Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
15 MEI 2014. - Besluit van de Waalse Regering betreffende de landinrichting van de landeigendommen(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 23-06-2014 en tekstbijwerking tot 30-01-2024)
Titre
15 MAI 2014. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon relatif Ă l'amĂ©nagement foncier des biens ruraux(NOTE : Consultation des versions antĂ©rieures Ă partir du 23-06-2014 et mise Ă jour au 30-01-2024)
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
HOOFDSTUK II. - Samenstelling van de comités
Afdeling 1. - Comité voor landinrichting
Afdeling 2. - Subregionaal comité voor landinri...
Afdeling 3. [1 - Verkavelingscomité]1
HOOFDSTUK III. - Huishoudelijk typereglement
Afdeling 1. - Comité voor landinrichting
Afdeling 2. - Subregionaal comité voor landinri...
Afdeling 3. - Verkavelingscomité
Afdeling 4. - Adviescommissie
HOOFDSTUK IV. - Toelagen en presentiegeld
HOOFDSTUK IV/1. [1 - Activiteitenverslag van de...
HOOFDSTUK V. - Wijzigingen met een schriftelijk...
HOOFDSTUK V/1. [1 - Mededeling van gegevens doo...
HOOFDSTUK VI. - Plan van de wegen en de nieuwe ...
HOOFDSUK VII.- Drempel en uitbetalingsmodalitei...
HOOFDSTUK VIII. - Bijdrage van het Waalse Gewes...
HOOFDSTUK IX. - Opheffings-, overgangs- en slot...
BIJLAGEN.
Inhoud
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales
CHAPITRE II. - Composition des comités
Section 1re. - Le comité d'aménagement foncier
Section 2. - Le comité subrégional d'aménagemen...
Section 3. [1 - Le comité de remembrement]1
CHAPITRE III. - RÚglement d'ordre intérieur-type
Section 1re. - Le comité d'aménagement foncier
Section 2. - Le comité subrégional d'aménagemen...
Section 3. - Le comité de remembrement
Section 4. - La commission consultative
CHAPITRE IV. - Indemnités et jetons de présence
CHAPITRE IV/1. [1 - - Rapport d'activités des c...
CHAPITRE V. - Les modifications avec un accord ...
CHAPITRE V/1. [1 - Communication de données par...
CHAPITRE VI. - Plan des voiries et des nouvelle...
CHAPITRE VII. - Seuil et modalités de liquidati...
CHAPITRE VIII. - Part d'intervention de la Régi...
CHAPITRE IX. - Dispositions abrogatoires, trans...
ANNEXES.
Tekst (55)
Texte (55)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder "Wetboek", het Waalse Landbouwwetboek.
Article 1er. Pour l'application du prĂ©sent arrĂȘtĂ©, on entend par " Code " le Code wallon de l'Agriculture.
HOOFDSTUK II. - Samenstelling van de comités
CHAPITRE II. - Composition des comités
Afdeling 1. - Comité voor landinrichting
Section 1re. - Le comité d'aménagement foncier
Art. 2. De Minister richt de comités voor landinrichting bedoeld in artikel D.269 van het Wetboek op en benoemt hun leden.
De Minister wijst de voorzitter onder de leden van het bestuur aan.
[1 De comité voor landinrichting bestaat voor maximaal tweederde uit leden van hetzelfde geslacht]1
De Minister wijst de voorzitter onder de leden van het bestuur aan.
[1 De comité voor landinrichting bestaat voor maximaal tweederde uit leden van hetzelfde geslacht]1
Wijzigingen
Art. 2. Le Ministre institue les comités d'aménagement foncier visés à l'article D.269 du Code et nomme leurs membres.
Le Ministre désigne le président parmi les agents de l'administration.
[1 Le comitĂ© d'amĂ©nagement foncier est composĂ© au maximum de deux tiers de membres d'un mĂȘme sexe.]1
Le Ministre désigne le président parmi les agents de l'administration.
[1 Le comitĂ© d'amĂ©nagement foncier est composĂ© au maximum de deux tiers de membres d'un mĂȘme sexe.]1
Wijzigingen
Art. 3. Het in artikel D.269, § 1, tweede lid, 2°, van het Wetboek bedoelde bestuur is:
1° [2 het betaalorgaan ]2;
2° [1 ofwel het Departement Ontwikkeling, Landelijke Aangelegenheden, Waterlopen en Dierenwelzijn;]1
3° [1 ...]1
Het in artikel D.269, § 1, tweede lid, 3°, van het Wetboek bedoelde bestuur is het Departement Natuur en Bossen.
Het in artikel D.269, § 1, tweede lid, 4°, van het Wetboek bedoelde bestuur is het Departement Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw [2 van de Waalse Overheidsdienst Ruimtelijke Ordening, Wonen, Erfgoed en Energie]2.
Het in artikel D.269, § 2, van het Wetboek bedoelde bestuur is de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën.
1° [2 het betaalorgaan ]2;
2° [1 ofwel het Departement Ontwikkeling, Landelijke Aangelegenheden, Waterlopen en Dierenwelzijn;]1
3° [1 ...]1
Het in artikel D.269, § 1, tweede lid, 3°, van het Wetboek bedoelde bestuur is het Departement Natuur en Bossen.
Het in artikel D.269, § 1, tweede lid, 4°, van het Wetboek bedoelde bestuur is het Departement Ruimtelijke Ordening en Stedenbouw [2 van de Waalse Overheidsdienst Ruimtelijke Ordening, Wonen, Erfgoed en Energie]2.
Het in artikel D.269, § 2, van het Wetboek bedoelde bestuur is de Algemene administratie van de Patrimoniumdocumentatie van de FOD Financiën.
Art. 3. L'administration visée à l'article D.269, § 1er, alinéa 2, 2°, du Code est soit :
1° [2 l'Organisme payeur]2;
2° [1 le DĂ©partement du DĂ©veloppement, de la RuralitĂ©, des Cours d'eau et du Bien-ĂȘtre animal;]1
3° [1 ...]1
L'administration visĂ©e Ă l'article D.269, § 1er, alinĂ©a 2, 3°, du Code, est le DĂ©partement de la Nature et des ForĂȘts.
L'administration visée à l'article D.269, § 1er, alinéa 2, 4°, du Code est le Département de l'Aménagement du Territoire et de l'Urbanisme [2 du Service public de Wallonie Territoire, Logement, Patrimoine et Energie ]2.
L'administration visée à l'article D.269, § 2, du Code est l'Administration générale de la Documentation patrimoniale du Service public fédéral Finances.
1° [2 l'Organisme payeur]2;
2° [1 le DĂ©partement du DĂ©veloppement, de la RuralitĂ©, des Cours d'eau et du Bien-ĂȘtre animal;]1
3° [1 ...]1
L'administration visĂ©e Ă l'article D.269, § 1er, alinĂ©a 2, 3°, du Code, est le DĂ©partement de la Nature et des ForĂȘts.
L'administration visée à l'article D.269, § 1er, alinéa 2, 4°, du Code est le Département de l'Aménagement du Territoire et de l'Urbanisme [2 du Service public de Wallonie Territoire, Logement, Patrimoine et Energie ]2.
L'administration visée à l'article D.269, § 2, du Code est l'Administration générale de la Documentation patrimoniale du Service public fédéral Finances.
Art. 4. Op verzoek van de Minister verzoekt het bestuur elke administratie bedoeld in artikel D.269, § 1, [1 lid 2,]1 1° tot 4° hem binnen dertig dagen na het verzoek de identiteit van de gewone en plaatsvervangende leden die hem vertegenwoordigen mede te delen.
Op verzoek van de Minister verzoekt het bestuur het provinciecollege bedoeld in artikel D.269, § 1, tweede lid, 5° hem binnen zestig dagen na het verzoek de identiteit van de gewone en plaatsvervangende leden die worden voorgesteld om hem te vertegenwoordigen, mede te delen.
Op verzoek van de Minister verzoekt het bestuur [1 de vereniging die een operationele steun verleent aan het Producentencollege krachtens artikel D.76 van het Wetboek, of, bij gebreke daarvan, rechtstreeks het Producentencollege bedoeld]1 in artikel D.269, § 1, tweede lid, 6° hem binnen zestig dagen na het verzoek de identiteit van de gewone en plaatsvervangende leden die worden voorgesteld om hem te vertegenwoordigen, mede te delen.
Op verzoek van de Minister verzoekt het bestuur het provinciecollege bedoeld in artikel D.269, § 1, tweede lid, 5° hem binnen zestig dagen na het verzoek de identiteit van de gewone en plaatsvervangende leden die worden voorgesteld om hem te vertegenwoordigen, mede te delen.
Op verzoek van de Minister verzoekt het bestuur [1 de vereniging die een operationele steun verleent aan het Producentencollege krachtens artikel D.76 van het Wetboek, of, bij gebreke daarvan, rechtstreeks het Producentencollege bedoeld]1 in artikel D.269, § 1, tweede lid, 6° hem binnen zestig dagen na het verzoek de identiteit van de gewone en plaatsvervangende leden die worden voorgesteld om hem te vertegenwoordigen, mede te delen.
Wijzigingen
Art. 4. A la demande du Ministre, l'administration invite chacune des administrations visées à l'article D.269, § 1er, [1 alinéa 2,]1 1° à 4, à lui communiquer dans les trente jours de la demande qui leur est adressée l'identité des membres effectif et suppléant qui la représentent.
