Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
27 OKTOBER 2017. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 1993 betreffende de controle op de afwezigheid wegens ziekte en het besluit van de Vlaamse Regering van 15 februari 2008 betreffende het ziekteverlof, het verlof voor verminderde prestaties wegens ziekte, het langdurig verlof voor verminderde prestaties wegens medische redenen en de terbeschikkingstelling wegens ziekte voor bepaalde personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding
Titre
27 OCTOBRE 2017. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 1993 relatif au contrĂŽle des absences pour cause de maladie et l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 fĂ©vrier 2008 relatif au congĂ© de maladie, au congĂ© pour prestations rĂ©duites en cas de maladie, au congĂ© de longue durĂ©e pour prestations rĂ©duites pour raisons mĂ©dicales et Ă  la mise en disponibilitĂ© pour cause de maladie pour certains personnels de l'enseignement et des centres d'encadrement des Ă©lĂšves
Documentinformatie
Numac: 2017031456
Datum: 2017-10-27
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2017031456
Date: 2017-10-27
Moniteur: Voir
Tekst (13)
Texte (13)
HOOFDSTUK 1. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 1993 betreffende de controle op de afwezigheid wegens ziekte
CHAPITRE 1er. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 1993 relatif au contrĂŽle des absences pour cause de maladie
Artikel 1. Artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 1993 betreffende de controle op de afwezigheid wegens ziekte, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 21 oktober 2011, wordt vervangen door wat volgt :
"Artikel 1. Dit besluit is van toepassing op :
1° de personeelsleden, vermeld in artikel 2, § 1, van het decreet rechtspositie personeelsleden gemeenschapsonderwijs van 27 maart 1991;
2° de personeelsleden, vermeld in artikel 4, § 1, van het decreet rechtspositie personeelsleden gesubsidieerd onderwijs van 27 maart 1991;
3° de leden van de inspectie, vermeld in artikel 61 van het decreet van 8 mei 2009 betreffende de kwaliteit van onderwijs;
4° de personeelsleden, vermeld in artikel 10 van het decreet van 1 december 1993 betreffende de inspectie en de begeleiding van de levensbeschouwelijke vakken;
5° de personeelsleden van de Centra voor Basiseducatie, vermeld in artikel 3 van het decreet van 7 juli 2017 betreffende de rechtspositie van de personeelsleden in de basiseducatie;
6° de werkgevers van de personeelsleden vermeld in punt 1° tot en met 5°. ".
Article 1er. L'article 1er de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 8 dĂ©cembre 1993 relatif au contrĂŽle des absences pour cause de maladie, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 21 octobre 2011, est remplacĂ© par la disposition suivante :
" Article 1er. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© s'applique :
1° aux membres du personnel, visés à l'article 2, § 1er, du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement communautaire ;
2° aux membres du personnel, visés à l'article 4, § 1er, du décret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionné ;
3° aux membres de l'inspection, visés à l'article 61 du décret du 8 mai 2009 relatif à la qualité de l'enseignement ;
4° aux membres du personnel visés à l'article 10 du décret du 1er décembre 1993 relatif à l'inspection et à l'encadrement des cours philosophiques ;
5° aux membres du personnel des centres d'éducation de base visés à l'article 3 du décret du 7 juillet 2017 relatif au statut des membres du personnel de l'éducation de base ;
6° aux employeurs des membres du personnel visés aux points 1° à 5°. ".
Art. 2. In artikel 21 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 25 januari 1995 en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 november 1998, wordt tussen de zinsnede "of van artikel 60 van het decreet van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde psycho-medisch-sociale centra" en de zinsnede "en onverminderd een eventuele tuchtsanctie opgelegd door de bevoegde inrichtende macht" de zinsnede "of van artikel 32 en 41 van het decreet van 7 juli 2017 betreffende de rechtspositie van de personeelsleden in de basiseducatie" ingevoegd.
Art. 2. Dans l'article 21 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 25 janvier 1995 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 novembre 1998, le membre de phrase " ou des articles 32 et 41 du dĂ©cret du 7 juillet 2017 relatif au statut des membres du personnel de l'Ă©ducation de base " est insĂ©rĂ© entre le membre de phrase " ou de l'article 60 du dĂ©cret du 27 mars 1991 relatif au statut de certains membres du personnel de l'enseignement subventionnĂ© et des centres psycho-mĂ©dico-sociaux subventionnĂ©s " et le membre de phrase " et sans prĂ©judice de la sanction disciplinaire Ă©ventuelle imposĂ©e par le pouvoir organisateur compĂ©tent ".
