Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
17 MEI 2016. - Koninklijk besluit tot bepaling van de criteria voor een evenwichtige spreiding over de gemeenten van de opvangplaatsen voor de asielzoekers
Titre
17 MAI 2016. - Arrêté royal fixant les critères d'une répartition harmonieuse entre les communes des places d'accueil pour les demandeurs d'asile
Documentinformatie
Numac: 2016000341
Datum: 2016-05-17
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2016000341
Date: 2016-05-17
Moniteur: Voir
Tekst (16)
Texte (16)
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepaling
CHAPITRE Ier. - Disposition préliminaire
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit dient te worden verstaan onder:
  1° De wet: de wet van 12 januari 2007 betreffende de opvang van asielzoekers en van bepaalde andere categorieën van vreemdelingen;
  2° De asielzoeker: de persoon bedoeld in artikel 2, 1° van de wet;
  3° Het Agentschap : het federaal agentschap voor de opvang van asielzoekers;
  4° O.C.M.W.: het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn zoals bepaald in de organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn van 8 juli 1976;
  5° Lokaal opvanginitiatief: individuele of collectieve structuur waar de toekenning van het voordeel van de materiële hulp wordt georganiseerd overeenkomstig artikel 64 van de wet;
  6° Spreidingsplan: het spreidingsplan zoals bedoeld in artikel 57ter/1 van de organieke wet betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn van 8 juli 1976.
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, il y a lieu d'entendre par :
  1° La loi : la loi du 12 janvier 2007 sur l'accueil des demandeurs d'asile et de certaines autres catégories d'étrangers;
  2° Le demandeur d'asile : la personne visée à l'article 2, 1° de la loi;
  3° L'Agence : l'Agence fédérale pour l'accueil des demandeurs d'asile;
  4° C.P.A.S. : le centre public d'action sociale tel que défini dans la loi organique des centres publics d'action sociale du 8 juillet 1976;
  5° Initiative locale d'accueil: structure individuelle ou collective au sein de laquelle est organisé l'octroi du bénéfice de l'aide matérielle conformément à l'article 64 de la loi;
  6° Plan de répartition : le plan de répartition tel que visé dans l'article 57ter/1 de la loi organique des centres publics d'action sociale du 8 juillet 1976.
HOOFDSTUK II. - Spreidingscriteria
CHAPITRE II. - Critères de répartition
Art. 2. Het aantal plaatsen in lokaal opvanginitiatief, te openen op het grondgebied van elke gemeente, wordt bepaald na toepassing van de criteria vermeld in de formule van artikel 3.
  De berekening van het aantal van deze opvangplaatsen voor asielzoekers per gemeente houdt rekening met de opvangplaatsen in lokaal opvanginitiatief, alsook met alle andere opvangplaatsen die geen lokale opvanginitiatieven zijn op het grondgebied van de gemeente. De plaatsen in lokaal opvanginitiatief worden in aanmerking genomen voor 100 % en de andere voor 75 %.
  De gemeenten die twee maal meer opvangplaatsen voor asielzoekers hebben dan het gemiddelde aantal opvangplaatsen per duizend inwoners worden vrijgesteld van het creëren van nieuwe plaatsen in lokaal opvanginitiatief in het kader van het spreidingsplan.
Art. 2. Le nombre de places d'accueil en initiative locale d'accueil à ouvrir sur le territoire de chaque commune est déterminé après application des critères énoncés dans la formule de l'article 3.
  Le calcul du nombre de ces places d'accueil pour demandeurs d'asile par commune prend en compte les places d'accueil en initiative locale d'accueil ainsi que toutes les autres places d'accueil qui ne sont pas des initiatives locales d'accueil sur le territoire de la commune. Les places en initiative locale d'accueil sont prises en considération à hauteur de 100% et les autres à hauteur de 75%.
  Les communes ayant deux fois plus de places d'accueil pour demandeurs d'asile que le nombre moyen de places d'accueil par millier d'habitants sont exemptées de créer de nouvelles places en initiative locale d'accueil dans le cadre du plan de répartition.
Art. 3. Het totaal aantal in lokaal opvanginitiatief te creëren plaatsen wordt per schijf vastgelegd.
  Het aantal plaatsen in lokaal opvanginitiatief, te creëren op het grondgebied van elke gemeente, volgt uit de toepassing van de volgende formule:
Art. 3. Le nombre total de places en initiative locale d'accueil à créer est fixé par tranche.
