Artikel 1. In dit besluit wordt verstaan onder:
1° gesubsidieerde kinderopvangplaats: een kinderopvangplaats die gesubsidieerd is met een subsidie voor inkomenstarief voor gezinsopvang als vermeld in artikel 17 of artikel 59, § 1, van het Subsidiebesluit van 22 november 2013;
2° [1 agentschap: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, dat is opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien Regie;]1
3° niet-gekwalificeerde kinderbegeleider: een kinderbegeleider die nog geen kwalificatie als vermeld in artikel 43, § 2, eerste lid, 4°, a), van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, heeft;
4° organisator: een organisator van gezinsopvang of van groepsopvang als vermeld in artikel 59, § 1, van het Subsidiebesluit van 22 november 2013.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
22 FEBRUARI 2019. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende de toekenning van een subsidie aan pools gezinsopvang(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 01-04-2019 en tekstbijwerking tot 15-07-2024)
Titre
22 FEVRIER 2019. - Arrêté du Gouvernement flamand portant octroi d'une subvention aux pools d'accueil familial(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 01-04-2019 et mise à jour au 15-07-2024)
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
Tekst (30)
Texte (30)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
Article 1er. Dans le présent arrêté, on entend par :
1° place d'accueil d'enfants subventionnée : une place d'accueil d'enfants subventionnée par une subvention pour la réalisation du tarif sur la base des revenus pour l'accueil familial telle que visée à l'article 17 ou à l'article 59, § 1er, de l'arrêté de Subvention du 22 novembre 2013 ;
2° [1 agence : l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Opgroeien regie " (Grandir régie), créée par l'article 3 du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique Grandir régie;]1
3° accompagnateur d'enfants non qualifié : un accompagnateur d'enfants qui n'a pas encore la qualification visée à l'article 43, § 2, alinéa 1er, 4°, a), de l'Arrêté d'autorisation du 22 novembre 2013 ;
4° organisateur : un organisateur d'accueil familial ou d'accueil en groupe tel que visé à l'article 59, § 1er, de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013.
1° place d'accueil d'enfants subventionnée : une place d'accueil d'enfants subventionnée par une subvention pour la réalisation du tarif sur la base des revenus pour l'accueil familial telle que visée à l'article 17 ou à l'article 59, § 1er, de l'arrêté de Subvention du 22 novembre 2013 ;
2° [1 agence : l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Opgroeien regie " (Grandir régie), créée par l'article 3 du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique Grandir régie;]1
3° accompagnateur d'enfants non qualifié : un accompagnateur d'enfants qui n'a pas encore la qualification visée à l'article 43, § 2, alinéa 1er, 4°, a), de l'Arrêté d'autorisation du 22 novembre 2013 ;
4° organisateur : un organisateur d'accueil familial ou d'accueil en groupe tel que visé à l'article 59, § 1er, de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013.
Wijzigingen
Art. 2. [1 Het agentschap]1 kent een subsidie toe aan pools gezinsopvang die elk minstens 1500 gesubsidieerde kinderopvangplaatsen ondersteunen en de vorm aannemen van een rechtspersoon zonder winstoogmerk om de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4, te realiseren.
De pool gezinsopvang:
1° biedt de ondersteuning met betrekking tot de opdrachten vermeld in artikel 3 en 4, in principe kosteloos aan;
2° treedt neutraal op, onder andere door de rol van pool gezinsopvang en de rol van organisator die hij eventueel opneemt, te scheiden en zorgt ervoor dat er geen dubbele subsidiëring is voor de opdrachten die in het verlengde liggen van de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4;
3° meldt jaarlijks uiterlijk op 31 december van het subsidiejaar aan [1 het agentschap]1 welke organisatoren hij ondersteunt.
De pool gezinsopvang:
1° biedt de ondersteuning met betrekking tot de opdrachten vermeld in artikel 3 en 4, in principe kosteloos aan;
2° treedt neutraal op, onder andere door de rol van pool gezinsopvang en de rol van organisator die hij eventueel opneemt, te scheiden en zorgt ervoor dat er geen dubbele subsidiëring is voor de opdrachten die in het verlengde liggen van de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4;
3° meldt jaarlijks uiterlijk op 31 december van het subsidiejaar aan [1 het agentschap]1 welke organisatoren hij ondersteunt.
Art. 2. [1 L'agence]1 octroie une subvention aux pools d'accueil familial qui soutiennent chacun au moins 1500 places d'accueil d'enfants subventionnées et prennent la forme d'une personne morale sans but lucratif pour réaliser les missions visées aux articles 3 et 4.
Le pool d'accueil familial :
1° offre, en principe, gratuitement le soutien relatif aux missions visées aux articles 3 et 4 ;
2° agit en toute neutralité, entre autres, en séparant le rôle du pool d'accueil familial et celui de l'organisateur qu'il peut assumer, et veille à ce qu'il n'y ait pas de double subvention pour les missions conformes aux missions visées aux articles 3 et 4 ;
3° fait rapport annuellement, au plus tard le 31 décembre de l'année de subvention, à [1 l'agence]1 sur les organisateurs qu'il soutient.
Le pool d'accueil familial :
1° offre, en principe, gratuitement le soutien relatif aux missions visées aux articles 3 et 4 ;
2° agit en toute neutralité, entre autres, en séparant le rôle du pool d'accueil familial et celui de l'organisateur qu'il peut assumer, et veille à ce qu'il n'y ait pas de double subvention pour les missions conformes aux missions visées aux articles 3 et 4 ;
3° fait rapport annuellement, au plus tard le 31 décembre de l'année de subvention, à [1 l'agence]1 sur les organisateurs qu'il soutient.
Wijzigingen
HOOFDSTUK 2. - Opdrachten
CHAPITRE 2. - Missions
Art. 3. De pool gezinsopvang biedt ondersteuning [1 over beleidsvoerend vermogen]1 aan organisatoren met als doel:
1° organisatoren versterken in hun zelfredzaamheid en initiatiefkracht, met het oog op een kwaliteitsvolle en duurzame sector en dienstverlening;
2° organisatoren bijstaan gedurende al de volgende fases van kinderopvang: de informatiefase, de prestart, de start, de werking en de stopzetting of overname;
3° [1 de organisatoren geïntegreerd ondersteunen op de volgende onderling samenhangende thema's:
a) het organisatorisch beleid, met inbegrip van het financieel beleid en sociaal ondernemerschap;
b) de toegankelijkheid, met aandacht voor kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte;
c) het pedagogisch beleid;
d) het medewerkersbeleid, met aandacht voor het draagvlak van medewerkers;
e) monitoring en evaluatie]1.
[1 In het eerste lid wordt verstaan onder beleidsvoerend vermogen: de mate waarin de organisator in staat is om een zelfstandig beleid te voeren, rekening houdend met de beschikbare beleidsruimte, met de eigen doelstellingen en met de lokale context, en de mate waarin de activiteiten van de verantwoordelijke en van de medewerkers op elkaar zijn afgestemd zodat ze bijdragen aan de ontplooiing van kinderen.]1
De pool gezinsopvang biedt ondersteuning in de vorm van:
1° vraaggestuurd ondersteunen op maat van de organisator;
2° netwerken organiseren en ernaar toeleiden;
3° adviseren over de manier waarop werk wordt gemaakt van de onderling samenhangende thema's, vermeld in het eerste lid, 3°.
De ondersteuning wordt afgestemd met het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, gesubsidieerd conform het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 2018 houdende toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang met als doel:
1° de uitwisseling van instrumenten en methodieken;
2° de facultatieve ondersteuning van de organisatoren waarbij de kinderbegeleider tegelijk ook de verantwoordelijke is.
De pool gezinsopvang kan geen organisatoren ondersteunen die reeds ondersteund worden door het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, gesubsidieerd conform het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 2018 houdende toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, voor dezelfde aspecten.
