Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
26 OKTOBER 2023. - Koninklijk besluit betreffende de toekenning van maaltijdcheques aan de personeelsleden van het federaal administratief openbaar ambt
Titre
26 OCTOBRE 2023. - Arrêté royal relatif à l'octroi de chèques-repas aux membres du personnel de la fonction publique fédérale administrative
Documentinformatie
Numac: 2023045226
Datum: 2023-10-26
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2023045226
Date: 2023-10-26
Moniteur: Voir
Tekst (12)
Texte (12)
HOOFDSTUK I. - Maaltijdcheques
CHAPITRE Ier. - Chèques-repas
Artikel 1. Dit besluit is van toepassing op de personeelsleden van het federaal administratief openbaar ambt zoals vastgelegd bij artikel 1 van de wet van 22 juli 1993 houdende bepaalde maatregelen inzake ambtenarenzaken.
  Dit besluit is eveneens van toepassing op de mandaathouders die binnen de diensten opgenomen in hetzelfde artikel 1 van dezelfde wet een managementfunctie uitoefenen in het kader van een mandaat van bepaalde duur als hun totale bezoldiging niet voorziet in de forfaitaire terugbetaling van onkosten.
Article 1er. Le présent arrêté s'applique aux membres du personnel de la fonction publique fédérale administrative telle que définie par l'article 1er de la loi du 22 juillet 1993 portant certaines mesures en matière de fonction publique.
  Le présent arrêté s'applique également aux mandataires qui exercent une fonction de management au sein des services repris au même article 1er de la même loi dans le cadre d'un mandat à durée déterminée lorsque leur rémunération totale ne prévoit pas le remboursement forfaitaire de frais.
Art. 2. Het personeelslid ontvangt één elektronische maaltijdcheque per gepresteerde dag.
  In afwijking van het eerste lid wordt het personeelslid dat de in artikel 86 van het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt, bedoelde maandelijkse forfaitaire verblijfsvergoeding ontvangt uitgesloten van het voordeel van de maaltijdcheque.
Art. 2. Le membre du personnel bénéficie d'un chèque-repas électronique par jour presté.
  Par dérogation à l'alinéa 1er est exclu du bénéfice du chèque-repas le membre du personnel qui bénéficie de l'indemnité forfaitaire mensuelle pour frais de séjour visée à l'article 86 de l'arrêté royal du 13 juillet 2017 fixant les allocations et indemnités des membres du personnel de la fonction publique fédérale.
Art. 3. De nominale waarde van de maaltijdcheque bedraagt zes euro waarvan 1,09 euro een bijdrage is van het personeelslid en 4,91 euro ten laste is van de federale dienst.
  De in het eerste lid bedoelde nominale waarde is een bedrag dat niet onder de indexeringsregeling valt.
  De maaltijdcheques zijn nominatief. Ze worden uiterlijk op de laatste werkdag van de maand die volgt op de kalendermaand waarvoor ze verschuldigd zijn ter beschikking gesteld van het personeelslid.
Art. 3. La valeur nominale du chèque-repas s'élève à six euros dont 1,09 euro de contribution du membre du personnel et 4,91 euro à charge du service fédéral.
  La valeur nominale visée à l'alinéa 1er est un montant qui ne bénéficie pas du régime d'indexation.
  Les chèques-repas sont nominatifs. Ils sont mis à disposition du membre du personnel au plus tard le dernier jour ouvrable du mois qui suit le mois civil pour lequel ils sont dus.
Art. 4. § 1. De dagen die in aanmerking moeten worden genomen voor de berekening van het aantal maaltijdcheques waarop het personeelslid recht heeft, zijn de gepresteerde dagen, die gedefinieerd worden als de dag, de halve dag of, in voorkomend geval, elke aangevatte prestatie waarbij het personeelslid daadwerkelijk werkt volgens het werkrooster overeengekomen met de federale dienst.
  In het geval een personeelslid teruggeroepen wordt uit rust wordt voor de nieuwe aangevatte prestatie een maaltijdcheque toegekend.
  In afwijking van het eerste lid stelt de leidend ambtenaar de lijst vast van de diensten en/of de categorieën van personeelsleden die een aantal maaltijdcheques kunnen ontvangen dat berekend wordt door het totale aantal uren die daadwerkelijk in de loop van het kwartaal gepresteerd zijn te delen door 7 uur en 36 minuten. Als het resultaat van de deling op een decimaal getal uitkomt, wordt dit naar boven afgerond. Als het op die manier verkregen getal hoger is dan het maximale aantal werkdagen die voltijds door het personeelslid gepresteerd kunnen worden tijdens het kwartaal, wordt het beperkt tot dat laatste aantal.
