Artikel 1. In dit besluit wordt verstaan onder:
1° bedrijf: een bedrijf of organisatie uit de publieke of private profit- of non-profitsector;
2° school: een school voor voltijds gewoon secundair onderwijs;
3° sector: een groep professionele activiteiten ingedeeld naar:
a) belangrijkste dienst, product, technologie;
b) belangrijkste economische functie;
c) bedrijfstak;
4° tijdelijk project: het tijdelijke project, vermeld in artikel 2.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
2 OKTOBER 2020. - Besluit van de Vlaamse Regering over het tijdelijke project "Duaal lesgeven in het secundair onderwijs"(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 04-12-2020 en tekstbijwerking tot 30-09-2022)
Titre
2 OCTOBRE 2020. - Arrêté du Gouvernement flamand relatif au projet temporaire " Enseignement dual dans l'enseignement secondaire "(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 04-12-2020 et mise à jour au 30-09-2022)
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
HOOFDSTUK 2. - Doelstelling en doelgroep
HOOFDSTUK 3. - Organisatie
Afdeling 1. - Deelname van scholen en bedrijven
Afdeling 2. - De overeenkomst
Afdeling 3. - Toewijzing van een werknemer
HOOFDSTUK 4. - Opvolging, begeleiding en evaluatie
HOOFDSTUK 5. - Slotbepalingen
BIJLAGE.
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
CHAPITRE 2. - Objectif et groupe cible
CHAPITRE 3. - Organisation
Section 1re. - Participation des écoles et des ...
Section 2. - La convention
Section 3. - Attribution d'un employé
CHAPITRE 4. - Suivi, encadrement et évaluation
CHAPITRE 5. - Dispositions finales
ANNEXE.
Tekst (24)
Texte (24)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
Article 1er. Dans le présent arrêté, on entend par :
1° entreprise : une entreprise ou une organisation du secteur public ou privé à but lucratif ou non lucratif ;
2° école : une école d'enseignement secondaire ordinaire à temps plein ;
3° secteur : un groupe d'activités professionnelles classées par :
a) service principal, produit, technologie ;
b) fonction économique principale ;
c) secteur économique ;
4° projet temporaire : le projet temporaire visé à l'article 2.
1° entreprise : une entreprise ou une organisation du secteur public ou privé à but lucratif ou non lucratif ;
2° école : une école d'enseignement secondaire ordinaire à temps plein ;
3° secteur : un groupe d'activités professionnelles classées par :
a) service principal, produit, technologie ;
b) fonction économique principale ;
c) secteur économique ;
4° projet temporaire : le projet temporaire visé à l'article 2.
Art. 2. Tijdens de schooljaren [1 2020-2021 tot en met 2022-2023]1 wordt in een aantal scholen het tijdelijke project "Duaal lesgeven" georganiseerd.
Art. 2. Pendant les années scolaires [1 2020-2021 jusqu'à 2022-2023 inclus]1, le projet temporaire " Enseignement dual " est organisé dans un certain nombre d'écoles.
Wijzigingen
HOOFDSTUK 2. - Doelstelling en doelgroep
CHAPITRE 2. - Objectif et groupe cible
Art. 3. Het tijdelijke project is een experiment rond duaal lesgeven waarbij een werknemer van een bedrijf voor een bepaalde periode en onder welbepaalde voorwaarden een lesopdracht opneemt in een school. Duaal lesgeven heeft geen duurzame loopbaan in het onderwijs als doel, maar stimuleert alleen een tijdelijke samenwerking tussen bedrijf en school.
De doelstelling van het tijdelijke project is om, met het oog op een al dan niet organieke implementatie, informatie te verzamelen die moet toelaten om beleidsconclusies te trekken over een vorm van flexibele tewerkstelling in onderwijs in het kader van een tekort aan leerkrachten. Dat gebeurt door na te gaan of er knelpunten en drempels opduiken tijdens het tijdelijke project en hoe die knelpunten en drempels waar nodig en mogelijk kunnen worden aangepakt.
De doelstelling van het tijdelijke project is om, met het oog op een al dan niet organieke implementatie, informatie te verzamelen die moet toelaten om beleidsconclusies te trekken over een vorm van flexibele tewerkstelling in onderwijs in het kader van een tekort aan leerkrachten. Dat gebeurt door na te gaan of er knelpunten en drempels opduiken tijdens het tijdelijke project en hoe die knelpunten en drempels waar nodig en mogelijk kunnen worden aangepakt.
Art. 3. Le projet temporaire est une expérience d'enseignement dual dans laquelle un employé d'une entreprise prend une mission d'enseignement dans une école pendant une période et dans des conditions prédéfinies. L'enseignement dual n'a pas pour objectif une carrière durable dans l'enseignement, mais veut uniquement stimuler une coopération temporaire entre entreprises et écoles.
L'objectif du projet temporaire est de collecter des informations, en vue d'une mise en oeuvre organique ou non organique, qui devraient permettre de tirer des conclusions politiques sur une forme d'emploi flexible dans l'enseignement dans le contexte d'une pénurie d'enseignants. Pour ce faire, il est vérifié si des goulets d'étranglement et des obstacles surviennent au cours du projet temporaire et comment ceux-ci peuvent être éliminés dans la mesure où cela est nécessaire et possible.
L'objectif du projet temporaire est de collecter des informations, en vue d'une mise en oeuvre organique ou non organique, qui devraient permettre de tirer des conclusions politiques sur une forme d'emploi flexible dans l'enseignement dans le contexte d'une pénurie d'enseignants. Pour ce faire, il est vérifié si des goulets d'étranglement et des obstacles surviennent au cours du projet temporaire et comment ceux-ci peuvent être éliminés dans la mesure où cela est nécessaire et possible.
Art. 4. De volgende groepen zijn de doelgroepen van het tijdelijke project:
1° de gefinancierde of gesubsidieerde scholen voor voltijds gewoon secundair onderwijs;
2° de bedrijven die behoren tot de sector van de chemie en de life sciences of tot een sector die in het kader van de oproep 482 van het Vlaams operationeel ESF-programma 2014-2020 een goedgekeurd project hebben voor de organisatie van een proeftuin duale leerkrachten.
De Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, kan op voorstel van het expertenpanel, vermeld in artikel 13, ook bedrijven uit andere sectoren dan deze vermeld in het eerste lid, 2°, toelaten tot het tijdelijke project.
1° de gefinancierde of gesubsidieerde scholen voor voltijds gewoon secundair onderwijs;
2° de bedrijven die behoren tot de sector van de chemie en de life sciences of tot een sector die in het kader van de oproep 482 van het Vlaams operationeel ESF-programma 2014-2020 een goedgekeurd project hebben voor de organisatie van een proeftuin duale leerkrachten.
De Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, kan op voorstel van het expertenpanel, vermeld in artikel 13, ook bedrijven uit andere sectoren dan deze vermeld in het eerste lid, 2°, toelaten tot het tijdelijke project.
Art. 4. Les groupes suivants sont les groupes cibles du projet temporaire :
1° les écoles d'enseignement secondaire ordinaire à temps plein financées ou subventionnées ;
2° les entreprises appartenant au secteur de la chimie et des sciences de la vie ou à un secteur qui, dans le cadre de l'appel 482 du programme opérationnel FSE flamand 2014-2020, a un projet approuvé pour l'organisation d'un terrain d'essai pour les enseignants duaux.
Le ministre flamand de l'enseignement et de la formation peut, sur proposition du panel d'experts visé à l'article 13, admettre également au projet temporaire des entreprises de secteurs autres que ceux visés au premier alinéa, 2°.
1° les écoles d'enseignement secondaire ordinaire à temps plein financées ou subventionnées ;
2° les entreprises appartenant au secteur de la chimie et des sciences de la vie ou à un secteur qui, dans le cadre de l'appel 482 du programme opérationnel FSE flamand 2014-2020, a un projet approuvé pour l'organisation d'un terrain d'essai pour les enseignants duaux.
Le ministre flamand de l'enseignement et de la formation peut, sur proposition du panel d'experts visé à l'article 13, admettre également au projet temporaire des entreprises de secteurs autres que ceux visés au premier alinéa, 2°.
HOOFDSTUK 3. - Organisatie
CHAPITRE 3. - Organisation
Afdeling 1. - Deelname van scholen en bedrijven
Section 1re. - Participation des écoles et des entreprises
Art. 5. Scholen en bedrijven, vermeld in artikel 4, kunnen deelnemen aan het tijdelijke project onder de voorwaarden vermeld in artikel 6 tot en met 12. De school meldt haar deelname, met vermelding van het bedrijf waarmee ze samenwerkt, aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten.
Art. 5. Les écoles et entreprises visées à l'article 4 peuvent participer au projet temporaire dans les conditions prévues aux articles 6 à 12. L'école déclare sa participation, en indiquant l'entreprise avec laquelle elle coopère, à l'Agence de services d'enseignement.
Art. 6. Een school, vermeld in artikel 5, die een vacature in het ambt van leraar secundair onderwijs niet kan invullen via een reguliere aanstelling van een personeelslid dat daarvoor beschikt over een vereist of voldoend geacht bekwaamheidsbewijs, kan voor de invulling van die vacature een beroep doen op een werknemer van een bedrijf, vermeld in artikel 5.
In het eerste lid wordt verstaan onder vacature: een volledige of onvolledige betrekking die vacant is of waarvan de afwezige titularis of zijn vervanger regulier kan worden vervangen.
Om de vacature, vermeld in het eerste lid, in te vullen, sluit het schoolbestuur van de school met het bedrijf een dienstverleningsovereenkomst, met daarin de afspraken over de terbeschikkingstelling van een werknemer van het bedrijf voor een welbepaalde opdracht en periode. De overeenkomst regelt altijd een lesopdracht die de volgende taken omvat:
1° de planning en voorbereiding van lessen;
2° het lesgeven zelf;
3° de klaseigen leerlingenbegeleiding;
4° de evaluatie van de leerlingen;
5° het overleg en de samenwerking met directie, collega's, CLB en ouders.
In het eerste lid wordt verstaan onder vacature: een volledige of onvolledige betrekking die vacant is of waarvan de afwezige titularis of zijn vervanger regulier kan worden vervangen.
Om de vacature, vermeld in het eerste lid, in te vullen, sluit het schoolbestuur van de school met het bedrijf een dienstverleningsovereenkomst, met daarin de afspraken over de terbeschikkingstelling van een werknemer van het bedrijf voor een welbepaalde opdracht en periode. De overeenkomst regelt altijd een lesopdracht die de volgende taken omvat:
1° de planning en voorbereiding van lessen;
2° het lesgeven zelf;
3° de klaseigen leerlingenbegeleiding;
4° de evaluatie van de leerlingen;
5° het overleg en de samenwerking met directie, collega's, CLB en ouders.
Art. 6. L'école telle que visée à l'article 5 qui ne peut pourvoir à une vacance de poste d'enseignant du secondaire par la nomination régulière d'un membre du personnel titulaire d'un titre requis ou jugé suffisant, peut faire appel à un employé d'une entreprise visée à l'article 5 pour pourvoir à cette vacance.
Dans le premier alinéa on entend par vacance, un emploi complet ou incomplet qui est vacant ou pour lequel le titulaire absent ou son remplaçant peut être remplacé de manière régulière.
Afin de pourvoir à la vacance mentionnée au premier alinéa, la direction de l'école conclut avec l'entreprise une convention de service, contenant les accords relatifs à la mise à disposition d'un employé de l'entreprise pour une mission et une période de temps prédéfinies. La convention régit toujours une mission d'enseignement qui comprend les tâches suivantes :
1° la planification et la préparation des cours ;
2° l'enseignement proprement dit ;
3° l'encadrement des élèves spécifique à la classe ;
4° l'évaluation des élèves ;
5° la consultation et la coopération avec la direction, les collègues, le CLB et les parents.
Dans le premier alinéa on entend par vacance, un emploi complet ou incomplet qui est vacant ou pour lequel le titulaire absent ou son remplaçant peut être remplacé de manière régulière.
Afin de pourvoir à la vacance mentionnée au premier alinéa, la direction de l'école conclut avec l'entreprise une convention de service, contenant les accords relatifs à la mise à disposition d'un employé de l'entreprise pour une mission et une période de temps prédéfinies. La convention régit toujours une mission d'enseignement qui comprend les tâches suivantes :
1° la planification et la préparation des cours ;
2° l'enseignement proprement dit ;
3° l'encadrement des élèves spécifique à la classe ;
4° l'évaluation des élèves ;
5° la consultation et la coopération avec la direction, les collègues, le CLB et les parents.
Afdeling 2. - De overeenkomst
Section 2. - La convention
Art. 7. Het schoolbestuur en het bedrijf gebruiken een raamovereenkomst om de dienstverleningsovereenkomst, vermeld in artikel 6, derde lid, te sluiten.
Het model van de raamovereenkomst is opgenomen in bijlage die bij dit besluit is gevoegd.
De raamovereenkomst bevat de volgende bepalingen en voorwaarden over de uitvoering van de opdracht, vermeld in artikel 6:
1° de gegevens van het schoolbestuur dat als opdrachtgever optreedt en de gegevens van het bedrijf dat als opdrachtnemer optreedt;
2° de contactgegevens van de gemachtigden die de beide partijen aanwijzen;
3° de opdracht die wordt overeengekomen, de wijze van uitvoering van die opdracht en de ondersteuning waarop de werknemer recht heeft tijdens die uitvoering en die de school aanbiedt;
4° de voorwaarden waaraan de werknemer die het bedrijf inschakelt moet beantwoorden, waarbij uitdrukkelijk bepaald wordt dat de werknemer onder het gezag blijft van het bedrijf, tenzij het gaat om instructies die het schoolbestuur aan de werknemer geeft in het kader van de uitvoering van de opdracht en die in de deelovereenkomst worden opgenomen;
5° de financiële en sociale verplichtingen ten aanzien van de werknemer die ten laste van het bedrijf blijven;
6° de financiële tegemoetkoming die het schoolbestuur betaalt aan het bedrijf en de modaliteiten van betaling;
7° bepalingen over de vertrouwelijkheid waartoe het bedrijf zich verbindt met het oog op de uitvoering van de opdracht. Daarbij wordt in elk geval opgenomen dat de werknemer van het bedrijf het ambtsgeheim in onderwijs moet naleven;
8° bepalingen over intellectueel eigendom waarbij het bedrijf zich akkoord verklaart dat alle auteurs- of andere intellectuele rechten op werken die in het kader van de uitvoering van de opdracht worden gerealiseerd, overgedragen worden aan het schoolbestuur en waarbij afspraken kunnen opgenomen worden over het eventuele interne gebruik van dit intellectueel eigendom binnen het bedrijf;
9° bepalingen over aansprakelijkheid bij de uitvoering van de opdracht, waarbij in elk geval wordt opgenomen dat het schoolbestuur ervoor zorgt dat de werknemer tijdens de uitvoering van de opdracht op dezelfde wijze is verzekerd als al zijn andere personeelsleden;
10° de bepalingen over het welzijn op het werk, vermeld in artikel 8 tot en met 10 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk;
11° de duurtijd van de overeenkomst.
Het model van de raamovereenkomst is opgenomen in bijlage die bij dit besluit is gevoegd.
De raamovereenkomst bevat de volgende bepalingen en voorwaarden over de uitvoering van de opdracht, vermeld in artikel 6:
1° de gegevens van het schoolbestuur dat als opdrachtgever optreedt en de gegevens van het bedrijf dat als opdrachtnemer optreedt;
2° de contactgegevens van de gemachtigden die de beide partijen aanwijzen;
3° de opdracht die wordt overeengekomen, de wijze van uitvoering van die opdracht en de ondersteuning waarop de werknemer recht heeft tijdens die uitvoering en die de school aanbiedt;
4° de voorwaarden waaraan de werknemer die het bedrijf inschakelt moet beantwoorden, waarbij uitdrukkelijk bepaald wordt dat de werknemer onder het gezag blijft van het bedrijf, tenzij het gaat om instructies die het schoolbestuur aan de werknemer geeft in het kader van de uitvoering van de opdracht en die in de deelovereenkomst worden opgenomen;
5° de financiële en sociale verplichtingen ten aanzien van de werknemer die ten laste van het bedrijf blijven;
6° de financiële tegemoetkoming die het schoolbestuur betaalt aan het bedrijf en de modaliteiten van betaling;
7° bepalingen over de vertrouwelijkheid waartoe het bedrijf zich verbindt met het oog op de uitvoering van de opdracht. Daarbij wordt in elk geval opgenomen dat de werknemer van het bedrijf het ambtsgeheim in onderwijs moet naleven;
8° bepalingen over intellectueel eigendom waarbij het bedrijf zich akkoord verklaart dat alle auteurs- of andere intellectuele rechten op werken die in het kader van de uitvoering van de opdracht worden gerealiseerd, overgedragen worden aan het schoolbestuur en waarbij afspraken kunnen opgenomen worden over het eventuele interne gebruik van dit intellectueel eigendom binnen het bedrijf;
9° bepalingen over aansprakelijkheid bij de uitvoering van de opdracht, waarbij in elk geval wordt opgenomen dat het schoolbestuur ervoor zorgt dat de werknemer tijdens de uitvoering van de opdracht op dezelfde wijze is verzekerd als al zijn andere personeelsleden;
10° de bepalingen over het welzijn op het werk, vermeld in artikel 8 tot en met 10 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk;
11° de duurtijd van de overeenkomst.
Art. 7. La direction de l'école et l'entreprise utilisent une convention-cadre pour conclure la convention de service visée à l'article 6, troisième alinéa.
Le modèle de convention-cadre figure à l'annexe du présent arrêté.
La convention-cadre contient les dispositions et conditions suivantes concernant l'exécution de la mission visée à l'article 6 :
1° les coordonnées de la direction d'école agissant en tant que donneur d'ordre et celles de l'entreprise agissant en tant que preneur d'ordre ;
2° les coordonnées des mandataires désignés par les deux parties ;
3° la mission convenue, le mode d'exécution de cette mission et le soutien auquel l'employé a droit pendant cette exécution et qu'offre l'école ;
4° les conditions à remplir par l'employé mis à disposition par l'entreprise, stipulant explicitement que l'employé reste sous l'autorité de l'entreprise, sauf s'il s'agit d'instructions données par la direction d'école à l'employé dans le cadre de l'exécution de la mission, qui sont incluses dans la sous-convention ;
5° les obligations financières et sociales envers l'employé qui restent à la charge de l'entreprise ;
6° la compensation financière versée par la direction d'école à l'entreprise et les modalités de paiement ;
7° des dispositions sur la confidentialité que l'entreprise s'engage à respecter dans l'exécution de la mission. En tout état de cause, il est stipulé que l'employé de l'entreprise doit respecter le secret professionnel de l'enseignement ;
8° des dispositions sur la propriété intellectuelle par lesquelles l'entreprise accepte notamment que tous les droits d'auteur ou autres droits de propriété intellectuelle sur les oeuvres réalisées dans le cadre de l'exécution de la mission soient transférés à la direction d'école et qui peuvent inclure des accords sur l'utilisation éventuelle de cette propriété intellectuelle dans l'entreprise ;
9° des dispositions sur la responsabilité dans l'exécution de la mission, qui comprennent en tout cas que la direction d'école veille à ce que l'employé soit assuré de la même manière que tous ses autres employés pendant l'exécution de la mission ;
10° des dispositions sur le bien-être au travail, visé aux articles 8 à 10 de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail ;
11° la durée de la convention.
Le modèle de convention-cadre figure à l'annexe du présent arrêté.
La convention-cadre contient les dispositions et conditions suivantes concernant l'exécution de la mission visée à l'article 6 :
1° les coordonnées de la direction d'école agissant en tant que donneur d'ordre et celles de l'entreprise agissant en tant que preneur d'ordre ;
2° les coordonnées des mandataires désignés par les deux parties ;
3° la mission convenue, le mode d'exécution de cette mission et le soutien auquel l'employé a droit pendant cette exécution et qu'offre l'école ;
4° les conditions à remplir par l'employé mis à disposition par l'entreprise, stipulant explicitement que l'employé reste sous l'autorité de l'entreprise, sauf s'il s'agit d'instructions données par la direction d'école à l'employé dans le cadre de l'exécution de la mission, qui sont incluses dans la sous-convention ;
5° les obligations financières et sociales envers l'employé qui restent à la charge de l'entreprise ;
6° la compensation financière versée par la direction d'école à l'entreprise et les modalités de paiement ;
7° des dispositions sur la confidentialité que l'entreprise s'engage à respecter dans l'exécution de la mission. En tout état de cause, il est stipulé que l'employé de l'entreprise doit respecter le secret professionnel de l'enseignement ;
8° des dispositions sur la propriété intellectuelle par lesquelles l'entreprise accepte notamment que tous les droits d'auteur ou autres droits de propriété intellectuelle sur les oeuvres réalisées dans le cadre de l'exécution de la mission soient transférés à la direction d'école et qui peuvent inclure des accords sur l'utilisation éventuelle de cette propriété intellectuelle dans l'entreprise ;
9° des dispositions sur la responsabilité dans l'exécution de la mission, qui comprennent en tout cas que la direction d'école veille à ce que l'employé soit assuré de la même manière que tous ses autres employés pendant l'exécution de la mission ;
10° des dispositions sur le bien-être au travail, visé aux articles 8 à 10 de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail ;
11° la durée de la convention.