A la demande du Ministre, l'administration invite le CollÚge provincial visé à l'article D.269, § 1er, alinéa 2, 5°, à lui communiquer, dans les soixante jours de la demande qui lui est adressée, l'identité des membres effectifs et suppléants proposés pour le représenter.
A la demande du Ministre, l'administration invite [1 l'association assurant un support opérationnel au collÚge des producteurs en vertu de l'article D.76 du Code, ou à défaut directement le collÚge des producteurs visé]1 à l'article D.269, § 1er, alinéa 2, 6°, du Code à lui communiquer, dans les soixante jours de la demande qui lui est adressée, l'identité des membres effectifs et suppléants proposés pour la représenter.
A la demande du Ministre, l'administration invite le CollÚge provincial visé à l'article D.269, § 1er, alinéa 2, 5°, à lui communiquer, dans les soixante jours de la demande qui lui est adressée, l'identité des membres effectifs et suppléants proposés pour le représenter.
A la demande du Ministre, l'administration invite [1 l'association assurant un support opérationnel au collÚge des producteurs en vertu de l'article D.76 du Code, ou à défaut directement le collÚge des producteurs visé]1 à l'article D.269, § 1er, alinéa 2, 6°, du Code à lui communiquer, dans les soixante jours de la demande qui lui est adressée, l'identité des membres effectifs et suppléants proposés pour la représenter.
Wijzigingen
Art. 5. Op verzoek van de Minister verzoekt het bestuur in geval van overgangsinrichting de opdrachtgever bedoeld in artikel D.269, § 1, derde lid, van het Wetboek hem binnen dertig dagen na het verzoek de identiteit van de gewone en plaatsvervangende leden die hem vertegenwoordigen mede te delen.
Art. 5. En cas d'aménagement transitoire, à la demande du Ministre, l'administration invite le maßtre de l'ouvrage visé à l'article D.269, § 1er, alinéa 3, du Code à lui communiquer, dans les trente jours de la demande qui lui est adressée, l'identité des membres effectif et suppléant qui le représentent.
Art. 6. De Minister ontbindt de comités voor landinrichting wanneer ze de verrichtingen gebonden aan landinrichting waarvoor ze zijn opgericht, hebben geëindigd.
Art. 6. Le Ministre dissout les comités d'aménagement foncier lorsque ceux-ci ont terminé les opérations liées à l'aménagement foncier pour lequel ils ont été institués.
Afdeling 2. - Subregionaal comité voor landinrichting
Section 2. - Le comité subrégional d'aménagement foncier
Art. 7. De Minister richt het Subregionaal comité voor landinrichting bedoeld in artikel D.335 van het Wetboek op volgens de in de artikelen 2 tot 4 bedoelde modaliteiten [1 ...]1.
[1 Het Subregionaal comité voor landinrichting bestaat voor niet meer dan tweederde uit leden van hetzelfde geslacht.]1
[1 Het Subregionaal comité voor landinrichting bestaat voor niet meer dan tweederde uit leden van hetzelfde geslacht.]1
Wijzigingen
Art. 7. Le Ministre institue le comité subrégional d'aménagement foncier visé à l'article D.335 du Code selon les modalités visées aux articles 2 à 4 [1 ...]1.
[1 Le comitĂ© subrĂ©gional d'amĂ©nagement foncier est composĂ© au maximum de deux tiers de membres d'un mĂȘme sexe.]1
[1 Le comitĂ© subrĂ©gional d'amĂ©nagement foncier est composĂ© au maximum de deux tiers de membres d'un mĂȘme sexe.]1
Wijzigingen
Afdeling 3. [1 - Verkavelingscomité]1
Section 3. [1 - Le comité de remembrement]1
Art. 7/1. [1 De Minister wijzigt de samenstelling en gaat tot de ontbinding over van de verkavelingscomités ingesteld overeenkomstig de wetten van 22 juli 1970 betreffende de ruilverkaveling van landeigendommen, van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken en van 10 januari 1978 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen in der minne, krachtens de modaliteiten bedoeld in artikelen 2 tot 6.]1
Art. 7/1. [1 Le Ministre modifie la composition et procÚde à la dissolution des comités de remembrement institués sous l'empire des lois des 22 juillet 1970 relative au remembrement légal des biens ruraux, 12 juillet 1976 portant des mesures particuliÚres en matiÚre de remembrement légal de biens ruraux lors de l'exécution de grands travaux d'infrastructure et 10 janvier 1978 portant des mesures particuliÚres en matiÚre de remembrement à l'amiable de biens ruraux, selon les modalités visées aux articles 2 à 6.]1
Wijzigingen
HOOFDSTUK III. - Huishoudelijk typereglement
CHAPITRE III. - RÚglement d'ordre intérieur-type
Afdeling 1. - Comité voor landinrichting
Section 1re. - Le comité d'aménagement foncier
Art. 8. Het comité voor landinrichting maakt zijn huishoudelijk reglement op overeenkomstig het typereglement bedoeld in artikel [1 D.269, § 4,]1 van het Wetboek en vermeld in bijlage 1.
Wijzigingen
Art. 8. Le comité d'aménagement foncier établit son rÚglement d'ordre intérieur conformément au rÚglement-type, visé à l'article [1 D.269, § 4,]1 du Code, figurant en annexe 1re.
Wijzigingen
Afdeling 2. - Subregionaal comité voor landinrichting
Section 2. - Le comité subrégional d'aménagement foncier
Art. 9. Het subregionaal comité voor landinrichting maakt zijn huishoudelijk reglement op overeenkomstig het typereglement bedoeld in artikel D.335, § 2, van het Wetboek en vermeld in bijlage 1.
Art. 9. Le comité subrégional d'aménagement foncier établit son rÚglement d'ordre intérieur conformément au rÚglement-type, visé à l'article D.335, § 2, du Code, figurant en annexe 1re.
Afdeling 3. - Verkavelingscomité
Section 3. - Le comité de remembrement
Art. 10. De verkavelingscomités passen indien nodig hun huishoudelijk reglement aan het in bijlage 1 bedoelde typereglement indien ze ingesteld worden overeenkomstig :
1° de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet;
2° de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken;
3° de wet van 10 januari 1978 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen in der minne.
1° de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet;
2° de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken;
3° de wet van 10 januari 1978 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen in der minne.
Art. 10. Les comités de remembrement adaptent si nécessaire leur rÚglement d'ordre intérieur conformément au rÚglement-type figurant en annexe 1re s'ils sont institués sous l'empire de, soit :
1° la loi du 22 juillet 1970 relative au remembrement légal de biens ruraux;
2° la loi du 12 juillet 1976 portant des mesures particuliÚres en matiÚre de remembrement légal de biens ruraux lors de l'exécution de grands travaux d'infrastructure;
3° la loi du 10 janvier 1978 portant des mesures particuliÚres en matiÚre de remembrement à l'amiable de biens ruraux.
1° la loi du 22 juillet 1970 relative au remembrement légal de biens ruraux;
2° la loi du 12 juillet 1976 portant des mesures particuliÚres en matiÚre de remembrement légal de biens ruraux lors de l'exécution de grands travaux d'infrastructure;
3° la loi du 10 janvier 1978 portant des mesures particuliÚres en matiÚre de remembrement à l'amiable de biens ruraux.
Afdeling 4. - Adviescommissie
Section 4. - La commission consultative
Art. 11. De adviescommissie maakt haar huishoudelijk reglement op overeenkomstig het typereglement bedoeld in artikel 279, § 3, van het Wetboek en vermeld in bijlage 2.
Art. 11. La commission consultative établit son rÚglement d'ordre intérieur conformément au rÚglement-type, visé à l'article D. 279, § 3, du Code figurant en annexe 2.
Art. 12. De adviescommissie ingesteld overeenkomstig de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet past indien nodig haar huishoudelijk reglement aan het in bijlage 2 bedoelde typereglement.
Art. 12. La commission consultative instituée sous l'empire de la loi du 22 juillet 1970 relative au remembrement légal de biens ruraux adapte si nécessaire son rÚglement d'ordre intérieur conformément au rÚglement-type figurant en annexe 2.
HOOFDSTUK IV. - Toelagen en presentiegeld
CHAPITRE IV. - Indemnités et jetons de présence
Art. 13. De leden van de comités en subregionale comités voor landinrichting [1 , de leden van de verkavelingscomités]1 en de leden van de adviescommissies die niet behoren tot het personeel van de Staat, van het Gewest, van de Gemeenschap, van de Provincies of de Gemeenten hebben recht op een presentiegeld en een reis- en verblijftoelage die hun worden toegekend volgens de volgende modaliteiten:
1° een presentiegeld van vijftig euro voor een deelneming op dezelfde dag op één of meerdere vergaderingen van comités of adviescommissies waarvan ze deel uitmaken [2 , ongeacht of deze vergaderingen face-to-face, op afstand of op hybride wijze plaatsvinden" worden toegevoegd aan punt1]2;
2° een reistoelage [2 voor het bijwonen van één of meer vergaderingen face tot face]2 die:
a) met de reële kosten overeenstemt in geval van een openbaar vervoermiddel;
b) berekend wordt overeenkomstig en onder de voorwaarden van [1 artikelen 530 tot 534 van]1 het besluit van de Waalse Regering van 18 december 2003 houdende de Waalse Ambtenarencode, [1 ...]1 in geval van gebruik van een persoonlijk voertuig;
3° een verblijftoelage [2 voor het bijwonen van één of meer vergaderingen face tot face]2 berekend wordt overeenkomstig en onder de voorwaarden van het besluit van de Waalse Regering van 18 december 2003 houdende de Waalse Ambtenarencode, Boek IV, Titel II, Hoofdstuk II.
