Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
10 MEI 2012. - Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van verscheidene besluiten van de Waalse Regering inzake de afvalstoffen
Titre
10 MAI 2012. - ArrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon modifiant divers arrĂȘtĂ©s du Gouvernement wallon en matiĂšre de dĂ©chets
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
HOOFDSTUK I. - Doel
HOOFDSTUK II. - Wijzigingen in het besluit van ...
HOOFDSTUK III. - Wijzigingen in het besluit van...
HOOFDSTUK IV. - Wijzigingen in het besluit van ...
HOOFDSTUK V. - Wijzigingen in het besluit van d...
HOOFDSTUK VI. - Wijziging in het besluit van de...
HOOFDSTUK VII. - Wijzigingen in het besluit van...
HOOFDSTUK VIII. - Slot- en opheffingsbepalingen
BIJLAGE.
Inhoud
CHAPITRE Ier. - Objet
CHAPITRE II. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘ...
CHAPITRE III. - Modifications apportées à l'arr...
CHAPITRE IV. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘ...
CHAPITRE V. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘt...
CHAPITRE VI. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘ...
CHAPITRE VII. - Modifications apportées à l'arr...
CHAPITRE VIII. - Dispositions finales et abroga...
ANNEXE.
Tekst (48)
Texte (48)
HOOFDSTUK I. - Doel
CHAPITRE Ier. - Objet
Artikel 1. Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en van de Raad van 19 november 2008 betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen wordt gedeeltelijk omgezet bij dit besluit.
Article 1er. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© transpose partiellement la Directive 2008/98/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 19 novembre 2008 relative aux dĂ©chets et abrogeant certaines directives.
HOOFDSTUK II. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 9 april 1992
CHAPITRE II. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif rĂ©gional wallon du 9 avril 1992 relatif aux dĂ©chets dangereux
Art. 2. § 1. Artikel 1 van het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 9 april 1992 betreffende de gevaarlijke afvalstoffen, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, wordt gewijzigd als volgt :
1° punt 2° wordt vervangen als volgt :
" 2° inzameling : het verzamelen van afvalstoffen, inclusief de voorlopige sortering en de voorlopige opslag van afvalstoffen, om deze daarna te vervoeren naar een afvalverwerkingsinstallatie; ";
2° punt 12° wordt opgeheven.
1° punt 2° wordt vervangen als volgt :
" 2° inzameling : het verzamelen van afvalstoffen, inclusief de voorlopige sortering en de voorlopige opslag van afvalstoffen, om deze daarna te vervoeren naar een afvalverwerkingsinstallatie; ";
2° punt 12° wordt opgeheven.
Art. 2. § 1er. A l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif rĂ©gional wallon du 9 avril 1992 relatif aux dĂ©chets dangereux, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, sont apportĂ©es les modifications suivantes :
1° le point 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° collecte : le ramassage de déchets, y compris leur tri et stockage préliminaires, en vue de leur transport vers une installation de traitement des déchets; ";
2° le point 12° est abrogé.
1° le point 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° collecte : le ramassage de déchets, y compris leur tri et stockage préliminaires, en vue de leur transport vers une installation de traitement des déchets; ";
2° le point 12° est abrogé.
Art. 3. Artikel 4 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, wordt vervangen door een nieuw artikel, luidend als volgt :
" Art. 4. § 1. Gevaarlijke afvalstoffen mogen niet worden gemengd met andere categorieën gevaarlijke afvalstoffen, noch met andere afvalstoffen, stoffen of materialen.
Onder mengen wordt ook het verdunnen van gevaarlijke stoffen verstaan.
§ 2. In afwijking van paragraaf 1 mogen gevaarlijke afvalstoffen worden gemengd met andere gevaarlijke afvalstoffen of met andere afvalstoffen, stoffen of materialen, op voorwaarde dat :
a) er wordt gemengd door een inrichting of persoon die over een vergunning beschikt;
b) de bepalingen van artikel 6bis van het decreet worden nageleefd en de negatieve gevolgen van het afvalbeheer op de menselijke gezondheid en het milieu niet worden vergroot, en tevens;
c) de handeling in kwestie in overeenstemming is met de beste beschikbare technieken.
§ 3. Indien gevaarlijke afvalstoffen in strijd met paragraaf 1 gemengd zijn, zal, indien nodig en mogelijk, een scheiding moeten worden uitgevoerd rekening houdend met technische en economische haalbaarheidscriteria, om te voldoen aan artikel 6bis van het decreet. ".
" Art. 4. § 1. Gevaarlijke afvalstoffen mogen niet worden gemengd met andere categorieën gevaarlijke afvalstoffen, noch met andere afvalstoffen, stoffen of materialen.
Onder mengen wordt ook het verdunnen van gevaarlijke stoffen verstaan.
§ 2. In afwijking van paragraaf 1 mogen gevaarlijke afvalstoffen worden gemengd met andere gevaarlijke afvalstoffen of met andere afvalstoffen, stoffen of materialen, op voorwaarde dat :
a) er wordt gemengd door een inrichting of persoon die over een vergunning beschikt;
b) de bepalingen van artikel 6bis van het decreet worden nageleefd en de negatieve gevolgen van het afvalbeheer op de menselijke gezondheid en het milieu niet worden vergroot, en tevens;
c) de handeling in kwestie in overeenstemming is met de beste beschikbare technieken.
§ 3. Indien gevaarlijke afvalstoffen in strijd met paragraaf 1 gemengd zijn, zal, indien nodig en mogelijk, een scheiding moeten worden uitgevoerd rekening houdend met technische en economische haalbaarheidscriteria, om te voldoen aan artikel 6bis van het decreet. ".
Art. 3. L'article 4 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, est remplacĂ© par un nouvel article rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 4. § 1er. Les dĂ©chets dangereux ne peuvent ĂȘtre mĂ©langĂ©s ni avec d'autres catĂ©gories de dĂ©chets dangereux, ni avec d'autres dĂ©chets, substances ou matiĂšres.
Le mélange comprend la dilution de substances dangereuses.
§ 2. Par dérogation au paragraphe 1er, le mélange de déchets dangereux avec d'autres déchets dangereux ou avec d'autres déchets, substances ou matiÚres, est autorisé à condition que :
a) l'opération de mélange soit effectuée par un établissement ou une personne autorisé;
b) les dispositions de l'article 6bis du décret soient rencontrées et que les effets nocifs de la gestion des déchets sur la santé humaine et l'environnement ne soient pas aggravés, et
c) l'opération de mélange s'effectue selon les meilleures techniques disponibles.
§ 3. Lorsque des déchets dangereux ont été mélangés, en méconnaissance du paragraphe 1er, une opération de séparation a lieu, si possible et si nécessaire, en tenant compte de critÚres de faisabilité technique et économique, pour se conformer à l'article 6bis du décret. ".
" Art. 4. § 1er. Les dĂ©chets dangereux ne peuvent ĂȘtre mĂ©langĂ©s ni avec d'autres catĂ©gories de dĂ©chets dangereux, ni avec d'autres dĂ©chets, substances ou matiĂšres.
Le mélange comprend la dilution de substances dangereuses.
§ 2. Par dérogation au paragraphe 1er, le mélange de déchets dangereux avec d'autres déchets dangereux ou avec d'autres déchets, substances ou matiÚres, est autorisé à condition que :
a) l'opération de mélange soit effectuée par un établissement ou une personne autorisé;
b) les dispositions de l'article 6bis du décret soient rencontrées et que les effets nocifs de la gestion des déchets sur la santé humaine et l'environnement ne soient pas aggravés, et
c) l'opération de mélange s'effectue selon les meilleures techniques disponibles.
§ 3. Lorsque des déchets dangereux ont été mélangés, en méconnaissance du paragraphe 1er, une opération de séparation a lieu, si possible et si nécessaire, en tenant compte de critÚres de faisabilité technique et économique, pour se conformer à l'article 6bis du décret. ".
Art. 4. Hetzelfde besluit wordt met een artikel 4bis aangevuld, luidend als volgt :
" Art. 4bis. Bij de inzameling, het vervoer en de tijdelijke opslag van gevaarlijke afvalstoffen worden laatstgenoemden verpakt en voorzien van een etiket overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 28 juni 2009 betreffende het vervoer via de weg of per spoor van gevaarlijke stoffen, met uitzondering van ontplofbare en radioactieve stoffen, en de Europese overeenkomst inzake het internationaal vervoer via de weg van gevaarlijke stoffen, het reglement betreffende het internationale spoorwegvervoer van gevaarlijke goederen, of het koninklijk besluit van 31 juli 2009 betreffende het vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren en de Europese overeenkomst betreffende het internationaal vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren. ".
