Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
23 FEBRUARI 2018. - Besluit van de Vlaamse Regering houdende toekenning van een subsidie aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 30-03-2018 en tekstbijwerking tot 15-07-2024)
Titre
23 FEVRIER 2018. - Arrêté du Gouvernement flamand portant octroi d'une subvention au réseau d'appui à l'accueil d'enfants(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 30-03-2018 et mise à jour au 15-07-2024)
Documentinformatie
Numac: 2018011403
Datum: 2018-02-23
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2018011403
Date: 2018-02-23
Moniteur: Voir
Tekst (40)
Texte (40)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
Artikel 1. In dit besluit wordt verstaan onder :
  1° [1 agentschap: het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie, dat is opgericht bij artikel 3 van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien Regie;]1
  [2 1° /1 kinderopvang: de kinderopvang, vermeld in artikel 2 van het decreet van 20 april 2012 houdende de organisatie van kinderopvang van baby's en peuters;]2
  [2 1° /2 kleuteropvang: de kleuteropvang met kwaliteitslabel, vermeld in artikel 2, 13°, van het decreet van 30 april 2004 tot oprichting van het intern verzelfstandigd agentschap met rechtspersoonlijkheid Opgroeien regie;]2
  2° [2 organisator: organisator of kandidaat-organisator van kinderopvang of kleuteropvang.]2.
  
Article 1er. Dans le présent arrêté, on entend par :
  1° [1 agence : l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique " Opgroeien regie " (Grandir régie), créée par l'article 3 du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique Grandir régie;]1
  [2 1° /1 accueil d'enfants : l'accueil d'enfants visé à l'article 2 du décret du 20 avril 2012 portant organisation de l'accueil de bébés et de bambins ;]2
  [2 1° /2 accueil de la petite enfance : l'accueil de la petite enfance avec label de qualité visé à l'article 2, 13°, du décret du 30 avril 2004 portant création de l'agence autonomisée interne dotée de la personnalité juridique Grandir Régie (" Opgroeien regie ") ; ]2
  2°[2 organisateur : organisateur ou candidat organisateur d'accueil d'enfants ou accueil de la petite enfance ]2.
  
Art. 2. [1 Het agentschap]1 kent een subsidie toe aan het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, dat de vorm aanneemt van een rechtspersoon zonder winstoogmerk, en als uitsluitende opdracht heeft de opdrachten, vermeld in [2 artikel 3, 4, 4/1 en 5]2, te realiseren.
  
Art. 2. [1 L'agence]1 octroie une subvention au réseau d'appui à l'accueil d'enfants, qui prend la forme d'une personne morale sans but lucratif, et dont la tâche exclusive consiste à réaliser les missions visées aux [2 articles 3, 4, 4/1 et 5]2.
  
HOOFDSTUK 2. - Opdrachten
CHAPITRE 2. - Missions
Art. 3. [2 Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang biedt, rekening houdend met de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 5, ondersteuning voor beleidsvoerend vermogen aan organisatoren, en leidt organisatoren toe naar relevante partners die de ondersteuning kunnen opnemen]2.
  [2 In het eerste lid wordt verstaan onder beleidsvoerend vermogen: de mate waarin de organisator in staat is om een zelfstandig beleid te voeren, rekening houdend met de beschikbare beleidsruimte, met de eigen doelstellingen en met de lokale context, en de mate waarin de activiteiten van de verantwoordelijke en van de medewerkers op elkaar zijn afgestemd zodat ze bijdragen aan de ontplooiing van kinderen.]2
  Het doel van de ondersteuning is :
  1° de organisatoren versterken in hun zelfredzaamheid en initiatiefkracht, met het oog op een kwaliteitsvolle en duurzame sector en dienstverlening;
  2° de organisatoren bijstaan gedurende alle fases van kinderopvang : de informatiefase, de prestart, de start, de werking en de stopzetting of overname;
  3° [2 de organisatoren geïntegreerd ondersteunen op de volgende onderling samenhangende thema's:
   a) het organisatorisch beleid, met inbegrip van het financieel beleid en sociaal ondernemerschap;
   b) de toegankelijkheid, met aandacht voor kwetsbare gezinnen en kinderen met een specifieke zorgbehoefte;
   c) het pedagogisch beleid;
   d) het medewerkersbeleid, met aandacht voor het draagvlak van medewerkers;
   e) monitoring en evaluatie]2
.
  
Art. 3. [2 Le réseau d'appui accueil d'enfants apporte, compte tenu de l'accord de coopération visé à l'article 5, aux organisateurs un soutien au pouvoir gestionnel, et oriente les organisateurs vers les partenaires pertinents pouvant assumer l'appui]2.
  [2 A l'alinéa 1, il convient d'entendre par pouvoir gestionnel : la mesure dans laquelle l'organisateur est en mesure de mener une politique autonome, compte tenu de la marge de manoeuvre politique disponible, des propres objectifs et du contexte local, et la mesure dans laquelle les activités du responsable et des collaborateurs sont coordonnées de manière à contribuer à l'épanouissement des enfants.]2
  L'objet de l'appui consiste à :
  1° renforcer les organisateurs dans leur autonomie et force d'initiative, en vue d'un secteur et de services qualitatifs et durables;
  2° assister les organisateurs pendant toutes les phases de l'accueil d'enfants : la phase d'information, le prédémarrage, le démarrage, le fonctionnement et la cessation ou reprise;
  3°[2 offrir un soutien intégré aux organisateurs sur les thèmes interdépendants suivants :
   a) la politique organisationnelle, y compris la politique financière et l'entrepreneuriat social ;
   b) l'accessibilité, axée sur les familles vulnérables et sur les enfants nécessitant des soins spécifiques ;
   c) la politique pédagogique ;
   d) la politique des collaborateurs, avec une attention particulière à l'assise des collaborateurs ;
   e) le monitoring et l'évaluation ]2
.
  
