Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
25 MEI 2022. - Beschikking tot vaststelling van het bijzonder reglement van het Arbeidshof Gent
Titre
25 MAI 2022. - Ordonnance fixant le règlement particulier du Tribunal du travail de Gand (TRADUCTION)
Tekst (12)
Texte (1)
Artikel 1. Zetel en aantal afdelingen en kamers
  De administratieve zetel van het arbeidshof Gent is gevestigd te 9000 Gent, Savaanstraat 11/201.
  Het arbeidshof Gent bestaat uit twee afdelingen: Gent en Brugge.
  De afdeling Gent houdt zitting te 9000 Gent, Savaanstraat 11/201, en oefent territoriale rechtsmacht uit over de provincie Oost-Vlaanderen.
  De afdeling Brugge houdt zitting te 8000 Brugge, Kazernevest 3, en oefent territoriale rechtsmacht uit over de provincie West-Vlaanderen.
  Elke afdeling is ingedeeld in negen kamers en een bureau voor rechtsbijstand.
Article M. (NOTE : pas de version française, voir version néerlandaise)
Art. 2. Bevoegdheden van de kamers
  In de beide afdelingen nemen de kamers kennis van het hoger beroep tegen beslissingen in eerste aanleg gewezen door een afdeling van de arbeidsrechtbank en tegen beslissingen in eerste aanleg gewezen door de voorzitter van de arbeidsrechtbank in de hierna vermelde aangelegenheden:
  1) de eerste kamer, de geschillen genoemd in artikel 579 van het Gerechtelijk Wetboek, de geschillen genoemd in artikel 64 van de Arbeidsongevallenwet van 10 april 1971 en de geschillen genoemd in artikel 29 van de wet van 18 juli 2017 betreffende de oprichting van het statuut van nationale solidariteit, de toekenning van een herstelpensioen en de terugbetaling van medische zorg ingevolge daden van terrorisme.
  2) de tweede, de derde en de achtste kamer, de geschillen genoemd in de artikelen 578 (uitgezonderd artikel 578, 14° en artikel 578, 27° (tekst Vlaams gewest)), 582, 3°, 4°, 6°, 8°, 9°, 12°, 13° en 15° (Federale tekst), 587bis, 587septies en 1724 van het Gerechtelijk Wetboek en de geschillen betreffende de arbeidsverhoudingen die krachtens andere wetten aan de arbeidsgerechten worden toevertrouwd en de geschillen over arbeidsverhoudingen met statutair personeel.
  3) de vierde kamer, de geschillen genoemd in de artikelen 578bis, 581, 583 en 587bis, 2° t.e.m. 4° (voor de toepassing op zelfstandigen) van het Gerechtelijk Wetboek, de geschillen genoemd in TITEL XIII - Aard van de arbeidsrelaties - van de programmawet (I) van 27 december 2006 en de geschillen betreffende betwistingen van beslissingen van de commissie voor vrijstelling van bijdragen bedoeld in artikel 39 van de wet van 25 april 2014 houdende diverse bepalingen inzake sociale zekerheid;
  4) de vijfde en de zesde kamer, de geschillen genoemd in de artikelen 578, 27° (tekst Vlaams Gewest), 580, 582, 5°, 7°, 10°, 11°, 14° en 15° (tekst Vlaams Gewest) en 583 (uitgezonderd voor de toepassing op zelfstandigen) van het Gerechtelijk Wetboek, en:
  a) de geschillen genoemd in TITEL XIII - Aard van de arbeidsrelaties - van de programmawet (I) van 27 december 2006;
  b) de geschillen inzake de wetgeving betreffende de ziekte- en invaliditeitsverzekering, die niet onder te brengen zijn onder artikel 580, 1° en 2° van het Gerechtelijk Wetboek;
  c) de geschillen genoemd in artikel 17, § 5 van het decreet van 30 april 2004 houdende sociaalrechtelijk toezicht;
  d) de geschillen genoemd in het decreet van 30 april 2004 houdende het Handvest van de werkzoekende;
  e) de geschillen genoemd in de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994; in de gevallen genoemd in artikel 52, § 3 bestaat de kamer uit een alleenzetelend voorzitter;
  5) de zevende kamer, de geschillen genoemd in artikel 582, 1° en 2° van het Gerechtelijk Wetboek;
  6) de negende kamer, de geschillen genoemd in artikel 578, 14° van het Gerechtelijk Wetboek.