" Art. 4bis. Bij de inzameling, het vervoer en de tijdelijke opslag van gevaarlijke afvalstoffen worden laatstgenoemden verpakt en voorzien van een etiket overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 28 juni 2009 betreffende het vervoer via de weg of per spoor van gevaarlijke stoffen, met uitzondering van ontplofbare en radioactieve stoffen, en de Europese overeenkomst inzake het internationaal vervoer via de weg van gevaarlijke stoffen, het reglement betreffende het internationale spoorwegvervoer van gevaarlijke goederen, of het koninklijk besluit van 31 juli 2009 betreffende het vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren en de Europese overeenkomst betreffende het internationaal vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren. ".
Art. 4. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est ajoutĂ© un article 4bis rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 4bis. Lors de la collecte, du transport et du stockage temporaire des dĂ©chets dangereux, ceux-ci sont emballĂ©s et Ă©tiquetĂ©s conformĂ©ment aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© royal du 28 juin 2009 relatif au transport des marchandises dangereuses par route ou par chemin de fer, Ă l'exception des matiĂšres explosibles et radioactives, et de l'accord europĂ©en sur le transport international des marchandises dangereuses par route, du rĂšglement concernant le transport international ferroviaire des marchandises dangereuses, ou de l'arrĂȘtĂ© royal du 31 juillet 2009 relatif au transport des marchandises dangereuses par voie de navigation intĂ©rieure et de l'accord europĂ©en relatif au transport international des marchandises dangereuses par voies de navigation intĂ©rieures. ".
" Art. 4bis. Lors de la collecte, du transport et du stockage temporaire des dĂ©chets dangereux, ceux-ci sont emballĂ©s et Ă©tiquetĂ©s conformĂ©ment aux dispositions de l'arrĂȘtĂ© royal du 28 juin 2009 relatif au transport des marchandises dangereuses par route ou par chemin de fer, Ă l'exception des matiĂšres explosibles et radioactives, et de l'accord europĂ©en sur le transport international des marchandises dangereuses par route, du rĂšglement concernant le transport international ferroviaire des marchandises dangereuses, ou de l'arrĂȘtĂ© royal du 31 juillet 2009 relatif au transport des marchandises dangereuses par voie de navigation intĂ©rieure et de l'accord europĂ©en relatif au transport international des marchandises dangereuses par voies de navigation intĂ©rieures. ".
Art. 5. Het opschrift van hoofdstuk III van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, wordt vervangen als volgt :
" Hoofdstuk III. - Erkenning van ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars van gevaarlijke afvalstoffen ".
" Hoofdstuk III. - Erkenning van ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars van gevaarlijke afvalstoffen ".
Art. 5. L'intitulĂ© du Chapitre III du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, est remplacĂ© par ce qui suit :
" Chapitre III. - De l'agrément des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants de déchets dangereux. ".
" Chapitre III. - De l'agrément des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants de déchets dangereux. ".
Art. 6. In artikel 29 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° in punt 29 worden de woorden " beroepshalve " ingevoegd tussen de woorden " gevaarlijke afvalstoffen " en " zijn ";
2° er wordt een tweede lid toegevoegd, luidend als volgt :
" Deze erkenning wordt vereist voor het uitoefenen van de activiteiten van makelaar en handelaar in afvalstoffen. ".
1° in punt 29 worden de woorden " beroepshalve " ingevoegd tussen de woorden " gevaarlijke afvalstoffen " en " zijn ";
2° er wordt een tweede lid toegevoegd, luidend als volgt :
" Deze erkenning wordt vereist voor het uitoefenen van de activiteiten van makelaar en handelaar in afvalstoffen. ".
Art. 6. A l'article 29 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, sont apportĂ©es les modifications suivantes :
1° à l'article 29, les mots " à titre professionnel " sont insérés entre les mots " dangereux " et " sont ";
2° un deuxiÚme alinéa est ajouté rédigé comme suit :
" Le mĂȘme agrĂ©ment est requis pour l'exercice des activitĂ©s de courtier et nĂ©gociant en dĂ©chets. ".
1° à l'article 29, les mots " à titre professionnel " sont insérés entre les mots " dangereux " et " sont ";
2° un deuxiÚme alinéa est ajouté rédigé comme suit :
" Le mĂȘme agrĂ©ment est requis pour l'exercice des activitĂ©s de courtier et nĂ©gociant en dĂ©chets. ".
Art. 7. Artikel 31 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, wordt vervangen als volgt :
" Art. 31. De lijst van de ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars van gevaarlijke afvalstoffen wordt jaarlijks bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en op het leefmilieuportaal van het Waalse Gewest. ".
" Art. 31. De lijst van de ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars van gevaarlijke afvalstoffen wordt jaarlijks bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad en op het leefmilieuportaal van het Waalse Gewest. ".
Art. 7. L'article 31 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, est remplacĂ© par ce qui suit :
" Art. 31. La liste des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants de déchets dangereux est publiée annuellement au Moniteur belge et sur le portail environnement de la Région wallonne. ".
" Art. 31. La liste des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants de déchets dangereux est publiée annuellement au Moniteur belge et sur le portail environnement de la Région wallonne. ".
Art. 8. Artikel 32, eerste lid, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, wordt vervangen als volgt :
" Om als ophaler, vervoerder, makelaar of handelaar van gevaarlijke afvalstoffen erkend te worden, dient aan de volgende voorwaarden te worden voldaan : ".
" Om als ophaler, vervoerder, makelaar of handelaar van gevaarlijke afvalstoffen erkend te worden, dient aan de volgende voorwaarden te worden voldaan : ".
Art. 8. L'article 32, alinĂ©a 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, est remplacĂ© par ce qui suit :
" Pour ĂȘtre agréé comme collecteur, transporteur, courtier ou nĂ©gociant de dĂ©chets dangereux, il faut satisfaire aux conditions suivantes : ".
" Pour ĂȘtre agréé comme collecteur, transporteur, courtier ou nĂ©gociant de dĂ©chets dangereux, il faut satisfaire aux conditions suivantes : ".
Art. 9. In artikel 36, § 2, c), van hetzelfde besluit worden de woorden " die jaarlijks opgehaald en vervoerd kan worden " vervangen door de woorden " die jaarlijks opgehaald, vervoerd of aan handelstransacties of makelaarsverrichtingen onderworpen kan worden; ".
Art. 9. Dans l'article 36, § 2, c), du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " ou transportĂ©e annuellement " sont remplacĂ©s par les mots " , transportĂ©e ou soumise aux opĂ©rations de nĂ©goce ou de courtage annuellement; ".
Art. 10. Artikel 37 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
" Art. 37. De beslissing wordt aan de aanvrager betekend, hetzij bij aangetekend schrijven met bericht van ontvangst, hetzij via elke gelijksoortige formule die de verzend- en de ontvangstdatum van de akte waarborgen. Elke beslissing tot erkenning wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. Dit uittreksel vermeldt de identiteit van de ophaler, vervoerder, makelaar of handelaar en de aard van de afvalstoffen die het voorwerp kunnen uitmaken van deze verschillende handelingen. ".
" Art. 37. De beslissing wordt aan de aanvrager betekend, hetzij bij aangetekend schrijven met bericht van ontvangst, hetzij via elke gelijksoortige formule die de verzend- en de ontvangstdatum van de akte waarborgen. Elke beslissing tot erkenning wordt in het Belgisch Staatsblad bekendgemaakt. Dit uittreksel vermeldt de identiteit van de ophaler, vervoerder, makelaar of handelaar en de aard van de afvalstoffen die het voorwerp kunnen uitmaken van deze verschillende handelingen. ".
Art. 10. L'article 37 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
" Art. 37. La décision est notifiée au demandeur, soit par lettre recommandée avec accusé de réception, soit par le recours à toute formule similaire permettant de donner date certaine à l'envoi et à la réception de l'acte. Toute décision d'agrément est publiée par extrait au Moniteur belge. Cet extrait mentionne l'identité du collecteur, du transporteur, du négociant ou du courtier et la nature des déchets qui peuvent faire l'objet de ces différentes opérations. ".
" Art. 37. La décision est notifiée au demandeur, soit par lettre recommandée avec accusé de réception, soit par le recours à toute formule similaire permettant de donner date certaine à l'envoi et à la réception de l'acte. Toute décision d'agrément est publiée par extrait au Moniteur belge. Cet extrait mentionne l'identité du collecteur, du transporteur, du négociant ou du courtier et la nature des déchets qui peuvent faire l'objet de ces différentes opérations. ".
Art. 11. In artikel 59 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " alsook elke makelaar of handelaar, " worden ingevoegd tussen de woorden " valorisatieinstallatie van gevaarlijk stoffen " en " moet een register bijhouden ";
2° er wordt een tweede lid toegevoegd, luidend als volgt :
" Bewijsstukken omtrent het beheer van de afvalstoffen worden op verzoek van de Dienst of van de voorgaande houder overgelegd. ".
