§ 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:
  1° "afvalstoffenlijst": de lijst van afvalstoffen zoals bepaald in artikel 10 van de ordonnantie van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
  2° "vervoer": het geheel van de operaties van laden, lossen en verplaatsen van afvalstoffen van een plaats naar een andere;
  3° "financieringsovereenkomst": een lening-, lease-, huur- of afbetalingsovereenkomst of een regeling met betrekking tot enige apparatuur, ongeacht of volgens die overeenkomst of regeling dan wel volgens een bijkomende overeenkomst of regeling eigendomsoverdracht van het apparaat zal of kan plaatsvinden;
  4° "in de handel brengen": het voor het eerst beroepsmatig op de markt aanbieden van een product op het Belgisch grondgebied;
  5° "op de markt aanbieden": het in het kader van een handelsactiviteit, al dan niet tegen betaling, verstrekken van een product met het oog op distributie, consumptie of gebruik op de Belgische markt;
  6° [1 "distributeur": elke persoon in de toeleveringsketen die een product op de markt aanbiedt;]1;
  7° "kleinhandelaar": iedere persoon die een product te koop aanbiedt aan de consument;
  8° "consument": de natuurlijke of rechtspersoon die de producten voor privé- of beroepsmatige doeleinden verwerft om ze te verbruiken of gebruiken;
  9° [2 ...]2
  10° [3 "producent": onder de producenten van producten in de zin van artikel 3, 13° van de ordonnantie afval, iedere natuurlijke of rechtspersoon die, ongeacht de gebruikte verkooptechniek, inclusief de verkoop op afstand:
  a) in België gevestigd is en onder zijn eigen naam of merknaam een product vervaardigt, of laat ontwerpen of vervaardigen en het onder zijn eigen naam of merknaam op de markt brengt op het Belgisch grondgebied;
  b) in België gevestigd is en in België onder zijn eigen naam of handelsmerk een product wederverkoopt die door andere leveranciers is geproduceerd, hierbij wordt de wederverkoper niet als producent aangemerkt wanneer het merkteken zoals bepaald in punt a) op het product zichtbaar is;
  c) in België gevestigd is en die beroepsmatig een product uit een derde land of een andere lidstaat van de Europese Unie op het Belgische grondgebied in de handel brengt;
  d) in België gevestigd is en een product vervaardigt of invoert en het beroepsmatig voor eigen gebruik toewijst;
  e) buiten België gevestigd is en via communicatie op afstand een product, in de zin van artikel I.8. 15° van het Wetboek van economisch recht, rechtstreeks verkoopt aan huishoudens of aan andere gebruikers dan huishoudens in België.
  Diegene die uitsluitend voorziet in financiering op grond van of in het kader van een financieringsovereenkomst wordt niet als "producent" aangemerkt, tenzij hij tevens optreedt als producent in de zin van het bepaalde onder de punten a) tot en met e)]3;
  11° "terugnameplicht": verplichting voor de producent om de afvalstoffen die het gevolg zijn van het in de handel brengen van zijn producten, terug te nemen of te laten terugnemen, in te zamelen of te laten inzamelen;
  12° "milieuovereenkomst": de overeenkomst geregeld door de ordonnantie van 29 april 2004 betreffende de milieuovereenkomsten;
  13° "milieu-informatie": de informatie zoals omschreven door de ordonnantie van 18 maart 2004 inzake toegang tot milieu-informatie;
  14° "batterijen en accu's": bron van door rechtstreekse omzetting van chemische energie verkregen elektrische energie, bestaande uit een of meer primaire (niet-oplaadbare) batterijcellen of uit een of meer secundaire (oplaadbare) batterijcellen;
  15° "afgedankte batterijen of accu's": elke batterij of accu waarvan de houder zich ontdoet, of voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen en die een afvalstof vormt in de zin van de ordonnantie afvalstoffen, ongeacht het gewicht, de vorm, het volume, de samenstelling of het gebruik;
  16° "band": elke volle of met lucht gevulde rubberband, met inbegrip van bandages en met uitzondering van fietsbanden;
  17° "versleten band": elke band die, zonder voorbereiding voor hergebruik, niet of niet meer kan gebruikt worden voor het doel waarvoor de band oorspronkelijk bestemd was en waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen;
  18° "elektrische en elektronische apparatuur (EEA)": apparaten die afhankelijk zijn van elektrische stromen of elektromagnetische velden om naar behoren te werken en apparaten voor het opwekken, overbrengen en meten van die stromen en velden en die bedoeld zijn voor gebruik met een spanning van maximaal 1 000 volt bij wisselstroom en 1 500 volt bij gelijkstroom;
  19° "afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA)": de elektrische en elektronische apparatuur, met inbegrip van alle onderdelen, sub-eenheden en verbruiksmaterialen die volledig deel uitmaken van het product op het moment dat het wordt afgedankt, waarvan de houder zich ontdoet, voornemens is zich te ontdoen of zich moet ontdoen en die een afvalstof vormt in de zin van de ordonnantie afvalstoffen;
  20° "huishoudelijk AEEA": AEEA dat afkomstig is van particuliere huishoudens en AEEA dat afkomstig is van commerciële, industriële, institutionele en andere bronnen en die naar aard en hoeveelheid met die van particuliere huishoudens vergelijkbaar is. Afvalstoffen van EEA die waarschijnlijk zowel door particuliere huishoudens als door andere gebruikers dan particuliere huishoudens worden gebruikt, worden in elk geval als huishoudelijk AEEA aangemerkt; In geval van twijfel over het huishoudelijk of professionele karakter van een apparaat wordt de beslissing ter goedkeuring voorgelegd aan het Instituut;
  21° "vennootschappen met sociaal oogmerk": verenigingen zonder winstoogmerk en vennootschappen met sociaal oogmerk, erkend overeenkomstig het besluit van 16 juli 2010 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering betreffende de erkenning en de betoelaging van verenigingen zonder winstoogmerk en van vennootschappen met sociaal oogmerk die bedrijvig zijn in de hergebruik- en recyclingsector in de zin van het besluit.
