd bij de decreten van 3 juli 2015 en 7 december 2018.
De vertegenwoordigers van de inzamelaars en verwerkers van kadavers van landbouwdieren, vermeld in artikel 54, § 1, eerste lid, 2°, van hetzelfde decreet worden voorgedragen door RENDAC.
§ 3. De leidend ambtenaar van het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie duidt de personeelsleden, vermeld in artikel 54, § 1, eerste lid, 3°, van hetzelfde decreet aan.
§ 4. De organisaties, vermeld in § 2, dragen voor elk mandaat telkens 2 kandidaten voor.
Uit de voorgedragen kandidaten, vermeld in § 2, benoemt de minister, bevoegd voor de landbouw, telkens iemand als effectief lid en plaatsvervangend lid.
Om een meer evenwichtige participatie van mannen en vrouwen te bevorderen, mag ten hoogste twee derde van de leden van hetzelfde geslacht zijn.
Dat quotum is afzonderlijk van toepassing op de effectieve leden en op de plaatsvervangende leden.
Als de voorgedragen kandidaturen het niet mogelijk maken om te voldoen aan de verplichting, vermeld in het derde lid, dan moet de voordrachtprocedure hernomen worden. In voorkomend geval moeten de voordragende organisaties die geen kandidaat van het ondervertegenwoordigde geslacht hadden voorgedragen, een extra kandidaat voordragen die van het ondervertegenwoordigde geslacht is.
Zolang een voordragende instantie niet voldoet aan die voorwaarde, blijft het mandaat open.
§ 5. De effectieve en plaatsvervangende leden worden benoemd voor drie jaar.
Als een effectief of plaatsvervangend lid wordt vervangen, dragen de organisaties, vermeld in § 2, een kandidaat voor.
Het vervangende effectief of plaatsvervangend lid, vermeld in het tweede lid, voltooit het mandaat van het effectief of plaatsvervangend lid dat wordt vervangen.
§ 6. De commissie Krengenfinanciering, vermeld in § 1, vergadert op de dag en het uur dat de personeelsleden, vermeld in § 3 vaststellen.
§ 7. De commissie Krengenfinanciering, vermeld in § 1, kan alleen geldig beraadslagen en beslissen bij aanwezigheid van de meerderheid van de effectieve leden of plaatsvervangende leden.
§ 8. De commissie Krengenfinanciering, vermeld in § 1, kan beslissen dat leden zich tijdens de vergaderingen kunnen laten bijstaan door experten.
De commissie Krengenfinanciering, vermeld in § 1, kan zich bij de besluitvorming laten bijstaan door experten.
§ 9. De commissie Krengenfinanciering, vermeld in § 1, beslist bij unanimiteit.
§ 10. De beslissing van de commissie Krengenfinanciering wordt opgenomen in de notulen die door de aanwezige leden worden ondertekend.
§ 11. De minister, bevoegd voor de landbouw, kan voorzien in de toekenning van de onkostenvergoeding, vermeld in artikel 54, § 3, van hetzelfde decreet, en de toekenning ervan nader regelen.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
3 MEI 2024. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van diverse besluiten van de sectorale landbouw- en zeevisserijregelgeving
Titre
3 MAI 2024. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant divers arrêtés de la réglementation sectorielle en matière d'agriculture et de pêche maritime
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Uitvoering van artikel 54 van he...
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingsbepalingen
Afdeling 1. - Wijziging van het besluit van de ...
Afdeling 2. - Wijziging van het besluit van de ...
Afdeling 3. - Wijziging van het besluit van de ...
Afdeling 4. - Wijziging van het besluit van de ...
Afdeling 5. - Wijzigingen van het besluit van d...
Afdeling 6. - Wijzigingen van het besluit van d...
Afdeling 7. - Wijziging van het besluit van de ...
Afdeling 8. - Wijziging van het besluit van de ...
Afdeling 9. - Wijziging van het besluit van de ...
Afdeling 10. - Wijziging van het Fokkerijbeslui...
Afdeling 11. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 12. - Wijziging van het besluit van de...
Afdeling 13. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 14. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 15. - Wijziging van het besluit van de...
Afdeling 16. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 17. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 18. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 19. - Wijziging van het besluit van de...
Afdeling 20. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 21. - Wijziging van het besluit van de...
Afdeling 22. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 23. - Wijziging van het besluit van de...
Afdeling 24. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 25. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 26. - Wijzigingen aan het besluit van ...
Afdeling 27. - Wijzigingen van het besluit van ...
Afdeling 28. - Wijziging van het besluit van de...
Afdeling 29. - Wijziging van het besluit van de...
Afdeling 30. - Wijzigingen van het besluit van ...
HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Exécution de l'article 54 du dé...
CHAPITRE 2. - Dispositions modificatives
Section 1re. - Modification de l'arrêté du Gouv...
Section 2. - Modification de l'arrêté du Gouver...
Section 3. - Modification de l'arrêté du Gouver...
Section 4. - Modification de l'arrêté du Gouver...
Section 5. - Modifications de l'arrêté du Gouve...
Section 6. - Modifications de l'arrêté du Gouve...
Section 7. - Modification de l'arrêté du Gouver...
Section 8. - Modification de l'arrêté du Gouver...
Section 9. - Modification de l'arrêté du Gouver...
Section 10. - Modification de l'Arrêté relatif ...
Section 11. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 12. - Modification de l'arrêté du Gouve...
Section 13. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 14. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 15. - Modification de l'arrêté du Gouve...
Section 16. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 17. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 18. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 19. - Modification de l'arrêté du Gouve...
Section 20. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 21. - Modification de l'arrêté du Gouve...
Section 22. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 23. - Modification de l'arrêté du Gouve...
Section 24. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 25. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 26. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 27. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
Section 28. - Modification de l'arrêté du Gouve...
Section 29. - Modification de l'arrêté du Gouve...
Section 30. - Modifications de l'arrêté du Gouv...
CHAPITRE 3. - Dispositions finales
Tekst (116)
Texte (116)
HOOFDSTUK 1. - Uitvoering van artikel 54 van het decreet van 29 maart 2024 houdende wijziging van diverse decreten over het landbouw- en visserijbeleid
CHAPITRE 1er. - Exécution de l'article 54 du décret du 29 mars 2024 modifiant divers décrets relatifs à la politique de l'agriculture et de la pêche
Article 1er. § 1er. Exécution de l'article 54, § 1er, du décret du 29 mars 2024 modifiant divers décrets relatifs à la politique de l'agriculture et de la pêche, une commission Financement des Cadavres est instituée.
§ 2. Les représentants des organisations agricoles, visés à l'article 54, § 1er, alinéa 1er, 1°, du même décret, sont présentés par le Conseil consultatif stratégique pour l'Agriculture et la Pêche, créé par le décret du 6 juillet 2007, modifié par les décrets des 3 juillet 2015 et 7 décembre 2018.
Les représentants des collecteurs et transformateurs de cadavres d'animaux de ferme, visés à l'article 54, § 1er, alinéa 1er, 2°, du même décret, sont présentés par RENDAC.
§ 3. Le fonctionnaire dirigeant de l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande, désigne les membres du personnel, visés à l'article 54, § 1er, alinéa 1er, 3°, du même décret.
§ 4. Les organisations, visées au § 2, présentent 2 candidats pour chaque mandat.
Le ministre qui a l'agriculture dans ses attributions nomme systématiquement un membre effectif et un membre suppléant parmi les candidats présentés, visés au § 2.
Pour promouvoir une participation plus équilibrée d'hommes et de femmes, les deux tiers au maximum des membres pourront être du même sexe.
Ce quota s'applique distinctement aux membres effectifs et aux membres suppléants.
Si les candidatures proposées ne permettent pas de remplir l'obligation visée à l'alinéa 3, la procédure de présentation doit être reprise. Le cas échéant, les organisations proposantes qui n'ont pas proposé un candidat du sexe sous-représenté, doivent proposer un candidat supplémentaire du sexe sous-représenté.
Tant qu'une instance proposante ne répond pas à cette condition, le mandat reste vacant.
§ 5. Les membres effectifs et suppléants sont nommés pour trois ans.
Lorsqu'un membre effectif ou suppléant est remplacé, les organisations, visées au § 2, présentent un candidat.
Le membre effectif ou suppléant, visé à l'alinéa 2, achève le mandat du membre effectif ou suppléant qui est remplacé.
§ 6. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, se réunit au jour et à l'heure fixés par les membres du personnel, visés au § 3.
§ 7. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, ne peut délibérer et décider valablement qu'en présence de la majorité des membres effectifs ou des membres suppléants.
§ 8. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, peut décider que des membres peuvent se faire assister par des experts pendant les réunions.
La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, peut se faire assister par des experts pour la prise de décision.
§ 9. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, décide à l'unanimité.
§ 10. La décision de la commission Financement des Cadavres est reprise dans le procès-verbal qui est signé par les membres présents.
§ 11. Le ministre qui a l'agriculture dans ses attributions peut prévoir l'octroi d'un défraiement, visé à l'article 54, § 3, du même décret, et en fixer les modalités d'octroi.
§ 2. Les représentants des organisations agricoles, visés à l'article 54, § 1er, alinéa 1er, 1°, du même décret, sont présentés par le Conseil consultatif stratégique pour l'Agriculture et la Pêche, créé par le décret du 6 juillet 2007, modifié par les décrets des 3 juillet 2015 et 7 décembre 2018.
Les représentants des collecteurs et transformateurs de cadavres d'animaux de ferme, visés à l'article 54, § 1er, alinéa 1er, 2°, du même décret, sont présentés par RENDAC.
§ 3. Le fonctionnaire dirigeant de l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande, désigne les membres du personnel, visés à l'article 54, § 1er, alinéa 1er, 3°, du même décret.
§ 4. Les organisations, visées au § 2, présentent 2 candidats pour chaque mandat.
Le ministre qui a l'agriculture dans ses attributions nomme systématiquement un membre effectif et un membre suppléant parmi les candidats présentés, visés au § 2.
Pour promouvoir une participation plus équilibrée d'hommes et de femmes, les deux tiers au maximum des membres pourront être du même sexe.
Ce quota s'applique distinctement aux membres effectifs et aux membres suppléants.
Si les candidatures proposées ne permettent pas de remplir l'obligation visée à l'alinéa 3, la procédure de présentation doit être reprise. Le cas échéant, les organisations proposantes qui n'ont pas proposé un candidat du sexe sous-représenté, doivent proposer un candidat supplémentaire du sexe sous-représenté.
Tant qu'une instance proposante ne répond pas à cette condition, le mandat reste vacant.
§ 5. Les membres effectifs et suppléants sont nommés pour trois ans.
Lorsqu'un membre effectif ou suppléant est remplacé, les organisations, visées au § 2, présentent un candidat.
Le membre effectif ou suppléant, visé à l'alinéa 2, achève le mandat du membre effectif ou suppléant qui est remplacé.
§ 6. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, se réunit au jour et à l'heure fixés par les membres du personnel, visés au § 3.
§ 7. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, ne peut délibérer et décider valablement qu'en présence de la majorité des membres effectifs ou des membres suppléants.
§ 8. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, peut décider que des membres peuvent se faire assister par des experts pendant les réunions.
La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, peut se faire assister par des experts pour la prise de décision.
§ 9. La commission Financement des Cadavres, visée au § 1er, décide à l'unanimité.
§ 10. La décision de la commission Financement des Cadavres est reprise dans le procès-verbal qui est signé par les membres présents.
§ 11. Le ministre qui a l'agriculture dans ses attributions peut prévoir l'octroi d'un défraiement, visé à l'article 54, § 3, du même décret, et en fixer les modalités d'octroi.
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingsbepalingen
CHAPITRE 2. - Dispositions modificatives
Afdeling 1. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 27 april 2007 betreffende steun aan investeringen in de omkaderingssector van land- en tuinbouw
Section 1re. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 avril 2007 relatif à l'aide aux investissements dans le secteur d'encadrement de l'agriculture et de l'horticulture
Art. 2. In het besluit van de Vlaamse Regering van 27 april 2007 betreffende steun aan investeringen in de omkaderingssector van land- en tuinbouw, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk IV/1, dat bestaat uit artikel 11/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk IV/1. Openbaarmaking
Art. 11/1. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie, regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk IV/1. Openbaarmaking
Art. 11/1. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie, regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 2. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 avril 2007 relatif à l'aide aux investissements dans le secteur d'encadrement de l'agriculture et de l'horticulture, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre IV/1, comprenant l'article 11/1, rédigé comme suit :
" Chapitre IV/1. Publicité
Art. 11/1. L'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande, règle l'exécution de l'obligation de publicité, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre IV/1. Publicité
Art. 11/1. L'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande, règle l'exécution de l'obligation de publicité, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 2. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 oktober 2008 betreffende het erkennen van centra voor landbouweducatie en het subsidiëren van landbouweducatieve activiteiten
Section 2. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 octobre 2008 relatif à l'agrément de centres d'éducation agricole et au subventionnement des activités d'éducation agricole
Art. 3. In het besluit van de Vlaamse Regering van 10 oktober 2008 betreffende het erkennen van centra voor landbouweducatie en het subsidiëren van landbouweducatieve activiteiten, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 19 december 2014, 14 september 2018 en 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk III/1, dat bestaat uit artikel 25/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk III/1. Openbaarmaking
Art. 25/1 De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk III/1. Openbaarmaking
Art. 25/1 De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 3. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 octobre 2008 relatif à l'agrément de centres d'éducation agricole et au subventionnement des activités d'éducation agricole, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 19 décembre 2014, 14 septembre 2018 et 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre III/1, comprenant l'article 25/1, qui est rédigé comme suit :
" Chapitre III/1. Publicité
Art. 25/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre III/1. Publicité
Art. 25/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 3. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 oktober 2010 houdende de vaststelling van algemene maatregelen voor de co-existentie van genetisch gemodificeerde gewassen met conventionele gewassen en biologische gewassen
Section 3. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 octobre 2010 établissant des mesures générales pour la coexistence de cultures génétiquement modifiées et de cultures conventionnelles et biologiques
Art. 4. In artikel 8, § 1, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 oktober 2010 houdende de vaststelling van algemene maatregelen voor de co-existentie van genetisch gemodificeerde gewassen met conventionele gewassen en biologische gewassen wordt de zinsnede "Fonds voor Landbouw en Visserij, als" vervangen door de zinsnede "Fonds toezicht en handhaving Landbouwdecreet,".
Art. 4. Dans l'article 8, § 1er, alinéa 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 octobre 2010 établissant des mesures générales pour la coexistence de cultures génétiquement modifiées et de cultures conventionnelles et biologiques, le membre de phrase " Fonds pour l'Agriculture et la Pêche, telle que " est remplacé par le membre de phrase " Fonds contrôle et maintien Décret Agriculture, ".
Afdeling 4. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011 tot het verlenen van steun voor deelname aan Europees erkende voedselkwaliteitsregelingen
Section 4. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 9 septembre 2011 portant octroi d'une aide à la participation aux régimes agréés de qualité alimentaire
Art. 5. In het besluit van de Vlaamse Regering van 9 september 2011 tot het verlenen van steun voor deelname aan Europees erkende voedselkwaliteitsregelingen, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 4/2, dat bestaat uit artikel 22/2, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 4/2. Openbaarmaking
Art. 22/2. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 4/2. Openbaarmaking
Art. 22/2. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 5. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 9 septembre 2011 portant octroi d'une aide à la participation aux régimes agréés de qualité alimentaire, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 4/2, comprenant l'article 22/2, qui est rédigé comme suit :
" Chapitre 4/2. Publicité
Art. 22/2. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 4/2. Publicité
Art. 22/2. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 5. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2012 houdende de invoering van een puntensysteem voor ernstige inbreuken in de zeevisserij
Section 5. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2012 établissant un système de points pour des infractions graves en matière de pêche en mer
Art. 6. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2012 houdende de invoering van een puntensysteem voor ernstige inbreuken in de zeevisserij, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 november 2023, wordt punt 4° vervangen door wat volgt:
"4° de bevoegde entiteit: het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie.".
"4° de bevoegde entiteit: het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie.".
Art. 6. Dans l'article 1er de l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2012 établissant un système de points pour des infractions graves en matière de pêche en mer, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 novembre 2023, le point 4° est remplacé par ce qui suit :
" 4° l'entité compétente : l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande. ".
" 4° l'entité compétente : l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande. ".
Art. 6/1. In artikel 2, lid 2, van hetzelfde besluit wordt punt 6° vervangen door wat volgt:
"6° het niet-nakomen van de verplichtingen om gegevens met betrekking tot visserijactiviteiten te registreren, op te slaan en te melden, met inbegrip van gegevens die door volgsystemen voor vaartuigen moeten worden doorgestuurd, evenals gegevens over voorafgaande kennisgevingen, vangstaangiften, aangiften van overlading, visserijlogboeken, aangiften van aanlanding, weeggegevens, aangiften van overname, vervoersdocumenten of verkoopdocumenten.".
"6° het niet-nakomen van de verplichtingen om gegevens met betrekking tot visserijactiviteiten te registreren, op te slaan en te melden, met inbegrip van gegevens die door volgsystemen voor vaartuigen moeten worden doorgestuurd, evenals gegevens over voorafgaande kennisgevingen, vangstaangiften, aangiften van overlading, visserijlogboeken, aangiften van aanlanding, weeggegevens, aangiften van overname, vervoersdocumenten of verkoopdocumenten.".
Art. 6/1. Dans l'article 2, alinéa 2, du même arrêté, le point 6° est remplacé par ce qui suit :
" 6° le non-respect des obligations d'enregistrer, sauvegarder et notifier des données relatives aux activités de pêche, y compris des données devant être transmises par des systèmes de surveillance pour navires, ainsi que des données sur des notifications préalables, des déclarations de capture, des déclarations de transbordement, des journaux de pêche, des déclarations de débarquement, des données de pesage, des déclarations de reprise, des documents de transport ou des notes de vente. ".
" 6° le non-respect des obligations d'enregistrer, sauvegarder et notifier des données relatives aux activités de pêche, y compris des données devant être transmises par des systèmes de surveillance pour navires, ainsi que des données sur des notifications préalables, des déclarations de capture, des déclarations de transbordement, des journaux de pêche, des déclarations de débarquement, des données de pesage, des déclarations de reprise, des documents de transport ou des notes de vente. ".
Art. 7. In artikel 3 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1 en 2 wordt het woord "minister" telkens vervangen door de woorden "bevoegde entiteit";
2° er wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 3. De bevoegde entiteit brengt de personen vermeld in § 1, eerste lid, 1° en 2°, op de hoogte van de toegekende punten en werkt hiervoor een procedure uit.".
1° in paragraaf 1 en 2 wordt het woord "minister" telkens vervangen door de woorden "bevoegde entiteit";
2° er wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 3. De bevoegde entiteit brengt de personen vermeld in § 1, eerste lid, 1° en 2°, op de hoogte van de toegekende punten en werkt hiervoor een procedure uit.".
Art. 7. A l'article 3 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans le paragraphe 1er, les mots " le Ministre " sont remplacés par les mots " l'entité compétente " et dans le paragraphe 2, les mots " Le Ministre est également compétent " sont remplacés par les mots " L'entité compétente est également compétente " ;
2° il est inséré un paragraphe 3, rédigé comme suit :
" § 3. L'entité compétente informe les personnes, visées au § 1er, alinéa 1er, 1° et 2°, des points attribués et élabore une procédure à cet effet. ".
1° dans le paragraphe 1er, les mots " le Ministre " sont remplacés par les mots " l'entité compétente " et dans le paragraphe 2, les mots " Le Ministre est également compétent " sont remplacés par les mots " L'entité compétente est également compétente " ;
2° il est inséré un paragraphe 3, rédigé comme suit :
" § 3. L'entité compétente informe les personnes, visées au § 1er, alinéa 1er, 1° et 2°, des points attribués et élabore une procédure à cet effet. ".
Afdeling 6. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 december 2013 tot toekenning van subsidies aan land- of tuinbouwers voor de diversificatie naar zorgboerderijactiviteiten
Section 6. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 20 décembre 2013 portant octroi de subsides à des agriculteurs et horticulteurs pour la diversification vers des activités de ferme de soins
Art. 8. In artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 december 2013 tot toekenning van subsidies aan land- of tuinbouwers voor de diversificatie naar zorgboerderijactiviteiten, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 7 september 2018 en 26 januari 2024, wordt de zinsnede "verordening (EU) nr. 1407/2013 van de Commissie van 18 december 2013 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun, gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie (L 352) van 24 december 2013, en de latere wijzigingen ervan" vervangen door de zinsnede "verordening (EU) 2023/2831 van de Commissie van 13 december 2023 betreffende de toepassing van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op de-minimissteun.".
