Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
2 SEPTEMBER 2013. - Ministeriële omzendbrief betreffende de herhuisvesting van de gebruiker die wordt ontzet ten gevolge van een bewoningsverbod opgelegd door de burgemeester overeenkomstig de artikelen 7 en 13 van de Waalse Huisvestingscode en Duurzaam Wonen
Titre
2 SEPTEMBRE 2013. - Circulaire ministérielle relative au relogement de l'occupant expulsé par le bourgmestre suite à une interdiction d'occuper prise conformément aux articles 7 et 13 du Code wallon du Logement et de l'Habitat durable
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel M.
Article M.
I. Inleiding - wettelijk en reglementair kader
Sinds 1 juli 2012 voorziet het Waalse Wetboek van Huisvesting en Duurzaam Wonen in een plicht tot herhuisvesting ten gunste van elke persoon die wordt ontzet ten gevolge van een bewoningsverbod opgelegd door de burgemeester of de Regering.
Die plicht tot herhuisvesting en de daaruit voortvloeiende financiering is niet van toepassing op de uitzettingsbesluiten genomen op grond van de artikelen 133, tweede lid, en 135, § 2, van de nieuwe gemeentewet. Die plicht geldt alleen voor de besluiten van de burgemeester genomen krachtens het Waalse Wetboek van Huisvesting en Duurzaam Wonen.
Ter herinnering, de plicht tot herhuisvesting geldt enkel wanneer de bewoonde woning één of meer tekortkomingen aan de bepaalde minimale gezondheidsnormen vertoont, zodat een bewoningsverbod wordt opgelegd en een uitzetting van de woning binnen een bepaalde termijn daarop volgt, waarbij het niet altijd gemakkelijk is om een andere woning te vinden (1). Die plicht is ook van toepassing wanneer een bewoningsverbod ten gevolge van een intrekking van de verhuurvergunning wordt opgelegd naar gelang van de vastgestelde tekortkomingen (2).
De plicht tot herhuisvesting is daarentegen niet van toepassing wanneer de woning wegens overbevolking ontruimd moet worden.
Het besluit van de Waalse Regering van 13 juni 2013 betreffende de herhuisvesting van de gebruiker die wordt ontzet ten gevolge van een bewoningsverbod opgelegd door de burgemeester overeenkomstig de artikelen 7 en 13 van de Waalse Huisvestingscode en Duurzaam Wonen bepaalt de duur van de herhuisvesting alsmede de modaliteiten van de financiering ervan door het Waalse Gewest.
Dit besluit is van toepassing van 1 september 2013. Een voorstel tot herhuisvesting zal dan ook voor elk besluit van onbewoonbaarheid genomen na 31 augustus 2013 gewaarborgd moeten worden.
I. Introduction - cadre légal et réglementaire
Depuis le 1er juillet 2012, le Code wallon du Logement et de l'Habitat durable prévoit une obligation de relogement au profit de toute personne expulsée suite à une interdiction d'occuper un logement prononcée par le bourgmestre ou le Gouvernement.
Cette obligation de relogement, et le financement qui en découle, n'est pas d'application pour les arrêtés d'expulsion pris sur la base des articles 133, alinéa 2, et 135, § 2, de la nouvelle loi communale. Seuls les arrêtés du bourgmestre pris en vertu du Code wallon du Logement et de l'Habitat durable sont ici concernés.
Pour rappel, l'obligation de relogement a pour vocation d'intervenir uniquement lorsque le logement occupé présente un ou plusieurs manquements aux critères minimum de salubrité telle qu'une interdiction d'occuper est prononcée et qu'une expulsion du logement s'ensuit dans un délai déterminé qui ne permet pas toujours de retrouver facilement un autre logement (1). Cette obligation est également d'application lorsque, suite à un retrait de permis de location, une interdiction d'occupation est prononcée en fonction des manquements constatés (2).
L'obligation de relogement ne s'impose en revanche pas lorsque le logement doit être évacué pour cause de surpeuplement.
L'arrêté du Gouvernement wallon du 13 juin 2013 relatif au relogement de l'occupant expulsé par le bourgmestre suite à une interdiction d'occuper prise conformément aux articles 7 et 13 du Code wallon du Logement et de l'Habitat durable fixe la durée du relogement ainsi que les modalités de son financement par la Région wallonne.
