Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
23 NOVEMBER 2023. - Decreet over Vlaamse erfgoednetwerken
Titre
23 NOVEMBRE 2023. - Décret sur les réseaux flamands du patrimoine
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
HOOFDSTUK 2. - Erkenning, opdracht en bestuur v...
Afdeling 1.-. Erkenning
Afdeling 2. - Definitie
Afdeling 3. - Opdracht
Afdeling 4. - Bestuur
HOOFDSTUK 3. - De samenwerkingsovereenkomst
HOOFDSTUK 4. - Subsidiëring
HOOFDSTUK 5. - Evaluatie
HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
CHAPITRE 2. - Agrément, mission et administrati...
Section 1re. - Agrément
Section 2. - Définition
Section 3. - Mission
Section 4. - Administration
CHAPITRE 3. - Accord de coopération
CHAPITRE 4. - Subventionnement
CHAPITRE 5. - Evaluation
CHAPITRE 6. - Dispositions finales
Tekst (24)
Texte (24)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschaps- en gewestaangelegenheid.
Article 1er. Le présent décret règle des matières communautaire et régionale.
Art. 2. In dit decreet wordt verstaan onder agentschap: de entiteit die door de Vlaamse Regering belast is met de beleidsvoorbereiding, de beleidsuitvoering, de beleidsmonitoring en de beleidsevaluatie inzake onroerend erfgoed.
Art. 2. Aux fins du présent décret, on entend par agence : l'entité chargée par le Gouvernement flamand de la préparation de la politique, de la mise en oeuvre de la politique, du suivi de la politique et de l'évaluation de la politique en matière de patrimoine immobilier.
HOOFDSTUK 2. - Erkenning, opdracht en bestuur van een Vlaams erfgoednetwerk
CHAPITRE 2. - Agrément, mission et administration d'un réseau flamand du patrimoine
Afdeling 1.-. Erkenning
Section 1re. - Agrément
Art. 3. De Vlaamse Regering kan verenigingen zonder winstoogmerk of stichtingen die in staat zijn de opdrachten, vermeld in dit hoofdstuk, te realiseren, en waarbij de statuten van die organisaties in overeenstemming zijn met de bepalingen van dit decreet, erkennen als een Vlaams erfgoednetwerk. De Vlaamse Regering kan de nadere regels voor de erkenningsprocedure bepalen.
Art. 3. Le Gouvernement flamand peut agréer en tant que réseau flamand du patrimoine les associations sans but lucratif ou les fondations capables de réaliser les missions visées dans le présent chapitre et dont les statuts sont conformes aux dispositions du présent décret. Le Gouvernement flamand peut modaliser la procédure d'agrément.
Afdeling 2. - Definitie
Section 2. - Définition
Art. 4. Een Vlaams erfgoednetwerk is een organisatie die bevoegd is voor het beheer van een portfolio van Vlaamse onroerenderfgoedlocaties, die ontwikkeld zijn of worden tot open erfgoed als vermeld in artikel 8.4.1 van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014.
Opdat een organisatie erkend zou kunnen worden als een Vlaams erfgoednetwerk als vermeld in het eerste lid voldoet haar portfolio aan al de volgende voorwaarden:
1° het is een staalkaart van bouwkundig, landschappelijk en archeologisch onroerend erfgoed, en in voorkomend geval varend erfgoed, dat representatief is voor het verhaal van Vlaanderen;
2° het focust op onroerenderfgoedlocaties die iconisch zijn of waarvan het beheer de draagkracht van een lokaal of regionaal initiatief overstijgt;
3° het is een toonbeeld van onroerenderfgoedzorg, zowel voor de instandhouding door onderhoud en restauratie als op het vlak van gebruik, herbestemming of ontwikkeling ervan.
Een Vlaams erfgoednetwerk beheert de Vlaamse onroerenderfgoedlocaties, vermeld in het eerste lid, die de Vlaamse Regering aan hem toewijst.
Een Vlaams erfgoednetwerk kan onroerenderfgoedlocaties toevoegen aan het portfolio, vermeld in het eerste lid, op voorwaarde dat ze voldoen aan al de voorwaarden, vermeld in het tweede lid.
