Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
11 DECEMBER 2014. - Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s en die gesubsidieerd worden in het kader van artikel 17, 4°, van de ordonnantie van 16 juli 1998 betreffende de toekenning van subsidies om investeringen van openbaar nut aan te moedigen
Titre
11 DECEMBRE 2014. - Arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale fixant les normes énergétiques applicables aux projets de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. subsidiés dans le cadre de l'article 17, 4°, de l'ordonnance du 16 juillet 1998 relative à l'octroi de subsides destinés à encourager la réalisation d'investissements d'intérêt public
Documentinformatie
Info du document
Tekst (10)
Texte (10)
Artikel 1. Onderhavig besluit zet Richtlijn 2012/27/EU van het Europees parlement en van de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van Richtlijnen 2009/125/EG en 2010/30/EU en houdende intrekking van de Richtlijnen 2004/8/EG en 2006/32/EG gedeeltelijk om.
Article 1er. Le présent arrêté transpose partiellement la Directive 2012/27/UE du Parlement européen et du Conseil du 25 octobre 2012 relative à l'efficacité énergétique, modifiant les Directives 2009/125/CE et 2010/30/UE et abrogeant les Directives 2004/8/CE et 2006/32/CE.
Art. 2. Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder :
1° Ordonnantie : de ordonnantie van 16 juli 1998 betreffende de toekenning van subsidies om investeringen van openbaar nut aan te moedigen;
2° Regering : de Brusselse Hoofdstedelijke Regering;
3° Investeringsproject : het in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie gesubsidieerde investeringsproject.
1° Ordonnantie : de ordonnantie van 16 juli 1998 betreffende de toekenning van subsidies om investeringen van openbaar nut aan te moedigen;
2° Regering : de Brusselse Hoofdstedelijke Regering;
3° Investeringsproject : het in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie gesubsidieerde investeringsproject.
Art. 2. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
1° Ordonnance : l'ordonnance du 16 juillet 1998 relative à l'octroi de subsides destinés à encourager la réalisation d'investissements d'intérêt public;
2° Gouvernement : le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale;
3° Projet d'investissement : le projet d'investissement subsidié dans le cadre de l'article 17, 4° de l'ordonnance.
1° Ordonnance : l'ordonnance du 16 juillet 1998 relative à l'octroi de subsides destinés à encourager la réalisation d'investissements d'intérêt public;
2° Gouvernement : le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale;
3° Projet d'investissement : le projet d'investissement subsidié dans le cadre de l'article 17, 4° de l'ordonnance.
Art. 3. Het investeringsproject leeft de technische criteria die door het Brussels Instituut voor Milieubeheer worden gepubliceerd krachtens artikel 5, § 1, 3° van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 9 februari 2012 betreffende de toekenning van financiële steun op het vlak van energie, ter uitvoering van artikel 4, § 1, 1°, van dat besluit.
Art. 3. Le projet d'investissement respecte les conditions techniques qui sont publiées par l'Institut bruxellois pour la gestion de l'environnement en vertu de l'article 5, § 1er, 3°, de l'arrêté du Gouvernement de la Région Bruxelles-Capitale du 9 février 2012 relatif à l'octroi d'aides financières en matière d'énergie, en exécution de l'article 4, § 1er, 1°, de cet arrêté.
Art. 4. § 1. De technische voorwaarden bedoeld in artikel 3 zijn deze die door het Brussels Instituut voor Milieubeheer uiterlijk op 1 januari van het beschouwde jaar gepubliceerd worden, zoals bepaald in artikel 1, 7° van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 9 februari 2012 betreffende de toekenning van financiële steun op het vlak van energie of, bij ontstentenis van publicatie, deze die het jaar voordien gepubliceerd werden.
§ 2. De technische voorwaarden bedoeld in artikel 3 die van toepassing zijn op het in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie gesubsidieerde investeringsproject zijn deze van het jaar waarin de aanvraag om principiële instemming met de toekenning van subsidies voor dat project bij het bevoegde Bestuur wordt ingediend.
§ 2. De technische voorwaarden bedoeld in artikel 3 die van toepassing zijn op het in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie gesubsidieerde investeringsproject zijn deze van het jaar waarin de aanvraag om principiële instemming met de toekenning van subsidies voor dat project bij het bevoegde Bestuur wordt ingediend.