Art. 8. Dans l'article 4 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 20 décembre 2013 portant octroi de subsides à des agriculteurs et horticulteurs pour la diversification vers des activités de ferme de soins, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 7 septembre 2018 et 26 janvier 2024, le membre de phrase " le règlement (UE) n° 1407/2013 de la Commission du 18 décembre 2013 relatif à l'application des articles 107 et 108 du traité sur le fonctionnement de l'Union européenne aux aides de minimis, publié dans le Journal officiel de l'Union européenne (L 352) du 24 décembre 2013, et ses modifications ultérieures " est remplacé par le membre de phrase " le règlement (UE) 2023/2831 de la Commission du 13 décembre 2023 relatif à l'application des articles 107 et 108 du traité sur le fonctionnement de l'Union européenne aux aides de minimis.
Art. 9. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 19 december 2014, 7 september 2018 en 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 7/1, dat bestaat uit artikel 18/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 7/1. Openbaarmaking
Art. 18/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 7/1. Openbaarmaking
Art. 18/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 9. Dans le même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 19 décembre 2014, 7 septembre 2018 et 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 7/1, comprenant l'article 18/1, qui est rédigé comme suit :
" Chapitre 7/1. Publicité
" Art. 18/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 7/1. Publicité
" Art. 18/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 7. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 oktober 2014 tot uitvoering van het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 november 2006 betreffende de organisatie, de samenstelling en de werking van de Raad van het Fonds voor Landbouw en Visserij en tot vaststelling van het bijzonder reglement betreffende het beheer en van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008 betreffende de biologische productie en de etikettering van biologische producten
Section 7. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 octobre 2014 portant exécution du décret du 28 juin 2013 relatif à la politique de l'agriculture et de la pêche et portant modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 novembre 2006 concernant l'organisation, la composition et le fonctionnement du Conseil du Fonds pour l'Agriculture et la Pêche et fixant le règlement spécial relatif à la gestion, et de l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 décembre 2008 relatif à la production biologique et à l'étiquetage des produits biologiques
Art. 10. Aan artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 oktober 2014 tot uitvoering van het decreet van 28 juni 2013 betreffende het landbouw- en visserijbeleid en tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 november 2006 betreffende de organisatie, de samenstelling en de werking van de Raad van het Fonds voor Landbouw en Visserij en tot vaststelling van het bijzonder reglement betreffende het beheer en van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2008 betreffende de biologische productie en de etikettering van biologische producten, wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Bij de uitvoering van de toezichtsopdracht, vermeld in het eerste lid, kan de bevoegde entiteit de uiteindelijke begunstigden, vermeld in artikel 4, 27°, van de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, opsporen en controleren.".
"Bij de uitvoering van de toezichtsopdracht, vermeld in het eerste lid, kan de bevoegde entiteit de uiteindelijke begunstigden, vermeld in artikel 4, 27°, van de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten, opsporen en controleren.".
Art. 10. Dans l'article 3 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 octobre 2014 portant exécution du décret du 28 juin 2013 relatif à la politique de l'agriculture et de la pêche et portant modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 novembre 2006 concernant l'organisation, la composition et le fonctionnement du Conseil du Fonds pour l'Agriculture et la Pêche et fixant le règlement spécial relatif à la gestion, et de l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 décembre 2008 relatif à la production biologique et à l'étiquetage des produits biologiques, il est inséré un alinéa 2, qui est rédigé comme suit :
" Dans le cadre de l'exécution de la mission de surveillance, visée à l'alinéa 1er, l'entité compétente peut détecter et contrôler les bénéficiaires effectifs, visés à l'article 4, 27°, de la loi du 18 septembre 2017 relative à la prévention du blanchiment de capitaux et du financement du terrorisme et à la limitation de l'utilisation des espèces. ".
" Dans le cadre de l'exécution de la mission de surveillance, visée à l'alinéa 1er, l'entité compétente peut détecter et contrôler les bénéficiaires effectifs, visés à l'article 4, 27°, de la loi du 18 septembre 2017 relative à la prévention du blanchiment de capitaux et du financement du terrorisme et à la limitation de l'utilisation des espèces. ".
Art. 10/1. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 19 december 2014, 14 september 2018 en 26 januari 2024, wordt een artikel 22/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 22/1. De bevoegde entiteit wordt aangeduid als de instantie die conform artikel 65, § 3, derde lid, van het decreet van 28 juni 2013 de in beslag genomen vistuigen en andere productiemiddelen, en de borgsom of de bankgarantie voor de in beslag genomen goederen in bewaring houdt.".
"Art. 22/1. De bevoegde entiteit wordt aangeduid als de instantie die conform artikel 65, § 3, derde lid, van het decreet van 28 juni 2013 de in beslag genomen vistuigen en andere productiemiddelen, en de borgsom of de bankgarantie voor de in beslag genomen goederen in bewaring houdt.".
Art. 10/1. Dans le même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 19 décembre 2014, 14 septembre 2018 et 26 janvier 2024, il est inséré un article 22/1, qui est rédigé comme suit :
" Art. 22/1. L'entité compétente est désignée comme l'instance qui, conformément à l'article 65, § 3, du décret du 28 juin 2013, garde sous séquestre les engins de pêche et autres moyens de production saisis, et la caution ou la garantie bancaire. ".
" Art. 22/1. L'entité compétente est désignée comme l'instance qui, conformément à l'article 65, § 3, du décret du 28 juin 2013, garde sous séquestre les engins de pêche et autres moyens de production saisis, et la caution ou la garantie bancaire. ".
Afdeling 8. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015 betreffende de regels voor steun voor de oprichting van producentenorganisaties
Section 8. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 juillet 2015 relatif aux règles de soutien pour l'établissement d'organisations de producteurs
Art. 11. In het besluit van de Vlaamse Regering van 10 juli 2015 betreffende de regels voor steun voor de oprichting van producentenorganisaties, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 5/1, dat bestaat uit artikel 10/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 5/1. Openbaarmaking
Art. 10/1. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 5/1. Openbaarmaking
Art. 10/1. Het Agentschap Landbouw en Zeevisserij regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 11. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 10 juillet 2015 relatif aux règles de soutien pour l'établissement d'organisations de producteurs, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 5/1, comprenant l'article 10/1, qui est rédigé comme suit :
" Chapitre 5/1. Publicité
Art. 10/1. L'Agence de l'Agriculture et de la Pêche règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 5/1. Publicité
Art. 10/1. L'Agence de l'Agriculture et de la Pêche règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 9. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 betreffende de ondersteuning van de verstrekking van groenten, fruit en melk aan leerlingen in onderwijsinstellingen
Section 9. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 relatif aux aides à la distribution de fruits, de légumes et de lait aux élèves dans les établissements d'enseignement
Art. 12. In het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 betreffende de ondersteuning van de verstrekking van groenten, fruit en melk aan leerlingen in onderwijsinstellingen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 20 juli 2018, 23 september 2022, 8 september 2023 en 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 4/2, dat bestaat uit artikel 12/3, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 4/2. Openbaarmaking
Art. 12/3. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 4/2. Openbaarmaking
Art. 12/3. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 12. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 relatif aux aides à la distribution de fruits, de légumes et de lait aux élèves dans les établissements d'enseignement, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 20 juillet 2018, 23 septembre 2022, 8 septembre 2023 et 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 4/2, comprenant l'article 12/3, qui est rédigé comme suit :
" Chapitre 4/2. Publicité
Art. 12/3. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 4/2. Publicité
Art. 12/3. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 10. - Wijziging van het Fokkerijbesluit van 17 mei 2019
Section 10. - Modification de l'Arrêté relatif à l'Elevage du 17 mai 2019
Art. 13. In het Fokkerijbesluit van 17 mei 2019, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 25 juni 2021 en 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 11/1, dat bestaat uit artikel 63/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 11/1. Openbaarmaking
Art. 63/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 11/1. Openbaarmaking
Art. 63/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 13. Dans l'Arrêté relatif à l'Elevage du 17 mai 2019, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 25 juin 2021 et 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 11/1, comprenant l'article 63/1, qui est rédigé comme suit :
" Chapitre 11/1. Publicité
Art. 63/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 11/1. Publicité
Art. 63/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 11. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juni 2019 betreffende de premiesubsidie voor een brede weersverzekering in de landbouwsector
Section 11. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 juin 2019 relatif à la subvention de prime pour une assurance intempéries globale dans le secteur agricole
Art. 14. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 19 juni 2019 betreffende de premiesubsidie voor een brede weersverzekering in de landbouwsector, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt:
"1° landbouwer: een actieve landbouwer als vermeld in artikel 4, § 2, van het besluit van 21 april 2023;";
2° punt 7° wordt vervangen door wat volgt:
"7° landbouwgrond: het subsidiabele landbouwareaal, vermeld in artikel 1, 32°, van het besluit van 21 april 2023;";
3° er wordt een punt 9° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"9° het besluit van 21 april 2023: het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid.".
1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt:
"1° landbouwer: een actieve landbouwer als vermeld in artikel 4, § 2, van het besluit van 21 april 2023;";
2° punt 7° wordt vervangen door wat volgt:
"7° landbouwgrond: het subsidiabele landbouwareaal, vermeld in artikel 1, 32°, van het besluit van 21 april 2023;";
3° er wordt een punt 9° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"9° het besluit van 21 april 2023: het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid.".
Art. 14. Dans l'article 1 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 19 juin 2019 relatif à la subvention de prime pour une assurance intempéries globale dans le secteur agricole, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, les modifications suivantes sont apportées :
1° le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° agriculteur : un agriculteur actif tel que visé à l'article 4, § 2, de l'arrêté du 21 avril 2023 ; " ;
2° le point 7° est remplacé par ce qui suit :
" 7° terre agricole : la surface agricole subventionnable, visée à l'article 1er, 32°, de l'arrêté du 21 avril 2023 ; " ;
3° il est ajouté un point 9°, rédigé comme suit :
" 9° arrêté du 21 avril 2023 : l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 fixant les règles relatives aux paiements directs en faveur des agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune. ".
1° le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° agriculteur : un agriculteur actif tel que visé à l'article 4, § 2, de l'arrêté du 21 avril 2023 ; " ;
2° le point 7° est remplacé par ce qui suit :
" 7° terre agricole : la surface agricole subventionnable, visée à l'article 1er, 32°, de l'arrêté du 21 avril 2023 ; " ;
3° il est ajouté un point 9°, rédigé comme suit :
" 9° arrêté du 21 avril 2023 : l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 fixant les règles relatives aux paiements directs en faveur des agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune. ".
Art. 15. In artikel 8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 mei 2021, wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
"In dit artikel wordt verstaan onder verzamelaanvraag: de verzamelaanvraag, vermeld in artikel 1, 54°, van het besluit van 21 april 2023.".
"In dit artikel wordt verstaan onder verzamelaanvraag: de verzamelaanvraag, vermeld in artikel 1, 54°, van het besluit van 21 april 2023.".
Art. 15. Dans l'article 8 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 mai 2021, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Dans le présent article, on entend par demande unique : la demande unique, visée à l'article 1er, 54°, de l'arrêté du 21 avril 2023. ".
" Dans le présent article, on entend par demande unique : la demande unique, visée à l'article 1er, 54°, de l'arrêté du 21 avril 2023. ".
Art. 16. In artikel 9 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt:
"De subsidie, vermeld in artikel 2 van dit besluit, wordt verleend onder de voorwaarden, vermeld in artikel 28 van verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard, gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie L327 van 21 december 2022, blz. 1-81, met inbegrip van de latere wijzigingen.";
2° in het tweede lid wordt de inleidende zin vervangen door wat volgt:
"De steunmaatregel voldoet aan de volgende voorwaarden en aan alle andere voorwaarden, vermeld in hoofdstuk I en hoofdstuk II van de voormelde verordening:";
3° in het tweede lid, 2°, wordt de zinsnede "artikel 1, vijfde lid, van de in het eerste lid vermelde verordening" vervangen door de zinsnede "artikel 1, lid 4, van de voormelde verordening";
4° in het tweede lid, 3°, wordt de zinsnede "artikel 1, zesde lid, van de in het eerste lid vermelde verordening" vervangen door de zinsnede "artikel 1, lid 5, h), van de voormelde verordening";
5° in het tweede lid, 4°, wordt de zinsnede "artikel 5, tweede lid, a), van de in het eerste lid vermelde verordening" vervangen door de zinsnede "artikel 5, lid 3, a), van de voormelde verordening".
1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt:
"De subsidie, vermeld in artikel 2 van dit besluit, wordt verleend onder de voorwaarden, vermeld in artikel 28 van verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard, gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie L327 van 21 december 2022, blz. 1-81, met inbegrip van de latere wijzigingen.";
2° in het tweede lid wordt de inleidende zin vervangen door wat volgt:
"De steunmaatregel voldoet aan de volgende voorwaarden en aan alle andere voorwaarden, vermeld in hoofdstuk I en hoofdstuk II van de voormelde verordening:";
3° in het tweede lid, 2°, wordt de zinsnede "artikel 1, vijfde lid, van de in het eerste lid vermelde verordening" vervangen door de zinsnede "artikel 1, lid 4, van de voormelde verordening";
4° in het tweede lid, 3°, wordt de zinsnede "artikel 1, zesde lid, van de in het eerste lid vermelde verordening" vervangen door de zinsnede "artikel 1, lid 5, h), van de voormelde verordening";
5° in het tweede lid, 4°, wordt de zinsnede "artikel 5, tweede lid, a), van de in het eerste lid vermelde verordening" vervangen door de zinsnede "artikel 5, lid 3, a), van de voormelde verordening".
Art. 16. A l'article 9 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" La subvention, visée à l'article 2 du présent arrêté, est accordée aux conditions visées à l'article 28 du règlement (UE) 2022/2472 de la Commission du 14 décembre 2022 déclarant certaines catégories d'aides, dans les secteurs agricole et forestier et dans les zones rurales, compatibles avec le marché intérieur, en application des articles 107 et 108 du traité sur le fonctionnement de l'Union européenne, publié au Journal officiel de l'Union européenne L327 du 21 décembre 2022, pages 1-81, y compris les modifications ultérieures. " ;
2° dans l'alinéa 2, la phrase introductive est remplacée par ce qui suit :
" La mesure d'aide remplit les conditions suivantes et toutes les autres conditions énoncées aux chapitres Ier et II du règlement précité : " ;
3° dans l'alinéa 2, 2°, le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 5, du Règlement visé à l'alinéa 1er " est remplacé par le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 4, du règlement précité " ;
4° dans l'alinéa 2, 3°, le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 6, du règlement visé à l'alinéa 1er " est remplacé par le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 5, h), du règlement précité " ;
5° dans l'alinéa 2, 4°, le membre de phrase " l'article 5, alinéa 2, a), du Règlement visé à l'alinéa 1er " est remplacé par le membre de phrase " l'article 5, alinéa 3, a), du règlement précité ".
1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" La subvention, visée à l'article 2 du présent arrêté, est accordée aux conditions visées à l'article 28 du règlement (UE) 2022/2472 de la Commission du 14 décembre 2022 déclarant certaines catégories d'aides, dans les secteurs agricole et forestier et dans les zones rurales, compatibles avec le marché intérieur, en application des articles 107 et 108 du traité sur le fonctionnement de l'Union européenne, publié au Journal officiel de l'Union européenne L327 du 21 décembre 2022, pages 1-81, y compris les modifications ultérieures. " ;
2° dans l'alinéa 2, la phrase introductive est remplacée par ce qui suit :
" La mesure d'aide remplit les conditions suivantes et toutes les autres conditions énoncées aux chapitres Ier et II du règlement précité : " ;
3° dans l'alinéa 2, 2°, le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 5, du Règlement visé à l'alinéa 1er " est remplacé par le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 4, du règlement précité " ;
4° dans l'alinéa 2, 3°, le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 6, du règlement visé à l'alinéa 1er " est remplacé par le membre de phrase " l'article 1er, alinéa 5, h), du règlement précité " ;
5° dans l'alinéa 2, 4°, le membre de phrase " l'article 5, alinéa 2, a), du Règlement visé à l'alinéa 1er " est remplacé par le membre de phrase " l'article 5, alinéa 3, a), du règlement précité ".
Art. 17. In hetzelfde besluit wordt een artikel 10/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 10/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Art. 10/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 17. Dans le même arrêté, il est inséré un article 10/1, rédigé comme suit :
" Art. 10/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Art. 10/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 12. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 27 maart 2020 tot vaststelling van de regels voor het algemene personeelsbeleid in de diensten van de Vlaamse overheid, de Vlaamse openbare instellingen en de strategische adviesraad SERV en voor het specifieke personeelsbeleid in de diensten van de Vlaamse overheid
Section 12. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 mars 2020 fixant les règles relatives à la politique générale du personnel au sein des services de l'Autorité flamande, des organismes publics flamands et du conseil consultatif stratégique SERV et relatives à la politique spécifique du personnel au sein des services de l'Autorité flamande
Art. 18. In punt 2°, c, van de bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van 27 maart 2020 tot vaststelling van de regels voor het algemene personeelsbeleid in de diensten van de Vlaamse overheid, de Vlaamse openbare instellingen en de strategische adviesraad SERV en voor het specifieke personeelsbeleid in de diensten van de Vlaamse overheid worden de woorden "het departement Landbouw en Visserij" vervangen door de woorden "het Agentschap Landbouw en Zeevisserij".
Art. 18. Dans le point 2°, c, de l'annexe de l'arrêté du Gouvernement flamand du 27 mars 2020 fixant les règles relatives à la politique générale du personnel au sein des services de l'Autorité flamande, des organismes publics flamands et du conseil consultatif stratégique SERV et relatives à la politique spécifique du personnel au sein des services de l'Autorité flamande, les mots " le Département de l'Agriculture et de la Pêche " sont remplacés par les mots " l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche ".
Afdeling 13. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2020 tot uitvoering van het decreet van 5 april 2019 houdende de tegemoetkoming in de schade die aangericht is door rampen in het Vlaamse Gewest
Section 13. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 octobre 2020 portant exécution du décret du 5 avril 2019 relatif à l'indemnisation des dommages causés par les calamités en Région flamande
Art. 19. In artikel 1, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2020 tot uitvoering van het decreet van 5 april 2019 houdende de tegemoetkoming in de schade die aangericht is door rampen in het Vlaamse Gewest wordt punt 2° vervangen door wat volgt:
"2° Agentschap Landbouw en Zeevisserij: het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;".
"2° Agentschap Landbouw en Zeevisserij: het Agentschap Landbouw en Zeevisserij, vermeld in artikel 29/1, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;".
Art. 19. Dans l'article 1er, § 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 octobre 2020 portant exécution du décret du 5 avril 2019 relatif à l'indemnisation des dommages causés par les calamités en Région flamande, le point 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° Agence de l'Agriculture et de la Pêche : l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ; ".
" 2° Agence de l'Agriculture et de la Pêche : l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche, visée à l'article 29/1, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ; ".
Art. 20. In artikel 19, § 3, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "het Departement Landbouw en Visserij" vervangen door de woorden "het Agentschap Landbouw en Zeevisserij".
Art. 20. Dans l'article 19, § 3, alinéa 1er, du même arrêté, les mots " du Département de l'Agriculture et de la Pêche " sont remplacés par les mots " de l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche ".
Art. 21. In artikel 23, § 1, 8° en 9°, van hetzelfde besluit worden de woorden "het Departement Landbouw en Visserij" vervangen door de woorden "het Agentschap Landbouw en Zeevisserij".
Art. 21. Dans l'article 23, § 1er, 8° et 9°, du même arrêté, les mots " le Département de l'Agriculture et de la Pêche " sont remplacés par les mots " l'Agence de l'Agriculture et de la Pêche ".
Afdeling 14. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 februari 2021 tot bepaling van de gegevens die de sectoren moeten bezorgen met het oog op het verhogen van de markt- en prijstransparantie in de landbouw- en voedselmarkt
Section 14. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 février 2021 déterminant les données à transmettre par les secteurs afin d'augmenter la transparence du marché agricoles et alimentaires
Art. 22. Aan artikel 7 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 februari 2021 tot bepaling van de gegevens die de sectoren moeten bezorgen met het oog op het verhogen van de markt- en prijstransparantie in de landbouw- en voedselmarkt, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt een paragraaf 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 2. Iedere organisatie die erkend is voor een of meer van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, bezorgt de volgende gegevens aan de bevoegde entiteit:
1° het areaal dat voor certificering aanvaard is, voor het areaal dat in dat jaar geoogst is. De gegevens worden uiterlijk op 15 november bezorgd;
2° de hoeveelheden zaad die voor certificering geoogst zijn, voor het voorgaande jaar. De gegevens worden uiterlijk op 15 januari bezorgd;
3° het niveau van de voorraden gecertificeerd zaad van de marktdeelnemers in kwestie. De gegevens worden uiterlijk op 28 februari voor de maand januari en uiterlijk op 31 juli voor de maand juni bezorgd.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de gegevens die bezorgd moeten worden conform het eerste lid, bepalen welke marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40% van de totale gegevens vertegenwoordigen van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.".