1° de woorden " alsook elke makelaar of handelaar, " worden ingevoegd tussen de woorden " valorisatieinstallatie van gevaarlijk stoffen " en " moet een register bijhouden ";
2° er wordt een tweede lid toegevoegd, luidend als volgt :
" Bewijsstukken omtrent het beheer van de afvalstoffen worden op verzoek van de Dienst of van de voorgaande houder overgelegd. ".
Art. 11. A l'article 59 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, sont apportĂ©es les modifications suivantes :
1° les mots " ainsi que tout courtier ou négociant, " sont insérés entre les mots " valorisation de déchets dangereux " et " tient un registre ";
2° un deuxiÚme alinéa est ajouté rédigé comme suit :
" Les piÚces justificatives concernant l'exécution des opérations de gestion sont fournies à la demande de l'Office ou du détenteur antérieur. ".
1° les mots " ainsi que tout courtier ou négociant, " sont insérés entre les mots " valorisation de déchets dangereux " et " tient un registre ";
2° un deuxiÚme alinéa est ajouté rédigé comme suit :
" Les piÚces justificatives concernant l'exécution des opérations de gestion sont fournies à la demande de l'Office ou du détenteur antérieur. ".
Art. 12. In artikel 70 van hetzelfde besluit worden de woorden " het erkende vervoerborderel bedoeld in de artikelen 53, 84 en 112 van het besluit van de Gewestexecutieve van 23 juli 1987 betreffende de gecontroleerde stortplaatsen " vervangen door de woorden " het vervoersformulier bedoeld in artikel 24 van het besluit van de Waalse Regering van 27 februari 2003 houdende sectorale voorwaarden voor de exploitatie van centra voor technische ingraving ".
Art. 12. Dans l'article 70 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " bordereau de transport agréé visĂ© aux articles 53, 84 et 112 de l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif du 23 juillet 1987 relatif aux dĂ©charges contrĂŽlĂ©es " sont remplacĂ©s par les mots " formulaire de transport visĂ© Ă l'article 24 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 27 fĂ©vrier 2003 fixant les conditions sectorielles d'exploitation des centres d'enfouissement technique ".
Art. 13. Artikel 71, § 2, eerste en tweede lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
" § 2. Deze Commissie bestaat uit :
1° de directeur-generaal van het Operationeel Directoraat-generaal Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu of zijn afgevaardigde die de Commissie voorzit;
2° de inspecteur-generaal van de Dienst of zijn afgevaardigde;
3° de inspecteur-generaal van het Departement Vergunningen en Toelatingen of zijn afgevaardigde;
4° de inspecteur-generaal van het Departement Leefmilieu en Water of zijn afgevaardigde;
5° de inspecteur-generaal van het Departement Ordehandhaving en Controles of zijn afgevaardigde;
6° drie personen gekozen krachtens hun bijzondere wetenschappelijke bevoegdheid met name op de volgende gebieden : chemische techniek, toxicologie en landbouwkunde;
7° een vertegenwoordiger van het referentielaboratorium van het Waalse Gewest bedoeld in artikel 40 van het decreet;
8° een secretaris gekozen binnen de Dienst.
De onder 6° tot 8° bedoelde leden van de Commissie worden door de Minister benoemd voor een termijn van zes jaar. Hun mandaat is hernieuwbaar bij het verstrijken van de termijn. Wanneer het mandaat voortijdig wordt beëindigd, benoemt de Minister een plaatsvervanger die het lopende mandaat voleindigt. ".
" § 2. Deze Commissie bestaat uit :
1° de directeur-generaal van het Operationeel Directoraat-generaal Landbouw, Natuurlijke Hulpbronnen en Leefmilieu of zijn afgevaardigde die de Commissie voorzit;
2° de inspecteur-generaal van de Dienst of zijn afgevaardigde;
3° de inspecteur-generaal van het Departement Vergunningen en Toelatingen of zijn afgevaardigde;
4° de inspecteur-generaal van het Departement Leefmilieu en Water of zijn afgevaardigde;
5° de inspecteur-generaal van het Departement Ordehandhaving en Controles of zijn afgevaardigde;
6° drie personen gekozen krachtens hun bijzondere wetenschappelijke bevoegdheid met name op de volgende gebieden : chemische techniek, toxicologie en landbouwkunde;
7° een vertegenwoordiger van het referentielaboratorium van het Waalse Gewest bedoeld in artikel 40 van het decreet;
8° een secretaris gekozen binnen de Dienst.
De onder 6° tot 8° bedoelde leden van de Commissie worden door de Minister benoemd voor een termijn van zes jaar. Hun mandaat is hernieuwbaar bij het verstrijken van de termijn. Wanneer het mandaat voortijdig wordt beëindigd, benoemt de Minister een plaatsvervanger die het lopende mandaat voleindigt. ".
Art. 13. L'article 71, § 2, alinĂ©as 1er et 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
" § 2. Cette Commission est composée :
1° du directeur général de la Direction générale opérationnelle Agriculture, Ressources naturelles et Environnement ou de son délégué, qui en assume la présidence;
2° de l'inspecteur général de l'Office ou de son délégué;
3° de l'inspecteur général du Département des Permis et Autorisations ou de son délégué;
4° de l'inspecteur général du Département de l'Environnement et de l'Eau ou de son délégué;
5° de l'inspecteur général du Département de la Police et des ContrÎles ou de son délégué;
6° de trois experts choisis en vertu de leur compétence scientifique particuliÚre notamment dans les domaines suivants : génie chimique, toxicologie et agronomie;
7° d'un représentant du laboratoire de référence de la Région wallonne visé à l'article 40 du décret;
8° d'un secrétaire choisi au sein de l'Office.
Les membres de la Commission visés aux points 6° à 8° ci-dessus sont nommés pour un terme de six ans par le Ministre. Leur mandat est renouvelable à l'expiration du délai. Lorsque le mandat prend fin avant terme, le Ministre nomme un remplaçant qui achÚve le mandat en cours. ".
" § 2. Cette Commission est composée :
1° du directeur général de la Direction générale opérationnelle Agriculture, Ressources naturelles et Environnement ou de son délégué, qui en assume la présidence;
2° de l'inspecteur général de l'Office ou de son délégué;
3° de l'inspecteur général du Département des Permis et Autorisations ou de son délégué;
4° de l'inspecteur général du Département de l'Environnement et de l'Eau ou de son délégué;
5° de l'inspecteur général du Département de la Police et des ContrÎles ou de son délégué;
6° de trois experts choisis en vertu de leur compétence scientifique particuliÚre notamment dans les domaines suivants : génie chimique, toxicologie et agronomie;
7° d'un représentant du laboratoire de référence de la Région wallonne visé à l'article 40 du décret;
8° d'un secrétaire choisi au sein de l'Office.
Les membres de la Commission visés aux points 6° à 8° ci-dessus sont nommés pour un terme de six ans par le Ministre. Leur mandat est renouvelable à l'expiration du délai. Lorsque le mandat prend fin avant terme, le Ministre nomme un remplaçant qui achÚve le mandat en cours. ".
Art. 14. In de artikelen 34, § 1, 35, 36, § § 1 en 3, vierde lid, en 56, § 1, van hetzelfde besluit, worden de woorden " bij aangetekend schrijven " vervangen door de woorden " hetzij bij aangetekend schrijven met bericht van ontvangst, hetzij via elke gelijksoortige formule die de verzend- en de ontvangstdatum van de akte waarborgen ".
Art. 14. Dans les articles 34, § 1er, 35, 36, §§ 1er et 3, alinĂ©a 4, et 56, § 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " par lettre recommandĂ©e Ă la poste " sont remplacĂ©s par les mots " soit par lettre recommandĂ©e avec accusĂ© de rĂ©ception, soit par le recours Ă toute formule similaire permettant de donner date certaine Ă l'envoi et Ă la rĂ©ception de l'acte ".
HOOFDSTUK III. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 9 april 1992 betreffende de afgewerkte olie
CHAPITRE III. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif rĂ©gional wallon du 9 avril 1992 relatif aux huiles usagĂ©es
Art. 15. In artikel 1 van het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 9 april 1992 betreffende de afgewerkte olie worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° punt 1° wordt vervangen als volgt :
" 1° afgewerkte olie : afgewerkte olie zoals omschreven in het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen; ".
2° punt 2° wordt vervangen als volgt :
" 2° inzameling : het verzamelen van afgewerkte olie, inclusief de voorlopige sortering en de voorlopige opslag van afgewerkte olie, om deze daarna te vervoeren naar een afvalverwerkingsinstallatie; ";
3° punt 8° wordt vervangen als volgt :
" 8° regeneratie : iedere recyclingshandeling waardoor basisoliën kunnen worden geproduceerd door raffinage van afgewerkte olie, in het bijzonder door uit die olie de verontreinigende stoffen, oxidatieproducten en additieven te verwijderen; ".