Cet arrêté est d'application à partir du 1er septembre 2013. Une proposition de relogement devra dès lors être assurée pour tout arrêté d'inhabitabilité pris après le 31 août 2013.
II. De procedure
Het Wetboek vraagt eerst van de betrokken burgemeester om een reeks stappen uit te voeren om een woning te vinden voor de ontzette bewoners. Die stappen zijn verplicht en moeten door de dienst " Huisvesting " van de gemeente, indien hij bestaat, en, in voorkomend geval, met de hulp van het O.C.M.W. uitgevoerd worden.
De burgemeester wordt er dan ook om verzocht na te gaan of een woning overeenstemmend met de samenstelling van het gezin van de gebruiker die wordt ontzet, beschikbaar is op het grondgebied van zijn gemeente onder de categorieën volgende woningen die in de bepaalde volgorde te raadplegen zijn :
- transitwoning;
- woning die, overeenkomstig artikel 132 van het Waalse Wetboek van Huisvesting en Duurzaam Wonen aan een O.C.M.W. of aan een instelling met sociale doeleinden, wordt verhuurd;
- woning die in beheer wordt genomen door een sociaal vastgoedagentschap;
- woonstructuur die door een erkende instelling wordt vervuld.
Indien geen woning op het grondgebied van de gemeente beschikbaar is, moet de burgemeester er de " Société wallonne du Logement " (Waalse Huisvestingsmaatschappij) schriftelijk van in kennis stellen op het volgend elektronisch adres : relogement@swl.be en haar de volgende stukken overmaken :
- de samenstelling van het gezin van de gebruiker die wordt ontzet;
- het bewijs van kinderen ten laste (attest waaruit blijkt dat kinderbijslag wordt uitgekeerd en/of vonnis betreffende de bewaring van de kinderen en hun huisvestingsmodaliteiten);
- de lijst van de beheerders van geraadpleegde woningen;
- een stand van zaken van de ondernomen stappen;
- de eventuele gekregen antwoorden.
De " Société wallonne du Logement " gaat na of de vereiste stappen door de burgemeester zijn ondernomen en gaat daarna op zoek naar een beschikbare woning op het grondgebied van de provincie, door gebruik te maken van dezelfde categorieën woningen in dezelfde volgorde, met uitzondering van het beroep op de privé-woning ingevoerd vóór het beroep op de woonstructuren.
De door de " Société wallonne du Logement " uitgevoerde verificaties vóór het overnemen van het zoeken naar een woning hebben betrekking op de doeltreffendheid van de stappen en niet op de wijze waarop ze zijn verricht. Als de burgemeester de vastgoedbeheerders die betrokken zijn bij de categorieën woningen bepaald in het Waalse Wetboek van Huisvesting en Duurzaam Wonen of de logiesverstrekkende inrichtingen die zich op zijn grondgebied bevinden, werkelijk heeft geraadpleegd, dan wordt de " Société wallonne du Logement " bevoegd om een huisvestingsoplossing te vinden binnen een termijn van één maand. Die termijn van één maand begint te lopen na ontvangst van de schriftelijke informatie van de burgemeester samen met de bedoelde vereiste documenten.
De " Société wallonne du Logement " mag dan geen bijkomende stap van de burgemeester verlangen.
Als de burgemeester daarentegen geen stap heeft ondernomen of niet alle vastgoedbeheerders of betrokken inrichtingen heeft geraadpleegd, wordt de " Société wallonne du Logement " niet bevoegd voor het zoeken naar een woning.
Wanneer de " Société wallonne du Logement " de taak werkelijk overneemt en de instemming van de beheerder of van de eigenaar van de woning of van de inrichting krijgt, stelt ze er de burgemeester schriftelijk van in kennis, die dan het voorstelt doet aan de persoon die ontzet wordt.
Het voorstel tot herhuisvesting moet uiterlijk bij de uitzetting van de gebruiker aangeboden worden.
Als de " Société wallonne du Logement " geen enkele woning op het grondgebied van de provincie (3) vindt of als het ontzette gezin het voorstel van de burgemeester niet aanvaardt, rust geen verplichting meer op de burgemeester, noch op de " Société wallonne du Logement ".
Als de " Société wallonne du Logement " overigens geen beschikbare woning binnen de voorgeschreven termijn van één maand heeft kunnen vinden, licht ze er onmiddellijk de burgemeester schriftelijk over in.