" § 2. Iedere organisatie die erkend is voor een of meer van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, bezorgt de volgende gegevens aan de bevoegde entiteit:
1° het areaal dat voor certificering aanvaard is, voor het areaal dat in dat jaar geoogst is. De gegevens worden uiterlijk op 15 november bezorgd;
2° de hoeveelheden zaad die voor certificering geoogst zijn, voor het voorgaande jaar. De gegevens worden uiterlijk op 15 januari bezorgd;
3° het niveau van de voorraden gecertificeerd zaad van de marktdeelnemers in kwestie. De gegevens worden uiterlijk op 28 februari voor de maand januari en uiterlijk op 31 juli voor de maand juni bezorgd.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de gegevens die bezorgd moeten worden conform het eerste lid, bepalen welke marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40% van de totale gegevens vertegenwoordigen van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.".
Art. 22. L'article 7 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 février 2021 déterminant les données à transmettre par les secteurs afin d'augmenter la transparence du marché agricoles et alimentaires, dont le texte existant constituera le paragraphe 1er, est complété par un paragraphe 2, rédigé comme suit :
" § 2. Chaque organisation reconnue pour un ou plusieurs des produits, visée à l'alinéa 1er, remet les données suivantes à l'entité compétente :
1° la superficie acceptée pour la certification, pour la superficie qui est récoltée durant cette année. Les données sont remises au plus tard le 15 novembre ;
2° les quantités de semences récoltées en vue de la certification, pour l'année précédente. Les données sont remises au plus tard le 15 janvier ;
3° le niveau des stocks de semences certifiées des acteurs du marché en question. Les données sont remises au plus tard le 28 février pour le mois de janvier et au plus tard le 31 juillet pour le mois de juin.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base des données devant être remises conformément à l'alinéa 1er, quels acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % des données totales des produits, visés au paragraphe 1er, alinéa 1er. ".
" § 2. Chaque organisation reconnue pour un ou plusieurs des produits, visée à l'alinéa 1er, remet les données suivantes à l'entité compétente :
1° la superficie acceptée pour la certification, pour la superficie qui est récoltée durant cette année. Les données sont remises au plus tard le 15 novembre ;
2° les quantités de semences récoltées en vue de la certification, pour l'année précédente. Les données sont remises au plus tard le 15 janvier ;
3° le niveau des stocks de semences certifiées des acteurs du marché en question. Les données sont remises au plus tard le 28 février pour le mois de janvier et au plus tard le 31 juillet pour le mois de juin.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base des données devant être remises conformément à l'alinéa 1er, quels acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % des données totales des produits, visés au paragraphe 1er, alinéa 1er. ".
Art. 23. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een artikel 7/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 7/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor een of meer van de volgende producten, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 24ste van elke maand om 24 uur, de voorraden van de volgende producten van de voorgaande maand, uitgedrukt in ton, aan de bevoegde entiteit:
1° tarwe;
2° harde tarwe;
3° gerst;
4° maïs.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de groothandelaren de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde autoriteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de jaarlijkse voorraad van de producten, vermeld in het eerste lid, bepalen welke producenten, groothandelaren en marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40 % van de totale voorraad vertegenwoordigen van de producten, vermeld in het eerste lid.".
"Art. 7/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor een of meer van de volgende producten, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 24ste van elke maand om 24 uur, de voorraden van de volgende producten van de voorgaande maand, uitgedrukt in ton, aan de bevoegde entiteit:
1° tarwe;
2° harde tarwe;
3° gerst;
4° maïs.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de groothandelaren de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde autoriteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de jaarlijkse voorraad van de producten, vermeld in het eerste lid, bepalen welke producenten, groothandelaren en marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40 % van de totale voorraad vertegenwoordigen van de producten, vermeld in het eerste lid.".
Art. 23. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un article 7/1, rédigé comme suit :
" Art. 7/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour un ou plusieurs des produits suivants, transmet chaque mois, au plus tard le 24 de chaque mois à 24 heures, les stocks des produits suivants du mois précédent, exprimés en tonnes, à l'entité compétente :
1° blé ;
2° blé dur ;
3° orge ;
4° maïs.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les grossistes remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'autorité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base du stock annuel des produits, visés à l'alinéa 1er, quels producteurs, grossistes et acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % du stock total des produits, visés à l'alinéa 1er. ".
" Art. 7/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour un ou plusieurs des produits suivants, transmet chaque mois, au plus tard le 24 de chaque mois à 24 heures, les stocks des produits suivants du mois précédent, exprimés en tonnes, à l'entité compétente :
1° blé ;
2° blé dur ;
3° orge ;
4° maïs.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les grossistes remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'autorité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base du stock annuel des produits, visés à l'alinéa 1er, quels producteurs, grossistes et acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % du stock total des produits, visés à l'alinéa 1er. ".
Art. 24. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een artikel 8/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 8/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor rijstmeel, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 24ste van de maand om 24 uur, de verkoopprijs van rijstmeel van de voorgaande maand, uitgedrukt in euro per ton, aan de bevoegde entiteit.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de maalderijen de gegevens, vermeld in het eerste lid, en de bijbehorende verkochte hoeveelheid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van het jaarlijkse aantal ton verkochte rijstmeel bepalen welke maalderijen de gegevens, vermeld in het eerste lid, en de bijbehorende verkochte hoeveelheid conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat die maalderijen samen minstens 40% van de hoeveelheid verkocht rijstmeel vertegenwoordigen.".
"Art. 8/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor rijstmeel, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 24ste van de maand om 24 uur, de verkoopprijs van rijstmeel van de voorgaande maand, uitgedrukt in euro per ton, aan de bevoegde entiteit.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de maalderijen de gegevens, vermeld in het eerste lid, en de bijbehorende verkochte hoeveelheid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van het jaarlijkse aantal ton verkochte rijstmeel bepalen welke maalderijen de gegevens, vermeld in het eerste lid, en de bijbehorende verkochte hoeveelheid conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat die maalderijen samen minstens 40% van de hoeveelheid verkocht rijstmeel vertegenwoordigen.".
Art. 24. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un article 8/1, rédigé comme suit :
" Art. 8/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour la farine de riz, transmet chaque mois, au plus tard le 24 du mois à 24 heures, le prix de vente de la farine de riz du mois précédent, exprimé en euros par tonne, à l'entité compétente.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les meuneries remettent les données, visées à l'alinéa 1er, et la quantité vendue correspondante directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base du nombre annuel de tonnes de farine de riz vendues, quelles meuneries remettent les données, visées à l'alinéa 1er, et la quantité vendue correspondante, conformément à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, à condition que ces meuneries représentent ensemble au moins 40 % de la quantité de farine de riz vendue. ".
" Art. 8/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour la farine de riz, transmet chaque mois, au plus tard le 24 du mois à 24 heures, le prix de vente de la farine de riz du mois précédent, exprimé en euros par tonne, à l'entité compétente.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les meuneries remettent les données, visées à l'alinéa 1er, et la quantité vendue correspondante directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base du nombre annuel de tonnes de farine de riz vendues, quelles meuneries remettent les données, visées à l'alinéa 1er, et la quantité vendue correspondante, conformément à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, à condition que ces meuneries représentent ensemble au moins 40 % de la quantité de farine de riz vendue. ".
Art. 25. Aan artikel 14 van hetzelfde besluit, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt een paragraaf 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 2. Iedere erkende organisatie die erkend is voor een of meer van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, bezorgt de volgende gegevens ook aan de bevoegde entiteit:
1° het areaal dat voor certificering aanvaard is, voor het areaal dat in dat jaar geoogst is. De gegevens worden uiterlijk op 15 november bezorgd;
2° de hoeveelheden zaad die voor certificering geoogst zijn, voor het voorgaande jaar. De gegevens worden uiterlijk op 15 januari bezorgd;
3° het niveau van de voorraden gecertificeerd zaad van de marktdeelnemers in kwestie. De gegevens worden uiterlijk op 28 februari voor de maand januari en uiterlijk op 31 juli voor de maand juni bezorgd.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de gegevens die bezorgd moeten worden conform het eerste lid, bepalen welke marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40% van de totale gegevens vertegenwoordigen van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.".
" § 2. Iedere erkende organisatie die erkend is voor een of meer van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, bezorgt de volgende gegevens ook aan de bevoegde entiteit:
1° het areaal dat voor certificering aanvaard is, voor het areaal dat in dat jaar geoogst is. De gegevens worden uiterlijk op 15 november bezorgd;
2° de hoeveelheden zaad die voor certificering geoogst zijn, voor het voorgaande jaar. De gegevens worden uiterlijk op 15 januari bezorgd;
3° het niveau van de voorraden gecertificeerd zaad van de marktdeelnemers in kwestie. De gegevens worden uiterlijk op 28 februari voor de maand januari en uiterlijk op 31 juli voor de maand juni bezorgd.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de gegevens die bezorgd moeten worden conform het eerste lid, bepalen welke marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40% van de totale gegevens vertegenwoordigen van de producten, vermeld in paragraaf 1, eerste lid.".
Art. 25. L'article 14 du même arrêté, dont le texte actuel formera le paragraphe 1er, est complété par un paragraphe 2, rédigé comme suit :
" § 2. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour un ou plusieurs des produits, visée à l'alinéa 1er, remet les données suivantes également à l'entité compétente :
1° la superficie acceptée pour la certification, pour la superficie qui est récoltée durant cette année. Les données sont remises au plus tard le 15 novembre ;
2° les quantités de semences récoltées en vue de la certification, pour l'année précédente. Les données sont remises au plus tard le 15 janvier ;
3° le niveau des stocks de semences certifiées des acteurs du marché en question. Les données sont remises au plus tard le 28 février pour le mois de janvier et au plus tard le 31 juillet pour le mois de juin.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base des données devant être remises conformément à l'alinéa 1er, quels acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % des données totales des produits, visés au paragraphe 1er, alinéa 1er. ".
" § 2. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour un ou plusieurs des produits, visée à l'alinéa 1er, remet les données suivantes également à l'entité compétente :
1° la superficie acceptée pour la certification, pour la superficie qui est récoltée durant cette année. Les données sont remises au plus tard le 15 novembre ;
2° les quantités de semences récoltées en vue de la certification, pour l'année précédente. Les données sont remises au plus tard le 15 janvier ;
3° le niveau des stocks de semences certifiées des acteurs du marché en question. Les données sont remises au plus tard le 28 février pour le mois de janvier et au plus tard le 31 juillet pour le mois de juin.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base des données devant être remises conformément à l'alinéa 1er, quels acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % des données totales des produits, visés au paragraphe 1er, alinéa 1er. ".
Art. 26. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een artikel 14/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 14/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor een of meer van de volgende producten, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 24ste van elke maand om 24 uur, de voorraden van de volgende producten van de voorgaande maand, uitgedrukt in ton, aan de bevoegde entiteit:
1° koolzaad;
2° zonnebloempitten;
3° sojabonen;
4° koolzaadmeel;
5° zonnebloemzaadschroot;
6° sojaschroot;
7° ruwe koolzaadolie;
8° ruwe zonnebloemolie;
9° ruwe sojaolie.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde autoriteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van het jaarlijkse voorraadniveau van oliehoudende zaden bepalen welke marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40% van de totale voorraad vertegenwoordigen van de producten, vermeld in het eerste lid.".
"Art. 14/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor een of meer van de volgende producten, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 24ste van elke maand om 24 uur, de voorraden van de volgende producten van de voorgaande maand, uitgedrukt in ton, aan de bevoegde entiteit:
1° koolzaad;
2° zonnebloempitten;
3° sojabonen;
4° koolzaadmeel;
5° zonnebloemzaadschroot;
6° sojaschroot;
7° ruwe koolzaadolie;
8° ruwe zonnebloemolie;
9° ruwe sojaolie.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen de marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde autoriteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van het jaarlijkse voorraadniveau van oliehoudende zaden bepalen welke marktdeelnemers de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat ze samen minstens 40% van de totale voorraad vertegenwoordigen van de producten, vermeld in het eerste lid.".
Art. 26. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un article 14/1, rédigé comme suit :
" Art. 14/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour un ou plusieurs des produits suivants, transmet chaque mois, au plus tard le 24 de chaque mois à 24 heures, les stocks des produits suivants du mois précédent, exprimés en tonnes, à l'entité compétente :
1° colza ;
2° graines de tournesol ;
3° fèves de soja ;
4° farine de colza ;
5° tourteau d'extraction de tournesol ;
6° tourteau de soja ;
7° huile de colza brute ;
8° huile de tournesol brute ;
9° huile de soja brute.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'autorité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base du niveau de stock annuel des graines oléagineuses, quels acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % du stock total des produits, visés à l'alinéa 1er. ".
" Art. 14/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour un ou plusieurs des produits suivants, transmet chaque mois, au plus tard le 24 de chaque mois à 24 heures, les stocks des produits suivants du mois précédent, exprimés en tonnes, à l'entité compétente :
1° colza ;
2° graines de tournesol ;
3° fèves de soja ;
4° farine de colza ;
5° tourteau d'extraction de tournesol ;
6° tourteau de soja ;
7° huile de colza brute ;
8° huile de tournesol brute ;
9° huile de soja brute.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, les acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'autorité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base du niveau de stock annuel des graines oléagineuses, quels acteurs du marché remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente conformément à l'alinéa 1er, à condition qu'ils représentent ensemble au moins 40 % du stock total des produits, visés à l'alinéa 1er. ".
Art. 27. In artikel 29, derde lid, van hetzelfde besluit worden tussen het woord "eieren" en het woord "vertegenwoordigen" de woorden "per houderijmethode" ingevoegd.
Art. 27. Dans l'article 29, alinéa 3, du même arrêté, entre le mot " oeufs " et le mot " commercialisés ", les mots " par mode d'élevage ".
Art. 28. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een artikel 29/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 29/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor eieren, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 20ste van de maand om 24 uur, aan de bevoegde entiteit de volgende gegevens:
1° de aantal geproduceerde eieren in de voorgaande maand, uitgesplitst naar houderijmethode;
2° het totale gewicht van de geproduceerde eieren in de voorgaande maand, uitgesplitst naar houderijmethode.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen alle leghennenbedrijven die erkend zijn conform artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 mei 2022 over de handelsnormen voor consumptie-eieren en tot invoering van een erkenningsplicht voor leghennenbedrijven en een registratieplicht voor pakstations, de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de jaarlijkse hoeveelheid geproduceerde eieren per houderijmethode bepalen welke leghennenbedrijven de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat die leghennenbedrijven samen minstens 40% van de jaarlijkse hoeveelheid geproduceerde eieren per houderijmethode vertegenwoordigen.".
"Art. 29/1. Iedere erkende organisatie die erkend is voor eieren, bezorgt elke maand, uiterlijk op de 20ste van de maand om 24 uur, aan de bevoegde entiteit de volgende gegevens:
1° de aantal geproduceerde eieren in de voorgaande maand, uitgesplitst naar houderijmethode;
2° het totale gewicht van de geproduceerde eieren in de voorgaande maand, uitgesplitst naar houderijmethode.
Als er geen erkende organisatie is als vermeld in het eerste lid, bezorgen alle leghennenbedrijven die erkend zijn conform artikel 4 van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 mei 2022 over de handelsnormen voor consumptie-eieren en tot invoering van een erkenningsplicht voor leghennenbedrijven en een registratieplicht voor pakstations, de gegevens, vermeld in het eerste lid, rechtstreeks aan de bevoegde entiteit conform het eerste lid.
In afwijking van het tweede lid kan de minister op basis van de jaarlijkse hoeveelheid geproduceerde eieren per houderijmethode bepalen welke leghennenbedrijven de gegevens, vermeld in het eerste lid, conform het eerste lid rechtstreeks aan de bevoegde entiteit bezorgen, op voorwaarde dat die leghennenbedrijven samen minstens 40% van de jaarlijkse hoeveelheid geproduceerde eieren per houderijmethode vertegenwoordigen.".
Art. 28. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un article 29/1, rédigé comme suit :
" Art. 29/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour les oeufs, remet chaque mois, au plus tard le 20 du mois à 24 heures, les données suivantes à l'entité compétente :
1° le nombre d'oeufs produits durant le mois précédent, ventilé par mode d'élevage ;
2° le poids total des oeufs produits durant le mois précédent, ventilé par mode d'élevage.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, tous les élevages de poules pondeuses qui sont reconnus conformément à l'article 4 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 mai 2022 relatif aux normes de commercialisation pour les oeufs de consommation et instaurant une obligation d'agrément pour les élevages de poules pondeuses et une obligation d'enregistrement pour les centres d'emballage, remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base de la quantité annuelle d'oeufs produits par mode d'élevage, quels élevages de poules pondeuses remettent les données, visées à l'alinéa 1er, conformément à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, à condition que ces élevages de poules pondeuses représentent ensemble au moins 40 % de la quantité annuelle d'oeufs produits par mode d'élevage. ".
" Art. 29/1. Chaque organisation reconnue qui est reconnue pour les oeufs, remet chaque mois, au plus tard le 20 du mois à 24 heures, les données suivantes à l'entité compétente :
1° le nombre d'oeufs produits durant le mois précédent, ventilé par mode d'élevage ;
2° le poids total des oeufs produits durant le mois précédent, ventilé par mode d'élevage.
En l'absence d'une organisation reconnue, telle que visée à l'alinéa 1er, tous les élevages de poules pondeuses qui sont reconnus conformément à l'article 4 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 mai 2022 relatif aux normes de commercialisation pour les oeufs de consommation et instaurant une obligation d'agrément pour les élevages de poules pondeuses et une obligation d'enregistrement pour les centres d'emballage, remettent les données, visées à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, conformément à l'alinéa 1er.
Par dérogation à l'alinéa 2, le ministre peut déterminer, sur la base de la quantité annuelle d'oeufs produits par mode d'élevage, quels élevages de poules pondeuses remettent les données, visées à l'alinéa 1er, conformément à l'alinéa 1er, directement à l'entité compétente, à condition que ces élevages de poules pondeuses représentent ensemble au moins 40 % de la quantité annuelle d'oeufs produits par mode d'élevage. ".
Afdeling 15. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 februari 2021 tot subsidiëring van praktijkcentra die actief zijn in het onderzoek, de voorlichting en de ontwikkeling van de plantaardige productie
Section 15. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 février 2021 portant subventionnement des centres de pratique actifs dans la recherche, l'information et le développement de la production végétale
Art. 29. In hoofdstuk 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 februari 2021 tot subsidiëring van praktijkcentra die actief zijn in het onderzoek, de voorlichting en de ontwikkeling van de plantaardige productie, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een afdeling 11, die bestaat uit artikel 23/1, ingevoegd, die luidt als volgt:
"Afdeling 11. Openbaarmaking
Art. 23/1. De bevoegde entiteit bepaalt op welke wijze gevolg wordt gegeven aan de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13° van het decreet houdende de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Afdeling 11. Openbaarmaking
Art. 23/1. De bevoegde entiteit bepaalt op welke wijze gevolg wordt gegeven aan de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13° van het decreet houdende de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 29. Dans le chapitre 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 février 2021 portant subventionnement des centres de pratique actifs dans la recherche, l'information et le développement de la production végétale, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré une section 11, comprenant l'article 23/1, qui est rédigé comme suit :
" Section 11. Publicité
Art. 23/1. L'entité compétente détermine de quelle manière il est donné suite à l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du décret relatif au Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Section 11. Publicité
Art. 23/1. L'entité compétente détermine de quelle manière il est donné suite à l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du décret relatif au Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 16. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 mei 2022 over de handelsnormen voor consumptie-eieren en tot invoering van een erkenningsplicht voor leghennenbedrijven en een registratieplicht voor pakstations
Section 16. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 mai 2022 relatif aux normes de commercialisation pour les oeufs de consommation et instaurant une obligation d'agrément pour les élevages de poules pondeuses et une obligation d'enregistrement pour les centres d'emballage
Art. 30. In artikel 2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 mei 2022 over de handelsnormen voor consumptie-eieren en tot invoering van een erkenningsplicht voor leghennenbedrijven en een registratieplicht voor pakstations, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een punt 7° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"7° /1 verordening (EU) 2018/848: verordening (EU) 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad.".
"7° /1 verordening (EU) 2018/848: verordening (EU) 2018/848 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 834/2007 van de Raad.".
Art. 30. Dans l'article 2 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 mai 2022 relatif aux normes de commercialisation pour les oeufs de consommation et instaurant une obligation d'agrément pour les élevages de poules pondeuses et une obligation d'enregistrement pour les centres d'emballage, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un point 7° /1, rédigé comme suit :
" 7° /1 règlement (UE) 2018/848 : règlement (UE) 2018/848 du Parlement européen et du Conseil du 30 mai 2018 relatif à la production biologique et à l'étiquetage des produits biologiques, et abrogeant le règlement (CE) n° 834/2007 du Conseil. ".
" 7° /1 règlement (UE) 2018/848 : règlement (UE) 2018/848 du Parlement européen et du Conseil du 30 mai 2018 relatif à la production biologique et à l'étiquetage des produits biologiques, et abrogeant le règlement (CE) n° 834/2007 du Conseil. ".