4° punt 14° wordt opgeheven.
1° punt 1° wordt vervangen als volgt :
" 1° afgewerkte olie : afgewerkte olie zoals omschreven in het decreet van 27 juni 1996 betreffende de afvalstoffen; ".
2° punt 2° wordt vervangen als volgt :
" 2° inzameling : het verzamelen van afgewerkte olie, inclusief de voorlopige sortering en de voorlopige opslag van afgewerkte olie, om deze daarna te vervoeren naar een afvalverwerkingsinstallatie; ";
3° punt 8° wordt vervangen als volgt :
" 8° regeneratie : iedere recyclingshandeling waardoor basisoliën kunnen worden geproduceerd door raffinage van afgewerkte olie, in het bijzonder door uit die olie de verontreinigende stoffen, oxidatieproducten en additieven te verwijderen; ".
4° punt 14° wordt opgeheven.
Art. 15. Dans l''article 1er de l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif rĂ©gional wallon du 9 avril 1992 relatif aux huiles usagĂ©es, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° le 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° huiles usagées : les huiles usagées telles que définies dans le décret du 27 juin 1996 relatif aux déchets; ";
2° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° collecte : le ramassage d'huiles usagées, y compris leur tri et stockage préliminaires, en vue de leur transport vers une installation de traitement des déchets; ";
3° le 8° est remplacé par ce qui suit :
" 8° régénération : toute opération de recyclage permettant de produire des huiles de base par un raffinage d'huiles usagées, impliquant notamment l'extraction des contaminants, des produits d'oxydation et des additifs contenus dans ces huiles; ";
4° le 14° est abrogé.
1° le 1° est remplacé par ce qui suit :
" 1° huiles usagées : les huiles usagées telles que définies dans le décret du 27 juin 1996 relatif aux déchets; ";
2° le 2° est remplacé par ce qui suit :
" 2° collecte : le ramassage d'huiles usagées, y compris leur tri et stockage préliminaires, en vue de leur transport vers une installation de traitement des déchets; ";
3° le 8° est remplacé par ce qui suit :
" 8° régénération : toute opération de recyclage permettant de produire des huiles de base par un raffinage d'huiles usagées, impliquant notamment l'extraction des contaminants, des produits d'oxydation et des additifs contenus dans ces huiles; ";
4° le 14° est abrogé.
Art. 16. In artikel 23 (Justel leest : in artikel 25) van hetzelfde besluit worden de woorden " het erkende vervoerborderel bedoeld in de artikelen 53, 84 en 112 van het besluit van de Gewestexecutieve van 23 juli 1987 betreffende de gecontroleerde stortplaatsen " vervangen door de woorden " het vervoersformulier bedoeld in artikel 24 van het besluit van de Waalse Regering van 27 februari 2003 houdende sectorale voorwaarden voor de exploitatie van centra voor technische ingraving ".
Art. 16. Dans l'article 23 (Justel lit : dans l'article 25)du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " bordereau de transport agréé visĂ© aux articles 53, 84 et 112 de l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif du 23 juillet 1987 relatif aux dĂ©charges contrĂŽlĂ©es " sont remplacĂ©s par les mots " formulaire de transport visĂ© Ă l'article 24 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 27 fĂ©vrier 2003 fixant les conditions sectorielles d'exploitation des centres d'enfouissement technique ".
HOOFDSTUK IV. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Regering van 10 juli 1997 tot opstelling van een afvalcatalogus
CHAPITRE IV. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 10 juillet 1997 Ă©tablissant un catalogue de dĂ©chets
Art. 17. § 1. Artikel 3, 2°, van het besluit van de Waalse Regering van 10 juli 1997 tot opstelling van een afvalcatalogus, gewijzigd bij het besluit van 24 januari 2002, wordt vervangen als volgt :
" 2° hetzij als het één of meer van de in bijlage III opgesomde eigenschappen vertoont en wat de punten H3 tot H8, H10 en H11 van bijlage III betreft, als het één of meer van de volgende eigenschappen vertoont :
- vlampunt van 55 °C of minder;
- één of meer als zeer giftig ingedeelde stoffen met een totale concentratie van 0,1 % of meer;
- één of meer als giftig ingedeelde stoffen met een totale concentratie van 3 % of meer;
- één of meer als schadelijk ingedeelde stoffen met een totale concentratie van 25 % of meer;
- één of meer als R 35 ingedeelde corrosieve stoffen met een totale concentratie van 1 % of meer;
- één of meer als R 34 ingedeelde corrosieve stoffen met een totale concentratie van 5 % of meer;
- één of meer als R 41 ingedeelde irriterende stoffen met een totale concentratie van 10 % of meer;
- één of meer als R 36, R 37 of R 38 ingedeelde irriterende stoffen met een totale concentratie van 20 % of meer;
- een stof waarvan bekend is dat ze kankerverwekkend is (categorie 1 of 2) met een concentratie van 0,1 % of meer;
- een stof waarvan bekend is dat ze kankerverwekkend is (categorie 3) met een concentratie van 1 % of meer;
- een als R 60 of R 61 ingedeelde voor de voortplanting vergiftige stof (categorie 1 of 2) met een concentratie van 0,5 % of meer;
- een als R 62 of R 63 ingedeelde voor de voortplanting vergiftige stof (categorie 3) met een concentratie van 5 % of meer;
- een als R 46 ingedeelde mutagene stof (categorie 1 of 2) met een concentratie van 0,1 % of meer;
- een als R 40 ingedeelde mutagene stof (categorie 3) met een concentratie van 1 % of meer. ".
" 2° hetzij als het één of meer van de in bijlage III opgesomde eigenschappen vertoont en wat de punten H3 tot H8, H10 en H11 van bijlage III betreft, als het één of meer van de volgende eigenschappen vertoont :
- vlampunt van 55 °C of minder;
- één of meer als zeer giftig ingedeelde stoffen met een totale concentratie van 0,1 % of meer;
- één of meer als giftig ingedeelde stoffen met een totale concentratie van 3 % of meer;
- één of meer als schadelijk ingedeelde stoffen met een totale concentratie van 25 % of meer;
- één of meer als R 35 ingedeelde corrosieve stoffen met een totale concentratie van 1 % of meer;
- één of meer als R 34 ingedeelde corrosieve stoffen met een totale concentratie van 5 % of meer;
- één of meer als R 41 ingedeelde irriterende stoffen met een totale concentratie van 10 % of meer;
- één of meer als R 36, R 37 of R 38 ingedeelde irriterende stoffen met een totale concentratie van 20 % of meer;
- een stof waarvan bekend is dat ze kankerverwekkend is (categorie 1 of 2) met een concentratie van 0,1 % of meer;
- een stof waarvan bekend is dat ze kankerverwekkend is (categorie 3) met een concentratie van 1 % of meer;
- een als R 60 of R 61 ingedeelde voor de voortplanting vergiftige stof (categorie 1 of 2) met een concentratie van 0,5 % of meer;
- een als R 62 of R 63 ingedeelde voor de voortplanting vergiftige stof (categorie 3) met een concentratie van 5 % of meer;
- een als R 46 ingedeelde mutagene stof (categorie 1 of 2) met een concentratie van 0,1 % of meer;
- een als R 40 ingedeelde mutagene stof (categorie 3) met een concentratie van 1 % of meer. ".
Art. 17. § 1er. L'article 3, 2°, de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 10 juillet 1997 Ă©tablissant un catalogue de dĂ©chets, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 24 janvier 2002, est remplacĂ© par ce qui suit :
" 2° soit s'il possÚde une ou des caractéristiques figurant à l'annexe III et en ce qui concerne les points H3 à H8, H10 et H11 de l'annexe III, s'il possÚde une ou plusieurs des caractéristiques suivantes :
- le point d'éclair est inférieur ou égal à 55 °C;
- ils contiennent une ou plusieurs substances classées comme trÚs toxiques à une concentration totale égale ou supérieure à 0,1 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances classées comme toxiques à une concentration totale égale ou supérieure à 3 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances classées comme nocives à une concentration totale égale ou supérieure à 25 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances corrosives de la classe R35 à une concentration totale égale ou supérieure à 1 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances corrosives de la classe R34 à une concentration totale égale ou supérieure à 5 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances irritantes de la classe R41 à une concentration totale égale ou supérieure à 10 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances irritantes des classes R36, R37, R38 à une concentration totale égale ou supérieure à 20 %;
- ils contiennent une substance reconnue comme étant cancérigÚne, des catégories 1 ou 2, à une concentration égale ou supérieure à 0,1 %;
- ils contiennent une substance reconnue comme étant cancérigÚne, de la catégorie 3, à une concentration égale ou supérieure à 1 %;
- ils contiennent une substance toxique pour la reproduction, des catégories 1 ou 2, des classes R60, R61 à une concentration égale ou supérieure à 0,5 %;
- ils contiennent une substance toxique pour la reproduction, de catégorie 3, des classes R62, R63 à une concentration égale ou supérieure à 5 %;
- ils contiennent une substance mutagÚne, des catégories 1 ou 2 de la classe R46 à une concentration égale ou supérieure à 0,1 %;
- ils contiennent une substance mutagÚne, de la catégorie 3, de la classe R40 à une concentration égale ou supérieure à 1 % . ".