Opdat een organisatie erkend zou kunnen worden als een Vlaams erfgoednetwerk als vermeld in het eerste lid voldoet haar portfolio aan al de volgende voorwaarden:
1° het is een staalkaart van bouwkundig, landschappelijk en archeologisch onroerend erfgoed, en in voorkomend geval varend erfgoed, dat representatief is voor het verhaal van Vlaanderen;
2° het focust op onroerenderfgoedlocaties die iconisch zijn of waarvan het beheer de draagkracht van een lokaal of regionaal initiatief overstijgt;
3° het is een toonbeeld van onroerenderfgoedzorg, zowel voor de instandhouding door onderhoud en restauratie als op het vlak van gebruik, herbestemming of ontwikkeling ervan.
Een Vlaams erfgoednetwerk beheert de Vlaamse onroerenderfgoedlocaties, vermeld in het eerste lid, die de Vlaamse Regering aan hem toewijst.
Een Vlaams erfgoednetwerk kan onroerenderfgoedlocaties toevoegen aan het portfolio, vermeld in het eerste lid, op voorwaarde dat ze voldoen aan al de voorwaarden, vermeld in het tweede lid.
Art. 4. Un réseau flamand du patrimoine est une organisation chargée de la gestion d'un portefeuille de sites du patrimoine immobilier flamand, développés ou en cours de développement en tant que patrimoine ouvert tel que visé à l'article 8.4.1 de l'Arrêté relatif au patrimoine immobilier du 16 mai 2014.
Pour qu'une organisation puisse être agréée en tant que réseau flamand du patrimoine, tel que visé à l'alinéa 1er, son portefeuille doit satisfaire à toutes les conditions suivantes :
1° il s'agit d'un échantillon de patrimoine immobilier architectural, paysager et archéologique, et le cas échéant, de patrimoine nautique, représentatif de l'histoire de la Flandre ;
2° il se concentre sur des sites du patrimoine immobilier qui sont emblématiques ou dont la gestion dépasse la capacité d'une initiative locale ou régionale ;
3° il s'agit d'un modèle exemplaire de préservation du patrimoine immobilier, tant en ce qui concerne la conservation par l'entretien et la restauration que du point de vue de l'utilisation, de la réaffectation ou du développement.
Un réseau flamand du patrimoine gère les sites du patrimoine immobilier flamand, visés à l'alinéa 1er, que le Gouvernement flamand lui attribue.
Un réseau flamand du patrimoine peut ajouter des sites du patrimoine immobilier au portefeuille, visé à l'alinéa 1er, à condition qu'ils satisfont à toutes les conditions, visées à l'alinéa 2.
Pour qu'une organisation puisse être agréée en tant que réseau flamand du patrimoine, tel que visé à l'alinéa 1er, son portefeuille doit satisfaire à toutes les conditions suivantes :
1° il s'agit d'un échantillon de patrimoine immobilier architectural, paysager et archéologique, et le cas échéant, de patrimoine nautique, représentatif de l'histoire de la Flandre ;
2° il se concentre sur des sites du patrimoine immobilier qui sont emblématiques ou dont la gestion dépasse la capacité d'une initiative locale ou régionale ;
3° il s'agit d'un modèle exemplaire de préservation du patrimoine immobilier, tant en ce qui concerne la conservation par l'entretien et la restauration que du point de vue de l'utilisation, de la réaffectation ou du développement.
Un réseau flamand du patrimoine gère les sites du patrimoine immobilier flamand, visés à l'alinéa 1er, que le Gouvernement flamand lui attribue.
Un réseau flamand du patrimoine peut ajouter des sites du patrimoine immobilier au portefeuille, visé à l'alinéa 1er, à condition qu'ils satisfont à toutes les conditions, visées à l'alinéa 2.
Afdeling 3. - Opdracht
Section 3. - Mission
Art. 5. Een Vlaams erfgoednetwerk draagt bij aan een breed maatschappelijk draagvlak voor onroerend erfgoed en onroerenderfgoedzorg. Het portfolio, vermeld in artikel 4, is daarvoor het centrale instrument.
