Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
3 APRIL 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 september 2017 betreffende wijk-werken, wat betreft de genomen maatregelen voor wijk-werken ingevolge het coronavirus(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 09-04-2020 en tekstbijwerking tot 05-05-2020)
Titre
3 AVRIL 2020. - Arrêté du Gouvernement flamand modifiant l'arrêté du Gouvernement flamand du 29 septembre 2017 relatif au travail de proximité, en ce qui concerne les mesures prises pour le travail de proximité suite au coronavirus(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 09-04-2020 et mise à jour au 05-05-2020)
Documentinformatie
Numac: 2020020763
Datum: 2020-04-03
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2020020763
Date: 2020-04-03
Moniteur: Voir
Tekst (6)
Texte (6)
Artikel 1. Aan artikel 1 van het Besluit van de Vlaamse Regering van 29 september 2017 betreffende wijk-werken, wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "5° coronavirusmaatregelen: de maatregelen van de Nationale Veiligheidsraad van 12 maart 2020 inzake het coronavirus en de daaruit voortvloeiende maatregelen van de bevoegde autoriteiten inzake burgerlijke veiligheid.".
Article 1er. A l'article 1er de l'arrêté du Gouvernement flamand du 29 septembre 2017 relatif au travail de proximité, il est ajouté un point 5°, rédigé comme suit :
  " 5° mesures de lutte contre le coronavirus : les mesures en matière de lutte contre le coronavirus que le Conseil national de Sécurité du 12 mars 2020 a prises et les mesures des autorités compétentes en matière de sécurité civile qui en découlent. ".
Art. 2. Aan artikel 2 van hetzelfde besluit wordt punt 4° toegevoegd, dat luidt als volgt:
  "4° de werkzoekende kan aantonen dat zijn wijk-werkovereenkomst geschorst werd ten gevolge van de coronavirusmaatregelen of stopgezet werd tijdens de periode waarin de coronavirusmaatregelen golden. In deze gevallen kan de werkzoekende opnieuw toegeleid worden voor een maximale duurtijd van drie maanden.".
Art. 2. A l'article 2 du même arrêté, il est ajouté un point 4°, rédigé comme suit :
  " 4° le demandeur d'emploi peut démontrer que son contrat de travail de proximité a été suspendu suite aux mesures de lutte contre le coronavirus ou a été résilié pendant la période où les mesures de lutte contre le coronavirus étaient d'application. Dans ces cas, le demandeur d'emploi peut être orienté vers le travail de proximité pour une durée maximale de trois mois. ".
Art. 3. In hetzelfde besluit wordt een artikel 13bis ingevoegd, dat luidt als volgt:
  "Tijdens de coronavirusmaatregelen ontvangt de wijk-werker die in de maand waarop de vergoeding betrekking heeft gewoonlijk ook in de mogelijkheid was om wijk-werkprestaties te verrichten, een vergoeding.
  De vergoeding bedraagt 70% van een gemiddelde vergoeding, vermeld in artikel 13. Dit gemiddelde is gebaseerd op de prestaties, vermeld in artikel 24 tweede lid, die de wijk-werker leverde in de maanden augustus 2019 tot en met januari 2020.
  De vergoeding is gelijkgesteld aan de vergoeding verkregen voor de prestaties geleverd in het kader van wijk-werken als vermeld in artikel 34 van het decreet van 7 juli 2017 betreffende wijk-werken en diverse bepalingen in het kader van de zesde staatshervorming.
  De vergoeding wordt maandelijks uitgekeerd. De vergoeding wordt toegekend voor de initiële duurtijd, vermeld in artikel 9, eerste lid. Deze periode wordt, indien zij ten einde loopt na 24 april 2020, beperkt tot en met 24 april 2020.".
Art. 3. Dans le même arrêté, il est inséré un article 13bis, rédigé comme suit :
  " Pendant les mesures de lutte contre le coronavirus, le travailleur de proximité qui, au cours du mois auquel se rapporte l'indemnité, était habituellement en mesure d'effectuer des prestations de travail de proximité, reçoit une indemnité.
  L'indemnité s'élève à 70% d'une indemnité moyenne, visée à l'article 13. Cette moyenne est basée sur les prestations visées à l'article 24, alinéa 2, fournies par le travailleur de proximité durant les mois d'août 2019 à janvier 2020 inclus.
  L'indemnité est assimilée à l'indemnité obtenue pour les prestations effectuées dans le cadre de travaux de proximité tels que visés à l'article 34 du décret du 7 juillet 2017 relatif au travail de proximité et à diverses dispositions dans le cadre de la sixième réforme de l'Etat.
  L'indemnité est payée mensuellement. L'indemnité est octroyée pour la durée initiale visée à l'article 9, alinéa 1er. Si cette période prend fin après le 24 avril 2020, elle est limitée jusqu'au 24 avril 2020. ".
Art. 4. Aan artikel 37 van hetzelfde besluit worden een tweede en derde lid toegevoegd, die luiden als volgt:
  " In afwijking van het eerste lid heeft een geldige wijk-werkcheque met een uitgiftedatum tot en met 13 maart 2020 een geldigheidsduur van vijftien maanden.".
  Met behoud van toepassing van artikel 42 en onder voorbehoud van het tweede lid, wordt de geldigheidsduur van een wijk-werkcheque met een vervaldatum vanaf 12 maart 2020 tot en met 12 juni 2020 verlengd met drie maanden.
  De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, kan de uitgifte- en vervaldatum alsook de termijnen van verlenging, zoals vermeld in lid twee en drie, aanpassen.".
Art. 4. A l'article 37 du même arrêté, il est ajouté un 2ème et 3ème alinéas, rédigés comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, un chèque-travail de proximité valable ayant une date d'émission jusqu'au 13 mars 2020 inclus a une durée de validité de quinze mois. ".
  Sans préjudice de l'application de l'article 42 et sous réserve de l'alinéa 2, la durée de validité d'un chèque-travail de proximité avec une date d'échéance du 12 mars 2020 au 12 juin 2020 inclus est prolongée de trois mois.
  Le Ministre flamand ayant l'emploi dans ses attributions peut modifier la date d'émission et d'échéance, ainsi que les délais de prolongation, tel que mentionné aux alinéas 2 et 3. ".
Art. 5. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 12 maart 2020.
  Artikel 3 treedt buitenwerking op [1 3 mei 2020]1.
  De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, kan de datum van buitenwerkingtreding, vermeld in het tweede lid en de datum in artikel 3, vierde lid, aanpassen.
  
Art. 5. Le présent arrêté produit ses effets le 12 mars 2020.
  L'article 3 cessera de produire ses effets le [1 3 mai 2020]1.
  Le Ministre flamand ayant l'emploi dans ses attributions peut modifier la date de fin de vigueur visée à l'alinéa 2, et la date visée à l'article 3, alinéa 4.
  
Art. 6. De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 6. Le Ministre flamand ayant l'emploi dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.