Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
26 APRIL 2024. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, wat betreft de financiering harmonisering van de sociale huurprijsberekening, het stelsel van de bijzondere sociale leningen en de invoering van een intern auditcomité bij de woonmaatschappijen
Titre
26 AVRIL 2024. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant l'arrĂȘtĂ© du Code flamand du Logement de 2021, concernant le financement de l'harmonisation du calcul du loyer social, le rĂ©gime des prĂȘts sociaux spĂ©ciaux et l'introduction d'un comitĂ© d'audit interne dans les sociĂ©tĂ©s de logement
Documentinformatie
Numac: 2024006414
Datum: 2024-04-26
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2024006414
Date: 2024-04-26
Moniteur: Voir
Tekst (9)
Texte (9)
Artikel 1. In artikel 1.2, eerste lid, van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 9 februari 2024, wordt punt 65° vervangen door wat volgt:
"65° intern auditcomité: een comité dat als opdracht heeft het bestuursorgaan bij te staan in zijn toezichtfunctie, in het bijzonder bij:
a) de controle van de financiële informatie zoals de jaarrekening, het jaarverslag en de tussentijdse financiële rapportering;
b) de controle van de naleving van de toepasselijke wetten en reglementen, het systeem van interne controle, het risicobeheer;
c) de controle op het zuinige en doelmatige gebruik van financiële middelen;".
Article 1er. Dans l'article 1.2, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© Code flamand du Logement de 2021, modifiĂ© en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 9 fĂ©vrier 2024, le point 65° est remplacĂ© par ce qui suit :
" 65° comité d'audit interne : un comité qui a pour mission d'assister l'organe d'administration dans sa fonction de contrÎle, en particulier lors :
a) du contrÎle des informations financiÚres telles que les comptes annuels, le rapport annuel et les rapports financiers intermédiaires ;
b) du contrĂŽle du respect des lois et rĂšglements applicables, du systĂšme de contrĂŽle interne et de la gestion des risques ;
c) du contrÎle de l'utilisation économe et efficace des ressources financiÚres ; ".
Art. 2. Artikel 4.77 van hetzelfde besluit, opgeheven door het besluit van de Vlaamse Regering van 10 november 2022, wordt opnieuw opgenomen in de volgende lezing:
"Art. 4.77. De woonmaatschappijen financieren het Solidariseringsfonds, vermeld in artikel 4.46/1/1 van de Vlaamse Codex Wonen van 2021, met een jaarlijkse toelage die wordt berekend als een percentage van de theoretische huurinkomsten, vermeld in artikel 5.75, § 1, eerste en tweede lid, van dit besluit. De VMSW stelt het percentage vast zodat het totale geïnde bedrag de meerkosten benadert die voortvloeien uit de hervorming van de huursubsidie voor huurders van ingehuurde sociale woningen door het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2023 tot wijziging van het Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021, wat betreft de sociale huurprijsberekening en huursubsidie voor huurders van ingehuurde sociale woningen. De VMSW neemt de overeenkomstige bedragen ambtshalve van de rekening-courant van de woonmaatschappijen en stort die in het Solidariseringsfonds.
De VSMW stort de financiële middelen binnen het Solidariseringsfonds, vermeld in het eerste lid, door naar het Vlaamse Gewest.".
Art. 2. L'article 4.77 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, abrogĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 10 novembre 2022, est rĂ©tabli dans la rĂ©daction suivante :
" Art. 4.77. Les sociĂ©tĂ©s de logement financent le Fonds de solidaritĂ© visĂ© Ă  l'article 4.46/1/1 du Code flamand du Logement de 2021, avec une allocation annuelle calculĂ©e comme un pourcentage des revenus de location thĂ©oriques visĂ©s Ă  l'article 5.75, § 1er, alinĂ©as 1er et 2, du prĂ©sent arrĂȘtĂ©. La VMSW fixe le pourcentage de sorte que le montant total perçu se rapproche des surcoĂ»ts rĂ©sultant de la rĂ©forme de la subvention-loyer pour les locataires de logements sociaux louĂ©s par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 septembre 2023 modifiant l'arrĂȘtĂ© Code flamand du Logement de 2021, en ce qui concerne le calcul du loyer social et la subvention-loyer pour les locataires de logements sociaux louĂ©s. La VMSW prĂ©lĂšve d'office les montants correspondants sur le compte courant des sociĂ©tĂ©s de logement et les verse au Fonds de solidaritĂ©.
La VSMW transfÚre à la Région flamande les moyens financiers au sein du Fonds de solidarité visé à l'alinéa 1er. ".
Art. 3. Aan artikel 4.132 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, wordt een paragraaf 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 2. Elke woonmaatschappij die minstens 5000 sociale huurwoningen in beheer heeft, beschikt over een intern auditcomité.
Het interne auditcomité bestaat uit minimum drie bestuurders waarvan maximum een uitvoerende bestuurder en onder wie een voorzitter, die worden benoemd door het bestuursorgaan. Het interne auditcomité vergadert als het dat noodzakelijk acht om zijn taken naar behoren te vervullen en minstens vier keer per jaar. Het interne auditcomité brengt telkens verslag uit over die vergaderingen aan het bestuursorgaan en rapporteert jaarlijks aan het bestuursorgaan ter voorbereiding van de algemene vergadering.
