Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
13 JULI 2012. - Decreet ruimtelijke economie(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 16-08-2012 en tekstbijwerking tot 29-05-2019)
Titre
13 JUILLET 2012. - DECRET économie spatiale(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 16-08-2012 et mise à jour au 29-05-2019)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (117)
Texte (117)
Titel 1. - Algemene bepalingen
Titre 1er. - Dispositions générales
HOOFDSTUK 1. - Inleidende bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions liminaires
Artikel 1. Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid.
Article 1er. Le présent décret règle une matière régionale.
Art.2. In dit decreet wordt verstaan onder :
  1° bedrijventerreinmanagement : samenwerking tussen bedrijven(verenigingen) onderling of tussen de bedrijven(verenigingen) en de ontwikkelaar van het bedrijventerrein, de beheerder of de lokale overheid om te komen tot een goed functioneren van het bedrijventerrein en duurzame bedrijfsprocessen;
  2° beheer : de activiteiten die erop gericht zijn het bedrijventerrein in goede staat te behouden, zowel op het openbaar domein als op de private kavels, door minstens de voorwaarden te controleren die zijn opgenomen in de aktes van terbeschikkingstelling van de gronden en de daarop opgerichte opstallen en de constructies op de private kavels, en door acties te ondernemen om de goede staat van het openbaar domein en de infrastructuur van het bedrijventerrein te behouden;
  3° beheerder : de instantie die het beheer van het bedrijventerrein uitoefent;
  4° bedrijventerrein : een zone, buiten een afgebakend zeehavengebied, die bestemd is voor de vestiging van industriele bedrijven, inclusief de bouwnijverheid en het transport, handel en commerciele en niet-commerciele dienstverlening en afvalverwerking en recyclage, met uitzondering van de zones die hoofdzakelijk bestemd zijn voor kleinhandelsactiviteiten, horeca en kantoren;
  5° brownfield : een geheel van verwaarloosde of onderbenutte gronden die zodanig zijn aangetast, dat zij kennelijk slechts gebruikt of opnieuw gebruikt kunnen worden als bedrijventerrein door middel van structurele maatregelen;
  6° ijzeren voorraad : een concept dat ervan uitgaat dat het minimaal aanbod aan bouwrijpe en uit te rusten terreinen in elke subregio moet voorzien in de vraag naar bedrijventerreinen gedurende respectievelijk de gemiddelde periode om een bestemd bedrijventerrein uit te rusten en de gemiddelde periode om een nieuw bedrijventerrein te bestemmen en dit rekening houdende met de differentiatie van bedrijventerreinen en de subregionale economische strategie;
  7° incubator : een rechtspersoon met de functie van bedrijfsverzamelgebouw gericht op starters die activiteiten ontplooien gerelateerd aan O&O-activiteiten of starters met een substantieel aandeel O&O-activiteiten in de bedrijfsactiviteiten;
  8° kleinhandelszone : een zone die specifiek bestemd is voor kleinhandelsactiviteiten;
  9° knelpuntterrein : een terrein dat bestemd is als bedrijventerrein, maar dat wegens (milieu)technische, juridische of beleidsmatige knelpunten niet gerealiseerd wordt en daarom niet resulteert in een bouwrijp aanbod;
  10° recht van terugkoop : het recht om, onder de voorwaarden en modaliteiten bepaald in titel 3, hoofdstuk 1, [1 afdeling 4]1, een grond gelegen binnen een bedrijventerrein en de eventuele opstallen op die grond te verwerven;
  11° recht van wederovername : het recht om, onder de voorwaarden en modaliteiten bepaald in titel 3, hoofdstuk 1, [1 afdeling 4]1, een recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik op een grond gelegen binnen een bedrijventerrein te verwerven;
  12° steun : elke maatregel waarbij een economisch voordeel wordt verleend, die met overheidsmiddelen wordt bekostigd;
  13° steunintensiteit : het steunbedrag, uitgedrukt als een percentage van de kosten of investeringen van het project die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag dat lager is dan of gelijk is aan de kosten of investeringen van het project die in aanmerkingen komen, voor de aftrek van de directe belastingen;
  14° strategisch bedrijventerrein : een bedrijventerrein dat om economische redenen van strategisch belang is voor de Vlaamse economie;
  15° verouderd bedrijventerrein : een bestaand bedrijventerrein dat om economische, ruimtelijke, juridische of (milieu)technische redenen heraangelegd moet worden, inclusief de zones die hoofdzakelijk bestemd zijn voor grootschalige kleinhandelsactiviteiten;
  16° voortraject : het onderzoek of de procesbegeleiding gericht op het bekomen van een concreet plan van aanpak voor de (her)aanleg van een (verouderd of strategisch) bedrijventerrein, brownfield of knelpuntterrein dat zich in een complexe probleemsituatie bevindt.
  
Art.2. Dans le présent décret, on entend par :
  1° management de terrain d'entreprises : la collaboration mutuelle entre des (associations d') entreprises ou entre les (associations d') entreprises et le promoteur du terrain d'activités économiques, le gestionnaire ou les autorités locales, afin d'assurer le bon fonctionnement du terrain d'activités économiques et des processus d'entreprise durables;
  2° gestion : les activités visant à maintenir en bon état le terrain d'activités économiques, aussi bien dans le domaine public que sur les lots privés, en contrôlant au moins le respect des conditions qui sont reprises dans les actes de mise à disposition des terrains et des bâtiments qui y sont érigés et les constructions sur les lots privés, et en entreprenant des actions visant à maintenir en bon état le domaine public et l'infrastructure du terrain d'activités économiques;
  3° gestionnaire : l'instance qui exerce la gestion du terrain d'activités économiques;
  4° terrain d'activités économiques : une zone, à l'exception d'une zone délimitée d'un port maritime, réservée à l'implantation d'entreprises actives dans le domaine de la construction, du transport, du commerce, de l'industrie et des services commerciaux et non commerciaux, et au traitement et au recyclage des déchets, à l'exclusion des zones principalement réservées aux activités de détail, à l'horeca et aux bureaux;
  5° brownfield : un ensemble de terrains laissés à l'abandon ou sous-exploités qui sont dans un tel état de dégradation qu'il ne peuvent être utilisés ou réutilisés comme terrain d'activités économiques qu'au moyen de mesures structurelles;
  6° fonds de réserve : un concept selon lequel l'offre minimale de terrains constructibles et à équiper dans chaque sous-région doit pouvoir répondre à la demande de terrains d'activités économiques pendant respectivement la durée moyenne pour équiper un terrain d'activités économiques affecté et la durée moyenne pour affecter un nouveau terrain d'activités économiques, et cela en tenant compte de la différenciation des terrains d'activités économiques et de la stratégie économique sous-régionale;
  7° incubateur : une personne morale exerçant la fonction de complexe d'affaires axé sur des starters qui déploient des activités liées aux activités de R-D ou des starters menant une part substantielle d'activités R-D dans leurs activités commerciales;
  8° zone de commerce de détail : une zone spécifiquement affectée aux activités du commerce de détail;
  9° terrain problématique : un terrain affecté comme terrain d'activités économiques, mais qui, en raison de problèmes techniques (environnementaux), juridiques ou de gestion, n'est pas réalisé et dès lors ne fait pas partie de l'offre constructible;
  10° droit de rachat : le droit d'acquérir, aux conditions et modalités précisées au Titre 3, chapitre 1er, [1 section 4]1, un terrain situé à l'intérieur d'un terrain d'activités économiques, ainsi que les éventuels bâtiments sur ce terrain;
  11° droit de reprise : le droit d'acquérir, aux conditions et modalités précisées au Titre 3, chapitre 1er, [1 section 4]1, un droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit sur un terrain situé à l'intérieur d'un parc d'entreprises;
  12° aide : toute mesure octroyant un avantage économique pris en charge par des moyens publics;
  13° intensité de l'aide : le montant de l'aide exprimé en pourcentage des coûts ou investissement admissibles du projet, ou bien sous la forme d'un montant nominal maximal, inférieur ou égal aux coûts ou investissement admissibles du projet, avant impôts directs;
  14° terrain d'activités économiques stratégique : un terrain d'activités économiques qui, pour des raisons économiques, revêt une importance stratégique pour l'économie flamande;
  15° terrain d'activités économiques obsolète : un terrain d'activités économiques existant, qui en raison de problèmes techniques (environnementaux), juridiques ou de gestion, doit être réaménagé, y compris les zones qui sont principalement affectées à des activités de détail à grande échelle;
  16° parcours préliminaire : l'enquête ou la procédure visant l'obtention d'un plan d'approche concret pour l'aménagement ou le réaménagement d'un terrain d'activités économiques (obsolète ou stratégique), d'un brownfield ou d'un terrain problématique qui se trouve dans une situation problématique complexe.
