Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
23 MEI 2017. - Koninklijk besluit tot wijziging van diverse koninklijke besluiten met betrekking tot de wijziging van sommige bedragen van onderbrekingsuitkeringen
Titre
23 MAI 2017. - Arrêté royal modifiant divers arrêtés royaux, concernant l'adaptation de certains montants d'allocations d'interruption
Documentinformatie
Info du document
Tekst (16)
Texte (16)
Artikel 1. In artikel 8, § 2bis, tweede lid, van het koninklijk besluit van 2 januari 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen, ingevoegd bij koninklijk besluit van 10 augustus 1998 en gewijzigd bij koninklijk besluit van 15 juli 2005, wordt het bedrag "172,63 euro" vervangen door het bedrag "129,48 euro" en het bedrag "431,61 euro" door het bedrag "343,04 euro".
Article 1er. - Dans l'article 8, § 2bis, alinéa 2, de l'arrêté royal du 2 janvier 1991 relatif à l'octroi d'allocations d'interruption, inséré par l'arrêté royal du 10 août 1998 et modifié par l'arrêté royal du 15 juillet 2005, le montant de " 172,63 euros " est remplacé par le montant de " 129,48 euros " et le montant de " 431,61 euros " est remplacé par le montant de " 343,04 euros ".
Art.2. In artikel 4quinquies van het koninklijk besluit van 12 augustus 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen aan de personeelsleden van het onderwijs en de psycho-medisch-sociale centra, vervangen bij koninklijk besluit van 3 september 2012, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt:
  " § 2. Voor de personeelsleden die hun beroepsloopbaan verminderen tot de helft van een voltijdse betrekking bedraagt het maandbedrag van de onderbrekings-uitkeringen een gedeelte van 596,27 euro, berekend volgens het aantal uren waarmee de opdracht verminderd wordt in verhouding tot het aantal uren van een volledige opdracht.
  Voor het personeelslid dat de leeftijd van 50 jaar bereikt heeft, wordt het bedrag in het eerste lid vervangen door 803,83 euro.";
  2° paragraaf 3 wordt vervangen als volgt:
  " § 3. Voor de personeelsleden die hun beroepsloopbaan verminderen met 1/5de van een voltijdse betrekking bedraagt het maandbedrag van de onderbrekings-uitkeringen een gedeelte van 596,27 euro, berekend volgens het aantal uren waarmee de opdracht verminderd wordt in verhouding tot het aantal uren van een volledige opdracht.
  Voor het personeelslid dat uitsluitend samenwoont met één of meerdere kinderen die hij ten laste heeft, wordt het bedrag in het eerst lid vervangen door 680,05 euro.
  Voor het personeelslid dat de leeftijd van 50 jaar bereikt heeft, wordt het bedrag in het eerste lid vervangen door 803,83 euro.".
Art.2. Dans l'article 4quinquies de l'arrêté royal du 12 août 1991 relatif à l'octroi d'allocations d'interruption aux membres du personnel de l'enseignement et des centres psycho-médico-sociaux, remplacé par l'arrêté royal du 3 septembre 2012, les modifications suivantes sont apportées :
  1° le deuxième paragraphe est remplacé comme suit :
  " § 2. Pour les membres du personnel qui réduisent leur carrière professionnelle à mi-temps d'un emploi à plein temps, le montant mensuel de l'allocation d'interruption s'élève à une partie de 596,27 euros, calculée selon le nombre d'heures par lesquelles la fonction a été diminuée par rapport au nombre d'heures d'une fonction complète.
  Pour le membre du personnel qui a atteint l'âge de 50 ans, le montant de l'alinéa premier est remplacé par 803,83 euros. ";
  2° le troisième paragraphe est remplacé comme suit :
  " § 3. Pour les membres du personnel qui réduisent leur carrière professionnelle d'un cinquième d'un emploi à plein temps, le montant mensuel de l'allocation d'interruption s'élève à une partie de 596,27 euros, calculée selon le nombre d'heures par lesquelles la fonction a été diminuée par rapport au nombre d'heures d'une fonction complète.
