Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
11 JUNI 2020. - Besluit van de Regering tot beperking van de negatieve gevolgen van de coronacrisis binnen het werkterrein van de Dienst van de Duitstalige Gemeenschap voor zelfbeschikkend leven(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 07-07-2020 en tekstbijwerking tot 22-01-2021)
Titre
11 JUIN 2020. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement visant Ă  attĂ©nuer les effets de la crise Corona dans le domaine de compĂ©tence de l'Office de la CommunautĂ© germanophone pour une vie autodĂ©terminĂ©e(NOTE : Consultation des versions antĂ©rieures Ă  partir du 07-07-2020 et mise Ă  jour au 22-01-2021)
Documentinformatie
Numac: 2020202873
Datum: 2020-06-11
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2020202873
Date: 2020-06-11
Moniteur: Voir
Tekst (10)
Texte (10)
Artikel 1 - Algemene bepaling
Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
1° coronamaatregelen: de dringende maatregelen die de federale overheid heeft genomen om de verspreiding van het coronavirus (COVID-19) te beperken;
2° Dienst voor zelfbeschikkend leven: de Dienst van de Duitstalige Gemeenschap voor zelfbeschikkend leven.
Voor elke afwijking vermeld in de [1 artikelen 1.1]1 tot 6 kan de Minister de einddatum van de betreffende coronamaatregelen bepalen.
Article 1er - Disposition générale
Pour l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, il faut entendre par :
1° mesures " Corona " : les mesures d'urgence adoptées par l'autorité fédérale afin de limiter la propagation du coronavirus (COVID-19);
2° Office : l'Office de la Communauté germanophone pour une vie autodéterminée.
Pour chaque dérogation prévue [1 aux articles 1.1 à 6]1, le ministre peut fixer la date de fin des mesures " Corona " à observer.
Art.1.1. [1 Afwijking van de bepalingen van het ministerieel besluit van 23 maart 1970 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder het Rijksfonds voor sociale reclassering van de minder-validen een tegemoetkoming verleent in het loon en de sociale lasten, die door de beschermde werkplaatsen worden gedragen
In afwijking van artikel 10, 3°, van het ministerieel besluit van 23 maart 1970 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder het Rijksfonds voor sociale reclassering van de minder-validen een tegemoetkoming verleent in het loon en de sociale lasten, die door de beschermde werkplaatsen worden gedragen wordt het aantal monitoren dat voor subsidie in aanmerking komt, voor de duur van de coronamaatregelen gehandhaafd op het aantal dat voor het eerste kwartaal 2019 was bepaald.
Artikel 10bis, § 1, van hetzelfde besluit wordt voor de duur van de coronamaatregelen opgeschort.]1

Art.1.1. [1 DĂ©rogation aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 23 mars 1970 fixant les conditions d'octroi par le Fonds national de reclassement social des handicapĂ©s, d'une intervention dans la rĂ©munĂ©ration et les charges sociales supportĂ©es par les ateliers protĂ©gĂ©s
Par dĂ©rogation Ă  l'article 10, 3°, de l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 23 mars 1970 fixant les conditions d'octroi par le Fonds national de reclassement social des handicapĂ©s, d'une intervention dans la rĂ©munĂ©ration et les charges sociales supportĂ©es par les ateliers protĂ©gĂ©s, le nombre de moniteurs dans le cadre du subventionnement est arrĂȘtĂ©, pour la durĂ©e des mesures Corona, Ă  celui pris en compte lors du premier trimestre de 2019.
