Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
8 JANUARI 2021. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018 houdende uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers
Titre
8 JANVIER 2021. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 7 dĂ©cembre 2018 portant exĂ©cution de la loi du 30 avril 1999 relative Ă  l'occupation des travailleurs Ă©trangers
Documentinformatie
Numac: 2021040133
Datum: 2021-01-08
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2021040133
Date: 2021-01-08
Moniteur: Voir
Tekst (24)
Texte (24)
Artikel 1. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2018 houdende uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° er wordt een punt 5° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "5° /1 internationaal docent: een persoon met ten minste kwalificatieniveau 7 die onderwijsactiviteiten uitvoert in een erkende hoger onderwijsinstelling;";
  2° punt 13° wordt opgeheven;
  3° in punt 21° wordt tussen de zinsnede "titel I, hoofdstuk III" en het woord "van" de zinsnede "of titel II," ingevoegd.
Article 1er. A l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 7 dĂ©cembre 2018 portant exĂ©cution de la loi du 30 avril 1999 relative Ă  l'occupation des travailleurs Ă©trangers, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° il est inséré un point 5° /1, rédigé comme suit :
  " 5° /1 chargé de cours international : une personne ayant au moins le niveau de qualification 7, qui exerce des activités d'enseignement dans un établissement d'enseignement supérieur agréé ; " ;
  2° le point 13° est abrogé ;
  3° dans le point 21°, le membre de phrase " ou au titre II, " est inséré entre le membre de phrase " au titre Ier, chapitre II, " et le mot " de ".
Art. 2. In artikel 2 van hetzelfde besluit wordt paragraaf 1 vervangen door wat volgt:
  " § 1. Een arbeidsvergunning en een arbeidskaart worden uitgereikt voor de tewerkstelling van de onderdaan van een derde land die aan een van de volgende voorwaarden voldoet:
  1° hij wordt toegelaten tot arbeid voor een aaneengesloten periode van maximaal negentig dagen, of voor een periode van maximaal negentig dagen binnen een periode van honderdtachtig dagen, berekend conform artikel 6, tweede en derde lid, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen;
  2° hij wordt toegelaten tot arbeid voor een bepaalde duur als grensarbeider;
  3° hij wordt toegelaten als au pair op grond van hoofdstuk VI, afdeling 2, van het koninklijk besluit van 9 juni 1999 houdende uitvoering van de wet van 30 april 1999 betreffende de tewerkstelling van buitenlandse werknemers.
  In het eerste lid, 2°, wordt verstaan onder grensarbeider: de werknemer die op het grondgebied van het Vlaamse Gewest werkt, maar die zijn verblijfplaats heeft op het grondgebied van een aangrenzend land en daarheen in principe dagelijks of ten minste een keer per week terugkeert.
  De bepalingen van hoofdstuk 10 zijn van toepassing op de aanvragen van toelating tot arbeid als vermeld in het eerste lid.".
Art. 2. Dans l'article 2 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, le paragraphe 1er est remplacĂ© par ce qui suit :
  " § 1er. Un permis de travail et une carte de travail sont délivrés pour l'emploi d'un ressortissant d'un pays tiers qui satisfait à l'une des conditions suivantes :
  1° il est admis au travail pour une période ininterrompue de nonante jours au maximum, ou pour une période de nonante jours au maximum dans une période de cent quatre-vingt jours, calculée conformément à l'article 6, alinéas 2 et 3, de la loi du 15 décembre 1980 sur l'accÚs au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers ;
  2° il est admis au travail à durée déterminée en tant que travailleur frontalier ;
  3° il est admis en tant qu'au pair en vertu du chapitre VI, section 2, de l'arrĂȘtĂ© royal du 9 juin 1999 portant exĂ©cution de la loi du 30 avril 1999 relative Ă  l'occupation des travailleurs Ă©trangers.
  Dans l'alinéa 1er, 2°, on entend par travailleur frontalier : le travailleur qui travaille sur le territoire de la Région flamande mais qui réside sur le territoire d'un pays limitrophe et y retourne en principe tous les jours ou au moins une fois par semaine.
  Les dispositions du chapitre 10 sont applicables aux demandes d'admission au travail telles que visées à l'alinéa 1er. ".