" 2° soit s'il possÚde une ou des caractéristiques figurant à l'annexe III et en ce qui concerne les points H3 à H8, H10 et H11 de l'annexe III, s'il possÚde une ou plusieurs des caractéristiques suivantes :
- le point d'éclair est inférieur ou égal à 55 °C;
- ils contiennent une ou plusieurs substances classées comme trÚs toxiques à une concentration totale égale ou supérieure à 0,1 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances classées comme toxiques à une concentration totale égale ou supérieure à 3 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances classées comme nocives à une concentration totale égale ou supérieure à 25 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances corrosives de la classe R35 à une concentration totale égale ou supérieure à 1 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances corrosives de la classe R34 à une concentration totale égale ou supérieure à 5 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances irritantes de la classe R41 à une concentration totale égale ou supérieure à 10 %;
- ils contiennent une ou plusieurs substances irritantes des classes R36, R37, R38 à une concentration totale égale ou supérieure à 20 %;
- ils contiennent une substance reconnue comme étant cancérigÚne, des catégories 1 ou 2, à une concentration égale ou supérieure à 0,1 %;
- ils contiennent une substance reconnue comme étant cancérigÚne, de la catégorie 3, à une concentration égale ou supérieure à 1 %;
- ils contiennent une substance toxique pour la reproduction, des catégories 1 ou 2, des classes R60, R61 à une concentration égale ou supérieure à 0,5 %;
- ils contiennent une substance toxique pour la reproduction, de catégorie 3, des classes R62, R63 à une concentration égale ou supérieure à 5 %;
- ils contiennent une substance mutagÚne, des catégories 1 ou 2 de la classe R46 à une concentration égale ou supérieure à 0,1 %;
- ils contiennent une substance mutagÚne, de la catégorie 3, de la classe R40 à une concentration égale ou supérieure à 1 % . ".
Art. 18. In artikel 4, van hetzelfde besluit worden de woorden " artikel 3, 2°, a) " vervangen door de woorden " artikel 3, 2 ".
Art. 18. Dans l'article 4 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " l'article 3, 2°, a) " sont remplacĂ©s par les mots " l'article 3, 2° ".
Art. 19. In artikel 8 van hetzelfde besluit wordt een tweede lid toegevoegd, luidend als volgt :
" In het geval dat de Dienst het niet-gevaarlijk karakter van een afvalstof erkend die door artikel 3, 1° als gevaarlijk wordt beschouwd, moet hij de Europese Commissie hiervan onmiddellijk op de hoogte brengen en de nodige bewijsstukken verstrekken. ".
" In het geval dat de Dienst het niet-gevaarlijk karakter van een afvalstof erkend die door artikel 3, 1° als gevaarlijk wordt beschouwd, moet hij de Europese Commissie hiervan onmiddellijk op de hoogte brengen en de nodige bewijsstukken verstrekken. ".
Art. 19. A l'article 8 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est ajoutĂ© un deuxiĂšme alinĂ©a rĂ©digĂ© comme suit :
" Dans le cas oĂč l'Office reconnaĂźt le caractĂšre non dangereux d'un dĂ©chet identifiĂ© comme dangereux par l'article 3, 1°, il doit en avertir la Commission europĂ©enne sans dĂ©lai en lui fournissant les preuves nĂ©cessaires. ".
" Dans le cas oĂč l'Office reconnaĂźt le caractĂšre non dangereux d'un dĂ©chet identifiĂ© comme dangereux par l'article 3, 1°, il doit en avertir la Commission europĂ©enne sans dĂ©lai en lui fournissant les preuves nĂ©cessaires. ".
Art. 20. Hetzelfde besluit wordt met een artikel 8bis aangevuld, luidend als volgt :
" Art. 8bis. De herindeling van gevaarlijke afvalstoffen als niet-gevaarlijke afvalstoffen mag niet plaatsvinden na verdunning of vermenging met het oogmerk om de oorspronkelijke concentraties van gevaarlijke stoffen onder de drempelwaarde voor kenmerking als gevaarlijk te brengen. ".
" Art. 8bis. De herindeling van gevaarlijke afvalstoffen als niet-gevaarlijke afvalstoffen mag niet plaatsvinden na verdunning of vermenging met het oogmerk om de oorspronkelijke concentraties van gevaarlijke stoffen onder de drempelwaarde voor kenmerking als gevaarlijk te brengen. ".
Art. 20. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est ajoutĂ© un article 8bis rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 8bis. Le déclassement de déchets dangereux en déchets non dangereux ne peut pas se faire par dilution ou mélange en vue d'une diminution des concentrations initiales en substances dangereuses sous les seuils définissant le caractÚre dangereux d'un déchet. ".
" Art. 8bis. Le déclassement de déchets dangereux en déchets non dangereux ne peut pas se faire par dilution ou mélange en vue d'une diminution des concentrations initiales en substances dangereuses sous les seuils définissant le caractÚre dangereux d'un déchet. ".
Art. 21. In bijlage I bij hetzelfde besluit wordt " B " vervangen door " NB " tegenover code 03 03 02 in de kolom " Biologisch of niet-biologisch afbreekbare organische afvalstoffen ".
Art. 21. A l'annexe Ire du mĂȘme arrĂȘtĂ©, " B " est remplacĂ© par " NB " en vis-Ă -vis du code 03 03 02 dans la colonne " dĂ©chets organiques biodĂ©gradables ou non biodĂ©gradables ".
Art. 22. Bijlage II bij hetzelfde besluit wordt opgeheven.
Art. 22. L'annexe II du mĂȘme arrĂȘtĂ© est abrogĂ©e.
Art. 23. Bijlage III bij hetzelfde besluit wordt vervangen door de bijlage bij dit besluit.
Art. 23. L'annexe III du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ©e par l'annexe jointe au prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
HOOFDSTUK V. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 9 april 1992 betreffende de polychloorbifenylen en polychloorterfenylen
CHAPITRE V. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif rĂ©gional wallon du 9 avril 1992 relatif aux polychlorobiphĂ©nyles et aux polychloroterphĂ©nyles
Art. 24. In artikel 6 van het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 9 april 1992 betreffende de polychloorbifenylen en polychloorterfenylen, gewijzigd bij het besluit van 4 juli 2002, wordt het woord " professionele " ingevoegd tussen de woorden " Elke " en " ophaler ".
Art. 24. A l'article 6 de l'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif rĂ©gional wallon du 9 avril 1992 relatif aux polychlorobiphĂ©nyles et aux polychloroterphĂ©nyles, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 4 juillet 2002, les mots " Ă titre professionnel " sont insĂ©rĂ©s entre les mots " PCB/PCT " et " doit ".
HOOFDSTUK VI. - Wijziging in het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002
CHAPITRE VI. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 4 juillet 2002 relatif Ă la procĂ©dure et Ă diverses mesures d'exĂ©cution du dĂ©cret du 11 mars 1999 relatif au permis d'environnement
Art. 25. In artikel 19 van het besluit van de Waalse Regering van 4 juli 2002 betreffende de procedure en diverse maatregelen voor de uitvoering van het decreet van 11 maart 1999 betreffende de milieuvergunning, gewijzigd bij het besluit van 27 november 2008, bij het besluit van 12 februari 2009, bij het besluit van 27 mei 2009 en bij het besluit van 10 februari 2011, wordt tussen het vijfde en het zesde lid, een lid ingevoegd, luidend als volgt :
" De beslissing waarbij een milieuvergunning wordt toegekend voor verbrandings en/of medeverbrandingsinstallaties vermeldt de voorziene maatregelen die ervoor moeten zorgen dat de terugwinning van energie plaatsvindt met hoge energie-efficiëntie. ".
" De beslissing waarbij een milieuvergunning wordt toegekend voor verbrandings en/of medeverbrandingsinstallaties vermeldt de voorziene maatregelen die ervoor moeten zorgen dat de terugwinning van energie plaatsvindt met hoge energie-efficiëntie. ".
