Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
30 MEI 2024. - Bericht van openbare raadpleging betreffende de verlenging van de UPV-milieuovereenkomsten
Titre
30 MAI 2024. - Avis de consultation publique relative à la prolongation des Conventions environnementales relatives aux REP
Tekst (1)
Texte (1)
Artikel 1. In artikel 6 van de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende de uitvoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid inzake afgedankte elektrische en elektronische apparatuur worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° de woorden: "De becijferde doelstellingen die in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest behaald dienen te worden op het einde van de overeenkomst, zijn" worden vervangen door "De becijferde doelstellingen die in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest behaald dienen te worden tegen 31 december 2025".
  2° het artikel wordt aangevuld met een lid dat als volgt luidt: "Het beheersorganisme en Leefmilieu Brussel werken samen om nieuwe becijferde doelstellingen te bepalen die moeten worden behaald tussen 1 januari 2026 en het einde van de milieuovereenkomst."
  Artikel 2. In artikel 15 van dezelfde milieuovereenkomst worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° het eerste punt van paragraaf 1 wordt aangevuld met een lid dat luidt als volgt: "Op vraag van Leefmilieu Brussel hernieuwen de beheersorganismen hun preventie- en beheersplan vanaf 1 januari 2026 en leggen ze dit ter goedkeuring voor aan Leefmilieu Brussel."
  2° in paragraaf 1, punt drie, worden de woorden "zes maanden" geschrapt.
  Artikel 3. In artikel 35 van hetzelfde milieuovereenkomst worden de zinnen "De milieuovereenkomst vervalt aan het einde van het zesde volledige kalenderjaar na de inwerkingtreding van deze overeenkomst. Ze treedt in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad" vervangen door de zin "In overeenstemming met de Ordonnantie van 29 april 2004 betreffende de leefmilieuovereenkomsten treedt de milieuovereenkomst in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en vervalt ze van rechtswege 10 jaar na haar inwerkingtreding, d.w.z. op 18 juli 2029."
Article 1. Dans l'article 6 de la convention environnementale du 13 mars 2019 relative à l'exécution de la responsabilité élargie des producteurs en matière de déchets d'équipements électriques et électroniques, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les mots : " Les objectifs chiffrés à atteindre en Région de Bruxelles-Capitale au terme de la convention " sont remplacés par " Les objectifs chiffrés à atteindre en Région de Bruxelles-Capitale pour le 31 décembre 2025 ".
  2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit : " L'organisme de gestion et Bruxelles-Environnement se concertent pour fixer de nouveaux objectifs chiffrés à atteindre entre le 1er janvier 2026 et le terme de la convention environnementale. ".
  Article 2. A l'article 15 de la même convention environnementale, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er, premier tiret, est complété par un alinéa rédigé comme suit : " A la demande de Bruxelles-Environnement, les organismes de gestion renouvèlent leur plan de prévention et de gestion à dater du 1er janvier 2026 et le soumettent à Bruxelles-Environnement pour approbation. ".
  2° dans le paragraphe 1er, troisième tiret, les mots " six mois " sont abrogés.
  Article 3. Dans l'article 35 de la même convention environnementale, les phrases " La convention environnementale échoit à la fin de la 6ème année calendrier complète après l'entrée en vigueur de cette convention. Elle entre en vigueur le dixième jour après sa publication au Moniteur belge " sont remplacés par la phrase " Conformément à l'ordonnance du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales, la convention environnementale entre en vigueur le dixième jour après sa publication au Moniteur belge et expire de plein droit 10 ans après son entrée en vigueur, soit le 18 juillet 2029. ".