  22° "valoriseerbare materialen" : afvalstoffen die het statuut van afvalstoffen kunnen verliezen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest :
  - als ze de einde-afvalfase hebben bereikt in het Vlaams Gewest volgens artikel 36 van het decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen of
  - als ze de einde-afvalfase hebben bereikt in het Waals Gewest volgens artikel 4 ter van het decreet van 27 juni 1996 betreffende afvalstoffen of als ze gevaloriseerd kunnen worden volgens de bepalingen van het besluit van de Waalse Regering van 14 juni 2001 waarbij de nuttige toepassing van sommige afvalstoffen bevorderd wordt;
  23° "ordonnantie milieuvergunningen": de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen;
  24° "ordonnantie afvalstoffen": de ordonnantie van 14 juni 2012 betreffende afvalstoffen;
  25° "ordonnantie bodem": de ordonnantie van 5 maart 2009 betreffende het beheer en de sanering van verontreinigde bodems;
  26° "wetboek van inspectie": het wetboek van inspectie, preventie, vaststelling en bestraffing van milieumisdrijven, en milieuaansprakelijkheid, zoals ingesteld door de ordonnantie van 8 mei 2014 tot wijziging van de ordonnantie van 25 maart 1999 betreffende de opsporing, de vaststelling, de vervolging en de bestraffing van misdrijven inzake leefmilieu alsook andere wetgevingen inzake milieu, en tot instelling van een Wetboek van inspectie, preventie, vaststelling en bestraffing van milieumisdrijven, en milieuaansprakelijkheid;
  27° "Minister": de Minister tot wiens bevoegdheid het leefmilieu behoort.
  [3 28° "Verordening (EG) nr. 1013/2006": Verordening (EG) Nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de overbrenging van afvalstoffen;
  29° "Verordening (EG) nr. 1069/2009": Verordening (EG) Nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1774/2002;
  30° "Verordening (EU) nr. 142/2011": Verordening (EU) nr. 142/2011 van de Commissie van 25 februari 2011 tot uitvoering van Verordening (EG) nr. 1069/2009 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van gezondheidsvoorschriften inzake niet voor menselijke consumptie bestemde dierlijke bijproducten en afgeleide producten en tot uitvoering van Richtlijn 97/78/EG van de Raad wat betreft bepaalde monsters en producten die vrijgesteld zijn van veterinaire controles aan de grens krachtens die richtlijn;
  31° "compostering": een aerobe gecontroleerde afbraak van biodegradeerbare materie, die door het vrijkomen van biologische warmte toelaat om geschikte temperaturen te bekomen voor het ontwikkelen van thermofiele bacteriën;
  32° "bijkomend inzamelpunt": inrichting voor het inzamelen van afvalstoffen zoals bedoeld in punt 14 toegevoegd na de tabel van de bijlage van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke regering van 4 maart 1999 tot vaststelling van de ingedeelde inrichtingen van klasse IB, IC, ID, II en III met toepassing van artikel 4 van de ordonnantie van 5 juni 1997 betreffende de milieuvergunningen;
  33° "matras": product bestemd om op te slapen en te rusten, geschikt voor het gebruik door elk persoon voor een lange periode, bestaand uit een sterke hoes, gevuld met kernmaterialen, en dat kan worden geplaatst op een bestaande ondersteunende bedstructuur, inclusief toppers die bovenop de matras worden gelegd;
  34° "afgedankte matras": elke matras die onder de definitie van "afvalstof" valt zoals beoogd in artikel 3, 1°, van de ordonnantie afvalstoffen, ongeacht het gewicht, de vorm, het volume, de samenstelling of het gebruik;
  35° "kunststof": een materiaal bestaande uit een polymeer zoals bedoeld in artikel 3, punt 5, van Verordening (EG) nr. 1907/2006, waaraan mogelijk additieven of andere stoffen zijn toegevoegd, en dat als een structureel hoofdbestanddeel van eindproducten kan worden gebruikt, met uitzondering van natuurlijke polymeren die niet chemisch zijn gewijzigd;
