Artikel 1. In artikel 2 van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° punt 1° /1 wordt vervangen door wat volgt:
"1° /1 beheersdienst: het agentschap of een andere Vlaamse administratieve overheid die ermee belast is de beheersovereenkomsten te sluiten en op te volgen";
2° in punt 6° wordt de zinsnede "werkzaamheden, beheersmaatregelen" vervangen door het woord "werken" en de zinsnede "werkzaamheden of beheersmaatregelen" door de woorden "werken of diensten";
3° in punt 11° wordt de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" vervangen door de woorden "werken of diensten";
4° in punt 15° wordt de zinsnede "werkzaamheden, beheersmaatregelen" vervangen door het woord "werken";
5° in punt 22° wordt de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" vervangen door de woorden "werken of diensten";
6° in punt 25° wordt de zinsnede ", aangevraagd volgens de bijzondere procedure," vervangen door de woorden "via oproep".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
11 DECEMBER 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014 wat betreft de aanvraagprocedures voor toelatingen, beheersovereenkomsten, erfgoedpremies, onderzoekspremies en meerjarenpremieovereenkomsten
Titre
11 DECEMBRE 2020. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté relatif au patrimoine immobilier du 16 mai 2014 en ce qui concerne les procédures de demande d'autorisations, de contrats de gestion, de primes au patrimoine, de primes de recherche et d'accords de prime pluriannuels
Documentinformatie
Info du document
Tekst (79)
Texte (79)
Hoofdstuk 1. - Wijzigingen van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014
Chapitre 1er. - Modifications de l'arrêté relatif au patrimoine immobilier du 16 mai 2014
Article 1er. A l'article 2 de l'arrêté relatif au patrimoine immobilier du 16 mai 2014, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, les modifications suivantes sont apportées :
1° le point 1° /1 est remplacé par ce qui suit :
" 1° /1 service de gestion : l'agence ou une autre autorité administrative flamande chargée de conclure les contrats de gestion et d'en assurer le suivi " ;
2° au point 6°, le membre de phrase " activités, mesures de gestion " est remplacé par le mot " travaux ", les mots " travaux approuvés ou de mesures de gestion approuvées " sont remplacés par les mots " travaux ou services approuvés " et le mot " mentionnées " est remplacé par le mot " mentionnés " ;
3° au point 11°, le membre de phrase " mesures de gestion, activités ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services " ;
4° au point 15°, le membre de phrase " activités, mesures de gestion " est remplacé par le mot " travaux " ;
5° au point 22°, le membre de phrase " mesures de gestion, des activités, des services " est remplacé par les mots " travaux ou services " ;
6° au point 25°, le membre de phrase " prime du patrimoine, demandée selon la procédure particulière, " est remplacé par les mots " prime au patrimoine par appel ".
1° le point 1° /1 est remplacé par ce qui suit :
" 1° /1 service de gestion : l'agence ou une autre autorité administrative flamande chargée de conclure les contrats de gestion et d'en assurer le suivi " ;
2° au point 6°, le membre de phrase " activités, mesures de gestion " est remplacé par le mot " travaux ", les mots " travaux approuvés ou de mesures de gestion approuvées " sont remplacés par les mots " travaux ou services approuvés " et le mot " mentionnées " est remplacé par le mot " mentionnés " ;
3° au point 11°, le membre de phrase " mesures de gestion, activités ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services " ;
4° au point 15°, le membre de phrase " activités, mesures de gestion " est remplacé par le mot " travaux " ;
5° au point 22°, le membre de phrase " mesures de gestion, des activités, des services " est remplacé par les mots " travaux ou services " ;
6° au point 25°, le membre de phrase " prime du patrimoine, demandée selon la procédure particulière, " est remplacé par les mots " prime au patrimoine par appel ".
Art. 2. Artikel 6.3.2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 16 december 2016 en 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 6.3.2. De aanvraag van een toelating voor handelingen aan of in beschermde goederen, vermeld in artikel 6.3.1, tweede lid, wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap of, in voorkomend geval, bij het college van burgemeester en schepenen van de erkende onroerenderfgoedgemeente waar het beschermde goed ligt.
Als de aanvraag, vermeld in het eerste lid, betrekking heeft op handelingen aan of in beschermde goederen op percelen die op het grondgebied van verschillende gemeenten liggen, dient de aanvrager ze in bij het agentschap.
De aanvraag bevat minstens al de volgende elementen:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de huidige staat van het goed;
3° een beschrijving van de geplande handelingen;
4° een motivering van de geplande handelingen, die in voorkomend geval uitlegt hoe die handelingen voortbouwen op het goedgekeurde beheersplan;
5° de vermelding van de vermoedelijke datum van het begin en het einde van de handelingen.".
"Art. 6.3.2. De aanvraag van een toelating voor handelingen aan of in beschermde goederen, vermeld in artikel 6.3.1, tweede lid, wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap of, in voorkomend geval, bij het college van burgemeester en schepenen van de erkende onroerenderfgoedgemeente waar het beschermde goed ligt.
Als de aanvraag, vermeld in het eerste lid, betrekking heeft op handelingen aan of in beschermde goederen op percelen die op het grondgebied van verschillende gemeenten liggen, dient de aanvrager ze in bij het agentschap.
De aanvraag bevat minstens al de volgende elementen:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de huidige staat van het goed;
3° een beschrijving van de geplande handelingen;
4° een motivering van de geplande handelingen, die in voorkomend geval uitlegt hoe die handelingen voortbouwen op het goedgekeurde beheersplan;
5° de vermelding van de vermoedelijke datum van het begin en het einde van de handelingen.".
Art. 2. L'article 6.3.2 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 16 décembre 2016 et 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 6.3.2. La demande d'autorisation pour des actes sur des biens protégés, visée à l'article 6.3.1, alinéa 2, est introduite par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet auprès de l'agence ou, le cas échéant, auprès du collège des bourgmestre et échevins de la commune du patrimoine immobilier agréée sur le territoire de laquelle le bien protégé est situé.
Si la demande visée à l'alinéa 1er se rapporte à des actes sur des biens protégés situés sur des parcelles chevauchant plusieurs communes, le demandeur l'introduit auprès de l'agence.
La demande contient au moins les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description de l'état actuel du bien ;
3° une description des actes prévus ;
4° une motivation des actes prévus expliquant, le cas échéant, la façon dont ces actes s'appuient sur le plan de gestion approuvé ;
5° la mention de la date présumée de début et de fin des actes. ".
" Art. 6.3.2. La demande d'autorisation pour des actes sur des biens protégés, visée à l'article 6.3.1, alinéa 2, est introduite par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet auprès de l'agence ou, le cas échéant, auprès du collège des bourgmestre et échevins de la commune du patrimoine immobilier agréée sur le territoire de laquelle le bien protégé est situé.
Si la demande visée à l'alinéa 1er se rapporte à des actes sur des biens protégés situés sur des parcelles chevauchant plusieurs communes, le demandeur l'introduit auprès de l'agence.
La demande contient au moins les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description de l'état actuel du bien ;
3° une description des actes prévus ;
4° une motivation des actes prévus expliquant, le cas échéant, la façon dont ces actes s'appuient sur le plan de gestion approuvé ;
5° la mention de la date présumée de début et de fin des actes. ".
Art. 3. In artikel 6.3.3 van hetzelfde besluit gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
"Als de aanvraag onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap of, in voorkomend geval, de erkende onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van twintig dagen, die ingaat op de dag na de dag waarop de aanvraag is ingediend, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de toelating geacht te zijn geweigerd. Het agentschap of, in voorkomend geval, de erkende onroerenderfgoedgemeente brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.".
"Als de aanvraag onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap of, in voorkomend geval, de erkende onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van twintig dagen, die ingaat op de dag na de dag waarop de aanvraag is ingediend, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de toelating geacht te zijn geweigerd. Het agentschap of, in voorkomend geval, de erkende onroerenderfgoedgemeente brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.".
Art. 3. A l'article 6.3.3 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Si la demande est incomplète ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence ou, le cas échéant, la commune du patrimoine immobilier agréée peut, dans un délai de vingt jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, l'autorisation est réputée refusée. L'agence ou, le cas échéant, la commune du patrimoine immobilier agréée en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Si la demande est incomplète ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence ou, le cas échéant, la commune du patrimoine immobilier agréée peut, dans un délai de vingt jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, l'autorisation est réputée refusée. L'agence ou, le cas échéant, la commune du patrimoine immobilier agréée en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 4. In artikel 6.3.6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 4 december 2015 en 14 december 2018, wordt punt 1° vervangen door wat volgt:
"1° het agentschap of, in voorkomend geval, het college van burgemeester en schepenen van de erkende onroerenderfgoedgemeente brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing;".
"1° het agentschap of, in voorkomend geval, het college van burgemeester en schepenen van de erkende onroerenderfgoedgemeente brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissing;".
Art. 4. A l'article 6.3.6 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 4 décembre 2015 et 14 décembre 2018, le point 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° l'agence ou, le cas échéant, le collège des bourgmestre et échevins de la commune du patrimoine immobilier agréée informe le demandeur de la décision expresse ou tacite par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet ; ".
" 1° l'agence ou, le cas échéant, le collège des bourgmestre et échevins de la commune du patrimoine immobilier agréée informe le demandeur de la décision expresse ou tacite par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet ; ".
Art. 5. In artikel 10.2.1, eerste lid, van hetzelfde besluit worden tussen de woorden "een of meer" en het woord "beheerspakketten" de woorden "maatregelen uit de" ingevoegd.
Art. 5. A l'article 10.2.1, alinéa 1er, du même arrêté, les mots " un ou plusieurs ensembles de gestion " sont remplacés par les mots " une ou plusieurs mesures des paquets de gestion ".
Art. 6. In artikel 10.2.2, eerste lid, van hetzelfde besluit wordt het woord "vijf" vervangen door de woorden "minstens vijf en maximaal tien".
Art. 6. A l'article 10.2.2, alinéa 1er, du même arrêté, les mots " cinq ans " sont remplacés par les mots " de cinq ans au minimum et de dix ans au maximum ".
Art. 7. Artikel 10.2.4 van hetzelfde besluit, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 10.2.4. Een beheersovereenkomst kan gecombineerd worden met andere beheersovereenkomsten, milieuacties of maatregelen, op voorwaarde dat ze elkaar aanvullen en onderling verenigbaar zijn.
Een beheersvergoeding op basis van een beheersovereenkomst vermeld in artikel 10.2.1 kan niet gecumuleerd worden met de volgende premies, fiscale voordelen en vergoedingen:
1° een erfgoedpremie;
2° een onderzoekspremie;
3° een premie voor archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem;
4° een premie voor buitensporige opgravingskosten;
5° een belastingvermindering, als vermeld in artikel 145/36 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992;
6° een verlaging van de schenkbelasting als vermeld in artikel 2.8.4.4.1 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
7° een verlaging van de verkooprechten als vermeld in artikel 2.9.4.2.10 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
8° elke andere vorm van vergoeding dan de premies en fiscale voordelen vermeld in punt 1° tot en met 7°, die toegekend worden voor dezelfde of een soortgelijke prestatie.".
"Art. 10.2.4. Een beheersovereenkomst kan gecombineerd worden met andere beheersovereenkomsten, milieuacties of maatregelen, op voorwaarde dat ze elkaar aanvullen en onderling verenigbaar zijn.
Een beheersvergoeding op basis van een beheersovereenkomst vermeld in artikel 10.2.1 kan niet gecumuleerd worden met de volgende premies, fiscale voordelen en vergoedingen:
1° een erfgoedpremie;
2° een onderzoekspremie;
3° een premie voor archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem;
4° een premie voor buitensporige opgravingskosten;
5° een belastingvermindering, als vermeld in artikel 145/36 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992;
6° een verlaging van de schenkbelasting als vermeld in artikel 2.8.4.4.1 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
7° een verlaging van de verkooprechten als vermeld in artikel 2.9.4.2.10 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
8° elke andere vorm van vergoeding dan de premies en fiscale voordelen vermeld in punt 1° tot en met 7°, die toegekend worden voor dezelfde of een soortgelijke prestatie.".
Art. 7. L'article 10.2.4 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 10.2.4. Un contrat de gestion peut être combiné avec d'autres contrats de gestion, actions environnementales ou mesures pour autant qu'ils se complètent et soient compatibles entre eux.
Une indemnité de gestion basée sur un contrat de gestion visé à l'article 10.2.1 ne peut pas être cumulée avec les primes, avantages fiscaux et indemnités ci-après :
1° une prime au patrimoine ;
2° une prime de recherche ;
3° une prime pour étude archéologique préliminaire avec intervention dans le sol ;
4° une prime pour frais de fouilles excessifs ;
5° une réduction d'impôt telle que visée à l'article 145/36 du Code des impôts sur les revenus 1992 ;
6° une réduction de l'impôt de donation telle que visée à l'article 2.8.4.4.1 du Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
7° une réduction des droits de vente telle que visée à l'article 2.9.4.2.10 Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
8° toute forme d'indemnité autre que les primes et avantages fiscaux, visés aux points 1° à 7°, octroyés pour la même prestation ou une prestation similaire. ".
" Art. 10.2.4. Un contrat de gestion peut être combiné avec d'autres contrats de gestion, actions environnementales ou mesures pour autant qu'ils se complètent et soient compatibles entre eux.
Une indemnité de gestion basée sur un contrat de gestion visé à l'article 10.2.1 ne peut pas être cumulée avec les primes, avantages fiscaux et indemnités ci-après :
1° une prime au patrimoine ;
2° une prime de recherche ;
3° une prime pour étude archéologique préliminaire avec intervention dans le sol ;
4° une prime pour frais de fouilles excessifs ;
5° une réduction d'impôt telle que visée à l'article 145/36 du Code des impôts sur les revenus 1992 ;
6° une réduction de l'impôt de donation telle que visée à l'article 2.8.4.4.1 du Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
7° une réduction des droits de vente telle que visée à l'article 2.9.4.2.10 Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
8° toute forme d'indemnité autre que les primes et avantages fiscaux, visés aux points 1° à 7°, octroyés pour la même prestation ou une prestation similaire. ".
Art. 8. Artikel 10.2.5 van hetzelfde besluit, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 10.2.5. De beheersovereenkomsten zijn gericht op het duurzaam behoud en beheer van onroerend erfgoed.
In het kader van de beheersdoelstelling, vermeld in het eerste lid, kunnen de volgende beheerspakketten worden uitgevoerd via beheersovereenkomsten:
1° het beheer van houtig erfgoed, kleine landschapselementen en vegetaties;
2° het beschermen van bodem en reliëfvormen;
3° het beheer van klein bouwkundig erfgoed, wegen en paden;
4° het creëren van een bufferstrook ter bescherming van cultuurhistorisch waardevolle elementen.
De minister kan bijkomende beheerspakketten bepalen.
De minister stelt de jaarlijkse beheersvergoeding vast voor de beheerspakketten, vermeld in het tweede lid, of de maatregelen daarin.".
"Art. 10.2.5. De beheersovereenkomsten zijn gericht op het duurzaam behoud en beheer van onroerend erfgoed.
In het kader van de beheersdoelstelling, vermeld in het eerste lid, kunnen de volgende beheerspakketten worden uitgevoerd via beheersovereenkomsten:
1° het beheer van houtig erfgoed, kleine landschapselementen en vegetaties;
2° het beschermen van bodem en reliëfvormen;
3° het beheer van klein bouwkundig erfgoed, wegen en paden;
4° het creëren van een bufferstrook ter bescherming van cultuurhistorisch waardevolle elementen.
De minister kan bijkomende beheerspakketten bepalen.
De minister stelt de jaarlijkse beheersvergoeding vast voor de beheerspakketten, vermeld in het tweede lid, of de maatregelen daarin.".
Art. 8. L'article 10.2.5 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 10.2.5. Les contrats de gestion visent la conservation et gestion durables du patrimoine immobilier.
Dans le cadre de l'objectif de gestion tel que visé à l'alinéa 1er, les paquets de gestion suivants peuvent être mis en oeuvre par le biais de contrats de gestion :
1° la gestion du patrimoine ligneux, de petits éléments paysagers et de végétations ;
2° la protection du sol et de formes de relief ;
3° la gestion du petit patrimoine architectural, des voiries et sentiers ;
4° la création d'une bande tampon pour la protection d'éléments de valeur historico-culturelle.
Le ministre peut définir des paquets de gestion supplémentaires.
Le ministre fixe l'indemnité de gestion annuelle pour les paquets de gestion visés à l'alinéa 2 ou les mesures qu'ils comportent. ".
" Art. 10.2.5. Les contrats de gestion visent la conservation et gestion durables du patrimoine immobilier.
Dans le cadre de l'objectif de gestion tel que visé à l'alinéa 1er, les paquets de gestion suivants peuvent être mis en oeuvre par le biais de contrats de gestion :
1° la gestion du patrimoine ligneux, de petits éléments paysagers et de végétations ;
2° la protection du sol et de formes de relief ;
3° la gestion du petit patrimoine architectural, des voiries et sentiers ;
4° la création d'une bande tampon pour la protection d'éléments de valeur historico-culturelle.
Le ministre peut définir des paquets de gestion supplémentaires.
Le ministre fixe l'indemnité de gestion annuelle pour les paquets de gestion visés à l'alinéa 2 ou les mesures qu'ils comportent. ".
Art. 9. In artikel 10.2.7 van hetzelfde besluit worden de woorden "het beheersgebied" vervangen door de woorden "de beheersgebieden".
Art. 9. A l'article 10.2.7 du même arrêté, les mots " la zone de gestion dans laquelle " sont remplacés par les mots " les zones de gestion dans lesquelles ".
Art. 10. In artikel 10.2.13 van hetzelfde besluit, wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
"Als de beheersdienst beslist dat een beheersovereenkomst kan worden gesloten, stuurt hij het ontwerp van de beheersovereenkomst naar de zakelijkrechthouder of de beheerder. Als de beheersdienst een andere administratieve overheid is dan het agentschap, beslist hij op basis van de conclusies van het agentschap na het onderzoek vermeld in het eerste lid.".
"Als de beheersdienst beslist dat een beheersovereenkomst kan worden gesloten, stuurt hij het ontwerp van de beheersovereenkomst naar de zakelijkrechthouder of de beheerder. Als de beheersdienst een andere administratieve overheid is dan het agentschap, beslist hij op basis van de conclusies van het agentschap na het onderzoek vermeld in het eerste lid.".
Art. 10. A l'article 10.2.13 du même arrêté, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Si le service de gestion décide qu'un contrat de gestion peut être conclu, il envoie le projet de contrat de gestion au titulaire du droit réel ou au gestionnaire. Si le service de gestion est une autorité administrative autre que l'agence, il décide sur la base des conclusions de l'agence après l'examen visé à l'alinéa 1er. ".
" Si le service de gestion décide qu'un contrat de gestion peut être conclu, il envoie le projet de contrat de gestion au titulaire du droit réel ou au gestionnaire. Si le service de gestion est une autorité administrative autre que l'agence, il décide sur la base des conclusions de l'agence après l'examen visé à l'alinéa 1er. ".
Art. 11. In artikel 10.2.14 van hetzelfde besluit, wordt de zinsnede "en kan de nodige modelformulieren vaststellen." vervangen door de zinsnede ". Het agentschap stelt op zijn website een modelformulier ter beschikking.".
Art. 11. A l'article 10.2.14 du même arrêté, le membre de phrase " , et peut fixer les formulaires modèles nécessaires. " est remplacé par le membre de phrase " . L'agence met un formulaire type à disposition sur son site web. "
Art. 12. In hoofdstuk 11 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt het opschrift van afdeling 1 vervangen door wat volgt:
"Afdeling 1. Werken en diensten waarvoor geen premies worden toegekend".
"Afdeling 1. Werken en diensten waarvoor geen premies worden toegekend".