Art. 4. § 1er. Les conditions techniques visées à l'article 3 sont celles publiées par l'Institut Bruxellois de la Gestion de l'Environnement au plus tard le 1er janvier de l'année considérée, telle que définie à l'article 1er, 7° de l'arrêté du Gouvernement de la Région Bruxelles-Capitale du 9 février 2012 relatif à l'octroi d'aides financières en matière d'énergie, ou à défaut de publication celles qui ont été publiées l'année précédente.
§ 2. Les conditions techniques visées à l'article 3 qui sont applicables au projet d'investissement sont celles de l'année au cours de laquelle la demande de l'accord de principe d'octroi de subsides pour ce projet est introduite auprès de l'Administration compétente.
§ 2. Les conditions techniques visées à l'article 3 qui sont applicables au projet d'investissement sont celles de l'année au cours de laquelle la demande de l'accord de principe d'octroi de subsides pour ce projet est introduite auprès de l'Administration compétente.
Art. 5. De technische voorwaarden bedoeld in artikel 3 zijn van toepassing op alle werken, al dan niet aan een onderworpen aan een stedenbouwkundige vergunning, die betrekking hebben op het investeringsproject.
Art. 5. Les conditions techniques visées à l'article 3 sont applicables à l'ensemble des travaux, qu'ils soient ou non soumis à permis d'urbanisme, relatifs au projet d'investissement.
Art. 6. Het besluit van 4 juni 2009 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de gesubsidieerde projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s wordt opgeheven.
Art. 6. L'arrêté du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale du 4 juin 2009 fixant les normes énergétiques applicables aux projets subventionnés de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. est abrogé.
Art. 7. Dit besluit heeft uitwerking op 1 januari 2015.
Art. 7. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er janvier 2015.
Art. 8. De Minister-president van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering die bevoegd voor de Plaatselijke Besturen, wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 8. Le Ministre-Président du Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale qui a les Pouvoirs locaux dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Verslag aan de Brusselse Hoofdstedelijke Regering
Betreft : besluit tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s en die gesubsidieerd worden in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie van 16 juli 1998 betreffende de toekenning van subsidies om investeringen van openbaar nut aan te moedigen.
Achtergrond
Op 24 maart 2011 besliste de Regering de Minister-President ermee te belasten een ontwerpbesluit voor te leggen tot wijziging van het besluit van 4 juni 2009 tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de gesubsidieerde projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s (artikel 17, 4° van de ordonnantie) op grond van een gezamenlijk door de technische diensten van de Directie Gesubsidieerde Werken en de technische diensten van Leefmilieu Brussel uitgevoerde evaluatie. Men dient evenwel vast te stellen dat tot op heden de projecten die in het kader van het DIP 2010-2012 opgestart werden, nog niet allemaal afgerond zijn en dat het derhalve technisch onmogelijk is een volledige evaluatie uit te voeren.
Tijdens de aan deze evaluatie gewijde vergaderingen van de technische diensten van de Directie Gesubsidieerde Werken en de technische diensten van Leefmilieu Brussel is desalniettemin gebleken dat het noodzakelijk is een harmonisatie door te voeren van de jaarlijks vastgelegde technische voorwaarden voor het verkrijgen van de premies die toegekend worden op basis van het programma van uitvoering dat de Regering goedkeurt krachtens artikel 24, § 2 van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en artikel 18bis, § 2 van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, alsook van de voorwaarden voor het verkrijgen van subsidies die toegekend worden aan projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie van 16 juli 1998 betreffende de toekenning van subsidies om investeringen van openbaar nut aan te moedigen.
Toelichting
Gelet op de omvang van de wijzigingen die aan te brengen zijn aan het besluit van 4 juni 2009 tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de gesubsidieerde projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s (artikel 17, 4° van de ordonnantie), werd ervoor gekozen om de Regering voor te stellen het voormelde besluit op te heffen en een nieuw besluit betreffende hetzelfde voorwerp goed te keuren.
Bij de opmaak van het nieuwe besluit werden de volgende ordonnanties en een besluit in overweging genomen :
1. de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid artikel 24, § 2, derde lid;
2. de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid artikel 18bis, § 2, tweede lid;
3. de ordonnantie van 7 juni 2007 betreffende de energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen;
4. het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 9 februari 2012 betreffende de toekenning van financiële steun op het vlak van energie, inzonderheid artikel 5, § 1, 3°.