-
Art. 3. Verdeling van de bevoegdheden al dan niet genoemd in de artikelen 578 tot 583, 587bis en 587septies van het Gerechtelijk Wetboek
  Daarenboven neemt elke kamer, overeenkomstig de verdeling door de eerste voorzitter, kennis van de andere geschillen waarvan de arbeidsgerechten kennis nemen krachtens wettelijke, decretale of reglementaire bepalingen betreffende aangelegenheden die al dan niet vermeld zijn in de artikelen 578 tot 583, 587bis en 587septies van het Gerechtelijk Wetboek.
-
Art. 4. Zittingen
  In de beide afdelingen van het arbeidshof Gent vangen de zittingen voor alle kamers aan om 14 uur, behalve voor wat betreft de negende kamer, die om 10 uur aanvangen.
  Zij vinden plaats op de volgende dagen:
  1) de eerste kamer, iedere maand:
  a) te Gent: de 1e en 3e donderdag en de 3e vrijdag;
  b) te Brugge: de 2e en 4e donderdag;
  2) de tweede kamer, iedere maand:
  a) te Gent: de 1e maandag (kamer voor arbeiders) en de 2e maandag (kamer voor bedienden);
  b) te Brugge: de 1e woensdag (kamer voor arbeiders) en de 4e maandag (kamer voor bedienden);
  3) de derde kamer, iedere maand:
  a) te Gent: de 2e woensdag (kamer voor arbeiders) en de 4e woensdag (kamer voor bedienden);
  b) te Brugge: de 3e maandag (kamer voor arbeiders) en de 3e woensdag (kamer voor bedienden);
  4) de vierde kamer, de maanden oktober, december, februari, april en juni:
  a) te Gent: de 1e vrijdag;
  b) te Brugge: de 2e dinsdag;
  5) de vijfde kamer, iedere maand:
  a) te Gent: de 1e vrijdag;
  b) te Brugge: de 4e vrijdag;
  6) de zesde kamer, iedere maand:
  a) te Gent: de 1e, 2e, 3e en 4e maandag;
  b) te Brugge: de 1e, 2e, 3e en 4e donderdag;
  7) de zevende kamer, de maanden september, november, januari, maart, mei en juni:
  a) te Gent: de 1e vrijdag
  b) te Brugge: de 2e dinsdag
  8) de achtste kamer, iedere maand:
  a) te Gent: de 2e vrijdag;
  b) te Brugge: de 3e vrijdag;
  9) de negende kamer, iedere maand:
  a) te Gent: de 1e, 2e, 3e en 4e maandag;
  b) te Brugge: de 1e, 2e, 3e en 4e vrijdag.
-
Art. 5. Buitengewone zittingen, tijdelijke kamers, wijziging van bevoegdheden van de kamers, van het aanvangsuur van de zittingen en verdeling van de zaken onder de kamers
  § 1 De kamers kunnen volgens de behoeften van de dienst, buitengewone zittingen houden om uitspraak te verlenen, waarvan zij, met het akkoord van de eerste voorzitter, de dag en het uur bepalen.
  § 2 De eerste voorzitter kan, wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen, met het oog op de toegang tot justitie of de kwaliteit van de dienstverlening, hetzij ambtshalve en na advies van de procureur-generaal en van de hoofdgriffier te hebben ingewonnen, hetzij op verzoek van de procureur-generaal en na advies van de hoofdgriffier te hebben ingewonnen:
  a) één of meer kamers buitengewone zittingen doen houden op de dag en het uur die hij vaststelt;
  b) één of meer tijdelijke kamers samenstellen, bestaande uit de raadsheren en, in voorkomend geval, de raadsheren in sociale zaken die hij aanwijst;
  c) de bevoegdheden van de kamers wijzigen;
  d) het aanvangsuur van de zittingen wijzigen.