Art. 31. In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het derde lid, 3°, wordt tussen het woord "stallen" en het woord "en" de zinsnede ", de beslagnummers van de stallen" ingevoegd;
2° in het vierde lid wordt tussen de zinsnede "derde lid," en het woord "onmiddellijk" de zinsnede "1°, 2°, 3° en 5°, " ingevoegd;
3° aan het zesde lid wordt een punt 7° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"7° het leghennenbedrijf krijgt een erkenning voor een andere houderijmethode.".
1° in het derde lid, 3°, wordt tussen het woord "stallen" en het woord "en" de zinsnede ", de beslagnummers van de stallen" ingevoegd;
2° in het vierde lid wordt tussen de zinsnede "derde lid," en het woord "onmiddellijk" de zinsnede "1°, 2°, 3° en 5°, " ingevoegd;
3° aan het zesde lid wordt een punt 7° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"7° het leghennenbedrijf krijgt een erkenning voor een andere houderijmethode.".
Art. 31. A l'article 4 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans l'alinéa 3, 3°, entre le mot " poulaillers " et le mot " et ", il est inséré le membre de phrase " , les numéros de troupeau des poulaillers " ;
2° dans l'alinéa 4, la première phrase est complétée par le membre de phrase " 1°, 2°, 3° en 5° " ;
3° l'alinéa 6 est complété par un point 7°, rédigé comme suit :
" 7° l'élevage de poules pondeuses reçoit un agrément pour un autre mode d'élevage. ".
1° dans l'alinéa 3, 3°, entre le mot " poulaillers " et le mot " et ", il est inséré le membre de phrase " , les numéros de troupeau des poulaillers " ;
2° dans l'alinéa 4, la première phrase est complétée par le membre de phrase " 1°, 2°, 3° en 5° " ;
3° l'alinéa 6 est complété par un point 7°, rédigé comme suit :
" 7° l'élevage de poules pondeuses reçoit un agrément pour un autre mode d'élevage. ".
Art. 32. Aan artikel 5 van hetzelfde besluit wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Artikel 4, vierde en zesde lid, zijn van toepassing op de erkenning, vermeld in het eerste lid.".
"Artikel 4, vierde en zesde lid, zijn van toepassing op de erkenning, vermeld in het eerste lid.".
Art. 32. L'article 5 du même arrêté est complété par un alinéa 4 ainsi rédigé :
" L'article 4, alinéas 4 et 6, s'applique à l'agrément, visé à l'alinéa 1er. ".
" L'article 4, alinéas 4 et 6, s'applique à l'agrément, visé à l'alinéa 1er. ".
Art. 33. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, worden een artikel 5/1 en 5/2 ingevoegd, die luiden als volgt:
"Art. 5/1. In afwijking van artikel 4 van dit besluit wordt een leghennenbedrijf dat onderworpen is aan het controlesysteem van de biologische productiemethode, vermeld in verordening (EU) 2018/848, geacht erkend te zijn bij de bevoegde entiteit als vermeld in artikel 4 van dit besluit.
De bevoegde entiteit stuurt een bevestiging van de erkenning, vermeld in het eerste lid, met vermelding van de gegevens, vermeld in artikel 4, derde lid, naar het leghennenbedrijf.
Het leghennenbedrijf dat vaststelt dat de gegevens die vermeld zijn op de bevestiging conform het tweede lid, foutief zijn, deelt dat onmiddellijk mee aan de bevoegde entiteit.
Artikel 4, vierde en zesde lid, zijn van toepassing op de erkenning, vermeld in het eerste lid.
Art. 5/2. In afwijking van artikel 4 van dit besluit kan een leghennenbedrijf dat onderworpen is aan het controlesysteem van de biologische productiemethode, vermeld in verordening (EU) 2018/848, tijdelijk en zonder dat het over de erkenning voor de houderijmethode vrije uitloop hoeft te beschikken, die houderijmethode vrije uitloop vermelden en laten vermelden in de producentencode en op de verpakking conform artikel 9 en artikel 12, lid 2, van verordening (EG) nr. 589/2008, in de wachttijd, vermeld in punt 1.5.2.5 van deel II van bijlage II bij verordening (EU) 2018/848, onder de volgende voorwaarden:
1° de verordening (EU) 2018/848 blijft van toepassing en wordt nageleefd;
2° het leghennenbedrijf meldt het gebruik van de voormelde houderijmethode voorafgaandelijk aan de bevoegde entiteit;
3° de bevoegde entiteit bevestigt voorafgaandelijk het gebruik van de voormelde houderijmethode.
De melding, vermeld in het eerste lid, 2°, bevat al de volgende gegevens:
1° de naam en het ondernemingsnummer van de onderneming;
2° de naam en het vestigingseenheidsnummer van de vestiging;
3° de producentencode;
4° de begindatum van de wachttijd, vermeld in het eerste lid;
5° de einddatum van de wachttijd, vermeld in het eerste lid.
De melding, vermeld in het eerste lid, 2°, wordt elektronisch gedaan uiterlijk zeven dagen voor de begindatum, vermeld in het tweede lid, 4°. ".
"Art. 5/1. In afwijking van artikel 4 van dit besluit wordt een leghennenbedrijf dat onderworpen is aan het controlesysteem van de biologische productiemethode, vermeld in verordening (EU) 2018/848, geacht erkend te zijn bij de bevoegde entiteit als vermeld in artikel 4 van dit besluit.
De bevoegde entiteit stuurt een bevestiging van de erkenning, vermeld in het eerste lid, met vermelding van de gegevens, vermeld in artikel 4, derde lid, naar het leghennenbedrijf.
Het leghennenbedrijf dat vaststelt dat de gegevens die vermeld zijn op de bevestiging conform het tweede lid, foutief zijn, deelt dat onmiddellijk mee aan de bevoegde entiteit.
Artikel 4, vierde en zesde lid, zijn van toepassing op de erkenning, vermeld in het eerste lid.
Art. 5/2. In afwijking van artikel 4 van dit besluit kan een leghennenbedrijf dat onderworpen is aan het controlesysteem van de biologische productiemethode, vermeld in verordening (EU) 2018/848, tijdelijk en zonder dat het over de erkenning voor de houderijmethode vrije uitloop hoeft te beschikken, die houderijmethode vrije uitloop vermelden en laten vermelden in de producentencode en op de verpakking conform artikel 9 en artikel 12, lid 2, van verordening (EG) nr. 589/2008, in de wachttijd, vermeld in punt 1.5.2.5 van deel II van bijlage II bij verordening (EU) 2018/848, onder de volgende voorwaarden:
1° de verordening (EU) 2018/848 blijft van toepassing en wordt nageleefd;
2° het leghennenbedrijf meldt het gebruik van de voormelde houderijmethode voorafgaandelijk aan de bevoegde entiteit;
3° de bevoegde entiteit bevestigt voorafgaandelijk het gebruik van de voormelde houderijmethode.
De melding, vermeld in het eerste lid, 2°, bevat al de volgende gegevens:
1° de naam en het ondernemingsnummer van de onderneming;
2° de naam en het vestigingseenheidsnummer van de vestiging;
3° de producentencode;
4° de begindatum van de wachttijd, vermeld in het eerste lid;
5° de einddatum van de wachttijd, vermeld in het eerste lid.
De melding, vermeld in het eerste lid, 2°, wordt elektronisch gedaan uiterlijk zeven dagen voor de begindatum, vermeld in het tweede lid, 4°. ".
Art. 33. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un article 5/1 et un article 5/2, rédigés comme suit :
" Art. 5/1. Par dérogation à l'article 4 du présent arrêté, un élevage de poules pondeuses qui est soumis au système de contrôle du mode de production biologique, visé au règlement (UE) 2018/848, est réputé agréé auprès de l'entité compétente telle que visée à l'article 4 du présent arrêté.
L'entité compétente envoie à l'élevage de poules pondeuses une confirmation de l'agrément visé à l'alinéa 1er, contenant les données visées à l'article 4, alinéa trois.
Un élevage de poules pondeuses qui constate que les données figurant sur la confirmation, conformément à l'alinéa 2, sont incorrectes, en informe immédiatement l'entité compétente.
L'article 4, alinéas 4 et 6, s'applique à l'agrément, visé à l'alinéa 1er.
Art. 5/2. Par dérogation à l'article 4 du présent arrêté, un élevage de poules pondeuses qui est soumis au système de contrôle du mode de production biologique, visé au règlement (UE) 2018/848, peut, temporairement et sans devoir nécessairement disposer de l'agrément pour le mode d'élevage en plein air, mentionner et faire mentionner ce mode d'élevage en plein air dans le code du producteur et sur l'emballage, conformément à l'article 9 et à l'article 12, alinéa 2, du règlement (CE) n° 589/2008, pendant le temps d'attente, visé au point 1.5.2.5 de la partie II de l'annexe II au règlement (UE) 2018/848, aux conditions suivantes :
1° le règlement (UE) 2018/848 reste d'application et est respecté ;
2° l'élevage de poules pondeuses signale l'utilisation de mode d'élevage précité au préalable à l'entité compétente ;
3° l'entité compétente confirme au préalable l'utilisation du mode d'élevage précité.
La notification, visée à l'alinéa 1er, 2°, contient l'ensemble des données suivantes :
1° le nom et le numéro d'entreprise de l'entreprise ;
2° le nom et le numéro d'unité d'établissement de l'établissement ;
3° le code du producteur ;
4° la date de début du temps d'attente, visé à l'alinéa 1er ;
5° la date de fin du temps d'attente, visé à l'alinéa 1er.
La notification, visée à l'alinéa 1er, 2°, se fait par voie numérique au plus tard sept jours avant la date de début, visée à l'alinéa 2, 4°. ".
" Art. 5/1. Par dérogation à l'article 4 du présent arrêté, un élevage de poules pondeuses qui est soumis au système de contrôle du mode de production biologique, visé au règlement (UE) 2018/848, est réputé agréé auprès de l'entité compétente telle que visée à l'article 4 du présent arrêté.
L'entité compétente envoie à l'élevage de poules pondeuses une confirmation de l'agrément visé à l'alinéa 1er, contenant les données visées à l'article 4, alinéa trois.
Un élevage de poules pondeuses qui constate que les données figurant sur la confirmation, conformément à l'alinéa 2, sont incorrectes, en informe immédiatement l'entité compétente.
L'article 4, alinéas 4 et 6, s'applique à l'agrément, visé à l'alinéa 1er.
Art. 5/2. Par dérogation à l'article 4 du présent arrêté, un élevage de poules pondeuses qui est soumis au système de contrôle du mode de production biologique, visé au règlement (UE) 2018/848, peut, temporairement et sans devoir nécessairement disposer de l'agrément pour le mode d'élevage en plein air, mentionner et faire mentionner ce mode d'élevage en plein air dans le code du producteur et sur l'emballage, conformément à l'article 9 et à l'article 12, alinéa 2, du règlement (CE) n° 589/2008, pendant le temps d'attente, visé au point 1.5.2.5 de la partie II de l'annexe II au règlement (UE) 2018/848, aux conditions suivantes :
1° le règlement (UE) 2018/848 reste d'application et est respecté ;
2° l'élevage de poules pondeuses signale l'utilisation de mode d'élevage précité au préalable à l'entité compétente ;
3° l'entité compétente confirme au préalable l'utilisation du mode d'élevage précité.
La notification, visée à l'alinéa 1er, 2°, contient l'ensemble des données suivantes :
1° le nom et le numéro d'entreprise de l'entreprise ;
2° le nom et le numéro d'unité d'établissement de l'établissement ;
3° le code du producteur ;
4° la date de début du temps d'attente, visé à l'alinéa 1er ;
5° la date de fin du temps d'attente, visé à l'alinéa 1er.
La notification, visée à l'alinéa 1er, 2°, se fait par voie numérique au plus tard sept jours avant la date de début, visée à l'alinéa 2, 4°. ".
Art. 34. In artikel 6, 1°, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° tussen de zinsnede "artikel 4" en het woord "van" wordt de zinsnede ", 5 en 5/1" ingevoegd;
2° de zinsnede ", of kan tijdelijk de houderijmethode vrije uitloop vermelden conform artikel 5/2 van dit besluit" wordt toegevoegd.
1° tussen de zinsnede "artikel 4" en het woord "van" wordt de zinsnede ", 5 en 5/1" ingevoegd;
2° de zinsnede ", of kan tijdelijk de houderijmethode vrije uitloop vermelden conform artikel 5/2 van dit besluit" wordt toegevoegd.
Art. 34. A l'article 6, 1°, du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° le membre de phrase " à l'article 4 " est remplacé par le membre de phrase " aux articles 4, 5 et 5/1 " ;
2° le membre de phrase " , ou peut temporairement mentionner le mode d'élevage en plein air conformément à l'article 5/2 du présent arrêté ".
1° le membre de phrase " à l'article 4 " est remplacé par le membre de phrase " aux articles 4, 5 et 5/1 " ;
2° le membre de phrase " , ou peut temporairement mentionner le mode d'élevage en plein air conformément à l'article 5/2 du présent arrêté ".
Art. 35. Aan hoofdstuk 4 van hetzelfde besluit wordt een artikel 12/1 toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 12/1. De bevoegde entiteit kan toestemming verlenen om een uitloop in de openlucht te gebruiken voor de installatie van zonnepanelen, op voorwaarde dat de installatie voldoet aan al de volgende voorwaarden:
1° ze is in overeenstemming met de normen voor dierenwelzijn, vermeld in richtlijn 1999/74/EG van de Raad van 19 juli 1999 tot vaststelling van minimumnormen voor de bescherming van legkippen;
2° ze beperkt de bewegingsruimte van de hennen niet;
3° de nodige vergunningen worden bekomen.
Het leghennenbedrijf dient de aanvraag van een toestemming als vermeld in het eerste lid, schriftelijk in bij de bevoegde entiteit.".
"Art. 12/1. De bevoegde entiteit kan toestemming verlenen om een uitloop in de openlucht te gebruiken voor de installatie van zonnepanelen, op voorwaarde dat de installatie voldoet aan al de volgende voorwaarden:
1° ze is in overeenstemming met de normen voor dierenwelzijn, vermeld in richtlijn 1999/74/EG van de Raad van 19 juli 1999 tot vaststelling van minimumnormen voor de bescherming van legkippen;
2° ze beperkt de bewegingsruimte van de hennen niet;
3° de nodige vergunningen worden bekomen.
Het leghennenbedrijf dient de aanvraag van een toestemming als vermeld in het eerste lid, schriftelijk in bij de bevoegde entiteit.".
Art. 35. Le chapitre 4 du même arrêté est complété par un article 12/1, rédigé comme suit :
" Art. 12/1. L'entité compétente peut octroyer l'autorisation d'utiliser un parcours en plein air pour l'installation de panneaux solaires, à condition que l'installation remplisse toutes les conditions suivantes :
1° elle est conforme aux normes de bien-être des animaux, mentionnées dans la directive 1999/74/CE du Conseil du 19 juillet 1999 établissant les normes minimales relatives à la protection des poules pondeuses ;
2° elle ne limite pas l'espace de mouvement des poules ;
3° les autorisations nécessaires sont obtenues.
L'élevage de poules pondeuses introduit la demande d'autorisation, telle que visée à l'alinéa 1er, par écrit auprès de l'entité compétente. ".
" Art. 12/1. L'entité compétente peut octroyer l'autorisation d'utiliser un parcours en plein air pour l'installation de panneaux solaires, à condition que l'installation remplisse toutes les conditions suivantes :
1° elle est conforme aux normes de bien-être des animaux, mentionnées dans la directive 1999/74/CE du Conseil du 19 juillet 1999 établissant les normes minimales relatives à la protection des poules pondeuses ;
2° elle ne limite pas l'espace de mouvement des poules ;
3° les autorisations nécessaires sont obtenues.
L'élevage de poules pondeuses introduit la demande d'autorisation, telle que visée à l'alinéa 1er, par écrit auprès de l'entité compétente. ".
Art. 36. In hoofdstuk 5 van hetzelfde besluit wordt een artikel 13/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 13/1. De bevoegde entiteit kan de leghennenbedrijven en houderijmethodes die bij haar zijn erkend, bekendmaken.".
"Art. 13/1. De bevoegde entiteit kan de leghennenbedrijven en houderijmethodes die bij haar zijn erkend, bekendmaken.".
Art. 36. Dans le chapitre 5 du même arrêté, il est inséré un article 13/1, rédigé comme suit :
" Art. 13/1. L'entité compétente peut publier les élevages de poules pondeuses et les modes d'élevages qu'elle a agréés. ".
" Art. 13/1. L'entité compétente peut publier les élevages de poules pondeuses et les modes d'élevages qu'elle a agréés. ".
Afdeling 17. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 over de gemeenschappelijke ordening van de markten in de sector groenten en fruit
Section 17. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 18 novembre 2022 relatif à l'organisation commune des marchés dans le secteur des fruits et légumes
Art. 37. Aan artikel 132 van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 over de gemeenschappelijke ordening van de markten in de sector groenten en fruit wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Indien de producentenorganisatie kan aantonen dat zij niet verantwoordelijk is voor de opname van het niet-subsidiabele bedrag, wordt evenwel geen sanctie toegepast.".
"Indien de producentenorganisatie kan aantonen dat zij niet verantwoordelijk is voor de opname van het niet-subsidiabele bedrag, wordt evenwel geen sanctie toegepast.".
Art. 37. L'article 132 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 18 novembre 2022 relatif à l'organisation commune des marchés dans le secteur des fruits et légumes est complété par un alinéa 4, rédigé comme suit :
" Si l'organisation de producteurs peut démontrer qu'elle n'est pas responsable de la prise du montant non subventionnable, aucune sanction n'est appliquée. ".
" Si l'organisation de producteurs peut démontrer qu'elle n'est pas responsable de la prise du montant non subventionnable, aucune sanction n'est appliquée. ".
Art. 38. In hetzelfde besluit wordt onderdeel 2.10.4 van bijlage 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 18 november 2022 over de gemeenschappelijke ordening van de markten in de sector groenten en fruit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, vervangen door wat volgt:
"Specifieke voorwaarden:
2.10.4 Interventie j04: Het uit de markt nemen van producten
Specifieke voorwaarden:
De producentenorganisaties of unies van producentenorganisaties die overgaan tot het uit de markt nemen van producten, moeten dat voorafgaand opnemen in hun operationele programma of een wijziging daarvan laten goedkeuren door de bevoegde entiteit.
Voor elk operationeel programma mogen de uitgaven voor interventies in het kader van de interventietypes, vermeld in artikel 47, tweede lid, f), g) en h), van de strategische planverordening, niet meer dan en derde uitmaken van de totale uitgaven.
Uitgaven voor het uit de markt nemen van producten zijn niet subsidiabel als de producten niet zijn gedenatureerd of als het uit de markt nemen negatieve ecologische of fytosanitaire gevolgen heeft gehad.
Er gelden de volgende bijkomende voorwaarden:
* alleen bederfelijke producten die zonder koeling niet duurzaam kunnen worden opgeslagen in het normale handelsstadium van die producten, komen in aanmerking voor het uit de markt nemen;
* de producentenorganisatie moet via elektronische weg uiterlijk op donderdag om 12 uur een weekplanning bezorgen aan de bevoegde entiteit. Die weekplanning bevat de dagen en de uren en de plaats waar de daaropvolgende week de uitdemarktneming zal plaatsvinden;
* de producentenorganisatie moet de verplichtingen naleven die de minister of de bevoegde entiteit oplegt om de controle op en de organisatie van het uit de markt nemen en de controle op de bestemming mogelijk te maken;
* de producentenorganisatie moet op de dag van de controle ter plaatse een aanvoerlijst voorzien waarop alle producten staan vermeld die uit de markt worden genomen op die dag;
* de producten die worden weggewerkt naar andere bestemmingen, mogen niet meer geschikt zijn voor menselijke consumptie. De producentenorganisatie denatureert die producten op een mechanische manier;
* de uitdemarktneming of de bestemming van de betrokken producten mag geen negatieve ecologische of fytosanitaire gevolgen hebben;
* een product dat terugkomt van de klant omdat het niet verkocht is, kan de producentenorganisatie aanbieden voor uitdemarktneming als:
o het product herkeurd is en die herkeuring plaatsvond op dezelfde dag als die waarop de producten uit de markt zijn genomen;
o het product voldoet aan de vereiste minimumnormen, zoals bepaald in artikel 29 van verordening (EU) nr. 2022/126;
o het product marktklaar is;
* de maximale vergoeding voor het sorteren en verpakken voor producten die uit de markt worden genomen met bestemming gratis verstrekking, is vastgelegd in bijlage VII van de gedelegeerde verordening van de strategische planverordening. De minister kan lagere vergoedingen vaststellen;
* de vergoeding voor sorteren en verpakken is alleen van toepassing op producten in verpakkingen van minder dan 25 kg nettogewicht;
* voor de producten, vermeld in bijlage V van de gedelegeerde verordening van de strategische planverordening, mag de som van de vervoerskosten, de in artikel 33 van deze verordening bedoelde sorteer- en verpakkingskosten van voor gratis verstrekking uit de markt genomen producten en het steunbedrag voor uitdemarktnemingen niet hoger zijn dan de gemiddelde marktprijs "af producentenorganisatie" van het betrokken product in de voorgaande drie jaar, in voorkomend geval ook na verwerking;
* voor andere dan de in bijlage V van de gedelegeerde verordening van de strategische planverordening vermelde producten stelt de bevoegde entiteit maximumsteunbedragen, bestaande uit de financiële steun van de Unie, de nationale bijdrage in voorkomend geval en de bijdrage van de producentenorganisatie, unie van producentenorganisaties, transnationale producentenorganisatie, transnationale unie van producentenorganisaties of producentengroepering, vast op een niveau van niet meer dan 40% van de gemiddelde marktprijzen "af producentenorganisatie" over de voorgaande vijf jaar in geval van gratis verstrekking en op een niveau van niet meer dan 30% van de gemiddelde marktprijzen "af producentenorganisatie" over de voorgaande vijf jaar voor andere bestemmingen dan gratis verstrekking.
