Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
12 MAART 2023. - Wet houdende diverse bepalingen inzake landbouw en dierengezondheid
Titre
12 MARS 2023. - Loi portant dispositions diverses en matière d'agriculture et de santé animale
Documentinformatie
Numac: 2023030664
Datum: 2023-03-12
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2023030664
Date: 2023-03-12
Moniteur: Voir
Tekst (25)
Texte (25)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepaling
CHAPITRE 1er. - Disposition générale
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 74 van de Grondwet.
Article 1er. La présente loi règle une matière visée à l'article 74 de la Constitution.
HOOFDSTUK 2. - Wijziging van het koninklijk besluit van 13 november 2011 tot vaststelling van de retributies en bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor de grondstoffen en de producten
CHAPITRE 2. - Modification de l'arrêté royal du 13 novembre 2011 fixant les rétributions et cotisations dues au Fonds budgétaire des matières premières et des produits
Art. 2. In artikel 4 van het koninklijk besluit van 13 november 2011 tot vaststelling van de retributies en bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor de grondstoffen en de producten, wordt paragraaf 5 vervangen als volgt:
  " § 5. Iedere persoon die in het kader van de wet van 11 juli 1969 betreffende de grondstoffen voor de landbouw, tuinbouw, bosbouw en veeteelt, of van de wet van 21 december 1998 betreffende de productnormen ter bevordering van duurzame productie- en consumptiepatronen en ter bescherming van het leefmilieu en de volksgezondheid een certificaat inzake meststoffen, bodemverbeterende middelen of teeltsubstraten vraagt aan de FOD VVL, is gehouden per certificaat een retributie van 100 EUR te betalen aan het Begrotingsfonds voor de grondstoffen en de producten, ongeacht het aantal kopieën van het certificaat."
Art. 2. A l'article 4 de l'arrêté royal du 13 novembre 2011 fixant les rétributions et cotisations dues au Fonds budgétaire des matières premières et des produits, le paragraphe 5 est remplacé par ce qui suit:
  " § 5. Toute personne qui sollicite du SPF SSE, dans le cadre de l'exécution de la loi du 11 juillet 1969 relative aux matières premières pour l'agriculture, l'horticulture, la sylviculture et l'élevage ou de la loi du 21 décembre 1998 relative aux normes de produits ayant pour but la promotion de modes de production et de consommation durables et la protection de l'environnement et de la santé publique, un certificat concernant les engrais, amendements du sol ou substrats de culture est tenue d'acquitter au Fonds budgétaire des matières premières et des produits une rétribution de 100 euros par certificat, quel que soit le nombre de copies."
HOOFDSTUK 3. - Wijziging van het koninklijk besluit van 18 februari 2005 tot vaststelling van de verplichte bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten, sector zuivel
CHAPITRE 3. - Modification de l'arrêté royal du 18 février 2005 fixant les cotisations obligatoires à payer au Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux, secteur lait
Art. 3. In artikel 3 van het koninklijk besluit van 18 februari 2005 tot vaststelling van de verplichte bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten, sector zuivel, wordt paragraaf 4 vervangen als volgt:
  " § 4. Wanneer de koper de verklaring met de hoeveelheden melk niet binnen de termijn vermeld in paragraaf 2 overmaakt, wordt het bedrag van de verschuldigde verplichte bijdrage verhoogd met 20 %."
Art. 3. Dans l'article 3 de l'arrêté royal du 18 février 2005 fixant les cotisations obligatoires à payer au Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux, secteur lait, le paragraphe 4 est remplacé par ce qui suit:
  " § 4. Si l'acheteur ne transmet pas la déclaration des quantités de lait dans le délai mentionné au paragraphe 2, le montant de la cotisation obligatoire due est augmenté de 20 %."
Art. 4. Artikel 5 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 17 mei 2019, wordt vervangen als volgt:
  "Art. 5. Indien een koper het bedrag van de verplichte bijdragen, de interesten en 25 euro voor de administratieve kosten na een eerste aanmaning niet betaalt, wordt het bedrag van de verschuldigde verplichte bijdrage verhoogd met 20 % en vermeerderd met 25 euro administratieve kosten. De aanmaningen en verzoeken tot het betalen van deze bedragen worden door de FOD VVVL aan de koper verzonden bij aangetekend schrijven, respectievelijk minstens zestig dagen en negentig dagen na de datum van verzending van het aanslagbiljet."