Art. 3. In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het tweede lid wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° kan wie toegelaten is tot arbeid op grond van artikel 17, eerste lid, 1°, 2°, 3°, 5°, 6° of 11°, bijkomend activiteiten als internationaal docent uitvoeren;";
  2° aan de bestaande tekst, die paragraaf 1 zal vormen, wordt een paragraaf 2 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 2. De werkgever of de gebruiker heeft een maatschappelijke zetel of een vestigingseenheid in het Vlaamse Gewest.
  In afwijking van het eerste lid kan een toelating tot arbeid afgeleverd worden voor prestaties onderworpen aan de Belgische sociale zekerheid, overeenkomstig artikel 3 van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.".
Art. 3. A l'article 4 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans l'alinéa 2, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
  " 1° celui qui est admis au travail sur la base de l'article 17, alinéa 1er, 1°, 2°, 3°, 5°, 6° ou 11°, peut également exercer des activités en tant que chargé de cours international ; " ;
  2° le texte actuel, qui formera le paragraphe 1er, est complété par un paragraphe 2, rédigé comme suit :
  " § 2. L'employeur ou l'utilisateur a un siÚge social ou une filiale en Région flamande.
  Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a 1er, une admission au travail peut ĂȘtre dĂ©livrĂ©e pour des prestations soumises Ă  la sĂ©curitĂ© sociale belge, conformĂ©ment Ă  l'article 3 de la loi du 27 juin 1969 rĂ©visant l'arrĂȘtĂ©-loi du 28 dĂ©cembre 1944 concernant la sĂ©curitĂ© sociale des travailleurs. ".
Art. 4. In artikel 7 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt de zinsnede "en op voorwaarde dat de vreemdeling wettig op het Belgisch grondgebied verblijft" vervangen door de zinsnede "op voorwaarde dat de werknemer voldoet aan artikel 61/25-2, § 2 van de wet van 15 december 1980";
  2° in het eerste lid wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "3° voor de tewerkstelling van de buitenlandse onderdanen, vermeld in artikel 18, § 2.";
  3° het tweede lid wordt opgeheven.
Art. 4. A l'article 7 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans l'alinéa 1er, le membre de phrase " et à la condition que l'étranger séjourne légalement sur le territoire belge " est remplacé par le membre de phrase " , à condition que le travailleur répond à l'article 61/25-2, § 2, de la loi du 15 décembre 1980 " ;
  2° l'alinéa 1er est complété par un point 3°, rédigé comme suit :
  " 3° pour l'occupation des ressortissants étrangers, visés à l'article 18, § 2. " ;
  3° l'alinéa 2 est abrogé.
Art. 5. In artikel 8 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, tweede lid, wordt de zinsnede "4°, " opgeheven;
  2° aan paragraaf 1 wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "Bij detachering wordt de toelating tot arbeid beperkt tot de geldigheidsduur van het document, vermeld in artikel 44, eerste lid, 2°. ";
  3° in paragraaf 2, eerste lid, worden de woorden "in hetzelfde beroep" opgeheven;
  4° in paragraaf 2 wordt het tweede lid opgeheven.
Art. 5. A l'article 8 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 2, le membre de phrase " 4°, " est abrogé ;
  2° le paragraphe 1er est complété par un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " En cas de détachement, l'admission au travail est limitée à la durée de validité du document, visé à l'article 44, alinéa 1er, 2°. " ;
  3° dans le paragraphe 2, alinĂ©a 1er, les mots " au sein de la mĂȘme profession " sont abrogĂ©s ;
  4° dans le paragraphe 2, l'alinéa 2 est abrogé.
Art. 6. Artikel 9 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
  "Gedurende de geldigheid van de toelating tot arbeid van bepaalde duur verwittigt de werkgever de bevoegde overheid:
  1° ingeval van verbreking van de arbeidsovereenkomst;
  2° bij elke betekenisvolle wijziging van de arbeidsvoorwaarden die gevolgen kan hebben op de geldigheid van de toelating.
  De bevoegde overheid deelt de werkgever mee of een nieuwe toelating tot arbeid aangevraagd moet worden, en doet dit uiterlijk 15 dagen na de melding bedoeld in het eerste lid, 2°. ".
Art. 6. L'article 9 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
  " Pendant la validité de l'admission au travail à durée déterminée, l'employeur prévient l'autorité compétente :
  1° en cas de rupture du contrat de travail ;
  2° lors de toute modification significative des conditions de travail susceptible d'avoir des conséquences sur la validité de l'admission.