1° organisatoren versterken in hun zelfredzaamheid en initiatiefkracht, met het oog op een kwaliteitsvolle en duurzame sector en dienstverlening;
2° organisatoren bijstaan gedurende al de volgende fases van kinderopvang: de informatiefase, de prestart, de start, de werking en de stopzetting of overname;
3° [1 de organisatoren geïntegreerd ondersteunen op de volgende onderling samenhangende thema's:
a) het organisatorisch beleid, met inbegrip van het financieel beleid en sociaal ondernemerschap;
b) de toegankelijkheid, met aandacht voor kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte;
c) het pedagogisch beleid;
d) het medewerkersbeleid, met aandacht voor het draagvlak van medewerkers;
e) monitoring en evaluatie]1.
[1 In het eerste lid wordt verstaan onder beleidsvoerend vermogen: de mate waarin de organisator in staat is om een zelfstandig beleid te voeren, rekening houdend met de beschikbare beleidsruimte, met de eigen doelstellingen en met de lokale context, en de mate waarin de activiteiten van de verantwoordelijke en van de medewerkers op elkaar zijn afgestemd zodat ze bijdragen aan de ontplooiing van kinderen.]1
De pool gezinsopvang biedt ondersteuning in de vorm van:
1° vraaggestuurd ondersteunen op maat van de organisator;
2° netwerken organiseren en ernaar toeleiden;
3° adviseren over de manier waarop werk wordt gemaakt van de onderling samenhangende thema's, vermeld in het eerste lid, 3°.
De ondersteuning wordt afgestemd met het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, gesubsidieerd conform het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 2018 houdende toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang met als doel:
1° de uitwisseling van instrumenten en methodieken;
2° de facultatieve ondersteuning van de organisatoren waarbij de kinderbegeleider tegelijk ook de verantwoordelijke is.
De pool gezinsopvang kan geen organisatoren ondersteunen die reeds ondersteund worden door het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, gesubsidieerd conform het besluit van de Vlaamse Regering van 23 februari 2018 houdende toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, voor dezelfde aspecten.
Art. 3. Le pool d'accueil familial offre un soutien [1 relatif au pouvoir gestionnel ]1 aux organisateurs dans le but :
1° de renforcer les organisateurs dans leur autonomie et force d'initiative, en vue d'un secteur et de services qualitatifs et durables ;
2° d'assister les organisateurs pendant toutes les phases suivantes de l'accueil d'enfants : la phase d'information, le prédémarrage, le démarrage, le fonctionnement et la cessation ou reprise ;
3° [1 apporter un soutien intégré aux organisateurs sur les thèmes interdépendants suivants :
a) la politique organisationnelle, y compris la politique financière et l'entrepreneuriat social ;
b) l'accessibilité, axée sur les familles vulnérables et sur les enfants nécessitant des soins spécifiques ;
c) la politique pédagogique ;
d) la politique des collaborateurs, portant une attention particulière à l'assise des collaborateurs ;
e) suivi et évaluation]1.
[1 A l'alinéa 1, il convient d'entendre par pouvoir gestionnel : la mesure dans laquelle l'organisateur est en mesure de mener une politique autonome, compte tenu de la marge de manoeuvre politique disponible, des propres objectifs et du contexte local, et la mesure dans laquelle les activités du responsable et des collaborateurs sont coordonnées de manière à contribuer à l'épanouissement des enfants.]1
Le pool d'accueil familial offre un soutien sous la forme :
1° d'appui, axé sur la demande, sur mesure de l'organisateur ;
2° d'organisation de réseaux et d'orientation vers ceux-ci ;
3° de conseils sur la manière de travailler sur les thèmes interdépendants, visés à l'alinéa 1er, 3°.
L'aide est alignée sur le réseau de soutien accueil d'enfants, subventionné conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 février 2018 portant octroi d'une subvention au réseau d'appui à l'accueil d'enfants en vue :
1° de l'échange d'instruments et de méthodiques ;
2° de l'aide facultative des organisateurs, dont l'accompagnateur d'enfants est également la personne responsable.
Le pool accueil familial ne peut pas soutenir des organisateurs déjà soutenus par le réseau d'appui accueil d'enfants, subventionnés conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 février 2018 portant octroi d'une subvention au réseau d'appui à l'accueil d'enfants, pour les mêmes aspects.
1° de renforcer les organisateurs dans leur autonomie et force d'initiative, en vue d'un secteur et de services qualitatifs et durables ;
2° d'assister les organisateurs pendant toutes les phases suivantes de l'accueil d'enfants : la phase d'information, le prédémarrage, le démarrage, le fonctionnement et la cessation ou reprise ;
3° [1 apporter un soutien intégré aux organisateurs sur les thèmes interdépendants suivants :
a) la politique organisationnelle, y compris la politique financière et l'entrepreneuriat social ;
b) l'accessibilité, axée sur les familles vulnérables et sur les enfants nécessitant des soins spécifiques ;
c) la politique pédagogique ;
d) la politique des collaborateurs, portant une attention particulière à l'assise des collaborateurs ;
e) suivi et évaluation]1.
[1 A l'alinéa 1, il convient d'entendre par pouvoir gestionnel : la mesure dans laquelle l'organisateur est en mesure de mener une politique autonome, compte tenu de la marge de manoeuvre politique disponible, des propres objectifs et du contexte local, et la mesure dans laquelle les activités du responsable et des collaborateurs sont coordonnées de manière à contribuer à l'épanouissement des enfants.]1
Le pool d'accueil familial offre un soutien sous la forme :
1° d'appui, axé sur la demande, sur mesure de l'organisateur ;
2° d'organisation de réseaux et d'orientation vers ceux-ci ;
3° de conseils sur la manière de travailler sur les thèmes interdépendants, visés à l'alinéa 1er, 3°.
L'aide est alignée sur le réseau de soutien accueil d'enfants, subventionné conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 février 2018 portant octroi d'une subvention au réseau d'appui à l'accueil d'enfants en vue :
1° de l'échange d'instruments et de méthodiques ;
2° de l'aide facultative des organisateurs, dont l'accompagnateur d'enfants est également la personne responsable.
Le pool accueil familial ne peut pas soutenir des organisateurs déjà soutenus par le réseau d'appui accueil d'enfants, subventionnés conformément à l'arrêté du Gouvernement flamand du 23 février 2018 portant octroi d'une subvention au réseau d'appui à l'accueil d'enfants, pour les mêmes aspects.
Wijzigingen
Art.3/1.[1 De pool gezinsopvang biedt, rekening houdend met de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 5, ondersteuning van kinderbegeleiders op de werkvloer, in samenhang met de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4.
De ondersteuning op de werkvloer, vermeld in het eerste lid, heeft de volgende doelstellingen:
1° kinderbegeleiders versterken in hun beroepscompetenties, vermeld in het beroepskwalificatieprofiel voor kinderbegeleiders, dat is opgenomen in de bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 tot erkenning van de beroepskwalificatie kinderbegeleider baby's en peuters en, wat betreft de niet-gekwalificeerde kinderbegeleiders, in nauwe afstemming met de acties, vermeld in artikel 4, eerste lid, 3° en 4°, van dit besluit;
2° samen met de kinderbegeleiders instaan voor verzorgende en pedagogische taken bij de kinderen, en daarbij de kinderbegeleiders ondersteunen op het vlak van:
a) de diverse ontwikkelingsaspecten van kinderen;
b) de aspecten van veiligheid en gezondheid in de opvang van kinderen;
c) de omgang en de communicatie met de gezinnen;
d) het inclusief omgaan met kinderen met specifieke zorgbehoeften en kinderen uit kwetsbare gezinnen;
3° samen met de verantwoordelijke en de kinderbegeleiders de dagelijkse praktijk aftoetsen aan het pedagogisch beleid van de organisator en verbeterpunten planmatig aanpakken, met kennis van de lokale netwerken die gericht zijn op het geïntegreerd beleid voor kinderen, jongeren en gezinnen;
4° in staat zijn om met betrekking tot verontrustende situaties:
a) deze te detecteren;
b) deze te bespreken met de organisator;
c) deze samen met de organisator mee op te volgen in functie van het herstel van de veiligheid;
d) [2 ...]2
5° ondersteuning bieden [2 ...]2 na afloop van een bezoek van Zorginspectie in het kader van een begeleidings- of opvolgingstraject van het agentschap en dit binnen de opdrachten van de ondersteuner als vermeld in deze bepaling.