Afdeling 3. - Toewijzing van een werknemer
Section 3. - Attribution d'un employé
Art. 8. Het bedrijf selecteert een werknemer om de opdracht uit te oefenen die in de raamovereenkomst is vastgesteld. De werknemer moet aan al de volgende voorwaarden voldoen:
1° de werknemer is van onberispelijk gedrag. Dat blijkt uit een uittreksel uit het strafregister dat niet langer dan één jaar tevoren is afgegeven. Het uittreksel strafregister vermeldt de volgende finaliteit: 596.2 - model bestemd voor contacten met minderjarigen;
2° de gezondheid van de werknemer vormt geen gevaar voor de leerlingen. De medische geschiktheid wordt aangetoond via een medisch attest, dat de huisarts van de werknemer of de bedrijfsarts van het bedrijf afgeeft;
3° de werknemer die ter beschikking wordt gesteld van een school die gelegen is in het Nederlands taalgebied met uitzondering van de faciliteitengemeenten, beschikt over de vereiste kennis van het Nederlands als onderwijstaal, wat blijkt uit het feit dat de werknemer het Nederlands beheerst op het niveau C1 van het Europees Referentiekader voor Talen. Die vereiste taalkennis blijkt uit het feit dat de werknemer minstens beschikt over een diploma dat in het Nederlands is behaald en dat toegang geeft tot het ambt van leraar secundair onderwijs conform het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs;
4° de werknemer beschikt over een diploma dat minstens een "ander" bekwaamheidsbewijs is voor het ambt van leraar secundair onderwijs conform het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs.
5° de werknemer beschikt over een bewijs waaruit blijkt dat hij een specifiek educatief traject heeft gevolgd aan een Vlaamse hogeschool of universiteit die daarvoor is aangewezen, tenzij hij beschikt over een diploma dat als vereist of voldoend geacht bekwaamheidsbewijs geldt voor het ambt van leraar secundair onderwijs conform het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs.
Het bedrijf stelt de werknemer voor aan het schoolbestuur, dat controleert of de werknemer aan de hiervoor gestelde voorwaarden voldoet en vervolgens uiteindelijk beslist om de opdracht toe te kennen. Het schoolbestuur bewaart de gegevens van de werknemer die ze ingevolge deze controle verkrijgt, in toepassing van de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens, op de wijze en gedurende de termijnen die het schoolbestuur reeds hanteert voor de gegevens van al haar personeelsleden.
1° de werknemer is van onberispelijk gedrag. Dat blijkt uit een uittreksel uit het strafregister dat niet langer dan één jaar tevoren is afgegeven. Het uittreksel strafregister vermeldt de volgende finaliteit: 596.2 - model bestemd voor contacten met minderjarigen;
2° de gezondheid van de werknemer vormt geen gevaar voor de leerlingen. De medische geschiktheid wordt aangetoond via een medisch attest, dat de huisarts van de werknemer of de bedrijfsarts van het bedrijf afgeeft;
3° de werknemer die ter beschikking wordt gesteld van een school die gelegen is in het Nederlands taalgebied met uitzondering van de faciliteitengemeenten, beschikt over de vereiste kennis van het Nederlands als onderwijstaal, wat blijkt uit het feit dat de werknemer het Nederlands beheerst op het niveau C1 van het Europees Referentiekader voor Talen. Die vereiste taalkennis blijkt uit het feit dat de werknemer minstens beschikt over een diploma dat in het Nederlands is behaald en dat toegang geeft tot het ambt van leraar secundair onderwijs conform het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs;
4° de werknemer beschikt over een diploma dat minstens een "ander" bekwaamheidsbewijs is voor het ambt van leraar secundair onderwijs conform het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs.
5° de werknemer beschikt over een bewijs waaruit blijkt dat hij een specifiek educatief traject heeft gevolgd aan een Vlaamse hogeschool of universiteit die daarvoor is aangewezen, tenzij hij beschikt over een diploma dat als vereist of voldoend geacht bekwaamheidsbewijs geldt voor het ambt van leraar secundair onderwijs conform het besluit van de Vlaamse Regering van 14 juni 1989 betreffende de bekwaamheidsbewijzen, de salarisschalen, het prestatiestelsel en de bezoldigingsregeling in het secundair onderwijs.
Het bedrijf stelt de werknemer voor aan het schoolbestuur, dat controleert of de werknemer aan de hiervoor gestelde voorwaarden voldoet en vervolgens uiteindelijk beslist om de opdracht toe te kennen. Het schoolbestuur bewaart de gegevens van de werknemer die ze ingevolge deze controle verkrijgt, in toepassing van de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens, op de wijze en gedurende de termijnen die het schoolbestuur reeds hanteert voor de gegevens van al haar personeelsleden.
Art. 8. L'entreprise sélectionne un employé pour exécuter la mission prévue dans la convention-cadre. L'employé doit réunir les conditions suivantes :
1° l'employé a une conduite impeccable. Ceci est attesté par un extrait du casier judiciaire délivré depuis un an au plus. L'extrait du casier judiciaire doit indiquer la finalité suivante : 596.2 - modèle destiné aux contacts avec des mineurs ;
2° la santé de l'employé ne présente aucun danger pour les élèves. La preuve de l'aptitude médicale est fournie par un certificat médical délivré par le médecin généraliste de l'employé ou le médecin de l'entreprise ;
3° l'employé qui est mis à la disposition d'une école située dans la région de langue néerlandaise, à l'exception des communes à facilités, a la connaissance requise du néerlandais comme langue d'enseignement, ce qui est attesté par le fait que l'employé maîtrise le néerlandais au niveau C1 du Cadre européen de référence pour les langues. Cette connaissance linguistique requise est attestée par le fait que l'employé possède au moins un diplôme obtenu en néerlandais, qui donne accès à la fonction d'enseignant de l'enseignement secondaire conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux échelles de traitement, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire ;
4° l'employé est titulaire d'un diplôme qui constitue au moins un " autre " titre pour la fonction d'enseignant de l'enseignement secondaire au sens l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux échelles de traitement, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire ;
5° l'employé dispose d'une preuve qu'il a suivi un parcours éducatif spécifique dans un institut supérieur flamand ou une université désignée à cet effet, sauf s'il possède un diplôme considéré comme un titre requis ou jugé suffisant pour la fonction de professeur de l'enseignement secondaire au sens l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux échelles de traitement, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire.
L'entreprise propose l'employé à la direction d'école, qui vérifie si l'employé remplit les conditions et décide finalement d'attribuer la mission. Conformément à la loi du 30 juillet 2018 relative à la protection de la vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel, la direction d'école conserve les données de l'employé qu'elle obtient à la suite de ce contrôle, de la manière et pour les périodes déjà utilisées par la direction d'école pour les données de tous ses employés.
1° l'employé a une conduite impeccable. Ceci est attesté par un extrait du casier judiciaire délivré depuis un an au plus. L'extrait du casier judiciaire doit indiquer la finalité suivante : 596.2 - modèle destiné aux contacts avec des mineurs ;
2° la santé de l'employé ne présente aucun danger pour les élèves. La preuve de l'aptitude médicale est fournie par un certificat médical délivré par le médecin généraliste de l'employé ou le médecin de l'entreprise ;
3° l'employé qui est mis à la disposition d'une école située dans la région de langue néerlandaise, à l'exception des communes à facilités, a la connaissance requise du néerlandais comme langue d'enseignement, ce qui est attesté par le fait que l'employé maîtrise le néerlandais au niveau C1 du Cadre européen de référence pour les langues. Cette connaissance linguistique requise est attestée par le fait que l'employé possède au moins un diplôme obtenu en néerlandais, qui donne accès à la fonction d'enseignant de l'enseignement secondaire conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux échelles de traitement, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire ;
4° l'employé est titulaire d'un diplôme qui constitue au moins un " autre " titre pour la fonction d'enseignant de l'enseignement secondaire au sens l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux échelles de traitement, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire ;
5° l'employé dispose d'une preuve qu'il a suivi un parcours éducatif spécifique dans un institut supérieur flamand ou une université désignée à cet effet, sauf s'il possède un diplôme considéré comme un titre requis ou jugé suffisant pour la fonction de professeur de l'enseignement secondaire au sens l'arrêté du Gouvernement flamand du 14 juin 1989 relatif aux titres, aux échelles de traitement, au régime de prestations et au statut pécuniaire dans l'enseignement secondaire.
L'entreprise propose l'employé à la direction d'école, qui vérifie si l'employé remplit les conditions et décide finalement d'attribuer la mission. Conformément à la loi du 30 juillet 2018 relative à la protection de la vie privée à l'égard des traitements de données à caractère personnel, la direction d'école conserve les données de l'employé qu'elle obtient à la suite de ce contrôle, de la manière et pour les périodes déjà utilisées par la direction d'école pour les données de tous ses employés.
Art. 9. § 1. Overeenkomstig artikel 4/1, laatste lid, van het decreet van 9 december 2005 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het onderwijs, behoudt de werknemer tijdens de uitvoering van de opdracht in de school het salaris waar hij bij zijn bedrijf recht op heeft, en ook alle daarbij horende financiële en extralegale voordelen.
§ 2. Overeenkomstig artikel 4/1, tweede lid, van het decreet van 9 december 2005 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het onderwijs, betaalt het schoolbestuur van de school waar de werknemer de overeengekomen opdracht uitoefent aan het bedrijf een financiële tegemoetkoming van 59,66 euro per gepresteerd lesuur van de overeengekomen lesopdracht. Die lesopdracht wordt op weekbasis uitgedrukt via de formule T/N, waarbij T het aantal uren-leraar van de feitelijke lesopdracht is en N de prestatienoemer voor het vak in de graad waar de werknemer zijn lesopdracht uitoefent.
Het schoolbestuur betaalt de financiële tegemoetkoming voor de opdracht maandelijks na facturatie door het bedrijf.
§ 3. De school wendt voor de financiële tegemoetkoming, vermeld in paragraaf 2, uren-leraar aan uit het pakket wekelijkse uren-leraar, vermeld in artikel 209, § 1, 1° van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
Het aantal uren-leraar, vermeld in het eerste lid, wordt berekend op basis van de wekelijkse lesopdracht van de werknemer, vermeld in paragraaf 2. Om het vereiste krediet te bekomen, vermenigvuldigt de school het noodzakelijke aantal uren-leraar met de wekelijkse lesopdracht, waarbij een uur-leraar overeenkomt met 59,66 euro.
De school vraagt aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten de benodigde kredieten en vermeldt daarbij het aantal uren-leraar dat wordt omgezet, als vermeld in het tweede lid. Het Agentschap voor Onderwijsdiensten betaalt de vereiste kredieten aan het schoolbestuur van de school.
§ 2. Overeenkomstig artikel 4/1, tweede lid, van het decreet van 9 december 2005 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten in het onderwijs, betaalt het schoolbestuur van de school waar de werknemer de overeengekomen opdracht uitoefent aan het bedrijf een financiële tegemoetkoming van 59,66 euro per gepresteerd lesuur van de overeengekomen lesopdracht. Die lesopdracht wordt op weekbasis uitgedrukt via de formule T/N, waarbij T het aantal uren-leraar van de feitelijke lesopdracht is en N de prestatienoemer voor het vak in de graad waar de werknemer zijn lesopdracht uitoefent.
Het schoolbestuur betaalt de financiële tegemoetkoming voor de opdracht maandelijks na facturatie door het bedrijf.
§ 3. De school wendt voor de financiële tegemoetkoming, vermeld in paragraaf 2, uren-leraar aan uit het pakket wekelijkse uren-leraar, vermeld in artikel 209, § 1, 1° van de Codex Secundair Onderwijs van 17 december 2010.
Het aantal uren-leraar, vermeld in het eerste lid, wordt berekend op basis van de wekelijkse lesopdracht van de werknemer, vermeld in paragraaf 2. Om het vereiste krediet te bekomen, vermenigvuldigt de school het noodzakelijke aantal uren-leraar met de wekelijkse lesopdracht, waarbij een uur-leraar overeenkomt met 59,66 euro.
De school vraagt aan het Agentschap voor Onderwijsdiensten de benodigde kredieten en vermeldt daarbij het aantal uren-leraar dat wordt omgezet, als vermeld in het tweede lid. Het Agentschap voor Onderwijsdiensten betaalt de vereiste kredieten aan het schoolbestuur van de school.
Art. 9. § 1. Conformément à l'article 4/1, dernier alinéa, du décret du 9 décembre 2005 relatif à l'organisation de projets temporaires dans l'enseignement, l'employé conserve le salaire auquel il a droit dans son entreprise pendant l'exécution de la mission dans l'école, ainsi que tous les avantages financiers et extra-légaux y afférents.
§ 2. Conformément à l'article 4/1, deuxième alinéa, du décret du 9 décembre 2005 relatif à l'organisation de projets temporaires dans l'enseignement, la direction de l'école où l'employé effectue la mission convenue verse à l'entreprise une compensation financière de 59,66 euros par heure de cours prestée dans le cadre de la mission convenue. Cette mission d'enseignement est exprimée sur une base hebdomadaire par la formule T/N, où T est le nombre de périodes-enseignant dans la mission de cours proprement dite et N est le dénominateur de performance pour le cours dans le grade où l'employé effectue sa mission de cours.
La direction d'école verse la compensation financière pour la mission tous les mois après facturation par l'entreprise.
§ 3. Pour la compensation financière mentionnée au paragraphe 2, l'école utilise des heures-enseignant du paquet d'heures-enseignant hebdomadaire mentionné à l'article 209, § 1, 1° du Code de l'enseignement secondaire du 17 décembre 2010.
Le nombre d'heures-enseignant, mentionné au premier alinéa, est calculé sur la base de la mission d'enseignement hebdomadaire de l'employé, mentionnée au paragraphe 2. Pour obtenir le crédit requis, l'école multiplie le nombre d'heures-enseignant nécessaires par la mission d'enseignement hebdomadaire, où une heure-enseignant correspond à 59,66 euros.
L'école demande les crédits requis à l'Agence de services d'enseignement, en indiquant le nombre d'heures-enseignant qui sont converties, comme prévu au deuxième alinéa. L'Agence de services d'enseignement paie les crédits requis à la direction de l'école.
§ 2. Conformément à l'article 4/1, deuxième alinéa, du décret du 9 décembre 2005 relatif à l'organisation de projets temporaires dans l'enseignement, la direction de l'école où l'employé effectue la mission convenue verse à l'entreprise une compensation financière de 59,66 euros par heure de cours prestée dans le cadre de la mission convenue. Cette mission d'enseignement est exprimée sur une base hebdomadaire par la formule T/N, où T est le nombre de périodes-enseignant dans la mission de cours proprement dite et N est le dénominateur de performance pour le cours dans le grade où l'employé effectue sa mission de cours.
La direction d'école verse la compensation financière pour la mission tous les mois après facturation par l'entreprise.
§ 3. Pour la compensation financière mentionnée au paragraphe 2, l'école utilise des heures-enseignant du paquet d'heures-enseignant hebdomadaire mentionné à l'article 209, § 1, 1° du Code de l'enseignement secondaire du 17 décembre 2010.
Le nombre d'heures-enseignant, mentionné au premier alinéa, est calculé sur la base de la mission d'enseignement hebdomadaire de l'employé, mentionnée au paragraphe 2. Pour obtenir le crédit requis, l'école multiplie le nombre d'heures-enseignant nécessaires par la mission d'enseignement hebdomadaire, où une heure-enseignant correspond à 59,66 euros.
L'école demande les crédits requis à l'Agence de services d'enseignement, en indiquant le nombre d'heures-enseignant qui sont converties, comme prévu au deuxième alinéa. L'Agence de services d'enseignement paie les crédits requis à la direction de l'école.
Art. 10. De individuele opdracht van de werknemer in de school wordt opgenomen in een deelovereenkomst conform het model van deelovereenkomst dat is opgenomen in het model van raamovereenkomst dienstverlening, vermeld in artikel 7.
In de deelovereenkomst worden ook de specifieke afspraken opgenomen over de aanvangsbegeleiding en ondersteuning waarop de werknemer een beroep kan doen in de school waar hij zijn lesopdracht opneemt.
De werknemer blijft tijdens de uitvoering van de overeengekomen opdracht altijd onder gezag van zijn bedrijf. Het schoolbestuur kan aan de werknemer in het kader van de uitvoering van de concrete lesopdracht instructies geven. De bepalingen over die instructies worden opgenomen in een bijlage bij de deelovereenkomst.
De werknemer is in het kader van de lesopdracht die hij in de school opneemt ambtshalve stemgerechtigd lid van de klassenraad. Tussen de school en het bedrijf worden praktische afspraken gemaakt over het functioneren van de werknemer in de klassenraad, met inbegrip van het al dan niet aanwezig zijn van de werknemer op klassenraadsvergaderingen. Die afspraken worden opgenomen in de deelovereenkomst.
In het vierde lid wordt verstaan onder klassenraad: de begeleidende klassenraad of de delibererende klassenraad in het voltijds gewoon secundair onderwijs.
In de deelovereenkomst worden ook de specifieke afspraken opgenomen over de aanvangsbegeleiding en ondersteuning waarop de werknemer een beroep kan doen in de school waar hij zijn lesopdracht opneemt.
De werknemer blijft tijdens de uitvoering van de overeengekomen opdracht altijd onder gezag van zijn bedrijf. Het schoolbestuur kan aan de werknemer in het kader van de uitvoering van de concrete lesopdracht instructies geven. De bepalingen over die instructies worden opgenomen in een bijlage bij de deelovereenkomst.
De werknemer is in het kader van de lesopdracht die hij in de school opneemt ambtshalve stemgerechtigd lid van de klassenraad. Tussen de school en het bedrijf worden praktische afspraken gemaakt over het functioneren van de werknemer in de klassenraad, met inbegrip van het al dan niet aanwezig zijn van de werknemer op klassenraadsvergaderingen. Die afspraken worden opgenomen in de deelovereenkomst.
In het vierde lid wordt verstaan onder klassenraad: de begeleidende klassenraad of de delibererende klassenraad in het voltijds gewoon secundair onderwijs.
Art. 10. La mission individuelle de l'employé dans l'école est incluse dans une sous-convention conformément au modèle de sous-convention inclus dans le modèle de convention-cadre de services mentionné à l'article 7.
La sous-convention contient également les accords spécifiques sur l'encadrement initial et le soutien auxquels l'employé peut faire appel dans l'école où il assume sa mission d'enseignement.
L'employé reste toujours sous l'autorité de son entreprise pendant l'exécution de la mission convenue. La direction d'école peut donner des instructions à l'employé dans le cadre de l'exécution de la mission d'enseignement concrète. Les dispositions relatives à ces instructions figurent dans une annexe de la sous-convention.
L'employé est membre de droit du conseil de classe avec droit de vote dans le cadre de la mission d'enseignement qu'il assume dans l'école. Des accords pratiques sont convenus entre l'école et l'entreprise sur le fonctionnement de l'employé dans le conseil de classe, y compris la présence ou non de l'employé aux réunions du conseil de classe. Ces accords sont repris dans la sous-convention.
Au quatrième alinéa, on entend par conseil de classe, le conseil de classe accompagnateur ou le conseil de classe délibérant dans l'enseignement secondaire ordinaire à plein temps.
La sous-convention contient également les accords spécifiques sur l'encadrement initial et le soutien auxquels l'employé peut faire appel dans l'école où il assume sa mission d'enseignement.
L'employé reste toujours sous l'autorité de son entreprise pendant l'exécution de la mission convenue. La direction d'école peut donner des instructions à l'employé dans le cadre de l'exécution de la mission d'enseignement concrète. Les dispositions relatives à ces instructions figurent dans une annexe de la sous-convention.
L'employé est membre de droit du conseil de classe avec droit de vote dans le cadre de la mission d'enseignement qu'il assume dans l'école. Des accords pratiques sont convenus entre l'école et l'entreprise sur le fonctionnement de l'employé dans le conseil de classe, y compris la présence ou non de l'employé aux réunions du conseil de classe. Ces accords sont repris dans la sous-convention.
Au quatrième alinéa, on entend par conseil de classe, le conseil de classe accompagnateur ou le conseil de classe délibérant dans l'enseignement secondaire ordinaire à plein temps.
Art. 11. De raamovereenkomst dienstverlening regelt de algemene rechtsverhouding tussen het schoolbestuur en het bedrijf voor de duur van de overeengekomen opdracht. Bij tegenstrijdigheid of afwijking hebben de bepalingen van de deelovereenkomst voorrang op de bepalingen van de raamovereenkomst. Bovendien hebben de bepalingen van een recentere deelovereenkomst altijd voorrang op die van een vorige deelovereenkomst.
Art. 11. La convention-cadre de services régit la relation juridique générale entre la direction d'école et l'entreprise pour la durée de la mission convenue. En cas de contradiction ou de dérogation, les dispositions de la sous-convention prévalent sur les dispositions de la convention-cadre. En outre, les dispositions d'une sous-convention plus récente prévalent toujours sur celles d'une sous-convention antérieure.
HOOFDSTUK 4. - Opvolging, begeleiding en evaluatie
CHAPITRE 4. - Suivi, encadrement et évaluation
Art. 12. Er wordt een expertenpanel opgericht dat belast is met de opvolging en de evaluatie van het tijdelijke project.