  § 3 Wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen, met het oog op de toegang tot justitie of de kwaliteit van de dienstverlening, kan de eerste voorzitter, na het advies van de procureur-generaal en van de hoofdgriffier te hebben ingewonnen, beslissen het aantal kamers, hun bevoegdheid en het aantal zittingen voorlopig te wijzigen, voor zover deze wijziging niet de opheffing van de betrokken kamers tot gevolg heeft.
  § 4 De eerste voorzitter verdeelt de zaken overeenkomstig het bijzonder reglement van het arbeidshof Gent. Hij kan een deel van de zaken die aan een kamer zijn toegewezen, verdelen onder de andere kamers van het hof wanneer de behoeften van de dienst het rechtvaardigen.
-
Art. 6. Inleidingen
  De zaken worden, gespreid over de maand, als volgt voor de bevoegde kamer ingeleid:
  1) voor de geschillen genoemd in de artikelen 578 (uitgezonderd artikel 578, 14° en artikel 578, 27° (tekst Vlaams gewest)), 582, 13°, 587bis, 587septies en 1724 van het Gerechtelijk Wetboek, voor de geschillen over arbeidsverhoudingen met statutair personeel en voor de geschillen met betrekking tot arbeidsverhoudingen die krachtens andere wetten aan de arbeidsgerechten worden toevertrouwd:
  a) te Gent: voor de tweede kamer,
  - de 1e maandag (kamer voor arbeiders),
  - de 2e maandag (kamer voor bedienden & statutair personeel),
  b) te Brugge: voor de tweede kamer,
  - de 1e woensdag (kamer voor arbeiders),
  - de 4e maandag (kamer voor bedienden & statutair personeel),
  2) voor de geschillen genoemd in artikel 578, 14° van het Gerechtelijk Wetboek:
  a) te Gent: voor alle zittingen van de negende kamer
  b) te Brugge: voor alle zittingen van de negende kamer;
  3) voor de geschillen genoemd in artikel 579 van het Gerechtelijk Wetboek, voor de geschillen genoemd in artikel 64 van de Arbeidsongevallenwet van 10 april 1971 en voor de geschillen genoemd in artikel 29 van de wet van 18 juli 2017 betreffende de oprichting van het statuut van nationale solidariteit, de toekenning van een herstelpensioen en de terugbetaling van medische zorg ingevolge daden van terrorisme:
  a) te Gent: voor de eerste kamer, de 1e donderdag,
  b) te Brugge: voor de eerste kamer, de 2e donderdag;
  4) voor de geschillen genoemd in de artikelen 578, 27° (tekst Vlaams Gewest), 580, 582, 5°, 7°, 10°, 11°, 14° en 15° (tekst Vlaamse Gemeenschap) en 583 (uitgezonderd voor de toepassing op zelfstandigen) van het Gerechtelijk Wetboek, en voor:
  - de geschillen genoemd in TITEL XIII - Aard van de arbeidsrelaties - van de programmawet (I) van 27 december 2006
  - de geschillen inzake de wetgeving betreffende de ziekte- en invaliditeitsverzekering, die niet onder te brengen zijn onder artikel 580, 1° en 2° van het Gerechtelijk Wetboek
  - de geschillen genoemd in artikel 17, § 5 van het decreet van 30 april 2004 houdende sociaalrechtelijk toezicht
  - de geschillen genoemd in het decreet van 30 april 2004 houdende het Handvest van de werkzoekende
  - de geschillen genoemd in de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994; in de gevallen genoemd in artikel 52, § 3 bestaat de kamer uit een alleenzetelend voorzitter;
  a) te Gent: voor de zesde kamer, de 1e maandag,
  b) te Brugge: voor de zesde kamer, de 2e donderdag;
  5) voor de geschillen genoemd in de artikelen 578bis, 581, 583 en 587bis, 2° t.e.m. 4° (voor de toepassing op zelfstandigen) van het Gerechtelijk Wetboek:
  a) te Gent: voor de vierde kamer, de 1e vrijdag;
  b) te Brugge: voor de vierde kamer, de 2e dinsdag;
  6) voor de geschillen genoemd in artikel 582, 1° en 2° van het Gerechtelijk Wetboek:
  a) te Gent: voor de zevende kamer, de 1e vrijdag,
  b) te Brugge: voor de zevende kamer, de 2e dinsdag;
  7) voor de geschillen genoemd in artikel 582, 3°, 4°, 6°, 8°, 9°, 12° en 15° (Federale tekst) van het Gerechtelijk Wetboek zijn, in de beide afdelingen, alle zittingen van de 2e, de 3e en de 8e kamer ook inleidingszittingen;
  8) indien een inleidingszitting op een wettelijke feestdag valt, worden de geschillen ingeleid op de eerstvolgende nuttige zitting van de betrokken kamer.
