Artikel 1. In artikel 9 van het ministerieel besluit van 26 november 1991 houdende de toepassingsregelen van de werkloosheidsreglementering, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° het eerste lid wordt vervangen door de volgende leden :
" Art. 9. Voor de leerkracht, tewerkgesteld in een onderwijsinstelling opgericht of gesubsidieerd door een Gemeenschap, wordt het aantal in rekening gebrachte arbeidsdagen bekomen overeenkomstig artikel 7.
Dat aantal wordt vermenigvuldigd met 1,2 indien de leerkracht een uitgestelde bezoldiging voor de schoolvakantieperiodes ontving. Het bekomen quotiënt wordt afgerond naar de hogere eenheid. ";
2° in het tweede lid, dat het derde lid wordt, wordt de verwijzing "het voorgaande lid" vervangen door de verwijzing "de voorgaande leden".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
19 MEI 2016. - Ministerieel besluit tot wijziging van de artikelen 9 en 20 van het ministerieel besluit van 26 november 1991 houdende de toepassingsregelen van de werkloosheidsreglementering
Titre
19 MAI 2016. - Arrêté ministériel modifiant les articles 9 et 20 de l'arrêté ministériel du 26 novembre 1991 portant les modalités d'application de la réglementation du chômage
Documentinformatie
Info du document
Tekst (3)
Texte (3)
Article 1er. A l'article 9, de l'arrêté ministériel du 26 novembre 1991 portant les modalités d'application de la réglementation du chômage, sont apportées les modifications suivantes :
1° l'alinéa 1er est remplacé par les alinéas suivants :
" Art. 9. Pour l'enseignant, occupé dans un établissement d'enseignement organisé ou subventionné par une Communauté, le nombre de jours de travail pris en considération est obtenu conformément à l'article 7.
Ce nombre est multiplié par 1,2 si l'enseignant a perçu une rémunération différée pour les périodes de vacances scolaires. Le quotient obtenu est arrondi à l'unité supérieure. ";
2° [à l'alinéa 2, qui devient l'alinéa 3, le renvoi « à l'alinéa précédent » est remplacé par le renvoi « aux alinéas précédents.] (ERRATUM, voir M.B. 28-12-2017, p. 115679]
1° l'alinéa 1er est remplacé par les alinéas suivants :
" Art. 9. Pour l'enseignant, occupé dans un établissement d'enseignement organisé ou subventionné par une Communauté, le nombre de jours de travail pris en considération est obtenu conformément à l'article 7.
Ce nombre est multiplié par 1,2 si l'enseignant a perçu une rémunération différée pour les périodes de vacances scolaires. Le quotient obtenu est arrondi à l'unité supérieure. ";
2° [à l'alinéa 2, qui devient l'alinéa 3, le renvoi « à l'alinéa précédent » est remplacé par le renvoi « aux alinéas précédents.] (ERRATUM, voir M.B. 28-12-2017, p. 115679]
Art. 2. In artikel 20 van hetzelfde besluit, vervangen bij het ministerieel besluit van 13 december 1996 en gewijzigd bij het ministerieel besluit van 5 maart 2006, wordt het derde lid vervangen door de volgende bepaling :
" De leerkracht, tewerkgesteld in een onderwijsinstelling opgericht of gesubsidieerd door een Gemeenschap, moet de dagen die gedekt zijn door de bezoldiging voor een schoolvakantieperiode uitputten vanaf de eerste werkdag van de maand juli. Dat aantal dagen wordt geacht gelijk te zijn aan één zesde van het aantal arbeidsdagen dat bekomen wordt door de toepassing van artikel 7. Indien de leerkracht een volledige jaarwedde heeft genoten als voltijdse leerkracht in de zin van artikel 28, § 1, van het koninklijk besluit, wordt dat aantal dagen evenwel geacht de volledige vakantieperiode te dekken. ".
" De leerkracht, tewerkgesteld in een onderwijsinstelling opgericht of gesubsidieerd door een Gemeenschap, moet de dagen die gedekt zijn door de bezoldiging voor een schoolvakantieperiode uitputten vanaf de eerste werkdag van de maand juli. Dat aantal dagen wordt geacht gelijk te zijn aan één zesde van het aantal arbeidsdagen dat bekomen wordt door de toepassing van artikel 7. Indien de leerkracht een volledige jaarwedde heeft genoten als voltijdse leerkracht in de zin van artikel 28, § 1, van het koninklijk besluit, wordt dat aantal dagen evenwel geacht de volledige vakantieperiode te dekken. ".
Art. 2. A l'article 20 du même arrêté, remplacé par l'arrêté ministériel du 13 décembre 1996 et modifié par l'arrêté ministériel du 5 mars 2006, l'alinéa 3 est remplacé par la disposition suivante :
["L'enseignant occupé dans un établissement d'enseignement organisé ou subventionné par une Communauté doit épuiser les jours couverts par la rémunération due pour une période de vacances scolaires à partir du premier jour ouvrable du mois de juillet. Ce nombre de jours est censé être égal à un sixième du nombre de jours de travail obtenu en application de l'article 9. Dans le cas où l'enseignant a bénéficié d'un traitement annuel complet comme enseignant à temps plein au sens de l'article 28, § 1er, de l'arrêté royal, ce nombre de jours est toutefois censé couvrir la période complète des vacances."] (ERRATUM, voir M.B. 28-12-2017, p. 115679)
["L'enseignant occupé dans un établissement d'enseignement organisé ou subventionné par une Communauté doit épuiser les jours couverts par la rémunération due pour une période de vacances scolaires à partir du premier jour ouvrable du mois de juillet. Ce nombre de jours est censé être égal à un sixième du nombre de jours de travail obtenu en application de l'article 9. Dans le cas où l'enseignant a bénéficié d'un traitement annuel complet comme enseignant à temps plein au sens de l'article 28, § 1er, de l'arrêté royal, ce nombre de jours est toutefois censé couvrir la période complète des vacances."] (ERRATUM, voir M.B. 28-12-2017, p. 115679)
Art. 3. Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2017.
Art. 3. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2017.