Het expertenpanel is samengesteld uit:
1° afgevaardigden van de Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, van wie één het voorzitterschap op zich neemt;
2° afgevaardigden van de Vlaamse minister, bevoegd voor werk;
3° afgevaardigden van het Departement Onderwijs en Vorming, vermeld in artikel 22, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;
4° een afgevaardigde van het Departement Werk en Sociale Economie, vermeld in artikel 25, § 1, van het voormelde besluit;
5° een afgevaardigde van het Agentschap voor Onderwijsdiensten;
6° een afgevaardigde van de Onderwijsinspectie;
7° een afgevaardigde van het Gemeenschapsonderwijs;
8° een afgevaardigde van het Provinciaal Onderwijs Vlaanderen;
9° een afgevaardigde van het Onderwijssecretariaat van Vlaamse Steden en Gemeenten;
10° een afgevaardigde van Katholiek Onderwijs Vlaanderen;
11° een afgevaardigde van het Overleg Kleine Onderwijsverstrekkers;
12° een afgevaardigde van de Algemene Centrale der Openbare Diensten;
13° een afgevaardigde van de Federatie van de Christelijke Syndicaten der Openbare Diensten;
14° een afgevaardigde van het Vrij Syndicaat voor het Openbaar Ambt;
15° een afgevaardigde van de hogeschool of universiteit die het specifieke educatieve traject aanbiedt, vermeld in artikel 8, 5° ;
16° afgevaardigden van de betrokken sectoren;
17° drie wetenschappelijke experten, die aangewezen worden door de voorzitter van het expertenpanel.
Zodra het expertenpanel is samengesteld, volgt ze het tijdelijke project op zonder enige vorm van sturing of inmenging. De opvolging mondt uit in tussentijdse evaluaties van het tijdelijke project en een eindevaluatie [1 in het schooljaar 2022-2023]1.
De schoolbesturen, scholen en bedrijven die deelnemen aan het tijdelijk project verlenen hun medewerking aan de werkzaamheden, al dan niet ter plaatse, van het expertenpanel.
Het expertenpanel is samengesteld uit:
1° afgevaardigden van de Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, van wie één het voorzitterschap op zich neemt;
2° afgevaardigden van de Vlaamse minister, bevoegd voor werk;
3° afgevaardigden van het Departement Onderwijs en Vorming, vermeld in artikel 22, § 1, van het besluit van de Vlaamse Regering van 3 juni 2005 met betrekking tot de organisatie van de Vlaamse administratie;
4° een afgevaardigde van het Departement Werk en Sociale Economie, vermeld in artikel 25, § 1, van het voormelde besluit;
5° een afgevaardigde van het Agentschap voor Onderwijsdiensten;
6° een afgevaardigde van de Onderwijsinspectie;
7° een afgevaardigde van het Gemeenschapsonderwijs;
8° een afgevaardigde van het Provinciaal Onderwijs Vlaanderen;
9° een afgevaardigde van het Onderwijssecretariaat van Vlaamse Steden en Gemeenten;
10° een afgevaardigde van Katholiek Onderwijs Vlaanderen;
11° een afgevaardigde van het Overleg Kleine Onderwijsverstrekkers;
12° een afgevaardigde van de Algemene Centrale der Openbare Diensten;
13° een afgevaardigde van de Federatie van de Christelijke Syndicaten der Openbare Diensten;
14° een afgevaardigde van het Vrij Syndicaat voor het Openbaar Ambt;
15° een afgevaardigde van de hogeschool of universiteit die het specifieke educatieve traject aanbiedt, vermeld in artikel 8, 5° ;
16° afgevaardigden van de betrokken sectoren;
17° drie wetenschappelijke experten, die aangewezen worden door de voorzitter van het expertenpanel.
Zodra het expertenpanel is samengesteld, volgt ze het tijdelijke project op zonder enige vorm van sturing of inmenging. De opvolging mondt uit in tussentijdse evaluaties van het tijdelijke project en een eindevaluatie [1 in het schooljaar 2022-2023]1.
De schoolbesturen, scholen en bedrijven die deelnemen aan het tijdelijk project verlenen hun medewerking aan de werkzaamheden, al dan niet ter plaatse, van het expertenpanel.
Art. 12. Un panel d'experts sera mis en place pour suivre et évaluer le projet temporaire.
Le panel d'experts se compose des membres suivants :
1° des représentants du ministre flamand de l'enseignement et de la formation, dont un occupe la présidence ;
2° des représentants du ministre flamand de l'emploi ;
3° des représentants du Département de l'Enseignement et de la Formation, visé à l'article 22, § 1 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ;
4° un représentant du Département de l'Emploi et de l'Economie sociale, visé à l'article 25, § 1 de l'arrêté précité ;
5° un représentant de l'Agence de Services d'Enseignement ;
6° un représentant de l'Inspection de l'enseignement ;
7° un représentant de l'Enseignement communautaire ;
8° un représentant de l'Enseignement provincial flamand ;
9° un représentant du Secrétariat de l'enseignement des Villes et Communes flamandes ;
10° un représentant de l'enseignement catholique flamand ;
11° un représentant de la concertation petits dispensateurs d'enseignement ;
12° un représentant de la Centrale Générale des Services Publics ;
13° un représentant de la Fédération des syndicats chrétiens des services publics ;
14° un représentant du Syndicat Libre de la Fonction Publique ;
15° un représentant de l'institut supérieur ou de l'université offrant le parcours éducatif spécifique visé à l'article 8, 5° ;
16° des représentants des secteurs concernés ;
17° trois experts scientifiques désignés par le président du panel d'experts.
Dès que le panel d'experts a été établi, il assure le suivi du projet temporaire sans la moindre forme de direction ou d'intervention. Le suivi résulte en des évaluations intermédiaires du projet temporaire et en une évaluation finale [1 dans l'année scolaire 2022-2023]1.
Les directions d'écoles, les écoles et les entreprises participant au projet temporaire apportent leur concours aux travaux, sur place ou non, du panel d'experts.
Le panel d'experts se compose des membres suivants :
1° des représentants du ministre flamand de l'enseignement et de la formation, dont un occupe la présidence ;
2° des représentants du ministre flamand de l'emploi ;
3° des représentants du Département de l'Enseignement et de la Formation, visé à l'article 22, § 1 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 3 juin 2005 relatif à l'organisation de l'Administration flamande ;
4° un représentant du Département de l'Emploi et de l'Economie sociale, visé à l'article 25, § 1 de l'arrêté précité ;
5° un représentant de l'Agence de Services d'Enseignement ;
6° un représentant de l'Inspection de l'enseignement ;
7° un représentant de l'Enseignement communautaire ;
8° un représentant de l'Enseignement provincial flamand ;
9° un représentant du Secrétariat de l'enseignement des Villes et Communes flamandes ;
10° un représentant de l'enseignement catholique flamand ;
11° un représentant de la concertation petits dispensateurs d'enseignement ;
12° un représentant de la Centrale Générale des Services Publics ;
13° un représentant de la Fédération des syndicats chrétiens des services publics ;
14° un représentant du Syndicat Libre de la Fonction Publique ;
15° un représentant de l'institut supérieur ou de l'université offrant le parcours éducatif spécifique visé à l'article 8, 5° ;
16° des représentants des secteurs concernés ;
17° trois experts scientifiques désignés par le président du panel d'experts.
Dès que le panel d'experts a été établi, il assure le suivi du projet temporaire sans la moindre forme de direction ou d'intervention. Le suivi résulte en des évaluations intermédiaires du projet temporaire et en une évaluation finale [1 dans l'année scolaire 2022-2023]1.
Les directions d'écoles, les écoles et les entreprises participant au projet temporaire apportent leur concours aux travaux, sur place ou non, du panel d'experts.
Wijzigingen
HOOFDSTUK 5. - Slotbepalingen
CHAPITRE 5. - Dispositions finales
Art. 13. Dit besluit treedt in werking op 1 september 2020 en treedt buiten werking [1 op 31 augustus 2023]1.
Art. 13. Le présent arrêté entre en vigueur le 1 septembre 2020 et cesse d'être en vigueur [1 le 31 août 2023]1.
Wijzigingen
Art. 14. De Vlaamse minister, bevoegd voor werk, en de Vlaamse minister, bevoegd voor onderwijs en vorming, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 14. Le ministre flamand compétent pour l'emploi et le ministre flamand compétent pour l'enseignement et la formation sont, chacun en ce qui le concerne, chargés d'exécuter le présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Bijlage. Model van raamovereenkomst dienstverlening als vermeld in artikel 7
RAAMOVEREENKOMST DIENSTVERLENING
TUSSEN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtgever" te noemen, enerzijds;
EN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtnemer" te noemen, anderzijds;
Hierna eveneens apart, "de Partij" en gezamenlijk, "de Partijen" te noemen
OVERWEGENDE DAT
De Opdrachtgever voor een welbepaalde opdracht binnen de school [NAAM, INSTELLINGSNUMMER EN ADRES SCHOOL] snel een oplossing zoekt;
De Opdrachtgever daarvoor bijstand nodig heeft van iemand met ervaring en deskundigheid en hij niet beschikt over de mogelijkheid om de opdracht met het eigen personeelsbestand onmiddellijk in te vullen en daarom een beroep wenst te doen op de Opdrachtnemer voor de levering van bepaalde diensten;
De Partijen bereid zijn om voor een concrete opdracht samen te werken;
De Partijen de levering van deze diensten onderworpen hebben aan de bepalingen en voorwaarden zoals opgenomen in deze Raamovereenkomst dienstverlening (hierna "de Raamovereenkomst"), de Deelovereenkomst over de specifieke modaliteiten van de dienstverlening (hierna de "Deelovereenkomst") en haar eventuele bijlage(n);
De Raamovereenkomst, de Deelovereenkomst en haar bijlagen samen de "Overeenkomst" tussen de Partijen vormen
WORDT OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT
Artikel 1. Voorwerp van de overeenkomst
1.1. De Raamovereenkomst heeft als voorwerp het leveren van bepaalde diensten tot uitvoering van een bepaalde opdracht, zoals beschreven in artikel 2, die in de Deelovereenkomst wordt geïndividualiseerd.
Deze Raamovereenkomst bevat de algemene voorwaarden waaronder de Opdrachtnemer voor rekening van de Opdrachtgever diensten zal leveren die nodig zijn om de Opdracht uit te voeren.
1.2. De bepalingen van deze Raamovereenkomst regelen de rechtsverhouding tussen de Opdrachtgever en de Opdrachtnemer. Bij tegenstrijdigheid of afwijking hebben de bepalingen van de Deelovereenkomst voorrang op die van de Raamovereenkomst. Bovendien hebben de bepalingen van een recentere Deelovereenkomst steeds voorrang op die van een vorige Deelovereenkomst.
Artikel 2. De Opdracht
De Opdrachtgever bepaalt de opdracht die aan de Opdrachtnemer wordt toegewezen. Het betreft steeds een lesopdracht in een vak, die de volgende elementen omvat:
* de planning en voorbereiding van lessen;
* het lesgeven zelf;
* de klaseigen leerlingenbegeleiding;
* de evaluatie van de leerlingen;
* het overleg en de samenwerking met directie, collega's, CLB en ouders.
Artikel 3. Uitvoering van de opdracht
3.1. De Partijen komen overeen en erkennen dat de rechtsverhouding die tussen hen tot stand wordt gebracht, een overeenkomst van dienstverlening is. Elke arbeidsovereenkomst tussen Partijen met toepassing van deze Overeenkomst is definitief uitgesloten. Evenmin kan er gedurende de uitvoering van de Opdracht een arbeidsovereenkomst ontstaan tussen de individuele werknemers van de Opdrachtnemer enerzijds en de Opdrachtgever anderzijds.
3.2. De Opdrachtnemer duidt volledig autonoom en volgens eigen inzichten en bevindingen een of meer werknemers aan die hij de Opdracht laat uitoefenen. Die werknemers voldoen in elk geval aan voorwaarden die vermeld zijn in artikel 4.
3.3. De Partijen bepalen in overleg en naargelang van de behoeften van de Opdracht de plaats waar de diensten gebruikelijk worden gepresteerd.
De Opdrachtnemer kan op elk moment een beroep doen op de infrastructuur van de Opdrachtgever, zoals handboeken, lesmateriaal, ICT-voorzieningen en internettoegang. Deze opsomming is niet beperkend.
De Partijen kunnen daarover zo nodig specifieke afspraken maken in de Deelovereenkomst bij deze Raamovereenkomst.
3.4. De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe om de toevertrouwde Opdracht naar best vermogen uit te (laten) voeren.
De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe alle tijd die nodig is voor de vervulling van de Opdracht aan de uitvoering ervan te laten besteden. De effectief te presteren dagen per week die nodig zijn voor de correcte uitvoering van de Opdracht worden in de Deelovereenkomst opgenomen.
3.5. De Opdrachtgever kan aan de Opdrachtnemer richtlijnen geven over de uitvoering van de Opdracht. Die hebben betrekking op de effectieve uitvoering van contractuele afspraken, zonder in te grijpen op de wijze van uitvoering van de Overeenkomst, aangezien de Opdrachtnemer daarover autonoom beslist.
3.6. De Opdrachtgever verbindt zich ertoe dat de werknemers tijdens de uitvoering van de in artikel 2 bedoelde Opdracht recht hebben op aanvangsbegeleiding, coaching en ondersteuning, net zoals dat het geval is voor zijn andere personeelsleden.
Artikel 4. Personeel van de opdrachtnemer
4.1. De Opdrachtnemer is verantwoordelijk voor de correcte uitvoering van de in artikel 2 bedoelde Opdracht en de in de Deelovereenkomst opgesomde diensten en activiteiten ter uitvoering ervan. Dat houdt in dat hij volledig instaat voor het inzetten van de noodzakelijke arbeidskrachten, voor wier handelingen hij de volledige verantwoordelijkheid draagt.
De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe om voor de uitvoering van de Opdracht vakbekwame werknemers in te zetten die voorafgaandelijk aan de Opdrachtgever moeten worden voorgesteld om de vereiste vakbekwaamheid, ervaring en knowhow te kunnen verifiëren. Daarbij zorgt de Opdrachtnemer ervoor dat de door hem aangeduide werknemers in elk geval aan de volgende voorwaarden voldoen om de Opdracht uit te voeren:
* ze zijn van onberispelijk gedrag, zoals blijkt uit een uittreksel uit het strafregister dat niet langer dan één jaar tevoren is afgegeven. Het uittreksel strafregister vermeldt de volgende finaliteit: 596.2 - model bestemd voor contacten met minderjarigen;
* de gezondheid van de werknemers vormt geen gevaar voor de leerlingen. De medische geschiktheid wordt aangetoond via een medisch attest dat wordt afgegeven door de huisarts van de werknemer of door de bedrijfsarts verbonden aan de Opdrachtnemer;
* ze hebben de vereiste kennis van het Nederlands als onderwijstaal. Ze beheersen het Nederlands op het niveau C1 van het Europees Referentiekader voor Talen;
* ze zijn in het bezit van een diploma dat minstens een "ander" bekwaamheidsbewijs is voor het ambt van leraar secundair onderwijs;
* ze hebben een specifiek educatief traject gevolgd aan een hogeschool of universiteit die daarvoor is aangewezen, tenzij ze een erkende lerarenopleiding hebben gevolgd en daar een diploma van kunnen voorleggen.
4.2. De werknemers blijven in alle omstandigheden onder de exclusieve leiding en het hiërarchisch gezag van de Opdrachtnemer en alleen de Opdrachtnemer is bevoegd om hun richtlijnen en instructies te geven, tenzij anders is bepaald in de Deelovereenkomst.
4.3. Op geen enkel ogenblik kunnen werknemers van de Opdrachtnemer als werknemer of aangestelde van de Opdrachtgever beschouwd worden. Evenmin kunnen werknemers van de Opdrachtgever als werknemer of aangestelde van de Opdrachtnemer beschouwd worden.
4.4. Geen enkele bepaling van de Overeenkomst kan zo worden uitgelegd dat de Opdrachtnemer werknemers aan de Opdrachtgever op een verboden wijze ter beschikking stelt in de zin van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers. De Opdrachtgever onthoudt er zich van om ook maar enig gedeelte van het gezag over het personeel van de Opdrachtnemer uit te oefenen.
Gelden niet als uitoefening van enig gedeelte van het werkgeversgezag:
* het naleven door de Opdrachtgever van de verplichtingen die op hem rusten in verband met het welzijn op het werk die gelden voor de plaats waar de opdracht wordt uitgeoefend;
* de instructies zoals bepaald in de Deelovereenkomst die de Opdrachtgever geeft voor de goede uitvoering van de Opdracht onder de Overeenkomst.
4.5. Als een werknemer van de Opdrachtnemer vroeger werknemer is geweest bij de Opdrachtgever, meldt de Opdrachtnemer dat voordat hij die werknemer inzet voor de uitvoering van de Opdracht.
Artikel 5. Financiële en sociale verplichtingen
5.1. De Opdrachtnemer leeft alle wettelijke sociale, fiscale en handelsverplichtingen na die gelden voor de werknemers die hij ter beschikking stelt. De werknemers behouden hun salaris en alle daaraan verbonden financiële voordelen tijdens de terbeschikkingstelling.
5.2. Als tegenprestatie voor de geleverde diensten betaalt de Opdrachtgever aan de Opdrachtnemer een vergoeding voor de prestaties van de werknemers zoals bepaald in de Deelovereenkomst. Die vergoeding bedraagt 59,66 euro per gepresteerd lesuur.
De Opdrachtnemer maakt op maandelijkse basis een factuur op. De Opdrachtgever betaalt die factuur uiterlijk de laatste dag van de daaropvolgende maand.
5.3. De modaliteiten over de normale werkings- en verplaatsingskosten eigen aan de uitvoering van de Overeenkomst worden opgenomen in de Deelovereenkomst. Die kosten worden gedragen door de Opdrachtnemer.
Artikel 6. Vertrouwelijkheid
6.1. Zowel tijdens de duur van de Overeenkomst als na afloop ervan verbindt de Opdrachtnemer zich ertoe aan niemand enige informatie te geven van persoonlijke of vertrouwelijke aard over de Opdrachtgever, een leerling of personeel van de school van tewerkstelling, ongeacht het belang van die informatie of de omstandigheden waarin de Opdrachtnemer ze heeft verkregen.
Hetzelfde geldt voor alle - zelfs niet vertrouwelijke - interne informatie, uitgezonderd de publieke informatie.
De Opdrachtnemer maakt zich sterk dat ook zijn werknemers die voor de Opdracht worden ingezet, de hierboven vermelde verbintenis nakomen ten aanzien van de Opdrachtgever.
6.2. Iedere inbreuk op deze verplichting tot vertrouwelijkheid tijdens de duur van de Overeenkomst, hoe gering ook, is een reden om de Overeenkomst te beëindigen, conform artikel 11, onverminderd het recht van de Opdrachtgever om schadevergoeding te eisen.
Eveneens geeft iedere schending van deze verplichting tot vertrouwelijkheid aan de Opdrachtgever het recht de betaling van de schadevergoeding voor geleden schade te eisen.
Alle door de Opdrachtnemer verwezenlijkte of hem toevertrouwde documenten met betrekking tot de prestaties omschreven in de Overeenkomst, zijn en blijven exclusieve eigendom van de Opdrachtgever. De Opdrachtnemer mag alleen een kopie van die documenten maken voor de doeleinden die omschreven zijn in de Overeenkomst.
De Opdrachtgever kan op elk ogenblik de teruggave van de documenten en gegevens eisen. De documenten en gegevens worden in ieder geval aan de Opdrachtgever teruggegeven bij het einde van de Overeenkomst, ongeacht de reden van de beëindiging.
Artikel 7. Intellectuele eigendom
7.1. De Opdrachtnemer verklaart exclusief, automatisch en van rechtswege aan de Opdrachtgever alle wettelijk overdraagbare auteurs- of andere intellectuele rechten op alle geheel of ten dele in het kader van de uitvoering van de Overeenkomst gecreëerde werken en uitgevoerde prestaties aan de Opdrachtgever over te dragen.
De Overeenkomst slaat op alle werken, creaties en prestaties, uitvoeringen en dergelijke meer die door de Opdrachtnemer worden ontworpen of verwezenlijkt of waaraan hij heeft meegewerkt tijdens de duur van de Overeenkomst of in uitvoering ervan, met middelen of vanuit projecten van de Opdrachtgever, ongeacht of die creaties gerealiseerd werden door de Opdrachtnemer alleen of samen met andere personen.
7.2. Al deze werken, creaties en prestaties worden zonder uitzondering onweerlegbaar vermoed te zijn gedaan door de Opdrachtnemer ingevolge de Opdracht van de Opdrachtgever. De Opdrachtnemer erkent en aanvaardt dat de Opdrachtgever wordt geacht automatisch en van rechtswege verkrijger te zijn van de hierboven gespecificeerde rechten.
7.3. De exclusief overgedragen auteursrechten en andere intellectuele rechten omvatten het recht op reproductie. Dat omvat het recht op aanpassing, vertaling en distributie, het recht op publieke bekendmaking, het recht op ondergeschikt en afgeleid gebruik, zonder enige beperking.
7.4. De hiervoor gedefinieerde overdracht wordt toegestaan aan de Opdrachtgever voor de volledige duur van de literaire en artistieke eigendom en voor elke ondersteuner en exploitatiewijze.
7.5. De Opdrachtgever en Opdrachtnemer kunnen afspraken maken over het gebruik van in 7.2 bekomen werken, creaties of prestaties door de Opdrachtnemer. De Opdrachtnemer verbindt er zich in dat geval uitdrukkelijk toe dat hij deze werken, creaties of prestaties niet zal commercialiseren of verspreiden.
Artikel 8. Aansprakelijkheid
8.1. De Opdrachtnemer verzekert op zijn uitsluitende verantwoordelijkheid de goede uitvoering van de overeengekomen Opdracht.
Mogelijke fouten of tekortkomingen in de geleverde diensten die de Opdrachtnemer heeft gemaakt in het kader van, of met betrekking tot de uitvoering van de aanvaarde Opdracht kunnen alleen leiden tot aansprakelijkheid als wordt aangetoond dat ze het gevolg zijn van een grove nalatigheid, opzet of gebrek aan de normale deskundigheid die vereist is voor de dienst in kwestie.
