Artikel 1. Dit besluit bepaalt de mate waarin, met toepassing van artikel 4.3.8, § 2, derde lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, bij het vaststellen van een onteigeningsvergoeding rekening gehouden wordt met de waardevermeerdering die voortvloeit uit vergunde, gemelde of vrijgestelde handelingen, uitgevoerd in een reservatiestrook.
  In dit besluit wordt verstaan onder:
  1° bevoegde administratie: de administratie die bevoegd is voor de realisatie van de openbare infrastructuren, openbare wegen of nutsvoorzieningen waarvoor de reservatiestrook is aangeduid;
  2° bouwvolume: het bouwvolume, vermeld in artikel 4.1.1, 2°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening;
  3° constructie: een constructie als vermeld in artikel 4.1.1, 3°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening;
  4° herbouwen: herbouwen als vermeld in artikel 4.1.1, 6°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
10 MEI 2019. - Besluit van de Vlaamse Regering tot bepaling van de mate waarin bij het bepalen van een onteigeningsvergoeding rekening wordt gehouden met de waardevermeerdering die voortvloeit uit vergunde, gemelde of vrijgestelde handelingen uitgevoerd in een reservatiestrook
Titre
10 MAI 2019. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand dĂ©terminant la mesure dans laquelle il est tenu compte, lors de la dĂ©termination d'une indemnitĂ© d'expropriation, de la plus-value des actes autorisĂ©s, dĂ©clarĂ©s ou exemptĂ©s, effectuĂ©s dans une zone de rĂ©servation
Documentinformatie
Info du document
Tekst (8)
Texte (8)
Article 1er. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© dĂ©termine la mesure dans laquelle il est tenu compte, en application de l'article 4.3.8, § 2, alinĂ©a trois, du Code flamand de l'AmĂ©nagement du Territoire, lors de la dĂ©termination d'une indemnitĂ© d'expropriation, de la plus-value dĂ©coulant des actes autorisĂ©s, dĂ©clarĂ©s ou exemptĂ©s, effectuĂ©s dans une zone de rĂ©servation.
  Dans le prĂ©sent arrĂȘtĂ©, on entend par :
  1° administration compétente : l'administration compétente pour la réalisation des infrastructures publiques, des voies publiques ou des équipements d'utilité publique pour lesquels la zone de réservation a été désignée ;
  2° volume de construction : le volume de construction visé à l'article 4.1.1, 2°, du Code flamand de l'aménagement du territoire ;
  3° construction : une construction telle que visé à l'article 4.1.1, 3°, du Code flamand de l'aménagement du territoire ;
  4° reconstruire : la reconstruction telle que visée à l'article 4.1.1, 6°, du Code flamand de l'aménagement du territoire ;
  Dans le prĂ©sent arrĂȘtĂ©, on entend par :
  1° administration compétente : l'administration compétente pour la réalisation des infrastructures publiques, des voies publiques ou des équipements d'utilité publique pour lesquels la zone de réservation a été désignée ;
  2° volume de construction : le volume de construction visé à l'article 4.1.1, 2°, du Code flamand de l'aménagement du territoire ;
  3° construction : une construction telle que visé à l'article 4.1.1, 3°, du Code flamand de l'aménagement du territoire ;
  4° reconstruire : la reconstruction telle que visée à l'article 4.1.1, 6°, du Code flamand de l'aménagement du territoire ;
Art. 2. Er wordt geen rekening gehouden met de eventuele waardevermeerdering die voortvloeit uit de volgende handelingen:
  1° het oprichten van een nieuwe vrijstaande constructie;
  2° het herbouwen van constructies, met uitzondering van vergunde herstelwerken na vernietiging of beschadiging door vreemde oorzaak;
  3° het uitbreiden van het bouwvolume van een bestaande constructie met meer dan 25 %, met uitzondering van handelingen als vermeld in artikel 4.4.19, § 1, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
  1° het oprichten van een nieuwe vrijstaande constructie;
  2° het herbouwen van constructies, met uitzondering van vergunde herstelwerken na vernietiging of beschadiging door vreemde oorzaak;
  3° het uitbreiden van het bouwvolume van een bestaande constructie met meer dan 25 %, met uitzondering van handelingen als vermeld in artikel 4.4.19, § 1, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening.
Art. 2. Il n'est tenu compte d'aucune plus-value découlant des actes suivants :
  1° l'établissement d'une nouvelle construction isolée ;
  2° la reconstruction de bùtiments, à l'exception des réparations autorisées à la suite d'une destruction ou d'un dommage dû à des causes extérieures ;
  3° l'extension du volume de construction d'une construction existante de plus de 25 %, à l'exception des actes visés à l'article 4.4.19, § 1er, du Code flamand de l'aménagement du territoire.
