Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
30 JULI 2018. - Koninklijk besluit betreffende de werkingsmodaliteiten van het UBO-register(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 14-08-2018 en tekstbijwerking tot 24-12-2025)
Titre
30 JUILLET 2018. - Arrêté royal relatif aux modalités de fonctionnement du registre UBO(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 14-08-2018 et mise à jour au 24-12-2025)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (72)
Texte (72)
HOOFDSTUK 1. - Voorwerp en definities
CHAPITRE 1er. - Objet et définitions
Artikel 1. Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2015/849/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70/EG van de Commissie, en van Richtlijn (EU) 2018/843 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2015/849 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/138/EG en 2013/36/EU.
Article 1er. Le présent arrêté transpose partiellement la Directive 2015/849 du Parlement européen et du Conseil du 20 mai 2015 relative à la prévention de l'utilisation du système financier aux fins du blanchiment de capitaux ou du financement du terrorisme, modifiant le règlement (UE) n° 648/2012 du Parlement européen et du Conseil et abrogeant la directive 2005/60/CE du Parlement européen et du Conseil et la directive 2006/70/CE de la Commission, et la Directive (UE) 2018/843 du Parlement européen et du Conseil du 30 mai 2018 modifiant la directive (UE) 2015/849 relative à la prévention de l'utilisation du système financier aux fins du blanchiment de capitaux ou du financement du terrorisme ainsi que les Directives 2009/138/CE et 2013/36/UE.
Art.2. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° "wet van 18 september 2017": de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten;
  2° "register": het UBO-register gecreëerd op grond van artikel 73 van de wet van 18 september 2017;
  3° [2 "informatieplichtige": de entiteiten bedoeld in artikel 74, § 1, van de wet van 18 september 2017 en hun wettelijke vertegenwoordigers. Worden beschouwd als de wettelijke vertegenwoordigers:
   a) voor de vennootschappen, (internationale) verenigingen zonder winstoogmerk en stichtingen: het bestuursorgaan en zijn leden zoals bedoeld in artikelen 1:35 en 1:36 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen;
   b) voor de trusts, fiducieën en soortgelijke juridische constructies: de trustees, de fiduciebeheerders of personen die vergelijkbare posities hebben in soortgelijke juridische constructies;
   c) voor entiteiten of constructies van een derde land: de organen of personen aangeduid in het recht dat op hen van toepassing is;]2

  4° "uiteindelijke begunstigde": de persoon of personen bedoeld in artikel 4, 27°, van de wet van 18 september 2017;
  5° "rechtstreekse uiteindelijke begunstigde": een uiteindelijke begunstigde die de rechtstreekse eigenaar is of zeggenschap heeft over de informatieplichtige;
  6° "onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde": een uiteindelijke begunstigde die via één of meerdere juridische entiteiten de eigenaar is of zeggenschap heeft over de informatieplichtige;
  7° "Administratie van de Thesaurie": de Algemene Administratie van de Thesaurie van de Federale Overheidsdienst Financiën;
  [2 7° /1 "op elektronische wijze":
   a) via de elektronische diensten die door de Federale Overheidsdienst Financiën ter beschikking worden gesteld voor elke uitwisseling van informatie of documenten met de Administratie van de Thesaurie en dit tot de inwerkingtreding van het gehele hoofdstuk 11 van de wet van 26 januari 2021 betreffende de dematerialisatie van de relaties tussen de Federale Overheidsdienst Financiën, de burgers, rechtspersonen en bepaalde derden en tot wijziging van diverse fiscale wetboeken en wetten, zoals bepaald in artikel 219 van deze wet;
   b) via een elektronisch beveiligd platform met toepassing van hoofdstuk 11 van de wet van 26 januari 2021 betreffende de dematerialisatie van de relaties tussen de Federale Overheidsdienst Financiën, de burgers, rechtspersonen en bepaalde derden en tot wijziging van diverse fiscale wetboeken en wetten, vanaf de inwerkingtreding van dit gehele hoofdstuk 11, zoals bepaald in artikel 219 van deze wet;]2

  8° "Minister": de minister bevoegd voor Financiën;
  9° "lidstaten": de lidstaten in de zin van artikel, 4, 7°, van de wet van 18 september 2017;
  10° "Kruispuntbank van de sociale zekerheid": de Kruispuntbank van de sociale zekerheid bedoeld in de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid;
  11° [1 "Verordening 2016/679": Verordening (EU) 2016/679 van het Europees parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming);]1
  12° [1 "wet van 30 juli 2018": wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens;]1
  13° "wetboek van economisch recht": het Wetboek van economisch recht bedoeld in artikel 2 van de wet van 28 februari 2013 tot invoering van het Wetboek van economisch recht;
  14° "gegevensbeschermingsautoriteit": de gegevensbeschermingsautoriteit bedoeld in artikel 3 van de wet van 3 december 2017 tot oprichting van de gegevensbeschermingsautoriteit;
  15° "CFI": de CFI in de zin van artikel 4, 16°, van de wet van 18 september 2017;
  16° "toezichtautoriteiten": de toezichtautoriteiten in de zin van artikel 4, 17° van de wet van 18 september 2017;
  17° "bevoegde autoriteiten": een overheidsorgaan met als wettelijke opdracht de strijd tegen het witwassen van geld en de financiering van het terrorisme of de daarmee verband houdende basisdelicten, de fiscale autoriteiten, de overheidsorganen belast met de inbeslagneming en verbeurdverklaring van vermogensbestanddelen van criminelen, de overheidsorganen die informatie krijgen over het vervoer of grensoverschrijdend vervoer van geld of verhandelbare instrumenten aan toonder, de CFI en de toezichtautoriteiten;
  [2 17° /1 "sanctieautoriteiten" : de autoriteiten bevoegd voor de toepassing en de controle van de verplichtingen inzake embargo's, bevriezingen van tegoeden en andere beperkende maatregelen bedoeld in de resoluties aangenomen door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties in het kader van Hoofdstuk VII van het Handvest van de Verenigde Naties, bedoeld in de Europese verordeningen, richtlijnen en besluiten en bedoeld in andere wettelijke bepalingen;
   17° /2 "andere autoriteiten": de autoriteiten die uitgaan van de federale overheid of de Gemeenschappen en Gewesten belast met het opsporen of controleren van uiteindelijke begunstigden, zoals gedefinieerd in Europese Verordeningen, in artikel 4, 27° van de wet van 18 september 2017 of in andere wettelijke bepalingen, om te voldoen aan de verplichtingen die op hen rusten krachtens deze Verordeningen en andere wettelijke bepalingen;]2

  18° "trustee": een trustee bedoeld in artikel 122 van de wet van 16 juli 2004 houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht of elke persoon die een soortgelijke positie heeft in een aan fiducieën of trusts gelijkgestelde juridische entiteit aangewezen conform artikel 74, § 1, van de wet van 18 september 2017;
  19° "trust": een trust in de zin van artikel 4, 26°, van de wet van 18 september 2017;
  20° "onderworpen entiteit": een onderworpen entiteit in de zin van artikel 4, 18°, van de wet van 18 september 2017.
  
Art.2. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° "loi du 18 septembre 2017" : la loi du 18 septembre 2017 relative à la prévention du blanchiment de capitaux et du financement du terrorisme et à la limitation de l'utilisation des espèces ;
  2° "registre" : le registre UBO créé en vertu de l'article 73 de la loi du 18 septembre 2017 ;
  3° [2 "redevable d'information" : les entités visées l'article 74, § 1er, de la loi du 18 septembre 2017 et leurs représentants légaux. Sont considérés comme représentants légaux :
   a) pour les sociétés, les associations (internationales) sans but lucratif et les fondations : l'organe d'administration et ses membres visés aux articles 1:35 et 1:36 du Code des sociétés et des associations ;
   b) pour les trusts, fiducies ou constructions juridiques similaires : les trustees, les fiduciaires ou les personnes qui occupent des fonctions comparables dans des constructions juridiques similaires ;
   c) pour les entités ou les constructions d'un pays tiers : les organes ou personnes désignés par le droit qui leur est applicable ;]2

  4° "bénéficiaire effectif" : la ou les personnes visées à l'article 4, 27°, de la loi du 18 septembre 2017;
  5° "bénéficiaire effectif direct" : un bénéficiaire effectif qui possède ou contrôle directement le redevable d'information ;
  6° "bénéficiaire effectif indirect" : un bénéficiaire effectif qui possède ou contrôle le redevable d'information par l'intermédiaire d'une ou plusieurs entités juridiques ;
  7° "Administration de la Trésorerie" : l'Administration générale de la Trésorerie du Service Public Fédéral Finances ;
  [2 7° /1 "par voie électronique":
   a) via les services électroniques mis à disposition par le Service public fédéral Finances pour tout échange d'informations ou de documents avec l'Administration de la Trésorerie jusqu'à l'entrée en vigueur de l'ensemble du chapitre 11 de la loi du 26 janvier 2021 sur la dématérialisation des relations entre le Service public fédéral Finances, les citoyens, personnes morales et certains tiers, et modifiant différents codes fiscaux et lois fiscales, déterminée conformément à l'article 219 de cette loi ;
   b) via une plateforme électronique sécurisée en application du chapitre 11 de la loi du 26 janvier 2021 sur la dématérialisation des relations entre le Service public fédéral Finances, les citoyens, personnes morales et certains tiers, et modifiant différents codes fiscaux et lois fiscales, à partir de l'entrée en vigueur de l'ensemble de ce chapitre 1, déterminée conformément à l'article 219 de cette loi ;]2

  8° "Ministre" : le ministre qui a les Finances dans ses attributions ;
  9° "Etats membres" : les Etats membres au sens de l'article 4, 7°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  10° "banque-carrefour de la sécurité sociale" : la banque-carrefour de la sécurité sociale visée par la loi du 15 janvier 1990 relative à l'institution et à l'organisation d'une Banque-carrefour de la sécurité sociale ;
  11° [1 "Règlement 2016/679" : Règlement (UE) 2016/679 du Parlement européen et du Conseil du 27 avril 2016 relatif à la protection des personnes physiques à l'égard du traitement des données à caractère personnel et à la libre circulation de ces données, et abrogeant la Directive 95/46/CE (règlement général sur la protection des données) ;]1
  12° [1 "loi du 30 juillet 2018" : loi du 30 juillet 2018 relative à la protection des personnes physiques à l'égard des traitements de données à caractère personnel ;]1
  13° "code de droit économique" : le Code de droit économique visé à l'article 2, de la loi du 28 février 2013 introduisant le Code de droit économique ;
  14° "autorité de protection des données" : l'autorité de protection des données visée à l'article 3 de la loi du 3 décembre 2017 portant création de l'Autorité de protection des données ;
  15° "CTIF" : la CTIF au sens de l'article 4, 16°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  16° "autorités de contrôle" : les autorités de contrôle au sens de l'article 4, 17°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  17° "autorités compétentes" : une autorité publique dont une des missions légales est la lutte contre le blanchiment d'argent et le financement du terrorisme ou les infractions sous-jacentes associées, les autorités fiscales, les autorités publiques chargées de la saisie et confiscation des avoirs criminels, les autorités publiques recevant des informations sur les transports ou transferts transfrontaliers d'argent ou d'instruments au porteur négociable, la CTIF et les autorités de contrôle ;
  [2 17° /1 "autorités de sanction" : les autorités compétentes pour l'application et le contrôle des obligations en matière d'embargo, de gel des avoirs et autres mesures restrictives visées par les résolutions adoptées par le Conseil de Sécurité des Nations Unies dans le cadre du Chapitre VII de la Charte des Nations Unies, visées par des règlements, directives et décisions européens et par d'autres dispositions légales ;
   17° /2 "autres autorités" : les autorités émanant du pouvoir fédéral ou des Communautés et des Régions chargées de rechercher ou de contrôler les bénéficiaires effectifs, tels que définis dans les Règlements européens, à l'article 4, 27° de la loi du 18 septembre 2017 ou dans d'autres dispositions légales, afin de remplir les obligations qui leur incombent en vertu de ces règlements et d'autres dispositions légales ;]2

  18° "trustee" : un trustee visé à l'article 122 de la loi du 16 juillet 2004 portant le Code de droit international privé ou toute personne occupant une position similaire dans une entité juridique similaire aux fiducies ou aux trusts désignées conformément à l'article 74, § 1er, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  19° "trust" : un trust au sens de l'article 4, 26°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  20° "entité assujettie" : une entité assujettie au sens de l'article 4, 18°, de la loi du 18 septembre 2017.
  
HOOFDSTUK 2. - Mededeling van informatie aan het register
CHAPITRE 2. - Communication des informations au registre
Art.3. § 1. Met toepassing van artikelen 75 van de wet van 18 september 2017 en [1 1:35 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen]1, delen alle informatieplichtigen, die een vennootschap zijn, aan het register [2 op elektronische wijze]2 de volgende informatie over elk van hun uiteindelijke begunstigden mee:
  1° zijn naam;
  2° zijn eerste voornaam;
  3° zijn geboortedag;
  4° zijn geboortemaand;
  5° zijn geboortejaar;
  6° zijn nationaliteit(en);
  7° zijn land van verblijf;
  8° zijn volledige verblijfsadres ;
  9° de datum waarop hij uiteindelijke begunstigde van de informatieplichtige is geworden.
  10° zijn identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, en waar van toepassing elk vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar hij verblijft of waarvan hij onderdaan is;
  11° de categorie(ën) van personen bedoeld in artikel 4, 27°, tweede lid, a), van de wet van 18 september 2017, waartoe hij behoort;
  12° of het gaat om een persoon die één van de voorwaarden vervult die worden vermeld in artikel 4, 27°, tweede lid, a), van de wet van 18 september 2017, afzonderlijk of samen met andere personen;
  13° of het gaat om een rechtstreekse of onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde;
  14° als het om een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde gaat, het aantal tussenpersonen en ook, voor elk van hen, de volledige identificatiegegevens, met minstens de naam, de oprichtingsdatum, de handelsnaam, de rechtsvorm, het adres van de maatschappelijke zetel en het ondernemingsnummer bedoeld in artikel III.17 van het wetboek van economisch recht, en waar van toepassing elk ander vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar de tussenpersoon is geregistreerd;
  15° de omvang van het uiteindelijke belang in de informatieplichtige, namelijk:
  a) in het geval van een rechtstreekse uiteindelijke begunstigde en wanneer het zeggenschap resulteert uit de eigendom van de aandelen of stemrechten, het percentage van de aandelen of stemrechten in de informatieplichtige;
  b) [1 in het geval van een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde en wanneer de controle het gevolg is van eigendom van of onrechtstreekse controle over een voldoende percentage aandelen of stemrechten in de informatieplichtige, het gewogen percentage aandelen of stemrechten dat de uiteindelijke begunstigde aanhoudt of controleert in de informatieplichtige en in elke intermediair;]1
  [1 c) in het geval van een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde bedoeld in artikel 4, 27°, a), ii), [2 b), c) en d)]2 van de wet van 18 september 2017, de manier(en) waarop de uiteindelijke begunstigde de informatieplichtige controleert;]1
  [1 16° Elk document dat aantoont dat de informatie met betrekking tot een uiteindelijke begunstigde bedoeld in de punten 1° tot 15° adequaat, nauwkeurig en actueel is.]1
  § 2. Met toepassing van de artikelen 75, van de wet van 18 september 2017 en [1 1:35 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen]1, delen alle informatieplichtigen, die een vereniging zonder winstoogmerk, een internationale vereniging zonder winstoogmerk of een stichting zijn, aan het register [2 op elektronische wijze]2 de volgende informatie over elk van hun uiteindelijke begunstigden mee:
  1° zijn naam;
  2° zijn eerste voornaam;
  3° zijn geboortedag;
  4° zijn geboortemaand;
  5° zijn geboortejaar;
  6° zijn nationaliteit(en);
  7° zijn land van verblijf;
  8° zijn volledige verblijfsadres ;
  9° de datum waarop hij uiteindelijke begunstigde van de informatieplichtige is geworden.
  10° zijn identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, en waar van toepassing elk vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar hij verblijft of waarvan hij onderdaan is;
  11° de categorie(ën) van personen bedoeld in artikel 4, 27°, tweede lid, c), van de wet van 18 september 2017, waartoe hij behoort;
  12° de één of meerdere categorieën van personen opgesomd in artikel 4, 27°, tweede lid, c), van de wet van 18 september 2017, afzonderlijk of samen met anderen, waartoe hij behoort;
  [2 12° /1 in het geval van een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde bedoeld in artikel 4, 27°, a), ii), b), c) en d) van de wet van 18 september 2017, de manier(en) waarop de uiteindelijke begunstigde de informatieplichtige controleert;]2
  [1 13° Elk document dat aantoont dat de informatie met betrekking tot een uiteindelijke begunstigde bedoeld in de punten 1° tot [2 12° /1]2 adequaat, nauwkeurig en actueel is.]1
  § 3. De Minister kan de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de registratie en de bewaring van de in dit artikel bedoelde informatie bepalen.
  
Art.3. § 1er. En application des articles 75, de la loi du 18 septembre 2017 et [1 1:35 du Code des sociétés et des associations]1, tout redevable d'information qui est une société communique [2 par voie électronique]2 au registre les informations suivantes relatives à chacun de ses bénéficiaires effectifs :
  1° son nom ;
  2° son premier prénom ;
  3° son jour de naissance ;
  4° son mois de naissance ;
  5° son année de naissance ;
  6° sa ou ses nationalités ;
  7° son pays de résidence ;
  8° son adresse complète de résidence ;
  9° la date à laquelle il est devenu bénéficiaire effectif du redevable d'information.
  10° son numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale, et le cas échéant tout identifiant similaire donné par l'Etat où il réside ou dont il est ressortissant ;
  11° la ou les catégorie(s) de personnes visées à l'article 4, 27°, alinéa 2, a), de la loi du 18 septembre 2017, dont il relève ;
  12° s'il s'agit d'une personne qui remplit une des conditions énumérées à l'article 4, 27°, alinéa 2, a), de la loi du 18 septembre 2017, de manière isolée ou au contraire en coordination avec d'autres personnes ;
  13° s'il s'agit d'un bénéficiaire effectif direct ou indirect ;
  14° lorsqu'il s'agit d'un bénéficiaire effectif indirect, le nombre d'intermédiaires ainsi que pour chacun d'eux, son identification complète, incluant au moins la dénomination, la date de constitution, la raison sociale, la forme juridique, l'adresse de son siège social et son numéro d'entreprise visé à l'article III.17, du code de droit économique et le cas échéant tout autre identifiant similaire délivré par l'Etat dans lequel l'intermédiaire est enregistré ;
  15° l'étendue de l'intérêt effectif détenu dans le redevable d'information, à savoir notamment :
  a) dans le cas d'un bénéficiaire effectif direct et lorsque le contrôle résulte de la propriété de parts ou de droits de vote, le pourcentage des parts ou des droits de vote qu'il détient dans le redevable d'information ;
  b) [1 dans le cas d'un bénéficiaire effectif indirect et lorsque le contrôle résulte de la propriété ou du contrôle indirect d'un pourcentage suffisant de parts ou de droits de vote au sein du redevable d'information, les pourcentages de parts et de droits de vote pondérés que le bénéficiaire effectif détient ou contrôle dans le redevable d'information et dans chaque intermédiaire ;]1
  [1 c) dans le cas d'un bénéficiaire effectif indirect visé à l'article 4, 27°, a), ii), [2 b), c) et d)]2 de la loi du 18 septembre 2017, le ou les moyens par lesquels le bénéficiaire effectif contrôle le redevable d'information ;]1
  [1 16° Tout document démontrant que les informations relatives à un bénéficiaire effectif visées aux points 1° à 15° sont adéquates, exactes et actuelles.]1
  § 2. En application des articles 75, de la loi du 18 septembre 2017 et [1 1:35 du Code des sociétés et des associations]1 tout redevable d'information qui est une association sans but lucratif, association internationale sans but lucratif ou une fondation communique [2 par voie électronique]2 au registre les informations suivantes relatives à chacun de ses bénéficiaires effectifs :
  1° son nom ;
  2° son premier prénom ;
  3° son jour de naissance ;
  4° son mois de naissance ;
  5° son année de naissance ;
  6° sa ou ses nationalités ;
  7° son pays de résidence ;
  8° son adresse complète de résidence ;
  9° la date à laquelle il est devenu bénéficiaire effectif du redevable d'information.
  10° son numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale, et le cas échéant tout identifiant similaire donné par l'Etat où il réside ou dont il est ressortissant ;
  11° la ou les catégorie(s) de personnes visées à l'article 4, 27°, alinéa 2, c), de la loi du 18 septembre 2017, dont il relève ;
  12° s'il relève d'une ou plusieurs catégories de personnes énumérées à l'article 4, 27°, alinéa 2, c), de la loi du 18 septembre 2017, de manière isolée ou conjointement avec d'autres, dont il relève ;
  [2 12° /1 dans le cas d'un bénéficiaire effectif indirect visé à l'article 4, 27°, a), ii), b), c) et d) de la loi du 18 septembre 2017, le ou les moyens par lesquels le bénéficiaire effectif contrôle le redevable d'information ;]2
  [1 13° Tout document démontrant que les informations relatives à un bénéficiaire effectif visées aux points 1° à [2 12° /1]2 sont adéquates, exactes et actuelles.]1
  § 3. Le Ministre peut fixer les modalités techniques de transmission, d'enregistrement et de conservation des informations visées au présent article.
  