  Le nombre de places en initiative locale d'accueil à créer sur le territoire de chaque commune résulte de l'application de la formule suivante:
  (Beeld niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 10-06-2016, p. 35249)
  (Image non reprise pour des raisons techniques, voir M.B. du 10-06-2016, p. 35249)
  Indien het resultaat van de berekening van het aantal plaatsen geen geheel getal is, wordt dit getal naar beneden afgerond op het gehele getal als het minder is dan 0,5 en naar boven afgerond tot het volgende gehele getal als deze gelijk of groter dan 0,5 is.
  A = vermenigvuldigingsfactor overeenkomstig het relatief aantal te creëren plaatsen op het grondgebied van deze gemeente;
  Z = schijf van het aantal te creëren opvangplaatsen;
  Z x A = absoluut aantal te creëren plaatsen door de gemeente per schijf;
  P = aantal inwoners ingeschreven in het bevolkingsregister op 1 januari van het jaar waarin elk besluit zoals bedoeld in artikel 5, wordt genomen;
  I = totaal netto belastbaar inkomen van personen gerekend in het laatste belastingjaar waarvan de gegevens bekend zijn op het moment dat elk besluit zoals bedoeld in artikel 5 wordt genomen;
  M = aantal opvangplaatsen per 1000 inwoners op het grondgebied van de gemeente op het moment dat elk besluit zoals bedoeld in artikel 5 wordt genomen, waarbij een plaats in een lokaal opvanginitiatief gelijk is aan 1 en elke andere opvangplaats aan 0.75. Voor de toepassing van de formule is waarde M altijd minstens gelijk aan 1000/P;
  C = aantal begunstigden per 1000 inwoners van maatschappelijke dienstverlening in de zin van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie of het leefloon in de zin van de organieke wet van de O.C.M.W.'s van 8 juli 1976 (waarvoor het O.C.M.W. een terugbetaling van de staat ontvangt) ten laste van het O.C.M.W. gedurende het laatste jaar waarvoor de gegevens bekend zijn op het moment dat elk besluit zoals bedoeld in artikel 5 wordt genomen. Voor de toepassing van de formule is waarde C altijd minstens gelijk aan 1000/P.
  Si le résultat du calcul du nombre de places est un nombre non entier, ce nombre est arrondi au nombre entier inférieur s'il est inférieur à 0,5 et au nombre entier supérieur s'il est égal ou supérieur à 0,5.
  A = coefficient multiplicateur correspondant au nombre relatif de places à créer sur le territoire de cette commune;
  Z = tranche de nombre de places d'accueil à créer;
  Z x A = nombre absolu de places à créer par la commune par tranche;
  P = nombre d'habitants inscrits aux registres de la population au 1er janvier de l'année où est pris chaque arrêté visé à l'article 5;
  I = total des revenus imposables nets des personnes repris dans le dernier exercice fiscal pour lequel les données sont disponibles au moment où est pris chaque arrêté visé à l'article 5 ;
  M = nombre de places d'accueil par millier d'habitants sur le territoire de la commune au moment où est pris chaque arrêté visé à l'article 5, en prenant en compte 1 pour une place dans une initiative locale d'accueil et 0.75 pour toute autre place d'accueil. Pour l'application de la formule, La valeur M est toujours au moins égale à 1000/P ;
  C = nombre de bénéficiaires par millier d'habitants du revenu d'intégration sociale au sens de la loi du 26 mai 2002 concernant le droit à l'intégration sociale ou de l'aide sociale au sens de la loi organique des C.P.A.S. du 8 juillet 1976 et/ou (pour lequel le C.P.A.S. perçoit un remboursement de l'Etat) à charge du C.P.A.S. pendant la dernière année pour laquelle les données sont disponibles au moment où est pris chaque arrêté visé à l'article 5. Pour l'application de la formule, la valeur est toujours au moins égale à 1000/P.
Art. 4. Indien de toepassing van de formule zoals bedoeld in artikel 3 de creatie van een aantal opvangplaatsen oplegt dat groter is dan de drempelvrijstelling voorzien in artikel 2, lid 3, moeten de opvangplaatsen die de drempelvrijstelling overschrijden niet gecreëerd worden.