In het kader van de opdracht, vermeld in het eerste lid, heeft een Vlaams erfgoednetwerk al de volgende doelstellingen:
1° een representatief portfolio ontwikkelen dat een doorsnede biedt van het Vlaamse onroerend erfgoed;
2° het portfolio op voorbeeldige wijze beheren en exploiteren;
3° inzetten op vernieuwing en experiment;
4° de diversiteit en rijkdom van het Vlaamse erfgoed, en de mogelijkheden op het vlak van onroerenderfgoedzorg en herbestemming etaleren;
5° meebouwen aan het erfgoed van morgen;
6° aantonen waarin Vlaanderen toonaangevend was en nog altijd is;
7° op basis van eigen inkomsten een substantieel aandeel in de financiering van het beheer, de ontwikkeling en de exploitatie van het portfolio garanderen;
8° op Vlaams niveau een faciliterende, participerende en ondersteunende partner zijn door af te stemmen met lokale en regionale onroerenderfgoedinstanties, Vlaamse overheidsinstanties en partners die onroerenderfgoedsites beheren en ontsluiten.
In het kader van de opdracht, vermeld in het eerste lid, heeft een Vlaams erfgoednetwerk al de volgende doelstellingen:
1° een representatief portfolio ontwikkelen dat een doorsnede biedt van het Vlaamse onroerend erfgoed;
2° het portfolio op voorbeeldige wijze beheren en exploiteren;
3° inzetten op vernieuwing en experiment;
4° de diversiteit en rijkdom van het Vlaamse erfgoed, en de mogelijkheden op het vlak van onroerenderfgoedzorg en herbestemming etaleren;
5° meebouwen aan het erfgoed van morgen;
6° aantonen waarin Vlaanderen toonaangevend was en nog altijd is;
7° op basis van eigen inkomsten een substantieel aandeel in de financiering van het beheer, de ontwikkeling en de exploitatie van het portfolio garanderen;
8° op Vlaams niveau een faciliterende, participerende en ondersteunende partner zijn door af te stemmen met lokale en regionale onroerenderfgoedinstanties, Vlaamse overheidsinstanties en partners die onroerenderfgoedsites beheren en ontsluiten.
Art. 5. Un réseau flamand du patrimoine contribue à la création d'un soutien public large pour le patrimoine immobilier et la préservation du patrimoine immobilier. Le portefeuille, visé à l'article 4, est l'instrument central à cet égard.
Dans le cadre de la mission visée à l'alinéa 1er, un réseau flamand du patrimoine a l'ensemble des objectifs suivants :
1° développer un portefeuille offrant une tranche représentative du patrimoine immobilier flamand ;
2° gérer et exploiter de manière exemplaire le portefeuille ;
3° promouvoir l'innovation et l'expérimentation ;
4° mettre en valeur la diversité et la richesse du patrimoine flamand, ainsi que les possibilités en matière de préservation et de réaffectation du patrimoine immobilier ;
5° contribuer au patrimoine de demain ;
6° démontrer ce qui a fait et continue de faire la renommée de la Flandre ;
7° garantir, sur la base de revenus propres, une part substantielle du financement de la gestion, du développement et de l'exploitation du portefeuille ;
8° agir en tant que partenaire facilitant, participant et soutenant au niveau flamand en concertation avec les organismes du patrimoine immobilier locaux et régionaux, les instances publiques flamandes et les partenaires qui gèrent et valorisent les sites du patrimoine immobilier.
Dans le cadre de la mission visée à l'alinéa 1er, un réseau flamand du patrimoine a l'ensemble des objectifs suivants :
1° développer un portefeuille offrant une tranche représentative du patrimoine immobilier flamand ;
2° gérer et exploiter de manière exemplaire le portefeuille ;
3° promouvoir l'innovation et l'expérimentation ;
4° mettre en valeur la diversité et la richesse du patrimoine flamand, ainsi que les possibilités en matière de préservation et de réaffectation du patrimoine immobilier ;
5° contribuer au patrimoine de demain ;
6° démontrer ce qui a fait et continue de faire la renommée de la Flandre ;
7° garantir, sur la base de revenus propres, une part substantielle du financement de la gestion, du développement et de l'exploitation du portefeuille ;
8° agir en tant que partenaire facilitant, participant et soutenant au niveau flamand en concertation avec les organismes du patrimoine immobilier locaux et régionaux, les instances publiques flamandes et les partenaires qui gèrent et valorisent les sites du patrimoine immobilier.
