Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
25 APRIL 2014. - Besluit van de Vlaamse Regering tot erkenning van de beroepskwalificatie voorbewerker carrosserie
Titre
25 AVRIL 2014. - Arrêté du Gouvernement flamand portant reconnaissance de la qualification professionnelle de " voorbewerker carrosserie " (préparateur en carrosserie)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel 1. De beroepskwalificatie van voorbewerker carrosserie, ingeschaald op niveau 3 van de Vlaamse kwalificatiestructuur, wordt erkend. De beschrijving, opgenomen in de bijlage die bij dit besluit is gevoegd, omvat de definitie en de bijbehorende competenties.
Article 1er. La qualification professionnelle de " voorbewerker carrosserie " (préparateur en carrosserie), insérée au niveau 3 de la structure flamande des certifications, est reconnue. La description jointe en annexe au présent arrêté comprend la définition et les compétences correspondantes.
Art. 2. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 2. Le Ministre flamand qui a l'enseignement dans ses attributions et le Ministre flamand qui a la politique de l'emploi dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Beschrijving van de beroepskwalificatie van voorbewerker carrosserie (m/v) (BK0120) als vermeld in artikel 1
1. GLOBAAL
a. Titel
Voorbewerker carrosserie (m/v)
b. Definitie
De voorbewerker carrosserie werkt op de spuitafdeling van een schadeherstelbedrijf en voert de taken uit van het voorbewerken van onderdelen en oppervlaktes teneinde deze spuitklaar te maken.
c. Niveau
3
d. Jaartal
2014
2. COMPETENTIES
2.1. Opsomming competenties
BASISACTIVITEITEN
o Bepaalt de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke (Id 13304-c)
- Raadpleegt technische bronnen
- Raadpleegt de werkfiche
o Bereidt de werkplek en het voertuig voor aan de hand van de werkfiche, zodat vlot, correct, net en veilig gewerkt kan worden (co00808)
- Verwerkt en interpreteert de werkfiche
- Identificeert het voertuig
- Verplaatst het voertuig en zet het klaar
- Bereidt het gereedschap en de producten voor en zet ze klaar
- Beschermt het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)
o Vult de opvolgdocumenten van de interventie in en geeft de informatie door aan de betrokkenen (Id 17315-c)
- Vult de werkfiche in voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden
- Registreert gebruikte hoeveelheden materialen
- Wisselt mondeling en schriftelijk informatie uit met collega's en verantwoordelijke
- Gebruikt bedrijfseigen software
o Ruimt de werkplek op en onderhoudt ze (Id 16298-c)
- Sorteert en bergt onderdelen op
- Plaatst gereedschap en materiaal in rekken of karren
- Ruimt de werkplek op en reinigt ze
- Reinigt het gebruikte gereedschap en de apparatuur
- Sorteert afval volgens de richtlijnen
SPECIFIEKE ACTIVITEITEN
o Bereidt de oppervlakken voor het schilderen van het voertuig voor (Id 16650-c)
- Houdt zich aan de voorschriften van de fabrikant
- Reinigt, ontstoft en ontvet de ondergrond
- Schuurt, straalt of bijt het oppervlak af volgens het laksysteem
- Kiest de geschikte plamuur en maakt ze klaar
- Plamuurt en schuurt oneffenheden weg
- Kiest de juiste droogtechniek (IR, UV,...)
- Schuurt karakterlijnen terug in vorm
- Schuurt verloopranden, de aangebrachte plamuur en de grondlaag
- Gebruikt de juiste schuurkorrel en het juiste schuurmateriaal
- Volgt het schuurstappenplan
- Matteert, bij nieuwe onderdelen, de binnenzijde en schuurt de buitenzijde afhankelijk van het gekozen proces (bijvoorbeeld bij een nat-in-nat applicatie)
- Plakt niet te behandelen voertuigonderdelen af met tape en afdekfolie
o Herkent de kunststoffen en herstelt ze volgens de voorgeschreven methode (co00809)
- Herkent de soorten kunststoffen en hun eigenschappen
- Brengt de kunststoffen in hun oorspronkelijke vorm terug
- Kiest de voorgeschreven methode om de kunststoffen te kunnen overlakken
- Last, lijmt, schuurt, verwarmt,... de kunststoffen
- Zorgt voor de juiste opbouw van de grondlagen
o Plakt de nodige onderdelen af en brengt een grondlaag aan in functie van de gekozen voorbewerking (co00810)
- Dicht alle openingen af zodat ze geen laknevel kunnen doorlaten
- Ontvet de ondergrond en maakt hem stofvrij
- Kiest een tint grondlaag die de afwerkingslaag voldoende dekkracht geeft
- Stemt de hoeveelheid grondmateriaal af op de omvang van de uit te voeren werken
- Spuit de grondlaag, zodat deze voldoende corrosiewering, hechting en vulling biedt aan de ondergrond
- Lakt, in overleg met de spuiter, de binnenkant af
- Gebruikt de juiste droogtechniek (IR, UV,...)
o Brengt kitten en corrosiewerende producten aan (co00811)
- Bootst de originele naden na
- Zorgt dat de naden 100% dicht zijn om waterinfiltratie te voorkomen (roestvorming)
- Brengt beschermingskitten aan op kwetsbare plaatsen (wieldoorgangen, bodemplaten, ...)
2.2. Beschrijving van de competenties/activiteiten aan de hand van de descriptorelementen
2.2.1. Kennis
Generiek
- Basiskennis van bedrijfseigen software
- Kennis van voertuigtypes
- Kennis van persoonlijke beschermingsmiddelen
- Kennis van constructeursvoorschriften of het opzoeken ervan
- Kennis van procedures omtrent veiligheid en milieu
- Kennis van ergonomie
- Kennis van eigenschappen van de gebruikte materialen
- Kennis van eigenschappen van de te bewerken materialen
- Kennis van het gebruik van apparatuur en gereedschap
- Kennis van kwaliteitsnormen
Specifiek
- Kennis van de soorten plamuur
- Kennis van de verschillende soorten verf, harders, binders, verdunners,...