Art. 4. Si l'application de la formule visée à l'article 3 impose la création d'un nombre de places d'accueil supérieur au seuil d'exemption prévu à l'article 2, alinéa 3, les places d'accueil qui dépassent le seuil d'exemption ne doivent pas être créées.
Art. 5. De datum van inwerkingtreding en het aantal plaatsen van elke schijf van het spreidingsplan worden vastgelegd bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit, alsook de datum waarop de verplichting voor de O.C.M.W.'s om plaatsen te creëren een einde neemt.
Art. 5. La date de prise d'effet et le nombre de places de chaque tranche du plan de répartition sont fixés par arrêté royal délibéré en Conseil des Ministres, ainsi que la date à laquelle prend fin l'obligation pour les C.P.A.S. de créer ces places.
Art. 6. De plaatsen in lokaal opvanginitiatief gecreëerd in het kader van dit besluit worden binnen een termijn van ten laatste zes maanden vanaf de datum van inwerkingtreding van het spreidingsplan ter beschikking gesteld.
  Het Agentschap informeert elk O.C.M.W. over het aantal in lokaal opvanginitiatief te creëren plaatsen alsook over de praktische modaliteiten met betrekking tot hun opening.
  De plaatsen in lokaal opvanginitiatief die werden gecreëerd gedurende de periode van drie maanden voorafgaand aan de datum van inwerkingtreding van het spreidingsplan worden in mindering gebracht van het totale aantal door het O.C.M.W. te creëren plaatsen, dit in het kader van de toepassing van het spreidingsplan. Deze plaatsen worden in dit geval beschouwd als plaatsen in lokaal opvanginitiatief gecreëerd in het kader van de toepassing van dit besluit. Deze mindering is echter niet van toepassing op plaatsen in lokaal opvanginitiatief, gecreëerd in het kader van de uitvoering van een voorgaande schijf van het spreidingsplan.
  Indien in het jaar dat voorafgaat aan de beslissing van inwerkingtreding van het spreidingsplan door het O.C.M.W. plaatsen in lokaal opvanginitiatief werden gecreëerd buiten de toepassing van het spreidingsplan, beschikt het O.C.M.W. over een bijkomende termijn van een maand om plaatsen in lokaal opvanginitiatief te creëren in het kader van het spreidingsplan. Deze maatregel is echter niet van toepassing op plaatsen in lokaal opvanginitiatief die geopend werden gedurende de periode zoals bedoeld in het vorige lid.
Art. 6. Les places en initiative locale d'accueil créées dans le cadre du présent arrêté sont mises à disposition au plus tard six mois à compter de la date de prise d'effet du plan de répartition.
  L'Agence informe chaque C.P.A.S. sur le nombre de places en initiative locale d'accueil à créer ainsi que sur les modalités pratiques de leur ouverture.
  Les places en initiative locale d'accueil qui ont été créées au cours de la période de trois mois précédant la date de prise d'effet du plan de répartition sont déduites du nombre total de places à créer par le C.P.A.S. dans le cadre de l'application du plan de répartition. Ces places sont dans ce cas assimilées à des places en initiative locale d'accueil créées dans le cadre de l'application du présent arrêté. Cette déduction n'est toutefois pas applicable aux places en initiative locale d'accueil créées dans le cadre de l'exécution d'une tranche précédente du plan de répartition.
  Si des places en initiative locale d'accueil ont été créées par le C.P.A.S. hors l'application du plan de répartition dans l'année qui précède la décision de prise d'effet du plan de répartition, le C.P.A.S. dispose d'un délai supplémentaire d'un mois pour créer les places en initiative locale d'accueil dans le cadre du plan de répartition. Cette mesure n'est toutefois pas applicable aux places en initiative locale d'accueil ouvertes au cours de la période visée à l'alinéa précédent.
Art. 7. Wanneer het Agentschap of een van zijn partners na de beslissing van inwerkingtreding van het spreidingsplan op het grondgebied van een gemeente opvangplaatsen opent die geen plaatsen in lokaal opvanginitiatief zijn in de zin van artikel 62 van de wet, kan het Agentschap een nieuwe berekening doorvoeren van het aantal te creëren plaatsen in lokaal opvanginitiatief.
  In dit geval wordt het aantal opvangplaatsen die geopend zijn in overweging genomen om de waarde van M zoals bepaald in artikel 3 vast te stellen.
