Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
20 DECEMBER 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van diverse bepalingen betreffende het vergoedingsstelsel toepasselijk op de militairen die dienstreizen volbrengen in het buitenland
Titre
20 DECEMBRE 2023. - ArrĂȘtĂ© royal modifiant diverses dispositions relatives au rĂ©gime d'indemnisation applicable aux militaires accomplissant des dĂ©placements de service Ă  l'extĂ©rieur du royaume
Documentinformatie
Numac: 2024000060
Datum: 2023-12-20
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2024000060
Date: 2023-12-20
Moniteur: Voir
Tekst (11)
Texte (11)
Artikel 1. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 15 januari 1962 tot vaststelling van het vergoedingsstelsel toepasselijk op de militairen die dienstreizen volbrengen in het buitenland, vervangen bij het koninklijk besluit van 15 november 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
a) de bepaling onder 3° wordt vervangen als volgt:
"3° kind ten laste: elk kind jonger dan 25 jaar dat geen eigen beroepsinkomsten heeft en waarvan, overeenkomstig de bepalingen ter zake van het Burgerlijk Wetboek:
b) de afstamming werd vastgesteld ten aanzien van de militair of zijn echtgenoot;
c) de militair of zijn echtgenoot werd aangeduid als adoptieouder;
d) de militair of zijn echtgenoot werd aangeduid als pleegouder;
e) de militair of zijn echtgenoot werd aangeduid als voogd;";
f) in de bepaling onder 4° worden de woorden "of in de deelstand "in vorming"" ingevoegd tussen de woorden ""in normale dienst"" en de woorden ", waarvan bij aanvang blijkt".
Article 1er. Dans l'article 2 de l'arrĂȘtĂ© royal du 15 janvier 1962 fixant le rĂ©gime d'indemnisation applicable aux militaires accomplissant des dĂ©placements de service Ă  l'extĂ©rieur du Royaume, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 15 novembre 2020, les modifications suivantes sont apportĂ©es:
a) le 3° est remplacé par ce qui suit :
"3° enfant à charge: tout enfant ùgé de moins de 25 ans qui ne dispose pas de revenus professionnels propres et dont, conformément aux dispositions du Code civil:
b) la filiation est établie à l'égard du militaire ou de son conjoint;
c) le militaire ou son conjoint a été désigné comme parent adoptif;
d) le militaire ou son conjoint a été désigné comme responsable de l'accueil;
e) le militaire ou son conjoint a été désigné tuteur;";
f) dans le 4° les mots "ou dans la sous-position "en formation"" sont insérés entre les mots ""en service normal"" et les mots ", dont il apparaßt d'emblée".
Art. 2. Artikel 5, § 1, van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 15 november 2020, wordt aangevuld met twee leden, luidende:
"Evenwel kan de militair met vaste dienst, waarvan bij aanvang blijkt dat de duur van de dienstverplaatsing minstens vijf ononderbroken maanden zal bedragen, zonder achttien maanden te overschrijden, ervoor kiezen om niet te genieten van het vergoedingsstelsel van toepassing op militairen met vaste dienst zoals bedoeld in hoofdstuk II van dit besluit, maar om te genieten van het vergoedingsstelsel van toepassing op tijdelijke zendingen zoals bedoeld in hoofdstuk I van dit besluit. Deze keuze moet gemaakt worden voor de aanvang van de opdracht en is onherroepelijk.
In afwijking van het derde lid, kan de directeur-generaal human resources, in bijzondere omstandigheden, op gemotiveerde aanvraag van de militair, toestaan dat betrokkene de voornoemde keuze wijzigt na de aanvang van de opdracht.".
Art. 2. L'article 5, § 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 15 novembre 2020, est complĂ©tĂ© par deux alinĂ©as rĂ©digĂ©s comme suit:
"Toutefois, le militaire en service permanent, dont il apparaĂźt d'emblĂ©e que la durĂ©e du dĂ©placement de service sera d'au moins cinq mois ininterrompus, sans excĂ©der dix-huit mois, peut choisir de ne pas bĂ©nĂ©ficier du rĂ©gime d'indemnisation applicable aux militaires en service permanent visĂ© au chapitre II du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, mais de bĂ©nĂ©ficier du rĂ©gime d'indemnisation applicable Ă  l'occasion des missions temporaires visĂ© aux chapitre 1er du prĂ©sent arrĂȘtĂ©. Ce choix doit ĂȘtre fait avant le dĂ©but de la mission et est irrĂ©vocable.
En dérogation à l'alinéa 3, le directeur général human resources peut, dans des circonstances particuliÚres, sur demande motivée du militaire, autoriser que l'intéressé change le choix précité aprÚs le début de la mission.".
