Artikel 1. In dit besluit wordt verstaan onder :
1° projectsubsidie : subsidie ter ondersteuning van de specifieke kosten voortvloeiend uit een activiteit die zowel qua opzet of doelstelling als in tijd kan worden afgebakend, overeenkomstig artikel 56, eerste lid, 3°, van het decreet van 8 juli 2011 houdende regeling van de begroting, de boekhouding, de toekenning van subsidies en de controle op de aanwending ervan en de controle door het Rekenhof;
2° drempel : allerlei mogelijke drempels die een individu of groep niet op eigen kracht kan overwinnen bij het plannen en realiseren van zijn of haar vakantie;
3° regionale netwerkalternatieven voor het (openbaar) vervoer : oplossingen voor het ontbreken van openbare vervoersmogelijkheden in een bepaalde regio in functie van het wegwerken van een mobiliteitsdrempel bij vakantiegangers;
4° blijvend effect binnen de organisatie : mate waarin het project binnen de organisatie kan blijven bestaan na afloop van de subsidie.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
5 APRIL 2018. - Ministerieel besluit betreffende de uitvaardiging van bepalingen met betrekking tot het indienen van aanvragen voor projectsubsidies voor de oproep 2018 `iedereen verdient vakantie'
Titre
5 AVRIL 2018. - Arrêté ministériel portant modalités d'introduction des demandes de subvention de projet pour l'appel 2018 `Tout le monde a droit aux vacances'
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK 1. - Definities
HOOFDSTUK 2. - Inhoud en doel van de oproep 2018
Afdeling 1. - Thematische en geografische afbak...
Afdeling 2. - Doelstellingen
HOOFDSTUK 3. - Termijn, voorwaarden, subsidiepe...
Afdeling 1. - Indieningstermijn
Afdeling 2. - Voorwaarden
Afdeling 3. - Subsidiepercentage en subsidiabel...
HOOFDSTUK 4. - Beoordelingscriteria en adviespr...
Afdeling 1. - Beoordelingscriteria
Afdeling 2. - Adviesprocedure
Inhoud
CHAPITRE 1er. - Définitions
CHAPITRE 2. - Contenu et objectif de l'appel 2018
Section 1re. - Délimitation thématique et géogr...
Section 2. - Objectifs
CHAPITRE 3. - Calendrier, conditions, taux de s...
Section 1re. - Date limite de soumission
Section 2. - Conditions
Section 3. - Taux de subvention et dépenses éli...
CHAPITRE 4. - Critères d'évaluation et procédur...
Section 1re. - Critères d'évaluation
Section 2. - Procédure consultative
Tekst (25)
Texte (25)
HOOFDSTUK 1. - Definities
CHAPITRE 1er. - Définitions
Article 1er. Dans le présent arrêté, on entend par :
1° subvention de projet : une subvention de soutien à certains frais spécifiques découlant d'une activité dont la durée, la finalité ainsi que l'objectif peuvent être définis conformément à l'article 56, alinéa 1er, 3° du décret du 8 juillet 2011 réglant le budget, la comptabilité, l'attribution de subventions, le contrôle de leur utilisation, et le contrôle par la Cour des Comptes ;
2° obstacle : tout obstacle empêchant l'individu ou un groupe de planifier ou de réaliser ses vacances à l'aide de ses propres moyens ;
3° réseaux régionaux alternatifs de transports (en commun) : solutions au manque de transport en commun dans une certaine région en vue d'éliminer l'obstacle de la mobilité pour les vacanciers ;
4° effet durable au sein de l'organisation : la mesure dans laquelle le projet peut continuer à exister au sein de l'organisation après la fin de la subvention.
1° subvention de projet : une subvention de soutien à certains frais spécifiques découlant d'une activité dont la durée, la finalité ainsi que l'objectif peuvent être définis conformément à l'article 56, alinéa 1er, 3° du décret du 8 juillet 2011 réglant le budget, la comptabilité, l'attribution de subventions, le contrôle de leur utilisation, et le contrôle par la Cour des Comptes ;
2° obstacle : tout obstacle empêchant l'individu ou un groupe de planifier ou de réaliser ses vacances à l'aide de ses propres moyens ;
3° réseaux régionaux alternatifs de transports (en commun) : solutions au manque de transport en commun dans une certaine région en vue d'éliminer l'obstacle de la mobilité pour les vacanciers ;
4° effet durable au sein de l'organisation : la mesure dans laquelle le projet peut continuer à exister au sein de l'organisation après la fin de la subvention.