[2 Deelname aan een stemming als onderdeel van een schriftelijke procedure geeft geen recht op een toelage.]2
1° een presentiegeld van vijftig euro voor een deelneming op dezelfde dag op één of meerdere vergaderingen van comités of adviescommissies waarvan ze deel uitmaken [2 , ongeacht of deze vergaderingen face-to-face, op afstand of op hybride wijze plaatsvinden" worden toegevoegd aan punt1]2;
2° een reistoelage [2 voor het bijwonen van één of meer vergaderingen face tot face]2 die:
a) met de reële kosten overeenstemt in geval van een openbaar vervoermiddel;
b) berekend wordt overeenkomstig en onder de voorwaarden van [1 artikelen 530 tot 534 van]1 het besluit van de Waalse Regering van 18 december 2003 houdende de Waalse Ambtenarencode, [1 ...]1 in geval van gebruik van een persoonlijk voertuig;
3° een verblijftoelage [2 voor het bijwonen van één of meer vergaderingen face tot face]2 berekend wordt overeenkomstig en onder de voorwaarden van het besluit van de Waalse Regering van 18 december 2003 houdende de Waalse Ambtenarencode, Boek IV, Titel II, Hoofdstuk II.
[2 Deelname aan een stemming als onderdeel van een schriftelijke procedure geeft geen recht op een toelage.]2
Art. 13. Les membres des comités et comités subrégionaux d'aménagement foncier [1 , les membres des comités de remembrement]1 et les membres des commissions consultatives n'appartenant pas au personnel de l'Etat, de la Région, de la Communauté, des Provinces ou des Communes ont droit à un jeton de présence et à une indemnité de parcours et de séjour, qui leur sont octroyés selon les modalités suivantes :
1° un jeton de prĂ©sence de cinquante euros pour une participation le mĂȘme jour Ă une ou plusieurs rĂ©unions de comitĂ©s ou de commissions consultatives dont ils font partie [2 , que ces rĂ©unions aient lieu en prĂ©sence, Ă distance ou en mode hybride]2;
2° une indemnité de parcours [2 pour la participation à une ou plusieurs réunions en présence, ]2 qui :
a) correspond au débours réel en cas d'utilisation d'un moyen de transport en commun;
b) est calculĂ©e en application et aux conditions fixĂ©es par [1 les articles 530 Ă 534 de]1 l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 18 dĂ©cembre 2003 portant le Code de la Fonction publique wallonne, [1 ...]1 en cas d'utilisation d'un vĂ©hicule personnel;
3° une indemnitĂ© de sĂ©jour [2 pour la participation Ă une ou plusieurs rĂ©unions en prĂ©sence, ]2 calculĂ©e en application et aux conditions fixĂ©es par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 18 dĂ©cembre 2003 portant le Code de la Fonction publique wallonne, Livre IV, Titre II, Chapitre II.
[2 La participation au vote dans le cadre d'une procédure écrite ne donne pas droit à une indemnité.]2
1° un jeton de prĂ©sence de cinquante euros pour une participation le mĂȘme jour Ă une ou plusieurs rĂ©unions de comitĂ©s ou de commissions consultatives dont ils font partie [2 , que ces rĂ©unions aient lieu en prĂ©sence, Ă distance ou en mode hybride]2;
2° une indemnité de parcours [2 pour la participation à une ou plusieurs réunions en présence, ]2 qui :
a) correspond au débours réel en cas d'utilisation d'un moyen de transport en commun;
b) est calculĂ©e en application et aux conditions fixĂ©es par [1 les articles 530 Ă 534 de]1 l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 18 dĂ©cembre 2003 portant le Code de la Fonction publique wallonne, [1 ...]1 en cas d'utilisation d'un vĂ©hicule personnel;
3° une indemnitĂ© de sĂ©jour [2 pour la participation Ă une ou plusieurs rĂ©unions en prĂ©sence, ]2 calculĂ©e en application et aux conditions fixĂ©es par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 18 dĂ©cembre 2003 portant le Code de la Fonction publique wallonne, Livre IV, Titre II, Chapitre II.
[2 La participation au vote dans le cadre d'une procédure écrite ne donne pas droit à une indemnité.]2
Art. 14. De in artikel 13 bedoelde presentiegelden en toelagen zijn alleen verschuldigd aan de leden van de comités en subregionale comités voor landinrichting [1 of verkaveling]1 en van de adviescommissies die geen recht hebben op andere gelijksoortige toelagen.
Wijzigingen
Art. 14. Les jetons et indemnitĂ©s visĂ©s Ă l'article 13 sont uniquement dus aux membres des comitĂ©s et comitĂ©s subrĂ©gionaux d'amĂ©nagement foncier [1 ou de remembrement]1 et des commissions consultatives qui ne bĂ©nĂ©ficient pas d'autres formes de rĂ©tributions de mĂȘme nature.
Wijzigingen
Art. 15. Het Waalse Gewest betaalt de presentiegelden en toelagen op grond van een door het betrokken lid naar waarheid ingevulde onkostennota.
Art. 15. La Région wallonne procÚde au paiement des jetons et indemnités sur base d'une note de frais établie et certifiée sincÚre et véritable par le membre concerné.
HOOFDSTUK IV/1. [1 - Activiteitenverslag van de comités voor landinrichting]1
CHAPITRE IV/1. [1 - - Rapport d'activités des comités d'aménagement foncier]1
Art. 15/1. [1 § 1. Het activiteitenverslag van het Comité bedoeld in artikel D.271/1 van het Wetboek bevat de volgende informatie :
1° een lijst van de vergaderingen, met vermelding van de agenda, een samenvatting van de beslissingen die tijdens elke vergadering genomen zijn en een indicatie van de beslissingen waarover de adviescommissie een advies uitgebracht heeft;
2° een samenvatting van de uitgevoerde stappen en een tijdschema voor de uit te voeren stappen overeenkomstig bijlage 3;
3° een inventaris van de uitgevoerde werken en een tijdschema voor de uit te voeren werken;
4° een tabel voor de budgetaire opvolging van de uitgaven en ontvangsten.
§ 2. Het activiteitenverslag van het Comité wordt om de drie jaar aan de Regering overgemaakt, te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding van deze bepaling voor de bestaande comités of vanaf de oprichting van het comité voor de andere comités.]1
1° een lijst van de vergaderingen, met vermelding van de agenda, een samenvatting van de beslissingen die tijdens elke vergadering genomen zijn en een indicatie van de beslissingen waarover de adviescommissie een advies uitgebracht heeft;
2° een samenvatting van de uitgevoerde stappen en een tijdschema voor de uit te voeren stappen overeenkomstig bijlage 3;
3° een inventaris van de uitgevoerde werken en een tijdschema voor de uit te voeren werken;
4° een tabel voor de budgetaire opvolging van de uitgaven en ontvangsten.
§ 2. Het activiteitenverslag van het Comité wordt om de drie jaar aan de Regering overgemaakt, te rekenen vanaf de datum van inwerkingtreding van deze bepaling voor de bestaande comités of vanaf de oprichting van het comité voor de andere comités.]1
Art. 15/1. [1 § 1er. Le rapport d'activités du Comité visé à l'article D.271/1 du Code contient les informations suivantes :
1° une liste des réunions tenues, avec indication de l'ordre du jour, résumé des décisions prises lors de chaque réunion et indication de celles qui ont fait l'objet d'un avis de la commission consultative;
2° un résumé des étapes réalisées et un planning des étapes à réaliser suivant l'annexe 3;
3° un état des lieux des travaux réalisés et un planning des travaux à réaliser;
4° un tableau de suivi budgétaire des dépenses et des recettes.
§ 2. Le rapport d'activités du Comité est transmis au Gouvernement tous les trois ans à dater de l'entrée en vigueur de la présente disposition pour les comités existants ou de l'institution du comité pour les autres comités.]1
1° une liste des réunions tenues, avec indication de l'ordre du jour, résumé des décisions prises lors de chaque réunion et indication de celles qui ont fait l'objet d'un avis de la commission consultative;
2° un résumé des étapes réalisées et un planning des étapes à réaliser suivant l'annexe 3;
3° un état des lieux des travaux réalisés et un planning des travaux à réaliser;
4° un tableau de suivi budgétaire des dépenses et des recettes.
§ 2. Le rapport d'activités du Comité est transmis au Gouvernement tous les trois ans à dater de l'entrée en vigueur de la présente disposition pour les comités existants ou de l'institution du comité pour les autres comités.]1
Wijzigingen
HOOFDSTUK V. - Wijzigingen met een schriftelijke en voorafgaande instemming
CHAPITRE V. - Les modifications avec un accord écrit et préalable
Art. 16. De wijzigingen die niet verricht kunnen worden door de betrokkenen zonder de schriftelijke en voorafgaande instemming van de comités en subregionale comités voor landinrichting zijn:
1° de bouwwerken;
2° de aanplantingswerkzaamheden;
3° de installatie van afsluitingen;
4° de wijziging van de waterhuishouding met inbegrip van de drainerings- en irrigatiewerken;
5° de wijziging van het profiel of de reliëf met inbegrip van de afschaffing van grachten of hellingen en de opvulling van holle wegen;
6° het kappen van bomen, het rooien van heggen, de verslechtering of de verplaatsing van het klein erfgoed;
7° het ontginnen van weiden, wegen of paden.
