Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
6 SEPTEMBER 2018. - Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende de procedure en diverse maatregelen tot uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning, van het besluit van 13mei 2004 betreffende de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai en van Boek I van het Milieuwetboek wat betreft de beoordeling van de effecten van projecten op het leefmilieu
Titre
6 SEPTEMBRE 2018. - Arrêté du Gouvernement wallon modifiant l'arrêté du Gouvernement wallon du 4 juillet 2002 relatif à la procédure et à diverses mesures d'exécution du décret du 11 mars 1999 relatif au permis d'environnement, l'arrêté du Gouvernement wallon du 13 mai 2004 relatif à l'évaluation et à la gestion du bruit dans l'environnement et le Livre Ier du Code de l'Environnement en ce qui concerne l'évaluation des incidences de projets sur l'environnement
Documentinformatie
Numac: 2018014330
Datum: 2018-09-06
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2018014330
Date: 2018-09-06
Moniteur: Voir
Tekst (49)
Texte (49)
HOOFDSTUK I. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning
CHAPITRE Ier. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement wallon du 4 juillet 2002 relatif à la procédure et à diverses mesures d'exécution du décret du 11 mars 1999 relatif au permis d'environnement
Afdeling I. - Algemene bepaling
Section 1. - Disposition générale
Artikel 1. Richtlijn 2010/75/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 24 november 2010 inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) wordt gedeeltelijk omgezet bij dit hoofdstuk.
Article 1er. Le présent chapitre transpose partiellement la directive 2010/75/UE du Parlement européen et du Conseil du 24 novembre 2010 relative aux émissions industrielles (prévention et réduction intégrées de la pollution).
Afdeling 2. - Wijzigingsbepalingen
Section 2. - Dispositions modificatives
Art. 2. In artikel 97bis van het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning, ingevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van 8 februari 2017 en gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 16 januari 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
paragraaf 2 wordt aangevuld met een lid luidend als volgt:
"Gezien het gevaar voor verontreiniging van de grond en het grondwater in de locatie van de exploitatie, voegt de exploitant van een in bijlage XXIII bedoelde inrichting die relevante gevaarlijke stoffen gebruikt, voortbrengt of uitstoot het basisrapport bedoelde in bijlage I, deel 3bis, eerste lid, 2°, van het algemene aanvraagformulier bij voor de eerste actualisering van zijn vergunning, die plaatsvindt na 7 januari 2013.";
paragraaf 6 wordt opgeheven.
Art. 2. A l'article 97bis de l'arrêté du Gouvernement wallon du 4 juillet 2002 relatif à la procédure et à diverses mesures d'exécution du décret du 11 mars 1999 relatif au permis d'environnement, inséré par l'arrêté du Gouvernement wallon du 8 février 2017 et modifié par l'arrêté du Gouvernement wallon du 16 janvier 2014, les modifications suivantes sont apportées :
le paragraphe 2 est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" L'exploitant d'un établissement visé par l'annexe XXIII qui utilise, produit ou rejette des substances dangereuses pertinentes et étant donné le risque de contamination du sol et des eaux souterraines sur le site de l'exploitation joint le rapport de base visé à l'annexe Ire, 3ème partie bis, alinéa 1er, 2°, du formulaire général de demande avant la première actualisation de son permis qui intervient après le 7 janvier 2013. ";
le paragraphe 6 est abrogé.
Art. 3. In bijlage I bij hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht:
in Deel II, vak IV "Andere milieueffecten", punt IV.3, worden de woorden "de fauna, de flora, de grond," vervangen door de woorden "de menselijke gezondheid, de fauna, de flora, de bodem, de ondergrond, de grond,";
in Deel II, vak IV "Andere milieueffecten", wordt punt IV.3. aangevuld als volgt:
"Identificeer de maatregelen die zijn genomen om deze milieueffecten te voorkomen of te beperken...";
Deel II wordt aangevuld als volgt :
"Vak VI - Verantwoording van de keuzen en van de efficiëntie van de eventuele palliatieve of beschermingsmaatregelen of van het gebrek aan dergelijke maatregelen";
in Deel V wordt punt 1 vervangen als volgt:
"1. Bestaande rechtstoestand inzake ruimtelijke ordening, stedenbouw en erfgoed
De bestemming en/of de omtrek van het terrein in overdruk aangeven op het gewestplan . . . . .
. . . . .
De bestemming van het terrein vermelden in het plaatselijk beleidsontwikkelingsplan (BODEM) . . . . .
. . . . .
Is het terrein gelegen:
* in een niet-verlopen bebouwingsvergunning? JA - NEE
* in een beschermingsomtrek en/of opgenomen op een beschermingslijst ? JA - NEE
* dichtbij een beschermend onroerend goed1, een archeologische vindplaats1 ? JA - NEE
* binnen een beschermingsomtrek bedoeld in de wet van 12 juli 1973 op het natuurbehoud, gewijzigd o.a. bij het decreet van 6 december 2001 betreffende de natuur- of bosreservaten en Natura 2000-locaties . . . . .
* in de nabijheid van een beschermingsomtrek bedoeld in de wet van 12 juli 1973 op het natuurbehoud, gewijzigd o.a. bij het decreet van 6 december 2001 betreffende de natuur- of bosreservaten en Natura 2000-locaties
. . . . .
Ander milieugevoelig element . . . . .
. . . . .
Beschrijving van de site vóór de uitvoering van het project.
Bodemreliëf en helling van het natuurlijk terrein minder dan 6%, tussen 6 en 15%, meer dan 15%.
. . . . .
Aard van de bodem: . . . . .
Andere grondbezetting dan de bestaande bouwwerken (braakland, onbebouwd terrein, tuin, teelt, grasland, bos, heide, ven, vochtig gebied...): . . . . .
Aanwezigheid van grondwater en winningspunten: . . . . .
Richting en lozingspunten in het hydrografisch netwerk voor het afvloeiingswater:
. . . . .
Waterlopen, vijvers, bronnen, eventuele winningspunten . . . . .
. . . . .
Beknopte evaluatie van de biologische kwaliteit van de site: . . . . .
. . . . .
Beknopte evaluatie van de biologische kwaliteit van de Natura 2000-locatie, van de natuur- of bosreservaten:
. . . . .
Aansluiting op een uitgerust wegennet (weg, riolering, water, elektriciteit, aardgas, enz.): . . . . .
Aanwezigheid van een beschermd gebied of van een gebied dat op een beschermingslijst staat ? JA - NEE
Aanwezigheid van een archeologische vindplaats ? JA - NEE
Aanwezigheid van een Natura 2000-locatie, natuur- of bosreservaten ? . . . . .
. . . . .
Afstand ten opzichte van het openbaar vervoersnet (alleen voor verkavelingsprojecten): ... m
Beschrijving van de voornaamste activiteiten en infrastructuren in een straal van 200 m (school, ziekenhuis, groeve, industrieën, handelscentrum, grote wegen, verkeersknelpunten, HST, luchthaven, motorsportcircuit, centrum voor technische ingraving, zuiveringsstation, containerpark, hoogspanningslijn,...).. . . . . . .............
Ander milieugevoelig element:";
in Deel V, punt 2 worden de woorden "Integratie in de bestaande bebouwde omgeving" vervangen door de volgende woorden:
"Zal het project de site schade toebrengen op esthetisch vlak ? JA - NEE
Zal het project aanleiding geven tot erosieverschijnselen ? JA - NEE
Integratie in het bebouwde en onbebouwde kader: gevaar voor een breukeffect in het natuurlijk landschap of ten aanzien van de kenmerken van het traditionele woonmilieu van de streek of van de wijk (bovenmatige of onvoldoende dichtheid, verschillen ten aanzien van de vestiging, de oriëntatie, het profiel, de samenstelling van de voorgevels, de bouwstoffen en de overige architecturale kenmerken van de naburige bouwwerken vermeld op het vestigingsplan: . . . . . ..