De ondersteuning van de kinderbegeleiders houdt rekening met het pedagogisch raamwerk dat in september 2014 is ontwikkeld door de vakgroep sociale agogiek van de universiteit Gent en het expertisecentrum ervaringsgericht onderwijs van de Katholieke Universiteit Leuven, in opdracht van het agentschap. ]1
De ondersteuning op de werkvloer, vermeld in het eerste lid, heeft de volgende doelstellingen:
1° kinderbegeleiders versterken in hun beroepscompetenties, vermeld in het beroepskwalificatieprofiel voor kinderbegeleiders, dat is opgenomen in de bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 tot erkenning van de beroepskwalificatie kinderbegeleider baby's en peuters en, wat betreft de niet-gekwalificeerde kinderbegeleiders, in nauwe afstemming met de acties, vermeld in artikel 4, eerste lid, 3° en 4°, van dit besluit;
2° samen met de kinderbegeleiders instaan voor verzorgende en pedagogische taken bij de kinderen, en daarbij de kinderbegeleiders ondersteunen op het vlak van:
a) de diverse ontwikkelingsaspecten van kinderen;
b) de aspecten van veiligheid en gezondheid in de opvang van kinderen;
c) de omgang en de communicatie met de gezinnen;
d) het inclusief omgaan met kinderen met specifieke zorgbehoeften en kinderen uit kwetsbare gezinnen;
3° samen met de verantwoordelijke en de kinderbegeleiders de dagelijkse praktijk aftoetsen aan het pedagogisch beleid van de organisator en verbeterpunten planmatig aanpakken, met kennis van de lokale netwerken die gericht zijn op het geïntegreerd beleid voor kinderen, jongeren en gezinnen;
4° in staat zijn om met betrekking tot verontrustende situaties:
a) deze te detecteren;
b) deze te bespreken met de organisator;
c) deze samen met de organisator mee op te volgen in functie van het herstel van de veiligheid;
d) [2 ...]2
5° ondersteuning bieden [2 ...]2 na afloop van een bezoek van Zorginspectie in het kader van een begeleidings- of opvolgingstraject van het agentschap en dit binnen de opdrachten van de ondersteuner als vermeld in deze bepaling.
De ondersteuning van de kinderbegeleiders houdt rekening met het pedagogisch raamwerk dat in september 2014 is ontwikkeld door de vakgroep sociale agogiek van de universiteit Gent en het expertisecentrum ervaringsgericht onderwijs van de Katholieke Universiteit Leuven, in opdracht van het agentschap. ]1
Art.3/1.[1 Le pool d'accueil familial offre, compte tenu de l'accord de coopération visé à l'article 5, un soutien aux accompagnateurs d'enfants sur le lieu de travail, dans le cadre des missions visées aux articles 3 et 4.
Le soutien sur le lieu de travail visé à l'alinéa 1 a les objectifs suivants :
1° renforcer les accompagnateurs d'enfants dans leurs compétences professionnelles, visées au profil de qualification professionnelle des accompagnateurs d'enfants, repris en annexe de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 portant reconnaissance de la qualification professionnelle d'accompagnateurs d'enfants pour les bébés et bambins et, en ce qui concerne les accompagnateurs d'enfants non qualifiés, en étroite coordination avec les actions visées à l'article 4, alinéa 1, 3° et 4°, du présent arrêté ;
2° en collaboration avec les accompagnateurs d'enfants, s'occuper des soins et des tâches pédagogiques pour les enfants, en soutenant les accompagnateurs d'enfants dans les domaines suivants :
a) les divers aspects de développement des enfants ;
b) les aspects de sécurité et de santé dans l'accueil d'enfants ;
c) les contacts et la communication avec les familles ;
d) la prise en charge inclusive des enfants nécessitant des soins spécifiques et des enfants issus de familles vulnérables ;
3° en collaboration avec le responsable et les accompagnateurs d'enfants, vérifier la pratique quotidienne par rapport à la politique pédagogique de l'organisateur et aborder systématiquement les points à améliorer, avec la connaissance des réseaux locaux axés sur la politique intégrée pour les enfants, les jeunes et les familles;
4° être capable de faire face à des situations inquiétantes :
a) les détecter ;
b) les discuter avec l'organisateur ;
c) en assurer le suivi avec l'organisateur afin de rétablir la sécurité ;
d) [2 ...]2
5° apporter un soutien [2 ...]2 après une visite de l'Inspection des Soins dans le cadre d'une trajectoire d'orientation ou de suivi de l'agence et ce dans le cadre des missions du personnel de soutien visées dans cette disposition.
Le soutien des accompagnateurs d'enfants tient compte du cadre pédagogique élaboré en septembre 2014 par l'unité d'enseignement Travail socioéducatif de l'Université de Gand et le centre d'expertise en éducation expérientelle de l'Université catholique de Louvain, mandatés par l'agence. ]1
Le soutien sur le lieu de travail visé à l'alinéa 1 a les objectifs suivants :
1° renforcer les accompagnateurs d'enfants dans leurs compétences professionnelles, visées au profil de qualification professionnelle des accompagnateurs d'enfants, repris en annexe de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 portant reconnaissance de la qualification professionnelle d'accompagnateurs d'enfants pour les bébés et bambins et, en ce qui concerne les accompagnateurs d'enfants non qualifiés, en étroite coordination avec les actions visées à l'article 4, alinéa 1, 3° et 4°, du présent arrêté ;
2° en collaboration avec les accompagnateurs d'enfants, s'occuper des soins et des tâches pédagogiques pour les enfants, en soutenant les accompagnateurs d'enfants dans les domaines suivants :
a) les divers aspects de développement des enfants ;
b) les aspects de sécurité et de santé dans l'accueil d'enfants ;
c) les contacts et la communication avec les familles ;
d) la prise en charge inclusive des enfants nécessitant des soins spécifiques et des enfants issus de familles vulnérables ;
3° en collaboration avec le responsable et les accompagnateurs d'enfants, vérifier la pratique quotidienne par rapport à la politique pédagogique de l'organisateur et aborder systématiquement les points à améliorer, avec la connaissance des réseaux locaux axés sur la politique intégrée pour les enfants, les jeunes et les familles;
4° être capable de faire face à des situations inquiétantes :
a) les détecter ;
b) les discuter avec l'organisateur ;
c) en assurer le suivi avec l'organisateur afin de rétablir la sécurité ;
d) [2 ...]2
5° apporter un soutien [2 ...]2 après une visite de l'Inspection des Soins dans le cadre d'une trajectoire d'orientation ou de suivi de l'agence et ce dans le cadre des missions du personnel de soutien visées dans cette disposition.