Art. 4. L'article 5 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 17 mai 2019, est remplacé par ce qui suit:
  "Art. 5. Si un acheteur ne paie pas le montant des cotisations obligatoires, les intérêts et 25 euros pour les frais administratifs après une première sommation, le montant de la cotisation obligatoire due est augmenté de 20 % et augmenté de 25 euros pour les frais administratifs. Les sommations et les invitations de paiement de ces montants sont envoyées par le SPF SPSCAE par lettre recommandée à l'acheteur, respectivement minimum soixante et nonante jours après la date d'envoi de la déclaration de cotisation."
HOOFDSTUK 4. - Verplichte bijdragen aan het Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten, vastgesteld volgens de sanitaire risico's verbonden aan bedrijven waar schapen, geiten of hertachtigen gehouden worden
CHAPITRE 4. - Cotisations obligatoires au Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux, fixées en fonction des risques sanitaires liés aux entreprises détenant des ovins, caprins ou des cervidés
Art. 5. Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt verstaan onder:
  1° schapen en geiten: de dieren van de diersoorten schapen en geiten;
  2° hertachtigen: de dieren van de familie hertachtigen voor zover zij gefokt zijn in een beslag;
  3° verantwoordelijke: de houder of de eigenaar die gewoonlijk over de schapen, de geiten en de hertachtigen het onmiddellijke beheer en toezicht uitoefent;
  4° beslag: het geheel van schapen, geiten en hertachtigen dat gehouden wordt in een geografisch omschreven entiteit;
  5° geografische entiteit: elk gebouw of complex van gebouwen dat een eenheid vormt, met inbegrip van de erbij horende terreinen, waar schapen, geiten en hertachtigen worden gehouden of deze die daartoe bestemd zijn;
  6° Fonds: Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten;
  7° aanslagbiljet: document waarmee de bijdrageplichtige in kennis gesteld wordt van het door hem te betalen bedrag;
  8° Sanitel: geautomatiseerd systeem voor gegevensverwerking in verband met de identificatie en registratie van dieren, zoals bedoeld in het artikel 1 van koninklijk besluit van 3 juni 2007 betreffende de identificatie en de registratie van schapen, geiten en hertachtigen.
Art. 5. Pour l'application du présent chapitre, on entend par:
  1° ovins et caprins: les animaux des espèces ovine et caprine;
  2° cervidés: les animaux de la famille des cervidés pour autant qu'ils soient élevés dans un troupeau;
  3° responsable: le détenteur ou le propriétaire qui exerce une gestion et une surveillance habituelles et directes sur les ovins, les caprins et les cervidés;
  4° troupeau: l'ensemble des ovins, caprins et cervidés détenus dans une entité géographique;
  5° entité géographique: toute construction ou complexe de constructions formant une unité y compris les terrains annexes où sont détenus des ovins, des caprins et des cervidés ou qui y sont destinés;
  6° Fonds: le Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux;
  7° déclaration de cotisation: document au moyen duquel le contribuable est averti du montant, dont il est redevable;
  8° Sanitel: système automatisé de traitement des données concernant l'identification et l'enregistrement des animaux, tel que défini dans l'article 1 de l'arrêté royal du 3 juin 2007 relatif à l'identification et à l'enregistrement des ovins, des caprins et des cervidés.
Art. 6. De verantwoordelijke dient elk jaar per beslag het aantal schapen, geiten en hertachtigen te tellen dat hij houdt op 15 december. Hij dient deze aantallen vóór 15 januari daaropvolgend te registreren in zijn beslagregister en in Sanitel.
  De in lid 1 bedoelde telling op 15 december omvat volgende twee aantallen:
  1. het totaal aantal geïdentificeerde dieren dat op dat moment gehouden wordt in elk beslag;
  2. het aantal vrouwelijke dieren met een leeftijd van 6 maanden of ouder, die deel uitmaken van het in punt 1 bedoelde aantal.
