Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
1° De Codex : de ordonnantie van 4 april 2024 houdende de Codex van de openbare financiën van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ;
2° Gewestelijke entiteit: de gewestelijke entiteit als gedefinieerd in artikel 2, 1° van de Codex;
3° Autonome bestuursinstelling (hierna ABI genoemd): de instellingen als gedefinieerd in artikel 2, 2° van de Codex;
4° Diensten van de regering: de diensten van de regering als gedefinieerd in artikel 2, 5° van de Codex;
5°. Boekhoudkundige entiteit: entiteit als gedefinieerd in artikel 2, 16° van de Codex;
6° Jaarrekening: de jaarrekening als gedefinieerd in artikel 85 van de Codex;
7° ARS: het genormaliseerde boekhoudplan als vastgesteld bij het koninklijk besluit van 10 november 2009 tot vaststelling van het boekhoudplan van toepassing op de federale Staat en op de gemeenschappen, de gewesten en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie;
8° MAR: minimumindeling van het algemeen rekeningenstelsel als vastgesteld bij het koninklijk besluit van 21 oktober 2018 tot uitvoering van de artikelen III.82 tot en met III.95 van het wetboek van Economisch recht;
9° het besluit : het koninklijk besluit van 10 november 2009 tot vaststelling van het boekhoudplan van toepassing op de federale Staat en op de gemeenschappen, de gewesten en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
25 APRIL 2024. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de vorm en de inhoud van de bijlage bij de jaarrekening(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 24-06-2024 en tekstbijwerking tot 25-11-2025)
Titre
25 AVRIL 2024. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale portant sur la forme et le contenu de l'annexe au compte annuel(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 24-06-2024 et mise à jour au 25-11-2025)
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
Tekst (8)
Texte (8)
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
1° Le Code : l'ordonnance du 4 avril 2024 portant le Code des finances publiques de la Région de Bruxelles-Capitale ;
2° Entité régionale : l'entité régionale telle que définie à l'article 2, 1° du Code;
3° Organisme administratif autonome (ci-après dénommé OAA) : les organismes tels que définis à l'article 2, 2° du Code ;
4° Services du Gouvernement : les services du Gouvernement tels que définis à l'article 2, 5° du Code ;
5° Entité comptable : entité telle que définie à l'article 2, 16° du Code ;
6° Compte annuel : le compte annuel tel que défini à l'article 85 du Code ;
7° PCN : le plan comptable établi par l'arrêté royal du 10 novembre 2009 fixant le plan comptable applicable à l'Etat fédéral, aux communautés, aux régions et à la Commission communautaire commune ;
8° PCMN : le plan comptable établi par l'arrêté royal du 21 octobre 2018 portant exécution des articles III.82 A III.95 du code de droit Economique ;
9° l'arrêté : l'arrêté royal du 10 novembre 2009 fixant le plan comptable applicable à l'Etat fédéral, aux communautés, aux régions, et à la Commission communautaire commune.
1° Le Code : l'ordonnance du 4 avril 2024 portant le Code des finances publiques de la Région de Bruxelles-Capitale ;
2° Entité régionale : l'entité régionale telle que définie à l'article 2, 1° du Code;
3° Organisme administratif autonome (ci-après dénommé OAA) : les organismes tels que définis à l'article 2, 2° du Code ;
4° Services du Gouvernement : les services du Gouvernement tels que définis à l'article 2, 5° du Code ;
5° Entité comptable : entité telle que définie à l'article 2, 16° du Code ;
6° Compte annuel : le compte annuel tel que défini à l'article 85 du Code ;
7° PCN : le plan comptable établi par l'arrêté royal du 10 novembre 2009 fixant le plan comptable applicable à l'Etat fédéral, aux communautés, aux régions et à la Commission communautaire commune ;
8° PCMN : le plan comptable établi par l'arrêté royal du 21 octobre 2018 portant exécution des articles III.82 A III.95 du code de droit Economique ;
9° l'arrêté : l'arrêté royal du 10 novembre 2009 fixant le plan comptable applicable à l'Etat fédéral, aux communautés, aux régions, et à la Commission communautaire commune.
Art. 2. [1 Dit besluit is van toepassing op:
1° de diensten van de Regering;
2° de ABI's 1;
3° de ABI's 2 als gedefinieerd in artikel 4, § 1, eerste lid van de Codex.