- Kennis van roestwerende producten
- Kennis van corrosiegevoelige componenten
- Kennis van de voorschriften van de fabrikant van de producten (plamuur, grondverf,...) of ze kunnen opzoeken
- Kennis van regels voor het hanteren van giftige producten
- Kennis van schoonmaaktechnieken
- Kennis van soorten ontvetters
- Kennis van droogtechnieken
- Kennis van afplaktechnieken
- Kennis van de hersteltechnieken voor kunststoffen
- Kennis van de soorten te bewerken kunststoffen
- Kennis van het schuurstappenplan van de schuurmateriaalfabrikant
- Kennis van de juiste verhouding tussen plamuur en verharder
2.2.2. Vaardigheden
Cognitieve vaardigheden
- Het kunnen raadplegen van technische bronnen
- Het kunnen raadplegen van de werkfiche
- Het kunnen identificeren van het voertuig
- Het kunnen verplaatsen en klaarzetten van het voertuig
- Het kunnen voorbereiden en klaarzetten van het gereedschap en de producten
- Het kunnen beschermen van het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)
- Het kunnen invullen van de werkfiche voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden
- Het kunnen registreren van gebruikte hoeveelheden materialen
- Het mondeling en schriftelijk informatie kunnen uitwisselen met collega's en verantwoordelijke
- Het kunnen gebruiken van bedrijfseigen software
- Het kunnen sorteren en opbergen van onderdelen
- Het kunnen sorteren van afval volgens de richtlijnen
- Het zich kunnen houden aan de voorschriften van de fabrikant
- Het kunnen herkennen van de kunststoffen
- Het kunnen kiezen van de voorgeschreven methode om kunststoffen te overlakken
- Het kunnen kiezen voor de juiste producten voor plamuren, schuren
- Het correct kunnen volgen van het schuurstappenplan
- Het kunnen kiezen van de juiste droogtechniek
Probleemoplossende vaardigheden
- Het kunnen zorgen voor de juiste opbouw van de grondlagen
- Het kunnen afstemmen van de hoeveelheid grondmateriaal op de omvang van de uit te voeren werken
Motorische vaardigheden
- Het kunnen reinigen, ontstoffen en ontvetten van de ondergrond
- Het kunnen schuren, stralen of afbijten van het oppervlak volgens het laksysteem
- Het terug in vorm kunnen schuren van karakterlijnen
- Het kunnen schuren van verloopranden, de aangebrachte plamuur en de grondlaag
- Het kunnen matteren, bij nieuwe onderdelen, van de binnenzijde en schuren van de buitenzijde afhankelijk van het gekozen proces (bijvoorbeeld bij een nat-in-nat applicatie)
- Het kunnen aanbrengen van beschermingskitten op kwetsbare plaatsen (wieldoorgangen, bodemplaten, ...)
- Het kunnen afplakken van niet te behandelen voertuigonderdelen met tape en afdekfolie
- Het in zijn oorspronkelijke vorm kunnen terugbrengen van de kunststoffen
- Het kunnen lassen, lijmen, schuren, verwarmen ... van de kunststoffen
- Het kunnen nabootsen van de originele naden
- Het kunnen dichten van de naden om waterinfiltratie te voorkomen (roestvorming)
- Het kunnen afdichten van alle openingen zodat ze geen laknevel doorlaten
- Het kunnen spuiten van de grondlaag, zodat deze voldoende corrosiewering, hechting en vulling biedt aan de ondergrond
- Het kunnen aflakken van de binnenkant in overleg met de spuiter
- Het kunnen plaatsen van gereedschap en materiaal in rekken of karren
- Het kunnen opruimen en reinigen van de werkplek
- Het kunnen reinigen van het gebruikte gereedschap en apparatuur
2.2.3. Context
Omgevingscontext
- De voorbewerker carrosserie situeert zich in de autosector bij de schadeherstelbedrijven
- Hij werkt alleen of samen met collega's voorbewerkers carrosserie of spuiters carrosserie
- Bij het uitvoeren van de werkzaamheden kan lawaaihinder voorkomen
- Hij dient bij de uitoefening van zijn beroep persoonlijke beschermingsmiddelen te dragen.
- De activiteiten vinden plaats in de werkplaats zelf, hij gaat niet ter plaatse
- Het beroep wordt uitgeoefend binnen een aaneenschakeling van activiteiten in een herstelproces, waarbij de voorbewerker een duidelijk afgebakende plaats inneemt
- Het beroep is vrij gestructureerd, er is een logische volgorde bij het herstellen van de schade
- De voorbewerker dient efficiënt te werken zodat de planning en het gehele herstelproces geen vertraging oploopt.
- De uitoefening van het beroep varieert naar type, merk van auto en de omvang van de schade.
Handelingscontext
- De voorbewerker dient tijdens zijn ganse dag aandachtig te zijn omdat zijn werk de basis is voor het verdere herstelproces. Fouten die hij maakt komen sterk tot uiting na het spuiten en kosten tijd en geld aan de werkgever.
- Hij dient dus zeer aandachtig te zijn om onregelmatigheden in het te bewerken oppervlak op te sporen.
- Hij moet oog hebben voor kwaliteit en de tevredenheid van de klant door met zorg, precisie en toewijding te werken.
- Hij moet aandacht hebben voor brandveiligheid: vb. licht ontvlambare producten
- Hij moet omzichtig omgaan met grondstoffen en producten (anders kans op hechtingsproblemen, roestvorming) rekening houdend met veiligheidsvoorschriften.
- Hij moet zorgvuldig en nauwkeurig omgaan met machines en gereedschappen: schuurapparaten, stofzuigers, warme luchtblazers, droogsystemen,...