  1° l'établissement d'une nouvelle construction isolée ;
  2° la reconstruction de bùtiments, à l'exception des réparations autorisées à la suite d'une destruction ou d'un dommage dû à des causes extérieures ;
  3° l'extension du volume de construction d'une construction existante de plus de 25 %, à l'exception des actes visés à l'article 4.4.19, § 1er, du Code flamand de l'aménagement du territoire.
Art. 3. Met behoud van de toepassing van artikel 4.3.8, § 2, vierde lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, wordt voor alle andere handelingen dan de handelingen, vermeld in artikel 2 van dit besluit, de waardevermeerdering voor 75 % in rekening gebracht als een onteigening plaatsvindt meer dan vijf jaar na de afgifte van de vergunning in laatste administratieve aanleg.
  Voor de toepassing hiervan, en voor de toepassing van artikel 4.3.8, § 2, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, wordt de datum van het voorlopig onteigeningsbesluit, vermeld in artikel 10 van het het Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017, beschouwd als tijdstip van de onteigening.
  Voor de toepassing hiervan, en voor de toepassing van artikel 4.3.8, § 2, tweede lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, wordt de datum van het voorlopig onteigeningsbesluit, vermeld in artikel 10 van het het Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017, beschouwd als tijdstip van de onteigening.
Art. 3. Sans prĂ©judice de l'application de l'article 4.3.8, § 2, quatriĂšme alinĂ©a, du Code flamand de l'amĂ©nagement du territoire, pour tous les actes autres que les actes visĂ©s Ă l'article 2 du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, l'augmentation de valeur de 75 % est portĂ©e en compte si une expropriation a lieu plus de cinq ans aprĂšs la dĂ©livrance du permis en derniĂšre instance administrative.
  Pour l'application de cette disposition, et pour l'application de l'article 4.3.8, § 2, alinĂ©a deux, du Code flamand de l'amĂ©nagement du territoire, la date de l'arrĂȘtĂ© provisoire d'expropriation, visĂ© Ă l'article 10 du DĂ©cret flamand sur les Expropriations du 24 fĂ©vrier 2017, est rĂ©putĂ©e ĂȘtre celle de l'expropriation.
  Pour l'application de cette disposition, et pour l'application de l'article 4.3.8, § 2, alinĂ©a deux, du Code flamand de l'amĂ©nagement du territoire, la date de l'arrĂȘtĂ© provisoire d'expropriation, visĂ© Ă l'article 10 du DĂ©cret flamand sur les Expropriations du 24 fĂ©vrier 2017, est rĂ©putĂ©e ĂȘtre celle de l'expropriation.
Art. 4. § 1. Als een omgevingsvergunning wordt aangevraagd voor het herbouwen van een constructie in een reservatiestrook, en de bevoegde administratie brengt over die aanvraag een gunstig of voorwaardelijk gunstig advies uit met toepassing van artikel 4.3.8, § 2, eerste lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, dan kan de bevoegde administratie de vergunningsaanvrager verzoeken een beëdigd schatter een gedetailleerde plaatsbeschrijving te laten opmaken van het onroerend goed waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft.
  Het verzoek wordt binnen de vijf dagen na het uitbrengen van het advies over de vergunningsaanvraag per beveiligde zending aan de aanvrager bezorgd. Bij gebreke daaraan is paragraaf 3 niet van toepassing, en kan, in geval van latere onteigening, de waarde van de constructies die bestonden voor de aanvang der werken gestaafd worden met alle nuttige bewijsmiddelen.
  § 2. De plaatsbeschrijving beschrijft gedetailleerd de bestaande vergunde of vergund geachte constructies, met vermelding van de ouderdom en de staat van onderhoud, gedocumenteerd met foto's.
  § 3. Voor de aanvang van de werken stuurt de vergunningsaanvrager of vergunninghouder de plaatsbeschrijving per beveiligde zending aan de bevoegde administratie. Bij gebreke daaraan worden de constructies die bestonden voor de aanvang der werken geacht geen waarde te hebben gehad.
  Het verzoek wordt binnen de vijf dagen na het uitbrengen van het advies over de vergunningsaanvraag per beveiligde zending aan de aanvrager bezorgd. Bij gebreke daaraan is paragraaf 3 niet van toepassing, en kan, in geval van latere onteigening, de waarde van de constructies die bestonden voor de aanvang der werken gestaafd worden met alle nuttige bewijsmiddelen.
  § 2. De plaatsbeschrijving beschrijft gedetailleerd de bestaande vergunde of vergund geachte constructies, met vermelding van de ouderdom en de staat van onderhoud, gedocumenteerd met foto's.