1° de bouwwerken;
2° de aanplantingswerkzaamheden;
3° de installatie van afsluitingen;
4° de wijziging van de waterhuishouding met inbegrip van de drainerings- en irrigatiewerken;
5° de wijziging van het profiel of de reliëf met inbegrip van de afschaffing van grachten of hellingen en de opvulling van holle wegen;
6° het kappen van bomen, het rooien van heggen, de verslechtering of de verplaatsing van het klein erfgoed;
7° het ontginnen van weiden, wegen of paden.
Art. 16. Les modifications qui ne peuvent ĂȘtre rĂ©alisĂ©es par les intĂ©ressĂ©s sans l'accord Ă©crit et prĂ©alable des comitĂ©s ou comitĂ©s subrĂ©gionaux d'amĂ©nagement foncier sont :
1° les travaux de construction;
2° les travaux de plantation;
3° l'établissement de clÎtures;
4° la modification du régime des eaux, y compris le drainage et l'irrigation;
5° la modification du profil ou du relief, y compris la suppression de fossés ou de talus et le comblement de chemins creux;
6° l'abattage d'arbres, l'arrachage de haies, la dégradation ou le déplacement du petit patrimoine;
7° la remise en culture de pùtures, de chemins ou de sentiers.
1° les travaux de construction;
2° les travaux de plantation;
3° l'établissement de clÎtures;
4° la modification du régime des eaux, y compris le drainage et l'irrigation;
5° la modification du profil ou du relief, y compris la suppression de fossés ou de talus et le comblement de chemins creux;
6° l'abattage d'arbres, l'arrachage de haies, la dégradation ou le déplacement du petit patrimoine;
7° la remise en culture de pùtures, de chemins ou de sentiers.
HOOFDSTUK V/1. [1 - Mededeling van gegevens door instrumenterende ambtenaren]1
CHAPITRE V/1. [1 - Communication de données par les officiers instrumentant]1
Art. 16/1. [1 § 1. Overeenkomstig artikel D.275, § 3, van het Wetboek delen de instrumenterende ambtenaren de in artikel 16/3 bedoelde informatie bij elke onroerende overgang van de goederen die het voorwerp uitmaken van de landinrichting aan de Administratie mee.
Met onroerende overgang worden verstaan : r verkopen, aankopen, schenkingen, delingen, ruilverrichtingen en inbrengen aan een natuurlijke persoon.
De kennisgeving gebeurt binnen dertig dagen na de onroerende overgang.
Bij een openbare verkoop wordt de in lid 3 bedoelde termijn op twee maanden gebracht, volgend op de dag waarop de aanbesteding definitief geworden is.
§ 2. Wanneer de instrumenterend ambtenaar een notaris is wiens standplaats in België gelegen is, gebeurt de kennisgeving bedoeld in paragraaf 1 via het e-notariaat webportaal van de Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat.
De kennisgeving wordt voor echt verklaard, gedagtekend, getekend en gewaarmerkt via het webportaal e-notariaat van de Koninklijke federatie van het Belgisch Notariaat.
§ 3. Voor de andere instrumenterende ambtenaren gebeurt de kennisgeving bedoeld in paragraaf 1 door verzending van een formulier vastgesteld door de Minister.
Overeenkomstig artikel D.62 van het Wetboek, wordt de elektronische kennisgeving voor echt verklaard, gedagtekend en getekend door verzending van het formulier door de instrumenterend ambtenaar.
§ 4. De Directie Landinrichting van de landeigendommen van het Departement Ontwikkeling, Landelijke Aangelegenheden, Waterlopen en Dierenwelzijn van de Administratie verklaart de ontvangstdatum van de kennisgeving voor echt door een automatisch elektronisch bericht van ontvangst te verzenden.]1
Met onroerende overgang worden verstaan : r verkopen, aankopen, schenkingen, delingen, ruilverrichtingen en inbrengen aan een natuurlijke persoon.
De kennisgeving gebeurt binnen dertig dagen na de onroerende overgang.
Bij een openbare verkoop wordt de in lid 3 bedoelde termijn op twee maanden gebracht, volgend op de dag waarop de aanbesteding definitief geworden is.
§ 2. Wanneer de instrumenterend ambtenaar een notaris is wiens standplaats in België gelegen is, gebeurt de kennisgeving bedoeld in paragraaf 1 via het e-notariaat webportaal van de Koninklijke Federatie van het Belgisch Notariaat.
De kennisgeving wordt voor echt verklaard, gedagtekend, getekend en gewaarmerkt via het webportaal e-notariaat van de Koninklijke federatie van het Belgisch Notariaat.
§ 3. Voor de andere instrumenterende ambtenaren gebeurt de kennisgeving bedoeld in paragraaf 1 door verzending van een formulier vastgesteld door de Minister.
Overeenkomstig artikel D.62 van het Wetboek, wordt de elektronische kennisgeving voor echt verklaard, gedagtekend en getekend door verzending van het formulier door de instrumenterend ambtenaar.
§ 4. De Directie Landinrichting van de landeigendommen van het Departement Ontwikkeling, Landelijke Aangelegenheden, Waterlopen en Dierenwelzijn van de Administratie verklaart de ontvangstdatum van de kennisgeving voor echt door een automatisch elektronisch bericht van ontvangst te verzenden.]1
Art. 16/1. [1 § 1er. En vertu de l'article D.275, § 3, du Code, les officiers instrumentant notifient les informations visées à l'article 16/3 à l'Administration lors de toute mutation immobiliÚre sur les biens qui font l'objet de l'aménagement foncier.
Par mutation immobiliÚre, l'on entend les ventes, les acquisitions, les donations, les partages, les échanges et les apports à une personne morale.
La notification intervient dans les trente jours suivant la mutation immobiliĂšre.
En cas de vente publique, le dĂ©lai prĂ©vu Ă l'alinĂ©a 3 est portĂ© Ă deux mois suivant le jour oĂč l'adjudication est devenue dĂ©finitive.
§ 2. Lorsque l'officier instrumentant est un notaire dont la résidence est située en Belgique, la notification visée au paragraphe 1er est réalisée via le portail E-Notariat de la Fédération royale du Notariat belge.
La notification est certifiée exacte, datée, signée et authentifiée via le portail E-Notariat de la Fédération royale du Notariat belge.
§ 3. Pour les autres officiers instrumentant, la notification visée au paragraphe 1er est réalisée via l'envoi d'un formulaire établi par le Ministre.
Conformément à l'article D.62 du Code, la notification électronique est certifiée exacte, datée et signée via l'envoi du formulaire par l'officier instrumentant.
§ 4. La Direction de l'AmĂ©nagement foncier rural du DĂ©partement du DĂ©veloppement, de la RuralitĂ©, des Cours d'eau et du Bien-ĂȘtre-animal de l'Administration certifie la date de rĂ©ception de la notification par l'envoi d'un accusĂ© de rĂ©ception Ă©lectronique automatique.]1
Par mutation immobiliÚre, l'on entend les ventes, les acquisitions, les donations, les partages, les échanges et les apports à une personne morale.
La notification intervient dans les trente jours suivant la mutation immobiliĂšre.
En cas de vente publique, le dĂ©lai prĂ©vu Ă l'alinĂ©a 3 est portĂ© Ă deux mois suivant le jour oĂč l'adjudication est devenue dĂ©finitive.
§ 2. Lorsque l'officier instrumentant est un notaire dont la résidence est située en Belgique, la notification visée au paragraphe 1er est réalisée via le portail E-Notariat de la Fédération royale du Notariat belge.
La notification est certifiée exacte, datée, signée et authentifiée via le portail E-Notariat de la Fédération royale du Notariat belge.
§ 3. Pour les autres officiers instrumentant, la notification visée au paragraphe 1er est réalisée via l'envoi d'un formulaire établi par le Ministre.
Conformément à l'article D.62 du Code, la notification électronique est certifiée exacte, datée et signée via l'envoi du formulaire par l'officier instrumentant.