  § 2. Onverminderd § 1 blijft het voordeel van de maaltijdcheque behouden wanneer het personeelslid:
  - ter beschikking wordt gesteld in uitvoering van Hoofdstuk IV "De conventionele federale mobiliteit, de conventionele terbeschikkingstelling, de terbeschikkingstelling tijdens een crisis en de expertise-uitwisseling" of van artikel 51 van het koninklijk besluit van 15 januari 2007 houdende de mobiliteit en terbeschikkingstelling van personeel van het federaal administratief openbaar ambt;
  - in een bezoldigd verlof voor opdracht in België is in toepassing van Hoofdstuk XI. "Verlof voor opdracht", Afdeling 2. -Verlof voor opdracht van algemeen belang, van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen;
  - een bezoldigd verlof geniet in toepassing van het koninklijk besluit van 2 april 1975 betreffende het verlof dat aan sommige personeelsleden in overheidsdienst wordt verleend voor het verrichten van bepaalde prestaties ten behoeve van in de wetgevende vergaderingen van de Staat en van de Gemeenschappen of de Gewesten erkende politieke groepen, respectievelijk ten behoeve van de voorzitters van die groepen;
  - met vakbondsverlof is in de zin van artikel 77, § 1, eerste lid, artikel 81, § 1, en artikel 82 van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel;
  - een vrijstelling van dienst gekregen heeft in de zin van artikel 81, § 2, artikel 83, § 1, en artikel 84 van het koninklijk besluit van 28 september 1984 tot uitvoering van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel;
  - een vrijstelling geniet voor een opleiding georganiseerd buiten de overheid;
  - een dienstvrijstelling van collectieve aard geniet zoals bepaald in artikel 3, 4e lid, van het koninklijk besluit van 19 november 1998 betreffende de verloven en afwezigheden toegestaan aan de personeelsleden van de rijksbesturen.
  Elke andere dienstvrijstelling dan deze opgenomen in het eerste lid, die een werkdag van het personeelslid dekt, geeft geen recht op een maaltijdcheque.
  § 3. Het personeelslid dat een vergoeding voor verblijfkosten in het buitenland geniet, zoals bepaald in Titel III, Hoofdstuk IV, Afdeling 3, van het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt, ontvangt maaltijdcheques voor de duur van de opdracht.
  Het bedrag van de tussenkomst van de federale dienst in de maaltijdcheque wordt in mindering gebracht van de voormelde vergoeding overeenkomstig het voornoemde koninklijk besluit van 13 juli 2017.
  Wanneer het personeelslid geen vergoedingen ontvangt in toepassing van het voornoemd koninklijk besluit, is de vermindering bedoeld in het tweede lid niet van toepassing."
Art. 4. § 1. Les jours à prendre en compte pour le calcul du nombre de chèques-repas auxquels le membre du personnel a droit, sont les jours prestés qui se définissent comme le jour, le demi-jour, voire le cas échéant toute prestation entamée, où le membre du personnel travaille effectivement selon l'horaire de travail convenu avec le service fédéral.
  Si un membre du personnel est rappelé de son repos, un chèque-repas lui est accordé pour la nouvelle prestation qu'il vient de commencer.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, le fonctionnaire dirigeant détermine la liste des services et/ou des catégories de membres du personnel qui peuvent bénéficier d'un nombre de chèques-repas calculé en divisant le nombre total d'heures effectivement prestées au cours du trimestre par 7 heures 36 minutes. Si le résultat de la division donne lieu à un nombre décimal, il est arrondi à l'unité supérieure. Si le nombre ainsi obtenu est supérieur au nombre maximum de jours ouvrables susceptibles d'être prestés par le membre du personnel à temps plein au cours du trimestre, il est réduit à ce dernier nombre.
  § 2. Sans préjudice du § 1er, le bénéfice de chèques-repas est maintenu lorsque le membre du personnel :
  - est mis à disposition en exécution du Chapitre IV " De la mobilité, de la mise à disposition conventionnelle, de la mise à disposition pendant une crise et de l'échange d'expertise " ou de l'article 51, de l'arrêté royal du 15 janvier 2007 portant la mobilité et la mise à disposition du personnel de la fonction publique fédérale administrative ;
  - est en congé rémunéré pour mission en Belgique en application de Chapitre XI. " Congé pour mission ", Section 2. - Congé pour mission d'intérêt général, de l'arrêté royal du 19 novembre 1998 relatif aux congés et aux absences accordés aux membres du personnel des administrations de l'Etat ;
  - bénéficie d'un congé rémunéré en application de l'arrêté royal du 2 avril 1975 relatif au congé accordé à certains membres du personnel des services publics pour accomplir certaines prestations au bénéfice de groupes politiques reconnus des assemblées législatives nationales, communautaires ou régionales ou au bénéfice des présidents de ces groupes ;
  - est en congé syndical au sens de l'article 77, § 1er, alinéa 1er, de l'article 81, § 1er, et de l'article 82 de l'arrêté royal du 28 septembre 1984 organisant les relations entre les autorités publiques et les syndicats des agents relevant de ces autorités ;
  - bénéficie d'une dispense de service au sens de l'article 81 § 2, de l'article 83 § 1 et de l'article 84 de l'arrêté royal du 28 septembre 1984 organisant les relations entre les autorités publiques et les syndicats des agents relevant de ces autorités ;
  - bénéficie d'une dispense pour formation organisée en dehors de l'administration ;
  - bénéficie d'une dispense de service de nature collective comme prévue à l'article 3, alinéa 4, de l'arrêté royal du 19 novembre 1998 relatif aux congés et aux absences accordés aux membres du personnel des administrations de l'Etat.