. . . . .
Effect op de grond, de bodem en de ondergrond . . . . .
. . . . . ".
Art. 3. Dans l'annexe I du même arrêté, les modifications suivantes sont apportées :
dans la 2ème Partie, cadre IV " Autres effets sur l'environnement ", point IV. 3, les mots " la faune, la flore, le sol, " sont remplacés par les mots " la santé humaine, la faune, la flore, le sol, le sous-sol, les terres, ";
dans la 2ème partie, cadre IV " Autres effets sur l'environnement ", le point IV. 3 est complété par ce qui suit :
" Identifiez les mesures prises en vue d'éviter ou de réduire ces effets sur l'environnement ";
la 2ème Partie est complétée par ce qui suit :
" Cadre VI - Justification des choix et de l'efficacité des mesures palliatives ou protectrices éventuelles ou de l'absence de ces mesures ";
dans la 5ème Partie, le point 1 est remplacé par ce qui suit :
" 1. Situation existante de droit en aménagement du territoire, urbanisme et patrimoine
Indiquer en surimpression sur le plan de secteur la destination et/ou périmètre du terrain . . . . . .
Indiquer la destination du terrain au schéma d'orientation local (SOL) . . . . .
Le terrain est-il situé :
* dans un permis d'urbanisation non périmé ? OUI - NON
* dans un périmètre de protection et/ou inscrit sur une liste de sauvegarde1 ? OUI - NON
* à proximité d'un bien immobilier classé1, d'un site archéologique1 ? OUI - NON
* dans un périmètre de protection visé par la loi du 12 juillet 1973 sur la conservation de la nature, modifiée notamment par le décret du 6 décembre 2001 relatif aux réserves naturelles ou forestières, sites Natura 2000 . . . . .
* à proximité d'un périmètre de protection visé par la loi du 12 juillet 1973 sur la conservation de la nature, modifiée notamment par le décret du 6 décembre 2001 relatif aux réserves naturelles ou forestières, sites Natura 2000 . . . . . .
Autres élément de sensibilité environnementale . . . . .
Description du site avant la mise en oeuvre du projet.
Relief du sol et pente du terrain naturel : inférieure à 6 %, entre 6 et 15 %, supérieure à 15 %
. . . . . ..
Nature du sol : . . . . .
Occupation du sol autre que les constructions existantes (friche, terrain vague, jardin, culture, prairie, forêt, lande, fagnes, zone humide...) : . . . . .
Présence de nappes phréatiques, de points de captage : . . . . .
Direction et points de rejets d'eau dans le réseau hydrographique des eaux de ruissellement :.
. . . . . .
Cours d'eau, étangs, sources, captages éventuels : . . . . .
. . . . .
Evaluation sommaire de la qualité biologique du site: . . . . . .
. . . . .
Evaluation sommaire de la qualité du site Natura 2000, des réserves naturelles ou forestières: . . . . .
Raccordement à une voirie équipée (route, égout, eau, électricité, gaz naturel, ...) :
Présence d'un site classé ou situé sur une liste de sauvegarde ? OUI - NON
Présence d'un site archéologique? OUI - NON
Présence d'un site Natura 2000, réserves naturelles ou réserves forestières ? . . . . .
Distance par rapport au réseau de transport en commun (projets de lotissement uniquement) : ... m
Description des principales activités et infrastructures existant dans un rayon de 200 m (école, hôpital, carrière, industries, centre commercial, voiries à grand gabarit, points noirs pour la circulation, TGV, aéroport, circuit de sports moteurs, centre d'enfouissement technique, station d'épuration, parc à conteneurs, ligne à haute tension, ) :
Autre élément de sensibilité environnementale : ";
dans la 5ème Partie, au point 2, les mots " Intégration au cadre bâti existant " sont remplacés par les mots suivants :
" Le projet portera-t-il atteinte à l'esthétique générale du site ? OUI - NON
Le projet donnera-t-il lieu à des phénomènes d'érosion ? OUI - NON
Intégration au cadre bâti et non bâti : risques d'un effet de rupture dans le paysage naturel ou par rapport aux caractéristiques de l'habitat traditionnel de la région ou du quartier (densité excessive ou insuffisante, différences par rapport à l'implantation, l'orientation, le gabarit, la composition des façades, les matériaux et autres caractéristiques architecturales des constructions environnantes mentionnées au plan d'implantation : . . . . .
. . . . .
Impact sur les terres, le sol et le sous-sol : . . . . .
. . . . . ".
HOOFDSTUK II. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Regering van 13 mei 2004 betreffende de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai
CHAPITRE II. - Modifications de l'arrêté du Gouvernement wallon du 13 mai 2004 relatif à l'évaluation et à la gestion du bruit dans l'environnement
Afdeling I. - Algemene bepaling
Section 1. - Disposition générale
Art. 4. Bij dit besluit wordt Richtlijn 2015/996/EU van de Commissie van 19 mei 2015 tot vaststelling van gemeenschappelijke bepalingsmethoden voor lawaai overeenkomstig Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad omgezet.
Art. 4. Le présent chapitre transpose la directive 2015/996/UE de la Commission du 19 mai 2015 établissant des méthodes communes d'évaluation du bruit conformément à la directive 2002/49/CE du Parlement européen et du Conseil.
Afdeling 2. - Wijzigingsbepalingen
Section 2. - Dispositions modificatives
Art. 5. In artikel 1 van het besluit van de Waalse Regering van 13 mei 2004 betreffende de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai worden de woorden "en Richtlijn 2004/996/EU van de Commissie van 13 mei 2015 tot vaststelling van gemeenschappelijke bepalingsmethoden voor lawaai overeenkomstig Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en de Raad" ingevoegd tussen de woorden "beheersing van omgevingslawaai" en het woord "omgezet".
Art. 5. L'article 1er de l'arrêté du Gouvernement wallon du 13 mai 2004 relatif à l'évaluation et à la gestion du bruit dans l'environnement est complété par les mots " et la directive 2015/996/UE de la Commission du 19 mai 2015 établissant des méthodes communes d'évaluation du bruit conformément à la directive 2002/49/CE du Parlement européen et du Conseil ";
Art. 6. In hetzelfde besluit wordt artikel 8, § 1, aangevuld met de woorden "bij Richtlijn 2002/49/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 25 juni 2002 inzake de evaluatie en de beheersing van omgevingslawaai".
Art. 6. Dans le même arrêté, l'article 8, § 1er, est complété par les mots " de la directive 2002/49/CE du Parlement européen et du Conseil du 25 juin 2002 relative à l'évaluation et à la gestion du bruit dans l'environnement ".
Art. 7. In hetzelfde besluit wordt artikel 8, § 2, en bijlage II bedoeld bij dat artikel opgeheven.
Art. 7. Dans le même arrêté, l'article 8, § 2, et l'annexe II visée par cet article sont abrogés.
HOOFDSTUK III. - Wijzigingen in Boek I van het Milieuwetboek
CHAPITRE III. - Modifications du Livre Ier du Code de l'Environnement
Afdeling I. - Algemene bepaling
Section 1. - Disposition générale
Art. 8. Bij dit hoofdstuk wordt Richtlijn 2014/52/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 april 2014 tot wijziging van Richtlijn 2011/92/EG betreffende de milieueffectbeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten gedeeltelijk omgezet.