8.2. Als de Opdrachtnemer de diensten en activiteiten vermeld in de Deelovereenkomst niet kan uitvoeren door afwezigheid wegens ziekte of ongeval van de werknemer van de Opdrachtnemer, brengt de Opdrachtnemer de Opdrachtgever daarvan zo snel mogelijk op de hoogte.
8.3. Als de Opdrachtnemer de hem toevertrouwde Opdracht niet kan voortzetten, brengt hij onmiddellijk de Opdrachtgever op de hoogte, zodat die laatste de nodige maatregelen kan nemen.
8.4. De Opdrachtnemer kan alleen aansprakelijk worden gesteld voor bedrog of een zware fout gepleegd door hemzelf of door een van zijn werknemers. In dat laatste geval beperkt zijn aansprakelijkheid zich tot de herstelling van voorzienbare, directe, persoonlijke en zekere schade die de Opdrachtgever heeft geleden.
8.5. De Opdrachtgever kan op grond van de Overeenkomst alleen aansprakelijk worden gesteld voor opzet of grove nalatigheid. Die beperking geldt niet voor lichamelijke schade.
De Opdrachtgever zorgt ervoor dat de werknemers van de Opdrachtnemer tijdens de uitvoering van de Opdracht verzekerd zijn via de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid en rechtsbijstand die ook voor zijn andere personeelsleden geldt.
Artikel 9. Welzijn op het werk
9.1. Ter uitvoering van artikel 8 tot 10 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, ziet de Opdrachtgever erop toe dat de werknemers van de Opdrachtnemer op de hoogte worden gesteld van alle bepalingen van de wet van 4 augustus 1996 over het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (Welzijnswet), haar uitvoeringsbesluiten en de bepalingen van het Algemeen Reglement op de Arbeidsbescherming (ARAB) die van toepassing zijn op de uitoefening van de Opdracht bij de Opdrachtgever.
9.2. De Opdrachtnemer zet voor het uitvoeren van de Opdracht alleen werknemers in die goed geïnstrueerd en opgeleid zijn op het vlak van de te nemen preventie- en beschermingsmaatregelen.
9.3. De Opdrachtgever informeert de Opdrachtnemer en zijn werknemers over:
* de beroepsrisico's bij de Opdrachtgever;
* de beschermings- en preventiemiddelen bij de Opdrachtgever;
* de organisatie van de eerste hulp bij de Opdrachtgever;
* de brandbestrijding en de evacuatie van personen bij binnenwerken bij de Opdrachtgever.
Hij doet dat zoals bepaald in de Welzijnswet en haar uitvoeringsbesluiten.
9.4. De Opdrachtgever verbindt zich ertoe zijn verplichtingen inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, die eigen zijn aan de inrichting waarin zijn werknemers werkzaamheden komen uitvoeren, na te leven.
9.5. Als de Opdrachtgever de hiervoor bepaalde verplichtingen niet of gebrekkig naleeft, kan de Opdrachtnemer in alle gevallen zelf de nodige maatregelen treffen, op kosten van de Opdrachtgever.
Artikel 10. Contactpersonen en volmachten
10.1. De Opdrachtgever wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Overeenkomst betreft de volgende persoon aan: [NAAM], [FUNCTIE].
10.2. De Opdrachtnemer wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Overeenkomst betreft de volgende persoon aan: [NAAM], [FUNCTIE].
10.3. De Opdrachtgever geeft volmacht aan de Opdrachtnemer om in zijn naam de handelingen te stellen die zijn opgenomen in de Deelovereenkomst.
Artikel 11. Duurtijd van de Raamovereenkomst
11.1. Deze Raamovereenkomst is gesloten voor [PERIODE OPNEMEN].
11.2. Elk van de Partijen kan een einde aan de Overeenkomst, vermeld in artikel 12, stellen door middel van een opzegging via een per post aangetekende brief. Daarbij moet een opzeggingstermijn van één maand in acht worden genomen. De aangetekende brief moet op straffe van nietigheid verstuurd worden uiterlijk 7 kalenderdagen voor het verstrijken van de maand. De opzeggingstermijn gaat in op de eerste dag van de maand die volgt op de datum van verzending.
Elke Partij heeft bovendien het recht om de Overeenkomst, vermeld in artikel 12, op gelijk welk ogenblik met onmiddellijke ingang te beëindigen, zonder een opzeggingstermijn na te leven. In dat geval moet ze aan de andere Partij een bedrag betalen dat gelijk is aan een maand vergoeding, berekend op basis van de gemiddelde vergoeding die de Opdrachtgever ter uitvoering van deze Overeenkomst voor één maand heeft betaald of betaald zou moeten hebben.
Elke Partij heeft bovendien het recht de Overeenkomst, vermeld in artikel 12, te beëindigen zonder opzegging noch vergoeding, als een ernstige tekortkoming van de andere Partij de verdere professionele samenwerking tussen Partijen definitief onmogelijk maakt en als uitzonderlijke omstandigheden de verdere uitvoering van deze Overeenkomst definitief onmogelijk maken.
Onder meer de volgende feiten worden als een ernstige tekortkoming beschouwd:
* een inbreuk op het artikel 6 van de Raamovereenkomst;
* een inbreuk op het artikel 9 van de Raamovereenkomst;
* een schending van de contractuele verplichtingen, als die niet wordt hersteld binnen tien kalenderdagen na de officiële kennisgeving.
Deze opsomming is niet limitatief.
De beëindiging zonder opzegging noch vergoeding wordt aan de andere Partij betekend via een per post aangetekende brief binnen tien kalenderdagen te rekenen vanaf de dag waarop de Partij die de beëindiging inroept, kennis heeft van de feiten die aan de grondslag liggen van de beëindiging.
11.3. De Overeenkomst, vermeld in artikel 12, wordt van rechtswege en zonder ingebrekestelling, zonder enige vergoeding, als beëindigd beschouwd als een van de Partijen haar activiteiten stopzet, na liquidatie of faillissement.
Artikel 12. Overeenkomst
De volledige Overeenkomst tussen Partijen bestaat slechts uit deze Raamovereenkomst, aangevuld door de Deelovereenkomst(en) en eventueel andere bijlagen. De andere algemene voorwaarden van de Partijen zijn niet van toepassing.
Artikel 13. Bevoegdheid en toepasselijk recht
13.1. De Overeenkomst wordt beheerst door het Belgisch recht.
13.2. Partijen komen overeen dat eventuele vorderingen en geschillen over het bestaan, de interpretatie of de uitvoering van de Overeenkomst en de bijlagen zullen worden voorgelegd aan de bevoegde rechtbank.
Gedaan te [PLAATS] op [DATUM] in zoveel exemplaren als er Partijen zijn
De Opdrachtnemer, De Opdrachtgever,
[NAAM EN RECHTSVORM] [NAAM EN RECHTSVORM]
RAAMOVEREENKOMST DIENSTVERLENING
TUSSEN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtgever" te noemen, enerzijds;
EN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtnemer" te noemen, anderzijds;
Hierna eveneens apart, "de Partij" en gezamenlijk, "de Partijen" te noemen
OVERWEGENDE DAT
De Opdrachtgever voor een welbepaalde opdracht binnen de school [NAAM, INSTELLINGSNUMMER EN ADRES SCHOOL] snel een oplossing zoekt;
De Opdrachtgever daarvoor bijstand nodig heeft van iemand met ervaring en deskundigheid en hij niet beschikt over de mogelijkheid om de opdracht met het eigen personeelsbestand onmiddellijk in te vullen en daarom een beroep wenst te doen op de Opdrachtnemer voor de levering van bepaalde diensten;
De Partijen bereid zijn om voor een concrete opdracht samen te werken;
De Partijen de levering van deze diensten onderworpen hebben aan de bepalingen en voorwaarden zoals opgenomen in deze Raamovereenkomst dienstverlening (hierna "de Raamovereenkomst"), de Deelovereenkomst over de specifieke modaliteiten van de dienstverlening (hierna de "Deelovereenkomst") en haar eventuele bijlage(n);
De Raamovereenkomst, de Deelovereenkomst en haar bijlagen samen de "Overeenkomst" tussen de Partijen vormen
WORDT OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT
Artikel 1. Voorwerp van de overeenkomst
1.1. De Raamovereenkomst heeft als voorwerp het leveren van bepaalde diensten tot uitvoering van een bepaalde opdracht, zoals beschreven in artikel 2, die in de Deelovereenkomst wordt geïndividualiseerd.
Deze Raamovereenkomst bevat de algemene voorwaarden waaronder de Opdrachtnemer voor rekening van de Opdrachtgever diensten zal leveren die nodig zijn om de Opdracht uit te voeren.
1.2. De bepalingen van deze Raamovereenkomst regelen de rechtsverhouding tussen de Opdrachtgever en de Opdrachtnemer. Bij tegenstrijdigheid of afwijking hebben de bepalingen van de Deelovereenkomst voorrang op die van de Raamovereenkomst. Bovendien hebben de bepalingen van een recentere Deelovereenkomst steeds voorrang op die van een vorige Deelovereenkomst.
Artikel 2. De Opdracht
De Opdrachtgever bepaalt de opdracht die aan de Opdrachtnemer wordt toegewezen. Het betreft steeds een lesopdracht in een vak, die de volgende elementen omvat:
* de planning en voorbereiding van lessen;
* het lesgeven zelf;
* de klaseigen leerlingenbegeleiding;
* de evaluatie van de leerlingen;
* het overleg en de samenwerking met directie, collega's, CLB en ouders.
Artikel 3. Uitvoering van de opdracht
3.1. De Partijen komen overeen en erkennen dat de rechtsverhouding die tussen hen tot stand wordt gebracht, een overeenkomst van dienstverlening is. Elke arbeidsovereenkomst tussen Partijen met toepassing van deze Overeenkomst is definitief uitgesloten. Evenmin kan er gedurende de uitvoering van de Opdracht een arbeidsovereenkomst ontstaan tussen de individuele werknemers van de Opdrachtnemer enerzijds en de Opdrachtgever anderzijds.
3.2. De Opdrachtnemer duidt volledig autonoom en volgens eigen inzichten en bevindingen een of meer werknemers aan die hij de Opdracht laat uitoefenen. Die werknemers voldoen in elk geval aan voorwaarden die vermeld zijn in artikel 4.
3.3. De Partijen bepalen in overleg en naargelang van de behoeften van de Opdracht de plaats waar de diensten gebruikelijk worden gepresteerd.
De Opdrachtnemer kan op elk moment een beroep doen op de infrastructuur van de Opdrachtgever, zoals handboeken, lesmateriaal, ICT-voorzieningen en internettoegang. Deze opsomming is niet beperkend.
De Partijen kunnen daarover zo nodig specifieke afspraken maken in de Deelovereenkomst bij deze Raamovereenkomst.
3.4. De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe om de toevertrouwde Opdracht naar best vermogen uit te (laten) voeren.
De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe alle tijd die nodig is voor de vervulling van de Opdracht aan de uitvoering ervan te laten besteden. De effectief te presteren dagen per week die nodig zijn voor de correcte uitvoering van de Opdracht worden in de Deelovereenkomst opgenomen.
3.5. De Opdrachtgever kan aan de Opdrachtnemer richtlijnen geven over de uitvoering van de Opdracht. Die hebben betrekking op de effectieve uitvoering van contractuele afspraken, zonder in te grijpen op de wijze van uitvoering van de Overeenkomst, aangezien de Opdrachtnemer daarover autonoom beslist.
3.6. De Opdrachtgever verbindt zich ertoe dat de werknemers tijdens de uitvoering van de in artikel 2 bedoelde Opdracht recht hebben op aanvangsbegeleiding, coaching en ondersteuning, net zoals dat het geval is voor zijn andere personeelsleden.
Artikel 4. Personeel van de opdrachtnemer
4.1. De Opdrachtnemer is verantwoordelijk voor de correcte uitvoering van de in artikel 2 bedoelde Opdracht en de in de Deelovereenkomst opgesomde diensten en activiteiten ter uitvoering ervan. Dat houdt in dat hij volledig instaat voor het inzetten van de noodzakelijke arbeidskrachten, voor wier handelingen hij de volledige verantwoordelijkheid draagt.
De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe om voor de uitvoering van de Opdracht vakbekwame werknemers in te zetten die voorafgaandelijk aan de Opdrachtgever moeten worden voorgesteld om de vereiste vakbekwaamheid, ervaring en knowhow te kunnen verifiëren. Daarbij zorgt de Opdrachtnemer ervoor dat de door hem aangeduide werknemers in elk geval aan de volgende voorwaarden voldoen om de Opdracht uit te voeren:
* ze zijn van onberispelijk gedrag, zoals blijkt uit een uittreksel uit het strafregister dat niet langer dan één jaar tevoren is afgegeven. Het uittreksel strafregister vermeldt de volgende finaliteit: 596.2 - model bestemd voor contacten met minderjarigen;
* de gezondheid van de werknemers vormt geen gevaar voor de leerlingen. De medische geschiktheid wordt aangetoond via een medisch attest dat wordt afgegeven door de huisarts van de werknemer of door de bedrijfsarts verbonden aan de Opdrachtnemer;
* ze hebben de vereiste kennis van het Nederlands als onderwijstaal. Ze beheersen het Nederlands op het niveau C1 van het Europees Referentiekader voor Talen;
* ze zijn in het bezit van een diploma dat minstens een "ander" bekwaamheidsbewijs is voor het ambt van leraar secundair onderwijs;
* ze hebben een specifiek educatief traject gevolgd aan een hogeschool of universiteit die daarvoor is aangewezen, tenzij ze een erkende lerarenopleiding hebben gevolgd en daar een diploma van kunnen voorleggen.
4.2. De werknemers blijven in alle omstandigheden onder de exclusieve leiding en het hiërarchisch gezag van de Opdrachtnemer en alleen de Opdrachtnemer is bevoegd om hun richtlijnen en instructies te geven, tenzij anders is bepaald in de Deelovereenkomst.
4.3. Op geen enkel ogenblik kunnen werknemers van de Opdrachtnemer als werknemer of aangestelde van de Opdrachtgever beschouwd worden. Evenmin kunnen werknemers van de Opdrachtgever als werknemer of aangestelde van de Opdrachtnemer beschouwd worden.
4.4. Geen enkele bepaling van de Overeenkomst kan zo worden uitgelegd dat de Opdrachtnemer werknemers aan de Opdrachtgever op een verboden wijze ter beschikking stelt in de zin van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers. De Opdrachtgever onthoudt er zich van om ook maar enig gedeelte van het gezag over het personeel van de Opdrachtnemer uit te oefenen.
Gelden niet als uitoefening van enig gedeelte van het werkgeversgezag:
* het naleven door de Opdrachtgever van de verplichtingen die op hem rusten in verband met het welzijn op het werk die gelden voor de plaats waar de opdracht wordt uitgeoefend;
* de instructies zoals bepaald in de Deelovereenkomst die de Opdrachtgever geeft voor de goede uitvoering van de Opdracht onder de Overeenkomst.
4.5. Als een werknemer van de Opdrachtnemer vroeger werknemer is geweest bij de Opdrachtgever, meldt de Opdrachtnemer dat voordat hij die werknemer inzet voor de uitvoering van de Opdracht.
Artikel 5. Financiële en sociale verplichtingen
5.1. De Opdrachtnemer leeft alle wettelijke sociale, fiscale en handelsverplichtingen na die gelden voor de werknemers die hij ter beschikking stelt. De werknemers behouden hun salaris en alle daaraan verbonden financiële voordelen tijdens de terbeschikkingstelling.
5.2. Als tegenprestatie voor de geleverde diensten betaalt de Opdrachtgever aan de Opdrachtnemer een vergoeding voor de prestaties van de werknemers zoals bepaald in de Deelovereenkomst. Die vergoeding bedraagt 59,66 euro per gepresteerd lesuur.
De Opdrachtnemer maakt op maandelijkse basis een factuur op. De Opdrachtgever betaalt die factuur uiterlijk de laatste dag van de daaropvolgende maand.
5.3. De modaliteiten over de normale werkings- en verplaatsingskosten eigen aan de uitvoering van de Overeenkomst worden opgenomen in de Deelovereenkomst. Die kosten worden gedragen door de Opdrachtnemer.
Artikel 6. Vertrouwelijkheid
6.1. Zowel tijdens de duur van de Overeenkomst als na afloop ervan verbindt de Opdrachtnemer zich ertoe aan niemand enige informatie te geven van persoonlijke of vertrouwelijke aard over de Opdrachtgever, een leerling of personeel van de school van tewerkstelling, ongeacht het belang van die informatie of de omstandigheden waarin de Opdrachtnemer ze heeft verkregen.
Hetzelfde geldt voor alle - zelfs niet vertrouwelijke - interne informatie, uitgezonderd de publieke informatie.
De Opdrachtnemer maakt zich sterk dat ook zijn werknemers die voor de Opdracht worden ingezet, de hierboven vermelde verbintenis nakomen ten aanzien van de Opdrachtgever.
6.2. Iedere inbreuk op deze verplichting tot vertrouwelijkheid tijdens de duur van de Overeenkomst, hoe gering ook, is een reden om de Overeenkomst te beëindigen, conform artikel 11, onverminderd het recht van de Opdrachtgever om schadevergoeding te eisen.
Eveneens geeft iedere schending van deze verplichting tot vertrouwelijkheid aan de Opdrachtgever het recht de betaling van de schadevergoeding voor geleden schade te eisen.
Alle door de Opdrachtnemer verwezenlijkte of hem toevertrouwde documenten met betrekking tot de prestaties omschreven in de Overeenkomst, zijn en blijven exclusieve eigendom van de Opdrachtgever. De Opdrachtnemer mag alleen een kopie van die documenten maken voor de doeleinden die omschreven zijn in de Overeenkomst.
De Opdrachtgever kan op elk ogenblik de teruggave van de documenten en gegevens eisen. De documenten en gegevens worden in ieder geval aan de Opdrachtgever teruggegeven bij het einde van de Overeenkomst, ongeacht de reden van de beëindiging.
Artikel 7. Intellectuele eigendom
7.1. De Opdrachtnemer verklaart exclusief, automatisch en van rechtswege aan de Opdrachtgever alle wettelijk overdraagbare auteurs- of andere intellectuele rechten op alle geheel of ten dele in het kader van de uitvoering van de Overeenkomst gecreëerde werken en uitgevoerde prestaties aan de Opdrachtgever over te dragen.
De Overeenkomst slaat op alle werken, creaties en prestaties, uitvoeringen en dergelijke meer die door de Opdrachtnemer worden ontworpen of verwezenlijkt of waaraan hij heeft meegewerkt tijdens de duur van de Overeenkomst of in uitvoering ervan, met middelen of vanuit projecten van de Opdrachtgever, ongeacht of die creaties gerealiseerd werden door de Opdrachtnemer alleen of samen met andere personen.
7.2. Al deze werken, creaties en prestaties worden zonder uitzondering onweerlegbaar vermoed te zijn gedaan door de Opdrachtnemer ingevolge de Opdracht van de Opdrachtgever. De Opdrachtnemer erkent en aanvaardt dat de Opdrachtgever wordt geacht automatisch en van rechtswege verkrijger te zijn van de hierboven gespecificeerde rechten.
7.3. De exclusief overgedragen auteursrechten en andere intellectuele rechten omvatten het recht op reproductie. Dat omvat het recht op aanpassing, vertaling en distributie, het recht op publieke bekendmaking, het recht op ondergeschikt en afgeleid gebruik, zonder enige beperking.
7.4. De hiervoor gedefinieerde overdracht wordt toegestaan aan de Opdrachtgever voor de volledige duur van de literaire en artistieke eigendom en voor elke ondersteuner en exploitatiewijze.
7.5. De Opdrachtgever en Opdrachtnemer kunnen afspraken maken over het gebruik van in 7.2 bekomen werken, creaties of prestaties door de Opdrachtnemer. De Opdrachtnemer verbindt er zich in dat geval uitdrukkelijk toe dat hij deze werken, creaties of prestaties niet zal commercialiseren of verspreiden.
Artikel 8. Aansprakelijkheid
8.1. De Opdrachtnemer verzekert op zijn uitsluitende verantwoordelijkheid de goede uitvoering van de overeengekomen Opdracht.
Mogelijke fouten of tekortkomingen in de geleverde diensten die de Opdrachtnemer heeft gemaakt in het kader van, of met betrekking tot de uitvoering van de aanvaarde Opdracht kunnen alleen leiden tot aansprakelijkheid als wordt aangetoond dat ze het gevolg zijn van een grove nalatigheid, opzet of gebrek aan de normale deskundigheid die vereist is voor de dienst in kwestie.
8.2. Als de Opdrachtnemer de diensten en activiteiten vermeld in de Deelovereenkomst niet kan uitvoeren door afwezigheid wegens ziekte of ongeval van de werknemer van de Opdrachtnemer, brengt de Opdrachtnemer de Opdrachtgever daarvan zo snel mogelijk op de hoogte.
8.3. Als de Opdrachtnemer de hem toevertrouwde Opdracht niet kan voortzetten, brengt hij onmiddellijk de Opdrachtgever op de hoogte, zodat die laatste de nodige maatregelen kan nemen.
8.4. De Opdrachtnemer kan alleen aansprakelijk worden gesteld voor bedrog of een zware fout gepleegd door hemzelf of door een van zijn werknemers. In dat laatste geval beperkt zijn aansprakelijkheid zich tot de herstelling van voorzienbare, directe, persoonlijke en zekere schade die de Opdrachtgever heeft geleden.