  
HOOFDSTUK 2. - Missie, doelstellingen en beginselen
CHAPITRE 2. - Mission, objectifs et principes
Art.3. Het ruimtelijk economisch beleid heeft tot doel :
  1° te voorzien in voldoende geschikte bedrijfshuisvestingsmogelijkheden voor bedrijven in lijn met de economische ambities van Vlaanderen;
  2° het ontwikkelingsproces van bedrijventerreinen en andere economische locaties voor bedrijfshuisvesting doelmatiger, dat wil zeggen sneller, efficienter en effectiever, te maken;
  3° zorgvuldig ruimtegebruik te bewerkstelligen, de duurzaamheid te verhogen en de levensduur van bedrijventerreinen en andere economische locaties voor bedrijfshuisvesting te verlengen.
Art.3. La politique économique spatiale a pour objectif :
  1° de pourvoir à l'existence de possibilités suffisantes et appropriées d'implantation d'entreprises, en ligne avec les ambitions économiques de la Flandre;
  2° de rendre le processus de développement de terrain d'activités économiques et autres lieux d'implantation d'entreprises plus efficace, c'est-à-dire plus rapide, plus efficient et plus effectif;
  3° de mettre en oeuvre une utilisation prudente de l'espace, de renforcer la durabilité et de prolonger la durée de vie des terrains d'activités économiques et des autres lieux d'implantation d'entreprises.
HOOFDSTUK 3. - Aanvraag
CHAPITRE 3. - Demande
Art.4. De steunaanvraag moet voor de aanvang van de uitvoering van het project ingediend worden.
Art.4. La demande d'aide doit être introduite avant le début de l'exécution du projet.
Titel 2. - Ruimtebehoefte voor economische activiteiten
Titre 2. - Besoins spatiaux des activités économiques
HOOFDSTUK 1. - Onderbouwing van de ruimtebehoefte
CHAPITRE 1er. - Justification des besoins spatiaux
Art.5. De Vlaamse Regering kan een methodiek bepalen om ruimtebehoefteramingen voor economische activiteiten op te maken.
Art.5. Le Gouvernement flamand peut déterminer une méthode pour l'élaboration des estimations des besoins spatiaux pour les activités économiques.
Art.6. De Vlaamse Regering kan typologieën van bedrijventerreinen en economische locaties bepalen en schaalniveaus definieren waarop het concept ijzeren voorraad toegepast moet worden.
Art.6. Le Gouvernement flamand peut déterminer les catégories de terrains d'activités économiques et de localisations économiques et définir des niveaux d'échelle auxquels le concept de fonds de réserve doit être appliqué.
HOOFDSTUK 2. - Doelgroepen
CHAPITRE 2. - Groupes cible
Art.7. De Vlaamse Regering kan doelgroepen definiëren waarvoor ze een specifiek locatiebeleid bepaalt, met inbegrip van het voorzien in specifieke instrumenten om de vestiging van die doelgroepen in Vlaanderen te faciliteren.
Art.7. Le Gouvernement flamand peut déterminer des groupes cible pour lesquels il fixe une politique de localisation spécifique, en ce compris l'emploi d'instruments spécifiques pour faciliter l'implantation de ces groupes cible en Flandre.
Titel 3. - Aanbod voor bedrijfshuisvesting
Titre 3. - Offre d'implantation d'entreprises
HOOFDSTUK 1. - Algemene instrumenten
CHAPITRE 1er. - Instruments généraux
Afdeling 1. - Steun voor ruimtelijk economische en gebiedsgerichte projecten
Section 1re. - Aide aux projets spatiaux, économiques et orientés sur la zone
Art.8. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor ruimtelijk economische en gebiedsgerichte projecten op het vlak van bedrijfshuisvesting. Dergelijke projecten zijn proefprojecten voor nieuw aan te snijden beleidsthema's of projecten die voortkomen uit prioriteiten die uit de monitoring van de vraag en het aanbod aan bedrijfshuisvestingsmogelijkheden blijken.
Art.8. Le Gouvernement flamand peut octroyer une aide à des projets spatiaux, économiques et orientés sur la zone dans le domaine de l'implantation d'entreprises. De tels projets sont des projets pilotes pour de nouveaux thèmes à aborder ou des projets qui découlent des priorités qui ressortent du suivi de la demande et de l'offre en matière de possibilités d'implantation d'entreprises.
Art.9. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.9. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.10. De Vlaamse Regering bepaalt de steunpercentages of de maximale nominale bedragen van de steun, vermeld in artikel 8.
Art.10. Le Gouvernement flamand définit les pourcentages de l'aide et le montant nominal maximal de l'aide dont question à l'article 8.
Art.11. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 8.
Art.11. Le Gouvernement flamand définit les bénéficiaires admissibles à l'aide dont question à l'article 8.
Art.12. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 8.
Art.12. Le Gouvernement flamand définit les coûts admissibles en vue de l'aide dont question à l'article 8.
Afdeling 2. - Aankoop van gronden
Section 2. - Achat de terrains
Art.13. De Vlaamse Regering kan gebouwen en gronden aankopen met het oog op de terbeschikkingstelling van ondernemingen, de bestrijding van leegstand en verlaten bedrijfssites, de opwaardering van stedelijke gebieden of om strategische redenen van economische aard.
Art.13. Le Gouvernement flamand peut acheter des terrains et bâtiments en vue de les mettre à la disposition d'entreprises, de lutter contre la présence de sites d'activités économiques inoccupés et abandonnés, de revaloriser des zones urbaines ou pour des raisons stratégiques de nature économique.
Art.14. De Vlaamse Regering kan de opdracht geven tot het ontwikkelen en saneren van bedrijventerreinen, alsook tot het oprichten, herinrichten of saneren van bedrijfsgebouwen.
Art.14. Le Gouvernement flamand peut concéder le marché du développement et de l'assainissement de terrains d'activités économiques, ainsi que l'aménagement, le réaménagement et l'assainissement de bâtiments destinés à l'activité économique.
Afdeling 3. - Onteigening
Section 3. - Expropriation
Art.15. De Vlaamse Regering kan overgaan tot onteigening van onroerende goederen die vereist zijn voor de aanleg of heraanleg van bedrijventerreinen, toegangswegen naar of bijkomende infrastructuur voor die bedrijventerreinen.
Art.15. Le Gouvernement flamand peut procéder à l'expropriation de biens immeubles qui sont nécessaires pour l'aménagement ou le réaménagement de terrains d'activités économiques, de voie d'accès vers ces terrains ou pour des infrastructures complémentaires pour ces terrains d'activités économiques.