Art. 8. Le présent chapitre transpose partiellement la directive 2014/52/UE du Parlement européen et du Conseil du 16 avril 2014 modifiant la directive 2011/92/UE concernant l'évaluation des incidences de certains projets publics et privés sur l'environnement.
Afdeling 2. - Wijzigingsbepalingen
Section 2. - Dispositions modificatives
Art. 9. In het hele reglementair Deel van Boek I van het Milieuwetboek wordt het woord "D.G.R.N.E." of de woorden "Directoraat-generaal Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu" vervangen door het woord "D.G.A.R.N.E.".
Art. 9. Dans toute la Partie réglementaire du Livre Ier du Code de l'Environnement, le mot " D.G.R.N.E. " ou les mots " Direction générale des Ressources naturelles et de l'Environnement " sont remplacés " D.G.A.R.N.E. ".
Art. 10. In artikel R. 2, 2°, wordt het woord "Landbouw, " ingevoegd tussen de woorden "Directoraat-generaal" en de woorden "Natuurlijke Hulpbronnen".
Art. 10. Dans l'article R. 2., 2°, les mots " de l'agriculture, " sont insérés entre les mots " la Direction générale " et les mots " des Ressources naturelles ".
Art. 11. Artikel R. 21van Boek I van hetzelfde Wetboek, opgeheven bij het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 2006, wordt opnieuw opgenomen als volgt:
"Art. R. 21. De beslissing tot het al dan niet opleggen van een milieueffectonderzoek van de overheid die moet nagaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, wordt bekendgemaakt door de bevoegde overheid waarbij de vergunningsaanvraag is ingediend.
Laatstgenoemde maakt de in het eerste lid bedoelde beslissing op haar website of via een ander elektronisch toegangspunt dat gemakkelijk toegankelijk is, bekend binnen 15 dagen na ontvangst ervan of na de zending ervan indien ze er de auteur van is.".
Art. 11. L'article R. 21 du Livre Ier du même Code, abrogé par l'arrêté du Gouvernement wallon du 13 juillet 2006, est rétabli dans la rédaction suivante :
" Art. R.21. La décision d'imposer ou non une étude d'incidence de l'autorité chargée d'apprécier le caractère complet ou recevable du dossier de demande est publiée par l'autorité compétente auprès de laquelle la demande de permis a été introduite.
Celle-ci publie la décision visée à l'alinéa 1er sur son site internet ou par l'intermédiaire d'un autre point d'accès électronique aisément accessible, dans les 15 jours de sa réception ou de son envoi si elle en est l'auteur. ".
Art. 12. In artikel R. 41-3, eerste lid, van Boek I van hetzelfde Wetboek, vervangen bij het besluit van de Waalse Regering van 20 december 2007, worden de woorden "De aanvrager" vervangen door de woorden: "Wanneer de aanvrager de in artikel R. 72, § 3, bedoelde beslissing ontvangt en als ze gunstig is, " en worden de woorden "De aanvrager organiseert" vervangen door de woorden "organiseert de aanvrager".
In hetzelfde artikel wordt punt 4° van het tweede lid vervangen als volgt: 4° "de beleidsgroep "Leefmilieu" en, volgens de gevallen bedoeld in artikel R. 82, § 1, lid 2 tot 4, de gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit en de beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening"; deze instanties kunnen er hoogstens twee leden afvaardigen;"
Art. 12. Dans l'article R. 41-3, alinéa Ier du Livre Ier du même Code, remplacé par l'arrêté du Gouvernement wallon du 20 décembre 2007, sont insérés, avant les mots " Le demandeur ", les mots suivants : " Lorsque le demandeur reçoit la décision visée à l'article R. 72, § 3, et que celle-ci est favorable, ".
Dans le même article, le 4° de l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit : " 4° le pôle " Environnement ", et, selon les cas visés à l'article R. 82, § 1er, alinéas 2 à 4, la Commission consultative communale d'aménagement du territoire et de mobilité et le pôle " Aménagement du territoire "; ces instances peuvent y déléguer deux de leurs membres au plus; ".
Art. 13. In artikel R. 46 van Boek I van hetzelfde Boek, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 22 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
a) punt 3° wordt vervangen als volgt:
"auteur van een milieueffectonderzoek: 1° de erkende persoon die de aanvrager heeft gekozen om een milieueffectonderzoek uit te voeren;";
b) punt 4° wordt opgeheven.
Art. 13. A l'article R. 46 du Livre Ier du même Code, modifié par l'arrêté du Gouvernement wallon du 22 décembre 2016, les modifications suivantes sont apportées :
a) le 3° est remplacé par ce qui suit :
" 3° auteur d'étude : la personne agréée choisie par le demandeur pour la réalisation d'une étude d'incidences sur l'environnement; ";
b) le 4° est abrogé.
Art. 14. In Deel V van Boek I van hetzelfde Wetboek wordt hoofdstuk III, dat de artikelen R. 52 tot R. 57 omvat, laatst gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 29 juni 2017, vervangen als volgt:
"HOOFDSTUK III. - Beoordeling van de effecten van de projecten op het leefmilieu
Art. R. 52. De afgifte of de aanneming van de volgende administratieve akten wordt ondergeschikt gemaakt aan de toepassing van de artikelen D.62 tot D.78:
de mijnconcessie vereist krachtens het decreet van 7 juli 1988 op de mijnen;
de afwijking en de vergunning vereist krachtens artikel 28, § 4, van de jacht van 12 juli 1973 op het natuurbehoud;
de vergunningen vereist krachtens de artikelen 12, § 1, en 14, § 1, van de wet van 28 december 1967 betreffende de onbevaarbare waterlopen;
de beslissingen over de oprichting of de wijziging van een gemeenteweg, genomen krachtens het decreet van 6 februari 2014 betreffende de gemeentewegen.
Art. R. 53.Aan de uitvoering van een milieueffectenonderzoek wordt onderworpen, elk project bedoeld in artikel D.64 dat het voorwerp uitmaakt van een verzoek om minstens één van de administratieve akten bedoeld in artikel D.49, zodra het verzoek betrekking heeft op één van de volgende voorwerpen:
de totstandbrenging van een nieuw project;
de verlenging van een vergunning betreffende een bestaande installatie of activiteit;
de verbouwing of de uitbreiding van een bestaande of in uitvoering zijnde installatie, activiteit of project waardoor één van de drempels bedoeld in de overeenkomstig artikel D.64 opgemaakte lijst bereikt of overschreden wordt;
de verbouwing of de uitbreiding van een installatie, activiteit of project bedoeld in de overeenkomstig artikel D.64 opgemaakte lijst met als gevolg een vermeerdering met meer dan 25 % van de waarde die vastligt in de vergunning verleend op basis van het laatste milieueffectonderzoek voor de parameter die in aanmerking komt voor de bepaling van de drempels op grond waarvan beslist wordt welke projecten het voorwerp uitmaken van een milieueffectonderzoek;
de verbouwing of de uitbreiding van een installatie, activiteit of project bedoeld in de overeenkomstig artikel D.64 opgemaakte lijst die/dat onderworpen wordt aan een milieueffectenonderzoek zonder drempelvoorwaarde en die/dat de verhoging van meer dan 25 % van de capaciteit toegelaten door de op basis van het laatste milieueffectenonderzoek afgegeven vergunning, als gevolg heeft.
Art. R. 54. § 1. Onverminderd het tweede lid wordt de minimale inhoud van de milieueffectbeoordeling aangevuld overeenkomstig bijlage VI.