Art. 12. Au chapitre 11 du même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, l'intitulé de la section 1ère est remplacé par ce qui suit :
" Section 1ère. Travaux et services pour lesquels aucune prime n'est octroyée ".
" Section 1ère. Travaux et services pour lesquels aucune prime n'est octroyée ".
Art. 13. In artikel 11.1.1, artikel 11.2.1, artikel 11.2.3, artikel 11.2.8, artikel 11.2.12, artikel 11.3.7, artikel 11.3.7/1, artikel 11.3.13, artikel 11.4.6, artikel 11.4.13, artikel 11.5.1, 11.5.4 van hetzelfde besluit wordt de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" telkens vervangen door de woorden "werken of diensten".
Art. 13. Aux articles 11.1.1, 11.2.1, 11.2.3, 11.2.8, 11.2.12, 11.3.7, 11.3.7/1, 11.3.13, 11.4.6, 11.4.13, 11.5.1 et 11.5.4 du même arrêté, les membres de phrase " mesures de gestion, des travaux ou des services ", " mesures de gestion, travaux ou services ", " des mesures de gestion pour lesquelles, des travaux ou des services ", " services, des mesures de gestion et des travaux ", " services, mesures de gestion et travaux ", " mesures de gestion, des travaux et des services " et " mesures de gestion, des travaux, des services " sont chaque fois remplacés par les mots " travaux ou services ".
Art. 14. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt een artikel 11.1.2 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 11.1.2. De werken en diensten kunnen ook gefinancierd worden met andere overheidsbijdragen. De gezamenlijke overheidsbijdragen, met inbegrip van eventuele Europese middelen, kunnen evenwel niet meer bedragen dan de totale en aangetoonde kostprijs van de uitgevoerde werken en diensten.
Als andere overheidsbijdragen aangevraagd worden, voegt de premienemer bij het verzoek tot uitbetaling van het saldo van de erfgoedpremie of onderzoekspremie een volledig overzicht van die andere overheidsbijdragen. Als blijkt dat de gezamenlijke overheidsbijdragen 100% overschrijden, wordt de premie verminderd tot de gezamenlijke overheidsbijdrage gelijk is aan 100% van de totale en aangetoonde kostprijs. Het agentschap brengt de aanvrager onverwijld op de hoogte van de beslissing om die voormelde vermindering toe te passen.
Voor hetzelfde werk of dezelfde dienst is een cumulatie tussen de volgende premies en fiscale voordelen uitgesloten:
1° een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure:
2° een erfgoedpremie via oproep;
3° een onderzoekspremie;
4° een premie voor archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem;
5° een premie voor buitensporige opgravingskosten;
6° een belastingvermindering, als vermeld in artikel 145/36 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992;
7° een verlaging van de schenkbelasting, als vermeld in artikel 2.8.4.4.1 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
8° een verlaging van de verkooprechten, als vermeld in artikel 2.9.4.2.10 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
9° een erfgoedpremie volgens de bijzondere procedure;
10° een restauratiepremie op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2001 houdende vaststelling van het premiestelsel voor restauratiewerkzaamheden aan beschermde monumenten.".
Een beheersvergoeding op basis van een beheersovereenkomst als vermeld in artikel 10.2.1 kan niet gecumuleerd worden met de premies en de fiscale voordelen, vermeld in het derde lid.".
"Art. 11.1.2. De werken en diensten kunnen ook gefinancierd worden met andere overheidsbijdragen. De gezamenlijke overheidsbijdragen, met inbegrip van eventuele Europese middelen, kunnen evenwel niet meer bedragen dan de totale en aangetoonde kostprijs van de uitgevoerde werken en diensten.
Als andere overheidsbijdragen aangevraagd worden, voegt de premienemer bij het verzoek tot uitbetaling van het saldo van de erfgoedpremie of onderzoekspremie een volledig overzicht van die andere overheidsbijdragen. Als blijkt dat de gezamenlijke overheidsbijdragen 100% overschrijden, wordt de premie verminderd tot de gezamenlijke overheidsbijdrage gelijk is aan 100% van de totale en aangetoonde kostprijs. Het agentschap brengt de aanvrager onverwijld op de hoogte van de beslissing om die voormelde vermindering toe te passen.
Voor hetzelfde werk of dezelfde dienst is een cumulatie tussen de volgende premies en fiscale voordelen uitgesloten:
1° een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure:
2° een erfgoedpremie via oproep;
3° een onderzoekspremie;
4° een premie voor archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem;
5° een premie voor buitensporige opgravingskosten;
6° een belastingvermindering, als vermeld in artikel 145/36 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992;
7° een verlaging van de schenkbelasting, als vermeld in artikel 2.8.4.4.1 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
8° een verlaging van de verkooprechten, als vermeld in artikel 2.9.4.2.10 Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;
9° een erfgoedpremie volgens de bijzondere procedure;
10° een restauratiepremie op basis van het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2001 houdende vaststelling van het premiestelsel voor restauratiewerkzaamheden aan beschermde monumenten.".
Een beheersvergoeding op basis van een beheersovereenkomst als vermeld in artikel 10.2.1 kan niet gecumuleerd worden met de premies en de fiscale voordelen, vermeld in het derde lid.".
Art. 14. Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, il est inséré un article 11.1/2 libellé comme suit :
" Art. 11.1.2. Les travaux et services peuvent également être financés par d'autres contributions publiques. L'ensemble des contributions publiques, y compris les moyens européens éventuels, ne peut cependant pas être supérieur au coût total et démontré des travaux et services exécutés.
Si d'autres contributions publiques sont demandées, le preneur de prime joint à la demande de paiement du solde de la prime au patrimoine ou de la prime de recherche une liste complète de ces autres contributions publiques. S'il appert que l'ensemble des contributions publiques dépasse 100 %, la prime sera diminuée jusqu'à ce que l'ensemble des contributions publiques égale 100 % du coût total et démontré. L'agence informe le demandeur sans délai de la décision d'appliquer la diminution précitée.
Un cumul des primes et avantages fiscaux suivants est exclu pour un même travail ou service :
1° une prime au patrimoine selon la procédure standard ;
2° une prime au patrimoine par appel ;
3° une prime de recherche ;
4° une prime pour étude archéologique préliminaire avec intervention dans le sol ;
5° une prime pour frais de fouilles excessifs ;
6° une réduction d'impôt telle que visée à l'article 145/36 du Code des impôts sur les revenus 1992 ;
7° une réduction de l'impôt de donation telle que visée à l'article 2.8.4.4.1 du Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
8° une réduction des droits de vente telle que visée à l'article 2.9.4.2.10 Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
9° une prime au patrimoine selon la procédure particulière ;
10° une prime de restauration basée sur l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2001 instaurant un régime de primes pour les travaux de restauration aux monuments protégés. ".
Une indemnité de gestion basée sur un contrat de gestion tel que visé à l'article 10.2.1 ne peut pas être cumulée avec les primes et avantages fiscaux visés à l'alinéa 3. ".
" Art. 11.1.2. Les travaux et services peuvent également être financés par d'autres contributions publiques. L'ensemble des contributions publiques, y compris les moyens européens éventuels, ne peut cependant pas être supérieur au coût total et démontré des travaux et services exécutés.
Si d'autres contributions publiques sont demandées, le preneur de prime joint à la demande de paiement du solde de la prime au patrimoine ou de la prime de recherche une liste complète de ces autres contributions publiques. S'il appert que l'ensemble des contributions publiques dépasse 100 %, la prime sera diminuée jusqu'à ce que l'ensemble des contributions publiques égale 100 % du coût total et démontré. L'agence informe le demandeur sans délai de la décision d'appliquer la diminution précitée.
Un cumul des primes et avantages fiscaux suivants est exclu pour un même travail ou service :
1° une prime au patrimoine selon la procédure standard ;
2° une prime au patrimoine par appel ;
3° une prime de recherche ;
4° une prime pour étude archéologique préliminaire avec intervention dans le sol ;
5° une prime pour frais de fouilles excessifs ;
6° une réduction d'impôt telle que visée à l'article 145/36 du Code des impôts sur les revenus 1992 ;
7° une réduction de l'impôt de donation telle que visée à l'article 2.8.4.4.1 du Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
8° une réduction des droits de vente telle que visée à l'article 2.9.4.2.10 Code flamand de la Fiscalité du 13 décembre 2013 ;
9° une prime au patrimoine selon la procédure particulière ;
10° une prime de restauration basée sur l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2001 instaurant un régime de primes pour les travaux de restauration aux monuments protégés. ".
Une indemnité de gestion basée sur un contrat de gestion tel que visé à l'article 10.2.1 ne peut pas être cumulée avec les primes et avantages fiscaux visés à l'alinéa 3. ".
Art. 15. Artikel 11.2.4 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt opgeheven.
Art. 15. L'article 11.2.4 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est abrogé.
Art. 16. In artikel 11.2.5 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in punt 1° wordt het bedrag "25.000 euro" vervangen door het bedrag "250.000 euro, exclusief btw,";
2° in punt 2° worden de woorden "bijzondere procedure" vervangen door de woorden "procedure via oproep".
1° in punt 1° wordt het bedrag "25.000 euro" vervangen door het bedrag "250.000 euro, exclusief btw,";
2° in punt 2° worden de woorden "bijzondere procedure" vervangen door de woorden "procedure via oproep".
Art. 16. A l'article 11.2.5 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° au point 1°, le montant " 25.000 euros " est remplacé par le montant " 250.000 euros, HTVA " et le mot " prise " est remplacé par le mot " pris ".
2° au point 2°, le mot " particulière " est remplacé par les mots " par appel ".
1° au point 1°, le montant " 25.000 euros " est remplacé par le montant " 250.000 euros, HTVA " et le mot " prise " est remplacé par le mot " pris ".
2° au point 2°, le mot " particulière " est remplacé par les mots " par appel ".
Art. 17. Artikel 11.2.7 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.7. De erfgoedpremie wordt berekend op basis van de aanvaarde kostenraming. Bij de standaardprocedure, vermeld in onderafdeling 8 en 9, wordt maximaal 250.000 euro, exclusief btw, van de aanvaarde kostenraming in aanmerking genomen.
De minister kan na mededeling aan de Vlaamse Regering beslissen om het maximale bedrag van de aanvaarde kostenraming, vermeld in het eerste lid, te verlagen. Het bedrag van de aanvaarde kostenraming kan niet lager zijn dan 50.000 euro, exclusief btw. De verlaging is van onbepaalde duur en geldt totdat de minister die opheft of wijzigt. Voor ontvankelijke premieaanvragen die ingediend zijn vóór de beslissing tot verlaging of wijziging, wordt het bedrag van de maximale aanvaarde kostenraming toegepast dat gold voor de verlaging of wijziging.".
"Art. 11.2.7. De erfgoedpremie wordt berekend op basis van de aanvaarde kostenraming. Bij de standaardprocedure, vermeld in onderafdeling 8 en 9, wordt maximaal 250.000 euro, exclusief btw, van de aanvaarde kostenraming in aanmerking genomen.
De minister kan na mededeling aan de Vlaamse Regering beslissen om het maximale bedrag van de aanvaarde kostenraming, vermeld in het eerste lid, te verlagen. Het bedrag van de aanvaarde kostenraming kan niet lager zijn dan 50.000 euro, exclusief btw. De verlaging is van onbepaalde duur en geldt totdat de minister die opheft of wijzigt. Voor ontvankelijke premieaanvragen die ingediend zijn vóór de beslissing tot verlaging of wijziging, wordt het bedrag van de maximale aanvaarde kostenraming toegepast dat gold voor de verlaging of wijziging.".
Art. 17. L'article 11.2.7 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.7. La prime au patrimoine est calculée sur la base de l'estimation des frais acceptée. Dans le cas de la procédure standard visée aux sous-sections 8 et 9, un maximum de 250.000 euros HTVA de l'estimation de frais acceptée est pris en considération.
Après communication au Gouvernement flamand, le ministre peut décider de diminuer le montant maximal de l'estimation de frais acceptée telle que visée à l'alinéa 1er. Le montant de l'estimation de frais acceptée ne peut pas être inférieur à 50.000 euros HTVA. La diminution est d'une durée indéterminée et s'applique jusqu'à ce que le ministre l'abroge ou la modifie. En ce qui concerne les demandes de prime recevables introduites avant la décision de diminution ou de modification, le montant de l'estimation de frais acceptée maximale qui prévalait avant la diminution ou la modification est appliqué. ".
" Art. 11.2.7. La prime au patrimoine est calculée sur la base de l'estimation des frais acceptée. Dans le cas de la procédure standard visée aux sous-sections 8 et 9, un maximum de 250.000 euros HTVA de l'estimation de frais acceptée est pris en considération.
Après communication au Gouvernement flamand, le ministre peut décider de diminuer le montant maximal de l'estimation de frais acceptée telle que visée à l'alinéa 1er. Le montant de l'estimation de frais acceptée ne peut pas être inférieur à 50.000 euros HTVA. La diminution est d'une durée indéterminée et s'applique jusqu'à ce que le ministre l'abroge ou la modifie. En ce qui concerne les demandes de prime recevables introduites avant la décision de diminution ou de modification, le montant de l'estimation de frais acceptée maximale qui prévalait avant la diminution ou la modification est appliqué. ".
Art. 18. Artikel 11.2.13 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 4 december 2015, 16 december 2016 en 14 december 2018, wordt opgeheven.
Art. 18. L'article 11.2.13 du même arrêté, modifié en dernier lieu par les arrêtés du Gouvernement flamand des 4 décembre 2015, 16 décembre 2016 et 14 décembre 2018, est abrogé.
Art. 19. Artikel 11.2.14 van hetzelfde besluit, gewijzigd door het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.14. Er kan in hetzelfde kalenderjaar voor hetzelfde beschermde goed, hetzelfde erfgoedlandschap, of een deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt, hoogstens één erfgoedpremie aangevraagd worden volgens de standaardprocedure op voorwaarde dat het totaalbedrag van de aanvaarde kostenramingen van de werken of diensten waarvoor een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure wordt aangevraagd in een periode van vijf opeenvolgende jaren niet meer dan 500.000 euro is.
In afwijking van het eerste lid kan een premienemer in hetzelfde kalenderjaar voor werken of diensten aan hetzelfde beschermde cultuurhistorisch landschap, hetzelfde erfgoedlandschap, of een deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt, in aanmerking komen voor twee erfgoedpremies volgens de standaardprocedure op voorwaarde dat het totaalbedrag van de aanvaarde kostenramingen van de werken en diensten waarvoor een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure wordt aangevraagd in een periode van vijf opeenvolgende jaren niet meer is dan 500.000 euro voor hetzelfde beschermde cultuurhistorisch landschap, hetzelfde erfgoedlandschap, of een deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt.
Als blijkt dat het totaalbedrag van de gezamenlijke aanvaarde kostenramingen vermeld in het eerste en tweede lid meer dan 500.000 euro is, zal de aanvaarde kostenraming van de laatst aangevraagde erfgoedpremie volgens de standaardprocedure verlaagd worden.".
"Art. 11.2.14. Er kan in hetzelfde kalenderjaar voor hetzelfde beschermde goed, hetzelfde erfgoedlandschap, of een deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt, hoogstens één erfgoedpremie aangevraagd worden volgens de standaardprocedure op voorwaarde dat het totaalbedrag van de aanvaarde kostenramingen van de werken of diensten waarvoor een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure wordt aangevraagd in een periode van vijf opeenvolgende jaren niet meer dan 500.000 euro is.
In afwijking van het eerste lid kan een premienemer in hetzelfde kalenderjaar voor werken of diensten aan hetzelfde beschermde cultuurhistorisch landschap, hetzelfde erfgoedlandschap, of een deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt, in aanmerking komen voor twee erfgoedpremies volgens de standaardprocedure op voorwaarde dat het totaalbedrag van de aanvaarde kostenramingen van de werken en diensten waarvoor een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure wordt aangevraagd in een periode van vijf opeenvolgende jaren niet meer is dan 500.000 euro voor hetzelfde beschermde cultuurhistorisch landschap, hetzelfde erfgoedlandschap, of een deel ervan dat een opzichzelfstaand geheel vormt.
Als blijkt dat het totaalbedrag van de gezamenlijke aanvaarde kostenramingen vermeld in het eerste en tweede lid meer dan 500.000 euro is, zal de aanvaarde kostenraming van de laatst aangevraagde erfgoedpremie volgens de standaardprocedure verlaagd worden.".
Art. 19. L'article 11.2.14 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2016, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.14. Au cours de la même année calendrier, une seule prime au patrimoine peut être demandée selon la procédure standard pour le même bien protégé, le même paysage patrimonial ou une partie de ceux-ci qui constitue un ensemble distinct à condition que le montant total des estimations de frais acceptées des travaux ou services pour lesquels une prime au patrimoine est demandée selon la procédure standard n'excède pas 500.000 euros sur une période de cinq années consécutives.
Par dérogation à l'alinéa 1er, un preneur de prime peut être éligible, au cours de la même année calendrier, à deux primes au patrimoine selon la procédure standard pour des travaux ou services sur le même site historico-culturel protégé, le même paysage patrimonial ou une partie de ceux-ci qui constitue un ensemble distinct à condition que le montant total des estimations de frais acceptées des travaux et services pour lesquels une prime au patrimoine est demandée selon la procédure standard n'excède pas 500.000 euros sur une période de cinq années consécutives pour le même site historico-culturel protégé, le même paysage patrimonial ou une partie de ceux-ci qui constitue un ensemble distinct.
S'il appert que le montant total de l'ensemble des estimations de frais acceptées visées aux alinéas 1er et 2 excède 500.000 euros, l'estimation de frais acceptée de la prime au patrimoine demandée en dernier lieu selon la procédure standard sera diminuée. ".
" Art. 11.2.14. Au cours de la même année calendrier, une seule prime au patrimoine peut être demandée selon la procédure standard pour le même bien protégé, le même paysage patrimonial ou une partie de ceux-ci qui constitue un ensemble distinct à condition que le montant total des estimations de frais acceptées des travaux ou services pour lesquels une prime au patrimoine est demandée selon la procédure standard n'excède pas 500.000 euros sur une période de cinq années consécutives.
Par dérogation à l'alinéa 1er, un preneur de prime peut être éligible, au cours de la même année calendrier, à deux primes au patrimoine selon la procédure standard pour des travaux ou services sur le même site historico-culturel protégé, le même paysage patrimonial ou une partie de ceux-ci qui constitue un ensemble distinct à condition que le montant total des estimations de frais acceptées des travaux et services pour lesquels une prime au patrimoine est demandée selon la procédure standard n'excède pas 500.000 euros sur une période de cinq années consécutives pour le même site historico-culturel protégé, le même paysage patrimonial ou une partie de ceux-ci qui constitue un ensemble distinct.
S'il appert que le montant total de l'ensemble des estimations de frais acceptées visées aux alinéas 1er et 2 excède 500.000 euros, l'estimation de frais acceptée de la prime au patrimoine demandée en dernier lieu selon la procédure standard sera diminuée. ".
Art. 20. In artikel 11.2.15, vierde lid, 2°, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "volgens de bijzondere procedure" worden vervangen door de woorden "via oproep";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt telkens vervangen door de woorden "werken of diensten".
1° de woorden "volgens de bijzondere procedure" worden vervangen door de woorden "via oproep";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt telkens vervangen door de woorden "werken of diensten".
Art. 20. A l'article 11.2.15, alinéa 4, 2°, du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " selon la procédure particulière " sont remplacés par les mots " par appel " ;
2° le membre de phrase " des mesures de gestion, des travaux ou des services " est chaque fois remplacé par les mots " des travaux ou services " ; le membre de phrase " les mesures de gestion envisagées, travaux ou services envisagés " est remplacé par les mots " les travaux ou services prévus ".