  Aanhangsel bij de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende afvalolie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
  Gelet op de Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
  Gelet op de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten;
  Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 1 december 2016 betreffende het beheer van afvalstoffen;
  Gelet op de beslissing van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 houdende goedkeuring van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende de uitvoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid
  voor afgedankte elektrische en elektronische apparatuur op 18 juli 2019 in werking is getreden en afloopt op 18 juli 2025;
  Gelet op het feit dat momenteel een nieuw wet- en regelgevingskader voor de uitvoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afvalolie wordt goedgekeurd; dat het enerzijds zal bestaan uit een interregionale samenwerkingsovereenkomst betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen; en anderzijds uit een interregionale samenwerkingsovereenkomst betreffende de uitvoering van het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afvalolie;
  Gelet op het feit dat dit toekomstige wet- en regelgevingskader zal voorzien in de toekenning van een erkenning aan het beheersorganisme; dat deze erkenning de huidige milieuovereenkomst zal vervangen;
  Gelet op het feit dat dit wetgevende, regelgevende en administratieve kader waarschijnlijk niet volledig van kracht zal zijn op de vervaldatum van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat het niet wenselijk is voor producenten, consumenten of de gemeenschap om een potentieel juridisch vacuüm te hebben met betrekking tot de uitgebreide verantwoordelijkheid van producenten van afvalolie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  Gelet op het feit dat het derhalve passend is de geldigheidsduur van de milieuovereenkomst betreffende de uitgebreide verantwoordelijkheid van de producenten van afvalolie te verlengen, zodat aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen op soortgelijke wijze voldaan blijft worden totdat het toekomstige wetgevende, regelgevende en administratieve kader in werking treedt;
  Gelet op het feit dat bij toepassing van de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten het ontwerp van milieuovereenkomst het voorwerp moet uitmaken van een publicatie in het Belgisch Staatsblad en een mededeling aan het publiek;
  Gelet op het feit dat binnen dertig dagen na de bekendmaking van het wijzigingsbericht in het Belgisch Staatsblad ieder zijn opmerkingen schriftelijk ter kennis kan bregen aan Leefmilieu Brussel;
  Gelet op het feit dat deze publicatie in het Belgisch Staatsblad tot doel heeft het publiek op de hoogte te brengen dat de milieuoverenkomst zal worden gewijzigd met het oog op de verlenging ervan, zoals volgt;
  Artikel 1. In artikel 19 van de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende afvalolie in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° Paragraaf 1 wordt vervangen door wat volgt: " § 1. In overeenstemming met de Ordonnantie van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten treedt de milieuovereenkomst in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en vervalt ze van rechtswege tien jaar na haar inwerkingtreding, d.w.z. op 18 juli 2029."
  2° In § 2 worden de woorden "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme, een jaar voor de einddatum van de overeenkomst" vervangen door "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme vindt plaats op verzoek van Brussel Leefmilieu binnen een termijn van 3 maanden en".
  Avenant à la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux huiles usagées en Région de Bruxelles-Capitale
  Vu l'ordonnance du Parlement de la Région Bruxelles-Capitale du 14 juin 2012 relative aux déchets ;
  Vu l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-capitale du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales ;
  Vu l'Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 1er décembre 2016 relatif à la gestion des déchets ;
  Vu la décision du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 portant approbation de la présente convention environnementale ;
  Considérant que la convention environnementale du 13 mars 2019 relative à l'exécution de la responsabilité
  élargie des producteurs en matière de déchets d'équipements électriques et électroniques est entrée en vigueur le 18 juillet 2019 et vient à expiration en date du 18 juillet 2025 ;
  Considérant qu'un nouveau cadre législatif et réglementaire applicable à l'exécution de la responsabilité élargie des producteurs des huiles usagées est en cours d'adoption ; qu'il consistera d'une part en un accord de coopération interrégional concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour certains flux de déchets ; et d'autre part en un accord de coopération interrégional d'exécution concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour les huiles usagées;
  Considérant que ce futur cadre législatif et réglementaire prévoira l'octroi d'un agrément à l'organisme de gestion ; que cet agrément a vocation à remplacer la présente convention environnementale ;
  Considérant que ce cadre législatif, réglementaire et administratif ne sera probablement pas entièrement en vigueur à la date d'expiration de la présente convention environnementale ;
  Considérant qu'il n'est souhaitable ni pour les producteurs, ni pour les consommateurs, ni pour la collectivité d'avoir un potentiel vide juridique relatif à la responsabilité élargie des producteurs des huiles usagées en Région de Bruxelles-Capitale ;
  Considérant dès lors qu'il convient de prolonger la durée de validité de la convention environnementale concernant la responsabilité élargie des producteurs des huiles usagées, afin que les obligations qui en découlent continuent à être remplies de façon similaire jusqu'à l'entrée en vigueur du futur cadre législatif, réglementaire et administratif ;
  Considérant qu'en application de l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 avril 2004 relatif aux conventions environnementales, le projet de convention environnementale doit faire l'objet d'une publication au Moniteur belge et d'une information au public :
  Considérant que toute personne peut communiquer par écrit ses observations à Bruxelles-Environnement, dans les trente jours de la publication de l'avis de modifiation de la convention au Moniteur belge;
  Considérant que la présente publication au Moniteur belge a pour objectif d'informer le public que la convention environnementale sera modifiée en vue d'être prolongée comme suit ;
  Article 1. Dans l'article 19 de la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux huiles usagées en Région de Bruxelles-Capitale, les modifications suivantes sont apportées :
  1° Le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit : " § 1. Conformément à l'ordonnance du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales, la convention environnementale entre en vigueur le dixième jour après sa publication au Moniteur belge et expire de plein droit 10 ans après son entrée en vigueur, soit le 18 juillet 2029. "
  2° Dans le paragraphe 2, les mots " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion, un an avant l'échéance de la convention, " sont remplacés par " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion a lieu sur demande de Bruxelles-Environnement dans un délai de 3 mois et ".