Het dossier m.b.t. de vergunningsaanvraag vormt de milieueffectbeoordeling voor de globale vergunning of voor de milieuvergunning vereist krachtens het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning.
§ 2. Voordat de vergunningsaanvraag ingediend wordt, kan de aanvrager de overheid die moet nagaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, raadplegen over de informatie die moet worden verstrekt in de milieueffectbeoordeling.
De overheid die moet nagaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, brengt advies aan de aanvrager uit binnen een termijn van vijfenveertig dagen na ontvangst van de informatieaanvraag. Indien laatstgenoemde geen advies heeft uitgebracht binnen de voorgeschreven termijn, stelt de aanvrager de milieueffectbeoordeling op basis van de in bijlage VI bedoelde minimale inhoud op.
Art. R. 55. De vorm en de minimale inhoud van het milieueffectenonderzoek worden overeenkomstig bijlage VII aangevuld.
Wanneer het project een opvallende geluidshinder kan hebben, omvat het milieueffectenonderzoek een akoestisch onderzoek uitgevoerd door een laboratorium of een instelling erkend overeenkomstig het besluit van de Waalse Regering van 1 juli 2010 betreffende de voorwaarden en modaliteiten tot erkenning van de laboratoria of instellingen inzake geluidshinder.
De Minister kan het minimale patroon van een akoestisch onderzoek vaststellen.
De Minister kan reglementaire methodologische handleidingen vaststellen voor de uitvoering van milieueffectenonderzoeken.
Art. R. 56. Als de verwezenlijking van een project verschillende vergunningen nodig voor de goede afloop van het project en als één of meerdere van die vergunningen een milieueffectenonderzoek vereist, worden alle vergunningen aan één enkel milieueffectenonderzoek onderworpen en maken ze het voorwerp uit van:
één enkele voorafgaande informatievergadering;
raadplegingen bedoeld in artikel D.71;
een openbaar onderzoek van 30 dagen volgens de modaliteiten van Titel III van Deel III van het decreetgevend gedeelte van dit Wetboek, met uitzondering van elke andere regel van openbaarmaking bedoeld in de wetten, decreten en reglementen bedoeld in artikel D.49.
Art. R. 57. § 1. Voordat de vergunningsaanvraag ingediend wordt en indien de aanvrager de overheid die moet nagaan of het aanvraagdossier volledig of ontvankelijk is, raadpleegt over de informatie die moet worden verstrekt in de milieueffectbeoordeling, voegt hij de volgende gegevens bij zijn aanvraag:
een beschrijving van het project en van de ligging ervan;
de lijst van de impacten van het project.
§ 2. De in § 1 bedoelde overheid raadpleegt "de beleidsgroep "Leefmilieu" en, volgens de gevallen bedoeld in artikel R. 82, § 1, lid 2 tot 4, de gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit en de beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening". Naast deze verplichte adviezen kan ze de diensten of commissies waarvoor ze acht dat ze geraadpleegd moeten worden, raadplegen.
De in het eerste lid geraadpleegde instanties brengen advies uit aan de in § 1 bedoelde overheid binnen een termijn van vijfenveertig dagen na ontvangst van de aanvraag en maken er een afschrift van over aan de aanvrager.
§ 3. De in § 1 bedoelde overheid brengt advies uit aan de aanvrager binnen een termijn van zestig dagen na ontvangst van de informatieaanvraag. Indien deze overheid geen advies heeft uitgebracht binnen de voorgeschreven termijn, werkt de aanvrager het milieueffectenonderzoek uit op basis van de adviezen overgemaakt door de geraadpleegde instanties en, bij gebreke daarvan, op basis van de in bijlage VII bedoelde minimale inhoud.".
Art. 14. Dans la Partie V du Livre Ier du même Code, le Chapitre III, comportant les articles R. 52 à R. 57, modifié en dernier lieu par l'arrêté du Gouvernement wallon du 29 juin 2017, est remplacé par ce qui suit :
" CHAPITRE III. - Evaluation des incidences des projets sur l'environnement
Art. R.52. La délivrance ou l'adoption des actes administratifs suivants est subordonnée à l'application des articles D.62 à D.78 :
la concession de mines requise en vertu du décret du 7 juillet 1988 sur les mines;
la dérogation et l'autorisation requises en vertu de l'article 28, § 4, de la loi du 12 juillet 1973 sur la conservation de la nature.
les autorisations requises en vertu des articles 12, § 1er, et 14, § 1er, de la loi du 28 décembre 1967 relative aux cours d'eau non navigables;
les décisions sur la création ou la modification d'une voirie communale, prises en application du décret du 6 février 2014 relatif à la voirie communale.
Art. R.53. Est soumis à la réalisation d'une étude d'incidences, tout projet visé à l'article D.64 et faisant l'objet d'une demande d'au moins un des actes administratifs visés à l'article D.49, dès que la demande a trait à l'un des objets suivants :
la création d'un nouveau projet;
le renouvellement d'un permis relatif à une installation ou activité existante;
la transformation ou l'extension d'une installation ou d'une activité ou d'un projet existant ou en cours de réalisation qui atteint ou entraîne le dépassement d'un des seuils visés dans la liste établie conformément à l'article D.64;
la transformation ou l'extension d'une installation ou d'une activité ou d'un projet visé dans la liste établie conformément à l'article D.64 et qui a pour conséquence d'augmenter de plus de vingt-cinq pour cent la valeur autorisée par le permis délivré sur base de la dernière étude d'incidences pour le paramètre pris en considération pour la définition des seuils déterminant les projets soumis à étude d'incidences;
la transformation ou l'extension d'une installation ou d'une activité ou d'un projet visé dans la liste établie conformément à l'article D.64 qui sont soumis à étude d'incidences sans condition de seuil et qui a pour conséquence l'augmentation de plus de vingt-cinq pour cent de la capacité autorisée par le permis délivré sur base de la dernière étude d'incidences.
Art. R. 54. § 1er. Sans préjudice de l'alinéa 2, le contenu minimal de la notice d'évaluation des incidences est complété conformément à l'annexe VI.
Le dossier de demande de permis constitue la notice d'évaluation des incidences sur l'environnement pour le permis unique ou pour le permis d'environnement, requis en vertu du décret du 11 mars 1999 relatif au permis d'environnement.
§ 2. Le demandeur peut consulter l'autorité chargée d'apprécier le caractère complet ou recevable du dossier de demande relativement aux informations à fournir dans la notice d'évaluation des incidences sur l'environnement, avant que la demande de permis soit déposée.
L'autorité chargée d'apprécier le caractère complet ou recevable du dossier de demande rend son avis au demandeur dans un délai de quarante-cinq jours à dater de la réception de la demande d'informations. A défaut pour celle-ci d'avoir rendu son avis dans le délai imparti, le demandeur réalise la notice d'évaluation des incidences sur l'environnement sur base du contenu minimum visé à l'annexe VI.
Art. R.55. La forme et le contenu minimum de l'étude d'incidences sont complétés conformément à l'annexe VII.
Lorsque le projet est susceptible d'avoir un impact sonore notable, l'étude d'incidences comporte une étude acoustique effectuée par un laboratoire ou organisme agréé, conformément à l'arrêté du Gouvernement wallon du 1er juillet 2010 relatif aux conditions et modalités d'agrément des laboratoires ou organismes en matière de bruit.
Le Ministre peut fixer le canevas minimum d'une étude acoustique.
Le Ministre peut établir des guides méthodologiques réglementaires pour l'élaboration d'études d'incidences.