1° les mots " selon la procédure particulière " sont remplacés par les mots " par appel " ;
2° le membre de phrase " des mesures de gestion, des travaux ou des services " est chaque fois remplacé par les mots " des travaux ou services " ; le membre de phrase " les mesures de gestion envisagées, travaux ou services envisagés " est remplacé par les mots " les travaux ou services prévus ".
Art. 21. In artikel 11.2.17 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "de vastlegging van de premie" worden vervangen door de woorden "ontvangst van de beslissing vermeld in artikel 11.2.20, eerste lid";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" vervangen door de woorden "werken of diensten".
1° de woorden "de vastlegging van de premie" worden vervangen door de woorden "ontvangst van de beslissing vermeld in artikel 11.2.20, eerste lid";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" vervangen door de woorden "werken of diensten".
Art. 21. A l'article 11.2.17 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " la fixation de la prime " sont remplacés par les mots " réception de la décision visée à l'article 11.2.20, alinéa 1er " ;
2° le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services ".
1° les mots " la fixation de la prime " sont remplacés par les mots " réception de la décision visée à l'article 11.2.20, alinéa 1er " ;
2° le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services ".
Art. 22. Artikel 11.2.18 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 16 december 2016 en 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.18. De premienemer dient de aanvraag voor de erfgoedpremie volgens de standaardprocedure schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in bij het agentschap.
Het premiedossier bevat de volgende elementen, als die van toepassing zijn:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de huidige staat van het goed;
3° een beschrijving van de geplande handelingen;
4° een motivering van de geplande handelingen, in voorkomend geval met duidelijke verwijzing naar de relevante bepalingen van het goedgekeurde beheersplan of de motivatie waarom een beheersplan niet nodig is;
5° een kostenraming met uitsplitsing per post of een gedetailleerde verwijzing naar de door de minister vastgestelde lijst met forfaitaire werken;
6° bij beschermde monumenten die bestemd zijn voor een erkende eredienst: het kerkenbeleidsplan van de gemeente of regio in kwestie of de datum van goedkeuring van het kerkenbeleidsplan als dat al aan het agentschap is bezorgd;
7° in voorkomend geval, een uittreksel van het onderhoudslogboek, vermeld in artikel 11.2.12, § 1, tweede lid;
8° in het geval, vermeld in artikel 11.2.12, § 2, de statuten van de stichting of de vereniging, een bewijs dat het beheer van het onroerend goed in kwestie schriftelijk eraan is toegewezen voor een periode van minstens vijf jaar en een overzicht van de onroerende goederen in het beheer van de stichting of vereniging.
De minister kan de nadere regels voor de inhoud van het premiedossier bepalen.".
"Art. 11.2.18. De premienemer dient de aanvraag voor de erfgoedpremie volgens de standaardprocedure schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in bij het agentschap.
Het premiedossier bevat de volgende elementen, als die van toepassing zijn:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de huidige staat van het goed;
3° een beschrijving van de geplande handelingen;
4° een motivering van de geplande handelingen, in voorkomend geval met duidelijke verwijzing naar de relevante bepalingen van het goedgekeurde beheersplan of de motivatie waarom een beheersplan niet nodig is;
5° een kostenraming met uitsplitsing per post of een gedetailleerde verwijzing naar de door de minister vastgestelde lijst met forfaitaire werken;
6° bij beschermde monumenten die bestemd zijn voor een erkende eredienst: het kerkenbeleidsplan van de gemeente of regio in kwestie of de datum van goedkeuring van het kerkenbeleidsplan als dat al aan het agentschap is bezorgd;
7° in voorkomend geval, een uittreksel van het onderhoudslogboek, vermeld in artikel 11.2.12, § 1, tweede lid;
8° in het geval, vermeld in artikel 11.2.12, § 2, de statuten van de stichting of de vereniging, een bewijs dat het beheer van het onroerend goed in kwestie schriftelijk eraan is toegewezen voor een periode van minstens vijf jaar en een overzicht van de onroerende goederen in het beheer van de stichting of vereniging.
De minister kan de nadere regels voor de inhoud van het premiedossier bepalen.".
Art. 22. L'article 11.2.8 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 16 décembre 2016 et 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.18. Le preneur de prime introduit la demande de prime au patrimoine selon la procédure standard auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Le dossier de prime comprend, le cas échéant, les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description de l'état actuel du bien ;
3° une description des actes prévus ;
4° une motivation des actes prévus accompagnée, le cas échéant, d'un renvoi clair aux dispositions pertinentes du plan de gestion approuvé ou les motifs pour lesquels un plan de gestion n'est pas nécessaire ;
5° une estimation de frais ventilée par poste ou un renvoi détaillé à la liste de travaux forfaitaires établie par le ministre ;
6° dans le cas de monuments protégés destinés à un culte reconnu : le plan politique en matière d'églises de la commune ou région concernée ou la date d'approbation du plan politique en matière d'églises si celui-ci a déjà été transmis à l'agence ;
7° le cas échéant, un extrait du compte rendu d'entretien visé à l'article 11.2.12, § 1er, alinéa 2 ;
8° dans le cas visé à l'article 11.2.12, § 2, les statuts de la fondation ou de l'association, une preuve que la gestion du bien immobilier concerné lui a été confiée par écrit pour une période d'au moins cinq ans et une liste des biens immobiliers sous gestion de la fondation ou de l'association.
Le ministre peut préciser les règles relatives au contenu du dossier de prime. ".
" Art. 11.2.18. Le preneur de prime introduit la demande de prime au patrimoine selon la procédure standard auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Le dossier de prime comprend, le cas échéant, les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description de l'état actuel du bien ;
3° une description des actes prévus ;
4° une motivation des actes prévus accompagnée, le cas échéant, d'un renvoi clair aux dispositions pertinentes du plan de gestion approuvé ou les motifs pour lesquels un plan de gestion n'est pas nécessaire ;
5° une estimation de frais ventilée par poste ou un renvoi détaillé à la liste de travaux forfaitaires établie par le ministre ;
6° dans le cas de monuments protégés destinés à un culte reconnu : le plan politique en matière d'églises de la commune ou région concernée ou la date d'approbation du plan politique en matière d'églises si celui-ci a déjà été transmis à l'agence ;
7° le cas échéant, un extrait du compte rendu d'entretien visé à l'article 11.2.12, § 1er, alinéa 2 ;
8° dans le cas visé à l'article 11.2.12, § 2, les statuts de la fondation ou de l'association, une preuve que la gestion du bien immobilier concerné lui a été confiée par écrit pour une période d'au moins cinq ans et une liste des biens immobiliers sous gestion de la fondation ou de l'association.
Le ministre peut préciser les règles relatives au contenu du dossier de prime. ".
Art. 23. Artikel 11.2.19 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 december 2015 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.19. De aanvraag van een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn van het agentschap verlengd tot 120 dagen.
In voorkomend geval stuurt het agentschap de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.".
"Art. 11.2.19. De aanvraag van een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn van het agentschap verlengd tot 120 dagen.
In voorkomend geval stuurt het agentschap de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.".
Art. 23. L'article 11.2.19 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 décembre 2015 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.19. La demande de prime au patrimoine selon la procédure standard peut être introduite en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement de l'agence est porté à 120 jours.
Le cas échéant, l'agence transfère la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande. ".
" Art. 11.2.19. La demande de prime au patrimoine selon la procédure standard peut être introduite en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement de l'agence est porté à 120 jours.
Le cas échéant, l'agence transfère la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande. ".
Art. 24. Artikel 11.2.20 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.20. De minister beslist na inhoudelijk akkoord van het agentschap met het premiedossier over de toekenning van de premie binnen een termijn van 120 dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag van een erfgoedpremie. Het agentschap heeft de delegatie om binnen dezelfde termijn te beslissen over de toekenning van premies tot en met 50.000 euro. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing, in voorkomend geval samen met de beslissing van het agentschap over de toelating voor de aangevraagde handelingen.
Als het premiedossier onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap binnen een termijn van 60 dagen, die ingaat op de dag na de dag waarop de aanvraag is ingediend, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. De termijn vermeld in het eerste lid wordt geschorst tijdens de voormelde termijn voor het toevoegen van ontbrekende gegevens of documenten. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de aanvraag geacht te zijn geweigerd. Het agentschap brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
Als het premiedossier niet in aanmerking komt voor een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, weigert het agentschap de aanvraag binnen een termijn van 120 dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag van een erfgoedpremie. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
"Art. 11.2.20. De minister beslist na inhoudelijk akkoord van het agentschap met het premiedossier over de toekenning van de premie binnen een termijn van 120 dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag van een erfgoedpremie. Het agentschap heeft de delegatie om binnen dezelfde termijn te beslissen over de toekenning van premies tot en met 50.000 euro. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing, in voorkomend geval samen met de beslissing van het agentschap over de toelating voor de aangevraagde handelingen.
Als het premiedossier onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap binnen een termijn van 60 dagen, die ingaat op de dag na de dag waarop de aanvraag is ingediend, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. De termijn vermeld in het eerste lid wordt geschorst tijdens de voormelde termijn voor het toevoegen van ontbrekende gegevens of documenten. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de aanvraag geacht te zijn geweigerd. Het agentschap brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
Als het premiedossier niet in aanmerking komt voor een erfgoedpremie volgens de standaardprocedure of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, weigert het agentschap de aanvraag binnen een termijn van 120 dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag van een erfgoedpremie. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
Art. 24. L'article 11.2.20 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.20. Une fois que l'agence a marqué son accord sur le fond concernant le dossier de prime, le ministre décide de l'octroi de la prime dans un délai de 120 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande de prime au patrimoine. L'agence a délégation pour décider, dans le même délai, de l'octroi de primes jusqu'à 50.000 euros. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les actes demandés.
Si le dossier de prime est incomplet ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut, dans un délai de 60 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Le délai visé à l'alinéa 1er est suspendu durant le délai précité pour l'ajout de données ou documents manquants. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, la demande est réputée refusée. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Si le dossier de prime n'est pas éligible à une prime au patrimoine selon la procédure standard ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence refuse la demande dans un délai de 120 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande de prime au patrimoine. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Art. 11.2.20. Une fois que l'agence a marqué son accord sur le fond concernant le dossier de prime, le ministre décide de l'octroi de la prime dans un délai de 120 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande de prime au patrimoine. L'agence a délégation pour décider, dans le même délai, de l'octroi de primes jusqu'à 50.000 euros. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les actes demandés.
Si le dossier de prime est incomplet ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut, dans un délai de 60 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Le délai visé à l'alinéa 1er est suspendu durant le délai précité pour l'ajout de données ou documents manquants. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, la demande est réputée refusée. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Si le dossier de prime n'est pas éligible à une prime au patrimoine selon la procédure standard ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence refuse la demande dans un délai de 120 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande de prime au patrimoine. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 25. Artikel 11.2.21 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.21. De premienemer start op straffe van verval van de premie met de werken of diensten binnen een termijn van één jaar, die ingaat op de dag na de beslissing vermeld in artikel 11.2.20, eerste lid. In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming van het agentschap kan die termijn eenmalig verlengd worden met maximaal één jaar. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn verstreken is, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.
De premienemer brengt het agentschap minstens vijftien dagen op voorhand schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de start van de werken of diensten en van de vastgelegde uitvoeringstermijn.
In geval van verval van de premie zoals vermeld in het eerste lid, kan de premienemer voor dezelfde werken of diensten geen nieuwe premie aanvragen gedurende een periode van een jaar, die ingaat op de dag na het verstrijken van de termijn van één jaar of de verlengde termijn vermeld in het eerste lid".
"Art. 11.2.21. De premienemer start op straffe van verval van de premie met de werken of diensten binnen een termijn van één jaar, die ingaat op de dag na de beslissing vermeld in artikel 11.2.20, eerste lid. In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming van het agentschap kan die termijn eenmalig verlengd worden met maximaal één jaar. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn verstreken is, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.
De premienemer brengt het agentschap minstens vijftien dagen op voorhand schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de start van de werken of diensten en van de vastgelegde uitvoeringstermijn.
In geval van verval van de premie zoals vermeld in het eerste lid, kan de premienemer voor dezelfde werken of diensten geen nieuwe premie aanvragen gedurende een periode van een jaar, die ingaat op de dag na het verstrijken van de termijn van één jaar of de verlengde termijn vermeld in het eerste lid".
Art. 25. L'article 11.2.21 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.21. A peine de déchéance de la prime, le preneur de prime entame les travaux ou services dans le délai d'un an prenant cours le jour de la décision visée à l'article 11.2.20, alinéa 1er. Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse de l'agence, ce délai peut être prorogé une seule fois d'un an maximum. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Au moins quinze jours à l'avance, le preneur de prime informe l'agence du début des travaux ou services et du délai d'exécution fixé par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
En cas de déchéance de la prime telle que visée à l'alinéa 1er, le preneur de prime ne peut pas demander de nouvelle prime pour les mêmes travaux ou services durant une période d'un an prenant cours le lendemain de l'expiration du délai d'un an ou du délai prorogé visé à l'alinéa 1er ".
" Art. 11.2.21. A peine de déchéance de la prime, le preneur de prime entame les travaux ou services dans le délai d'un an prenant cours le jour de la décision visée à l'article 11.2.20, alinéa 1er. Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse de l'agence, ce délai peut être prorogé une seule fois d'un an maximum. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Au moins quinze jours à l'avance, le preneur de prime informe l'agence du début des travaux ou services et du délai d'exécution fixé par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
En cas de déchéance de la prime telle que visée à l'alinéa 1er, le preneur de prime ne peut pas demander de nouvelle prime pour les mêmes travaux ou services durant une période d'un an prenant cours le lendemain de l'expiration du délai d'un an ou du délai prorogé visé à l'alinéa 1er ".
Art. 26. Artikel 11.2.23 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018 wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.23. Na afloop van de werken of diensten bezorgt de premienemer het agentschap een gedocumenteerd overzicht van de uitgevoerde werken of diensten en vraagt hij schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform de uitbetaling van de premie. De premienemer voegt bij de aanvraag in voorkomend geval de nodige betalingsbewijzen die aantonen dat de werken of diensten die in aanmerking komen voor de premie, volledig betaald zijn.
Na controle van de ingediende stukken en van de uitgevoerde werken of diensten door het agentschap wordt de erfgoedpremie uitbetaald.
Als de aanvraag tot uitbetaling onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de aanvraag geweigerd door het agentschap.".
"Art. 11.2.23. Na afloop van de werken of diensten bezorgt de premienemer het agentschap een gedocumenteerd overzicht van de uitgevoerde werken of diensten en vraagt hij schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform de uitbetaling van de premie. De premienemer voegt bij de aanvraag in voorkomend geval de nodige betalingsbewijzen die aantonen dat de werken of diensten die in aanmerking komen voor de premie, volledig betaald zijn.
Na controle van de ingediende stukken en van de uitgevoerde werken of diensten door het agentschap wordt de erfgoedpremie uitbetaald.
Als de aanvraag tot uitbetaling onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de aanvraag geweigerd door het agentschap.".
Art. 26. L'article 11.2.23 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.23. A l'issue des travaux ou services, le preneur de prime transmet à l'agence un relevé documenté des travaux ou services exécutés et demande, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, le paiement de la prime. Le cas échéant, le preneur de prime joint à la demande les preuves de paiement nécessaires attestant du paiement intégral des travaux ou services éligibles à la prime.
Après contrôle par l'agence des pièces introduites et des travaux ou services exécutés, la prime au patrimoine est payée.
Si la demande de paiement est incomplète ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut demander, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, de joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, l'agence refuse la demande. "
" Art. 11.2.23. A l'issue des travaux ou services, le preneur de prime transmet à l'agence un relevé documenté des travaux ou services exécutés et demande, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, le paiement de la prime. Le cas échéant, le preneur de prime joint à la demande les preuves de paiement nécessaires attestant du paiement intégral des travaux ou services éligibles à la prime.
Après contrôle par l'agence des pièces introduites et des travaux ou services exécutés, la prime au patrimoine est payée.
Si la demande de paiement est incomplète ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut demander, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, de joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, l'agence refuse la demande. "
Art. 27. Artikel 11.2.25 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.25. Bij de uitbetaling van de erfgoedpremie volgens de standaardprocedure wordt alleen rekening gehouden met de werken of diensten die werkelijk en volgens de regels van de kunst en volgens de beslissing vermeld in artikel 11.2.20 uitgevoerd zijn, en die, in voorkomend geval, bewezen kunnen worden aan de hand van betalingsbewijzen.".
"Art. 11.2.25. Bij de uitbetaling van de erfgoedpremie volgens de standaardprocedure wordt alleen rekening gehouden met de werken of diensten die werkelijk en volgens de regels van de kunst en volgens de beslissing vermeld in artikel 11.2.20 uitgevoerd zijn, en die, in voorkomend geval, bewezen kunnen worden aan de hand van betalingsbewijzen.".
Art. 27. L'article 11.2.25 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.25. Lors du paiement de la prime au patrimoine selon la procédure standard, il n'est tenu compte que des travaux ou services qui ont été exécutés réellement, dans les règles de l'art et selon la décision visée à l'article 11.2.20 et qui, le cas échéant, peuvent être attestés par des preuves de paiement. ".
" Art. 11.2.25. Lors du paiement de la prime au patrimoine selon la procédure standard, il n'est tenu compte que des travaux ou services qui ont été exécutés réellement, dans les règles de l'art et selon la décision visée à l'article 11.2.20 et qui, le cas échéant, peuvent être attestés par des preuves de paiement. ".
Art. 28. Artikel 11.2.26 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.26. Een premienemer wordt geacht afstand te doen van de erfgoedpremie als hij niet verzoekt om de uitbetaling ervan als vermeld in artikel 11.2.25, binnen een termijn van drie jaar, die ingaat op de dag na de beslissing vermeld in artikel 11.2.20.
In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming kan de termijn, vermeld in het eerste lid, eenmalig verlengd worden met maximaal drie jaar. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn, vermeld in het eerste lid, verstreken is, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.".
"Art. 11.2.26. Een premienemer wordt geacht afstand te doen van de erfgoedpremie als hij niet verzoekt om de uitbetaling ervan als vermeld in artikel 11.2.25, binnen een termijn van drie jaar, die ingaat op de dag na de beslissing vermeld in artikel 11.2.20.
In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming kan de termijn, vermeld in het eerste lid, eenmalig verlengd worden met maximaal drie jaar. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn, vermeld in het eerste lid, verstreken is, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.".
Art. 28. L'article 11.2.26 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.26. Un preneur de prime est réputé renoncer à la prime au patrimoine s'il n'en demande pas le paiement, tel que visé à l'article 11.2.25, dans un délai de trois ans prenant cours le lendemain de la décision visée à l'article 11.2.20.
Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse, le délai visé à l'alinéa 1er peut être prorogé une seule fois de trois ans maximum. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai visé à l'alinéa 1er, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Art. 11.2.26. Un preneur de prime est réputé renoncer à la prime au patrimoine s'il n'en demande pas le paiement, tel que visé à l'article 11.2.25, dans un délai de trois ans prenant cours le lendemain de la décision visée à l'article 11.2.20.
Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse, le délai visé à l'alinéa 1er peut être prorogé une seule fois de trois ans maximum. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai visé à l'alinéa 1er, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 29. In afdeling 2 van hoofdstuk 11 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt het opschrift van onderafdeling 10 vervangen door wat volgt:
"Onderafdeling 10. De erfgoedpremie via oproep".
"Onderafdeling 10. De erfgoedpremie via oproep".
Art. 29. A la section 2 du chapitre 11 du même arrêté, modifiée en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, l'intitulé de la sous-section 10 est remplacé par ce qui suit :
" Sous-section 10. La prime au patrimoine par appel ".
" Sous-section 10. La prime au patrimoine par appel ".