8.5. De Opdrachtgever kan op grond van de Overeenkomst alleen aansprakelijk worden gesteld voor opzet of grove nalatigheid. Die beperking geldt niet voor lichamelijke schade.
De Opdrachtgever zorgt ervoor dat de werknemers van de Opdrachtnemer tijdens de uitvoering van de Opdracht verzekerd zijn via de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid en rechtsbijstand die ook voor zijn andere personeelsleden geldt.
Artikel 9. Welzijn op het werk
9.1. Ter uitvoering van artikel 8 tot 10 van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, ziet de Opdrachtgever erop toe dat de werknemers van de Opdrachtnemer op de hoogte worden gesteld van alle bepalingen van de wet van 4 augustus 1996 over het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk (Welzijnswet), haar uitvoeringsbesluiten en de bepalingen van het Algemeen Reglement op de Arbeidsbescherming (ARAB) die van toepassing zijn op de uitoefening van de Opdracht bij de Opdrachtgever.
9.2. De Opdrachtnemer zet voor het uitvoeren van de Opdracht alleen werknemers in die goed geïnstrueerd en opgeleid zijn op het vlak van de te nemen preventie- en beschermingsmaatregelen.
9.3. De Opdrachtgever informeert de Opdrachtnemer en zijn werknemers over:
* de beroepsrisico's bij de Opdrachtgever;
* de beschermings- en preventiemiddelen bij de Opdrachtgever;
* de organisatie van de eerste hulp bij de Opdrachtgever;
* de brandbestrijding en de evacuatie van personen bij binnenwerken bij de Opdrachtgever.
Hij doet dat zoals bepaald in de Welzijnswet en haar uitvoeringsbesluiten.
9.4. De Opdrachtgever verbindt zich ertoe zijn verplichtingen inzake het welzijn van de werknemers bij de uitvoering van hun werk, die eigen zijn aan de inrichting waarin zijn werknemers werkzaamheden komen uitvoeren, na te leven.
9.5. Als de Opdrachtgever de hiervoor bepaalde verplichtingen niet of gebrekkig naleeft, kan de Opdrachtnemer in alle gevallen zelf de nodige maatregelen treffen, op kosten van de Opdrachtgever.
Artikel 10. Contactpersonen en volmachten
10.1. De Opdrachtgever wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Overeenkomst betreft de volgende persoon aan: [NAAM], [FUNCTIE].
10.2. De Opdrachtnemer wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Overeenkomst betreft de volgende persoon aan: [NAAM], [FUNCTIE].
10.3. De Opdrachtgever geeft volmacht aan de Opdrachtnemer om in zijn naam de handelingen te stellen die zijn opgenomen in de Deelovereenkomst.
Artikel 11. Duurtijd van de Raamovereenkomst
11.1. Deze Raamovereenkomst is gesloten voor [PERIODE OPNEMEN].
11.2. Elk van de Partijen kan een einde aan de Overeenkomst, vermeld in artikel 12, stellen door middel van een opzegging via een per post aangetekende brief. Daarbij moet een opzeggingstermijn van één maand in acht worden genomen. De aangetekende brief moet op straffe van nietigheid verstuurd worden uiterlijk 7 kalenderdagen voor het verstrijken van de maand. De opzeggingstermijn gaat in op de eerste dag van de maand die volgt op de datum van verzending.
Elke Partij heeft bovendien het recht om de Overeenkomst, vermeld in artikel 12, op gelijk welk ogenblik met onmiddellijke ingang te beëindigen, zonder een opzeggingstermijn na te leven. In dat geval moet ze aan de andere Partij een bedrag betalen dat gelijk is aan een maand vergoeding, berekend op basis van de gemiddelde vergoeding die de Opdrachtgever ter uitvoering van deze Overeenkomst voor één maand heeft betaald of betaald zou moeten hebben.
Elke Partij heeft bovendien het recht de Overeenkomst, vermeld in artikel 12, te beëindigen zonder opzegging noch vergoeding, als een ernstige tekortkoming van de andere Partij de verdere professionele samenwerking tussen Partijen definitief onmogelijk maakt en als uitzonderlijke omstandigheden de verdere uitvoering van deze Overeenkomst definitief onmogelijk maken.
Onder meer de volgende feiten worden als een ernstige tekortkoming beschouwd:
* een inbreuk op het artikel 6 van de Raamovereenkomst;
* een inbreuk op het artikel 9 van de Raamovereenkomst;
* een schending van de contractuele verplichtingen, als die niet wordt hersteld binnen tien kalenderdagen na de officiële kennisgeving.
Deze opsomming is niet limitatief.
De beëindiging zonder opzegging noch vergoeding wordt aan de andere Partij betekend via een per post aangetekende brief binnen tien kalenderdagen te rekenen vanaf de dag waarop de Partij die de beëindiging inroept, kennis heeft van de feiten die aan de grondslag liggen van de beëindiging.
11.3. De Overeenkomst, vermeld in artikel 12, wordt van rechtswege en zonder ingebrekestelling, zonder enige vergoeding, als beëindigd beschouwd als een van de Partijen haar activiteiten stopzet, na liquidatie of faillissement.
Artikel 12. Overeenkomst
De volledige Overeenkomst tussen Partijen bestaat slechts uit deze Raamovereenkomst, aangevuld door de Deelovereenkomst(en) en eventueel andere bijlagen. De andere algemene voorwaarden van de Partijen zijn niet van toepassing.
Artikel 13. Bevoegdheid en toepasselijk recht
13.1. De Overeenkomst wordt beheerst door het Belgisch recht.
13.2. Partijen komen overeen dat eventuele vorderingen en geschillen over het bestaan, de interpretatie of de uitvoering van de Overeenkomst en de bijlagen zullen worden voorgelegd aan de bevoegde rechtbank.
Gedaan te [PLAATS] op [DATUM] in zoveel exemplaren als er Partijen zijn
De Opdrachtnemer, De Opdrachtgever,
[NAAM EN RECHTSVORM] [NAAM EN RECHTSVORM]
Art. N. Annexe. Modèle de convention-cadre de services, visé à l'article 7
CONVENTION-CADRE DE SERVICES
ENTRE
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Donneur d'ordre ", d'une part, et
ET
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Preneur d'ordre ", d'autre part ;
Ci-après également dénommés " la Partie " individuellement et " les Parties " collectivement
CONSIDERANT QUE
Le Donneur d'ordre cherche une solution à court terme pour une mission spécifique au sein de l'école [NOM, NUMERO D'ETABLISSEMENT ET ADRESSE DE L'ECOLE] ;
Pour ce faire, le Donneur d'ordre a besoin de l'assistance d'une personne expérimentée et compétente et il n'a pas la possibilité de mener à bien la mission avec son propre personnel immédiatement et souhaite donc faire appel au Preneur d'ordre pour la fourniture de certains services ;
Les Parties sont prêtes à travailler ensemble sur une mission concrète ;
Les Parties ont soumis la fourniture de ces services aux dispositions et conditions énoncées dans la présente Convention-cadre de services (ci-après " la Convention-cadre "), la Sous-convention sur les modalités de service spécifiques (ci-après " la Sous-convention ") et ses éventuelles annexes ;
La Convention-cadre, la Sous-convention et ses annexes constituent ensemble la Convention entre les Parties
IL EST CONVENU CE QUI SUIT
Article 1. Objet de la convention
1.1. L'objet de la Convention-cadre est la fourniture de certains services pour l'exécution d'une mission spécifique, telle que décrite à l'article 2, qui est individualisée dans la Sous-convention.
La présente Convention-cadre contient les conditions générales dans lesquelles le Preneur d'ordre fournira les services nécessaires à l'exécution de la Mission pour le compte du Donneur d'ordre.
1.2. Les dispositions de la présente Convention-cadre régissent la relation juridique entre le Donneur d'ordre et le Preneur d'ordre. En cas de contradiction ou de divergence, les dispositions de la Sous-convention prévalent sur celles de la Convention-cadre. En outre, les dispositions d'une Sous-convention plus récente prévalent toujours sur celles d'une Sous-convention antérieure.
Article 2. Mission
Le Donneur d'ordre détermine la mission à attribuer au Preneur d'ordre. Il s'agit toujours d'une mission d'enseignement dans une matière, qui comprend les éléments suivants :
* la planification et la préparation des cours ;
* l'enseignement proprement dit ;
* l'encadrement des élèves spécifique à la classe ;
* l'évaluation des élèves ;
* la consultation et la coopération avec la direction, les collègues, le CLB et les parents.
Article 3. Exécution de la mission
3.1. Les Parties conviennent et reconnaissent que la relation juridique établie entre elles est une Convention de services. Tout contrat de travail entre les Parties en application de la présente Convention est définitivement exclu. Un contrat de travail ne peut pas non plus naître entre les employés individuels du Preneur d'ordre d'une part et le Donneur d'ordre d'autre part pendant l'exécution de la mission.
3.2. Le Preneur d'ordre désigne un ou plusieurs employés, en toute autonomie et selon ses propres connaissances et expériences, pour exécuter la Mission. Ces employés doivent en tout cas remplir les conditions prévues à l'article 4.
3.3. Les Parties déterminent en concertation et en fonction des besoins de la Mission, le lieu où les services sont habituellement prestés.
Le Preneur d'ordre peut à tout moment utiliser l'infrastructure du Donneur d'ordre, comme les manuels, le matériel didactique, les installations TIC et l'accès à Internet. Cette énumération n'est pas limitative.
Si nécessaire, les Parties peuvent prendre des dispositions spécifiques à cet effet dans la Sous-convention à la présente Convention-cadre.
3.4. Le Preneur d'ordre s'engage à exécuter ou à faire exécuter au mieux la Mission confiée.
Le Preneur d'ordre s'engage à consacrer à l'exécution de la Mission tout le temps nécessaire à sa réalisation. Les jours effectifs par semaine qui sont nécessaires à la bonne exécution de la Mission sont inclus dans la Sous-convention.
3.5. Le Donneur d'ordre peut donner des directives au Preneur d'ordre sur l'exécution de la Mission. Elles concernent l'exécution effective des accords contractuels, sans intervenir dans la manière d'exécuter la Convention, puisque le Preneur d'ordre en décide de manière autonome.
3.6. Le Donneur d'ordre s'engage à ce que, pendant l'exécution de la Mission visée à l'article 2, les employés aient droit à un encadrement initial, un coaching et un soutien, comme c'est le cas pour ses autres employés.
Article 4. Personnel du preneur d'ordre
4.1. Le Preneur d'ordre est responsable de la bonne exécution de la Mission visée à l'article 2 et des services et activités qui assurent son exécution, tels qu'énumérés dans la Sous-convention. Cela signifie qu'il est entièrement responsable du déploiement de la main-d'oeuvre nécessaire, dont il assume l'entière responsabilité des actions.
Le Preneur d'ordre s'engage à déployer pour l'exécution de la Mission des employés qualifiés, qui doivent être proposés au Donneur d'ordre au préalable afin de pouvoir vérifier leurs compétence professionnelle, expérience et savoir-faire requis. Le Preneur d'ordre s'assure que les employés désignés par lui remplissent en tout état de cause les conditions suivantes pour l'exécution de la Mission:
* leur conduite est irréprochable et attestée par un extrait du casier judiciaire délivré depuis un an au plus. L'extrait du casier judiciaire doit indiquer la finalité suivante : 596.2 - modèle destiné aux contacts avec des mineurs ;
* la santé des employés ne présente aucun danger pour les élèves. L'aptitude médicale est démontrée au moyen d'un certificat médical délivré par le médecin généraliste de l'employé ou par le médecin d'entreprise lié au Preneur d'ordre ;
* ils ont les connaissances requises du néerlandais comme langue d'enseignement. Ils maîtrisent le néerlandais au niveau C1 du Cadre européen de référence pour les langues ;
* ils sont titulaires d'un diplôme qui constitue au moins un " autre " titre pour la fonction d'enseignant de l'enseignement secondaire ;
* ils ont suivi un parcours éducatif spécifique dans un institut supérieur ou une université désignés à cet effet, à moins qu'ils n'aient suivi une formation d'enseignant reconnue et soient en mesure de présenter un diplôme de cette formation.
4.2. Les employés restent en toutes circonstances sous la direction exclusive et l'autorité hiérarchique du Preneur d'ordre et seul le Preneur d'ordre est autorisé à leur donner des directives et des instructions, sauf stipulation contraire dans la Sous-convention.
4.3. A aucun moment les employés du Preneur d'ordre ne peuvent être considérés comme des employés ou des préposés du Donneur d'ordre. Les employés du Donneur d'ordre ne peuvent pas non plus être considérés comme des employés ou des préposés du Preneur d'ordre.
4.4. Aucune des dispositions de la Convention ne peut être interprétée comme signifiant que le Preneur d'ordre met des employés à la disposition du Donneur d'ordre d'une manière interdite au sens de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs. Le Donneur d'ordre s'abstient d'exercer une part quelconque de l'autorité sur le personnel du Preneur d'ordre.
Ne comptent pas comme l'exercice d'une part quelconque de l'autorité de l'employeur :
* le respect par le Donneur d'ordre de ses obligations en matière de bien-être au travail applicables au lieu d'exécution de la mission ;
* les instructions données par le Donneur d'ordre, telles que stipulées dans la Sous-convention, pour la bonne exécution de la Mission dans le cadre de la Convention.
4.5. Si un employé du Preneur d'ordre a déjà été un employé du Donneur d'ordre, le Preneur d'ordre le signale avant de l'affecter à l'exécution de la Mission.
Article 5. Obligations financières et sociales
5.1. Le Preneur d'ordre respecte toutes les obligations sociales, fiscales et commerciales légales qui s'appliquent aux employés qu'il met à disposition. Les employés conservent leur salaire et tous les avantages financiers qui y sont liés pendant la mise à disposition.
5.2. En contrepartie des services rendus, le Donneur d'ordre paie au Preneur d'ordre une compensation pour les prestations des employés, comme stipulé dans la Sous-convention. Cette compensation s'élève à 59,66 euros par heure prestée.
Le Preneur d'ordre établit une facture mensuellement. Le Donneur d'ordre paie cette facture au plus tard le dernier jour du mois suivant.
5.3. Les modalités relatives aux frais de fonctionnement et de déplacement normaux, inhérents à l'exécution de la Convention, sont incluses dans la Sous-convention. Ces frais sont supportés par le Preneur d'ordre.
Article 6. Confidentialité
6.1. Pendant et après la période de la Convention, le Preneur d'ordre s'engage à ne fournir à personne des informations de nature personnelle ou confidentielle sur le Donneur d'ordre, un élève ou le personnel de l'école d'emploi, quelle que soit l'importance de ces informations ou les circonstances dans lesquelles le Preneur d'ordre les a obtenues.
Il en va de même pour toutes les informations internes, même non confidentielles, à l'exception des informations publiques.
Le Preneur d'ordre s'engage à ce que ses employés qui sont déployés pour la Mission remplissent également l'obligation susmentionnée envers le Donneur d'ordre.
6.2. Tout manquement à cette obligation de confidentialité pendant la durée de la Convention, même mineur, est un motif de résiliation de la Convention, conformément à l'article 11, sans préjudice du droit du Donneur d'ordre de réclamer des dommages et intérêts.
En outre, toute violation de cette obligation de confidentialité donne au Donneur d'ordre le droit d'exiger le paiement d'une indemnité pour les dommages subis.
Tous les documents réalisés par ou confiés au Preneur d'ordre en relation avec les prestations décrites dans la Convention sont et restent la propriété exclusive du Donneur d'ordre. Le Preneur d'ordre ne peut faire une copie de ces documents qu'aux fins décrites dans la Convention.
Le Donneur d'ordre peut exiger à tout moment la restitution des documents et des données. Les documents et données sont en tout cas restitués au Donneur d'ordre à la fin de la Convention, quelle que soit la raison de la résiliation.
Article 7. Propriété intellectuelle
7.1. Le Preneur d'ordre déclare transférer exclusivement, automatiquement et de plein droit au Donneur d'ordre tous les droits d'auteur ou autres droits de propriété intellectuelle légalement transférables sur toutes les oeuvres créées et les prestations réalisées en tout ou partie dans le cadre de l'exécution de la Convention.
La Convention couvre tous les travaux, créations, prestations, exécutions et autres qui sont conçus ou réalisés par le Preneur d'ordre ou auxquels il a contribué pendant la durée de la Convention ou dans le cadre de son exécution, avec des moyens ou à partir de projets du Donneur d'ordre, que ces créations aient été réalisées par le Preneur d'ordre seul ou avec d'autres personnes.
7.2. Tous ces travaux, créations et prestations sont, sans exception, irréfutablement présumés avoir été réalisés par le Preneur d'ordre en vertu de la Mission définie par le Donneur d'ordre. Le Preneur d'ordre reconnaît et accepte que le Donneur d'ordre est réputé acquérir automatiquement et de plein droit les droits précisés ci-dessus.
7.3. Les droits d'auteur et autres droits intellectuels exclusivement transférés comprennent le droit de reproduction. Cela comprend le droit d'adaptation, de traduction et de distribution, le droit de publication, le droit d'utilisation subordonnée et dérivée, sans restriction aucune.
7.4. Le transfert défini ci-dessus est accordé au Donneur d'ordre pour toute la durée de la propriété littéraire et artistique et pour chaque support et mode d'exploitation.
7.5. Le Donneur d'ordre et le Preneur d'ordre peuvent prendre des dispositions concernant l'utilisation des oeuvres, créations ou prestations du Preneur d'ordre, acquises en vertu de 7.2. Dans ce cas, le Preneur d'ordre s'engage expressément à ne pas commercialiser ou distribuer ces oeuvres, créations ou prestations.
Article 8. Responsabilité
8.1. Le Preneur d'ordre assure, sous sa seule responsabilité, la bonne exécution de la Mission convenue.
Les éventuelles erreurs ou insuffisances des services fournis par le Preneur d'ordre dans le cadre de ou en relation avec l'exécution de la Mission acceptée ne peuvent donner lieu à une responsabilité que s'il est démontré qu'elles résultent d'une négligence grave, d'une intention ou d'un manque d'expertise normale requise pour le service en question.
8.2. Si le Preneur d'ordre est dans l'incapacité d'exécuter les services et activités visés dans la Sous-convention pour cause d'absence due à une maladie ou à un accident de l'employé du Preneur d'ordre, le Preneur d'ordre en informe le Donneur d'ordre dans les plus brefs délais.
8.3. Si le Preneur d'ordre n'est pas en mesure de poursuivre la Mission qui lui a été confiée, il en informe immédiatement le Donneur d'ordre afin que ce dernier puisse prendre les mesures nécessaires.
8.4. Le Preneur d'ordre ne peut être tenu responsable que du dol ou de la faute lourde commis par lui-même ou par l'un de ses employés. Dans ce dernier cas, sa responsabilité est limitée à la réparation des dommages prévisibles, directs, personnels et certains subis par le Donneur d'ordre.
8.5. Le Donneur d'ordre ne peut être tenu responsable, en vertu de la Convention, que d'une faute intentionnelle ou d'une négligence grave. Cette restriction ne s'applique pas aux dommages corporels.
Le Donneur d'ordre veille à ce que les employés du Preneur d'ordre soient couverts, pendant l'exécution de la Mission, par l'assurance responsabilité civile et protection juridique qui s'applique également à ses autres employés.
Article 9. Bien-être au travail
9.1. En application des articles 8 à 10 de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail, le Donneur d'ordre veille à ce que les employés du Preneur d'ordre soient informés de toutes les dispositions de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail (Loi sur le Bien-être), de ses arrêtés d'exécution et des dispositions du Règlement général pour la protection du travail (RGPT) qui s'appliquent à l'exécution de la Mission auprès du Donneur d'ordre.
9.2. Pour l'exécution de la Mission, le Preneur d'ordre ne déploie que des employés qui ont été correctement instruits et formés aux mesures de prévention et de protection à prendre.
9.3. Le Donneur d'ordre informe le Preneur d'ordre et ses employés sur :
* les risques professionnels chez le Donneur d'ordre ;
* les équipements de protection et de prévention chez le Donneur d'ordre ;
* l'organisation des premiers secours chez le Donneur d'ordre ;
* la lutte contre l'incendie et l'évacuation des personnes lorsqu'elles travaillent à l'intérieur des locaux du Donneur d'ordre.
Il le fait conformément à la Loi sur le Bien-être et à ses arrêtés d'exécution.
9.4. Le Donneur d'ordre s'engage à respecter ses obligations relatives au bien-être des employés dans l'exercice de leur travail, qui sont spécifiques à l'établissement dans lequel ses employés viennent travailler.
9.5. Si le Donneur d'ordre ne remplit pas ou pas correctement les obligations énoncées ci-dessus, le Preneur d'ordre peut dans tous les cas prendre lui-même les mesures nécessaires, aux frais du Donneur d'ordre.
Article 10. Personnes de contact et procurations
10.1. Le Donneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Convention : [NOM], [FONCTION].
10.2. Le Preneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Convention : [NOM], [FONCTION].
10.3. Le Donneur d'ordre donne au Preneur d'ordre une procuration pour effectuer en son nom les actes prévus dans la Sous-convention.
Article 11. Durée de la Convention-cadre
11.1. La présente Convention-cadre est conclue pour [COMPLETER PERIODE].
11.2. Chacune des Parties peut mettre fin à la Convention visée à l'article 12 par le biais d'une résiliation par lettre recommandée à la poste. Un délai de préavis d'un mois doit être respecté. La lettre recommandée doit être envoyée au plus tard 7 jours civils avant la fin du mois, sous peine de nullité. Le délai de préavis commence à courir le premier jour du mois suivant la date d'envoi.