Art. 4. De ondersteuning, vermeld in artikel 3, wordt gegeven in de vorm van :
  1° het vraaggestuurd ondersteunen op maat van de kinderopvanglocatie;
  2° het organiseren van en het toeleiden naar netwerken;
  3° het adviseren over de manier waarop werk wordt gemaakt van de thema's, vermeld in artikel 3, tweede lid, 3°.
Art. 4. L'appui, visé à l'article 3, est fourni sous forme de :
  1° l'appui, axé sur la demande, à la mesure de l'emplacement d'accueil d'enfants;
  2° l'organisation de et l'orientation vers des réseaux;
  3° la fourniture de conseils sur la manière dont les thèmes, visés à l'article 3, alinéa 2, 3°, sont abordés.
Art.4/1.[1 Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang biedt, rekening houdend met de samenwerkingsovereenkomst, vermeld in artikel 5, ondersteuning van kinderbegeleiders op de werkvloer, in samenhang met de opdracht, vermeld in artikel 3.
   De ondersteuning op de werkvloer, vermeld in het eerste lid, heeft de volgende doelstellingen:
   1° kinderbegeleiders versterken in hun beroepscompetenties, vermeld in het beroepskwalificatieprofiel voor kinderbegeleiders, dat is opgenomen in de bijlage bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 tot erkenning van de beroepskwalificatie kinderbegeleider baby's en peuters;
   2° samen met de kinderbegeleiders instaan voor verzorgende en pedagogische taken bij de kinderen, en daarbij de kinderbegeleiders ondersteunen op het vlak van:
   a) de diverse ontwikkelingsaspecten van kinderen;
   b) de aspecten van veiligheid en gezondheid in de opvang van kinderen;
   c) de omgang en de communicatie met de gezinnen;
   d) het inclusief omgaan met kinderen met specifieke zorgbehoeften en kinderen uit kwetsbare gezinnen;
   3° samen met de verantwoordelijke en de kinderbegeleiders de dagelijkse praktijk aftoetsen aan het pedagogisch beleid van de organisator en verbeterpunten planmatig aanpakken met kennis van de lokale netwerken die gericht zijn op het geïntegreerd beleid voor kinderen, jongeren en gezinnen;
   4° in staat zijn om met betrekking tot verontrustende situaties:
   a) deze te detecteren;
   b) deze te bespreken met de organisator;
   c) deze samen met de organisator mee op te volgen in functie van het herstel van de veiligheid;
   d) [2 ...]2
   5° ondersteuning bieden [2 ...]2 na afloop van een bezoek van Zorginspectie in het kader van een begeleidings- of opvolgingstraject van het agentschap en dit binnen de opdrachten van de ondersteuner als vermeld in deze bepaling.
   De ondersteuning van de kinderbegeleiders houdt rekening met het pedagogisch raamwerk dat in september 2014 is ontwikkeld door de vakgroep sociale agogiek van de universiteit Gent en het expertisecentrum ervaringsgericht onderwijs van de Katholieke Universiteit Leuven, in opdracht van het agentschap. ]1

  
Art.4/1.[1 Le réseau d'appui à l'accueil d'enfants offre, compte tenu de l'accord de coopération visé à l'article 5, un soutien aux accompagnateurs d'enfants sur le lieu de travail, dans le cadre de la mission visée à l'article 3.
   Le soutien sur le lieu de travail visé à l'alinéa 1 a les objectifs suivants :
   1° renforcer les accompagnateurs d'enfants dans leurs compétences professionnelles visées au profil de qualification professionnelle des accompagnateurs d'enfants, qui est repris à l'annexe de l'arrêté du Gouvernement flamand du 21 avril 2017 portant reconnaissance de la qualification professionnelle d'accompagnateurs d'enfants pour les bébés et bambins ;
   2° en collaboration avec les accompagnateurs d'enfants, s'occuper des soins et des tâches pédagogiques pour les enfants, en soutenant les accompagnateurs d'enfants dans les domaines suivants :
   a) les différents aspects du développement de l'enfant ;
   b) les aspects de santé et de sécurité dans l'accueil des enfants ;
   c) les contacts et la communication avec les familles ;
   d) la prise en charge inclusive des enfants nécessitant des soins spécifiques et des enfants issus de familles vulnérables ;
   3° en collaboration avec la personne responsable et les accompagnateurs d'enfants, vérifier la pratique quotidienne par rapport à la politique pédagogique de l'organisateur et aborder systématiquement les points à améliorer, avec la connaissance des réseaux locaux visant la politique intégrée pour les enfants, les jeunes et les familles;
   4° être capable de faire face à des situations inquiétantes :
   a) les détecter ;
   b) les discuter avec l'organisateur ;
   c) en assurer le suivi avec l'organisateur afin de rétablir la sécurité ;
   d) i[2 ...]2
   5° offrir un soutien [2 ...]2 après une visite de l'Inspection des Soins dans le cadre d'une trajectoire d'orientation ou de suivi de l'agence et ce, dans le cadre des missions du personnel de soutien visées dans cette disposition.
   Le soutien des accompagnateurs d'enfants tient compte du cadre pédagogique élaboré en septembre 2014 par l'unité d'enseignement Travail socioéducatif de l'Université de Gand et le centre d'expertise en éducation expérientelle de l'Université catholique de Louvain, mandatés par l'agence. ]1