Art. 6. Een Vlaams erfgoednetwerk heeft de volgende kerntaken:
1° de portfolio-ontwikkeling, vermeld in artikel 5, tweede lid, 1°, laten leiden door een strategie, met als doelstelling het bevattelijk maken van de geschiedenis, rijkdom, creativiteit en diversiteit van Vlaanderen;
2° de onroerenderfgoedlocaties in het portfolio, vermeld in artikel 4, exemplarisch onderhouden en restaureren;
3° het statuut open erfgoed, vermeld in artikel 8.4.1 van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014, als referentie gebruiken voor elke site die hij beheert;
4° inzetten op herbestemming en ontwikkeling, en waar mogelijk kiezen voor markante hedendaagse oplossingen en exploitaties;
5° het portfolio, vermeld in artikel 4, ontwikkelen tot een netwerk onder de vlag van een sterk merk;
6° eigen inkomsten genereren. Daarvoor mag ook een beroep worden gedaan op commerciële invullingen;
7° maatschappelijk draagvlak ontwikkelen door minstens:
a) het portfolio, vermeld in artikel 4, gericht in te zetten;
b) een vrijwilligerswerking op te zetten;
c) het publiek te laten participeren in of bijdragen aan de ontwikkelingen van beschermd erfgoed;
d) in samenwerking met onroerenderfgoedactoren de Open Monumentendag te organiseren en deel te nemen aan andere initiatieven;
e) aansluiting te zoeken bij internationale initiatieven die aansluiten bij het takenpakket van de organisatie;
f) samen te werken met andere lokale en regionale erfgoedpartners en met hen af te stemmen over de uitbreiding van het portfolio, vermeld in artikel 4.
De Vlaamse Regering kan aan een Vlaams erfgoednetwerk bijzondere opdrachten toewijzen.
1° de portfolio-ontwikkeling, vermeld in artikel 5, tweede lid, 1°, laten leiden door een strategie, met als doelstelling het bevattelijk maken van de geschiedenis, rijkdom, creativiteit en diversiteit van Vlaanderen;
2° de onroerenderfgoedlocaties in het portfolio, vermeld in artikel 4, exemplarisch onderhouden en restaureren;
3° het statuut open erfgoed, vermeld in artikel 8.4.1 van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014, als referentie gebruiken voor elke site die hij beheert;
4° inzetten op herbestemming en ontwikkeling, en waar mogelijk kiezen voor markante hedendaagse oplossingen en exploitaties;
5° het portfolio, vermeld in artikel 4, ontwikkelen tot een netwerk onder de vlag van een sterk merk;
6° eigen inkomsten genereren. Daarvoor mag ook een beroep worden gedaan op commerciële invullingen;
7° maatschappelijk draagvlak ontwikkelen door minstens:
a) het portfolio, vermeld in artikel 4, gericht in te zetten;
b) een vrijwilligerswerking op te zetten;
c) het publiek te laten participeren in of bijdragen aan de ontwikkelingen van beschermd erfgoed;
d) in samenwerking met onroerenderfgoedactoren de Open Monumentendag te organiseren en deel te nemen aan andere initiatieven;
e) aansluiting te zoeken bij internationale initiatieven die aansluiten bij het takenpakket van de organisatie;
f) samen te werken met andere lokale en regionale erfgoedpartners en met hen af te stemmen over de uitbreiding van het portfolio, vermeld in artikel 4.
De Vlaamse Regering kan aan een Vlaams erfgoednetwerk bijzondere opdrachten toewijzen.