2.2.4. Autonomie
De voorbewerker is zelfstandig in:
- het plannen van de eigen werkzaamheden binnen een voorgeschreven volgorde en werkfiche
- het voorbereiden van zijn werkplek, het voertuig en de oppervlakken
- het herkennen en herstellen van de kunststoffen
- het kitten en het aanbrengen van corrosiewerende producten
- het afplakken van onderdelen en het aanbrengen van een grondlaag in functie van de gekozen voorbewerking
- het invullen van opvolgdocumenten en het doorgeven van informatie aan de betrokkenen
- het opruimen en reinigen van de werkplek en het gereedschap
- het sorteren van afval
Doet beroep op:
- zijn verantwoordelijke indien iets anders dient te gebeuren dan op de werkfiche aangegeven is (vb. extra uitspuiten)
Is gebonden aan:
- de voorschriften van de fabrikant van de producten
- de richtlijnen van zijn verantwoordelijke
- milieu- en veiligheidsvoorschriften
- zijn werkfiche
2.2.5. Verantwoordelijkheid
- Het bepalen van de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke
- Het voorbereiden van de werkplek en het voertuig aan de hand van de werkfiche
- Het voorbereiden van de oppervlakken voor het schilderen van het voertuig
- Het herkennen van de kunststoffen en ze herstellen volgens de voorgeschreven methode
- Het afplakken van de nodige onderdelen en het aanbrengen van grondlagen in functie van de gekozen voorbewerking
- Het aanbrengen van kitten en corrosiewerende producten
- Het invullen van opvolgdocumenten van de interventie en het doorgeven van informatie aan de betrokkenen
- Het opruimen van de werkplek en het onderhouden ervan
- Het veilig werken op de werkplek
- Het sorteren van afval
2.3. Vereiste attesten
Er zijn geen vereiste attesten.
1. GLOBAAL
a. Titel
Voorbewerker carrosserie (m/v)
b. Definitie
De voorbewerker carrosserie werkt op de spuitafdeling van een schadeherstelbedrijf en voert de taken uit van het voorbewerken van onderdelen en oppervlaktes teneinde deze spuitklaar te maken.
c. Niveau
3
d. Jaartal
2014
2. COMPETENTIES
2.1. Opsomming competenties
BASISACTIVITEITEN
o Bepaalt de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke (Id 13304-c)
- Raadpleegt technische bronnen
- Raadpleegt de werkfiche
o Bereidt de werkplek en het voertuig voor aan de hand van de werkfiche, zodat vlot, correct, net en veilig gewerkt kan worden (co00808)
- Verwerkt en interpreteert de werkfiche
- Identificeert het voertuig
- Verplaatst het voertuig en zet het klaar
- Bereidt het gereedschap en de producten voor en zet ze klaar
- Beschermt het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)
o Vult de opvolgdocumenten van de interventie in en geeft de informatie door aan de betrokkenen (Id 17315-c)
- Vult de werkfiche in voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden
- Registreert gebruikte hoeveelheden materialen
- Wisselt mondeling en schriftelijk informatie uit met collega's en verantwoordelijke
- Gebruikt bedrijfseigen software
o Ruimt de werkplek op en onderhoudt ze (Id 16298-c)
- Sorteert en bergt onderdelen op
- Plaatst gereedschap en materiaal in rekken of karren
- Ruimt de werkplek op en reinigt ze
- Reinigt het gebruikte gereedschap en de apparatuur
- Sorteert afval volgens de richtlijnen
SPECIFIEKE ACTIVITEITEN
o Bereidt de oppervlakken voor het schilderen van het voertuig voor (Id 16650-c)
- Houdt zich aan de voorschriften van de fabrikant
- Reinigt, ontstoft en ontvet de ondergrond
- Schuurt, straalt of bijt het oppervlak af volgens het laksysteem
- Kiest de geschikte plamuur en maakt ze klaar
- Plamuurt en schuurt oneffenheden weg
- Kiest de juiste droogtechniek (IR, UV,...)
- Schuurt karakterlijnen terug in vorm
- Schuurt verloopranden, de aangebrachte plamuur en de grondlaag
- Gebruikt de juiste schuurkorrel en het juiste schuurmateriaal
- Volgt het schuurstappenplan
- Matteert, bij nieuwe onderdelen, de binnenzijde en schuurt de buitenzijde afhankelijk van het gekozen proces (bijvoorbeeld bij een nat-in-nat applicatie)
- Plakt niet te behandelen voertuigonderdelen af met tape en afdekfolie
o Herkent de kunststoffen en herstelt ze volgens de voorgeschreven methode (co00809)
- Herkent de soorten kunststoffen en hun eigenschappen
- Brengt de kunststoffen in hun oorspronkelijke vorm terug
- Kiest de voorgeschreven methode om de kunststoffen te kunnen overlakken
- Last, lijmt, schuurt, verwarmt,... de kunststoffen
- Zorgt voor de juiste opbouw van de grondlagen
o Plakt de nodige onderdelen af en brengt een grondlaag aan in functie van de gekozen voorbewerking (co00810)
- Dicht alle openingen af zodat ze geen laknevel kunnen doorlaten
- Ontvet de ondergrond en maakt hem stofvrij
- Kiest een tint grondlaag die de afwerkingslaag voldoende dekkracht geeft
- Stemt de hoeveelheid grondmateriaal af op de omvang van de uit te voeren werken
- Spuit de grondlaag, zodat deze voldoende corrosiewering, hechting en vulling biedt aan de ondergrond
- Lakt, in overleg met de spuiter, de binnenkant af
- Gebruikt de juiste droogtechniek (IR, UV,...)
o Brengt kitten en corrosiewerende producten aan (co00811)
- Bootst de originele naden na
- Zorgt dat de naden 100% dicht zijn om waterinfiltratie te voorkomen (roestvorming)
- Brengt beschermingskitten aan op kwetsbare plaatsen (wieldoorgangen, bodemplaten, ...)
2.2. Beschrijving van de competenties/activiteiten aan de hand van de descriptorelementen
2.2.1. Kennis
Generiek
- Basiskennis van bedrijfseigen software
- Kennis van voertuigtypes
- Kennis van persoonlijke beschermingsmiddelen
- Kennis van constructeursvoorschriften of het opzoeken ervan
- Kennis van procedures omtrent veiligheid en milieu
- Kennis van ergonomie
- Kennis van eigenschappen van de gebruikte materialen
- Kennis van eigenschappen van de te bewerken materialen
- Kennis van het gebruik van apparatuur en gereedschap
- Kennis van kwaliteitsnormen
Specifiek
- Kennis van de soorten plamuur
- Kennis van de verschillende soorten verf, harders, binders, verdunners,...