  
Art.4/2. [1 De ondersteuners van de kinderbegeleiders beschikken over:
   1° minimaal een kwalificatie van bachelorniveau;
   2° competenties of ervaring op pedagogisch vlak inzake kinderopvang van baby's en peuters. ]1

  
Art.4/2. [1 Le personnel de soutien des accompagnateurs d'enfants a :
   1° au moins un qualification de niveau bachelier ;
   2° les compétences ou l'expérience au niveau pédagogique en matière d'accueil et bébés et de bambins. ]1

  
Art. 5. [1 Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang sluit, met het oog op de ondersteuning, vermeld in artikel 3, 4 en 4/1, een samenwerkingsovereenkomst met het agentschap. Die overeenkomst bevat al de volgende elementen:
   1° de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4, op het vlak van inhoud, budget en doelgroep;
   2° de inhoudelijke planning, de budgettaire planning en de evaluatie van de opdrachten, vermeld in artikel 3, 4 en 4/1;
   3° de modaliteiten van de actualisering, minstens jaarlijks, van de elementen, vermeld in punt 1° en 2° ;
   4° de manier waarop de opdrachten, vermeld in artikel 4/1, aansluiten bij de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4.
   Bij de bepaling van de opdrachten, vermeld in het eerste lid, 1°, geldt dat voor de ondersteuning, vermeld in artikel 4, 1°, voorrang wordt gegeven aan kleinschalige kinderopvanglocaties en aan kinderopvanglocaties waarvoor de organisatoren geen of een beperkte subsidie krijgen.
   De budgettaire planning en de evaluatie, vermeld in het eerste lid, 2°, bevat een begroting met een overzicht van de voorzienbare inkomsten en de geraamde uitgaven, en een boekhouding die de inkomsten en de uitgaven transparant afzondert ]1
.
  
Art. 5. [1 . Le réseau d'appui à l'accueil d'enfants conclut un accord de coopération avec l'agence aux fins du soutien visé aux articles 3, 4 et 4/1. Cet accord comprend tous les éléments suivants :
   1° les missions visées aux articles 3 et 4, dans le domaine du contenu, du budget et du groupe cible ;
   2° la planification du contenu, la planification budgétaire et l'évaluation des missions visées aux articles 3, 4 et 4/1 ;
   3° les modalités de mise à jour, au moins annuelle, des éléments visés aux points 1° et 2° ;
   4° la manière dont les missions visées à l'article 4/1 s'alignent sur les missions visées aux articles 3 et 4.
   Lors de la détermination des missions visées à l'alinéa 1, 1°, la priorité est donnée aux emplacements d'accueil d'enfants de petite taille et aux emplacements d'accueil d'enfants pour lesquels les organisateurs ne reçoivent pas ou peu de subventions.
   La planification budgétaire et l'évaluation visées à l'alinéa 1, 2°, comprennent un budget avec un aperçu des recettes prévisibles et des dépenses estimées, ainsi qu'un système comptable qui sépare les recettes et les dépenses de manière transparente ]1
.
  
Art.5/1. [1 Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang sluit een ondersteuningsovereenkomst met de organisator voor wie hij de dienstverlening, vermeld in artikel 3, 4 en 4/1 van dit besluit, opneemt. In die ondersteuningsovereenkomst worden de volgende elementen vastgelegd:
   1° de wijze waarop de ondersteuning voor de locatie wordt aangeboden;
   2° de concrete afspraken en modaliteiten van de ondersteuning;
   3° de gegevens over de kwalificatie en competenties van de ondersteuners die voor de organisator zijn aangesteld;
   4° de contactgegevens van de ondersteuners die voor de organisator zijn aangesteld;
   5° in voorkomend geval, de overdracht van de subsidie door de organisator die voor de ondersteuning op de werkvloer een beroep doet op het ondersteuningsnetwerk kinderopvang;
   6° de wijze waarop de ondersteuning wordt geëvalueerd. ]1

  
Art.5/1. [1 Le réseau d'appui à l'accueil des enfants conclut un accord de soutien avec l'organisateur pour lequel il fournit les services visés aux articles 3, 4 et 4/1 du présent arrêté. Cet accord de soutien prévoit les éléments suivants :
   1° la manière dont le soutien est offert pour l'emplacement ;
   2° les accords concrets et les modalités du soutien ;
   3° les données relatives à la qualification et aux compétences du personnel de soutien qui est désigné pour l'organisateur ;
   4° les données de contact du personnel de soutien désigné pour l'organisateur ;
   5° le cas échéant, le transfert de la subvention par l'organisateur qui s'appuie sur le réseau d'appui à l'accueil d'enfants pour le soutien sur le lieu de travail ;
   6° la manière dont le soutien est évalué. ]1