* alleen de bestemmingen, vastgelegd door de bevoegde entiteit, zijn toegestaan voor uit de markt genomen producten;
* de ontvangers mogen per kalenderjaar een maximale hoeveelheid groenten en fruit afhalen, zoals vastgelegd door de bevoegde entiteit:
o voor liefdadigheidsinstellingen is de maximaal af te halen hoeveelheid vastgelegd op 150 kg per persoon per kalenderjaar;
o voor ziekenhuizen, bejaardentehuizen, strafinstellingen, kinderdagverblijven, psychiatrische inrichtingen en onderwijsinstellingen is de maximaal af te halen hoeveelheid vastgelegd op 30 kg per persoon per kalenderjaar. Voor kindervakantiekampen wordt die hoeveelheid verrekend met het aantal weken kamp waarin het kamp wordt georganiseerd;
o voor bedrijven die de groenten en fruit afhalen voor dierenvoeding of biologische afbraakprocessen moet de afgehaalde hoeveelheid per kalenderjaar in verhouding staan tot de reële benuttingscapaciteit van het betrokken bedrijf.
* De vergoeding van de vervoerskosten wordt betaald aan de erkende bestemmeling: dat is de persoon of organisatie die de financiële kosten van het vervoer daadwerkelijk draagt.
* de vervoerskosten, worden berekend en vastgesteld door de bevoegde entiteit op één van volgende wijzen:
o Berekeningswijze 1:
* verrekening op basis van effectief gereden kilometers, berekend op basis van de afstand tussen de hoofdzetel van de organisatie en de plaats van afhaling (producentenorganisatie);
* de enkele afstand kan in rekening gebracht worden;
* als basis voor de vergoeding wordt de kilometervergoeding voor ambtenaren van de Vlaamse overheid die ze ontvangen voor een binnenlandse dienstreis gehanteerd. Die vergoeding is vastgelegd door de Vlaamse minister, bevoegd voor bestuurszaken;
o Berekeningswijze 2: als de ontvanger zelf het transport uitvoert of laat uitvoeren met een vrachtwagen (maximaal toegelaten massa van meer dan 3.500 kg): op basis van de combinatie van de afgehaalde hoeveelheid en de enkele afstand tussen de hoofdzetel van de organisatie en de plaats van afhaling (producentenorganisatie):
* De transportvergoeding bedraagt in dat geval:
* 21,68 €/ton als de afstand tussen de plaats van afhaling op de producentenorganisatie en de plaats van levering minder is dan 25 km;
* 49,32 €/ton als de afstand tussen de plaats van afhaling op de producentenorganisatie en de plaats van levering meer dan 25 km is.
* Voor gekoeld transport is er een bijkomende vergoeding van 10,13 €/ton.
* Deze vergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de prijsindex van diensten van Statbel.
De vergoedingen die van toepassing zijn op 1 januari van het betreffende werkingsjaar zijn geldig gedurende het volledige werkingsjaar. De bevoegde entiteit kan van deze geldigheidsduur in beperkte mate gemotiveerd afwijken, mits de noodzaak hiervan voldoende wordt aangetoond.
* Alle ontvangen groenten en fruit moeten gratis verdeeld worden door de ontvanger. De enige uitzondering hierop is de verwerking van de groenten en fruit in een maaltijd, waarvoor een symbolische bijdrage mag gevraagd worden door de ontvanger.
o De ontvanger vraagt hiervoor - vooraf - toelating bij de bevoegde entiteit;
o De vergoeding is een symbolische bijdrage die enkel de verwerkingskost dekt. De ontvanger mag in geen geval winst genereren door het vragen van deze vergoeding.".
"Specifieke voorwaarden:
2.10.4 Interventie j04: Het uit de markt nemen van producten
Specifieke voorwaarden:
De producentenorganisaties of unies van producentenorganisaties die overgaan tot het uit de markt nemen van producten, moeten dat voorafgaand opnemen in hun operationele programma of een wijziging daarvan laten goedkeuren door de bevoegde entiteit.
Voor elk operationeel programma mogen de uitgaven voor interventies in het kader van de interventietypes, vermeld in artikel 47, tweede lid, f), g) en h), van de strategische planverordening, niet meer dan en derde uitmaken van de totale uitgaven.
Uitgaven voor het uit de markt nemen van producten zijn niet subsidiabel als de producten niet zijn gedenatureerd of als het uit de markt nemen negatieve ecologische of fytosanitaire gevolgen heeft gehad.
Er gelden de volgende bijkomende voorwaarden:
* alleen bederfelijke producten die zonder koeling niet duurzaam kunnen worden opgeslagen in het normale handelsstadium van die producten, komen in aanmerking voor het uit de markt nemen;
* de producentenorganisatie moet via elektronische weg uiterlijk op donderdag om 12 uur een weekplanning bezorgen aan de bevoegde entiteit. Die weekplanning bevat de dagen en de uren en de plaats waar de daaropvolgende week de uitdemarktneming zal plaatsvinden;
* de producentenorganisatie moet de verplichtingen naleven die de minister of de bevoegde entiteit oplegt om de controle op en de organisatie van het uit de markt nemen en de controle op de bestemming mogelijk te maken;
* de producentenorganisatie moet op de dag van de controle ter plaatse een aanvoerlijst voorzien waarop alle producten staan vermeld die uit de markt worden genomen op die dag;
* de producten die worden weggewerkt naar andere bestemmingen, mogen niet meer geschikt zijn voor menselijke consumptie. De producentenorganisatie denatureert die producten op een mechanische manier;
* de uitdemarktneming of de bestemming van de betrokken producten mag geen negatieve ecologische of fytosanitaire gevolgen hebben;
* een product dat terugkomt van de klant omdat het niet verkocht is, kan de producentenorganisatie aanbieden voor uitdemarktneming als:
o het product herkeurd is en die herkeuring plaatsvond op dezelfde dag als die waarop de producten uit de markt zijn genomen;
o het product voldoet aan de vereiste minimumnormen, zoals bepaald in artikel 29 van verordening (EU) nr. 2022/126;
o het product marktklaar is;
* de maximale vergoeding voor het sorteren en verpakken voor producten die uit de markt worden genomen met bestemming gratis verstrekking, is vastgelegd in bijlage VII van de gedelegeerde verordening van de strategische planverordening. De minister kan lagere vergoedingen vaststellen;
* de vergoeding voor sorteren en verpakken is alleen van toepassing op producten in verpakkingen van minder dan 25 kg nettogewicht;
* voor de producten, vermeld in bijlage V van de gedelegeerde verordening van de strategische planverordening, mag de som van de vervoerskosten, de in artikel 33 van deze verordening bedoelde sorteer- en verpakkingskosten van voor gratis verstrekking uit de markt genomen producten en het steunbedrag voor uitdemarktnemingen niet hoger zijn dan de gemiddelde marktprijs "af producentenorganisatie" van het betrokken product in de voorgaande drie jaar, in voorkomend geval ook na verwerking;
* voor andere dan de in bijlage V van de gedelegeerde verordening van de strategische planverordening vermelde producten stelt de bevoegde entiteit maximumsteunbedragen, bestaande uit de financiële steun van de Unie, de nationale bijdrage in voorkomend geval en de bijdrage van de producentenorganisatie, unie van producentenorganisaties, transnationale producentenorganisatie, transnationale unie van producentenorganisaties of producentengroepering, vast op een niveau van niet meer dan 40% van de gemiddelde marktprijzen "af producentenorganisatie" over de voorgaande vijf jaar in geval van gratis verstrekking en op een niveau van niet meer dan 30% van de gemiddelde marktprijzen "af producentenorganisatie" over de voorgaande vijf jaar voor andere bestemmingen dan gratis verstrekking.
* alleen de bestemmingen, vastgelegd door de bevoegde entiteit, zijn toegestaan voor uit de markt genomen producten;
* de ontvangers mogen per kalenderjaar een maximale hoeveelheid groenten en fruit afhalen, zoals vastgelegd door de bevoegde entiteit:
o voor liefdadigheidsinstellingen is de maximaal af te halen hoeveelheid vastgelegd op 150 kg per persoon per kalenderjaar;
o voor ziekenhuizen, bejaardentehuizen, strafinstellingen, kinderdagverblijven, psychiatrische inrichtingen en onderwijsinstellingen is de maximaal af te halen hoeveelheid vastgelegd op 30 kg per persoon per kalenderjaar. Voor kindervakantiekampen wordt die hoeveelheid verrekend met het aantal weken kamp waarin het kamp wordt georganiseerd;
o voor bedrijven die de groenten en fruit afhalen voor dierenvoeding of biologische afbraakprocessen moet de afgehaalde hoeveelheid per kalenderjaar in verhouding staan tot de reële benuttingscapaciteit van het betrokken bedrijf.
* De vergoeding van de vervoerskosten wordt betaald aan de erkende bestemmeling: dat is de persoon of organisatie die de financiële kosten van het vervoer daadwerkelijk draagt.
* de vervoerskosten, worden berekend en vastgesteld door de bevoegde entiteit op één van volgende wijzen:
o Berekeningswijze 1:
* verrekening op basis van effectief gereden kilometers, berekend op basis van de afstand tussen de hoofdzetel van de organisatie en de plaats van afhaling (producentenorganisatie);
* de enkele afstand kan in rekening gebracht worden;
* als basis voor de vergoeding wordt de kilometervergoeding voor ambtenaren van de Vlaamse overheid die ze ontvangen voor een binnenlandse dienstreis gehanteerd. Die vergoeding is vastgelegd door de Vlaamse minister, bevoegd voor bestuurszaken;
o Berekeningswijze 2: als de ontvanger zelf het transport uitvoert of laat uitvoeren met een vrachtwagen (maximaal toegelaten massa van meer dan 3.500 kg): op basis van de combinatie van de afgehaalde hoeveelheid en de enkele afstand tussen de hoofdzetel van de organisatie en de plaats van afhaling (producentenorganisatie):
* De transportvergoeding bedraagt in dat geval:
* 21,68 €/ton als de afstand tussen de plaats van afhaling op de producentenorganisatie en de plaats van levering minder is dan 25 km;
* 49,32 €/ton als de afstand tussen de plaats van afhaling op de producentenorganisatie en de plaats van levering meer dan 25 km is.
* Voor gekoeld transport is er een bijkomende vergoeding van 10,13 €/ton.
* Deze vergoeding wordt jaarlijks geïndexeerd op basis van de prijsindex van diensten van Statbel.
De vergoedingen die van toepassing zijn op 1 januari van het betreffende werkingsjaar zijn geldig gedurende het volledige werkingsjaar. De bevoegde entiteit kan van deze geldigheidsduur in beperkte mate gemotiveerd afwijken, mits de noodzaak hiervan voldoende wordt aangetoond.
* Alle ontvangen groenten en fruit moeten gratis verdeeld worden door de ontvanger. De enige uitzondering hierop is de verwerking van de groenten en fruit in een maaltijd, waarvoor een symbolische bijdrage mag gevraagd worden door de ontvanger.
o De ontvanger vraagt hiervoor - vooraf - toelating bij de bevoegde entiteit;
o De vergoeding is een symbolische bijdrage die enkel de verwerkingskost dekt. De ontvanger mag in geen geval winst genereren door het vragen van deze vergoeding.".
Art. 38. Dans le même arrêté, la partie 2.10.4 de l'annexe 3 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 18 novembre 2022 relatif à l'organisation commune des marchés dans le secteur des fruits et légumes, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, est remplacée par ce qui suit :
" Conditions spécifiques :
2.10.4 Intervention j04 : Le retrait de produits du marché
Conditions spécifiques :
Les organisations de producteurs ou associations d'organisations de producteurs qui procèdent au retrait de produits du marché, doivent le reprendre au préalable dans leur programme opérationnel ou en faire approuver une modification par l'entité compétente.
Pour chaque programme opérationnel, les dépenses liées à des interventions dans le cadre des types d'intervention, visés à l'article 47, alinéa 2, f), g) et h), du règlement relatif aux plans stratégiques, ne doivent pas représenter plus d'un tiers des dépenses totales.
Les dépenses liées au retrait de produits du marché ne sont pas éligibles si les produits ne sont pas dénaturés ou si le retrait du marché a entraîné des conséquences écologiques ou phytosanitaires négatives.
Les conditions supplémentaires suivantes s'appliquent :
* seuls des produits périssables ne pouvant être stockés durablement sans refroidissement dans le stade commercial normal de ces produits, entrent en ligne de compte pour le retrait du marché ;
* l'organisation de producteurs doit remettre un planning hebdomadaire par voie électronique à l'entité compétente au plus tard le jeudi à 12 heures. Ce planning hebdomadaire contient les jours et les heures et le lieu où le retrait du marché aura lieu la semaine suivante ;
* l'organisation de producteurs doit respecter les obligations imposées par le ministre ou l'entité compétente afin de permettre le contrôle et l'organisation du retrait du marché ainsi que le contrôle de la destination ;
* le jour du contrôle sur place, l'organisation de producteurs doit prévoir une liste d'approvisionnement indiquant tous les produits retirés du marché ce jour-là ;
* les produits éliminés vers d'autres destinations, ne doivent plus être propres à la consommation humaine. L'organisation de producteurs dénature ces produits de manière mécanique ;
* le retrait du marché ou la destination des produits concernés ne doit pas entraîner de conséquences écologiques ou phytosanitaires négatives ;
* l'organisation de producteurs peut présenter au retrait du marché un produit qui revient du client parce qu'il n'a pas été vendu si :
o le produit a été à nouveau contrôlé et ce nouveau contrôle a eu lieu le même jour que celui où les produits ont été retirés du marché ;
o le produit satisfait aux normes minimales exigées, telles que fixées à l'article 29 du règlement (UE) n° 2022/126 ;
o le produit est conditionné ;
* l'indemnité maximale de triage et d'emballage pour des produits qui sont retirés du marché pour distribution gratuite, est fixée à l'annexe VII du règlement délégué du règlement relatif aux plans stratégiques. Le ministre peut fixer des indemnités moins élevées ;
* l'indemnité de triage et d'emballage ne s'applique qu'aux produits en emballages de moins de 25 kg de poids net ;
* pour les produits, visés à l'annexe V du règlement délégué du règlement relatif aux plans stratégiques, la somme des frais de transport, des frais de tri et d'emballage de produits retirés du marché pour distribution gratuite visés à l'article 33 de ce règlement et du montant d'aide pour des retraits du marché ne doit pas être supérieure au prix de marché moyen " départ organisation de producteurs " du produit concerné au cours des trois dernières années, le cas échéant, également après transformation ;
* pour d'autres produits que les produits visés à l'annexe V du règlement délégué du règlement relatif aux plans stratégiques, l'entité compétente fixe des montants d'aide maximums, composés du soutien financier de l'Union, de la contribution nationale, le cas échéant, et de la contribution de l'organisation de producteurs, de l'association d'organisations de producteurs, de l'organisation de producteurs transnationale, de l'association d'organisations de producteurs transnationale ou du groupement de producteurs, à un niveau ne dépassant pas 40 % des prix de marché moyens " départ organisation de producteurs " des cinq dernières années en cas de distribution gratuite et à un niveau ne dépassant pas 30 % des prix de marché moyens " départ organisation de producteurs " des cinq dernières années pour des destinations autres que la distribution gratuite.
* seules les destinations, fixées par l'entité compétente, sont autorisées pour des produits retirés du marché ;
* les destinataires peuvent collecter une quantité maximale de fruits et légumes par année calendaire, tel que fixée par l'entité compétente :
o pour les organisations caritatives, la quantité maximale à collecter est fixée à 150 kg par personne et par année calendaire ;
o pour les hôpitaux, maisons de repos, établissements pénitentiaires, crèches, établissements psychiatriques et établissements d'enseignement, la quantité maximale à collecter est fixée à 30 kg par personne et par année calendaire. Pour les camps de vacances pour enfants, cette quantité est en fonction du nombre de semaines de camp durant lequel le camp est organisé ;
o pour les entreprises qui collectent les fruits et légumes pour l'alimentation animale ou des processus de biodégradation, la quantité collectée par année calendaire doit être proportionnelle à la capacité d'utilisation réelle de l'entreprise en question.
* L'indemnité des frais de transport est payée au destinataire agréé : il s'agit de la personne ou de l'organisation qui prend réellement en charge les coûts financiers du transport.
* les frais de transport sont calculés et fixés par l'entité compétente de l'une des manières suivantes :
o Mode de calcul 1 :
* comptabilisation sur la base des kilomètres effectivement parcourus, calculés sur la base de la distance entre le siège de l'organisation et le lieu de collecte (organisation de producteurs) ;
* la distance simple peut être portée en compte ;
* l'indemnité kilométrique que les fonctionnaires de l'Autorité flamande reçoivent pour un voyage de service intérieur est utilisée comme base pour l'indemnité. Cette indemnité est fixée par le ministre flamand qui a la gouvernance publique dans ses attributions ;
o Mode de calcul 2 : si le destinataire effectue lui-même le transport ou le fait effectuer avec un camion (masse maximale autorisée de plus de 3 500 kg) : sur la base de la combinaison de la quantité collectée et de la distance simple entre le siège de l'organisation et le lieu de collecte (organisation de producteurs) :
* L'indemnité de transport s'élève dans ce cas à :
* 21,68 €/tonne si la distance entre le lieu de collecte à l'organisation de producteurs et le lieu de livraison est inférieure à 25 km ;
* 49,32 €/tonne si la distance entre le lieu de collecte à l'organisation de producteurs et le lieu de livraison est supérieure à 25 km.
* Pour le transport réfrigéré, une indemnité supplémentaire de 10,13 €/tonne s'applique.
* Cette indemnité est indexée chaque année sur la base de l'indice des prix de services de Statbel.
Les indemnités qui sont d'application au 1er janvier de l'année d'activité concernée, sont valables pendant toute l'année d'activité. L'entité compétente peut déroger de manière motivée et dans une mesure limitée à cette durée de validité, à condition d'en démontrer suffisamment la nécessité.
* Tous les fruits et légumes reçus doivent être distribués gratuitement par le destinataire. L'unique exception à cet égard concerne la transformation des fruits et légumes en repas, pour lesquels une contribution symbolique peut être demandée par le destinataire.
o Le destinataire demande à cet effet - au préalable - l'autorisation à l'entité compétente ;
o L'indemnité est une contribution symbolique qui ne couvre que le coût de transformation. Le destinataire ne peut en aucun cas générer un bénéfice en demandant cette indemnité. ".
" Conditions spécifiques :
2.10.4 Intervention j04 : Le retrait de produits du marché
Conditions spécifiques :
Les organisations de producteurs ou associations d'organisations de producteurs qui procèdent au retrait de produits du marché, doivent le reprendre au préalable dans leur programme opérationnel ou en faire approuver une modification par l'entité compétente.
Pour chaque programme opérationnel, les dépenses liées à des interventions dans le cadre des types d'intervention, visés à l'article 47, alinéa 2, f), g) et h), du règlement relatif aux plans stratégiques, ne doivent pas représenter plus d'un tiers des dépenses totales.
Les dépenses liées au retrait de produits du marché ne sont pas éligibles si les produits ne sont pas dénaturés ou si le retrait du marché a entraîné des conséquences écologiques ou phytosanitaires négatives.