Art. 6. Chaque année, le responsable doit compter le nombre d'ovins, caprins et cervidés par troupeau qu'il détient à la date du 15 décembre. Il doit enregistrer ces chiffres avant le 15 janvier suivant dans son registre de troupeau et dans Sanitel.
  Le recensement du 15 décembre visé à l'alinéa 1er, comprend les deux nombres suivants:
  1. le nombre total d'animaux identifiés détenus à ce moment-là dans chaque troupeau;
  2. le nombre de femelles âgées de 6 mois ou plus qui font partie du nombre visé au point 1.
Art. 7. De verplichte bijdragen in de sector schapen, geiten en hertachtigen aan het Fonds worden als volgt samengesteld: de verantwoordelijke van een beslag schapen, geiten of hertachtigen met meer dan vijf vrouwelijke dieren ouder dan 6 maanden en sedert meer dan 6 maanden aanwezig in het beslag als het ingevoerde dieren betreft, moet jaarlijks aan het Fonds volgende bijdragen betalen:
  1) een verplichte forfaitaire bijdrage van 15,00 euro per beslag;
  2) een verplichte bijdrage van 0,30 euro per vrouwelijk dier ouder dan zes maanden aanwezig op het beslag en als het ingevoerde dieren betreft sedert meer dan zes maanden aanwezig in het beslag, zoals geregistreerd in Sanitel op basis van de telling van 15 december van het vorige jaar.
Art. 7. Les cotisations obligatoires dans le secteur des ovins, des caprins et des cervidés au Fonds, sont déterminées comme suit: le responsable d'un troupeau d'ovins, caprins ou de cervidés avec plus de cinq femelles âgées de plus de 6 mois, et présentes dans le troupeau depuis plus de 6 mois dans le cas d'animaux importés, doit payer annuellement au Fonds les cotisations suivantes:
  1) une cotisation obligatoire forfaitaire de 15,00 euros par troupeau;
  2) une cotisation obligatoire de 0,30 euros par femelle de plus de six mois présente dans le troupeau, telle qu'enregistrée dans Sanitel sur base du recensement du 15 décembre de l'année antérieure, et présente dans le troupeau depuis plus de six mois dans le cas d'animaux importés.
Art. 8. De verplichte bijdragen worden jaarlijks berekend op basis van de geregistreerde gegevens in Sanitel.
Art. 8. Les cotisations obligatoires sont calculées annuellement sur base des données enregistrées dans Sanitel.
Art. 9. De verplichte bijdragen worden betaald aan het Fonds binnen de dertig dagen die volgen op de datum vermeld op het aanslagbiljet. Bij gebreke aan tijdige betaling is van rechtswege en zonder aanmaning een verwijlinterest verschuldigd tegen de wettelijke rentevoet, vermeerderd met 25 euro voor administratieve kosten.
Art. 9. Les cotisations obligatoires sont payées au Fonds dans les trente jours qui suivent la date mentionnée sur la déclaration de cotisation. A défaut de paiement dans les délais, un intérêt de retard au taux d'intérêt légal, augmenté de 25 euros pour les frais administratifs, est dû de plein droit et sans sommation.
Art. 10. Indien de verantwoordelijke het bedrag van de verplichte bijdragen, interesten en de administratieve kosten na een eerste aanmaning niet betaalt aan het Fonds, wordt het bedrag van de verschuldigde verplichte bijdrage verdubbeld, vermeerderd met 25 euro voor administratieve kosten. De aanmaningen en verzoeken tot het betalen van het verdubbelde bedrag worden door het Fonds aan de verantwoordelijke verzonden, respectievelijk minstens zestig dagen en negentig dagen na de datum vermeld op het aanslagbiljet.
Art. 10. Si le responsable ne paie pas au Fonds le montant des cotisations obligatoires, des intérêts et des frais administratifs après une première sommation, le montant de la cotisation obligatoire due sera doublé, augmenté de 25 euros pour les frais administratifs. Les sommations et les invitations de paiement du montant doublé sont envoyées au responsable par le Fonds, respectivement au moins soixante et nonante jours après la date mentionnée sur la déclaration de cotisation.
