Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
2 MAART 2023. - Wet tot wijziging van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis teneinde een informatierecht voor slachtoffers in te stellen
Titre
2 MARS 2023. - Loi modifiant la loi du 20 juillet 1990 relative à la détention préventive en vue de créer un droit à l'information pour les victimes
Documentinformatie
Info du document
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel 1 Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
Article 1er La présente loi règle une matière visée à l'article 74 de la Constitution.
Art. 2. In titel I van de wet van 20 juli 1990 betreffende de voorlopige hechtenis wordt een hoofdstuk XI ingevoegd, luidende:
"Hoofdstuk XI. Het informeren van de slachtoffers".
"Hoofdstuk XI. Het informeren van de slachtoffers".
Art. 2. Dans le titre Ier de la loi du 20 juillet 1990 relative à la détention préventive, il est inséré un chapitre XI rédigé comme suit:
"Chapitre XI. De l'information des victimes".
"Chapitre XI. De l'information des victimes".
Art. 3. In hoofdstuk XI, ingevoegd bij artikel 2, wordt een artikel 38ter ingevoegd, luidende:
"Art. 38ter. De benadeelde persoon of de burgerlijke partij kunnen in kennis worden gesteld van het verloop van de voorlopige hechtenis van de verdachte van een misdaad of een wanbedrijf waarbij de fysieke en/of psychische integriteit van henzelf of van een derde die ze vertegenwoordigen, werd bedreigd of aangetast.
De aldus meegedeelde informatie heeft betrekking op de volgende aspecten:
1° het afleveren of het opheffen van een bevel tot aanhouding;
2° het uitvoeren van de voorlopige hechtenis onder elektronisch toezicht;
3° de beslissing tot invrijheidstelling;
4° de voorwaarden die in het belang van de benadeelde persoon of de burgerlijke partij worden opgelegd evenals het opleggen van nieuwe voorwaarden, het gedeeltelijk of geheel opheffen of het wijzigen ervan overeenkomstig artikel 36 in het geval van een beslissing tot invrijheidstelling onder voorwaarden of tegen borgstelling en een beslissing tot voorwaardelijke invrijheidstelling.
Tenzij er een aanwijsbaar risico bestaat dat de verdachte als gevolg van de kennisgeving schade zou kunnen worden berokkend, informeert de griffier de benadeelde persoon of de burgerlijke partij volgens de door de Koning bepaalde regels zo snel mogelijk en uiterlijk binnen vierentwintig uur via het meest geschikte communicatiemiddel.
De kennisgeving is, volgens de door de Koning bepaalde nadere regels, gericht aan de benadeelde persoon of de burgerlijke partij.
De benadeelde persoon of de burgerlijke partij kunnen ook verzoeken dat een afschrift van de informatie aan hun raadsheer of aan de bevoegde diensten van de gemeenschappen wordt bezorgd. In dat laatste geval bepaalt de Koning hoe de griffier die informatie indien nodig aan de gemeenschapsdiensten en aan de politiediensten moet bezorgen.".
"Art. 38ter. De benadeelde persoon of de burgerlijke partij kunnen in kennis worden gesteld van het verloop van de voorlopige hechtenis van de verdachte van een misdaad of een wanbedrijf waarbij de fysieke en/of psychische integriteit van henzelf of van een derde die ze vertegenwoordigen, werd bedreigd of aangetast.
De aldus meegedeelde informatie heeft betrekking op de volgende aspecten:
1° het afleveren of het opheffen van een bevel tot aanhouding;
2° het uitvoeren van de voorlopige hechtenis onder elektronisch toezicht;
3° de beslissing tot invrijheidstelling;
4° de voorwaarden die in het belang van de benadeelde persoon of de burgerlijke partij worden opgelegd evenals het opleggen van nieuwe voorwaarden, het gedeeltelijk of geheel opheffen of het wijzigen ervan overeenkomstig artikel 36 in het geval van een beslissing tot invrijheidstelling onder voorwaarden of tegen borgstelling en een beslissing tot voorwaardelijke invrijheidstelling.