  Aanhangsel bij de milieuovereenkomst van 20 april 2023 betreffende de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte matrassen
  Gelet op de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
  Gelet op de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten;
  Gelet op het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 1 december 2016 betreffende het beheer van afvalstoffen;
  Gelet op het feit dat het voorstel van milieuovereenkomst, conform de ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten, het voorwerp heeft uitgemaakt van een openbaar onderzoek en van een bekendmaking in het Belgisch Staatsblad op datum van 28 april 2023;
  Gelet op de beslissing van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 houdende goedkeuring van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat de milieuovereenkomst van 20 april 2023 betreffende afgedankte matrassen op 24 februari 2024 in werking is getreden en op 24 februari 2027 afloopt;
  Gelet op het feit dat momenteel een nieuw wet- en regelgevend kader van toepassing op de uitvoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte matrassen wordt goedgekeurd; dat de drie gewesten van plan zijn om enerzijds een intergewestelijk samenwerkingsakkoord goed te keuren betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen en anderzijds een intergewestelijk samenwerkingsakkoord goed te keuren betreffende de uitvoering van het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte matrassen;
  Gelet op het feit dat dit toekomstige wet- en regelgevingskader zal voorzien in de toekenning van een erkenning aan het beheersorganisme; dat deze erkenning de huidige milieuovereenkomst zal vervangen;
  Gelet op het feit dat dit wetgevende, regelgevende en administratieve kader waarschijnlijk niet volledig van kracht zal zijn op de vervaldatum van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat het niet wenselijk is voor producenten, consumenten of de gemeenschap om een potentieel juridisch vacuüm te hebben met betrekking tot de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte matrassen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  Gelet op het feit dat het derhalve passend is de geldigheidsduur van deze milieuovereenkomst betreffende afgedankte matrassen te verlengen, zodat aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen op soortgelijke wijze kan worden voldaan totdat het toekomstige wettelijke en bestuursrechtelijke kader in werking treedt
  Gelet op het feit dat bij toepassing van de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten het ontwerp van milieuovereenkomst het voorwerp moet uitmaken van een publicatie in het Belgisch Staatsblad en een mededeling aan het publiek;
  Gelet op het feit dat binnen dertig dagen na de bekendmaking van het wijzigingsbericht in het Belgisch Staatsblad ieder zijn opmerkingen schriftelijk ter kennis kan bregen aan Leefmilieu Brussel;
  Gelet op het feit dat deze publicatie in het Belgisch Staatsblad tot doel heeft het publiek op de hoogte te brengen dat de milieuoverenkomst zal worden gewijzigd met het oog op de verlenging ervan, zoals volgt;
  Artikel 1. In artikel 26 van de milieuovereenkomst van 20 april 2023 betreffende de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid inzake afgedankte matrassen worden de volgende wijzigingen aangebracht;
  1° paragraaf 1 wordt vervangen door wat volgt: " § 1. In overeenstemming met de Ordonnantie van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten treedt de milieuovereenkomst in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en vervalt ze van rechtswege tien jaar na haar inwerkingtreding, d.w.z. op 24 februari 2034."
  2° In § 2 worden de woorden "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme, een jaar voor de einddatum van de overeenkomst" vervangen door "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme vindt plaats op verzoek van Brussel Leefmilieu binnen een termijn van 3 maanden en".
  Avenant à la convention environnementale du 20 avril 2023 relative à la responsabilité élargie du producteur des déchets de matelas
  Vu l'ordonnance du Conseil de la Région Bruxelles-Capitale du 14 juin 2012 relative aux déchets ;
  Vu l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales ;
  Vu l'Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 1er décembre 2016 relatif à la gestion des déchets ;
  Vu que, conformément à l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 avril 2004 relatif aux conventions environnementales, le projet de convention environnementale a fait l'objet d'une consultation publique et d'une publication au Moniteur belge en date du 28 avril 2023 ;
  Vu la décision du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 portant approbation de la présente convention environnementale ;
  Considérant que la convention environnementale du 20 avril 2023 relative aux déchets de matelas est entrée en vigueur le 24 février 2024 et vient à expiration en date du 24 février 2027 ;
  Considérant qu'un nouveau cadre législatif et réglementaire applicable à l'exécution de la responsabilité élargie des producteurs des déchets de matelas est en cours d'adoption ; que les trois Régions envisagent d'adopter d'une part un accord de coopération interrégional concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour certains flux de déchets, et d'autre part un accord de coopération interrégional d'exécution concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour les des déchets de matelas ;
  Considérant que ce futur cadre législatif et réglementaire prévoira l'octroi d'un agrément à l'organisme de gestion ; que cet agrément a vocation à remplacer la présente convention environnementale ;
  Considérant que ce cadre législatif, réglementaire et administratif ne sera probablement pas entièrement en vigueur à la date d'expiration de la présente convention environnementale ;
  Considérant qu'il n'est souhaitable ni pour les producteurs, ni pour les consommateurs, ni pour la collectivité d'avoir un potentiel vide juridique relatif à la responsabilité élargie des producteurs des déchets de matelas en Région de Bruxelles-Capitale ;
  Considérant dès lors qu'il convient de prolonger la durée de validité de la présente convention environnementale concernant les déchets de matelas afin que les obligations qui en découlent continuent à être remplies de façon similaire jusqu'à l'entrée en vigueur du futur cadre législatif, réglementaire et administratif ;
  Considérant qu'en application de l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 avril 2004 relatif aux conventions environnementales, le projet de convention environnementale doit faire l'objet d'une publication au Moniteur belge et d'une information au public ;
  Considérant que toute personne peut communiquer par écrit ses observations à Bruxelles-Environnement, dans les trente jours de la publication de l'avis de modifiation de la convention au Moniteur belge;
  Considérant que la présente publication au Moniteur belge a pour objecttif d'informer le public que la convention environnementale sera modifiée en vue d'être prolongée comme suit ;
  Article 1. A l'article 26 de la convention environnementale du 20 avril 2023 relative à la responsabilité élargie du producteur des déchets de matelas, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit : " " § 1. Conformément à l'ordonnance du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales, la convention environnementale entre en vigueur le dixième jour après sa publication au Moniteur belge et expire de plein droit 10 ans après son entrée en vigueur, soit le 24 février 2034 ".