Le soutien des accompagnateurs d'enfants tient compte du cadre pédagogique élaboré en septembre 2014 par l'unité d'enseignement Travail socioéducatif de l'Université de Gand et le centre d'expertise en éducation expérientelle de l'Université catholique de Louvain, mandatés par l'agence. ]1
Art.3/2. [1 De pool gezinsopvang sluit een ondersteuningsovereenkomst met de organisator voor wie hij de dienstverlening, vermeld in artikel 3, 3/1 en 4 van dit besluit, opneemt. In die ondersteuningsovereenkomst worden de volgende elementen vastgelegd:
1° de wijze waarop de ondersteuning voor de locatie wordt aangeboden;
2° de afspraken en modaliteiten van de ondersteuning;
3° de gegevens over de kwalificatie en competenties van de aangestelde ondersteuner;
4° de contactgegevens van de aangestelde ondersteuner;
5° in voorkomend geval, de overdracht van de subsidie door de organisator die voor de ondersteuning op de werkvloer een beroep doet op een pool gezinsopvang;
6° de wijze waarop de ondersteuning wordt geëvalueerd. ]1
1° de wijze waarop de ondersteuning voor de locatie wordt aangeboden;
2° de afspraken en modaliteiten van de ondersteuning;
3° de gegevens over de kwalificatie en competenties van de aangestelde ondersteuner;
4° de contactgegevens van de aangestelde ondersteuner;
5° in voorkomend geval, de overdracht van de subsidie door de organisator die voor de ondersteuning op de werkvloer een beroep doet op een pool gezinsopvang;
6° de wijze waarop de ondersteuning wordt geëvalueerd. ]1
Art.3/2. [1 Le pool accueil familial conclut un accord de soutien avec l'organisateur pour lequel il assume la prestation de services visée aux articles 3, 3/1 et 4 du présent arrêté. Cet accord de soutien prévoit les éléments suivants :
1° la manière dont le soutien est offert pour l'emplacement ;
2° les accords et les modalités du soutien ;
3° les données relatives à la qualification et aux compétences de la personne de soutien désignée ;
4° les données de contact de la personne de soutien affectée ;
5° le cas échéant, le transfert de la subvention par l'organisateur qui s'appuie sur un pool d'accueil familial pour le soutien sur le lieu de travail ;
6° la manière dont le soutien est évalué. ]1
1° la manière dont le soutien est offert pour l'emplacement ;
2° les accords et les modalités du soutien ;
3° les données relatives à la qualification et aux compétences de la personne de soutien désignée ;
4° les données de contact de la personne de soutien affectée ;
5° le cas échéant, le transfert de la subvention par l'organisateur qui s'appuie sur un pool d'accueil familial pour le soutien sur le lieu de travail ;
6° la manière dont le soutien est évalué. ]1
Art.3/3. [1 De ondersteuners van de kinderbegeleiders beschikken over:
1° minimaal een kwalificatie van bachelorniveau;
2° competenties of ervaring op pedagogisch vlak inzake kinderopvang van baby's en peuters. ]1
1° minimaal een kwalificatie van bachelorniveau;
2° competenties of ervaring op pedagogisch vlak inzake kinderopvang van baby's en peuters. ]1
Art.3/3. [1 Le personnel de soutien des accompagnateurs d'enfants a :
1° au moins un qualification de niveau bachelier ;
2° des compétences ou de l'expérience au niveau pédagogique dans le domaine de l'accueil de bébés et de bambins. ]1
1° au moins un qualification de niveau bachelier ;
2° des compétences ou de l'expérience au niveau pédagogique dans le domaine de l'accueil de bébés et de bambins. ]1
Art. 4. [2 De pool gezinsopvang heeft, in samenhang met de algemene opdracht, vermeld in artikel 3/1, als specifieke opdracht om niet-gekwalificeerde kinderbegeleiders te ondersteunen]2 door mentoren in te zetten voor de volgende acties:
1° het ontwikkelen of optimaliseren van instrumenten om competenties te identificeren en te documenteren;
2° een kwalificerend traject uittesten in samenwerking met een EVC-testcentrum;
3° competenties identificeren en documenteren;
4° een traject op maat uitwerken om de ontbrekende competenties te verwerven op basis van de verzamelde kennis.
In het eerste lid wordt verstaan onder:
1° competentie: de bekwaamheid om kennis, vaardigheden en attitudes in het handelen geïntegreerd aan te wenden voor maatschappelijke activiteiten;
2° EVC: erkenning van verworven competenties.
De ondersteuning wordt onderling afgestemd tussen de pools gezinsopvang met als doel:
1° de uitwisseling van instrumenten en methodieken;
2° de volledige afdekking van de doelgroep, met inbegrip van de organisatoren waarbij de kinderbegeleider tegelijk ook de verantwoordelijke is.
De pools gezinsopvang geven de volgende gegevens periodiek door aan [1 het agentschap]1, volgens de administratieve richtlijnen van [1 het agentschap]1:
1° het aantal kinderbegeleiders dat ondersteund wordt door de mentoren;
2° het aantal kinderbegeleiders dat gekwalificeerd is na de ondersteuning;
3° het aantal ingezette mentoren en hun kwalificatie.
1° het ontwikkelen of optimaliseren van instrumenten om competenties te identificeren en te documenteren;
2° een kwalificerend traject uittesten in samenwerking met een EVC-testcentrum;
3° competenties identificeren en documenteren;
4° een traject op maat uitwerken om de ontbrekende competenties te verwerven op basis van de verzamelde kennis.
In het eerste lid wordt verstaan onder:
1° competentie: de bekwaamheid om kennis, vaardigheden en attitudes in het handelen geïntegreerd aan te wenden voor maatschappelijke activiteiten;
2° EVC: erkenning van verworven competenties.
De ondersteuning wordt onderling afgestemd tussen de pools gezinsopvang met als doel:
1° de uitwisseling van instrumenten en methodieken;
2° de volledige afdekking van de doelgroep, met inbegrip van de organisatoren waarbij de kinderbegeleider tegelijk ook de verantwoordelijke is.
De pools gezinsopvang geven de volgende gegevens periodiek door aan [1 het agentschap]1, volgens de administratieve richtlijnen van [1 het agentschap]1:
1° het aantal kinderbegeleiders dat ondersteund wordt door de mentoren;
2° het aantal kinderbegeleiders dat gekwalificeerd is na de ondersteuning;
3° het aantal ingezette mentoren en hun kwalificatie.
Art. 4. [2 Le pool d'accueil familial a, dans le cadre de la mission générale visée à l'article 3/1, pour mission spécifique de soutenir les accompagnateurs d'enfants non qualifiés ]2 en mobilisant des tuteurs pour les actions suivantes :
1° développer ou optimiser les instruments d'identification et de documentation des compétences ;
2° tester un parcours de qualification en collaboration avec un centre de test CAA ;
3° identifier et documenter les compétences ;
4° développer un parcours sur mesure pour acquérir les compétences manquantes sur la base des connaissances acquises.
Dans l'alinéa 1er, on entend par :
1° compétence : la capacité d'appliquer des savoirs, aptitudes et attitudes de façon intégrée dans l'action pour des activités sociétales ;
2° CAA : agrément de compétences acquises antérieurement.
Le soutien est mutuellement coordonné entre les pools d'accueil familial en vue :
1° de l'échange d'instruments et de méthodiques ;
2° de la couverture complète du groupe cible, y compris les organisateurs dont l'accompagnateurs d'enfants est également la personne responsable.
Les pools d'accueil familial remettent périodiquement les données suivantes à [1 l'agence]1 conformément aux directives administratives de cette dernière :
1° le nombre d'accompagnateurs d'enfants soutenus par les tuteurs ;
2° le nombre d'accompagnateurs d'enfants qui sont qualifiés après le soutien ;
3° le nombre de tuteurs occupés et leur qualification .
1° développer ou optimiser les instruments d'identification et de documentation des compétences ;
2° tester un parcours de qualification en collaboration avec un centre de test CAA ;
3° identifier et documenter les compétences ;
4° développer un parcours sur mesure pour acquérir les compétences manquantes sur la base des connaissances acquises.
Dans l'alinéa 1er, on entend par :
1° compétence : la capacité d'appliquer des savoirs, aptitudes et attitudes de façon intégrée dans l'action pour des activités sociétales ;
2° CAA : agrément de compétences acquises antérieurement.
Le soutien est mutuellement coordonné entre les pools d'accueil familial en vue :
1° de l'échange d'instruments et de méthodiques ;
2° de la couverture complète du groupe cible, y compris les organisateurs dont l'accompagnateurs d'enfants est également la personne responsable.
Les pools d'accueil familial remettent périodiquement les données suivantes à [1 l'agence]1 conformément aux directives administratives de cette dernière :
1° le nombre d'accompagnateurs d'enfants soutenus par les tuteurs ;
2° le nombre d'accompagnateurs d'enfants qui sont qualifiés après le soutien ;
3° le nombre de tuteurs occupés et leur qualification .
Art. 5. De pool gezinsopvang sluit een samenwerkingsovereenkomst met [1 het agentschap]1, die de volgende elementen bevat:
1° voor de opdrachten, vermeld in [2 artikel 3, 3/1 en 4]2: een inhoudelijk en budgettair meerjarenplan per pool gezinsopvang;
2° voor de opdracht, vermeld in artikel 4: een gezamenlijk meerjarenplan over de wijze waarop de niet-gekwalificeerde kinderbegeleiders tussen de pools gezinsopvang verdeeld zullen worden;
3° de modaliteiten van de rapportering, de opvolging, de actualisering en de evaluatie van de elementen, vermeld in het meerjarenplan.
