Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
11 JANUARI 2019. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende de wijziging van diverse besluiten van de Vlaamse Regering die verband houden met de ondersteuning van personen met een handicap, wat betreft reservevorming, en maatregelen ter beheersing van de uitgaven voor werkingssubsidies in de sector voor personen met een handicap
Titre
11 JANVIER 2019. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant divers arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand relatifs Ă  l'assistance aux personnes handicapĂ©es, en ce qui concerne la constitution de rĂ©serves, et aux mesures de contrĂŽle des dĂ©penses relatives aux subventions de fonctionnement dans le secteur des personnes handicapĂ©es
Documentinformatie
Numac: 2019040424
Datum: 2019-01-11
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2019040424
Date: 2019-01-11
Moniteur: Voir
Tekst (13)
Texte (13)
Artikel 1. In het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2013 betreffende rechtstreeks toegankelijke hulp voor personen met een handicap, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 25 mei 2018, wordt een artikel 10/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 10/1. Het gedeelte van de toegekende subsidie, vermeld in artikel 9, § 1, dat de verantwoorde kosten overschrijdt, mag worden aangewend voor de aanleg van reserves tot maximaal 20 % van het subsidiebedrag, met uitzondering van het sociaal passief.
De totale gecumuleerde reserves, met uitzondering van het sociaal passief, kunnen maximaal 50 % van het subsidiebedrag van het laatst gesubsidieerde werkingsjaar bedragen.
Het sociaal passief, vermeld in het eerste en tweede lid, wordt beperkt tot 25 % van de jaarlijkse personeelskosten.
Als het maximum, vermeld in het eerste en tweede lid, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan het agentschap, tenzij het agentschap na motivering beslist dat er van de maximumpercentages kan worden afgeweken.
Als de voorziening, vermeld in artikel 2, niet verder wordt gesubsidieerd, wordt het gecumuleerde bedrag van de reserves aan het agentschap teruggestort.
In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Article 1er. Dans l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 fĂ©vrier 2013 relatif Ă  l'aide directement accessible pour les personnes handicapĂ©es, modifiĂ© en dernier lieu par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 25 mai 2018, il est insĂ©rĂ© un article 10/1, rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 10/1. La partie de la subvention octroyĂ©e, visĂ©e Ă  l'article 9, § 1er, qui dĂ©passe les frais justifiĂ©s, peut ĂȘtre affectĂ©e Ă  la constitution de rĂ©serves Ă  concurrence d'au maximum 20 % du montant de subvention, Ă  l'exception du passif social.
Les réserves totales cumulées, à l'exception du passif social, peuvent s'élever à au maximum 50 % du montant de subvention de la derniÚre année d'activité subventionnée.
Le passif social, visé aux alinéas premier et deux, est limité à 25 % des frais de personnel annuels.
En cas de dĂ©passement du maximum, visĂ© aux alinĂ©as premier et deux, le montant dĂ©passĂ© est remboursĂ© Ă  l'agence, sauf si l'agence dĂ©cide, moyennant une motivation, qu'il peut ĂȘtre dĂ©rogĂ© aux pourcentages maximaux.
Lorsque la structure visée à l'article 2 n'est plus subventionnée, le montant cumulé des réserves sera remboursé à l'agence.
Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 2. In het besluit van de Vlaamse Regering van 11 december 2015 houdende de vergunningsvoorwaarden en de subsidieregeling van bijstandsorganisaties om budgethouders bij te staan in het kader van persoonsvolgende financiering, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 10 juni 2016, 8 juni 2018 en 20 juli 2018, wordt een artikel 16/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 16/1. Het gedeelte van de toegekende subsidies, vermeld in artikel 16, vijfde lid, dat de verantwoorde kosten overschrijdt, mag worden aangewend voor de aanleg van reserves tot maximaal 20 % van het subsidiebedrag, met uitzondering van het sociaal passief.