Bij de opmaak van het nieuwe besluit werd tevens rekening gehouden met het feit dat de door het Gewest gesubsidieerde projecten van werken ter bevordering van een rationeel energiegebruik tot doel moeten hebben :
1. de verbetering van de energieprestatie van gebouwen te stimuleren, rekening houdend met de klimatologische omstandigheden en de lokale bijzonderheden, alsook met de eisen inzake het binnenklimaat en de verhouding kost/efficiëntie;
2. het binnenklimaat van gebouwen te verbeteren;
3. de behoeften aan primaire energie tot een minimum te beperken;
4. de CO2-uitstoot te verlagen;
5. het goede voorbeeld te tonen aan de privésector.
Er dient op gewezen dat het hoger vermelde programma van uitvoering jaarlijks goedgekeurd wordt door de Regering, terwijl de projecten van werken die gesubsidieerd worden in het kader van de ordonnantie van 16 juli 1998 verbonden zijn aan driejarige investeringsprogramma's.
Verder valt nog op te merken dat de jaarlijks vastgelegde technische voorwaarden voor het verkrijgen van de premies die toegekend worden op basis van het programma van uitvoering, van toepassing zijn vanaf 1 januari van het betrokken jaar.
Betreft : besluit tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s en die gesubsidieerd worden in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie van 16 juli 1998 betreffende de toekenning van subsidies om investeringen van openbaar nut aan te moedigen.
Achtergrond
Op 24 maart 2011 besliste de Regering de Minister-President ermee te belasten een ontwerpbesluit voor te leggen tot wijziging van het besluit van 4 juni 2009 tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de gesubsidieerde projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s (artikel 17, 4° van de ordonnantie) op grond van een gezamenlijk door de technische diensten van de Directie Gesubsidieerde Werken en de technische diensten van Leefmilieu Brussel uitgevoerde evaluatie. Men dient evenwel vast te stellen dat tot op heden de projecten die in het kader van het DIP 2010-2012 opgestart werden, nog niet allemaal afgerond zijn en dat het derhalve technisch onmogelijk is een volledige evaluatie uit te voeren.
Tijdens de aan deze evaluatie gewijde vergaderingen van de technische diensten van de Directie Gesubsidieerde Werken en de technische diensten van Leefmilieu Brussel is desalniettemin gebleken dat het noodzakelijk is een harmonisatie door te voeren van de jaarlijks vastgelegde technische voorwaarden voor het verkrijgen van de premies die toegekend worden op basis van het programma van uitvoering dat de Regering goedkeurt krachtens artikel 24, § 2 van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en artikel 18bis, § 2 van de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, alsook van de voorwaarden voor het verkrijgen van subsidies die toegekend worden aan projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s in het kader van artikel 17, 4° van de ordonnantie van 16 juli 1998 betreffende de toekenning van subsidies om investeringen van openbaar nut aan te moedigen.
Toelichting
Gelet op de omvang van de wijzigingen die aan te brengen zijn aan het besluit van 4 juni 2009 tot vaststelling van de energienormen die van toepassing zijn op de gesubsidieerde projecten van werken die bijdragen tot een rationeel energiegebruik in de gebouwen die toebehoren aan de gemeenten en O.C.M.W.'s (artikel 17, 4° van de ordonnantie), werd ervoor gekozen om de Regering voor te stellen het voormelde besluit op te heffen en een nieuw besluit betreffende hetzelfde voorwerp goed te keuren.
Bij de opmaak van het nieuwe besluit werden de volgende ordonnanties en een besluit in overweging genomen :
1. de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid artikel 24, § 2, derde lid;
2. de ordonnantie van 1 april 2004 betreffende de organisatie van de gasmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, betreffende wegenisretributies inzake gas en elektriciteit en houdende wijziging van de ordonnantie van 19 juli 2001 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, inzonderheid artikel 18bis, § 2, tweede lid;
3. de ordonnantie van 7 juni 2007 betreffende de energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen;
4. het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 9 februari 2012 betreffende de toekenning van financiële steun op het vlak van energie, inzonderheid artikel 5, § 1, 3°.