  § 3. Voor de aanvang van de werken stuurt de vergunningsaanvrager of vergunninghouder de plaatsbeschrijving per beveiligde zending aan de bevoegde administratie. Bij gebreke daaraan worden de constructies die bestonden voor de aanvang der werken geacht geen waarde te hebben gehad.
Art. 4. § 1er. Si une demande de permis d'environnement est présentée pour la reconstruction d'un bùtiment dans une zone de réservation, et le administration compétente émet un avis favorable ou conditionnellement favorable sur cette demande, en application de l'article 4.3.8, § 2, alinéa premier, du Code flamand de l'aménagement du territoire, l'administration compétente peut demander au demandeur d'un permis de faire procéder par un expert assermenté à un état des lieux détaillé du bien immobilier auquel se rapporte le permis d'environnement.
  La demande est transmise au demandeur par courrier sĂ©curisĂ© dans les cinq jours suivant la formulation de l'avis sur la demande de permis. A dĂ©faut, le paragraphe 3 ne s'applique pas et, en cas d'expropriation ultĂ©rieure, la valeur des constructions qui existaient avant le dĂ©but des travaux peut ĂȘtre justifiĂ©e par tous moyens de preuve utiles.
  § 2. L'état des lieux décrit en détail les constructions existantes qui sont autorisées ou considérées comme autorisées, en indiquant leur ùge et leur état d'entretien, documentés par des photos.
  § 3. Avant le début des travaux, le demandeur ou le titulaire du permis envoie l'état des lieux par courrier sécurisé à l'administration compétente. A défaut, les constructions qui existaient avant le début des travaux sont considérées comme n'ayant pas eu de valeur.
  La demande est transmise au demandeur par courrier sĂ©curisĂ© dans les cinq jours suivant la formulation de l'avis sur la demande de permis. A dĂ©faut, le paragraphe 3 ne s'applique pas et, en cas d'expropriation ultĂ©rieure, la valeur des constructions qui existaient avant le dĂ©but des travaux peut ĂȘtre justifiĂ©e par tous moyens de preuve utiles.
  § 2. L'état des lieux décrit en détail les constructions existantes qui sont autorisées ou considérées comme autorisées, en indiquant leur ùge et leur état d'entretien, documentés par des photos.
  § 3. Avant le début des travaux, le demandeur ou le titulaire du permis envoie l'état des lieux par courrier sécurisé à l'administration compétente. A défaut, les constructions qui existaient avant le début des travaux sont considérées comme n'ayant pas eu de valeur.
Art. 5. Elke bevoegde administratie houdt een register bij waarin per reservatiestrook waarvoor zij bevoegd is, informatie wordt opgenomen over de omgevingsvergunningen, verleend met toepassing van artikel 4.3.8, § 2, eerste lid, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening. Zij neemt daarin de relevante stukken uit de aanvraag op en, in voorkomend geval, de plaatsbeschrijvingen, vermeld in artikel 4.
Art. 5. Chaque autorité compétente tient un registre dans lequel sont reprises les informations relatives aux permis environnementaux octroyés conformément à l'article 4.3.8, § 2, premier alinéa, du Code flamand de l'aménagement du territoire, pour chaque bande de réservation pour laquelle elle est compétente. Elle y inclut les documents pertinents de la demande et, le cas échéant, les états des lieux visés à l'article 4.
Art. 6. De bepalingen van dit besluit zijn van toepassing op alle aanvragen tot omgevingsvergunning waarover het advies, vermeld in 4.3.8, § 2, eerste lid, 2°, van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening, verleend wordt na de inwerkingtreding van dit besluit.
Art. 6. Les dispositions du prĂ©sent arrĂȘtĂ© s'appliquent Ă toutes les demandes de permis d'environnement pour lesquelles l'avis visĂ© Ă l'article 4.3.8, § 2, premier alinĂ©a, 2°, du Code flamand de l'amĂ©nagement du territoire est octroyĂ© aprĂšs l'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 7. Artikel 61 van het decreet van 8 december 2017 houdende wijziging van diverse bepalingen inzake ruimtelijke ordening, milieu en omgeving, treedt in werking op de dag van de inwerkingtreding van dit besluit.
Art. 7. L'article 61 du dĂ©cret du 8 dĂ©cembre 2017 diverses dispositions en matiĂšre d'amĂ©nagement du territoire, d'Ă©cologie, d'environnement et d'amĂ©nagement du territoire, entre en vigueur le jour de l'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Art. 8. De Vlaamse minister, bevoegd voor de ruimtelijke ordening, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het mobiliteitsbeleid, de openbare werken en het vervoer, zijn, ieder wat haar of hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. Le Ministre flamand ayant l'amĂ©nagement du territoire dans ses attributions et le Ministre flamand ayant la politique de la mobilitĂ©, les travaux publics et les transports dans ses attributions, sont chargĂ©s, chacun en ce qui le concerne, de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.