De leden van het interne auditcomité beschikken samen over de vereiste bekwaamheden en een voldoende graad van onafhankelijkheid ten opzichte van het dagelijks bestuur van de vennootschap.
De bevoegdheden, verantwoordelijkheden, taken en wijze van verslaggeving van het interne auditcomité aan het bestuursorgaan van de woonmaatschappij worden nader omschreven in het auditcharter.
In het vierde lid wordt verstaan onder auditcharter: een handvest waarin de functie, taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden worden omschreven van het interne auditcomité, vastgesteld door het bestuursorgaan van de woonmaatschappij.
Het interne auditcomité heeft toegang tot alle informatie en kan op autonome wijze elk onderzoek laten uitvoeren door een beroep te doen op interne medewerkers en op externe experten.".
Art. 3. L'article 4.132 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 dĂ©cembre 2021, dont le texte actuel formera le paragraphe 1er, est complĂ©tĂ© par un paragraphe 2, rĂ©digĂ© comme suit :
" § 2. Chaque société de logement gérant au moins 5 000 logements locatifs sociaux dispose d'un comité d'audit interne.
Le comité d'audit interne se compose d'un minimum de trois administrateurs, dont maximum un administrateur exécutif, et parmi eux d'un président, désigné par l'organe d'administration. Le comité d'audit interne se réunit chaque fois qu'il le juge nécessaire pour exercer dûment ses fonctions et au moins quatre fois par an. Le comité d'audit interne fait chaque fois rapport de ces réunions à l'organe d'administration et rend compte chaque année à l'organe d'administration en préparation de l'assemblée générale.
Les membres du comité d'audit interne disposent ensemble des compétences requises et d'un degré d'indépendance suffisant à l'égard de la gestion quotidienne de la société.
Les compétences, les responsabilités, les tùches et les modalités de rapportage du comité d'audit interne à l'organe d'administration de la société de logement sont détaillées dans la charte d'audit.
Dans l'alinéa 4, on entend par charte d'audit : une charte définissant la fonction, les tùches, les compétences et les responsabilités du comité d'audit interne, adoptée par l'organe d'administration de la société de logement.
Le comitĂ© d'audit interne a accĂšs Ă  toutes les informations et peut faire procĂ©der de maniĂšre autonome Ă  toute enquĂȘte en faisant appel aux collaborateurs internes et Ă  des experts externes. ".
Art. 4. In artikel 4.144, eerste lid, van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, wordt tussen de woorden "het bestuursorgaan" en de woorden "of van" de zinsnede ", het interne auditcomité" ingevoegd.
Art. 4. Dans l'article 4.144, alinĂ©a 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 dĂ©cembre 2021, le membre de phrase " , le comitĂ© d'audit interne " est insĂ©rĂ© entre les mots " l'organe d'administration " et les mots " ou de l'organe de gestion ".
Art. 5. In artikel 4.160/4, § 1, eerste lid, 5°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, wordt de zinsnede "artikel 4.160/11, tweede lid," vervangen door de zinsnede "artikel 4.37".
Art. 5. Dans l'article 4.160/4, § 1er, alinĂ©a 1er, 5°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 dĂ©cembre 2021, le membre de phrase " l'article 4.160/11, alinĂ©a deux " est remplacĂ© par le membre de phrase " l'article 4.37 ".
Art. 6. In artikel 5.76, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 17 december 2021, 10 november 2022 en 15 september 2023, wordt punt 9° opnieuw opgenomen in de volgende lezing:
"9° de toelage aan het solidariseringsfonds, vermeld in artikel 4.77 van dit besluit;".
Art. 6. Dans l'article 5.76, alinĂ©a 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 17 dĂ©cembre 2021, 10 novembre 2022 et 15 septembre 2023, le point 9° est rĂ©tabli dans la rĂ©daction suivante :
" 9° l'allocation payĂ©e au Fonds de solidaritĂ© visĂ©e Ă  l'article 4.77 du prĂ©sent arrĂȘtĂ© ; ".
Art. 7. Aan artikel 5.124, vierde lid, van hetzelfde besluit, wordt de volgende zin toegevoegd:
"Elke ontlener is of wordt eigenaar van de woning waarop de lening betrekking heeft.".
Art. 7. L'article 5.124, alinĂ©a 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, est complĂ©tĂ© par la phrase suivante :
" Chaque emprunteur est ou devient propriĂ©taire du logement auquel se rapporte le prĂȘt. ".
Art. 8. Artikel 2 en 6 hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2024.
Artikel 1, 3 en 4 treden in werking op 1 januari 2025.
Art. 8. Les articles 2 et 6 produisent leurs effets Ă  compter du 1er janvier 2024.
Les articles 1, 3 et 4 entrent en vigueur le 1er janvier 2025.
Art. 9. De Vlaamse minister, bevoegd voor het woonbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 9. Le ministre flamand qui a la politique du logement dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.