Art. R.56. Lorsque la mise en oeuvre d'un projet requiert plusieurs permis indispensables à la bonne fin du projet et que l'un ou plusieurs de ces permis requiert une étude d'incidences, tous les permis sont soumis à une seule étude d'incidences et font l'objet :
d'une seule réunion d'information préalable;
des consultations prévues à l'article D.71;
d'une enquête publique de 30 jours selon les modalités du Titre III de la Partie III de la Partie décrétale du présent Code, à l'exclusion de toute autre mesure de publicité visée par les lois, décrets et règlements visés à l'article D.49.
Art. R.57. § 1er. Avant le dépôt de la demande de permis, si le demandeur consulte l'autorité chargée d'apprécier le caractère complet ou recevable du dossier de demande relativement aux informations à fournir dans l'étude d'incidences sur l'environnement, il joint à sa demande:
une description du projet et de sa localisation;
la liste des impacts du projet.
§ 2. L'autorité visée au paragraphe 1er consulte le pôle " Environnement " et, selon les cas visés à l'article R. 82, § 1er, alinéas 2° à 4°, la C.C.A.T.M. et le pôle " Aménagement du territoire ". Outre ces avis obligatoires, elle peut consulter les services ou commissions qu'elle juge utile de consulter.
Les instances consultées visées à l'alinéa 1er rendent leur avis à l'autorité visée au paragraphe 1er dans un délai de quarante-cinq jours à dater de la réception de la demande et en transmettent copie au demandeur.
§ 3. L'autorité visée au paragraphe 1er rend son avis au demandeur dans un délai de soixante jours à dater de la réception de la demande d'informations. A défaut pour cette autorité d'avoir rendu son avis dans le délai imparti, le demandeur élabore l'étude d'incidences sur l'environnement sur base des avis transmis par les instances consultées et, à défaut, sur base du contenu minimum visé à l'annexe VII. ".
Art. 15. Artikel R. 59 van Boek I van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt:
"Art. R. 59. § 1. Voor elk van de aangevraagde erkenningscategorieën beschikt de aanvrager van een erkenning over de vereiste bevoegdheden om:
het project te onderzoeken, te bedrijven en te beschrijven;
het milieueffectonderzoek te coördineren;
bestekken op te stellen voor eventuele onderaannemers;
alle resultaten op kritische wijze te exploiteren, ook die van de onderaanneming;
alle verkregen resultaten te integreren om aparte en synergetische effecten van het project op de in artikel D.62, § 2, bedoelde factoren vast te stellen.
§ 2. Voor elk van de aangevraagde erkenningscategorieën beschikt de aanvrager uit zijn midden of via onderaannemers over de bevoegdheden en middelen die nodig zijn om de analyse van de gevolgen van het project op het leefmilieu te beheersen.
§ 3. De aanvrager van een erkenning beschikt over de technische middelen die nodig zijn voor het vervullen van zijn opdrachten.
§ 4. In geval van vernieuwing van een erkenning levert de aanvrager het bewijs dat hij tijdens de laatste erkenningstermijn:
milieueffectonderzoeken heeft uitgevoerd;
als onderaannemer aan milieueffectonderzoeken heeft meegewerkt;
gevraagd werd om milieueffectonderzoeken uit te voeren of eraan deel te nemen.".
Art. 15. L'article R. 59 du Livre Ier du même Code est remplacé par ce qui suit :
" Art. R.59. § 1er. Le demandeur d'agrément a, en son sein pour chacune des catégories d'agrément sollicitées, les compétences nécessaires pour :
étudier, comprendre et décrire le projet;
coordonner l'étude d'incidences;
rédiger des cahiers des charges à l'intention des sous-traitants éventuels;
exploiter de manière critique tous les résultats, y compris ceux de la sous-traitance;
intégrer l'ensemble des résultats obtenus en vue de déterminer les impacts singuliers et synergiques du projet sur les facteurs précisés à l'article D. 62, § 2.
§ 2. Le demandeur a, en son sein ou via des sous-traitants, pour chacune des catégories d'agrément sollicitées, les compétences et les outils nécessaires pour maîtriser l'analyse des incidences du projet sur l'environnement.
§ 3. Le demandeur d'agrément dispose des moyens techniques nécessaires à l'accomplissement de ses missions.
§ 4. Dans le cas d'un renouvellement d'agrément, le demandeur démontre que pendant la dernière période d'agrément il a soit :
réalisé des études d'incidences;
participé à des études d'incidences en qualité de sous-traitant;
été sollicité pour la réalisation ou la participation à des études d'incidences. ".
Art. 16. Artikel R. 60 van Boek I van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt:
"Art. R. 60. § 1. Met uitzondering van de zending van de erkenningsaanvraag langs elektronische weg, wordt ze in drie exemplaren aan de administratie overgemaakt.
De Minister kan het model van de erkenningsaanvrager bepalen en de lijst van de processen vaststellen die hij erkent als processen waarmee de elektronische verzending kan worden geauthenticeerd.
§ 2. In geval van vernieuwing van een erkenning wordt de erkenningsaanvraag zes maanden voor het verstrijken van de lopende erkenning ingediend.".
Art. 16. L'article R. 60 du Livre Ier du même Code est remplacé par ce qui suit:
" Art. R.60. § 1er. A l'exception de l'envoi de la demande d'agrément par voie électronique, celle-ci est introduite en trois exemplaires auprès de l'administration de l'environnement.
Le Ministre peut fixer le modèle de la demande d'agrément et déterminer la liste des procédés qu'il reconnaît comme permettant d'authentifier l'envoi par voie électronique.
§ 2. Dans le cas d'un renouvellement d'agrément, la demande d'agrément est introduite six mois avant le terme de l'agrément en cours. ".
Art. 17. Artikel R. 61 van Boek I van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt:
"Art. R. 61. De erkenningsaanvraag bevat de volgende gegevens:
de naam en het adres van de aanvrager;
als het gaat om een rechtspersoon, een afschrift van de eventuele statuten en de lijst van de bestuurders of beheerders;
de titels, kwalificaties en referenties van de aanvrager of van de medewerkers die door een arbeidsovereenkomst aan de aanvrager zijn verbonden;
de titels, kwalificaties en referenties en technische middelen van de eventuele onderaannemers;
de technische middelen waarover de aanvrager beschikt;
de categorieën projecten bedoeld in artikel 58 waarvoor de aanvrager milieueffectonderzoeken kan uitvoeren.
In de aldus gevormde aanvraag wordt bevestigd dat de aanvrager van een erkenning uit zijn midden of via zijn onderaannemers over alle bevoegdheden en middelen bedoeld in artikel R. 59, §§ 1 tot 3, beschikt.
Als de aanvraag een vernieuwing van erkenning betreft, gaat ze bovendien vergezeld van de lijsten van:
de milieueffectonderzoeken die de aanvrager heeft uitgevoerd;
de milieueffectenonderzoeken waaraan hij als onderaannemer heeft meegewerkt;
de verzoeken om milieueffectonderzoeken uit te voeren of eraan deel te nemen, waarop hij heeft geantwoord en waaraan gevolg is gegeven;
de waarschuwingen en/of wrakingen die eventueel zijn verstuurd sinds het vorige besluit tot erkenning.".
Art. 17. L'article R. 61 du Livre Ier du même Code est remplacé par ce qui suit :
" Art. R.61. La demande d'agrément comporte les indications suivantes :
les nom et adresse du demandeur;
s'il s'agit d'une personne morale, une copie des statuts ainsi que la liste des administrateurs ou des gérants;
les titres, qualifications et références du demandeur ou des collaborateurs liés au demandeur par un contrat d'emploi;
les titres, qualifications, références et moyens techniques des sous-traitants éventuels;
les moyens techniques dont le demandeur dispose;
les catégories de projets définies à l'article R. 58 pour lesquelles le demandeur est susceptible de réaliser des études d'incidences.
