Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
26 APRIL 2024. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2019 betreffende de opleidingscheques voor werknemers
Titre
26 AVRIL 2024. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 mai 2019 relatif aux chĂšques-formation pour travailleurs
Documentinformatie
Numac: 2024006383
Datum: 2024-04-26
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2024006383
Date: 2024-04-26
Moniteur: Voir
Tekst (11)
Texte (11)
Artikel 1. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2019 betreffende de opleidingscheques voor werknemers worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° punt 1° wordt vervangen door wat volgt:
  "1° departement: het Departement Werk en Sociale Economie, vermeld in artikel 29/1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;";
  2° punt 7° wordt opgeheven.
Article 1er. A l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 mai 2019 relatif aux chĂšques-formation pour travailleurs, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° dĂ©partement : le DĂ©partement de l'Emploi et de l'Economie sociale visĂ© Ă  l'article 29/1 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif Ă  l'organisation de l'Administration flamande ; " ;
  2° le point 7° est abrogé.
Art. 2. In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het tweede en derde lid worden vervangen door wat volgt:
  "De werknemer kan per schooljaar voor maximaal honderdvijfentwintig euro opleidingscheques bij het departement aanvragen op voorwaarde dat de werknemer minstens hetzelfde bedrag als persoonlijke bijdrage aan de opleidingsverstrekker betaalt voor de opleidingskosten.
  In afwijking van het tweede lid wordt het maximumbedrag verhoogd tot tweehonderdvijftig euro per schooljaar voor een kort- of middengeschoolde werknemer die een opleiding van minstens niveau 5 van de Vlaamse kwalificatiestructuur als vermeld in artikel 2, 14°, van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur, aanvat.";
  2° er wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "In afwijking van het tweede lid wordt het maximumbedrag verhoogd tot tweehonderdvijftig euro per schooljaar en vervalt de voorwaarde van de betaling van een persoonlijke bijdrage, vermeld in het tweede lid, voor de kortgeschoolde werknemer die een opleiding volgt die minstens aan een van de volgende voorwaarden voldoet:
  1° ze is gericht op basisgeletterdheid, rekenvaardigheid of ICT-basisvaardigheid;
  2° het is een opleiding Nederlands voor anderstaligen;
  3° ze draagt bij tot het behalen van een onderwijs- en beroepskwalificatie tot en met niveau 4 van de Vlaamse kwalificatiestructuur als vermeld in artikel 2, 14°, van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur;
  4° ze is gericht op het aanleren van competenties die deel uitmaken van een knelpuntberoep dat in de lijst van knelpuntberoepen van de VDAB staat.".
Art. 2. A l'article 4 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° les alinéas 2 et 3 sont remplacés par ce qui suit :
  " Le travailleur peut demander auprĂšs du dĂ©partement des chĂšques-formation pour un montant maximum de cent vingt-cinq euros par annĂ©e scolaire, Ă  condition que le travailleur dĂ©pense au moins le mĂȘme montant Ă  titre de contribution personnelle Ă  l'opĂ©rateur de formation pour les frais de formation.
  Par dérogation à l'alinéa 2, le montant maximum est porté à deux cent cinquante euros par année scolaire pour un travailleur de courte ou de moyenne scolarisation qui entame une formation d'au moins le niveau 5 de la structure flamande des certifications visée à l'article 2, 14°, du décret du 30 avril 2009 relatif à la structure des certifications. " ;
  2° il est ajouté un alinéa 4, rédigé comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 2, le montant maximum est porté à deux cent cinquante euros par année scolaire et la condition de paiement d'une contribution personnelle visée à l'alinéa 2, est levée pour le travailleur de courte scolarisation qui suit une formation répondant au moins à l'une des conditions suivantes :
  1° elle vise à développer la littératie de base, l'aptitude au calcul ou les compétences de base en TIC ;
  2° il s'agit d'une formation de néerlandais pour allophones ;
  3° elle contribue à l'obtention d'une qualification d'enseignement et professionnelle jusqu'au niveau 4 de la structure flamande des certifications visée à l'article 2, 14°, du décret du 30 avril 2009 relatif à la structure des certifications ;
  4° elle vise à acquérir des compétences qui font partie d'une profession en pénurie publiée dans la liste des professions en pénurie du VDAB. ".
Art. 3. Artikel 5 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 3. L'article 5 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est abrogĂ©.
Art. 4. In artikel 6 van hetzelfde besluit wordt paragraaf 2 vervangen door wat volgt:
  " § 2. Alle werknemers kunnen de opleidingscheques gebruiken voor opleidingen die zijn opgenomen in een geldig gepersonaliseerd attest dat is opgemaakt in het kader van loopbaanbegeleiding als vermeld in artikel 4, § 2, van het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2013 betreffende de loopbaanbegeleiding.".
Art. 4. Dans l'article 6 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, le paragraphe 2 est remplacĂ© par ce qui suit :
  " § 2. Tous les travailleurs peuvent utiliser les chĂšques-formation pour des formations qui sont reprises dans une attestation personnalisĂ©e valable, Ă©tablie dans le cadre de l'accompagnement de carriĂšre tel que visĂ© Ă  l'article 4, § 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 mai 2013 relatif Ă  l'accompagnement de carriĂšre. ".