Chaque Partie a également le droit de résilier la Convention visée à l'article 12 à tout moment avec effet immédiat et sans délai de préavis. Dans ce cas, elle doit verser à l'autre Partie un montant égal à un mois de compensation, calculé sur la base de la compensation moyenne que le Donneur d'ordre a payée ou aurait dû payer pendant un mois pour l'exécution de la présente Convention.
Chaque Partie a en outre le droit de résilier la Convention visée à l'article 12 sans préavis ni compensation si une grave défaillance de l'autre Partie rend définitivement impossible la poursuite de la coopération professionnelle entre les Parties et si des circonstances exceptionnelles rendent définitivement impossible la poursuite de l'exécution de la présente Convention.
Les faits suivants, entre autres, sont considérés comme une grave défaillance :
* une violation de l'article 6 de la Convention-cadre ;
* une violation de l'article 9 de la Convention-cadre ;
* une violation des obligations contractuelles s'il n'y est pas remédié dans les dix jours civils suivant la notification officielle.
Cette énumération n'est pas limitative.
La résiliation sans préavis ni compensation est notifiée à l'autre Partie par lettre recommandée à la poste dans les dix jours civils à compter du jour où la Partie qui invoque la résiliation a pris connaissance des faits donnant lieu à la résiliation.
11.3. La Convention visée à l'article 12 est réputée résiliée de plein droit et sans mise en demeure, sans compensation, si l'une des Parties cesse ses activités après liquidation ou faillite.
Article 12. Convention
L'ensemble de la Convention entre les Parties consiste uniquement en la présente Convention-cadre, complétée par la ou les Sous-conventions et toute autre annexe. Les autres conditions générales des Parties ne s'appliquent pas.
Article 13. Compétence et droit applicable
13.1. La Convention est régie par le droit belge.
13.2. Les Parties conviennent que toute réclamation ou litige relatifs à l'existence, à l'interprétation ou à l'exécution de la Convention et de ses annexes seront soumis au tribunal compétent.
Fait à [LIEU] le [DATE] en autant d'exemplaires qu'il y a de Parties
Le Preneur d'ordre, Le Donneur d'ordre,
[NOM ET FORME JURIDIQUE] [NOM ET FORME JURIDIQUE]
CONVENTION-CADRE DE SERVICES
ENTRE
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Donneur d'ordre ", d'une part, et
ET
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Preneur d'ordre ", d'autre part ;
Ci-après également dénommés " la Partie " individuellement et " les Parties " collectivement
CONSIDERANT QUE
Le Donneur d'ordre cherche une solution à court terme pour une mission spécifique au sein de l'école [NOM, NUMERO D'ETABLISSEMENT ET ADRESSE DE L'ECOLE] ;
Pour ce faire, le Donneur d'ordre a besoin de l'assistance d'une personne expérimentée et compétente et il n'a pas la possibilité de mener à bien la mission avec son propre personnel immédiatement et souhaite donc faire appel au Preneur d'ordre pour la fourniture de certains services ;
Les Parties sont prêtes à travailler ensemble sur une mission concrète ;
Les Parties ont soumis la fourniture de ces services aux dispositions et conditions énoncées dans la présente Convention-cadre de services (ci-après " la Convention-cadre "), la Sous-convention sur les modalités de service spécifiques (ci-après " la Sous-convention ") et ses éventuelles annexes ;
La Convention-cadre, la Sous-convention et ses annexes constituent ensemble la Convention entre les Parties
IL EST CONVENU CE QUI SUIT
Article 1. Objet de la convention
1.1. L'objet de la Convention-cadre est la fourniture de certains services pour l'exécution d'une mission spécifique, telle que décrite à l'article 2, qui est individualisée dans la Sous-convention.
La présente Convention-cadre contient les conditions générales dans lesquelles le Preneur d'ordre fournira les services nécessaires à l'exécution de la Mission pour le compte du Donneur d'ordre.
1.2. Les dispositions de la présente Convention-cadre régissent la relation juridique entre le Donneur d'ordre et le Preneur d'ordre. En cas de contradiction ou de divergence, les dispositions de la Sous-convention prévalent sur celles de la Convention-cadre. En outre, les dispositions d'une Sous-convention plus récente prévalent toujours sur celles d'une Sous-convention antérieure.
Article 2. Mission
Le Donneur d'ordre détermine la mission à attribuer au Preneur d'ordre. Il s'agit toujours d'une mission d'enseignement dans une matière, qui comprend les éléments suivants :
* la planification et la préparation des cours ;
* l'enseignement proprement dit ;
* l'encadrement des élèves spécifique à la classe ;
* l'évaluation des élèves ;
* la consultation et la coopération avec la direction, les collègues, le CLB et les parents.
Article 3. Exécution de la mission
3.1. Les Parties conviennent et reconnaissent que la relation juridique établie entre elles est une Convention de services. Tout contrat de travail entre les Parties en application de la présente Convention est définitivement exclu. Un contrat de travail ne peut pas non plus naître entre les employés individuels du Preneur d'ordre d'une part et le Donneur d'ordre d'autre part pendant l'exécution de la mission.
3.2. Le Preneur d'ordre désigne un ou plusieurs employés, en toute autonomie et selon ses propres connaissances et expériences, pour exécuter la Mission. Ces employés doivent en tout cas remplir les conditions prévues à l'article 4.
3.3. Les Parties déterminent en concertation et en fonction des besoins de la Mission, le lieu où les services sont habituellement prestés.
Le Preneur d'ordre peut à tout moment utiliser l'infrastructure du Donneur d'ordre, comme les manuels, le matériel didactique, les installations TIC et l'accès à Internet. Cette énumération n'est pas limitative.
Si nécessaire, les Parties peuvent prendre des dispositions spécifiques à cet effet dans la Sous-convention à la présente Convention-cadre.
3.4. Le Preneur d'ordre s'engage à exécuter ou à faire exécuter au mieux la Mission confiée.
Le Preneur d'ordre s'engage à consacrer à l'exécution de la Mission tout le temps nécessaire à sa réalisation. Les jours effectifs par semaine qui sont nécessaires à la bonne exécution de la Mission sont inclus dans la Sous-convention.
3.5. Le Donneur d'ordre peut donner des directives au Preneur d'ordre sur l'exécution de la Mission. Elles concernent l'exécution effective des accords contractuels, sans intervenir dans la manière d'exécuter la Convention, puisque le Preneur d'ordre en décide de manière autonome.
3.6. Le Donneur d'ordre s'engage à ce que, pendant l'exécution de la Mission visée à l'article 2, les employés aient droit à un encadrement initial, un coaching et un soutien, comme c'est le cas pour ses autres employés.
Article 4. Personnel du preneur d'ordre
4.1. Le Preneur d'ordre est responsable de la bonne exécution de la Mission visée à l'article 2 et des services et activités qui assurent son exécution, tels qu'énumérés dans la Sous-convention. Cela signifie qu'il est entièrement responsable du déploiement de la main-d'oeuvre nécessaire, dont il assume l'entière responsabilité des actions.
Le Preneur d'ordre s'engage à déployer pour l'exécution de la Mission des employés qualifiés, qui doivent être proposés au Donneur d'ordre au préalable afin de pouvoir vérifier leurs compétence professionnelle, expérience et savoir-faire requis. Le Preneur d'ordre s'assure que les employés désignés par lui remplissent en tout état de cause les conditions suivantes pour l'exécution de la Mission:
* leur conduite est irréprochable et attestée par un extrait du casier judiciaire délivré depuis un an au plus. L'extrait du casier judiciaire doit indiquer la finalité suivante : 596.2 - modèle destiné aux contacts avec des mineurs ;
* la santé des employés ne présente aucun danger pour les élèves. L'aptitude médicale est démontrée au moyen d'un certificat médical délivré par le médecin généraliste de l'employé ou par le médecin d'entreprise lié au Preneur d'ordre ;
* ils ont les connaissances requises du néerlandais comme langue d'enseignement. Ils maîtrisent le néerlandais au niveau C1 du Cadre européen de référence pour les langues ;
* ils sont titulaires d'un diplôme qui constitue au moins un " autre " titre pour la fonction d'enseignant de l'enseignement secondaire ;
* ils ont suivi un parcours éducatif spécifique dans un institut supérieur ou une université désignés à cet effet, à moins qu'ils n'aient suivi une formation d'enseignant reconnue et soient en mesure de présenter un diplôme de cette formation.
4.2. Les employés restent en toutes circonstances sous la direction exclusive et l'autorité hiérarchique du Preneur d'ordre et seul le Preneur d'ordre est autorisé à leur donner des directives et des instructions, sauf stipulation contraire dans la Sous-convention.
4.3. A aucun moment les employés du Preneur d'ordre ne peuvent être considérés comme des employés ou des préposés du Donneur d'ordre. Les employés du Donneur d'ordre ne peuvent pas non plus être considérés comme des employés ou des préposés du Preneur d'ordre.
4.4. Aucune des dispositions de la Convention ne peut être interprétée comme signifiant que le Preneur d'ordre met des employés à la disposition du Donneur d'ordre d'une manière interdite au sens de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs. Le Donneur d'ordre s'abstient d'exercer une part quelconque de l'autorité sur le personnel du Preneur d'ordre.
Ne comptent pas comme l'exercice d'une part quelconque de l'autorité de l'employeur :
* le respect par le Donneur d'ordre de ses obligations en matière de bien-être au travail applicables au lieu d'exécution de la mission ;
* les instructions données par le Donneur d'ordre, telles que stipulées dans la Sous-convention, pour la bonne exécution de la Mission dans le cadre de la Convention.
4.5. Si un employé du Preneur d'ordre a déjà été un employé du Donneur d'ordre, le Preneur d'ordre le signale avant de l'affecter à l'exécution de la Mission.
Article 5. Obligations financières et sociales
5.1. Le Preneur d'ordre respecte toutes les obligations sociales, fiscales et commerciales légales qui s'appliquent aux employés qu'il met à disposition. Les employés conservent leur salaire et tous les avantages financiers qui y sont liés pendant la mise à disposition.
5.2. En contrepartie des services rendus, le Donneur d'ordre paie au Preneur d'ordre une compensation pour les prestations des employés, comme stipulé dans la Sous-convention. Cette compensation s'élève à 59,66 euros par heure prestée.
Le Preneur d'ordre établit une facture mensuellement. Le Donneur d'ordre paie cette facture au plus tard le dernier jour du mois suivant.
5.3. Les modalités relatives aux frais de fonctionnement et de déplacement normaux, inhérents à l'exécution de la Convention, sont incluses dans la Sous-convention. Ces frais sont supportés par le Preneur d'ordre.
Article 6. Confidentialité
6.1. Pendant et après la période de la Convention, le Preneur d'ordre s'engage à ne fournir à personne des informations de nature personnelle ou confidentielle sur le Donneur d'ordre, un élève ou le personnel de l'école d'emploi, quelle que soit l'importance de ces informations ou les circonstances dans lesquelles le Preneur d'ordre les a obtenues.
Il en va de même pour toutes les informations internes, même non confidentielles, à l'exception des informations publiques.
Le Preneur d'ordre s'engage à ce que ses employés qui sont déployés pour la Mission remplissent également l'obligation susmentionnée envers le Donneur d'ordre.
6.2. Tout manquement à cette obligation de confidentialité pendant la durée de la Convention, même mineur, est un motif de résiliation de la Convention, conformément à l'article 11, sans préjudice du droit du Donneur d'ordre de réclamer des dommages et intérêts.
En outre, toute violation de cette obligation de confidentialité donne au Donneur d'ordre le droit d'exiger le paiement d'une indemnité pour les dommages subis.
Tous les documents réalisés par ou confiés au Preneur d'ordre en relation avec les prestations décrites dans la Convention sont et restent la propriété exclusive du Donneur d'ordre. Le Preneur d'ordre ne peut faire une copie de ces documents qu'aux fins décrites dans la Convention.
Le Donneur d'ordre peut exiger à tout moment la restitution des documents et des données. Les documents et données sont en tout cas restitués au Donneur d'ordre à la fin de la Convention, quelle que soit la raison de la résiliation.
Article 7. Propriété intellectuelle
7.1. Le Preneur d'ordre déclare transférer exclusivement, automatiquement et de plein droit au Donneur d'ordre tous les droits d'auteur ou autres droits de propriété intellectuelle légalement transférables sur toutes les oeuvres créées et les prestations réalisées en tout ou partie dans le cadre de l'exécution de la Convention.
La Convention couvre tous les travaux, créations, prestations, exécutions et autres qui sont conçus ou réalisés par le Preneur d'ordre ou auxquels il a contribué pendant la durée de la Convention ou dans le cadre de son exécution, avec des moyens ou à partir de projets du Donneur d'ordre, que ces créations aient été réalisées par le Preneur d'ordre seul ou avec d'autres personnes.
7.2. Tous ces travaux, créations et prestations sont, sans exception, irréfutablement présumés avoir été réalisés par le Preneur d'ordre en vertu de la Mission définie par le Donneur d'ordre. Le Preneur d'ordre reconnaît et accepte que le Donneur d'ordre est réputé acquérir automatiquement et de plein droit les droits précisés ci-dessus.
7.3. Les droits d'auteur et autres droits intellectuels exclusivement transférés comprennent le droit de reproduction. Cela comprend le droit d'adaptation, de traduction et de distribution, le droit de publication, le droit d'utilisation subordonnée et dérivée, sans restriction aucune.
7.4. Le transfert défini ci-dessus est accordé au Donneur d'ordre pour toute la durée de la propriété littéraire et artistique et pour chaque support et mode d'exploitation.
7.5. Le Donneur d'ordre et le Preneur d'ordre peuvent prendre des dispositions concernant l'utilisation des oeuvres, créations ou prestations du Preneur d'ordre, acquises en vertu de 7.2. Dans ce cas, le Preneur d'ordre s'engage expressément à ne pas commercialiser ou distribuer ces oeuvres, créations ou prestations.
Article 8. Responsabilité
8.1. Le Preneur d'ordre assure, sous sa seule responsabilité, la bonne exécution de la Mission convenue.
Les éventuelles erreurs ou insuffisances des services fournis par le Preneur d'ordre dans le cadre de ou en relation avec l'exécution de la Mission acceptée ne peuvent donner lieu à une responsabilité que s'il est démontré qu'elles résultent d'une négligence grave, d'une intention ou d'un manque d'expertise normale requise pour le service en question.
8.2. Si le Preneur d'ordre est dans l'incapacité d'exécuter les services et activités visés dans la Sous-convention pour cause d'absence due à une maladie ou à un accident de l'employé du Preneur d'ordre, le Preneur d'ordre en informe le Donneur d'ordre dans les plus brefs délais.
8.3. Si le Preneur d'ordre n'est pas en mesure de poursuivre la Mission qui lui a été confiée, il en informe immédiatement le Donneur d'ordre afin que ce dernier puisse prendre les mesures nécessaires.
8.4. Le Preneur d'ordre ne peut être tenu responsable que du dol ou de la faute lourde commis par lui-même ou par l'un de ses employés. Dans ce dernier cas, sa responsabilité est limitée à la réparation des dommages prévisibles, directs, personnels et certains subis par le Donneur d'ordre.
8.5. Le Donneur d'ordre ne peut être tenu responsable, en vertu de la Convention, que d'une faute intentionnelle ou d'une négligence grave. Cette restriction ne s'applique pas aux dommages corporels.
Le Donneur d'ordre veille à ce que les employés du Preneur d'ordre soient couverts, pendant l'exécution de la Mission, par l'assurance responsabilité civile et protection juridique qui s'applique également à ses autres employés.
Article 9. Bien-être au travail
9.1. En application des articles 8 à 10 de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail, le Donneur d'ordre veille à ce que les employés du Preneur d'ordre soient informés de toutes les dispositions de la loi du 4 août 1996 relative au bien-être des travailleurs lors de l'exécution de leur travail (Loi sur le Bien-être), de ses arrêtés d'exécution et des dispositions du Règlement général pour la protection du travail (RGPT) qui s'appliquent à l'exécution de la Mission auprès du Donneur d'ordre.
9.2. Pour l'exécution de la Mission, le Preneur d'ordre ne déploie que des employés qui ont été correctement instruits et formés aux mesures de prévention et de protection à prendre.
9.3. Le Donneur d'ordre informe le Preneur d'ordre et ses employés sur :
* les risques professionnels chez le Donneur d'ordre ;
* les équipements de protection et de prévention chez le Donneur d'ordre ;
* l'organisation des premiers secours chez le Donneur d'ordre ;
* la lutte contre l'incendie et l'évacuation des personnes lorsqu'elles travaillent à l'intérieur des locaux du Donneur d'ordre.
Il le fait conformément à la Loi sur le Bien-être et à ses arrêtés d'exécution.
9.4. Le Donneur d'ordre s'engage à respecter ses obligations relatives au bien-être des employés dans l'exercice de leur travail, qui sont spécifiques à l'établissement dans lequel ses employés viennent travailler.
9.5. Si le Donneur d'ordre ne remplit pas ou pas correctement les obligations énoncées ci-dessus, le Preneur d'ordre peut dans tous les cas prendre lui-même les mesures nécessaires, aux frais du Donneur d'ordre.
Article 10. Personnes de contact et procurations
10.1. Le Donneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Convention : [NOM], [FONCTION].
10.2. Le Preneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Convention : [NOM], [FONCTION].
10.3. Le Donneur d'ordre donne au Preneur d'ordre une procuration pour effectuer en son nom les actes prévus dans la Sous-convention.
Article 11. Durée de la Convention-cadre
11.1. La présente Convention-cadre est conclue pour [COMPLETER PERIODE].
11.2. Chacune des Parties peut mettre fin à la Convention visée à l'article 12 par le biais d'une résiliation par lettre recommandée à la poste. Un délai de préavis d'un mois doit être respecté. La lettre recommandée doit être envoyée au plus tard 7 jours civils avant la fin du mois, sous peine de nullité. Le délai de préavis commence à courir le premier jour du mois suivant la date d'envoi.
Chaque Partie a également le droit de résilier la Convention visée à l'article 12 à tout moment avec effet immédiat et sans délai de préavis. Dans ce cas, elle doit verser à l'autre Partie un montant égal à un mois de compensation, calculé sur la base de la compensation moyenne que le Donneur d'ordre a payée ou aurait dû payer pendant un mois pour l'exécution de la présente Convention.
Chaque Partie a en outre le droit de résilier la Convention visée à l'article 12 sans préavis ni compensation si une grave défaillance de l'autre Partie rend définitivement impossible la poursuite de la coopération professionnelle entre les Parties et si des circonstances exceptionnelles rendent définitivement impossible la poursuite de l'exécution de la présente Convention.
Les faits suivants, entre autres, sont considérés comme une grave défaillance :
* une violation de l'article 6 de la Convention-cadre ;
* une violation de l'article 9 de la Convention-cadre ;
* une violation des obligations contractuelles s'il n'y est pas remédié dans les dix jours civils suivant la notification officielle.
Cette énumération n'est pas limitative.
La résiliation sans préavis ni compensation est notifiée à l'autre Partie par lettre recommandée à la poste dans les dix jours civils à compter du jour où la Partie qui invoque la résiliation a pris connaissance des faits donnant lieu à la résiliation.
11.3. La Convention visée à l'article 12 est réputée résiliée de plein droit et sans mise en demeure, sans compensation, si l'une des Parties cesse ses activités après liquidation ou faillite.
Article 12. Convention
L'ensemble de la Convention entre les Parties consiste uniquement en la présente Convention-cadre, complétée par la ou les Sous-conventions et toute autre annexe. Les autres conditions générales des Parties ne s'appliquent pas.
Article 13. Compétence et droit applicable
13.1. La Convention est régie par le droit belge.
13.2. Les Parties conviennent que toute réclamation ou litige relatifs à l'existence, à l'interprétation ou à l'exécution de la Convention et de ses annexes seront soumis au tribunal compétent.
Fait à [LIEU] le [DATE] en autant d'exemplaires qu'il y a de Parties
Le Preneur d'ordre, Le Donneur d'ordre,
[NOM ET FORME JURIDIQUE] [NOM ET FORME JURIDIQUE]
DEELOVEREENKOMST BIJ DE RAAMOVEREENKOMST VAN [DD/MM/YYYY]
TUSSEN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtgever" te noemen, enerzijds;
EN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtnemer" te noemen, anderzijds;
Hierna eveneens apart, "de Partij" en gezamenlijk, "de Partijen" te noemen.
OVERWEGENDE DAT
De Partijen een Raamovereenkomst Dienstverlening hebben gesloten;
De Partijen zijn overeengekomen de gedetailleerde omschrijving van de Opdracht en de specifieke modaliteiten van de dienstverlening vast te leggen in een afzonderlijke Deelovereenkomst.
WORDT OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT
Artikel 1. Opdracht
De Opdrachtnemer verleent de diensten/voert de activiteiten uit (hierna de "Diensten"/de "Activiteiten") die vereist zijn om een lesopdracht van XX/YY [uren/prestatienoemer] in het vak XXXXX uit te oefenen, die de taken omvat die vermeld zijn in artikel 2 van de Raamovereenkomst.
Artikel 2. Contactpersoon en vertegenwoordiger
De Opdrachtgever wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Opdracht betreft de volgende persoon aan: [NAAM en FUNCTIE ].
De Opdrachtnemer wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Opdracht betreft de volgende persoon aan: [NAAM en FUNCTIE].
Die contactpersonen zijn verantwoordelijk voor de opvolging en de coördinatie van de Opdracht zoals geregeld door deze Deelovereenkomst.