Art.16. [1 De provincies en de gemeenten kunnen tot onteigening overgaan voor de (her)aanleg van bedrijventerreinen, alsook van de toegangswegen en de bijkomende infrastructuur voor die bedrijventerreinen. De Vlaamse Regering kan met hetzelfde doel de Vlaamse openbare instellingen en andere publiekrechtelijke rechtspersonen die daarvoor door haar worden aangewezen, geval per geval machtigen tot onteigening. De gemeenteraad van de gemeente op wiens grondgebied het voorwerp van de onteigening zich bevindt, kan hiertoe ook de verenigingen van gemeenten en de autonome gemeentebedrijven, geval per geval machtigen.]1
  
Art.16. [1 Les provinces et les communes peuvent procéder à l'expropriation pour l'aménagement ou le réaménagement de terrains d'activités économiques, ainsi que des voies d'accès et de l'infrastructure supplémentaire pour ces terrains d'activités économiques. Dans le même but, le Gouvernement flamand peut autoriser au cas par cas les organismes publics flamands et d'autres personnes morales de droit public qu'il a désignés à cet effet, à procéder à l'expropriation. Le conseil communal de la commune sur le territoire de laquelle l'objet de l'expropriation se trouve, peut également autoriser au cas par cas les associations de communes et les régies communales autonomes à cet effet.]1
  
Art.17. [1 Het onteigeningsplan wordt opgemaakt conform artikel 11 van het Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017.]1 De wegen en waterwegen die de te onteigenen goederen doorkruisen en die opgeheven moeten worden, worden in het onteigeningsbesluit aan het openbaar domein en hun bestemming onttrokken.
  
Art.17. [1 Le plan d'expropriation est établi conformément à l'article 11 du Décret flamand sur les Expropriations du 24 février 2017.]1. Les voies et voies d'eau traversant les biens à exproprier et devant être supprimées, sont désaffectées.
  
Art.18. [1 Er wordt een openbaar onderzoek georganiseerd conform de bepalingen van titel 3, hoofdstuk 3, van het Vlaams Onteigeningsdecreet van 24 februari 2017.]1
  
Art.18. [1 Une enquête publique est organisée conformément aux dispositions du titre 3, chapitre 3, du Décret flamand sur les Expropriations du 24 février 2017.]1
  
Art.19. Op verzoek van de onteigenende instantie worden de ambtenaren van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie belast met alle aankopen en onteigeningen van onroerende goederen overeenkomstig deze afdeling.
Art.19. A la demande de l'expropriant, les fonctionnaires de l'Administration générale de la Documentation patrimoniale sont chargés de tous les achats et expropriations des biens immobiliers conformément à la présente section.
Art.20. Als de onteigenende instantie geen beroep doet op de ambtenaren van de Algemene Administratie van de Patrimoniumdocumentatie, is elk minnelijk bod dat de onteigenende instantie doet, onderworpen aan het visum van die ambtenaren. Dat visum wordt verleend binnen een maand na de ontvangst van het dossier. Die termijn kan ten hoogste met een maand verlengd worden op verzoek van die ambtenaren. Het visum wordt geacht verleend te zijn na verzuim tot verlenging van de eerste termijn of na het verstrijken van de tweede termijn.
  Het bod, vermeld in het eerste lid, kan ook gebaseerd worden op een schattingsverslag dat in opdracht van de onteigenende instantie door de ontvanger van de registratie is opgemaakt, of op een schattingsverslag dat door een landmeter-expert, erkend door de Federale Raad van landmeters-experten, is opgemaakt. In dat geval is het visum van de ambtenaren, vermeld in artikel 19, niet langer vereist.
Art.20. Si l'expropriant ne fait pas appel aux fonctionnaires de l'Administration générale de la Documentation patrimoniale, toute offre amiable faite par l'expropriant doit être soumise au visa de ces fonctionnaires. Ce visa est accordé dans le mois à compter de la réception du dossier. Ce délai peut être prorogé d'un mois au maximum, à la demande des fonctionnaires. A défaut de prorogation du premier délai ou à l'expiration du deuxième délai, le visa est réputé accordé.
  L'offre mentionnée dans le premier alinéa peut également être basée sur un rapport d'estimation, qui est établi à la demande de l'expropriant par le receveur de l'enregistrement, ou bien sur un rapport d'estimation établi par un géomètre expert, reconnu par le Conseil fédéral des géomètres experts. Dans ce cas, le visa des fonctionnaires dont question à l'article 19 n'est plus exigé.
Art.22. Als binnen een termijn van vijf jaar, te rekenen vanaf de datum waarop de bestuurlijke machtiging tot onteigening verleend werd, geen aanvang is genomen met de onteigeningsprocedure, kan de eigenaar per aangetekende brief de onteigenende instantie verzoeken van de onteigening van zijn goed af te zien. De onteigenende instantie brengt de eigenaar per aangetekende en gewone brief binnen zes maanden, te rekenen vanaf de ontvangst van het verzoek, op de hoogte van haar beslissing. Als ze dat niet doet, vervalt het onteigeningsplan van rechtswege voor het deel dat betrekking heeft op de goederen van de eigenaar die het verzoek heeft ingediend.
  Als de onteigenende instantie afziet van het voornemen om te onteigenen, vervalt het onteigeningsplan voor het deel dat betrekking heeft op de goederen van de eigenaar die het verzoek heeft ingediend.
  Als de onteigenende instantie niet afziet van het voornemen om te onteigenen, moet ze binnen twee jaar, te rekenen vanaf de aangetekende brief waarmee ze de verzoeker op de hoogte brengt van haar beslissing, de onteigeningsprocedure aanvatten, bij gebrek waaraan het onteigeningsplan van rechtswege vervalt voor het deel dat betrekking heeft op de goederen van de eigenaar die het verzoek heeft ingediend.
Art.22. Lorsque la procédure d'expropriation n'a pas encore été engagée dans un délai de cinq ans à compter de l'approbation du plan d'expropriation, le propriétaire peut inviter le pouvoir expropriant par lettre recommandée à renoncer à l'expropriation de son bien. Le pouvoir expropriant informe le propriétaire de sa décision par lettre recommandée et ordinaire, dans les six mois à compter de la date de réception de la demande. A défaut, le plan d'expropriation cesse de plein droit pour la partie afférente aux biens du propriétaire ayant introduit la demande.
  Lorsque le pouvoir expropriant renonce à son intention d'exproprier, le plan d'expropriation cesse de produire ses effets pour la partie afférente aux biens du propriétaire ayant introduit la demande.
  Lorsque le pouvoir expropriant ne renonce pas à son intention d'exproprier, il doit entamer la procédure d'expropriation dans les deux ans à compter de la date d'envoi de la lettre recommandée informant le demandeur de sa décision, sous peine de nullité du plan d'expropriation pour la partie afférente aux biens du propriétaire ayant introduit la demande.
Art.23. In geval van wederverkoop van de in het kader van deze afdeling onteigende gronden bevatten de onderhandse en authentieke aktes houdende verkoop van de betreffende gronden een clausule die de koper verplicht om de gronden te gebruiken met het oog op de verwezenlijking van het initiele oogmerk van de onteigening. Bij gebrek aan het realiseren van het initiele oogmerk van de onteigening vrijwaart de koper de onteigenende instantie voor alle schade en kosten ten gevolge van de niet-verwezenlijking van het onteigeningsdoel.
  Als de voorwaarden bij wederverkoop van de onteigende gronden, vermeld in het eerste lid, worden opgenomen in de verkoopsovereenkomst, hoeven de onteigende gronden niet aan de onteigende te worden aangeboden overeenkomstig artikel 23 van de wet van 17 april 1835 op de onteigening ten algemenen nutte.
Art.23. En cas de vente des terrains expropriés dans le cadre de la présente section, les actes sous seing privé et les actes authentiques relatifs à la vente des terrains concernés contiennent une clause obligeant l'acheteur à utiliser les terrains en vue de la réalisation de l'objet initial de l'expropriation. A défaut de la réalisation de l'objet initial de l'expropriation, l'acheteur exonère l'expropriant de tous les dommages et coûts qui découlent de la non-réalisation de l'objet de l'expropriation.
  Si les conditions de la revente des terrains expropriés dont question au premier alinéa sont reprises dans la convention de vente, les terrains expropriés ne doivent pas être proposés à l'expropriant conformément à l'article 23 de la loi du 17 avril 1835 sur l'expropriation pour cause d'utilité publique.