§ 4. La Direction de l'AmĂ©nagement foncier rural du DĂ©partement du DĂ©veloppement, de la RuralitĂ©, des Cours d'eau et du Bien-ĂȘtre-animal de l'Administration certifie la date de rĂ©ception de la notification par l'envoi d'un accusĂ© de rĂ©ception Ă©lectronique automatique.]1
Wijzigingen
Art. 16/2. [1 Overeenkomstig de artikelen D.272, D.316 en D.333 van het Wetboek maken de instrumenterende ambtenaren, op verzoek van de Administratie, de gevraagde informatie binnen 30 dagen na het verzoek aan de Administratie over. De verstrekte informatie blijft beperkt tot de in artikel 16/3 bedoelde informatie.]1
Art. 16/2. [1 En vertu des articles D.272, D.316 et D.333 du Code, sur demande de l'Administration, les officiers instrumentant lui transmettent les informations demandées dans les trente jours suivant la demande. Les informations communiquées sont limitées à celles visées à l'article 16/3.]1
Wijzigingen
Art. 16/3. [1 De te verstrekken of mee te delen informatie omvat het volgende :
1° de identiteit van de instrumenterende ambtenaar :
a) benaming of naam en voornaam;
b) postadres;
c) elektronisch adres;
2° de aard van de akte;
3° datum van de akte;
4° de identificatie van elk gekadastreerd perceel :
a) gemeente, afdeling, sectie, kadastraal nummer, desgevallend geprekadastreerd;
b) oppervlakte volgens kadaster;
c) aard volgens kadaster;
d) huurstaat;
e) in voorkomend geval, identiteit van de koper en aard van het huurcontract;
f) desgevallend, het identificatienummer van het plan in de databank van de Algemene administratie van de Erfgoeddocumentatie;
5° de identiteit van de partijen :
a) natuurlijke persoon : naam, voornaam, Rijksregisternummer;
b) rechtspersoon : benaming, bedrijfsnummer.]1
1° de identiteit van de instrumenterende ambtenaar :
a) benaming of naam en voornaam;
b) postadres;
c) elektronisch adres;
2° de aard van de akte;
3° datum van de akte;
4° de identificatie van elk gekadastreerd perceel :
a) gemeente, afdeling, sectie, kadastraal nummer, desgevallend geprekadastreerd;
b) oppervlakte volgens kadaster;
c) aard volgens kadaster;
d) huurstaat;
e) in voorkomend geval, identiteit van de koper en aard van het huurcontract;
f) desgevallend, het identificatienummer van het plan in de databank van de Algemene administratie van de Erfgoeddocumentatie;
5° de identiteit van de partijen :
a) natuurlijke persoon : naam, voornaam, Rijksregisternummer;
b) rechtspersoon : benaming, bedrijfsnummer.]1
Art. 16/3. [1 Les informations Ă notifier ou Ă communiquer comprennent :
1° l'identité de l'officier instrumentant :
a) dénomination ou nom et prénom;
b) adresse postale;
c) adresse électronique;
2° la nature de l'acte;
3° la date de l'acte;
4° l'identification de chaque parcelle cadastrale :
a) commune, division, section, numéro cadastral, le cas échéant pré-cadastré;
b) superficie suivant cadastre;
c) nature suivant cadastre;
d) état locatif;
e) le cas échéant, identité du preneur et nature du bail;
f) le cas échéant, numéro d'identification du plan dans la banque de données de l'Administration générale de la Documentation Patrimoniale;
5° l'identité des parties :
a) personne physique : nom, prénom, numéro de registre national;
b) personne morale : dénomination, numéro d'entreprise.]1
1° l'identité de l'officier instrumentant :
a) dénomination ou nom et prénom;
b) adresse postale;
c) adresse électronique;
2° la nature de l'acte;
3° la date de l'acte;
4° l'identification de chaque parcelle cadastrale :
a) commune, division, section, numéro cadastral, le cas échéant pré-cadastré;
b) superficie suivant cadastre;
c) nature suivant cadastre;
d) état locatif;
e) le cas échéant, identité du preneur et nature du bail;
f) le cas échéant, numéro d'identification du plan dans la banque de données de l'Administration générale de la Documentation Patrimoniale;
5° l'identité des parties :
a) personne physique : nom, prénom, numéro de registre national;
b) personne morale : dénomination, numéro d'entreprise.]1
Wijzigingen
Art. 16/4. [1 De in artikel 16/3 bedoelde informatie wordt door het Directoraat Landelijke Grondinrichting van het Departement Ontwikkeling, Landelijke Aangelegenheden, Waterlopen en Dierenwelzijn van de Administratie voor een duur van dertig jaar bewaard, te rekenen van de datum van ondertekening van de akte van grondinrichting waarop deze informatie betrekking heeft.]1
Art. 16/4. [1 Les informations visĂ©es Ă l'article 16/3 sont conservĂ©es par la Direction de l'AmĂ©nagement foncier rural du DĂ©partement du DĂ©veloppement, de la RuralitĂ©, des Cours d'eau et du Bien-ĂȘtre animal de l'Administration pour une durĂ©e de trente ans Ă dater de la signature de l'acte d'amĂ©nagement foncier concernĂ© par ces informations.]1
Wijzigingen
HOOFDSTUK VI. - Plan van de wegen en de nieuwe afwateringen en uitvoering van de werken
CHAPITRE VI. - Plan des voiries et des nouvelles voies d'écoulement d'eau et exécution des travaux
Art. 17. [1 De Minister keurt het situatieplan van het openbaar domein bedoeld in de artikelen D.295/1, D.324 en D.349/1 van het Wetboek goed.]1
Wijzigingen
Art. 17. [1 Le Ministre approuve le plan de situation du domaine public visé aux articles D.295/1, D.324 et D.349/1 du Code.]1
Wijzigingen
Art. 18. In het kader of ten gevolge van de uitvoering van de in artikel D.284 van het Wetboek bedoelde werken kan de Minister het comité voor landinrichting toelaten om:
1° bij wijze van onteigening te algemenen nutte de nodige innemingen te doen om de werken buiten het blok uit te voeren;
2° gronden te onteigenen ten einde ze bij het blok te voegen of om gronden bij wijze van ruiling of op een andere wijze over te dragen om ze uit het blok uit te sluiten.
1° bij wijze van onteigening te algemenen nutte de nodige innemingen te doen om de werken buiten het blok uit te voeren;
2° gronden te onteigenen ten einde ze bij het blok te voegen of om gronden bij wijze van ruiling of op een andere wijze over te dragen om ze uit het blok uit te sluiten.
Art. 18. Dans le cadre ou à la suite de l'exécution des travaux visés à l'article D.284 du Code, le Ministre peut autoriser le comité d'aménagement foncier :
1° à faire les emprises nécessaires par voie d'expropriation pour cause d'utilité publique pour exécuter les travaux en-dehors du bloc;
2° à exproprier des terres pour les inclure dans le bloc ou à céder des terres par voie d'échange ou autrement pour les distraire du bloc.
1° à faire les emprises nécessaires par voie d'expropriation pour cause d'utilité publique pour exécuter les travaux en-dehors du bloc;
2° à exproprier des terres pour les inclure dans le bloc ou à céder des terres par voie d'échange ou autrement pour les distraire du bloc.
HOOFDSUK VII.- Drempel en uitbetalingsmodaliteiten van de saldi gebonden aan de landinrichtingsverrichtingen en provisie voor te betalen kosten
CHAPITRE VII. - Seuil et modalités de liquidation des soldes liés aux opérations d'aménagement foncier et provision pour frais à liquider
Art. 19. Elke som tussen vijftig euro en vijfhonderd duizend euro kan rechtstreeks door de comités voor landinrichting zonder de tussenkomst van de Deposito- en Consignatiekas aan de houders van zakelijke rechten uitgekeerd worden.
Art. 19. Toute somme comprise entre cinquante euros et cinq cent mille euros peut ĂȘtre rĂ©glĂ©e directement par les comitĂ©s d'amĂ©nagement foncier aux titulaires de droits rĂ©els sans l'intervention de la Caisse des dĂ©pĂŽts et consignations.
Art. 20. Elke som kleiner dan vijftig euro die verschuldigd is door de comités en subregionale comités voor landinrichting of door de betrokkenen wordt niet uitgekeerd.
Art. 20. Toute somme inférieure à cinquante euros due par les comités et comités subrégionaux d'aménagement foncier ou par les intéressés n'est pas liquidée.
Art. 21. De Minister machtigt indien nodig het comité voor landinrichting om onder de kosten die zullen worden omgeslagen, een provisie voor te betalen kosten op te nemen.
Art. 21. Le Ministre autorise si nécessaire le comité d'aménagement foncier à comprendre dans les frais à répartir une provision pour frais à liquider.
HOOFDSTUK VIII. - Bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de comités en subregionale comités voor landinrichting
CHAPITRE VIII. - Part d'intervention de la Région wallonne dans les dépenses pour les travaux exécutés par les comités et comités subrégionaux d'aménagement foncier
Art. 22. De bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de comités en subregionale comités voor landinrichting wordt vastgesteld als volgt:
1° zestig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de werken voor de aanleg, de inrichting of de afschaffing van openbare wegen, paden en afwateringen en bijbehorende kunstwerken;
2° zeventig van het totaalbedrag van de uitgave bij de uitvoering van cemontbetonverhardingen op twee banen voor de werken voor de oprichting en de inrichting van wegen bedoeld in punt 1°;
3° zestig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de werken voor de effening, de inrichting van het kavelplan, voor de bestrijding van erosie en overstromingen;
4° zestig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de landinrichtingsmaatregelen;
5° vijfenveertig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de sanerings- en irrigatiewerken;
6° dertig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de werken voor de installatie van de netten voor elektriciteitsdistributie en voor de watervoorziening;
7° tachtig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de aanplantingswerken uitgevoerd met inlandse planten;
8° tachtig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de opmaking van een plan voor de aanleg van de sites en voor de uitvoering van de in dit plan bedoelde werken;
9° tachtig procent van het totaalbedrag van de kosten van aankoop van het terrein door een ondergeschikte overheid met het oog op de uitvoering van de [1 in 1° tot 8°]1 bedoelde werken.
1° zestig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de werken voor de aanleg, de inrichting of de afschaffing van openbare wegen, paden en afwateringen en bijbehorende kunstwerken;
2° zeventig van het totaalbedrag van de uitgave bij de uitvoering van cemontbetonverhardingen op twee banen voor de werken voor de oprichting en de inrichting van wegen bedoeld in punt 1°;
3° zestig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de werken voor de effening, de inrichting van het kavelplan, voor de bestrijding van erosie en overstromingen;
4° zestig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de landinrichtingsmaatregelen;
5° vijfenveertig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de sanerings- en irrigatiewerken;
6° dertig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de werken voor de installatie van de netten voor elektriciteitsdistributie en voor de watervoorziening;
7° tachtig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de aanplantingswerken uitgevoerd met inlandse planten;
8° tachtig procent van het totaalbedrag van de uitgave voor de opmaking van een plan voor de aanleg van de sites en voor de uitvoering van de in dit plan bedoelde werken;
9° tachtig procent van het totaalbedrag van de kosten van aankoop van het terrein door een ondergeschikte overheid met het oog op de uitvoering van de [1 in 1° tot 8°]1 bedoelde werken.