Er wordt ook aan herinnerd dat de toegankelijkheidsvoorwaarden die eigen zijn aan elk type woning waarop een beroep in het kader van de herhuisvesting kan worden gedaan, nageleefd moeten worden (4).
II. La procédure
Le Code demande en premier lieu au bourgmestre concerné d'effectuer une série de démarches afin de trouver un logement pour les occupants expulsés. Ces démarches sont obligatoires et doivent être effectuées par le service " Logement " de la commune s'il existe et, le cas échéant, avec l'aide du C.P.A.S..
Il est dès lors demandé au bourgmestre de vérifier si un logement correspondant à la composition de ménage de l'occupant expulsé est disponible sur le territoire de sa commune, parmi les catégories de logements suivants à consulter dans l'ordre établi :
- logement de transit;
- logement donné en location à un C.P.A.S. ou à un organisme à finalité sociale en application de l'article 132 du Code wallon du Logement;
- logement pris en gestion par une agence immobilière sociale;
- structure d'hébergement assurée par un organisme agréé.
Si aucun logement n'est disponible sur le territoire de la commune, le bourgmestre doit en informer la Société wallonne du Logement par écrit à l'adresse électronique suivante : relogement@swl.be et lui transmettre :
- la composition de ménage de l'occupant expulsé;
- la preuve d'enfants à charge (attestation de perception d'allocations familiales et/ou jugement concernant la garde des enfants et leurs modalités d'hébergement);
- la liste des gestionnaires de logements consultés;
- un état des lieux des démarches effectuées;
- les réponses éventuelles obtenues.
La Société wallonne du Logement vérifie que les démarches requises ont été effectuées par le bourgmestre et procède ensuite à la recherche d'un logement sur le territoire de la province, en recourant aux mêmes catégories de logements, dans le même ordre, à l'exception du recours au logement privé inséré avant le recours aux structures d'hébergement.
Les vérifications effectuées par la Société wallonne du Logement avant de prendre " le relais " dans la recherche d'un logement, portent sur l'effectivité des démarches et non sur la manière dont elles ont été réalisées. Si le bourgmestre a effectivement consulté les opérateurs immobiliers concernés par les catégories de logements fixées par le Code wallon du Logement et de l'Habitat durable ou les établissements d'hébergement se trouvant sur son territoire, la Société wallonne du Logement devient compétente pour trouver une solution de relogement dans un délai d'un mois. Ce délai d'un mois court à dater de la réception de l'information écrite du bourgmestre accompagnée des documents requis susvisés.
La Société wallonne du Logement ne peut alors réclamer aucune démarche complémentaire au bourgmestre.
En revanche, si le bourgmestre n'a réalisé aucune démarche ou n'a pas consulté tous les opérateurs immobiliers ou établissements concernés, la Société wallonne du Logement ne devient pas compétente pour la recherche d'un logement.
Lorsque la Société wallonne du Logement prend effectivement le " relais " et obtient l'accord du gestionnaire ou propriétaire du logement ou de l'établissement, elle en informe par écrit le bourgmestre qui effectue alors la proposition à la personne expulsée.
La proposition de relogement doit être offerte au plus tard lors de l'expulsion de l'occupant.
Si la Société wallonne du Logement ne trouve aucun logement sur le territoire de la province (3) ou si le ménage expulsé n'accepte pas la proposition effectuée par le bourgmestre, plus aucune obligation n'incombe au bourgmestre et à la Société wallonne du Logement.
Par ailleurs, si la Société wallonne du Logement n'a pu trouver un logement disponible dans le délai d'un mois imparti, elle en avertit immédiatement le bourgmestre par écrit.
Il est également rappelé que les conditions d'accessibilité propres à chaque type de logement auquel il peut être recouru dans le cadre du relogement, doivent être respectées (4).
III. De duur van de herhuisvesting
De herhuisvesting wordt voor maximum zes maanden verzekerd en kan één keer voor zes maanden verlengd worden indien in een transitwoning of een woonstructuur betreft of voor een periode van twaalf maanden in de andere gevallen.
Ze eindigt vóór de vervaldatum indien de begunstigde zich in een woning bevindt waarvan de huurprijs 300 euro voor een woning met één slaapkamer niet overschrijdt, verhoogd met 50 euro per bijkomende slaapkamer.