Art. 25. Dans l'article 19 de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 4 juillet 2002 relatif Ă la procĂ©dure et Ă diverses mesures d'exĂ©cution du dĂ©cret du 11 mars 1999 relatif au permis d'environnement, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 27 novembre 2008, par l'arrĂȘtĂ© du 12 fĂ©vrier 2009, par l'arrĂȘtĂ© du 27 mai 2009 et par l'arrĂȘtĂ© du 10 fĂ©vrier 2011, il est insĂ©rĂ© entre les alinĂ©as 5 et 6, un alinĂ©a rĂ©digĂ© comme suit :
" La décision accordant le permis d'environnement pour une installation d'incinération et/ou de coïncinération de déchets mentionne les mesures prévues pour assurer une efficacité énergétique élevée de la valorisation des déchets. ".
" La décision accordant le permis d'environnement pour une installation d'incinération et/ou de coïncinération de déchets mentionne les mesures prévues pour assurer une efficacité énergétique élevée de la valorisation des déchets. ".
Art. 26. In artikel 46 van hetzelfde besluit wordt tussen het vijfde en het zesde lid volgend lid ingevoegd :
" De beslissing waarbij een éénmalige vergunning wordt toegekend voor verbrandings en/of meeverbrandingsinstallaties vermeldt de voorziene maatregelen die ervoor moeten zorgen dat de terugwinning van energie plaatsvindt met hoge energie-efficiëntie. ".
" De beslissing waarbij een éénmalige vergunning wordt toegekend voor verbrandings en/of meeverbrandingsinstallaties vermeldt de voorziene maatregelen die ervoor moeten zorgen dat de terugwinning van energie plaatsvindt met hoge energie-efficiëntie. ".
Art. 26. A l'article 46 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© entre les alinĂ©as 5 et 6, un alinĂ©a rĂ©digĂ© comme suit :
" La décision accordant le permis unique pour une installation d'incinération et/ou de coïncinération de déchets mentionne les mesures prévues pour assurer une efficacité énergétique élevée de la valorisation des déchets. ".
" La décision accordant le permis unique pour une installation d'incinération et/ou de coïncinération de déchets mentionne les mesures prévues pour assurer une efficacité énergétique élevée de la valorisation des déchets. ".
Art. 27. Bijlage XVII bij hetzelfde besluit wordt aangevuld met een punt e), luidend als volgt :
" e) wanneer de aanvraag een verbrandings en/of meeverbrandingsinstallaties met terugwinning van energie betreft, vertoont deze terugwinning een hoge energie-efficiëntie. ".
" e) wanneer de aanvraag een verbrandings en/of meeverbrandingsinstallaties met terugwinning van energie betreft, vertoont deze terugwinning een hoge energie-efficiëntie. ".
Art. 27. A l'annexe XVII du mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est ajoutĂ© un point e) rĂ©digĂ© comme suit :
" e) lorsque la demande concerne une installation d'incinération et/ou de coïncinération de déchets avec valorisation énergétique, cette valorisation présente une efficacité énergétique élevée. ".
" e) lorsque la demande concerne une installation d'incinération et/ou de coïncinération de déchets avec valorisation énergétique, cette valorisation présente une efficacité énergétique élevée. ".
HOOFDSTUK VII. - Wijzigingen in het besluit van de Waalse Regering van 13 november 2003 betreffende de registratie van ophalers en vervoerders van andere dan gevaarlijke afvalstoffen
CHAPITRE VII. - Modifications apportĂ©es Ă l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 13 novembre 2003 relatif Ă l'enregistrement des collecteurs et des transporteurs de dĂ©chets autres que dangereux
Art. 28. In het opschrift van het besluit van de Waalse Regering van 13 november 2003 betreffende de registratie van ophalers en vervoerders van andere dan gevaarlijke afvalstoffen worden de woorden " , makelaars, handelaars " ingevoegd tussen de woorden " ophalers " en " en vervoerders ".
Art. 28. Dans l'intitulĂ© de l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 13 novembre 2003 relatif Ă l'enregistrement des collecteurs et des transporteurs de dĂ©chets autres que dangereux, les mots " , des courtiers, des nĂ©gociants " sont insĂ©rĂ©s entre les mots " collecteurs " et " et transporteurs de dĂ©chets ".
Art. 29. Het opschrift van hoofdstuk II van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
" Hoofdstuk II.- Registratie van ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars van andere dan gevaarlijke afvalstoffen ".
" Hoofdstuk II.- Registratie van ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars van andere dan gevaarlijke afvalstoffen ".
Art. 29. L'intitulĂ© du Chapitre II du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
" Chapitre II. - De l'enregistrement des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants de déchets autres que dangereux. ".
" Chapitre II. - De l'enregistrement des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants de déchets autres que dangereux. ".
Art. 30. Artikel 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van 12 juli 2007, wordt aangevuld met een laatste lid, luidend als volg :
" Deze registratie wordt vereist voor het uitoefenen van de activiteiten van makelaar en handelaar in afvalstoffen. ".
" Deze registratie wordt vereist voor het uitoefenen van de activiteiten van makelaar en handelaar in afvalstoffen. ".
Art. 30. A l'article 2 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© du 12 juillet 2007, un dernier alinĂ©a est ajoutĂ© comme suit :
" Le mĂȘme enregistrement est requis pour l'exercice des activitĂ©s de courtier et nĂ©gociant en dĂ©chets. ".
" Le mĂȘme enregistrement est requis pour l'exercice des activitĂ©s de courtier et nĂ©gociant en dĂ©chets. ".
Art. 31. Artikel 3 van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
" Art. 3. De lijst van de geregistreerde ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars wordt jaarlijks bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. ".
" Art. 3. De lijst van de geregistreerde ophalers, vervoerders, makelaars en handelaars wordt jaarlijks bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. ".
Art. 31. L'article 3 du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
" Art. 3. La liste des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants enregistrés est publiée annuellement au Moniteur belge. ".
" Art. 3. La liste des collecteurs, transporteurs, courtiers et négociants enregistrés est publiée annuellement au Moniteur belge. ".
Art. 32. In artikelen 4, § 1, van hetzelfde besluit, worden de woorden " De registratieaanvraag wordt bij ter post aangetekend schrijven met bericht van ontvangst aan de Dienst gericht of tegen ontvangstbewijs bij de Dienst afgegeven " vervangen door de woorden " De registratieaanvraag wordt aan de Dienst gericht, hetzij bij aangetekend schrijven met bericht van ontvangst, hetzij via elke gelijksoortige formule die de verzend- en de ontvangstdatum van de akte waarborgen ".
Art. 32. Dans l'article 4, § 1er, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " par lettre recommandĂ©e Ă la poste avec accusĂ© de rĂ©ception ou remise contre rĂ©cĂ©pissĂ© " sont remplacĂ©s par les mots " soit par lettre recommandĂ©e avec accusĂ© de rĂ©ception, soit par le recours Ă toute formule similaire permettant de donner date certaine Ă l'envoi et Ă la rĂ©ception de l'acte ".
Art. 33. Artikel 4, § 2, 2°, e), van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt :
" e) een korte omschrijving van de technische en menselijke middelen ingezet voor de activiteiten waarvoor de registratie wordt aangevraagd. ".
" e) een korte omschrijving van de technische en menselijke middelen ingezet voor de activiteiten waarvoor de registratie wordt aangevraagd. ".
Art. 33. L'article 4, § 2, 2°, e), du mĂȘme arrĂȘtĂ© est remplacĂ© par ce qui suit :
" e) une description succincte des moyens techniques et humains affectés aux activités pour lequel l'enregistrement est sollicité. ".
" e) une description succincte des moyens techniques et humains affectés aux activités pour lequel l'enregistrement est sollicité. ".
Art. 34. In artikel 5, vierde lid, van hetzelfde besluit, worden de woorden " per post " vervangen door de woorden " hetzij bij aangetekend schrijven met bericht van ontvangst, hetzij via elke gelijksoortige formule die de verzend- en de ontvangstdatum van de akte waarborgen ".
Art. 34. Dans l'article 5, alinĂ©a 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " par lettre Ă la poste " sont remplacĂ©s par les mots " soit par lettre recommandĂ©e avec accusĂ© de rĂ©ception, soit par le recours Ă toute formule similaire permettant de donner date certaine Ă l'envoi et Ă la rĂ©ception de l'acte ".
Art. 35. In de artikelen 7, 9 en 11, van hetzelfde besluit, worden de woorden " bij ter post aangetekend schrijven " vervangen door de woorden " hetzij bij aangetekend schrijven met bericht van ontvangst, hetzij via elke gelijksoortige formule die de verzend- en de ontvangstdatum van de akte waarborgen ".
Art. 35. Dans les articles 7, 9 et 11 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " par lettre recommandĂ©e Ă la poste " sont remplacĂ©s par les mots " soit par lettre recommandĂ©e avec accusĂ© de rĂ©ception, soit par le recours Ă toute formule similaire permettant de donner date certaine Ă l'envoi et Ă la rĂ©ception de l'acte ".