HOOFDSTUK 2. - Inhoud en doel van de oproep 2018
CHAPITRE 2. - Contenu et objectif de l'appel 2018
Afdeling 1. - Thematische en geografische afbakening
Section 1re. - Délimitation thématique et géographique
Art. 2. De subsidieaanvragen in het kader van de oproep `iedereen verdient vakantie' hebben betrekking op projectsubsidies.
De oproep heeft betrekking op het Vlaamse Gewest en op het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad.
De oproep heeft betrekking op het Vlaamse Gewest en op het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad.
Art. 2. Des demandes de subvention de projet peuvent être présentées dans le cadre de l'appel `Tout le monde a droit aux vacances'.
L'appel a pour territoire la Région flamande et la région bilingue de Bruxelles-Capitale.
L'appel a pour territoire la Région flamande et la région bilingue de Bruxelles-Capitale.
Afdeling 2. - Doelstellingen
Section 2. - Objectifs
Art. 3. De subsidieaanvragen in het kader van de oproep `iedereen verdient vakantie' hebben als hoofddoelstelling `het verhogen van de participatie aan het toeristisch aanbod van individuen of groepen uit Vlaanderen en Brussel die een drempel ervaren'.
Specifieke doelstellingen binnen de oproep zijn :
1° het inzetten op vernieuwende manieren om drempels te helpen wegwerken in de volledige vakantieketen;
2° het realiseren van regionale netwerkalternatieven voor het (openbaar) vervoer.
Specifieke doelstellingen binnen de oproep zijn :
1° het inzetten op vernieuwende manieren om drempels te helpen wegwerken in de volledige vakantieketen;
2° het realiseren van regionale netwerkalternatieven voor het (openbaar) vervoer.
Art. 3. L'objectif principal des demandes de subvention au titre de l'appel `Tout le monde a droit aux vacances' est d'accroître la participation à l'offre touristique des individus ou des groupes de Flandre et de Bruxelles qui sont confrontés à un obstacle.
Les objectifs spécifiques de l'appel sont les suivants :
1° créer des moyens novateurs pour aider à éliminer les obstacles tout au long de la chaîne de vacances ;
2° mettre en place des réseaux régionaux alternatifs de transports (en commun).
Les objectifs spécifiques de l'appel sont les suivants :
1° créer des moyens novateurs pour aider à éliminer les obstacles tout au long de la chaîne de vacances ;
2° mettre en place des réseaux régionaux alternatifs de transports (en commun).
HOOFDSTUK 3. - Termijn, voorwaarden, subsidiepercentage en subsidiabele uitgaven
CHAPITRE 3. - Calendrier, conditions, taux de subvention et dépenses éligibles
Afdeling 1. - Indieningstermijn
Section 1re. - Date limite de soumission
Art. 4. Een subsidieaanvraag kan op zijn vroegst ingediend worden bij de inwerkingtreding van dit besluit en uiterlijk op 16 mei 2018.
Art. 4. Les demandes de subvention peuvent être présentées à partir de l'entrée en vigueur du présent arrêté jusqu'au 16 mai 2018.
Afdeling 2. - Voorwaarden
Section 2. - Conditions
Art. 5. De einddatum van de ingediende projecten is 31 december 2019. De begunstigde dient ten laatste op 30 april 2020 de inhoudelijke en financiële eindrapportage van het project in te dienen. Na afloop van het project kan het project evenwel in stand gehouden worden met eigen middelen.
Art. 5. La date limite de soumission des projets est fixée au 31 décembre 2019. Le bénéficiaire doit soumettre au plus tard le 30 avril 2020 les rapports finaux sur les finances et les activités du projet. Toutefois, à l'issue du projet, celui-ci peut être maintenu au moyen de ressources propres.
Art. 6. Er kan maximaal één project per indiener worden ingediend. Wel is samenwerking tussen verschillende projectindieners binnen een project mogelijk.