Art. 30. Artikel 11.2.27 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.27. De minister kan een erfgoedpremie via oproep toekennen. Projecten worden geselecteerd via een preselectieronde met een jury waarna de geselecteerden een premiedossier kunnen indienen.
Enkel onroerend erfgoed dat in zijn totaliteit beschermd is, komt hiervoor in aanmerking.
De erfgoedpremie via oproep wordt berekend op de aanvaardbare kostenraming met toepassing van de premiepercentages, vermeld in onderafdeling 5.
In afwijking van artikel 11.2.1, eerste lid, kunnen energiebesparende maatregelen, beveiligingswerkzaamheden en werken of diensten die opgelegd zijn door andere regelgeving ook in aanmerking komen voor een erfgoedpremie via oproep als dit bepaald is in de oproep en als voldaan is aan de voorwaarden daarin.".
"Art. 11.2.27. De minister kan een erfgoedpremie via oproep toekennen. Projecten worden geselecteerd via een preselectieronde met een jury waarna de geselecteerden een premiedossier kunnen indienen.
Enkel onroerend erfgoed dat in zijn totaliteit beschermd is, komt hiervoor in aanmerking.
De erfgoedpremie via oproep wordt berekend op de aanvaardbare kostenraming met toepassing van de premiepercentages, vermeld in onderafdeling 5.
In afwijking van artikel 11.2.1, eerste lid, kunnen energiebesparende maatregelen, beveiligingswerkzaamheden en werken of diensten die opgelegd zijn door andere regelgeving ook in aanmerking komen voor een erfgoedpremie via oproep als dit bepaald is in de oproep en als voldaan is aan de voorwaarden daarin.".
Art. 30. L'article 11.2.27 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.27. Le ministre peut octroyer une prime au patrimoine par appel. Les projets sont sélectionnés dans le cadre d'une phase de présélection avec un jury, après quoi les candidats sélectionnés peuvent introduire un dossier de prime.
Seul le patrimoine immobilier qui est protégé dans son ensemble est éligible.
La prime au patrimoine par appel est calculée sur la base de l'estimation de frais admissible en appliquant les pourcentages de prime visés à la sous-section 5.
Par dérogation à l'article 11.2.1, alinéa 1er, des mesures d'économie d'énergie, des travaux de sécurisation et des travaux ou services imposés par d'autres réglementations peuvent également être éligibles à une prime au patrimoine par appel si l'appel l'a stipulé et si les conditions qu'il contient sont remplies. ".
" Art. 11.2.27. Le ministre peut octroyer une prime au patrimoine par appel. Les projets sont sélectionnés dans le cadre d'une phase de présélection avec un jury, après quoi les candidats sélectionnés peuvent introduire un dossier de prime.
Seul le patrimoine immobilier qui est protégé dans son ensemble est éligible.
La prime au patrimoine par appel est calculée sur la base de l'estimation de frais admissible en appliquant les pourcentages de prime visés à la sous-section 5.
Par dérogation à l'article 11.2.1, alinéa 1er, des mesures d'économie d'énergie, des travaux de sécurisation et des travaux ou services imposés par d'autres réglementations peuvent également être éligibles à une prime au patrimoine par appel si l'appel l'a stipulé et si les conditions qu'il contient sont remplies. ".
Art. 31. Artikel 11.2.27/1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 16 december 2016 en 14 december 2018, en vernummerd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.27/1. De werken en diensten waarvoor een erfgoedpremie via oproep wordt gevraagd, mogen pas worden gestart na de toekenning van de premie op straffe van verlies ervan.".
"Enkel onroerend erfgoed dat in zijn totaliteit beschermd is, komt hiervoor in aanmerking.".
"Art. 11.2.27/1. De werken en diensten waarvoor een erfgoedpremie via oproep wordt gevraagd, mogen pas worden gestart na de toekenning van de premie op straffe van verlies ervan.".
"Enkel onroerend erfgoed dat in zijn totaliteit beschermd is, komt hiervoor in aanmerking.".
Art. 31. L'article 11.2.27/1 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 16 décembre 2016 et 14 décembre 2018 et renuméroté par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.27/1. Les travaux et services pour lesquels une prime au patrimoine par appel est demandée ne peuvent être entamés qu'après l'octroi de la prime à peine de perte de celle-ci. ".
" Art. 11.2.27/1. Les travaux et services pour lesquels une prime au patrimoine par appel est demandée ne peuvent être entamés qu'après l'octroi de la prime à peine de perte de celle-ci. ".
Art. 32. In hoofdstuk 11, afdeling 2 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt een onderafdeling 10/1, die bestaat uit de artikelen 11.2.27/2 tot en met 11.2.27/5, ingevoegd die luidt als volgt:
"Onderafdeling 10/1. Oproep en preselectieronde
Art. 11.2.27/2. Overeenkomstig de door de Vlaamse Regering vastgelegde oproepenkalender en thema's lanceert de minister uiterlijk op 1 oktober oproepen als vermeld in artikel 11.2.27. De oproep wordt minstens bekendgemaakt op de website van het agentschap.
De oproep bevat de volgende elementen:
1° het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
2° het totaalbudget en in voorkomend geval, afwijkende premiepercentages;
3° de verdeelwijze van het totaalbudget onder de geselecteerde projecten;
4° de volgende elementen van de aanvraag- en selectieprocedure:
a) de indieningstermijnen voor het preselectie- en premiedossier;
b) de maximale uitvoeringstermijn van het project;
c) het minimumbedrag van de aanvaardbare kostenraming en, in voorkomend geval, het maximumbedrag van de aanvaardbare kostenraming;
d) de deelnemingsvoorwaarden, eventueel aangevuld met bijkomende voorwaarden;
e) de beoordelingscriteria, eventueel aangevuld met bijkomende criteria;
f) de dossiersamenstelling van het preselectiedossier, het premiedossier en de uitbetalingsaanvraag;
g) de selectieprocedure, de samenstelling en de nadere regels over de werking en organisatie van de jury.
Art. 11.2.27/3. Een preselectiedossier als vermeld in artikel 11.2.27/5, komt in aanmerking voor een toekenning van een erfgoedpremie via oproep als het voldoet aan de volgende deelnemingsvoorwaarden:
1° het preselectiedossier is tijdig ingediend en bevat de documenten vermeld in artikel 11.2.27/5;
2° het project valt binnen het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
3° het project wordt uitgevoerd binnen de termijn bepaald in de oproep;
4° de aanvaardbare kostenraming is gelijk aan of hoger dan het minimumbedrag bepaald in de oproep.
In de oproep kan de minister de deelnemingsvoorwaarden verduidelijken, of bijkomende voorwaarden opnemen. Hij kan daarvoor eventuele bijkomende bewijsdocumenten bepalen in de dossiersamenstelling die is opgenomen in de oproep, vermeld in artikel 11.2.27/2, tweede lid.
Art. 11.2.27/4. De preselectiedossiers, vermeld in artikel 11.2.27/5, die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden voor advies voorgelegd aan een jury.
In de oproep bepaalt de minister de nadere regels over de selectieprocedure, de samenstelling, de werking en de organisatie van de jury. De jury bestaat uit erfgoedspecialisten of specialisten over niet-erfgoedgerelateerde aspecten. Minstens de helft van de leden van de jury behoort niet tot het agentschap.
Het advies bevat minstens een evaluatie per preselectiedossier op basis van de beoordelingscriteria en een rangschikking van de projecten.
De jury beoordeelt de preselectiedossiers op basis van minstens de volgende beoordelingscriteria:
1° de kwaliteit van het concept en de visie die aan de basis liggen van het project algemeen en binnen het thema van de oproep;
2° de kwaliteit van de uitvoering;
3° de maatschappelijke meerwaarde die de uitvoering van het project genereert;
4° het duurzame karakter;
5° de voorbeeldfunctie van het project algemeen en binnen het thema van de oproep;
6° de mate waarin het project bijdraagt tot innovatie binnen de onroerenderfgoedzorg;
7° de financiële en organisatorische haalbaarheid van het project.
In de oproep bepaalt de minister het gewicht van de criteria en kan hij criteria verduidelijken of bijkomende criteria opnemen. Hij kan daarvoor eventuele bijkomende bewijsdocumenten bepalen in de dossiersamenstelling in de oproep, vermeld in 11.2.27/2, tweede lid.
Art. 11.2.27/5. De premienemer dient uiterlijk op 1 februari van het jaar dat volgt op het jaar waarin de oproep is gelanceerd een preselectiedossier schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in bij het agentschap.
Het preselectiedossier bevat minstens al de volgende elementen:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een conceptnota waaruit blijkt dat het aanvraagdossier voldoet aan de deelnemingsvoorwaarden en beoordelingscriteria in de oproep;
3° een globale kostenraming;
4° in voorkomend geval, de bijkomende documenten opgesomd in de dossiersamenstelling in de oproep.
Het agentschap gaat na of het preselectiedossier voldoet aan de deelnemingsvoorwaarden. Als niet is voldaan aan de deelnemingsvoorwaarden brengt het agentschap de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
De preselectiedossiers die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden conform artikel 11.2.27/4 voor advies voorgelegd aan een jury.
De minister beslist uiterlijk op 1 juni van het jaar na de oproep op basis van het juryadvies welke projecten geselecteerd zijn om een premiedossier overeenkomstig artikel 11.2.28 in te dienen. De beslissing vermeldt de eventuele aanbevelingen of opmerkingen per project. Het agentschap brengt, na mededeling door de minister aan de Vlaamse Regering, de aanvragers schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
"Onderafdeling 10/1. Oproep en preselectieronde
Art. 11.2.27/2. Overeenkomstig de door de Vlaamse Regering vastgelegde oproepenkalender en thema's lanceert de minister uiterlijk op 1 oktober oproepen als vermeld in artikel 11.2.27. De oproep wordt minstens bekendgemaakt op de website van het agentschap.
De oproep bevat de volgende elementen:
1° het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
2° het totaalbudget en in voorkomend geval, afwijkende premiepercentages;
3° de verdeelwijze van het totaalbudget onder de geselecteerde projecten;
4° de volgende elementen van de aanvraag- en selectieprocedure:
a) de indieningstermijnen voor het preselectie- en premiedossier;
b) de maximale uitvoeringstermijn van het project;
c) het minimumbedrag van de aanvaardbare kostenraming en, in voorkomend geval, het maximumbedrag van de aanvaardbare kostenraming;
d) de deelnemingsvoorwaarden, eventueel aangevuld met bijkomende voorwaarden;
e) de beoordelingscriteria, eventueel aangevuld met bijkomende criteria;
f) de dossiersamenstelling van het preselectiedossier, het premiedossier en de uitbetalingsaanvraag;
g) de selectieprocedure, de samenstelling en de nadere regels over de werking en organisatie van de jury.
Art. 11.2.27/3. Een preselectiedossier als vermeld in artikel 11.2.27/5, komt in aanmerking voor een toekenning van een erfgoedpremie via oproep als het voldoet aan de volgende deelnemingsvoorwaarden:
1° het preselectiedossier is tijdig ingediend en bevat de documenten vermeld in artikel 11.2.27/5;
2° het project valt binnen het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
3° het project wordt uitgevoerd binnen de termijn bepaald in de oproep;
4° de aanvaardbare kostenraming is gelijk aan of hoger dan het minimumbedrag bepaald in de oproep.
In de oproep kan de minister de deelnemingsvoorwaarden verduidelijken, of bijkomende voorwaarden opnemen. Hij kan daarvoor eventuele bijkomende bewijsdocumenten bepalen in de dossiersamenstelling die is opgenomen in de oproep, vermeld in artikel 11.2.27/2, tweede lid.
Art. 11.2.27/4. De preselectiedossiers, vermeld in artikel 11.2.27/5, die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden voor advies voorgelegd aan een jury.
In de oproep bepaalt de minister de nadere regels over de selectieprocedure, de samenstelling, de werking en de organisatie van de jury. De jury bestaat uit erfgoedspecialisten of specialisten over niet-erfgoedgerelateerde aspecten. Minstens de helft van de leden van de jury behoort niet tot het agentschap.
Het advies bevat minstens een evaluatie per preselectiedossier op basis van de beoordelingscriteria en een rangschikking van de projecten.
De jury beoordeelt de preselectiedossiers op basis van minstens de volgende beoordelingscriteria:
1° de kwaliteit van het concept en de visie die aan de basis liggen van het project algemeen en binnen het thema van de oproep;
2° de kwaliteit van de uitvoering;
3° de maatschappelijke meerwaarde die de uitvoering van het project genereert;
4° het duurzame karakter;
5° de voorbeeldfunctie van het project algemeen en binnen het thema van de oproep;
6° de mate waarin het project bijdraagt tot innovatie binnen de onroerenderfgoedzorg;
7° de financiële en organisatorische haalbaarheid van het project.
In de oproep bepaalt de minister het gewicht van de criteria en kan hij criteria verduidelijken of bijkomende criteria opnemen. Hij kan daarvoor eventuele bijkomende bewijsdocumenten bepalen in de dossiersamenstelling in de oproep, vermeld in 11.2.27/2, tweede lid.
Art. 11.2.27/5. De premienemer dient uiterlijk op 1 februari van het jaar dat volgt op het jaar waarin de oproep is gelanceerd een preselectiedossier schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in bij het agentschap.
Het preselectiedossier bevat minstens al de volgende elementen:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een conceptnota waaruit blijkt dat het aanvraagdossier voldoet aan de deelnemingsvoorwaarden en beoordelingscriteria in de oproep;
3° een globale kostenraming;
4° in voorkomend geval, de bijkomende documenten opgesomd in de dossiersamenstelling in de oproep.
Het agentschap gaat na of het preselectiedossier voldoet aan de deelnemingsvoorwaarden. Als niet is voldaan aan de deelnemingsvoorwaarden brengt het agentschap de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
De preselectiedossiers die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden conform artikel 11.2.27/4 voor advies voorgelegd aan een jury.
De minister beslist uiterlijk op 1 juni van het jaar na de oproep op basis van het juryadvies welke projecten geselecteerd zijn om een premiedossier overeenkomstig artikel 11.2.28 in te dienen. De beslissing vermeldt de eventuele aanbevelingen of opmerkingen per project. Het agentschap brengt, na mededeling door de minister aan de Vlaamse Regering, de aanvragers schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
Art. 32. Au chapitre 11, section 2, du même arrêté, modifiée en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, il est inséré une sous-section 10/1, comprenant les articles 11.2.27/2 à 11.2.27/5, libellée comme suit :
" Sous-section 10/1. Appel et phase de présélection
" Art. 11.2.27/2. Conformément au calendrier d'appels et aux thèmes arrêtés par le Gouvernement flamand, le ministre lance des appels tels que visés à l'article 11.2.27 le 1er octobre au plus tard. L'appel est au moins annoncé sur le site web de l'agence.
L'appel contient les éléments suivants :
1° le thème, l'objectif et le groupe-cible de l'appel ;
2° le budget total et, le cas échéant, des pourcentages de prime différents ;
3° le mode de répartition du budget total entre les projets sélectionnés ;
4° les éléments suivants de la procédure de demande et de sélection :
a) les délais d'introduction du dossier de présélection et de prime ;
b) le délai d'exécution maximal du projet ;
c) le montant minimum de l'estimation de frais admissible et, le cas échéant, le montant maximum de l'estimation de frais admissible ;
d) les conditions de participation, éventuellement complétées de conditions additionnelles ;
e) les critères d'évaluation, éventuellement complétés de critères additionnels ;
f) la composition du dossier de présélection, du dossier de prime et de la demande de paiement ;
g) la procédure de sélection, la composition et les modalités de fonctionnement et d'organisation du jury.
" Art. 11.2.27/3. Un dossier de présélection tel que visé à l'article 11.2.27/5 est éligible à l'octroi d'une prime au patrimoine par appel s'il remplit les conditions de participation suivantes :
1° le dossier de présélection a été introduit dans les délais et contient les documents visés à l'article 11.2.27/5 ;
2° le projet correspond au thème, à l'objectif et au groupe-cible de l'appel ;
3° le projet sera exécuté dans le délai stipulé dans l'appel ;
4° l'estimation de frais admissible est égale ou supérieure au montant minimum stipulé dans l'appel.
Le ministre peut clarifier les conditions de participation ou reprendre des conditions additionnelles dans l'appel. A cet effet, il peut stipuler d'éventuels documents justificatifs additionnels à intégrer dans la composition du dossier, visée à l'article 11.2.27/2, alinéa 2, reprise dans l'appel.
" Art. 11.2.27/4. Les dossiers de présélection visés à l'article 11.2.27/5 qui satisfont aux conditions de participation sont soumis à un jury pour avis.
Le ministre précise dans l'appel les modalités relatives à la procédure de sélection, à la composition, au fonctionnement et à l'organisation du jury. Le jury se compose de spécialistes du patrimoine ou de spécialistes de matières non liées au patrimoine. La moitié au moins des membres du jury n'appartient pas à l'agence.
L'avis contient au moins une évaluation par dossier de présélection basée sur les critères d'évaluation et un classement des projets.
Le jury évalue les dossiers de présélection en se fondant au minimum sur les critères d'évaluation suivants :
1° la qualité du concept et de la vision qui sous-tendent le projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
2° la qualité de l'exécution ;
3° la plus-value sociale que génère l'exécution du projet ;
4° la durabilité ;
5° le rôle d'exemple du projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
6° la mesure dans laquelle le projet contribue à l'innovation dans la gestion du patrimoine immobilier ;
7° la faisabilité financière et organisationnelle du projet.
Le ministre précise le poids des critères et peut clarifier les critères ou reprendre des critères additionnels dans l'appel. A cet effet, il peut stipuler d'éventuels documents justificatifs additionnels à intégrer dans la composition du dossier, telle que visée à l'article 11.2.27/2, alinéa 2, reprise dans l'appel.
" Art. 11.2.27/5. Au plus tard le 1er février de l'année suivant celle où l'appel a été lancé, le preneur de prime introduit un dossier de présélection auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Le dossier de présélection contient au moins tous les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une note conceptuelle dont il ressort que le dossier de demande satisfait aux conditions de participation et aux critères d'évaluation de l'appel ;
3° une estimation globale des frais ;
4° le cas échéant, les documents additionnels énumérés dans la composition du dossier reprise dans l'appel.
L'agence vérifie si le dossier de présélection remplit les conditions de participation. Si les conditions de participation ne sont pas remplies, l'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Les dossiers de présélection qui remplissent les conditions de participation conformément à l'article 11.2.27/4 sont soumis à un jury pour avis.
Au plus tard le 1er juin de l'année suivant l'appel, le ministre décide, sur la base de l'avis rendu par le jury, quels projets sont sélectionnés pour introduire un dossier de prime conformément à l'article 11.2.28. La décision mentionne les éventuelles recommandations ou remarques par projet. Après communication par le ministre au Gouvernement flamand, l'agence informe les demandeurs de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Sous-section 10/1. Appel et phase de présélection
" Art. 11.2.27/2. Conformément au calendrier d'appels et aux thèmes arrêtés par le Gouvernement flamand, le ministre lance des appels tels que visés à l'article 11.2.27 le 1er octobre au plus tard. L'appel est au moins annoncé sur le site web de l'agence.
L'appel contient les éléments suivants :
1° le thème, l'objectif et le groupe-cible de l'appel ;
2° le budget total et, le cas échéant, des pourcentages de prime différents ;
3° le mode de répartition du budget total entre les projets sélectionnés ;
4° les éléments suivants de la procédure de demande et de sélection :
a) les délais d'introduction du dossier de présélection et de prime ;
b) le délai d'exécution maximal du projet ;
c) le montant minimum de l'estimation de frais admissible et, le cas échéant, le montant maximum de l'estimation de frais admissible ;
d) les conditions de participation, éventuellement complétées de conditions additionnelles ;
e) les critères d'évaluation, éventuellement complétés de critères additionnels ;
f) la composition du dossier de présélection, du dossier de prime et de la demande de paiement ;
g) la procédure de sélection, la composition et les modalités de fonctionnement et d'organisation du jury.