  2° dans le paragraphe 2, les mots " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion, un an avant l'échéance de la convention, " sont remplacés par " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion a lieu sur demande de Bruxelles-Environnement dans un délai de 3 mois et ".
  Aanhangsel bij de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende versleten banden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
  Gelet op de Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
  Gelet op de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten;
  Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 1 december 2016 betreffende het beheer van afvalstoffen;
  Gelet op de beslissing van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 houdende goedkeuring van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende versleten banden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in werking is getreden op 24 juni 2019 en afloopt op 24 juni 2025;
  Gelet op het feit dat momenteel een nieuw wet- en regelgevingskader voor de uitvoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor versleten banden wordt goedgekeurd; dat het enerzijds zal bestaan uit een interregionale samenwerkingsovereenkomst betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen; en anderzijds uit een interregionale samenwerkingsovereenkomst betreffende de uitvoering van het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor versleten banden;
  Gelet op het feit dat dit toekomstige wet- en regelgevingskader zal voorzien in de toekenning van een erkenning aan het beheersorganisme; dat deze erkenning de huidige milieuovereenkomst zal vervangen;
  Gelet op het feit dat dit wetgevende, regelgevende en administratieve kader waarschijnlijk niet volledig van kracht zal zijn op de vervaldatum van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat het niet wenselijk is voor producenten, consumenten of de gemeenschap om een potentieel juridisch vacuüm te hebben met betrekking tot de uitgebreide verantwoordelijkheid van producenten van versleten banden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  Gelet op het feit dat het derhalve passend is de geldigheidsduur van de milieuovereenkomst betreffende de uitgebreide verantwoordelijkheid van de producenten van versleten banden te verlengen, zodat aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen op soortgelijke wijze voldaan blijft worden totdat het toekomstige wetgevende, regelgevende en administratieve kader in werking treedt;
  Gelet op het feit dat bij toepassing van de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten het ontwerp van milieuovereenkomst het voorwerp moet uitmaken van een publicatie in het Belgisch Staatsblad en een mededeling aan het publiek;
  Gelet op het feit dat binnen dertig dagen na de bekendmaking van het wijzigingsbericht in het Belgisch Staatsblad ieder zijn opmerkingen schriftelijk ter kennis kan bregen aan Leefmilieu Brussel;
  Gelet op het feit dat deze publicatie in het Belgisch Staatsblad tot doel heeft het publiek op de hoogte te brengen dat de milieuoverenkomst zal worden gewijzigd met het oog op de verlenging ervan, zoals volgt;
  Artikel 1. Artikel 42 van de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende versleten banden in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt als volgt gewijzigd:
  1° Paragraaf 1 wordt vervangen door wat volgt: " § 1. In overeenstemming met de Ordonnantie van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten treedt de milieuovereenkomst in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en vervalt ze van rechtswege tien jaar na haar inwerkingtreding, d.w.z. op 24 juni 2029."
  2° In § 2 worden de woorden "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme, een jaar voor de einddatum van de overeenkomst" vervangen door "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme vindt plaats op verzoek van Brussel Leefmilieu binnen een termijn van 3 maanden en".