De budgettaire planning en de rapportering aan [1 het agentschap]1 over de elementen, vermeld in het eerste lid, bevatten respectievelijk een begroting, met een overzicht van de voorzienbare inkomsten en de geraamde uitgaven, en een gescheiden boekhouding die de inkomsten en de uitgaven transparant afzondert. Daarbij geldt telkens de volgende globale verdeelsleutel:
1° 40 % van het budget [2 , vermeld in artikel 6, eerste lid,]2 wordt besteed aan de opdracht, vermeld in artikel 3;
2° 60 % van het budget [2 , vermeld in artikel 6, eerste lid,]2 wordt besteed aan de opdracht, vermeld in artikel 4.
[2 3° 90% van het budget, vermeld in artikel 6, tweede lid, wordt rechtstreeks ingezet voor de ondersteuning van de kinderbegeleiders op de werkvloer en maximaal 10% van het budget wordt ingezet voor overheadkosten.]2
[2 In het tweede lid, 3°, wordt verstaan onder overheadkosten: het geheel van kosten voor coördinatie, sturing en ondersteuning van de concrete activiteiten.]2
1° voor de opdrachten, vermeld in [2 artikel 3, 3/1 en 4]2: een inhoudelijk en budgettair meerjarenplan per pool gezinsopvang;
2° voor de opdracht, vermeld in artikel 4: een gezamenlijk meerjarenplan over de wijze waarop de niet-gekwalificeerde kinderbegeleiders tussen de pools gezinsopvang verdeeld zullen worden;
3° de modaliteiten van de rapportering, de opvolging, de actualisering en de evaluatie van de elementen, vermeld in het meerjarenplan.
De budgettaire planning en de rapportering aan [1 het agentschap]1 over de elementen, vermeld in het eerste lid, bevatten respectievelijk een begroting, met een overzicht van de voorzienbare inkomsten en de geraamde uitgaven, en een gescheiden boekhouding die de inkomsten en de uitgaven transparant afzondert. Daarbij geldt telkens de volgende globale verdeelsleutel:
1° 40 % van het budget [2 , vermeld in artikel 6, eerste lid,]2 wordt besteed aan de opdracht, vermeld in artikel 3;
2° 60 % van het budget [2 , vermeld in artikel 6, eerste lid,]2 wordt besteed aan de opdracht, vermeld in artikel 4.
[2 3° 90% van het budget, vermeld in artikel 6, tweede lid, wordt rechtstreeks ingezet voor de ondersteuning van de kinderbegeleiders op de werkvloer en maximaal 10% van het budget wordt ingezet voor overheadkosten.]2
[2 In het tweede lid, 3°, wordt verstaan onder overheadkosten: het geheel van kosten voor coördinatie, sturing en ondersteuning van de concrete activiteiten.]2
Art. 5. Le pool d'accueil familial conclut un accord de coopération avec [1 l'agence]1, qui contient les éléments suivants :
1° pour les missions visées aux [2 articles 3, 3/1 et 4 ]2 : un plan pluriannuel de fond et budgétaire par pool d'accueil familial ;
2° pour la mission visée à l'article 4 : un plan pluriannuel conjoint sur la répartition des accompagnateurs d'enfants non qualifiés entre les pools d'accueil familial ;
3° les modalités de rapportage, de suivi, d'actualisation et d'évaluation des éléments visés dans le plan pluriannuel.
La planification budgétaire et le rapportage à [1 l'agence]1 relatif aux éléments visés à l'alinéa 1er, comprennent respectivement un budget avec un aperçu des recettes prévisibles et des dépenses estimées, ainsi qu'une comptabilité détaillée et transparente des recettes et des dépenses. La clé de répartition globale suivante s'applique dans chaque cas :
1° 40 % du budget [2 visé à l'article 6, alinéa 1]2 est consacré à la mission visée à l'article 3 ;
2° 60 % du budget [2 visé à l'article 6, alinéa 1]2est consacré à la mission visée à l'article 4.
[2 3° 90 % du budget visé à l'article 6, alinéa 2, est utilisé directement pour soutenir les accompagnateurs d'enfants sur le lieu de travail et 10 % au maximum du budget est affecté aux frais généraux. ]2
[2 Dans l'alinéa 2, 3°, on entend par frais généraux : l'ensemble des frais de coordination, de direction et de soutien des activités concrètes.]2
1° pour les missions visées aux [2 articles 3, 3/1 et 4 ]2 : un plan pluriannuel de fond et budgétaire par pool d'accueil familial ;
2° pour la mission visée à l'article 4 : un plan pluriannuel conjoint sur la répartition des accompagnateurs d'enfants non qualifiés entre les pools d'accueil familial ;
3° les modalités de rapportage, de suivi, d'actualisation et d'évaluation des éléments visés dans le plan pluriannuel.
La planification budgétaire et le rapportage à [1 l'agence]1 relatif aux éléments visés à l'alinéa 1er, comprennent respectivement un budget avec un aperçu des recettes prévisibles et des dépenses estimées, ainsi qu'une comptabilité détaillée et transparente des recettes et des dépenses. La clé de répartition globale suivante s'applique dans chaque cas :
1° 40 % du budget [2 visé à l'article 6, alinéa 1]2 est consacré à la mission visée à l'article 3 ;
2° 60 % du budget [2 visé à l'article 6, alinéa 1]2est consacré à la mission visée à l'article 4.
[2 3° 90 % du budget visé à l'article 6, alinéa 2, est utilisé directement pour soutenir les accompagnateurs d'enfants sur le lieu de travail et 10 % au maximum du budget est affecté aux frais généraux. ]2
[2 Dans l'alinéa 2, 3°, on entend par frais généraux : l'ensemble des frais de coordination, de direction et de soutien des activités concrètes.]2
HOOFDSTUK 3. - Subsidie
CHAPITRE 3. - Subvention
Art. 6. De jaarlijkse subsidie [1 voor de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4,]1 bedraagt 71,72 euro per gesubsidieerde kinderopvangplaats die ondersteund wordt op 1 januari van het subsidiejaar.
[1 "De jaarlijkse subsidie voor de opdrachten, vermeld in artikel 3/1 van dit besluit, bedraagt 64,75 euro per vergunde kinderopvangplaats van een organisator gezinsopvang of groepsopvang die werkt met kinderbegeleiders in het sociaal statuut van de aangesloten onthaalouders of met werknemers in het kader van het vernieuwend project werknemersstatuut van de kinderbegeleiders, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019 houdende de toekenning van een subsidie voor een vernieuwend project werknemersstatuut van de kinderbegeleider gezinsopvang.
De subsidie, vermeld in het tweede lid, wordt jaarlijks berekend op basis van de vergunde plaatsen op 1 september van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het kalenderjaar waarvoor de subsidie geldt. Bij een stopzetting van een organisator wordt de subsidie pro rata toegekend. In afwijking van artikel 13 en 14 wordt de subsidie automatisch uitbetaald door het agentschap.]1
[2 De jaarlijkse subsidie, vermeld in het eerste en tweede lid, kan naar beneden worden bijgesteld wanneer uit de opbouw van de reserves, vermeld in artikel 9, het subsidiebedrag te hoog blijkt geraamd te zijn en is bijstelbaar in functie van eventuele begrotingsmaatregelen.]2
[1 "De jaarlijkse subsidie voor de opdrachten, vermeld in artikel 3/1 van dit besluit, bedraagt 64,75 euro per vergunde kinderopvangplaats van een organisator gezinsopvang of groepsopvang die werkt met kinderbegeleiders in het sociaal statuut van de aangesloten onthaalouders of met werknemers in het kader van het vernieuwend project werknemersstatuut van de kinderbegeleiders, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019 houdende de toekenning van een subsidie voor een vernieuwend project werknemersstatuut van de kinderbegeleider gezinsopvang.