Wijzigingen
Art. 22. La part de l'intervention de la Région wallonne dans les dépenses pour les travaux exécutés par les comités et comités subrégionaux d'aménagement foncier est fixée comme suit :
1° soixante pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux de création, d'aménagement et de suppression de chemins publics, sentiers, voies d'écoulement d'eau et ouvrages d'art connexes;
2° septante pour-cent du montant total de la dĂ©pense lors de la mise en oeuvre de revĂȘtements en bĂ©ton de ciment bi-bandes pour les travaux de crĂ©ation et d'amĂ©nagement de chemins visĂ©s au 1°;
3° soixante pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux de nivellement, d'aménagement du parcellaire, de lutte contre l'érosion et les inondations;
4° soixante pour-cent du montant total de la dépense pour les mesures d'aménagement rural;
5° quarante-cinq pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux d'assainissement et d'irrigation;
6° trente pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux d'installation des réseaux de distribution d'électricité et d'adduction d'eau;
7° quatre-vingts pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux de plantation réalisés avec des plantes indigÚnes;
8° quatre-vingts pour-cent du montant total de la dépense pour l'établissement d'un plan d'aménagement des sites et pour l'exécution des travaux prévus dans ce plan;
9° quarante-cinq pour-cent du montant total des frais d'acquisition du terrain par un pouvoir public subordonné en vue de la réalisation des travaux visés [1 aux 1° à 8°]1.
1° soixante pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux de création, d'aménagement et de suppression de chemins publics, sentiers, voies d'écoulement d'eau et ouvrages d'art connexes;
2° septante pour-cent du montant total de la dĂ©pense lors de la mise en oeuvre de revĂȘtements en bĂ©ton de ciment bi-bandes pour les travaux de crĂ©ation et d'amĂ©nagement de chemins visĂ©s au 1°;
3° soixante pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux de nivellement, d'aménagement du parcellaire, de lutte contre l'érosion et les inondations;
4° soixante pour-cent du montant total de la dépense pour les mesures d'aménagement rural;
5° quarante-cinq pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux d'assainissement et d'irrigation;
6° trente pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux d'installation des réseaux de distribution d'électricité et d'adduction d'eau;
7° quatre-vingts pour-cent du montant total de la dépense pour les travaux de plantation réalisés avec des plantes indigÚnes;
8° quatre-vingts pour-cent du montant total de la dépense pour l'établissement d'un plan d'aménagement des sites et pour l'exécution des travaux prévus dans ce plan;
9° quarante-cinq pour-cent du montant total des frais d'acquisition du terrain par un pouvoir public subordonné en vue de la réalisation des travaux visés [1 aux 1° à 8°]1.
Wijzigingen
Art. 23. Het totaalbedrag van de uitgaven omvat:
1° de reële kosten van de werken bepaald door de afrekening van bedoelde werken;
2° de algemene kosten gebonden aan de werken, met name de ereloonrekeningen van de projectontwerper en van de coördinator veiligheid-gezondheid, de geotechnische proeven en onderzoeken, de proeven op materialen;
3° de kosten wegens schade aan de gewassen, structurele schade en verliezen van het genot, de kosten wegens onteigening, innemingen en aankopen en de kosten voor verplaatsing van leidingen en kabels;
4° de kosten voor de communicatie en de bevordering van de uitgevoerde werken.
1° de reële kosten van de werken bepaald door de afrekening van bedoelde werken;
2° de algemene kosten gebonden aan de werken, met name de ereloonrekeningen van de projectontwerper en van de coördinator veiligheid-gezondheid, de geotechnische proeven en onderzoeken, de proeven op materialen;
3° de kosten wegens schade aan de gewassen, structurele schade en verliezen van het genot, de kosten wegens onteigening, innemingen en aankopen en de kosten voor verplaatsing van leidingen en kabels;
4° de kosten voor de communicatie en de bevordering van de uitgevoerde werken.
Art. 23. Le montant total de la dépense comprend :
1° le coût réel des travaux fixé par le décompte de ceux-ci;
2° les frais généraux liés aux travaux, notamment les honoraires de l'auteur de projet et du coordinateur sécurité-santé, les essais et études géotechniques, les essais sur matériaux;
3° les frais pour dégùts aux cultures, dégùts structuraux et pertes de jouissance, les frais pour expropriation, emprises et acquisitions et les frais pour déplacement de conduites et de cùbles;
4° les frais de communication et de promotion des travaux réalisés.
1° le coût réel des travaux fixé par le décompte de ceux-ci;
2° les frais généraux liés aux travaux, notamment les honoraires de l'auteur de projet et du coordinateur sécurité-santé, les essais et études géotechniques, les essais sur matériaux;
3° les frais pour dégùts aux cultures, dégùts structuraux et pertes de jouissance, les frais pour expropriation, emprises et acquisitions et les frais pour déplacement de conduites et de cùbles;
4° les frais de communication et de promotion des travaux réalisés.
Art. 24. Ten algemenen nutte of wanneer de werken ruimere doelstellingen dan degene die strikt gebonden zijn aan de landinrichting en die bedoeld zijn in artikel D.266, §§ 2 en 3 beogen, kan de bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de in artikel 22 bedoelde werken door de Regering verhoogd worden.
Art. 24. Pour cause d'utilitĂ© publique ou lorsque les travaux visent des objectifs plus larges que ceux strictement liĂ©s Ă l'amĂ©nagement foncier rural en Ă©tant prĂ©vus Ă l'article D.266, §§ 2 et 3, du Code, la part d'intervention de la RĂ©gion wallonne dans les dĂ©penses pour les travaux mentionnĂ©s Ă l'article 22 peut ĂȘtre augmentĂ©e par le Gouvernement.
HOOFDSTUK IX. - Opheffings-, overgangs- en slotbepalingen
CHAPITRE IX. - Dispositions abrogatoires, transitoires et finales
Art. 25. Opgeheven worden :
1° het koninklijk besluit van 27 oktober 1970 tot uitvoering van de artikelen 44, vierde lid, en 48 van de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 17 januari 2002;
2° het koninklijk besluit van 26 februari 1971 houdende het modelreglement van de ruilverkavelingscomités;
3° het koninklijk besluit van 26 februari 1971 houdende het modelreglement van orde van de commissies van advies die de ruilverkavelingscomités bijstaan;
4° het koninklijk besluit van 26 oktober 1978 houdende uitvoering van de artikelen 4, 10, 56 en 75 van de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken;
5° het koninklijk besluit van 26 oktober 1978 tot bepaling van de bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd overeenkomstig de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken;
6° het koninklijk besluit van 16 december 1981 houdende het modelreglement van de provinciale comités voor de ruilverkaveling van landeigendommen in der minne in het Waalse Gewest;
7° het koninklijk besluit van 16 december 1981 tot vaststelling, in het Waalse Gewest, van de bedragen voorzien bij artikelen 21, vierde lid, 42, vierde lid en 55 van de wet van 10 januari 1978 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen in der minne, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 17 januari 2002;
8° het besluit van de Waalse Regering van 24 juni 1993 tot bepaling van de bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de ruil- of verkavelingscomités en die voortvloeiend zijn uit de bouw van de hoge snelheidstrein;
9° het besluit van de Waalse Regering van 18 juli 1996 tot vaststelling van de vergoedingen en de presentiegelden die aan de leden van de ruilverkavelingscomités en de adviescommissies voor de ruilverkaveling toegekend moeten worden, gewijzigd bij de besluiten van de Waalse Regering van 21 november 1996 en 17 januari 2002;
10° het besluit van de Waalse Regering van 28 februari 2008 tot bepaling van de bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de ruil- of verkavelingscomités;
11° het ministerieel besluit van 1 september 1971 tot vaststelling van de bijdrage van de Staat in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de ruilverkavelingscomités, gewijzigd bij de ministeriële besluiten van 26 maart 1974, 14 maart 1979 en 1 maart 1995 en bij de besluiten van de Waalse Regering van 17 januari 2002 en 28 februari 2008;
12° het ministerieel besluit van 12 december 1981 tot bepaling, voor het Waalse Gewest, van de bijdrage van het Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd in toepassing van de wet van 10 januari 1978 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen in der minne.