Art. 6. Un réseau flamand du patrimoine a les tâches principales suivantes :
1° développer le portefeuille, visé à l'article 5, alinéa 2, 1°, sur la base d'une stratégie ayant pour objectif de rendre l'histoire, la richesse, la créativité et la diversité de la Flandre plus facilement compréhensibles ;
2° entretenir et restaurer de manière exemplaire les sites du patrimoine immobilier contenus dans le portefeuille, visé à l'article 4 ;
3° utiliser le statut de patrimoine ouvert, visé à l'article 8.4.1 de l'Arrêté relatif au patrimoine immobilier du 16 mai 2014, comme référence pour chaque site qu'il gère ;
4° promouvoir la réaffectation et le développement, et choisir autant que possible des solutions et des exploitations contemporaines marquantes ;
5° développer le portefeuille, visé à l'article 4, en un réseau sous le drapeau d'une marque forte ;
6° générer des revenus propres. A cette fin, des activités commerciales peuvent être déployées ;
7° créer un soutien public, au moins par les actions suivantes :
a) déployer le portefeuille, visé à l'article 4, de manière ciblée ;
b) mettre en place une animation de bénévolat ;
c) permettre au public de participer ou de contribuer au développement du patrimoine protégé ;
d) organiser, en collaboration avec les acteurs du patrimoine immobilier, la Journée du Patrimoine et participer à d'autres initiatives ;
e) s'impliquer dans des initiatives internationales conformes aux tâches de l'organisation ;
f) collaborer avec d'autres partenaires du patrimoine locaux et régionaux et coordonner avec eux l'extension du portefeuille, visé à l'article 4.
Le Gouvernement flamand peut confier des missions spéciales à un réseau flamand du patrimoine.
1° développer le portefeuille, visé à l'article 5, alinéa 2, 1°, sur la base d'une stratégie ayant pour objectif de rendre l'histoire, la richesse, la créativité et la diversité de la Flandre plus facilement compréhensibles ;
2° entretenir et restaurer de manière exemplaire les sites du patrimoine immobilier contenus dans le portefeuille, visé à l'article 4 ;
3° utiliser le statut de patrimoine ouvert, visé à l'article 8.4.1 de l'Arrêté relatif au patrimoine immobilier du 16 mai 2014, comme référence pour chaque site qu'il gère ;
4° promouvoir la réaffectation et le développement, et choisir autant que possible des solutions et des exploitations contemporaines marquantes ;
5° développer le portefeuille, visé à l'article 4, en un réseau sous le drapeau d'une marque forte ;
6° générer des revenus propres. A cette fin, des activités commerciales peuvent être déployées ;
7° créer un soutien public, au moins par les actions suivantes :
a) déployer le portefeuille, visé à l'article 4, de manière ciblée ;
b) mettre en place une animation de bénévolat ;
c) permettre au public de participer ou de contribuer au développement du patrimoine protégé ;
d) organiser, en collaboration avec les acteurs du patrimoine immobilier, la Journée du Patrimoine et participer à d'autres initiatives ;
e) s'impliquer dans des initiatives internationales conformes aux tâches de l'organisation ;
f) collaborer avec d'autres partenaires du patrimoine locaux et régionaux et coordonner avec eux l'extension du portefeuille, visé à l'article 4.
Le Gouvernement flamand peut confier des missions spéciales à un réseau flamand du patrimoine.
Afdeling 4. - Bestuur
Section 4. - Administration
Art. 7. Opdat een organisatie erkend zou kunnen worden als een Vlaams erfgoednetwerk, bestaat het bestuur ervan uit:
1° maximum zes bestuurders die de algemene vergadering heeft benoemd; en
2° twee vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering, die de algemene vergadering benoemt als bestuurder op voordracht van de Vlaamse Regering; en
3° een vertegenwoordiger van het agentschap die de algemene vergadering benoemt als bestuurder op voordracht van het agentschap.
De vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering, vermeld in het eerste lid, 2°, worden voor een zittingsperiode aangewezen en kunnen op elk moment door de Vlaamse Regering vervangen worden.
De vertegenwoordiger, vermeld in het eerste lid, 3°, kan op elk moment door het agentschap vervangen worden. De vertegenwoordiger, vermeld in het eerste lid, 3°, kan zich in geval van afwezigheid of verhindering via een schriftelijke volmacht laten vertegenwoordigen op een vergadering van het bestuur.
De Vlaamse Regering kan een maximum van twee regeringscommissarissen aanstellen.