- Kennis van roestwerende producten
- Kennis van corrosiegevoelige componenten
- Kennis van de voorschriften van de fabrikant van de producten (plamuur, grondverf,...) of ze kunnen opzoeken
- Kennis van regels voor het hanteren van giftige producten
- Kennis van schoonmaaktechnieken
- Kennis van soorten ontvetters
- Kennis van droogtechnieken
- Kennis van afplaktechnieken
- Kennis van de hersteltechnieken voor kunststoffen
- Kennis van de soorten te bewerken kunststoffen
- Kennis van het schuurstappenplan van de schuurmateriaalfabrikant
- Kennis van de juiste verhouding tussen plamuur en verharder
2.2.2. Vaardigheden
Cognitieve vaardigheden
- Het kunnen raadplegen van technische bronnen
- Het kunnen raadplegen van de werkfiche
- Het kunnen identificeren van het voertuig
- Het kunnen verplaatsen en klaarzetten van het voertuig
- Het kunnen voorbereiden en klaarzetten van het gereedschap en de producten
- Het kunnen beschermen van het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)
- Het kunnen invullen van de werkfiche voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden
- Het kunnen registreren van gebruikte hoeveelheden materialen
- Het mondeling en schriftelijk informatie kunnen uitwisselen met collega's en verantwoordelijke
- Het kunnen gebruiken van bedrijfseigen software
- Het kunnen sorteren en opbergen van onderdelen
- Het kunnen sorteren van afval volgens de richtlijnen
- Het zich kunnen houden aan de voorschriften van de fabrikant
- Het kunnen herkennen van de kunststoffen
- Het kunnen kiezen van de voorgeschreven methode om kunststoffen te overlakken
- Het kunnen kiezen voor de juiste producten voor plamuren, schuren
- Het correct kunnen volgen van het schuurstappenplan
- Het kunnen kiezen van de juiste droogtechniek
Probleemoplossende vaardigheden
- Het kunnen zorgen voor de juiste opbouw van de grondlagen
- Het kunnen afstemmen van de hoeveelheid grondmateriaal op de omvang van de uit te voeren werken
Motorische vaardigheden
- Het kunnen reinigen, ontstoffen en ontvetten van de ondergrond
- Het kunnen schuren, stralen of afbijten van het oppervlak volgens het laksysteem
- Het terug in vorm kunnen schuren van karakterlijnen
- Het kunnen schuren van verloopranden, de aangebrachte plamuur en de grondlaag
- Het kunnen matteren, bij nieuwe onderdelen, van de binnenzijde en schuren van de buitenzijde afhankelijk van het gekozen proces (bijvoorbeeld bij een nat-in-nat applicatie)
- Het kunnen aanbrengen van beschermingskitten op kwetsbare plaatsen (wieldoorgangen, bodemplaten, ...)
- Het kunnen afplakken van niet te behandelen voertuigonderdelen met tape en afdekfolie
- Het in zijn oorspronkelijke vorm kunnen terugbrengen van de kunststoffen
- Het kunnen lassen, lijmen, schuren, verwarmen ... van de kunststoffen
- Het kunnen nabootsen van de originele naden
- Het kunnen dichten van de naden om waterinfiltratie te voorkomen (roestvorming)
- Het kunnen afdichten van alle openingen zodat ze geen laknevel doorlaten
- Het kunnen spuiten van de grondlaag, zodat deze voldoende corrosiewering, hechting en vulling biedt aan de ondergrond
- Het kunnen aflakken van de binnenkant in overleg met de spuiter
- Het kunnen plaatsen van gereedschap en materiaal in rekken of karren
- Het kunnen opruimen en reinigen van de werkplek
- Het kunnen reinigen van het gebruikte gereedschap en apparatuur
2.2.3. Context
Omgevingscontext
- De voorbewerker carrosserie situeert zich in de autosector bij de schadeherstelbedrijven
- Hij werkt alleen of samen met collega's voorbewerkers carrosserie of spuiters carrosserie
- Bij het uitvoeren van de werkzaamheden kan lawaaihinder voorkomen
- Hij dient bij de uitoefening van zijn beroep persoonlijke beschermingsmiddelen te dragen.
- De activiteiten vinden plaats in de werkplaats zelf, hij gaat niet ter plaatse
- Het beroep wordt uitgeoefend binnen een aaneenschakeling van activiteiten in een herstelproces, waarbij de voorbewerker een duidelijk afgebakende plaats inneemt
- Het beroep is vrij gestructureerd, er is een logische volgorde bij het herstellen van de schade
- De voorbewerker dient efficiënt te werken zodat de planning en het gehele herstelproces geen vertraging oploopt.
- De uitoefening van het beroep varieert naar type, merk van auto en de omvang van de schade.
Handelingscontext
- De voorbewerker dient tijdens zijn ganse dag aandachtig te zijn omdat zijn werk de basis is voor het verdere herstelproces. Fouten die hij maakt komen sterk tot uiting na het spuiten en kosten tijd en geld aan de werkgever.
- Hij dient dus zeer aandachtig te zijn om onregelmatigheden in het te bewerken oppervlak op te sporen.
- Hij moet oog hebben voor kwaliteit en de tevredenheid van de klant door met zorg, precisie en toewijding te werken.
- Hij moet aandacht hebben voor brandveiligheid: vb. licht ontvlambare producten
- Hij moet omzichtig omgaan met grondstoffen en producten (anders kans op hechtingsproblemen, roestvorming) rekening houdend met veiligheidsvoorschriften.
- Hij moet zorgvuldig en nauwkeurig omgaan met machines en gereedschappen: schuurapparaten, stofzuigers, warme luchtblazers, droogsystemen,...