  Deze nieuwe berekening betreft enkel de opvangplaatsen zoals bedoeld in het eerste lid die effectief geopend zijn voor het verstrijken van de termijn vastgesteld in artikel 6, eerste lid of, in voorkomend geval, degene vastgesteld in artikel 6, vierde lid.
  Om in deze nieuwe berekening in rekening te worden gebracht, dienen dezelfde plaatsen geopend te zijn voor een beginperiode van ten minste zes maanden.
  Het Agentschap communiceert onverwijld aan het O.C.M.W. het geactualiseerde aantal plaatsen in lokaal opvanginitiatief dat, in voorkomend geval, nog moet worden gecreëerd.
Art. 7. Lorsque des places d'accueil qui ne sont pas des places en initiative locale d'accueil sont ouvertes par l'Agence ou un de ses partenaires au sens de l'article 62 de la loi sur le territoire d'une commune postérieurement à la décision de prise d'effet du plan de répartition, l'Agence peut procéder d'office à un nouveau calcul des places en initiative locale d'accueil à y créer.
  Dans ce cas, le nombre de places d'accueil qui sont ouvertes est pris en considération pour fixer la valeur M telle que visée à l'article 3.
  Ce nouveau calcul concerne seulement les places d'accueil visées à l'alinéa 1er qui sont effectivement ouvertes avant l'expiration du délai fixé à l'article 6, alinéa 1er ou, le cas échéant, celui fixé à l'article 6, alinéa 4.
  Pour être prises en considération dans ce nouveau calcul, ces mêmes places doivent également être ouvertes pour une période initiale d'au moins six mois.
  L'Agence communique sans délai au C.P.A.S. le nombre actualisé de places en initiative locale d'accueil qui doivent, le cas échéant, encore être créées.
HOOFDSTUK III. - Financiële sancties
CHAPITRE III. - Sanctions financières
Art. 8. Indien het geheel van opvangplaatsen die in toepassing van het spreidingsplan moeten worden gecreëerd niet door het O.C.M.W. werd gecreëerd binnen de termijn bepaald in artikel 6, eerste lid of, in voorkomend geval, binnen de termijn bepaald in artikel 6, lid 4, brengt het Agentschap dit per aangetekend schrijven ter kennis aan het O.C.M.W. en preciseert het aantal opvangplaatsen dat nog moet worden gecreëerd.
  Het O.C.M.W. kan, in antwoord op de vaststelling door het Agentschap, de motieven te kennen geven waarom de plaatsen nog niet konden worden geopend, en dit ten laatste binnen de vijftien dagen die volgen op de ontvangst van het schrijven zoals bedoeld in het voorgaande lid. Het Agentschap neemt zijn beslissing ten laatste binnen de dertig dagen volgende op de ontvangst van het schrijven van het O.C.M.W.
  Indien het Agentschap de door het O.C.M.W. aangehaalde motieven aanvaardt, legt het een nieuwe termijn vast waarbinnen het geheel van de te creëren plaatsen ten laatste ter beschikking moet worden gesteld.
Art. 8. Si la totalité des places d'accueil à créer en application du plan de répartition n'a pas été créée par le C.PA.S. dans le délai fixé à l'article 6, alinéa 1er ou, le cas échéant, celui fixé à l'article 6, alinéa 4, l'Agence le notifie par courrier recommandé au C.P.A.S. en précisant le nombre de places d'accueil qui doivent encore être créées.
  Le C.P.A.S. peut, en réponse au constat dressé par l'Agence, faire valoir les motifs pour lesquels les places n'ont pas encore pu être ouvertes, au plus tard dans les quinze jours qui suivent la réception du courrier visé à l'alinéa précédent. L'Agence prend sa décision au plus tard dans les trente jours qui suit la réception du courrier du C.P.A.S.
  Si l'Agence accepte les motifs avancés par le C.P.A.S., elle fixe un nouveau délai endéans lequel la totalité des places à créer doit être au plus tard mises à disposition.
Art. 9. § 1 - Wanneer het O.C.M.W. in gebreke blijft om het geheel van de in toepassing van het spreidingsplan toegewezen opvangplaatsen te creëren, kan door het Agentschap één of meerdere financiële sanctie(s) worden opgelegd.
  Elke sanctie bestrijkt ten hoogste een periode van drie maanden en dient ten laatste binnen de zes maanden volgende op deze periode vastgesteld te worden door het Agentschap. De berekening van het bedrag van elke financiële sanctie wordt vastgesteld per opvangplaats en per dag dat de terbeschikkingstelling uitblijft.