" Art. 11.2.27/3. Un dossier de présélection tel que visé à l'article 11.2.27/5 est éligible à l'octroi d'une prime au patrimoine par appel s'il remplit les conditions de participation suivantes :
1° le dossier de présélection a été introduit dans les délais et contient les documents visés à l'article 11.2.27/5 ;
2° le projet correspond au thème, à l'objectif et au groupe-cible de l'appel ;
3° le projet sera exécuté dans le délai stipulé dans l'appel ;
4° l'estimation de frais admissible est égale ou supérieure au montant minimum stipulé dans l'appel.
Le ministre peut clarifier les conditions de participation ou reprendre des conditions additionnelles dans l'appel. A cet effet, il peut stipuler d'éventuels documents justificatifs additionnels à intégrer dans la composition du dossier, visée à l'article 11.2.27/2, alinéa 2, reprise dans l'appel.
" Art. 11.2.27/4. Les dossiers de présélection visés à l'article 11.2.27/5 qui satisfont aux conditions de participation sont soumis à un jury pour avis.
Le ministre précise dans l'appel les modalités relatives à la procédure de sélection, à la composition, au fonctionnement et à l'organisation du jury. Le jury se compose de spécialistes du patrimoine ou de spécialistes de matières non liées au patrimoine. La moitié au moins des membres du jury n'appartient pas à l'agence.
L'avis contient au moins une évaluation par dossier de présélection basée sur les critères d'évaluation et un classement des projets.
Le jury évalue les dossiers de présélection en se fondant au minimum sur les critères d'évaluation suivants :
1° la qualité du concept et de la vision qui sous-tendent le projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
2° la qualité de l'exécution ;
3° la plus-value sociale que génère l'exécution du projet ;
4° la durabilité ;
5° le rôle d'exemple du projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
6° la mesure dans laquelle le projet contribue à l'innovation dans la gestion du patrimoine immobilier ;
7° la faisabilité financière et organisationnelle du projet.
Le ministre précise le poids des critères et peut clarifier les critères ou reprendre des critères additionnels dans l'appel. A cet effet, il peut stipuler d'éventuels documents justificatifs additionnels à intégrer dans la composition du dossier, telle que visée à l'article 11.2.27/2, alinéa 2, reprise dans l'appel.
" Art. 11.2.27/5. Au plus tard le 1er février de l'année suivant celle où l'appel a été lancé, le preneur de prime introduit un dossier de présélection auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Le dossier de présélection contient au moins tous les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une note conceptuelle dont il ressort que le dossier de demande satisfait aux conditions de participation et aux critères d'évaluation de l'appel ;
3° une estimation globale des frais ;
4° le cas échéant, les documents additionnels énumérés dans la composition du dossier reprise dans l'appel.
L'agence vérifie si le dossier de présélection remplit les conditions de participation. Si les conditions de participation ne sont pas remplies, l'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Les dossiers de présélection qui remplissent les conditions de participation conformément à l'article 11.2.27/4 sont soumis à un jury pour avis.
Au plus tard le 1er juin de l'année suivant l'appel, le ministre décide, sur la base de l'avis rendu par le jury, quels projets sont sélectionnés pour introduire un dossier de prime conformément à l'article 11.2.28. La décision mentionne les éventuelles recommandations ou remarques par projet. Après communication par le ministre au Gouvernement flamand, l'agence informe les demandeurs de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 33. In afdeling 2 van hoofdstuk 11 van hetzelfde besluit, wordt tussen artikel 11.2.27/5 en 11.2.28 een opschrift ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Onderafdeling 10/2. Dossier voor de aanvraag van een erfgoedpremie via oproep".
"Onderafdeling 10/2. Dossier voor de aanvraag van een erfgoedpremie via oproep".
Art. 33. A la section 2 du chapitre 11 du même arrêté, un intitulé est inséré entre l'article 11.2.27/5 et l'article 11.2.28 et libellé comme suit :
" Sous-section 10/2. Dossier de demande de prime au patrimoine par appel ".
" Sous-section 10/2. Dossier de demande de prime au patrimoine par appel ".
Art. 34. Artikel 11.2.28 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 16 december 2016 en 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.28. De premienemer dient een premiedossier voor de erfgoedpremie via oproep schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in bij het agentschap voor de uiterste indieningsdatum vermeld in de oproep.
Het premiedossier bevat de volgende elementen, als die van toepassing zijn:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier, dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de huidige staat van het goed;
3° een beschrijving van de geplande handelingen;
4° een motivering van de geplande handelingen, in voorkomend geval met duidelijke verwijzing naar de relevante bepalingen van het goedgekeurde beheersplan;
5° een kostenraming met uitsplitsing per post of een gedetailleerde verwijzing naar de door de minister vastgestelde lijst met forfaitaire werken;
6° bij beschermde monumenten die bestemd zijn voor een erkende eredienst: het kerkenbeleidsplan van de gemeente of regio in kwestie of de datum van goedkeuring van het kerkenbeleidsplan als dat al aan het agentschap is bezorgd;
7° in voorkomend geval, een uittreksel van het onderhoudslogboek, vermeld in artikel 11.2.12, § 1, tweede lid;
8° in het geval vermeld in artikel 11.2.12, § 2, de statuten van de stichting of de vereniging, een bewijs dat het beheer van het onroerend goed in kwestie schriftelijk eraan is toegewezen voor een periode van minstens vijf jaar en een overzicht van de onroerende goederen in het beheer van de stichting of de vereniging;
9° alle relevante documenten over de aanstelling van de ontwerper, of de motivatie waarom er geen ontwerper hoeft te worden aangesteld;
10° in voorkomend geval, de bijkomende documenten die zijn opgesomd in de dossiersamenstelling in de oproep;
In de oproep bepaalt de minister de nadere regels voor de inhoud en de uiterste indieningsdatum voor het premiedossier. De uiterste indieningsdatum wordt telkens vastgelegd op 1 februari van een jaar dat volgt op het jaar waarin oproep is gelanceerd.".
"Art. 11.2.28. De premienemer dient een premiedossier voor de erfgoedpremie via oproep schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in bij het agentschap voor de uiterste indieningsdatum vermeld in de oproep.
Het premiedossier bevat de volgende elementen, als die van toepassing zijn:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier, dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de huidige staat van het goed;
3° een beschrijving van de geplande handelingen;
4° een motivering van de geplande handelingen, in voorkomend geval met duidelijke verwijzing naar de relevante bepalingen van het goedgekeurde beheersplan;
5° een kostenraming met uitsplitsing per post of een gedetailleerde verwijzing naar de door de minister vastgestelde lijst met forfaitaire werken;
6° bij beschermde monumenten die bestemd zijn voor een erkende eredienst: het kerkenbeleidsplan van de gemeente of regio in kwestie of de datum van goedkeuring van het kerkenbeleidsplan als dat al aan het agentschap is bezorgd;
7° in voorkomend geval, een uittreksel van het onderhoudslogboek, vermeld in artikel 11.2.12, § 1, tweede lid;
8° in het geval vermeld in artikel 11.2.12, § 2, de statuten van de stichting of de vereniging, een bewijs dat het beheer van het onroerend goed in kwestie schriftelijk eraan is toegewezen voor een periode van minstens vijf jaar en een overzicht van de onroerende goederen in het beheer van de stichting of de vereniging;
9° alle relevante documenten over de aanstelling van de ontwerper, of de motivatie waarom er geen ontwerper hoeft te worden aangesteld;
10° in voorkomend geval, de bijkomende documenten die zijn opgesomd in de dossiersamenstelling in de oproep;
In de oproep bepaalt de minister de nadere regels voor de inhoud en de uiterste indieningsdatum voor het premiedossier. De uiterste indieningsdatum wordt telkens vastgelegd op 1 februari van een jaar dat volgt op het jaar waarin oproep is gelanceerd.".
Art. 34. L'article 11.2.28 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 16 décembre 2016 et 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.28. Le preneur de prime introduit un dossier pour la prime au patrimoine par appel auprès de l'agence, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, pour la date limite d'introduction visée dans l'appel.
Le dossier de prime comprend, le cas échéant, les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description de l'état actuel du bien ;
3° une description des actes prévus ;
4° une motivation des actes prévus accompagnée, le cas échéant, d'un renvoi clair aux dispositions pertinentes du plan de gestion approuvé ;
5° une estimation de frais ventilée par poste ou un renvoi détaillé à la liste de travaux forfaitaires établie par le ministre ;
6° dans le cas de monuments protégés destinés à un culte reconnu : le plan politique en matière d'églises de la commune ou région concernée ou la date d'approbation du plan politique en matière d'églises si celui-ci a déjà été transmis à l'agence ;
7° le cas échéant, un extrait du compte rendu d'entretien visé à l'article 11.2.12, § 1er, alinéa 2 ;
8° dans le cas visé à l'article 11.2.12, § 2, les statuts de la fondation ou de l'association, une preuve que la gestion du bien immobilier concerné lui a été confiée par écrit pour une période d'au moins cinq ans et une liste des biens immobiliers sous gestion de la fondation ou de l'association ;
9° tous les documents pertinents relatifs à la désignation de l'auteur de projet ou les motifs pour lesquels la désignation d'un auteur de projet n'est pas nécessaire ;
10° le cas échéant, les documents additionnels énumérés dans la composition du dossier reprise dans l'appel.
Le ministre précise dans l'appel les règles relatives au contenu et à la date limite d'introduction du dossier de prime. La date limite d'introduction est chaque fois fixée au 1er février d'une année suivant celle où l'appel a été lancé. ".
" Art. 11.2.28. Le preneur de prime introduit un dossier pour la prime au patrimoine par appel auprès de l'agence, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, pour la date limite d'introduction visée dans l'appel.
Le dossier de prime comprend, le cas échéant, les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description de l'état actuel du bien ;
3° une description des actes prévus ;
4° une motivation des actes prévus accompagnée, le cas échéant, d'un renvoi clair aux dispositions pertinentes du plan de gestion approuvé ;
5° une estimation de frais ventilée par poste ou un renvoi détaillé à la liste de travaux forfaitaires établie par le ministre ;
6° dans le cas de monuments protégés destinés à un culte reconnu : le plan politique en matière d'églises de la commune ou région concernée ou la date d'approbation du plan politique en matière d'églises si celui-ci a déjà été transmis à l'agence ;
7° le cas échéant, un extrait du compte rendu d'entretien visé à l'article 11.2.12, § 1er, alinéa 2 ;
8° dans le cas visé à l'article 11.2.12, § 2, les statuts de la fondation ou de l'association, une preuve que la gestion du bien immobilier concerné lui a été confiée par écrit pour une période d'au moins cinq ans et une liste des biens immobiliers sous gestion de la fondation ou de l'association ;
9° tous les documents pertinents relatifs à la désignation de l'auteur de projet ou les motifs pour lesquels la désignation d'un auteur de projet n'est pas nécessaire ;
10° le cas échéant, les documents additionnels énumérés dans la composition du dossier reprise dans l'appel.
Le ministre précise dans l'appel les règles relatives au contenu et à la date limite d'introduction du dossier de prime. La date limite d'introduction est chaque fois fixée au 1er février d'une année suivant celle où l'appel a été lancé. ".
Art. 35. In hoofdstuk 11, afdeling 2 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt tussen artikel 11.2.28 en 11.2.29 een opschrift ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Onderafdeling 10/3. Toekenning van de erfgoedpremie via oproep".
"Onderafdeling 10/3. Toekenning van de erfgoedpremie via oproep".
Art. 35. Au chapitre 11, section 2, du même arrêté, modifiée en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, un intitulé est inséré entre l'article 11.2.28 et l'article 11.2.29 et libellé comme suit :
" Sous-section 10/3. Octroi de la prime au patrimoine par appel ".
" Sous-section 10/3. Octroi de la prime au patrimoine par appel ".
Art. 36. Artikel 11.2.29 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 december 2015 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.29. Het premiedossier kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn van het agentschap verlengd tot de datum van de beslissing over het premiedossier vermeld in artikel 11.2.30.
In voorkomend geval stuurt het agentschap de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.".
"Art. 11.2.29. Het premiedossier kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn van het agentschap verlengd tot de datum van de beslissing over het premiedossier vermeld in artikel 11.2.30.
In voorkomend geval stuurt het agentschap de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.".
Art. 36. L'article 11.2.29 du même arrêté, remplacé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 décembre 2015 et modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.29. Le dossier de prime peut être introduit en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement de l'agence est allongé jusqu'à la date de la décision au sujet du dossier de prime visée à l'article 11.2.30.
Le cas échéant, l'agence transfère la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande. ".
" Art. 11.2.29. Le dossier de prime peut être introduit en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement de l'agence est allongé jusqu'à la date de la décision au sujet du dossier de prime visée à l'article 11.2.30.
Le cas échéant, l'agence transfère la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande. ".
Art. 37. Artikel 11.2.30 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 14 december 2018 en 15 maart 2019, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.30. Het agentschap onderzoekt of het premiedossier in aanmerking komt voor een erfgoedpremie binnen een termijn van 120 dagen, die ingaat op de dag na de uiterste indiendatum vermeld in de oproep.
Als het agentschap inhoudelijk akkoord is met het premiedossier, legt het agentschap het dossier voor aan de minister.
Als het premiedossier onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap binnen een termijn van 60 dagen, die ingaat op de dag na de uiterste indiendatum vermeld in de oproep, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij het premiedossier te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. De termijn vermeld in het eerste lid wordt geschorst tijdens de voormelde termijn voor het toevoegen van ontbrekende gegevens of documenten. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt het premiedossier geacht te zijn geweigerd. Het agentschap brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
Als het premiedossier niet in aanmerking komt voor een erfgoedpremie of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, weigert het agentschap de aanvraag. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
"Art. 11.2.30. Het agentschap onderzoekt of het premiedossier in aanmerking komt voor een erfgoedpremie binnen een termijn van 120 dagen, die ingaat op de dag na de uiterste indiendatum vermeld in de oproep.
Als het agentschap inhoudelijk akkoord is met het premiedossier, legt het agentschap het dossier voor aan de minister.
Als het premiedossier onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap binnen een termijn van 60 dagen, die ingaat op de dag na de uiterste indiendatum vermeld in de oproep, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij het premiedossier te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. De termijn vermeld in het eerste lid wordt geschorst tijdens de voormelde termijn voor het toevoegen van ontbrekende gegevens of documenten. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt het premiedossier geacht te zijn geweigerd. Het agentschap brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
Als het premiedossier niet in aanmerking komt voor een erfgoedpremie of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, weigert het agentschap de aanvraag. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
Art. 37. L'article 11.2.30 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 14 décembre 2018 et 15 mars 2019, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.30. L'agence examine si le dossier de prime est éligible à une prime au patrimoine dans le délai de 120 jours prenant cours le lendemain de la date limite d'introduction visée dans l'appel.
Si l'agence marque son accord sur le fond concernant le dossier de prime, elle soumet le dossier au ministre.
Si le dossier de prime est incomplet ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut, dans un délai de 60 jours prenant cours le lendemain de la date limite d'introduction visée dans l'appel, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants au dossier de prime et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Le délai visé à l'alinéa 1er est suspendu durant le délai précité pour l'ajout de données ou documents manquants. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, le dossier de prime est réputé refusé. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Si le dossier de prime n'est pas éligible à une prime au patrimoine ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence refuse la demande. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Art. 11.2.30. L'agence examine si le dossier de prime est éligible à une prime au patrimoine dans le délai de 120 jours prenant cours le lendemain de la date limite d'introduction visée dans l'appel.
Si l'agence marque son accord sur le fond concernant le dossier de prime, elle soumet le dossier au ministre.
Si le dossier de prime est incomplet ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut, dans un délai de 60 jours prenant cours le lendemain de la date limite d'introduction visée dans l'appel, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants au dossier de prime et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Le délai visé à l'alinéa 1er est suspendu durant le délai précité pour l'ajout de données ou documents manquants. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, le dossier de prime est réputé refusé. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Si le dossier de prime n'est pas éligible à une prime au patrimoine ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence refuse la demande. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 38. Artikel 11.2.31 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.31. Na inhoudelijk akkoord van het agentschap zoals vermeld in artikel 11.2.30, tweede lid, kan de minister een erfgoedpremie toekennen. Het agentschap brengt de aanvrager daarvan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte, in voorkomend geval, samen met de beslissing van het agentschap, over de toelating voor de aangevraagde handelingen.".
"Art. 11.2.31. Na inhoudelijk akkoord van het agentschap zoals vermeld in artikel 11.2.30, tweede lid, kan de minister een erfgoedpremie toekennen. Het agentschap brengt de aanvrager daarvan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte, in voorkomend geval, samen met de beslissing van het agentschap, over de toelating voor de aangevraagde handelingen.".
Art. 38. L'article 11.2.31 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.31. Après accord sur le fond de l'agence, tel que visé à l'article 11.2.30, alinéa 2, le ministre peut octroyer une prime au patrimoine. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les actes demandés.
" Art. 11.2.31. Après accord sur le fond de l'agence, tel que visé à l'article 11.2.30, alinéa 2, le ministre peut octroyer une prime au patrimoine. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les actes demandés.
Art. 39. Artikel 11.2.32 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 39. L'article 11.2.32 du même arrêté est abrogé.
Art. 40. Artikel 11.2.33, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Artikel 11.2.33. De premienemer stelt het agentschap minstens vijftien dagen op voorhand schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de start van de werken of diensten.".
"Artikel 11.2.33. De premienemer stelt het agentschap minstens vijftien dagen op voorhand schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de start van de werken of diensten.".
Art. 40. L'article 11.2.33 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Article 11.2.33. Le preneur de prime informe l'agence du début des travaux ou services par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet au moins quinze jours à l'avance. "
" Article 11.2.33. Le preneur de prime informe l'agence du début des travaux ou services par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet au moins quinze jours à l'avance. "
Art. 41. In artikel 11.3.12, eerste lid, artikel 11.4.10 en artikel 11.4.14 van hetzelfde besluit, wordt het woord "schriftelijk" telkens vervangen door de zinssnede "schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform".
Art. 41. A l'article 11.3.12, alinéa 1er, les mots " par écrit " sont remplacés par le membre de phrase " , par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, ". Aux articles 11.4.10 et 11.4.14 du même arrêté, les mots " par écrit " sont chaque fois remplacés par les mots " par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet ".
Art. 42. In artikel 11.2.34 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 16 december 2016 en 14 december 2018, wordt tussen het woord "erfgoedpremie" en het woord "dient" de woorden "via oproep" ingevoegd.
Art. 42. A l'article 11.2.34 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 16 décembre 2016 et 14 décembre 2018, les mots " prime du patrimoine " sont remplacés par les mots " prime au patrimoine par appel ".
Art. 43. In artikel 11.2.35 van hetzelfde besluit worden het tweede en het derde lid opgeheven.
Art. 43. A l'article 11.2.35 du même arrêté, les alinéas 2 et 3 sont abrogés.
Art. 44. In hoofdstuk 11, afdeling 2 van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt het opschrift van onderafdeling 11 vervangen door wat volgt:
"Onderafdeling 11. Uitbetaling van de erfgoedpremie via oproep".
"Onderafdeling 11. Uitbetaling van de erfgoedpremie via oproep".
Art. 44. Au chapitre 11, section 2, du même arrêté, modifiée en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, l'intitulé de la sous-section 11 est remplacé par ce qui suit :
" Sous-section 11. Paiement de la prime au patrimoine par appel ".
" Sous-section 11. Paiement de la prime au patrimoine par appel ".
Art. 45. In artikel 11.2.36 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de zinssnede "een schriftelijke aanvraag" wordt vervangen door de zinssnede "schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een aanvraag";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt telkens vervangen door de woorden "werken of diensten".