2.2.4. Autonomie
De voorbewerker is zelfstandig in:
- het plannen van de eigen werkzaamheden binnen een voorgeschreven volgorde en werkfiche
- het voorbereiden van zijn werkplek, het voertuig en de oppervlakken
- het herkennen en herstellen van de kunststoffen
- het kitten en het aanbrengen van corrosiewerende producten
- het afplakken van onderdelen en het aanbrengen van een grondlaag in functie van de gekozen voorbewerking
- het invullen van opvolgdocumenten en het doorgeven van informatie aan de betrokkenen
- het opruimen en reinigen van de werkplek en het gereedschap
- het sorteren van afval
Doet beroep op:
- zijn verantwoordelijke indien iets anders dient te gebeuren dan op de werkfiche aangegeven is (vb. extra uitspuiten)
Is gebonden aan:
- de voorschriften van de fabrikant van de producten
- de richtlijnen van zijn verantwoordelijke
- milieu- en veiligheidsvoorschriften
- zijn werkfiche
2.2.5. Verantwoordelijkheid
- Het bepalen van de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke
- Het voorbereiden van de werkplek en het voertuig aan de hand van de werkfiche
- Het voorbereiden van de oppervlakken voor het schilderen van het voertuig
- Het herkennen van de kunststoffen en ze herstellen volgens de voorgeschreven methode
- Het afplakken van de nodige onderdelen en het aanbrengen van grondlagen in functie van de gekozen voorbewerking
- Het aanbrengen van kitten en corrosiewerende producten
- Het invullen van opvolgdocumenten van de interventie en het doorgeven van informatie aan de betrokkenen
- Het opruimen van de werkplek en het onderhouden ervan
- Het veilig werken op de werkplek
- Het sorteren van afval
2.3. Vereiste attesten
Er zijn geen vereiste attesten.
Art. N. Description de la qualification professionnelle de préparateur en carrosserie (h/f) (BK0120) telle que mentionnée à l'article 1er
1. AU NIVEAU GLOBAL
a. Titre
Préparateur en carrosserie (h/f)
b. Définition
Le préparateur en carrosserie travaille dans le département peinture d'une entreprise de réparation de carrosserie et effectue des tâches liées à la préparation des pièces et surfaces afin qu'elles soient prêtes à être peintes.
c. Niveau
3
d. Année
2014
2. COMPETENCES
2.1. Enumération des compétences
ACTIVITES DE BASE
o Détermine les travaux sur la base d'une fiche de travail ou d'instructions d'un responsable (Id 13304-c)
- Consulte des sources techniques
- Consulte la fiche de travail
o Prépare le poste de travail et le véhicule à l'aide de la fiche de travail afin de pouvoir travailler de manière rapide, correcte, propre et sûre (co00808)
- Traite et interprète la fiche de travail
- Identifie le véhicule
- Déplace le véhicule et le prépare
- Prépare l'outillage et les produits et les met en place
- Protège le véhicule et les éventuels autres véhicules à proximité (intérieur à l'aide de sièges, d'une housse pour le volant, d'une protection pour les tapis...)
o Complète les documents de suivi de l'intervention et transmet les informations aux intéressés (Id 17315-c)
- Complète la fiche de travail pour la facturation ou l'explication des travaux effectués
- Enregistre les quantités utilisées de matériaux
- Echange des informations avec les collègues et responsables oralement et par écrit
- Utilise des logiciels propres à l'entreprise
o Débarrasse le lieu de travail et en assure l'entretien (Id 16298-c)
- Trie et range les pièces
- Place les outils et le matériel dans des étagères et des chariots
- Débarrasse le lieu de travail et le nettoie
- Nettoie l'outillage et les appareils utilisés
- Trie les déchets selon les directives.
ACTIVITES SPECIFIQUES
o Prépare les surfaces pour la peinture du véhicule (Id 16650-c)
- Respecte les prescriptions du fabricant
- Nettoie, dépoussière et dégraisse le fond
- Ponce, sable ou décape la surface selon le système de peinture
- Choisit l'enduit adéquat et le prépare
- Applique l'enduit et ponce les irrégularités
- Choisit la technique de séchage adéquate (IR, UV...)
- Redonne forme aux lignes de caractère
- Ponce les bordures, l'enduit appliqué et la couche de fond
- Utilise le grain et le matériel abrasif adéquats
- Suit le plan par étapes de ponçage
- Dans le cas de nouvelles pièces, procède au matage de la face inférieure et au ponçage de la face extérieure en fonction du processus choisi (par exemple en cas d'application à l'état humide)
- Recouvre les pièces du véhicule à ne pas traiter à l'aide d'un ruban de masquage et d'une feuille de couverture
o Reconnaît les plastiques et les répare selon la méthode prescrite (co00809)
- Reconnaît les types de plastiques et leurs propriétés
- Restitue la forme d'origine des plastiques
- Choisit la méthode prescrite pour pouvoir peindre les plastiques
- Soude, colle, ponce, chauffe, etc. les plastiques
- Assure la structure correcte des couches de fond
o Masque les pièces nécessaires et applique une couche de fond en fonction du traitement de préparation choisi (co00810)
- Bouche toutes les ouvertures afin qu'elles ne laissent pas entrer de peinture pulvérisée
- Dégraisse le fond et le dépoussière
- Choisit une nuance de couche de fond qui donne un pouvoir couvrant suffisant à la couche de finition
- Adapte la quantité de matières premières à l'étendue des travaux à effectuer
- Pulvérise la couche de fond de telle sorte que celle-ci confère au fond une résistance à la corrosion, une adhérence et une charge suffisantes
- Peint la face intérieure en concertation avec le peintre
- Utilise la technique de séchage adéquate (IR, UV...)
o Applique des mastics et produits anticorrosion (co00811)
- S'aligne sur les joints d'origine
- Veille à ce que les joints soient totalement étanches pour éviter l'infiltration d'eau (formation de rouille)
- Applique des mastics de protection aux endroits vulnérables (passages de roues, plaques de fond...)
2.2. Description des compétences/activités à l'aide des éléments de descripteurs
2.2.1. Connaissances
Génériques
- Connaissance de base de logiciels propres à l'entreprise
- Connaissance des types de véhicules
- Connaissance des équipements de protection individuelle
- Connaissance ou recherche des prescriptions du constructeur
- Connaissance des procédures en matière de sécurité et d'environnement
- Connaissance de l'ergonomie ;
- Connaissance des propriétés des matériaux utilisés
- Connaissance des propriétés des matériaux à travailler
- Connaissance de l'utilisation des appareils et outils
- Connaissance des normes de qualité
Spécifiques
- Connaissance des types d'enduit
- Connaissance des différents types de peintures, de durcisseurs, de liants, de solvants
- Connaissance des produits antirouille
- Connaissance des composants sensibles à la corrosion
- Connaissance des prescriptions du fabricant des produits (enduit, peinture de fond, etc.) ou capacité de les rechercher
- Connaissance des règles en matière de manipulation de produits toxiques
- Connaissance des techniques de nettoyage
- Connaissance des types de dégraissants
- Connaissance des techniques de séchage
- Connaissance des techniques de masquage
- Connaissance des techniques de réparation pour les plastiques
- Connaissance des types de plastiques à travailler
- Connaissance du plan par étapes de ponçage du fabricant de matériaux de ponçage
- Connaissance de la proportion adéquate entre enduit et durcissant
2.2.2. Compétences
Compétences cognitives
- Pouvoir consulter des sources techniques
- Pouvoir consulter la fiche de travail
- Pouvoir identifier le véhicule
- Pouvoir déplacer et préparer le véhicule
- Pouvoir préparer l'outillage et les produits et les mettre en place
- Pouvoir protéger le véhicule et d'autres véhicules éventuels à proximité (intérieur à l'aide de sièges, d'une housse pour volant, d'une protection pour tapis ...)