HOOFDSTUK 2. - Wijzigingen van het besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 februari 2008 betreffende het ziekteverlof, het verlof voor verminderde prestaties wegens ziekte, het langdurig verlof voor verminderde prestaties wegens medische redenen en de terbeschikkingstelling wegens ziekte voor bepaalde personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding
CHAPITRE 2. - Modifications de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand modifiant l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 fĂ©vrier 2008 relatif au congĂ© de maladie, au congĂ© pour prestations rĂ©duites en cas de maladie, au congĂ© de longue durĂ©e pour prestations rĂ©duites pour raisons mĂ©dicales et Ă  la mise en disponibilitĂ© pour cause de maladie pour certains personnels de l'enseignement et des centres d'encadrement des Ă©lĂšves
Art. 3. In artikel 1 van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 februari 2008 betreffende het ziekteverlof, het verlof voor verminderde prestaties wegens ziekte, het langdurig verlof voor verminderde prestaties wegens medische redenen en de terbeschikkingstelling wegens ziekte voor bepaalde personeelsleden van het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 21 oktober 2011 en 28 oktober 2016, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° aan paragraaf 1 wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt :
"5° de personeelsleden vermeld in artikel 3 van het decreet van 7 juli 2017 betreffende de rechtspositie van de personeelsleden in de basiseducatie.";
2° paragraaf 2 wordt vervangen door wat volgt :
" § 2. Hoofdstuk II, afdeling III, is van toepassing op de personeelsleden van het onderwijs, vermeld in artikel V.66 van de Codificatie sommige bepalingen voor het onderwijs, gecodificeerd op 28 oktober 2016.".
Art. 3. A l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 15 fĂ©vrier 2008 relatif au congĂ© de maladie, au congĂ© pour prestations rĂ©duites en cas de maladie, au congĂ© de longue durĂ©e pour prestations rĂ©duites pour raisons mĂ©dicales et Ă  la mise en disponibilitĂ© pour cause de maladie pour certains personnels de l'enseignement et des centres d'encadrement des Ă©lĂšves, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 21 octobre 2011 et 28 octobre 2016, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° au paragraphe 1er, il est ajouté un point 5° ainsi rédigé :
" 5° les membres du personnel visés à l'article 3 du décret du 7 juillet 2017 relatif au statut des membres du personnel dans l'éducation de base. " ;
2° le paragraphe 2 est remplacé par ce qui suit :
" § 2. Le Chapitre II, section III, s'applique aux membres du personnel de l'enseignement visés à l'article V.66 de la Codification de certaines dispositions relatives à l'enseignement en date du 28 octobre 2016. ".
Art. 4. Aan artikel 3, § 2, van hetzelfde besluit wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt :
"3° voor de personeelsleden die voor 1 januari 2018 uitsluitend aangesteld geweest zijn in een functie in een centrum voor basiseducatie en die op 1 januari 2018 of later uitsluitend prestaties verrichten in een centrum voor basiseducatie, wordt het aantal dagen bezoldigd ziekteverlof voor de periode vóór 1 januari 2018 per twaalf maanden sociale anciënniteit, bepaald op vijftien dagen.".
Art. 4. A l'article 3, § 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est ajoutĂ© un point 3° ainsi rĂ©digĂ© :
" 3° à quinze jours, le nombre de jours de congé de maladie rémunéré attribué par douze mois d'ancienneté sociale pour les membres du personnel qui, avant le 1er janvier 2018, ont été désignés exclusivement dans une fonction dans un centre d'éducation de base et qui, le 1er janvier 2018 ou plus tard, accomplissent exclusivement des prestations dans un centre d'éducation de base. ".