  Avenant à la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux pneus usés en Région de Bruxelles-Capitale
  Vu l'ordonnance du Parlement de la Région Bruxelles-Capitale du 14 juin 2012 relative aux déchets ;
  Vu l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-capitale du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales ;
  Vu l'Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 1er décembre 2016 relatif à la gestion des déchets ;
  Vu la décision du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mait 2024 portant approbation de la présente convention environnementale;
  Considérant que la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux pneus usés en Région de Bruxelles-Capitale est entrée en vigueur le 24 juin 2019 et vient à expiration en date du 24 juin 2025 ;
  Considérant qu'un nouveau cadre législatif et réglementaire applicable à l'exécution de la responsabilité élargie des producteurs de pneus usés est en cours d'adoption ; qu'il consistera d'une part en un accord de coopération interrégional concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour certains flux de déchets ; et d'autre part en un accord de coopération interrégional d'exécution concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour les pneus usés;
  Considérant que ce futur cadre législatif et réglementaire prévoira l'octroi d'un agrément à l'organisme de gestion ; que cet agrément a vocation à remplacer la présente convention environnementale ;
  Considérant que ce cadre législatif, réglementaire et administratif ne sera probablement pas entièrement en vigueur à la date d'expiration de la présente convention environnementale ;
  Considérant qu'il n'est souhaitable ni pour les producteurs, ni pour les consommateurs, ni pour la collectivité d'avoir un potentiel vide juridique relatif à la responsabilité élargie des producteurs de pneus usés en Région de Bruxelles-Capitale ;
  Considérant dès lors qu'il convient de prolonger la durée de validité de la convention environnementale concernant la responsabilité élargie des producteurs de pneus usés, afin que les obligations qui en découlent continuent à être remplies de façon similaire jusqu'à l'entrée en vigueur du futur cadre législatif, réglementaire et administratif ;
  Considérant qu'en application de l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 avril 2004 relatif aux conventions environnementales, le projet de convention environnementale doit faire l'objet d'une publication au Moniteur belge et d'une information au public ;
  Considérant que toute personne peut communiquer par écrit ses observations à Bruxelles-Environnement, dans les trente jours de la publication de l'avis de modifiation de la convention au Moniteur belge;
  Considérant que la présente publication au Moniteur belge a pour objecttif d'informer le public que la convention environnementale sera modifiée en vue d'être prolongée comme suit ;
  Article 1. A l'article 42 de la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux pneus usés en Région de Bruxelles-Capitale, les modifications suivantes sont apportées :
  1° Le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit : " § 1. Conformément à l'ordonnance du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales, la convention environnementale entre en vigueur le dixième jour après sa publication au Moniteur belge et expire de plein droit 10 ans après son entrée en vigueur, soit le 24 juin 2029. ".
  2° dans le paragraphe 2, les mots " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion, un an avant l'échéance de la convention, " sont remplacés par " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion a lieu sur demande de Bruxelles-Environnement dans un délai de 3 mois et ".
  Aanhangsel bij de milieuovereenkomst van 17 mei 2018 betreffende de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte fotovoltaïsche zonnepanelen
  Gelet op de Richtlijn 2012/19/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 juli 2012 betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA);
  Gelet op de Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
  Gelet op de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten;
  Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 1 december 2016 betreffende het beheer van afvalstoffen;
  Gelet op de beslissing van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 houdende goedkeuring van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat de milieuovereenkomst van 17 mei 2018 betreffende de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte fotovoltaïsche zonnepanelen op 24 juni 2019 in werking is getreden en op 24 juni 2024 afloopt;
  Gelet op het feit dat momenteel een nieuw wet- en regelgevend kader van toepassing op de uitvoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte fotovoltaïsche zonnepanelen wordt goedgekeurd; dat de drie gewesten van plan zijn om enerzijds een intergewestelijk samenwerkingsakkoord goed te keuren betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen en anderzijds een intergewestelijk samenwerkingsakkoord goed te keuren betreffende de uitvoering van het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte fotovoltaïsche zonnepanelen;
  Gelet op het feit dat dit toekomstige wet- en regelgevingskader zal voorzien in de toekenning van een erkenning aan het beheersorganisme; dat deze erkenning de huidige milieuovereenkomst zal vervangen;
  Gelet op het feit dat dit wetgevende, regelgevende en administratieve kader waarschijnlijk niet volledig van kracht zal zijn op de vervaldatum van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat het niet wenselijk is voor producenten, consumenten of de gemeenschap om een potentieel juridisch vacuüm te hebben met betrekking tot de uitgebreide verantwoordelijkheid van producenten van afgedankte fotovoltaïsche zonnepanelen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  Gelet op het feit dat het derhalve passend is de geldigheidsduur van deze milieuovereenkomst betreffende de uitgebreide verantwoordelijkheid van de producenten van afgedankte fotovoltaïsche zonnepanelen te verlengen, zodat aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen op soortgelijke wijze voldaan blijft worden totdat het toekomstige wetgevende, regelgevende en administratieve kader in werking treedt;
  Gelet op het feit dat bij toepassing van de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten het ontwerp van milieuovereenkomst het voorwerp moet uitmaken van een publicatie in het Belgisch Staatsblad en een mededeling aan het publiek;
  Gelet op het feit dat binnen dertig dagen na de bekendmaking van het wijzigingsbericht in het Belgisch Staatsblad ieder zijn opmerkingen schriftelijk ter kennis kan bregen aan Leefmilieu Brussel;
  Gelet op het feit dat deze publicatie in het Belgisch Staatsblad tot doel heeft het publiek op de hoogte te brengen dat de milieuoverenkomst zal worden gewijzigd met het oog op de verlenging ervan, zoals volgt;
  Artikel 1. Artikel 5, § 2 van de milieuovereenkomst van 14 juni 2019 betreffende de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte fotovoltaïsche zonnepanelen wordt aangevuld met een lid dat als volgt luidt: "Op vraag van Leefmilieu Brussel vernieuwt het beheersorganisme zijn preventieplan en legt het dit ter goedkeuring voor aan Leefmilieu Brussel."