Les conditions supplémentaires suivantes s'appliquent :
* seuls des produits périssables ne pouvant être stockés durablement sans refroidissement dans le stade commercial normal de ces produits, entrent en ligne de compte pour le retrait du marché ;
* l'organisation de producteurs doit remettre un planning hebdomadaire par voie électronique à l'entité compétente au plus tard le jeudi à 12 heures. Ce planning hebdomadaire contient les jours et les heures et le lieu où le retrait du marché aura lieu la semaine suivante ;
* l'organisation de producteurs doit respecter les obligations imposées par le ministre ou l'entité compétente afin de permettre le contrôle et l'organisation du retrait du marché ainsi que le contrôle de la destination ;
* le jour du contrôle sur place, l'organisation de producteurs doit prévoir une liste d'approvisionnement indiquant tous les produits retirés du marché ce jour-là ;
* les produits éliminés vers d'autres destinations, ne doivent plus être propres à la consommation humaine. L'organisation de producteurs dénature ces produits de manière mécanique ;
* le retrait du marché ou la destination des produits concernés ne doit pas entraîner de conséquences écologiques ou phytosanitaires négatives ;
* l'organisation de producteurs peut présenter au retrait du marché un produit qui revient du client parce qu'il n'a pas été vendu si :
o le produit a été à nouveau contrôlé et ce nouveau contrôle a eu lieu le même jour que celui où les produits ont été retirés du marché ;
o le produit satisfait aux normes minimales exigées, telles que fixées à l'article 29 du règlement (UE) n° 2022/126 ;
o le produit est conditionné ;
* l'indemnité maximale de triage et d'emballage pour des produits qui sont retirés du marché pour distribution gratuite, est fixée à l'annexe VII du règlement délégué du règlement relatif aux plans stratégiques. Le ministre peut fixer des indemnités moins élevées ;
* l'indemnité de triage et d'emballage ne s'applique qu'aux produits en emballages de moins de 25 kg de poids net ;
* pour les produits, visés à l'annexe V du règlement délégué du règlement relatif aux plans stratégiques, la somme des frais de transport, des frais de tri et d'emballage de produits retirés du marché pour distribution gratuite visés à l'article 33 de ce règlement et du montant d'aide pour des retraits du marché ne doit pas être supérieure au prix de marché moyen " départ organisation de producteurs " du produit concerné au cours des trois dernières années, le cas échéant, également après transformation ;
* pour d'autres produits que les produits visés à l'annexe V du règlement délégué du règlement relatif aux plans stratégiques, l'entité compétente fixe des montants d'aide maximums, composés du soutien financier de l'Union, de la contribution nationale, le cas échéant, et de la contribution de l'organisation de producteurs, de l'association d'organisations de producteurs, de l'organisation de producteurs transnationale, de l'association d'organisations de producteurs transnationale ou du groupement de producteurs, à un niveau ne dépassant pas 40 % des prix de marché moyens " départ organisation de producteurs " des cinq dernières années en cas de distribution gratuite et à un niveau ne dépassant pas 30 % des prix de marché moyens " départ organisation de producteurs " des cinq dernières années pour des destinations autres que la distribution gratuite.
* seules les destinations, fixées par l'entité compétente, sont autorisées pour des produits retirés du marché ;
* les destinataires peuvent collecter une quantité maximale de fruits et légumes par année calendaire, tel que fixée par l'entité compétente :
o pour les organisations caritatives, la quantité maximale à collecter est fixée à 150 kg par personne et par année calendaire ;
o pour les hôpitaux, maisons de repos, établissements pénitentiaires, crèches, établissements psychiatriques et établissements d'enseignement, la quantité maximale à collecter est fixée à 30 kg par personne et par année calendaire. Pour les camps de vacances pour enfants, cette quantité est en fonction du nombre de semaines de camp durant lequel le camp est organisé ;
o pour les entreprises qui collectent les fruits et légumes pour l'alimentation animale ou des processus de biodégradation, la quantité collectée par année calendaire doit être proportionnelle à la capacité d'utilisation réelle de l'entreprise en question.
* L'indemnité des frais de transport est payée au destinataire agréé : il s'agit de la personne ou de l'organisation qui prend réellement en charge les coûts financiers du transport.
* les frais de transport sont calculés et fixés par l'entité compétente de l'une des manières suivantes :
o Mode de calcul 1 :
* comptabilisation sur la base des kilomètres effectivement parcourus, calculés sur la base de la distance entre le siège de l'organisation et le lieu de collecte (organisation de producteurs) ;
* la distance simple peut être portée en compte ;
* l'indemnité kilométrique que les fonctionnaires de l'Autorité flamande reçoivent pour un voyage de service intérieur est utilisée comme base pour l'indemnité. Cette indemnité est fixée par le ministre flamand qui a la gouvernance publique dans ses attributions ;
o Mode de calcul 2 : si le destinataire effectue lui-même le transport ou le fait effectuer avec un camion (masse maximale autorisée de plus de 3 500 kg) : sur la base de la combinaison de la quantité collectée et de la distance simple entre le siège de l'organisation et le lieu de collecte (organisation de producteurs) :
* L'indemnité de transport s'élève dans ce cas à :
* 21,68 €/tonne si la distance entre le lieu de collecte à l'organisation de producteurs et le lieu de livraison est inférieure à 25 km ;
* 49,32 €/tonne si la distance entre le lieu de collecte à l'organisation de producteurs et le lieu de livraison est supérieure à 25 km.
* Pour le transport réfrigéré, une indemnité supplémentaire de 10,13 €/tonne s'applique.
* Cette indemnité est indexée chaque année sur la base de l'indice des prix de services de Statbel.
Les indemnités qui sont d'application au 1er janvier de l'année d'activité concernée, sont valables pendant toute l'année d'activité. L'entité compétente peut déroger de manière motivée et dans une mesure limitée à cette durée de validité, à condition d'en démontrer suffisamment la nécessité.
* Tous les fruits et légumes reçus doivent être distribués gratuitement par le destinataire. L'unique exception à cet égard concerne la transformation des fruits et légumes en repas, pour lesquels une contribution symbolique peut être demandée par le destinataire.
o Le destinataire demande à cet effet - au préalable - l'autorisation à l'entité compétente ;
o L'indemnité est une contribution symbolique qui ne couvre que le coût de transformation. Le destinataire ne peut en aucun cas générer un bénéfice en demandant cette indemnité. ".
Afdeling 18. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de uitvoering van maatregelen met een gunstig effect op het milieu, het klimaat en de biodiversiteit
Section 18. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les prescriptions des subventions pour la mise en oeuvre de mesures ayant un effet favorable à l'environnement, au climat et à la biodiversité
Art. 39. In artikel 45 van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de uitvoering van maatregelen met een gunstig effect op het milieu, het klimaat en de biodiversiteit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt in punt 2° tussen het woord "verbintenisaanvraag" en de zinsnede ". Het doorzaaien" de zinsnede "voor de maatregel, vermeld in artikel 3, eerste lid, 7°, a), 3), en vanaf het najaar voorafgaand aan het jaar van de verbintenisaanvraag voor de maatregelen vermeld in artikel 3, eerste lid, 7°, a), 1) en 2)" ingevoegd.
Art. 39. Dans l'article 45 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les prescriptions des subventions pour la mise en oeuvre de mesures ayant un effet favorable à l'environnement, au climat et à la biodiversité, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, au point 2°, entre les mots " demande d'engagement " et le membre de phrase " . Le sursemis ", il est inséré le membre de phrase " pour la mesure, visée à l'article 3, alinéa 1er, 7°, a), 3), et à partir de l'automne précédant l'année de la demande d'engagement pour les mesures, visées à l'article 3, alinéa 1er, 7°, a), 1) et 2) ".
Art. 40. In artikel 50, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt in punt 1° tussen het woord "melk" en het woord "of" de zinsnede ". Op bedrijven die deelnemen aan melkproductieregistratie moeten de runderen in Sanitel geregistreerd zijn als rastype melk" ingevoegd.
Art. 40. Dans l'article 50, alinéa 2, du même arrêté, au point 1°, entre le mot " laitier " et le mot " ou ", il est inséré le membre de phrase " . Dans les entreprises qui participent à l'enregistrement de la production laitière, les bovins doivent être enregistrés dans Sanitel en tant que race du type laitier ".
Art. 41. In artikel 67 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "de landbouwer" worden vervangen door het woord "er";
2° tussen het woord "ontvangen" en het woord "voor" wordt het woord "worden" ingevoegd.
1° de woorden "de landbouwer" worden vervangen door het woord "er";
2° tussen het woord "ontvangen" en het woord "voor" wordt het woord "worden" ingevoegd.
Art. 41. A l'article 67 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° le membre de phrase " L'agriculteur " est remplacé par le mot " On " ;
2° dans la version néerlandaise, entre le mot " ontvangen " et le mot " voor ", il est inséré le mot " worden ".
1° le membre de phrase " L'agriculteur " est remplacé par le mot " On " ;
2° dans la version néerlandaise, entre le mot " ontvangen " et le mot " voor ", il est inséré le mot " worden ".
Art. 42. In artikel 68, tweede lid, van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het woord "hij" wordt vervangen door het woord "er";
2° tussen het woord "ontvangen" en het woord "voor" wordt het woord "worden" ingevoegd.
1° het woord "hij" wordt vervangen door het woord "er";
2° tussen het woord "ontvangen" en het woord "voor" wordt het woord "worden" ingevoegd.
Art. 42. A l'article 68, alinéa deux, du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° le mot " Il " est remplacé par le mot " On " ;
2° dans la version néerlandaise, entre le mot " ontvangen " et le mot " voor ", il est inséré le mot " worden ".
1° le mot " Il " est remplacé par le mot " On " ;
2° dans la version néerlandaise, entre le mot " ontvangen " et le mot " voor ", il est inséré le mot " worden ".
Art. 43. In artikel 92, § 3, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "de landbouwer" worden vervangen door het woord "er";
2° tussen het woord "ontvangen" en het woord "voor" wordt het woord "worden" ingevoegd.
1° de woorden "de landbouwer" worden vervangen door het woord "er";
2° tussen het woord "ontvangen" en het woord "voor" wordt het woord "worden" ingevoegd.
Art. 43. A l'article 92, § 3, du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° le membre de phrase " L'agriculteur " est remplacé par le mot " On " ;
2° dans la version néerlandaise, entre le mot " ontvangen " et le mot " voor ", il est inséré le mot " worden ".
1° le membre de phrase " L'agriculteur " est remplacé par le mot " On " ;
2° dans la version néerlandaise, entre le mot " ontvangen " et le mot " voor ", il est inséré le mot " worden ".
Art. 44. In hetzelfde besluit, wordt een titel 8/1, die bestaat uit artikel 122/1, ingevoegd, die luidt als volgt:
"Hoofdstuk 8/1. Openbaarmaking
Art. 122/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 8/1. Openbaarmaking
Art. 122/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 44. Dans le même arrêté il est inséré un titre 8/1, comprenant l'article 122/1, ainsi rédigé :
" Chapitre 8/1. Publicité
Art. 122/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 8/1. Publicité
Art. 122/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 19. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de aanplant en het onderhoud van boslandbouwsystemen
Section 19. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les règles relatives aux subventions pour la plantation et l'entretien de systèmes agroforestiers
Art. 45. In het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor subsidies voor de aanplant en het onderhoud van boslandbouwsystemen, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 5/1, dat bestaat uit artikel 21/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 5/1. Openbaarmaking
Art. 21/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 5/1. Openbaarmaking
Art. 21/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 45. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant les règles relatives aux subventions pour la plantation et l'entretien de systèmes agroforestiers, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 5/1, comprenant l'article 21/1, rédigé comme suit :
" Chapitre 5/1. Publicité
Art. 21/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 5/1. Publicité
Art. 21/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 20. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 over steun voor innovatieve investeringen in de landbouw
Section 20. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 concernant l'aide aux investissements innovants dans l'agriculture
Art. 46. In artikel 4, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 over steun voor innovatieve investeringen in de landbouw wordt punt 1° vervangen, door wat volgt:
"1° actieve landbouwers met een standaardverdiencapaciteit die overeenkomt met een minimaal factorinkomen van 20.000 euro. In geval van een rechtspersoon is iedere bestuurder en zaakvoerder een natuurlijke persoon of een vennootschap met rechtspersoonlijkheid. Als de bestuurder of zaakvoerder van de actieve landbouwer een vennootschap met rechtspersoonlijkheid is, voldoet die rechtspersoon aan al de volgende voorwaarden:
a) het bestuur bestaat uit maximaal één bestuurder;
b) de bestuurder, vermeld in punt a), is een natuurlijke persoon die méér dan 50% bezit van de aandelen van de rechtspersoon;
c) de bestuurder, vermeld in punt a), is de vaste en enige vertegenwoordiger van de rechtspersoon in het bestuur van de actieve landbouwer;".
"1° actieve landbouwers met een standaardverdiencapaciteit die overeenkomt met een minimaal factorinkomen van 20.000 euro. In geval van een rechtspersoon is iedere bestuurder en zaakvoerder een natuurlijke persoon of een vennootschap met rechtspersoonlijkheid. Als de bestuurder of zaakvoerder van de actieve landbouwer een vennootschap met rechtspersoonlijkheid is, voldoet die rechtspersoon aan al de volgende voorwaarden:
a) het bestuur bestaat uit maximaal één bestuurder;
b) de bestuurder, vermeld in punt a), is een natuurlijke persoon die méér dan 50% bezit van de aandelen van de rechtspersoon;
c) de bestuurder, vermeld in punt a), is de vaste en enige vertegenwoordiger van de rechtspersoon in het bestuur van de actieve landbouwer;".
Art. 46. Dans l'article 4, alinéa 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 concernant l'aide aux investissements innovants dans l'agriculture, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° les agriculteurs actifs présentant une capacité de gain standard correspondant à un revenu des facteurs minimum de 20 000 euros. Dans le cas d'une personne morale, tous les administrateurs et gérants sont des personnes physiques ou des sociétés dotées de la personnalité juridique. Si l'administrateur ou le gérant de l'agriculteur actif est une société dotée de la personnalité juridique, cette personne morale remplit toutes les conditions suivantes :
a) l'administration se compose d'un administrateur maximum ;
b) l'administrateur, visé au point a), est une personne physique possédant plus de 50 % des parts de la personne morale ;
c) l'administrateur, visé au point a), est le représentant permanent et unique de la personne morale dans l'administration de l'agriculteur actif ; ".
" 1° les agriculteurs actifs présentant une capacité de gain standard correspondant à un revenu des facteurs minimum de 20 000 euros. Dans le cas d'une personne morale, tous les administrateurs et gérants sont des personnes physiques ou des sociétés dotées de la personnalité juridique. Si l'administrateur ou le gérant de l'agriculteur actif est une société dotée de la personnalité juridique, cette personne morale remplit toutes les conditions suivantes :
a) l'administration se compose d'un administrateur maximum ;
b) l'administrateur, visé au point a), est une personne physique possédant plus de 50 % des parts de la personne morale ;
c) l'administrateur, visé au point a), est le représentant permanent et unique de la personne morale dans l'administration de l'agriculteur actif ; ".
Art. 47. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 12/1, dat bestaat uit artikel 24/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 12/1. Openbaarmaking
Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 12/1. Openbaarmaking
Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 47. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 12/1, comprenant l'article 24/1 rédigé comme suit :
" Chapitre 12/1. Publicité
" Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 12/1. Publicité
" Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 21. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 betreffende steun aan niet-productieve investeringen voor milieu- en klimaatdoelen
Section 21. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 relatif à l'aide aux investissements non productifs à des fins environnementales et climatiques
Art. 48. In het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 betreffende steun aan niet-productieve investeringen voor milieu- en klimaatdoelen, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 10/1, dat bestaat uit artikel 20/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 10/1. Openbaarmaking
Art. 20/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 10/1. Openbaarmaking
Art. 20/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 48. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 relatif à l'aide aux investissements non productifs à des fins environnementales et climatiques, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 10/1, comprenant l'article 20/1, rédigé comme suit :
" Chapitre 10/1. Publicité
" Art. 20/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 10/1. Publicité
" Art. 20/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 22. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 over steun voor productieve investeringen en opstartverrichtingen in de landbouw
Section 22. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 concernant l'aide aux investissements productifs et aux opérations de démarrage dans l'agriculture
Art. 49. In artikel 4, eerste lid, van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 over steun voor productieve investeringen en opstartverrichtingen in de landbouw worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt:
"1° actieve landbouwers met een standaardverdiencapaciteit die overeenkomt met een minimaal factorinkomen van 20.000 euro. In geval van een rechtspersoon is iedere bestuurder en zaakvoerder een natuurlijke persoon of een vennootschap met rechtspersoonlijkheid. Als de bestuurder of zaakvoerder van het landbouwbedrijf een vennootschap met rechtspersoonlijkheid is, voldoet die rechtspersoon aan al de volgende voorwaarden:
a) het bestuur bestaat uit maximaal één bestuurder;
b) de bestuurder, vermeld in punt a), is een natuurlijke persoon die méér dan 50% bezit van de aandelen van de rechtspersoon;
c) de bestuurder, vermeld in punt a), is de vaste en enige vertegenwoordiger van de rechtspersoon in het bestuur van het landbouwbedrijf.".;
2° in het tweede lid wordt tussen de woorden "start als" en het woord "landbouwer" het woord "jonge" opgeheven.
1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt:
"1° actieve landbouwers met een standaardverdiencapaciteit die overeenkomt met een minimaal factorinkomen van 20.000 euro. In geval van een rechtspersoon is iedere bestuurder en zaakvoerder een natuurlijke persoon of een vennootschap met rechtspersoonlijkheid. Als de bestuurder of zaakvoerder van het landbouwbedrijf een vennootschap met rechtspersoonlijkheid is, voldoet die rechtspersoon aan al de volgende voorwaarden:
a) het bestuur bestaat uit maximaal één bestuurder;
b) de bestuurder, vermeld in punt a), is een natuurlijke persoon die méér dan 50% bezit van de aandelen van de rechtspersoon;
c) de bestuurder, vermeld in punt a), is de vaste en enige vertegenwoordiger van de rechtspersoon in het bestuur van het landbouwbedrijf.".;
2° in het tweede lid wordt tussen de woorden "start als" en het woord "landbouwer" het woord "jonge" opgeheven.
Art. 49. A l'article 4, alinéa 1er, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 concernant l'aide aux investissements productifs et aux opérations de démarrage dans l'agriculture, les modifications suivantes sont apportées :
1° le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° les agriculteurs actifs présentant une capacité de gain standard correspondant à un revenu des facteurs minimum de 20 000 euros. Dans le cas d'une personne morale, tous les administrateurs et gérants sont des personnes physiques ou des sociétés dotées de la personnalité juridique. Si l'administrateur ou le gérant de l'exploitation agricole est une société dotée de la personnalité juridique, cette personne morale remplit toutes les conditions suivantes :
a) l'administration se compose d'un administrateur maximum ;
b) l'administrateur, visé au point a), est une personne physique possédant plus de 50 % des parts de la personne morale ;
c) l'administrateur, visé au point a), est le représentant permanent et unique de la personne morale dans l'administration de l'exploitation agricole. " ;
2° dans l'alinéa 2, les mots " début récent en tant que jeune agriculteur " sont remplacés par le membre de phrase " début récent en tant qu'agriculteur ".
1° le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° les agriculteurs actifs présentant une capacité de gain standard correspondant à un revenu des facteurs minimum de 20 000 euros. Dans le cas d'une personne morale, tous les administrateurs et gérants sont des personnes physiques ou des sociétés dotées de la personnalité juridique. Si l'administrateur ou le gérant de l'exploitation agricole est une société dotée de la personnalité juridique, cette personne morale remplit toutes les conditions suivantes :
a) l'administration se compose d'un administrateur maximum ;
b) l'administrateur, visé au point a), est une personne physique possédant plus de 50 % des parts de la personne morale ;
c) l'administrateur, visé au point a), est le représentant permanent et unique de la personne morale dans l'administration de l'exploitation agricole. " ;
2° dans l'alinéa 2, les mots " début récent en tant que jeune agriculteur " sont remplacés par le membre de phrase " début récent en tant qu'agriculteur ".
Art. 50. In artikel 7 van hetzelfde besluit worden een punt 3° /1 en 3° /2 ingevoegd, die luiden als volgt:
"3/1° de aankoop van machines of materiaal via veiling;
3/2° de aankoop van machines of materiaal met een bouwjaar dat meer dan twee jaar ouder is dan het facturatiejaar van de eerste factuur voor die aankoop;".
"3/1° de aankoop van machines of materiaal via veiling;
3/2° de aankoop van machines of materiaal met een bouwjaar dat meer dan twee jaar ouder is dan het facturatiejaar van de eerste factuur voor die aankoop;".
Art. 50. Dans l'article 7 du même arrêté, il est inséré un point 3° /1 et un point 3° /2, rédigés comme suit :
" 3/1° l'achat de machines ou de matériel par le biais d'une vente aux enchères ;
3/2° l'achat de machines ou de matériel dont l'année de construction a plus de deux ans que l'année de facturation de la première facture pour cet achat ; ".
" 3/1° l'achat de machines ou de matériel par le biais d'une vente aux enchères ;
3/2° l'achat de machines ou de matériel dont l'année de construction a plus de deux ans que l'année de facturation de la première facture pour cet achat ; ".
Art. 51. In artikel 17 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 26 januari 2024, worden volgende wijzigingen aangebracht:
1° aan punt 2° worden de woorden "en komen ten goede aan het samenwerkingsverband" toegevoegd;
2° punt 9° wordt vervangen door wat volgt:
"9° de jonge landbouwer, vermeld in artikel 13, eerste lid, 4°, en artikel 18, tweede lid, 1°, en vierde lid, is vakbekwaam en oefent een daadwerkelijk en langdurig zeggenschap uit, als vermeld in artikel 37 van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid.".