Art. 5. In artikel 5 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° aan paragraaf 1, 5°, wordt een punt d) toegevoegd, dat luidt als volgt :
"d) de bepalingen van hoofdstuk III van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 houdende geldelijke bepalingen voor de personeelsleden van de Centra voor Basiseducatie en tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs en het koninklijk besluit van 1 december 1970 houdende bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs.";
2° aan paragraaf 3, wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt :
"3° voor de berekening van de sociale anciënniteit voor de personeelsleden van de centra voor basiseducatie die voor 1 januari 2018 uitsluitend aangesteld geweest zijn in een functie in een centrum voor basiseducatie en die op 1 januari 2018 of later uitsluitend prestaties verrichten in een centrum voor basiseducatie, voor de periode vóór 1 januari 2018 alleen rekening gehouden met de geldelijke anciënniteit, vermeld in het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 houdende geldelijke bepalingen voor de personeelsleden van de Centra voor Basiseducatie en tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs en het koninklijk besluit van 1 december 1970 houdende bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs, op 31 december 2017. Als het personeelslid voor 1 januari 2018 aangesteld werd in meer dan één functie in een centrum voor basiseducatie, wordt de hoogste geldelijke anciënniteit in aanmerking genomen op die datum.";
3° aan paragraaf 4, tweede lid, wordt een punt 3° toegevoegd, dat luidt als volgt :
"3° de personeelsleden van de centra voor basiseducatie, vermeld in paragraaf 3, 3°, geen rekening gehouden met het aantal dagen ziekteverlof dat ze opgenomen hebben vóór 1 januari 2018.".
Art. 5. A l'article 5 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° le paragraphe 1er, 5°, est complété par un point d), rédigé comme suit :
" d) les dispositions du Chapitre III de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juillet 2009 portant des dispositions pĂ©cuniaires applicables aux membres du personnel des centres d'Ă©ducation de base et modifiant l'arrĂȘtĂ© royal du 15 avril 1958 portant statut pĂ©cuniaire du personnel enseignant, scientifique et assimilĂ© du MinistĂšre de l'Instruction publique et l'arrĂȘtĂ© royal du 1er dĂ©cembre 1970 fixant le statut pĂ©cuniaire des membres du personnel administratif, du personnel de maĂźtrise, gens de mĂ©tier et de service des Ă©tablissements d'enseignement gardien, primaire, spĂ©cial, moyen, technique, artistique et normal de l'Etat. " ;
2° le paragraphe 3 est complété par un point 3°, rédigé comme suit :
" 3° pour le calcul de l'anciennetĂ© sociale pour les membres du personnel des centres d'Ă©ducation de base qui, avant le 1er janvier 2018, ont Ă©tĂ© dĂ©signĂ©s exclusivement dans une fonction dans un centre d'Ă©ducation de base et qui, au 1er janvier 2018 ou plus tard, accomplissent exclusivement des prestations dans un centre d'Ă©ducation de base, il est uniquement tenu compte, pour la pĂ©riode avant le 1er janvier 2018, de l'anciennetĂ© pĂ©cuniaire visĂ©e Ă  l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juillet 2009 portant des dispositions pĂ©cuniaires applicables aux membres du personnel des centres d'Ă©ducation de base et modifiant l'arrĂȘtĂ© royal du 15 avril 1958 portant statut pĂ©cuniaire du personnel enseignant, scientifique et assimilĂ© du MinistĂšre de l'Instruction publique et l'arrĂȘtĂ© royal du 1er dĂ©cembre 1970 fixant le statut pĂ©cuniaire des membres du personnel administratif, du personnel de maĂźtrise, gens de mĂ©tier et de service des Ă©tablissements d'enseignement gardien, primaire, spĂ©cial, moyen, technique, artistique et normal de l'Etat, acquise au 31 dĂ©cembre 2017. Lorsque le membre du personnel a Ă©tĂ© dĂ©signĂ© avant le 1er janvier 2018 dans plus d'une fonction dans un centre d'Ă©ducation de base, l'anciennetĂ© pĂ©cuniaire la plus importante est prise en considĂ©ration Ă  cette date. " ;
3° le paragraphe 4, alinéa 2, est complété par un point 3°, rédigé comme suit :
" pour les membres du personnel des centres d'éducation de base visés au paragraphe 3, 3° du nombre de jours de congé de maladie déjà pris avant le 1er janvier 2018. ".
Art. 6. In hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 21 oktober 2011, 17 oktober 2014 en 28 oktober 2016, wordt een artikel 12/1 ingevoegd, dat luidt als volgt :
"Art. 12/1. § 1. In afwijking van artikel 11 worden voor de tijdelijke personeelsleden die voor 1 januari 2018 uitsluitend aangesteld geweest zijn in een functie in een centrum voor basiseducatie en die op 1 januari 2018 of later uitsluitend prestaties verrichten in een centrum voor basiseducatie, het aantal dagen bezoldigd ziekteverlof voor de periode vóór 1 januari 2018, bepaald op vijftien dagen per twaalf maanden geldelijke anciënniteit.