  L'autoritĂ© compĂ©tente informe l'employeur si une nouvelle demande d'admission au travail doit ĂȘtre introduite, et ce dans les 15 jours suivant la notification visĂ©e Ă  l'alinĂ©a 1er, 2°. ".
Art. 7. Aan artikel 11 van hetzelfde besluit, waarvan de bestaande tekst paragraaf 1 zal vormen, worden een paragraaf 2 en een paragraaf 3 toegevoegd, die luiden als volgt:
  " § 2. De aanvraag tot hernieuwing of wijziging wordt beoordeeld op basis van de criteria, vermeld in hoofdstuk 6.
  In afwijking van het eerste lid worden de voorwaarden, vermeld in artikel 18, § 1, eerste lid, vermoed vervuld te zijn als de hernieuwing van de toelating tot arbeid, aangevraagd door dezelfde werkgever, betrekking heeft op dezelfde functie als de functie waarvoor de lopende toelating op basis van artikel 18 werd afgeleverd.
  § 3. De toelating tot arbeid die in kader van een hernieuwing afgeleverd wordt, neemt aanvang vóór het einde van het wettig verblijf van de betrokken werknemer, dat is toegekend conform artikel 36, § 2, van het samenwerkingsakkoord van 2 februari 2018.".
Art. 7. L'article 11 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, dont le texte actuel formera le paragraphe 1er, est complĂ©tĂ© par un paragraphe 2 et un paragraphe 3, rĂ©digĂ©s comme suit :
  " § 2. La demande de renouvellement ou de modification est évaluée sur la base des critÚres visés au chapitre 6.
  Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a 1er, les conditions visĂ©es Ă  l'article 18, § 1er, alinĂ©a 1er, sont censĂ©es ĂȘtre remplies si le renouvellement de l'admission au travail, demandĂ© par le mĂȘme employeur, concerne la mĂȘme fonction que celle pour laquelle l'admission en cours a Ă©tĂ© dĂ©livrĂ©e sur la base de l'article 18.
  § 3. L'admission au travail délivrée dans le cadre d'un renouvellement prend cours avant la fin du séjour légal du travailleur concerné, qui est accordé conformément à l'article 36, § 2, de l'accord de coopération du 2 février 2018. ".
Art. 8. Artikel 12 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 12. § 1. De toelating tot arbeid wordt geweigerd als:
  1° de aanvraag onvolledige, onjuiste, vervalste of onrechtmatig verkregen gegevens, verklaringen of onrechtmatig verrichte aanpassingen bevat;
  2° de toelatingsvoorwaarden, vermeld in artikel 4, artikel 4/1 of artikel 5 van de wet van 30 april 1999, of in de uitvoeringsbesluiten niet zijn vervuld;
  3° de werkgever of de gastentiteit de wettelijke en de reglementaire verplichtingen voor de tewerkstelling van werknemers niet naleeft, met inbegrip van de loon- en andere arbeidsvoorwaarden die voor de tewerkstelling gelden;
  4° de tewerkstelling strijdig is met de openbare orde of de openbare veiligheid, met de wetten en reglementen, of met de internationale overeenkomsten en akkoorden over de indienstneming en de tewerkstelling van buitenlandse werknemers;
  5° aan de tewerkstelling geen inkomsten verbonden zijn die de werknemer in staat stellen te voorzien in zijn behoeften of in die van zijn gezin;
  6° de onderneming of de gastentiteit is opgericht of opereert met als belangrijkste doel de binnenkomst van buitenlandse werknemers te vergemakkelijken, of geen economische of maatschappelijke activiteiten uitvoert;
  7° de werkgever gedurende een periode van zes maanden voorafgaand aan de aanvraag een volledige betrekking heeft afgeschaft om de vacature die de werkgever met die aanvraag wil invullen, te creëren.
  De weigeringsgrond, vermeld in het eerste lid, 5°, is niet van toepassing op aanvragen van personen als vermeld in artikel 17, eerste lid, 8°, 10°, 11° en 18°.
  De weigeringsgrond, vermeld in het eerste lid, 7°, is niet van toepassing op aanvragen van personen als vermeld in artikel 17, eerste lid, 3°, 6° en 7°.