Art.4. § 1. Overeenkomstig artikel 75 van de wet van 18 september 2017 moeten de trustees of fiduciebeheerders de volgende informatie betreffende elk van hun uiteindelijke begunstigden van de trusts, fiducieën of [1 soortgelijke juridische constructies]1 die ze vanuit België beheren, inwinnen en bijhouden:
  1° zijn naam;
  2° zijn eerste voornaam;
  3° zijn geboortedag;
  4° zijn geboortemaand;
  5° zijn geboortejaar;
  6° zijn nationaliteit(en);
  7° zijn land van verblijf;
  8° zijn volledige verblijfsadres;
  9° het identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, of elk vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar hij verblijft of waarvan hij onderdaan is;
  10° de categorie(ën) van uiteindelijke begunstigde bedoeld in artikel 4, 27°, lid 2, d) van de wet, waaronder hij ressorteert;
  11° de datum waarop de persoon uiteindelijke begunstigde van de informatieplichtige is geworden;
  [1 12° Elk document dat aantoont dat de informatie met betrekking tot een uiteindelijke begunstigde bedoeld in de punten 1° tot 11° adequaat, nauwkeurig en actueel is;]1
  [1 ...]1
  § 2. De trustee of fiduciebeheerder deelt de in paragraaf 1 bedoelde informatie aan het register [2 op elektronische wijze]2 mee wanneer:
  1° de trustee of fiduciebeheerder in België is gevestigd, gedomicilieerd of er verblijft;
  2° de maatschappelijke zetel, voornaamste inrichting, zetel van bestuur of beheer van de trustee of van de fiduciebeheerder in België is gevestigd;
  3° de trustee of fiduciebeheerder niet in een lidstaat is gevestigd, gedomicilieerd of er verblijft of zijn maatschappelijke zetel, voornaamste inrichting, zetel van bestuur of beheer niet in een lidstaat is gevestigd en, als trustee of fiduciebeheerder, een zakelijke relatie aangaat of een onroerend goed verwerft in België op naam van de trust.
  De in paragraaf 1 bedoelde informatie wordt overeenkomstig deze paragraaf meegedeeld binnen de maand te rekenen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit of vanaf het ogenblik waarop die informatie wordt gewijzigd.
  [1 Voorafgaand aan de registratie van hun uiteindelijke begunstigden schrijven trusts, fiduciebeheerders en gelijkaardige juridische constructies, bedoeld in het eerste lid, zich in bij de Kruispuntbank van Ondernemingen, overeenkomstig artikel III.16 van het Wetboek van economisch recht.]1
  § 3. De mededeling aan de Administratie van de Thesaurie van een uittreksel van de informatie over de uiteindelijke begunstigden die is opgenomen in een gelijkaardig register van een andere lidstaat geldt als voldoening aan de verplichtingen bedoeld in paragraaf 1 en 2 wanneer:
  1° de trustees of fiduciebeheerders in verschillende lidstaten waaronder België zijn gevestigd, gedomicilieerd of er verblijven;
  2° de maatschappelijke zetel, voornaamste inrichting, zetel van bestuur of beheer van de trustees of fiduciebeheerders in meerdere lidstaten waaronder België zijn gevestigd;
  3° de trustee of fiduciebeheerder een zakelijke relatie aangaat, op naam van de trust of fiducie in verschillende lidstaten waaronder België.
  § 4. De trustee of fiduciebeheerder is gehouden om tijdig zijn statuut aan te geven en de informatie mee te delen die is bedoeld in paragraaf 1 aan de betrokken onderworpen entiteiten, wanneer hij, als trustee of fiduciebeheerder, een zakelijke relatie aangaat of een occasionele verrichting uitvoert van een bedrag dat hoger ligt dan de drempels uit artikel 21, § 1, 2° en 3°, van de wet van 18 september 2017.
  § 5. De Minister kan de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de registratie en de bewaring van de in dit artikel bedoelde informatie bepalen.
  
Art.4. § 1. En application de l'article 75 de la loi du 18 septembre 2017, les trustees ou fiduciaires sont tenus de recueillir et de conserver les informations suivantes relatives à chacun des bénéficiaires effectifs des trusts, fiducies ou [1 constructions]1 juridiques similaires qu'ils administrent depuis la Belgique:
  1° son nom ;
  2° son premier prénom ;
  3° son jour de naissance ;
  4° son mois de naissance ;
  5° son année de naissance ;
  6° sa ou ses nationalités ;
  7° son pays de résidence ;
  8° son adresse complète de résidence ;
  9° le numéro d'identification dans le Registre national des personnes physiques ou la Banque-carrefour de la sécurité sociale, ou tout identifiant similaire donné par l'Etat où il réside ou dont il est ressortissant ;
  10° la ou les catégories de bénéficiaire effectif visées à l'article 4, 27°, alinéa 2, d), de la loi, dont il relève ;
  11° la date à laquelle la personne est devenue bénéficiaire effectif du redevable d'information;
  [1 12° Tout document démontrant que les informations relatives à un bénéficiaire effectif visées aux points 1° à 11° sont adéquates, exactes et actuelles ;]1
  [1 ...]1
  § 2. Le trustee ou fiduciaire communique [2 par voie électronique]2 les informations visées au paragraphe 1er au registre lorsque :
  1° le trustee ou fiduciaire est établi, domicilié ou réside en Belgique ;
  2° le siège social, principal établissement, siège de direction ou d'administration du trustee ou du fiduciaire est situé en Belgique ;
  3° le trustee ou fiduciaire n'est pas établi, domicilié ou résidant dans un Etat membre ou son siège social, principal établissement, siège de direction ou d'administration n'est pas situé dans un Etat membre, et, en tant que trustee ou fiduciaire, établi une relation d'affaire ou acquiert un bien immobilier en Belgique au nom du trust.
  Les informations visées au paragraphe 1er sont communiquées conformément au présent paragraphe dans le mois à partir de l'entrée en vigueur du présent arrêté ou du moment où ces informations sont modifiées.
  [1 Préalablement à l'enregistrement de leurs bénéficiaires effectifs, les trusts, fiduciaires et constructions juridiques similaires visés à l'alinéa 1er s'inscrivent à la Banque Carrefour des Entreprises conformément à l'article III.16 du Code de droit économique.]1
  § 3. La communication à l'Administration de la Trésorerie d'un extrait des informations sur les bénéficiaires effectifs enregistrées dans un registre similaire d'un autre Etat membre vaut accomplissement des obligations visées au paragraphe 1er et 2 lorsque :
  1° les trustees ou fiduciaires sont établis, domiciliés ou résident dans plusieurs Etat membres dont la Belgique ;
  2° le siège social, principal établissement, siège de direction ou d'administration des trustees ou fiduciaires sont situés dans plusieurs Etat membres dont la Belgique ;
  3° le trustee ou fiduciaire entre en relation d'affaire, au nom du trust ou de la fiducie, dans différents Etat membres dont la Belgique.
  § 4. Le trustee ou fiduciaire est tenu de déclarer son statut et de communiquer les informations visées au paragraphe 1er aux entités assujetties concernées en temps utile, lorsque, en tant que trustee ou fiduciaire, il établit une relation d'affaire ou exécute une opération occasionnelle d'un montant supérieur aux seuils visés à l'article 21, § 1er, 2° et 3°, de la loi du 18 septembre 2017.
  § 5. Le Ministre peut fixer les modalités techniques de transmission, d'enregistrement et de conservation des informations visées au présent article.
  
Art.5. Onverminderd de verplichtingen bedoeld in de artikelen [1 1:35 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen]1 en 4, § 2, van dit besluit wordt de in de artikelen 3 en 4 bedoelde informatie ten minste jaarlijks [2 op elektronische wijze]2 door de informatieplichtigen bijgewerkt.
  
Art.5. Sans préjudice des obligations visées aux articles [1 1:35 du Code des sociétés et des associations]1, et 4, § 2, de cet arrêté, les informations visées aux articles 3 et 4 sont mises à jour [2 par voie électronique]2 par les redevables d'information au moins annuellement.
  
HOOFDSTUK 3. - Toegang tot het register
CHAPITRE 3. - Accès au registre
Art.6. Onverminderd andere wettelijke bepalingen en overeenkomstig de bepalingen van dit hoofdstuk, zijn [1 de actuele gegevens van het register en de historiek van de wijzigingen ervan]1 met betrekking tot de in artikel 3, § 1, bedoelde informatieplichtigen [2 op elektronische wijze]2 toegankelijk voor:
  1° de bevoegde autoriteiten [1 , tijdig en zonder enige beperking]1;
  [2 1° /1 de sanctieautoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;
   1° /2 de andere autoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;]2

  2° de onderworpen entiteiten [1 , tijdig en]1 in het kader van de nakoming van hun verplichtingen inzake waakzaamheid ten aanzien van de cliënten;
  3° [2 elke natuurlijke of rechtspersoon die een legitiem belang kan aantonen.]2
  
Art.6. Sans préjudice d'autres dispositions légales et conformément aux dispositions du présent chapitre, les données [1 historiques de modification et actuelles]1 du registre relatives aux redevables d'information visés à l'article 3, § 1er, sont accessibles [2 par voie électronique]2 :
  1° aux autorités compétentes [1 , en temps utile et sans aucune restriction]1 ;
  [2 1° /1 aux autorités de sanction, en temps utile et sans aucune restriction ;
   1° /2 aux autres autorités, en temps utile et sans aucune restriction ;]2

  2° aux entités assujetties, [1 en temps utile et]1 dans le cadre de l'exécution de leurs obligations en matière de vigilance à l'égard de la clientèle ;
  3° [2 toute personne physique ou morale qui peut démontrer un intérêt légitime.]2
  
Art.7. Onverminderd andere wettelijke bepalingen en overeenkomstig de bepalingen van dit hoofdstuk, zijn [1 de actuele gegevens van het register en de historiek van de wijzigingen ervan]1 met betrekking tot de verenigingen zonder winstoogmerk, internationale verenigingen zonder winstoogmerk, stichtingen, trusts of [1 soortgelijke juridische constructies]1 bedoeld in de artikelen 3, § 2 en 4, [2 op elektronische wijze]2 toegankelijk voor:
  1° de bevoegde autoriteiten [1 , tijdig en zonder enige beperking]1;
  [2 1° /1 de sanctieautoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;
   1° /2 de andere autoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;]2

  2° de onderworpen entiteiten in het kader van de nakoming van hun verplichtingen inzake waakzaamheid ten aanzien van de cliënten;
  [1 2° /1 [2 ...]2]1
  3° elke [1 natuurlijke of rechtspersoon]1 die een legitiem belang aantoont ;
  4° [3 ...]3.
  

Wijzigingen

[3]reference-highlight#highlight mouseleave->reference-highlight#unhighlight">(3)<KB 2025-12-11/14, art. 2, 005; Inwerkingtreding : 03-01-2026>
Art.7. Sans préjudice d'autres dispositions légales et conformément aux dispositions du présent chapitre, les données [1 historiques de modification et actuelles]1 du registre relatives aux associations sans but lucratif, associations internationales sans but lucratif, fondations, trusts, fiducies et autres [1 constructions]1 juridiques similaires visées aux articles 3, § 2 et 4, sont accessibles [2 par voie électronique]2 :
  1° aux autorités compétentes [1 , en temps utile et sans aucune restriction]1;
  [2 1° /1 aux autorités de sanction, en temps utile et sans aucune restriction ;
   1° /2 aux autres autorités, en temps utile et sans aucune restriction ;]2

  2° aux entités assujetties, dans le cadre de l'exécution de leurs obligations en matière de vigilance à l'égard de la clientèle ;
  [1 2° /1 [2 ...]2]1
  3° à toute [1 personne physique ou morale]1 démontrant un intérêt légitime ;
  4° [3 ...]3.
  

Wijzigingen

[3]reference-highlight#highlight mouseleave->reference-highlight#unhighlight">(3)<AR 2025-12-11/14, art. 2, 005; En vigueur : 03-01-2026>
Art.8. § 1. Om toegang te krijgen tot de gegevens van het register dienen de bevoegde autoriteiten [2 , de sanctieautoriteiten, de andere autoriteiten]2 en de onderworpen entiteiten [2 op elektronische wijze]2 een toegangsaanvraag in bij de Administratie van de Thesaurie en geven zij de naam, de voornaam en het identificatienummer in het Rijksregister van de natuurlijke personen of in de Kruispuntbank van de sociale zekerheid van hun personeelslid door dat verantwoordelijk is voor het beheer van de toegang van de betrokken entiteit.
  [1 De onderworpen entiteiten hebben geen toegang tot de documenten bedoeld in artikelen 3, § 1, 16°, § 2, 13° en 4, § 1, 12°.]1
  § 2. Om de Administratie van de Thesaurie in staat te stellen de onderworpen entiteiten te identificeren, delen de toezichtautoriteiten aan de Administratie van de Thesaurie [2 op elektronische wijze]2 de lijst mee van de onderworpen entiteiten die onder hun toezicht vallen. Deze lijst omvat minstens de benaming en het KBO-nummer van de betrokken onderworpen entiteiten.
  De toezichtautoriteiten nemen alle nodige technische en organisatorische maatregelen om, onder hun uitsluitende verantwoordelijkheid, te garanderen dat de meegedeelde lijst de passende, duidelijke en actuele informatie over de betrokken onderworpen entiteiten bevat.
  De minister kan de technische modaliteiten van de overdracht, de registratie, de bewaring en de bijwerking van de door de toezichtautoriteiten meegedeelde lijsten bepalen.
  
Art.8. § 1er. Afin de pouvoir accéder aux données du registre, les autorités compétentes [2 , les autorités de sanction, les autres autorités]2 et les entités assujetties introduisent une demande d'accès [2 par voie électronique]2 à l'Administration de la Trésorerie et lui communiquent le nom, prénom et numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale du membre de leur personnel responsable de la gestion des accès pour l'entité concernée.
  [1 Les entités assujetties n'ont pas accès aux documents visés aux articles 3, § 1er, 16°, § 2, 13° et 4, § 1er, 12°.]1
  § 2. Afin de permettre à l'Administration de la Trésorerie d'identifier les entités assujetties, les autorités de contrôle communiquent [2 par voie électronique]2 à l'Administration de la Trésorerie la liste des entités assujetties qui sont sous leur autorité. Cette liste reprend au moins la dénomination et le numéro BCE des entités assujetties concernées.
  Les autorités de contrôle prennent toutes les mesures techniques et organisationnelles nécessaires pour garantir, sous leur responsabilité exclusive, que la liste communiquée contienne des informations adéquates, précises et actuelles sur les entités assujetties concernées.
  Le Ministre peut fixer les modalités techniques de transmission, d'enregistrement, de conservation et de mise à jour des listes communiquées par les autorités de contrôle.
  
Art.10. § 1. Om toegang te krijgen tot de informatie van het register bedoeld in de artikelen 3, [2 § 1, 1°, 4° tot 7°, 9° en 11° tot 15° en]2 § 2, 1°, 4° tot 7°, 9°, 11° en 12° en 4, § 1, 1°, 4° tot 7°, 10° en 11°, dienen de in [2 artikelen 6, 3° en 7, 3°]2, bedoelde [1 natuurlijke of rechtspersonen]1 bij de Administratie van de Thesaurie [2 op elektronische wijze]2 een specifieke aanvraag van informatie in. Daarin vermelden zij minstens het volgende:
  1° het ondernemingsnummer bedoeld in artikel III.17 van het wetboek van economisch recht, of de naam van de informatieplichtige waarvoor de aanvraag is ingediend, of de naam, de voornaam en de geboortedatum van de uiteindelijk begunstigde voor wie de aanvraag is ingediend;
  2° elk document waarin de motieven van de aanvraag worden uiteengezet en dat het legitiem belang aantoont om het register te raadplegen.
  [2 De natuurlijke persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn aanvraag indienen op papier via aangetekende zending.]2
  § 2. De Administratie van de Thesaurie kan aan de in paragraaf 1 bedoelde [1 natuurlijke of rechtspersonen]1 [2 op elektronische wijze]2 elk bijkomend document vragen om zijn legitiem belang om het register te raadplegen, vast te stellen. [2 In het geval van een natuurlijk persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan dit gebeuren op papier via aangetekende zending.]2
  § 3. Het legitiem belang van de in paragraaf 1 bedoelde [1 natuurlijke of rechtspersonen]1 moet verband houden met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme of de verbonden onderliggende criminele activiteiten.
  Voor natuurlijke personen kan het legitiem belang bedoeld in het eerste lid, worden aangetoond met het bewijs dat activiteiten worden uitgevoerd die verband houden met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten.
  Voor rechtspersonen kan het legitiem belang worden aangetoond op basis van het maatschappelijke doel of een activiteit die verband houdt met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten.
  [2 De aanvraag tot toegang kan worden toegekend onder één van de volgende voorwaarden die als een legitiem belang worden beschouwd:
   1° de aanvrager heeft een doel of voert op duurzame en effectieve wijze activiteiten uit in verband met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten zoals gedefinieerd in artikel 4, 23° van de wet van 18 september 2017;
   2° de aanvrager treedt op in rechte in het kader van het doel of activiteiten bedoeld in 1°, met het oog op de verdediging van een belang dat verband houdt met dat doel of die activiteiten;
   3° de aanvrager zal een economische relatie aangaan of verrichtingen uitvoeren met een informatieplichtige en de aanvrager is betrokken in activiteiten relevant ter voorkoming van of de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten zoals gedefinieerd in artikel 4, 23° van de wet van 18 september 2017 en hij heeft nog geen toegang tot het register krachtens artikelen 6, 1° tot 2° of 7, 1° tot 2°.]2

  [2 § 4. De Administratie van de Thesaurie kan de aanvraag tot toegang weigeren als:
   1° de aanvraag niet overeenkomstig paragraaf 1 is ingediend; of
   2° de aanvrager niet de nodige informatie verstrekt overeenkomstig paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2° en § 2; of
   3° de aanvrager reeds over een toegang beschikt krachtens artikelen 6, 1° tot 2° of 7, 1° tot 2° ; of
   4° zij vaststelt of vermoedt dat de aanvraag andere doeleinden beoogt dan die vermeld in artikel 74, § 1, tweede lid, 1°, 3° en 4° van de wet van 18 september 2017; of
   5° zij vaststelt of vermoedt dat de aanvraag niet in overeenstemming is met één van de voorwaarden in paragraaf 3, vierde lid, 1° tot 3° ; of
   6° per geval en na gedetailleerde analyse van het uitzonderlijke karakter van de omstandigheden vaststelt dat die toegang voor de betrokken uiteindelijk begunstigde overeenkomstig artikel 16 een blootstelling inhoudt aan een onevenredig risico, een risico op fraude, ontvoering, chantage, afpersing, pesterijen, geweld of intimidatie inhoudt of indien de uiteindelijke begunstigde minderjarig of anderszins handelingsonbekwaam is.
   Wanneer de Administratie van de Thesaurie de aanvraag weigert, kan de persoon bedoeld in paragraaf 1 die overeenkomstig deze paragraaf de aanvraag indiende, binnen een termijn van twee maanden vanaf de ontvangst van de beslissing tot weigering, een schriftelijk verzoek tot herziening van deze beslissing voorleggen aan de Administratie van de Thesaurie en dit op elektronische wijze. De natuurlijke persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn verzoek indienen op papier via aangetekende zending. Hij kan ook binnen de voornoemde termijn steeds verzoeken om mondeling gehoord te worden. De Administratie van de Thesaurie neemt een definitieve beslissing na een onderzoek van het verzoek tot herziening. De Minister kan voor de toepassing van dit lid aanvullende modaliteiten en procedureregels bepalen.]2

  
Art.10. § 1er. Afin d'avoir accès aux informations du registre visées aux articles 3, [2 § 1er, 1°, 4° à 7°, 9° et 11° à 15° et]2 § 2, 1°, 4° à 7°, 9°, 11° et 12° et 4, § 1, 1°, 4° à 7°, 10° et 11°, les personnes [1 physiques ou morales]1 visées [2 aux articles 6, 3° et 7, 3°]2, introduisent [2 par voie électronique]2 une demande d'information spécifique à l'Administration de la Trésorerie. Elles lui communiquent, dans la demande, au minimum :
  1° le numéro d'entreprise visé à l'article III.17, du code de droit économique ou la dénomination du redevable d'information pour lequel la demande est introduite ou le nom, prénom et la date de naissance du bénéficiaire effectif pour lequel la demande est introduite ;
  2° tout document détaillant les motifs de la demande et démontrant leur intérêt légitime à consulter le registre.
  [2 La personne physique qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires, peut introduire sa demande par écrit via un envoi recommandé.]2
  § 2. L'Administration de la Trésorerie peut demander [2 par voie électronique]2 à la personne [1 physique ou morale]1 visée au paragraphe 1er tout document supplémentaire susceptible de démontrer son intérêt légitime à consulter le registre. [2 Dans le cas d'une personne physique ne disposant pas des moyens informatiques nécessaires, les documents peuvent être transmis par écrit via un envoi recommandé.]2
  § 3. L'intérêt légitime des personnes [1 physiques ou morales]1 visées au paragraphe 1er doit être lié à la lutte contre le blanchiment d'argent, au financement du terrorisme ou aux activités criminelles sous-jacentes connexes.
  Pour les personnes physiques, l'intérêt légitime visé à l'alinéa 1er, peut être démontré par la preuve de l'exercice d'activités liées à la lutte contre le blanchiment d'argent, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes.
  Pour les personnes morales, l'intérêt légitime peut être démontré par l'existence d'un objet social ou d'une activité liée à la lutte contre le blanchiment d'argent, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes.
  [2 La demande d'accès peut être accordée sous l'une des conditions suivantes qui sont considérées comme présentant un intérêt légitime :
   1° le demandeur a un but ou exerce durablement et effectivement des activités liées à la lutte contre le blanchiment de capitaux, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes telles que définies à l'article 4, 23° de la loi du 18 septembre 2017 ;
   2° le demandeur agit en justice dans le cadre de l'objet ou des activités mentionnés au 1°, en vue de défendre un intérêt lié à cet objet ou à ces activités ;
   3° le demandeur entrera dans une relation économique ou effectuera des transactions avec un redevable d'information et le demandeur est impliqué dans des activités pertinentes pour la prévention ou la lutte contre le blanchiment de capitaux, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes telles que définies à l'article 4, 23° de la loi du 18 septembre 2017 et il n'a pas encore accès au registre en vertu des articles 6, 1° à 2° ou 7, 1° à 2°.]2