Bij de opmaak van het nieuwe besluit werd tevens rekening gehouden met het feit dat de door het Gewest gesubsidieerde projecten van werken ter bevordering van een rationeel energiegebruik tot doel moeten hebben :
1. de verbetering van de energieprestatie van gebouwen te stimuleren, rekening houdend met de klimatologische omstandigheden en de lokale bijzonderheden, alsook met de eisen inzake het binnenklimaat en de verhouding kost/efficiëntie;
2. het binnenklimaat van gebouwen te verbeteren;
3. de behoeften aan primaire energie tot een minimum te beperken;
4. de CO2-uitstoot te verlagen;
5. het goede voorbeeld te tonen aan de privésector.
Er dient op gewezen dat het hoger vermelde programma van uitvoering jaarlijks goedgekeurd wordt door de Regering, terwijl de projecten van werken die gesubsidieerd worden in het kader van de ordonnantie van 16 juli 1998 verbonden zijn aan driejarige investeringsprogramma's.
Verder valt nog op te merken dat de jaarlijks vastgelegde technische voorwaarden voor het verkrijgen van de premies die toegekend worden op basis van het programma van uitvoering, van toepassing zijn vanaf 1 januari van het betrokken jaar.
Art. N. Rapport au Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale
Concerne : arrêté fixant les normes énergétiques applicables aux projets de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. subsidiés dans le cadre de l'article 17, 4° de l'ordonnance du 16 juillet 1998 relative à l'octroi de subsides destinés à encourager la réalisation d'investissements d'intérêt public.
Rétroactes
Le gouvernement a décidé le 24 mars 2011 de charger le Ministre-Président de proposer un projet d'arrêté modifiant l'arrêté du 4 juin 2009 fixant les normes énergétiques applicables aux projets subventionnés de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. (article 17, 4° de l'ordonnance) sur base d'une évaluation conjointe des services techniques de la Direction des travaux subsidiés et des services techniques de Bruxelles-Environnement. Il faut cependant noter qu'à ce jour, les projets initiés dans le cadre du PTI 2010-2012 ne sont pas encore tous finalisés et qu'il est par conséquent techniquement impossible de mener une évaluation complète.
Néanmoins, lors des réunions qui ont eu lieu entre les services techniques de la Direction des travaux subsidiés et les services techniques de Bruxelles-Environnement dans le cadre de cette évaluation, est apparue la nécessité d'harmoniser les conditions techniques prévues annuellement pour l'obtention des primes octroyées sur la base du programme d'exécution approuvé par le Gouvernement en vertu de l'article 24, § 2 de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale et de l'article 18bis, § 2 de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, concernant des redevances de voiries en matière de gaz et d'électricité et portant modification de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale et les conditions d'obtention de subsides octroyés aux projets de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. dans le cadre de l'article 17, 4° de l'ordonnance du 16 juillet 1998 relative à l'octroi de subsides destinés à encourager la réalisation d'investissements d'intérêt public
Développement
Vu l'ampleur des modifications à apporter à l'arrêté du 4 juin 2009 fixant les normes énergétiques applicables aux projets subventionnés de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. (article 17, 4° de l'ordonnance), il a été choisi de proposer au gouvernement d'abroger ce dernier arrêté et d'approuver un nouvel arrêté relatif au même objet.
Le nouvel arrêté a été rédigé en considérant les ordonnances et arrêté suivants :
1. l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale, notamment l'article 24, § 2, alinéa 3;
2. l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, concernant des redevances de voiries en matière de gaz et d'électricité et portant modification de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale, notamment l'article 18bis, § 2, alinéa 2;
3. l'ordonnance du 7 juin 2007 relative à la performance énergétique et au climat intérieur des bâtiments;
4. l'arrêté du Gouvernement de la Région Bruxelles-Capitale du 9 février 2012 relatif à l'octroi d'aides financières en matière d'énergie, notamment l'article 5, § 1er, 3°.
Le nouvel arrêté a également été rédigé en tenant compte du fait que les projets de travaux d'utilisation rationnelle de l'énergie subventionnés par la Région doivent répondre aux objectifs suivants :
1. promouvoir l'amélioration de la performance énergétique des bâtiments compte tenu des conditions climatiques extérieures et des particularités locales, ainsi que des exigences en matière de climat intérieur et du rapport coût/efficacité;
2. promouvoir l'amélioration du climat intérieur des bâtiments;
3. minimiser les besoins en énergies primaires;
4. réduire les émissions de CO2;
5. montrer l'exemple au secteur privé.