  § 2. De toelating tot arbeid kan geweigerd worden:
  1° als tegen de werkgever of de gastentiteit gedurende een jaar voor de aanvraag een sanctie uitgesproken is op grond van een van de volgende bepalingen:
  a) artikel 12/1, § 1, artikel 12/3, § 1, of artikel 12/4 van de wet van 30 april 1999;
  b) artikel 13/5, artikel 13/6, § 2, § 4, of § 5, van het decreet houdende sociaalrechtelijk toezicht van 30 april 2004;
  c) artikel 13/1 van de wet van 19 februari 1965 betreffende de uitoefening van de zelfstandige beroepsactiviteiten der vreemdelingen;
  d) artikel 175/1, § 1, artikel 181, § 1, of artikel 181/1 van het Sociaal Strafwetboek.
  2° als de werkgever in staat van faillissement of van kennelijk onvermogen verkeert, het voorwerp uitmaakt van een procedure tot faillietverklaring, of een gerechtelijke reorganisatie heeft aangevraagd of verkregen;
  3° om een ethische rekrutering te verzekeren in de sectoren die een tekort aan gekwalificeerde werknemers kennen in het land van oorsprong;
  4° als gedurende een jaar voor de aanvraag een toelating tot arbeid voor dezelfde werknemer in dezelfde categorie geweigerd of ingetrokken werd, zonder dat de aanvrager nieuwe elementen kan laten gelden.
  De weigeringsgrond, vermeld in het eerste lid, 3°, is enkel van toepassing op aanvragen van personen als vermeld in artikel 17, eerste lid, 3°.
  Bij de beoordeling van de toelating tot arbeid wordt rekening gehouden met de specifieke omstandigheden van het geval, de belangen van de buitenlandse werknemer, het economisch belang van de werkgever, en het evenredigheidsbeginsel.".
Art. 8. L'article 12 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
  " Art. 12. § 1er. L'admission au travail est refusée lorsque :
  1° la demande comprend des données ou des déclarations incomplÚtes, inexactes, falsifiées ou illicites, ou encore des adaptations apportées de maniÚre illicite ;
  2° les conditions d'admission visĂ©es Ă  l'article 4, Ă  l'article 4/1 ou Ă  l'article 5 de la loi du 30 avril 1999, ou dans ses arrĂȘtĂ©s d'exĂ©cution, ne sont pas remplies ;
  3° l'employeur ou l'entité d'accueil ne respecte pas les obligations légales ou réglementaires relatives à l'occupation des travailleurs, en ce compris les conditions de rémunération et autres conditions de travail applicables à l'occupation ;
  4° l'occupation est contraire à l'ordre public ou à la sécurité publique, aux lois et rÚglements ou aux conventions et accords internationaux relatifs à l'engagement de travailleurs étrangers ;
  5° l'occupation n'est pas associée à des revenus qui permettent au travailleur de pourvoir à ses besoins ou à ceux de sa famille ;
  6° l'entreprise ou l'entité d'accueil a été fondée ou exerce ses activités principalement dans le but de faciliter l'entrée de travailleurs étrangers, ou n'exerce pas d'activités de nature économique ou sociale ;
  7° l'employeur a, pendant une période de six mois préalablement à la demande, supprimé un poste complet en vue de créer le poste qu'il souhaite pourvoir par la demande en question ;
  Le motif de refus visé à l'alinéa 1er, 5°, ne s'applique pas aux demandes de personnes telles que visées à l'article 17, alinéa 1er, 8°, 10°, 11° et 18°.
  Le motif de refus visé à l'alinéa 1er, 7°, ne s'applique pas aux demandes de personnes telles que visées à l'article 17, alinéa 1er, 3°, 6° et 7°.
  § 2. L'admission au travail peut ĂȘtre refusĂ©e lorsque :
  1° pendant l'année précédant la demande, une sanction a été prononcée à l'encontre de l'employeur ou de l'entité d'accueil sur la base de l'une des dispositions suivantes :
  a) l'article 12/1, § 1er, l'article 12/3, § 1er, ou l'article 12/4 de la loi du 30 avril 1999 ;
  b) l'article 13/5, l'article 13/6, § 2, § 4 ou § 5, du décret du 30 avril 2004 relatif au contrÎle des lois sociales ;
  c) l'article 13/1 de la loi du 19 février 1965 relative à l'exercice, par les étrangers, des activités professionnelles indépendantes ;
  d) l'article 175/1, § 1er, l'article 181, § 1er, ou l'article 181/1 du Code pénal social.