De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen over de vertegenwoordigers, vermeld in het eerste lid, 2° en 3°, en de regeringscommissarissen, vermeld in het vierde lid.
1° maximum zes bestuurders die de algemene vergadering heeft benoemd; en
2° twee vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering, die de algemene vergadering benoemt als bestuurder op voordracht van de Vlaamse Regering; en
3° een vertegenwoordiger van het agentschap die de algemene vergadering benoemt als bestuurder op voordracht van het agentschap.
De vertegenwoordigers van de Vlaamse Regering, vermeld in het eerste lid, 2°, worden voor een zittingsperiode aangewezen en kunnen op elk moment door de Vlaamse Regering vervangen worden.
De vertegenwoordiger, vermeld in het eerste lid, 3°, kan op elk moment door het agentschap vervangen worden. De vertegenwoordiger, vermeld in het eerste lid, 3°, kan zich in geval van afwezigheid of verhindering via een schriftelijke volmacht laten vertegenwoordigen op een vergadering van het bestuur.
De Vlaamse Regering kan een maximum van twee regeringscommissarissen aanstellen.
De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen over de vertegenwoordigers, vermeld in het eerste lid, 2° en 3°, en de regeringscommissarissen, vermeld in het vierde lid.
Art. 7. Pour qu'une organisation puisse être agréée en tant que réseau flamand du patrimoine, son administration est composée de :
1° au maximum six administrateurs nommés par l'assemblée générale ; et
2° deux représentants du Gouvernement flamand nommés par l'assemblée générale comme administrateurs sur proposition du Gouvernement flamand ; et
3° un représentant de l'agence nommé par l'assemblée générale comme administrateur sur proposition de l'agence.
Les représentants du Gouvernement flamand, visés à l'alinéa 1er, 2°, sont désignés pour une période de mandat et peuvent être remplacés à tout moment par le Gouvernement flamand.
Le représentant, visé à l'alinéa 1er, 3°, peut être remplacé à tout moment par l'agence. Le représentant, visé à l'alinéa 1er, 3°, peut se faire représenter par procuration écrite en cas d'absence ou d'empêchement lors d'une réunion de l'administration.
Le Gouvernement flamand peut nommer au maximum deux commissaires du gouvernement.
Le Gouvernement flamand peut déterminer des modalités relatives aux représentants, visés à l'alinéa 1er, 2° et 3°, et aux commissaires du gouvernement, visés à l'alinéa 4.
1° au maximum six administrateurs nommés par l'assemblée générale ; et
2° deux représentants du Gouvernement flamand nommés par l'assemblée générale comme administrateurs sur proposition du Gouvernement flamand ; et
3° un représentant de l'agence nommé par l'assemblée générale comme administrateur sur proposition de l'agence.
Les représentants du Gouvernement flamand, visés à l'alinéa 1er, 2°, sont désignés pour une période de mandat et peuvent être remplacés à tout moment par le Gouvernement flamand.
Le représentant, visé à l'alinéa 1er, 3°, peut être remplacé à tout moment par l'agence. Le représentant, visé à l'alinéa 1er, 3°, peut se faire représenter par procuration écrite en cas d'absence ou d'empêchement lors d'une réunion de l'administration.
Le Gouvernement flamand peut nommer au maximum deux commissaires du gouvernement.
Le Gouvernement flamand peut déterminer des modalités relatives aux représentants, visés à l'alinéa 1er, 2° et 3°, et aux commissaires du gouvernement, visés à l'alinéa 4.
HOOFDSTUK 3. - De samenwerkingsovereenkomst
CHAPITRE 3. - Accord de coopération
Art. 8. De Vlaamse Regering sluit voor een periode van vijf jaar een samenwerkingsovereenkomst met elk Vlaams erfgoednetwerk af om de opdracht en kerntaken, vermeld in artikel 5 en 6, van een Vlaams erfgoednetwerk uit te voeren.
De samenwerkingsovereenkomst bevat een businessplan en een meerjarenplanning voor de werken of diensten aan de beschermde Vlaamse erfgoedlocaties in het portfolio van een Vlaams erfgoednetwerk voor de looptijd van de samenwerkingsovereenkomst.