4° de ABI's 2 als gedefinieerd in artikel 4, § 2 van de Codex.]1
1° de diensten van de Regering;
2° de ABI's 1;
3° de ABI's 2 als gedefinieerd in artikel 4, § 1, eerste lid van de Codex.
4° de ABI's 2 als gedefinieerd in artikel 4, § 2 van de Codex.]1
Art. 2. [1 Le présent arrêté s'applique :
1° aux services du Gouvernement ;
2° aux OAA1 ;
3° aux OAA2 tels que définis à l'article 4, § 1, premier alinéa du Code ;
4° aux OAA2 tels que définis à l'article 4, § 2 du Code. ]1
1° aux services du Gouvernement ;
2° aux OAA1 ;
3° aux OAA2 tels que définis à l'article 4, § 1, premier alinéa du Code ;
4° aux OAA2 tels que définis à l'article 4, § 2 du Code. ]1
Wijzigingen
HOOFDSTUK 1. - Vorm en inhoud van de bijlage bij de jaarrekening van de boekhoudkundige entiteiten
CHAPITRE 1. - Forme et contenu de l'annexe au compte annuel des entités comptables
Art. 3. De bijlage bij de jaarrekening van de boekhoudkundige entiteiten omvat, in onderstaande volgorde van presentatie, minstens volgende gegevens en staten:
1° toelichtingen bij de rekeningen, met meer specifiek de markante boekhoudkundige gebeurtenissen van het jaar alsook een analytisch overzicht van de belangrijke wijzigingen gedurende het boekjaar in de posten van de balans en de resultatenrekening met een toelichting bij deze wijzigingen;
2° als er oprichtingskosten zijn, een staat van die kosten (rubriek 201 van het ARS) met vermelding van hun netto boekwaarde op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar alsook hun netto boekwaarde op het einde van het boekjaar, uitgesplitst naar:
a) kosten van oprichting en kapitaalverhoging, kosten bij uitgifte van leningen en overige oprichtingskosten;
b) herstructureringskosten;
c) kosten voor aanpassing en herinrichting van gebouwen van derden die worden gebruikt door de boekhoudkundige entiteit.
3° Als er immateriële vaste activa (rubriek 202 van het ARS) of materiële vaste activa (subklassen 21 tot 26 van het ARS) zijn, kan een staat van deze activa in twee verschillende formaten worden weergegeven.
Het eerste formaat is een staat die voor elk van deze posten vermeldt:
a) de aanschaffingswaarde op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (verwervingen, overdrachten en buitendienststellingen, overboekingen tussen rubrieken), de aanschaffingswaarde op het einde van het boekjaar;
b) de herwaarderingsmeerwaarden op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (geboekte, van derden verworven, afgeboekte, naar een andere rubriek overgeboekte meerwaarden), bedrag van de herwaarderingsmeerwaarden op het einde van het boekjaar;
c)de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (geboekte, teruggenomen, van derden verworven, afgeboekte en naar een andere rubriek overgeboekte afschrijvingen en waardeverminderingen), het bedrag van de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het boekjaar;
d) de nettoboekwaarde op het einde van het boekjaar.
Het tweede formaat is een staat die voor elk van deze posten vermeldt:
a) de aanschaffingswaarde op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (verwervingen, herwaarderingsmeerwaarden, overdrachten en buitendienststellingen, overboekingen tussen rubrieken), de aanschaffingswaarde op het einde van het boekjaar;
b) de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (geboekte, teruggenomen, van derden verworven, afgeboekte en naar een andere rubriek overgeboekte afschrijvingen en waardeverminderingen), het bedrag van de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het boekjaar;
c) de nettoboekwaarde op het einde van het boekjaar.
4° als er financiële deelnemingen zijn (rubrieken 270 tot 274), een staat hiervan die voor elke deelneming minstens het volgende vermeldt:
a) het ondernemingsnummer;
b) de naam;
c) het controlepercentage;
d) de nettowaarde van de deelneming op het einde van het vorige boekjaar;
e) de mutaties van het jaar (meer- of minderwaarde, terugname van meer- of minderwaarde);
f) de nettowaarde van de deelneming op het einde van het boekjaar.