  
HOOFDSTUK 3. - Subsidie
CHAPITRE 3. - Subvention
Art. 6. De subsidie [2 voor de opdrachten, vermeld in artikel 3 en 4,]2 bedraagt [1 2.996.076,1 euro]1 op jaarbasis.
  [2 De subsidie voor de opdrachten, vermeld in artikel 4/1 van dit besluit, wordt jaarlijks berekend op basis van de vergunde plaatsen op 1 september van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het kalenderjaar waarvoor de subsidie geldt. De subsidie wordt op de volgende wijze berekend:
   1° 126,05 euro per vergunde plaats groepsopvang voor de volgende organisatoren:
   a) de organisatoren groepsopvang die geen subsidie voor inkomenstarief krijgen als vermeld in artikel 18 van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, ongeacht het aantal plaatsen;
   b) de organisatoren groepsopvang die de subsidie voor inkomenstarief krijgen, vermeld in artikel 18 van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, tot en met achttien plaatsen op het niveau van organisator;
   2° 64,75 euro per vergunde plaats gezinsopvang voor de volgende organisatoren:
   a) de organisatoren van gezinsopvang die geen subsidie voor inkomenstarief krijgen als vermeld in artikel 17 van het Subsidiebesluit van 22 november 2013;
   b) de organisatoren van gezinsopvang die een subsidie voor inkomenstarief krijgen als vermeld in artikel 17 van het Subsidiebesluit van 22 november 2013, met uitzondering van de organisatoren van gezinsopvang die werken met kinderbegeleiders in het sociaal statuut van de aangesloten onthaalouders of met werknemers in het kader van het vernieuwend project werknemersstatuut van de kinderbegeleiders, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 22 februari 2019 houdende de toekenning van een subsidie voor een vernieuwend project werknemersstatuut van de kinderbegeleider gezinsopvang.
   Bij een stopzetting van een organisator als vermeld in het tweede lid, wordt de subsidie pro rata toegekend.
   Van de subsidie, vermeld in het tweede lid, wordt minstens 90% rechtstreeks ingezet voor de ondersteuning van de kinderbegeleiders op de werkvloer en maximaal 10% voor overheadkosten.
   In het vierde lid wordt verstaan onder overheadkosten: het geheel van kosten voor coördinatie, sturing en ondersteuning van de concrete activiteiten.]2

  
Art. 6. La subvention [2 pour les missions visées aux articles 3 et 4]2 s'élève à [1 2.996.076,1 euros]1 sur une base annuelle.
  [2 La subvention pour les missions visées à l'article 4/1 du présent arrêté, est calculée annuellement sur la base des places autorisées au 1 septembre de l'année civile précédant l'année civile pour laquelle la subvention est d'application. La subvention est calculée de la manière suivante :
   1° 126,05 euros par place d'accueil en groupe autorisée pour les organisateurs suivants :
   a) les organisateurs d'accueil en groupe qui ne reçoivent pas de subvention pour le tarif lié au revenu tel que visé à l'article 18 de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013, quel que soit le nombre de places ;
   b) les organisateurs de l'accueil en groupe qui reçoivent la subvention pour le tarif lié au revenu telle que visée à l'article 18 de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013 et ce, jusqu'à 18 places au niveau de l'organisateur ;
   2° 64,75 euros par place d'accueil familial autorisée pour les organisateurs suivants :
   a) les organisateurs de l'accueil familial qui ne reçoivent pas de subvention pour le tarif lié au revenu tel que visé à l'article 17 de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013 ;
   b) les organisateurs de l'accueil familial qui bénéficient d'une subvention pour le tarif lié au revenu tel que visé à l'article 17 de l'Arrêté de subvention du 22 novembre 2013, à l'exception des organisateurs de l'accueil familial qui travaillent avec des accompagnateurs d'enfants dans le statut social des parents d'accueil affiliés ou avec des travailleurs dans le cadre du projet innovateur relatif au statut des travailleurs d'accompagnateur d'enfants, visé à l'arrêté du Gouvernement flamand du 22 février 2019 réglant l'octroi d'une subvention pour un projet innovateur relatif au statut des travailleurs de l'accompagnateur d'enfants en accueil familial.
   En cas de cessation d'un organisateur tel que visé à l'alinéa 2, la subvention est octroyée au prorata.
   Au moins 90% de la subvention visée à l'alinéa 2, est directement affectée au soutien des accompagnateurs d'enfants sur le lieu de travail et au maximum 10% pour les frais généraux.
   A l'alinéa quatre, on entend par les frais généraux : l'ensemble des frais de coordination, de direction et de soutien des activités concrètes. ]2

  
Art. 7. De subsidie wordt toegekend met inachtneming van het besluit 2012/21/EU van de Commissie van 20 december 2011 betreffende de toepassing van artikel 106, tweede lid, van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, verleend aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen.
Art. 7. La subvention est octroyée dans le respect de la décision 2012/21/UE de la Commission du 20 décembre 2011 relative à l'application de l'article 106, paragraphe deux, du Traité sur le fonctionnement de l'Union européenne aux aides d'Etat sous forme de compensations de service public octroyées à certaines entreprises chargées de la gestion de services d'intérêt économique général.
Art. 8. Zolang het ondersteuningsnetwerk kinderopvang voldoet aan de voorwaarden voor de realisatie van de opdrachten, vermeld in [2 artikel 3, 4, 4/1, 5 en 5/1]2, geldt de subsidie voor een duur van drie jaar.
  Als [1 het agentschap]1 de werking positief evalueert, wordt de subsidie telkens automatisch verlengd door [1 het agentschap]1 voor drie jaar.
  [1 Het agentschap]1 betrekt de organisatoren of hun vertegenwoordigers bij de evaluatie, vermeld in het tweede lid.
  [2 Bij de evaluatie, vermeld in het tweede lid, wordt specifiek ook de inzet van de ondersteuners op de werkvloer, vermeld in artikel 4/1, geëvalueerd. Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang bezorgt op verzoek van het agentschap alle nodige inlichtingen met het oog op die evaluatie]2
  [3 In afwijking van het eerste en tweede lid blijft de subsidie in 2025 voortgaan op basis van de positieve evaluatie in 2021.]3
  