1° aan punt 2° worden de woorden "en komen ten goede aan het samenwerkingsverband" toegevoegd;
2° punt 9° wordt vervangen door wat volgt:
"9° de jonge landbouwer, vermeld in artikel 13, eerste lid, 4°, en artikel 18, tweede lid, 1°, en vierde lid, is vakbekwaam en oefent een daadwerkelijk en langdurig zeggenschap uit, als vermeld in artikel 37 van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid.".
Art. 51. A l'article 17 du même arrêté, modifié par l'arrêté du 26 janvier 2024, les modifications suivantes sont apportées :
1° le point 2° est complété par les mots " et profitent au partenariat " ;
2° le point 9° est remplacé par ce qui suit :
" 9° le jeune agriculteur, visé à l'article 13, alinéa 1er, 4°, et à l'article 18, alinéa 2, 1°, et alinéa 4, est qualifié et exerce un contrôle réel et durable, tel que visé à l'article 37 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant des prescriptions pour le paiement direct aux agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune. ".
1° le point 2° est complété par les mots " et profitent au partenariat " ;
2° le point 9° est remplacé par ce qui suit :
" 9° le jeune agriculteur, visé à l'article 13, alinéa 1er, 4°, et à l'article 18, alinéa 2, 1°, et alinéa 4, est qualifié et exerce un contrôle réel et durable, tel que visé à l'article 37 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant des prescriptions pour le paiement direct aux agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune. ".
Art. 52. Artikel 22 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 26 januari 2024, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 22. Enkel begunstigden die aan al de volgende voorwaarden voldoen komen in aanmerking voor de steun, vermeld in artikel 21:
1° de begunstigde is een jonge landbouwer, in afwijking van artikel 37, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, is hij niet ouder dan veertig jaar in het kalenderjaar dat hij de steunaanvraag, vermeld in artikel 23, indient;
2° de begunstigde heeft zich voor het eerst als landbouwer gevestigd in de periode die start 24 maanden voor de laatste dag van de blokperiode waarin hij de steunaanvraag, vermeld in artikel 23, ingediend heeft en eindigt als hij de eerste betalingsaanvraag, vermeld in artikel 25, indient;
3° de begunstigde verwerft bij de oprichting of de overname van een landbouwbedrijf minstens 20% van de aandelen of de roerende bedrijfsbekleding;
4° in het geval van een overname blijkt de verwerving, vermeld in punt 3°, uit een geregistreerd overnamecontract of een notariële schenkingsakte;
5° de maatschappelijke zetel en minstens één landbouwexploitatie van het landbouwbedrijf, vermeld in punt 3°, liggen in het Vlaamse Gewest;
6° de begunstigde wordt geregistreerd als lid, zaakvoerder, vennoot of bestuurder van een landbouwer;
7° de verwerving, vermeld in punt 3° en de registratie, vermeld in punt 6°, vinden binnen een periode van dertig dagen plaats.".
"Art. 22. Enkel begunstigden die aan al de volgende voorwaarden voldoen komen in aanmerking voor de steun, vermeld in artikel 21:
1° de begunstigde is een jonge landbouwer, in afwijking van artikel 37, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, is hij niet ouder dan veertig jaar in het kalenderjaar dat hij de steunaanvraag, vermeld in artikel 23, indient;
2° de begunstigde heeft zich voor het eerst als landbouwer gevestigd in de periode die start 24 maanden voor de laatste dag van de blokperiode waarin hij de steunaanvraag, vermeld in artikel 23, ingediend heeft en eindigt als hij de eerste betalingsaanvraag, vermeld in artikel 25, indient;
3° de begunstigde verwerft bij de oprichting of de overname van een landbouwbedrijf minstens 20% van de aandelen of de roerende bedrijfsbekleding;
4° in het geval van een overname blijkt de verwerving, vermeld in punt 3°, uit een geregistreerd overnamecontract of een notariële schenkingsakte;
5° de maatschappelijke zetel en minstens één landbouwexploitatie van het landbouwbedrijf, vermeld in punt 3°, liggen in het Vlaamse Gewest;
6° de begunstigde wordt geregistreerd als lid, zaakvoerder, vennoot of bestuurder van een landbouwer;
7° de verwerving, vermeld in punt 3° en de registratie, vermeld in punt 6°, vinden binnen een periode van dertig dagen plaats.".
Art. 52. L'article 22 du même arrêté, modifié par l'arrêté du 26 janvier 2024, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 22. Seuls des bénéficiaires qui remplissent toutes les conditions suivantes, sont éligibles à l'aide, visée à l'article 21 :
1° le bénéficiaire est un jeune agriculteur, par dérogation à l'article 37, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant des prescriptions pour le paiement direct aux agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune, il n'a pas plus de quarante ans l'année calendaire au cours de laquelle il introduit la demande d'aide, visée à l'article 23 ;
2° le bénéficiaire s'est installé pour la première fois en tant qu'agriculteur au cours de la période commençant 24 mois avant le dernier jour de la période bloc au cours de laquelle il a déposé la demande d'aide, visée à l'article 23, et se terminant au moment du dépôt de la première demande de paiement, visée à l'article 25 ;
3° le bénéficiaire acquiert lors de la création ou de la reprise d'une exploitation agricole au moins 20 % des parts ou de l'équipement mobilier d'une entreprise agricole ;
4° dans le cas d'une reprise, l'acquisition, visée au point 3°, ressort d'un contrat de reprise enregistré ou d'un acte de donation notarié ;
5° le siège social et au moins une exploitation agricole de l'exploitation agricole, visée au point 3°, sont situés en Région flamande ;
6° le bénéficiaire est enregistré en tant que membre, gérant, associé ou administrateur d'un agriculteur ;
7° l'acquisition, visée au point 3°, et l'enregistrement, visé au point 6°, ont lieu dans un délai de trente jours. ".
" Art. 22. Seuls des bénéficiaires qui remplissent toutes les conditions suivantes, sont éligibles à l'aide, visée à l'article 21 :
1° le bénéficiaire est un jeune agriculteur, par dérogation à l'article 37, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant des prescriptions pour le paiement direct aux agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune, il n'a pas plus de quarante ans l'année calendaire au cours de laquelle il introduit la demande d'aide, visée à l'article 23 ;
2° le bénéficiaire s'est installé pour la première fois en tant qu'agriculteur au cours de la période commençant 24 mois avant le dernier jour de la période bloc au cours de laquelle il a déposé la demande d'aide, visée à l'article 23, et se terminant au moment du dépôt de la première demande de paiement, visée à l'article 25 ;
3° le bénéficiaire acquiert lors de la création ou de la reprise d'une exploitation agricole au moins 20 % des parts ou de l'équipement mobilier d'une entreprise agricole ;
4° dans le cas d'une reprise, l'acquisition, visée au point 3°, ressort d'un contrat de reprise enregistré ou d'un acte de donation notarié ;
5° le siège social et au moins une exploitation agricole de l'exploitation agricole, visée au point 3°, sont situés en Région flamande ;
6° le bénéficiaire est enregistré en tant que membre, gérant, associé ou administrateur d'un agriculteur ;
7° l'acquisition, visée au point 3°, et l'enregistrement, visé au point 6°, ont lieu dans un délai de trente jours. ".
Art. 53. In artikel 23 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het tweede lid, 1°, a), wordt de zinsnede "tweede betalingsaanvraag, vermeld in artikel 26" vervangen door de zinsnede "vestiging, vermeld in artikel 22";
2° aan het tweede lid, 1°, b), wordt de zinsnede "en het percentage aandelen of bedrijfsbekleding in het bedrijf op het moment van de vestiging, vermeld in artikel 22" toegevoegd;
3° aan het tweede lid, 1°, wordt een punt d) toegevoegd, dat luidt als volgt:
"d) het percentage aandelen of roerende bedrijfsbekleding in het bedrijf op het moment van de tweede betalingsaanvraag, vermeld in artikel 26.".
1° in het tweede lid, 1°, a), wordt de zinsnede "tweede betalingsaanvraag, vermeld in artikel 26" vervangen door de zinsnede "vestiging, vermeld in artikel 22";
2° aan het tweede lid, 1°, b), wordt de zinsnede "en het percentage aandelen of bedrijfsbekleding in het bedrijf op het moment van de vestiging, vermeld in artikel 22" toegevoegd;
3° aan het tweede lid, 1°, wordt een punt d) toegevoegd, dat luidt als volgt:
"d) het percentage aandelen of roerende bedrijfsbekleding in het bedrijf op het moment van de tweede betalingsaanvraag, vermeld in artikel 26.".
Art. 53. Dans l'article 23 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans l'alinéa 2, 1°, a), le membre de phrase " la deuxième demande de paiement, visée à l'article 26 " est remplacé par le membre de phrase " l'installation, visée à l'article 22 " ;
2° l'alinéa 2, 1°, b), est complété par le membre de phrase " et le pourcentage de parts ou d'équipement d'une entreprise agricole dans l'entreprise au moment de l'installation, visée à l'article 22 " ;
3° l'alinéa 2, 1°, est complété par un point d) ainsi rédigé :
" d) le pourcentage de parts ou de l'équipement mobilier d'une entreprise agricole au moment de la deuxième demande de paiement, visée à l'article 26. ".
1° dans l'alinéa 2, 1°, a), le membre de phrase " la deuxième demande de paiement, visée à l'article 26 " est remplacé par le membre de phrase " l'installation, visée à l'article 22 " ;
2° l'alinéa 2, 1°, b), est complété par le membre de phrase " et le pourcentage de parts ou d'équipement d'une entreprise agricole dans l'entreprise au moment de l'installation, visée à l'article 22 " ;
3° l'alinéa 2, 1°, est complété par un point d) ainsi rédigé :
" d) le pourcentage de parts ou de l'équipement mobilier d'une entreprise agricole au moment de la deuxième demande de paiement, visée à l'article 26. ".
Art. 54. In artikel 25, tweede lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt aan het punt 2° de zinsnede ", of een notariële schenkingsakte" toegevoegd.
Art. 54. Dans l'article 25, alinéa 2, du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, le point 2° est complété par le membre de phrase " , ou un acte de donation notarié ".
Art. 55. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 4/1, dat bestaat uit artikel 30/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 4/1. Openbaarmaking
Art. 30/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 4/1. Openbaarmaking
Art. 30/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 55. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 4/1, comprenant l'article 30/1 rédigé comme suit :
" Chapitre 4/1. Publicité
Art. 30/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 4/1. Publicité
Art. 30/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Art. 56. In artikel 31, derde lid, 3°, van hetzelfde besluit worden de woorden "in geval van overname" opgeheven.
Art. 56. Dans l'article 31, alinéa 3, 3°, du même arrêté, les mots " dans le cas d'une reprise " sont abrogés.
Art. 57. In artikel 32, tweede lid, 2°, wordt tussen de woorden "ter plaatse" en de woorden "die plaatsvinden" de zinsnede ", bij de begunstigde en relevante derden," ingevoegd.
Art. 57. Dans l'article 32, alinéa 2, 2°, entre les mots " sur place " et les mots " qui ont lieu ", il est inséré le membre de phrase ", chez le bénéficiaire et des tiers pertinents, ".
Afdeling 23. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid
Section 23. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant des prescriptions pour le paiement direct aux agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune
Art. 58. In het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot vaststelling van de voorschriften voor de rechtstreekse betalingen aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 9/1, dat bestaat uit artikel 98/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 9/1. Openbaarmaking
Art. 98/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 9/1. Openbaarmaking
Art. 98/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 58. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 établissant des prescriptions pour le paiement direct aux agriculteurs dans le cadre de la politique agricole commune, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 9/1, comprenant l'article 98/1, rédigé comme suit :
" Chapitre 9/1. Publicité
" Art. 98/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 9/1. Publicité
" Art. 98/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 24. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot toekenning van subsidies voor sensibiliseringsacties om duurzame landbouw te bevorderen
Section 24. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 relatif au subventionnement d'actions sensibilisatrices pour la promotion d'une agriculture durable
Art. 59. Aan artikel 11, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 tot toekenning van subsidies voor sensibiliseringsacties om duurzame landbouw te bevorderen wordt een punt e) toegevoegd, dat luidt als volgt:
"e) het ondernemingsnummer;".
"e) het ondernemingsnummer;".
Art. 59. L'article 11, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 relatif au subventionnement d'actions sensibilisatrices pour la promotion d'une agriculture durable, est complété par un point e), rédigé comme suit :
" e) le numéro d'entreprise ; ".
" e) le numéro d'entreprise ; ".
Art. 60. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 10/1, dat bestaat uit artikel 24/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 10/1. Openbaarmaking
Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 10/1. Openbaarmaking
Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 60. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 10/1, comprenant l'article 24/1 rédigé comme suit :
" Chapitre 10/1. Publicité
Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 10/1. Publicité
Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 25. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 over de subsidiëring van operationele groepen in het kader van het Europees Innovatiepartnerschap voor productiviteit en duurzaamheid in de landbouw
Section 25. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 relatif au subventionnement de groupes opérationnels dans le cadre du partenariat européen d'innovation pour la productivité et le développement durable de l'agriculture
Art. 61. Aan artikel 15, eerste lid, 2°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2023 over de subsidiëring van operationele groepen in het kader van het Europees Innovatiepartnerschap voor productiviteit en duurzaamheid in de landbouw wordt een punt e) toegevoegd, dat luidt als volgt:
"e) het ondernemingsnummer;".
"e) het ondernemingsnummer;".
Art. 61. L'article 15, alinéa 1er, 2°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2023 relatif au subventionnement de groupes opérationnels dans le cadre du partenariat européen d'innovation pour la productivité et le développement durable de l'agriculture, est complété par un point e), rédigé comme suit :
" e) le numéro d'entreprise ; ".
" e) le numéro d'entreprise ; ".
Art. 62. In artikel 39 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het tweede lid wordt de zinsnede ", vermeld in artikel 19ter van verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard, van toepassing" vervangen door de zinsnede "van toepassing, vermeld in artikel 40 van verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard, gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie L327 van 21 december 2022, blz. 1-81, met inbegrip van de latere wijzigingen";
2° tussen het tweede en derde lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"De steunmaatregel voldoet aan de volgende voorwaarden en aan alle andere voorwaarden, vermeld in hoofdstuk I en hoofdstuk II van de voormelde verordening (EU) nr. 2022/2472:
1° overeenkomstig artikel 1, lid 1, van de voormelde verordening (EU) 2022/2472 wordt de steun verstrekt aan kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (kmo's);
2° de steun is transparant overeenkomstig artikel 5, lid 3, a), van de voormelde verordening (EU) 2022/2472.";
3° in het bestaande derde lid, dat het vierde lid wordt, wordt de zinsnede "artikel 19ter, van de voormelde verordening (EU) nr. 651/2014" vervangen door de zinsnede "artikel 40 van de voormelde verordening (EU) 2022/2472".
1° in het tweede lid wordt de zinsnede ", vermeld in artikel 19ter van verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard, van toepassing" vervangen door de zinsnede "van toepassing, vermeld in artikel 40 van verordening (EU) 2022/2472 van de Commissie van 14 december 2022 waarbij bepaalde categorieën steun in de landbouw- en de bosbouwsector en in plattelandsgebieden op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie met de interne markt verenigbaar worden verklaard, gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie L327 van 21 december 2022, blz. 1-81, met inbegrip van de latere wijzigingen";
2° tussen het tweede en derde lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"De steunmaatregel voldoet aan de volgende voorwaarden en aan alle andere voorwaarden, vermeld in hoofdstuk I en hoofdstuk II van de voormelde verordening (EU) nr. 2022/2472:
1° overeenkomstig artikel 1, lid 1, van de voormelde verordening (EU) 2022/2472 wordt de steun verstrekt aan kleine, middelgrote en micro-ondernemingen (kmo's);
2° de steun is transparant overeenkomstig artikel 5, lid 3, a), van de voormelde verordening (EU) 2022/2472.";
3° in het bestaande derde lid, dat het vierde lid wordt, wordt de zinsnede "artikel 19ter, van de voormelde verordening (EU) nr. 651/2014" vervangen door de zinsnede "artikel 40 van de voormelde verordening (EU) 2022/2472".
Art. 62. A l'article 39 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans l'alinéa 2, le membre de phrase " visées à l'article 19ter du règlement (UE) n° 651/2014 de la Commission du 17 juin 2014 déclarant certaines catégories d'aides compatibles avec le marché intérieur en application des articles 107 et 108 du traité " est remplacé par le membre de phrase " d'application, visées à l'article 40 du règlement (UE) 2022/2472 de la Commission du 14 décembre 2022 déclarant certaines catégories d'aides, dans les secteurs agricole et forestier et dans les zones rurales, compatibles avec le marché intérieur, en application des articles 107 et 108 du traité sur le fonctionnement de l'Union européenne, publié au Journal officiel de l'Union européenne L327 du 21 décembre 2022, pages 1-81, y compris les modifications ultérieures " ;
2° entre les alinéas 2 et 3, il est inséré un alinéa, rédigé comme suit :
" La mesure d'aide remplit les conditions suivantes et toutes les autres conditions énoncées aux chapitres Ier et II du règlement précité (UE) n° 2022/2472 :
1° conformément à l'article 1er, paragraphe 1er du règlement précité (UE) 2022/2472, l'aide est accordée aux micro-entreprises et aux petites et moyennes entreprises (SME) ;
2° l'aide est transparente conformément à l'article 5, paragraphe 3, a) du règlement précité (UE) 2022/2472. " ;
3° dans l'alinéa 3 existant, qui devient l'alinéa 4, le membre de phrase " l'article 19ter du règlement (UE) n° 651/2014 précité " est remplacé par le membre de phrase " l'article 40 du règlement (UE) 2022/2472 précité ".
1° dans l'alinéa 2, le membre de phrase " visées à l'article 19ter du règlement (UE) n° 651/2014 de la Commission du 17 juin 2014 déclarant certaines catégories d'aides compatibles avec le marché intérieur en application des articles 107 et 108 du traité " est remplacé par le membre de phrase " d'application, visées à l'article 40 du règlement (UE) 2022/2472 de la Commission du 14 décembre 2022 déclarant certaines catégories d'aides, dans les secteurs agricole et forestier et dans les zones rurales, compatibles avec le marché intérieur, en application des articles 107 et 108 du traité sur le fonctionnement de l'Union européenne, publié au Journal officiel de l'Union européenne L327 du 21 décembre 2022, pages 1-81, y compris les modifications ultérieures " ;
2° entre les alinéas 2 et 3, il est inséré un alinéa, rédigé comme suit :
" La mesure d'aide remplit les conditions suivantes et toutes les autres conditions énoncées aux chapitres Ier et II du règlement précité (UE) n° 2022/2472 :
1° conformément à l'article 1er, paragraphe 1er du règlement précité (UE) 2022/2472, l'aide est accordée aux micro-entreprises et aux petites et moyennes entreprises (SME) ;
2° l'aide est transparente conformément à l'article 5, paragraphe 3, a) du règlement précité (UE) 2022/2472. " ;
3° dans l'alinéa 3 existant, qui devient l'alinéa 4, le membre de phrase " l'article 19ter du règlement (UE) n° 651/2014 précité " est remplacé par le membre de phrase " l'article 40 du règlement (UE) 2022/2472 précité ".
Art. 63. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 10/1, dat bestaat uit artikel 27/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 10/1. Openbaarmaking
Art. 27/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 10/1. Openbaarmaking
Art. 27/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 63. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 10/1, comprenant l'article 27/1 rédigé comme suit :
" Chapitre 10/1. Publicité
Art. 27/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 10/1. Publicité
Art. 27/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 26. - Wijzigingen aan het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juni 2023 tot vaststelling van de werking en het beheer van het Financieringsinstrument voor de Vlaamse visserij- en aquacultuursector (FIVA) en de verrichtingen die voor steun vanuit FIVA en EFMZVA in aanmerking komen
Section 26. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juin 2023 réglant le fonctionnement et la gestion de l'instrument de financement destiné au secteur flamand de la pêche et d'aquaculture (FIVA), et les opérations éligibles à l'aide du FIVA et du FEAMPA
Art. 64. Aan artikel 4, § 1, eerste lid, 14°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juni 2023 tot vaststelling van de werking en het beheer van het Financieringsinstrument voor de Vlaamse visserij- en aquacultuursector (FIVA) en de verrichtingen die voor steun vanuit FIVA en EFMZVA in aanmerking komen, worden de woorden "en coöperatieve vennootschappen waarvan minstens 60% van de vennoten een of meer visveilingen uitbaten en de operationele werking van die visveilingen effectief verzekeren, waarvan minstens 30% van de vennoten een publieke entiteit is en die de exploitatie van visveilingen in hun statuten ingeschreven hebben" toegevoegd.