- Pouvoir compléter la fiche de travail pour la facturation ou l'explication des travaux effectués
- Pouvoir enregistrer les quantités utilisées de matériaux
- Pouvoir échanger des informations avec ses collègues et son responsable oralement et par écrit
- Pouvoir utiliser un logiciel propre à l'entreprise.
- Pouvoir trier et ranger les pièces
- Pouvoir trier les déchets conformément aux directives
- Pouvoir respecter les prescriptions du fabricant
- Pouvoir reconnaître les plastiques
- Pouvoir choisir la méthode prescrite pour peindre les plastiques
- Pouvoir choisir les produits adéquats pour enduire, poncer
- Pouvoir suivre correctement le plan par étapes de ponçage
- Pouvoir choisir la technique de séchage appropriée
Aptitudes à résoudre des problèmes
- Pouvoir assurer la structure correcte des couches de fond
- Pouvoir adapter la quantité de matières premières à l'étendue des travaux à effectuer
Aptitudes en matière de motricité
- Pouvoir nettoyer, dépoussiérer et dégraisser le fond
- Pouvoir poncer, sabler ou décaper la surface selon le système de peinture
- Pouvoir redonner forme aux lignes de caractère
- Pouvoir poncer les bordures, l'enduit appliqué et la couche de fond
- Dans le cas de nouvelles pièces, pouvoir procéder au matage de la face inférieure et au ponçage de la face extérieure en fonction du processus choisi (par exemple en cas d'application à l'état humide)
- Pouvoir appliquer des mastics de protection aux endroits vulnérables (passages de roues, plaques de fond...)
- Pouvoir recouvrir les pièces du véhicule à ne pas traiter à l'aide d'un ruban de masquage et d'une feuille de couverture
- Pouvoir restaurer les plastiques dans leur forme d'origine
- Pouvoir souder, coller, poncer, chauffer, etc. les plastiques
- Pouvoir s'aligner sur les joints d'origine
- Pouvoir veiller à ce que les joints soient totalement étanches pour éviter l'infiltration d'eau (formation de rouille)
- Pouvoir boucher toutes les ouvertures afin qu'elles ne laissent pas entrer de peinture pulvérisée
- Pouvoir pulvériser la couche de fond de telle sorte que celle-ci confère au fond une résistance à la corrosion, une adhérence et une charge suffisantes
- Pouvoir peindre la face intérieure en concertation avec le peintre
- Pouvoir placer les outils et le matériel sur des étagères ou dans des chariots
- Pouvoir ranger et nettoyer le lieu de travail
- Pouvoir nettoyer les outils et les appareils utilisés
2.2.3 Contexte
Contexte d'environnement
- Le préparateur en carrosserie se rencontre dans le secteur automobile dans les entreprises de réparation de carrosserie
- Il travaille seul ou en collaboration avec des collègues préparateurs ou peintres en carrosserie
- Des nuisances dues au bruit peuvent se produire lors de l'exécution des travaux
- Il doit porter des moyens de protection individuelle lors de l'exercice de sa profession.
- Les activités ont lieu dans l'atelier lui-même ; il ne se rend pas sur place
- La profession est exercée dans une succession d'activités dans le cadre d'un processus de réparation, le préparateur jouant un rôle clairement délimité
- La profession est assez structurée ; il y a un ordre logique dans la réparation des dommages
- Le préparateur doit travailler efficacement de telle sorte que la planification et l'ensemble du processus de réparation ne connaissent pas de retard.
- L'exercice de la profession varie en fonction du type, de la marque de la voiture et de l'étendue des dommages.
Contexte d'action
- Le préparateur doit être attentif pendant toute la journée parce que son travail est à la base du processus de réparation ultérieur. Les erreurs qu'il commet sont très visibles après la peinture et coûtent du temps et de l'argent à l'employeur.
- Il doit donc faire très attention à détecter les irrégularités dans la surface à traiter.
- Il doit se soucier de la qualité et de la satisfaction du client en travaillant avec soin, précision et dévouement
- il doit faire attention à la sécurité contre l'incendie : par exemple, avec des produits très inflammables
- Il doit manipuler avec précaution les matières premières et produits (sinon, risque de problème d'adhérence, de formation de rouille) en tenant compte des prescriptions de sécurité.
- Il doit manipuler avec soin et précision les machines et outillages : ponceuses, aspirateurs, souffleurs d'air chaud, systèmes de chauffage...
2.2.4. Autonomie
Le préparateur fait preuve d'autonomie pour :
- La planification de ses propres tâches dans un ordre prescrit et sur la base de la fiche de travail
- La préparation de son poste de travail, du véhicule et des surfaces
- La reconnaissance et la réparation des plastiques
- L'application d'enduit et de produits anticorrosion
- Le masquage des pièces et l'application d'une couche de fond en fonction du traitement de préparation choisi
- La rédaction des documents de suivi et la communication d'informations aux intéressés
- Le rangement et le nettoyage du poste de travail et des outils
- Le tri des déchets
Fait appel :
- au responsable s'il faut déroger aux indications de la fiche de travail (par exemple, couche supplémentaire)
Est tenu(e) par :
- les prescriptions du fabricant des produits
- les directives de son responsable
- les prescriptions en matière d'environnement et de sécurité
- sa fiche de travail
2.2.5. Responsabilité
- Déterminer les tâches en fonction d'une fiche de travail ou des indications d'un responsable
- Préparer le poste de travail et le véhicule à l'aide de la fiche de travail
- Préparer les surfaces pour la peinture du véhicule
- Reconnaître les plastiques et les réparer selon la méthode prescrite
- Masquer les pièces nécessaires et appliquer les couches de fond en fonction du traitement de préparation choisi
- Appliquer des enduits et produits anticorrosion
- Compléter les documents de suivi de l'intervention et transmettre des informations aux intéressés
- Débarrasser et entretenir le poste de travail
- Travailler au poste de travail en toute sécurité
- Trier les déchets
2.3. Attestations requises
Aucune attestation n'est requise.