Binnen een samenwerkingsproject moet er een primaire indiener zijn die de subsidie aanvraagt en aan wie de eventuele subsidie wordt toegekend en uitbetaald. De mogelijkheid bestaat om een deel van de subsidie door te geven aan een of meer secundaire begunstigden indien deze intentie op voorhand werd aangegeven en dit werd opgenomen in het subsidiebesluit. Een indiener kan slechts één maal primaire indiener zijn.
Binnen een samenwerkingsproject moet er een primaire indiener zijn die de subsidie aanvraagt en aan wie de eventuele subsidie wordt toegekend en uitbetaald. De mogelijkheid bestaat om een deel van de subsidie door te geven aan een of meer secundaire begunstigden indien deze intentie op voorhand werd aangegeven en dit werd opgenomen in het subsidiebesluit. Een indiener kan slechts één maal primaire indiener zijn.
Art. 6. Chaque demandeur peut présenter un seul projet. Il est toutefois possible de présenter un projet en tant que partenariat de soumissionnaires.
Au sein d'un tel partenariat la subvention est demandée par, et sera accordée et payée au soumissionnaire primaire. Il est possible de transférer une partie de la subvention à un ou plusieurs bénéficiaires secondaires si cette intention a été indiquée à l'avance et qu'elle a été incluse dans l'arrêté de subvention. On ne peut être soumissionnaire primaire qu'une seule fois.
Au sein d'un tel partenariat la subvention est demandée par, et sera accordée et payée au soumissionnaire primaire. Il est possible de transférer une partie de la subvention à un ou plusieurs bénéficiaires secondaires si cette intention a été indiquée à l'avance et qu'elle a été incluse dans l'arrêté de subvention. On ne peut être soumissionnaire primaire qu'une seule fois.
Art. 7. De ingediende projecten mogen niet tot de reguliere werking van de organisatie behoren.
Art. 7. Les projets présentés ne doivent en aucun cas faire partie des activités normales de l'organisation.
Afdeling 3. - Subsidiepercentage en subsidiabele uitgaven
Section 3. - Taux de subvention et dépenses éligibles
Art. 8. Binnen de perken van de begrotingskredieten wordt in een maximale financiële steun voorzien van 75% van de kosten die in aanmerking komen voor subsidiëring. De maximale toegestane subsidie bedraagt 22.500 euro.
Alleen aanvragen waarvan de totale kosten die in aanmerking komen voor subsidiëring, minimaal 5.000 euro bedragen, komen in aanmerking.
Enkel kosten vanaf de indiendatum tot de einddatum van het project, zoals vastgelegd in het subsidiebesluit, komen voor subsidiëring in aanmerking.
Alleen aanvragen waarvan de totale kosten die in aanmerking komen voor subsidiëring, minimaal 5.000 euro bedragen, komen in aanmerking.
Enkel kosten vanaf de indiendatum tot de einddatum van het project, zoals vastgelegd in het subsidiebesluit, komen voor subsidiëring in aanmerking.
Art. 8. Dans les limites des crédits budgétaires, un soutien financier maximal de 75 % des coûts éligibles est prévu. La subvention maximale autorisée s'élève à 22.500 euros.
Seules les demandes dont le coût total éligible dépasse 5.000 euros seront prises en considération.
Seuls les coûts encourus entre la date de soumission et la date de fin du projet, telles que définies dans l'arrêté de subvention, sont éligibles.
Seules les demandes dont le coût total éligible dépasse 5.000 euros seront prises en considération.
Seuls les coûts encourus entre la date de soumission et la date de fin du projet, telles que définies dans l'arrêté de subvention, sont éligibles.
Art. 9. De onderstaande uitgaven komen in aanmerking voor subsidiëring :
1° personeelskosten voor de duur van het project waarbij de jaarlijkse loonkosten maximaal het brutomaandloon x 20 bedragen. De factor 20 is een vaste coëfficiënt en omvat het brutojaarloon, de werkgeversbijdrage (RSZ), het wettelijke enkel en dubbel vakantiegeld en de eindejaarspremie;
2° animatiekosten en verblijfs- en transportkosten voor begeleiders en vakantiegangers in het kader van het ingediend project;
3° huur van medische hulpmiddelen ter ondersteuning van vakantiegangers in het kader van het ingediend project;
4° kosten voor vorming;
5° toeleiding, promotie en communicatie voor de eerste ontsluiting van het project, inclusief kosten voor het behalen van het AnySurferlabel voor gesubsidieerde nieuwe websites;
6° kosten voor kennisdeling;
7° ontwikkeling van nieuwe digitale en audiovisuele producten : software- en applicatieontwikkeling.