  2° l'employeur est en état de faillite ou d'insolvabilité manifeste, il fait l'objet d'une procédure de déclaration de faillite, ou a demandé ou obtenu une réorganisation judiciaire ;
  3° afin d'assurer un recrutement Ă©thique dans les secteurs oĂč il y a pĂ©nurie de travailleurs qualifiĂ©s dans le pays d'origine ;
  4° pendant l'annĂ©e prĂ©cĂ©dant la demande, une admission au travail pour le mĂȘme travailleur dans la mĂȘme catĂ©gorie a Ă©tĂ© refusĂ©e ou retirĂ©e, sans que le demandeur puisse faire valoir de nouveaux Ă©lĂ©ments.
  Le motif de refus visé à l'alinéa 1er, 3°, s'applique uniquement aux demandes de personnes telles que visées à l'article 17, alinéa 1er, 3°.
  Lors de l'Ă©valuation de l'admission au travail, il est tenu compte des circonstances spĂ©cifiques du cas, des intĂ©rĂȘts du travailleur Ă©tranger, de l'intĂ©rĂȘt Ă©conomique de l'employeur, et du principe de proportionnalitĂ©. ".
Art. 9. Artikel 13 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 13. § 1. De toelating tot arbeid wordt ingetrokken als:
  1° voor de aanvraag gebruik gemaakt is van bedrieglijke praktijken, onvolledige, onjuiste of vervalste verklaringen, of onrechtmatig verkregen gegevens werden bezorgd of onrechtmatig aanpassingen werden verricht;
  2° de onderneming of de gastentiteit is opgericht of opereert met als belangrijkste doel de binnenkomst van buitenlandse werknemers te vergemakkelijken, of geen economische of maatschappelijke activiteiten uitvoert;
  3° de tewerkstelling strijdig is met de openbare orde of openbare veiligheid, met de wetten en reglementen, of met de internationale overeenkomsten en akkoorden over de indienstneming en tewerkstelling van werknemers van buitenlandse nationaliteit;
  4° de werkgever of de gastentiteit de wettelijke en reglementaire verplichtingen voor de tewerkstelling van werknemers niet nakomt, met inbegrip van de loon- en andere arbeidsvoorwaarden die gelden voor de werknemers;
  5° de werkgever, de gastentiteit of de werknemer zich niet houdt aan de voorwaarden die aan de toelating tot arbeid verbonden zijn.
  § 2. De toelating tot arbeid kan ingetrokken worden als:
  1° tegen de werkgever of de gastentiteit een sanctie uitgesproken is op grond van een van de volgende bepalingen:
  a) artikel 12/1, § 1, artikel 12/3, § 1, of artikel 12/4 van de wet van 30 april 1999;
  b) artikel 13/5, artikel 13/6, § 2, § 4, of § 5, van het decreet houdende sociaalrechtelijk toezicht van 30 april 2004;
  c) artikel 13/1 van de wet van 19 februari 1965 betreffende de uitoefening van de zelfstandige beroepsactiviteiten der vreemdelingen;
  d) artikel 175/1, § 1, artikel 181, § 1, of artikel 181/1 van het Sociaal Strafwetboek.
  2° de werkgever in staat van faillissement of van kennelijk onvermogen verkeert, het voorwerp uitmaakt van een procedure tot faillietverklaring, of een gerechtelijke reorganisatie heeft aangevraagd of verkregen.
  De intrekkingsgrond, vermeld in het eerste lid, 2°, is alleen van toepassing voor de tewerkstelling van een seizoenarbeider.
  Bij de beoordeling van de intrekking wordt rekening gehouden met de specifieke omstandigheden van het geval, de belangen van de buitenlandse werknemer, het economisch belang van de werkgever, en het evenredigheidsbeginsel.".