De totale gecumuleerde reserves, met uitzondering van het sociaal passief, kunnen maximaal 50 % van het subsidiebedrag van het laatst gesubsidieerde werkingsjaar bedragen.
Het sociaal passief, vermeld in het eerste en tweede lid, wordt beperkt tot 25 % van de jaarlijkse personeelskosten.
Als het maximum, vermeld in het eerste en tweede lid, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan het agentschap, tenzij het agentschap na motivering beslist dat er van de maximumpercentages kan worden afgeweken.
Als de bijstandsorganisatie niet verder wordt gesubsidieerd, wordt het gecumuleerde bedrag van de reserves aan het agentschap teruggestort.
In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Art. 2. Dans l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 11 dĂ©cembre 2015 portant conditions d'autorisation et rĂšglement de subvention des organisations d'assistance aux bĂ©nĂ©ficiaires d'enveloppe dans le cadre du financement personnalisĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 10 juin 2016, 8 juin 2018 et 20 juillet 2018, il est insĂ©rĂ© un article 16/1, libellĂ© comme suit :
" Art. 16/1. La partie des subventions octroyĂ©es, visĂ©es Ă  l'article 16, alinĂ©a cinq, qui dĂ©passe les frais justifiĂ©s, peut ĂȘtre affectĂ©e Ă  la constitution de rĂ©serves Ă  concurrence d'au maximum 20 % du montant de subvention, Ă  l'exception du passif social.
Les réserves totales cumulées, à l'exception du passif social, peuvent s'élever à au maximum 50 % du montant de subvention de la derniÚre année d'activité subventionnée.
Le passif social, visé aux alinéas premier et deux, est limité à 25 % des frais de personnel annuels.
En cas de dĂ©passement du maximum, visĂ© aux alinĂ©as premier et deux, le montant dĂ©passĂ© est remboursĂ© Ă  l'agence, sauf si l'agence dĂ©cide, moyennant une motivation, qu'il peut ĂȘtre dĂ©rogĂ© aux pourcentages maximaux.
Lorsque l'organisation d'assistance n'est plus subventionnée, le montant cumulé des réserves sera remboursé à l'agence.
Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 3. Aan artikel 3 van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juni 2016 over de besteding van het budget voor niet-rechtstreeks toegankelijke zorg en ondersteuning voor meerderjarige personen met een handicap en over organisatiegebonden kosten voor vergunde zorgaanbieders, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 december 2017, wordt een paragraaf 6 toegevoegd, die luidt als volgt:
" § 6. Het gedeelte van de werkingsmiddelen, vermeld in paragraaf 3, tweede lid, en het bedrag van de vergoeding voor de organisatiegebonden kosten, vermeld in paragraaf 5, dat de verantwoorde kosten overschrijdt, mogen worden aangewend voor de aanleg van reserves tot maximaal 20 % van het subsidiebedrag, met uitzondering van het sociaal passief.
De totale gecumuleerde reserves, met uitzondering van het sociaal passief, kunnen maximaal 50 % van het subsidiebedrag van het laatst gesubsidieerde werkingsjaar bedragen.
Het sociaal passief, vermeld in het eerste en tweede lid, wordt beperkt tot 25 % van de jaarlijkse personeelskosten.
Als het maximum, vermeld in het eerste en tweede lid, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan het agentschap, tenzij het agentschap na motivering beslist dat er van de maximumpercentages kan worden afgeweken.
Als de vergunde zorgaanbieder niet verder wordt gesubsidieerd, wordt het gecumuleerde bedrag van de reserves aan het agentschap teruggestort.