De communicatie tussen de Opdrachtgever en de Opdrachtnemer over de uitvoering van de Overeenkomst wordt in principe uitsluitend tussen de contactpersonen gevoerd, zonder afbreuk te doen aan het recht van de Opdrachtgever om richtlijnen en instructies aan het personeel van de Opdrachtnemer te geven zoals omschreven in de bijlage bij de Deelovereenkomst. Daarover zal echter voorafgaandelijk overleg worden gevoerd tussen de contactpersonen.
Artikel 3. Duurtijd van de Opdracht
3.1. De Deelovereenkomst wordt van kracht op [DATUM] en wordt gesloten voor een periode van [AANVULLEN] OF loopt af op [DATUM].
De Partijen bepalen één maand voor de vervaldag in gemeenschappelijk overleg of hun samenwerking wordt verlengd. Bij verlenging wordt een nieuwe Deelovereenkomst opgemaakt. Als er geen akkoord is op dat vlak, eindigt de Deelovereenkomst op de overeengekomen vervaldag.
3.2. Elk van de Partijen kan een einde aan de Deelovereenkomst stellen door middel van een opzegging via een per post aangetekende brief. Daarbij wordt een opzeggingstermijn van één maand in acht genomen. De aangetekende brief wordt op straffe van nietigheid verstuurd uiterlijk zeven kalenderdagen voor het verstrijken van de maand. De opzeggingstermijn gaat in op de eerste dag van de maand die volgt op de datum van verzending.
Als de opdracht een vacature betreft van een afwezige titularis en deze titularis komt terug vroegtijdig uit zijn afwezigheid, gaan de Partijen in overleg over de verdere uitvoering van de Deelovereenkomst. Als de Partijen besluiten de Deelovereenkomst omwille van de terugkomst van de titularis vroegtijdig te beëindigen, bepalen ze in overleg of er een opzeggingstermijn en vergoeding zal worden gehanteerd.
Elke Partij heeft bovendien het recht om de Deelovereenkomst, op gelijk welk ogenblik met onmiddellijke ingang te beëindigen, zonder een opzeggingstermijn na te leven. In dat geval betaalt ze aan de andere Partij een bedrag dat gelijk is aan een maand vergoeding, die wordt berekend op basis van de gemiddelde vergoeding die de Opdrachtgever ter uitvoering van deze Overeenkomst voor één maand heeft betaald of zou hebben moeten betalen.
Elke Partij heeft bovendien het recht de Deelovereenkomst te beëindigen zonder opzegging noch vergoeding, als een ernstige tekortkoming van de andere Partij de verdere professionele samenwerking tussen Partijen definitief onmogelijk maakt en als uitzonderlijke omstandigheden de verdere uitvoering van de Overeenkomst definitief onmogelijk maken.
Onder meer de volgende feiten worden als een ernstige tekortkoming beschouwd:
* een inbreuk op het artikel 6 van de Raamovereenkomst;
* een inbreuk op het artikel 9 van de Raamovereenkomst;
* een schending van de contractuele verplichtingen, als die niet wordt hersteld binnen tien kalenderdagen na officiële kennisgeving.
Die opsomming is niet limitatief.
De beëindiging zonder opzegging noch vergoeding wordt aan de andere Partij betekend via een per post aangetekende brief binnen tien kalenderdagen te rekenen vanaf de dag waarop de Partij die de beëindiging inroept, kennis heeft van de feiten die aan de grondslag liggen van de beëindiging.
Artikel 4. Prestatie-uren
De Opdrachtnemer is beschikbaar voor de uitvoering van de Diensten en Activiteiten die nodig zijn voor de Opdracht gedurende de tijd nodig om te voldoen aan de verplichtingen die voor hem uit de Overeenkomst voortvloeien. Partijen komen overeen dat de prestaties die de Opdrachtnemer voor de Opdrachtgever zal leveren, ongeveer [AANTAL] uren per week zullen belopen.
De prestaties vinden plaats op [DAG van de week].
Artikel 5. Plaats van uitvoering
Partijen bepalen in overleg en naargelang van de behoeften van de Opdracht de plaats waar de Diensten gebruikelijk worden gepresteerd. Bij deze Opdracht zullen de werkzaamheden worden uitgevoerd te [NAAM, INSTELLINGSNUMMER en ADRES SCHOOL].
De Opdrachtnemer kan gebruik maken van de infrastructuur en documentatie van de Opdrachtgever om de Diensten te leveren en de Activiteiten te organiseren.
De Opdrachtnemer heeft recht op aanvangsbegeleiding, coaching en ondersteuning door de Opdrachtgever tijdens de uitvoering van de Opdracht.
De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe om alle instructies over veiligheid en gezondheid die gelden binnen de gebouwen waar personeel van de Opdrachtgever werkzaam is, na te leven. Als de Opdrachtnemer die verplichtingen niet of gebrekkig naleeft, kan de Opdrachtgever zelf alle nodige maatregelen treffen in naam van de Opdrachtnemer en op zijn kosten.
Artikel 6. Tarief en facturatie
6.1. De forfaitaire prestatievergoeding bedraagt 59,66 euro per lesuur.
6.2. Elke factuur van de Opdrachtnemer wordt opgesteld conform de gemaakte afspraken in artikel 5 van de Raamovereenkomst.
Alle toevoegingen of aanpassingen aan deze Deelovereenkomst zijn alleen geldig als ze schriftelijk zijn overeengekomen en rechtsgeldig ondertekend door beide Partijen.
Gedaan te [PLAATS] op [dd/mm/yyyy] in zoveel exemplaren als er Partijen zijn.
De Opdrachtnemer, De Opdrachtgever,
Voor [naam en rechtsvorm] Voor [naam en rechtsvorm]
TUSSEN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtgever" te noemen, enerzijds;
EN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtnemer" te noemen, anderzijds;
Hierna eveneens apart, "de Partij" en gezamenlijk, "de Partijen" te noemen.
OVERWEGENDE DAT
De Partijen een Raamovereenkomst Dienstverlening hebben gesloten;
De Partijen zijn overeengekomen de gedetailleerde omschrijving van de Opdracht en de specifieke modaliteiten van de dienstverlening vast te leggen in een afzonderlijke Deelovereenkomst.
WORDT OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT
Artikel 1. Opdracht
De Opdrachtnemer verleent de diensten/voert de activiteiten uit (hierna de "Diensten"/de "Activiteiten") die vereist zijn om een lesopdracht van XX/YY [uren/prestatienoemer] in het vak XXXXX uit te oefenen, die de taken omvat die vermeld zijn in artikel 2 van de Raamovereenkomst.
Artikel 2. Contactpersoon en vertegenwoordiger
De Opdrachtgever wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Opdracht betreft de volgende persoon aan: [NAAM en FUNCTIE ].
De Opdrachtnemer wijst als zijn contactpersoon en vertegenwoordiger voor wat de uitvoering van de Opdracht betreft de volgende persoon aan: [NAAM en FUNCTIE].
Die contactpersonen zijn verantwoordelijk voor de opvolging en de coördinatie van de Opdracht zoals geregeld door deze Deelovereenkomst.
De communicatie tussen de Opdrachtgever en de Opdrachtnemer over de uitvoering van de Overeenkomst wordt in principe uitsluitend tussen de contactpersonen gevoerd, zonder afbreuk te doen aan het recht van de Opdrachtgever om richtlijnen en instructies aan het personeel van de Opdrachtnemer te geven zoals omschreven in de bijlage bij de Deelovereenkomst. Daarover zal echter voorafgaandelijk overleg worden gevoerd tussen de contactpersonen.
Artikel 3. Duurtijd van de Opdracht
3.1. De Deelovereenkomst wordt van kracht op [DATUM] en wordt gesloten voor een periode van [AANVULLEN] OF loopt af op [DATUM].
De Partijen bepalen één maand voor de vervaldag in gemeenschappelijk overleg of hun samenwerking wordt verlengd. Bij verlenging wordt een nieuwe Deelovereenkomst opgemaakt. Als er geen akkoord is op dat vlak, eindigt de Deelovereenkomst op de overeengekomen vervaldag.
3.2. Elk van de Partijen kan een einde aan de Deelovereenkomst stellen door middel van een opzegging via een per post aangetekende brief. Daarbij wordt een opzeggingstermijn van één maand in acht genomen. De aangetekende brief wordt op straffe van nietigheid verstuurd uiterlijk zeven kalenderdagen voor het verstrijken van de maand. De opzeggingstermijn gaat in op de eerste dag van de maand die volgt op de datum van verzending.
Als de opdracht een vacature betreft van een afwezige titularis en deze titularis komt terug vroegtijdig uit zijn afwezigheid, gaan de Partijen in overleg over de verdere uitvoering van de Deelovereenkomst. Als de Partijen besluiten de Deelovereenkomst omwille van de terugkomst van de titularis vroegtijdig te beëindigen, bepalen ze in overleg of er een opzeggingstermijn en vergoeding zal worden gehanteerd.
Elke Partij heeft bovendien het recht om de Deelovereenkomst, op gelijk welk ogenblik met onmiddellijke ingang te beëindigen, zonder een opzeggingstermijn na te leven. In dat geval betaalt ze aan de andere Partij een bedrag dat gelijk is aan een maand vergoeding, die wordt berekend op basis van de gemiddelde vergoeding die de Opdrachtgever ter uitvoering van deze Overeenkomst voor één maand heeft betaald of zou hebben moeten betalen.
Elke Partij heeft bovendien het recht de Deelovereenkomst te beëindigen zonder opzegging noch vergoeding, als een ernstige tekortkoming van de andere Partij de verdere professionele samenwerking tussen Partijen definitief onmogelijk maakt en als uitzonderlijke omstandigheden de verdere uitvoering van de Overeenkomst definitief onmogelijk maken.
Onder meer de volgende feiten worden als een ernstige tekortkoming beschouwd:
* een inbreuk op het artikel 6 van de Raamovereenkomst;
* een inbreuk op het artikel 9 van de Raamovereenkomst;
* een schending van de contractuele verplichtingen, als die niet wordt hersteld binnen tien kalenderdagen na officiële kennisgeving.
Die opsomming is niet limitatief.
De beëindiging zonder opzegging noch vergoeding wordt aan de andere Partij betekend via een per post aangetekende brief binnen tien kalenderdagen te rekenen vanaf de dag waarop de Partij die de beëindiging inroept, kennis heeft van de feiten die aan de grondslag liggen van de beëindiging.
Artikel 4. Prestatie-uren
De Opdrachtnemer is beschikbaar voor de uitvoering van de Diensten en Activiteiten die nodig zijn voor de Opdracht gedurende de tijd nodig om te voldoen aan de verplichtingen die voor hem uit de Overeenkomst voortvloeien. Partijen komen overeen dat de prestaties die de Opdrachtnemer voor de Opdrachtgever zal leveren, ongeveer [AANTAL] uren per week zullen belopen.
De prestaties vinden plaats op [DAG van de week].
Artikel 5. Plaats van uitvoering
Partijen bepalen in overleg en naargelang van de behoeften van de Opdracht de plaats waar de Diensten gebruikelijk worden gepresteerd. Bij deze Opdracht zullen de werkzaamheden worden uitgevoerd te [NAAM, INSTELLINGSNUMMER en ADRES SCHOOL].
De Opdrachtnemer kan gebruik maken van de infrastructuur en documentatie van de Opdrachtgever om de Diensten te leveren en de Activiteiten te organiseren.
De Opdrachtnemer heeft recht op aanvangsbegeleiding, coaching en ondersteuning door de Opdrachtgever tijdens de uitvoering van de Opdracht.
De Opdrachtnemer verbindt zich ertoe om alle instructies over veiligheid en gezondheid die gelden binnen de gebouwen waar personeel van de Opdrachtgever werkzaam is, na te leven. Als de Opdrachtnemer die verplichtingen niet of gebrekkig naleeft, kan de Opdrachtgever zelf alle nodige maatregelen treffen in naam van de Opdrachtnemer en op zijn kosten.
Artikel 6. Tarief en facturatie
6.1. De forfaitaire prestatievergoeding bedraagt 59,66 euro per lesuur.
6.2. Elke factuur van de Opdrachtnemer wordt opgesteld conform de gemaakte afspraken in artikel 5 van de Raamovereenkomst.
Alle toevoegingen of aanpassingen aan deze Deelovereenkomst zijn alleen geldig als ze schriftelijk zijn overeengekomen en rechtsgeldig ondertekend door beide Partijen.
Gedaan te [PLAATS] op [dd/mm/yyyy] in zoveel exemplaren als er Partijen zijn.
De Opdrachtnemer, De Opdrachtgever,
Voor [naam en rechtsvorm] Voor [naam en rechtsvorm]
SOUS-CONVENTION A LA CONVENTION-CADRE DU [JJ/MM/AAAA]
ENTRE
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Donneur d'ordre ", d'une part, et
ET
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Preneur d'ordre ", d'autre part ;
Ci-après également dénommés " la Partie " individuellement et " les Parties " collectivement.
CONSIDERANT QUE
Les Parties ont conclu une Convention-cadre de services ;
Les Parties ont convenu de fixer la description détaillée de la Mission et les modalités spécifiques de la prestation de service dans une Sous-convention distincte.
IL EST CONVENU CE QUI SUIT
Article 1. Mission
Le Preneur d'ordre fournit les services/exerce les activités (ci-après les " Services "/ " Activités ") nécessaires à l'exécution d'une mission d'enseignement de XX/YY [heures/dénominateur de prestation] dans la matière XXXXX, qui comprend les tâches énumérées à l'article 2 de la Convention-cadre.
Article 2. Personne de contact et représentant
Le Donneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Mission : [NOM et FONCTION].
Le Preneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Mission : [NOM et FONCTION].
Ces personnes de contact sont responsables du suivi et de la coordination de la Mission, tels que réglés par la présente Sous-convention.
La communication entre le Donneur d'ordre et le Preneur d'ordre concernant l'exécution de la Convention se fait en principe exclusivement entre les personnes de contact, sans préjudice du droit du Donneur d'ordre de donner des directives et des instructions au personnel du Preneur d'ordre, comme décrit dans l'annexe à la Sous-convention. Toutefois, cela fera l'objet d'une consultation préalable entre les personnes de contact.
Article 3. Durée de la Mission
3.1. La Sous-convention entre en vigueur le [DATE] et est conclue pour une période de [COMPLETER] OU expire le [DATE].
Les Parties décident d'un commun accord, un mois avant la date d'expiration, de renouveler ou non leur coopération. En cas de renouvellement, une nouvelle Sous-convention est établie. En l'absence d'un tel accord, la Sous-convention prend fin à la date d'échéance convenue.
3.2. Chacune des Parties peut mettre fin à la Sous-convention par le biais d'une résiliation par lettre recommandée à la poste. Un délai de préavis d'un mois doit être respecté. La lettre recommandée doit être envoyée au plus tard sept jours civils avant la fin du mois, sous peine de nullité. Le délai de préavis commence à courir le premier jour du mois suivant la date d'envoi.
Si la Mission concerne un poste vacant d'un titulaire absent et que ce titulaire revient prématurément de son absence, les Parties se consultent sur la poursuite de l'exécution de la Sous-convention. Si les Parties décident de mettre fin prématurément à la Sous-convention en raison du retour du titulaire, elles déterminent en concertation si un délai de préavis et une compensation seront appliqués.
Chaque Partie a également le droit de résilier la Sous-convention à tout moment avec effet immédiat et sans délai de préavis. Dans ce cas, elle doit verser à l'autre Partie un montant égal à un mois de compensation, calculé sur la base de la compensation moyenne que le Donneur d'ordre a payée ou aurait dû payer pendant un mois pour l'exécution de la présente Convention.
Chaque Partie a en outre le droit de résilier la Sous-convention sans préavis ni compensation si une grave défaillance de l'autre Partie rend définitivement impossible la poursuite de la coopération professionnelle entre les Parties et si des circonstances exceptionnelles rendent définitivement impossible la poursuite de l'exécution de la Convention.
Les faits suivants, entre autres, sont considérés comme une grave défaillance :
* une violation de l'article 6 de la Convention-cadre ;
* une violation de l'article 9 de la Convention-cadre ;
* une violation des obligations contractuelles s'il n'y est pas remédié dans les dix jours civils suivant la notification officielle.
Cette énumération n'est pas limitative.
La résiliation sans préavis ni compensation est notifiée à l'autre Partie par lettre recommandée à la poste dans les dix jours civils à compter du jour où la Partie qui invoque la résiliation a pris connaissance des faits donnant lieu à la résiliation.
Article 4. Heures de prestation
Le Preneur d'ordre est disponible pour l'exécution des Services et Activités nécessaires à la Mission pendant le temps nécessaire à l'exécution de ses obligations découlant de la Convention. Les Parties conviennent que les prestations que le Preneur d'ordre fournira au Donneur d'ordre s'élèveront à environ [NOMBRE] d'heures par semaine.
Les prestations ont lieu le [JOUR de la semaine].
Article 5. Lieu d'exécution
Les Parties déterminent en concertation et en fonction des besoins de la Mission, le lieu où les Services sont habituellement prestés. Pour la présente Mission, le travail sera effectué à [NOM, NUMERO D'ETABLISSEMENT et ADRESSE DE L'ECOLE].
Le Preneur d'ordre peut utiliser l'infrastructure et la documentation du Donneur d'ordre pour fournir les Services et organiser les Activités.
Le Preneur d'ordre a droit à un encadrement initial, un coaching et un soutien du Donneur d'ordre pendant l'exécution de la Mission.
Le Preneur d'ordre s'engage à respecter toutes les consignes d'hygiène et de sécurité en vigueur dans les bâtiments où le personnel du Donneur d'ordre est employé. Si le Preneur d'ordre ne remplit pas ou pas correctement ces obligations, le Donneur d'ordre peut prendre lui-même toutes les mesures nécessaires au nom du Preneur d'ordre et à ses frais.
Article 6. Tarifs et facturation
6.1. L'indemnité de prestation forfaitaire s'élève à 59,66 euros par heure de cours.
6.2. Chaque facture du Preneur d'ordre est établie conformément aux accords conclus à l'article 5 de la Convention-cadre.
Tous les ajouts ou modifications à la présente Sous-convention ne sont valables que s'ils ont été convenus par écrit et valablement signés par les deux Parties.
Fait à [LIEU] le [jj/mm/aaaa] en autant d'exemplaires qu'il y a de Parties
Le Preneur d'ordre, Le Donneur d'ordre,
Pour [nom et forme juridique] Pour [nom et forme juridique]
ENTRE
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Donneur d'ordre ", d'une part, et
ET
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Preneur d'ordre ", d'autre part ;
Ci-après également dénommés " la Partie " individuellement et " les Parties " collectivement.
CONSIDERANT QUE
Les Parties ont conclu une Convention-cadre de services ;
Les Parties ont convenu de fixer la description détaillée de la Mission et les modalités spécifiques de la prestation de service dans une Sous-convention distincte.
IL EST CONVENU CE QUI SUIT
Article 1. Mission
Le Preneur d'ordre fournit les services/exerce les activités (ci-après les " Services "/ " Activités ") nécessaires à l'exécution d'une mission d'enseignement de XX/YY [heures/dénominateur de prestation] dans la matière XXXXX, qui comprend les tâches énumérées à l'article 2 de la Convention-cadre.
Article 2. Personne de contact et représentant
Le Donneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Mission : [NOM et FONCTION].
Le Preneur d'ordre désigne la personne suivante comme sa personne de contact et représentant pour l'exécution de la Mission : [NOM et FONCTION].
Ces personnes de contact sont responsables du suivi et de la coordination de la Mission, tels que réglés par la présente Sous-convention.
La communication entre le Donneur d'ordre et le Preneur d'ordre concernant l'exécution de la Convention se fait en principe exclusivement entre les personnes de contact, sans préjudice du droit du Donneur d'ordre de donner des directives et des instructions au personnel du Preneur d'ordre, comme décrit dans l'annexe à la Sous-convention. Toutefois, cela fera l'objet d'une consultation préalable entre les personnes de contact.
Article 3. Durée de la Mission
3.1. La Sous-convention entre en vigueur le [DATE] et est conclue pour une période de [COMPLETER] OU expire le [DATE].
Les Parties décident d'un commun accord, un mois avant la date d'expiration, de renouveler ou non leur coopération. En cas de renouvellement, une nouvelle Sous-convention est établie. En l'absence d'un tel accord, la Sous-convention prend fin à la date d'échéance convenue.
3.2. Chacune des Parties peut mettre fin à la Sous-convention par le biais d'une résiliation par lettre recommandée à la poste. Un délai de préavis d'un mois doit être respecté. La lettre recommandée doit être envoyée au plus tard sept jours civils avant la fin du mois, sous peine de nullité. Le délai de préavis commence à courir le premier jour du mois suivant la date d'envoi.
Si la Mission concerne un poste vacant d'un titulaire absent et que ce titulaire revient prématurément de son absence, les Parties se consultent sur la poursuite de l'exécution de la Sous-convention. Si les Parties décident de mettre fin prématurément à la Sous-convention en raison du retour du titulaire, elles déterminent en concertation si un délai de préavis et une compensation seront appliqués.
Chaque Partie a également le droit de résilier la Sous-convention à tout moment avec effet immédiat et sans délai de préavis. Dans ce cas, elle doit verser à l'autre Partie un montant égal à un mois de compensation, calculé sur la base de la compensation moyenne que le Donneur d'ordre a payée ou aurait dû payer pendant un mois pour l'exécution de la présente Convention.
Chaque Partie a en outre le droit de résilier la Sous-convention sans préavis ni compensation si une grave défaillance de l'autre Partie rend définitivement impossible la poursuite de la coopération professionnelle entre les Parties et si des circonstances exceptionnelles rendent définitivement impossible la poursuite de l'exécution de la Convention.