Art.24. De Vlaamse Regering kan nadere regels uitvaardigen voor de toepassing van de bepalingen in deze afdeling.
Art.24. Le Gouvernement flamand peut promulguer d'autres règles pour l'application des dispositions de la présente section.
Afdeling 4. - Recht van terugkoop en recht van wederovername
Section 4. - Droit de rachat et droit de reprise
Art.25. Publiekrechtelijke rechtspersonen actief inzake de ontwikkeling of het beheer van bedrijventerreinen kunnen bij het verkopen, in opstal, erfpacht of vruchtgebruik geven van hun gronden gelegen binnen bedrijventerreinen, in de onderhandse overeenkomst en in de authentieke akte een recht van terugkoop, respectievelijk een recht van wederovername opnemen zoals bedoeld in dit decreet, voor zover deze onderhandse overeenkomst en authentieke akte tot stand komen na de inwerkingtreding van dit decreet.
  Diezelfde personen kunnen bovendien in een onderhandse overeenkomst en in een authentieke akte voor de verkoop, het in opstal, erfpacht of vruchtgebruik geven van andere gronden gelegen binnen bedrijventerreinen een recht van terugkoop, respectievelijk een recht van wederovername laten opnemen, dit door zulks bij overeenkomst op te leggen aan de eigenaar of aan de persoon die het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik vestigt, eveneens voor zover de betreffende onderhandse overeenkomst en authentieke akte tot stand komt na de inwerkingtreding van dit decreet.
Art.25. Les personnes morales de droit public actives dans le développement ou la gestion de terrain d'activités économiques peuvent, lors de la vente ou de la cession du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit de leur terrain situé à l'intérieur d'un terrain d'activités économiques, dans la convention sous seing privé et dans l'acte authentique, insérer un droit de rachat ou un droit de reprise au sens visé dans le présent décret, pour autant que ladite convention sous seing privé et que ledit acte authentique soient postérieurs à l'entrée en vigueur du présent décret.
  Les mêmes personnes peuvent en outre, lors de la vente ou de la cession du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit de leur terrain situé à l'intérieur d'un terrain d'activités économiques, dans la convention sous seing privé et dans l'acte authentique, insérer un droit de rachat ou un droit de reprise, qui se trouve ainsi imposé par convention au propriétaire ou à la personne qui établit le droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit, et cela également pour autant que ladite convention sous seing privé et que ledit acte authentique soient postérieurs à l'entrée en vigueur du présent décret.
Art.26. De hierna genoemde personen moeten, bij de verkoop, het in opstal, erfpacht of vruchtgebruik geven van de hierna vermelde gronden gelegen binnen bedrijventerreinen in de onderhandse overeenkomst en in de authentieke akte die verleden wordt na de inwerkingtreding van dit decreet een recht van terugkoop, respectievelijk een recht van wederovername opnemen of laten opnemen :
  1° iedere persoon aan wie een ondersteuning als vermeld in titel 3, [2 hoofdstuk 2]2 afdeling 2, onderafdeling 1 of onderafdeling 3 of afdeling 3, is verleend en dit voor de gronden gelegen binnen het inrichtingsplan van de zone waarvoor de ondersteuning is verleend;
  2° [1 de onteigenende instantie die op basis van dit decreet voor de aanleg of heraanleg van een bedrijventerrein, de toegangswegen naar of bijkomende infrastructuur voor dat bedrijventerrein tot onteigening is overgegaan voor de gronden waarop de onteigening betrekking heeft;]1
  3° de persoon die gronden heeft verworven krachtens het terugkooprecht, vermeld in artikel 32 van de wet van 30 december 1970 op de economische expansie en dit voor de aldus verworven gronden;
  4° de persoon die gronden heeft verworven krachtens het terugkooprecht, vermeld in artikel 75 of 76 van het decreet van 19 december 2003 houdende bepalingen ter begeleiding van de begroting 2004 en dit voor de aldus verworven gronden;
  5° de persoon die gronden of een recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik heeft verworven krachtens het terugkooprecht of het recht van wederovername bedoeld in dit decreet en dit voor de aldus verworven gronden en rechten.
  
Art.26. Les personnes physiques mentionnées ci-après sont tenues, lors de la vente ou de la cession du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit de leur terrain situé à l'intérieur d'un terrain d'activités économiques, d'insérer ou faire insérer un droit de rachat ou un droit de reprise dans la convention sous seing privé et dans l'acte authentique postérieurs à l'entrée en vigueur du présent décret :
  1° toute personne à qui est octroyée une aide telle que mentionnée au Titre 3, [2 Chapitre 2,]2section 2, sous-section 1re, sous-section 3 ou section 3, et cela pour les terrains situés à l'intérieur du plan d'aménagement de la zone pour laquelle l'aide est octroyée;
  2° [1 l'instance expropriante qui a procédé, sur la base du présent décret, pour l'aménagement ou le réaménagement d'un terrain d'activités économiques, de voies d'accès vers ou d'infrastructure supplémentaire pour ce terrain, à l'expropriation pour des terrains auxquels l'expropriation a trait;]1
  3° la personne qui a acquis des terrains en vertu du droit de rachat mentionné à l'article 32 de la loi d'expansion économique du 30 décembre 1970, et cela pour les terrains ainsi acquis;
  4° la personne qui a acquis des terrains en vertu du droit de rachat mentionné aux articles 75 ou 76 du décret du 19 décembre 2003 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 2004, et cela pour les terrains ainsi acquis;
  5° la personne qui a acquis des terrains ou un droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit en vertu du droit de rachat ou du droit de reprise visés dans le présent décret, et cela pour les terrains et les droits ainsi acquis.
  
Art.27. § 1. De contractuele clausules die, in de gevallen bedoeld in de artikelen 25 en 26, met betrekking tot het recht van terugkoop en het recht van wederovername worden opgenomen in de onderhandse overeenkomst en in de authentieke akte, vermelden minstens het volgende :
  1° de verplichting om de gronden en de opstallen aan te wenden voor een economische bedrijvigheid, de omschrijving van die economische bedrijvigheid, de algemene voorwaarden voor dat gebruik, de verplichting om over te gaan tot de bebouwing en exploitatie van de gronden en opstallen en de termijn waarin die verplichtingen gerealiseerd moeten worden;
  2° dat het recht van terugkoop of het recht van wederovername van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik enkel kan worden uitgeoefend indien :
  a) de koper of titularis van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik de volledige grond en de opstallen dan wel een substantieel deel van de grond gedurende meer dan twee jaar niet gebruikt of voor een andere bedrijvigheid gebruikt dan voor de bedrijvigheid, vermeld in punt 1°;
  b) de koper of titularis van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik voor de volledige grond dan wel voor een substantieel deel van de grond de gestelde voorwaarden van gebruik niet naleeft;
  c) de koper of titularis van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik de sectorale regelgeving schendt die op hem van toepassing is, en als daardoor ernstige hinder voor de overige bedrijven van het bedrijventerrein wordt veroorzaakt, waardoor een normaal beheer van het bedrijventerrein niet meer mogelijk is;
  3° de begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername, waaronder minstens de verkoper of degene die het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik heeft verleend en de in paragraaf 2 vermelde overheden;
  4° de prijs of wijze van prijsbepaling voor de terugkoop of de wederovername, in overeenstemming met het vermelde in artikel 29;
  5° de rechten en verplichtingen vermeld in de artikelen 30, 31, 32 en 33.