In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Art. 3. A l'article 3 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juin 2016 relatif Ă  l'affectation du budget pour les soins et le soutien non directement accessibles pour personnes handicapĂ©es majeures ainsi qu'aux frais liĂ©s Ă  l'organisation pour les offreurs de soins agréés, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 22 dĂ©cembre 2017, il est ajoutĂ© un paragraphe 6, libellĂ© comme suit :
" § 6. La partie des moyens de fonctionnement visĂ©s au paragraphe 3, alinĂ©a deux, et le montant de l'indemnitĂ© pour les frais liĂ©s Ă  l'organisation, visĂ©e au paragraphe 5, qui dĂ©passe les frais justifiĂ©s, peuvent ĂȘtre affectĂ©s Ă  la constitution de rĂ©serves Ă  concurrence d'au maximum 20 % du montant de subvention, Ă  l'exception du passif social.
Les réserves totales cumulées, à l'exception du passif social, peuvent s'élever à au maximum 50 % du montant de subvention de la derniÚre année d'activité subventionnée.
Le passif social, visé aux alinéas premier et deux, est limité à 25 % des frais de personnel annuels.
En cas de dĂ©passement du maximum, visĂ© aux alinĂ©as premier et deux, le montant dĂ©passĂ© est remboursĂ© Ă  l'agence, sauf si l'agence dĂ©cide, moyennant une motivation, qu'il peut ĂȘtre dĂ©rogĂ© aux pourcentages maximaux.
Lorsque l'offreur de soins autorisé n'est plus subventionné, le montant cumulé des réserves sera remboursé à l'agence.
Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 4. In het besluit van de Vlaamse Regering van 12 mei 2017 houdende de methodiek voor de berekening van de subsidies voor personeelskosten, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 22 december 2017, 8 juni 2018 en 20 juli 2018, wordt een artikel 20/3 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 20/3. Het gedeelte van de toegekende subsidies, vermeld in artikel 20/1, dat de verantwoorde kosten overschrijdt, mag worden aangewend voor de aanleg van reserves tot maximaal 20 % van het subsidiebedrag, met uitzondering van het sociaal passief.
De totale gecumuleerde reserves, met uitzondering van het sociaal passief, kunnen maximaal 50 % van het subsidiebedrag van het laatst gesubsidieerde werkingsjaar bedragen.
Het sociaal passief, vermeld in het eerste en tweede lid, wordt beperkt tot 25 % van de jaarlijkse personeelskosten.
Als het maximum, vermeld in het eerste en tweede lid, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan het agentschap, tenzij het agentschap na motivering beslist dat er van de maximumpercentages kan worden afgeweken.
Als een subsidie-eenheid niet verder wordt gesubsidieerd, wordt het gecumuleerde bedrag van de reserves aan het agentschap teruggestort.
In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Art. 4. Dans l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 12 mai 2017 relatif Ă  la mĂ©thode de calcul des subventions pour frais de personnel, modifiĂ© en dernier lieu par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 22 dĂ©cembre 2017, 8 juin 2018 et 20 juillet 2018, il est insĂ©rĂ© un article 20/3 libellĂ© comme suit :
" Art. 20/3. La partie des subventions octroyĂ©es, visĂ©es Ă  l'article 20/1, qui dĂ©passe les frais justifiĂ©s, peut ĂȘtre affectĂ©e Ă  la constitution de rĂ©serves Ă  concurrence d'au maximum 20 % du montant de subvention, Ă  l'exception du passif social.
Les réserves totales cumulées, à l'exception du passif social, peuvent s'élever à au maximum 50 % du montant de subvention de la derniÚre année d'activité subventionnée.
Le passif social, visé aux alinéas premier et deux, est limité à 25 % des frais de personnel annuels.
En cas de dĂ©passement du maximum, visĂ© aux alinĂ©as premier et deux, le montant dĂ©passĂ© est remboursĂ© Ă  l'agence, sauf si l'agence dĂ©cide, moyennant une motivation, qu'il peut ĂȘtre dĂ©rogĂ© aux pourcentages maximaux.
Lorsqu'une unité de subvention n'est plus subventionnée, le montant cumulé des réserves sera remboursé à l'agence.
Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 5. In tabel 3 van de bijlage bij hetzelfde besluit wordt in de rij "FAM.153.1332, Ave Regina" in de kolom " % van de doelgroep" het getal "68,26" vervangen door het getal "83".
Art. 5. Dans le tableau 3 de l'annexe au mĂȘme arrĂȘtĂ©, Ă  la ligne " FAM.153.1332, Ave Regina ", dans la colonne " % du groupe-cible ", le nombre " 68,26 " est remplacĂ© par " 83 ".
Art. 6. In het besluit van de Vlaamse Regering van 24 november 2017 over de erkenning en subsidiëring van voorzieningen die ondersteuning bieden aan personen met een handicap in de gevangenis, en van units voor geïnterneerden, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 22 december 2017 en 8 juni 2018, wordt een artikel 7/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 7/1. Het gedeelte van de werkingstoelage, vermeld in artikel 7, tweede lid, dat de verantwoorde kosten overschrijdt, mag worden aangewend voor de aanleg van reserves tot maximaal 20 % van het subsidiebedrag, met uitzondering van het sociaal passief.
De totale gecumuleerde reserves, met uitzondering van het sociaal passief, kunnen maximaal 50 % van het subsidiebedrag van het laatst gesubsidieerde werkingsjaar bedragen.
Het sociaal passief, vermeld in het eerste en tweede lid, wordt beperkt tot 25 % van de jaarlijkse personeelskosten.
Als het maximum, vermeld in het eerste en tweede lid, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan het agentschap, tenzij het agentschap na motivering beslist dat er van de maximumpercentages kan worden afgeweken.
Als de voorziening, vermeld in artikel 2, niet verder wordt gesubsidieerd, wordt het gecumuleerde bedrag van de reserves aan het agentschap teruggestort.
In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Art. 6. Dans l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement de structures offrant du soutien aux personnes handicapĂ©es en prison, et d'unitĂ©s pour internĂ©s, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 22 dĂ©cembre 2017 et 8 juin 2018, il est insĂ©rĂ© un article 7/1, libellĂ© comme suit :
" Art. 7/1. La partie de la subvention de fonctionnement, visĂ©e Ă  l'article 7, alinĂ©a deux, qui dĂ©passe les frais justifiĂ©s, peut ĂȘtre affectĂ©e Ă  la constitution de rĂ©serves Ă  concurrence d'au maximum 20 % du montant de subvention, Ă  l'exception du passif social.
Les réserves totales cumulées, à l'exception du passif social, peuvent s'élever à au maximum 50 % du montant de subvention de la derniÚre année d'activité subventionnée.
Le passif social, visé aux alinéas premier et deux, est limité à 25 % des frais de personnel annuels.
En cas de dĂ©passement du maximum, visĂ© aux alinĂ©as premier et deux, le montant dĂ©passĂ© est remboursĂ© Ă  l'agence, sauf si l'agence dĂ©cide, moyennant une motivation, qu'il peut ĂȘtre dĂ©rogĂ© aux pourcentages maximaux.
Lorsque la structure visée à l'article 2 n'est plus subventionnée, le montant cumulé des réserves sera remboursé à l'agence.
Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 7. In hetzelfde besluit wordt een artikel 16/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 16/1. Het gedeelte van de werkingstoelagen, vermeld in artikel 16, eerste lid, dat de verantwoorde kosten overschrijdt, mag worden aangewend voor de aanleg van reserves tot maximaal 20 % van het subsidiebedrag, met uitzondering van het sociaal passief.
De totale gecumuleerde reserves, met uitzondering van het sociaal passief, kunnen maximaal 50 % van het subsidiebedrag van het laatst gesubsidieerde werkingsjaar bedragen.
Het sociaal passief, vermeld in het eerste en tweede lid, wordt beperkt tot 25 % van de jaarlijkse personeelskosten.