De subsidie, vermeld in het tweede lid, wordt jaarlijks berekend op basis van de vergunde plaatsen op 1 september van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het kalenderjaar waarvoor de subsidie geldt. Bij een stopzetting van een organisator wordt de subsidie pro rata toegekend. In afwijking van artikel 13 en 14 wordt de subsidie automatisch uitbetaald door het agentschap.]1
[2 De jaarlijkse subsidie, vermeld in het eerste en tweede lid, kan naar beneden worden bijgesteld wanneer uit de opbouw van de reserves, vermeld in artikel 9, het subsidiebedrag te hoog blijkt geraamd te zijn en is bijstelbaar in functie van eventuele begrotingsmaatregelen.]2
Art. 6. La subvention annuelle [1 pour les missions visées aux articles 3 et 4 ]1 s'élève à 71,72 euros par place d'accueil d'enfants subventionnée soutenue au 1er janvier de l'année de subvention.
[1 La subvention annuelle pour les missions visées à l'article 3/1 du présent arrêté, s'élève à 64,75 euros par place d'accueil d'enfants autorisée d'un organisateur d'accueil familial ou d'accueil en groupe qui travaille avec des accompagnateurs d'enfants dans le statut social des parents d'accueil affiliés ou avec des travailleurs dans le cadre du projet innovateur relatif au statut des travailleurs des accompagnateurs d'enfants visé à l'arrêté du Gouvernement flamand du 22 février 2019 réglant l'octroi d'une subvention pour un projet innovateur relatif au statut des travailleurs de l'accompagnateur d'enfants en accueil familial.
La subvention visée à l'alinéa 2 du présent arrêté, est calculée annuellement sur la base des places autorisées au 1 septembre l'année civile précédant l'année civile pour laquelle la subvention est applicable. Dans le cas où un organisateur cesse d'exister, la subvention est octroyée au prorata. Par dérogation aux articles 13 et 14, la subvention est versée automatiquement par l'agence. ]1
[2 La subvention annuelle, visée aux alinéas 1er et 2, peut être revue à la baisse lorsqu'il ressort de la constitution des réserves, visée à l'article 9, que le montant de la subvention a fait l'objet d'une estimation trop élevée et elle peut être ajustée en fonction d'éventuelles mesures budgétaires.]2
[1 La subvention annuelle pour les missions visées à l'article 3/1 du présent arrêté, s'élève à 64,75 euros par place d'accueil d'enfants autorisée d'un organisateur d'accueil familial ou d'accueil en groupe qui travaille avec des accompagnateurs d'enfants dans le statut social des parents d'accueil affiliés ou avec des travailleurs dans le cadre du projet innovateur relatif au statut des travailleurs des accompagnateurs d'enfants visé à l'arrêté du Gouvernement flamand du 22 février 2019 réglant l'octroi d'une subvention pour un projet innovateur relatif au statut des travailleurs de l'accompagnateur d'enfants en accueil familial.
La subvention visée à l'alinéa 2 du présent arrêté, est calculée annuellement sur la base des places autorisées au 1 septembre l'année civile précédant l'année civile pour laquelle la subvention est applicable. Dans le cas où un organisateur cesse d'exister, la subvention est octroyée au prorata. Par dérogation aux articles 13 et 14, la subvention est versée automatiquement par l'agence. ]1
[2 La subvention annuelle, visée aux alinéas 1er et 2, peut être revue à la baisse lorsqu'il ressort de la constitution des réserves, visée à l'article 9, que le montant de la subvention a fait l'objet d'une estimation trop élevée et elle peut être ajustée en fonction d'éventuelles mesures budgétaires.]2
Art. 7. De subsidie wordt toegekend met inachtneming van het besluit 2012/21/EU van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen.
Art. 7. La subvention est octroyée dans le respect de la décision 2012/21/UE de la Commission du 20 décembre 2011 relative à l'application de l'article 106, paragraphe deux, du Traité sur le fonctionnement de l'Union européenne aux aides d'Etat sous forme de compensations de service public octroyées à certaines entreprises chargées de la gestion de services d'intérêt économique général.
Art. 8. De subsidie geldt voor een duur van [2 [3 zeven]3]2 jaar, op voorwaarde dat:
1° de pool gezinsopvang voldoet aan de voorwaarden voor de realisatie van de opdrachten, vermeld in [2 artikel 3, 3/1 en 4]2 en specifiek ook aan de voorwaarden, vermeld in artikel 2, tweede lid;
2° [1 het agentschap]1 de werking positief evalueert, uiterlijk na drie jaar. De organisatoren of hun vertegenwoordigers worden betrokken bij die tussentijdse evaluatie.
[2 Bij de evaluatie, vermeld in het eerste lid, 2°, wordt specifiek ook de inzet van de ondersteuners op de werkvloer, vermeld in artikel 3/1, geëvalueerd. De pool gezinsopvang bezorgt op verzoek van het agentschap alle nodige inlichtingen met het oog op die evaluatie.
Elke pool gezinsopvang stelt een commissaris-revisor aan die, aanvullend op zijn wettelijke taak en opdracht, jaarlijks attesteert dat de subsidies, vermeld in artikel 6, alleen worden gebruikt voor de opdrachten, vermeld in artikel 3, 3/1, 4 en 5.]2
1° de pool gezinsopvang voldoet aan de voorwaarden voor de realisatie van de opdrachten, vermeld in [2 artikel 3, 3/1 en 4]2 en specifiek ook aan de voorwaarden, vermeld in artikel 2, tweede lid;
2° [1 het agentschap]1 de werking positief evalueert, uiterlijk na drie jaar. De organisatoren of hun vertegenwoordigers worden betrokken bij die tussentijdse evaluatie.
[2 Bij de evaluatie, vermeld in het eerste lid, 2°, wordt specifiek ook de inzet van de ondersteuners op de werkvloer, vermeld in artikel 3/1, geëvalueerd. De pool gezinsopvang bezorgt op verzoek van het agentschap alle nodige inlichtingen met het oog op die evaluatie.
Elke pool gezinsopvang stelt een commissaris-revisor aan die, aanvullend op zijn wettelijke taak en opdracht, jaarlijks attesteert dat de subsidies, vermeld in artikel 6, alleen worden gebruikt voor de opdrachten, vermeld in artikel 3, 3/1, 4 en 5.]2
Art. 8. La subvention est valable pour une durée de [2 [3 sept]3 ]2 ans, à condition que :
1° le pool d'accueil familial répond aux conditions pour la réalisation des missions visées aux [2 articles 3, 3/1 et 4]2, et spécifiquement également aux conditions visées à l'article 2, 2ème alinéa ;
2° [1 l'agence]1 évalue positivement le fonctionnement, au plus tard après trois ans. Les organisateurs ou leurs représentants sont associés à cette évaluation intérimaire.
[2 Lors de l'évaluation visée à l'alinéa 1, 2°, l'engagement du personnel de soutien sur le lieu de travail visé à l'article 3/1, est également évalué de manière spécifique. Le pool d'accueil familial fournit, à la demande de l'agence, toutes les informations nécessaires aux fins de cette évaluation.
Chaque pool d'accueil familial engage un commissaire-réviseur qui, outre sa mission légale, certifie annuellement que les subventions visées à l'article 6 ne sont utilisées que pour les missions visées aux articles 3, 3/1, 4 et 5. ]2
1° le pool d'accueil familial répond aux conditions pour la réalisation des missions visées aux [2 articles 3, 3/1 et 4]2, et spécifiquement également aux conditions visées à l'article 2, 2ème alinéa ;
2° [1 l'agence]1 évalue positivement le fonctionnement, au plus tard après trois ans. Les organisateurs ou leurs représentants sont associés à cette évaluation intérimaire.
[2 Lors de l'évaluation visée à l'alinéa 1, 2°, l'engagement du personnel de soutien sur le lieu de travail visé à l'article 3/1, est également évalué de manière spécifique. Le pool d'accueil familial fournit, à la demande de l'agence, toutes les informations nécessaires aux fins de cette évaluation.