Art. 11. Indien de verantwoordelijke de schapen, geiten en hertachtigen, die behoren tot zijn beslag, niet geregistreerd heeft volgens de op het ogenblik van de vaststelling geldende reglementering, en aldus geen of onvoldoende verplichte bijdragen betaalt, zal het werkelijk verschuldigde bedrag van de verplichte bijdragen verdubbeld worden.
Art. 11. Si le responsable n'a pas enregistré les ovins, les caprins et les cervidés appartenant à son troupeau, conformément aux dispositions de la législation en vigueur au moment du constat et que, de ce fait, celui-ci ne paie pas du tout ou pas assez de cotisations obligatoires, le montant réel de la cotisation obligatoire sera doublé.
Art. 12. Indien de verantwoordelijke niet akkoord is met het bedrag van de verplichte bijdrage, dient per aangetekend schrijven een bezwaarschrift gericht te worden aan het Fonds binnen de dertig dagen volgend op de datum vermeld op het aanslagbiljet. De bijzondere modaliteiten voor het indienen van een bezwaarschrift worden meegedeeld samen met het aanslagbiljet.
  Het indienen van een bezwaarschrift geeft geen uitstel van betaling. Indien het bezwaarschrift ontvankelijk en gegrond wordt verklaard, dan wordt enkel het te veel gefactureerde bedrag teruggestort.
Art. 12. Si le responsable n'est pas d'accord avec le montant de la cotisation obligatoire, une réclamation doit être adressée par lettre recommandée au Fonds, dans les trente jours qui suivent la date mentionnée sur la déclaration de cotisation. Les modalités spécifiques pour l'introduction d'une réclamation sont communiquées ensemble avec l'envoi de la déclaration de cotisation.
  L'introduction d'une réclamation ne donne pas lieu à un ajournement du paiement. Si la réclamation est déclarée recevable et fondée, seul le montant facturé en surplus sera remboursé.
Art. 13. De overtredingen van de bepalingen van dit hoofdstuk worden opgespoord, vastgesteld en gestraft overeenkomstig de bepalingen van de wet van 23 maart 1998 betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten.
Art. 13. Les infractions aux dispositions du présent chapitre sont recherchées, constatées et punies conformément aux dispositions de la loi du 23 mars 1998 relative à la création d'un Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux.
HOOFDSTUK 5. - Opheffingsbepalingen betreffende de verplichte bijdragen aan het Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten
CHAPITRE 5. - Dispositions abrogatoires relatives aux cotisations obligatoires au Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux
Art. 14. Opgeheven worden:
  1° de artikelen 23 tot en met 29 van de programmawet (I) van 29 maart 2012;
  2° het koninklijk besluit van 24 juni 1997 betreffende de verplichte bijdragen aan het Fonds voor de gezondheid en de productie van de dieren, vastgesteld voor de sector pluimvee, gewijzigd bij de wetten van 22 december 2003, 22 december 2008, 28 juni 2013, 15 december 2013 en 25 december 2017;
  3° het koninklijk besluit van 8 juli 2004 betreffende de verplichte bijdragen aan het Begrotingsfonds voor de Gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten, vastgesteld volgens de sanitaire risico's verbonden aan bedrijven waar runderen gehouden worden, gewijzigd bij de wetten van 20 december 2016 en 7 april 2017 en bij de koninklijke besluiten van 31 oktober 2005, 27 september 2009, 6 januari 2015 en 16 december 2015;
  4° het koninklijk besluit van 18 februari 2005 tot vaststelling van de verplichte bijdragen verschuldigd aan het Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten, sector zuivel, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 13 maart 2009, 27 september 2009 en 17 mei 2019.