  [2 § 4. L'Administration de la Trésorerie peut refuser la demande si :
   1° la demande n'a pas été introduite conformément au paragraphe 1er ; ou
   2° le demandeur ne fournit pas les informations nécessaires conformément au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2° et § 2 ; ou
   3° le demandeur dispose déjà d'un accès en application des articles 6, 1° à 2° ou 7, 1° à 2° ; ou
   4° elle établit ou soupçonne que la demande est destinée à d'autres fins que celles prévues à l'article 74, § 1er, alinéa 2, 1°, 3° et 4° de la loi du 18 septembre 2017 ; ou
   5° elle constate ou soupçonne que la demande ne satisfait pas à l'une des conditions du paragraphe 3, alinéa 4, 1° à 3° ; ou
   6° elle constate, au cas par cas et après analyse détaillée du caractère exceptionnel des circonstances que cet accès exposerait le bénéficiaire effectif concerné conformément l'article 16 à un risque disproportionné, un risque de fraude, d'enlèvement, de chantage, extorsion, harcèlement, de violence ou d'intimidation ou lorsque le bénéficiaire effectif est un mineur ou est autrement frappé d'incapacité.
   Lorsque l'Administration de la Trésorerie refuse la demande, la personne visée au paragraphe 1er qui a introduit la demande conformément à ce paragraphe, peut introduire par voie électronique une demande écrite de révision de cette décision à l'Administration de la Trésorerie dans un délai de deux mois à compter de la réception de la décision de refus. La personne physique qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires, peut introduire sa demande sur papier par courrier recommandé. Elle peut aussi demander dans le délai précité à être entendue oralement. L'Administration de la Trésorerie prend une décision définitive après avoir examiné la demande de révision. Le Ministre peut déterminer des modalités et des règles de procédure supplémentaires pour l'application du présent paragraphe.]2

  
Art.11.   Opgeheven bij KB 2025-12-11/14, art. 3, 005; Inwerkingtreding : 03-01-2026
Art.11.   Abrogé par AR 2025-12-11/14, art. 3, 005; En vigueur : 03-01-2026
Art.12. [2 § 1.]2 De [2 autoriteiten en entiteiten]2 die krachtens de [2 artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2°]2, een toegangsrecht tot het register hebben, nemen alle nodige technische en organisatorische maatregelen om, onder hun exclusieve verantwoordelijkheid, te garanderen dat:
  1° elkeen die bij de Administratie van de Thesaurie een toegangsaanvraag indient in zijn naam en voor eigen rekening of toegang krijgt tot het register, wordt geïdentificeerd en bevoegd is om ze te vertegenwoordigen;
  2° elke toegang of aanvraag van toegang tot het register die wordt ingediend in zijn naam en voor eigen rekening, toegestaan is, legitiem is en de door de wet van 18 september 2017 en dit besluit nagestreefde doelstelling naleeft;
  3° de vertrouwelijkheid van de uit het register verkregen informatie wordt bewaard en dat deze informatie vervolgens niet wordt gebruikt, herwerkt of verspreid voor doeleinden die niet verenigbaar zijn met de door de wet en dit besluit nagestreefde doelstelling.
  [2 § 2. De logbestanden van de registratie, als bedoeld in artikel 15, § 2, van de raadpleging door de autoriteiten en entiteiten die krachtens artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2° toegang hebben tot het UBO-register maken het mogelijk om het volgende te achterhalen:
   1° dat de raadpleging via het systeem van het UBO-register plaatsvond;
   2° de categorie van autoriteit of entiteit die krachtens artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2° heeft geraadpleegd;
   3° de identificatie van de autoriteit of entiteit die krachtens artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2° heeft geraadpleegd;
   4° de identiteit van de persoon die in naam van de in punt 3° vermelde autoriteit of entiteit het register heeft geraadpleegd;
   5° de redenen, de datum en het tijdstip van de raadpleging.
   Deze logbestanden kunnen maandelijks op elektronische wijze ter beschikking gesteld worden van de autoriteiten en entiteiten bedoeld in paragraaf 1 voor wat betreft hun eigen raadplegingen. Zij doen hiertoe op elektronische wijze een aanvraag bij de Administratie van de Thesaurie. Deze aanvraag bevat alle nodige informatie die aantoont dat de aanvrager gerechtigd is om de logbestanden op te vragen. De logbestanden worden door deze autoriteiten en entiteiten uitsluitend gebruikt om te controleren of de verwerking rechtmatig is, voor interne controles en ter waarborging van de integriteit en de beveiliging van de persoonsgegevens. Deze autoriteiten en entiteiten melden aan de Administratie van de Thesaurie op elektronische wijze elke vastgestelde discrepantie of inbreuk op de toegangsrechten bedoeld in paragraaf 1, 1° tot 3° en in artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2°.]2

  [2 § 3.]2 [1 De bevoegde autoriteiten verstrekken de door hen op grond van artikelen 6, 1°, en 7, 1°, verkregen informatie betreffende de uiteindelijke begunstigde tijdig en kosteloos aan de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten. Onverminderd de bepalingen van Titel 5 van de wet van 18 september 2017 en na advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit, sluiten de bevoegde autoriteiten met de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten samenwerkingsakkoorden om de voorwaarden en de modaliteiten betreffende deze informatieverstrekking vast te leggen en om te garanderen dat de gecommuniceerde gegevens in geen geval worden gebruikt, herwerkt of verspreid voor doeleinden die niet verenigbaar zijn met de nagestreefde doelstellingen vermeld in artikelen 1, 64 en 74, § 1, eerste lid, van de wet van 18 september 2017.]1
  
Art.12. [2 § 1er.]2 Les [2 autorités et entités]2 qui ont un droit d'accès au registre en vertu des [2 articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2°]2, prennent toutes les mesures techniques et organisationnelles nécessaires pour garantir, sous leur responsabilité exclusive, que :
  1° quiconque introduit une demande d'accès en son nom et pour son compte auprès de l'Administration de la Trésorerie ou accède au registre est identifié et a le pouvoir de la représenter ;
  2° tout accès ou demande d'accès au registre introduite en son nom et pour son compte est autorisée, légitime et respecte la finalité de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté ;
  3° la confidentialité des informations obtenues du registre est sauvegardée et que ces informations ne sont pas ensuite utilisées, retraitées ou diffusées à des fins non compatibles avec la finalité de la loi et du présent arrêté.
  [2 § 2. Les fichiers de journalisation de l'enregistrement, visé à l'article 15, § 2, de la consultation par les autorités et entités qui ont un droit d'accès au registre UBO en vertu des articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2°, permettent d'établir :
   1° que la consultation a eu lieu via le système du registre UBO ;
   2° la catégorie d'autorité ou entité qui a consulté en vertu des articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2° ;
   3° l'identification de l'autorité ou entité qui a consulté en vertu des articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2° ;
   4° l'identité de la personne qui a consulté le registre pour le compte de l'autorité ou de l'entité mentionnée au 3° ;
   5° le motif, la date et l'heure de la consultation.
   Ces fichiers de journalisation peuvent mensuellement être mis par voie électronique à disposition des autorités et entités visées au paragraphe 1er pour leurs propres consultations. Pour cela, elles font une demande par voie électronique à l'Administration de la Trésorerie. Cette demande contient toutes les informations nécessaires prouvant que le demandeur a droit à un accès aux fichiers de journalisation. Les fichiers de journalisation sont utilisés par ces autorités et entités uniquement à des fins de vérification de la licéité du traitement, pour les contrôles internes et pour assurer l'intégrité et la sécurité des données à caractère personnel. Ces autorités et entités signalent par voie électronique à l'Administration de la Trésorerie toute anomalie constatée ou toute violation des droits d'accès visés au paragraphe 1er, 1° à 3°, et aux articles 6, 1° à 2 et 7, 1° à 2°.]2

  [2 § 3.]2 [1 Les autorités compétentes fournissent aux autorités compétentes des autres Etats membres, en temps utile et gratuitement, les informations concernant le bénéficiaire effectif, obtenues en application des articles 6, 1°, et 7, 1°. Sans préjudice des dispositions du Titre 5 de la loi du 18 septembre 2017, et après avis de l'Autorité de protection des données, les autorités compétentes concluent des accords de coopération avec les autorités compétentes des autres Etats membres, afin de fixer les conditions et modalités relatives à la fourniture de ces informations et de garantir que les données communiquées ne sont en aucun cas utilisées, transformées ou diffusées à des fins incompatibles avec les objectifs poursuivis visés aux articles 1er, 64 et 74, § 1er, alinéa 1er, de la loi du 18 septembre 2017.]1
  
Art.13. De personeelsleden van de Administratie van de Thesaurie die daartoe zijn gemachtigd, kunnen het register raadplegen om de bepalingen van dit besluit toe te passen.
  Zij mogen de gegevens van het register gebruiken voor wetenschappelijke of statistische doeleinden.
Art.13. Les membres du personnel de l'Administration de la Trésorerie habilités à cette fin peuvent consulter le registre en vue de l'application des dispositions du présent arrêté.
  Ils peuvent utiliser les données du registre à des fins scientifiques ou statistiques.
Art.15. § 1. De Administratie van de Thesaurie ziet erop toe dat de raadpleging van de gegevens van het register gebeurt zonder dat de betrokken informatieplichtigen of uiteindelijke begunstigden daarvan worden verwittigd.
  § 2. De Administratie van de Thesaurie ziet erop toe dat elke raadpleging van het register wordt geregistreerd en bewaard voor een duur van 10 jaar.
Art.15. § 1er. L'Administration de la Trésorerie s'assure que la consultation des données du registre est opérée sans en alerter le ou les redevables d'informations ou bénéficiaires effectifs concernés.
  § 2. L'Administration de la Trésorerie s'assure que toute consultation du registre est enregistrée et conservée pour une durée de dix ans.
HOOFDSTUK 4. - Afwijking
CHAPITRE 4. - Dérogation
Art.16. § 1. De Administratie van de Thesaurie kan op verzoek van een uiteindelijke begunstigde waarover informatie in het register is opgenomen, de toegang van de [1 natuurlijke en rechtspersonen]1 bedoeld in artikel 6, 2° en 3°, en [3 7, 2° en 3°]3, met uitzondering van de onderworpen entiteiten bedoeld in artikel 5, § 1, 4° tot 22° en 26°, van de wet van 18 september 2017, beperken tot alle of een gedeelte van de informatie over die uiteindelijke begunstigde.
  [2 Dit verzoek gebeurt op elektronische wijze. De betrokken uiteindelijke begunstigde die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt of waarvoor de omstandigheden bedoeld in paragraaf 2 een te hoog risico voor een verzoek op elektronische wijze vormen, kan zijn aanvraag indienen op papier via aangetekende zending of met een koerier.]2
  § 2. De Administratie van de Thesaurie kan per geval en na gedetailleerde analyse van het uitzonderlijke karakter van de omstandigheden, indien door de betrokken uiteindelijke begunstigde wordt aangetoond dat die toegang blootstelling aan een onevenredig risico, een risico op fraude, ontvoering, chantage, afpersing, pesterijen, geweld of intimidatie inhoudt of indien de uiteindelijke begunstigde minderjarig of anderszins handelingsonbekwaam is, gebruikmaken van het prerogatief dat haar wordt toegekend in paragraaf 1.
  [1 Wanneer de Administratie van de Thesaurie geen beperking van toegang toestaat tot alle of een gedeelte van de informatie kan de uiteindelijke begunstigde, die overeenkomstig paragraaf 1 een verzoek indiende, binnen een termijn van twee maanden vanaf de ontvangst van de beslissing tot het niet beperken van de toegang, een schriftelijk vezoek tot herziening van deze beslissing voorleggen aan de Administratie van de Thesaurie en dit bij voorkeur op elektronische wijze. De betrokken uiteindelijke begunstigde die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn verzoek indienen op papier via aangetekende zending. Hij kan ook steeds verzoeken om mondeling gehoord te worden. De Administratie van de Thesaurie neemt een definitieve beslissing na een onderzoek van het verzoek tot herziening. De Minister kan voor de toepassing van dit lid aanvullende modaliteiten en procedureregels bepalen.]1
  § 3. Alle aanvragen van een uiteindelijke begunstigde, zoals bedoeld in paragraaf 1, moeten bij de Administratie van de Thesaurie worden ingediend, samen met de volgende gegevens:
  1° het ondernemingsnummer, bedoeld in artikel III.17 van het wetboek van economisch recht, van de in de aanvraag bedoelde informatieplichtige(n);
  2° elk element dat aantoont dat een toegang tot alle informatie over deze uiteindelijke begunstigde voor deze laatste een blootstelling aan een risico op fraude, ontvoering, chantage, geweld of intimidatie inhoudt of dat de uiteindelijke begunstigde minderjarig of anderszins handelingsonbekwaam is;
  3° desgevallend, elk element dat aantoont dat de persoon die de aanvraag indient, de lasthebber van de in de aanvraag tot afwijking bedoelde uiteindelijke begunstigde is.
  § 4. De Minister kan de lijst vervolledigen van de informatie bedoeld in paragraaf 3 en bepaalt [1 ...]1 de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de registratie, de bewaring en de verwerking van deze aanvragen.
  § 5. De Administratie van de Thesaurie publiceert elk jaar een verslag met het aantal overeenkomstig dit artikel verleende afwijkingen en de reden ervan en deelt dit verslag aan de Europese Commissie mee.
  

Wijzigingen

[3]reference-highlight#highlight mouseleave->reference-highlight#unhighlight">(3)<KB 2025-12-11/14, art. 4, 005; Inwerkingtreding : 03-01-2026>
Art.16. § 1er. L'Administration de la Trésorerie peut, à la demande d'un bénéficiaire effectif au sujet duquel des informations sont dans le registre, limiter l'accès des personnes [1 physiques et morales]1 visées aux articles 6, 2° et 3° et [3 7, 2° et 3°]3 à l'exception des entités assujetties visées à l'article 5, § 1er, 4° à 22° et 26°, de la loi du 18 septembre 2017, à tout ou partie des informations concernant ce bénéficiaire effectif.
  [2 Cette demande est introduite par voie électronique. Si le bénéficiaire effectif en question ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires ou si les circonstances visées au paragraphe 2 comportent un risque trop important que pour qu'une demande électronique soit introduite, il peut soumettre sa demande sur papier par courrier recommandé ou avec un coursier.]2
  § 2. L'Administration de la trésorerie fait usage de la prérogative qui lui est accordée au paragraphe 1er, au cas par cas et après analyse détaillée du caractère exceptionnel des circonstances, lorsqu'il est démontré par le bénéficiaire effectif concerné que cet accès l'exposerait à un risque disproportionné, un risque de fraude, d'enlèvement, de chantage, extorsion, harcèlement, de violence ou d'intimidation ou lorsque le bénéficiaire effectif est un mineur ou est autrement frappé d'incapacité.
  [1 Lorsque l'Administration de la Trésorerie n'autorise aucune limitation d'accès de tout ou partie des informations, le bénéficiaire effectif qui a présenté une demande conformément au paragraphe 1er, peut, dans un délai de deux mois à compter de la réception de la décision de ne pas limiter l'accès, présenter une demande écrite en révision de cette décision à l'Administration de la Trésorerie, de préférence par voie électronique. Le bénéficiaire effectif concerné qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires, peut introduire sa demande par écrit, via un envoi recommandé. Il peut aussi à tout moment demander à être entendu oralement. Une décision finale est prise par l'Administration de la Trésorerie après examen de la demande en révision. Le Ministre peut déterminer des modalités et des règles de procédure supplémentaires pour l'application du présent alinéa.]1
  § 3. Toute demande d'un bénéficiaire effectif, telle que visée au paragraphe 1er, est introduite auprès de l'Administration de la Trésorerie, accompagnée des éléments suivants :
  1° le numéro d'entreprise visé à l'article III.17, du code de droit économique du ou des redevables d'information visés par la demande ;
  2° tout élément démontrant qu'un accès à l'ensemble des informations relatives à ce bénéficiaire effectif l'exposerait à un risque de fraude, d'enlèvement, de chantage, de violence ou d'intimidation ou que le bénéficiaire effectif est un mineur ou est autrement frappé d'incapacité ;
  3° le cas échéant, tout élément démontrant que la personne qui introduit la demande a la qualité de mandataire du bénéficiaire effectif visé par la demande de dérogation.
  § 4. Le Ministre peut compléter la liste des informations visées au paragraphe 3 et fixe les modalités techniques de transmission, d'enregistrement, de conservation et de traitement de ces demandes.
  § 5. L'Administration de la Trésorerie publie annuellement un rapport reprenant le nombre de dérogations octroyées conformément au présent article ainsi que leur fondement et communique ce rapport à la Commission européenne.
  

Wijzigingen

[3]reference-highlight#highlight mouseleave->reference-highlight#unhighlight">(3)<AR 2025-12-11/14, art. 4, 005; En vigueur : 03-01-2026>
HOOFDSTUK 5. - Controle en sancties
CHAPITRE 5. - Contrôle et sanctions
Art.17. § 1. Onverminderd de prerogatieven die haar zijn toegekend door of krachtens de wet is de Administratie van de Thesaurie belast met de controle op de naleving van de artikelen [3 3 tot 5]3.
  § 2. In het kader van haar controleopdrachten bedoeld in artikel 74, § 2, tweede en derde lid, van de wet van 18 september 2017 en in paragraaf 1 van dit artikel en onverminderd [1 de toepassing van Verordening 2016/679, de wet van 3 augustus 2012 houdende bepalingen betreffende de verwerking van persoonsgegevens door de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van zijn opdrachten, artikelen 64 en 65 van de wet van 18 september 2017 en de wet van 30 juli 2018]1, kan de Administratie van de Thesaurie:
  1° [3 ...]3 andere binnen de Federale Overheidsdienst Financiën aangemaakte databanken benutten;
  2° [3 ...]3 andere door derden aangemaakte databanken benutten;
  3° met alle derden samenwerken om de gegevens van het register en de werking ervan te analyseren en te corrigeren en de bepalingen van de wet van 18 september 2017 en dit besluit te doen naleven. Na advies van de gegevensbeschermingsautoriteit sluit de Administratie van de Thesaurie met deze derden samenwerkingsakkoorden om de voorwaarden en de modaliteiten betreffende deze samenwerking vast te leggen en om te garanderen dat de gecommuniceerde gegevens in geen geval worden gebruikt, herwerkt of verspreid voor doeleinden die niet verenigbaar zijn met de door de wet van 18 september 2017 nagestreefde doelstelling;
  4° met de beheerders van de door de andere lidstaten opgestelde gelijkaardige registers samenwerken en elk type van informatie uitwisselen. [1 Het register wordt met deze gelijkaardige registers gekoppeld via het bij artikel 22, lid 1, van Richtlijn 2017/1132/EU van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht ingestelde Europees centraal platform. Deze koppeling gebeurt overeenkomstig de technische specificaties en procedures die zijn bepaald in door de Europese Commissie overeenkomstig artikel 24 van Richtlijn 2017/1132/EU en artikel 31bis van Richtlijn 2015/849/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70/EG van de Commissie. [2 De Administratie van de Thesaurie werkt samen met de Europese Commissie om de verschillende soorten toegang overeenkomstig artikelen 6 en 7 te regelen.]2 De op grond van deze koppeling verkregen gegevens zijn toegankelijk overeenkomstig [2 artikel 22, lid 2, van Richtlijn 2017/1132/EU van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht ingestelde Europees centraal platform,]2 de bepalingen van de wet van 18 september 2017 en van dit besluit.]1 [2 De Administratie van de Thesaurie ziet er op toe dat enkel informatie die actueel is en die betrekking heeft op de werkelijke uiteindelijke begunstigden via deze weg beschikbaar wordt gesteld.]2 [2 ...]2
  
Art.17. § 1er. Sans préjudice des prérogatives qui lui sont attribuées par ou en vertu de la loi, l'Administration de la Trésorerie est chargée du contrôle du respect des articles [3 3 à 5]3.
  § 2. Dans le cadre de ses missions de contrôle visées à l'article 74, § 2, alinéas 2 et 3, de la loi du 18 septembre 2017 et au paragraphe 1er du présent article et sans préjudice de [1 l'application du Règlement 2016/679, la loi du 3 août 2012 portant dispositions relatives aux traitements de données à caractère personnel réalisés par le Service public fédéral Finances dans le cadre de ses missions, les articles 64 et 65 de la loi du 18 septembre 2017 et la loi du 30 juillet 2018]1, l'Administration de la Trésorerie peut :
  1° [3 ...]3 exploiter d'autres bases de données constituées au sein du Service Public Fédéral Finances ;
  2° [3 ...]3 exploiter d'autres bases de données constituées par des tiers ;
  3° collaborer avec tout tiers dans un but d'analyse et de rectification des données du registre, d'amélioration de son fonctionnement, et du respect des dispositions de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté. L'Administration de la Trésorerie, après avis de l'autorité de protection des données, conclut des accords de coopération avec ces tiers afin de fixer les conditions et modalités de cette collaboration et afin de garantir que les données communiquées ne sont en aucun cas utilisées, retraitées ou diffusées à des fins non compatibles avec la finalité de la loi du 18 septembre 2017 ;
  4° collaborer et échanger tout type de données avec les gestionnaires des registres similaires mis en place par les autres Etats membres. [1 Le registre est interconnecté par l'intermédiaire de la plate-forme centrale européenne instituée par l'article 22, paragraphe 1er, de la Directive (UE) 2017/1132 du Parlement européen et du Conseil du 14 juin 2017 relative à certains aspects du droit des sociétés. Cette connexion est réalisée conformément aux spécifications techniques et aux procédures établies par les actes d'exécution adoptés par la Commission européenne conformément à l'article 24 de la Directive (UE) 2017/1132 et à l'article 31bis de la Directive (UE) 2015/849 du Parlement Européen et du Conseil du 20 mai 2015 relative à la prévention de l'utilisation du système financier aux fins du blanchiment de capitaux ou du financement du terrorisme, modifiant le Règlement (UE) n° 648/2012 du Parlement européen et du Conseil et abrogeant la Directive 2005/60/CE du Parlement européen et du Conseil et la Directive 2006/70/CE de la Commission. [2 L'Administration de la Trésorerie coopère avec la Commission européenne afin de réglementer les différents types d'accès conformément aux articles 6 et 7.]2 Les données obtenues en vertu de cette connexion sont accessibles conformément [2 à l'article 22, paragraphe 2, de la directive (UE) 2017/1132 du Parlement européen et du Conseil du 14 juin 2017 relative à certains aspects du droit des sociétés,]2 aux dispositions de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté.]1 [2 L'Administration de la Trésorerie s'assure que seules les informations actualisées et relatives aux véritables bénéficiaires effectifs sont mises à disposition via ce canal.]2 [2 ...]2
  