1° personeelskosten voor de duur van het project waarbij de jaarlijkse loonkosten maximaal het brutomaandloon x 20 bedragen. De factor 20 is een vaste coëfficiënt en omvat het brutojaarloon, de werkgeversbijdrage (RSZ), het wettelijke enkel en dubbel vakantiegeld en de eindejaarspremie;
2° animatiekosten en verblijfs- en transportkosten voor begeleiders en vakantiegangers in het kader van het ingediend project;
3° huur van medische hulpmiddelen ter ondersteuning van vakantiegangers in het kader van het ingediend project;
4° kosten voor vorming;
5° toeleiding, promotie en communicatie voor de eerste ontsluiting van het project, inclusief kosten voor het behalen van het AnySurferlabel voor gesubsidieerde nieuwe websites;
6° kosten voor kennisdeling;
7° ontwikkeling van nieuwe digitale en audiovisuele producten : software- en applicatieontwikkeling.
Art. 9. Les dépenses suivantes sont éligibles :
1° les frais de personnel pour la durée du projet, les coûts salariaux annuels s'élevant au maximum au salaire brut mensuel x 20. Le facteur 20 est un coefficient fixe et comprend le salaire annuel brut, la cotisation employeur (ONSS), le pécule de vacances simple et double légal et la prime de fin d'année ;
2° les frais d'animation, d'hébergement et de transport pour les accompagnateurs et les vacanciers dans le contexte du projet soumis ;
3° les frais de location de matériel médical à l'appui des vacanciers dans le cadre du projet introduit ;
4° les frais de formation ;
5° les frais de prospection, de promotion et de communication pour la première ouverture du projet, y compris les frais d'obtention du label AnySurfer pour les nouveaux sites web subventionnés ;
6° les frais de partage de connaissances ;
7° les frais de développement de nouveaux produits numériques et audiovisuels : développement de logiciels et d'applications.
1° les frais de personnel pour la durée du projet, les coûts salariaux annuels s'élevant au maximum au salaire brut mensuel x 20. Le facteur 20 est un coefficient fixe et comprend le salaire annuel brut, la cotisation employeur (ONSS), le pécule de vacances simple et double légal et la prime de fin d'année ;
2° les frais d'animation, d'hébergement et de transport pour les accompagnateurs et les vacanciers dans le contexte du projet soumis ;
3° les frais de location de matériel médical à l'appui des vacanciers dans le cadre du projet introduit ;
4° les frais de formation ;
5° les frais de prospection, de promotion et de communication pour la première ouverture du projet, y compris les frais d'obtention du label AnySurfer pour les nouveaux sites web subventionnés ;
6° les frais de partage de connaissances ;
7° les frais de développement de nouveaux produits numériques et audiovisuels : développement de logiciels et d'applications.
Art. 10. De volgende uitgaven komen in geen geval in aanmerking voor subsidiëring :
1° overheadkosten;
2° verplaatsingskosten voor personeel;
3° kosten voor de reguliere werking van de subsidieaanvrager;
4° onderzoek en studies, tenzij dit deel uitmaakt van een fase van het ingediend project;
5° kosten voor deelname aan beurzen;
6° kosten voor public relations, recepties en uitnodiging van de pers;
7° kosten voor voeding en drank;
8° investeringen in verblijfsinfrastructuur;
9° bouw- en renovatiewerken, inrichtingswerken, meubilair, technische installaties en nutsvoorzieningen;
10° onderhoudswerken;
11° aankoop van gronden en gebouwen;
12° investeringen in commerciële activiteiten zoals horeca en shops;
13° merchandising;
14° aankoop en leasing van transportmiddelen;
15° evenementen;
16° recupereerbare btw.