Il est à noter que le programme d'exécution visé supra est approuvé annuellement par le Gouvernement alors que les projets de travaux subventionnés dans le cadre de l'ordonnance du 16 juillet 1998 sont liés à des programmes triennaux d'investissement.
Il est également à noter que les conditions techniques prévues annuellement pour l'obtention des primes octroyées sur la base du programme d'exécution sont applicables à partir du 1er janvier de l'année concernée.
Concerne : arrêté fixant les normes énergétiques applicables aux projets de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. subsidiés dans le cadre de l'article 17, 4° de l'ordonnance du 16 juillet 1998 relative à l'octroi de subsides destinés à encourager la réalisation d'investissements d'intérêt public.
Rétroactes
Le gouvernement a décidé le 24 mars 2011 de charger le Ministre-Président de proposer un projet d'arrêté modifiant l'arrêté du 4 juin 2009 fixant les normes énergétiques applicables aux projets subventionnés de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. (article 17, 4° de l'ordonnance) sur base d'une évaluation conjointe des services techniques de la Direction des travaux subsidiés et des services techniques de Bruxelles-Environnement. Il faut cependant noter qu'à ce jour, les projets initiés dans le cadre du PTI 2010-2012 ne sont pas encore tous finalisés et qu'il est par conséquent techniquement impossible de mener une évaluation complète.
Néanmoins, lors des réunions qui ont eu lieu entre les services techniques de la Direction des travaux subsidiés et les services techniques de Bruxelles-Environnement dans le cadre de cette évaluation, est apparue la nécessité d'harmoniser les conditions techniques prévues annuellement pour l'obtention des primes octroyées sur la base du programme d'exécution approuvé par le Gouvernement en vertu de l'article 24, § 2 de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale et de l'article 18bis, § 2 de l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, concernant des redevances de voiries en matière de gaz et d'électricité et portant modification de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale et les conditions d'obtention de subsides octroyés aux projets de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. dans le cadre de l'article 17, 4° de l'ordonnance du 16 juillet 1998 relative à l'octroi de subsides destinés à encourager la réalisation d'investissements d'intérêt public
Développement
Vu l'ampleur des modifications à apporter à l'arrêté du 4 juin 2009 fixant les normes énergétiques applicables aux projets subventionnés de travaux visant à l'utilisation rationnelle de l'énergie dans les bâtiments appartenant aux communes et C.P.A.S. (article 17, 4° de l'ordonnance), il a été choisi de proposer au gouvernement d'abroger ce dernier arrêté et d'approuver un nouvel arrêté relatif au même objet.
Le nouvel arrêté a été rédigé en considérant les ordonnances et arrêté suivants :
1. l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale, notamment l'article 24, § 2, alinéa 3;
2. l'ordonnance du 1er avril 2004 relative à l'organisation du marché du gaz en Région de Bruxelles-Capitale, concernant des redevances de voiries en matière de gaz et d'électricité et portant modification de l'ordonnance du 19 juillet 2001 relative à l'organisation du marché de l'électricité en Région de Bruxelles-Capitale, notamment l'article 18bis, § 2, alinéa 2;
3. l'ordonnance du 7 juin 2007 relative à la performance énergétique et au climat intérieur des bâtiments;
4. l'arrêté du Gouvernement de la Région Bruxelles-Capitale du 9 février 2012 relatif à l'octroi d'aides financières en matière d'énergie, notamment l'article 5, § 1er, 3°.
Le nouvel arrêté a également été rédigé en tenant compte du fait que les projets de travaux d'utilisation rationnelle de l'énergie subventionnés par la Région doivent répondre aux objectifs suivants :
1. promouvoir l'amélioration de la performance énergétique des bâtiments compte tenu des conditions climatiques extérieures et des particularités locales, ainsi que des exigences en matière de climat intérieur et du rapport coût/efficacité;
2. promouvoir l'amélioration du climat intérieur des bâtiments;
3. minimiser les besoins en énergies primaires;
4. réduire les émissions de CO2;
5. montrer l'exemple au secteur privé.
Il est à noter que le programme d'exécution visé supra est approuvé annuellement par le Gouvernement alors que les projets de travaux subventionnés dans le cadre de l'ordonnance du 16 juillet 1998 sont liés à des programmes triennaux d'investissement.
Il est également à noter que les conditions techniques prévues annuellement pour l'obtention des primes octroyées sur la base du programme d'exécution sont applicables à partir du 1er janvier de l'année concernée.