Voor de personeelsleden vermeld in het eerste lid, wordt de geldelijke anciënniteit berekend op 31 december 2017 conform het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 2009 houdende geldelijke bepalingen voor de personeelsleden van de centra voor basiseducatie en tot wijziging van het koninklijk besluit van 15 april 1958 houdende bezoldigingsregeling van het onderwijzend, wetenschappelijk en daarmee gelijkgesteld personeel van het Ministerie van Openbaar Onderwijs en het koninklijk besluit van 1 december 1970 houdende bezoldigingsregeling van het administratief personeel, het meesters-, vak- en dienstpersoneel van de rijksinrichtingen voor kleuteronderwijs, voor lager, buitengewoon, middelbaar, technisch, kunst- en normaalonderwijs. Als het personeelslid voor 1 januari 2018 aangesteld is in meer dan één functie in een centrum voor basiseducatie, wordt de hoogste geldelijke anciënniteit genomen op die datum.
§ 2. Bij de personeelsleden vermeld in paragraaf 1, eerste lid, wordt geen rekening gehouden met het aantal dagen ziekteverlof dat ze opgenomen hebben vóór 1 januari 2018.".
Art. 6. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement flamand des 21 octobre 2011, 17 octobre 2014 et 28 octobre 2016, il est insĂ©rĂ© un article 12/1, rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 12/1. § 1er. Par dérogation à l'article 11, est fixé à quinze jours par douze mois d'ancienneté pécuniaire, le nombre de jours de congé de maladie rémunéré pour la période avant le 1er janvier 2018 pour les membres du personnel temporaires qui, avant le 1er janvier 2018, ont été désignés exclusivement dans une fonction dans un centre d'éducation de base et qui, le 1er janvier 2018 ou plus tard, accomplissent exclusivement des prestations dans un centre d'éducation de base.
Pour les membres du personnel visĂ©s Ă  l'alinĂ©a 1er, l'anciennetĂ© pĂ©cuniaire est calculĂ©e au 31 dĂ©cembre 2017 conformĂ©ment Ă  l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 24 juillet 2009 portant des dispositions pĂ©cuniaires applicables aux membres du personnel des centres d'Ă©ducation de base et modifiant l'arrĂȘtĂ© royal du 15 avril 1958 portant statut pĂ©cuniaire du personnel enseignant, scientifique et assimilĂ© du MinistĂšre de l'Instruction publique et l'arrĂȘtĂ© royal du 1er dĂ©cembre 1970 fixant le statut pĂ©cuniaire des membres du personnel administratif, du personnel de maĂźtrise, gens de mĂ©tier et de service des Ă©tablissements d'enseignement gardien, primaire, spĂ©cial, moyen, technique, artistique et normal de l'Etat. Lorsque le membre du personnel a Ă©tĂ© dĂ©signĂ© avant le 1er janvier 2018 dans plus d'une fonction dans un centre d'Ă©ducation de base, l'anciennetĂ© pĂ©cuniaire la plus importante est prise en considĂ©ration Ă  cette date.
§ 2. Pour les membres du personnel visés au paragraphe 1er, alinéa 1er, il n'est pas tenu compte du nombre de jours de congé de maladie déjà pris avant le 1er janvier 2018. ".
Art. 7. In artikel 21 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 28 oktober 2016 wordt de zinsnede "ter uitvoering van artikel 57 van het decreet van 15 december 1993 betreffende het onderwijs-V" vervangen door de zinsnede "ter uitvoering van artikel V.19 van de codificatie van sommige bepalingen van 28 oktober 2016".
Art. 7. Dans l'article 21 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 28 octobre 2016, le membre de phrase " en application de l'article 57 du dĂ©cret du 15 dĂ©cembre 1993 relatif Ă  l'enseignement-V " est remplacĂ© par le membre de phrase " en application de l'article V.19 de la codification de certaines dispositions du 28 octobre 2016 ".
Art. 8. In artikel 28/5 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 oktober 2014, wordt het achtste lid opgeheven.
Art. 8. Dans l'article 28/5 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement flamand du 17 octobre 2014, l'alinĂ©a 8 est abrogĂ©.
HOOFDSTUK 3. - Slotbepalingen
CHAPITRE 3. - Dispositions finales
Art. 9. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2018.
Art. 9. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le 1er janvier 2018.
Art. 10. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 10. Le Ministre flamand ayant l'enseignement dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.