  Pour le membre du personnel qui habite exclusivement avec un ou plusieurs enfants dont il a la charge, le montant de de l'alinéa premier est remplacé par 680,05 euros.
  Pour le membre du personnel qui a atteint l'âge de 50 ans, le montant de l'alinéa premier est remplacé par 803,83 euros. ".
Art.3. In artikel 13, § 3, van het koninklijk besluit van 7 mei 1999 betreffende de onderbreking van de beroepsloopbaan van het personeel van de besturen, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 20 juli 2005 en 18 januari 2007, wordt het bedrag "172,63 EUR" vervangen door het bedrag "129,48 EUR" en het bedrag "431,61 EUR" door het bedrag "343,04 EUR".
Art.3. Dans l'article 13, § 3, de l'arrêté royal du 7 mai 1999 relatif à l'interruption de la carrière professionnelle du personnel des administrations, modifié par les arrêtés royaux du 20 juillet 2005 et 18 janvier 2007, le montant de " 172,63 EUR " est remplacé par le montant de " 129,48 EUR " et le montant de " 431,61 EUR " est remplacé par le montant de " 343,04 EUR ".
Art.4. In artikel 3 van het koninklijk besluit van 12 december 2001 tot uitvoering van hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven betreffende het stelsel van tijdskrediet, loopbaan-vermindering en vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, worden de woorden "Dit besluit is niet van toepassing" vervangen door de woorden "Met uitzondering van hoofdstuk III/1, is dit besluit niet van toepassing".
Art.4. A l'article 3 de l'arrêté royal du 12 décembre 2001 pris en exécution du chapitre IV de la loi du 10 août 2001 relative à la conciliation entre l'emploi et la qualité de vie concernant le système du crédit-temps, la diminution de carrière et la réduction des prestations de travail à mi-temps, les mots " Le présent arrêté ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " A l'exception du chapite III/1, le présent arrêté ne s'applique pas ".
Art.5. - In artikel 4 van hetzelfde besluit, vervangen bij koninklijk besluit van 30 december 2014, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
  1° in § 2 worden de woorden "verhoogd tot 486,07 euro" vervangen door de woorden "verhoogd tot 425,31 euro";
  2° in § 3, eerste lid, worden de woorden "verhoogd tot 243,03 euro" vervangen door de woorden "verhoogd tot 212,65 euro".
Art.5. - Dans l'article 4 du même arrêté, remplacé par l'arrêté royal du 30 décembre 2014, les modifications suivantes sont apportées :
  1° au paragraphe 2, les mots "est augmenté à 486,07 euros " sont remplacés par les mots " est augmenté à 425,31 euros ";
  2° au paragraphe 3, 1er alinéa, les mots " est augmenté à 243,03 euros " sont remplacés par les mots " est augmenté à 212,65 euros ".
Art.6. In hetzelfde besluit wordt een hoofdstuk III/1 ingevoegd, luidende :
  "Hoofdstuk III/1. Bepalingen van toepassing op de werknemers die hun arbeidsovereenkomst volledig schorsen of hun arbeidsprestaties verminderen in het kader van palliatieve zorgen, ouderschapsverlof en bijstand of verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid.
  Art. 6/1. Het koninklijk besluit van 2 januari 1991 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen is, met uitzondering van de artikelen 6 en 8, van toepassing op de werknemers en werkgevers bedoeld in artikel 2 indien de werknemer zijn arbeidsovereenkomst volledig schorst of zijn arbeidspretstaties verminderd in toepassing van:
  1° de artikelen 100bis en 102bis van de herstelwet, voor het verlenen van palliatieve zorgen;
  2° het koninklijk besluit van 29 oktober 1997 tot invoering van een recht op ouderschapsverlof in het kader van de onderbreking van de beroepsloopbaan;
  3° het koninklijk besluit van 10 augustus 1998 tot invoering van een recht op loopbaanonderbreking voor bijstand of verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid.