Art. 64. L'article 4, § 1er, alinéa 1er, 14°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juin 2023 réglant le fonctionnement et la gestion de l'instrument de financement destiné au secteur flamand de la pêche et d'aquaculture (FIVA), et les opérations éligibles à l'aide du FIVA et du FEAMPA, est complété par le membre de phrase " et des sociétés coopératives dont au moins 60 % des associés exploitent une ou plusieurs criées et assurent effectivement le fonctionnement opérationnel de ces criées, dont au moins 30 % des associés sont une entité publique et qui ont inscrit l'exploitation de criées dans leurs statuts ".
Art. 65. In artikel 14 van het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juni 2023 tot vaststelling van de werking en het beheer van het Financieringsinstrument voor de Vlaamse visserij- en aquacultuursector (FIVA) en de verrichtingen die voor steun vanuit FIVA en EFMZVA in aanmerking komen, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid wordt de zinsnede "artikel 21, lid 2, e)" vervangen door de zinsnede "artikel 21, lid 2";
2° in het tweede lid wordt in punt 3° tussen het woord "modaliteiten" en het woord "waaronder" de woorden "en voorwaarden" ingevoegd.
1° in het eerste lid wordt de zinsnede "artikel 21, lid 2, e)" vervangen door de zinsnede "artikel 21, lid 2";
2° in het tweede lid wordt in punt 3° tussen het woord "modaliteiten" en het woord "waaronder" de woorden "en voorwaarden" ingevoegd.
Art. 65. A l'article 14 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juin 2023 réglant le fonctionnement et la gestion de l'instrument de financement destiné au secteur flamand de la pêche et d'aquaculture (FIVA), et les opérations éligibles à l'aide du FIVA et du FEAMPA, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans l'alinéa 1er, le membre de phrase " l'article 21, alinéa 2, e) " est remplacé par le membre de phrase " l'article 21, alinéa 2 " ;
2° dans l'alinéa 2, au point 3°, entre le mot " modalités " et le mot " selon ", les mots " et conditions " sont insérés.
1° dans l'alinéa 1er, le membre de phrase " l'article 21, alinéa 2, e) " est remplacé par le membre de phrase " l'article 21, alinéa 2 " ;
2° dans l'alinéa 2, au point 3°, entre le mot " modalités " et le mot " selon ", les mots " et conditions " sont insérés.
Art. 66. In artikel 19, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit, wordt het punt 3° opgeheven.
Art. 66. Dans l'article 19, § 1er, alinéa 1er, du même arrêté, le point 3° est abrogé.
Art. 66/1. In artikel 26, § 4, van hetzelfde besluit wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"In afwijking van het eerste lid is de financiële bijdrage vanuit EFMZVA voor een project als vermeld in dit artikel waarvan de steunaanvraag wordt ingediend voor 31 december 2023, begrensd op 480.000 euro per project.".
"In afwijking van het eerste lid is de financiële bijdrage vanuit EFMZVA voor een project als vermeld in dit artikel waarvan de steunaanvraag wordt ingediend voor 31 december 2023, begrensd op 480.000 euro per project.".
Art. 66/1. Dans l'article 26, § 4, du même arrêté, il est inséré entre les premier et deuxième alinéas un alinéa ainsi rédigé :
" Par dérogation à l'alinéa 1er, la contribution financière du FEAMPA à un projet tel que visé à cet article, dont la demande d'aide est introduite avant le 31 décembre 2023, est limitée à 480 000 euros par projet. ".
" Par dérogation à l'alinéa 1er, la contribution financière du FEAMPA à un projet tel que visé à cet article, dont la demande d'aide est introduite avant le 31 décembre 2023, est limitée à 480 000 euros par projet. ".
Art. 67. In artikel 32 van hetzelfde besluit wordt paragraaf 5 vervangen door wat volgt:
" § 5. De steunintensiteit voor een project als vermeld in paragraaf 1, wordt bepaald als volgt:
1° conform artikel 35, § 2, indien de aanvrager een coöperatieve vennootschap is waarvan minstens 60% van de vennoten een of meer visveilingen uitbaten en de operationele werking van die visveilingen effectief verzekeren, waarvan minstens 30% van de vennoten een publieke entiteit is en waarbij de exploitatie van visveilingen in de statuten ingeschreven staat;
2° conform artikel 35, § 3, indien de aanvrager een rechtspersoon is die een of meer visveilingen uitbaat en de operationele werking van die visveilingen effectief verzekert;
3° conform artikel 35, § 4, 1°, voor een aanvrager vermeld in artikel 4, § 1, eerste lid, 16°. ".
" § 5. De steunintensiteit voor een project als vermeld in paragraaf 1, wordt bepaald als volgt:
1° conform artikel 35, § 2, indien de aanvrager een coöperatieve vennootschap is waarvan minstens 60% van de vennoten een of meer visveilingen uitbaten en de operationele werking van die visveilingen effectief verzekeren, waarvan minstens 30% van de vennoten een publieke entiteit is en waarbij de exploitatie van visveilingen in de statuten ingeschreven staat;
2° conform artikel 35, § 3, indien de aanvrager een rechtspersoon is die een of meer visveilingen uitbaat en de operationele werking van die visveilingen effectief verzekert;
3° conform artikel 35, § 4, 1°, voor een aanvrager vermeld in artikel 4, § 1, eerste lid, 16°. ".
Art. 67. Dans l'article 32 du même arrêté, le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit :
" § 5. L'intensité de l'aide pour un projet tel que visé au paragraphe 1er, est déterminé comme suit :
1° conformément à l'article 35, § 2, si le demandeur est une société coopérative dont au moins 60 % des associés exploitent une ou plusieurs criées et assurent effectivement le fonctionnement opérationnel de ces criées, dont au moins 30 % des associés sont une entité publique et qui ont inscrit l'exploitation de criées dans leurs statuts ;
2° conformément à l'article 35, § 3, si le demandeur est une personne morale qui exploite une ou plusieurs criées et assure effectivement le fonctionnement opérationnel de ces criées ;
3° conformément à l'article 35, § 4, 1°, pour un demandeur, visé à l'article 4, § 1er, alinéa 1er, 16°. ".
" § 5. L'intensité de l'aide pour un projet tel que visé au paragraphe 1er, est déterminé comme suit :
1° conformément à l'article 35, § 2, si le demandeur est une société coopérative dont au moins 60 % des associés exploitent une ou plusieurs criées et assurent effectivement le fonctionnement opérationnel de ces criées, dont au moins 30 % des associés sont une entité publique et qui ont inscrit l'exploitation de criées dans leurs statuts ;
2° conformément à l'article 35, § 3, si le demandeur est une personne morale qui exploite une ou plusieurs criées et assure effectivement le fonctionnement opérationnel de ces criées ;
3° conformément à l'article 35, § 4, 1°, pour un demandeur, visé à l'article 4, § 1er, alinéa 1er, 16°. ".
Art. 68. In artikel 35, § 2, van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "en 31" vervangen door de zinsnede ", 31 en 32".
Art. 68. Dans l'article 35, § 2, du même arrêté, le membre de phrase " et 31 " est remplacé par le membre de phrase " , 31 et 32 ".
Art. 69. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 17 november 2023, wordt een titel 8/1, dat bestaat uit artikel 54/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Titel 8/1. Openbaarmaking
Art. 54/1. De beheerautoriteit bepaalt op welke wijze gevolg wordt gegeven aan de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13° en desgevallend ook in artikel 76/2, tweede lid, 2° van het decreet houdende de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Titel 8/1. Openbaarmaking
Art. 54/1. De beheerautoriteit bepaalt op welke wijze gevolg wordt gegeven aan de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13° en desgevallend ook in artikel 76/2, tweede lid, 2° van het decreet houdende de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 69. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 17 novembre 2023, il est inséré un titre 8/1, comprenant l'article 54/1, rédigé comme suit :
" Titre 8/1. Publicité
" Art. 54/1. L'autorité de gestion détermine de quelle manière il est donné suite à l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et le cas échéant également à l'article 76/2, alinéa 2, 2°, du décret relatif au Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Titre 8/1. Publicité
" Art. 54/1. L'autorité de gestion détermine de quelle manière il est donné suite à l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et le cas échéant également à l'article 76/2, alinéa 2, 2°, du décret relatif au Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 27. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juli 2023 houdende maatregelen voor de verbetering van de productie en afzet van producten van de bijenteelt
Section 27. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 juillet 2023 portant des actions visant à améliorer les conditions de la production et de la commercialisation des produits de l'apiculture
Art. 70. In artikel 23 van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 juli 2023 houdende maatregelen voor de verbetering van de productie en afzet van producten van de bijenteelt wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
"In geval van financiering uit het Europees Landbouwgarantiefonds geven de begunstigden blijk van de ontvangen financiële steun door de verplichtingen, vermeld in artikel 123, lid 2, j), van verordening (EU) 2021/2115 en de uitvoeringsbepalingen ervan, na te leven.".
"In geval van financiering uit het Europees Landbouwgarantiefonds geven de begunstigden blijk van de ontvangen financiële steun door de verplichtingen, vermeld in artikel 123, lid 2, j), van verordening (EU) 2021/2115 en de uitvoeringsbepalingen ervan, na te leven.".
Art. 70. Dans l'article 23 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 7 juillet 2023 portant des actions visant à améliorer les conditions de la production et de la commercialisation des produits de l'apiculture, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" En cas de financement au titre du Fonds européen agricole de garantie, les bénéficiaires font mention de l'aide financière reçue en respectant les obligations visées à l'article 123, paragraphe 2, j), du règlement (UE) 2021/2115 et ses modalités d'application. ".
" En cas de financement au titre du Fonds européen agricole de garantie, les bénéficiaires font mention de l'aide financière reçue en respectant les obligations visées à l'article 123, paragraphe 2, j), du règlement (UE) 2021/2115 et ses modalités d'application. ".
Art. 71. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 8/1, dat bestaat uit artikel 24/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 8/1. Openbaarmaking
Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 8/1. Openbaarmaking
Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 71. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 8/1, comprenant l'article 24/1 rédigé comme suit :
" Chapitre 8/1. Publicité
Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 8/1. Publicité
Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 28. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 oktober 2023 over steun voor investeringen voor duurzame verwerking en afzet van landbouwproducten
Section 28. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 octobre 2023 relatif à l'aide aux investissements pour la transformation et la mise en vente durables de produits agricoles
Art. 72. In het besluit van de Vlaamse Regering van 6 oktober 2023 over steun voor investeringen voor duurzame verwerking en afzet van landbouwproducten, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 12/1, dat bestaat uit artikel 24/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 12/1. Openbaarmaking
{Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 12/1. Openbaarmaking
{Art. 24/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 72. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 octobre 2023 relatif à l'aide aux investissements pour la transformation et la mise en vente durables de produits agricoles, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 12/1, comprenant un article 24/1, rédigé comme suit :
" Chapitre 12/1. Publicité
Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 12/1. Publicité
Art. 24/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 29. - Wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 oktober 2023 over de steun voor de opstart van of de omschakeling naar een toekomstgerichte duurzame ondernemingsstrategie op een landbouwbedrijf
Section 29. - Modification de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 octobre 2023 concernant l'aide au démarrage ou à la conversion en une stratégie d'entreprise durable tournée vers l'avenir d'une exploitation agricole
Art. 73. In het besluit van de Vlaamse Regering van 6 oktober 2023 over de steun voor de opstart van of de omschakeling naar een toekomstgerichte duurzame ondernemingsstrategie op een landbouwbedrijf, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 9/1, dat bestaat uit artikel 14/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 9/1. Openbaarmaking
Art. 14/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13° van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 9/1. Openbaarmaking
Art. 14/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13° van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 73. Dans l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 octobre 2023 concernant l'aide au démarrage ou à la conversion en une stratégie d'entreprise durable tournée vers l'avenir d'une exploitation agricole, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 9/1, comprenant l'article 14/1, rédigé comme suit :
" Chapitre 9/1. Publicité
Art. 14/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 9/1. Publicité
Art. 14/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
Afdeling 30. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 oktober 2023 tot toekenning van steun voor de uitwisseling van kennis en verspreiding van informatie in de landbouwsector
Section 30. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 octobre 2023 octroyant une aide en faveur de l'échange de connaissances et de la diffusion d'informations dans le secteur agricole
Art. 74. In artikel 48 van het besluit van de Vlaamse Regering van 6 oktober 2023 tot toekenning van steun voor de uitwisseling van kennis en verspreiding van informatie in de landbouwsector, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° aan het eerste lid wordt een punt 4° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"4° de vorming wordt gegeven door een lesgever die in het bezit is van een fytolicentie P3, of door een lesgever in een instelling voor basisonderwijs, secundair onderwijs, hoger onderwijs, volwassenenonderwijs of deeltijds kunstonderwijs die door de Vlaamse Gemeenschap is erkend, gefinancierd of gesubsidieerd, of in centra voor vorming van zelfstandigen en kleine en middelgrote ondernemingen, wat de leertijd betreft.";
2° tussen het eerste en het tweede lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"De bevoegde entiteit kan een afwijking toestaan van de voorwaarde, vermeld in het eerste lid, 4°, voor onderwerpen die niet gelinkt zijn aan de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen. In het voormelde geval bezorgt het algemeen vormingscentrum een motivering aan de bevoegde entiteit en beslist de bevoegde entiteit over het toestaan van de afwijking. De voormelde onderwerpen kunnen gegeven worden door experten in het thema in kwestie.".
1° aan het eerste lid wordt een punt 4° toegevoegd, dat luidt als volgt:
"4° de vorming wordt gegeven door een lesgever die in het bezit is van een fytolicentie P3, of door een lesgever in een instelling voor basisonderwijs, secundair onderwijs, hoger onderwijs, volwassenenonderwijs of deeltijds kunstonderwijs die door de Vlaamse Gemeenschap is erkend, gefinancierd of gesubsidieerd, of in centra voor vorming van zelfstandigen en kleine en middelgrote ondernemingen, wat de leertijd betreft.";
2° tussen het eerste en het tweede lid wordt een lid ingevoegd, dat luidt als volgt:
"De bevoegde entiteit kan een afwijking toestaan van de voorwaarde, vermeld in het eerste lid, 4°, voor onderwerpen die niet gelinkt zijn aan de toepassing van gewasbeschermingsmiddelen. In het voormelde geval bezorgt het algemeen vormingscentrum een motivering aan de bevoegde entiteit en beslist de bevoegde entiteit over het toestaan van de afwijking. De voormelde onderwerpen kunnen gegeven worden door experten in het thema in kwestie.".
Art. 74. A l'article 48 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 octobre 2023 octroyant une aide en faveur de l'échange de connaissances et de la diffusion d'informations dans le secteur agricole, les modifications suivantes sont apportées :
1° l'alinéa 1er est complété par un point 4°, rédigé comme suit :
" 4° la formation est dispensée par un enseignant en possession d'une phytolicence P3 ou par un enseignant dans un établissement d'enseignement fondamental, d'enseignement secondaire, d'enseignement supérieur, d'éducation des adultes ou d'enseignement artistique à temps partiel agréé, financé ou subventionné par la Communauté flamande ou dans des centres de formation des indépendants et des petites et moyennes entreprises, en ce qui concerne l'apprentissage. " ;
2° entre les alinéas 1er et 2, il est inséré un alinéa rédigé comme suit :
" L'entité compétente peut accorder une dérogation à la condition visée à l'alinéa 1er, 4°, pour les matières qui ne sont pas liées à l'application de produits phytopharmaceutiques. Dans le cas précité, le centre général de formation transmet une motivation à l'entité compétente, laquelle statue sur l'octroi de la dérogation. Les matières précitées peuvent être données par des experts du thème en question. ".
1° l'alinéa 1er est complété par un point 4°, rédigé comme suit :
" 4° la formation est dispensée par un enseignant en possession d'une phytolicence P3 ou par un enseignant dans un établissement d'enseignement fondamental, d'enseignement secondaire, d'enseignement supérieur, d'éducation des adultes ou d'enseignement artistique à temps partiel agréé, financé ou subventionné par la Communauté flamande ou dans des centres de formation des indépendants et des petites et moyennes entreprises, en ce qui concerne l'apprentissage. " ;
2° entre les alinéas 1er et 2, il est inséré un alinéa rédigé comme suit :
" L'entité compétente peut accorder une dérogation à la condition visée à l'alinéa 1er, 4°, pour les matières qui ne sont pas liées à l'application de produits phytopharmaceutiques. Dans le cas précité, le centre général de formation transmet une motivation à l'entité compétente, laquelle statue sur l'octroi de la dérogation. Les matières précitées peuvent être données par des experts du thème en question. ".
Art. 75. In artikel 57 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het tweede lid, punt 3° wordt de zinsnede "22 uur" vervangen door de zinsnede "23 uur";
2° in het derde lid worden de woorden "één uur" vervangen door de woorden "een half uur".
1° in het tweede lid, punt 3° wordt de zinsnede "22 uur" vervangen door de zinsnede "23 uur";
2° in het derde lid worden de woorden "één uur" vervangen door de woorden "een half uur".
Art. 75. A l'article 57 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° dans l'alinéa 2, point 3°, le membre de phrase " 22 h " est remplacé par le membre de phrase " 23 h " ;
2° dans l'alinéa 3, les mots " d'une heure " sont remplacés par les mots " d'une demi-heure ".
1° dans l'alinéa 2, point 3°, le membre de phrase " 22 h " est remplacé par le membre de phrase " 23 h " ;
2° dans l'alinéa 3, les mots " d'une heure " sont remplacés par les mots " d'une demi-heure ".
Art. 76. Aan artikel 82, eerste lid, 1°, van hetzelfde besluit worden een punt e) en f) toegevoegd, die luiden als volgt:
"e) het ondernemingsnummer;
f) het registratienummer bij de kmo-portefeuille;".
"e) het ondernemingsnummer;
f) het registratienummer bij de kmo-portefeuille;".
Art. 76. L'article 82, alinéa 1er, 1°, du même arrêté, est complété par des points e) et f), rédigés comme suit :
" e) le numéro d'entreprise ;
f) le numéro d'enregistrement auprès du portefeuille PME ; ".
" e) le numéro d'entreprise ;
f) le numéro d'enregistrement auprès du portefeuille PME ; ".
Art. 77. In artikel 91, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "en het saldo" opgeheven.
Art. 77. Dans l'article 91, alinéa 2, du même arrêté, les mots " et le solde " sont abrogés et le mot " visés " est remplacé par le mot " visé ".
Art. 78. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 26 januari 2024, wordt een hoofdstuk 7/1, dat bestaat uit artikel 112/1, ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Hoofdstuk 7/1. Openbaarmaking
Art. 112/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en het tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
"Hoofdstuk 7/1. Openbaarmaking
Art. 112/1. De bevoegde entiteit regelt de uitvoering van de verplichting tot openbaarmaking, vermeld in artikel 76/2, eerste lid, 13°, en het tweede lid, 2°, van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019.".
Art. 78. Dans le même arrêté, modifié par l'arrêté du 26 janvier 2024, il est inséré un chapitre 7/1, comprenant l'article 112/1 rédigé comme suit :
" Chapitre 7/1. Publicité
Art. 112/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
" Chapitre 7/1. Publicité
Art. 112/1. L'entité compétente règle l'exécution de l'obligation de publication, visée à l'article 76/2, alinéa 1er, 13°, et alinéa 2, 2°, du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019. ".
HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen
CHAPITRE 3. - Dispositions finales
Art. 79. Het artikel 1 heeft uitwerking met ingang van 1 december 2024.
Het artikel 6/1 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2022.
De artikelen 39 tot en met 43, hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2024.
Het artikel 66/1 heeft uitwerking met ingang van 21 september 2023.
Het artikel 6/1 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2022.
De artikelen 39 tot en met 43, hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2024.
Het artikel 66/1 heeft uitwerking met ingang van 21 september 2023.
Art. 79. L'article 1er produit ses effets à compter du 1er décembre 2024.
L'article 6/1 produit ses effets à compter du 1er janvier 2022.
Les articles 39 à 43 produisent leurs effets à compter du 1er janvier 2024.
L'article 66/1 produit ses effets à compter du 21 septembre 2023.
L'article 6/1 produit ses effets à compter du 1er janvier 2022.
Les articles 39 à 43 produisent leurs effets à compter du 1er janvier 2024.
L'article 66/1 produit ses effets à compter du 21 septembre 2023.
Art. 80. De Vlaamse minister, bevoegd voor de landbouw, is belast met de uitvoering van dit besluit, met uitzondering van afdeling 5 en 26 van hoofdstuk 2 van dit besluit.
De Vlaamse minister, bevoegd voor de zeevisserij, is belast met de uitvoering van afdeling 5 en 26 van hoofdstuk 2 van dit besluit.
De Vlaamse minister, bevoegd voor de zeevisserij, is belast met de uitvoering van afdeling 5 en 26 van hoofdstuk 2 van dit besluit.
Art. 80. Le ministre flamand qui a l'agriculture dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté, à l'exception des sections 5 et 26 du chapitre 2 du présent arrêté.
Le ministre flamand qui a la pêche maritime dans ses attributions est chargé de l'exécution des sections 5 et 26 du chapitre 2 du présent arrêté.
Le ministre flamand qui a la pêche maritime dans ses attributions est chargé de l'exécution des sections 5 et 26 du chapitre 2 du présent arrêté.