HOOFDSTUK VIII. - Slot- en opheffingsbepalingen
CHAPITRE VIII. - Dispositions finales et abrogatoires
Art. 36. Het besluit van de Waalse Gewestexecutieve van 14 juni 1990 houdende bepaling van de regels van het openbaar onderzoek met betrekking tot de planning van de verwijdering van afvalstoffen wordt opgeheven.
Art. 36. L'arrĂȘtĂ© de l'ExĂ©cutif rĂ©gional wallon du 14 juin 1990 Ă©tablissant les rĂšgles de l'enquĂȘte publique relative Ă la planification de l'Ă©limination des dĂ©chets est abrogĂ©.
Art. 37. Voor artikel 27 worden de vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit ingediende vergunningsaanvragen alsmede de desbetreffende administratieve beroepen behandeld volgens de regels van kracht op de datum van indiening van de aanvraag.
Art. 37. Pour l'article 27, les demandes de permis introduites avant la date d'entrĂ©e en vigueur du prĂ©sent arrĂȘtĂ© ainsi que les recours administratifs y relatifs sont traitĂ©s selon les rĂšgles en vigueur au jour de l'introduction de la demande.
Art. 38. De Minister van Leefmilieu is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 38. Le Ministre de l'Environnement est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘtĂ©.
Namen, 10 mei 2012.
De Minister-President,
R. DEMOTTE
De Minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit,
Ph. HENRY
De Minister-President,
R. DEMOTTE
De Minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit,
Ph. HENRY
Namur, le 10 mai 2012.
Le Ministre-Président,
R. DEMOTTE
Le Ministre de l'Environnement, de l'Aménagement du Territoire et de la Mobilité,
Ph. HENRY
Le Ministre-Président,
R. DEMOTTE
Le Ministre de l'Environnement, de l'Aménagement du Territoire et de la Mobilité,
Ph. HENRY
BIJLAGE.
ANNEXE.
Art. N. " Bijlage III. - Gevaarlijke eigenschappen van afvalstoffen
Art. N. Annexe III. - Caractéristiques de danger pour les déchets
| H1 | Ontplofbaar | stoffen en preparaten die bij aanraking met een vlam kunnen ontploffen of voor stoten of wrijving gevoeliger zijn dan dinitrobenzeen. |
| H2 | Oxiderend | stoffen en preparaten die bij aanraking met andere stoffen, met name ontvlambare stoffen, sterk exotherm kunnen reageren. |
| H3-A. | Licht ontvlambaar | vloeibare stoffen en preparaten die een vlampunt beneden 21 °C hebben (zeer licht ontvlambare vloeistoffen inbegrepen); of - stoffen en preparaten die, bij normale temperatuur aan de lucht blootgesteld, zonder toevoer van energie in temperatuur kunnen stijgen en ten slotte kunnen ontbranden; of - vaste stoffen en preparaten die, door kortstondige inwerking van een ontstekingsbron, gemakkelijk kunnen worden ontstoken en na verwijdering van de ontstekingsbron blijven branden of gloeien; of - gasvormige stoffen en preparaten die bij normale druk met lucht ontvlambaar zijn; of - stoffen en preparaten die bij aanraking met water of vochtige lucht, licht ontvlambare gassen in een gevaarlijke hoeveelheid ontwikkelen. |
| H3-B. | Ontvlambaar | vloeibare stoffen en preparaten die een vlampunt van ten minste 21 °C en ten hoogste 55 °C hebben. |
| H4 | Irriterend | niet-corrosieve stoffen en preparaten die door directe, langdurige, of herhaalde aanraking met de huid of de slijmvliezen een ontsteking kunnen veroorzaken. |
| H5 | Schadelijk | stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid gevaren van beperkte aard kunnen opleveren. |
| H6 | Giftig | stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid ernstige, acute of chronische gevaren en zelfs de dood kunnen veroorzaken (zeer giftige stoffen en preparaten inbegrepen). |
| H7 | Kankerverwekkend | stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid kanker veroorzaken of de frequentie van kanker kunnen doen toenemen. |
| H8 | Corrosief | stoffen en preparaten die bij aanraking een vernietigende werking op levende weefsels kunnen uitoefenen. |
| H9 | Infectieus | stoffen en preparaten die levensvatbare micro-organismen of hun toxinen bevatten waarvan bekend is of waarvan sterk wordt vermoed dat zij ziekten bij de mens of bij andere levende organismen veroorzaken. |
| H10 | Vergiftig voor de voortplanting | stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid niet-erfelijke misvormingen veroorzaken of de frequentie daarvan kunnen doen toenemen. |
| H11 | Mutageen | stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid erfelijke genetische schade veroorzaken of de frequentie daarvan kunnen doen toenemen. |
| H12 | Afvalstoffen | die in contact met water, lucht of zuur vergiftig of zeer vergiftig gas ontwikkelen. |
| H13 | Sensibiliserend | stoffen en preparaten die bij inademing of bij opneming via de huid aanleiding kunnen geven tot een zodanige reactie van hypersensibilisatie dat latere blootstelling aan de stof of het preparaat karakteristieke nadelige effecten veroorzaakt. |
| H14 | Ecotoxisch | stoffen en preparaten waarvan het gebruik onmiddellijk of na verloop van tijd gevaar voor één of meer sectoren van het milieu kan opleveren. |
| H15 | Stoffen en preparaten die na verwijdering op de een of andere wijze een andere stof doen ontstaan (bijvoorbeeld een uitlogingsproduct) die een van de bovengenoemde eigenschappen bezit. |
of
- stoffen en preparaten die, bij normale temperatuur aan de lucht blootgesteld, zonder toevoer van energie in temperatuur kunnen stijgen en ten slotte kunnen ontbranden;
of
- vaste stoffen en preparaten die, door kortstondige inwerking van een ontstekingsbron, gemakkelijk kunnen worden ontstoken en na verwijdering van de ontstekingsbron blijven branden of gloeien;
of
- gasvormige stoffen en preparaten die bij normale druk met lucht ontvlambaar zijn;
of
- stoffen en preparaten die bij aanraking met water of vochtige lucht, licht ontvlambare gassen in een gevaarlijke hoeveelheid ontwikkelen.H3-B. Ontvlambaar vloeibare stoffen en preparaten die een vlampunt van ten minste 21 °C en ten hoogste 55 °C hebben. H4 Irriterend niet-corrosieve stoffen en preparaten die door directe, langdurige, of herhaalde aanraking met de huid of de slijmvliezen een ontsteking kunnen veroorzaken. H5 Schadelijk stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid gevaren van beperkte aard kunnen opleveren. H6 Giftig stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid ernstige, acute of chronische gevaren en zelfs de dood kunnen veroorzaken (zeer giftige stoffen en preparaten inbegrepen). H7 Kankerverwekkend stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid kanker veroorzaken of de frequentie van kanker kunnen doen toenemen. H8 Corrosief stoffen en preparaten die bij aanraking een vernietigende werking op levende weefsels kunnen uitoefenen.H9 Infectieus stoffen en preparaten die levensvatbare micro-organismen of hun toxinen bevatten waarvan bekend is of waarvan sterk wordt vermoed dat zij ziekten bij de mens of bij andere levende organismen veroorzaken. H10 Vergiftig voor de voortplanting stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid niet-erfelijke misvormingen veroorzaken of de frequentie daarvan kunnen doen toenemen. H11 Mutageen stoffen en preparaten die door inademing of door opneming via de mond of de huid erfelijke genetische schade veroorzaken of de frequentie daarvan kunnen doen toenemen. H12 Afvalstoffen die in contact met water, lucht of zuur vergiftig of zeer vergiftig gas ontwikkelen. H13 Sensibiliserend stoffen en preparaten die bij inademing of bij opneming via de huid aanleiding kunnen geven tot een zodanige reactie van hypersensibilisatie dat latere blootstelling aan de stof of het preparaat karakteristieke nadelige effecten veroorzaakt.H14 Ecotoxisch stoffen en preparaten waarvan het gebruik onmiddellijk of na verloop van tijd gevaar voor één of meer sectoren van het milieu kan opleveren. H15 Stoffen en preparaten die na verwijdering op de een of andere wijze een andere stof doen ontstaan (bijvoorbeeld een uitlogingsproduct) die een van de bovengenoemde eigenschappen bezit.
De gevaarlijke eigenschappen " vergiftig " (en " zeer vergiftig "), " schadelijk ", " corrosief ", " irriterend ", " kankerverwekkend ", " vergiftig voor de voortplanting ", " mutageen " en " ecotoxisch " worden toegeschreven volgens de criteria van bijlage VI van het koninklijk besluit van 24 mei 1982 houdende reglementering van het in de handel brengen van stoffen die gevaarlijk kunnen zijn voor de mens of voor zijn leefmilieu.
Waar dit relevant is, gelden de grenswaarden die zijn vermeld in de delen B en C van bijlage I bij het koninklijk besluit van 11 januari 1993 tot regeling van de indeling, de verpakking en het kenmerken van gevaarlijke preparaten met het oog op het op de markt brengen of het gebruik ervan.
Testmethoden
De te gebruiken methoden zijn omschreven in de Verordening van de Commissie betreffende de testmethoden, zoals bepaald in artikel 13, paragraaf 2, van Verordening (EG) 1907/2006 inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), tot oprichting van een Europees Agentschap voor chemische stoffen, en in andere relevante nota's van het Europees Comité voor Normalisatie (CEN).
Gezien om te worden gevoegd bij het Besluit van de Waalse Regering van 10 mei 2012 tot wijziging van verscheidene besluiten van de Waalse Regering inzake de afvalstoffen.
Namen, 10 mei 2012.
De Minister-President,
R. DEMOTTE
De Minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit,
Ph. HENRY
| H1 | Explosif | substances et préparations pouvant exploser sous l'effet de la flamme ou qui sont plus sensibles aux chocs ou aux frottements que le dinitrobenzÚne. |
| H2 | Comburant | substances et préparations qui, au contact d'autres substances, notamment de substances inflammables, présentent une réaction fortement exothermique. |
| H3-A. | Facilement inflammable | substances et prĂ©parations Ă l'Ă©tat liquide (y compris les liquides extrĂȘmement inflammables), dont le point Ă©clair est infĂ©rieur Ă 21 °C; ou - substances et prĂ©parations pouvant s'Ă©chauffer au point de s'enflammer Ă l'air Ă tempĂ©rature ambiante sans apport d'Ă©nergie; ou - substances et prĂ©parations Ă l'Ă©tat solide qui peuvent s'enflammer facilement par une brĂšve action d'une source d'inflammation et qui continuent Ă brĂ»ler ou Ă se consumer aprĂšs l'Ă©loignement de la source d'inflammation; ou - substances et prĂ©parations Ă l'Ă©tat gazeux qui sont inflammables Ă l'air Ă une pression normale; ou - substances et prĂ©parations qui, au contact de l'eau ou de l'air humide, produisent des gaz facilement inflammables en quantitĂ©s dangereuses. |
| H3-B. | Inflammable | substances et préparations liquides, dont le point d'éclair est égal ou supérieur à 21 °C et inférieur ou égal à 55 °C. |
| H4 | Irritant | substances et préparations non corrosives qui, par contact immédiat, prolongé ou répété avec la peau ou les muqueuses, peuvent provoquer une réaction inflammatoire. |
| H5 | Nocif | substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent entraßner des risques de gravité limitée. |
| H6 | Toxique | substances et préparations (y compris les substances et préparations trÚs toxiques) qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent entraßner des risques graves, aigus ou chroniques, voire la mort. |
| H7 | CancérigÚne | substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent produire le cancer ou en augmenter la fréquence. |
| H8 | Corrosif | substances et préparations qui, en contact avec des tissus vivants, peuvent exercer une action destructrice sur ces derniers. |
| H9 | Infectieux | substances et préparations contenant des micro-organismes viables ou leurs toxines, dont on sait ou dont on a de bonnes raisons de croire qu'ils causent la maladie chez l'homme ou chez d'autres organismes vivants. |
| H10 | Toxique pour la reproduction | substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent produire des malformations congénitales non héréditaires ou en augmenter la fréquence. |
| H11 | MutagÚne | substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent produire des défauts génétiques héréditaires ou en augmenter la fréquence. |
| H12 | Déchets | qui, au contact de l'eau, de l'air ou d'un acide, dégagent un gaz toxique ou trÚs toxique. |
| H13 | Sensibilisant | substances et préparations qui, par inhalation ou pénétration cutanée, peuvent donner lieu à une réaction d'hypersensibilisation telle qu'une nouvelle exposition à la substance ou à la préparation produit des effets néfastes caractéristiques. |
| H14 | Ecotoxique | substances et préparations qui peuvent présenter des risques immédiats ou différés pour une ou plusieurs composantes de l'environnement. |
| H15 | Substances et préparations susceptibles, aprÚs élimination, de donner naissance, par quelque moyen que ce soit, à une autre substance, par exemple un produit de lixiviation, qui possÚde l'une des caractéristiques nommées ci-avant. |
ou
- substances et préparations pouvant s'échauffer au point de s'enflammer à l'air à température ambiante sans apport d'énergie;
ou
- substances et préparations à l'état solide qui peuvent s'enflammer facilement par une brÚve action d'une source d'inflammation et qui continuent à brûler ou à se consumer aprÚs l'éloignement de la source d'inflammation;
ou
- substances et préparations à l'état gazeux qui sont inflammables à l'air à une pression normale;
ou
- substances et préparations qui, au contact de l'eau ou de l'air humide, produisent des gaz facilement inflammables en quantités dangereuses.H3-B. Inflammable substances et préparations liquides, dont le point d'éclair est égal ou supérieur à 21 °C et inférieur ou égal à 55 °C. H4 Irritant substances et préparations non corrosives qui, par contact immédiat, prolongé ou répété avec la peau ou les muqueuses, peuvent provoquer une réaction inflammatoire. H5 Nocif substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent entraßner des risques de gravité limitée. H6 Toxique substances et préparations (y compris les substances et préparations trÚs toxiques) qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent entraßner des risques graves, aigus ou chroniques, voire la mort. H7 CancérigÚne substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent produire le cancer ou en augmenter la fréquence.H8 Corrosif substances et préparations qui, en contact avec des tissus vivants, peuvent exercer une action destructrice sur ces derniers. H9 Infectieux substances et préparations contenant des micro-organismes viables ou leurs toxines, dont on sait ou dont on a de bonnes raisons de croire qu'ils causent la maladie chez l'homme ou chez d'autres organismes vivants. H10 Toxique pour la reproduction substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent produire des malformations congénitales non héréditaires ou en augmenter la fréquence. H11 MutagÚne substances et préparations qui, par inhalation, ingestion ou pénétration cutanée, peuvent produire des défauts génétiques héréditaires ou en augmenter la fréquence. H12 Déchets qui, au contact de l'eau, de l'air ou d'un acide, dégagent un gaz toxique ou trÚs toxique. H13 Sensibilisant substances et préparations qui, par inhalation ou pénétration cutanée, peuvent donner lieu à une réaction d'hypersensibilisation telle qu'une nouvelle exposition à la substance ou à la préparation produit des effets néfastes caractéristiques. H14 Ecotoxique substances et préparations qui peuvent présenter des risques immédiats ou différés pour une ou plusieurs composantes de l'environnement. H15 Substances et préparations susceptibles, aprÚs élimination, de donner naissance, par quelque moyen que ce soit, à une autre substance, par exemple un produit de lixiviation, qui possÚde l'une des caractéristiques nommées ci-avant.
L'attribution des caractĂ©ristiques de danger " toxique " (et " trĂšs toxique "), " nocif ", " corrosif ", " irritant ", " cancĂ©rogĂšne ", " toxique pour la reproduction ", " mutagĂšne " et " Ă©cotoxique " rĂ©pond aux critĂšres fixĂ©s par l'annexe VI de l'arrĂȘtĂ© royal du 24 mai 1982 rĂ©glementant la mise sur le marchĂ© de substances pouvant ĂȘtre dangereuses pour l'homme ou son environnement.
Lorsqu'il y a lieu, les valeurs limites figurant aux parties B et C de l'annexe Ire de l'arrĂȘtĂ© royal du 11 janvier 1993 rĂ©glementant la classification, l'emballage et l'Ă©tiquetage des prĂ©parations dangereuses en vue de leur mise sur le marchĂ© ou de leur emploi s'appliquent.
Méthodes d'essai
Les méthodes à utiliser sont décrites le rÚglement de la Commission concernant les méthodes d'essai, tel que spécifié à l'article 13, paragraphe 2, du RÚglement (CE) n° 1907/2006 concernant l'enregistrement, l'évaluation et l'autorisation des substances chimiques ainsi que les restrictions applicables à ces substances (REACH), et instituant une agence européenne des produits chimiques, et dans d'autres notes pertinentes du Comité européen de normalisation (CEN).
Vu pour ĂȘtre annexĂ© Ă l'arrĂȘtĂ© du Gouvernement wallon du 10 mai 2012 modifiant divers arrĂȘtĂ©s du Gouvernement wallon en matiĂšre de dĂ©chets.
Namur, le 10 mai 2012.
Le Ministre-Président,
R. DEMOTTE
Le Ministre de l'Environnement, de l'Aménagement du Territoire et de la Mobilité,
Ph. HENRY