  Art. 6/2. Voor de werknemers bedoeld in artikel 6/1 die een voltijdse arbeidsregeling onderbreken wordt het bedrag van de onderbrekingsuitkering vastgesteld op 508,92 euro per maand.
  In afwijking van het eerste lid, wordt voor de werknemers die een deeltijdse arbeidsregeling onderbreken, per maand een gedeelte van het bedrag van 508,92 euro toegekend dat proportioneel is aan de duur van hun prestaties in de deeltijdse arbeidsregeling.
  Art. 6/3. Voor de werknemers bedoeld in artikel 6/1 die hun arbeidsprestaties verminderen wordt het maandbedrag van de onderbrekingsuitkeringen als volgt vastgesteld:
  1° voor de voltijdse werknemers die hun arbeidsprestaties met een vijfde verminderen op 86,32 euro. Voor de werknemer die uitsluitend samenwoont met één of meerdere kinderen die hij ten laste heeft wordt dit bedrag van 86,32 euro vervangen door 116,08 euro. Voor de werknemer die de leeftijd van 50 jaar bereikt heeft worden de bedrag van 86,32 en 116,08 euro vervangen door 129,48 euro;
  2° voor de voltijdse werknemers die hun arbeidsprestaties met de helft verminderen op 254,46 euro. Voor de werknemer die de leeftijd van 50 jaar bereikt heeft wordt dit bedrag van 254,46 euro vervangen door 343,04 euro;
  3° voor de werknemers bedoeld in artikel 7, § 3, van het vermelde koninklijk besluit van 2 januari 1991, op het gedeelte van het in 2° vermelde bedrag dat proportioneel is aan het aantal uren waarmee de arbeidsprestaties verminderd worden.
Art.6. Dans le même arrêté, un chapitre III/1 est inséré, rédigé comme suit :
  " Chapitre III/1. Dispositions applicables aux travailleurs qui suspendent complètement leur contrat de travail ou diminuent leurs prestations de travail dans le cadre des soins palliatifs, du congé parental et de l'assistance ou l'octroi de soins à un membre du ménage ou de la famille gravement malade.
  Art. 6/1. 1. L'arrêté royal du 2 janvier 1991 relatif à l'octroi d'allocations d'interruption s'applique, à l'exception des articles 6 et 8, aux employeurs et aux travailleurs visés à l'article 2, si le travailleur suspend complètement son contrat de travail ou diminue ses prestations de travail en application :
  1° des articles 100bis et 102bis de la loi de redressement, pour l'octroi de soins palliatifs;
  2° de l'arrêté royal du 29 octobre 1997 relatif à l'introduction d'un droit au congé parental dans le cadre de l'interruption de la carrière professionnelle;
  3° de l'arrêté royal du 10 août 1998 instaurant un droit à l'interruption de la carrière pour l'assistance ou l'octroi de soins à un membre du ménage ou de la famille gravement malade.
  Art. 6/2. Le montant de l'allocation d'interruption octroyée aux travailleurs visés à l'article 6/1 qui interrompent un régime de travail à temps plein est fixé à 508,92 euros par mois.
  Par dérogation à l'alinéa 1er, il est octroyé, par mois, aux travailleurs qui interrompent un régime de travail à temps partiel, une partie du montant de 508,92 euros proportionnelle à la durée de leurs prestations dans ce régime à temps partiel.