Als de herhuisvesting haar beslag krijgt in een woning, met uitzondering van de transitwoning, waarvan de huurprijs 300 euro voor een woning met één slaapkamer niet overschrijdt, verhoogd met 50 euro per bijkomende slaapkamer, is de begunstigde vrijgesteld van het zoeken naar een andere woning (5) als de huurovereenkomst voor een langere duur dan deze van de herhuisvesting is gesloten of als ze boven deze duur wordt verlengd.
III. La durée du relogement
Le relogement est assuré pour une période maximum de six mois prolongeable une fois pour six mois s'il est effectué dans un logement de transit ou une structure d'hébergement ou pour une période de douze mois dans les autres cas.
Il prend fin avant le terme si le bénéficiaire trouve un logement dont le loyer n'excède pas 300 euros pour un logement une chambre, augmenté de 50 euros par chambre supplémentaire.
Si le relogement est effectué dans un logement, à l'exclusion du logement de transit, dont le loyer n'excède pas 300 euros pour un logement une chambre, augmenté de 50 euros par chambre supplémentaire, le bénéficiaire est dispensé de rechercher un autre logement (5) si le contrat de bail a été conclu pour une durée plus longue que celle du relogement ou si le contrat de bail est prolongé au-delà de la durée du relogement.
IV. De financiering van de herhuisvesting
Het Waalse Gewest betaalt het verschil tussen het bedrag betaald voor de ontruimde woning en het bedrag dat betaald moet worden voor de woning/structuur waarin de herhuisvesting wordt verricht, zodat het bedrag betaald door de begunstigde in het kader van zijn herhuisvesting met het bedrag van de huurprijs van de ontruimde woning of van haar huurwaarde overeenstemt.
Het betaalde verschil bedraagt hoogstens 250 euro. Dit bedrag wordt verhoogd met 30 euro per kind ten laste en met 100 euro als de begunstigde in een woning uit de privé-huursector gelegen in een vastgoeddrukgebied (6) wordt herhuisvest.
Vüür de sluiting van de huurovereenkomst maakt de begunstigde, als hij in een woning uit de privé-huursector wordt herhuisvest, of binnen de maand volgend op de handtekening van de huurovereenkomst of van de woonovereenkomst, voor de andere gevallen, de aanvraag tot tenlasteneming aan het bestuur over door middel van het met bijlage 1 overeenstemmende formulier.
Volledigheidshalve bevat de aanvraag tot tenlasteneming :
een uittreksel uit het bevolkingsregister met de gezinssamenstelling van de aanvrager, opgemaakt hoogstens één maand vüür de indiening van zijn aanvraag;
de nauwkeurige identificatie van de woning of van de huisvestingsstructuur die wordt of zal worden bewoond en van de ontruimde woning, met vermelding van het bedrag van de huurprijs, van de financiële bijdrage of van de bewoningsvergoeding voor elk gebouw.
Binnen vijftien dagen na de datum van versturen van de volledige aanvraag of, in voorkomend geval, van de laatste document(en) die de aanvraag aanvullen, brengt het bestuur de begunstigde en de eigenaar of beheerder van de woning op de hoogte van het bedrag van de tenlasteneming.
Vanaf de ontvangst van het schrijven van het bestuur waarbij het bedrag van de tenlasteneming wordt toegekend, kan de huurovereenkomst worden gesloten met de eigenaar van een woning uit de privé-huursector en een huurprijs kan worden vastgesteld waarvan het bedrag van de tenlasteneming wordt ingehouden.
De tenlasteneming wordt voortijdig uitbetaald voor een periode van zes maanden aan de eigenaar als de begunstigde in een woning uit de privé-huursector wordt herhuisvest.
In de andere gevallen wordt de tenlasteneming maandelijks uitbetaald aan het plaatselijke bestuur, aan de instelling met sociale doeleinden of aan de logiesverstrekkende inrichting, eigenaar of beheerder van de woning of van de structuur waar de begunstigde wordt herhuisvest.
De eigenaar of beheerder van de woning of van de woonstructuur, of het O.C.M.W. wanneer de herhuisvesting in een woning uit de privé-huursector wordt uitgevoerd, licht de administratie (7) over het einde van de herhuisvesting in.
Gedurende de duur van de herhuisvesting en de financiële tenlasteneming wordt geen huurtoelage gestort aan de begunstigde overeenkomstig het besluit van 21 januari 1999 tot toekenning van verhuis- en huurtoelagen.