L'article 10bis, § 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ© est suspendu pour la durĂ©e des mesures Corona.]1

Art.1.2. [1 Afwijking van de bepalingen van het ministerieel besluit van 17 januari 1978 houdende vaststelling van de criteria van toekenning der toelagen voor onderhoud van de beschutte werkplaatsen
In afwijking van artikel 2, § 3, eerste lid, en voor de duur van de coronamaatregelen kent de Dienst voor zelfbeschikkend leven een aanvullende financiële noodhulp toe aan de beschermde werkplaatsen om bedrijfsverliezen te voorkomen door hen een bijzondere subsidie toe te kennen voor alle uitgevallen uren waarop hun medewerkers in die periode coronagerelateerd tijdelijk werkloos of ziek waren. Die per uur berekende subsidie wordt vastgesteld op 9,91 euro voor de werkplaatsen met zeven gesubsidieerde monitoren, op 7,35 euro voor de werkplaatsen met zes gesubsidieerde monitoren en op 10,74 euro voor de werkplaatsen met drie gesubsidieerde monitoren.]1

Art.1.2. [1 DĂ©rogation aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 17 janvier 1978 fixant les critĂšres d'octroi des subsides Ă  l'entretien des ateliers protĂ©gĂ©s
Par dérogation à l'article 2, § 3, alinéa 1er, l'Office octroie aux ateliers protégés, pendant la durée des mesures Corona et afin d'éviter des pertes d'exploitation, une aide d'urgence supplémentaire sous la forme d'un subside spécial pour toute heure d'absence de leurs collaborateurs due au chÎmage partiel ou à une maladie pendant cette période en raison de la crise provoquée par le coronavirus. Ce subside horaire est fixé à 9,91 euros pour les ateliers occupant sept moniteurs subsidiés, à 7,35 euros pour ceux occupant six moniteurs subsidiés et à 10,74 euros pour ceux occupant trois moniteurs subsidiés.]1

Art. 2. - Afwijking van het besluit van de Regering van 10 september 1993 houdende oprichting en regeling van een stelsel voor opleiding in een bedrijf met het oog op de voorbereiding van de inschakeling van de mindervaliden in het arbeidsproces
In afwijking van artikel 5, § 2, van het besluit van de Regering van 10 september 1993 houdende oprichting en regeling van een stelsel voor opleiding in een bedrijf met het oog op de voorbereiding van de inschakeling van de mindervaliden in het arbeidsproces tellen de dagen 'tijdelijke werkloosheid wegens overmacht' voor de duur van de coronamaatregelen mee als werkdagen om het aandeel van de Dienst voor zelfbeschikkend leven vermeld in artikel 5, § 1, 2°, van hetzelfde besluit te berekenen. Als dat niet mogelijk is, kan de Dienst voor zelfbeschikkend leven het aandeel van de werkgever vermeld in artikel 5 § 1, 1°, van hetzelfde besluit overnemen.
Art. 2. - DĂ©rogation aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 10 septembre 1993 instaurant et rĂ©glant un systĂšme de formation en entreprise en vue de prĂ©parer l'intĂ©gration professionnelle de personnes handicapĂ©es
Par dĂ©rogation Ă  l'article 5, § 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 10 septembre 1993 instaurant et rĂ©glant un systĂšme de formation en entreprise en vue de prĂ©parer l'intĂ©gration professionnelle de personnes handicapĂ©es, les jours de chĂŽmage temporaire pour force majeure sont pris en compte comme jours de travail pour calculer la part de l'Office mentionnĂ©e Ă  l'article 5, § 1er, 2°, et ce, pour la durĂ©e des mesures " Corona ". A dĂ©faut, l'Office peut prendre en charge la part de l'employeur mentionnĂ©e Ă  l'article 5, § 1er, 1°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©.
Art. 3. - Afwijking van het besluit van de Regering van 28 november 1995 betreffende de stages tot beroepsreadaptatie van gehandicapten
In afwijking van artikel 7, § 2, van het besluit van de Regering van 28 november 1995 betreffende de stages tot beroepsreadaptatie van gehandicapten betaalt de werkgever de daarin vermelde kosten en onkosten - voor de duur van de coronamaatregelen - aan de stagiair, ook als de stage door de coronamaatregelen niet kan plaatsvinden.
Als de werkgever hierom verzoekt, betaalt de Dienst voor zelfbeschikkendleven hem de kosten en onkosten vermeld in het eerste lid.
Art. 3. - DĂ©rogation aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 28 novembre 1995 relatif aux stages de rĂ©adaptation professionnelle pour handicapĂ©s
Par dĂ©rogation Ă  l'article 7, § 2, de l'arrĂȘtĂ© du 28 novembre 1995 relatif aux stages de rĂ©adaptation professionnelle pour handicapĂ©s, l'employeur rembourse au stagiaire les frais et dĂ©bours y mentionnĂ©s, pour la durĂ©e des mesures " Corona ", mĂȘme si le stage ne peut avoir lieu en raison de ces mesures.