  Art. 6/3. Pour les travailleurs visés à l'article 6/1 qui réduisent leurs prestations, le montant mensuel de l'allocation d'interruption est fixé comme suit :
  1° pour les travailleurs à temps plein qui réduisent leurs prestations de travail d'un cinquième, à 86,32 euros. Pour le travailleur qui habite seul avec un ou plusieurs enfants dont il a la charge, le montant de 86,32 euros est remplacé par 116,08 euros. Pour le travailleur qui a atteint l'âge de 50 ans, les montants de 86,32 et 116,08 euros sont remplacés par 129,48 euros;
  2° pour les travailleurs à temps plein qui réduisent leurs prestations de travail de moitié, à 254,46 euros. Pour le travailleur qui a atteint l'âge de 50 ans, le montant de 254,46 euros est remplacé par 343,04 euros;
  3° pour les travailleurs visés à l'article 7, § 3, de l'arrêté du 2 janvier 1991 précité, à la partie du montant visé au 2° proportionnelle au nombre d'heures de réduction des prestations de travail.
Art.7. In artikel 7 van het koninklijk besluit van 10 juni 2002 betreffende de toekenning van onderbrekingsuitkeringen aan de personeelsleden van de overheidsbedrijven die in toepassing van de wet van 21 maart 1991 houdende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven bestuursautonomie verkregen hebben, wordt het eerste lid vervangen als volgt:
  "Art. 7. Het bedrag van de onderbrekings-uitkeringen bedraagt, voor de personeelsleden bedoeld in artikel 4 die hun voltijdse arbeidsprestaties volledig schorsen, 364,55 euro per maand. Wanneer de voltijdse werknemer gedurende minstens vijf jaar tewerkgesteld is geweest bij zijn werkgever wordt dit bedrag verhoogd tot 425,31 euro.".
Art.7. A l'article 7 de l'arrêté royal du 10 juin 2002 relatif à l'octroi d'allocations d'interruption aux membres du personnel des entreprises publiques qui ont obtenu une autonomie de gestion en application de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques, le premier alinéa est remplacé comme suit :
  " Art. 7. Le montant de l'allocation d'interruption s'élève, pour les membres du personnel visés à l'article 4 qui suspendent complètement leurs prestations de travail à temps plein, à 364,55 euros par mois. Lorsque le travailleur à temps plein a été occupé chez son employeur pendant au moins cinq ans, ce montant est augmenté à 425,31 euros. ".
Art.8. In artikel 8 van hetzelfde besluit wordt het eerste lid van paragraaf 1 vervangen als volgt:
  "Art. 8. § 1. Het bedrag van de onderbrekingsuitkeringen bedraagt, voor de personeelsleden bedoeld in artikel 5 die hun voltijdse arbeidsprestaties verminderen tot een halftijdse betrekking 182,27 euro per maand. Wanneer de voltijdse werknemer gedurende minstens vijf jaar tewerkgesteld is geweest bij zijn werkgever wordt dit bedrag verhoogd tot 212,65 euro."
Art.8. A l'article 8 du même arrêté, le premier alinéa du premier paragraphe est remplacé comme suit:
  " Art. 8. § 1. Le montant de l'allocation d'interruption s'élève, pour les membres du personnel visés à l'article 5 qui réduisent leurs prestations de travail à temps plein à un régime de travail à mi-temps, à 182,27 euros par mois. Lorsque le travailleur à temps plein a été occupé chez son employeur pendant au moins cinq ans, ce montant est augmenté à 212,65 euros. ".
Art.9. In artikel 14, § 3, van hetzelfde besluit wordt het bedrag "202,28 euro" vervangen door het bedrag "151,71 euro" en het bedrag "505,70 euro" door het bedrag "401,92 euro".
Art.9. Dans l'article 14, § 3, du même arrêté le montant de " euro 202,28 " est remplacé par le montant de " 151,71 euros " et le montant de " euro 505,70 " est remplacé par le montant de " 401,92 euros ".