  Artikel 2. Artikel 11, § 1 van dezelfde milieuovereenkomst wordt aangevuld met een lid dat als volgt luidt: "Wanneer het in het vorige lid bedoelde preventie- en beheersplan afloopt, vernieuwt het beheersorganisme zijn preventie- en beheersplan voor een periode van vijf jaar. Het preventie- en beheersplan voldoet aan de voorwaarden in het vorige lid. Het beheersorganisme legt dit nieuwe preventie- en beheersplan ter goedkeuring voor aan Leefmilieu Brussel."
  Artikel 3. Artikel 17, § 2 van dezelfde milieuovereenkomst wordt aangevuld met een lid dat als volgt luidt: "Op vraag van Leefmilieu Brussel zal het beheersorganisme zijn financieel plan vernieuwen om het in overeenstemming te brengen met de eisen van deze milieuovereenkomst. Het financieel plan wordt voor advies voorgelegd aan Leefmilieu Brussel."
  Artikel 4. In artikel 21 van dezelfde milieuovereenkomst wordt paragraaf 1 vervangen als volgt: " § 1. In overeenstemming met de Ordonnantie van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten treedt de milieuovereenkomst in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en vervalt ze van rechtswege tien jaar na haar inwerkingtreding, d.w.z. op 24 juni 2029."
  Avenant à la convention environnementale du 17 mai 2018 concer nant la responsabilité élargie du producteur des panneaux photovoltaïques usagés
  Vu la directive 2012/19/CE du Parlement européen et du Conseil du 4 juillet 2012 relative aux déchets d'équipements électriques et électroniques (DEEE) ;
  Vu l'ordonnance du Parlement de la Région Bruxelles-Capitale du 14 juin 2012 relative aux déchets ;
  Vu l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-capitale du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales ;
  Vu l'Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 1er décembre 2016 relatif à la gestion des déchets ;
  Vu la décision du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 portant approbation de la présente convention environnementale;
  Considérant que la convention environnementale du 17 mai 2018 concernant la responsabilité élargie du producteur des panneaux photovoltaïques usagés est entrée en vigueur le 24 juin 2019 et vient à expiration en date du 24 juin 2024 ;
  Considérant qu'un nouveau cadre législatif et réglementaire applicable à l'exécution de la responsabilité élargie des producteurs des panneaux photovoltaïques usagés est en cours d'adoption ; que les trois Régions envisagent d'adopter d'une part un accord de coopération interrégional concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour certains flux de déchets, et d'autre part un accord de coopération interrégional d'exécution concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour les panneaux photovoltaïques usagés ;
  Considérant que ce futur cadre législatif et réglementaire prévoira l'octroi d'un agrément à l'organisme de gestion ; que cet agrément a vocation à remplacer la présente convention environnementale ;
  Considérant que ce cadre législatif, réglementaire et administratif ne sera probablement pas entièrement en vigueur à la date d'expiration de la présente convention environnementale ;
  Considérant qu'il n'est souhaitable ni pour les producteurs, ni pour les consommateurs, ni pour la collectivité d'avoir un potentiel vide juridique relatif à la responsabilité élargie des producteurs de panneaux photovoltaïques usagés en Région de Bruxelles-Capitale ;
  Considérant dès lors qu'il convient de prolonger la durée de validité de la présente convention environnementale concernant la responsabilité élargie des producteurs de panneaux photovoltaïques usagés, afin que les obligations qui en découlent continuent à être remplies de façon similaire jusqu'à l'entrée en vigueur du futur cadre législatif, réglementaire et administratif ;
  Considérant qu'en application de l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 avril 2004 relatif aux conventions environnementales, le projet de convention environnementale doit faire l'objet d'une publication au Moniteur belge et d'une information au public ;
  Considérant que toute personne peut communiquer par écrit ses observations à Bruxelles-Environnement, dans les trente jours de la publication de l'avis de modifiation de la convention au Moniteur belge;
  Considérant que la présente publication au Moniteur belge a pour objecttif d'informer le public que la convention environnementale sera modifiée en vue d'être prolongée comme suit ;
  Article 1. L'article 5, § 2 de la convention environnementale du 14 juin 2019 concernant la responsabilité élargie du producteur des panneaux photovoltaïques usagés est complété par un alinéa rédigé comme suit : " A la demande de Bruxelles-Environnement, l'organisme de gestion renouvèle son plan de prévention et le soumet à Bruxelles-Environnement pour approbation. ".