Art.18. [1 § 1. De Minister of zijn gedelegeerde kan overeenkomstig artikel 133, § 3, eerste lid van de wet van 18 september 2017 aan de informatieplichtigen, in geval van een inbreuk op artikelen 3 tot 5, de administratieve geldboetes opleggen vermeld in artikel 132, § 6, van dezelfde wet.
   De formele vaststelling door de Administratie van de Thesaurie van het mogelijk bestaan van een inbreuk door de informatieplichtige en dat de administratieve geldboete kan worden opgelegd bij het definitief vaststellen van de inbreuk, wordt op elektronische wijze ter kennis gebracht van de informatieplichtige binnen een termijn van dertig dagen volgend op deze formele vaststelling.
   De informatieplichtige wordt in deze kennisgeving uitgenodigd om zijn verweermiddelen te doen gelden bij de Administratie van de Thesaurie met toepassing van artikel 133, § 3, tweede lid, van de wet van 18 september 2017. De Minister of zijn gedelegeerde neemt een definitieve beslissing na een onderzoek van de verweermiddelen van de betrokken informatieplichtige en de definitieve bevinding dat een inbreuk is gepleegd door de betrokken informatieplichtige.
   De informatieplichtige wordt door de Administratie van de Thesaurie op elektronische wijze in kennis gesteld van de definitieve vaststelling van de inbreuk en de definitieve beslissing om een administratieve geldboete op te leggen binnen een termijn van drie maanden volgend op deze beslissing. Deze beslissing vermeldt ook het bedrag van de opgelegde administratieve boete en de uiterste datum voor de betaling ervan.
   De natuurlijke of rechtspersonen die bestuurders of zaakvoerders zijn van de informatieplichtige of de personen belast met het dagelijks beheer ervan, zijn solidair aansprakelijk voor de betaling van elke administratieve geldboete die aan de informatieplichtige wordt opgelegd.
   § 2. De administratieve geldboetes die met toepassing van dit artikel worden opgelegd, worden voor inning en invordering overgemaakt aan de administratie van de Federale Overheidsdienst Financiën belast met de inning en invordering van de niet-fiscale schuldvorderingen.
   Deze administratie verzendt onverwijld aan elke informatieplichtige waaraan een administratieve geldboete wordt opgelegd een bericht tot betaling waarin wordt gevraagd de administratieve geldboete te betalen binnen vijftien dagen te rekenen van de ontvangst ervan. Het bericht tot betaling wordt geacht te zijn ontvangen op de derde werkdag volgend op de afgifte ervan bij de universele postdienst of de elektronische ter beschikking stelling ervan.
   Het betalingsbericht vermeldt:
   1° de identificatie van de informatieplichtige waaraan een administratieve geldboete wordt opgelegd;
   2° het bedrag van de administratieve geldboete;
   3° de datum waarop de administratieve geldboete uitvoerbaar is geworden;
   4° het rekeningnummer waarop het verschuldigde bedrag moet worden betaald;
   5° de gegevens betreffende de dienst die toelichting kan geven bij het bericht.
   De administratieve geldboetes die niet betaald zijn binnen de vijftien dagen bedoeld in het tweede lid worden ingevorderd overeenkomstig artikel 134 van de wet van 18 september 2017.
   De administratieve geldboetes verjaren na 5 jaar te rekenen van de datum waarop deze boetes opeisbaar zijn geworden.
   § 3. Elk overeenkomstig dit artikel door de Administratie van de Thesaurie verzonden bericht, bevat een vaste datum die geldt als datum van de terbeschikkingstelling van het bericht, die de van toepassing zijnde termijnen doet lopen. Elk overeenkomstig dit artikel verzonden bericht door de informatieplichtige maakt het voorwerp uit van een automatische elektronische ontvangstbevestiging. De datum van de ontvangstbevestiging geldt als datum van de ontvangst van de informatie door de Administratie van de Thesaurie. In toepassing van artikel 7 van de wet van 27 februari 2019 inzake de uitwisseling van berichten door middel van de eBox, komt de notificatie door middel van de eBox die aangeeft dat het bericht ter beschikking gesteld is door de Federale Overheidsdienst Financiën, overeen met een aangetekende zending van het bericht, al dan niet met ontvangstbewijs.]1

  
Art.18. [1 § 1er. Le Ministre ou son délégué peut, conformément à l'article 133, § 3, alinéa 1er de la loi du 18 septembre 2017, en cas d'infraction aux articles 3 à 5, infliger aux redevables d'information les amendes administratives énoncées à l'article 132, § 6, de la même loi.
   La constatation formelle par l'Administration de la Trésorerie de l'existence possible d'une infraction par le redevable d'information et de la possibilité d'imposer l'amende administrative dès la constatation définitive de l'infraction, est notifiée au redevable d'information par voie électronique dans un délai de trente jours suivant cette détermination formelle.
   A travers cette notification, le redevable d'information est invité à présenter ses moyens de défense à l'Administration de la Trésorerie conformément à l'article 133, § 3, alinéa 2, de la loi du 18 septembre 2017. Le Ministre ou son délégué prend une décision définitive suite à un examen des moyens de défense du redevable d'information concerné et la constatation définitive qu'une infraction a été commise par le redevable d'information concerné.
   Le redevable d'information est informé par voie électronique par l'Administration de la Trésorerie de la constatation définitive de l'infraction et de la décision définitive d'infliger une amende administrative dans les trois mois suivant cette décision. Cette décision précise le montant de l'amende administrative infligée ainsi que le délai de son paiement.
   Les personnes physiques ou morales qui sont administrateurs ou gérants du redevable d'information, ou qui sont chargées de sa gestion journalière, sont solidairement responsables du paiement de toute amende administrative infligée au redevable d'information.
   § 2. Les amendes administratives imposées en application du présent article sont, transmises pour perception et recouvrement à l'administration du Service public fédéral Finances en charge de la perception et du recouvrement des créances non fiscales.
   Cette administration envoie sans délai à chaque redevable d'information auquel une amende administrative est imposée, un avis demandant le paiement de l'amende administrative dans un délai de quinze jours à compter de sa réception. L'avis de paiement est réputé avoir été reçu le troisième jour ouvrable suivant sa remise au service postal universel ou sa mise à disposition par voie électronique.
   L'avis de paiement indique :
   1° l'identification du redevable d'information auquel une amende administrative est imposée ;
   2° le montant de l'amende administrative ;
   3° la date à laquelle l'amende administrative est devenue exigible ;
   4° le numéro de compte sur lequel le montant dû doit être payé ;
   5° les informations concernant le service pouvant fournir des explications sur l'avis.
   Les amendes administratives qui ne sont pas payées dans le délai de quinze jours visé à l'alinéa 2, sont recouvrées conformément à l'article 134 de la loi du 18 septembre 2017.
   Les amendes administratives se prescrit par cinq ans à compter de la date où ces amendes sont devenues exigibles.
   § 3. Chaque communication envoyée par l'Administration de la Trésorerie conformément au présent article contient une date fixe qui vaut comme date de mise à disposition du message, laquelle fait courir les délais applicables. Chaque communication envoyée par le redevable d'information conformément au présent article fait l'objet d'un accusé de réception automatique électronique. La date de l'accusé de réception vaut date de réception du message par l'Administration de la Trésorerie. En application de l'article 7 de la loi du 27 février 2019 relative à l'échange électronique de messages par le biais de l'eBox, la notification au moyen de l'eBox indiquant que le message est mis à disposition par le Service public fédéral Finances vaut envoi recommandé du message, avec ou sans accusé de réception.]1

  
HOOFDSTUK 6. - Verwerking van persoonsgegevens
CHAPITRE 6. - Traitement de données à caractère personnel
Art.20. [1 § 1. De Federale Overheidsdienst Financiën vertegenwoordigd door de voorzitter van het Directiecomité is de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van de Verordening 2016/679 en van de wet van 30 juli 2018 met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens die zij krachtens de wet van 18 september 2017 en dit besluit verzamelt, verwerkt en opslaat voor de doeleinden bedoeld in artikelen 1, 64 en 74, § 1, eerste [2 en tweede]2 lid, van de wet van 18 september 2017.
   De in het eerste lid bedoelde persoonsgegevens worden verzameld, verwerkt en opgeslagen voor de uitvoering van:
   1° de bevoegdheden van de Administratie van de Thesaurie inzake het register, als bepaald in Boek IV, Titel 2, van de wet van 18 september 2017 en in dit besluit;
   2° de bevoegdheden van de Administratie van de Thesaurie inzake administratieve sancties, als bepaald in artikel 133, § 3, tweede lid, van dezelfde wet en artikel 18 van dit besluit.
   § 2. De verzameling, verwerking en opslag gebeurt overeenkomstig de bepalingen van Verordening 2016/679 en de uitoefening door de uiteindelijke begunstigden van de rechten bedoeld in de artikelen 12 tot 22 en 34 van deze Verordening 2016/679.
   De Minister kan de lijst bepalen van de documenten die bij het verzoek tot inzage overeenkomstig artikel 15 van Verordening 2016/679 moeten worden gevoegd alsook de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de verwerking, de registratie en de bewaring van deze verzoeken.
   § 3. In afwijking van paragraaf 2 zijn artikelen 5, § 1, en 11 tot en met 11/3 van de wet van 3 augustus 2012 houdende bepalingen betreffende de verwerking van persoonsgegevens door de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van zijn opdrachten onverminderd van toepassing op de in paragrafen 1 en 2 bedoelde persoonsgegevens.]1

  
Art.20. [1 § 1er. Le Service public fédéral Finances représenté par le président du Comité de direction est le responsable du traitement au sens du Règlement 2016/679 et de la loi du 30 juillet 2018 à l'égard du traitement des données à caractère personnel, pour la collecte, le traitement et la conservation des données aux fins visées aux articles 1, 64 et 74, § 1er, [2 alinéas 1er et 2]2, de la loi du 18 septembre 2017.
   Les données à caractère personnel, visées à l'alinéa 1er, sont collectées, traitées et conservées pour de l'accomplissement :
   1° des compétences sur le registre de l'Administration de la Trésorerie, visées au Livre IV, Titre 2, de la loi du 18 septembre 2017 et au présent arrêté ;
   2° des compétences sur les sanctions administratives de l'Administration de la Trésorerie, visées à l'article 133, § 3, alinéa 2, de la même loi et l'article 18 du présent arrêté.
   § 2. La collecte, traitement et conservation sont effectuées conformément aux dispositions du Règlement 2016/679 et à l'exercice des droits visés aux articles 12 à 22 et 34 de ce Règlement 2016/679, par les bénéficiaires effectifs.
   Le Ministre peut fixer la liste des documents à joindre à la demande d'accès visée à l'article 15 du Règlement 2016/679, ainsi que les modalités techniques de transmission, de traitement, d'enregistrement et de conservation de ces demandes.
   § 3. Par dérogation au paragraphe 2, les articles 5, § 1er, et 11 à 11/3 de la loi du 3 août 2012 portant dispositions relatives aux traitements de données à caractère personnel réalisés par le Service public fédéral Finances dans le cadre de ses missions, s'appliquent sans préjudice des données à caractère personnel visées aux paragraphes 1er et 2.]1

  
Art.21. [1 De informatieplichtigen zijn verantwoordelijk voor de verwerkingen van de persoonsgegevens die ze verrichten om te voldoen aan de verplichtingen die op hen rusten krachtens Verordening 2016/679, de wet van 30 juli 2018, de wet van 18 september 2017 en dit besluit.]1
   De informatieplichtigen informeren hun uiteindelijke begunstigden op een duurzame drager over:
  1° de verplichting van de informatieplichtigen om de gegevens bedoeld in de artikelen 3 en 4 mee te delen aan het register;
  2° de registratie [1 , verwerking]1 en de bewaring van deze gegevens in het register;
  3° de naam en het adres van de dienst die binnen de Administratie van de Thesaurie belast is met het beheer van het register;
  4° de toegangsmogelijkheid tot het register voor de in artikel 6 en 7 opgesomde entiteiten en personen;
  5° [1 de rechten van de uiteindelijke begunstigde zoals bepaald in artikelen 12 tot 22 en 34 van Verordening 2016/679;]1
  6° [1 ...]1
  7° de in artikel 25 vastgelegde bewaartermijn van de in het register opgeslagen gegevens.
  [1 De informatieplichtige dient, onder zijn uitsluitende verantwoordelijkheid, de in zijn eigen bestanden geregistreerde onjuiste gegevens met betrekking tot zijn uiteindelijke begunstigden te verbeteren of te verwijderen overeenkomstig artikel 5, lid 1, d) van Verordening 2016/679 en deze wijzigingen onverwijld aan het register mee te delen.]1
  
Art.21. [1 Les redevables d'information sont responsables des traitements de données à caractère personnel qu'ils effectuent afin de satisfaire aux obligations qui leur incombent en vertu du Règlement 2016/679, de la loi du 30 juillet 2018, de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté.]1
   Les redevables d'information informent leurs bénéficiaires effectifs sur un support durable:
  1° de l'obligation dans le chef des redevables d'information de communiquer au registre les données visées aux articles 3 et 4 ;
  2° de l'enregistrement [1 , le traitement]1 et de la conservation de ces données dans le registre ;
  3° du nom et de l'adresse du service chargé de la gestion du registre au sein de l'Administration de la Trésorerie ;
  4° de l'accès possible au registre des entités et personnes listées aux articles 6 et 7 ;
  5° [1 les droits du bénéficiaire effectif, conformément aux articles 12 à 22 et 34 du Règlement 2016/679 ;]1
  6° [1 ...]1
  7° du délai de conservation des données enregistrées dans le registre déterminé à l'article 25.
  [1 Le redevable d'information est tenu, conformément à l'article 5, paragraphe 1er, d), du Règlement 2016/679, sous sa responsabilité exclusive, de rectifier ou supprimer les données inexactes enregistrées en rapport avec ses bénéficiaires effectifs dans ses propres fichiers et de communiquer sans délai ces modifications au registre.]1
  
HOOFDSTUK 7. - Diverse bepalingen
CHAPITRE 7. - Dispositions diverses
Art.24. § 1 Om de verplichtingen na te leven die worden opgelegd door of op grond van de wet van 18 september 2017 of van dit besluit, in het bijzonder met het oog op het meedelen aan het register van de informatie bedoeld in de artikelen 3 en 4, mogen de informatieplichtigen:
  1° het identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, van hun uiteindelijke begunstigden waarover ze reeds zouden beschikken in het kader van een door of op grond van de wet vastgelegde andere doelstelling, opnieuw gebruiken;
  2° als ze nog niet over één van deze twee nummers zouden beschikken, aan hun uiteindelijke begunstigden vragen om hen een van deze twee nummers mee te delen, het registreren in hun bestanden in een digitale en gestructureerde vorm en het gebruiken om deze uiteindelijke begunstigde te identificeren;
  3° indien de uiteindelijke begunstigden geen passend gevolg zouden geven aan dit verzoek tot mededeling van één van deze twee nummers, de gegevens van het Rijksregister van natuurlijke personen bedoeld in artikel 3, 1° (naam en voornamen) en 2° (geboorteplaats en -datum), van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van natuurlijke personen raadplegen, om er het identificatienummer van deze uiteindelijke begunstigde te zoeken, dit nummer te kopiëren, dit identificatienummer in hun bestanden te registreren in een digitale en gestructureerde vorm en die gebruiken om de betrokken uiteindelijke begunstigde te identificeren. Er kan geen enkele zoekopdracht worden gedaan door een informatieplichtige die niet minstens over de naam, de voornamen en de geboortedatum beschikt op het moment van het opstarten van de zoekopdracht.
  De informatieplichtigen kunnen, individueel of samen met andere informatieplichtigen, een instelling oprichten of gebruiken die in hun plaats de bovengenoemde toelating geniet en die aan de informatieplichtige die dit vraagt, na toelating van de gegevensbeschermingsautoriteit, het identificatienummer van het Rijksregister van de betrokken uiteindelijke begunstigde meedeelt. De Minister legt de voorwaarden vast waaraan de in dit lid bedoelde instellingen moeten voldoen.
  § 2. Met als enig doel om de door of op grond van de wet van 18 september 2017 of van dit besluit opgelegde verplichtingen na te leven, mag de Administratie van de Thesaurie:
  1° het identificatienummer van de natuurlijke personen uit het Rijksregister van natuurlijke personen of de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, gebruiken voor het beheer van de toegangen tot de informatie van het register en de werking ervan, en voor de uitvoering van haar controleopdrachten;
  2° het adres van de uiteindelijke begunstigde dat wordt vermeld in het Rijksregister van natuurlijke personen of de Kruispuntbank van de sociale zekerheid raadplegen en gebruiken, onder meer in het kader van de uitoefening van het recht op raadpleging en verbetering door de uiteindelijke begunstigde van de persoonsgegevens die op zijn naam zijn opgenomen in het register.
Art.24. § 1er Dans le seul but de respecter les obligations imposées par ou en vertu de la loi du 18 septembre 2017 ou du présent arrêté, en particulier en vue de la communication au registre des informations visées aux articles 3 et 4, les redevables d'information peuvent :
  1° réutiliser le numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale de leurs bénéficiaires effectifs dont ils disposeraient déjà dans le cadre d'une autre finalité prévue par ou en vertu de la loi ;
  2° s'ils ne disposent pas déjà d'un de ces deux numéros, demander à leurs bénéficiaires effectifs de leur communiquer un de ces deux numéros, de l'enregistrer dans leurs fichiers sous une forme numérique et structurée, et de l'utiliser pour identifier ce bénéficiaire effectif ;
  3° au cas où les bénéficiaires effectifs ne donnent pas suite utile à cette demande de communication d'un de ces deux numéros, accéder aux données du Registre national des personnes physiques visées à l'article 3, 1° (nom et prénoms) et 2° (lieu et date de naissance), de la loi du 8 août 1983 organisant un Registre national des personnes physique, afin d'y rechercher le numéro d'identification de ce bénéficiaire effectif, de prendre copie de ce numéro, d'enregistrer ce numéro d'identification dans leurs fichiers sous une forme numérique et structurée et de l'utiliser pour l'identification du bénéficiaire effectif concerné. Aucune recherche ne peut être effectuée par un redevable d'information qui ne dispose pas déjà au minimum du nom, des prénoms et de la date de naissance au moment d'initier la recherche.
  Les redevables d'information peuvent, individuellement ou conjointement avec d'autres redevables d'information, créer ou utiliser une institution qui bénéficie de l'autorisation visée ci-dessus en leur lieu et place et qui communique au redevable d'information qui en a fait la demande, après autorisation de l'autorité de protection des données, le numéro d'identification au registre national du bénéficiaire effectif concerné. Le Ministre fixe les conditions auxquelles les institutions visées au présent alinéa doivent satisfaire.
  § 2. Dans le seul but de respecter les obligations imposées par ou en vertu de la loi du 18 septembre 2017 ou du présent arrêté, l'Administration de la Trésorerie peut :
  1° utiliser le numéro d'identification des personnes physiques au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale pour la gestion des accès aux informations du registre et de son fonctionnement et pour l'exécution de ses missions de contrôle ;
  2° consulter et utiliser l'adresse du bénéficiaire effectif reprise au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale notamment dans le cadre de l'exercice par le bénéficiaire effectif du droit de consultation et de rectification des données personnelles enregistrées dans le registre à son nom.
Art.25. De informatie bedoeld in de artikelen [1 3, 4 en 17, § 2, 4°,]1 wordt gedurende een periode van tien jaar bewaard vanaf de dag van het verlies van de rechtspersoonlijkheid van de informatieplichtige of de definitieve stopzetting van zijn activiteiten.
  
Art.25. Les informations visées aux articles [1 3, 4 et 17, § 2, 4°, ]1, sont conservées pendant une période de dix ans à compter du jour de la perte de la personnalité juridique du redevable d'information ou de la cessation définitive de ses activités.
  
HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 8. - Entrée en vigueur
Art.26. Dit koninklijk besluit treedt in werking op 31 oktober 2018.
Art.26. Le présent arrêté royal entre en vigueur le 31 octobre 2018.
HOOFDSTUK 9. - Uitvoeringsbepaling
CHAPITRE 9. - Exécutoire
Art. 27. De minister bevoegd voor Financiën, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 27. Le ministre qui a les Finances dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
HOOFDSTUK 1. - Voorwerp en definities
CHAPITRE 1er. - Objet et définitions
Artikel 1. Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2015/849/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70/EG van de Commissie, en van Richtlijn (EU) 2018/843 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2018 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2015/849 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering en tot wijziging van de Richtlijnen 2009/138/EG en 2013/36/EU.
Article 1er. Le présent arrêté transpose partiellement la Directive 2015/849 du Parlement européen et du Conseil du 20 mai 2015 relative à la prévention de l'utilisation du système financier aux fins du blanchiment de capitaux ou du financement du terrorisme, modifiant le règlement (UE) n° 648/2012 du Parlement européen et du Conseil et abrogeant la directive 2005/60/CE du Parlement européen et du Conseil et la directive 2006/70/CE de la Commission, et la Directive (UE) 2018/843 du Parlement européen et du Conseil du 30 mai 2018 modifiant la directive (UE) 2015/849 relative à la prévention de l'utilisation du système financier aux fins du blanchiment de capitaux ou du financement du terrorisme ainsi que les Directives 2009/138/CE et 2013/36/UE.
Art.2. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° "wet van 18 september 2017": de wet van 18 september 2017 tot voorkoming van het witwassen van geld en de financiering van terrorisme en tot beperking van het gebruik van contanten;
  2° "register": het UBO-register gecreëerd op grond van artikel 73 van de wet van 18 september 2017;
  3° [2 "informatieplichtige": de entiteiten bedoeld in artikel 74, § 1, van de wet van 18 september 2017 en hun wettelijke vertegenwoordigers. Worden beschouwd als de wettelijke vertegenwoordigers:
   a) voor de vennootschappen, (internationale) verenigingen zonder winstoogmerk en stichtingen: het bestuursorgaan en zijn leden zoals bedoeld in artikelen 1:35 en 1:36 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen;
   b) voor de trusts, fiducieën en soortgelijke juridische constructies: de trustees, de fiduciebeheerders of personen die vergelijkbare posities hebben in soortgelijke juridische constructies;
   c) voor entiteiten of constructies van een derde land: de organen of personen aangeduid in het recht dat op hen van toepassing is;]2

  4° "uiteindelijke begunstigde": de persoon of personen bedoeld in artikel 4, 27°, van de wet van 18 september 2017;
  5° "rechtstreekse uiteindelijke begunstigde": een uiteindelijke begunstigde die de rechtstreekse eigenaar is of zeggenschap heeft over de informatieplichtige;
  6° "onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde": een uiteindelijke begunstigde die via één of meerdere juridische entiteiten de eigenaar is of zeggenschap heeft over de informatieplichtige;
  7° "Administratie van de Thesaurie": de Algemene Administratie van de Thesaurie van de Federale Overheidsdienst Financiën;
  [2 7° /1 "op elektronische wijze":
   a) via de elektronische diensten die door de Federale Overheidsdienst Financiën ter beschikking worden gesteld voor elke uitwisseling van informatie of documenten met de Administratie van de Thesaurie en dit tot de inwerkingtreding van het gehele hoofdstuk 11 van de wet van 26 januari 2021 betreffende de dematerialisatie van de relaties tussen de Federale Overheidsdienst Financiën, de burgers, rechtspersonen en bepaalde derden en tot wijziging van diverse fiscale wetboeken en wetten, zoals bepaald in artikel 219 van deze wet;
   b) via een elektronisch beveiligd platform met toepassing van hoofdstuk 11 van de wet van 26 januari 2021 betreffende de dematerialisatie van de relaties tussen de Federale Overheidsdienst Financiën, de burgers, rechtspersonen en bepaalde derden en tot wijziging van diverse fiscale wetboeken en wetten, vanaf de inwerkingtreding van dit gehele hoofdstuk 11, zoals bepaald in artikel 219 van deze wet;]2

  8° "Minister": de minister bevoegd voor Financiën;
  9° "lidstaten": de lidstaten in de zin van artikel, 4, 7°, van de wet van 18 september 2017;
  10° "Kruispuntbank van de sociale zekerheid": de Kruispuntbank van de sociale zekerheid bedoeld in de wet van 15 januari 1990 houdende oprichting en organisatie van een Kruispuntbank van de sociale zekerheid;
  11° [1 "Verordening 2016/679": Verordening (EU) 2016/679 van het Europees parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming);]1
  12° [1 "wet van 30 juli 2018": wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens;]1
  13° "wetboek van economisch recht": het Wetboek van economisch recht bedoeld in artikel 2 van de wet van 28 februari 2013 tot invoering van het Wetboek van economisch recht;
  14° "gegevensbeschermingsautoriteit": de gegevensbeschermingsautoriteit bedoeld in artikel 3 van de wet van 3 december 2017 tot oprichting van de gegevensbeschermingsautoriteit;
  15° "CFI": de CFI in de zin van artikel 4, 16°, van de wet van 18 september 2017;
  16° "toezichtautoriteiten": de toezichtautoriteiten in de zin van artikel 4, 17° van de wet van 18 september 2017;
  17° "bevoegde autoriteiten": een overheidsorgaan met als wettelijke opdracht de strijd tegen het witwassen van geld en de financiering van het terrorisme of de daarmee verband houdende basisdelicten, de fiscale autoriteiten, de overheidsorganen belast met de inbeslagneming en verbeurdverklaring van vermogensbestanddelen van criminelen, de overheidsorganen die informatie krijgen over het vervoer of grensoverschrijdend vervoer van geld of verhandelbare instrumenten aan toonder, de CFI en de toezichtautoriteiten;
  [2 17° /1 "sanctieautoriteiten" : de autoriteiten bevoegd voor de toepassing en de controle van de verplichtingen inzake embargo's, bevriezingen van tegoeden en andere beperkende maatregelen bedoeld in de resoluties aangenomen door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties in het kader van Hoofdstuk VII van het Handvest van de Verenigde Naties, bedoeld in de Europese verordeningen, richtlijnen en besluiten en bedoeld in andere wettelijke bepalingen;
   17° /2 "andere autoriteiten": de autoriteiten die uitgaan van de federale overheid of de Gemeenschappen en Gewesten belast met het opsporen of controleren van uiteindelijke begunstigden, zoals gedefinieerd in Europese Verordeningen, in artikel 4, 27° van de wet van 18 september 2017 of in andere wettelijke bepalingen, om te voldoen aan de verplichtingen die op hen rusten krachtens deze Verordeningen en andere wettelijke bepalingen;]2

  18° "trustee": een trustee bedoeld in artikel 122 van de wet van 16 juli 2004 houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht of elke persoon die een soortgelijke positie heeft in een aan fiducieën of trusts gelijkgestelde juridische entiteit aangewezen conform artikel 74, § 1, van de wet van 18 september 2017;
  19° "trust": een trust in de zin van artikel 4, 26°, van de wet van 18 september 2017;
  20° "onderworpen entiteit": een onderworpen entiteit in de zin van artikel 4, 18°, van de wet van 18 september 2017.
  
Art.2. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° "loi du 18 septembre 2017" : la loi du 18 septembre 2017 relative à la prévention du blanchiment de capitaux et du financement du terrorisme et à la limitation de l'utilisation des espèces ;
  2° "registre" : le registre UBO créé en vertu de l'article 73 de la loi du 18 septembre 2017 ;
  3° [2 "redevable d'information" : les entités visées l'article 74, § 1er, de la loi du 18 septembre 2017 et leurs représentants légaux. Sont considérés comme représentants légaux :
   a) pour les sociétés, les associations (internationales) sans but lucratif et les fondations : l'organe d'administration et ses membres visés aux articles 1:35 et 1:36 du Code des sociétés et des associations ;
   b) pour les trusts, fiducies ou constructions juridiques similaires : les trustees, les fiduciaires ou les personnes qui occupent des fonctions comparables dans des constructions juridiques similaires ;
   c) pour les entités ou les constructions d'un pays tiers : les organes ou personnes désignés par le droit qui leur est applicable ;]2

  4° "bénéficiaire effectif" : la ou les personnes visées à l'article 4, 27°, de la loi du 18 septembre 2017;
  5° "bénéficiaire effectif direct" : un bénéficiaire effectif qui possède ou contrôle directement le redevable d'information ;
  6° "bénéficiaire effectif indirect" : un bénéficiaire effectif qui possède ou contrôle le redevable d'information par l'intermédiaire d'une ou plusieurs entités juridiques ;
  7° "Administration de la Trésorerie" : l'Administration générale de la Trésorerie du Service Public Fédéral Finances ;
  [2 7° /1 "par voie électronique":
   a) via les services électroniques mis à disposition par le Service public fédéral Finances pour tout échange d'informations ou de documents avec l'Administration de la Trésorerie jusqu'à l'entrée en vigueur de l'ensemble du chapitre 11 de la loi du 26 janvier 2021 sur la dématérialisation des relations entre le Service public fédéral Finances, les citoyens, personnes morales et certains tiers, et modifiant différents codes fiscaux et lois fiscales, déterminée conformément à l'article 219 de cette loi ;
   b) via une plateforme électronique sécurisée en application du chapitre 11 de la loi du 26 janvier 2021 sur la dématérialisation des relations entre le Service public fédéral Finances, les citoyens, personnes morales et certains tiers, et modifiant différents codes fiscaux et lois fiscales, à partir de l'entrée en vigueur de l'ensemble de ce chapitre 1, déterminée conformément à l'article 219 de cette loi ;]2

  8° "Ministre" : le ministre qui a les Finances dans ses attributions ;
  9° "Etats membres" : les Etats membres au sens de l'article 4, 7°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  10° "banque-carrefour de la sécurité sociale" : la banque-carrefour de la sécurité sociale visée par la loi du 15 janvier 1990 relative à l'institution et à l'organisation d'une Banque-carrefour de la sécurité sociale ;
  11° [1 "Règlement 2016/679" : Règlement (UE) 2016/679 du Parlement européen et du Conseil du 27 avril 2016 relatif à la protection des personnes physiques à l'égard du traitement des données à caractère personnel et à la libre circulation de ces données, et abrogeant la Directive 95/46/CE (règlement général sur la protection des données) ;]1
  12° [1 "loi du 30 juillet 2018" : loi du 30 juillet 2018 relative à la protection des personnes physiques à l'égard des traitements de données à caractère personnel ;]1
  13° "code de droit économique" : le Code de droit économique visé à l'article 2, de la loi du 28 février 2013 introduisant le Code de droit économique ;
  14° "autorité de protection des données" : l'autorité de protection des données visée à l'article 3 de la loi du 3 décembre 2017 portant création de l'Autorité de protection des données ;
  15° "CTIF" : la CTIF au sens de l'article 4, 16°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  16° "autorités de contrôle" : les autorités de contrôle au sens de l'article 4, 17°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  17° "autorités compétentes" : une autorité publique dont une des missions légales est la lutte contre le blanchiment d'argent et le financement du terrorisme ou les infractions sous-jacentes associées, les autorités fiscales, les autorités publiques chargées de la saisie et confiscation des avoirs criminels, les autorités publiques recevant des informations sur les transports ou transferts transfrontaliers d'argent ou d'instruments au porteur négociable, la CTIF et les autorités de contrôle ;
  [2 17° /1 "autorités de sanction" : les autorités compétentes pour l'application et le contrôle des obligations en matière d'embargo, de gel des avoirs et autres mesures restrictives visées par les résolutions adoptées par le Conseil de Sécurité des Nations Unies dans le cadre du Chapitre VII de la Charte des Nations Unies, visées par des règlements, directives et décisions européens et par d'autres dispositions légales ;
   17° /2 "autres autorités" : les autorités émanant du pouvoir fédéral ou des Communautés et des Régions chargées de rechercher ou de contrôler les bénéficiaires effectifs, tels que définis dans les Règlements européens, à l'article 4, 27° de la loi du 18 septembre 2017 ou dans d'autres dispositions légales, afin de remplir les obligations qui leur incombent en vertu de ces règlements et d'autres dispositions légales ;]2

  18° "trustee" : un trustee visé à l'article 122 de la loi du 16 juillet 2004 portant le Code de droit international privé ou toute personne occupant une position similaire dans une entité juridique similaire aux fiducies ou aux trusts désignées conformément à l'article 74, § 1er, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  19° "trust" : un trust au sens de l'article 4, 26°, de la loi du 18 septembre 2017 ;
  20° "entité assujettie" : une entité assujettie au sens de l'article 4, 18°, de la loi du 18 septembre 2017.
  
HOOFDSTUK 2. - Mededeling van informatie aan het register
CHAPITRE 2. - Communication des informations au registre
Art.3. § 1. Met toepassing van artikelen 75 van de wet van 18 september 2017 en [1 1:35 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen]1, delen alle informatieplichtigen, die een vennootschap zijn, aan het register [2 op elektronische wijze]2 de volgende informatie over elk van hun uiteindelijke begunstigden mee:
  1° zijn naam;
  2° zijn eerste voornaam;
  3° zijn geboortedag;
  4° zijn geboortemaand;
  5° zijn geboortejaar;
  6° zijn nationaliteit(en);
  7° zijn land van verblijf;
  8° zijn volledige verblijfsadres ;
  9° de datum waarop hij uiteindelijke begunstigde van de informatieplichtige is geworden.
  10° zijn identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, en waar van toepassing elk vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar hij verblijft of waarvan hij onderdaan is;
  11° de categorie(ën) van personen bedoeld in artikel 4, 27°, tweede lid, a), van de wet van 18 september 2017, waartoe hij behoort;
  12° of het gaat om een persoon die één van de voorwaarden vervult die worden vermeld in artikel 4, 27°, tweede lid, a), van de wet van 18 september 2017, afzonderlijk of samen met andere personen;
  13° of het gaat om een rechtstreekse of onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde;
  14° als het om een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde gaat, het aantal tussenpersonen en ook, voor elk van hen, de volledige identificatiegegevens, met minstens de naam, de oprichtingsdatum, de handelsnaam, de rechtsvorm, het adres van de maatschappelijke zetel en het ondernemingsnummer bedoeld in artikel III.17 van het wetboek van economisch recht, en waar van toepassing elk ander vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar de tussenpersoon is geregistreerd;
  15° de omvang van het uiteindelijke belang in de informatieplichtige, namelijk:
  a) in het geval van een rechtstreekse uiteindelijke begunstigde en wanneer het zeggenschap resulteert uit de eigendom van de aandelen of stemrechten, het percentage van de aandelen of stemrechten in de informatieplichtige;
  b) [1 in het geval van een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde en wanneer de controle het gevolg is van eigendom van of onrechtstreekse controle over een voldoende percentage aandelen of stemrechten in de informatieplichtige, het gewogen percentage aandelen of stemrechten dat de uiteindelijke begunstigde aanhoudt of controleert in de informatieplichtige en in elke intermediair;]1
  [1 c) in het geval van een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde bedoeld in artikel 4, 27°, a), ii), [2 b), c) en d)]2 van de wet van 18 september 2017, de manier(en) waarop de uiteindelijke begunstigde de informatieplichtige controleert;]1
  [1 16° Elk document dat aantoont dat de informatie met betrekking tot een uiteindelijke begunstigde bedoeld in de punten 1° tot 15° adequaat, nauwkeurig en actueel is.]1
  § 2. Met toepassing van de artikelen 75, van de wet van 18 september 2017 en [1 1:35 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen]1, delen alle informatieplichtigen, die een vereniging zonder winstoogmerk, een internationale vereniging zonder winstoogmerk of een stichting zijn, aan het register [2 op elektronische wijze]2 de volgende informatie over elk van hun uiteindelijke begunstigden mee:
  1° zijn naam;
  2° zijn eerste voornaam;
  3° zijn geboortedag;
  4° zijn geboortemaand;
  5° zijn geboortejaar;
  6° zijn nationaliteit(en);
  7° zijn land van verblijf;
  8° zijn volledige verblijfsadres ;
  9° de datum waarop hij uiteindelijke begunstigde van de informatieplichtige is geworden.
  10° zijn identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, en waar van toepassing elk vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar hij verblijft of waarvan hij onderdaan is;
  11° de categorie(ën) van personen bedoeld in artikel 4, 27°, tweede lid, c), van de wet van 18 september 2017, waartoe hij behoort;
  12° de één of meerdere categorieën van personen opgesomd in artikel 4, 27°, tweede lid, c), van de wet van 18 september 2017, afzonderlijk of samen met anderen, waartoe hij behoort;
  [2 12° /1 in het geval van een onrechtstreekse uiteindelijke begunstigde bedoeld in artikel 4, 27°, a), ii), b), c) en d) van de wet van 18 september 2017, de manier(en) waarop de uiteindelijke begunstigde de informatieplichtige controleert;]2
  [1 13° Elk document dat aantoont dat de informatie met betrekking tot een uiteindelijke begunstigde bedoeld in de punten 1° tot [2 12° /1]2 adequaat, nauwkeurig en actueel is.]1
  § 3. De Minister kan de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de registratie en de bewaring van de in dit artikel bedoelde informatie bepalen.
  
Art.3. § 1er. En application des articles 75, de la loi du 18 septembre 2017 et [1 1:35 du Code des sociétés et des associations]1, tout redevable d'information qui est une société communique [2 par voie électronique]2 au registre les informations suivantes relatives à chacun de ses bénéficiaires effectifs :
  1° son nom ;
  2° son premier prénom ;
  3° son jour de naissance ;
  4° son mois de naissance ;
  5° son année de naissance ;
  6° sa ou ses nationalités ;
  7° son pays de résidence ;
  8° son adresse complète de résidence ;
  9° la date à laquelle il est devenu bénéficiaire effectif du redevable d'information.
  10° son numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale, et le cas échéant tout identifiant similaire donné par l'Etat où il réside ou dont il est ressortissant ;
  11° la ou les catégorie(s) de personnes visées à l'article 4, 27°, alinéa 2, a), de la loi du 18 septembre 2017, dont il relève ;
  12° s'il s'agit d'une personne qui remplit une des conditions énumérées à l'article 4, 27°, alinéa 2, a), de la loi du 18 septembre 2017, de manière isolée ou au contraire en coordination avec d'autres personnes ;
  13° s'il s'agit d'un bénéficiaire effectif direct ou indirect ;
  14° lorsqu'il s'agit d'un bénéficiaire effectif indirect, le nombre d'intermédiaires ainsi que pour chacun d'eux, son identification complète, incluant au moins la dénomination, la date de constitution, la raison sociale, la forme juridique, l'adresse de son siège social et son numéro d'entreprise visé à l'article III.17, du code de droit économique et le cas échéant tout autre identifiant similaire délivré par l'Etat dans lequel l'intermédiaire est enregistré ;
  15° l'étendue de l'intérêt effectif détenu dans le redevable d'information, à savoir notamment :
  a) dans le cas d'un bénéficiaire effectif direct et lorsque le contrôle résulte de la propriété de parts ou de droits de vote, le pourcentage des parts ou des droits de vote qu'il détient dans le redevable d'information ;
  b) [1 dans le cas d'un bénéficiaire effectif indirect et lorsque le contrôle résulte de la propriété ou du contrôle indirect d'un pourcentage suffisant de parts ou de droits de vote au sein du redevable d'information, les pourcentages de parts et de droits de vote pondérés que le bénéficiaire effectif détient ou contrôle dans le redevable d'information et dans chaque intermédiaire ;]1
  [1 c) dans le cas d'un bénéficiaire effectif indirect visé à l'article 4, 27°, a), ii), [2 b), c) et d)]2 de la loi du 18 septembre 2017, le ou les moyens par lesquels le bénéficiaire effectif contrôle le redevable d'information ;]1
  [1 16° Tout document démontrant que les informations relatives à un bénéficiaire effectif visées aux points 1° à 15° sont adéquates, exactes et actuelles.]1
  § 2. En application des articles 75, de la loi du 18 septembre 2017 et [1 1:35 du Code des sociétés et des associations]1 tout redevable d'information qui est une association sans but lucratif, association internationale sans but lucratif ou une fondation communique [2 par voie électronique]2 au registre les informations suivantes relatives à chacun de ses bénéficiaires effectifs :
  1° son nom ;
  2° son premier prénom ;
  3° son jour de naissance ;
  4° son mois de naissance ;
  5° son année de naissance ;
  6° sa ou ses nationalités ;
  7° son pays de résidence ;
  8° son adresse complète de résidence ;
  9° la date à laquelle il est devenu bénéficiaire effectif du redevable d'information.
  10° son numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale, et le cas échéant tout identifiant similaire donné par l'Etat où il réside ou dont il est ressortissant ;
  11° la ou les catégorie(s) de personnes visées à l'article 4, 27°, alinéa 2, c), de la loi du 18 septembre 2017, dont il relève ;
  12° s'il relève d'une ou plusieurs catégories de personnes énumérées à l'article 4, 27°, alinéa 2, c), de la loi du 18 septembre 2017, de manière isolée ou conjointement avec d'autres, dont il relève ;
  [2 12° /1 dans le cas d'un bénéficiaire effectif indirect visé à l'article 4, 27°, a), ii), b), c) et d) de la loi du 18 septembre 2017, le ou les moyens par lesquels le bénéficiaire effectif contrôle le redevable d'information ;]2
  [1 13° Tout document démontrant que les informations relatives à un bénéficiaire effectif visées aux points 1° à [2 12° /1]2 sont adéquates, exactes et actuelles.]1
  § 3. Le Ministre peut fixer les modalités techniques de transmission, d'enregistrement et de conservation des informations visées au présent article.
  
Art.4. § 1. Overeenkomstig artikel 75 van de wet van 18 september 2017 moeten de trustees of fiduciebeheerders de volgende informatie betreffende elk van hun uiteindelijke begunstigden van de trusts, fiducieën of [1 soortgelijke juridische constructies]1 die ze vanuit België beheren, inwinnen en bijhouden:
  1° zijn naam;
  2° zijn eerste voornaam;
  3° zijn geboortedag;
  4° zijn geboortemaand;
  5° zijn geboortejaar;
  6° zijn nationaliteit(en);
  7° zijn land van verblijf;
  8° zijn volledige verblijfsadres;
  9° het identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, of elk vergelijkbaar identificatiemiddel dat wordt afgeleverd door de staat waar hij verblijft of waarvan hij onderdaan is;
  10° de categorie(ën) van uiteindelijke begunstigde bedoeld in artikel 4, 27°, lid 2, d) van de wet, waaronder hij ressorteert;
  11° de datum waarop de persoon uiteindelijke begunstigde van de informatieplichtige is geworden;
  [1 12° Elk document dat aantoont dat de informatie met betrekking tot een uiteindelijke begunstigde bedoeld in de punten 1° tot 11° adequaat, nauwkeurig en actueel is;]1
  [1 ...]1
  § 2. De trustee of fiduciebeheerder deelt de in paragraaf 1 bedoelde informatie aan het register [2 op elektronische wijze]2 mee wanneer:
  1° de trustee of fiduciebeheerder in België is gevestigd, gedomicilieerd of er verblijft;
  2° de maatschappelijke zetel, voornaamste inrichting, zetel van bestuur of beheer van de trustee of van de fiduciebeheerder in België is gevestigd;
  3° de trustee of fiduciebeheerder niet in een lidstaat is gevestigd, gedomicilieerd of er verblijft of zijn maatschappelijke zetel, voornaamste inrichting, zetel van bestuur of beheer niet in een lidstaat is gevestigd en, als trustee of fiduciebeheerder, een zakelijke relatie aangaat of een onroerend goed verwerft in België op naam van de trust.
  De in paragraaf 1 bedoelde informatie wordt overeenkomstig deze paragraaf meegedeeld binnen de maand te rekenen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit of vanaf het ogenblik waarop die informatie wordt gewijzigd.
  [1 Voorafgaand aan de registratie van hun uiteindelijke begunstigden schrijven trusts, fiduciebeheerders en gelijkaardige juridische constructies, bedoeld in het eerste lid, zich in bij de Kruispuntbank van Ondernemingen, overeenkomstig artikel III.16 van het Wetboek van economisch recht.]1
  § 3. De mededeling aan de Administratie van de Thesaurie van een uittreksel van de informatie over de uiteindelijke begunstigden die is opgenomen in een gelijkaardig register van een andere lidstaat geldt als voldoening aan de verplichtingen bedoeld in paragraaf 1 en 2 wanneer:
  1° de trustees of fiduciebeheerders in verschillende lidstaten waaronder België zijn gevestigd, gedomicilieerd of er verblijven;
  2° de maatschappelijke zetel, voornaamste inrichting, zetel van bestuur of beheer van de trustees of fiduciebeheerders in meerdere lidstaten waaronder België zijn gevestigd;
  3° de trustee of fiduciebeheerder een zakelijke relatie aangaat, op naam van de trust of fiducie in verschillende lidstaten waaronder België.
  § 4. De trustee of fiduciebeheerder is gehouden om tijdig zijn statuut aan te geven en de informatie mee te delen die is bedoeld in paragraaf 1 aan de betrokken onderworpen entiteiten, wanneer hij, als trustee of fiduciebeheerder, een zakelijke relatie aangaat of een occasionele verrichting uitvoert van een bedrag dat hoger ligt dan de drempels uit artikel 21, § 1, 2° en 3°, van de wet van 18 september 2017.
  § 5. De Minister kan de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de registratie en de bewaring van de in dit artikel bedoelde informatie bepalen.
  