  § 2. De in artikel 27, § 1, 3°, vermelde overheden zijn de gemeenten op het grondgebied waarvan de gronden liggen. Elk van de betrokken gemeenten kan even wel beslissen om in haar plaats haar autonoom gemeentebedrijf dat actief is op het vlak van de (her)aanleg van bedrijventerreinen, het intergemeentelijk samenwerkingsverband dat actief is op het vlak van de (her)aanleg van bedrijventerreinen en waarbij ze aangesloten is of de territoriaal bevoegde provinciale ontwikkelingsmaatschappij aan te wijzen als begunstigde van het terugkooprecht of het recht van wederovername. De gemeente moet, in voorkomend geval, die beslissing genomen en ter kennis gebracht hebben aan de verkoper, respectievelijk de verlener van de opstal, de erfpacht of het vruchtgebruik en dit vooraleer de authentieke akte vermeld in paragraaf 1 verleden wordt, zodat de akte de definitieve begunstigde van het recht van terugkoop of het recht van wederovername bevat.
Art.27. § 1er. Les clauses contractuelles qui, dans les cas visés aux articles 25 et 26, relativement au droit de rachat et au droit de reprise, sont insérées dans la convention sous seing privé et dans l'acte authentique mentionnent au moins les éléments suivants :
  1° l'obligation d'affecter les terrains et bâtiments à une activité économique, la définition de cette activité économique, les conditions générales de cette utilisation, l'obligation de bâtir et d'exploiter les terrains et bâtiments et le délai dans lequel ces obligations doivent être mises en oeuvre;
  2° la mention que le droit de rachat ou le droit de reprise du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit ne peuvent être exercés que si :
  a) l'acheteur ou le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit n'utilise pas l'ensemble des terrains et bâtiments ou une partie essentielle du terrain pendant plus de deux ans ou les utilise pour une autre activité que pour l'activité mentionnée au point 1°;
  b) l'acheteur ou le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit ne respecte pas, pour l'ensemble des terrains et bâtiments ou pour une partie essentielle du terrain, les conditions d'utilisation posées;
  c) l'acheteur ou le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit viole la réglementation sectorielle à laquelle il est soumis et cause ainsi une très sérieuse gêne aux autres entreprises du terrain d'activités économiques, rendant ainsi impossible une gestion normale de ce terrain d'activités économiques;
  3° les bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise, parmi lesquels au moins le vendeur ou celui qui a octroyé le droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit, et les autorités mentionnées au paragraphe 2;
  4° le prix ou les modalités de la détermination du prix pour le rachat ou la reprise, conformément aux dispositions de l'article 29;
  5° les droits et obligations mentionnées aux articles 30, 31, 32 et 33.
  § 2. Les autorités mentionnées à l'article 27, § 1er, 3°, sont les communes sur le territoire desquels se situent les terrains. Chacune des communes concernées peut cependant décider de désigner à sa place sa régie communale autonome qui est active dans le domaine de l'aménagement ou du réaménagement de terrains d'activités économiques, la coopération intercommunale qui est active dans le domaine de l'aménagement ou du réaménagement de terrains d'activités économiques et à laquelle elle est affiliée, ou la société de développement provincial territorialement compétente, comme bénéficiaire du droit de rachat ou du droit de reprise. La commune doit, le cas échéant, avoir pris cette décision et l'avoir communiqué au vendeur ou au cédant du droit de superficie d'emphytéose ou d'usufruit avant que soit passé l'acte authentique mentionné au paragraphe 1er, afin que l'acte mentionne le bénéficiaire définitif du droit de rachat ou de reprise.
Art.28. Het recht van terugkoop of het recht van wederovername :
  1° kan bij de uitoefening door de begunstigde van dat recht beperkt worden tot een gedeelte van de gronden en de opstallen;
  2° geldt onbeperkt in de tijd;
  3° wordt ingevolge de bij wet voorgeschreven bekendmaking van de authentieke akte waarin het recht van terugkoop of wederovername is opgenomen, tegenstelbaar aan derden.
Art.28. Le droit de rachat ou le droit de reprise :
  1° peut être limité à une partie des terrains et bâtiments lors de l'exercice de ce droit par le bénéficiaire;
  2° a une durée de validité illimitée;
  3° est opposable aux tiers à la suite de la notification prescrite par la loi de l'acte authentique reprenant le droit de rachat ou de reprise.
Art.29. § 1. De terugkoop van de grond zal gebeuren tegen de prijs van de eerste verkoop, aangepast aan de schommelingen van de index van de consumptieprijzen. Als voordien reeds een verkoop werd toegestaan door de begunstigden van het recht van terugkoop, zal de terugkoop plaatsvinden tegen de prijs van de laatste verkoop waarvoor toestemming gegeven werd, aangepast aan de schommelingen van de index van de consumptieprijzen.
  De opstallen, met uitzondering van het materieel en de outillage die de gebruiker toebehoren en op de grond zijn gelegen, worden teruggekocht tegen de venale waarde van die opstallen op het moment van de terugkoop. De venale waarde van de opstallen wordt bepaald door een expert-schatter. Die wordt in onderling overleg aangewezen door de begunstigde die het recht van terugkoop uitoefent en door de eigenaar van de opstallen. Als beiden het niet eens raken, wijzen ze elk een expert-schatter aan. Die expert-schatters zullen in onderling overleg een derde expert-schatter aanwijzen en gezamenlijk de venale waarde vaststellen. Alle kosten van de vaststelling van de venale waarde worden gedragen door de eigenaar van de opstallen. Alle betrokkenen zijn ertoe gehouden de nodige medewerking te verlenen om de venale waarde vast te stellen.
  § 2. De wederovername van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik zal gebeuren tegen de prijs die wordt bepaald in de overeenkomst waarin het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik is toegekend. Die overeenkomst kan ook bepalen dat die prijs zal worden bepaald door een of meer expert-schatters. In dat geval wordt, in onderling overleg, een expert-schatter aangewezen door de begunstigde die het recht van wederovername uitoefent en door de houder van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik. Indien beiden het niet eens raken, wijzen ze elk een expert-schatter aan. Die expert-schatters zullen in onderling overleg een derde expert-schatter aanwijzen en gezamenlijk de prijs bepalen. Alle kosten van de vaststelling van de prijs worden gedragen door de houder van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik. Alle betrokkenen zijn ertoe gehouden de nodige medewerking te verlenen om de prijs vast te stellen.
  § 3. Voor de terugkoop of de wederovername is de begunstigde die het recht uitoefent, geen andere vergoeding verschuldigd dan de vergoeding bedoeld in dit artikel.
Art.29. § 1er. Le rachat du terrain se fera au prix de la première vente, adapté aux fluctuations de l'index des prix à la consommation. Si une vente a précédemment déjà été autorisée par les bénéficiaires du droit de rachat, le rachat aura lieu au prix de la dernière vente pour laquelle une autorisation avait été octroyée, adapté aux fluctuations de l'index des prix à la consommation.
  Les bâtiments, à l'exception du matériel et de l'outillage qui appartiennent à l'utilisateur et qui sont situés sur le terrain, sont rachetés à la valeur vénale des dits bâtiments au moment du rachat. La valeur vénale des bâtiments est fixée par un expert immobilier. Celui-ci est désigné de commun accord entre le bénéficiaire qui exerce le droit de rachat et le propriétaire des bâtiments. En cas de désaccord, chacun désigne un expert immobilier. Ces experts désigneront de commun accord un troisième expert et ils établiront ensemble la valeur vénale. Tous les coûts de la détermination de la valeur vénale sont supportés par le propriétaire des bâtiments. Toutes les parties concernées sont tenues d'apporter la collaboration nécessaire à la détermination de la valeur vénale.
  § 2. La reprise du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit se fera au prix qui est défini dans la convention dans laquelle le droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit est octroyé. Cette convention peut également stipuler que ce prix sera déterminé par un ou plusieurs experts. Dans ce cas, un expert sera désigné de commun accord entre le bénéficiaire qui exerce le droit de reprise et le détenteur du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit. En cas de désaccord, chacun désigne un expert. Ces experts désigneront de commun accord un troisième expert et ils établiront ensemble le prix. Tous les coûts de la détermination du prix sont supportés par le détenteur du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit. Toutes les parties concernées sont tenues d'apporter la collaboration nécessaire à la détermination du prix.