1° de zinssnede "een schriftelijke aanvraag" wordt vervangen door de zinssnede "schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een aanvraag";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt telkens vervangen door de woorden "werken of diensten".
Art. 45. A l'article 11.2.36 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " une demande écrite auprès de l'agence " sont remplacés par les mots " une demande auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet " ;
2° le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est chaque fois remplacé par les mots " travaux ou services ".
1° les mots " une demande écrite auprès de l'agence " sont remplacés par les mots " une demande auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet " ;
2° le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est chaque fois remplacé par les mots " travaux ou services ".
Art. 46. In artikel 11.2.37 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt telkens vervangen door de woorden "werken of diensten".
2° in het eerste lid worden de woorden "op schriftelijk verzoek van de premienemer" vervangen door de woorden "nadat de premienemer daar schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform toe verzoekt";
3° in het eerste lid, 1°, g) wordt de zinssnede "artikel 4.2.7" vervangen door de zinssnede "artikel 4.2.9";
4° in het eerste lid, 4° wordt het woord "aangevraagd" vervangen door het woord "toegekend";
5° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt:
"In de oproep kan de minister de nadere regels voor de inhoud van de in te dienen documenten bepalen.".
1° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt telkens vervangen door de woorden "werken of diensten".
2° in het eerste lid worden de woorden "op schriftelijk verzoek van de premienemer" vervangen door de woorden "nadat de premienemer daar schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform toe verzoekt";
3° in het eerste lid, 1°, g) wordt de zinssnede "artikel 4.2.7" vervangen door de zinssnede "artikel 4.2.9";
4° in het eerste lid, 4° wordt het woord "aangevraagd" vervangen door het woord "toegekend";
5° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt:
"In de oproep kan de minister de nadere regels voor de inhoud van de in te dienen documenten bepalen.".
Art. 46. A l'article 11.2.37 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, les modifications suivantes sont apportées :
1° les membres de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " et " mesures de gestion, des travaux ou des services " sont chaque fois remplacés par les mots " travaux ou services ";
2° à l'alinéa 1er, les mots " à la demande écrite du preneur de prime " sont remplacés par les mots " après que le preneur de prime en a fait la demande par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet " ;
3° à l'alinéa 1er, 1°, g), le membre de phrase " l'article 4.2.7 " est remplacé par le membre de phrase " l'article 4.2.9 " ;
4° à l'alinéa 1er, 4°, le mot " demandée " est remplacé par le mot " octroyée " ;
5° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Le ministre peut préciser dans l'appel les règles relatives au contenu des documents à introduire. ".
1° les membres de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " et " mesures de gestion, des travaux ou des services " sont chaque fois remplacés par les mots " travaux ou services ";
2° à l'alinéa 1er, les mots " à la demande écrite du preneur de prime " sont remplacés par les mots " après que le preneur de prime en a fait la demande par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet " ;
3° à l'alinéa 1er, 1°, g), le membre de phrase " l'article 4.2.7 " est remplacé par le membre de phrase " l'article 4.2.9 " ;
4° à l'alinéa 1er, 4°, le mot " demandée " est remplacé par le mot " octroyée " ;
5° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Le ministre peut préciser dans l'appel les règles relatives au contenu des documents à introduire. ".
Art. 47. In artikel 11.2.38 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 december 2015, worden het derde tot en met het vijfde lid opgeheven.
Art. 47. A l'article 11.2.38 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 décembre 2015, les alinéas 3 à 5 sont abrogés.
Art. 48. Artikel 11.2.39 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.39. Bij de uitbetaling van de erfgoedpremie wordt alleen rekening gehouden met de werken of diensten die werkelijk en volgens de regels van de kunst en volgens de beslissing vermeld in artikel 11.2.30 zijn uitgevoerd, die door het agentschap goedgekeurd zijn, en die, in voorkomend geval, bewezen kunnen worden aan de hand van betalingsbewijzen.".
"Art. 11.2.39. Bij de uitbetaling van de erfgoedpremie wordt alleen rekening gehouden met de werken of diensten die werkelijk en volgens de regels van de kunst en volgens de beslissing vermeld in artikel 11.2.30 zijn uitgevoerd, die door het agentschap goedgekeurd zijn, en die, in voorkomend geval, bewezen kunnen worden aan de hand van betalingsbewijzen.".
Art. 48. L'article 11.2.39 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.39. Lors du paiement de la prime au patrimoine, il n'est tenu compte que des travaux ou services qui ont été exécutés réellement, dans les règles de l'art et selon la décision visée à l'article 11.2.30, qui ont été approuvés par l'agence et qui, le cas échéant, peuvent être attestés par des preuves de paiement. ".
" Art. 11.2.39. Lors du paiement de la prime au patrimoine, il n'est tenu compte que des travaux ou services qui ont été exécutés réellement, dans les règles de l'art et selon la décision visée à l'article 11.2.30, qui ont été approuvés par l'agence et qui, le cas échéant, peuvent être attestés par des preuves de paiement. ".
Art. 49. Artikel 11.2.41 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.2.41. In de volgende gevallen wordt een premienemer geacht afstand te doen van de erfgoedpremie via oproep:
1° hij heeft de werken of diensten niet uitgevoerd binnen de maximale uitvoeringstermijn vermeld in de oproep. De maximale uitvoeringstermijn gaat in op de dag na de dag van de toekenning vermeld in artikel 11.2.31;
2° hij heeft niet conform artikel 11.2.37 verzocht om de uitbetaling van het saldo van de erfgoedpremie binnen een termijn van een jaar, die ingaat op de dag na de laatste dag van de maximale uitvoeringstermijn vermeld in de oproep.
In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming van het agentschap kunnen de termijnen, vermeld in het eerste lid, eenmalig verlengd worden. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn, vermeld in het eerste lid, is verstreken, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.".
"Art. 11.2.41. In de volgende gevallen wordt een premienemer geacht afstand te doen van de erfgoedpremie via oproep:
1° hij heeft de werken of diensten niet uitgevoerd binnen de maximale uitvoeringstermijn vermeld in de oproep. De maximale uitvoeringstermijn gaat in op de dag na de dag van de toekenning vermeld in artikel 11.2.31;
2° hij heeft niet conform artikel 11.2.37 verzocht om de uitbetaling van het saldo van de erfgoedpremie binnen een termijn van een jaar, die ingaat op de dag na de laatste dag van de maximale uitvoeringstermijn vermeld in de oproep.
In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming van het agentschap kunnen de termijnen, vermeld in het eerste lid, eenmalig verlengd worden. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn, vermeld in het eerste lid, is verstreken, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.".
Art. 49. L'article 11.2.41 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.2.41. Dans les cas suivants, un preneur de prime est réputé renoncer à la prime au patrimoine par appel :
1° il n'a pas exécuté les travaux ou services dans le délai d'exécution maximal visé dans l'appel. Le délai d'exécution maximal prend cours le lendemain de l'octroi visé à l'article 11.2.31 ;
2° il n'a pas demandé, conformément à l'article 11.2.37, le paiement du solde de la prime au patrimoine dans le délai d'un an prenant cours le lendemain du dernier jour du délai d'exécution maximal visé dans l'appel.
Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse de l'agence, les délais visés à l'alinéa 1er peuvent être prorogés une seule fois. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai visé à l'alinéa 1er, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Art. 11.2.41. Dans les cas suivants, un preneur de prime est réputé renoncer à la prime au patrimoine par appel :
1° il n'a pas exécuté les travaux ou services dans le délai d'exécution maximal visé dans l'appel. Le délai d'exécution maximal prend cours le lendemain de l'octroi visé à l'article 11.2.31 ;
2° il n'a pas demandé, conformément à l'article 11.2.37, le paiement du solde de la prime au patrimoine dans le délai d'un an prenant cours le lendemain du dernier jour du délai d'exécution maximal visé dans l'appel.
Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse de l'agence, les délais visés à l'alinéa 1er peuvent être prorogés une seule fois. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai visé à l'alinéa 1er, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 50. In hoofdstuk 11, afdeling 3, van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt het opschrift van onderafdeling 1 vervangen door wat volgt:
"Onderafdeling 1. Voorafgaande onderzoeken waarvoor een onderzoekspremie aangevraagd kan worden".
"Onderafdeling 1. Voorafgaande onderzoeken waarvoor een onderzoekspremie aangevraagd kan worden".
Art. 50. Au chapitre 11, section 3, du même arrêté, modifiée en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, l'intitulé de la sous-section 1ère est remplacé par ce qui suit :
" Sous-section 1ère. Examens préliminaires pour lesquels une prime de recherche peut être demandée ".
" Sous-section 1ère. Examens préliminaires pour lesquels une prime de recherche peut être demandée ".
Art. 51. Artikel 11.3.4 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 4 december 2015 en 14 december 2018, wordt opgeheven.
Art. 51. L'article 11.3.4 du même arrêté, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 4 décembre 2015 et 14 décembre 2018, est abrogé.
Art. 52. In artikel 11.3.8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt het eerste lid vervangen door wat volgt:
"De premienemer dient de aanvraag van de onderzoekspremie in bij het agentschap. Het aanvraagdossier bevat minstens al de volgende elementen:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de geplande handelingen;
3° een motivering van de geplande handelingen;
4° een kostenraming;
5° een voorstel van toewijzing van de opdracht, dat rekening houdt met de maatregelen ter bevordering van de kwaliteit, vermeld in afdeling 5.".
"De premienemer dient de aanvraag van de onderzoekspremie in bij het agentschap. Het aanvraagdossier bevat minstens al de volgende elementen:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een beschrijving van de geplande handelingen;
3° een motivering van de geplande handelingen;
4° een kostenraming;
5° een voorstel van toewijzing van de opdracht, dat rekening houdt met de maatregelen ter bevordering van de kwaliteit, vermeld in afdeling 5.".
Art. 52. A l'article 11.3.8 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" Le preneur de prime introduit la demande de prime de recherche auprès de l'agence. Le dossier de demande contient au moins tous les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description des actes prévus ;
3° une motivation des actes prévus ;
4° une estimation des frais ;
5° une proposition d'attribution du marché, qui tient compte des mesures de promotion de la qualité visées à la section 5. ".
" Le preneur de prime introduit la demande de prime de recherche auprès de l'agence. Le dossier de demande contient au moins tous les éléments suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une description des actes prévus ;
3° une motivation des actes prévus ;
4° une estimation des frais ;
5° une proposition d'attribution du marché, qui tient compte des mesures de promotion de la qualité visées à la section 5. ".
Art. 53. Artikel 11.3.9 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.3.9. De aanvraag van een onderzoekspremie kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen waarvoor een onderzoekspremie wordt aangevraagd. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn van het agentschap verlengd tot negentig dagen.
In voorkomend geval, stuurt het agentschap de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat de dag na de indiening van de aanvraag.".
"Art. 11.3.9. De aanvraag van een onderzoekspremie kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen waarvoor een onderzoekspremie wordt aangevraagd. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn van het agentschap verlengd tot negentig dagen.
In voorkomend geval, stuurt het agentschap de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat de dag na de indiening van de aanvraag.".
Art. 53. L'article 11.3.9 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.3.9. La demande de prime de recherche peut être introduite en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus pour lesquels une prime de recherche est sollicitée. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement de l'agence est porté à nonante jours.
Le cas échéant, l'agence transfère la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande. ".
" Art. 11.3.9. La demande de prime de recherche peut être introduite en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus pour lesquels une prime de recherche est sollicitée. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement de l'agence est porté à nonante jours.
Le cas échéant, l'agence transfère la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande. ".
Art. 54. Artikel 11.3.10 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.3.10. Het agentschap onderzoekt of de aanvraag in aanmerking komt voor een onderzoekspremie, en neemt een beslissing binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.
In geval van akkoord wordt de onderzoekspremie vastgelegd, waarna een kopie van dit besluit schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform aan de aanvrager wordt bezorgd, in voorkomend geval samen met de beslissing van het agentschap over de toelating voor de aangevraagde handelingen.
Als de aanvraag onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap binnen een termijn van 60 dagen, die ingaat op de dag na de dag waarop de aanvraag is ingediend, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. De termijn vermeld in het eerste lid wordt geschorst tijdens de voormelde termijn voor het toevoegen van ontbrekende gegevens of documenten. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de aanvraag geacht te zijn geweigerd. Het agentschap brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
Als het dossier niet in aanmerking komt voor een onderzoekspremie of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, weigert het agentschap de aanvraag. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.
In geval van een voorafgaand onderzoek brengt de premienemer het agentschap minstens vijftien dagen voor de aanvang ervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de start en van de vastgelegde uitvoeringstermijn ervan.".
"Art. 11.3.10. Het agentschap onderzoekt of de aanvraag in aanmerking komt voor een onderzoekspremie, en neemt een beslissing binnen een termijn van negentig dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.
In geval van akkoord wordt de onderzoekspremie vastgelegd, waarna een kopie van dit besluit schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform aan de aanvrager wordt bezorgd, in voorkomend geval samen met de beslissing van het agentschap over de toelating voor de aangevraagde handelingen.
Als de aanvraag onvolledig is of geen onderzoek ten gronde toelaat, kan het agentschap binnen een termijn van 60 dagen, die ingaat op de dag na de dag waarop de aanvraag is ingediend, de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform vragen om de ontbrekende gegevens of documenten bij de aanvraag te voegen, en de termijn bepalen waarbinnen dat moet gebeuren. De termijn vermeld in het eerste lid wordt geschorst tijdens de voormelde termijn voor het toevoegen van ontbrekende gegevens of documenten. Als de aanvrager nalaat binnen deze termijn de ontbrekende gegevens of documenten bij te voegen, wordt de aanvraag geacht te zijn geweigerd. Het agentschap brengt de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
Als het dossier niet in aanmerking komt voor een onderzoekspremie of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, weigert het agentschap de aanvraag. Het agentschap brengt de aanvrager schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.
In geval van een voorafgaand onderzoek brengt de premienemer het agentschap minstens vijftien dagen voor de aanvang ervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de start en van de vastgelegde uitvoeringstermijn ervan.".
Art. 54. L'article 11.3.10 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.3.10. L'agence examine si la demande est éligible à une prime de recherche et prend une décision dans le délai de nonante jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande.
En cas d'accord, la prime de recherche est fixée, après quoi une copie de cette décision est transmise au demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les actes demandés.
Si la demande est incomplète ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut, dans un délai de 60 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Le délai visé à l'alinéa 1er est suspendu durant le délai précité pour l'ajout de données ou documents manquants. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, la demande est réputée refusée. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Si le dossier n'est pas éligible à une prime de recherche ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence refuse la demande. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
En cas d'examen préliminaire, le preneur de prime informe l'agence du début et du délai d'exécution fixé, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, au moins quinze jours à l'avance. ".
" Art. 11.3.10. L'agence examine si la demande est éligible à une prime de recherche et prend une décision dans le délai de nonante jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande.
En cas d'accord, la prime de recherche est fixée, après quoi une copie de cette décision est transmise au demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les actes demandés.
Si la demande est incomplète ou ne permet pas un examen sur le fond, l'agence peut, dans un délai de 60 jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande, inviter le demandeur, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, à joindre les données ou documents manquants à la demande et fixer le délai dans lequel cela doit être fait. Le délai visé à l'alinéa 1er est suspendu durant le délai précité pour l'ajout de données ou documents manquants. Si le demandeur omet de joindre les données ou documents manquants dans ce délai, la demande est réputée refusée. L'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Si le dossier n'est pas éligible à une prime de recherche ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence refuse la demande. L'agence informe le demandeur de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
En cas d'examen préliminaire, le preneur de prime informe l'agence du début et du délai d'exécution fixé, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, au moins quinze jours à l'avance. ".
Art. 55. In artikel 11.3.15 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt het tweede lid vervangen door wat volgt:
"In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming van het agentschap kan de termijn, vermeld in het eerste lid, eenmalig verlengd worden. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn verstreken is, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.".
"In uitzonderlijke omstandigheden en na uitdrukkelijke toestemming van het agentschap kan de termijn, vermeld in het eerste lid, eenmalig verlengd worden. Daarvoor richt de premienemer vóór de termijn verstreken is, schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap.".
Art. 55. A l'article 11.3.15 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse de l'agence, le délai visé à l'alinéa 1er peut être prorogé une seule fois. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Dans des circonstances exceptionnelles et moyennant autorisation expresse de l'agence, le délai visé à l'alinéa 1er peut être prorogé une seule fois. Le preneur de prime adresse à cet effet, avant l'expiration du délai, une requête motivée à l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 56. Aan artikel 11.3.16 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt een tweede lid toegevoegd dat luidt als volgt:
"De minister kan met het oog op de ontsluiting nadere regels bepalen voor de vorm van de eindverslagen, vermeld in het eerste lid.".
"De minister kan met het oog op de ontsluiting nadere regels bepalen voor de vorm van de eindverslagen, vermeld in het eerste lid.".
Art. 56. A l'article 11.3.16 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, il est ajouté un alinéa 2 libellé comme suit :
Le ministre peut préciser les règles relatives à la forme des rapports finaux visés à l'alinéa 1er en vue de les rendre accessibles.
Le ministre peut préciser les règles relatives à la forme des rapports finaux visés à l'alinéa 1er en vue de les rendre accessibles.
Art. 57. In hoofdstuk 11, afdeling 4, van hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt het opschrift van onderafdeling 1 vervangen door wat volgt:
"Onderafdeling 1. Oproep voor projecten voor een meerjarenpremieovereenkomst".
"Onderafdeling 1. Oproep voor projecten voor een meerjarenpremieovereenkomst".
Art. 57. Au chapitre 11, section 4, du même arrêté, modifiée en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, l'intitulé de la sous-section 1ère est remplacé par ce qui suit :
" Sous-section 1ère. Appel à projets pour un accord de prime pluriannuel ".
" Sous-section 1ère. Appel à projets pour un accord de prime pluriannuel ".
Art. 58. Artikel 11.4.1 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020 wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.4.1. Binnen de perken van de daarvoor op de begroting van de Vlaamse Gemeenschap beschikbare kredieten kan de Vlaamse Regering na een oproep meerjarenpremieovereenkomsten sluiten voor grote of langdurige werken aan of in beschermde goederen of in erfgoedlandschappen.
De Vlaamse Regering lanceert uiterlijk op 1 februari van het tweede of vierde jaar van de legislatuur één oproep. De oproep wordt minstens bekendgemaakt op de website van het agentschap.
De oproep bevat:
1° het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
2° het totaalbudget;
3° de verdeelwijze van het totaalbudget onder de geselecteerde projecten;
4° de aanvraag- en selectieprocedure:
a) de indieningstermijnen;
b) de maximale uitvoeringstermijn van het project;
c) het minimumbedrag van de aanvaardbare kostenraming;
d) de deelnemingsvoorwaarden, eventueel aangevuld met bijkomende voorwaarden;
e) de beoordelingscriteria, eventueel aangevuld met bijkomende criteria;
f) de dossiersamenstelling van het aanvraagdossier;
g) de selectieprocedure, de samenstelling en de nadere regels over de werking en organisatie van de jury.".
"Art. 11.4.1. Binnen de perken van de daarvoor op de begroting van de Vlaamse Gemeenschap beschikbare kredieten kan de Vlaamse Regering na een oproep meerjarenpremieovereenkomsten sluiten voor grote of langdurige werken aan of in beschermde goederen of in erfgoedlandschappen.
De Vlaamse Regering lanceert uiterlijk op 1 februari van het tweede of vierde jaar van de legislatuur één oproep. De oproep wordt minstens bekendgemaakt op de website van het agentschap.