1. AU NIVEAU GLOBAL
a. Titre
Préparateur en carrosserie (h/f)
b. Définition
Le préparateur en carrosserie travaille dans le département peinture d'une entreprise de réparation de carrosserie et effectue des tâches liées à la préparation des pièces et surfaces afin qu'elles soient prêtes à être peintes.
c. Niveau
3
d. Année
2014
2. COMPETENCES
2.1. Enumération des compétences
ACTIVITES DE BASE
o Détermine les travaux sur la base d'une fiche de travail ou d'instructions d'un responsable (Id 13304-c)
- Consulte des sources techniques
- Consulte la fiche de travail
o Prépare le poste de travail et le véhicule à l'aide de la fiche de travail afin de pouvoir travailler de manière rapide, correcte, propre et sûre (co00808)
- Traite et interprète la fiche de travail
- Identifie le véhicule
- Déplace le véhicule et le prépare
- Prépare l'outillage et les produits et les met en place
- Protège le véhicule et les éventuels autres véhicules à proximité (intérieur à l'aide de sièges, d'une housse pour le volant, d'une protection pour les tapis...)
o Complète les documents de suivi de l'intervention et transmet les informations aux intéressés (Id 17315-c)
- Complète la fiche de travail pour la facturation ou l'explication des travaux effectués
- Enregistre les quantités utilisées de matériaux
- Echange des informations avec les collègues et responsables oralement et par écrit
- Utilise des logiciels propres à l'entreprise
o Débarrasse le lieu de travail et en assure l'entretien (Id 16298-c)
- Trie et range les pièces
- Place les outils et le matériel dans des étagères et des chariots
- Débarrasse le lieu de travail et le nettoie
- Nettoie l'outillage et les appareils utilisés
- Trie les déchets selon les directives.
ACTIVITES SPECIFIQUES
o Prépare les surfaces pour la peinture du véhicule (Id 16650-c)
- Respecte les prescriptions du fabricant
- Nettoie, dépoussière et dégraisse le fond
- Ponce, sable ou décape la surface selon le système de peinture
- Choisit l'enduit adéquat et le prépare
- Applique l'enduit et ponce les irrégularités
- Choisit la technique de séchage adéquate (IR, UV...)
- Redonne forme aux lignes de caractère
- Ponce les bordures, l'enduit appliqué et la couche de fond
- Utilise le grain et le matériel abrasif adéquats
- Suit le plan par étapes de ponçage
- Dans le cas de nouvelles pièces, procède au matage de la face inférieure et au ponçage de la face extérieure en fonction du processus choisi (par exemple en cas d'application à l'état humide)
- Recouvre les pièces du véhicule à ne pas traiter à l'aide d'un ruban de masquage et d'une feuille de couverture
o Reconnaît les plastiques et les répare selon la méthode prescrite (co00809)
- Reconnaît les types de plastiques et leurs propriétés
- Restitue la forme d'origine des plastiques
- Choisit la méthode prescrite pour pouvoir peindre les plastiques
- Soude, colle, ponce, chauffe, etc. les plastiques
- Assure la structure correcte des couches de fond
o Masque les pièces nécessaires et applique une couche de fond en fonction du traitement de préparation choisi (co00810)
- Bouche toutes les ouvertures afin qu'elles ne laissent pas entrer de peinture pulvérisée
- Dégraisse le fond et le dépoussière
- Choisit une nuance de couche de fond qui donne un pouvoir couvrant suffisant à la couche de finition
- Adapte la quantité de matières premières à l'étendue des travaux à effectuer
- Pulvérise la couche de fond de telle sorte que celle-ci confère au fond une résistance à la corrosion, une adhérence et une charge suffisantes
- Peint la face intérieure en concertation avec le peintre
- Utilise la technique de séchage adéquate (IR, UV...)
o Applique des mastics et produits anticorrosion (co00811)
- S'aligne sur les joints d'origine
- Veille à ce que les joints soient totalement étanches pour éviter l'infiltration d'eau (formation de rouille)
- Applique des mastics de protection aux endroits vulnérables (passages de roues, plaques de fond...)
2.2. Description des compétences/activités à l'aide des éléments de descripteurs
2.2.1. Connaissances
Génériques
- Connaissance de base de logiciels propres à l'entreprise
- Connaissance des types de véhicules
- Connaissance des équipements de protection individuelle
- Connaissance ou recherche des prescriptions du constructeur
- Connaissance des procédures en matière de sécurité et d'environnement
- Connaissance de l'ergonomie ;
- Connaissance des propriétés des matériaux utilisés
- Connaissance des propriétés des matériaux à travailler
- Connaissance de l'utilisation des appareils et outils
- Connaissance des normes de qualité
Spécifiques
- Connaissance des types d'enduit
- Connaissance des différents types de peintures, de durcisseurs, de liants, de solvants
- Connaissance des produits antirouille
- Connaissance des composants sensibles à la corrosion
- Connaissance des prescriptions du fabricant des produits (enduit, peinture de fond, etc.) ou capacité de les rechercher
- Connaissance des règles en matière de manipulation de produits toxiques
- Connaissance des techniques de nettoyage
- Connaissance des types de dégraissants
- Connaissance des techniques de séchage
- Connaissance des techniques de masquage
- Connaissance des techniques de réparation pour les plastiques
- Connaissance des types de plastiques à travailler
- Connaissance du plan par étapes de ponçage du fabricant de matériaux de ponçage
- Connaissance de la proportion adéquate entre enduit et durcissant
2.2.2. Compétences
Compétences cognitives
- Pouvoir consulter des sources techniques
- Pouvoir consulter la fiche de travail
- Pouvoir identifier le véhicule
- Pouvoir déplacer et préparer le véhicule
- Pouvoir préparer l'outillage et les produits et les mettre en place
- Pouvoir protéger le véhicule et d'autres véhicules éventuels à proximité (intérieur à l'aide de sièges, d'une housse pour volant, d'une protection pour tapis ...)