Art. 5. In artikel 7 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het eerste lid wordt vervangen door wat volgt:
  "De opleidingscheques zijn voor de werknemer vier maanden geldig vanaf de startdatum van de opleiding en ze worden gebruikt voor de opleiding die erop vermeld staat.";
  2° in het tweede lid, 1°, worden de woorden "zes maanden vanaf de uitgiftedatum" vervangen door de woorden "vier maanden vanaf de startdatum van de opleiding";
  3° in het tweede lid, 3°, worden de woorden "een jaar vanaf de uitgiftedatum indient bij de uitgever ervan" vervangen door de woorden "dertig dagen na de laatste dag van de geldigheidsduur van de opleidingscheques registreert bij het departement";
  4° in het tweede lid, 4°, wordt het woord "inlevert" vervangen door het woord "registreert";
  5° het vierde en vijfde lid worden opgeheven.
Art. 5. A l'article 7 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
  " Les chÚques-formation sont valables pour le travailleur pendant quatre mois à compter de la date de début de la formation et ils sont utilisés pour la formation qui y est mentionnée. " ;
  2° à l'alinéa 2, 1°, les mots " six mois à dater de la date d'émission " sont remplacés par les mots " quatre mois à compter de la date de début de la formation " ;
  3° à l'alinéa 2, 3°, les mots " remis par l'opérateur de formation enregistré auprÚs de l'émetteur dans un délai d'un an à compter de la date d'émission " sont remplacés par les mots " enregistrés auprÚs du département dans un délai de trente jours aprÚs le dernier jour de validité des chÚques-formation " ;
  4° dans l'alinéa 2, 4°, le mot " dépose " est remplacé par le mot " enregistre " ;
  5° les alinéas 4 et 5 sont abrogés.
Art. 6. Artikel 8 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 6. L'article 8 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est abrogĂ©.
Art. 7. Artikel 9 en 10 van hetzelfde besluit worden vervangen door wat volgt:
  "Art. 9. De werknemer vraagt bij het departement de opleidingscheques aan uiterlijk negentig dagen na de startdatum van de opleiding. De werknemer vraagt de opleidingscheques bij het departement aan conform de procedure die het departement daarvoor vastlegt en bekendmaakt.
  "Art. 10. Nadat het departement heeft onderzocht of aan de voorwaarden, vermeld in artikel 4 en 6, is voldaan, levert het departement de opleidingscheques af aan de werknemer. De opleidingscheques vermelden minstens de naam van de werknemer, de opleiding, de startdatum van de opleiding, de naam van de opleidingsverstrekker, de waarde en de geldigheidsduur van de opleidingscheques.".
Art. 7. Les articles 9 et 10 du mĂȘme arrĂȘtĂ© sont remplacĂ©s par ce qui suit :
  " Art. 9. Le travailleur demande les chÚques-formation auprÚs du département au plus tard nonante jours aprÚs la date de début de la formation. Le travailleur demande les chÚques-formation auprÚs du département conformément à la procédure établie et publiée par le département à cet effet.
  " Art. 10. AprÚs avoir examiné si les conditions visées aux articles 4 et 6 sont satisfaites, le département délivre les chÚques-formation au travailleur. Les chÚques-formation indiquent au moins le nom du travailleur, la formation, la date de début de la formation, le nom de l'opérateur de formation, la valeur et la période de validité des chÚques-formation. ".
Art. 8. In artikel 11 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
  " § 1. De geregistreerde opleidingsverstrekker registreert bij het departement de opleidingscheques die hij van de werknemer ontvangt, uiterlijk dertig dagen na de laatste dag van de geldigheidsduur van de opleidingscheques.";
  2° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt:
  " § 2. Als de voorwaarden, vermeld in dit besluit, zijn vervuld, betaalt het departement de geregistreerde opleidingscheques, vermeld in paragraaf 1, eerste lid, aan de opleidingsverstrekker binnen zestig dagen na de laatste dag van de geldigheidsduur van de opleidingscheques.".
Art. 8. A l'article 11 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° au paragraphe 1er, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
  " § 1er. L'opérateur de formation enregistré enregistre auprÚs du département les chÚques-formation qu'il reçoit du travailleur au plus tard trente jours aprÚs le dernier jour de validité des chÚques-formation. " ;
  2° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
  " § 2. Si les conditions visĂ©es au prĂ©sent arrĂȘtĂ© sont remplies, le dĂ©partement paie les chĂšques-formation enregistrĂ©s visĂ©s au paragraphe 1er, alinĂ©a 1er, Ă  l'opĂ©rateur de formation dans un dĂ©lai de soixante jours Ă  compter du dernier jour de validitĂ© des chĂšques-formation. ".
Art. 9. Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 mei 2019 betreffende de opleidingscheques voor werknemers, zoals van kracht op 31 augustus 2024, blijft van toepassing op de opleidingscheques die vóór 31 augustus 2024 werden afgeleverd.
Art. 9. L'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 mai 2019 relatif aux chĂšques-formation pour travailleurs tel qu'en vigueur le 31 aoĂ»t 2024, demeure applicable aux chĂšques-formation dĂ©livrĂ©s avant le 31 aoĂ»t 2024.
Art. 10. Dit besluit treedt in werking op 1 september 2024.
Art. 10. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le 1er septembre 2024.
Art. 11. De Vlaamse minister, bevoegd voor de competenties, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 11. Le ministre flamand qui a les compĂ©tences dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.