IV. Le financement du relogement
La Région wallonne prend en charge la différence entre le montant payé pour le logement évacué et le montant à payer pour le logement/la structure où s'effectue le relogement afin que le montant payé par le bénéficiaire dans le cadre de son relogement corresponde au montant du loyer du logement évacué ou de sa valeur locative.
La différence prise en charge n'excède toutefois pas 250 euros. Ce montant est majoré de 30 euros par enfant à charge et de 100 euros si le bénéficiaire est relogé dans un logement du secteur locatif privé situé en zone de pression immobilière (6).
La demande de prise en charge est adressée par le bénéficiaire à l'administration au moyen du formulaire conforme à l'annexe 1re de la présente circulaire, avant la conclusion du contrat de bail s'il est relogé dans un logement issu du secteur locatif privé, ou dans le mois de la signature du contrat de bail ou de la convention d'occupation, dans les autres cas.
Pour être complète la demande de prise en charge comporte :
un extrait du registre de la population établissant la composition du ménage du demandeur moins d'un mois avant l'introduction de sa demande;
l'identification précise du logement ou de la structure d'hébergement qui est ou sera occupé et du logement quitté, comprenant le montant du loyer, de la participation financière ou de l'indemnité d'occupation pour chacun des logements.
Dans les quinze jours de la date de l'envoi contenant la demande complète ou, le cas échéant, le ou les derniers documents rendant la demande complète, l'administration informe le bénéficiaire et le propriétaire ou gestionnaire du logement, du montant de la prise en charge.
Dès réception du courrier de l'administration accordant le montant de la prise en charge, le contrat de bail peut être conclu avec le propriétaire d'un logement issu du secteur locatif privé et fixer un loyer dont est déduit le montant de la prise en charge.
La prise en charge est liquidée anticipativement pour une période de six mois au propriétaire si le bénéficiaire est relogé dans un logement du secteur locatif privé.
Dans les autres cas, la prise en charge est liquidée mensuellement au pouvoir local, à l'organisme à finalité sociale ou à l'établissement d'hébergement, propriétaire ou gestionnaire du logement ou de la structure au sein duquel le bénéficiaire est relogé.
Le propriétaire ou gestionnaire du logement ou de la structure d'hébergement, ou le C.P.A.S. lorsque le relogement est effectué dans un logement issu du secteur privé, avertit l'administration (7) de la fin du relogement.
Pendant la durée du relogement et de la prise en charge financière, aucune allocation de loyer n'est versée au bénéficiaire en application de l'arrêté du 21 janvier 1999 relatif à l'octroi d'allocations de déménagement et de loyer.
V. De begeleiding
Het herhuisveste gezin wordt tijdens het zoeken naar een woning begeleid.
Die begeleiding wordt verzekerd door de beheerder van de bewoonde woning, de logiesverstrekkende inrichting of het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn als de begunstigde in een woning uit de privé-huursector wordt herhuisvest.
Een tegemoetkoming van 25 euro per maand en per begunstigde wordt voorzien als de begeleiding niet door een sociaal vastgoedagentschap, een vereniging ter bevordering van de huisvesting of een logiesverstrekkende inrichting wordt verzekerd.
De beheerder van de bewoonde woning of het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn maakt zijn tegemoetkomingsaanvraag aan het bestuur over bij de overname van de begeleiding aan de hand van het met bijlage 2 overeenstemmende formulier.
Bij de tegemoetkomingsaanvraag moeten de volgende documenten worden overgelegd :
de identificatie van de begunstigde;
de identificatie van de bewoonde woning en van de ontruimde woning.
Het bestuur betaalt het verschuldigde bedrag voor een begeleidingsperiode van zes maanden.
Na verstrijken van die eerste periode van zes maanden, betaalt het bestuur het verschuldigde bedrag voor een tweede begeleidingsperiode van zes maanden als de begeleiding langer duurt.
V. L'accompagnement
Le ménage relogé bénéficie d'un accompagnement dans sa recherche d'un logement.
Cet accompagnement est assuré par le gestionnaire du logement occupé, l'établissement d'hébergement ou le centre public d'action sociale lorsque le bénéficiaire est relogé dans un logement issu du secteur locatif privé.
Une intervention financière de 25 euros par mois et par bénéficiaire est prévue lorsque l'accompagnement n'est pas assuré par une agence immobilière sociale, une association de promotion du logement ou un établissement d'hébergement.
Le gestionnaire du logement occupé ou le centre public d'action sociale transmet sa demande d'intervention à l'administration lors de la prise en charge de l'accompagnement au moyen du formulaire conforme à l'annexe 2 de la présente circulaire.
Doivent être produits, lors de la demande d'intervention :
l'identification du bénéficiaire;
l'identification du logement occupé et du logement quitté.
L'administration liquide le montant dû pour une période d'accompagnement de six mois.
Si à l'expiration de cette première période de six mois, l'accompagnement perdure, l'administration liquide le montant dû pour une seconde période d'accompagnement de six mois.
VI. De perken van de regeling
Wat betreft de noodtoestanden waaraan elke burgemeester zou kunnen worden blootgesteld, wordt eraan herinnerd dat de regeling ingevoerd bij het Waalse Wetboek van Huisvesting en Duurzaam Wonen een minimum is dat aan de burgemeester opgelegd is in een precies kader dat in een financiering voorziet maar dat hem niet ontslaat van zijn verantwoordelijkheid, noch van de minimale stappen die de rechtspraak van de Raad van State (8) van hem verlangt om een woning opnieuw te vinden voor elke persoon die ontzet wordt en die dan dakloos wordt.
Als de toestand vereist dat de burgemeester tussenbeide komt zonder op hulp van de " Société wallonne du Logement " te wachten, zal hij bijgevolg kunnen afwijken van het gebruikelijke mechanisme om de fysieke integriteit van de bewoners te behouden en de rechtspraak van de Raad van State na te leven.
Bovendien verhindert de ingevoerde regeling de burgemeester helemaal niet om van het kader af te wijken naar gelang van de hem aangeboden mogelijkheden, met name, indien een decente woning, die niet in de lijst opgenomen is, beschikbaar is om de herhuisvesting te waarborgen aan de persoon die ontzet wordt. In dit geval zal het Waalse Gewest evenwel niet tegemoetkomen. Het herhuisveste gezin zal evenwel een huurtoelage kunnen genieten overeenkomstig het besluit van 21 januari 1999 tot toekenning van verhuis- en huurtoelagen.
VI. Les limites du dispositif
Concernant les situations d'urgence auxquelles pourrait être confronté tout bourgmestre, il est rappelé que le dispositif mis en place par le Code wallon du Logement et de l'Habitat durable est un minimum imposé au bourgmestre dans un cadre précis qui prévoit un financement mais qui ne l'exonère pas de sa responsabilité et des démarches minimum que la jurisprudence du Conseil d'Etat (8) exige qu'il fasse pour retrouver un logement pour toute personne expulsée se retrouvant sans logement.
En conséquence, si la situation exige que le bourgmestre agisse sans attendre une aide de la Société wallonne du Logement, il pourra s'écarter du mécanisme consacré afin de préserver l'intégrité physique des occupants et respecter la jurisprudence du Conseil d'Etat.
De même, le dispositif mis en place n'empêche nullement le bourgmestre de sortir du cadre en fonction des possibilités qui s'offrent à lui, notamment si un logement décent, non repris dans la liste, est disponible pour assurer le relogement de la personne expulsée. Toutefois, dans ce cas de figure, la Région wallonne n'interviendra pas financièrement. Le ménage relogé pourra néanmoins bénéficier d'une allocation loyer en application de l'arrêté du 21 janvier 1999 relatif à l'octroi d'allocations de déménagement et de loyer.
Namen, 2 september 2013.
De Minister van Duurzame Ontwikkeling en Ambtenarenzaken,
J.-M. NOLLET

Wijzigingen

Nota's
[1]Artikel 7 van het Waalse wetboek van huisvesting en duurzaam wonen.
[2]Artikel 13 van het Waalse wetboek van huisvesting en duurzaam wonen.
[3]De onderzoeking wordt vanaf de uitzettingsplaats in concentrische cirkels uitgevoerd
[4]Voorbeeld : als het gaat om een woning die, overeenkomstig artikel 132 van de Waalse Huisvestingscode aan een O.C.M.W., wordt verhuurd, kan alleen een gezin in een precaire toestand of met bescheiden inkomsten ertoe toegang hebben.
[5]zie Punt V.