Art. 3. In artikel 12 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 15 november 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid worden de woorden ", met uitzondering van de tussenkomsten in de kosten voor representatie," ingevoegd tussen de woorden "maandelijks recht op een postvergoeding" en de woorden "bepaald overeenkomstig de toepasselijke bepalingen";
2° het derde lid wordt vervangen als volgt:
"Evenwel, genieten de officieren die een diplomatieke post bekleden van de vergoeding voor passieve representatie.".
Art. 3. A l'article 12 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 15 novembre 2020, les modifications suivantes sont apportĂ©es:
1° dans l'alinéa 1er les mots ", à l'exception des interventions dans les frais de représentation," sont insérés entre les mots "droit mensuellement à une indemnité de poste" et les mots "fixée conformément aux dispositions applicables";
2° l'alinéa 3 est remplacé par ce qui suit:
"Toutefois, les officiers qui occupent un poste diplomatique bénéficient de l'indemnité de représentation passive.".
Art. 4. In artikel 12/6 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 15 november 2020, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
a) in paragraaf 2, 2°, worden de woorden "kunnen worden gedragen tot en met het schooljaar volgend op de periode van vaste dienst en" ingevoegd tussen de woorden "Deze kosten" en de woorden "zijn beperkt";
b) in paragraaf 2 wordt de bepaling onder 2° /1 ingevoegd, luidende:
"2° /1 met het oog op het vergemakkelijken van de overgang van het schoolsysteem in het land van vaste dienst naar het schoolsysteem in België, de kosten voor voorbereidende of inhaallessen. Deze kosten zijn beperkt tot 2.000 euro per kind voor de volledige periode van vaste dienst en kunnen tot en met het schooljaar volgend op de periode van vaste dienst worden gedragen;";
c) in paragraaf 2, 3° wordt het woord "per" vervangen door de woorden "voor de";
d) in paragraaf 3, eerste lid, worden de woorden "door de militair of zijn echtgenoot is ontvangen" vervangen door de woorden "wordt toegekend of de schoolkosten gedeeltelijk of volledig gedragen worden door een derde";
e) in paragraaf 3 wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, luidende :
"De voornoemde franchise is evenwel niet van toepassing op de vergoedingen voor schoolkosten zoals bedoeld in § 2, 2° en 2° /1, gemaakt tijdens het schooljaar volgend op de periode van vaste dienst.".
Art. 4. Dans l'article 12/6 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 15 novembre 2020, les modifications suivantes sont apportĂ©es:
a) dans le paragraphe 2, 2°, les mots "peuvent ĂȘtre pris en charge jusqu'Ă  et y compris l'annĂ©e scolaire suivant la pĂ©riode de service permanent et" sont insĂ©rĂ©s entre les mots "Ces frais" et les mots "sont limitĂ©s";
b) dans le paragraphe 2, est inséré le 2° /1 rédigé comme suit:
"2° /1 en vue de faciliter le passage du systĂšme scolaire du pays de service permanent au systĂšme scolaire en Belgique, les frais pour des cours prĂ©paratoires ou de rattrapage. Ces frais sont limitĂ©s Ă  2.000 euros par enfant et par pĂ©riode complĂšte de service permanent et peuvent ĂȘtre pris en charge jusqu'Ă  et y compris l'annĂ©e scolaire suivant la pĂ©riode de service permanent;";
c) dans le texte néerlandais du paragraphe 2, 3° le mot "per" est remplacé par les mots "voor de";
d) dans le paragraphe 3, alinéa 1er, les mots "est perçue par le militaire ou son conjoint" sont remplacés par les mots " est octroyée ou les frais de scolarité sont partiellement ou totalement pris en charge par un tiers";
e) dans le paragraphe 3 un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 1er et 2:
"La franchise précitée n'est toutefois pas d'application aux indemnités pour frais de scolarité visés au § 2, 2° et 2° /1, encourus pendant l'année scolaire suivant la période de service permanent.".
Art. 5. In hoofdstuk III van hetzelfde besluit wordt een artikel 12/8 ingevoegd, luidende:
"Art. 12/8. Om de kosten te dekken voor actieve representatie wordt een maandelijkse voorlopige tussenkomst collectief toegekend aan het bureau waar een of meerdere officieren een diplomatieke post bekleden.
Het voorlopig maandelijks basisbedrag van 577,52 euro wordt bepaald per officier aanwezig op het bureau.
Dit basisbedrag wordt verhoogd met 25 percent indien de echtgenoot op de verblijfplaats van de officier met vaste dienst verblijft, vermenigvuldigd met een coëfficiënt levensduurte bepaald door de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en een coëfficiënt actieve representatie bepaald door de directeur-generaal human resources.