5° als er kapitaal is, een staat van het kapitaal en de aandeelhoudersstructuur, met vermelding van:
a) het bedrag van het onderschreven kapitaal/fondsen; het aantal uitgegeven aandelen en de nominale waarde ervan, op de datum van de afsluiting van het boekjaar en op de datum van de afsluiting van het vorige boekjaar;
b) de aandeelhoudersstructuur (naam van de aandeelhoudende onderneming, ondernemingsnummer, aantal en percentage aandelen in bezit bij de afsluiting van het boekjaar, aantal en percentage aandelen in bezit bij de afsluiting van het vorige boekjaar);
c) als het kapitaal vertegenwoordigd wordt door verschillende categorieën aandelen, het aantal aandelen voor elke categorie en het bedrag aan kapitaal dat ze vertegenwoordigen bij de afsluiting van het boekjaar;
d) voor elke aandeelhouder die tot volstorting gehouden is, het bedrag van het niet-opgevraagde kapitaal en het niet-gestorte opgevraagde kapitaal.
6° als er door derden aangegane leningen of schulden zijn die gewaarborgd worden met door de entiteit gestelde zekerheden, een samenvattende tabel hiervan.
7° een afstemming tussen het boekhoudkundige resultaat en het begrotingsresultaat.
8° als de boekhoudkundige entiteit haar rekeningen niet enkel volgens de ARS-indeling opmaakt maar ook volgens de MAR-indeling, een tabel waarin de boekhoudkundige resultaten en het balanstotaal ARS en MAR afgestemd worden.
9° als er begrotingsfondsen zijn, een tabel die, inzake ontvangsten, de kasontvangsten bevat en, inzake uitgaven, de vastgelegde en vereffende bedragen.
10° in geval van verkopen of andere vervreemdingen van roerende en onroerende goederen, een verslag daarover in overeenstemming met artikel 86 tweede lid van de Codex [1 en met de daarmee verband houdende bepalingen van de omzendbrief van de minister van Financiën en Begroting met het oog op de toepassing van de boekhoudkundige regels waarin de Codex voorziet]1.
11° indien van toepassing, een transparantieverslag over de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse overheidsmandatarissen overeenkomstig artikel 7 van de gezamenlijke Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 december 2017 betreffende de transparantie van de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse openbare mandatarissen.
12° Een samenvatting van de waarderingsregels in overeenstemming met artikel 86, eerste lid van de Codex.
1° toelichtingen bij de rekeningen, met meer specifiek de markante boekhoudkundige gebeurtenissen van het jaar alsook een analytisch overzicht van de belangrijke wijzigingen gedurende het boekjaar in de posten van de balans en de resultatenrekening met een toelichting bij deze wijzigingen;
2° als er oprichtingskosten zijn, een staat van die kosten (rubriek 201 van het ARS) met vermelding van hun netto boekwaarde op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar alsook hun netto boekwaarde op het einde van het boekjaar, uitgesplitst naar:
a) kosten van oprichting en kapitaalverhoging, kosten bij uitgifte van leningen en overige oprichtingskosten;
b) herstructureringskosten;
c) kosten voor aanpassing en herinrichting van gebouwen van derden die worden gebruikt door de boekhoudkundige entiteit.
3° Als er immateriële vaste activa (rubriek 202 van het ARS) of materiële vaste activa (subklassen 21 tot 26 van het ARS) zijn, kan een staat van deze activa in twee verschillende formaten worden weergegeven.
Het eerste formaat is een staat die voor elk van deze posten vermeldt:
a) de aanschaffingswaarde op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (verwervingen, overdrachten en buitendienststellingen, overboekingen tussen rubrieken), de aanschaffingswaarde op het einde van het boekjaar;
b) de herwaarderingsmeerwaarden op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (geboekte, van derden verworven, afgeboekte, naar een andere rubriek overgeboekte meerwaarden), bedrag van de herwaarderingsmeerwaarden op het einde van het boekjaar;
c)de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (geboekte, teruggenomen, van derden verworven, afgeboekte en naar een andere rubriek overgeboekte afschrijvingen en waardeverminderingen), het bedrag van de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het boekjaar;
d) de nettoboekwaarde op het einde van het boekjaar.
Het tweede formaat is een staat die voor elk van deze posten vermeldt:
a) de aanschaffingswaarde op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (verwervingen, herwaarderingsmeerwaarden, overdrachten en buitendienststellingen, overboekingen tussen rubrieken), de aanschaffingswaarde op het einde van het boekjaar;
b) de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het vorige boekjaar, de mutaties van het boekjaar (geboekte, teruggenomen, van derden verworven, afgeboekte en naar een andere rubriek overgeboekte afschrijvingen en waardeverminderingen), het bedrag van de afschrijvingen en herwaarderingsminderwaarden op het einde van het boekjaar;
c) de nettoboekwaarde op het einde van het boekjaar.