  Article 2. L'article 11, § 1er de la même convention environnementale est complété par un alinéa rédigé comme suit : " A l'expiration du plan de prévention et de gestion visé à l'alinéa précédent, l'organisme de gestion renouvèle son plan de prévention et de gestion pour une durée de cinq ans. Le plan de prévention et de gestion remplit les conditions visées à l'alinéa précédent. L'organisme de gestion soumet ce nouveau plan de prévention et de gestion à Bruxelles Environnement pour approbation ".
  Article 3. L'article 17, § 2 de la même convention environnementale est complété par un alinéa rédigé comme suit : " A la demande de Bruxelles-Environnement, l'organisme de gestion renouvèle son plan financier pour qu'il soit adapté aux exigences de la présente convention environnementale. Le plan financier est soumis à Bruxelles-Environnement pour avis. "
  Article 4. Dans l'article 21 de la même convention environnementale, le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit : " § 1. Conformément à l'ordonnance du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales, la convention environnementale entre en vigueur le dixième jour après sa publication au Moniteur belge et expire de plein droit 10 ans après son entrée en vigueur, soit le 24 juin 2029. "
  Aanhangsel bij de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende afgedankte voertuigen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest
  Gelet op Richtlijn 2000/53/EG van 18 september 2000 betreffende afgedankte voertuigen zoals gewijzigd;
  Gelet op de beslissing van de Commissie van 1 april 2005 tot vaststelling van nadere voorschriften betreffende de bewaking van de streefcijfers inzake hergebruik/terugwinning en hergebruik/recycling zoals vastgesteld bij Richtlijn 2000/53/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende autowrakken;
  Gelet op het koninklijk besluit van 15 maart 1968 houdende algemeen reglement op de technische eisen waaraan de auto's, hun aanhangwagens en hun veiligheidstoebehoren moeten voldoen;
  Gelet op de Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
  Gelet op de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten;
  Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 15 april 2004 betreffende het beheer van afgedankte voertuigen;
  Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 1 december 2016 betreffende het beheer van afvalstoffen;
  Gelet op de beslissing van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2024 houdende goedkeuring van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende afgedankte voertuigen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in werking is getreden op 24 juni 2019 en afloopt op 24 juni 2025;
  Gelet op het feit dat momenteel een nieuw wet- en regelgevingskader voor de uitvoering van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte voertuigen wordt goedgekeurd; dat het enerzijds zal bestaan uit een interregionale samenwerkingsovereenkomst betreffende het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor bepaalde afvalstromen; en anderzijds uit een interregionale samenwerkingsovereenkomst betreffende de uitvoering van het kader van de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid voor afgedankte voertuigen;
  Gelet op het feit dat dit toekomstige wet- en regelgevingskader zal voorzien in de toekenning van een erkenning aan het beheersorganisme; dat deze erkenning de huidige milieuovereenkomst zal vervangen;
  Gelet op het feit dat dit wetgevende, regelgevende en administratieve kader waarschijnlijk niet volledig van kracht zal zijn op de vervaldatum van deze milieuovereenkomst;
  Gelet op het feit dat het niet wenselijk is voor producenten, consumenten of de gemeenschap om een potentieel juridisch vacuüm te hebben met betrekking tot de uitgebreide verantwoordelijkheid van producenten van afgedankte voertuigen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest;
  Gelet op het feit dat het derhalve passend is de geldigheidsduur van de milieuovereenkomst betreffende de uitgebreide verantwoordelijkheid van de producenten van afgedankte voertuigen te verlengen, zodat aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen op soortgelijke wijze voldaan blijft worden totdat het toekomstige wetgevende, regelgevende en administratieve kader in werking treedt;
  Gelet op het feit dat bij toepassing van de Ordonnantie van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten het ontwerp van milieuovereenkomst het voorwerp moet uitmaken van een publicatie in het Belgisch Staatsblad en een mededeling aan het publiek;
  Gelet op het feit dat binnen dertig dagen na de bekendmaking van het wijzigingsbericht in het Belgisch Staatsblad ieder zijn opmerkingen schriftelijk ter kennis kan bregen aan Leefmilieu Brussel;
  Gelet op het feit dat deze publicatie in het Belgisch Staatsblad tot doel heeft het publiek op de hoogte te brengen dat de milieuoverenkomst zal worden gewijzigd met het oog op de verlenging ervan, zoals volgt;
  Artikel 1. Artikel 42 van de milieuovereenkomst van 13 maart 2019 betreffende afgedankte voertuigen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt als volgt gewijzigd:
  1° Paragraaf 1 wordt vervangen door wat volgt: " § 1. In overeenstemming met de Ordonnantie van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten treedt de milieuovereenkomst in werking op de tiende dag na haar bekendmaking in het Belgisch Staatsblad en vervalt ze van rechtswege tien jaar na haar inwerkingtreding, d.w.z. op 24 juni 2029."