In geval van ernstige tekortkomingen in de naleving van de afspraken in de samenwerkingsovereenkomst, zal de Vlaamse Regering een beslissing nemen over het vervroegd stopzetten van de samenwerkingsovereenkomst.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de samenwerkingsovereenkomst.
De samenwerkingsovereenkomst bevat een businessplan en een meerjarenplanning voor de werken of diensten aan de beschermde Vlaamse erfgoedlocaties in het portfolio van een Vlaams erfgoednetwerk voor de looptijd van de samenwerkingsovereenkomst.
In geval van ernstige tekortkomingen in de naleving van de afspraken in de samenwerkingsovereenkomst, zal de Vlaamse Regering een beslissing nemen over het vervroegd stopzetten van de samenwerkingsovereenkomst.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels voor de samenwerkingsovereenkomst.
Art. 8. Le Gouvernement flamand conclut un accord de coopération avec chaque réseau flamand du patrimoine pour une période de cinq ans en vue de l'exécution de la mission et des tâches principales d'un réseau flamand du patrimoine, visées aux articles 5 et 6.
L'accord de coopération comprend un plan d'entreprise et une planification pluriannuelle des travaux ou des services effectués sur les sites protégés du patrimoine immobilier flamand, contenus dans le portefeuille d'un réseau flamand du patrimoine, pour la durée de l'accord de coopération.
En cas de manquements graves au respect des dispositions de l'accord de coopération, le Gouvernement flamand prendra une décision sur la résiliation anticipée de l'accord de coopération.
Le Gouvernement flamand détermine les modalités de l'accord de coopération.
L'accord de coopération comprend un plan d'entreprise et une planification pluriannuelle des travaux ou des services effectués sur les sites protégés du patrimoine immobilier flamand, contenus dans le portefeuille d'un réseau flamand du patrimoine, pour la durée de l'accord de coopération.
En cas de manquements graves au respect des dispositions de l'accord de coopération, le Gouvernement flamand prendra une décision sur la résiliation anticipée de l'accord de coopération.
Le Gouvernement flamand détermine les modalités de l'accord de coopération.
HOOFDSTUK 4. - Subsidiëring
CHAPITRE 4. - Subventionnement
Art. 9. Binnen de perken van de kredieten die daarvoor op de begroting van de Vlaamse Gemeenschap beschikbaar zijn kan de Vlaamse Regering in het kader van een samenwerkingsovereenkomst als vermeld in artikel 8 aan een Vlaams erfgoednetwerk subsidies toekennen:
1° voor personeel en werking;
2° voor onderzoek, werken of diensten aan beschermde Vlaamse onroerenderfgoedlocaties in het portfolio, vermeld in artikel 4;
3° voor verwerving van bijkomende Vlaamse onroerenderfgoedlocaties.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels daarover.
1° voor personeel en werking;
2° voor onderzoek, werken of diensten aan beschermde Vlaamse onroerenderfgoedlocaties in het portfolio, vermeld in artikel 4;
3° voor verwerving van bijkomende Vlaamse onroerenderfgoedlocaties.
De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regels daarover.
Art. 9. Dans les limites des crédits disponibles à cet effet au budget de la Communauté flamande, le Gouvernement flamand peut accorder à un réseau flamand du patrimoine, dans le cadre d'un accord de coopération, tel que visé à l'article 8, des subventions :
1° pour le personnel et le fonctionnement ;
2° pour la recherche, les travaux ou les services relatifs aux sites protégés du patrimoine immobilier flamand, contenus dans le portefeuille, visé à l'article 4 ;
3° pour l'acquisition de sites supplémentaires du patrimoine immobilier flamand.
Le Gouvernement flamand détermine les modalités à cet effet.
1° pour le personnel et le fonctionnement ;
2° pour la recherche, les travaux ou les services relatifs aux sites protégés du patrimoine immobilier flamand, contenus dans le portefeuille, visé à l'article 4 ;
3° pour l'acquisition de sites supplémentaires du patrimoine immobilier flamand.
Le Gouvernement flamand détermine les modalités à cet effet.