La demande ainsi formée atteste que le demandeur d'agrément dispose en son sein ou via ses sous-traitants de l'ensemble des compétences et moyens visés à l'article R. 59 paragraphes 1er à 3.
Au cas où la demande a trait à un renouvellement d'agrément, elle est, en outre, accompagnée des listes :
des études d'incidences que le demandeur a réalisées;
des études d'incidences auxquelles il a participé en qualité de sous-traitant;
des sollicitations pour la réalisation ou la participation à des études d'incidences auxquelles il a répondu et la suite qui y a été donnée :
des avertissements et/ou récusations éventuellement adressés depuis la précédente décision d'agrément. ".
Art. 18. Artikel R. 63 van Boek I van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt:
het eerste lid wordt vervangen als volgt:
"Het Bestuur van Leefmilieu bezorgt de aanvrager zijn beslissing waarbij het de aanvraag als volledig en ontvankelijk beschouwt, binnen vijftien dagen na ontvangst van de aanvraag bedoeld in artikel 60.";
het tweede lid wordt vervangen als volgt:
"Als de aanvraag onvolledig is, wijst het Bestuur van Leefmilieu de aanvrager op de ontbrekende stukken. De aanvrager beschikt dan over dertig dagen na ontvangst van de aanvraag om het Bestuur van Leefmilieu de ontbrekende gegevens toe te sturen .";
in het tweede lid, 1°, worden de woorden "artikel 60" vervangen door de woorden "artikel R. 60";
in het tweede lid, 3°, worden de woorden "artikel 63" vervangen door de woorden "artikel R. 63".
Art. 18. A l'article R. 63 du Livre Ier du même Code, les modifications suivantes sont apportées :
l'alinéa 1er est remplacé par ce qui suit :
" L'administration de l'environnement envoie au demandeur sa décision statuant sur le caractère complet et recevable de la demande dans un délai de quinze jours à dater de la réception de la demande visée à l'article R. 60. ";
l'alinéa 2 est remplacé par ce qui suit :
" Si la demande est incomplète, l'administration de l'environnement indique les documents manquants. Le demandeur dispose alors de trente jours à dater de la réception de la demande pour fournir à l'administration de l'environnement les compléments demandés. ";
dans l'alinéa 2, 1° les mots " l'article 60 " sont remplacés par les mots " l'article R. 60 ";
dans l'alinéa 2, 3° les mots " l'article 63 " sont remplacés par les mots " l'article R. 63 ".
Art. 19. In artikel R. 65 van Boek I van hetzelfde Boek, gewijzigd bij de besluiten van de Waalse Regering van 22 december 2016 en 29 juni 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
in het tweede lid worden de woorden "of tegen ontvangbewijs afgegeven" opgeheven;
het derde lid wordt opgeheven.
Art. 19. A l'article R. 65 du Livre Ier du même Code, modifié par les arrêtés du Gouvernement wallon des 22 décembre 2016 et 29 juin 2017, les modifications suivantes sont apportées :
à l'alinéa 2, les mots " ou remis contre récépissé " sont abrogés;
l'alinéa 3 est abrogé.
Art. 20. In artikel R. 46 van Boek I van het Milieuwetboek wordt het tweede lid opgeheven.
Art. 20. Dans l'article R. 66, du Livre Ier, du même Code, l'alinéa 2 est abrogé.
Art. 21. In artikel R. 68 van Boek I van hetzelfde Wetboek worden de woorden "artikel 58" vervangen door de woorden "artikel R. 58".
Art. 21. Dans l'article R. 68 du Livre Ier du même Code, les mots " l'article 58 " sont remplacés par les mots " l'article R. 58 ".
Art. 22. Artikel R. 69 van Boek I van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt:
"Art. R. 69. In geval van wijziging van één van de gegevens vermeld in de erkenningsaanvraag overeenkomstig artikel R. 61, verwittigt de auteur van het milieueffectenonderzoek onmiddellijk het Bestuur van Leefmilieu. Indien ze oordeelt dat de vermelde wijzigingen van dien aard zijn dat ze een wijziging, een opschorting of een intrekking van de erkenning rechtvaardigen, geeft ze de erkende auteur kennis daarvan binnen dertig dagen.
De auteur beschikt met ingang van de datum van ontvangst van deze informatie over een termijn van zestig dagen om het Bestuur van Leefmilieu kennis te geven van de maatregelen die hij overweegt te nemen om gevolg te geven aan haar opmerkingen.".
Art. 22. L'article R. 69 du Livre Ier du même Code est remplacé par ce qui suit :
" Art. R.69. En cas de modification d'un des éléments indiqués dans la demande d'agrément conformément à l'article R. 61, l'auteur d'études informe immédiatement l'administration de l'environnement. Si celle-ci juge que les modifications indiquées sont de nature à justifier une modification, une suspension ou un retrait de l'agrément, elle en informe, dans les trente jours, l'auteur agréé.
L'auteur agréé dispose, à dater de la réception de cette information, d'un délai de soixante jours pour informer l'administration de l'environnement les mesures qu'il envisage de prendre pour donner suite aux observations de celle-ci. ".
Art. 23. Artikel R. 70 van Boek I van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de besluiten van de Waalse Regering van 22 december 2016 en 29 juni 2017, wordt vervangen als volgt:
"Art. R. 70. Op eigen initiatief of op voorstel van de beleidsgroep "Leefmilieu", van de overheid die bevoegd is om over de vergunningsaanvraag te beslissen en volgens de gevallen bedoeld in artikel R. 82, § 1, leden 2 tot 4, van de "C.C.A.T.M." of de Beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening", kan de Minister een waarschuwing richten aan de auteur van het onderzoek.".
Art. 23. L'article R. 70 du Livre Ier du même Code, modifié par les arrêtés du Gouvernement wallon des 22 décembre 2016 et 29 juin 2017, est remplacé par ce qui suit :
" Art. R.70. D'initiative ou sur proposition du pôle "Environnement", de l'autorité compétente pour statuer sur la demande de permis et, selon les cas visés à l'article R. 82,
§ 1er, alinéas 2 à 4, de la C.C.A.T.M. et du pôle " Aménagement du territoire ", le Ministre peut, lorsqu'il juge une ou plusieurs études d'incidences insuffisantes ou incomplètes, adresser à l'auteur d'étude un avertissement. ".
Art. 24. In artikel R. 72 van Boek I van hetzelfde Boek, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 6 juli 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
in paragraaf 2 worden de woorden "Uiterlijk 20 werkdagen voor de publieke informatievergadering die hij organiseert overeenkomstig artikel R. 41-3," opgeheven en worden de woorden "geeft de aanvrager kennis van zijn keuze" vervangen door de woorden "De aanvrager geeft kennis van zijn keuze";
in paragraaf 3, worden de punten 1° en 6° opgeheven;
in paragraaf 3 wordt de tekst van punt 5° vervangen door "aan de Beleidsgroep Leefmilieu";";
in paragraaf 3, wordt de tekst van punt 7° vervangen door "aan de "C.C.A.T.M." in de gevallen bedoeld in artikel R. 82, § 1";
de paragrafen 4 en 5 worden opgeheven.