Art.10. In artikel 9, § 3, van het koninklijk besluit van 16 november 2009 houdende toekenning aan de personeelsleden van de Belgische Technische Coöperatie van het recht op ouderschapsverlof en loopbaanonderbreking voor het verlenen van bijstand aan een zwaar ziek gezins- of familielid, wordt het bedrag "202,28 euro" vervangen door het bedrag "151,71 euro" en het bedrag "505,70 euro" door het bedrag "401,92 euro".
Art.10. Dans l'article 9, § 3, de l'arrêté royal du 16 novembre 2009 accordant au personnel de la Coopération technique belge le droit au congé parental et à l'interruption de carrière pour l'assistance à un membre du ménage ou de la famille gravement malade, le montant de " 202,28 euros " est remplacé par le montant de " 151,71 euros " et le montant de " 505,70 euros " est remplacé par le montant de " 401,92 euros ".
Art.11. In artikel 9, § 3, van het koninklijk besluit van 29 april 2013 houdende toekenning aan de personeelsleden van de Cel voor Financiële Informatieverwerking van het recht op ouderschapsverlof en loopbaanonderbreking voor het verlenen van bijstand aan een zwaar ziek gezins- of familielid, wordt het bedrag "202,28 euro" vervangen door het bedrag "151,71 euro" en het bedrag "505,70 euro" door het bedrag "401,92 euro".
Art.11. Dans l'article 9, § 3, de l'arrêté royal du 29 avril 2013 accordant au personnel de la Cellule de Traitement des Informations financières le droit au congé parental et à l'interruption de carrière pour l'assistance à un membre du ménage ou de la famille gravement malade, le montant de " 202,28 euros " est remplacé par le montant de " 151,71 euros " et le montant de " 505,70 euros " est remplacé par le montant de " 401,92 euros ".
Art.12. In artikel 20, § 3, van het koninklijk besluit van 10 april 2014 houdende toekenning van het recht op ouderschapsverlof en verlof voor het verlenen van bijstand aan een zwaar ziek gezins- of familielid aan bepaalde werknemers, wordt het bedrag "202,28 euro" vervangen door het bedrag "151,71 euro" en het bedrag "505,70 euro" door het bedrag "401,92 euro".
Art.12. Dans l'article 20, § 3, de l'arrêté royal du 10 avril 2014 accordant le droit au congé parental et au congé pour l'assistance à un membre du ménage ou de la famille gravement malade à certains travailleurs, le montant de " 202,28 euros " est remplacé par le montant de " 151,71 euros " et le montant de " 505,70 euros " est remplacé par le montant de " 401,92 euros ".
Art.13. In artikel 11, § 3, van het koninklijk besluit van 12 mei 2014 houdende toekenning aan de contractuele personeelsleden van de Ombudsdienst voor Energie van het recht op ouderschapsverlof en loopbaanonderbreking voor het verlenen van bijstand aan een zwaar ziek gezins- of familielid, wordt het bedrag "202,28 euro" vervangen door het bedrag "151,71 euro" en het bedrag "505,70 euro" door het bedrag "401,92 euro".
Art.13. Dans l'article 11, § 3, de l'arrêté royal du 12 mai 2014 accordant au membre du personnel contractuel du Service de médiation de l'Energie le droit au congé parental et à l'interruption de carrière pour l'assistance à un membre du ménage ou de la famille gravement malade, le montant de " 202,28 EUR " est remplacé par le montant de " 151,71 EUR " et le montant de " 505,70 EUR " est remplacé par le montant de " 401,92 EUR ".
Art.14. Dit besluit is van toepassing op alle aanvragen en verlengingsaanvragen voor onderbreking of vermindering van prestaties die aan de werkgever ter kennis werden gegeven na 31 mei 2017.
Art.14. Le présent arrêté s'applique à toutes les demandes et demandes de prolongation d'interruption ou de réduction des prestations communiquées à l'employeur après le 31 mai 2017
Art.15. Dit besluit treedt in werking op 1 juni 2017.
Art.15. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er juin 2017.
Art. 16. De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 16. Le ministre qui a l'Emploi dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté