Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
25 APRIL 2014. - Besluit van de Vlaamse Regering tot erkenning van de beroepskwalificatie plaatwerker carrosserie
Titre
25 AVRIL 2014. - Arrêté du Gouvernement flamand portant reconnaissance de la qualification professionnelle de " plaatwerker carrosserie " (tôlier carrossier)
Documentinformatie
Numac: 2014035781
Datum: 2014-04-25
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2014035781
Date: 2014-04-25
Moniteur: Voir
Inhoud
Inhoud
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel 1. De beroepskwalificatie van plaatwerker carrosserie, ingeschaald op niveau 3 van de Vlaamse kwalificatiestructuur, wordt erkend. De beschrijving, opgenomen in de bijlage die bij dit besluit is gevoegd, omvat de definitie en de bijbehorende competenties.
Article 1er. La qualification professionnelle de " plaatwerker carrosserie " (tôlier carrossier), insérée au niveau 3 de la structure flamande des certifications, est reconnue. La description jointe en annexe au présent arrêté comprend la définition et les compétences correspondantes.
Art. 2. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het tewerkstellingsbeleid, zijn, ieder wat hem of haar betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 2. Le Ministre flamand qui a l'enseignement dans ses attributions et le Ministre flamand qui a la politique de l'emploi dans ses attributions sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. Beschrijving van de beroepskwalificatie van plaatwerker carrosserie (m/v) (BK0121) als vermeld in artikel 1
1. GLOBAAL
a. Titel
Plaatwerker carrosserie (m/v)
b. Definitie
De plaatwerker carrosserie werkt op de plaatwerkafdeling van een schadeherstelbedrijf en vervangt of herstelt beschadigde plaatonderdelen teneinde deze weer in vorm te brengen.
c. Niveau
3
d. Jaartal
2014
2. COMPETENTIES
2.1. Opsomming competenties
BASISACTIVITEITEN
* Bepaalt de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke (Id 13304-c)
- Raadpleegt technische bronnen
- Raadpleegt de werkfiche
* Bereidt de werkplek en het voertuig voor aan de hand van de werkfiche, zodat vlot, correct, net en veilig gewerkt kan worden (co00812)
- Verwerkt en interpreteert de werkfiche
- Identificeert het voertuig
- Verplaatst het voertuig en zet het klaar
- Bereidt het gereedschap en de producten voor en zet ze klaar
- Beschermt het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)
* Vult de opvolgdocumenten van de interventie in en geeft de informatie door aan de betrokkenen (Id 17315-c)
- Vult de werkfiche in voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden
- Registreert gebruikte hoeveelheden materialen
- Wisselt mondeling en schriftelijk informatie uit met collega's en verantwoordelijke
- Gebruikt bedrijfseigen software
* Ruimt de werkplek op en onderhoudt ze (Id 16298-c)
- Sorteert en bergt onderdelen op
- Plaatst gereedschap en materiaal in rekken of karren
- Ruimt de werkplek op en reinigt ze
- Reinigt het gebruikte gereedschap en de apparatuur
- Sorteert afval volgens de richtlijnen
SPECIFIEKE ACTIVITEITEN
* Spoort schade op en meldt de schade als die niet vermeld is op de werkfiche en overlegt, in samenspraak met de verantwoordelijke, welke onderdelen vervangen dienen te worden (co00813)
- Heeft oog voor defecten en schade die niet op de werkfiche staan
- Meldt zijn vaststellingen aan de verantwoordelijke
* Controleert de geometrie van het chassis, de zelfdragende carrosserie, het onderstel, ... en buigt vervormde carrosserie-elementen weer recht of vervangt ze (Id 786)
- Houdt zich aan de constructeursvoorschriften en de autotechnische keuringsnormen
- Gebruikt meet- en controle-instrumenten
- Controleert vervormingen van het chassis met een richtbank, mallen of lasermeetpunten en meetinstrumenten
- Brengt de ankerpunten aan waaraan men het voertuig kan rechttrekken
- Richt het voertuig met behulp van de richtbank volgens de voorgeschreven trekrichting
- Richt het chassis met behulp van een richtsysteem met meet- of kaliberapparatuur
- Legt krimppunten op plaatsen met overmatige rek
- Werkt kleine blutsen, builen en deuken weg met pneumatisch, hydraulisch of elektrisch pers- en trekgereedschap
- Deukt schade spuitvrij uit met specifiek gereedschap
- Maakt nieuwe stukken op maat en lijmt of last ze op het koetswerk
- Schuurt lasnaden en herstelde delen bij zonder dat de herstelling aan stevigheid inboet (slijpen, vijlen, schuren, frezen, ...)
- Vertint, soldeert of dicht lasnaden, puntlassen en andere naden af
* Herstelt en of vervangt al dan niet dragende plaatonderdelen in functie van de voorschriften van de constructeur (co00814)
- Tilt het voertuig op volgens de instructies van de constructeur met gebruik van voldoende ondersteunende elementen
- Deukt het voertuig uit met behulp van de gepaste hulpgereedschappen binnen de vooropgestelde tijd
- Werkt de plaat strak uit, zodat de voorbewerker zijn taak vlot kan uitvoeren
- Verwijdert plaatdelen door te zagen, beitelen, slijpen of boren
- Plaatst nieuwe onderdelen en past deze aan het voertuig aan
- Bevestigt nieuwe onderdelen door te lassen, lijmen, schroeven, clinchen, klinken, hardsolderen...
- Werkt lasnaden en herstelde of verbonden onderdelen bij door te slijpen, vijlen, schuren of frezen zonder dat aan stevigheid ingeboet wordt
- Verwijdert oude laklagen en schuurt verloopranden aan
* Brengt kitten en corrosiewerende producten aan (co00815)
- Bootst de originele naden na
- Zorgt dat de naden 100 % dicht zijn om waterinfiltratie te voorkomen (roestvorming)
- Brengt beschermingskitten aan op kwetsbare plaatsen (wieldoorgangen, bodemplaten, ...)
2.2. Beschrijving van de competenties/activiteiten aan de hand van de descriptorelementen
2.2.1. Kennis
Generiek
- Basiskennis van bedrijfseigen software
- Kennis van voertuigtypes
- Kennis van persoonlijke beschermingsmiddelen
- Kennis van constructeursvoorschriften of het opzoeken ervan
- Kennis van procedures omtrent veiligheid en milieu
- Kennis van ergonomie
- Kennis van eigenschappen van de gebruikte materialen
- Kennis van eigenschappen van de te bewerken materialen
- Kennis van het gebruik van apparatuur en gereedschap
- Kennis van kwaliteitsnormen
Specifiek
- Basiskennis auto-elektriciteit
- Basiskennis elektronica
- Basiskennis automechanica
- Kennis van plaatwerk
- Kennis van richtwerk
- Kennis van geometrie
- Kennis van automechanica in verband met frame en ophanging
- Kennis van lastechnieken
- Kennis van lijmkarakteristieken
- Kennis van roestwerende producten
- Kennis van corrosiegevoelige componenten
- Kennis van autotechnische keuringsnormen
- Kennis van metaalbewerkingstechnieken (slijpen, frezen,...)
- Kennis van bevestigingstechnieken (lijmen, hardsolderen, schroeven, klinken,...)
- Kennis van specifiek gereedschap in functie van plaatwerk (richtbank, pneumatisch, hydraulisch of elektrisch pers- en trekgereedschap,...)
2.2.2. Vaardigheden
Cognitieve vaardigheden
- Het kunnen raadplegen van technische bronnen
- Het kunnen raadplegen van de werkfiche
- Het kunnen verwerken en interpreteren van de werkfiche
- Het kunnen identificeren van het voertuig
- Het kunnen verplaatsen en klaarzetten van het voertuig
- Het kunnen voorbereiden en klaarzetten van het gereedschap en de producten
- Het kunnen beschermen van het voertuig en eventuele andere voertuigen in de buurt (interieur d.m.v. stoelen, stuurhoes, tapijtbescherming...)
- Het kunnen invullen van de werkfiche voor facturatie of verduidelijking van de uitgevoerde werkzaamheden
- Het kunnen registreren van gebruikte hoeveelheden materialen
- Het mondeling en schriftelijk informatie kunnen uitwisselen met collega's en verantwoordelijke
- Het kunnen gebruiken van bedrijfseigen software
- Het kunnen sorteren en opbergen van onderdelen
- Het kunnen sorteren van afval volgens de richtlijnen
- Het kunnen gebruiken van meet- en controle-instrumenten
- Het kunnen controleren van vervormingen van het chassis met een richtbank, mallen of lasermeetpunten en meetinstrumenten
Probleemoplossende vaardigheden
- Het kunnen opsporen van defecten en schade via observatie
Motorische vaardigheden
- Het kunnen wegwerken van kleine blutsen, builen en deuken met pneumatisch, hydraulisch of elektrisch pers- en trekgereedschap
- Het kunnen leggen van krimppunten op plaatsen met overmatige rek
- Het op maat kunnen maken van nieuwe stukken en ze lijmen of lassen op het koetswerk
- Het kunnen schuren van lasnaden en herstelde delen zonder dat de herstelling aan stevigheid inboet (slijpen, vijlen, schuren, frezen, ...)
- Het kunnen vertinnen, solderen of dichten van lasnaden, puntlassen en andere naden
- Het kunnen spuitvrij uitdeuken met specifiek gereedschap
- Het kunnen aanbrengen van ankerpunten waaraan men het voertuig kan rechttrekken
- Het kunnen richten van het voertuig met behulp van de richtbank volgens de voorgeschreven trekrichting
- Het kunnen optillen van het voertuig volgens de instructies van de constructeur met gebruik van voldoende ondersteunende elementen
- Het kunnen richten van het chassis met behulp van een richtsysteem met meet- of kaliberapparatuur
- Het kunnen uitdeuken met behulp van de gepaste hulpgereedschappen binnen de vooropgestelde tijd
- Het kunnen strak uitwerken van de plaat, zodat de voorbewerker (de volgende in het herstellingsproces) zijn taak vlot kan uitvoeren
- Het kunnen verwijderen van plaatdelen door te zagen, beitelen, slijpen of boren
- Het kunnen plaatsen van nieuwe onderdelen en deze aanpassen aan het voertuig
- Het kunnen bevestigen van nieuwe onderdelen door te lassen, lijmen, schroeven, clinchen, klinken, hardsolderen...
- Het kunnen bijwerken van lasnaden en herstelde of verbonden onderdelen door te slijpen, vijlen, schuren of frezen zonder dat aan stevigheid ingeboet wordt
- Het kunnen verwijderen van oude laklagen en aanschuren van verloopranden
- Het kunnen nabootsen van de originele naden
- Het kunnen ervoor zorgen dat de naden 100% dicht zijn om waterinfiltratie te voorkomen (roestvorming)
- Het kunnen plaatsen van gereedschap en materiaal in rekken of karren
- Het kunnen opruimen en reinigen van de werkplek
- Het kunnen reinigen van het gebruikte gereedschap en apparatuur
2.2.3. Context
Omgevingscontext
- De plaatwerker carrosserie situeert zich in de autosector bij de schadeherstelbedrijven
- Hij werkt alleen of samen met collega's plaatwerkers carrosserie en demonteur monteur carrosserie
- Bij het uitvoeren van de werkzaamheden kan lawaaihinder voorkomen
- Het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen is vereist
- De activiteiten vinden plaats in de werkplaats zelf, hij gaat niet ter plaatse.
- Het beroep wordt uitgeoefend binnen een aaneenschakeling van activiteiten in een herstelproces, waarbij de plaatwerker carrosserie een duidelijk afgebakende plaats inneemt
- Het beroep is vrij gestructureerd, er is een logische volgorde bij het herstellen van de schade
- De plaatwerker carrosserie dient efficiënt te werken zodat de planning en het gehele herstelproces geen vertraging oploopt
- De uitoefening van het beroep varieert naar type, merk van auto en de omvang van de schade
Handelingscontext
- De plaatwerker carrosserie dient tijdens zijn ganse dag aandachtig te zijn omdat zijn werk invloed kan hebben op de veiligheid van de wagen
- Hij moet oog hebben voor kwaliteit en de tevredenheid van de klant door met zorg, precisie en toewijding te werken
- Hij moet aandacht hebben voor gevaarlijke situaties: vb. tijdens het lassen en slijpen aandacht hebben voor brandveiligheid
- Hij moet omzichtig omgaan met grondstoffen en producten ( anders kans op hechtingsproblemen, roestvorming) rekening houdend met veiligheidsvoorschriften
- Hij moet zorgvuldig en nauwkeurig omgaan met machines en gereedschappen: lasapparaat, slijpmachine, hamer, tas, meet- en richtapparatuur
2.2.4. Autonomie
Is zelfstandig in:
- Het plannen van de eigen werkzaamheden binnen een voorgeschreven volgorde en op basis van de werkfiche
- Het voorbereiden van zijn werkplek en het voertuig
- Het bijdragen tot het bepalen welke onderdelen vervangen moeten worden
- Het opsporen en melden van extra schade
- Het herstellen en/of vervangen van al dan niet dragende onderdelen
- Het kitten en/of aanbrengen van corrosiewerende producten
- Het invullen van opvolgdocumenten en informatie doorgeven aan de betrokkenen
- Het sorteren van afval
Doet beroep op:
- de verantwoordelijke indien iets anders dient te gebeuren dan op de werkfiche aangegeven is (vb. vervangen ipv herstellen)
- de verantwoordelijke om samen met hem te bepalen welke onderdelen vervangen dienen te worden bij schade niet vermeld op de werkfiche
Is gebonden aan:
- de voorschriften van de constructeur
- de richtlijnen van zijn verantwoordelijke
- milieu- en veiligheidsvoorschriften
- de werkfiche
2.2.5. Verantwoordelijkheid
- Het bepalen van de werkzaamheden op basis van een werkfiche of aanwijzingen van een verantwoordelijke
- Het voorbereiden van de werkplek en het voertuig aan de hand van de werkfiche
- Het opsporen en het vermelden van schade die niet vermeld staat op de werkfiche
- Het controleren van de carrosserie, chassis en onderstel
- Het herstellen of vervangen van al dan niet dragende plaatonderdelen
- Het aanbrengen van kitten en corrosiewerende producten
- Het weer strak krijgen van plaatdelen
- Het richten van een chassis
- Het weer aan elkaar zetten van plaatdelen
- Het invullen van opvolgdocumenten van de interventie en het doorgeven van informatie aan de betrokkenen
- Het opruimen van de werkplek en het onderhouden ervan
- Het veilig werken op de werkplek
- Het sorteren van afval
2.3. Vereiste attesten
Er zijn geen attesten verplicht/vereist.
Art. N. Description de la qualification professionnelle de tôlier carrossier (h/f) (BK0121) telle que mentionnée à l'article 1er
1. AU NIVEAU GLOBAL
a. Titre
TĂ´lier carrossier (h/f)
b. Définition
Le tôlier carrossier travaille dans le département tôlerie d'une entreprise de réparation de carrosserie et remplace ou répare les pièces de tôle endommagées afin de les remettre en forme.
c. Niveau
3
d. Année
2014
2. COMPETENCES
2.1. Enumération des compétences
ACTIVITES DE BASE
* Détermine les travaux sur la base d'une fiche de travail ou d'instructions d'un responsable (Id 13304-c)
- Consulte des sources techniques
- Consulte la fiche de travail
* Prépare le poste de travail et le véhicule à l'aide de la fiche de travail afin de pouvoir travailler de manière rapide, correcte, propre et sûre (co00812)
- Traite et interprète la fiche de travail
- Identifie le véhicule
- Déplace le véhicule et le prépare
- Prépare l'outillage et les produits et les met en place
- Protège le véhicule et les éventuels autres véhicules à proximité (intérieur à l'aide de sièges, d'une housse pour le volant, d'une protection pour les tapis ...)
* Complète les documents de suivi de l'intervention et transmet les informations aux intéressés (Id 17315-c)
- Complète la fiche de travail pour la facturation ou l'explication des travaux effectués
- Enregistre les quantités utilisées de matériaux
- Echange des informations avec les collègues et responsables oralement et par écrit
- Utilise des logiciels propres Ă  l'entreprise ;
* Débarrasse le lieu de travail et en assure l'entretien (Id 16298-c)
- Trie et range les pièces
- Place les outils et le matériel dans des étagères et des chariots
- Débarrasse le lieu de travail et le nettoie
- Nettoie l'outillage et les appareils utilisés
- Trie les déchets selon les directives.
ACTIVITES SPECIFIQUES
* Détecte les dégâts et les signale s'ils ne sont pas indiqués sur la fiche de travail et, en accord avec le responsable, détermine quelles sont les pièces qui doivent être remplacées (co00813)
- Est attentif aux dégâts et dommages qui ne sont pas indiqués sur la fiche de travail
- Signale ses constatations au responsable
* Contrôle la géométrie du châssis, la carrosserie autoportante, le bas de caisse, etc. et redresse ou remplace les éléments déformés de la carrosserie (Id 786)
- Respecte les prescriptions du constructeur et les normes d'inspection technique automobile
- Utilise des instruments de mesure et de contrĂ´le ;
- Contrôle les déformations du châssis avec un banc à redresser, des gabarits ou des points de mesure laser et des instruments de mesure
- Installe des points d'ancrage auxquels on peut redresser le véhicule
- Redresse le véhicule à l'aide du banc à redresser selon la direction prescrite de traction
- Redresse le châssis à l'aide d'un système redresseur avec des équipements de mesure oude calibrage
- Dispose des points de retrait aux endroits présentant un étirement excessif
- Elimine les petits coups, aspérités et bosses à l'aide d'un équipement de compression et de traction pneumatique, hydraulique ou électrique
- Débosselle les dégâts sans peinture à l'aide d'un outillage spécifique
- Fabrique de nouvelles pièces sur mesure et les colle ou les soude sur la carrosserie
- Ponce les soudures et les pièces réparées sans que la réparation ne perde de sa solidité (meuler, limer, poncer, fraiser, etc.)
- Etame, soude ou scelle des joints soudés, soudures par points et autres joints
* Répare et/ou remplace des pièces de tôles porteuses ou non en fonction des prescriptions du constructeur (co00814)
- Soulève le véhicule selon les instructions du constructeur en utilisant des éléments suffisants d'appui
- Débosselle le véhicule à l'aide d'équipements appropriés dans le délai fixé
- Redresse la plaque de telle sorte que le préparateur puisse accomplir sa tâche aisément
- Enlève des parties de tôles par sciage, burinage, meulage ou forage
- Monte de nouvelles pièces et les adapte au véhicule
- Fixe les nouvelles pièces par soudage, collage, vissage, clinchage, rivetage, brasage...
- Rectifie les joints soudés et les pièces réparées ou fixées par meulage, limage, ponçage ou fraisage sans nuire à la solidité
- Enlève les anciennes couches de peinture et ponce les bordures
* Applique des mastics et produits anticorrosion (co00815)
- S'aligne sur les joints d'origine
- Veille à ce que les joints soient parfaitement étanches pour éviter les infiltrations d'eau (formation de rouille)
- Applique des mastics de protection aux endroits fragiles (passages de roue, plaques de fond...)
2.2. Description des compétences/activités à l'aide des éléments de descripteurs
2.2.1. Connaissances
Génériques
- Connaissance de base de logiciels propres Ă  l'entreprise
- Connaissance des types de véhicules
- Connaissance des équipements de protection individuelle ;
- Connaissance ou recherche des prescriptions du constructeur
- Connaissance des procédures en matière de sécurité et d'environnement
- Connaissance de l'ergonomie ;
- Connaissance des propriétés des matériaux utilisés ;
- Connaissance des propriétés des matériaux à travailler
- Connaissance de l'utilisation des appareils et outils
- Connaissance des normes de qualité ;
Spécifiques
- Connaissance de base de l'électricité automobile
- Connaissance de base de l'électronique
- Connaissance de base de la mécanique automobile
- Connaissance de la tĂ´lerie
- Connaissance du travail de redressage
- Connaissance de la géométrie
- Connaissance de la mécanique automobile en rapport avec le châssis et la suspension
- Connaissance des techniques de soudage
- Connaissance des caractéristiques de collage
- Connaissance des produits antirouille
- Connaissance des composants sensibles Ă  la corrosion
- Connaissance des normes d'inspection technique automobile
- Connaissance des techniques d'usinage des métaux (meuler, fraiser...)
- Connaissance des techniques de fixation (coller, souder, riveter...)
- Connaissance des équipements spécifiques en fonction de la tôlerie (banc à redresser, équipements pneumatiques, hydrauliques ou électriques de compression et de traction...)
2.2.2. Compétences
Compétences cognitives
- Pouvoir consulter des sources techniques ;
- Pouvoir consulter la fiche de travail
- Pouvoir lire et interpréter la fiche de travail
- Pouvoir identifier le véhicule
- Pouvoir déplacer et préparer le véhicule
- Pouvoir préparer l'outillage et les produits et les mettre en place
- Pouvoir protéger le véhicule et d'autres véhicules éventuels à proximité (intérieur à l'aide de sièges, d'une housse pour volant, d'une protection pour tapis...)
- Pouvoir compléter la fiche de travail pour la facturation ou l'explication des travaux effectués
- Pouvoir enregistrer les quantités utilisées de matériaux
- Pouvoir échanger des informations avec ses collègues et son responsable (oralement et par écrit)
- Pouvoir utiliser un logiciel propre Ă  l'entreprise.
- Pouvoir trier et ranger les pièces
- Pouvoir trier les déchets conformément aux directives ;
- Pouvoir utiliser des appareils de mesure et de contrĂ´le
- Pouvoir contrôler les déformations du châssis à l'aide d'un banc à redresser, de gabarits ou de points de mesure laser et d'instruments de mesure
Aptitudes à résoudre des problèmes
- Pouvoir détecter les dommages et défauts par l'observation
Aptitudes en matière de motricité
- Pouvoir éliminer les petits coups, aspérités et bosses à l'aide d'un équipement de pression et de traction pneumatique, hydraulique ou électrique
- Pouvoir appliquer des points de retrait aux endroits présentant un étirement excessif
- Pouvoir confectionner sur mesure de nouvelles pièces et les coller ou les souder à la carrosserie
- Pouvoir poncer les joints soudés et les parties réparées sans que la réparation ne nuise à la solidité (meuler, limer, poncer, fraiser...)
- Pouvoir étamer, souder ou sceller des joints soudés, soudures par points et autres joints
- Pouvoir débosseler les dégâts sans peinture à l'aide d'un outillage spécifique
- Pouvoir installer des points d'ancrage auxquels on peut redresser le véhicule
- Pouvoir redresser le véhicule à l'aide du banc à redresser selon la direction prescrite de traction
- Pouvoir soulever le véhicule selon les instructions du constructeur en utilisant des éléments suffisants d'appui
- Pouvoir redresser le châssis à l'aide d'un système redresseur avec équipements de mesure de calibrage
- Pouvoir débosseler à l'aide des ustensiles appropriés dans le délai fixé
- Pouvoir redresser la tôle de telle sorte que le préparateur (le suivant dans le processus de réparation) puisse accomplir sa tâche aisément
- Pouvoir enlever des parties de tĂ´le par sciage, burinage, meulage ou forage
- Pouvoir placer de nouvelles pièces et les adapter aux véhicules
- Pouvoir fixer de nouvelles pièces par soudage, collage, vissage, clinchage, rivetage, soudage...
- Pouvoir rectifier les joints soudés et les pièces réparées ou fixées par meulage, limage, ponçage ou fraisage sans nuire à la solidité
- Pouvoir enlever les anciennes couches de peinture et poncer les bordures
- Pouvoir s'aligner aux joints d'origine
- Pouvoir veiller à ce que les joints soient parfaitement étanches pour éviter les infiltrations d'eau (formation de rouille)
- Pouvoir placer les outils et le matériel sur des étagères ou dans des chariots
- Pouvoir ranger et nettoyer le lieu de travail
- Pouvoir nettoyer les outils et les appareils utilisés
2.2.3. Contexte
Contexte d'environnement
- Le tôlier carrossier se rencontre dans le secteur automobile dans les entreprises de réparation de carrosserie
- Il travaille seul ou en collaboration avec des collègues tôliers-carrossiers et des monteurs-démonteurs de carrosserie
- Des nuisances dues au bruit peuvent se produire lors de l'exécution des travaux
- Le port d'équipements de protection individuelle est requis.
- Les activités ont lieu dans l'atelier même ; il ne se rend pas sur place.
- La profession est exercée dans une succession d'activités dans le cadre d'un processus de réparation, le tôlier-carrossier jouant un rôle clairement délimité
- La profession est assez structurée ; il y a un ordre logique dans la réparation des dommages
- Le carrossier-tôlier doit travailler efficacement de telle sorte que la planification et l'ensemble du processus de réparation ne prennent pas de retard
- L'exercice de la profession varie en fonction du type, de la marque de la voiture et de l'étendue des dommages
Contexte d'action
- Le tôlier carrossier doit rester attentif pendant toute la journée parce que son travail peut avoir une influence sur la sécurité du véhicule
- Il doit se soucier de la qualité et de la satisfaction du client en travaillant avec soin, précision et dévouement
- Il doit ĂŞtre attentif aux situations dangereuses : par exemple, il doit faire attention Ă  la protection contre l'incendie pendant le soudage et le meulage
- Il doit manipuler avec précaution les matières premières et produits (sinon, risque de problèmes d'adhérence, de formation de rouille) en tenant compte des prescriptions de sécurité
- Il doit manipuler avec soin et précision les machines et outillages : poste à souder, meuleuse, marteau, appareillage de mesure et de redressage
2.2.4. Autonomie
Fait preuve d'autonomie pour :
- La planification de ses propres tâches dans un ordre prescrit et sur la base de la fiche de travail
- La préparation de son poste de travail et du véhicule
- La contribution au choix des pièces devant être remplacées
- la détection et la notification des dégâts supplémentaires
- la réparation et/ou le remplacement des pièces porteuses ou non
- Le masticage et/ou l'application de produits anticorrosion
- La rédaction du document de suivi et la communication d'informations aux intéressés
- Le tri des déchets
Fait appel :
- au responsable s'il faut déroger aux indications de la fiche de travail (par exemple, remplacer au lieu de réparer)
- au responsable pour déterminer en concertation avec lui quelles pièces doivent être remplacées en cas de dégâts qui ne figurent pas sur la fiche de travail
Est tenu(e) par :
- les prescriptions du constructeur
- les directives de son responsable
- les prescriptions en matière d'environnement et de sécurité
- la fiche de travail
2.2.5. Responsabilité
- Déterminer les tâches en fonction d'une fiche de travail ou des indications d'un responsable
- Préparer le poste de travail et le véhicule à l'aide de la fiche de travail
- Détecter et indiquer les dommages qui ne sont pas indiqués sur la fiche de travail
- Contrôler la carrosserie, le châssis et le bas de caisse
- Réparer ou remplacer les pièces de tôle porteuses ou non
- Appliquer des mastics et des produits anticorrosion
- Redresser les pièces en tôle
- Redresser un châssis
- Remettre en place les pièces en tôle
- Compléter les documents de suivi de l'intervention et transmettre des informations aux intéressés
- Débarrasser et entretenir le poste de travail
- Travailler au poste de travail en toute sécurité
- Trier les déchets
2.3. Attestations requises
Des attestations ne sont pas obligatoires/requises.