  36° "product voor eenmalig gebruik": een product dat niet werd bedacht, ontworpen of in de handel gebracht om binnen zijn levensduur meerdere cycli te maken door te worden teruggestuurd naar een producent om opnieuw gevuld te worden of opnieuw gebruikt te worden voor het doel waarvoor het gemaakt was;
  37° "kunststofproduct voor eenmalig gebruik": een product dat geheel of gedeeltelijk van kunststof is gemaakt en niet werd bedacht, ontworpen of in de handel gebracht om binnen zijn levensduur meerdere cycli te maken door te worden teruggestuurd naar een producent om opnieuw gevuld te worden of opnieuw gebruikt te worden voor het doel waarvoor het gemaakt was;
  38° "vistuig": elk voorwerp of onderdeel van een werktuig dat wordt gebruikt in de visserij of de aquacultuur om in zee levende organismen af te zonderen, te vangen of te kweken, of dat op het zeeoppervlak drijft en wordt uitgezet met als doel dergelijke in zee levende organismen aan te trekken, te vangen of te kweken;
  39° "vistuigafval": elk vistuig dat valt onder de definitie van "afvalstoffen" in artikel 3, 1°, van de ordonnantie afvalstoffen, met inbegrip van alle afzonderlijke bestanddelen, stoffen of materialen die deel uitmaakten of bevestigd waren aan dergelijk vistuig toen het werd afgedankt, werd achtergelaten of verloren raakte;
  40° "vochtige doekjes": alle vooraf bevochtigde doekjes voor persoonlijke hygiëne, en huishoudelijk gebruik;
  41° "ballonnen": alle ballonnen, met uitzondering van ballonnen voor industriële of andere professionele toepassingen en die niet op particuliere basis aan consumenten worden verstrekt;
  42° "tabaksproducten": producten die geconsumeerd kunnen worden en die, al is het slechts ten dele, bestaan uit tabak, ook indien genetisch gemodificeerd;
  43° "peuken": alle afval van tabaksproducten met plastic filters voor eenmalig gebruik en alle afval van plastic filters voor eenmalig gebruik dat op de markt is gebracht als producten die in combinatie met tabaksproducten moeten worden gebruikt;
  44° "cateringmateriaal": alles wat gebruikt wordt voor het aanbieden en het nuttigen van etenswaren en drank, met uitsluiting van voorverpakte dranken of etenswaren;
  45° "cateringmateriaal voor eenmalig gebruik": cateringmateriaal dat een product voor eenmalig gebruik is;
  46° "bereide voedingsmiddelen": voedingsmiddelen die ter plaatse worden klaargemaakt, samengesteld, geschikt, opgewarmd, geregenereerd of ontdooid;
  47° "openbare entiteit": elke rechtspersoon die behoort tot één van de categorieën bedoeld in artikel 1.3.1, 4°, van de ordonnantie van 2 mei 2013 houdende het Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing, met uitzondering van federale en gemeenschapsoverheden en van Europese en internationale instellingen]3;
  [5 48° "openbare weg": een weg zoals gedefinieerd in artikel 2, 18° van de ordonnantie van 3 juli 2008 betreffende bouwplaatsen op de openbare weg;
  49° "constructie": een bouwwerk, kunstwerk, waterbouwkundig werk of een weg;
  50° "partij": een afgescheiden en identificeerbare hoeveelheid afvalstoffen, stoffen of materialen van homogene milieuhygiënische kwaliteit van maximum 5.000 ton;
  51° "eindgebruiker": de eigenaar, exploitant of gebruiker van het ontvangende perceel die de opdracht heeft gegeven om het gerecycleerd granulaat of de grond te gebruiken, of bij ontstentenis de aannemer belast met deze werken;
  52° "puin": de granulometrische steenachtige en zandige fractie en de bitumineuze fractie van bouw- en sloopafval afkomstig van bouw-, renovatie- of sloopwerken van constructies;
  53° "gerecycleerd granulaat": de granulometrische steenachtige en zandige fractie en de bitumineuze fractie afkomstig van de verwerking van puin;
  54° "breker": een inrichting of een uitrusting voor de mechanische verwerking van puin tot gerecycleerd granulaat.]5
  § 2. [4 § 2. Onverminderd de definities in dit artikel zijn de definities van
  - de ordonnantie milieuvergunningen,
  - de ordonnantie afvalstoffen,
  - de ordonnantie bodem,
  - de Europese verordeningen bedoeld in paragraaf 1
  van toepassing op het huidig besluit]4.
 Â