Art.4. § 1. En application de l'article 75 de la loi du 18 septembre 2017, les trustees ou fiduciaires sont tenus de recueillir et de conserver les informations suivantes relatives à chacun des bénéficiaires effectifs des trusts, fiducies ou [1 constructions]1 juridiques similaires qu'ils administrent depuis la Belgique:
  1° son nom ;
  2° son premier prénom ;
  3° son jour de naissance ;
  4° son mois de naissance ;
  5° son année de naissance ;
  6° sa ou ses nationalités ;
  7° son pays de résidence ;
  8° son adresse complète de résidence ;
  9° le numéro d'identification dans le Registre national des personnes physiques ou la Banque-carrefour de la sécurité sociale, ou tout identifiant similaire donné par l'Etat où il réside ou dont il est ressortissant ;
  10° la ou les catégories de bénéficiaire effectif visées à l'article 4, 27°, alinéa 2, d), de la loi, dont il relève ;
  11° la date à laquelle la personne est devenue bénéficiaire effectif du redevable d'information;
  [1 12° Tout document démontrant que les informations relatives à un bénéficiaire effectif visées aux points 1° à 11° sont adéquates, exactes et actuelles ;]1
  [1 ...]1
  § 2. Le trustee ou fiduciaire communique [2 par voie électronique]2 les informations visées au paragraphe 1er au registre lorsque :
  1° le trustee ou fiduciaire est établi, domicilié ou réside en Belgique ;
  2° le siège social, principal établissement, siège de direction ou d'administration du trustee ou du fiduciaire est situé en Belgique ;
  3° le trustee ou fiduciaire n'est pas établi, domicilié ou résidant dans un Etat membre ou son siège social, principal établissement, siège de direction ou d'administration n'est pas situé dans un Etat membre, et, en tant que trustee ou fiduciaire, établi une relation d'affaire ou acquiert un bien immobilier en Belgique au nom du trust.
  Les informations visées au paragraphe 1er sont communiquées conformément au présent paragraphe dans le mois à partir de l'entrée en vigueur du présent arrêté ou du moment où ces informations sont modifiées.
  [1 Préalablement à l'enregistrement de leurs bénéficiaires effectifs, les trusts, fiduciaires et constructions juridiques similaires visés à l'alinéa 1er s'inscrivent à la Banque Carrefour des Entreprises conformément à l'article III.16 du Code de droit économique.]1
  § 3. La communication à l'Administration de la Trésorerie d'un extrait des informations sur les bénéficiaires effectifs enregistrées dans un registre similaire d'un autre Etat membre vaut accomplissement des obligations visées au paragraphe 1er et 2 lorsque :
  1° les trustees ou fiduciaires sont établis, domiciliés ou résident dans plusieurs Etat membres dont la Belgique ;
  2° le siège social, principal établissement, siège de direction ou d'administration des trustees ou fiduciaires sont situés dans plusieurs Etat membres dont la Belgique ;
  3° le trustee ou fiduciaire entre en relation d'affaire, au nom du trust ou de la fiducie, dans différents Etat membres dont la Belgique.
  § 4. Le trustee ou fiduciaire est tenu de déclarer son statut et de communiquer les informations visées au paragraphe 1er aux entités assujetties concernées en temps utile, lorsque, en tant que trustee ou fiduciaire, il établit une relation d'affaire ou exécute une opération occasionnelle d'un montant supérieur aux seuils visés à l'article 21, § 1er, 2° et 3°, de la loi du 18 septembre 2017.
  § 5. Le Ministre peut fixer les modalités techniques de transmission, d'enregistrement et de conservation des informations visées au présent article.
  
Art.5. Onverminderd de verplichtingen bedoeld in de artikelen [1 1:35 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen]1 en 4, § 2, van dit besluit wordt de in de artikelen 3 en 4 bedoelde informatie ten minste jaarlijks [2 op elektronische wijze]2 door de informatieplichtigen bijgewerkt.
  
Art.5. Sans préjudice des obligations visées aux articles [1 1:35 du Code des sociétés et des associations]1, et 4, § 2, de cet arrêté, les informations visées aux articles 3 et 4 sont mises à jour [2 par voie électronique]2 par les redevables d'information au moins annuellement.
  
HOOFDSTUK 3. - Toegang tot het register
CHAPITRE 3. - Accès au registre
Art.6. Onverminderd andere wettelijke bepalingen en overeenkomstig de bepalingen van dit hoofdstuk, zijn [1 de actuele gegevens van het register en de historiek van de wijzigingen ervan]1 met betrekking tot de in artikel 3, § 1, bedoelde informatieplichtigen [2 op elektronische wijze]2 toegankelijk voor:
  1° de bevoegde autoriteiten [1 , tijdig en zonder enige beperking]1;
  [2 1° /1 de sanctieautoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;
   1° /2 de andere autoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;]2

  2° de onderworpen entiteiten [1 , tijdig en]1 in het kader van de nakoming van hun verplichtingen inzake waakzaamheid ten aanzien van de cliënten;
  3° [2 elke natuurlijke of rechtspersoon die een legitiem belang kan aantonen.]2
  
Art.6. Sans préjudice d'autres dispositions légales et conformément aux dispositions du présent chapitre, les données [1 historiques de modification et actuelles]1 du registre relatives aux redevables d'information visés à l'article 3, § 1er, sont accessibles [2 par voie électronique]2 :
  1° aux autorités compétentes [1 , en temps utile et sans aucune restriction]1 ;
  [2 1° /1 aux autorités de sanction, en temps utile et sans aucune restriction ;
   1° /2 aux autres autorités, en temps utile et sans aucune restriction ;]2

  2° aux entités assujetties, [1 en temps utile et]1 dans le cadre de l'exécution de leurs obligations en matière de vigilance à l'égard de la clientèle ;
  3° [2 toute personne physique ou morale qui peut démontrer un intérêt légitime.]2
  
Art.7. Onverminderd andere wettelijke bepalingen en overeenkomstig de bepalingen van dit hoofdstuk, zijn [1 de actuele gegevens van het register en de historiek van de wijzigingen ervan]1 met betrekking tot de verenigingen zonder winstoogmerk, internationale verenigingen zonder winstoogmerk, stichtingen, trusts of [1 soortgelijke juridische constructies]1 bedoeld in de artikelen 3, § 2 en 4, [2 op elektronische wijze]2 toegankelijk voor:
  1° de bevoegde autoriteiten [1 , tijdig en zonder enige beperking]1;
  [2 1° /1 de sanctieautoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;
   1° /2 de andere autoriteiten, tijdig en zonder enige beperking;]2

  2° de onderworpen entiteiten in het kader van de nakoming van hun verplichtingen inzake waakzaamheid ten aanzien van de cliënten;
  [1 2° /1 [2 ...]2]1
  3° elke [1 natuurlijke of rechtspersoon]1 die een legitiem belang aantoont ;
  4° [1 elke natuurlijke of rechtspersoon die [2 op elektronische wijze een]2 aanvraag indient bij de Administratie van de Thesaurie met betrekking tot een trust, fiducie of soortgelijke juridische constructie die zeggenschap heeft in een andere dan de in artikel 1:33 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen bedoelde vennootschap of rechtspersoon of in een andere juridische entiteit, hetzij door rechtstreekse of indirecte eigendom, met inbegrip van het houden van toonderaandelen, hetzij via zeggenschap met andere middelen.]1 [2 De natuurlijke persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn aanvraag indienen op papier via aangetekende zending.]2
  
Art.7. Sans préjudice d'autres dispositions légales et conformément aux dispositions du présent chapitre, les données [1 historiques de modification et actuelles]1 du registre relatives aux associations sans but lucratif, associations internationales sans but lucratif, fondations, trusts, fiducies et autres [1 constructions]1 juridiques similaires visées aux articles 3, § 2 et 4, sont accessibles [2 par voie électronique]2 :
  1° aux autorités compétentes [1 , en temps utile et sans aucune restriction]1;
  [2 1° /1 aux autorités de sanction, en temps utile et sans aucune restriction ;
   1° /2 aux autres autorités, en temps utile et sans aucune restriction ;]2

  2° aux entités assujetties, dans le cadre de l'exécution de leurs obligations en matière de vigilance à l'égard de la clientèle ;
  [1 2° /1 [2 ...]2]1
  3° à toute [1 personne physique ou morale]1 démontrant un intérêt légitime ;
  4° [1 à toute personne physique ou morale qui introduit une demande [2 par voie électronique]2 à l'Administration de la Trésorerie, portant sur un trust, une fiducie ou une construction juridique similaire qui contrôle une autre société ou personne morale que celle visée à l'article 1:33 du Code des sociétés et des associations ou une autre entité juridique, par propriété directe ou indirecte, notamment au moyen d'actions au porteur ou par le biais d'un contrôle par d'autres moyens.]1 [2 La personne naturelle qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires, peut introduire sa demande par écrit, via un envoi recommandé.]2
  
Art.8. § 1. Om toegang te krijgen tot de gegevens van het register dienen de bevoegde autoriteiten [2 , de sanctieautoriteiten, de andere autoriteiten]2 en de onderworpen entiteiten [2 op elektronische wijze]2 een toegangsaanvraag in bij de Administratie van de Thesaurie en geven zij de naam, de voornaam en het identificatienummer in het Rijksregister van de natuurlijke personen of in de Kruispuntbank van de sociale zekerheid van hun personeelslid door dat verantwoordelijk is voor het beheer van de toegang van de betrokken entiteit.
  [1 De onderworpen entiteiten hebben geen toegang tot de documenten bedoeld in artikelen 3, § 1, 16°, § 2, 13° en 4, § 1, 12°.]1
  § 2. Om de Administratie van de Thesaurie in staat te stellen de onderworpen entiteiten te identificeren, delen de toezichtautoriteiten aan de Administratie van de Thesaurie [2 op elektronische wijze]2 de lijst mee van de onderworpen entiteiten die onder hun toezicht vallen. Deze lijst omvat minstens de benaming en het KBO-nummer van de betrokken onderworpen entiteiten.
  De toezichtautoriteiten nemen alle nodige technische en organisatorische maatregelen om, onder hun uitsluitende verantwoordelijkheid, te garanderen dat de meegedeelde lijst de passende, duidelijke en actuele informatie over de betrokken onderworpen entiteiten bevat.
  De minister kan de technische modaliteiten van de overdracht, de registratie, de bewaring en de bijwerking van de door de toezichtautoriteiten meegedeelde lijsten bepalen.
  
Art.8. § 1er. Afin de pouvoir accéder aux données du registre, les autorités compétentes [2 , les autorités de sanction, les autres autorités]2 et les entités assujetties introduisent une demande d'accès [2 par voie électronique]2 à l'Administration de la Trésorerie et lui communiquent le nom, prénom et numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale du membre de leur personnel responsable de la gestion des accès pour l'entité concernée.
  [1 Les entités assujetties n'ont pas accès aux documents visés aux articles 3, § 1er, 16°, § 2, 13° et 4, § 1er, 12°.]1
  § 2. Afin de permettre à l'Administration de la Trésorerie d'identifier les entités assujetties, les autorités de contrôle communiquent [2 par voie électronique]2 à l'Administration de la Trésorerie la liste des entités assujetties qui sont sous leur autorité. Cette liste reprend au moins la dénomination et le numéro BCE des entités assujetties concernées.
  Les autorités de contrôle prennent toutes les mesures techniques et organisationnelles nécessaires pour garantir, sous leur responsabilité exclusive, que la liste communiquée contienne des informations adéquates, précises et actuelles sur les entités assujetties concernées.
  Le Ministre peut fixer les modalités techniques de transmission, d'enregistrement, de conservation et de mise à jour des listes communiquées par les autorités de contrôle.
  
Art.10. § 1. Om toegang te krijgen tot de informatie van het register bedoeld in de artikelen 3, [2 § 1, 1°, 4° tot 7°, 9° en 11° tot 15° en]2 § 2, 1°, 4° tot 7°, 9°, 11° en 12° en 4, § 1, 1°, 4° tot 7°, 10° en 11°, dienen de in [2 artikelen 6, 3° en 7, 3°]2, bedoelde [1 natuurlijke of rechtspersonen]1 bij de Administratie van de Thesaurie [2 op elektronische wijze]2 een specifieke aanvraag van informatie in. Daarin vermelden zij minstens het volgende:
  1° het ondernemingsnummer bedoeld in artikel III.17 van het wetboek van economisch recht, of de naam van de informatieplichtige waarvoor de aanvraag is ingediend, of de naam, de voornaam en de geboortedatum van de uiteindelijk begunstigde voor wie de aanvraag is ingediend;
  2° elk document waarin de motieven van de aanvraag worden uiteengezet en dat het legitiem belang aantoont om het register te raadplegen.
  [2 De natuurlijke persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn aanvraag indienen op papier via aangetekende zending.]2
  § 2. De Administratie van de Thesaurie kan aan de in paragraaf 1 bedoelde [1 natuurlijke of rechtspersonen]1 [2 op elektronische wijze]2 elk bijkomend document vragen om zijn legitiem belang om het register te raadplegen, vast te stellen. [2 In het geval van een natuurlijk persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan dit gebeuren op papier via aangetekende zending.]2
  § 3. Het legitiem belang van de in paragraaf 1 bedoelde [1 natuurlijke of rechtspersonen]1 moet verband houden met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme of de verbonden onderliggende criminele activiteiten.
  Voor natuurlijke personen kan het legitiem belang bedoeld in het eerste lid, worden aangetoond met het bewijs dat activiteiten worden uitgevoerd die verband houden met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten.
  Voor rechtspersonen kan het legitiem belang worden aangetoond op basis van het maatschappelijke doel of een activiteit die verband houdt met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten.
  [2 De aanvraag tot toegang kan worden toegekend onder één van de volgende voorwaarden die als een legitiem belang worden beschouwd:
   1° de aanvrager heeft een doel of voert op duurzame en effectieve wijze activiteiten uit in verband met de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten zoals gedefinieerd in artikel 4, 23° van de wet van 18 september 2017;
   2° de aanvrager treedt op in rechte in het kader van het doel of activiteiten bedoeld in 1°, met het oog op de verdediging van een belang dat verband houdt met dat doel of die activiteiten;
   3° de aanvrager zal een economische relatie aangaan of verrichtingen uitvoeren met een informatieplichtige en de aanvrager is betrokken in activiteiten relevant ter voorkoming van of de strijd tegen het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en de verbonden onderliggende criminele activiteiten zoals gedefinieerd in artikel 4, 23° van de wet van 18 september 2017 en hij heeft nog geen toegang tot het register krachtens artikelen 6, 1° tot 2° of 7, 1° tot 2°.]2

  [2 § 4. De Administratie van de Thesaurie kan de aanvraag tot toegang weigeren als:
   1° de aanvraag niet overeenkomstig paragraaf 1 is ingediend; of
   2° de aanvrager niet de nodige informatie verstrekt overeenkomstig paragraaf 1, eerste lid, 1° en 2° en § 2; of
   3° de aanvrager reeds over een toegang beschikt krachtens artikelen 6, 1° tot 2° of 7, 1° tot 2° ; of
   4° zij vaststelt of vermoedt dat de aanvraag andere doeleinden beoogt dan die vermeld in artikel 74, § 1, tweede lid, 1°, 3° en 4° van de wet van 18 september 2017; of
   5° zij vaststelt of vermoedt dat de aanvraag niet in overeenstemming is met één van de voorwaarden in paragraaf 3, vierde lid, 1° tot 3° ; of
   6° per geval en na gedetailleerde analyse van het uitzonderlijke karakter van de omstandigheden vaststelt dat die toegang voor de betrokken uiteindelijk begunstigde overeenkomstig artikel 16 een blootstelling inhoudt aan een onevenredig risico, een risico op fraude, ontvoering, chantage, afpersing, pesterijen, geweld of intimidatie inhoudt of indien de uiteindelijke begunstigde minderjarig of anderszins handelingsonbekwaam is.
   Wanneer de Administratie van de Thesaurie de aanvraag weigert, kan de persoon bedoeld in paragraaf 1 die overeenkomstig deze paragraaf de aanvraag indiende, binnen een termijn van twee maanden vanaf de ontvangst van de beslissing tot weigering, een schriftelijk verzoek tot herziening van deze beslissing voorleggen aan de Administratie van de Thesaurie en dit op elektronische wijze. De natuurlijke persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn verzoek indienen op papier via aangetekende zending. Hij kan ook binnen de voornoemde termijn steeds verzoeken om mondeling gehoord te worden. De Administratie van de Thesaurie neemt een definitieve beslissing na een onderzoek van het verzoek tot herziening. De Minister kan voor de toepassing van dit lid aanvullende modaliteiten en procedureregels bepalen.]2

  
Art.10. § 1er. Afin d'avoir accès aux informations du registre visées aux articles 3, [2 § 1er, 1°, 4° à 7°, 9° et 11° à 15° et]2 § 2, 1°, 4° à 7°, 9°, 11° et 12° et 4, § 1, 1°, 4° à 7°, 10° et 11°, les personnes [1 physiques ou morales]1 visées [2 aux articles 6, 3° et 7, 3°]2, introduisent [2 par voie électronique]2 une demande d'information spécifique à l'Administration de la Trésorerie. Elles lui communiquent, dans la demande, au minimum :
  1° le numéro d'entreprise visé à l'article III.17, du code de droit économique ou la dénomination du redevable d'information pour lequel la demande est introduite ou le nom, prénom et la date de naissance du bénéficiaire effectif pour lequel la demande est introduite ;
  2° tout document détaillant les motifs de la demande et démontrant leur intérêt légitime à consulter le registre.
  [2 La personne physique qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires, peut introduire sa demande par écrit via un envoi recommandé.]2
  § 2. L'Administration de la Trésorerie peut demander [2 par voie électronique]2 à la personne [1 physique ou morale]1 visée au paragraphe 1er tout document supplémentaire susceptible de démontrer son intérêt légitime à consulter le registre. [2 Dans le cas d'une personne physique ne disposant pas des moyens informatiques nécessaires, les documents peuvent être transmis par écrit via un envoi recommandé.]2
  § 3. L'intérêt légitime des personnes [1 physiques ou morales]1 visées au paragraphe 1er doit être lié à la lutte contre le blanchiment d'argent, au financement du terrorisme ou aux activités criminelles sous-jacentes connexes.
  Pour les personnes physiques, l'intérêt légitime visé à l'alinéa 1er, peut être démontré par la preuve de l'exercice d'activités liées à la lutte contre le blanchiment d'argent, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes.
  Pour les personnes morales, l'intérêt légitime peut être démontré par l'existence d'un objet social ou d'une activité liée à la lutte contre le blanchiment d'argent, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes.
  [2 La demande d'accès peut être accordée sous l'une des conditions suivantes qui sont considérées comme présentant un intérêt légitime :
   1° le demandeur a un but ou exerce durablement et effectivement des activités liées à la lutte contre le blanchiment de capitaux, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes telles que définies à l'article 4, 23° de la loi du 18 septembre 2017 ;
   2° le demandeur agit en justice dans le cadre de l'objet ou des activités mentionnés au 1°, en vue de défendre un intérêt lié à cet objet ou à ces activités ;
   3° le demandeur entrera dans une relation économique ou effectuera des transactions avec un redevable d'information et le demandeur est impliqué dans des activités pertinentes pour la prévention ou la lutte contre le blanchiment de capitaux, le financement du terrorisme et les activités criminelles sous-jacentes connexes telles que définies à l'article 4, 23° de la loi du 18 septembre 2017 et il n'a pas encore accès au registre en vertu des articles 6, 1° à 2° ou 7, 1° à 2°.]2

  [2 § 4. L'Administration de la Trésorerie peut refuser la demande si :
   1° la demande n'a pas été introduite conformément au paragraphe 1er ; ou
   2° le demandeur ne fournit pas les informations nécessaires conformément au paragraphe 1er, alinéa 1er, 1° et 2° et § 2 ; ou
   3° le demandeur dispose déjà d'un accès en application des articles 6, 1° à 2° ou 7, 1° à 2° ; ou
   4° elle établit ou soupçonne que la demande est destinée à d'autres fins que celles prévues à l'article 74, § 1er, alinéa 2, 1°, 3° et 4° de la loi du 18 septembre 2017 ; ou
   5° elle constate ou soupçonne que la demande ne satisfait pas à l'une des conditions du paragraphe 3, alinéa 4, 1° à 3° ; ou
   6° elle constate, au cas par cas et après analyse détaillée du caractère exceptionnel des circonstances que cet accès exposerait le bénéficiaire effectif concerné conformément l'article 16 à un risque disproportionné, un risque de fraude, d'enlèvement, de chantage, extorsion, harcèlement, de violence ou d'intimidation ou lorsque le bénéficiaire effectif est un mineur ou est autrement frappé d'incapacité.
   Lorsque l'Administration de la Trésorerie refuse la demande, la personne visée au paragraphe 1er qui a introduit la demande conformément à ce paragraphe, peut introduire par voie électronique une demande écrite de révision de cette décision à l'Administration de la Trésorerie dans un délai de deux mois à compter de la réception de la décision de refus. La personne physique qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires, peut introduire sa demande sur papier par courrier recommandé. Elle peut aussi demander dans le délai précité à être entendue oralement. L'Administration de la Trésorerie prend une décision définitive après avoir examiné la demande de révision. Le Ministre peut déterminer des modalités et des règles de procédure supplémentaires pour l'application du présent paragraphe.]2

  
Art.11. § 1. Om toegang te krijgen tot de informatie van het register bedoeld in de artikelen 3, § 2, 1°, 4° tot 7°, 9°, 11° en 12° en 4, § 1, 1°, 4° tot 7°, 10° en 11°, dienen de personen bedoeld in artikel 7, 4°, bij de Administratie van de Thesaurie [2 op elektronische wijze]2 een specifieke aanvraag van informatie in. Daarin vermelden zij minstens het volgende:
  1° het ondernemingsnummer bedoeld in artikel III.17 van het wetboek van economisch recht, of de naam van de informatieplichtige waarvoor de aanvraag is ingediend, of de naam, de voornaam en de geboortedatum van de uiteindelijk begunstigde voor wie de aanvraag is ingediend;
  2° [1 elk document dat aantoont dat de bij de aanvraag van informatie betrokken informatieplichtige zeggenschap heeft in een andere dan de in artikel 1:33 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen bedoelde vennootschappen en rechtspersonen, of in een andere juridische entiteit.]1
  [2 De natuurlijke persoon die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn aanvraag indienen op papier via aangetekende zending.]2
  § 2. De Minister kan de lijst vervolledigen van de informatie bedoeld in de voorgaande paragraaf en bepaalt hij de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de registratie, de bewaring en de verwerking van deze aanvragen.
  