Art. 9. L'article 13 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
  " Art. 13. § 1er. L'admission à l'emploi est retirée lorsque :
  1° pour les besoins de la demande, il a été fait usage de pratiques frauduleuses, de déclarations incomplÚtes, inexactes ou falsifiées, ou que des données ont été obtenues ou des adaptations apportées de maniÚre illicite ;
  2° l'entreprise ou l'entité d'accueil a été fondée ou exerce ses activités principalement dans le but de faciliter l'entrée de travailleurs étrangers, ou n'exerce pas d'activités de nature économique ou sociale ;
  3° l'occupation est contraire à l'ordre public ou à la sécurité publique, aux lois et rÚglements ou aux conventions et accords internationaux relatifs à l'engagement de travailleurs étrangers ;
  4° l'employeur ou l'entité d'accueil ne respecte pas les obligations légales ou réglementaires relatives à l'occupation des travailleurs, en ce compris les conditions de rémunération et autres conditions de travail applicables aux travailleurs ;
  5° l'employeur, l'entité d'accueil ou le travailleur ne respecte pas les conditions associées à l'admission à l'emploi.
  § 2. L'admission Ă  l'emploi peut ĂȘtre retirĂ©e lorsque :
  1° une sanction a été prononcée à l'encontre de l'employeur ou de l'entité d'accueil sur la base de l'une des dispositions suivantes :
  a) l'article 12/1, § 1er, l'article 12/3, § 1er, ou l'article 12/4 de la loi du 30 avril 1999 ;
  b) l'article 13/5, l'article 13/6, § 2, § 4 ou § 5, du décret du 30 avril 2004 relatif au contrÎle des lois sociales ;
  c) l'article 13/1 de la loi du 19 février 1965 relative à l'exercice, par les étrangers, des activités professionnelles indépendantes ;
  d) l'article 175/1, § 1er, l'article 181, § 1er, ou l'article 181/1 du Code pénal social.
  2° l'employeur est en état de faillite ou d'insolvabilité manifeste, il fait l'objet d'une procédure de déclaration de faillite, ou a demandé ou obtenu une réorganisation judiciaire.
  Le motif de retrait visé à l'alinéa 1er, 2°, s'applique uniquement à l'occupation d'un travailleur saisonnier.
  Lors de l'Ă©valuation du retrait, il est tenu compte des circonstances spĂ©cifiques du cas, des intĂ©rĂȘts du travailleur Ă©tranger, de l'intĂ©rĂȘt Ă©conomique de l'employeur, et du principe de proportionnalitĂ©. ".
Art. 10. In artikel 15 van hetzelfde besluit wordt punt 2° opgeheven.
Art. 10. Dans l'article 15 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, le point 2° est abrogĂ©.
Art. 11. In artikel 16 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1, eerste lid, 4°, worden tussen de woorden "een opleiding" en de woorden "te volgen" de woorden "te geven of" ingevoegd;
  2° in paragraaf 1, eerste lid, 7°, wordt tussen de woorden "die zich" en de woorden "naar België" het woord "tijdelijk" ingevoegd;
  3° in paragraaf 1, eerste lid, 7°, wordt punt e) opgeheven;
  4° er wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 3. Zijn van rechtswege toegelaten tot arbeid de onderzoekers of internationaal docenten die voor een periode van maximaal negentig dagen binnen elke periode van honderdtachtig dagen verbonden zijn aan een Belgische erkende onderzoeksinstelling.".
Art. 11. A l'article 16 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, 4°, les mots " donner ou " sont insérés entre les mots " viennent en Belgique pour " et les mots " suivre une formation " ;
  2° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, 7°, le mot " temporairement " est inséré entre les mots " se rendent " et les mots " en Belgique " ;
  3° dans le paragraphe 1er, alinéa 1er, 7°, le point e) est abrogé ;
  4° il est ajouté un paragraphe 3, rédigé comme suit :
  " § 3. Sont de plein droit admis au travail, les chercheurs ou les chargés de cours internationaux qui sont attachés à un institut de recherche agréé belge pour une période maximale de nonante jours au sein de chaque période de cent quatre-vingts jours. ".
Art. 12. In artikel 17 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt punt 4° opgeheven;
  2° in het eerste lid, 17°, worden tussen het woord "beroepsopleiding" en het woord "volgen" de woorden "geven of" ingevoegd;
  3° in het eerste lid, 19°, worden tussen het woord "opleiding" en de woorden "te volgen" de woorden "te geven of" ingevoegd.
Art. 12. A l'article 17 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans l'alinéa 1er, le point 4° est abrogé ;
  2° dans l'alinéa 1er, 17°, les mots " donnent ou " sont insérés entre le mot " qui " et les mots " suivent une formation professionnelle " ;
  3° dans l'alinĂ©a 1er, 19°, les mots " donner ou " sont insĂ©rĂ©s entre l'arrĂȘtĂ© mots " viennent en Belgique pour " et les mots " suivre formation ".