Art. 8. Tant que le réseau d'appui à l'accueil d'enfants répond aux conditions pour la réalisation des missions, visées aux [2 articles 3, 4, 4/1, 5 et 5/1 ]2, la subvention vaut pour une durée de trois ans.
  Si le fonctionnement obtient une évaluation positive de [1 l'agence]1, la subvention est chaque fois prolongée automatiquement par [1 l'agence]1 pour une période de trois ans.
  [1 L'agence]1 associe les organisateurs ou leurs représentants à l'évaluation, visée à l'alinéa 2.
  [2 Lors de l'évaluation visée à l'alinéa 2, la mise en oeuvre de personnel de soutien sur le lieu de travail visé à l'article 4/1, est également évaluée spécifiquement. Le réseau d'appui à l'accueil d'enfants fournit, à la demande de l'agence, toutes les informations nécessaires aux fins de cette évaluation. ]2
  [3 Par dérogation aux alinéas 1er et 2, la subvention se poursuit en 2025 sur la base de l'évaluation positive en 2021.]3
  
Art. 9. Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang kan op de volgende wijze reserves opbouwen met de subsidies, vermeld in dit besluit :
  1° de reserves worden aangewend om de opdrachten, vermeld in artikel [2 "artikel 3, 4, 4/1, 5 en 5/1]2, te realiseren;
  2° maximaal 20% van het subsidiebedrag kan als reserve overgedragen worden naar het volgende kalenderjaar;
  3° de gecumuleerde reserve, opgebouwd uit de jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2°, is maximaal 50% van de jaarlijkse subsidiebedragen, vermeld in punt 2° ;
  4° als het maximum, vermeld in punt 2° en 3°, overschreden wordt, wordt het overschreden bedrag teruggestort aan [1 het agentschap]1, tenzij het ondersteuningsnetwerk kinderopvang een aanwendingsplan of aanzuiveringsplan heeft dat voldoet aan een aantal criteria, waaronder de goedkeuring van de Inspectie van Financiën van de Vlaamse overheid.
  
Art. 9. Le réseau d'appui à l'accueil d'enfants peut constituer des réserves à partir des subventions visées dans le présent arrêté, selon les modalités suivantes :
  1° les réserves sont affectées à la réalisation des missions, visées aux [2 articles 3, 4, 4/1, 5 et 5/1]2;
  2° au maximum 20% du montant de subvention peut être reporté comme réserve à l'année calendaire suivante;
  3° la réserve cumulée, constituée des montants de subvention annuels, visés au point 2°, s'élève au maximum à 50% des montants de subvention annuels, visés au point 2° ;
  4° en cas de dépassement du maximum visé aux points 2° et 3°, le montant en excès est remboursé à [1 l'agence]1, à moins que le réseau d'appui à l'accueil d'enfants n'ait un plan d'utilisation ou un plan d'apurement qui réponde à un certain nombre de critères, dont l'approbation par l'Inspection des Finances de l'Autorité flamande.
  
Art. 10. Het ondersteuningsnetwerk kinderopvang stelt een commissaris-revisor aan die, aanvullend op zijn wettelijke taak en opdracht, jaarlijks attesteert dat de subsidie, vermeld in artikel 6, alleen aangewend wordt voor de opdrachten, vermeld in [1 "artikel 3, 4, 4/1, 5 en 5/1]1.
  
Art. 10. Le réseau d'appui à l'accueil d'enfants désigne un commissaire-réviseur qui, outre sa tâche et sa mission légales, atteste annuellement que la subvention, visée à l'article 6, n'est affectée qu'aux missions visées [1 articles 3, 4, 4/1, 5 et 5/1]1.
  
Art. 11. Het bedrag van de subsidie, vermeld in artikel 6, wordt aangepast aan de afgevlakte gezondheidsindex.
  Overeenkomstig artikel 89, eerste lid, 28° en 58°, van het decreet van 18 december 2015 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2016 wordt verstaan onder afgevlakte gezondheidsindex: het prijsindexcijfer, vermeld in artikel 2, § 2, van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van `s lands concurrentievermogen, dat wordt berekend en toegepast conform artikel 2 tot en met 2quater van het voormelde besluit.
  De toepassing van het eerste lid mag niet leiden tot een nominale vermindering van de subsidie.
  Deze aanpassing gebeurt telkens twee maanden nadat de afgevlakte gezondheidsindex een bepaalde drempelwaarde overschrijdt.
Art. 11. Le montant de la subvention, visé à l'article 6, est ajusté à l'évolution de l'indice santé lissé.
  Conformément à l'article 89, alinéa 1er, 28° et 58°, du décret du 18 décembre 2015 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 2016, on entend par indice santé lissé : l'indice des prix, visé à l'article 2, § 2, de l'arrêté royal du 24 décembre 1993 portant exécution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compétitivité du pays, qui est calculé et appliqué conformément aux articles 2 à 2quater de l'arrêté royal précité.
  L'application de l'alinéa 1er ne peut pas entraîner une diminution nominale de la subvention.
  Cette adaptation est réalisée chaque fois 2 mois après que l'indice santé lissé dépasse une valeur seuil déterminée.
Art. 12. De subsidie wordt betaald met voorschotten per kwartaal en een saldoafrekening.
  De voorschotten bedragen telkens 20% van het bedrag, vermeld in artikel 6, en worden de eerste maand van elk kwartaal betaald. Het saldo wordt betaald uiterlijk op [2 15 mei]2 van het jaar dat volgt op het betreffende kalenderjaar.
  In afwijking van het eerste en het tweede lid kan [1 het agentschap]1, bij ernstige problemen bij het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, en minstens als er een risico is op plotse stopzetting van de opdrachten, vermeld in [2 artikel 3, 4, 4/1, 4/2, 5 en 5/1]2, of bij vermoeden van fraude door het ondersteuningsnetwerk kinderopvang, beslissen om specifieke maatregelen te nemen voor de betaling van de voorschotten en de saldoafrekening, zoals het niet betalen of het verminderen van het bedrag van een voorschot.
  