Art.11. § 1er. Afin d'avoir accès aux informations du registre visées aux articles 3, § 2, 1°, 4° à 7°, 9°, 11° et 12° et 4, § 1er, 1°, 4° à 7°, 10° et 11°, les personnes visées à l'article 7, 4°, introduisent [2 par voie électronique]2 une demande écrite d'information spécifique à l'Administration de la Trésorerie. Elles lui communiquent, dans la demande, au minimum :
  1° le numéro d'entreprise visé à l'article III.17, du code de droit économique ou la dénomination du redevable d'information pour lequel la demande est introduite ou le nom, prénom et la date de naissance du bénéficiaire effectif pour lequel la demande est introduite ;
  2° [1 tout document démontrant que le redevable d'information concerné par la demande d'information contrôle une autre société ou personne morale que celle visée à l'article 1:33 du Code des sociétés et des associations, ou une autre entité juridique.]1
  [2 La personne physique qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires peut introduire sa demande par écrit, via un envoi recommandé.]2
  § 2. Le Ministre peut compléter la liste des informations visées au paragraphe précédent et fixer les modalités techniques de transmission, d'enregistrement, de conservation et de traitement de ces demandes.
  
Art.12. [2 § 1.]2 De [2 autoriteiten en entiteiten]2 die krachtens de [2 artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2°]2, een toegangsrecht tot het register hebben, nemen alle nodige technische en organisatorische maatregelen om, onder hun exclusieve verantwoordelijkheid, te garanderen dat:
  1° elkeen die bij de Administratie van de Thesaurie een toegangsaanvraag indient in zijn naam en voor eigen rekening of toegang krijgt tot het register, wordt geïdentificeerd en bevoegd is om ze te vertegenwoordigen;
  2° elke toegang of aanvraag van toegang tot het register die wordt ingediend in zijn naam en voor eigen rekening, toegestaan is, legitiem is en de door de wet van 18 september 2017 en dit besluit nagestreefde doelstelling naleeft;
  3° de vertrouwelijkheid van de uit het register verkregen informatie wordt bewaard en dat deze informatie vervolgens niet wordt gebruikt, herwerkt of verspreid voor doeleinden die niet verenigbaar zijn met de door de wet en dit besluit nagestreefde doelstelling.
  [2 § 2. De logbestanden van de registratie, als bedoeld in artikel 15, § 2, van de raadpleging door de autoriteiten en entiteiten die krachtens artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2° toegang hebben tot het UBO-register maken het mogelijk om het volgende te achterhalen:
   1° dat de raadpleging via het systeem van het UBO-register plaatsvond;
   2° de categorie van autoriteit of entiteit die krachtens artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2° heeft geraadpleegd;
   3° de identificatie van de autoriteit of entiteit die krachtens artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2° heeft geraadpleegd;
   4° de identiteit van de persoon die in naam van de in punt 3° vermelde autoriteit of entiteit het register heeft geraadpleegd;
   5° de redenen, de datum en het tijdstip van de raadpleging.
   Deze logbestanden kunnen maandelijks op elektronische wijze ter beschikking gesteld worden van de autoriteiten en entiteiten bedoeld in paragraaf 1 voor wat betreft hun eigen raadplegingen. Zij doen hiertoe op elektronische wijze een aanvraag bij de Administratie van de Thesaurie. Deze aanvraag bevat alle nodige informatie die aantoont dat de aanvrager gerechtigd is om de logbestanden op te vragen. De logbestanden worden door deze autoriteiten en entiteiten uitsluitend gebruikt om te controleren of de verwerking rechtmatig is, voor interne controles en ter waarborging van de integriteit en de beveiliging van de persoonsgegevens. Deze autoriteiten en entiteiten melden aan de Administratie van de Thesaurie op elektronische wijze elke vastgestelde discrepantie of inbreuk op de toegangsrechten bedoeld in paragraaf 1, 1° tot 3° en in artikelen 6, 1° tot 2° en 7, 1° tot 2°.]2

  [2 § 3.]2 [1 De bevoegde autoriteiten verstrekken de door hen op grond van artikelen 6, 1°, en 7, 1°, verkregen informatie betreffende de uiteindelijke begunstigde tijdig en kosteloos aan de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten. Onverminderd de bepalingen van Titel 5 van de wet van 18 september 2017 en na advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit, sluiten de bevoegde autoriteiten met de bevoegde autoriteiten van de andere lidstaten samenwerkingsakkoorden om de voorwaarden en de modaliteiten betreffende deze informatieverstrekking vast te leggen en om te garanderen dat de gecommuniceerde gegevens in geen geval worden gebruikt, herwerkt of verspreid voor doeleinden die niet verenigbaar zijn met de nagestreefde doelstellingen vermeld in artikelen 1, 64 en 74, § 1, eerste lid, van de wet van 18 september 2017.]1
  
Art.12. [2 § 1er.]2 Les [2 autorités et entités]2 qui ont un droit d'accès au registre en vertu des [2 articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2°]2, prennent toutes les mesures techniques et organisationnelles nécessaires pour garantir, sous leur responsabilité exclusive, que :
  1° quiconque introduit une demande d'accès en son nom et pour son compte auprès de l'Administration de la Trésorerie ou accède au registre est identifié et a le pouvoir de la représenter ;
  2° tout accès ou demande d'accès au registre introduite en son nom et pour son compte est autorisée, légitime et respecte la finalité de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté ;
  3° la confidentialité des informations obtenues du registre est sauvegardée et que ces informations ne sont pas ensuite utilisées, retraitées ou diffusées à des fins non compatibles avec la finalité de la loi et du présent arrêté.
  [2 § 2. Les fichiers de journalisation de l'enregistrement, visé à l'article 15, § 2, de la consultation par les autorités et entités qui ont un droit d'accès au registre UBO en vertu des articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2°, permettent d'établir :
   1° que la consultation a eu lieu via le système du registre UBO ;
   2° la catégorie d'autorité ou entité qui a consulté en vertu des articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2° ;
   3° l'identification de l'autorité ou entité qui a consulté en vertu des articles 6, 1° à 2° et 7, 1° à 2° ;
   4° l'identité de la personne qui a consulté le registre pour le compte de l'autorité ou de l'entité mentionnée au 3° ;
   5° le motif, la date et l'heure de la consultation.
   Ces fichiers de journalisation peuvent mensuellement être mis par voie électronique à disposition des autorités et entités visées au paragraphe 1er pour leurs propres consultations. Pour cela, elles font une demande par voie électronique à l'Administration de la Trésorerie. Cette demande contient toutes les informations nécessaires prouvant que le demandeur a droit à un accès aux fichiers de journalisation. Les fichiers de journalisation sont utilisés par ces autorités et entités uniquement à des fins de vérification de la licéité du traitement, pour les contrôles internes et pour assurer l'intégrité et la sécurité des données à caractère personnel. Ces autorités et entités signalent par voie électronique à l'Administration de la Trésorerie toute anomalie constatée ou toute violation des droits d'accès visés au paragraphe 1er, 1° à 3°, et aux articles 6, 1° à 2 et 7, 1° à 2°.]2

  [2 § 3.]2 [1 Les autorités compétentes fournissent aux autorités compétentes des autres Etats membres, en temps utile et gratuitement, les informations concernant le bénéficiaire effectif, obtenues en application des articles 6, 1°, et 7, 1°. Sans préjudice des dispositions du Titre 5 de la loi du 18 septembre 2017, et après avis de l'Autorité de protection des données, les autorités compétentes concluent des accords de coopération avec les autorités compétentes des autres Etats membres, afin de fixer les conditions et modalités relatives à la fourniture de ces informations et de garantir que les données communiquées ne sont en aucun cas utilisées, transformées ou diffusées à des fins incompatibles avec les objectifs poursuivis visés aux articles 1er, 64 et 74, § 1er, alinéa 1er, de la loi du 18 septembre 2017.]1
  
Art.13. De personeelsleden van de Administratie van de Thesaurie die daartoe zijn gemachtigd, kunnen het register raadplegen om de bepalingen van dit besluit toe te passen.
  Zij mogen de gegevens van het register gebruiken voor wetenschappelijke of statistische doeleinden.
Art.13. Les membres du personnel de l'Administration de la Trésorerie habilités à cette fin peuvent consulter le registre en vue de l'application des dispositions du présent arrêté.
  Ils peuvent utiliser les données du registre à des fins scientifiques ou statistiques.
Art.15. § 1. De Administratie van de Thesaurie ziet erop toe dat de raadpleging van de gegevens van het register gebeurt zonder dat de betrokken informatieplichtigen of uiteindelijke begunstigden daarvan worden verwittigd.
  § 2. De Administratie van de Thesaurie ziet erop toe dat elke raadpleging van het register wordt geregistreerd en bewaard voor een duur van 10 jaar.
Art.15. § 1er. L'Administration de la Trésorerie s'assure que la consultation des données du registre est opérée sans en alerter le ou les redevables d'informations ou bénéficiaires effectifs concernés.
  § 2. L'Administration de la Trésorerie s'assure que toute consultation du registre est enregistrée et conservée pour une durée de dix ans.
HOOFDSTUK 4. - Afwijking
CHAPITRE 4. - Dérogation
Art.16. § 1. De Administratie van de Thesaurie kan op verzoek van een uiteindelijke begunstigde waarover informatie in het register is opgenomen, de toegang van de [1 natuurlijke en rechtspersonen]1 bedoeld in artikel 6, 2° en 3°, en 7, 2° tot 4°, met uitzondering van de onderworpen entiteiten bedoeld in artikel 5, § 1, 4° tot 22° en 26°, van de wet van 18 september 2017, beperken tot alle of een gedeelte van de informatie over die uiteindelijke begunstigde.
  [2 Dit verzoek gebeurt op elektronische wijze. De betrokken uiteindelijke begunstigde die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt of waarvoor de omstandigheden bedoeld in paragraaf 2 een te hoog risico voor een verzoek op elektronische wijze vormen, kan zijn aanvraag indienen op papier via aangetekende zending of met een koerier.]2
  § 2. De Administratie van de Thesaurie kan per geval en na gedetailleerde analyse van het uitzonderlijke karakter van de omstandigheden, indien door de betrokken uiteindelijke begunstigde wordt aangetoond dat die toegang blootstelling aan een onevenredig risico, een risico op fraude, ontvoering, chantage, afpersing, pesterijen, geweld of intimidatie inhoudt of indien de uiteindelijke begunstigde minderjarig of anderszins handelingsonbekwaam is, gebruikmaken van het prerogatief dat haar wordt toegekend in paragraaf 1.
  [1 Wanneer de Administratie van de Thesaurie geen beperking van toegang toestaat tot alle of een gedeelte van de informatie kan de uiteindelijke begunstigde, die overeenkomstig paragraaf 1 een verzoek indiende, binnen een termijn van twee maanden vanaf de ontvangst van de beslissing tot het niet beperken van de toegang, een schriftelijk vezoek tot herziening van deze beslissing voorleggen aan de Administratie van de Thesaurie en dit bij voorkeur op elektronische wijze. De betrokken uiteindelijke begunstigde die niet over de nodige informaticamiddelen beschikt, kan zijn verzoek indienen op papier via aangetekende zending. Hij kan ook steeds verzoeken om mondeling gehoord te worden. De Administratie van de Thesaurie neemt een definitieve beslissing na een onderzoek van het verzoek tot herziening. De Minister kan voor de toepassing van dit lid aanvullende modaliteiten en procedureregels bepalen.]1
  § 3. Alle aanvragen van een uiteindelijke begunstigde, zoals bedoeld in paragraaf 1, moeten bij de Administratie van de Thesaurie worden ingediend, samen met de volgende gegevens:
  1° het ondernemingsnummer, bedoeld in artikel III.17 van het wetboek van economisch recht, van de in de aanvraag bedoelde informatieplichtige(n);
  2° elk element dat aantoont dat een toegang tot alle informatie over deze uiteindelijke begunstigde voor deze laatste een blootstelling aan een risico op fraude, ontvoering, chantage, geweld of intimidatie inhoudt of dat de uiteindelijke begunstigde minderjarig of anderszins handelingsonbekwaam is;
  3° desgevallend, elk element dat aantoont dat de persoon die de aanvraag indient, de lasthebber van de in de aanvraag tot afwijking bedoelde uiteindelijke begunstigde is.
  § 4. De Minister kan de lijst vervolledigen van de informatie bedoeld in paragraaf 3 en bepaalt [1 ...]1 de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de registratie, de bewaring en de verwerking van deze aanvragen.
  § 5. De Administratie van de Thesaurie publiceert elk jaar een verslag met het aantal overeenkomstig dit artikel verleende afwijkingen en de reden ervan en deelt dit verslag aan de Europese Commissie mee.
  
Art.16. § 1er. L'Administration de la Trésorerie peut, à la demande d'un bénéficiaire effectif au sujet duquel des informations sont dans le registre, limiter l'accès des personnes [1 physiques et morales]1 visées aux articles 6, 2° et 3° et 7, 2° à 4° à l'exception des entités assujetties visées à l'article 5, § 1er, 4° à 22° et 26°, de la loi du 18 septembre 2017, à tout ou partie des informations concernant ce bénéficiaire effectif.
  [2 Cette demande est introduite par voie électronique. Si le bénéficiaire effectif en question ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires ou si les circonstances visées au paragraphe 2 comportent un risque trop important que pour qu'une demande électronique soit introduite, il peut soumettre sa demande sur papier par courrier recommandé ou avec un coursier.]2
  § 2. L'Administration de la trésorerie fait usage de la prérogative qui lui est accordée au paragraphe 1er, au cas par cas et après analyse détaillée du caractère exceptionnel des circonstances, lorsqu'il est démontré par le bénéficiaire effectif concerné que cet accès l'exposerait à un risque disproportionné, un risque de fraude, d'enlèvement, de chantage, extorsion, harcèlement, de violence ou d'intimidation ou lorsque le bénéficiaire effectif est un mineur ou est autrement frappé d'incapacité.
  [1 Lorsque l'Administration de la Trésorerie n'autorise aucune limitation d'accès de tout ou partie des informations, le bénéficiaire effectif qui a présenté une demande conformément au paragraphe 1er, peut, dans un délai de deux mois à compter de la réception de la décision de ne pas limiter l'accès, présenter une demande écrite en révision de cette décision à l'Administration de la Trésorerie, de préférence par voie électronique. Le bénéficiaire effectif concerné qui ne dispose pas des moyens informatiques nécessaires, peut introduire sa demande par écrit, via un envoi recommandé. Il peut aussi à tout moment demander à être entendu oralement. Une décision finale est prise par l'Administration de la Trésorerie après examen de la demande en révision. Le Ministre peut déterminer des modalités et des règles de procédure supplémentaires pour l'application du présent alinéa.]1
  § 3. Toute demande d'un bénéficiaire effectif, telle que visée au paragraphe 1er, est introduite auprès de l'Administration de la Trésorerie, accompagnée des éléments suivants :
  1° le numéro d'entreprise visé à l'article III.17, du code de droit économique du ou des redevables d'information visés par la demande ;
  2° tout élément démontrant qu'un accès à l'ensemble des informations relatives à ce bénéficiaire effectif l'exposerait à un risque de fraude, d'enlèvement, de chantage, de violence ou d'intimidation ou que le bénéficiaire effectif est un mineur ou est autrement frappé d'incapacité ;
  3° le cas échéant, tout élément démontrant que la personne qui introduit la demande a la qualité de mandataire du bénéficiaire effectif visé par la demande de dérogation.
  § 4. Le Ministre peut compléter la liste des informations visées au paragraphe 3 et fixe les modalités techniques de transmission, d'enregistrement, de conservation et de traitement de ces demandes.
  § 5. L'Administration de la Trésorerie publie annuellement un rapport reprenant le nombre de dérogations octroyées conformément au présent article ainsi que leur fondement et communique ce rapport à la Commission européenne.
  
HOOFDSTUK 5. - Controle en sancties
CHAPITRE 5. - Contrôle et sanctions
Art.17. § 1. Onverminderd de prerogatieven die haar zijn toegekend door of krachtens de wet is de Administratie van de Thesaurie belast met de controle op de naleving van de artikelen [3 3 tot 5]3.
  § 2. In het kader van haar controleopdrachten bedoeld in artikel 74, § 2, tweede en derde lid, van de wet van 18 september 2017 en in paragraaf 1 van dit artikel en onverminderd [1 de toepassing van Verordening 2016/679, de wet van 3 augustus 2012 houdende bepalingen betreffende de verwerking van persoonsgegevens door de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van zijn opdrachten, artikelen 64 en 65 van de wet van 18 september 2017 en de wet van 30 juli 2018]1, kan de Administratie van de Thesaurie:
  1° [3 ...]3 andere binnen de Federale Overheidsdienst Financiën aangemaakte databanken benutten;
  2° [3 ...]3 andere door derden aangemaakte databanken benutten;
  3° met alle derden samenwerken om de gegevens van het register en de werking ervan te analyseren en te corrigeren en de bepalingen van de wet van 18 september 2017 en dit besluit te doen naleven. Na advies van de gegevensbeschermingsautoriteit sluit de Administratie van de Thesaurie met deze derden samenwerkingsakkoorden om de voorwaarden en de modaliteiten betreffende deze samenwerking vast te leggen en om te garanderen dat de gecommuniceerde gegevens in geen geval worden gebruikt, herwerkt of verspreid voor doeleinden die niet verenigbaar zijn met de door de wet van 18 september 2017 nagestreefde doelstelling;
  4° met de beheerders van de door de andere lidstaten opgestelde gelijkaardige registers samenwerken en elk type van informatie uitwisselen. [1 Het register wordt met deze gelijkaardige registers gekoppeld via het bij artikel 22, lid 1, van Richtlijn 2017/1132/EU van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht ingestelde Europees centraal platform. Deze koppeling gebeurt overeenkomstig de technische specificaties en procedures die zijn bepaald in door de Europese Commissie overeenkomstig artikel 24 van Richtlijn 2017/1132/EU en artikel 31bis van Richtlijn 2015/849/EU van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2015 inzake de voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld of terrorismefinanciering, tot wijziging van Verordening (EU) nr. 648/2012 van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijn 2005/60/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2006/70/EG van de Commissie. [2 De Administratie van de Thesaurie werkt samen met de Europese Commissie om de verschillende soorten toegang overeenkomstig artikelen 6 en 7 te regelen.]2 De op grond van deze koppeling verkregen gegevens zijn toegankelijk overeenkomstig [2 artikel 22, lid 2, van Richtlijn 2017/1132/EU van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht ingestelde Europees centraal platform,]2 de bepalingen van de wet van 18 september 2017 en van dit besluit.]1 [2 De Administratie van de Thesaurie ziet er op toe dat enkel informatie die actueel is en die betrekking heeft op de werkelijke uiteindelijke begunstigden via deze weg beschikbaar wordt gesteld.]2 [2 ...]2
  