Art. 13. In artikel 19 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid, 1°, wordt tussen het woord "ze" en het woord "vier" het woord "er" ingevoegd;
  2° in het eerste lid, 2°, wordt tussen het woord "ze" en het woord "twaalf" het woord "er" ingevoegd;
  3° in het derde lid, 1°, wordt tussen de woorden "toegekend zijn" en het woord "voor" de zinsnede "op basis van artikel 2, § 1, 2°, of" ingevoegd.
Art. 13. A l'article 19 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans l'alinéa 1er, 1°, le mot " y " est inséré entre le mot " ils " et le mot " ont " ;
  2° dans l'alinéa 1er, 2°, le mot " y " est inséré entre le mot " ils " et le mot " ont " ;
  3° dans l'alinéa 3, 1°, le membre de phrase " sur la base de l'article 2, § 1er, 2°, ou " est inséré entre le mot " accordées " et le mot " pour ".
Art. 14. In artikel 33, 2°, van hetzelfde besluit wordt het woord "gastprofessor" vervangen door het woord "internationaal docent".
Art. 14. Dans l'article 33, 2°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " professeur invitĂ© " sont remplacĂ©s par les mots " chargĂ© de cours international ".
Art. 15. In artikel 43 van het besluit wordt tussen de zinsnede "de wet van 15 december 1980," en het woord "bij" de zinsnede "en, in toepassing van artikel 7, de geldige verblijfstitel vermeld in artikel 61/25-2, § 2, eerste lid, van de wet van 15 december 1980" gevoegd.
Art. 15. Dans l'article 43 de l'arrĂȘtĂ©, le membre de phrase " et, en application de l'article 7, le titre de sĂ©jour valable, visĂ© Ă  l'article 61/25-2, § 2, alinĂ©a 1er, de la loi du 15 dĂ©cembre 1980 " est insĂ©rĂ© aprĂšs le membre de phrase " de la loi du 15 dĂ©cembre 1980 ".
Art. 16. In artikel 45 van hetzelfde besluit wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
  "1° een kopie van de arbeidsovereenkomst, vermeld in titel I en III van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, of van de arbeidsovereenkomst, vermeld in hoofdstuk II, afdeling 1, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers, die beide partijen dagtekenen en ondertekenen, of het bewijs van aanstelling of, in geval van detachering, een kopie van de arbeidsovereenkomst tussen de werknemer en zijn werkgever die in het buitenland is gevestigd, in voorkomend geval met een vertaalde versie ervan;".
Art. 16. Dans l'article 45 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, le point 1° est remplacĂ© par ce qui suit :
  " 1° une copie du contrat de travail, visé aux titres I et III de la loi du 3 juillet 1978 relative aux contrats de travail, ou du contrat de travail, visé au chapitre II, section 1, de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs, que les deux parties datent et signent, ou la preuve de la désignation ou, en cas de détachement, une copie du contrat de travail entre le travailleur et son employeur établi à l'étranger, le cas échéant avec une version traduite ; ".
Art. 17. In artikel 46, 1°, en 55, 2°, van hetzelfde besluit wordt tussen de zinsnede "de arbeidsovereenkomsten," en het woord "gedagtekend" de zinsnede "of van de arbeidsovereenkomst, vermeld in hoofdstuk II, afdeling 1, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers," ingevoegd.
Art. 17. Dans l'article 46, 1°, et 55, 2°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, le membre de phrase " ou du contrat de travail, visĂ© au chapitre II, section 1, de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intĂ©rimaire et la mise de travailleurs Ă  la disposition d'utilisateurs " est insĂ©rĂ© entre le membre de phrase " aux contrats de travail, " et le mot " datĂ©e ".
Art. 18. Artikel 47 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 18. L'article 47 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est abrogĂ©.
Art. 19. In artikel 60 en 62 van hetzelfde besluit worden tussen de woorden "een opleiding te" en het woord "volgen" de woorden "geven of te" ingevoegd.
Art. 19. les articles 60 et 62 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " donner ou " sont insĂ©rĂ©s entre le mot " pour " et les mots " suivre une formation ".