Art. 10. De subsidies, vermeld in artikel 9, kunnen alleen worden toegekend op voorwaarde dat een Vlaams erfgoednetwerk op dat moment:
1° geen achterstallige schulden heeft bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid;
2° geen onderneming in moeilijkheden is als vermeld in artikel 2, 18, van de verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard;
3° geen procedure op basis van Europees of nationaal recht hebben lopen waarbij toegekende steun wordt teruggevorderd.
De subsidies, vermeld in artikel 9, worden toegekend met inachtneming van de voorwaarden, vermeld in de verordening, vermeld in het eerste lid, 2°.
1° geen achterstallige schulden heeft bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid;
2° geen onderneming in moeilijkheden is als vermeld in artikel 2, 18, van de verordening (EU) nr. 651/2014 van de Commissie van 17 juni 2014 waarbij bepaalde categorieën steun op grond van de artikelen 107 en 108 van het Verdrag met de interne markt verenigbaar worden verklaard;
3° geen procedure op basis van Europees of nationaal recht hebben lopen waarbij toegekende steun wordt teruggevorderd.
De subsidies, vermeld in artikel 9, worden toegekend met inachtneming van de voorwaarden, vermeld in de verordening, vermeld in het eerste lid, 2°.
Art. 10. Les subventions, visées à l'article 9, ne peuvent être accordées que sous réserve que, à ce moment, le réseau flamand du patrimoine :
1° n'a pas de dettes en souffrance auprès de l'Office national de Sécurité sociale ;
2° n'est pas une entreprise en difficulté, telle que visée à l'article 2, 18, du règlement (UE) n° 651/2014 de la Commission du 17 juin 2014 déclarant certaines catégories d'aides compatibles avec le marché intérieur en vertu des articles 107 et 108 du traité ;
3° ne fait pas l'objet d'une procédure en cours en vertu du droit européen ou national pour la récupération d'une aide accordée.
Les subventions, visées à l'article 9, sont accordées dans le respect des conditions énoncées dans le règlement, visé à l'alinéa 1er, 2°.
1° n'a pas de dettes en souffrance auprès de l'Office national de Sécurité sociale ;
2° n'est pas une entreprise en difficulté, telle que visée à l'article 2, 18, du règlement (UE) n° 651/2014 de la Commission du 17 juin 2014 déclarant certaines catégories d'aides compatibles avec le marché intérieur en vertu des articles 107 et 108 du traité ;
3° ne fait pas l'objet d'une procédure en cours en vertu du droit européen ou national pour la récupération d'une aide accordée.
Les subventions, visées à l'article 9, sont accordées dans le respect des conditions énoncées dans le règlement, visé à l'alinéa 1er, 2°.
HOOFDSTUK 5. - Evaluatie
CHAPITRE 5. - Evaluation
Art. 11. De Vlaamse Regering evalueert de erkenning en de uitvoering van de samenwerkingsovereenkomst met een Vlaams erfgoednetwerk. De Vlaamse Regering bepaalt hierover de nadere regels.
Art. 11. Le Gouvernement flamand évalue l'agrément et l'exécution de l'accord de coopération conclu avec un réseau flamand du patrimoine. Le Gouvernement flamand détermine les modalités à cet effet.
HOOFDSTUK 6. - Slotbepalingen
CHAPITRE 6. - Dispositions finales
Art. 12. Artikel 12 van het decreet van 6 juli 1994 houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 1994 wordt opgeheven.
Art. 12. L'article 12 du décret du 6 juillet 1994 contenant des dispositions d'accompagnement de l'ajustement du budget 1994 est abrogé.
Art. 13. In afwijking van artikel 8, kan de Vlaamse Regering bepalen dat voor samenwerkingsovereenkomsten afgesloten vóór eind 2025 een afwijkende looptijd geldt.
Art. 13. Contrairement à l'article 8, le Gouvernement flamand peut prévoir des dérogations en matière de durée des accords de coopération conclus avant la fin de 2025.
Art. 14. Dit decreet treedt in werking op een door de Vlaamse Regering te bepalen datum.
Art. 14. Le présent décret entre en vigueur à une date à fixer par le Gouvernement flamand.