Les faits suivants, entre autres, sont considérés comme une grave défaillance :
* une violation de l'article 6 de la Convention-cadre ;
* une violation de l'article 9 de la Convention-cadre ;
* une violation des obligations contractuelles s'il n'y est pas remédié dans les dix jours civils suivant la notification officielle.
Cette énumération n'est pas limitative.
La résiliation sans préavis ni compensation est notifiée à l'autre Partie par lettre recommandée à la poste dans les dix jours civils à compter du jour où la Partie qui invoque la résiliation a pris connaissance des faits donnant lieu à la résiliation.
Article 4. Heures de prestation
Le Preneur d'ordre est disponible pour l'exécution des Services et Activités nécessaires à la Mission pendant le temps nécessaire à l'exécution de ses obligations découlant de la Convention. Les Parties conviennent que les prestations que le Preneur d'ordre fournira au Donneur d'ordre s'élèveront à environ [NOMBRE] d'heures par semaine.
Les prestations ont lieu le [JOUR de la semaine].
Article 5. Lieu d'exécution
Les Parties déterminent en concertation et en fonction des besoins de la Mission, le lieu où les Services sont habituellement prestés. Pour la présente Mission, le travail sera effectué à [NOM, NUMERO D'ETABLISSEMENT et ADRESSE DE L'ECOLE].
Le Preneur d'ordre peut utiliser l'infrastructure et la documentation du Donneur d'ordre pour fournir les Services et organiser les Activités.
Le Preneur d'ordre a droit à un encadrement initial, un coaching et un soutien du Donneur d'ordre pendant l'exécution de la Mission.
Le Preneur d'ordre s'engage à respecter toutes les consignes d'hygiène et de sécurité en vigueur dans les bâtiments où le personnel du Donneur d'ordre est employé. Si le Preneur d'ordre ne remplit pas ou pas correctement ces obligations, le Donneur d'ordre peut prendre lui-même toutes les mesures nécessaires au nom du Preneur d'ordre et à ses frais.
Article 6. Tarifs et facturation
6.1. L'indemnité de prestation forfaitaire s'élève à 59,66 euros par heure de cours.
6.2. Chaque facture du Preneur d'ordre est établie conformément aux accords conclus à l'article 5 de la Convention-cadre.
Tous les ajouts ou modifications à la présente Sous-convention ne sont valables que s'ils ont été convenus par écrit et valablement signés par les deux Parties.
Fait à [LIEU] le [jj/mm/aaaa] en autant d'exemplaires qu'il y a de Parties
Le Preneur d'ordre, Le Donneur d'ordre,
Pour [nom et forme juridique] Pour [nom et forme juridique]
BIJLAGE AAN DE DEELOVEREENKOMST VAN [DD/MM/YYYY]
TUSSEN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtgever" te noemen, enerzijds;
EN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtnemer" te noemen, anderzijds;
Hierna eveneens apart, "de Partij" en gezamenlijk, "de Partijen" te noemen.
OVERWEGENDE DAT
De Partijen een Raamovereenkomst Dienstverlening hebben gesloten;
De Partijen de gedetailleerde omschrijving van de opdracht en de specifieke modaliteiten van de dienstverlening hebben vastgelegd in een afzonderlijke Deelovereenkomst;
Artikel 31, § 1, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers verbiedt in dienst genomen werknemers ter beschikking te stellen van derden die deze werknemers gebruiken en over hen enig gedeelte van het gezag uitoefenen dat normaal aan de werkgever toekomt;
Artikel 31, § 1, alinea 3, van deze wet bepaalt dat de instructies die de derde geeft aan de werknemers van de werkgever ter uitvoering van een geschreven overeenkomst tussen de derde en de werkgever, niet gelden als de uitoefening van enig gedeelte van het werkgeversgezag door de derde, op voorwaarde dat:
* in deze geschreven overeenkomst uitdrukkelijk en gedetailleerd is bepaald welke instructies precies door de derde kunnen worden gegeven aan de werknemers van de werkgever;
* dit instructierecht van de derde het werkgeversgezag van de werkgever op geen enkele wijze uitholt;
* de feitelijke uitvoering van deze overeenkomst tussen de derde en de werkgever volledig overeenstemt met de uitdrukkelijke bepalingen van de voormelde geschreven overeenkomst;
De Partijen in deze Bijlage de instructies wensen op te lijsten die door de Opdrachtgever kunnen worden gegeven aan de werknemers van de Opdrachtnemer
WORDT OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT
Artikel 1. Toegelaten instructies
1.1. De Opdrachtgever kan aan de werknemers van de Opdrachtnemer in het kader van de uitvoering van de Overeenkomst onder meer instructies geven over: [AAN TE PASSEN IFV DE CONCRETE LESOPDRACHT]:
* de naleving van de planning van de uit te voeren opdracht;
* het regelen van de toegang tot de locaties en/of de faciliteiten van de Opdrachtgever die noodzakelijk zijn voor het vervullen van de Opdracht (bijvoorbeeld badges, registratiesysteem);
* het respecteren van de omstandigheden, de procedures en de handelswijzen van de Opdrachtgever waarmee rekening moet gehouden worden voor het vervullen van de Opdracht (bijvoorbeeld bestaande veiligheidsvoorschriften, procedures in functie van het welzijn op het werk, vertrouwelijkheidsvereisten, principes van het pedagogisch project, afspraken betreffende deelname aan overleg en vergaderingen, ...);
* tussentijdse wijzigingen waarmee rekening gehouden moet worden bij de uitvoering van de opdracht (bijvoorbeeld aanpassing van planning, aanpassing uitvoeringsmodaliteiten).
1.2. De Partijen komen overeen dat de bovenstaande instructies geenszins het werkgeversgezag van de Opdrachtnemer uithollen.
Artikel 2. Verboden instructies
De volgende elementen komen in elk geval toe aan de Opdrachtnemer als werkgever ten aanzien van zijn werknemers die verbonden zijn door een arbeidsovereenkomst, en kunnen in geen geval deel uitmaken van het instructierecht van de Opdrachtgever, vermeld in artikel 1:
* aanwervingsbeleid (processen, interviews, selectie- en aanwervingscriteria);
* beleid met betrekking tot loons- en arbeidsvoorwaarden;
* beleid inzake training, vorming en opleiding, uitgezonderd het beleid dat noodzakelijk is voor het vervullen van de opdracht en dat specifiek is aan de Opdrachtgever;
* controle van de arbeidstijd en het bepalen van eventuele overuren, rustpauzes of inhaalrustdagen;
* toelating en rechtvaardiging van afwezigheden (ziekte, klein verlet, vakantie ...);
* beleid inzake disciplinaire sancties en ontslag;
* evaluatie- en functioneringsgesprekken;
* functiebepalingen.
Artikel 3. Kennisgeving aan de ondernemingsraad van de Opdrachtgever
3.1. Met toepassing van artikel 31, § 1, laatste alinea, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers brengt de Opdrachtgever onverwijld zijn ondernemingsraad op de hoogte van het bestaan van de Overeenkomst.
3.2. De Opdrachtgever bezorgt aan de leden van zijn ondernemingsraad die daarom verzoeken een afschrift van deze Bijlage waarin de instructies zijn bepaald die door de Opdrachtgever aan de werknemers van de Opdrachtnemer kunnen worden gegeven.
Gedaan te [PLAATS] op [dd/mm/yyyy] in zoveel exemplaren als er Partijen zijn.
De Opdrachtnemer, De Opdrachtgever,
Voor [naam en rechtsvorm] Voor [naam en rechtsvorm]
TUSSEN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtgever" te noemen, enerzijds;
EN
De [NAAM EN RECHTSVORM], met maatschappelijke zetel te [PLAATS], ondernemingsnummer [NUMMER], ingeschreven in het rechtspersonenregister te [PLAATS],
rechtsgeldig vertegenwoordigd door [NAAM] in de hoedanigheid van [FUNCTIE],
hierna "de Opdrachtnemer" te noemen, anderzijds;
Hierna eveneens apart, "de Partij" en gezamenlijk, "de Partijen" te noemen.
OVERWEGENDE DAT
De Partijen een Raamovereenkomst Dienstverlening hebben gesloten;
De Partijen de gedetailleerde omschrijving van de opdracht en de specifieke modaliteiten van de dienstverlening hebben vastgelegd in een afzonderlijke Deelovereenkomst;
Artikel 31, § 1, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers verbiedt in dienst genomen werknemers ter beschikking te stellen van derden die deze werknemers gebruiken en over hen enig gedeelte van het gezag uitoefenen dat normaal aan de werkgever toekomt;
Artikel 31, § 1, alinea 3, van deze wet bepaalt dat de instructies die de derde geeft aan de werknemers van de werkgever ter uitvoering van een geschreven overeenkomst tussen de derde en de werkgever, niet gelden als de uitoefening van enig gedeelte van het werkgeversgezag door de derde, op voorwaarde dat:
* in deze geschreven overeenkomst uitdrukkelijk en gedetailleerd is bepaald welke instructies precies door de derde kunnen worden gegeven aan de werknemers van de werkgever;
* dit instructierecht van de derde het werkgeversgezag van de werkgever op geen enkele wijze uitholt;
* de feitelijke uitvoering van deze overeenkomst tussen de derde en de werkgever volledig overeenstemt met de uitdrukkelijke bepalingen van de voormelde geschreven overeenkomst;
De Partijen in deze Bijlage de instructies wensen op te lijsten die door de Opdrachtgever kunnen worden gegeven aan de werknemers van de Opdrachtnemer
WORDT OVEREENGEKOMEN WAT VOLGT
Artikel 1. Toegelaten instructies
1.1. De Opdrachtgever kan aan de werknemers van de Opdrachtnemer in het kader van de uitvoering van de Overeenkomst onder meer instructies geven over: [AAN TE PASSEN IFV DE CONCRETE LESOPDRACHT]:
* de naleving van de planning van de uit te voeren opdracht;
* het regelen van de toegang tot de locaties en/of de faciliteiten van de Opdrachtgever die noodzakelijk zijn voor het vervullen van de Opdracht (bijvoorbeeld badges, registratiesysteem);
* het respecteren van de omstandigheden, de procedures en de handelswijzen van de Opdrachtgever waarmee rekening moet gehouden worden voor het vervullen van de Opdracht (bijvoorbeeld bestaande veiligheidsvoorschriften, procedures in functie van het welzijn op het werk, vertrouwelijkheidsvereisten, principes van het pedagogisch project, afspraken betreffende deelname aan overleg en vergaderingen, ...);
* tussentijdse wijzigingen waarmee rekening gehouden moet worden bij de uitvoering van de opdracht (bijvoorbeeld aanpassing van planning, aanpassing uitvoeringsmodaliteiten).
1.2. De Partijen komen overeen dat de bovenstaande instructies geenszins het werkgeversgezag van de Opdrachtnemer uithollen.
Artikel 2. Verboden instructies
De volgende elementen komen in elk geval toe aan de Opdrachtnemer als werkgever ten aanzien van zijn werknemers die verbonden zijn door een arbeidsovereenkomst, en kunnen in geen geval deel uitmaken van het instructierecht van de Opdrachtgever, vermeld in artikel 1:
* aanwervingsbeleid (processen, interviews, selectie- en aanwervingscriteria);
* beleid met betrekking tot loons- en arbeidsvoorwaarden;
* beleid inzake training, vorming en opleiding, uitgezonderd het beleid dat noodzakelijk is voor het vervullen van de opdracht en dat specifiek is aan de Opdrachtgever;
* controle van de arbeidstijd en het bepalen van eventuele overuren, rustpauzes of inhaalrustdagen;
* toelating en rechtvaardiging van afwezigheden (ziekte, klein verlet, vakantie ...);
* beleid inzake disciplinaire sancties en ontslag;
* evaluatie- en functioneringsgesprekken;
* functiebepalingen.
Artikel 3. Kennisgeving aan de ondernemingsraad van de Opdrachtgever
3.1. Met toepassing van artikel 31, § 1, laatste alinea, van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers brengt de Opdrachtgever onverwijld zijn ondernemingsraad op de hoogte van het bestaan van de Overeenkomst.
3.2. De Opdrachtgever bezorgt aan de leden van zijn ondernemingsraad die daarom verzoeken een afschrift van deze Bijlage waarin de instructies zijn bepaald die door de Opdrachtgever aan de werknemers van de Opdrachtnemer kunnen worden gegeven.
Gedaan te [PLAATS] op [dd/mm/yyyy] in zoveel exemplaren als er Partijen zijn.
De Opdrachtnemer, De Opdrachtgever,
Voor [naam en rechtsvorm] Voor [naam en rechtsvorm]
ANNEXE A LA SOUS-CONVENTION DU [JJ/MM/AAAA]
ENTRE
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Donneur d'ordre ", d'une part, et
ET
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Preneur d'ordre ", d'autre part ;
Ci-après également dénommés " la Partie " individuellement et " les Parties " collectivement.
CONSIDERANT QUE
Les Parties ont conclu une Convention-cadre de services ;
Les Parties ont fixé la description détaillée de la Mission et les modalités spécifiques de la prestation de service dans une Sous-convention distincte ;
L'article 31, § 1 de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs interdit la mise à disposition de travailleurs à des tiers qui utilisent ces travailleurs et exercent sur eux une part quelconque de l'autorité appartenant normalement à l'employeur ;
L'article 31, § 1, alinéa trois de cette loi prévoit que les instructions données par le tiers aux travailleurs de l'employeur en exécution d'un contrat écrit entre le tiers et l'employeur ne constituent pas l'exercice d'une part quelconque de l'autorité de l'employeur par le tiers, à condition que :
* ce contrat écrit prévoie explicitement et de manière détaillée quelles sont précisément les instructions qui peuvent être données par le tiers aux travailleurs de l'employeur ;
* ce droit du tiers de donner des instructions ne porte atteinte en aucune manière à l'autorité dont dispose l'employeur ;
* l'exécution effective de ce contrat entre le tiers et l'employeur corresponde entièrement aux dispositions expresses du contrat écrit précité ;
Les Parties souhaitent énumérer dans la présente Annexe les instructions que le Donneur d'ordre peut donner aux employés du Preneur d'ordre
IL EST CONVENU CE QUI SUIT
Article 1. Instructions autorisées
1.1. Le Donneur d'ordre peut donner aux employés du Preneur d'ordre dans le cadre de l'exécution de la Convention des instructions portant notamment sur : [A AJUSTER EN FONCTION DE LA MISSION D'ENSEIGNEMENT CONCRETE] :
* le respect du planning de la mission à exécuter ;
* l'organisation de l'accès aux lieux et/ou installations du Donneur d'ordre qui sont nécessaires à l'exécution de la Mission (par exemple, badges, système d'enregistrement) ;
* le respect des circonstances, des procédures et des pratiques du Donneur d'ordre qui doivent être prises en compte pour l'exécution de la Mission (par exemple, consignes de sécurité existantes, procédures de bien-être au travail, exigences de confidentialité, principes du projet pédagogique, accords concernant la participation à des consultations et à des réunions, ...) ;
* les modifications intermédiaires à prendre en compte dans l'exécution de la Mission (par exemple, adaptation du planning ou des modalités d'exécution).
1.2. Les Parties conviennent que les instructions énumérées ci-dessus ne portent atteinte en aucune manière à l'autorité du Preneur d'ordre en tant qu'employeur.
Article 2. Instructions interdites
Les éléments suivants reviennent en tout cas au Preneur d'ordre en tant qu'employeur à l'égard de ses employés qui sont liés par un contrat de travail, et ne peuvent en aucun cas faire partie du droit d'instruction du Donneur d'ordre, tel que visé à l'article 1 :
* la politique de recrutement (processus, entretiens, critères de sélection et de recrutement) ;
* la politique en matière de conditions de rémunération et de travail ;
* la politique d'entraînement, de formation et d'éducation, à l'exception de la politique nécessaire à l'exécution de la mission et qui est spécifique au Donneur d'ordre ;
* le contrôle du temps de travail et la détermination des éventuelles heures supplémentaires, pauses ou jours de repos compensatoires ;
* l'approbation et la justification des absences (maladie, petit chômage, vacances...) ;
* la politique de sanctions disciplinaires et de licenciement ;
* les entretiens d'évaluation et de fonctionnement ;
* les déterminations de fonction.
Article 3. Notification au conseil d'entreprise du Donneur d'ordre
3.1. En application de l'article 31, § 1, dernier alinéa de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs, le Donneur d'ordre informe immédiatement son conseil d'entreprise de l'existence de la Convention.
3.2. Le Donneur d'ordre fournit aux membres de son conseil d'entreprise qui en font la demande une copie de la présente Annexe dans laquelle figurent les instructions que le Donneur d'ordre peut donner aux employés du Preneur d'ordre.
Fait à [LIEU] le [jj/mm/aaaa] en autant d'exemplaires qu'il y a de Parties
Le Preneur d'ordre, Le Donneur d'ordre,
Pour [nom et forme juridique]
ENTRE
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Donneur d'ordre ", d'une part, et
ET
[NOM ET FORME JURIDIQUE], ayant son siège social à [LIEU], numéro d'entreprise [NUMERO], inscrit au registre des personnes morales à [LIEU],
valablement représenté par [NOM] en qualité de [FONCTION],
ci-après dénommé " le Preneur d'ordre ", d'autre part ;
Ci-après également dénommés " la Partie " individuellement et " les Parties " collectivement.
CONSIDERANT QUE
Les Parties ont conclu une Convention-cadre de services ;
Les Parties ont fixé la description détaillée de la Mission et les modalités spécifiques de la prestation de service dans une Sous-convention distincte ;
L'article 31, § 1 de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs interdit la mise à disposition de travailleurs à des tiers qui utilisent ces travailleurs et exercent sur eux une part quelconque de l'autorité appartenant normalement à l'employeur ;
L'article 31, § 1, alinéa trois de cette loi prévoit que les instructions données par le tiers aux travailleurs de l'employeur en exécution d'un contrat écrit entre le tiers et l'employeur ne constituent pas l'exercice d'une part quelconque de l'autorité de l'employeur par le tiers, à condition que :
* ce contrat écrit prévoie explicitement et de manière détaillée quelles sont précisément les instructions qui peuvent être données par le tiers aux travailleurs de l'employeur ;
* ce droit du tiers de donner des instructions ne porte atteinte en aucune manière à l'autorité dont dispose l'employeur ;
* l'exécution effective de ce contrat entre le tiers et l'employeur corresponde entièrement aux dispositions expresses du contrat écrit précité ;
Les Parties souhaitent énumérer dans la présente Annexe les instructions que le Donneur d'ordre peut donner aux employés du Preneur d'ordre
IL EST CONVENU CE QUI SUIT
Article 1. Instructions autorisées
1.1. Le Donneur d'ordre peut donner aux employés du Preneur d'ordre dans le cadre de l'exécution de la Convention des instructions portant notamment sur : [A AJUSTER EN FONCTION DE LA MISSION D'ENSEIGNEMENT CONCRETE] :
* le respect du planning de la mission à exécuter ;
* l'organisation de l'accès aux lieux et/ou installations du Donneur d'ordre qui sont nécessaires à l'exécution de la Mission (par exemple, badges, système d'enregistrement) ;
* le respect des circonstances, des procédures et des pratiques du Donneur d'ordre qui doivent être prises en compte pour l'exécution de la Mission (par exemple, consignes de sécurité existantes, procédures de bien-être au travail, exigences de confidentialité, principes du projet pédagogique, accords concernant la participation à des consultations et à des réunions, ...) ;
* les modifications intermédiaires à prendre en compte dans l'exécution de la Mission (par exemple, adaptation du planning ou des modalités d'exécution).
1.2. Les Parties conviennent que les instructions énumérées ci-dessus ne portent atteinte en aucune manière à l'autorité du Preneur d'ordre en tant qu'employeur.
Article 2. Instructions interdites
Les éléments suivants reviennent en tout cas au Preneur d'ordre en tant qu'employeur à l'égard de ses employés qui sont liés par un contrat de travail, et ne peuvent en aucun cas faire partie du droit d'instruction du Donneur d'ordre, tel que visé à l'article 1 :
* la politique de recrutement (processus, entretiens, critères de sélection et de recrutement) ;
* la politique en matière de conditions de rémunération et de travail ;
* la politique d'entraînement, de formation et d'éducation, à l'exception de la politique nécessaire à l'exécution de la mission et qui est spécifique au Donneur d'ordre ;
* le contrôle du temps de travail et la détermination des éventuelles heures supplémentaires, pauses ou jours de repos compensatoires ;
* l'approbation et la justification des absences (maladie, petit chômage, vacances...) ;
* la politique de sanctions disciplinaires et de licenciement ;
* les entretiens d'évaluation et de fonctionnement ;
* les déterminations de fonction.
Article 3. Notification au conseil d'entreprise du Donneur d'ordre
3.1. En application de l'article 31, § 1, dernier alinéa de la loi du 24 juillet 1987 sur le travail temporaire, le travail intérimaire et la mise de travailleurs à la disposition d'utilisateurs, le Donneur d'ordre informe immédiatement son conseil d'entreprise de l'existence de la Convention.
3.2. Le Donneur d'ordre fournit aux membres de son conseil d'entreprise qui en font la demande une copie de la présente Annexe dans laquelle figurent les instructions que le Donneur d'ordre peut donner aux employés du Preneur d'ordre.
Fait à [LIEU] le [jj/mm/aaaa] en autant d'exemplaires qu'il y a de Parties
Le Preneur d'ordre, Le Donneur d'ordre,
Pour [nom et forme juridique]