Art.17. § 1er. Sans préjudice des prérogatives qui lui sont attribuées par ou en vertu de la loi, l'Administration de la Trésorerie est chargée du contrôle du respect des articles [3 3 à 5]3.
  § 2. Dans le cadre de ses missions de contrôle visées à l'article 74, § 2, alinéas 2 et 3, de la loi du 18 septembre 2017 et au paragraphe 1er du présent article et sans préjudice de [1 l'application du Règlement 2016/679, la loi du 3 août 2012 portant dispositions relatives aux traitements de données à caractère personnel réalisés par le Service public fédéral Finances dans le cadre de ses missions, les articles 64 et 65 de la loi du 18 septembre 2017 et la loi du 30 juillet 2018]1, l'Administration de la Trésorerie peut :
  1° [3 ...]3 exploiter d'autres bases de données constituées au sein du Service Public Fédéral Finances ;
  2° [3 ...]3 exploiter d'autres bases de données constituées par des tiers ;
  3° collaborer avec tout tiers dans un but d'analyse et de rectification des données du registre, d'amélioration de son fonctionnement, et du respect des dispositions de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté. L'Administration de la Trésorerie, après avis de l'autorité de protection des données, conclut des accords de coopération avec ces tiers afin de fixer les conditions et modalités de cette collaboration et afin de garantir que les données communiquées ne sont en aucun cas utilisées, retraitées ou diffusées à des fins non compatibles avec la finalité de la loi du 18 septembre 2017 ;
  4° collaborer et échanger tout type de données avec les gestionnaires des registres similaires mis en place par les autres Etats membres. [1 Le registre est interconnecté par l'intermédiaire de la plate-forme centrale européenne instituée par l'article 22, paragraphe 1er, de la Directive (UE) 2017/1132 du Parlement européen et du Conseil du 14 juin 2017 relative à certains aspects du droit des sociétés. Cette connexion est réalisée conformément aux spécifications techniques et aux procédures établies par les actes d'exécution adoptés par la Commission européenne conformément à l'article 24 de la Directive (UE) 2017/1132 et à l'article 31bis de la Directive (UE) 2015/849 du Parlement Européen et du Conseil du 20 mai 2015 relative à la prévention de l'utilisation du système financier aux fins du blanchiment de capitaux ou du financement du terrorisme, modifiant le Règlement (UE) n° 648/2012 du Parlement européen et du Conseil et abrogeant la Directive 2005/60/CE du Parlement européen et du Conseil et la Directive 2006/70/CE de la Commission. [2 L'Administration de la Trésorerie coopère avec la Commission européenne afin de réglementer les différents types d'accès conformément aux articles 6 et 7.]2 Les données obtenues en vertu de cette connexion sont accessibles conformément [2 à l'article 22, paragraphe 2, de la directive (UE) 2017/1132 du Parlement européen et du Conseil du 14 juin 2017 relative à certains aspects du droit des sociétés,]2 aux dispositions de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté.]1 [2 L'Administration de la Trésorerie s'assure que seules les informations actualisées et relatives aux véritables bénéficiaires effectifs sont mises à disposition via ce canal.]2 [2 ...]2
  
Art.18. [1 § 1. De Minister of zijn gedelegeerde kan overeenkomstig artikel 133, § 3, eerste lid van de wet van 18 september 2017 aan de informatieplichtigen, in geval van een inbreuk op artikelen 3 tot 5, de administratieve geldboetes opleggen vermeld in artikel 132, § 6, van dezelfde wet.
   De formele vaststelling door de Administratie van de Thesaurie van het mogelijk bestaan van een inbreuk door de informatieplichtige en dat de administratieve geldboete kan worden opgelegd bij het definitief vaststellen van de inbreuk, wordt op elektronische wijze ter kennis gebracht van de informatieplichtige binnen een termijn van dertig dagen volgend op deze formele vaststelling.
   De informatieplichtige wordt in deze kennisgeving uitgenodigd om zijn verweermiddelen te doen gelden bij de Administratie van de Thesaurie met toepassing van artikel 133, § 3, tweede lid, van de wet van 18 september 2017. De Minister of zijn gedelegeerde neemt een definitieve beslissing na een onderzoek van de verweermiddelen van de betrokken informatieplichtige en de definitieve bevinding dat een inbreuk is gepleegd door de betrokken informatieplichtige.
   De informatieplichtige wordt door de Administratie van de Thesaurie op elektronische wijze in kennis gesteld van de definitieve vaststelling van de inbreuk en de definitieve beslissing om een administratieve geldboete op te leggen binnen een termijn van drie maanden volgend op deze beslissing. Deze beslissing vermeldt ook het bedrag van de opgelegde administratieve boete en de uiterste datum voor de betaling ervan.
   De natuurlijke of rechtspersonen die bestuurders of zaakvoerders zijn van de informatieplichtige of de personen belast met het dagelijks beheer ervan, zijn solidair aansprakelijk voor de betaling van elke administratieve geldboete die aan de informatieplichtige wordt opgelegd.
   § 2. De administratieve geldboetes die met toepassing van dit artikel worden opgelegd, worden voor inning en invordering overgemaakt aan de administratie van de Federale Overheidsdienst Financiën belast met de inning en invordering van de niet-fiscale schuldvorderingen.
   Deze administratie verzendt onverwijld aan elke informatieplichtige waaraan een administratieve geldboete wordt opgelegd een bericht tot betaling waarin wordt gevraagd de administratieve geldboete te betalen binnen vijftien dagen te rekenen van de ontvangst ervan. Het bericht tot betaling wordt geacht te zijn ontvangen op de derde werkdag volgend op de afgifte ervan bij de universele postdienst of de elektronische ter beschikking stelling ervan.
   Het betalingsbericht vermeldt:
   1° de identificatie van de informatieplichtige waaraan een administratieve geldboete wordt opgelegd;
   2° het bedrag van de administratieve geldboete;
   3° de datum waarop de administratieve geldboete uitvoerbaar is geworden;
   4° het rekeningnummer waarop het verschuldigde bedrag moet worden betaald;
   5° de gegevens betreffende de dienst die toelichting kan geven bij het bericht.
   De administratieve geldboetes die niet betaald zijn binnen de vijftien dagen bedoeld in het tweede lid worden ingevorderd overeenkomstig artikel 134 van de wet van 18 september 2017.
   De administratieve geldboetes verjaren na 5 jaar te rekenen van de datum waarop deze boetes opeisbaar zijn geworden.
   § 3. Elk overeenkomstig dit artikel door de Administratie van de Thesaurie verzonden bericht, bevat een vaste datum die geldt als datum van de terbeschikkingstelling van het bericht, die de van toepassing zijnde termijnen doet lopen. Elk overeenkomstig dit artikel verzonden bericht door de informatieplichtige maakt het voorwerp uit van een automatische elektronische ontvangstbevestiging. De datum van de ontvangstbevestiging geldt als datum van de ontvangst van de informatie door de Administratie van de Thesaurie. In toepassing van artikel 7 van de wet van 27 februari 2019 inzake de uitwisseling van berichten door middel van de eBox, komt de notificatie door middel van de eBox die aangeeft dat het bericht ter beschikking gesteld is door de Federale Overheidsdienst Financiën, overeen met een aangetekende zending van het bericht, al dan niet met ontvangstbewijs.]1

  
Art.18. [1 § 1er. Le Ministre ou son délégué peut, conformément à l'article 133, § 3, alinéa 1er de la loi du 18 septembre 2017, en cas d'infraction aux articles 3 à 5, infliger aux redevables d'information les amendes administratives énoncées à l'article 132, § 6, de la même loi.
   La constatation formelle par l'Administration de la Trésorerie de l'existence possible d'une infraction par le redevable d'information et de la possibilité d'imposer l'amende administrative dès la constatation définitive de l'infraction, est notifiée au redevable d'information par voie électronique dans un délai de trente jours suivant cette détermination formelle.
   A travers cette notification, le redevable d'information est invité à présenter ses moyens de défense à l'Administration de la Trésorerie conformément à l'article 133, § 3, alinéa 2, de la loi du 18 septembre 2017. Le Ministre ou son délégué prend une décision définitive suite à un examen des moyens de défense du redevable d'information concerné et la constatation définitive qu'une infraction a été commise par le redevable d'information concerné.
   Le redevable d'information est informé par voie électronique par l'Administration de la Trésorerie de la constatation définitive de l'infraction et de la décision définitive d'infliger une amende administrative dans les trois mois suivant cette décision. Cette décision précise le montant de l'amende administrative infligée ainsi que le délai de son paiement.
   Les personnes physiques ou morales qui sont administrateurs ou gérants du redevable d'information, ou qui sont chargées de sa gestion journalière, sont solidairement responsables du paiement de toute amende administrative infligée au redevable d'information.
   § 2. Les amendes administratives imposées en application du présent article sont, transmises pour perception et recouvrement à l'administration du Service public fédéral Finances en charge de la perception et du recouvrement des créances non fiscales.
   Cette administration envoie sans délai à chaque redevable d'information auquel une amende administrative est imposée, un avis demandant le paiement de l'amende administrative dans un délai de quinze jours à compter de sa réception. L'avis de paiement est réputé avoir été reçu le troisième jour ouvrable suivant sa remise au service postal universel ou sa mise à disposition par voie électronique.
   L'avis de paiement indique :
   1° l'identification du redevable d'information auquel une amende administrative est imposée ;
   2° le montant de l'amende administrative ;
   3° la date à laquelle l'amende administrative est devenue exigible ;
   4° le numéro de compte sur lequel le montant dû doit être payé ;
   5° les informations concernant le service pouvant fournir des explications sur l'avis.
   Les amendes administratives qui ne sont pas payées dans le délai de quinze jours visé à l'alinéa 2, sont recouvrées conformément à l'article 134 de la loi du 18 septembre 2017.
   Les amendes administratives se prescrit par cinq ans à compter de la date où ces amendes sont devenues exigibles.
   § 3. Chaque communication envoyée par l'Administration de la Trésorerie conformément au présent article contient une date fixe qui vaut comme date de mise à disposition du message, laquelle fait courir les délais applicables. Chaque communication envoyée par le redevable d'information conformément au présent article fait l'objet d'un accusé de réception automatique électronique. La date de l'accusé de réception vaut date de réception du message par l'Administration de la Trésorerie. En application de l'article 7 de la loi du 27 février 2019 relative à l'échange électronique de messages par le biais de l'eBox, la notification au moyen de l'eBox indiquant que le message est mis à disposition par le Service public fédéral Finances vaut envoi recommandé du message, avec ou sans accusé de réception.]1

  
HOOFDSTUK 6. - Verwerking van persoonsgegevens
CHAPITRE 6. - Traitement de données à caractère personnel
Art.20. [1 § 1. De Federale Overheidsdienst Financiën vertegenwoordigd door de voorzitter van het Directiecomité is de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van de Verordening 2016/679 en van de wet van 30 juli 2018 met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens die zij krachtens de wet van 18 september 2017 en dit besluit verzamelt, verwerkt en opslaat voor de doeleinden bedoeld in artikelen 1, 64 en 74, § 1, eerste [2 en tweede]2 lid, van de wet van 18 september 2017.
   De in het eerste lid bedoelde persoonsgegevens worden verzameld, verwerkt en opgeslagen voor de uitvoering van:
   1° de bevoegdheden van de Administratie van de Thesaurie inzake het register, als bepaald in Boek IV, Titel 2, van de wet van 18 september 2017 en in dit besluit;
   2° de bevoegdheden van de Administratie van de Thesaurie inzake administratieve sancties, als bepaald in artikel 133, § 3, tweede lid, van dezelfde wet en artikel 18 van dit besluit.
   § 2. De verzameling, verwerking en opslag gebeurt overeenkomstig de bepalingen van Verordening 2016/679 en de uitoefening door de uiteindelijke begunstigden van de rechten bedoeld in de artikelen 12 tot 22 en 34 van deze Verordening 2016/679.
   De Minister kan de lijst bepalen van de documenten die bij het verzoek tot inzage overeenkomstig artikel 15 van Verordening 2016/679 moeten worden gevoegd alsook de technische modaliteiten betreffende de overdracht, de verwerking, de registratie en de bewaring van deze verzoeken.
   § 3. In afwijking van paragraaf 2 zijn artikelen 5, § 1, en 11 tot en met 11/3 van de wet van 3 augustus 2012 houdende bepalingen betreffende de verwerking van persoonsgegevens door de Federale Overheidsdienst Financiën in het kader van zijn opdrachten onverminderd van toepassing op de in paragrafen 1 en 2 bedoelde persoonsgegevens.]1

  
Art.20. [1 § 1er. Le Service public fédéral Finances représenté par le président du Comité de direction est le responsable du traitement au sens du Règlement 2016/679 et de la loi du 30 juillet 2018 à l'égard du traitement des données à caractère personnel, pour la collecte, le traitement et la conservation des données aux fins visées aux articles 1, 64 et 74, § 1er, [2 alinéas 1er et 2]2, de la loi du 18 septembre 2017.
   Les données à caractère personnel, visées à l'alinéa 1er, sont collectées, traitées et conservées pour de l'accomplissement :
   1° des compétences sur le registre de l'Administration de la Trésorerie, visées au Livre IV, Titre 2, de la loi du 18 septembre 2017 et au présent arrêté ;
   2° des compétences sur les sanctions administratives de l'Administration de la Trésorerie, visées à l'article 133, § 3, alinéa 2, de la même loi et l'article 18 du présent arrêté.
   § 2. La collecte, traitement et conservation sont effectuées conformément aux dispositions du Règlement 2016/679 et à l'exercice des droits visés aux articles 12 à 22 et 34 de ce Règlement 2016/679, par les bénéficiaires effectifs.
   Le Ministre peut fixer la liste des documents à joindre à la demande d'accès visée à l'article 15 du Règlement 2016/679, ainsi que les modalités techniques de transmission, de traitement, d'enregistrement et de conservation de ces demandes.
   § 3. Par dérogation au paragraphe 2, les articles 5, § 1er, et 11 à 11/3 de la loi du 3 août 2012 portant dispositions relatives aux traitements de données à caractère personnel réalisés par le Service public fédéral Finances dans le cadre de ses missions, s'appliquent sans préjudice des données à caractère personnel visées aux paragraphes 1er et 2.]1

  
Art.21. [1 De informatieplichtigen zijn verantwoordelijk voor de verwerkingen van de persoonsgegevens die ze verrichten om te voldoen aan de verplichtingen die op hen rusten krachtens Verordening 2016/679, de wet van 30 juli 2018, de wet van 18 september 2017 en dit besluit.]1
   De informatieplichtigen informeren hun uiteindelijke begunstigden op een duurzame drager over:
  1° de verplichting van de informatieplichtigen om de gegevens bedoeld in de artikelen 3 en 4 mee te delen aan het register;
  2° de registratie [1 , verwerking]1 en de bewaring van deze gegevens in het register;
  3° de naam en het adres van de dienst die binnen de Administratie van de Thesaurie belast is met het beheer van het register;
  4° de toegangsmogelijkheid tot het register voor de in artikel 6 en 7 opgesomde entiteiten en personen;
  5° [1 de rechten van de uiteindelijke begunstigde zoals bepaald in artikelen 12 tot 22 en 34 van Verordening 2016/679;]1
  6° [1 ...]1
  7° de in artikel 25 vastgelegde bewaartermijn van de in het register opgeslagen gegevens.
  [1 De informatieplichtige dient, onder zijn uitsluitende verantwoordelijkheid, de in zijn eigen bestanden geregistreerde onjuiste gegevens met betrekking tot zijn uiteindelijke begunstigden te verbeteren of te verwijderen overeenkomstig artikel 5, lid 1, d) van Verordening 2016/679 en deze wijzigingen onverwijld aan het register mee te delen.]1
  
Art.21. [1 Les redevables d'information sont responsables des traitements de données à caractère personnel qu'ils effectuent afin de satisfaire aux obligations qui leur incombent en vertu du Règlement 2016/679, de la loi du 30 juillet 2018, de la loi du 18 septembre 2017 et du présent arrêté.]1
   Les redevables d'information informent leurs bénéficiaires effectifs sur un support durable:
  1° de l'obligation dans le chef des redevables d'information de communiquer au registre les données visées aux articles 3 et 4 ;
  2° de l'enregistrement [1 , le traitement]1 et de la conservation de ces données dans le registre ;
  3° du nom et de l'adresse du service chargé de la gestion du registre au sein de l'Administration de la Trésorerie ;
  4° de l'accès possible au registre des entités et personnes listées aux articles 6 et 7 ;
  5° [1 les droits du bénéficiaire effectif, conformément aux articles 12 à 22 et 34 du Règlement 2016/679 ;]1
  6° [1 ...]1
  7° du délai de conservation des données enregistrées dans le registre déterminé à l'article 25.
  [1 Le redevable d'information est tenu, conformément à l'article 5, paragraphe 1er, d), du Règlement 2016/679, sous sa responsabilité exclusive, de rectifier ou supprimer les données inexactes enregistrées en rapport avec ses bénéficiaires effectifs dans ses propres fichiers et de communiquer sans délai ces modifications au registre.]1
  
HOOFDSTUK 7. - Diverse bepalingen
CHAPITRE 7. - Dispositions diverses
Art.24. § 1 Om de verplichtingen na te leven die worden opgelegd door of op grond van de wet van 18 september 2017 of van dit besluit, in het bijzonder met het oog op het meedelen aan het register van de informatie bedoeld in de artikelen 3 en 4, mogen de informatieplichtigen:
  1° het identificatienummer van het Rijksregister van natuurlijke personen of van de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, van hun uiteindelijke begunstigden waarover ze reeds zouden beschikken in het kader van een door of op grond van de wet vastgelegde andere doelstelling, opnieuw gebruiken;
  2° als ze nog niet over één van deze twee nummers zouden beschikken, aan hun uiteindelijke begunstigden vragen om hen een van deze twee nummers mee te delen, het registreren in hun bestanden in een digitale en gestructureerde vorm en het gebruiken om deze uiteindelijke begunstigde te identificeren;
  3° indien de uiteindelijke begunstigden geen passend gevolg zouden geven aan dit verzoek tot mededeling van één van deze twee nummers, de gegevens van het Rijksregister van natuurlijke personen bedoeld in artikel 3, 1° (naam en voornamen) en 2° (geboorteplaats en -datum), van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van natuurlijke personen raadplegen, om er het identificatienummer van deze uiteindelijke begunstigde te zoeken, dit nummer te kopiëren, dit identificatienummer in hun bestanden te registreren in een digitale en gestructureerde vorm en die gebruiken om de betrokken uiteindelijke begunstigde te identificeren. Er kan geen enkele zoekopdracht worden gedaan door een informatieplichtige die niet minstens over de naam, de voornamen en de geboortedatum beschikt op het moment van het opstarten van de zoekopdracht.
  De informatieplichtigen kunnen, individueel of samen met andere informatieplichtigen, een instelling oprichten of gebruiken die in hun plaats de bovengenoemde toelating geniet en die aan de informatieplichtige die dit vraagt, na toelating van de gegevensbeschermingsautoriteit, het identificatienummer van het Rijksregister van de betrokken uiteindelijke begunstigde meedeelt. De Minister legt de voorwaarden vast waaraan de in dit lid bedoelde instellingen moeten voldoen.
  § 2. Met als enig doel om de door of op grond van de wet van 18 september 2017 of van dit besluit opgelegde verplichtingen na te leven, mag de Administratie van de Thesaurie:
  1° het identificatienummer van de natuurlijke personen uit het Rijksregister van natuurlijke personen of de Kruispuntbank van de sociale zekerheid, gebruiken voor het beheer van de toegangen tot de informatie van het register en de werking ervan, en voor de uitvoering van haar controleopdrachten;
  2° het adres van de uiteindelijke begunstigde dat wordt vermeld in het Rijksregister van natuurlijke personen of de Kruispuntbank van de sociale zekerheid raadplegen en gebruiken, onder meer in het kader van de uitoefening van het recht op raadpleging en verbetering door de uiteindelijke begunstigde van de persoonsgegevens die op zijn naam zijn opgenomen in het register.
Art.24. § 1er Dans le seul but de respecter les obligations imposées par ou en vertu de la loi du 18 septembre 2017 ou du présent arrêté, en particulier en vue de la communication au registre des informations visées aux articles 3 et 4, les redevables d'information peuvent :
  1° réutiliser le numéro d'identification au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale de leurs bénéficiaires effectifs dont ils disposeraient déjà dans le cadre d'une autre finalité prévue par ou en vertu de la loi ;
  2° s'ils ne disposent pas déjà d'un de ces deux numéros, demander à leurs bénéficiaires effectifs de leur communiquer un de ces deux numéros, de l'enregistrer dans leurs fichiers sous une forme numérique et structurée, et de l'utiliser pour identifier ce bénéficiaire effectif ;
  3° au cas où les bénéficiaires effectifs ne donnent pas suite utile à cette demande de communication d'un de ces deux numéros, accéder aux données du Registre national des personnes physiques visées à l'article 3, 1° (nom et prénoms) et 2° (lieu et date de naissance), de la loi du 8 août 1983 organisant un Registre national des personnes physique, afin d'y rechercher le numéro d'identification de ce bénéficiaire effectif, de prendre copie de ce numéro, d'enregistrer ce numéro d'identification dans leurs fichiers sous une forme numérique et structurée et de l'utiliser pour l'identification du bénéficiaire effectif concerné. Aucune recherche ne peut être effectuée par un redevable d'information qui ne dispose pas déjà au minimum du nom, des prénoms et de la date de naissance au moment d'initier la recherche.
  Les redevables d'information peuvent, individuellement ou conjointement avec d'autres redevables d'information, créer ou utiliser une institution qui bénéficie de l'autorisation visée ci-dessus en leur lieu et place et qui communique au redevable d'information qui en a fait la demande, après autorisation de l'autorité de protection des données, le numéro d'identification au registre national du bénéficiaire effectif concerné. Le Ministre fixe les conditions auxquelles les institutions visées au présent alinéa doivent satisfaire.
  § 2. Dans le seul but de respecter les obligations imposées par ou en vertu de la loi du 18 septembre 2017 ou du présent arrêté, l'Administration de la Trésorerie peut :
  1° utiliser le numéro d'identification des personnes physiques au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale pour la gestion des accès aux informations du registre et de son fonctionnement et pour l'exécution de ses missions de contrôle ;
  2° consulter et utiliser l'adresse du bénéficiaire effectif reprise au Registre national des personnes physiques ou à la Banque-carrefour de la sécurité sociale notamment dans le cadre de l'exercice par le bénéficiaire effectif du droit de consultation et de rectification des données personnelles enregistrées dans le registre à son nom.
Art.25. De informatie bedoeld in de artikelen [1 3, 4 en 17, § 2, 4°,]1 wordt gedurende een periode van tien jaar bewaard vanaf de dag van het verlies van de rechtspersoonlijkheid van de informatieplichtige of de definitieve stopzetting van zijn activiteiten.
  
Art.25. Les informations visées aux articles [1 3, 4 et 17, § 2, 4°, ]1, sont conservées pendant une période de dix ans à compter du jour de la perte de la personnalité juridique du redevable d'information ou de la cessation définitive de ses activités.
  
HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 8. - Entrée en vigueur
Art.26. Dit koninklijk besluit treedt in werking op 31 oktober 2018.
Art.26. Le présent arrêté royal entre en vigueur le 31 octobre 2018.
HOOFDSTUK 9. - Uitvoeringsbepaling
CHAPITRE 9. - Exécutoire
Art. 27. De minister bevoegd voor Financiën, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 27. Le ministre qui a les Finances dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.