  § 3. Le bénéficiaire qui exerce le droit de rachat ou de reprise n'est redevable d'aucune autre indemnité que celle visée dans le présent article.
Art.30. De eigenaar of titularis van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik mag het goed verder verkopen of zijn recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik overdragen en persoonlijke gebruiks- of genotsrechten toekennen na voorafgaande toestemming van elk van de begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername. Bij een dergelijke verkoop of overdracht moeten de onderhandse overeenkomst en de authentieke akte waarin de overdrachten en rechten worden vastgelegd, in elk geval de clausules, vermeld in artikel 27, bevatten ten gunste van de oorspronkelijke begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername.
  De toestemming wordt per aangetekende brief gevraagd, waarbij minstens het ontwerp van de akte en de omschrijving van de economische activiteit die uitgeoefend zal worden op de zone, worden gevoegd.
  De begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername delen hun beslissing mee binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum dat ze het verzoek om de voorafgaande toestemming hebben ontvangen. De begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername brengen elkaar op de hoogte van de genomen beslissing. Als binnen de termijn de beslissing niet is meegedeeld, wordt de toestemming geacht verleend te zijn onder de voorwaarde dat de nieuwe akte van verkoop of de akte van overdracht van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik de clausules, vermeld in artikel 27, bevat ten gunste van de oorspronkelijke begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername.
  De begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername mogen de toestemming, vermeld in het eerste lid, weigeren of voorwaarden aan die toestemming koppelen, zolang die voorwaarden niet ingegeven zijn vanuit louter financiele motieven.
Art.30. Le propriétaire ou le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit peut vendre le bien ou céder son droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit et ses droits d'utilisation ou de jouissance personnelles après l'autorisation préalable de chacun des bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise. Lors d'une telle vente ou cession, la convention sous seing privé et l'acte authentique établissant les cessions et les droits doivent comporter dans chaque cas les clauses mentionnées à l'article 27, en faveur des bénéficiaires initiaux du droit de rachat ou du droit de reprise.
  L'autorisation est demandée par lettre recommandée à laquelle sont au moins joints le projet d'acte et la description de l'activité économique qui sera exercée sur la zone.
  Les bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise communiquent leur décision dans un délai de deux mois à compter de la date de réception de la demande d'autorisation préalable. Les bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise se tiennent mutuellement au courant de la décision prise. Si la décision n'est pas communiquée dans le délai prévu, l'autorisation est estimée octroyée à la condition que le nouvel acte de vente ou l'acte de cession du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit contienne les clauses mentionnées à l'article 27 en faveur des bénéficiaires initiaux du droit de rachat ou du droit de reprise.
  Les bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise peuvent refuser de donner l'autorisation mentionnée au premier alinéa ou l'assortir de conditions, aussi longtemps que ces conditions ne sont pas introduites pour des raisons purement financières.
Art.31. Als de gronden of daarop opgerichte opstallen ter beschikking gesteld worden aan andere gebruikers door huur, of andere vergelijkbare persoonlijke gebruiks- of genotsrechten, moet in de overeenkomst waarbij het gebruiks- of genotsrecht aan de gebruiker wordt verleend, worden voorzien in :
  1° de verplichting van de gebruiker om de gronden en opstallen aan te wenden voor de in de voorafgaande akten omschreven economische bedrijvigheid;
  2° de algemene voorwaarden voor het gebruik;
  3° eventueel de verplichting om over te gaan tot de bebouwing en exploitatie van het terrein of opstallen en de termijn waarin die verplichtingen gerealiseerd moeten worden;
  4° een verwijzing naar dit artikel;
  5° een overname van het bepaalde in artikel 33.
  De eigenaar of titularis van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik, die de gronden of de daarop opgerichte opstallen ter beschikking heeft gesteld, draagt de verantwoordelijkheid voor het naleven door de gebruiker van de vereisten, vermeld in het eerste lid. Hij kan zich niet beroepen op de nalatigheden van de gebruikers om zich tegen de uitoefening van het recht van terugkoop of het recht van wederovername te verzetten. Het recht van terugkoop of recht van wederovername kan bij de uitoefening door de begunstigde ervan beperkt worden tot het perceel van de nalatige gebruiker.
Art.31. Si les terrains ou les bâtiments qui y sont érigés sont mis à la disposition d'autres utilisateurs à la suite d'une location, ou à d'autres droits comparables d'usage personnel ou de jouissance personnelle, la convention par laquelle le droit d'usage ou de jouissance est octroyé à l'utilisateur doit comporter les mentions suivantes :
  1° l'obligation de l'utilisateur d'affecter les terrains et bâtiments à l'activité économique décrite dans les actes préalables;
  2° les conditions générales d'utilisation;
  3° éventuellement l'obligation de bâtir et d'exploiter les terrains et bâtiments et le délai dans lequel ces obligations doivent être mises en oeuvre;
  4° une modification du présent article;
  5° une reprise des dispositions de l'article 33.
  Le propriétaire ou le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit qui a mis à disposition les terrains ou les bâtiments qui y sont érigés porte la responsabilité du respect par l'utilisateur des exigences mentionnées dans le premier alinéa. Il ne peut invoquer les négligences des utilisateurs pour s'opposer à l'exercice du droit de rachat ou du droit de reprise. Le droit de rachat ou de reprise, lors de son exercice par le bénéficiaire, peut être limité à la parcelle de l'utilisateur négligent.
Art.32. Voordat tot de uitoefening van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername overgegaan kan worden, moet de eigenaar of houder van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik in gebreke worden gesteld door minstens een van de begunstigden van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername en door die begunstigde aangemaand zijn om de vastgestelde schendingen, vermeld in artikel 27, § 1, 2°, binnen een jaar op definitieve wijze ongedaan te maken. De begunstigden van het recht van terugkoop of het recht van wederovername moeten die ingebrekestelling en aanmaning versturen binnen een periode van tien jaar nadat ze kennis hebben gekregen van het feit dat een van de omstandigheden, vermeld in artikel 27, § 1, 2°, voor de uitoefening van het recht van terugkoop of het recht van wederovername zich heeft voorgedaan.
  Als de begunstigde van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername vaststelt dat er na het verstrijken van de termijn van een jaar, vermeld in het eerste lid, nog altijd of opnieuw sprake is van een schending van de verplichtingen die rusten op de eigenaar of de houder van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik, kan hij of een van de andere begunstigden van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername overgaan tot terugkoop of wederovername. Als alle of verschillende begunstigden van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername willen overgaan tot terugkoop of wederovername, mag de eerste verkoper of eerste verlener van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik overgaan tot terugkoop of wederovername.
  Als geen enkele begunstigde van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername zijn beslissing om van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername gebruik te maken, binnen een jaar na het verstrijken van de termijn van een jaar, vermeld in het eerste lid, om aan de vastgestelde schendingen een einde te maken, aan de eigenaar of houder van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik heeft betekend, kan het recht van terugkoop of het recht van wederovername slechts uitgeoefend worden na een nieuwe ingebrekestelling en aanmaning en het opnieuw toekennen van de termijn van een jaar om de vastgestelde schendingen ongedaan te maken.
Art.32. Avant de pouvoir procéder à l'exercice du droit de rachat ou du droit de reprise, le propriétaire ou le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit doit être mis en demeure par au moins un des bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise et sommé par ces bénéficiaires de mettre fin définitivement, dans un délai d'un an, aux infractions constatées, mentionnées à l'article 27, § 1er, 2°. Les bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise doivent envoyer cette mise en demeure et cette sommation dans une période de 10 ans après avoir pris connaissance du fait qu'une des circonstances mentionnées à l'article 27, § 1er, 2°, pour l'exercice du droit de rachat ou du droit de reprise s'était produite.