1° overheadkosten;
2° verplaatsingskosten voor personeel;
3° kosten voor de reguliere werking van de subsidieaanvrager;
4° onderzoek en studies, tenzij dit deel uitmaakt van een fase van het ingediend project;
5° kosten voor deelname aan beurzen;
6° kosten voor public relations, recepties en uitnodiging van de pers;
7° kosten voor voeding en drank;
8° investeringen in verblijfsinfrastructuur;
9° bouw- en renovatiewerken, inrichtingswerken, meubilair, technische installaties en nutsvoorzieningen;
10° onderhoudswerken;
11° aankoop van gronden en gebouwen;
12° investeringen in commerciële activiteiten zoals horeca en shops;
13° merchandising;
14° aankoop en leasing van transportmiddelen;
15° evenementen;
16° recupereerbare btw.
Art. 10. Les dépenses suivantes ne sont en aucun cas éligibles :
1° les frais généraux ;
2° les frais de déplacement du personnel ;
3° les frais de fonctionnement régulier du demandeur de subvention ;
4° les frais de recherche et d'études, sauf dans le cadre d'une phase du projet soumis ;
5° les frais de participation à des foires ;
6° les frais de relations publiques, de réceptions et d'invitations à la presse ;
7° les frais de nourriture et de boissons ;
8° les investissements dans les infrastructures d'hébergement ;
9° les frais de construction et de rénovation, d'aménagement, d'ameublement, d'installations techniques et utilitaires ;
10° les frais d'entretien ;
11° l'achat de terrains et d'immeubles ;
12° les investissements dans des activités commerciales, telles que l'horeca et les magasins ;
13° les frais de merchandising ;
14° l'achat et le crédit-bail de moyens de transport ;
15° les frais d'événements ;
16° la TVA récupérable.
1° les frais généraux ;
2° les frais de déplacement du personnel ;
3° les frais de fonctionnement régulier du demandeur de subvention ;
4° les frais de recherche et d'études, sauf dans le cadre d'une phase du projet soumis ;
5° les frais de participation à des foires ;
6° les frais de relations publiques, de réceptions et d'invitations à la presse ;
7° les frais de nourriture et de boissons ;
8° les investissements dans les infrastructures d'hébergement ;
9° les frais de construction et de rénovation, d'aménagement, d'ameublement, d'installations techniques et utilitaires ;
10° les frais d'entretien ;
11° l'achat de terrains et d'immeubles ;
12° les investissements dans des activités commerciales, telles que l'horeca et les magasins ;
13° les frais de merchandising ;
14° l'achat et le crédit-bail de moyens de transport ;
15° les frais d'événements ;
16° la TVA récupérable.
HOOFDSTUK 4. - Beoordelingscriteria en adviesprocedure
CHAPITRE 4. - Critères d'évaluation et procédure consultative
Afdeling 1. - Beoordelingscriteria
Section 1re. - Critères d'évaluation
Art. 11. De aanvraagdossiers worden beoordeeld op de volgende criteria :
1° de mate waarin door het project drempels worden weggewerkt in de ruime vakantieketen die individuen of groepen verhinderen om op vakantie te gaan;
2° de mate waarin het project een blijvend effect heeft binnen de organisatie;
3° de mate van samenwerking en netwerking in het project met andere actoren in de vakantieketen;
4° de haalbaarheid van het project naar timing toe en op financieel en praktisch vlak.
Prioriteit wordt gegeven aan nieuwe projecten, die nog niet eerder werden betoelaagd binnen de oproep `Iedereen verdient vakantie' van 2017.
1° de mate waarin door het project drempels worden weggewerkt in de ruime vakantieketen die individuen of groepen verhinderen om op vakantie te gaan;
2° de mate waarin het project een blijvend effect heeft binnen de organisatie;
3° de mate van samenwerking en netwerking in het project met andere actoren in de vakantieketen;
4° de haalbaarheid van het project naar timing toe en op financieel en praktisch vlak.
Prioriteit wordt gegeven aan nieuwe projecten, die nog niet eerder werden betoelaagd binnen de oproep `Iedereen verdient vakantie' van 2017.
Art. 11. Les demandes seront évaluées en fonction des critères suivants :
1° la mesure dans laquelle le projet élimine les obstacles tout au long de la chaîne de vacances qui empêchent les individus ou les groupes de partir en vacances ;
2° la mesure dans laquelle le projet a un effet durable au sein de l'organisation ;
3° le degré de coopération et de mise en réseau du projet avec les autres acteurs de la chaîne de vacances ;
4° la faisabilité du projet en termes de calendrier et sur le plan financier et pratique.