[6]De lijst van de gemeenten gelegen in gebied met hoge vastgoeddruk wordt jaarlijks op 1 januari bijgewerkt en omvat heden de volgende gemeenten: Aarlen, Assesse, Attert, Aubel, Bevekom, Eigenbrakel, Kasteelbrakel, Chastre, Chaumont-Gistoux, Court-Saint-Etienne, Dalhem, Eghezée, Erezée, Gembloux, Grez-Doiceau, Hélécine, Incourt, Itter, Jalhay, Jodoigne, La Bruyère, Terhulpen, Lasnes, Messancy, Mont-Saint-Guibert, Namen, Nijvel, Orp-Jauche, Ottignies-Louvain-la-Neuve, Ramillies, Rixensart, Thimister-Clermont, Villers-la-Ville, Walhain, Waterloo en Waver.
[7]Operationeel Directoraat-generaal Ruimtelijke Ordening, Wonen, Erfgoed en Energie, Directie Onderzoek en Woonkwaliteit.
[8]R.S., 23 sept. 1999 ; R.S., 12 februari 2003 ; R.S., 26 januari 2005 ; R.S., 7 april 2006; R.S.., 16 juli 2009 .
Namur, le 2 septembre 2013.
Le Ministre du Développement durable et de la Fonction publique,
J.-M. NOLLET

Wijzigingen

Notes
[1]Article 7 du Code wallon du Logement et de l'Habitat durable.
[2]Article 13 du Code wallon du Logement et de l'Habitat durable.
[3]La recherche se faisant par cercles concentriques au départ du lieu de l'expulsion.
[4]Exemple : s'il s'agit d'un logement donné en location à un C.P.A.S. en application de l'article 132 du Code, seul un ménage en état de précarité ou à revenus modestes peut y avoir accès.
[5]Cf. Point V.
[6]La liste des communes situées en zone de pression immobilière est actualisée chaque année au 1er janvier et comprend actuellement les communes suivantes : Arlon, Assesse, Attert, Aubel, Beauvechain, Braine-l'Alleud, Braine-le-Château, Chastre, Chaumont-Gistoux, Court-Saint-Etienne, Dalhem, Eghezée, Erezée, Gembloux, Grez-Doiceau, Hélécine, Incourt, Ittre, Jalhay, Jodoigne, La Bruyère, La Hulpe, Lasnes, Messancy, Mont-Saint-Guibert, Namur, Nivelles, Orp-Jauche, Ottignies-Louvain-la-Neuve, Ramillies, Rixensart, Thimister-Clermont, Villers-la-Ville, Walhain, Waterloo et Wavre.
[7]Direction générale opérationnelle - Aménagement du Territoire, Logement, Patrimoine et Energie, Département du Logement, Direction des Etudes et de la Qualité du Logement.
[8]C.E., 23 sept. 1999; C.E., 12 février 2003; C.E., 26 janvier 2005; C.E., 7 avril 2006; C.E., 16 juillet 2009.
BIJLAGEN.
ANNEXE  Art. N1. Annexe 1. - Formulaire ADEL/RELOGEMENT  (Formulaire non repris pour des raisons techniques, voir M.B. du 04-11-2013, p. 83565-83572)  Art. N2. Annexe 2. - Formulaire ADEL/RELOGEMENT - Déclaration de créance et d'indemnisation  (Formulaire non repris pour des raisons techniques, voir M.B. du 04-11-2013, p. 83573)
Art. N1. Bijlage 1 - FORMULIER VERHUIS- EN HUURTOELAGE / HERHUISVESTING.
(Formulier niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 04-11-2013, p. 83589-83596)
Art. N1. Annexe 1. - Formulaire ADEL/RELOGEMENT
(Formulaire non repris pour des raisons techniques, voir M.B. du 04-11-2013, p. 83565-83572)
Art. N2. Bijlage 2 - FORMULIER VERHUIS- EN HUURTOELAGE / HERHUISVESTING - Shuldvorderings- en vergoedingsverklaring
(Formulier niet opgenomen om technische redenen, zie B.St. van 04-11-2013, p. 83597)
Art. N2. Annexe 2. - Formulaire ADEL/RELOGEMENT - Déclaration de créance et d'indemnisation
(Formulaire non repris pour des raisons techniques, voir M.B. du 04-11-2013, p. 83573)