A la demande de l'employeur, l'Office lui rembourse les frais et débours mentionnés à l'alinéa 1er.
Art. 4. - Afwijking van het besluit van de Regering van 18 januari 2002 betreffende de oriëntatiestage
In afwijking van artikel 4, § 2, van het besluit van de Regering van 18 januari 2002 betreffende de oriëntatiestage betaalt de Dienst voor zelfbeschikkend leven - voor de duur van de coronamaatregelen - 0,99 euro aan de in hetzelfde besluit vermelde stagiairs als premie per opleidingsuur die overeenkomstig artikel 3 van hetzelfde besluit in de daarin vermelde stageovereenkomst vastgelegd werd, als de oriëntatiestage door de coronamaatregelen niet kan plaatsvinden.
Art. 4. - DĂ©rogation aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 18 janvier 2002 relatif au stage d'orientation
Par dĂ©rogation Ă  l'article 4, § 2, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 18 janvier 2002 relatif au stage d'orientation, l'Office paie aux stagiaires mentionnĂ©s dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, pour la durĂ©e des mesures " Corona ", une prime de 0,99 euro par heure de formation fixĂ©e - conformĂ©ment Ă  l'article 3 du mĂȘme arrĂȘtĂ© - dans le contrat de stage y mentionnĂ©, si le stage d'orientation ne peut avoir lieu en raison des mesures " Corona ".
Art. 5. - Afwijking van het besluit van de Regering van 13 juli 2006 betreffende de opname van gehandicapten in woonressources
Ongeacht alle andersluidende bepalingen van het besluit van de Regering van 13 juli 2006 betreffende de opname van gehandicapten in woonressources ontvangen de in hetzelfde besluit vermelde woonressources die door de coronamaatregelen 'volledige begeleidingseenheden' in de zin van artikel 4, § 3, 1°, van hetzelfde besluit presteren, voor de duur van die coronamaatregelen een kostentoeslag van 2,95 euro per begeleidingseenheid.
Art. 5. - DĂ©rogation aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 13 juillet 2006 relatif au placement de personnes handicapĂ©es dans des ressources en logements
Nonobstant toute disposition contraire de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 13 juillet 2006 relatif au placement de personnes handicapĂ©es dans des ressources en logements, celles mentionnĂ©es dans le mĂȘme arrĂȘtĂ© qui, Ă  la suite des mesures " Corona ", fournissent des unitĂ©s d'accompagnement complĂštes au sens de l'article 4, § 3, 1°, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, reçoivent une indemnitĂ© d'un montant de 2,95 euros par unitĂ© d'accompagnement pour la durĂ©e desdites mesures.
Art. 6. - Afwijking van het besluit van de Regering van 20 juni 2017 betreffende mobiliteitshulpmiddelen
In afwijking van artikel 4 van het besluit van de Regering van 20 juni 2017 betreffende mobiliteitshulpmiddelen wordt de in dat artikel vermelde geldigheidsduur van het voorschrift van een arts dat tijdens de duur van de coronamaatregelen verstrijkt, telkens met vier maanden verlengd.
Art. 6. - DĂ©rogation aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 20 juin 2017 relatif aux aides Ă  la mobilitĂ©
Par dĂ©rogation Ă  l'article 4 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement du 20 juin 2017 relatif aux aides Ă  la mobilitĂ©, la durĂ©e de validitĂ© de la prescription mĂ©dicale y mentionnĂ©e qui expire pendant les mesures " Corona " est prolongĂ©e de quatre mois.
Art. 7. - Inwerkingtreding
Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 13 maart 2020.
Art. 7. - Entrée en vigueur
Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© produit ses effets le 13 mars 2020.
Art. 8. - Uitvoeringsbepaling
De Minister bevoegd inzake Sociale Aangelegenheden is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. - Exécution
Le Ministre compĂ©tent en matiĂšre d'Affaires sociales est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.