4° als er financiële deelnemingen zijn (rubrieken 270 tot 274), een staat hiervan die voor elke deelneming minstens het volgende vermeldt:
a) het ondernemingsnummer;
b) de naam;
c) het controlepercentage;
d) de nettowaarde van de deelneming op het einde van het vorige boekjaar;
e) de mutaties van het jaar (meer- of minderwaarde, terugname van meer- of minderwaarde);
f) de nettowaarde van de deelneming op het einde van het boekjaar.
5° als er kapitaal is, een staat van het kapitaal en de aandeelhoudersstructuur, met vermelding van:
a) het bedrag van het onderschreven kapitaal/fondsen; het aantal uitgegeven aandelen en de nominale waarde ervan, op de datum van de afsluiting van het boekjaar en op de datum van de afsluiting van het vorige boekjaar;
b) de aandeelhoudersstructuur (naam van de aandeelhoudende onderneming, ondernemingsnummer, aantal en percentage aandelen in bezit bij de afsluiting van het boekjaar, aantal en percentage aandelen in bezit bij de afsluiting van het vorige boekjaar);
c) als het kapitaal vertegenwoordigd wordt door verschillende categorieën aandelen, het aantal aandelen voor elke categorie en het bedrag aan kapitaal dat ze vertegenwoordigen bij de afsluiting van het boekjaar;
d) voor elke aandeelhouder die tot volstorting gehouden is, het bedrag van het niet-opgevraagde kapitaal en het niet-gestorte opgevraagde kapitaal.
6° als er door derden aangegane leningen of schulden zijn die gewaarborgd worden met door de entiteit gestelde zekerheden, een samenvattende tabel hiervan.
7° een afstemming tussen het boekhoudkundige resultaat en het begrotingsresultaat.
8° als de boekhoudkundige entiteit haar rekeningen niet enkel volgens de ARS-indeling opmaakt maar ook volgens de MAR-indeling, een tabel waarin de boekhoudkundige resultaten en het balanstotaal ARS en MAR afgestemd worden.
9° als er begrotingsfondsen zijn, een tabel die, inzake ontvangsten, de kasontvangsten bevat en, inzake uitgaven, de vastgelegde en vereffende bedragen.
10° in geval van verkopen of andere vervreemdingen van roerende en onroerende goederen, een verslag daarover in overeenstemming met artikel 86 tweede lid van de Codex [1 en met de daarmee verband houdende bepalingen van de omzendbrief van de minister van Financiën en Begroting met het oog op de toepassing van de boekhoudkundige regels waarin de Codex voorziet]1.
11° indien van toepassing, een transparantieverslag over de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse overheidsmandatarissen overeenkomstig artikel 7 van de gezamenlijke Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 14 december 2017 betreffende de transparantie van de bezoldigingen en voordelen van de Brusselse openbare mandatarissen.
12° Een samenvatting van de waarderingsregels in overeenstemming met artikel 86, eerste lid van de Codex.
Art. 3. L'annexe au compte annuel des entités comptables comporte, dans l'ordre de présentation ci-dessous, au moins les renseignements et les états suivants :
1° des commentaires sur les comptes comprenant plus spécifiquement les événements comptables marquants de l'année ainsi qu'une revue analytique présentant les variations significatives de l'exercice sur les postes du bilan et du compte de résultats avec une explication de ces variations ;
2° s'il existe des frais d'établissement, un état de ceux-ci (rubrique 201 du PCN) mentionnant leur valeur comptable nette au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice, ainsi que la valeur comptable nette au terme de l'exercice, ventilée entre :
a) frais de constitution et d'augmentation de capital, frais d'émission d'emprunts et autres frais d'établissement ;
b) frais de restructuration ;
c) frais d'agencement et d'aménagement d'immeubles de tiers occupés par l'entité comptable.
3° S'il existe des immobilisations incorporelles (rubrique 202 du PCN) ou corporelles (sous-classes 21 à 26 du PCN), un état de celles-ci pouvant se présenter sous deux formats différents.