1° het koninklijk besluit van 27 oktober 1970 tot uitvoering van de artikelen 44, vierde lid, en 48 van de wet van 22 juli 1970 op de ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 17 januari 2002;
2° het koninklijk besluit van 26 februari 1971 houdende het modelreglement van de ruilverkavelingscomités;
3° het koninklijk besluit van 26 februari 1971 houdende het modelreglement van orde van de commissies van advies die de ruilverkavelingscomités bijstaan;
4° het koninklijk besluit van 26 oktober 1978 houdende uitvoering van de artikelen 4, 10, 56 en 75 van de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken;
5° het koninklijk besluit van 26 oktober 1978 tot bepaling van de bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd overeenkomstig de wet van 12 juli 1976 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen uit kracht van de wet bij de uitvoering van grote infrastructuurwerken;
6° het koninklijk besluit van 16 december 1981 houdende het modelreglement van de provinciale comités voor de ruilverkaveling van landeigendommen in der minne in het Waalse Gewest;
7° het koninklijk besluit van 16 december 1981 tot vaststelling, in het Waalse Gewest, van de bedragen voorzien bij artikelen 21, vierde lid, 42, vierde lid en 55 van de wet van 10 januari 1978 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen in der minne, gewijzigd bij het besluit van de Waalse Regering van 17 januari 2002;
8° het besluit van de Waalse Regering van 24 juni 1993 tot bepaling van de bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de ruil- of verkavelingscomités en die voortvloeiend zijn uit de bouw van de hoge snelheidstrein;
9° het besluit van de Waalse Regering van 18 juli 1996 tot vaststelling van de vergoedingen en de presentiegelden die aan de leden van de ruilverkavelingscomités en de adviescommissies voor de ruilverkaveling toegekend moeten worden, gewijzigd bij de besluiten van de Waalse Regering van 21 november 1996 en 17 januari 2002;
10° het besluit van de Waalse Regering van 28 februari 2008 tot bepaling van de bijdrage van het Waalse Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de ruil- of verkavelingscomités;
11° het ministerieel besluit van 1 september 1971 tot vaststelling van de bijdrage van de Staat in de uitgaven voor de werken uitgevoerd door de ruilverkavelingscomités, gewijzigd bij de ministeriële besluiten van 26 maart 1974, 14 maart 1979 en 1 maart 1995 en bij de besluiten van de Waalse Regering van 17 januari 2002 en 28 februari 2008;
12° het ministerieel besluit van 12 december 1981 tot bepaling, voor het Waalse Gewest, van de bijdrage van het Gewest in de uitgaven voor de werken uitgevoerd in toepassing van de wet van 10 januari 1978 houdende bijzondere maatregelen inzake ruilverkaveling van landeigendommen in der minne.
Art. 25. Sont abrogés :
1° l'arrĂȘtĂ© royal du 27 octobre 1970 portant exĂ©cution des articles 44, quatriĂšme alinĂ©a, et 48 de la loi du 22 juillet 1970 sur le remembrement lĂ©gal de biens ruraux, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 17 janvier 2002;
2° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 fĂ©vrier 1971 portant le rĂšglement d'ordre intĂ©rieur-type des ComitĂ©s de remembrement;
3° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 fĂ©vrier 1971 portant le rĂšglement d'ordre intĂ©rieur-type des commissions consultatives assistant les ComitĂ©s de remembrement;
4° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 octobre 1978 portant exĂ©cution des articles 4, 10, 56, 59 et 75 de la loi du 12 juillet 1976 portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement lĂ©gal de biens ruraux lors de l'exĂ©cution de grands travaux d'infrastructure;
5° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 octobre 1978 dĂ©terminant la part d'intervention de la RĂ©gion dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s en application de la loi du 12 juillet 1976 portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement lĂ©gal de bien ruraux lors de l'exĂ©cution de grands travaux d'infrastructure;
6° l'arrĂȘtĂ© royal du 16 dĂ©cembre 1981 portant le rĂšglement d'ordre intĂ©rieur-type des ComitĂ©s provinciaux de remembrement Ă l'amiable dans la RĂ©gion wallonne;
7° l'arrĂȘtĂ© royal du 16 dĂ©cembre 1981 fixant dans la RĂ©gion wallonne, les montants prĂ©vus par les articles 21, alinĂ©a quatre, 42, alinĂ©a quatre et 55 de la loi du 10 janvier 1978 portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement Ă l'amiable de biens ruraux, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 17 janvier 2002;
8° l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 24 juin 1993 dĂ©terminant la part d'intervention de la RĂ©gion dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s par les ComitĂ©s d'Ă©change ou de remembrement et consĂ©cutifs Ă la construction du T.G.V.;
9° l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 18 juillet 1996 fixant les indemnitĂ©s et jetons de prĂ©sence Ă allouer aux membres des ComitĂ©s de remembrement et des commissions consultatives de remembrement, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement wallon du 21 novembre 1996 et du 17 janvier 2002;
10° l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 28 fĂ©vrier 2008 dĂ©terminant la part d'intervention de la RĂ©gion wallonne dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s par les ComitĂ©s d'Ă©change ou de remembrement;
11° l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 1er septembre 1971 dĂ©terminant la part d'intervention de l'Etat dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s par les ComitĂ©s de remembrement, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s ministĂ©riels des 26 mars 1974, 14 mars 1979 et 1er mars 1995 et par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement wallon du 17 janvier 2002 et du 28 fĂ©vrier 2008;
12° l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 12 dĂ©cembre 1981 fixant dans la RĂ©gion wallonne la part d'intervention de la RĂ©gion dans les dĂ©penses affĂ©rentes aux travaux exĂ©cutĂ©s en application de la loi du 10 janvier 1978, portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement Ă l'amiable de biens ruraux.
1° l'arrĂȘtĂ© royal du 27 octobre 1970 portant exĂ©cution des articles 44, quatriĂšme alinĂ©a, et 48 de la loi du 22 juillet 1970 sur le remembrement lĂ©gal de biens ruraux, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 17 janvier 2002;
2° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 fĂ©vrier 1971 portant le rĂšglement d'ordre intĂ©rieur-type des ComitĂ©s de remembrement;
3° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 fĂ©vrier 1971 portant le rĂšglement d'ordre intĂ©rieur-type des commissions consultatives assistant les ComitĂ©s de remembrement;
4° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 octobre 1978 portant exĂ©cution des articles 4, 10, 56, 59 et 75 de la loi du 12 juillet 1976 portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement lĂ©gal de biens ruraux lors de l'exĂ©cution de grands travaux d'infrastructure;
5° l'arrĂȘtĂ© royal du 26 octobre 1978 dĂ©terminant la part d'intervention de la RĂ©gion dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s en application de la loi du 12 juillet 1976 portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement lĂ©gal de bien ruraux lors de l'exĂ©cution de grands travaux d'infrastructure;
6° l'arrĂȘtĂ© royal du 16 dĂ©cembre 1981 portant le rĂšglement d'ordre intĂ©rieur-type des ComitĂ©s provinciaux de remembrement Ă l'amiable dans la RĂ©gion wallonne;
7° l'arrĂȘtĂ© royal du 16 dĂ©cembre 1981 fixant dans la RĂ©gion wallonne, les montants prĂ©vus par les articles 21, alinĂ©a quatre, 42, alinĂ©a quatre et 55 de la loi du 10 janvier 1978 portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement Ă l'amiable de biens ruraux, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 17 janvier 2002;
8° l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 24 juin 1993 dĂ©terminant la part d'intervention de la RĂ©gion dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s par les ComitĂ©s d'Ă©change ou de remembrement et consĂ©cutifs Ă la construction du T.G.V.;
9° l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 18 juillet 1996 fixant les indemnitĂ©s et jetons de prĂ©sence Ă allouer aux membres des ComitĂ©s de remembrement et des commissions consultatives de remembrement, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement wallon du 21 novembre 1996 et du 17 janvier 2002;
10° l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 28 fĂ©vrier 2008 dĂ©terminant la part d'intervention de la RĂ©gion wallonne dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s par les ComitĂ©s d'Ă©change ou de remembrement;
11° l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 1er septembre 1971 dĂ©terminant la part d'intervention de l'Etat dans les dĂ©penses pour les travaux exĂ©cutĂ©s par les ComitĂ©s de remembrement, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s ministĂ©riels des 26 mars 1974, 14 mars 1979 et 1er mars 1995 et par les arrĂȘtĂ©s du Gouvernement wallon du 17 janvier 2002 et du 28 fĂ©vrier 2008;
12° l'arrĂȘtĂ© ministĂ©riel du 12 dĂ©cembre 1981 fixant dans la RĂ©gion wallonne la part d'intervention de la RĂ©gion dans les dĂ©penses affĂ©rentes aux travaux exĂ©cutĂ©s en application de la loi du 10 janvier 1978, portant des mesures particuliĂšres en matiĂšre de remembrement Ă l'amiable de biens ruraux.
Art. 26. Dit besluit treedt in werking de tiende dag na bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.
Titel 11, hoofdstuk 3, van het Wetboek dat artikelen D.266 tot D.352 omvat, treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van dit besluit..
Titel 11, hoofdstuk 4, afdelingen 3 en 4 van het Wetboek dat artikelen D.358 en D.359 omvat, treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
Titel 11, hoofdstuk 4, afdeling 5 van het Wetboek dat artikelen D.360 en D.361 omvat, treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van het Wetboek.
Titel 11, hoofdstuk 3, van het Wetboek dat artikelen D.266 tot D.352 omvat, treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van dit besluit..
Titel 11, hoofdstuk 4, afdelingen 3 en 4 van het Wetboek dat artikelen D.358 en D.359 omvat, treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
Titel 11, hoofdstuk 4, afdeling 5 van het Wetboek dat artikelen D.360 en D.361 omvat, treedt in werking op de datum van inwerkingtreding van het Wetboek.
Art. 26. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le dixiĂšme jour qui suit sa publication au Moniteur belge.
Le titre 11, chapitre 3, du Code, comprenant les articles D.266 Ă D.352, entre en vigueur Ă la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Le titre 11, chapitre 4, sections 3 et 4, du Code, comprenant les articles D.358 et D.359, entre en vigueur Ă la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Le titre 11, chapitre 4, section 5, du Code, comprenant les articles D.360 et D.361, entre en vigueur à la date d'entrée en vigueur du Code.
Le titre 11, chapitre 3, du Code, comprenant les articles D.266 Ă D.352, entre en vigueur Ă la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Le titre 11, chapitre 4, sections 3 et 4, du Code, comprenant les articles D.358 et D.359, entre en vigueur Ă la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Le titre 11, chapitre 4, section 5, du Code, comprenant les articles D.360 et D.361, entre en vigueur à la date d'entrée en vigueur du Code.