  Toute autre dispense de service que celles énumérées à l'alinéa 1er, qui couvre un jour ouvrable du membre du personnel ne donne pas droit à un chèque-repas.
  § 3. Le membre du personnel qui bénéficie d'une indemnité forfaitaire pour frais de séjour à l'étranger comme prévu au Titre III, Chapitre IV, Section 3, de l'arrêté royal du 13 juillet 2017 fixant les allocations et indemnités des membres du personnel de la fonction publique fédérale, bénéficie de chèques-repas pour la durée de la mission.
  Le montant de la contribution du service fédéral au chèque-repas est déduit de l'indemnité précitée conformément à l'arrêté royal du 13 juillet 2017 susmentionné.
  Lorsque le membre du personnel ne bénéficie d'aucune indemnité en application de l'arrêté royal susmentionné, la réduction visée à l'alinéa 2 n'est pas d'application.
Art. 5. De personeelsleden die op de datum van inwerkingtreding van dit besluit over maaltijdcheques beschikken, blijven dit voordeel genieten zolang het bedrag van de bij dit besluit toegekende maaltijdcheque minder gunstig is.
Art. 5. Les membres du personnel qui, à la date d'entrée en vigueur de cet arrêté, bénéficient de chèques-repas, continuent de bénéficier de cet avantage tant que le montant du chèque-repas octroyé via cet arrêté est moins favorable.
HOOFDSTUK II. - Wijziging van het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt
CHAPITRE II. - Modification de l'arrêté royal du 13 juillet 2017 fixant les allocations et les indemnités des membres du personnel de la fonction publique fédérale
Art. 6. In Titel III, Hoofdstuk IV, Afdeling 2 "Vergoeding voor verblijfkosten in België" van het koninklijk besluit van 13 juli 2017 tot vaststelling van de toelagen en vergoedingen van de personeelsleden van het federaal openbaar ambt, worden de artikelen 83 tot 85 opgeheven.
Art. 6. Dans le Titre III, Chapitre IV, section 2 " Indemnité pour frais de séjour en Belgique ", de l'arrêté royal du 13 juillet 2017 fixant les allocations et les indemnités des membres du personnel de la fonction publique fédérale, les articles 83 à 85 sont abrogés.
Art. 7. In artikel 86 van hetzelfde koninklijk besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid worden de woorden "de in artikel 85 bedoelde dagelijkse vergoeding" vervangen door de woorden "10 euro";
  2° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
  "De vergoeding wordt toegekend als aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:
  1° de verplaatsingen geven er geen aanleiding toe dat de federale dienst of een derde de kost van de maaltijden op zich neemt;
  2° de verplaatsingen geven geen aanleiding tot enig ander voordeel om maaltijdkosten te dekken.";
  3° in het derde lid worden de woorden "de dagelijkse forfaitaire vergoeding" vervangen door de woorden "het bedrag opgenomen in het eerste lid, dat als virtueel dagelijks bedrag geldt".
Art. 7. Dans l'article 86 du même arrêté royal, les modifications suivantes sont apportées :
  1° à l'alinéa 1er, les mots " l'indemnité journalière visée à l'article 85. " sont remplacés par les mots " 10 euros " ;
  2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
  " L'indemnité est allouée si les conditions cumulatives suivantes sont remplies :
  1° les déplacements ne donnent pas lieu à la prise en charge par le service fédéral ou par un tiers du repas ;
  2 les déplacements ne donnent lieu à aucun autre avantage visant à couvrir des frais de repas. ";
  3° à l'alinéa 3, les mots " l'indemnité forfaitaire journalière " sont remplacés par les mots " le montant repris à l'alinéa 1er, qui vaut comme montant virtuel journalier ".
HOOFDSTUK III. - Inwerkingtreding en uitvoeringsbepaling.
CHAPITRE III. - Entrée en vigueur et disposition d'exécution
Art. 8. Dit koninklijk besluit treedt in werking op 1 januari 2024.
Art. 8. Le présent arrêté royal entre en vigueur le 1er janvier 2024.
Art. 9. Onze Ministers zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 9. Nos Ministres sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.