Le premier format est un état mentionnant pour chacun de ces postes:
a) la valeur d'acquisition au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'année (acquisitions, cessions et désaffectations, transfert d'une rubrique à l'autre), la valeur d'acquisition au terme de l'exercice ;
b) les plus-values de réévaluation au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice (plus-values actées, acquises de tiers, annulées, transférées d'une rubrique à une autre), la valeur des plus-values de réévaluation au terme de l'exercice ;
c) les amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice (amortissements et réductions de valeur actés, repris, acquis de tiers, annulés, transférés d'une rubrique à une autre), la valeur des amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice;
d) la valeur comptable nette en fin d'exercice.
Le deuxième format est un état mentionnant pour chacun de ces postes:
a) la valeur d'acquisition au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'année (acquisitions, plus-values de réévaluation, cessions et désaffectations, transfert d'une rubrique à l'autre), la valeur d'acquisition au terme de l'exercice ;
b) les amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice (amortissements et réductions de valeur actés, repris, acquis de tiers, annulés, transférés d'une rubrique à une autre), la valeur des amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice;
c) la valeur comptable nette en fin d'exercice.
4° s'il existe des participations financières (rubriques 270 à 274 ), un état de celles-ci mentionnant au minimum pour chaque participation:
a) le numéro d'entreprise ;
b) la dénomination ;
c) le pourcentage de contrôle ;
d) la valeur nette de la participation au terme de l'exercice précédent ;
e) les mutations de l'année (plus ou moins value, reprise de plus ou moins value) ;
f) la valeur nette de la participation au terme de l'exercice.
5° s'il existe du capital, un état de celui-ci et de la structure de l'actionnariat mentionnant :
a) le montant du capital souscrit/fonds ; le nombre de titres émis ainsi que la valeur nominale à la date de la clôture de l'exercice et à la date de clôture de l'exercice précédent ;
b) la structure de l'actionnariat (nom de la société actionnaire, numéro d'entreprise, titres détenus à la clôture de l'exercice en nombre et en pourcent, titres détenus à la clôture de l'exercice précédent en nombre et en pourcent) ;
c) s'il existe plusieurs catégories d'actions représentatives du capital, le nombre d'actions de chaque catégorie et le montant du capital qu'elles représentent à la clôture de l'exercice;
d) pour chaque actionnaire redevable de la libération, le montant du capital non appelé et du capital appelé non versé.
6° s'il existe des emprunts ou dettes contractés par des tiers garantis par des sûretés constituées par l'entité, un tableau de synthèse de ceux-ci.
7° une réconciliation entre le résultat comptable et le résultat budgétaire.
8° si l'entité comptable établit ses comptes au format PCMN en plus du format PCN, un tableau présentant la réconciliation entre les résultats comptables et le total du bilan PCN et PCMN.
9° s'il existe des fonds budgétaires, un tableau qui reprend, en matière de recettes, les recettes encaissées et, en matière de dépenses, les montants engagés et liquidés.
10° en cas de ventes ou autres aliénations de biens meubles et immeubles, un rapport sur celles-ci conformément, à l'article 86 alinéa 2 du Code [1 et aux dispositions y relatives de la circulaire du Ministre des Finances et du Budget visant à faire appliquer les règles comptables prévues par le Code]1.
11° si applicable, un rapport sur la transparence des rémunérations et avantages des mandataires publics bruxellois conformément à l'article 7 de l'Ordonnance conjointe à la Région de Bruxelles-Capitale et à la Commission communautaire commune du 14 décembre 2017 sur la transparence des rémunérations et avantages des mandataires publics bruxellois.
12° une synthèse des règles d'évaluation conformément à l'article 86 alinéa 1er du Code.
1° des commentaires sur les comptes comprenant plus spécifiquement les événements comptables marquants de l'année ainsi qu'une revue analytique présentant les variations significatives de l'exercice sur les postes du bilan et du compte de résultats avec une explication de ces variations ;
2° s'il existe des frais d'établissement, un état de ceux-ci (rubrique 201 du PCN) mentionnant leur valeur comptable nette au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice, ainsi que la valeur comptable nette au terme de l'exercice, ventilée entre :
a) frais de constitution et d'augmentation de capital, frais d'émission d'emprunts et autres frais d'établissement ;
b) frais de restructuration ;
c) frais d'agencement et d'aménagement d'immeubles de tiers occupés par l'entité comptable.
3° S'il existe des immobilisations incorporelles (rubrique 202 du PCN) ou corporelles (sous-classes 21 à 26 du PCN), un état de celles-ci pouvant se présenter sous deux formats différents.