Chaque pool d'accueil familial engage un commissaire-réviseur qui, outre sa mission légale, certifie annuellement que les subventions visées à l'article 6 ne sont utilisées que pour les missions visées aux articles 3, 3/1, 4 et 5. ]2
Art. 9. De pool gezinsopvang kan op de volgende wijze reserves opbouwen met de subsidies, vermeld in dit besluit:
1° de reserves worden aangewend om de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4, te realiseren;
2° maximaal 20 % van het subsidiebedrag kan als reserve overgedragen worden naar het volgende kalenderjaar;
3° de gecumuleerde reserve, opgebouwd uit de jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2°, is maximaal 50 % van de jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2° ;
4° als het maximum, vermeld in punt 2° en 3°, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan [1 het agentschap]1, tenzij de pool gezinsopvang een aanwendings- of aanzuiveringsplan heeft dat voldoet aan een aantal criteria, waaronder de goedkeuring van de Inspectie van Financiën van de Vlaamse overheid.
1° de reserves worden aangewend om de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4, te realiseren;
2° maximaal 20 % van het subsidiebedrag kan als reserve overgedragen worden naar het volgende kalenderjaar;
3° de gecumuleerde reserve, opgebouwd uit de jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2°, is maximaal 50 % van de jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2° ;
4° als het maximum, vermeld in punt 2° en 3°, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan [1 het agentschap]1, tenzij de pool gezinsopvang een aanwendings- of aanzuiveringsplan heeft dat voldoet aan een aantal criteria, waaronder de goedkeuring van de Inspectie van Financiën van de Vlaamse overheid.
Art. 9. Le pool d'accueil familial peut constituer des réserves de la façon suivante avec les subventions visées au présent arrêté :
1° les réserves sont affectées à la réalisation des missions, visées aux articles 3 et 4 ;
2° au maximum 20 % du montant de subvention peut être reporté comme réserve à l'année civile suivante ;
3° la réserve cumulée, constituée des montants de subvention annuels, visés au point 2°, s'élève au maximum à 50 % des montants de subvention annuels, visés au point 2° ;
4° en cas de dépassement du maximum visé aux points 2° et 3°, le montant dépassé est remboursé à [1 l'agence]1, à moins que le pool d'accueil familial n'ait un plan d'utilisation ou un plan d'apurement qui réponde à un certain nombre de critères, dont l'approbation par l'Inspection des Finances de l'Autorité flamande.
1° les réserves sont affectées à la réalisation des missions, visées aux articles 3 et 4 ;
2° au maximum 20 % du montant de subvention peut être reporté comme réserve à l'année civile suivante ;
3° la réserve cumulée, constituée des montants de subvention annuels, visés au point 2°, s'élève au maximum à 50 % des montants de subvention annuels, visés au point 2° ;
4° en cas de dépassement du maximum visé aux points 2° et 3°, le montant dépassé est remboursé à [1 l'agence]1, à moins que le pool d'accueil familial n'ait un plan d'utilisation ou un plan d'apurement qui réponde à un certain nombre de critères, dont l'approbation par l'Inspection des Finances de l'Autorité flamande.
Wijzigingen
Art. 10. Het bedrag van de subsidie, vermeld in artikel 6, wordt aangepast aan de afgevlakte gezondheidsindex.
Overeenkomstig artikel 89, eerste lid, 28° en 58°, van het decreet van 18 december 2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016 wordt verstaan onder afgevlakte gezondheidsindex: het prijsindexcijfer, vermeld in artikel 2, § 2, van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van `s lands concurrentievermogen, dat wordt berekend en toegepast conform artikel 2 tot en met 2quater van het voormelde besluit.
De toepassing van het eerste lid mag niet leiden tot een nominale vermindering van de subsidie.
Deze aanpassing gebeurt telkens twee maanden nadat de afgevlakte gezondheidsindex een bepaalde drempelwaarde overschrijdt.
Overeenkomstig artikel 89, eerste lid, 28° en 58°, van het decreet van 18 december 2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016 wordt verstaan onder afgevlakte gezondheidsindex: het prijsindexcijfer, vermeld in artikel 2, § 2, van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van `s lands concurrentievermogen, dat wordt berekend en toegepast conform artikel 2 tot en met 2quater van het voormelde besluit.
De toepassing van het eerste lid mag niet leiden tot een nominale vermindering van de subsidie.
Deze aanpassing gebeurt telkens twee maanden nadat de afgevlakte gezondheidsindex een bepaalde drempelwaarde overschrijdt.
Art. 10. Le montant de la subvention visée à l'article 6, est ajusté à l'évolution de l'indice santé lissé.
Conformément à l'article 89, alinéa 1er, 28° et 58°, du décret du 18 décembre 2015 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 2016, on entend par indice santé lissé : l'indice des prix, visé à l'article 2, § 2, de l'arrêté royal du 24 décembre 1993 portant exécution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compétitivité du pays, qui est calculé et appliqué conformément aux articles 2 à 2quater de l'arrêté précité.
L'application de l'alinéa 1er ne peut pas entraîner une diminution nominale de la subvention.
Cette adaptation est réalisée chaque fois deux mois après que l'indice santé lissé dépasse une valeur seuil déterminée.
Conformément à l'article 89, alinéa 1er, 28° et 58°, du décret du 18 décembre 2015 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 2016, on entend par indice santé lissé : l'indice des prix, visé à l'article 2, § 2, de l'arrêté royal du 24 décembre 1993 portant exécution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compétitivité du pays, qui est calculé et appliqué conformément aux articles 2 à 2quater de l'arrêté précité.
L'application de l'alinéa 1er ne peut pas entraîner une diminution nominale de la subvention.
Cette adaptation est réalisée chaque fois deux mois après que l'indice santé lissé dépasse une valeur seuil déterminée.
Art. 11. De subsidie wordt betaald met een voorschot van 80 % per kwartaal, behalve in geval van een vermoeden van ernstige problemen, en minstens als er een risico is op plotse stopzetting van de opdrachten of bij een vermoeden van fraude. In dat geval kan [1 het agentschap]1 beslissen om geen voorschot of een lager voorschot te betalen. Het saldo wordt afgerekend uiterlijk op [2 15 mei]2 van het kalenderjaar dat volgt op het kalenderjaar in kwestie, behalve als de opdrachten niet meer worden opgenomen. In dat geval wordt het saldo afgerekend in het kwartaal dat volgt op de stopzetting van de opdrachten.
Art. 11. La subvention est versée avec une avance de 80 % par trimestre, sauf en cas de suspicion de problèmes graves, et au moins en cas de risque de cessation soudaine des missions ou de soupçon de fraude. Dans ce cas, [1 l'agence]1 peut décider de ne pas payer une avance ou une avance inférieure. Le solde est liquidé au plus tard le [2 15 mai]2 de l'année civile suivant l'année civile concernée, sauf si les missions ne sont plus accomplies. Dans ce cas, le solde sera réglé dans le trimestre suivant la fin des missions.
Art. 12. De subsidie wordt aangerekend op de begroting van [1 het agentschap]1.
De subsidie kan alleen toegekend worden binnen de perken van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse overheid.
De subsidie kan alleen toegekend worden binnen de perken van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse overheid.
Art. 12. La subvention est imputée au budget de [1 l'agence]1.
La subvention ne peut être octroyée que dans les limites du budget général des dépenses de l'Autorité flamande.
La subvention ne peut être octroyée que dans les limites du budget général des dépenses de l'Autorité flamande.
Wijzigingen
HOOFDSTUK 4. - Subsidieaanvraag en -toekenning
CHAPITRE 4. - Demande et octroi de subventions
Art. 13. De pool gezinsopvang vraagt de subsidie elektronisch aan voor 28 februari 2019, volgens de administratieve richtlijnen van [1 het agentschap]1. De aanvraag bevat de volgende gegevens:
1° de gegevens over de organisator van de pool gezinsopvang: de naam, de rechtsvorm, het adres en het ondernemingsnummer;
2° de gegevens over de contactpersoon voor [1 het agentschap]1 en voor de organisatoren: de voor- en achternaam, het telefoonnummer, het adres en het e-mailadres;
3° het rekeningnummer, de rekeninghouder en de contactgegevens van de organisator van de pool gezinsopvang;
4° een overzicht van de organisatoren met gesubsidieerde kinderopvangplaatsen die de pool gezinsopvang ondersteunt;
5° de datum van de ondertekening en de handtekening van de persoon die gemachtigd is om te handelen in naam van de pool gezinsopvang.