  Si le bénéficiaire du droit de rachat ou du droit de reprise constate qu'après l'expiration du délai d'un an mentionné au premier alinéa, il est encore toujours ou à nouveau question d'une violation des obligations qui incombent au propriétaire ou au titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit, il peut, de même qu'un des autres bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise, procéder au rachat ou à la reprise. Si l'ensemble ou une partie des bénéficiaires du droit de rachat ou du droit de reprise veulent procéder au rachat ou à la reprise, le premier vendeur ou le premier cédant du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit, peut procéder au rachat ou à la reprise.
  Si aucun bénéficiaire du droit de rachat ou du droit de reprise n'a signifié au propriétaire ou au titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit, sa décision de faire usage du droit de rachat ou du droit de reprise dans un délai d'un an après l'expiration du délai d'un an mentionné au premier alinéa pour mettre fin aux violations constatées, le droit de rachat ou le droit de reprise ne peuvent être exercés qu'après une nouvelle mise en demeure et sommation ainsi qu'après l'octroi d'un nouveau délai d'un an pour mettre fin aux violations constatées.
Art.33. De gebruiks- of genotsrechten die door de eigenaar of door de houder van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik aan derden zijn toegekend, nemen bij de uitoefening van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername van rechtswege een einde zonder dat daarvoor vanwege de begunstigde van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername een vergoeding verschuldigd is. De begunstigde van het recht van terugkoop of van het recht van wederovername die het recht uitoefent, kan evenwel beslissen om de gebruiks- of genotsrechten te handhaven die door de eigenaar of door de houder van het recht van opstal, erfpacht of vruchtgebruik toegekend zijn.
Art.33. Les droits d'usage ou de jouissance qui sont octroyés par le propriétaire ou par le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit à des tiers prennent fin de plein droit lors de l'exercice du droit de rachat ou du droit de reprise, sans qu'une indemnité soit due dans le chef du bénéficiaire du droit de rachat ou du droit de reprise. Le bénéficiaire du droit de rachat ou du droit de reprise qui exerce le droit peut également décider de maintenir les droits d'usage de jouissance qui ont été octroyés par le propriétaire ou par le titulaire du droit de superficie, d'emphytéose ou d'usufruit.
Art.34. De Vlaamse Regering kan nadere regels uitvaardigen voor de toepassing van de bepalingen in deze afdeling.
Art.34. Le Gouvernement flamand peut promulguer d'autres règles pour l'application des dispositions de la présente section.
HOOFDSTUK 2. - Bedrijventerreinen
CHAPITRE 2. - Terrains d'activités économiques
Afdeling 1. - Actiegerichte monitoring en realisatie van bedrijventerreinen
Section 1re. - Monitoring actif et réalisation des terrains d'activités économiques
Art.35. De Vlaamse Regering organiseert een actiegerichte monitoring van het aanbod aan bedrijventerreinen.
Art.35. Le Gouvernement flamand organise un monitoring actif de l'offre de terrains d'activités économiques.
Art.36. De actiegerichte monitoring, vermeld in artikel 35, heeft tot doel de beleidsopgave voor het ruimtelijk economisch beleid vast te stellen op het vlak van het creëren van aanbod aan uitgeruste bedrijventerreinen, ontwikkeling van knelpuntterreinen en onbenutte percelen, de sanering en herinrichting van brownfields en verouderde bedrijventerreinen en de te desaffecteren bedrijventerreinen, gebaseerd op het concept ijzeren voorraad.
Art.36. Le monitoring actif, mentionné à l'article 35, a pour objectif d'établir les objectifs politiques de la politique de l'économie spatiale dans le domaine de la création de l'offre de terrains d'activités économiques équipés, du développement des terrains problématiques et des parcelles non exploitées, de l'assainissement et du réaménagement des brownfields, des terrains d'activités économiques obsolètes et des terrains d'activités économiques à désaffecter, sur la base du concept du fonds de réserve.
Art.37. De actiegerichte monitoring, vermeld in artikel 35, kan aanleiding geven tot aanbevelingen over nieuw te ontwikkelen beleidsinstrumenten.
Art.37. Le monitoring actif, mentionné à l'article 35, peut donner lieu à des recommandations sur le développement de nouveaux instruments de gestion.
Afdeling 2. - Steun voor (her)aanleg van bedrijventerreinen
Section 2. - Aide à l'aménagement et au réaménagement de terrains d'activités économiques
Onderafdeling 1. - Steun voor verwerving van bedrijventerreinen
Sous-section 1re. - Aide à l'acquisition de terrains d'activités économiques
Art.38. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor de verwerving van gronden op bedrijventerreinen als de ontwikkeling, alle andere subsidiemechanismen in acht genomen, niet rendabel is.
Art.38. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide pour l'acquisition de terrains situés dans des parcs d'activités économiques lorsque le développement, compte tenu de tous les autres mécanismes de subventions, n'est pas rentable.
Art.39. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 38.
Art.39. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 38.
Art.40. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.40. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.41. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 38.
Art.41. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 38.
Art.42. De Vlaamse Regering bepaalt het steunpercentage of het maximale nominale bedrag van de steun, vermeld in artikel 38.
Art.42. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 38.
Onderafdeling 2. - Steun voor voortrajecten
Sous-section 2. - Aide au parcours préliminaire
Art.43. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor haalbaarheidsstudies en procesbegeleiding bij complexe (her)ontwikkelingen van verouderde bedrijventerreinen en verouderde terreinen gelegen in de afgebakende zeehavengebieden of bij bedrijventerreinen met beleidsmatige knelpunten in functie van de (her)aanleg.
Art.43. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide à des études de faisabilité et à l'accompagnement de la procédure dans le cas de (re)développement de terrains d'activités économiques et de terrains obsolètes situés dans une zone délimitée d'un port maritime ou de terrains d'activités économiques présentant des difficultés de gestion en termes d'aménagement ou de réaménagement.
Art.44. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 43.
Art.44. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 43.
Art.45. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.45. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.46. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 43.
Art.46. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 43.
Art.47. De Vlaamse Regering bepaalt het steunpercentage of het maximale nominale bedrag van de steun, vermeld in artikel 43.
Art.47. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 43.
Onderafdeling 3. - Steun voor (her)aanleg van bedrijventerreinen
Sous-section 3. - Aide pour l'aménagement ou le réaménagement de terrains d'activités économiques
Art.48. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor de (her)aanleg van bedrijventerreinen.
Art.48. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide pour l'aménagement ou le réaménagement de terrains d'activités économiques.
Art.49. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 48.
Art.49. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 48.
Art.50. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag per type kosten waarvoor de steun, vermeld in artikel 48, verleend wordt.
Art.50. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal par type de coûts pour lesquels l'aide mentionnée à l'article 48 est octroyée.
Art.51. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 48.
Art.51. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 48.
Art.52. De Vlaamse Regering bepaalt de steunpercentages of de maximale nominale bedragen van de steun, vermeld in artikel 48.
Art.52. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 48.
Afdeling 3. - Steun voor strategische bedrijventerreinen
Section 3. - Aide en faveur des terrains d'activités économiques stratégiques
Art.53. De Vlaamse Regering kan voor strategische bedrijventerreinen een specifiek steunkader vaststellen.
Art.53. Le Gouvernement flamand peut établir un cadre d'aide spécifique pour les terrains d'activités économiques stratégiques.
Art.54. De Vlaamse Regering kan naast wetenschapsparken ook andere types bedrijventerreinen als strategisch aanwijzen.
Art.54. Le Gouvernement flamand peut désigner comme stratégiques d'autres types d'activités économiques que les parcs scientifiques.
Art.55. Het beheer van een strategisch bedrijventerrein wordt gevoerd via het beheercomite. De Vlaamse Regering bepaalt de regels die de werking van het beheercomite minimaal moet volgen.