Als het maximum, vermeld in het eerste en tweede lid, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan het agentschap, tenzij het agentschap na motivering beslist dat er van de maximumpercentages kan worden afgeweken.
Als de voorziening, vermeld in artikel 10, niet verder wordt gesubsidieerd, wordt het gecumuleerde bedrag van de reserves aan het agentschap teruggestort.
In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Art. 7. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 16/1, libellĂ© comme suit :
" Art. 16/1. La partie des subventions de fonctionnement, visĂ©es Ă  l'article 16, alinĂ©a premier, qui dĂ©passe les frais justifiĂ©s, peut ĂȘtre affectĂ©e Ă  la constitution de rĂ©serves Ă  concurrence d'au maximum 20 % du montant de subvention, Ă  l'exception du passif social.
Les réserves totales cumulées, à l'exception du passif social, peuvent s'élever à au maximum 50 % du montant de subvention de la derniÚre année d'activité subventionnée.
Le passif social, visé aux alinéas premier et deux, est limité à 25 % des frais de personnel annuels.
En cas de dĂ©passement du maximum, visĂ© aux alinĂ©as premier et deux, le montant dĂ©passĂ© est remboursĂ© Ă  l'agence, sauf si l'agence dĂ©cide, moyennant une motivation, qu'il peut ĂȘtre dĂ©rogĂ© aux pourcentages maximaux.
Lorsque la structure visée à l'article 10 n'est plus subventionnée, le montant cumulé des réserves sera remboursé à l'agence.
Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 8. In artikel 8 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2017 over de erkenning en subsidiëring van observatie-, diagnose- en behandelingsunits worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het derde lid wordt het getal "8" vervangen door het getal "9";
2° in hetzelfde lid worden de woorden "dat er een schriftelijke overeenkomst met de werknemersvertegenwoordiging is gesloten" vervangen door de woorden "dat er overleg met de werknemersvertegenwoordiging heeft plaatsgevonden";
3° het vijfde lid wordt opgeheven.
Art. 8. A l'article 8 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 2017 relatif Ă  l'agrĂ©ment et au subventionnement d'unitĂ©s d'observation, de diagnostic et de traitement, sont apportĂ©es les modifications suivantes :
1° dans l'alinéa trois le nombre " 8 " est remplacé par le nombre " 9 " ;
2° dans le mĂȘme alinĂ©a les mots " qu'un accord Ă©crit ait Ă©tĂ© conclu avec la reprĂ©sentation des travailleurs " sont remplacĂ©s par les mots " qu'une concertation avec la reprĂ©sentation des travailleurs ait eu lieu " ;
3° l'alinéa cinq est abrogé.
Art. 9. In hetzelfde besluit wordt een artikel 8/1 ingevoegd, dat luidt als volgt:
"Art. 8/1. Het gedeelte van de werkingstoelagen, vermeld in artikel 8, tweede lid, dat de verantwoorde kosten overschrijdt, mag worden aangewend voor de aanleg van reserves tot maximaal 20 % van het subsidiebedrag, met uitzondering van het sociaal passief.
De totale gecumuleerde reserves, met uitzondering van het sociaal passief, kunnen maximaal 50 % van het subsidiebedrag van het laatst gesubsidieerde werkingsjaar bedragen.
Het sociaal passief, vermeld in het eerste en tweede lid, wordt beperkt tot 25 % van de jaarlijkse personeelskosten.
Als het maximum, vermeld in het eerste en tweede lid, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan het agentschap, tenzij het agentschap na motivering beslist dat er van de maximumpercentages kan worden afgeweken.
Als de voorziening, vermeld in artikel 2, niet verder wordt gesubsidieerd, wordt het gecumuleerde bedrag van de reserves aan het agentschap teruggestort.