Art. 24. A l'article R. 72 du Livre Ier du même Code, remplacé par l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juillet 2017, les modifications suivantes sont apportées :
dans le paragraphe 2, les mots : " Au plus tard 20 jours ouvrables avant la réunion d'information du public qu'il organise conformément à l'article R 41-3 " sont abrogés;
dans le paragraphe 3, le 1° et le 6° sont abrogés;
dans le paragraphe 3, le texte du 5° est remplacé par le texte suivant " au pôle " Environnement "; ";
dans le paragraphe 3, le texte du 7° est remplacé par le texte suivant " à la C.C.A.T.M dans les cas visés à l'article R. 82, § 1er ";
les paragraphes 4 et 5 sont abrogés.
Art. 25. Artikel R. 72bis, ingevoegd bij het besluit van de Waalse Regering van 6 juli 2017, wordt opgeheven.
Art. 25. L'article R. 72bis, inséré par l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juillet 2017, est abrogé.
Art. 26. In artikel R. 74 van Boek I van hetzelfde Boek, vervangen bij het besluit van de Waalse Regering van 6 juli 2017, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
in § 1 wordt het tweede lid opgeheven;
in § 2, tweede lid, worden de woorden "R. 72, § 4" vervangen door de woorden "R. 76, § 1";
in § 3, eerste lid, worden de woorden "R. 72, § 4" vervangen door de woorden "R. 76, § 1";
in § 3, tweede lid, worden de woorden "R. 72, § 5" vervangen door de woorden "R. 76, § 1";
in § 4, worden de woorden "R. 72, § 4" vervangen door de woorden "R. 76, § 1"
Art. 26. A l'article R. 74 du Livre Ier du même Code, remplacé par l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juillet 2017, les modifications suivantes sont apportées :
au § 1er, l'alinéa 2 est abrogé;
au § 2, alinéa 2, les mots " R. 72, § 4 " sont remplacés par les mots " R. 76, § 1er ";
au § 3, alinéa 1er, les mots " R. 72, § 4 " sont remplacés par les mots " R. 76, § 1er ";
au § 3, alinéa 2, les mots " R. 72, § 5 " sont remplacés par les mots " R. 76, § 1er ";
au § 4, les mots " R. 72, § 4 " sont remplacés par les mots " R. 76, § 1er ".
Art. 27. In artikel R. 75, eerste lid, vervangen bij het besluit van de Waalse Regering van 6 juli 2017, worden de woorden "R. 72, § 4" vervangen door de woorden "R. 76, § 1".
Art. 27. Dans l'article R. 75, alinéa 1er, remplacé par l'arrêté du Gouvernement wallon du 6 juillet 2017, les mots " R. 72, § 4 " sont remplacés par les mots " R. 76, § 1er ".
Art. 28. In Hoofdstuk IV, van Deel V van het reglementair Deel van Boek I van hetzelfde Boek, wordt een afdeling 4 toegevoegd, die artikel R. 76 bevat, luidend als volgt:
"Afdeling 4 - Modaliteiten betreffende de zendingen en de berekening van de termijnen
Art. R. 76 § 1. De in dit hoofdstuk bedoelde zendingen worden verricht
bij aangetekend schrijven met ontvangstbericht;
via elke soortgelijke formule waarmee vaste datum aan de verzending en aan de ontvangst van de akte gegeven kan worden, ongeacht de distributiedienst ;
via neerlegging tegen ontvangstbewijs;
langs elektronische weg.
§ 2. De berekeningsmodaliteiten voor de termijnen zijn de volgende tenzij een bepaling in een andere specifieke termijn voorziet:
de verzending moet uiterlijk op de vervaldatum plaatsvinden;
de vervaldatum wordt in de termijn meegeteld, behalve als die dag een zaterdag, zondag of wettelijke feestdag is, dan wordt de vervaldatum evenwel naar de volgende werkdag verschoven;
de dag van ontvangst van een akte die de begindatum van een termijn is, wordt niet meegerekend.
De in dit hoofdstuk bedoelde termijnen worden geschorst tussen 16 juli en 15 augustus en tussen 24 december en 1 januari. ".
Art. 28. Dans le Chapitre IV, de la Partie V de la Partie réglementaire du Livre Ier du même Code, il est ajouté une section 4 comportant l'article R 76, rédigée comme suit :
" Section 4. - Modalités d'envoi et calcul des délais
Art. R.76. § 1er les envois visés au présent chapitre sont réalisés soit par :
lettre recommandée avec accusé de réception;
le recours à toute formule similaire permettant de conférer une date certaine à l'envoi et à la réception de l'acte, quel que soit le service de distribution du courrier utilisé;
le dépôt contre récépissé;
voie électronique.
§ 2. Les modalités de calcul des délais sont les suivantes, sauf si une disposition prévoit un autre délai spécifique :
l'envoi doit se faire au plus tard le jour de l'échéance;
le jour de l'échéance est compté dans le délai, sauf lorsque le jour d'envoi est un samedi, un dimanche ou un jour férié légal, où il est reporté au jour ouvrable suivant;
le jour de la réception de la notification qui est le point de départ du délai n'y est pas inclus.
Les délais visés au présent chapitre sont suspendus du 16 juillet au 15 août et entre le 24 décembre et le 1er janvier. ".
Art. 29. De Titel van Hoofdstuk 6 van Deel V van het reglementair Deel van Boek I van hetzelfde Wetboek wordt vervangen als volgt :
"Advies betreffende een aan een milieueffectonderzoek onderworpen dossier en openbaarmaking van de beslissing".
Art. 29. Le Titre du Chapitre 6 de la Partie V de la Partie réglementaire du Livre Ier du même Code, est remplacé par ce qui suit :
" Avis portant sur un dossier soumis à étude d'incidences sur l'environnement et publicité de la décision ".
Art. 30. Artikel R. 81 van Boek I van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de besluiten van de Waalse Regering van 11 juli 2013, 22 december 2016 en 29 juni 2017 en artikel R. 82 van Boek I van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de besluiten van de Waalse Regering van 22 december 2016 en 29 juni 2017, worden vervangen als volgt:
"Art. R. 81. In dezelfde tijd als ze de aanvrager meedeelt dat de vergunningsaanvraag volledig en/of ontvankelijk is of als ze het aanvraagdossier aan de bevoegde overheid overmaakt, richt de instantie die deze kennisgeving of deze overmaking heeft verricht, de volgende stukken voor advies aan de beleidsgroep "Leefmilieu" en volgens de gevallen bedoeld in artikel R. 82, § 1, leden 2 tot 4, de " C.C.A.T.M." en de beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening":
de vergunningsaanvraag;
het milieueffectenonderzoek;
de gezamenlijke opmerkingen en voorstellen ingediend overeenkomstig artikel R. 41-4.
Art. R. 82. § 1. Het advies van de beleidsgroep "Leefmilieu" wordt aangevraagd voor elk project onderworpen aan een milieueffectenonderzoek.
Het advies van de "C.C.A.T.M." of, bij gebreke daarvan, van de Beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening" wordt aangevraagd wanneer de aanvraag betrekking heeft op één van de volgende vergunningen onderworpen aan een milieueffectenonderzoek:
vergunningen vereist krachtens het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning;
de stedenbouwkundige vergunningen of de bebouwingsvergunningen of de stedenbouwkundige attesten nr. 2 bedoeld bij het Wetboek van Ruimtelijke Ontwikkeling;
de geïntegreerde vergunningen vereist voor geïntegreerde projecten in de zin van artikel 1, 5°, a) en c) van het decreet van 5 februari 2015 betreffende de handelsvestigingen.
In afwijking van het tweede lid worden de adviezen van de "C.C.A.T.M." en van de beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening" aangevraagd als het gaat om windturbineprojecten.