  2° In § 2 worden de woorden "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme, een jaar voor de einddatum van de overeenkomst" vervangen door "De eindevaluatie van het beheersplan door het beheersorganisme vindt plaats op verzoek van Brussel Leefmilieu binnen een termijn van 3 maanden en".
  Avenant à la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux véhicules hors d'usage en Région de Bruxelles-Capitale
  Vu la Directive du Conseil 2000/53/CEE du 18 septembre 2000 relative aux véhicules hors d'usage tel que modifiée ;
  Vu la décision de la Commission du 1er avril 2005 établissant les modalités nécessaires au contrôle du respect des objectifs fixés en matière de réutilisation/valorisation et de réutilisation/recyclage par la Directive 2000/53/CE du Parlement européen et du Conseil relative aux véhicules hors d'usage ;
  Vu l'Arrêté Royal du 15 mars 1968 portant règlement général sur les conditions techniques auxquelles doivent répondre les véhicules automobiles et leurs remorques, leurs éléments ainsi que les accessoires de sécurité ;
  Vu l'ordonnance du Parlement de la Région Bruxelles-Capitale du 14 juin 2012 relative aux déchets ;
  Vu l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-capitale du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales ;
  Vu l'Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 15 avril 2004 relatif à la gestion des véhicules hors d'usage ;
  Vu l'Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 1er décembre 2016 relatif à la gestion des déchets ;
  Vu la décision du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 30 mai 2024 portant approbation de la présente convention environnementale;
  Considérant que la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux véhicules hors d'usage en Région de Bruxelles-Capitale est entrée en vigueur le 24 juin 2019 et vient à expiration en date du 24 juin 2025 ;
  Considérant qu'un nouveau cadre législatif et réglementaire applicable à l'exécution de la responsabilité élargie des producteurs de véhicules hors d'usage est en cours d'adoption ; qu'il consistera d'une part en un accord de coopération interrégional concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour certains flux de déchets ; et d'autre part en un accord de coopération interrégional d'exécution concernant le cadre de la responsabilité élargie des producteurs pour les véhicules hors d'usage;
  Considérant que ce futur cadre législatif et réglementaire prévoira l'octroi d'un agrément à l'organisme de gestion ; que cet agrément a vocation à remplacer la présente convention environnementale ;
  Considérant que ce cadre législatif, réglementaire et administratif ne sera probablement pas entièrement en vigueur à la date d'expiration de la présente convention environnementale ;
  Considérant qu'il n'est souhaitable ni pour les producteurs, ni pour les consommateurs, ni pour la collectivité d'avoir un potentiel vide juridique relatif à la responsabilité élargie des producteurs de véhicules hors d'usage en Région de Bruxelles-Capitale ;
  Considérant dès lors qu'il convient de prolonger la durée de validité de la convention environnementale concernant la responsabilité élargie des producteurs de véhicules hors d'usage, afin que les obligations qui en découlent continuent à être remplies de façon similaire jusqu'à l'entrée en vigueur du futur cadre législatif, réglementaire et administratif ;
  Considérant qu'en application de l'ordonnance du Conseil de la Région de Bruxelles-Capitale du 29 avril 2004 relatif aux conventions environnementales, le projet de convention environnementale doit faire l'objet d'une publication au Moniteur belge et d'une information au public ;
  Considérant que toute personne peut communiquer par écrit ses observations à Bruxelles-Environnement, dans les trente jours de la publication de l'avis de modifiation de la convention au Moniteur belge;
  Considérant que la présente publication au Moniteur belge a pour objecttif d'informer le public que la convention environnementale sera modifiée en vue d'être prolongée comme suit ;
  Article 1. A l'article 42 de la convention environnementale du 13 mars 2019 relative aux véhicules hors d'usage en Région de Bruxelles-Capitale, les modifications suivantes apportées :
  1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit : " § 1. Conformément à l'ordonnance du 29 avril 2004 relative aux conventions environnementales, la convention environnementale entre en vigueur le dixième jour après sa publication au Moniteur belge et expire de plein droit 10 ans après son entrée en vigueur, soit le 24 juin 2029. ".
  2° dans le paragraphe 2, les mots " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion, un an avant l'échéance de la convention, " sont remplacés par " L'évaluation finale du plan de gestion par l'organisme de gestion a lieu sur demande de Bruxelles-Environnement dans un délai de 3 mois et ".