La priorité est donnée aux nouveaux projets qui n'ont pas encore été subventionnés dans le cadre de l'appel 2017 `Tout le monde a droit aux vacances'.
1° la mesure dans laquelle le projet élimine les obstacles tout au long de la chaîne de vacances qui empêchent les individus ou les groupes de partir en vacances ;
2° la mesure dans laquelle le projet a un effet durable au sein de l'organisation ;
3° le degré de coopération et de mise en réseau du projet avec les autres acteurs de la chaîne de vacances ;
4° la faisabilité du projet en termes de calendrier et sur le plan financier et pratique.
La priorité est donnée aux nouveaux projets qui n'ont pas encore été subventionnés dans le cadre de l'appel 2017 `Tout le monde a droit aux vacances'.
Afdeling 2. - Adviesprocedure
Section 2. - Procédure consultative
Art. 12. De projectaanvragen worden beoordeeld door een adviescommissie op basis van de hierboven vermelde beoordelingscriteria.
Deze adviescommissie verstrekt advies aan de administrateur-generaal van Toerisme Vlaanderen over welke projecten in aanmerking komen voor subsidie uit het budget voor het impulsprogramma `Iedereen verdient vakantie'. De administrateur-generaal van Toerisme Vlaanderen neemt de beslissing conform artikel 17, eerste lid, 2° van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot regeling van de delegatie van beslissingsbevoegdheden aan de hoofden van de departementen en van de intern verzelfstandigde agentschappen.
Deze adviescommissie verstrekt advies aan de administrateur-generaal van Toerisme Vlaanderen over welke projecten in aanmerking komen voor subsidie uit het budget voor het impulsprogramma `Iedereen verdient vakantie'. De administrateur-generaal van Toerisme Vlaanderen neemt de beslissing conform artikel 17, eerste lid, 2° van het besluit van de Vlaamse Regering van 30 oktober 2015 tot regeling van de delegatie van beslissingsbevoegdheden aan de hoofden van de departementen en van de intern verzelfstandigde agentschappen.
Art. 12. Les demandes de projet seront évaluées par une commission consultative sur la base des critères d'évaluation énoncés ci-dessus.
Cette commission consultative fournit des avis à l'administrateur général de Visitflanders sur les projets éligibles à la subvention provenant du budget pour le programme d'impulsion `Tout le monde a droit aux vacances'. L'administrateur général de Visitflanders décide conformément à l'article 17, alinéa 1er, 2° de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 octobre 2015 réglant la délégation de compétences de décision aux chefs des départements et des agences autonomisées internes.
Cette commission consultative fournit des avis à l'administrateur général de Visitflanders sur les projets éligibles à la subvention provenant du budget pour le programme d'impulsion `Tout le monde a droit aux vacances'. L'administrateur général de Visitflanders décide conformément à l'article 17, alinéa 1er, 2° de l'arrêté du Gouvernement flamand du 30 octobre 2015 réglant la délégation de compétences de décision aux chefs des départements et des agences autonomisées internes.
Art. 13. De adviescommissie bestaat uit volgende actoren :
1° twee vertegenwoordigers van Toerisme Vlaanderen;
2° minimum twee externe experten uit de sociaal-toeristische sector, afhankelijk van het aantal ingediende subsidieaanvragen.
1° twee vertegenwoordigers van Toerisme Vlaanderen;
2° minimum twee externe experten uit de sociaal-toeristische sector, afhankelijk van het aantal ingediende subsidieaanvragen.
Art. 13. La commission consultative se compose des acteurs suivants :
1° deux représentants de Visitflanders ;
2° au moins deux experts externes du secteur socio-touristique, en fonction du nombre de demandes de subvention soumises.
1° deux représentants de Visitflanders ;
2° au moins deux experts externes du secteur socio-touristique, en fonction du nombre de demandes de subvention soumises.
Art. 14. Dit besluit treedt in werking op 6 april 2018.
Art. 14. Le présent arrêté entre en vigueur le 6 avril 2018.