1° de gegevens over de organisator van de pool gezinsopvang: de naam, de rechtsvorm, het adres en het ondernemingsnummer;
2° de gegevens over de contactpersoon voor [1 het agentschap]1 en voor de organisatoren: de voor- en achternaam, het telefoonnummer, het adres en het e-mailadres;
3° het rekeningnummer, de rekeninghouder en de contactgegevens van de organisator van de pool gezinsopvang;
4° een overzicht van de organisatoren met gesubsidieerde kinderopvangplaatsen die de pool gezinsopvang ondersteunt;
5° de datum van de ondertekening en de handtekening van de persoon die gemachtigd is om te handelen in naam van de pool gezinsopvang.
Art. 13. Le pool d'accueil familial demande la subvention par voie électronique avant le 28 février 2019, selon les directives administratives de [1 l'agence]1. La demande comprend les données suivantes :
1° les données de l'organisateur du pool d'accueil familial : le nom, la forme juridique, l'adresse et le numéro d'entreprise ;
2° les données de la personne de contact de [1 l'agence]1 et pour les organisateurs : le prénom et le nom, le numéro de téléphone, l'adresse et l'adresse e-mail ;
3° le numéro de compte, le titulaire du compte et les données de contact de l'organisateur du pool d'accueil familial ;
4° un aperçu des organisateurs avec des places d'accueil d'enfants soutenues par le pool d'accueil familial ;
5° la date de la signature et la signature d'une personne habilitée à agir au nom du pool d'accueil familial.
1° les données de l'organisateur du pool d'accueil familial : le nom, la forme juridique, l'adresse et le numéro d'entreprise ;
2° les données de la personne de contact de [1 l'agence]1 et pour les organisateurs : le prénom et le nom, le numéro de téléphone, l'adresse et l'adresse e-mail ;
3° le numéro de compte, le titulaire du compte et les données de contact de l'organisateur du pool d'accueil familial ;
4° un aperçu des organisateurs avec des places d'accueil d'enfants soutenues par le pool d'accueil familial ;
5° la date de la signature et la signature d'une personne habilitée à agir au nom du pool d'accueil familial.
Wijzigingen
Art. 14. [1 Het agentschap]1 neemt uiterlijk op 31 maart 2019 een beslissing tot toekenning of weigering van de subsidie, waarbij de subsidie geldt met ingang van 1 januari 2019.
Art. 14. [1 L'agence]1 prendra la décision d'octroyer ou de refuser la subvention au plus tard le 31 mars 2019, la subvention étant applicable à partir du 1er janvier 2019.
Wijzigingen
HOOFDSTUK 5. - Toezicht en handhaving
CHAPITRE 5. - Contrôle et maintien
Art. 15. [1 Het agentschap]1 ziet toe op de naleving van de bepalingen van dit besluit.
[1 Het agentschap]1 beslist tot terugvordering van de subsidie conform artikel 57 van het Rekendecreet, artikel 13 van de wet van 16 mei 2003 tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof, en artikel 18 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de algemene regels inzake subsidiëring.
[1 Het agentschap]1 beslist tot terugvordering van de subsidie conform artikel 57 van het Rekendecreet, artikel 13 van de wet van 16 mei 2003 tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof, en artikel 18 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de algemene regels inzake subsidiëring.
Art. 15. [1 L'agence]1 veille au respect des dispositions du présent arrêté.
[1 L'agence]1 décide du recouvrement de la subvention conformément à l'article 57 du Décret sur les Comptes, l'article 13 de la loi du 16 mai 2003 fixant les dispositions générales applicables aux budgets, au contrôle des subventions et à la comptabilité des communautés et des régions, ainsi qu'à l'organisation du contrôle de la Cour des comptes, et l'article 18 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 8 novembre 2013 relatif aux règles générales en matière de subventionnement.
[1 L'agence]1 décide du recouvrement de la subvention conformément à l'article 57 du Décret sur les Comptes, l'article 13 de la loi du 16 mai 2003 fixant les dispositions générales applicables aux budgets, au contrôle des subventions et à la comptabilité des communautés et des régions, ainsi qu'à l'organisation du contrôle de la Cour des comptes, et l'article 18 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 8 novembre 2013 relatif aux règles générales en matière de subventionnement.
Wijzigingen
HOOFDSTUK 6. - Wijzigingsbepalingen
CHAPITRE 6. - Dispositions modificatives
Art. 16. Artikel 74 van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, opgeheven door het besluit van de Vlaamse Regering van 9 oktober 2015, wordt opnieuw opgenomen in de volgende lezing:
"Art. 74. Als de kinderbegeleider in de gezinsopvang die ook als verantwoordelijke werkt, zich tussen 1 januari 2019 en 31 december 2023 laat ondersteunen door een pool gezinsopvang als vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019 houdende de toekenning van een subsidie aan pools gezinsopvang, geldt voor die persoon de kwalificatie van kinderbegeleider, vermeld in artikel 43, § 2, eerste lid, 4°, a), in afwijking van de werkingsvoorwaarde over de kwalificatie voor verantwoordelijke, vermeld in artikel 40, § 2, eerste lid, 5°, en dit mogelijks tot 1 april 2024.".
"Art. 74. Als de kinderbegeleider in de gezinsopvang die ook als verantwoordelijke werkt, zich tussen 1 januari 2019 en 31 december 2023 laat ondersteunen door een pool gezinsopvang als vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019 houdende de toekenning van een subsidie aan pools gezinsopvang, geldt voor die persoon de kwalificatie van kinderbegeleider, vermeld in artikel 43, § 2, eerste lid, 4°, a), in afwijking van de werkingsvoorwaarde over de kwalificatie voor verantwoordelijke, vermeld in artikel 40, § 2, eerste lid, 5°, en dit mogelijks tot 1 april 2024.".
Art. 16. L'article 74 de l'Arrêté d'autorisation du 22 novembre 2013, abrogé par l'arrêté du Gouvernement flamand du 9 octobre 2015, est rétabli dans la rédaction suivante :
" Art. 74. Si l'accompagnateur d'enfants dans l'accueil familial qui travaille également comme responsable se fait assister entre le 1er janvier 2019 et le 31 décembre 2023 par un pool d'accueil familial tel que visé à l'arrêté du Gouvernement flamand du 22 février 2019 portant octroi d'une subvention aux pools d'accueil familial, cette personne est considérée comme accompagnateur d'enfants visé à l'article 43, § 2, alinéa 1er, 4°, a), par dérogation à la condition de fonctionnement sur la qualification de responsable, visée à l'article 40, § 2, alinéa 1er, 5°, et ce éventuellement jusqu'au 1er avril 2024. ".
" Art. 74. Si l'accompagnateur d'enfants dans l'accueil familial qui travaille également comme responsable se fait assister entre le 1er janvier 2019 et le 31 décembre 2023 par un pool d'accueil familial tel que visé à l'arrêté du Gouvernement flamand du 22 février 2019 portant octroi d'une subvention aux pools d'accueil familial, cette personne est considérée comme accompagnateur d'enfants visé à l'article 43, § 2, alinéa 1er, 4°, a), par dérogation à la condition de fonctionnement sur la qualification de responsable, visée à l'article 40, § 2, alinéa 1er, 5°, et ce éventuellement jusqu'au 1er avril 2024. ".
Art. 17. In artikel 58 van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 juni 2017, wordt paragraaf 1 opgeheven.
Art. 17. Dans l'article 58 de l'arrêté de Subvention du 22 novembre 2013, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 juin 2017, le paragraphe 1er est abrogé.
Art. 18. In artikel 59, § 1, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden "en artikel 58, § 1, eerste lid, 3° " opgeheven.
Art. 18. Dans l'article 59, § 1er, alinéa 1er du même arrêté, les mots " et à l'article 58, § 1er, alinéa premier, 3° " sont abrogés.
HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen
CHAPITRE 7. - Dispositions finales
Art. 20. De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 20. Le Ministre flamand ayant l'aide aux personnes dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.