Le premier format est un état mentionnant pour chacun de ces postes:
a) la valeur d'acquisition au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'année (acquisitions, cessions et désaffectations, transfert d'une rubrique à l'autre), la valeur d'acquisition au terme de l'exercice ;
b) les plus-values de réévaluation au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice (plus-values actées, acquises de tiers, annulées, transférées d'une rubrique à une autre), la valeur des plus-values de réévaluation au terme de l'exercice ;
c) les amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice (amortissements et réductions de valeur actés, repris, acquis de tiers, annulés, transférés d'une rubrique à une autre), la valeur des amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice;
d) la valeur comptable nette en fin d'exercice.
Le deuxième format est un état mentionnant pour chacun de ces postes:
a) la valeur d'acquisition au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'année (acquisitions, plus-values de réévaluation, cessions et désaffectations, transfert d'une rubrique à l'autre), la valeur d'acquisition au terme de l'exercice ;
b) les amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice précédent, les mutations de l'exercice (amortissements et réductions de valeur actés, repris, acquis de tiers, annulés, transférés d'une rubrique à une autre), la valeur des amortissements et moins-values de réévaluation au terme de l'exercice;
c) la valeur comptable nette en fin d'exercice.
4° s'il existe des participations financières (rubriques 270 à 274 ), un état de celles-ci mentionnant au minimum pour chaque participation:
a) le numéro d'entreprise ;
b) la dénomination ;
c) le pourcentage de contrôle ;
d) la valeur nette de la participation au terme de l'exercice précédent ;
e) les mutations de l'année (plus ou moins value, reprise de plus ou moins value) ;
f) la valeur nette de la participation au terme de l'exercice.
5° s'il existe du capital, un état de celui-ci et de la structure de l'actionnariat mentionnant :
a) le montant du capital souscrit/fonds ; le nombre de titres émis ainsi que la valeur nominale à la date de la clôture de l'exercice et à la date de clôture de l'exercice précédent ;
b) la structure de l'actionnariat (nom de la société actionnaire, numéro d'entreprise, titres détenus à la clôture de l'exercice en nombre et en pourcent, titres détenus à la clôture de l'exercice précédent en nombre et en pourcent) ;
c) s'il existe plusieurs catégories d'actions représentatives du capital, le nombre d'actions de chaque catégorie et le montant du capital qu'elles représentent à la clôture de l'exercice;
d) pour chaque actionnaire redevable de la libération, le montant du capital non appelé et du capital appelé non versé.
6° s'il existe des emprunts ou dettes contractés par des tiers garantis par des sûretés constituées par l'entité, un tableau de synthèse de ceux-ci.
7° une réconciliation entre le résultat comptable et le résultat budgétaire.
8° si l'entité comptable établit ses comptes au format PCMN en plus du format PCN, un tableau présentant la réconciliation entre les résultats comptables et le total du bilan PCN et PCMN.
9° s'il existe des fonds budgétaires, un tableau qui reprend, en matière de recettes, les recettes encaissées et, en matière de dépenses, les montants engagés et liquidés.
10° en cas de ventes ou autres aliénations de biens meubles et immeubles, un rapport sur celles-ci conformément, à l'article 86 alinéa 2 du Code [1 et aux dispositions y relatives de la circulaire du Ministre des Finances et du Budget visant à faire appliquer les règles comptables prévues par le Code]1.
11° si applicable, un rapport sur la transparence des rémunérations et avantages des mandataires publics bruxellois conformément à l'article 7 de l'Ordonnance conjointe à la Région de Bruxelles-Capitale et à la Commission communautaire commune du 14 décembre 2017 sur la transparence des rémunérations et avantages des mandataires publics bruxellois.
12° une synthèse des règles d'évaluation conformément à l'article 86 alinéa 1er du Code.