Art. 20. In artikel 63 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in het eerste lid wordt tussen de zinsnede "de arbeidsovereenkomsten," en het woord "gedagtekend" de zinsnede "of van de arbeidsovereenkomst, vermeld in hoofdstuk II, afdeling 1, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruiker," ingevoegd;
  2° er wordt een derde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "De arbeidsovereenkomst, vermeld in het eerste lid, kan geen arbeidsovereenkomst dienstencheques zijn als vermeld in hoofdstuk II, afdeling 2, van de wet van 20 juli 2001 tot bevordering van buurtdiensten en -banen, en geen PWA-arbeidsovereenkomst als vermeld in artikelen 3 tot 6 van de wet van 7 april 1999 betreffende de PWA-arbeidsovereenkomst.".
Art. 20. A l'article 63 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans l'alinéa 1er, le membre de phrase " ou du contrat de travail, visé au chapitre II, section 1, de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs " est inséré entre le membre de phrase " les contrats de travail, " et le mot " datée " ;
  2° il est ajouté un alinéa 3, rédigé comme suit :
  " Le contrat de travail, visĂ© Ă  l'alinĂ©a 1er, ne peut ni ĂȘtre de contrat de travail titres-services tel que visĂ© au chapitre II, section 2, de la loi du 20 juillet 2001 visant Ă  favoriser le dĂ©veloppement de services et d'emplois de proximitĂ©, ni ĂȘtre de contrat de travail ALE tel que visĂ© aux articles 3 Ă  6 de la loi du 7 avril 1999 relative au contrat de travail ALE. ".
Art. 21. In artikel 71 van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "47," opgeheven.
Art. 21. Dans l'article 71 du mĂȘme arrĂȘtĂ© le membre de phrase " 47, " est abrogĂ©.
Art. 22. In artikel 76 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in paragraaf 1 wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
  "Het eerste lid is niet van toepassing op aanvragen van een toelating tot arbeid voor seizoenarbeiders als vermeld in hoofdstuk 8, afdeling 2.";
  2° in paragraaf 1, derde lid, wordt de zinsnede "4°, " opgeheven;
  3° in paragraaf 1, vierde lid, wordt de zinsnede "4°, " vervangen door de zinsnede "1°, " en wordt het woord "gasthoogleraren" vervangen door het woord "internationaal docenten";
  4° er wordt een paragraaf 3 toegevoegd, die luidt als volgt:
  " § 3. De bezoldiging van de buitenlandse werknemer die met toepassing van artikel 8, § 1, tweede lid, toegelaten wordt tot arbeid voor een periode langer dan een jaar, wordt jaarlijks aangepast conform paragraaf 1, eerste lid, of artikel 17, eerste lid, 1° en 2°, artikel 21, 2°, of artikel 26, 4°. ".
Art. 22. A l'article 76 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
  1° dans le paragraphe 1er, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
  " L'alinéa 1er ne s'applique pas aux demandes d'admission au travail pour les travailleurs saisonniers tels que visés au chapitre 8, section 2. " ;
  2° dans le paragraphe 1er, alinéa 3, le membre de phrase " 4°, " est abrogé ;
  3° dans le paragraphe 1er, alinéa 4, le membre de phrase " 4°, " est remplacé par le membre de phrase " 1°, ", et les mots " professeurs invités " sont remplacés par les mots " chargés de cours internationaux " ;
  4° il est ajouté un paragraphe 3, rédigé comme suit :
  " § 3. La rémunération du travailleur étranger qui est admis au travail pour une période dépassant un an, en application de l'article 8, § 1er, alinéa 2, est adaptée annuellement conformément au paragraphe 1er, alinéa 1er, ou l'article 17, alinéa 1er, 1° et 2°, l'article 21, 2°, ou l'article 26, 4°. ".
Art. 23. Dit besluit treedt in werking op 1 maart 2021, met uitzondering van artikel 14, dat in werking treedt op de dag van de inwerkingtreding van het uitvoerend samenwerkingsakkoord van 6 december 2018.
Art. 23. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le 1er mars 2021, Ă  l'exception de l'article 14, qui entre en vigueur le jour de l'entrĂ©e en vigueur de l'accord de coopĂ©ration d'exĂ©cution du 6 dĂ©cembre 2018.
Art. 24. De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 24. Le Ministre flamand ayant l'emploi dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.