De oproep bevat:
1° het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
2° het totaalbudget;
3° de verdeelwijze van het totaalbudget onder de geselecteerde projecten;
4° de aanvraag- en selectieprocedure:
a) de indieningstermijnen;
b) de maximale uitvoeringstermijn van het project;
c) het minimumbedrag van de aanvaardbare kostenraming;
d) de deelnemingsvoorwaarden, eventueel aangevuld met bijkomende voorwaarden;
e) de beoordelingscriteria, eventueel aangevuld met bijkomende criteria;
f) de dossiersamenstelling van het aanvraagdossier;
g) de selectieprocedure, de samenstelling en de nadere regels over de werking en organisatie van de jury.".
Art. 58. L'article 11.4.1 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.4.1. Dans les limites des crédits disponibles à cet effet au budget de la Communauté flamande, le Gouvernement flamand peut conclure, après appel, des accords de prime pluriannuels pour des travaux majeurs ou de longue durée sur des biens protégés ou dans des paysages patrimoniaux.
Le Gouvernement flamand lance un appel au plus tard le 1er février de la deuxième ou de la quatrième année de la législature. L'appel est au moins annoncé sur le site web de l'agence.
L'appel contient :
1° le thème, l'objectif et le groupe-cible de l'appel ;
2° le budget total ;
3° le mode de répartition du budget total entre les projets sélectionnés ;
4° la procédure de demande et de sélection :
a) les délais d'introduction ;
b) le délai d'exécution maximal du projet ;
c) le montant minimum de l'estimation de frais admissible ;
d) les conditions de participation, éventuellement complétées de conditions additionnelles ;
e) les critères d'évaluation, éventuellement complétés de critères additionnels ;
f) la composition du dossier de demande ;
g) la procédure de sélection, la composition et les modalités de fonctionnement et d'organisation du jury. ".
" Art. 11.4.1. Dans les limites des crédits disponibles à cet effet au budget de la Communauté flamande, le Gouvernement flamand peut conclure, après appel, des accords de prime pluriannuels pour des travaux majeurs ou de longue durée sur des biens protégés ou dans des paysages patrimoniaux.
Le Gouvernement flamand lance un appel au plus tard le 1er février de la deuxième ou de la quatrième année de la législature. L'appel est au moins annoncé sur le site web de l'agence.
L'appel contient :
1° le thème, l'objectif et le groupe-cible de l'appel ;
2° le budget total ;
3° le mode de répartition du budget total entre les projets sélectionnés ;
4° la procédure de demande et de sélection :
a) les délais d'introduction ;
b) le délai d'exécution maximal du projet ;
c) le montant minimum de l'estimation de frais admissible ;
d) les conditions de participation, éventuellement complétées de conditions additionnelles ;
e) les critères d'évaluation, éventuellement complétés de critères additionnels ;
f) la composition du dossier de demande ;
g) la procédure de sélection, la composition et les modalités de fonctionnement et d'organisation du jury. ".
Art. 59. Artikel 11.4.2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 december 2015, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.4.2. Om in aanmerking te komen voor een meerjarenpremieovereenkomst moet het aanvraagdossier voldoen aan de volgende deelnemingsvoorwaarden:
1° het aanvraagdossier is tijdig ingediend en bevat de documenten vermeld in artikel 11.4.3;
2° het project valt binnen het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
3° het project heeft een gefaseerde uitvoeringstermijn van minimaal drie jaar en maximaal vijf jaar;
4° de aanvaardbare kostenraming is hoger dan vijf miljoen euro, exclusief btw;
5° het project vereist een strikte uitvoeringstiming om budgettaire, organisatorische of uitvoeringstechnische redenen;
6° het project voorziet in of verbetert de ontsluiting van het beschermde goed, het erfgoedlandschap, of minstens een representatief deel ervan;
7° de geplande handelingen waarvoor een premie wordt aangevraagd zijn vermeld in een goedgekeurd beheersplan.
In de oproep kan de Vlaamse Regering de deelnemingsvoorwaarden verduidelijken of bijkomende voorwaarden opnemen.".
"Art. 11.4.2. Om in aanmerking te komen voor een meerjarenpremieovereenkomst moet het aanvraagdossier voldoen aan de volgende deelnemingsvoorwaarden:
1° het aanvraagdossier is tijdig ingediend en bevat de documenten vermeld in artikel 11.4.3;
2° het project valt binnen het thema, de doelstelling en de doelgroep van de oproep;
3° het project heeft een gefaseerde uitvoeringstermijn van minimaal drie jaar en maximaal vijf jaar;
4° de aanvaardbare kostenraming is hoger dan vijf miljoen euro, exclusief btw;
5° het project vereist een strikte uitvoeringstiming om budgettaire, organisatorische of uitvoeringstechnische redenen;
6° het project voorziet in of verbetert de ontsluiting van het beschermde goed, het erfgoedlandschap, of minstens een representatief deel ervan;
7° de geplande handelingen waarvoor een premie wordt aangevraagd zijn vermeld in een goedgekeurd beheersplan.
In de oproep kan de Vlaamse Regering de deelnemingsvoorwaarden verduidelijken of bijkomende voorwaarden opnemen.".
Art. 59. L'article 11.4.2 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 décembre 2015, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.4.2. Pour être éligible à un accord de prime pluriannuel, le dossier de demande doit remplir les conditions de participation suivantes :
1° le dossier de demande a été introduit dans les délais et contient les documents visés à l'article 11.4.3 ;
2° le projet correspond au thème, à l'objectif et au groupe-cible de l'appel ;
3° le projet a un délai d'exécution par phases de trois ans minimum et de cinq ans maximum ;
4° l'estimation de frais admissible est supérieure à cinq millions d'euros hors TVA ;
5° le projet requiert un calendrier d'exécution strict pour des raisons budgétaires, organisationnelles et techniques d'exécution ;
6° le projet prévoit ou améliore le désenclavement du bien protégé, du paysage patrimonial ou au moins d'une partie représentative de ceux-ci ;
7° les actes prévus pour lesquels une prime est demandée sont mentionnés dans un plan de gestion approuvé.
Le Gouvernement flamand peut clarifier les conditions de participation ou reprendre des conditions additionnelles dans l'appel. ".
" Art. 11.4.2. Pour être éligible à un accord de prime pluriannuel, le dossier de demande doit remplir les conditions de participation suivantes :
1° le dossier de demande a été introduit dans les délais et contient les documents visés à l'article 11.4.3 ;
2° le projet correspond au thème, à l'objectif et au groupe-cible de l'appel ;
3° le projet a un délai d'exécution par phases de trois ans minimum et de cinq ans maximum ;
4° l'estimation de frais admissible est supérieure à cinq millions d'euros hors TVA ;
5° le projet requiert un calendrier d'exécution strict pour des raisons budgétaires, organisationnelles et techniques d'exécution ;
6° le projet prévoit ou améliore le désenclavement du bien protégé, du paysage patrimonial ou au moins d'une partie représentative de ceux-ci ;
7° les actes prévus pour lesquels une prime est demandée sont mentionnés dans un plan de gestion approuvé.
Le Gouvernement flamand peut clarifier les conditions de participation ou reprendre des conditions additionnelles dans l'appel. ".
Art. 60. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt een artikel 11.4.2/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 11.4.2/1. De aanvraagdossiers die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden voor advies voorgelegd aan een jury.
In de oproep bepaalt de Vlaamse Regering de nadere regels over de samenstelling, de werking en de organisatie van de jury. Het advies bevat minstens een evaluatie per aanvraagdossier op basis van de beoordelingscriteria en een rangschikking van de projecten.
De jury beoordeelt de aanvraagdossiers op basis van de volgende beoordelingscriteria:
1° de kwaliteit van het concept en de visie die aan de basis liggen van het project, in het algemeen en binnen het thema van de oproep;
2° de maatschappelijke meerwaarde die de uitvoering van het project genereert;
3° de kwaliteit van de uitvoering;
4° het duurzame karakter en de voorbeeldfunctie van het project, in het algemeen en binnen het thema van de oproep;
5° de mate waarin het project bijdraagt aan innovatie binnen de onroerenderfgoedzorg;
6° de financiële en organisatorische haalbaarheid van het project;
7° de proportionaliteit tussen de gevraagde middelen en het beoogde doel;
8° de samenwerkingsgraad met relevante partners;
9° de erkenning van het beschermde goed of het erfgoedlandschap als UNESCO-werelderfgoed of de opname op de indicatieve lijst met het oog op deze erkenning;
10° de toekenning van een Europees erfgoedlabel of de voordracht om daarvoor in aanmerking te komen;
11° de cofinanciering met dwingende voorwaarden;
12° de ontsluiting van het beschermde goed, het erfgoedlandschap, of minstens een representatief deel ervan.
In de oproep bepaalt de Vlaamse Regering het gewicht van de criteria en kan criteria verduidelijken of bijkomende criteria opnemen. Ze kan daarvoor eventuele bijkomende bewijsdocumenten bepalen in de dossiersamenstelling in de oproep vermeld in artikel 11.4.1.".
"Art. 11.4.2/1. De aanvraagdossiers die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden voor advies voorgelegd aan een jury.
In de oproep bepaalt de Vlaamse Regering de nadere regels over de samenstelling, de werking en de organisatie van de jury. Het advies bevat minstens een evaluatie per aanvraagdossier op basis van de beoordelingscriteria en een rangschikking van de projecten.
De jury beoordeelt de aanvraagdossiers op basis van de volgende beoordelingscriteria:
1° de kwaliteit van het concept en de visie die aan de basis liggen van het project, in het algemeen en binnen het thema van de oproep;
2° de maatschappelijke meerwaarde die de uitvoering van het project genereert;
3° de kwaliteit van de uitvoering;
4° het duurzame karakter en de voorbeeldfunctie van het project, in het algemeen en binnen het thema van de oproep;
5° de mate waarin het project bijdraagt aan innovatie binnen de onroerenderfgoedzorg;
6° de financiële en organisatorische haalbaarheid van het project;
7° de proportionaliteit tussen de gevraagde middelen en het beoogde doel;
8° de samenwerkingsgraad met relevante partners;
9° de erkenning van het beschermde goed of het erfgoedlandschap als UNESCO-werelderfgoed of de opname op de indicatieve lijst met het oog op deze erkenning;
10° de toekenning van een Europees erfgoedlabel of de voordracht om daarvoor in aanmerking te komen;
11° de cofinanciering met dwingende voorwaarden;
12° de ontsluiting van het beschermde goed, het erfgoedlandschap, of minstens een representatief deel ervan.
In de oproep bepaalt de Vlaamse Regering het gewicht van de criteria en kan criteria verduidelijken of bijkomende criteria opnemen. Ze kan daarvoor eventuele bijkomende bewijsdocumenten bepalen in de dossiersamenstelling in de oproep vermeld in artikel 11.4.1.".
Art. 60. Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, il est inséré un article 11.4.2/1 libellé comme suit :
" Art. 11.4.2/1. Les dossiers de demande qui remplissent les conditions de participation sont soumis à un jury pour avis.
Le Gouvernement flamand précise dans l'appel les modalités relatives à la composition, au fonctionnement et à l'organisation du jury. L'avis contient au moins une évaluation par dossier de demande basée sur les critères d'évaluation et un classement des projets.
Le jury évalue les dossiers de demande en se fondant sur les critères d'évaluation suivants :
1° la qualité du concept et de la vision qui sous-tendent le projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
2° la plus-value sociale que génère l'exécution du projet ;
3° la qualité de l'exécution ;
4° la durabilité et le rôle d'exemple du projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
5° la mesure dans laquelle le projet contribue à l'innovation dans la gestion du patrimoine immobilier ;
6° la faisabilité financière et organisationnelle du projet ;
7° la proportionnalité entre les moyens demandés et le but visé ;
8° le degré de collaboration avec des partenaires pertinents ;
9° la reconnaissance du bien protégé ou du paysage patrimonial comme patrimoine mondial de l'UNESCO ou son inscription sur la liste indicative en vue de cette reconnaissance ;
10° l'octroi d'un label du patrimoine européen ou la proposition de candidature à ce label ;
11° le cofinancement assorti de conditions contraignantes ;
12° le désenclavement du bien protégé, du paysage patrimonial ou au moins d'une partie représentative de ceux-ci.
Le Gouvernement flamand précise le poids des critères et peut clarifier les critères ou reprendre des critères additionnels dans l'appel. A cet effet, il peut stipuler d'éventuels documents justificatifs additionnels à intégrer dans la composition du dossier, visée à l'article 11.4.1, reprise dans l'appel. ".
" Art. 11.4.2/1. Les dossiers de demande qui remplissent les conditions de participation sont soumis à un jury pour avis.
Le Gouvernement flamand précise dans l'appel les modalités relatives à la composition, au fonctionnement et à l'organisation du jury. L'avis contient au moins une évaluation par dossier de demande basée sur les critères d'évaluation et un classement des projets.
Le jury évalue les dossiers de demande en se fondant sur les critères d'évaluation suivants :
1° la qualité du concept et de la vision qui sous-tendent le projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
2° la plus-value sociale que génère l'exécution du projet ;
3° la qualité de l'exécution ;
4° la durabilité et le rôle d'exemple du projet de manière générale et dans le thème de l'appel ;
5° la mesure dans laquelle le projet contribue à l'innovation dans la gestion du patrimoine immobilier ;
6° la faisabilité financière et organisationnelle du projet ;
7° la proportionnalité entre les moyens demandés et le but visé ;
8° le degré de collaboration avec des partenaires pertinents ;
9° la reconnaissance du bien protégé ou du paysage patrimonial comme patrimoine mondial de l'UNESCO ou son inscription sur la liste indicative en vue de cette reconnaissance ;
10° l'octroi d'un label du patrimoine européen ou la proposition de candidature à ce label ;
11° le cofinancement assorti de conditions contraignantes ;
12° le désenclavement du bien protégé, du paysage patrimonial ou au moins d'une partie représentative de ceux-ci.
Le Gouvernement flamand précise le poids des critères et peut clarifier les critères ou reprendre des critères additionnels dans l'appel. A cet effet, il peut stipuler d'éventuels documents justificatifs additionnels à intégrer dans la composition du dossier, visée à l'article 11.4.1, reprise dans l'appel. ".
Art. 61. In afdeling 4 van hoofdstuk 11 van hetzelfde besluit wordt het opschrift van onderafdeling 2 vervangen door wat volgt:
"Onderafdeling 2. Selectie van projecten die in aanmerking komen voor een meerjarenpremieovereenkomst".
"Onderafdeling 2. Selectie van projecten die in aanmerking komen voor een meerjarenpremieovereenkomst".
Art. 61. A la section 4 du chapitre 11 du même arrêté, l'intitulé de la sous-section 2 est remplacé par ce qui suit :
" Sous-section 2. Sélection de projets éligibles à un accord de prime pluriannuel ".
" Sous-section 2. Sélection de projets éligibles à un accord de prime pluriannuel ".
Art. 62. Artikel 11.4.3 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.4.3. De premienemer dient uiterlijk op 1 juni van respectievelijk het tweede of vierde jaar van de legislatuur een aanvraagdossier voor een meerjarenpremieovereenkomst schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform bij het agentschap in.
Het aanvraagdossier bevat minstens al de volgende documenten:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een conceptnota waaruit blijkt dat het aanvraagdossier voldoet de deelnemingsvoorwaarden en beoordelingscriteria in de oproep;
3° een globale kostenraming;
4° een financieel plan dat aangeeft hoe de werken of diensten gefinancierd zullen worden;
5° een gedetailleerd toestandsrapport;
6° een faseringsplan dat afgestemd is op het beheersplan, waarbij in voorkomend geval de geplande werken of diensten op elkaar worden afgestemd;
7° een rapport over de publieke toegankelijkheid voor, tijdens en na de werken of diensten en over de eventuele bestemming of herbestemming;
8° in voorkomend geval, de bijkomende stukken vermeld in de dossiersamenstelling in de oproep.
Het agentschap gaat na of het aanvraagdossier voldoet aan de deelnemingsvoorwaarden. Als niet is voldaan aan de deelnemingsvoorwaarden, brengt het agentschap de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
De aanvraagdossiers die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden conform artikel 11.4.2/1 voor advies voorgelegd aan een jury.".
"Art. 11.4.3. De premienemer dient uiterlijk op 1 juni van respectievelijk het tweede of vierde jaar van de legislatuur een aanvraagdossier voor een meerjarenpremieovereenkomst schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform bij het agentschap in.
Het aanvraagdossier bevat minstens al de volgende documenten:
1° een volledig ingevuld en ondertekend aanvraagformulier dat ter beschikking wordt gesteld op de website van het agentschap;
2° een conceptnota waaruit blijkt dat het aanvraagdossier voldoet de deelnemingsvoorwaarden en beoordelingscriteria in de oproep;
3° een globale kostenraming;
4° een financieel plan dat aangeeft hoe de werken of diensten gefinancierd zullen worden;
5° een gedetailleerd toestandsrapport;
6° een faseringsplan dat afgestemd is op het beheersplan, waarbij in voorkomend geval de geplande werken of diensten op elkaar worden afgestemd;
7° een rapport over de publieke toegankelijkheid voor, tijdens en na de werken of diensten en over de eventuele bestemming of herbestemming;
8° in voorkomend geval, de bijkomende stukken vermeld in de dossiersamenstelling in de oproep.
Het agentschap gaat na of het aanvraagdossier voldoet aan de deelnemingsvoorwaarden. Als niet is voldaan aan de deelnemingsvoorwaarden, brengt het agentschap de aanvrager hiervan schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte.
De aanvraagdossiers die voldoen aan de deelnemingsvoorwaarden worden conform artikel 11.4.2/1 voor advies voorgelegd aan een jury.".
Art. 62. L'article 11.4.3 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.4.3. Au plus tard le 1er février de la deuxième ou quatrième année de la législature, le preneur de prime introduit un dossier de demande d'accord de prime pluriannuel auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Le dossier de demande comporte au moins tous les documents suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une note conceptuelle dont il ressort que le dossier de demande satisfait aux conditions de participation et aux critères d'évaluation de l'appel ;
3° une estimation globale des frais ;
4° un plan financier indiquant le mode de financement des travaux ou services ;
5° un rapport de situation détaillé ;
6° un plan de phasage adapté au plan de gestion, dans lequel les travaux ou services prévus sont coordonnés le cas échéant ;
7° un rapport sur l'accessibilité au public avant, pendant et après les travaux ou services et sur l'éventuelle destination ou réaffectation ;
8° le cas échéant, les pièces additionnelles énumérées dans la composition du dossier reprise dans l'appel.
L'agence vérifie si le dossier de demande remplit les conditions de participation. Si les conditions de participation ne sont pas remplies, l'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Les dossiers de demande qui satisfont aux conditions de participation conformément à l'article 11.4.2/1 sont soumis à un jury pour avis. ".
" Art. 11.4.3. Au plus tard le 1er février de la deuxième ou quatrième année de la législature, le preneur de prime introduit un dossier de demande d'accord de prime pluriannuel auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Le dossier de demande comporte au moins tous les documents suivants :
1° un formulaire de demande dûment complété et signé mis à disposition sur le site web de l'agence ;
2° une note conceptuelle dont il ressort que le dossier de demande satisfait aux conditions de participation et aux critères d'évaluation de l'appel ;
3° une estimation globale des frais ;
4° un plan financier indiquant le mode de financement des travaux ou services ;
5° un rapport de situation détaillé ;
6° un plan de phasage adapté au plan de gestion, dans lequel les travaux ou services prévus sont coordonnés le cas échéant ;
7° un rapport sur l'accessibilité au public avant, pendant et après les travaux ou services et sur l'éventuelle destination ou réaffectation ;
8° le cas échéant, les pièces additionnelles énumérées dans la composition du dossier reprise dans l'appel.
L'agence vérifie si le dossier de demande remplit les conditions de participation. Si les conditions de participation ne sont pas remplies, l'agence en informe le demandeur par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Les dossiers de demande qui satisfont aux conditions de participation conformément à l'article 11.4.2/1 sont soumis à un jury pour avis. ".