Art. 12. La subvention est payée au moyen d'avances par trimestre et d'un décompte du solde.
  Les avances s'élèvent chaque fois à 20% du montant, visé à l'article 6, et sont payées le premier mois de chaque trimestre. Le solde est versé au plus tard le [2 15 mai ]2 de l'année qui suit l'année calendaire en question.
  Par dérogation aux alinéas 1er et 2, [1 l'agence]1 peut décider de prendre des mesures spécifiques pour le versement des avances et du décompte du solde, telles que le non-paiement ou la diminution du montant d'une avance, en cas de problèmes graves auprès du réseau d'appui à l'accueil d'enfants, et au moins lorsqu'il y a un risque de cessation soudaine des missions, visées aux [2 articles 3, 4, 4/1, 4/2, 5 et 5/1]2, ou en cas de suspicion de fraude par le réseau d'appui à l'accueil d'enfants.
  
Art. 13. De subsidie wordt aangerekend op de begroting van [1 het agentschap]1.
  De subsidie kan alleen toegekend worden binnen de perken van de algemene uitgavenbegroting van de Vlaamse overheid.
  
Art. 13. La subvention est imputée au budget de [1 l'agence]1.
  La subvention ne peut être octroyée que dans les limites du budget général des dépenses de l'Autorité flamande.
  
HOOFDSTUK 4. - Toezicht en handhaving
CHAPITRE 4. - Contrôle et maintien
Art. 14. [1 Het agentschap]1 ziet toe op de naleving van de bepalingen van dit besluit.
  [1 Het agentschap]1 beslist tot terugvordering van de subsidie conform artikel 57 van het Rekendecreet, artikel 13 van de wet van 16 mei 2003 tot vaststelling van de algemene bepalingen die gelden voor de begrotingen, de controle op de subsidies en voor de boekhouding van de gemeenschappen en de gewesten, alsook voor de organisatie van de controle door het Rekenhof, en artikel 18 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 november 2013 betreffende de algemene regels inzake subsidiëring.
  
Art. 14. [1 L'agence]1 veille au respect des dispositions du présent arrêté.
  [1 L'agence]1 décide du recouvrement de la subvention conformément à l'article 57 du Décret sur les Comptes, l'article 13 de la loi du 16 mai 2003 fixant les dispositions générales applicables aux budgets, au contrôle des subventions et à la comptabilité des communautés et des régions, ainsi qu'à l'organisation du contrôle de la Cour des comptes, et l'article 18 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 8 novembre 2013 relatif aux règles générales en matière de subventionnement.
  