Het advies van de "C.C.A.T.M. " wordt aangevraagd als het gaat om beslissingen onderworpen aan een milieueffectenonderzoek:
over de oprichting of de wijziging van een gemeenteweg, genomen krachtens het decreet van 6 februari 2014 betreffende de gemeentewegen;
over de mijnconcessie, genomen overeenkomstig het decreet van 7 juli 1988 op de mijnen;
over de vergunningen voor de ontsluiting van de steenbergen, vereist krachtens het decreet van 9 mei 1985 met betrekking tot de ontsluiting van steenbergen.
De adviezen worden binnen vijfendertig dagen te rekenen van de datum van ontvangst van het volledige dossier betreffende de adviesaanvraag overgemaakt; zoniet worden de adviezen geacht gunstig te zijn.
§ 2. De beleidsgroep "Leefmilieu" en, indien ze worden geraadpleegd, de beleidsgroep "Ruimtelijke Ordening" en de "C.C.A.T.M." kunnen de aanvrager en de auteur van het milieueffectenonderzoek verzoeken om bijkomende informatie over het milieueffectenonderzoek of de inhoud ervan.".
Art. 30. L'article R. 81, du Livre Ier du même Code, modifié par les arrêtés du Gouvernement wallon des 11 juillet 2013, 22 décembre 2016 et 29 juin 2017, et l'article R. 82 du Livre Ier du même Code, modifié par les arrêtés du Gouvernement wallon des 22 décembre 2016 et 29 juin 2017, sont remplacés par ce qui suit :
" Art. R.81. En même temps qu'elle notifie au demandeur le caractère complet et/ou recevable de la demande de permis ou qu'elle transmet le dossier de demande à l'autorité compétente, l'instance qui a procédé à cette notification ou à cette transmission transmet pour avis au pôle "Environnement" et, selon les cas visés à l'article R. 82, § 1er, alinéas 2 à 4, à la C.C.A.T.M. et au pôle " Aménagement du territoire " :
la demande de permis;
l'étude d'incidences;
l'ensemble des observations et suggestions adressées conformément à l'article R. 41-4.
Art. R.82. § 1er. L'avis du pôle " Environnement " est sollicité pour tout projet soumis à étude d'incidences.
L'avis de la C.C.A.T.M. ou, à défaut, du pôle " Aménagement du territoire " est sollicité lorsque la demande porte sur un des permis soumis à étude d'incidences suivants :
les permis uniques requis en vertu du décret du 11 mars 1999 relatif au permis d'environnement;
les permis d'urbanisme ou d'urbanisation ou les certificats d'urbanisme n° 2 visés par le CoDT;
les permis intégrés requis pour des projets intégrés au sens de l'article 1er, 5°, a) et c), du décret du 5 février 2015 relatif aux implantations commerciales.
Par dérogation à l'alinéa 2, les avis de la C.C.A.T.M. et du pôle " Aménagement du territoire " sont sollicités lorsqu'il s'agit de projets éoliens.
L'avis de la C.C.A.T.M. est sollicité lorsqu'il s'agit de décisions soumises à étude d'incidences :
sur la création ou la modification d'une voirie communale, prises en application du décret du 6 février 2014 relatif à la voirie communale;
sur les concessions de mines, prises en application du décret du 7 juillet 1988 sur les mines;
sur les permis de valorisation de terril requis en vertu du décret 9 mai 1985 concernant la valorisation de terrils.
Les avis sont transmis dans les quarante-cinq jours, à partir de la date de réception du dossier de demande d'avis complet; à défaut, les avis sont réputés favorables.
§ 2. Le pôle " Environnement " et, s'ils sont consultés, le pôle " Aménagement du territoire " et la C.C.A.T.M. peuvent demander au demandeur et à l'auteur d'étude d'incidences des informations complémentaires sur l'étude d'incidences ou son contenu. ".
Art. 31. In Boek I van hetzelfde Wetboek wordt bijlage VI, vervangen door bijlage I gevoegd bij dit besluit.
Art. 31. Dans le Livre Ier du même Code, l'annexe VI, est remplacée par l'annexe I jointe au présent arrêté.
Art. 32. In Boek I van hetzelfde Wetboek wordt bijlage VII, vervangen door bijlage II gevoegd bij dit besluit.
Art. 32. Dans le Livre Ier du même Code, l'annexe VII est remplacée par l'annexe II jointe au présent arrêté.
HOOFDSTUK 4. - Overgangs- en slotbepalingen
CHAPITRE 4. - Dispositions transitoires et finales
Art. 33. Voor Hoofdstuk 1 van dit besluit geldt het basisrapport, gezonden bij de eerste bijwerking van de vergunning betreffende de hoofdactiviteit bedoeld in bijlage XXIII tussen 7 januari 2013 en de inwerkingtreding van dit besluit, als basisrapport bedoeld in artikel 97bis, § 2, laatste lid.
Art. 33. Pour le Chapitre 1er du présent arrêté, le rapport de base envoyé lors de la première actualisation du permis, relative à l'activité principale visée par l'annexe XXIII, entre le 7 janvier 2013 et l'entrée en vigueur du présent arrêté, vaut rapport de base visé à l'article 97bis, § 2, dernier alinéa.
Art. 34. Voor artikel 3 van dit besluit worden de vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit ingediende vergunningsaanvragen alsmede de desbetreffende administratieve beroepen behandeld volgens de regels van kracht op de datum van indiening van de aanvraag.
Art. 34. Pour l'article 3 du présent arrêté, les demandes de permis introduites avant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté ainsi que les recours administratifs y relatifs sont traités selon les règles en vigueur au jour de l'introduction de la demande.
Art. 35. De erkenningsaanvragen bedoeld in Hoofdstuk IV van Deel V van het reglementair Deel van Boek I van het Milieuwetboek en ingediend vóór de inwerkingtreding van dit besluit worden behandeld volgens de regels van kracht op de datum van indiening van de aanvraag.
De kennisgevingen van de keuze van de auteur van het milieueffectenonderzoek en de wrakingen bedoeld in Hoofdstuk IV van Deel V van het reglementair Deel van Boek I van het Milieuwetboek en ingediend vóór de inwerkingtreding van dit besluit worden behandeld volgens de regels van kracht op de datum van kennisgeving.
De wrakingsprocedures bedoeld in Hoofdstuk IV van Deel V van het reglementair Deel van Boek I van het Milieuwetboek en opgestart vóór de inwerkingtreding van dit besluit worden behandeld volgens de regels van kracht op de dag waarop ze zijn opgestart.
Art. 35. Les demandes d'agréments visées au Chapitre IV de la Partie V de la Partie réglementaire du Livre Ier du Code de l'Environnement et introduites avant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté sont traitées selon les règles en vigueur au jour du dépôt de la demande.
Les notifications du choix d'un auteur d'étude ainsi que les récusations visées au Chapitre IV de la Partie V de la Partie réglementaire du Livre Ier du Code de l'Environnement introduites avant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté sont traitées selon les règles en vigueur au jour de la notification.
Les procédures de récusation visées à la section 3 du Chapitre IV de la Partie V de la Partie réglementaire du Livre Ier du Code de l'Environnement initiées avant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté sont traitées selon les règles en vigueur au jour où elles ont été initiées.
Art. 36. Hoofdstuk II van dit besluit treedt in werking op 31 december 2018.
Art. 36. Le Chapitre II du présent arrêté entre en vigueur le 31 décembre 2018.
Art. 37. De Minister van Leefmilieu is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 37. Le Ministre de l'Environnement est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N. (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 23-10-2018, p. 80994)
Art. N. (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 23-10-2018, p. 80945)