Wijzigingen
HOOFDSTUK 2. - vorm en inhoud van de bijlage bij de geconsolideerde jaarrekening van de gewestelijke entiteit opgesteld overeenkomstig artikel 89 § 1 van de Codex
CHAPITRE 2. - forme et contenu de l'annexe au compte annuel consolidé de l'entité régionale, établi conformément à l'article 89 § 1er du Code
Art. 4. De bijlage bij de geconsolideerde jaarrekening van de gewestelijke entiteit omvat minstens volgende inlichtingen en staten:
1° Een staat van de consolidatieperimeter;
2° Een overzicht van de boekhoudkundige normen die van toepassing zijn op de gewestelijke entiteit overeenkomstig artikel 86, eerste lid van de Codex.;
3° Een samenvatting van de consolidatiemethode voor de jaarrekening;
4° In geval van wijziging van de waarderingsregels, een samenvatting van die wijzigingen;
5° Een samenvattende staat van de balans, de resultatenrekening, de rekening van de niet in de balans opgenomen rechten en verbintenissen en de samenvattende rekening van de begrotingsverrichtingen;
6° Een staat van het eigen vermogen en de belangen van derden;
7° In geval van verkopen of andere vervreemdingen van roerende en onroerende goederen, een verslag daarover overeenkomstig artikel 86, tweede lid van de Codex [1 en met de daarmee verband houdende bepalingen van de omzendbrief van de minister van Financiën en Begroting met het oog op de toepassing van de boekhoudkundige regels waarin de Codex voorziet]1.
1° Een staat van de consolidatieperimeter;
2° Een overzicht van de boekhoudkundige normen die van toepassing zijn op de gewestelijke entiteit overeenkomstig artikel 86, eerste lid van de Codex.;
3° Een samenvatting van de consolidatiemethode voor de jaarrekening;
4° In geval van wijziging van de waarderingsregels, een samenvatting van die wijzigingen;
5° Een samenvattende staat van de balans, de resultatenrekening, de rekening van de niet in de balans opgenomen rechten en verbintenissen en de samenvattende rekening van de begrotingsverrichtingen;
6° Een staat van het eigen vermogen en de belangen van derden;
7° In geval van verkopen of andere vervreemdingen van roerende en onroerende goederen, een verslag daarover overeenkomstig artikel 86, tweede lid van de Codex [1 en met de daarmee verband houdende bepalingen van de omzendbrief van de minister van Financiën en Begroting met het oog op de toepassing van de boekhoudkundige regels waarin de Codex voorziet]1.
Art. 4. L'annexe au compte annuel consolidé de l'Entité régionale comporte au moins les renseignements et les états suivants:
1° Un état du périmètre de consolidation ;
2° Une synthèse des normes comptables applicables à l'entité régionale conformément à l'article 86 alinéa 1er du Code;
3° Une synthèse de la méthodologie de consolidation du compte annuel ;
4° En cas de modification des règles d'évaluation, une synthèse de ces modifications;
5° Un état de synthèse du bilan, du compte de résultats, du compte de droits et engagements hors bilan et du compte de récapitulation des opérations budgétaires ;
6° Un état des fonds propres et des intérêts de tiers ;
7° En cas de ventes ou autres aliénations de biens meubles et immeubles, un rapport sur celles-ci conformément à l'article 86 alinéa 2 du Code [1 et aux dispositions y relatives de la circulaire du Ministre des Finances et du Budget visant à faire appliquer les règles comptables prévues par le Code]1.
1° Un état du périmètre de consolidation ;
2° Une synthèse des normes comptables applicables à l'entité régionale conformément à l'article 86 alinéa 1er du Code;
3° Une synthèse de la méthodologie de consolidation du compte annuel ;
4° En cas de modification des règles d'évaluation, une synthèse de ces modifications;
5° Un état de synthèse du bilan, du compte de résultats, du compte de droits et engagements hors bilan et du compte de récapitulation des opérations budgétaires ;
6° Un état des fonds propres et des intérêts de tiers ;
7° En cas de ventes ou autres aliénations de biens meubles et immeubles, un rapport sur celles-ci conformément à l'article 86 alinéa 2 du Code [1 et aux dispositions y relatives de la circulaire du Ministre des Finances et du Budget visant à faire appliquer les règles comptables prévues par le Code]1.
Wijzigingen
Art. 5. De Minister van Financiën en Begroting is gemachtigd om de modellen van de staten van de bijlagen vast te stellen.
Art. 5. Le Ministre des Finances et du Budget est autorisé à fixer les modèles des états des annexes.
Art. 6. [1 Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2025 voor elke boekhoudkundige transactie die wordt uitgevoerd vanaf het boekjaar 2025]1.
De minister van Financiën en Begroting van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
De minister van Financiën en Begroting van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 6. [1 Le présent arrêté entre en vigueur pour toute opération comptable réalisée à partir de l'exercice 2025]1.
Le ministre des Finances et du Budget du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Le ministre des Finances et du Budget du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale est chargé de l'exécution du présent arrêté.