Art. 14. Sont abrogés:
  1° les articles 23 à 29 de la loi-programme (I) du 29 mars 2012;
  2° l'arrêté royal du 24 juin 1997 relatif aux cotisations obligatoires au Fonds de la santé et de la production des animaux, fixées pour le secteur avicole, modifié par les lois des 22 décembre 2003, 22 décembre 2008, 28 juin 2013, 15 décembre 2013 et 25 décembre 2017;
  3° l'arrêté royal du 8 juillet 2004 relatif aux cotisations obligatoires au Fonds budgétaire pour la Santé et la qualité des animaux et des produits animaux, fixées en fonction des risques sanitaires liés aux exploitations détenant des bovins, modifié par les lois des 20 décembre 2016 et 7 avril 2017 et par les arrêtés royaux des 31 octobre 2005, 27 septembre 2009, 6 janvier 2015 et 16 décembre 2015;
  4° l'arrêté royal du 18 février 2005 fixant les cotisations obligatoires à payer au Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux, secteur lait, modifié par les arrêtés royaux des 13 mars 2009, 27 septembre 2009 et 17 mai 2019.
HOOFDSTUK 6. - Wijziging van de dierengezondheidswet van 24 maart 1987
CHAPITRE 6. - Modification de la loi du 24 mars 1987 relative à la santé des animaux
Art. 15. Artikel 8, eerste lid, 1°, van de dierengezondheidswet van 24 maart 1987 wordt aangevuld met de woorden: "en de kosten van die maatregelen ten laste leggen van de verantwoordelijke".
Art. 15. L'article 8, alinéa 1er, 1°, de la loi du 24 mars 1987 relative à la santé des animaux est complété avec les mots: "et mettre le coût de ces mesures à la charge du responsable".
HOOFDSTUK 7. - Wijziging van de wet van 23 maart 1998 betreffende de oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van de dieren en de dierlijke producten
CHAPITRE 7. - Modification de la loi du 23 mars 1998 relative à la création d'un Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux
Art. 16. In artikel 6 van de wet van 23 maart 1998 tot oprichting van een Begrotingsfonds voor de gezondheid en de kwaliteit van dieren en dierlijke producten wordt een paragraaf 1/2 ingevoegd, luidende:
  " § 1/2. Geconsigneerde inrichtingen zoals gedefinieerd in artikel 4, 48), van Verordening (EU) 2016/429 van het Europees Parlement en de Raad van 9 maart 2016 betreffende overdraagbare dierziekten en tot wijziging en intrekking van bepaalde besluiten op het gebied van de diergezondheid, zijn geen verplichte bijdragen verschuldigd aan het Fonds."
Art. 16. Dans l'article 6 de la loi du 23 mars 1998 relative à la création d'un Fonds budgétaire pour la santé et la qualité des animaux et des produits animaux il est inséré un paragraphe 1/2 rédigé comme suit:
  " § 1/2. Les établissements fermés tels que définis à l'article 4, 48), du règlement (UE) 2016/429 du Parlement européen et du conseil du 9 mars 2016 relatif aux maladies animales transmissibles et modifiant et abrogeant certains actes dans le domaine de la santé animale, ne sont pas redevables des cotisations obligatoires au Fonds."
HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 8. - Entrée en vigueur
Art. 17. Deze wet treedt in werking de dag waarop ze in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt, met uitzondering van:
  1° artikel 2 dat uitwerking heeft met ingang van 25 juni 2021;
  2° de artikelen 3 en 4 die uitwerking hebben met ingang van 14 juni 2021 en buiten werking treden op 31 maart 2023;
  3° de artikelen 5 tot en met 13 die uitwerking hebben met ingang van 30 juni 2007 en buiten werking treden op 31 maart 2023;
  4° artikel 14 dat in werking treedt op 1 april 2023;
  5° artikel 15 dat uitwerking heeft met ingang van 27 april 1987.
Art. 17. La présente loi entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge, à l'exception:
  1° de l'article 2 qui produit ses effets le 25 juin 2021;
  2° des articles 3 et 4 qui produisent leurs effets le 14 juin 2021 et cessent d'être en vigueur le 31 mars 2023;
  3° des articles 5 à 13 qui produisent leurs effets le 30 juin 2007 et cessent d'être en vigueur le 31 mars 2023;
  4° de l'article 14 qui entre en vigueur le 1er avril 2023;
  5° de l'article 15 qui produit ses effets le 27 avril 1987.