- Pouvoir compléter la fiche de travail pour la facturation ou l'explication des travaux effectués
- Pouvoir enregistrer les quantités utilisées de matériaux
- Pouvoir échanger des informations avec ses collègues et son responsable oralement et par écrit
- Pouvoir utiliser un logiciel propre à l'entreprise.
- Pouvoir trier et ranger les pièces
- Pouvoir trier les déchets conformément aux directives
- Pouvoir respecter les prescriptions du fabricant
- Pouvoir reconnaître les plastiques
- Pouvoir choisir la méthode prescrite pour peindre les plastiques
- Pouvoir choisir les produits adéquats pour enduire, poncer
- Pouvoir suivre correctement le plan par étapes de ponçage
- Pouvoir choisir la technique de séchage appropriée
Aptitudes à résoudre des problèmes
- Pouvoir assurer la structure correcte des couches de fond
- Pouvoir adapter la quantité de matières premières à l'étendue des travaux à effectuer
Aptitudes en matière de motricité
- Pouvoir nettoyer, dépoussiérer et dégraisser le fond
- Pouvoir poncer, sabler ou décaper la surface selon le système de peinture
- Pouvoir redonner forme aux lignes de caractère
- Pouvoir poncer les bordures, l'enduit appliqué et la couche de fond
- Dans le cas de nouvelles pièces, pouvoir procéder au matage de la face inférieure et au ponçage de la face extérieure en fonction du processus choisi (par exemple en cas d'application à l'état humide)
- Pouvoir appliquer des mastics de protection aux endroits vulnérables (passages de roues, plaques de fond...)
- Pouvoir recouvrir les pièces du véhicule à ne pas traiter à l'aide d'un ruban de masquage et d'une feuille de couverture
- Pouvoir restaurer les plastiques dans leur forme d'origine
- Pouvoir souder, coller, poncer, chauffer, etc. les plastiques
- Pouvoir s'aligner sur les joints d'origine
- Pouvoir veiller à ce que les joints soient totalement étanches pour éviter l'infiltration d'eau (formation de rouille)
- Pouvoir boucher toutes les ouvertures afin qu'elles ne laissent pas entrer de peinture pulvérisée
- Pouvoir pulvériser la couche de fond de telle sorte que celle-ci confère au fond une résistance à la corrosion, une adhérence et une charge suffisantes
- Pouvoir peindre la face intérieure en concertation avec le peintre
- Pouvoir placer les outils et le matériel sur des étagères ou dans des chariots
- Pouvoir ranger et nettoyer le lieu de travail
- Pouvoir nettoyer les outils et les appareils utilisés
2.2.3 Contexte
Contexte d'environnement
- Le préparateur en carrosserie se rencontre dans le secteur automobile dans les entreprises de réparation de carrosserie
- Il travaille seul ou en collaboration avec des collègues préparateurs ou peintres en carrosserie
- Des nuisances dues au bruit peuvent se produire lors de l'exécution des travaux
- Il doit porter des moyens de protection individuelle lors de l'exercice de sa profession.
- Les activités ont lieu dans l'atelier lui-même ; il ne se rend pas sur place
- La profession est exercée dans une succession d'activités dans le cadre d'un processus de réparation, le préparateur jouant un rôle clairement délimité
- La profession est assez structurée ; il y a un ordre logique dans la réparation des dommages
- Le préparateur doit travailler efficacement de telle sorte que la planification et l'ensemble du processus de réparation ne connaissent pas de retard.
- L'exercice de la profession varie en fonction du type, de la marque de la voiture et de l'étendue des dommages.
Contexte d'action
- Le préparateur doit être attentif pendant toute la journée parce que son travail est à la base du processus de réparation ultérieur. Les erreurs qu'il commet sont très visibles après la peinture et coûtent du temps et de l'argent à l'employeur.
- Il doit donc faire très attention à détecter les irrégularités dans la surface à traiter.
- Il doit se soucier de la qualité et de la satisfaction du client en travaillant avec soin, précision et dévouement
- il doit faire attention à la sécurité contre l'incendie : par exemple, avec des produits très inflammables
- Il doit manipuler avec précaution les matières premières et produits (sinon, risque de problème d'adhérence, de formation de rouille) en tenant compte des prescriptions de sécurité.
- Il doit manipuler avec soin et précision les machines et outillages : ponceuses, aspirateurs, souffleurs d'air chaud, systèmes de chauffage...
2.2.4. Autonomie
Le préparateur fait preuve d'autonomie pour :
- La planification de ses propres tâches dans un ordre prescrit et sur la base de la fiche de travail
- La préparation de son poste de travail, du véhicule et des surfaces
- La reconnaissance et la réparation des plastiques
- L'application d'enduit et de produits anticorrosion
- Le masquage des pièces et l'application d'une couche de fond en fonction du traitement de préparation choisi
- La rédaction des documents de suivi et la communication d'informations aux intéressés
- Le rangement et le nettoyage du poste de travail et des outils
- Le tri des déchets
Fait appel :
- au responsable s'il faut déroger aux indications de la fiche de travail (par exemple, couche supplémentaire)
Est tenu(e) par :
- les prescriptions du fabricant des produits
- les directives de son responsable
- les prescriptions en matière d'environnement et de sécurité
- sa fiche de travail
2.2.5. Responsabilité
- Déterminer les tâches en fonction d'une fiche de travail ou des indications d'un responsable
- Préparer le poste de travail et le véhicule à l'aide de la fiche de travail
- Préparer les surfaces pour la peinture du véhicule
- Reconnaître les plastiques et les réparer selon la méthode prescrite
- Masquer les pièces nécessaires et appliquer les couches de fond en fonction du traitement de préparation choisi
- Appliquer des enduits et produits anticorrosion
- Compléter les documents de suivi de l'intervention et transmettre des informations aux intéressés
- Débarrasser et entretenir le poste de travail
- Travailler au poste de travail en toute sécurité
- Trier les déchets
2.3. Attestations requises
Aucune attestation n'est requise.