In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Art. 9. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 8/1, libellĂ© comme suit :
" Art. 8/1. La partie des allocations de fonctionnement, visĂ©es Ă  l'article 8, alinĂ©a deux, qui dĂ©passe les frais justifiĂ©s, peut ĂȘtre affectĂ©e Ă  la constitution de rĂ©serves Ă  concurrence d'au maximum vingt pour cent du montant de la subvention, Ă  l'exception du passif social.
Les réserves totales cumulées, à l'exception du passif social, peuvent s'élever à au maximum 50 % du montant de subvention de la derniÚre année d'activité subventionnée.
Le passif social, visé aux alinéas premier et deux, est limité à 25 % des frais de personnel annuels.
En cas de dĂ©passement du maximum, visĂ© aux alinĂ©as premier et deux, le montant dĂ©passĂ© est remboursĂ© Ă  l'agence, sauf si l'agence dĂ©cide, moyennant une motivation, qu'il peut ĂȘtre dĂ©rogĂ© aux pourcentages maximaux.
Lorsque la structure visée à l'article 2 n'est plus subventionnée, le montant cumulé des réserves sera remboursé à l'agence.
Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 10. In artikel 9 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid wordt het percentage "10 %" vervangen door het percentage "3 %";
2° het tweede lid wordt vervangen door wat volgt:
"Het bedrag per punt bedraagt 834 euro (achthonderdvierendertig euro).";
3° er wordt een vierde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"Het bedrag, vermeld in het tweede lid, wordt jaarlijks op 1 januari aangepast, rekening houdend met de gezondheidsindex, vermeld in hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1999 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen, met de volgende formule:
(basisbedrag x index december 20../index december 2017).".
Art. 10. A l'article 9 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° dans l'alinéa premier, le pourcentage " 10 % " est remplacé par le pourcentage " 3 % " ;
2° l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Le montant par point s'élÚve à 834 euros (huit cent trente-quatre euros). " ;
3° il est ajouté un alinéa 4, libellé comme suit :
" Le montant, visĂ© Ă  l'alinĂ©a 2, est annuellement adaptĂ© au 1er janvier, compte tenu de l'indice santĂ©, visĂ© au chapitre II de l'arrĂȘtĂ© royal du 24 dĂ©cembre 1993 portant exĂ©cution de la loi du 6 janvier 1999 de sauvegarde de la compĂ©titivitĂ© du pays, selon la formule suivante :
(montant de base x indice décembre 20..)/indice décembre 2017). ".
Art. 11. Aan artikel 33 van het besluit van de Vlaamse Regering van 26 februari 2016 houdende erkenning en subsidiëring van multifunctionele centra voor minderjarige personen met een handicap wordt een zesde lid toegevoegd, dat luidt als volgt:
"In afwijking van het vijfde lid hoeven de reserves die aangelegd zijn voor het sociaal passief, na expliciete goedkeuring door het agentschap, niet aan het agentschap te worden teruggestort.".
Art. 11. A l'article 33 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 26 fĂ©vrier 2016 portant agrĂ©ment et subventionnement de centres multifonctionnels pour personnes handicapĂ©es mineures, il est ajoutĂ© un alinĂ©a six, libellĂ© comme suit :
" Par dĂ©rogation Ă  l'alinĂ©a cinq les rĂ©serves constituĂ©es pour le passif social ne doivent pas ĂȘtre restituĂ©es Ă  l'agence, aprĂšs approbation explicite de l'agence. ".
Art. 12. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2019.
Artikel 5 heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2016.
Artikel 8, 1°, heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2017.
Artikel 8, 2° en 3°, en artikel 10 hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2018.
Art. 12. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le 1er janvier 2019.
L'article 5 produit ses effets Ă  partir du 1er janvier 2016.
L'article 8, 1° produit ses effets à partir du 1er janvier 2017.
L'article 8, 2° et 3° et l'article 10 produisent leurs effets à partir du 1er janvier 2018.
Art. 13. De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 13. Le ministre flamand ayant l'assistance aux personnes dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.