Art.55. La gestion d'un terrain d'activités économiques stratégique est assurée par le comité de gestion. Le Gouvernement flamand fixe les règles de fonctionnement minimales du comité de gestion.
Afdeling 4. - Steun voor beheer
Section 4. - Aide à la gestion
Art.56. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor het voeren van het beheer over een bedrijventerrein.
Art.56. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide à la gestion d'un terrain d'activités économiques.
Art.57. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 56.
Art.57. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 56.
Art.58. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.58. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.59. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 56.
Art.59. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 56.
Art.60. De Vlaamse Regering bepaalt de steunpercentages of het maximale nominale bedrag van de steun, vermeld in artikel 56.
Art.60. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 56.
Afdeling 5. - Steun voor bedrijventerreinmanagement
Section 5. - Aide au management d'un terrain d'activités économiques
Art.61. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor het organiseren van bedrijventerreinmanagement op bedrijventerreinen.
Art.61. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide pour l'organisation du management d'un terrain d'activités économiques.
Art.62. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 61.
Art.62. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 61.
Art.63. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.63. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.64. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 61.
Art.64. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 61.
Art.65. De Vlaamse Regering bepaalt de steunpercentages of het maximale nominale bedrag van de steun, vermeld in artikel 61.
Art.65. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 61.
HOOFDSTUK 3. - Bedrijfsverzamelgebouwen
CHAPITRE 3. - Complexe d'affaires
Afdeling 1. - Steun voor bedrijvencentra voor starters
Section 1re. - Aides pour des complexes d'affaires pour starters
Art.66. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor de oprichting, de uitbreiding en de modernisering van bedrijvencentra voor startende ondernemingen.
Art.66. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide pour la création, l'expansion et la modernisation de complexe d'affaires pour entreprises débutantes.
Art.67. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 66.
Art.67. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 66.
Art.68. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.68. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.69. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 66.
Art.69. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 66.
Art.70. De Vlaamse Regering bepaalt de steunpercentages of het maximale nominale bedrag van de steun, vermeld in artikel 66.
Art.70. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 66.
Afdeling 2. - Thematische bedrijvencentra
Section 2. - Centres d'affaires thématiques
Art.71. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor de oprichting, de uitbreiding en de modernisering van thematische bedrijvencentra.
Art.71. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide pour la création, l'expansion et la modernisation de centres d'affaires thématiques.
Art.72. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 71.
Art.72. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 71.
Art.73. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.73. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.74. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 71.
Art.74. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 71.
Art.75. De Vlaamse Regering bepaalt de steunpercentages of het maximale nominale bedrag van de steun, vermeld in artikel 71.
Art.75. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 71.
Afdeling 3. - Incubatoren
Section 3. - Incubateurs
Art.76. De Vlaamse Regering kan steun verlenen voor de oprichting, de uitbreiding en de modernisering van incubatoren.
Art.76. Le Gouvernement flamand peut apporter son aide pour la création, l'expansion et la modernisation d'incubateurs.
Art.77. De Vlaamse Regering bepaalt welke begunstigden in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 76.
Art.77. Le Gouvernement flamand détermine les bénéficiaires admissibles à l'aide mentionnée à l'article 76.
Art.78. De steunintensiteit wordt berekend als een percentage van de kosten die in aanmerking komen, of als een maximaal nominaal bedrag.
Art.78. L'intensité de l'aide est calculée sous la forme d'un pourcentage des coûts admissibles, ou sous la forme d'un montant nominal maximal.
Art.79. De Vlaamse Regering bepaalt welke kosten in aanmerking komen voor de steun, vermeld in artikel 76.
Art.79. Le Gouvernement flamand détermine les coûts admissibles à l'aide mentionnée à l'article 76.
Art.80. De Vlaamse Regering bepaalt de steunpercentages of het maximale nominale bedrag van de steun, vermeld in artikel 76.
Art.80. Le Gouvernement flamand détermine le pourcentage de l'aide ou le montant nominal maximal de l'aide mentionnée à l'article 76.
Titel 4. - Handhaving, uitbetaling en terugvordering van steun
Titre 4. - Maintien, paiement et recouvrement de l'aide
Art.81. De Vlaamse Regering bepaalt de gevallen van terugvordering [1 conform artikel 75 en artikel 76 van de Vlaamse Codex Overheidsfinanciën van 29 maart 2019]1 en de wet van 7 juni 1994 tot wijziging van het koninklijk besluit van 31 mei 1933 betreffende de verklaringen te doen in verband met subsidies, vergoedingen en toelagen van elke aard, die geheel of gedeeltelijk ten laste zijn van de Staat.
  De Vlaamse Regering bepaalt de intrestvoet die in geval van terugvordering verschuldigd is.
  De Vlaamse Regering bepaalt de termijnen waarbinnen de feiten die aanleiding geven tot terugvordering, zich moeten voordoen, en de termijn waarin ze de steun kan terugvorderen.
  
Art.81. Le Gouvernement flamand arrête les cas de recouvrement [1 conformément aux articles 75 et 76 du Code flamand des Finances publiques du 29 mars 2019]1 et de la loi du 7 juin 1994 modifiant l'arrêté royal du 31 mai 1933 concernant les déclarations à faire en matière de subventions, indemnités et allocations de toute nature, qui sont, en tout ou en partie, à charge de l'Etat.
  Le Gouvernement flamand arrête le taux d'intérêt dû en cas de recouvrement.
  Le Gouvernement flamand fixe les délais dans lesquels les faits donnant lieu au recouvrement doit se produire et les délais dans lesquels l'aide peut faire l'objet d'un recouvrement.
  
Titel 5. - Wijzigingsbepalingen
Titre 5. - Dispositions modificatives
Afdeling 1. - Decreet Economisch Ondersteuningsbeleid
Section 1re. - Décret relatif à la politique d'aide économique
Art.82. In het decreet van 16 maart 2012 betreffende het economisch ondersteuningsbeleid, wordt hoofdstuk 7, dat bestaat uit artikel 27 tot en met 29, opgeheven.
Art.82. Dans le décret du 16 mars 2012 relatif à la politique d'aide économique, le chapitre 7, qui est constitué des articles 27 à 29, est abrogé.
Art.83. In hetzelfde decreet wordt hoofdstuk 8, dat bestaat uit artikel 30 tot en met 33, opgeheven.
Art.83. Dans le même décret, le chapitre 8, qui est constitué des articles 30 à 33 inclus, est abrogé.
Art.84. In hetzelfde decreet wordt hoofdstuk 9, dat bestaat uit artikel 34, opgeheven.
Art.84. Dans le même décret, le chapitre 9, qui est constitué de l'article 34, est abrogé.
Afdeling 2. - Programmadecreet ter begeleiding van de begroting 2004
Section 2. - Décret-programme contenant diverses mesures d'accompagnement du budget 2004
Art.85. In het decreet van 19 december 2003 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2004, gewijzigd bij de decreten van 24 december 2004, 22 april 2005, 24 juni 2005 en 22 december 2006, wordt hoofdstuk XXVI, dat bestaat uit artikel 73 tot en met 78, opgeheven.
Art.85. Dans le décret du 19 décembre 2003 contenant diverses mesures d'accompagnement du budget modifié par les décrets du 24 décembre 2004, 22 avril 2005, 24 juin 2005 en 22 décembre 2006, le chapitre XXVI, qui est constitué des articles 73 à 78, est abrogé.
Titel 6. - Slotbepalingen
Titre 6. - Dispositions finales
Art. 86. Er kan op basis van een steunregeling als vermeld in dit decreet slechts steun in de zin van artikel 107 van het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie toegekend worden na de inwerkingtreding van de desbetreffende uitvoeringsbesluiten.
Art. 86. L'aide ne peut être accordée sur la base d'un régime d'aides du présent décret au sens de l'article 107 du Traité sur le fonctionnement de l'Union européenne qu'après l'entrée en vigueur des arrêtés d'exécution y afférents.