Art. 63. Artikel 11.4.4 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.4.4. De Vlaamse Regering beslist op basis van het juryadvies vermeld in artikel 11.4.3, vierde lid uiterlijk op 1 oktober van respectievelijk het tweede of vierde jaar van de legislatuur welke projecten in aanmerking komen voor een meerjarenpremieovereenkomst. Het agentschap brengt de aanvragers schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
"Art. 11.4.4. De Vlaamse Regering beslist op basis van het juryadvies vermeld in artikel 11.4.3, vierde lid uiterlijk op 1 oktober van respectievelijk het tweede of vierde jaar van de legislatuur welke projecten in aanmerking komen voor een meerjarenpremieovereenkomst. Het agentschap brengt de aanvragers schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform op de hoogte van de beslissing.".
Art. 63. L'article 11.4.4 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.4.4. Au plus tard le 1er octobre de la deuxième ou de la quatrième année de législature, le Gouvernement flamand décide, sur la base de l'avis rendu par le jury visé à l'article 11.4.3, alinéa 4, quels projets sont éligibles à un accord de prime pluriannuel. L'agence informe les demandeurs de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Art. 11.4.4. Au plus tard le 1er octobre de la deuxième ou de la quatrième année de législature, le Gouvernement flamand décide, sur la base de l'avis rendu par le jury visé à l'article 11.4.3, alinéa 4, quels projets sont éligibles à un accord de prime pluriannuel. L'agence informe les demandeurs de la décision par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 64. Artikel 11.4.5 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.4.5. Een meerjarenpremieovereenkomst kan eenmalig met maximaal 5 jaar verlengd worden door de Vlaamse Regering. De premienemer richt daartoe voor het verstrijken van de uitvoeringstermijn vermeld in de meerjarenpremieovereenkomst schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap, samen met een aangepast premiedossier zoals vermeld in artikel 11.4.3, tweede lid".
"Art. 11.4.5. Een meerjarenpremieovereenkomst kan eenmalig met maximaal 5 jaar verlengd worden door de Vlaamse Regering. De premienemer richt daartoe voor het verstrijken van de uitvoeringstermijn vermeld in de meerjarenpremieovereenkomst schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een gemotiveerd verzoek aan het agentschap, samen met een aangepast premiedossier zoals vermeld in artikel 11.4.3, tweede lid".
Art. 64. L'article 11.4.5 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.4.5. Le Gouvernement flamand peut proroger un accord de prime pluriannuel une seule fois de 5 ans maximum. A cet effet, le preneur de prime adresse à l'agence, avant l'expiration du délai d'exécution visé dans l'accord de prime pluriannuel, une requête motivée conjointement avec un dossier de prime adapté tel que visé à l'article 11.4.3, alinéa 2, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
" Art. 11.4.5. Le Gouvernement flamand peut proroger un accord de prime pluriannuel une seule fois de 5 ans maximum. A cet effet, le preneur de prime adresse à l'agence, avant l'expiration du délai d'exécution visé dans l'accord de prime pluriannuel, une requête motivée conjointement avec un dossier de prime adapté tel que visé à l'article 11.4.3, alinéa 2, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet. ".
Art. 65. In artikel 11.4.7 van hetzelfde besluit worden de woorden "volgens de bijzondere procedure" vervangen door de zinsnede "via oproep met toepassing van de premiepercentages vermeld in afdeling 2, onderafdeling 5 van dit hoofdstuk".
Art. 65. A l'article 11.4.7 du même arrêté, les mots " prime du patrimoine selon la procédure particulière " sont remplacés par le membre de phrase " prime au patrimoine par appel avec application des pourcentages de prime visés à la section 2, sous-section 5, du présent chapitre ".
Art. 66. In artikel 11.4.8 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid wordt de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" vervangen door de woorden "werken of diensten";
2° het tweede lid vervangen door wat volgt:
"Als het dossier onvolledig wordt bevonden of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, meldt het agentschap schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in welke zin het dossier moet worden aangepast of aangevuld om voor goedkeuring in aanmerking te komen. Een nieuwe aanvraag moet aan die opmerkingen tegemoetkomen.".
1° in het eerste lid wordt de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" vervangen door de woorden "werken of diensten";
2° het tweede lid vervangen door wat volgt:
"Als het dossier onvolledig wordt bevonden of als de waarborgen voor een vakkundige uitvoering onvoldoende worden geacht, meldt het agentschap schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform in welke zin het dossier moet worden aangepast of aangevuld om voor goedkeuring in aanmerking te komen. Een nieuwe aanvraag moet aan die opmerkingen tegemoetkomen.".
Art. 66. A l'article 11.4.8 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, les modifications suivantes sont apportées :
1° à l'alinéa 1er, le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services " ;
2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Si le dossier est jugé incomplet ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence indique, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, dans quel sens le dossier doit être adapté ou complété pour faire l'objet d'une approbation. Une nouvelle demande doit tenir compte de ces remarques. ".
1° à l'alinéa 1er, le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services " ;
2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Si le dossier est jugé incomplet ou si les garanties d'une exécution dans les règles de l'art sont jugées insuffisantes, l'agence indique, par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, dans quel sens le dossier doit être adapté ou complété pour faire l'objet d'une approbation. Une nouvelle demande doit tenir compte de ces remarques. ".
Art. 67. Artikel 11.4.9 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt vervangen door wat volgt:
"Art. 11.4.9. Het dossier vermeld in artikel 11.4.8 kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn verlengd tot de datum van de beslissing vermeld in het vierde lid.
In voorkomend geval stuurt het agentschap een kopie van de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.
Als het agentschap akkoord gaat met het ingediende dossier, wordt dat schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform meegedeeld aan de premienemer, in voorkomend geval, samen met de beslissing van het agentschap over de toelating voor de aangevraagde werken of diensten.".
"Art. 11.4.9. Het dossier vermeld in artikel 11.4.8 kan gelijktijdig ingediend worden met de aanvraag van de toelating voor de geplande handelingen. Het agentschap stelt hiervoor op de website een gecombineerd aanvraagformulier ter beschikking. Een dergelijke gecombineerde aanvraag wordt schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform ingediend bij het agentschap.
In afwijking van artikel 6.3.5, eerste lid, wordt de behandelingstermijn verlengd tot de datum van de beslissing vermeld in het vierde lid.
In voorkomend geval stuurt het agentschap een kopie van de aanvraag en de bijhorende documenten door naar de onroerenderfgoedgemeente binnen een termijn van vijf dagen, die ingaat op de dag na de indiening van de aanvraag.
Als het agentschap akkoord gaat met het ingediende dossier, wordt dat schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform meegedeeld aan de premienemer, in voorkomend geval, samen met de beslissing van het agentschap over de toelating voor de aangevraagde werken of diensten.".
Art. 67. L'article 11.4.9 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, est remplacé par ce qui suit :
" Art. 11.4.9. Le dossier visé à l'article 11.4.8 peut être introduit en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement est allongé jusqu'à la date de la décision visée à l'alinéa 4.
Le cas échéant, l'agence transfère une copie de la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande.
Si l'agence est d'accord avec le dossier introduit, elle en informe le preneur de prime par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les travaux ou services demandés. ".
" Art. 11.4.9. Le dossier visé à l'article 11.4.8 peut être introduit en même temps que la demande d'autorisation pour les actes prévus. A cet effet, l'agence met un formulaire de demande combiné à disposition sur le site web. Une telle demande combinée est introduite auprès de l'agence par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet.
Par dérogation à l'article 6.3.5, alinéa 1er, le délai de traitement est allongé jusqu'à la date de la décision visée à l'alinéa 4.
Le cas échéant, l'agence transfère une copie de la demande et les documents y afférents à la commune du patrimoine immobilier dans le délai de cinq jours prenant cours le lendemain de l'introduction de la demande.
Si l'agence est d'accord avec le dossier introduit, elle en informe le preneur de prime par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet conjointement, le cas échéant, avec la décision de l'agence au sujet de l'autorisation pour les travaux ou services demandés. ".
Art. 68. In artikel 11.4.11 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 december 2018, wordt de zinssnede "een schriftelijk verzoek" vervangen door de zinssnede "schriftelijk of via het daarvoor voorziene digitale platform een verzoek in".
Art. 68. A l'article 11.4.11 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 décembre 2018, les mots " une demande écrite de " sont remplacés par le membre de phrase " par écrit ou via la plate-forme numérique prévue à cet effet, une demande de ".
Art. 69. In artikel 11.4.12 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het woord "meerjarenovereenkomst" wordt telkens vervangen door het woord "meerjarenpremieovereenkomst";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt vervangen door de woorden "werken of diensten".
1° het woord "meerjarenovereenkomst" wordt telkens vervangen door het woord "meerjarenpremieovereenkomst";
2° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt vervangen door de woorden "werken of diensten".
Art. 69. A l'article 11.4.12 du même arrêté, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2016, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " l'accord pluriannuel " sont chaque fois remplacés par les mots " l'accord de prime pluriannuel " ;
2° le membre de phrase " au bout des mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " à l'issue des travaux ou services ".
1° les mots " l'accord pluriannuel " sont chaque fois remplacés par les mots " l'accord de prime pluriannuel " ;
2° le membre de phrase " au bout des mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " à l'issue des travaux ou services ".
Art. 70. In artikel 11.4.15 van hetzelfde besluit wordt het tweede lid opgeheven.
Art. 70. A l'article 11.4.15 du même arrêté, l'alinéa 2 est abrogé.
Art. 71. In artikel 11.5.2 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° de woorden "bijzondere procedure" worden vervangen door de woorden "procedure via oproep";
2° tussen het woord "onderzoekspremie" en het woord "aangevraagd" worden de woorden "of een premie op basis van een meerjarenpremieovereenkomst" ingevoegd;
3° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt vervangen door de woorden "werken of diensten".
1° de woorden "bijzondere procedure" worden vervangen door de woorden "procedure via oproep";
2° tussen het woord "onderzoekspremie" en het woord "aangevraagd" worden de woorden "of een premie op basis van een meerjarenpremieovereenkomst" ingevoegd;
3° de zinsnede "beheersmaatregelen, werkzaamheden of diensten" wordt vervangen door de woorden "werken of diensten".
Art. 71. A l'article 11.5.2 du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
1° les mots " procédure particulière " sont remplacés par les mots " procédure par appel " ;
2° les mots " ou une prime basée sur un accord de prime pluriannuel " sont insérés entre les mots " prime de recherche " et le mot " est " ;
3° le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services ".
1° les mots " procédure particulière " sont remplacés par les mots " procédure par appel " ;
2° les mots " ou une prime basée sur un accord de prime pluriannuel " sont insérés entre les mots " prime de recherche " et le mot " est " ;
3° le membre de phrase " mesures de gestion, travaux ou services " est remplacé par les mots " travaux ou services ".
Art. 72. In hetzelfde besluit, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 oktober 2020, wordt een hoofdstuk 11/1, dat bestaat uit artikel 11/1.1.1, ingevoegd, die luidt als volgt:
"Hoofdstuk 11/1. Verwerking van persoonsgegevens
Art. 11/1.1.1. In het kader van de behandeling van de aanvragen voor toelatingen, subsidies en premies vermeld in hoofdstuk 6, 10 en 11 worden persoonsgegevens verzameld van de aanvrager of zijn vertegenwoordiger of, in voorkomend geval van de zakelijkrechthouder van het erfgoed waarvoor de financiële ondersteuning wordt aangevraagd, met het oog op de controle aan de wettelijke voorwaarden en de contactname na de behandeling.
Het agentschap en, in het geval vermeld in het vierde lid, de onroerenderfgoedgemeenten zijn verwerkingsverantwoordelijken als vermeld in artikel 4, 7) van de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming).
De volgende categorieën van persoonsgegevens worden in het kader van dit hoofdstuk verwerkt:
1° persoonlijke identificatiegegevens, rijksregisternummer of identificatienummer van de sociale zekerheid en andere identificatiegegevens, zoals het financieel identificatienummer;
2° adres;
3° contactgegevens;
4° financiële gegevens of rekeningnummer in het geval van aanvragen voor premies en subsidies;
5° gegevens over rechtstoestand.
De gegevens vermeld in het derde lid kunnen worden verstrekt aan erkende onroerenderfgoedgemeenten voor de taken die gedelegeerd zijn aan erkende onroerenderfgoedgemeenten conform het Onroerenderfgoeddecreet van 17 juli 2013. Het agentschap sluit daarvoor met de erkende onroerenderfgoedgemeenten een protocol af zoals vermeld in artikel 10/4, § 1 decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer.
De bewaartermijn van de persoonsgegevens, vermeld in het derde lid is 10 jaar.".
"Hoofdstuk 11/1. Verwerking van persoonsgegevens
Art. 11/1.1.1. In het kader van de behandeling van de aanvragen voor toelatingen, subsidies en premies vermeld in hoofdstuk 6, 10 en 11 worden persoonsgegevens verzameld van de aanvrager of zijn vertegenwoordiger of, in voorkomend geval van de zakelijkrechthouder van het erfgoed waarvoor de financiële ondersteuning wordt aangevraagd, met het oog op de controle aan de wettelijke voorwaarden en de contactname na de behandeling.
Het agentschap en, in het geval vermeld in het vierde lid, de onroerenderfgoedgemeenten zijn verwerkingsverantwoordelijken als vermeld in artikel 4, 7) van de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming).
De volgende categorieën van persoonsgegevens worden in het kader van dit hoofdstuk verwerkt:
1° persoonlijke identificatiegegevens, rijksregisternummer of identificatienummer van de sociale zekerheid en andere identificatiegegevens, zoals het financieel identificatienummer;
2° adres;
3° contactgegevens;
4° financiële gegevens of rekeningnummer in het geval van aanvragen voor premies en subsidies;
5° gegevens over rechtstoestand.
De gegevens vermeld in het derde lid kunnen worden verstrekt aan erkende onroerenderfgoedgemeenten voor de taken die gedelegeerd zijn aan erkende onroerenderfgoedgemeenten conform het Onroerenderfgoeddecreet van 17 juli 2013. Het agentschap sluit daarvoor met de erkende onroerenderfgoedgemeenten een protocol af zoals vermeld in artikel 10/4, § 1 decreet van 18 juli 2008 betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer.
De bewaartermijn van de persoonsgegevens, vermeld in het derde lid is 10 jaar.".
Art. 72. Dans le même arrêté, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 octobre 2020, il est inséré un chapitre 11/1, comprenant l'article 11/1.1.1, libellé comme suit :
" Chapitre 11/1. Traitement de données à caractère personnel
Art. 11/1.1.1. Dans le cadre du traitement des demandes d'autorisations, de subventions et de primes visées aux chapitres 6, 10 et 11, les données à caractère personnel du demandeur ou de son représentant ou, le cas échéant, du titulaire du droit réel du patrimoine pour lequel le soutien financier est demandé sont collectées en vue du contrôle des conditions légales et de la prise de contact après le traitement.
L'agence et, dans le cas visé à l'alinéa 4, les communes du patrimoine immobilier sont les responsables du traitement visés à l'article 4, 7), du règlement (UE) 2016/679 du Parlement européen et du Conseil du 27 avril 2016 relatif à la protection des personnes physiques à l'égard du traitement des données à caractère personnel et à la libre circulation de ces données, et abrogeant la directive 95/46/CE (règlement général sur la protection des données).
Les catégories suivantes de données à caractère personnel sont traitées dans le cadre de ce chapitre :
1° les données d'identification personnelles, le numéro de registre national ou le numéro d'identification à la sécurité sociale et d'autres données d'identification comme le numéro d'identification financière ;
2° l'adresse ;
3° les coordonnées ;
4° les données financières ou le numéro de compte dans le cas de demandes de primes et de subventions ;
5° les données relatives au statut juridique.
Les données visées à l'alinéa 3 peuvent être fournies aux communes du patrimoine immobilier agréées pour les tâches qui ont été déléguées aux communes du patrimoine immobilier agréées conformément au décret relatif au Patrimoine immobilier du 17 juillet 2013. A cet effet, l'agence conclut avec les communes du patrimoine immobilier agréées un protocole tel que visé à l'article 10/4, § 1er, du décret du 18 juillet 2008 relatif à l'échange électronique de données administratives.
Le délai de conservation des données à caractère personnel visées à l'alinéa 3 est de 10 ans. ".
" Chapitre 11/1. Traitement de données à caractère personnel
Art. 11/1.1.1. Dans le cadre du traitement des demandes d'autorisations, de subventions et de primes visées aux chapitres 6, 10 et 11, les données à caractère personnel du demandeur ou de son représentant ou, le cas échéant, du titulaire du droit réel du patrimoine pour lequel le soutien financier est demandé sont collectées en vue du contrôle des conditions légales et de la prise de contact après le traitement.
L'agence et, dans le cas visé à l'alinéa 4, les communes du patrimoine immobilier sont les responsables du traitement visés à l'article 4, 7), du règlement (UE) 2016/679 du Parlement européen et du Conseil du 27 avril 2016 relatif à la protection des personnes physiques à l'égard du traitement des données à caractère personnel et à la libre circulation de ces données, et abrogeant la directive 95/46/CE (règlement général sur la protection des données).
Les catégories suivantes de données à caractère personnel sont traitées dans le cadre de ce chapitre :
1° les données d'identification personnelles, le numéro de registre national ou le numéro d'identification à la sécurité sociale et d'autres données d'identification comme le numéro d'identification financière ;
2° l'adresse ;
3° les coordonnées ;
4° les données financières ou le numéro de compte dans le cas de demandes de primes et de subventions ;
5° les données relatives au statut juridique.
Les données visées à l'alinéa 3 peuvent être fournies aux communes du patrimoine immobilier agréées pour les tâches qui ont été déléguées aux communes du patrimoine immobilier agréées conformément au décret relatif au Patrimoine immobilier du 17 juillet 2013. A cet effet, l'agence conclut avec les communes du patrimoine immobilier agréées un protocole tel que visé à l'article 10/4, § 1er, du décret du 18 juillet 2008 relatif à l'échange électronique de données administratives.
Le délai de conservation des données à caractère personnel visées à l'alinéa 3 est de 10 ans. ".
Hoofdstuk 2. - Slotbepalingen
Chapitre 2. - Dispositions finales
Art. 73. Ontvankelijke premieaanvragen, ingediend vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit, worden behandeld conform de regels die golden voorafgaand aan die datum.
Art. 73. Les demandes de prime recevables introduites préalablement à la date d'entrée en vigueur du présent arrêté seront traitées conformément aux règles qui prévalaient avant cette date.
Art. 74. Vanaf 10 december 2020 kunnen geen aanvragen voor erfgoedpremies volgens de bijzondere procedure worden ingediend.
Art. 74. A partir du 10 décembre 2020, aucune demande de prime au patrimoine ne pourra être introduite selon la procédure particulière.
Art. 75. Voor de berekening van het totaalbedrag van maximaal 500.000 euro over een periode van vijf opeenvolgende jaren zoals vermeld in artikel 11.2.14, eerste en tweede lid van het Onroerenderfgoedbesluit van 16 mei 2014 worden enkel aanvragen voor premies volgens de standaardprocedure vanaf de inwerkingtreding van dit besluit in rekening gebracht.
Art. 75. Pour le calcul du montant total de 500.000 euros maximum sur une période de cinq années consécutives tel que visé à l'article 11.2.14, alinéas 1er et 2, de l'arrêté relatif au patrimoine immobilier du 16 mai 2014, seules les demandes de primes selon la procédure standard seront prises en compte à partir de l'entrée en vigueur du présent arrêté.
Art. 76. Dit besluit treedt in werking op de dag van de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.
Art. 76. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Art. 77. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onroerend erfgoed, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 77. Le ministre flamand qui a le Patrimoine immobilier dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.