Tenzij er een aanwijsbaar risico bestaat dat de verdachte als gevolg van de kennisgeving schade zou kunnen worden berokkend, informeert de griffier de benadeelde persoon of de burgerlijke partij volgens de door de Koning bepaalde regels zo snel mogelijk en uiterlijk binnen vierentwintig uur via het meest geschikte communicatiemiddel.
De kennisgeving is, volgens de door de Koning bepaalde nadere regels, gericht aan de benadeelde persoon of de burgerlijke partij.
De benadeelde persoon of de burgerlijke partij kunnen ook verzoeken dat een afschrift van de informatie aan hun raadsheer of aan de bevoegde diensten van de gemeenschappen wordt bezorgd. In dat laatste geval bepaalt de Koning hoe de griffier die informatie indien nodig aan de gemeenschapsdiensten en aan de politiediensten moet bezorgen.".
Art. 3. Dans le chapitre XI, inséré par l'article 2, il est inséré un article 38ter rédigé comme suit:
"Art. 38ter. La personne lésée ou partie civile constituée peut être informée du déroulement de la détention préventive du suspect d'un crime ou d'un délit menaçant ou portant atteinte à son intégrité physique et/ou psychique ou à celle d'un tiers qu'elle représente.
L'information communiquée porte sur les éléments suivants:
1° la délivrance ou la mainlevée d'un mandat d'arrêt;
2° l'exécution de la détention préventive sous surveillance électronique;
3° la décision de mise en liberté;
4° les conditions imposées dans l'intérêt de la personne lésée ou partie civile constituée ainsi que l'imposition de nouvelles conditions, leur suppression partielle ou totale ou leur modification conformément à l'article 36 en cas de décision de libération sous condition ou sous caution et de décision de mise en liberté sous conditions.
Sauf si cette notification entraîne un risque identifié de préjudice pour le suspect, le greffier informe la personne lésée ou la partie civile constituée, selon les règles fixées par le Roi, le plus rapidement possible et, au plus tard, dans les vingt-quatre heures par le moyen de communication le plus approprié.
La notification, selon des modalités à définir par le Roi, est réalisée auprès de la personne lésée ou de la partie civile constituée.
La personne lésée ou la partie civile constituée peut également solliciter que l'information soit communiquée en copie à son conseil ou aux services compétents des communautés. Dans cette dernière hypothèse, le Roi fixe la manière dont le greffier communique les informations aux services communautaires et aux services de police si nécessaire.".
"Art. 38ter. La personne lésée ou partie civile constituée peut être informée du déroulement de la détention préventive du suspect d'un crime ou d'un délit menaçant ou portant atteinte à son intégrité physique et/ou psychique ou à celle d'un tiers qu'elle représente.
L'information communiquée porte sur les éléments suivants:
1° la délivrance ou la mainlevée d'un mandat d'arrêt;
2° l'exécution de la détention préventive sous surveillance électronique;
3° la décision de mise en liberté;
4° les conditions imposées dans l'intérêt de la personne lésée ou partie civile constituée ainsi que l'imposition de nouvelles conditions, leur suppression partielle ou totale ou leur modification conformément à l'article 36 en cas de décision de libération sous condition ou sous caution et de décision de mise en liberté sous conditions.
Sauf si cette notification entraîne un risque identifié de préjudice pour le suspect, le greffier informe la personne lésée ou la partie civile constituée, selon les règles fixées par le Roi, le plus rapidement possible et, au plus tard, dans les vingt-quatre heures par le moyen de communication le plus approprié.
La notification, selon des modalités à définir par le Roi, est réalisée auprès de la personne lésée ou de la partie civile constituée.
La personne lésée ou la partie civile constituée peut également solliciter que l'information soit communiquée en copie à son conseil ou aux services compétents des communautés. Dans cette dernière hypothèse, le Roi fixe la manière dont le greffier communique les informations aux services communautaires et aux services de police si nécessaire.".
Art. 4. Deze wet treedt in werking op de eerste dag van de twaalfde maand te rekenen van de dag volgend op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.
Art. 4. La présente loi entre en vigueur le premier jour du douzième mois prenant cours le jour après sa publication au Moniteur belge.