HOOFDSTUK 5. - Wijzigingsbepalingen
CHAPITRE 5. - Dispositions modificatives
Art. 15. In artikel 2, tweede lid, van het Vergunningsbesluit van 22 november 2013, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 4 april 2014, wordt punt 2° opgeheven.
Art. 15. Dans l'article 2, alinéa 2, de l'Arrêté d'autorisation du 22 novembre 2013, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 4 avril 2014, le point 2° est abrogé.
Art. 16. Artikel 12 van hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 16. L'article 12 du même arrêté est abrogé.
Art. 17. Artikel 32 van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt:
  "Art. 32. De organisator zorgt voor pedagogische ondersteuning bij het pedagogisch beleid, vermeld in artikel 31, en toont de volgende elementen aan :
  1° de keuze om die ondersteuning intern dan wel extern te organiseren;
  2° de manier waarop die ondersteuning de organisator versterkt binnen een competent systeem, is afgestemd op de noden van de kinderopvanglocatie en deel uitmaakt van een geïntegreerde ondersteuning op een of meer van de volgende onderling samenhangende thema's :
  a) infrastructuur;
  b) veiligheid en gezondheid;
  c) omgang met kinderen en gezinnen;
  d) medewerkers;
  e) organisatorisch management;
  f) samenwerking met Kind en Gezin, het lokaal bestuur, het lokaal loket kinderopvang en andere lokale partners;
  g) opnamebeleid, met bijzondere aandacht voor kwetsbare gezinnen;
  h) inclusieve opvang van kinderen met een specifieke zorgbehoefte;
  i) flexibele opvang.
  Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, c), wordt rekening gehouden met het pedagogische raamwerk, ontwikkeld in september 2014 door de vakgroep sociale agogiek van de universiteit Gent en het expertisecentrum ervaringsgericht onderwijs van de Katholieke Universiteit Leuven, in opdracht van Kind en Gezin.
  Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, d), wordt rekening gehouden met het opvolgen van de draagkracht van medewerkers.
  Bij de ondersteuning van het thema, vermeld in het eerste lid, 2°, e), wordt rekening gehouden met het ondernemen in de kinderopvang en de financiële werking.
  De organisator kan aantonen dat hij voldoet aan de voorwaarde, vermeld in het eerste lid, door middel van de zelfevaluatie, vermeld in artikel 51, eerste lid, of het kwaliteitshandboek, vermeld in artikel 57.".
Art. 17. L'article 32 du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
  " Art. 32. L'organisateur assure le soutien pédagogique dans le cadre de la politique pédagogique, visée à l'article 31, et démontre les éléments suivants :
  1° le choix d'organiser cet appui au niveau interne ou bien externe;
  2° la manière dont cet appui renforce l'organisateur au sein d'un système compétent, est aligné sur les besoins de l'emplacement d'accueil d'enfants, et fait partie d'un appui intégré quant aux thèmes interdépendants suivants :
  a) infrastructure;
  b) sécurité et santé;
  c) comportement envers les enfants et les familles;
  d) collaborateurs;
  e) gestion organisationnelle;
  f) coopération avec " Kind en Gezin ", l'administration locale, le guichet local en matière d'accueil d'enfants et d'autres partenaires locaux;
  g) politique d'admission, en portant une attention particulière aux familles vulnérables;
  h) accueil inclusif d'enfants nécessitant des soins spécifiques;
  i) accueil flexible.
  Pour l'appui au thème visé à l'alinéa 1er, 2°, c), il est tenu compte du cadre pédagogique, développé en septembre 2014 par le " Vakgroep Sociale agogiek UGent " et le " Expertisecentrum Ervaringsgericht Onderwijs KU Leuven ", sous l'ordre de " Kind en Gezin ".
  Pour l'appui au thème visé à l'article 1er, 2°, d), il est tenu compte du suivi de la capacité des collaborateurs.
  Pour l'appui au thème visé à l'alinéa 1er, 2°, e), il est tenu compte de l'entrepreneuriat dans l'accueil d'enfants et du fonctionnement financier.
  L'organisateur peut démontrer qu'il répond à la condition visée à l'alinéa 1er, au moyen de l'auto-évaluation, visée à l'article 51, alinéa 1er, ou du manuel de qualité, visé à l'article 5. ".
Art. 18. In artikel 23/1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december 2013 houdende de regels voor de toekenning van een projectsubsidie aan pedagogische en taalondersteunende organisaties voor de pedagogische en taalondersteuning van kinderdagopvangvoorzieningen, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in het eerste lid wordt de datum "31 december 2017" vervangen door de datum "31 december 2018";
  2° aan het tweede lid wordt de volgende zin toegevoegd :
  "De melding gebeurt uiterlijk op 31 januari 2018.".
Art. 18. Dans l'article 23/1 de l'arrêté du Gouvernement flamand du 13 décembre 2013 relatif aux règles pour l'octroi d'une subvention de projet aux organisations pédagogiques et offrant de l'aide linguistique dans le cadre de l'aide pédagogique et linguistique des structures d'accueil de jour des enfants, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2016, les modifications suivantes sont apportées :
  1° dans l'alinéa 1er, la date " 31 décembre 2017 " est remplacée par la date " 31 décembre 2018 ";
  2° l'alinéa deux est complété par la phrase suivante :
  " La communication s'effectue au plus tard le 31 janvier 2018. ".
Art. 19. In artikel 23/5 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016, wordt tussen het eerste en het tweede lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt :
  "In afwijking van het eerste lid gebeurt de saldoafrekening van de projectsubsidie voor de periode van 1 januari 2018 tot en met 31 december 2018, uiterlijk op 1 maart 2019.".
Art. 19. Dans l'article 23/5 du même arrêté, inséré par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2016, il est inséré entre les alinéas 1er et 2, un alinéa rédigé comme suit :
  " Par dérogation à l'alinéa 1er, le règlement du solde de la subvention de projet pour la période du 1er janvier 2018 au 31 décembre 2018 inclus, se fait au plus tard le 1er mars 2019. ".
Art. 20. In artikel 1, 4°, van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juli 2016 betreffende subsidiëring van projecten vanuit het vroegere Fonds voor Collectieve Uitrusting en Diensten en voor personeelsleden met een gewezen gescostatuut worden de woorden "buitenschoolse opvang of" opgeheven.
Art. 20. Dans l'article 1er, 4°, de l'arrêté du Gouvernement flamand du 15 juillet 2016 relatif au subventionnement de projets issus de l'ancien Fonds d'équipements et de services collectifs et pour les membres du personnel dans un ancien statut gesco, les mots " d'accueil extrascolaire ou " sont abrogés.
Art. 21. Artikel 2, derde lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt :
  "Voor een project FCUD dat als enige activiteit regionale coördinatie van buitenschoolse opvang heeft, stopt de subsidie met ingang van 1 januari 2019. Voor een project FCUD dat niet als enige activiteit regionale coördinatie van buitenschoolse opvang heeft, wordt de subsidie voor die regionale coördinatie van buitenschoolse opvang stopgezet met ingang van 1 januari 2019.".
Art. 21. L'article 2, alinéa 3, du même arrêté est remplacé par ce qui suit :
  " Pour un projet FESC qui a pour seule activité la coordination régionale d'accueil extrascolaire, la subvention s'arrête à partir du 1er janvier 2019. Pour un projet FESC qui n'a pas pour seule activité la coordination régionale d'accueil scolaire, la subvention pour cette coordination régionale d'accueil scolaire est arrêtée à partir du 1er janvier 2019. ".