Het bedrag van de voorlopige tussenkomst in de kosten voor actieve representatie kan tijdelijk door de budgettaire autoriteit van de Algemene Dienst Inlichtingen en Veiligheid worden aangepast omwille van specifieke gelegenheden in het land van vaste dienst.".
Art. 5. Dans le chapitre III du mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 12/8 rĂ©digĂ© comme suit:
"Art. 12/8. Pour couvrir les frais de reprĂ©sentation active, une intervention mensuelle provisoire est accordĂ©e collectivement au bureau oĂč un ou plusieurs officiers occupent un poste diplomatique.
Le montant de base mensuel provisoire de 577,52 euros est fixé par officier présent au bureau.
Ce montant de base est majoré de 25 pourcent si le conjoint réside au domicile de l'officier en service permanent, multiplié par un coefficient du coût de la vie déterminé par le Service public fédéral Affaires étrangÚres, Commerce extérieur et Coopération au Développement et un coefficient de représentation active déterminé par le directeur général human resources.
Le montant de l'intervention provisoire dans les frais de reprĂ©sentation active peut ĂȘtre temporairement ajustĂ© par l'autoritĂ© budgĂ©taire du Service GĂ©nĂ©ral du Renseignement et de la SĂ©curitĂ© pour tenir compte d'occasions particuliĂšres dans le pays de service permanent.".
Art. 6. De militair met vaste dienst op de datum van inwerkingtreding van dit besluit, kan voor het op deze datum lopende schooljaar, genieten van de uitbreiding van de definitie van kind ten laste zoals bedoeld in het artikel 2, 3° van het voornoemd koninklijk besluit van 15 januari 1962.
Art. 6. Le militaire en service permanent Ă  la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, peut, pour l'annĂ©e scolaire en cours Ă  cette date, bĂ©nĂ©ficier de l'extension de la dĂ©finition d'enfant Ă  charge visĂ©e Ă  l'article 2, 3° de l'arrĂȘtĂ© royal du 15 janvier 1962 prĂ©citĂ©.
Art. 7. Voor de militair met vaste dienst op de datum van inwerkingtreding van dit besluit, worden de kinderen die voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit als kind ten laste werden beschouwd nog steeds als kind ten laste beschouwd voor de resterende periode van de vaste dienst.
Art. 7. Pour le militaire en service permanent Ă  la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, les enfants qui Ă©taient considĂ©rĂ©s comme enfant Ă  charge avant l'entrĂ©e en vigueur de cet arrĂȘtĂ© seront toujours considĂ©rĂ©s comme enfant Ă  charge pour le reste de la pĂ©riode de service permanent.
Art. 8. De militair die met vaste dienst was gedurende het schooljaar waarin de datum van inwerkingtreding van dit besluit valt, of gedurende het hieraan voorafgaand schooljaar, kan nog genieten van de vergoeding voor schoolkosten zoals bedoeld in artikel 12/6, § 2, 2° en 2° /1 van het voornoemd koninklijk besluit van 15 januari 1962.
Art. 8. Le militaire qui Ă©tait en service permanent pendant l'annĂ©e scolaire au cours de laquelle le prĂ©sent arrĂȘtĂ© est entrĂ© en vigueur, ou pendant l'annĂ©e scolaire prĂ©cĂ©dente, peut encore bĂ©nĂ©ficier de l'indemnitĂ© pour frais de scolaritĂ© visĂ©e Ă  l'article 12/6, § 2, 2 et 2° /1 de l'arrĂȘtĂ© royal du 15 janvier 1962 prĂ©citĂ©.
Art. 9. In artikel 3, eerste lid, 7°, van het koninklijk besluit van 18 maart 2003 houdende bezoldigingsregeling van de militairen van alle rangen en betreffende het stelsel van de dienstprestaties van de militairen van het actief kader beneden de rang van officier, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 15 november 2020, worden de woorden "of in de deelstand "in vorming"" ingevoegd tussen de woorden "in de deelstand "in normale dienst"" en de woorden ", waarvan bij aanvang blijkt".
Art. 9. Dans l'article 3, alinĂ©a 1er, 7°, de l'arrĂȘtĂ© royal du 18 mars 2003 relatif au statut pĂ©cuniaire des militaires de tous rangs et au rĂ©gime des prestations de service des militaires du cadre actif au-dessous du rang d'officier, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 15 novembre 2020, les mots "ou dans la sous-position "en formation"" sont insĂ©rĂ©s entre les mots "dans la sous-position "en service normal"" et les mots "dont il apparaĂźt d'emblĂ©e".
Art. 10. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2023.
Art. 10. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© produit ses effets le 1er septembre 2023.
Art. 11. De minister bevoegd voor Defensie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 11. Le ministre qui a la DĂ©fense dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.