  § 2 - Voor elke niet-gecreëerde plaats, beantwoordt het bedrag van de sanctie aan het dubbele van het geïndexeerde bedrag per dag voor een bezette plaats, zoals bepaald door artikel 1, § 1 van het koninklijk besluit van 24 juli 2012 tot regeling van de terugbetaling door het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers van de kosten van de materiële hulp door de openbare centra voor maatschappelijk welzijn toegekend aan een begunstigde van de opvang gehuisvest in een plaatselijk opvanginitiatief.
  § 3 - De datum vanaf dewelke de financiële sanctie verschuldigd is, komt overeen met de dag volgende op het verstrijken van de termijn bedoeld in artikel 6, eerste lid of, in voorkomend geval, hetzij deze bepaald in artikel 6, lid 3, hetzij deze voorzien in artikel 8, lid 3. Wanneer een financiële sanctie werd vastgelegd voor een eerste periode van drie maanden, is elke latere sanctie verschuldigd vanaf de eerste dag volgende op elke periode bedoeld in § 1, tweede lid van dit artikel.
  De berekening van het bedrag van de financiële sanctie neemt een einde op de dag dat het O.C.M.W. het geheel van de opvangplaatsen heeft gecreëerd in het kader van het spreidingsplan of, ten laatste de dag waarop de verplichting voor de O.C.M.W.'s om plaatsen te creëren, zoals bedoeld in artikel 5, een einde neemt.
Art. 9. § 1er - Lorsque le C.P.A.S. demeure en défaut de créer la totalité des places d'accueil attribuées en application du plan de répartition, il peut se voir appliquer une ou plusieurs sanction(s) financière(s) par l'Agence.
  Chaque sanction concerne une période qui ne peut excéder trois mois et doit être établie par l'Agence au plus tard dans les six mois qui suivent cette période. Le calcul du montant de chaque sanction financière s'établit par place d'accueil et par jour de défaut de sa mise à disposition.
  § 2 - Pour chaque place non créée, le montant de la sanction correspond au double du montant indexé par jour pour une place occupée, tel que fixé par l'article 1er, § 1er de l'arrêté royal du 24 juillet 2012 réglant le remboursement par l'Agence fédérale pour l'accueil des demandeurs d'asile des frais relatifs à l'aide matérielle accordée par les centres publics d'aide sociale à un bénéficiaire de l'accueil hébergé dans une initiative locale d'accueil.
  § 3 - La date à partir de laquelle la sanction financière est due correspond au lendemain de l'échéance du délai visé à l'article 6 alinéa 1er ou, le cas échéant, soit celui fixé à l'article 6, alinéa 3, soit celui prévu à l'article 8, alinéa 3. Lorsqu'une sanction financière a été établie pour une première période de trois mois, toute sanction ultérieure est due à partir du premier jour suivant chaque période visée au § 1er, alinéa 2, du présent article.
  Le calcul du montant de la sanction financière s'arrête à la date où le C.P.A.S. a créé la totalité des places en initiative locale d'accueil dans le cadre du plan de répartition ou, au plus tard, à la date à laquelle prend fin l'obligation pour les C.P.A.S. de créer ces places, telle que visée à l'article 5.
Art. 10. De beslissing tot het opleggen van elke financiële sanctie wordt bij aangetekende brief aan het O.C.M.W. ter kennis gebracht. Daarbij wordt een uitnodiging tot betaling van de financiële sanctie binnen een termijn van zestig dagen gevoegd.
  Bij gebrek aan betaling van de financiële sanctie binnen de gestelde termijn wordt de beslissing die deze financiële sanctie oplegt definitief.
Art. 10. La décision d'infliger chaque sanction financière est notifiée par lettre recommandée au C.P.A.S. Une invitation à acquitter la sanction financière dans un délai de soixante jours est jointe.
  A défaut de paiement de la sanction financière dans le délai imparti, la décision qui inflige la sanction financière est définitive.
HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen
CHAPITRE IV. - Dispositions finales
Art. 11. De minister bevoegd voor Maatschappelijke Integratie en de minister bevoegd voor Asiel en Migratie zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 11. Le ministre qui a l'Intégration sociale dans ses attributions et le ministre qui a l'Asile et la Migration dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
Art. 12. Dit besluit treedt in werking de dag van bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Art. 12. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.