-
Art. 7. Kort geding
  Volgens de noodwendigheden kunnen alle kamers zitting houden in kort geding wat de in artikel 2. aan hen toegekende bevoegdheden betreft. De zittingen waarop geschillen in kort geding kunnen ingeleid of behandeld worden, vangen aan om 13.30 uur en vinden plaats op de volgende dagen:
  1) de eerste kamer:
  a) te Gent: iedere donderdag;
  b) te Brugge: iedere donderdag;
  2) de tweede kamer:
  a) te Gent: iedere maandag;
  b) te Brugge: iedere maandag;
  3) de derde kamer:
  a) te Gent: iedere woensdag;
  b) te Brugge: iedere woensdag;
  4) de vierde kamer:
  a) te Gent: iedere vrijdag;
  b) te Brugge: iedere dinsdag;
  5) de vijfde kamer:
  a) te Gent: iedere vrijdag;
  b) te Brugge: iedere vrijdag;
  6) de zesde kamer:
  a) te Gent: iedere maandag;
  b) te Brugge: iedere donderdag;
  7) de zevende kamer:
  a) te Gent: iedere vrijdag
  b) te Brugge: iedere dinsdag
  8) de achtste kamer:
  a) te Gent: iedere vrijdag;
  b) te Brugge: iedere vrijdag;
  9) de negende kamer:
  a) te Gent: iedere maandag;
  b) te Brugge: iedere vrijdag.
  Geschillen in kort geding die op de inleidingszitting niet of niet volledig kunnen behandeld worden, kunnen verder behandeld worden op een zitting zoals bepaald in artikel 4.
-
Art. 8. Samenstelling van de kamers
  De kamers worden wettelijk samengesteld overeenkomstig artikel 104 van het Gerechtelijk Wetboek.
  In beide afdelingen zijn aan elke kamer ten minste verbonden:
  - een magistraat van de zetel (kamervoorzitter of raadsheer), en
  - vier raadsheren in sociale zaken (met uitzondering van de negende kamer, waaraan geen raadsheren in sociale zaken verbonden zijn).
-
Art. 9. Vakantiezittingen
  De eerste voorzitter stelt de vakantiedienstregeling vast bij beschikking, overeenkomstig de artikelen 334 e.v. van het Gerechtelijk Wetboek. Hierin bepaalt hij voor de beide afdelingen dag en uur van de vakantiezittingen en de samenstelling van de vakantiekamers.
-
Art. 10. Bureau voor rechtsbijstand
  Het bureau voor rechtsbijstand zetelt in de beide afdelingen van het arbeidshof Gent en houdt zitting volgens de noodwendigheden.
  Iedere kamervoorzitter en raadsheer in het arbeidshof Gent kan het bureau voor rechtsbijstand voorzitten, na hiertoe bij beschikking van de eerste voorzitter te zijn aangewezen.
-
Art. 11. Bekendmaking
  Dit bijzonder reglement wordt bekendgemaakt door aanplakking ter griffie van elke afdeling van het arbeidshof Gent en wordt geplaatst op de website. Het zal ook worden gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad.
-
Art. 12. Inwerkingtreding
  Dit bijzonder reglement treedt in werking op 1 september 2022.
  Het vervangt vanaf die datum het bijzonder reglement van het arbeidshof Gent van 10 juni 2021.
-