Art. 27. De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 27. Le Ministre de l'Agriculture et de la RuralitĂ© est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. Bijlage 1. - Huishoudelijk typereglement van de comités en subregionale comités voor landinrichting
(Voor het reglement, zie : 2014-05-15/40)
Wijziging bij :
(Voor het reglement, zie : 2014-05-15/40)
Wijziging bij :
Art. N1. Annexe 1. - RÚglement d'ordre intérieur-type des comités et comités subrégionaux d'aménagement foncier
(Pour le rĂšglement,, voir : 2014-05-15/40)
Modifié par :
(Pour le rĂšglement,, voir : 2014-05-15/40)
Modifié par :
Art. N2. Bijlage 2. - Huishoudelijk typereglement van de adviescommissies
(Voor het reglement, zie : 2014-05-15/41)
Wijziging bij :
(Voor het reglement, zie : 2014-05-15/41)
Wijziging bij :
Art. N2. Annexe 2. - RÚglement d'ordre intérieur-type des commissions consultatives
(Pour le rĂšglement, voir : 2014-05-15/41)
Modifié par :
(Pour le rĂšglement, voir : 2014-05-15/41)
Modifié par :
Art. N3. [1 Bijlage 3. Fasen van de landinrichting
Aanvang van de landinrichting
D.424 = in voorkomend geval, het voorzetten ab initio
D.268 = beslissing van de Regering om tot de landinrichting over te gaan
Comité voor landinrichting
D.269 = oprichting of vervolledigen van het Comité door de Minister
Voorafgaande formaliteiten
D.272 = uitwerking van het ontwerp van landinrichtingsprogramma door de Administratie
D.273 = goedkeuring van het ontwerp van landinrichtingsprogramma door het Comité
D.274 = openbaar onderzoek in verband met het ontwerp van landinrichtingsprogramma
D.276 = goedkeuring van het landinrichtingsprogramma door het Comité
D.276/1 = goedkeuring van het landinrichtingsprogramma door de Regering
Adviescommissie
[2 D.277 = kennisgeving aan belanghebbenden van de start van de landinrichtingsoperatie;]2
D.279 = oprichting van de adviescommissie door het Comité
Landinrichtingsverrichtingen
D.280 = afpaling
D.281 = rangschikking van de gronden en realisatie van de tabellen
D.284 = werken
D.286 en D.286/1 = realisatie van het landinrichtingsplan met inbegrip van het openbaar domein
D.294 = realisatie van de plannen en tabellen
D.295 = openbaar onderzoek in verband met de rangschikking van de gronden, het landinrichtingsplan met inbegrip van het openbaar domein, en de tabellen
D.295/1 = in voorkomend geval, wijziging en goedkeuring van het plan van het openbaar domein
D.296 = raadpleging van de betrokkenen over de overdracht van de zakelijke rechten
D.297 = ondertekening van de akte van grondinrichting
D.298 = debet- en kredietsaldi
[2 D.299 = kennisgeving aan belanghebbenden van hun eensluidend verklaard uittreksel van de landinrichtingsakte.]2
D.300 = inbezitneming van de nieuwe percelen
Kosten en eventuele aanvullende akte
D.302 = realisatie van de tabellen met betrekking tot de kostenomslag
D.303 = raadpleging van de betrokkenen over de kostenomslag
D.306 = eventuele aanvullende akte
Eindformaliteiten
D.309 = ontbinding van het Comité en vereffening van de rekeningen
D.314 = eventuele verbeteringsakten ".]1
Aanvang van de landinrichting
D.424 = in voorkomend geval, het voorzetten ab initio
D.268 = beslissing van de Regering om tot de landinrichting over te gaan
Comité voor landinrichting
D.269 = oprichting of vervolledigen van het Comité door de Minister
Voorafgaande formaliteiten
D.272 = uitwerking van het ontwerp van landinrichtingsprogramma door de Administratie
D.273 = goedkeuring van het ontwerp van landinrichtingsprogramma door het Comité
D.274 = openbaar onderzoek in verband met het ontwerp van landinrichtingsprogramma
D.276 = goedkeuring van het landinrichtingsprogramma door het Comité
D.276/1 = goedkeuring van het landinrichtingsprogramma door de Regering
Adviescommissie
[2 D.277 = kennisgeving aan belanghebbenden van de start van de landinrichtingsoperatie;]2
D.279 = oprichting van de adviescommissie door het Comité
Landinrichtingsverrichtingen
D.280 = afpaling
D.281 = rangschikking van de gronden en realisatie van de tabellen
D.284 = werken
D.286 en D.286/1 = realisatie van het landinrichtingsplan met inbegrip van het openbaar domein
D.294 = realisatie van de plannen en tabellen
D.295 = openbaar onderzoek in verband met de rangschikking van de gronden, het landinrichtingsplan met inbegrip van het openbaar domein, en de tabellen
D.295/1 = in voorkomend geval, wijziging en goedkeuring van het plan van het openbaar domein
D.296 = raadpleging van de betrokkenen over de overdracht van de zakelijke rechten
D.297 = ondertekening van de akte van grondinrichting
D.298 = debet- en kredietsaldi
[2 D.299 = kennisgeving aan belanghebbenden van hun eensluidend verklaard uittreksel van de landinrichtingsakte.]2
D.300 = inbezitneming van de nieuwe percelen
Kosten en eventuele aanvullende akte
D.302 = realisatie van de tabellen met betrekking tot de kostenomslag
D.303 = raadpleging van de betrokkenen over de kostenomslag
D.306 = eventuele aanvullende akte
Eindformaliteiten
D.309 = ontbinding van het Comité en vereffening van de rekeningen
D.314 = eventuele verbeteringsakten ".]1
Art. N3. [1 Annexe 3. Etapes de l'aménagement foncier
Initiation de l'aménagement foncier
D.424 = le cas échéant, reprise ab initio
D.268 = décision du Gouvernement de procéder à l'aménagement foncier
Comité d'aménagement foncier
D.269 = institution ou complétude du Comité par le Ministre
Formalités préalables
D.272 = élaboration du projet de programme d'aménagement foncier par l'Administration
D.273 = approbation du projet de programme d'aménagement foncier par le Comité
D.274 = enquĂȘte publique sur le projet de programme d'amĂ©nagement foncier
D.276 = approbation du programme d'aménagement foncier par le Comité
D.276/1 = approbation du programme d'aménagement foncier par le Gouvernement
Commission consultative
[2 D.277 = notification aux intéressés du début de l'opération d'aménagement foncier ";]2
D.279 = institution de la commission consultative par le Comité
Opérations d'aménagement foncier
D.280 = bornage
D.281 = classement de terres et établissement des tableaux
D.284 = travaux
D.286 et D.286/1 = établissement du plan d'aménagement foncier avec le domaine public inclus
D.294 = établissement des plans et tableaux
D.295 = enquĂȘte publique sur le classement des terres, le plan d'amĂ©nagement foncier, avec le domaine public inclus, et les tableaux
D.295/1 = le cas échéant, modification et approbation du plan du domaine public
D.296 = consultation des intéressés sur le report des droits réels
D.297 = signature de l'acte d'aménagement foncier
D.298 = soldes débiteurs et soldes créditeurs
[2 D.299 = notification aux intéressés de leur extrait conforme de l'acte d'aménagement foncier]2
D.300 = prise de possession des nouvelles parcelles
Frais et acte complémentaire éventuel
D.302 = établissement des tableaux de répartition des frais
D.303 = consultation des intéressés sur la répartition des frais
D.306 = acte complémentaire éventuel
Formalités finales
D.309 = dissolution du Comité et liquidation des comptes
D.314 = actes rectificatifs éventuels ".]1
Initiation de l'aménagement foncier
D.424 = le cas échéant, reprise ab initio
D.268 = décision du Gouvernement de procéder à l'aménagement foncier
Comité d'aménagement foncier
D.269 = institution ou complétude du Comité par le Ministre
Formalités préalables
D.272 = élaboration du projet de programme d'aménagement foncier par l'Administration
D.273 = approbation du projet de programme d'aménagement foncier par le Comité
D.274 = enquĂȘte publique sur le projet de programme d'amĂ©nagement foncier
D.276 = approbation du programme d'aménagement foncier par le Comité
D.276/1 = approbation du programme d'aménagement foncier par le Gouvernement
Commission consultative
[2 D.277 = notification aux intéressés du début de l'opération d'aménagement foncier ";]2
D.279 = institution de la commission consultative par le Comité
Opérations d'aménagement foncier
D.280 = bornage
D.281 = classement de terres et établissement des tableaux
D.284 = travaux
D.286 et D.286/1 = établissement du plan d'aménagement foncier avec le domaine public inclus
D.294 = établissement des plans et tableaux
D.295 = enquĂȘte publique sur le classement des terres, le plan d'amĂ©nagement foncier, avec le domaine public inclus, et les tableaux
D.295/1 = le cas échéant, modification et approbation du plan du domaine public
D.296 = consultation des intéressés sur le report des droits réels
D.297 = signature de l'acte d'aménagement foncier
D.298 = soldes débiteurs et soldes créditeurs
[2 D.299 = notification aux intéressés de leur extrait conforme de l'acte d'aménagement foncier]2
D.300 = prise de possession des nouvelles parcelles
Frais et acte complémentaire éventuel
D.302 = établissement des tableaux de répartition des frais
D.303 = consultation des intéressés sur la répartition des frais
D.306 = acte complémentaire éventuel
Formalités finales
D.309 = dissolution du Comité et liquidation des comptes
D.314 = actes rectificatifs éventuels ".]1