Art. 22. In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie voor de ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van ondernemen worden de woorden "twee bijkomende werkjaren" vervangen door de zinsnede "2,5 werkjaren" en wordt de datum "30 juni 2018" vervangen door de datum "31 december 2018".
Art. 22. Dans l'article 1er de l'arrêté de l'administrateur général du 28 juin 2016 portant prolongation de la mission et de la subvention pour l'organisation d'appui à l'accueil d'enfants indépendant, en matière d'entreprise, les mots " deux années d'activité supplémentaires " sont remplacés par le membre de phrase " 2,5 années d'activité " et la date " 30 juin 2018 " est remplacée par la date " 31 décembre 2018 ".
Art. 23. In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie voor de ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van organiseren en kwaliteitszorg worden de woorden "twee bijkomende werkjaren" vervangen door de zinsnede "2,5 werkjaren" en wordt de datum "30 juni 2018" vervangen door de datum "31 december 2018".
Art. 23. Dans l'article 1er de l'arrêté de l'administrateur général du 28 juin 2016 portant prolongation de la mission et de la subvention pour l'organisation d'appui à l'accueil d'enfants indépendant, en matière d'organisation et de gestion de la qualité, les mots " deux années d'activité supplémentaires " sont remplacés par le membre de phrase " 2,5 années d'activité " et la date " 30 juin 2018 " est remplacée par la date " 31 décembre 2018 ".
Art. 24. In artikel 1 van het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016 houdende de verlenging van de opdracht en subsidie voor de uitbouw van een uniek ondersteuningsloket worden de woorden "twee bijkomende werkjaren" vervangen door de zinsnede "2,5 werkjaren" en wordt de datum "30 juni 2018" vervangen door de datum "31 december 2018".
Art. 24. Dans l'article 1er de l'arrêté de l'administrateur général du 28 juin 2016 portant prolongation de la mission et de la subvention pour le développement d'un guichet unique d'appui à l'accueil d'enfants indépendant, les mots " deux années d'activité supplémentaires " sont remplacés par le membre de phrase " 2,5 années d'activité " et la date " 30 juin 2018 " est remplacée par la date " 31 décembre 2018 ".
HOOFDSTUK 6. - Overgangsbepalingen
CHAPITRE 6. - Dispositions transitoires
Art. 25. De rechtspersoon, vermeld in artikel 2, wordt opgericht uiterlijk 31 december 2018 door een meerderheid van de organisaties die op 31 december 2017 een subsidie voor ondersteuning krijgen op basis van een van de besluiten, vermeld in artikel 20 of 27.
  De organisaties, vermeld in het eerste lid :
  1° bereiken overeenstemming met de vzw Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten met betrekking tot haar inbreng en deelneming bij de oprichting van de rechtspersoon in functie van het geïntegreerd ondersteunen van organisatoren op het lokale niveau;
  2° betrekken belangenbehartigende vertegenwoordigers van organisatoren met ervaring in geïntegreerd ondersteunen van organisatoren bij de oprichting van de rechtspersoon.
Art. 25. La personne morale, visée à l'article 2, est établie au plus tard le 31 décembre 2018 par une majorité des organisations qui reçoivent, le 31 décembre 2017, une subvention pour l'appui sur la base d'un des arrêtés visés à l'article 20 ou 27.
  Les organisations visées à l'alinéa 1er :
  1° parviennent à un accord avec l'asbl " Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten " en ce qui concerne son apport et sa participation lors de l'établissement de la personne morale en fonction de l'appui intégré d'organisateurs au niveau local;
  2° associent des représentants défendeurs d'intérêts des organisateurs qui ont de l'expérience en matière d'appui intégré d'organisateurs lors de l'établissement de la personne morale.
HOOFDSTUK 7. - Opheffingsbepaling
CHAPITRE 7. - Disposition abrogatoire
Art. 27. De volgende regelingen worden opgeheven :
  1° het besluit van de Vlaamse Regering van 6 maart 2009 houdende de toekenning van een subsidie ter ondersteuning van de zelfstandige kinderopvangvoorzieningen, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 24 september 2010 en 30 januari 2015;
  2° het besluit van de Vlaamse Regering van 13 december 2013 houdende de regels voor de toekenning van een projectsubsidie aan pedagogische en taalondersteunende organisaties voor de pedagogische en taalondersteuning van kinderopvangvoorzieningen, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 16 december 2016;
  3° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van ondernemen, gewijzigd bij het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016;
  4° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 houdende de toewijzing van een subsidie als ondersteuner zelfstandige kinderopvang op vlak van organiseren en kwaliteitszorg, gewijzigd bij het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016;
  5° het besluit van de administrateur-generaal van 11 juni 2014 houdende de toewijzing van een subsidie voor de uitbouw van een uniek ondersteuningsloket voor de zelfstandige kinderopvang, gewijzigd bij het besluit van de administrateur-generaal van 28 juni 2016.
Art. 27. Les réglementations suivantes sont abrogées :
  1° l'arrêté du Gouvernement flamand du 6 mars 2009 portant octroi d'une subvention à l'appui des structures indépendantes d'accueil d'enfants, modifié par les arrêtés du Gouvernement flamand des 24 septembre 2010 et 30 janvier 2015;
  2° l'arrêté du Gouvernement flamand du 13 décembre 2013 relatif aux règles pour l'octroi d'une subvention de projet aux organisations pédagogiques et offrant de l'aide linguistique dans le cadre de l'aide pédagogique et linguistique des structures d'accueil de jour des enfants, modifié par l'arrêté du Gouvernement flamand du 16 décembre 2016;
  3° l'arrêté de l'administrateur général du 11 juin 2014 portant l'attribution d'une subvention comme organisation d'appui à l'accueil d'enfants indépendant, en matière d'entreprise, modifié par l'arrêté de l'administrateur général du 28 juin 2016;
  4° l'arrêté de l'administrateur général du 11 juin 2014 portant l'attribution d'une subvention comme organisation d'appui à l'accueil d'enfants indépendant, en matière d'organisation et de gestion de la qualité, modifié par l'arrêté de l'administrateur général du 28 juin 2016;
  5° l'arrêté de l'administrateur général du 11 juin 2014 portant l'attribution d'une subvention pour le développement d'un guichet unique d'appui à l'accueil d'enfants indépendant, modifié par l'arrêté de l'administrateur général du 28 juin 2016.
HOOFDSTUK 8. - Inwerkingtreding
CHAPITRE 8. - Entrée en vigueur
Art. 28. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2019.
  In afwijking van het eerste lid treden artikel 15, 16, 18, 19, 21, 22, 23, 24 en 25 in werking op 1 januari 2018.
Art. 28. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2019.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, les articles 15, 16, 18, 19, 21, 22, 23, 24 et 25 entrent en vigueur le 1er janvier 2018.
Art. 29. De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 29. Le Ministre flamand qui a l'assistance aux personnes dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.