Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
1° decreet : het decreet van 30 april 2009 betreffende het secundair-na-secundair onderwijs en het hoger beroepsonderwijs;
2° Commissie HBO : de commissie vermeld in Titel I, Hoofdstuk II, Afdeling I van het decreet;
3° afdeling : de afdeling Hoger Onderwijs van het Departement Onderwijs en Vorming van het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming;
4° instelling : een onderwijsinstelling die, krachtens het decreet, één of meer opleidingen aanbiedt die leiden tot een kwalificatie van niveau 5 van de Vlaamse kwalificatiestructuur;
5° minister : de Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs;
6° advies onderwijskwalificatie : advies bedoeld in Titel I, Hoofdstuk II, Afdeling I, artikel 8 van het decreet;
7° advies macrodoelmatigheid : advies bedoeld in Titel I, Hoofdstuk II, Afdeling I, artikel 9 van het decreet;
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
17 DECEMBER 2010. - Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de oprichting, de samenstelling en de werking van de Commissie HBO
Titre
17 DECEMBRE 2010. - Arrêté du Gouvernement flamand relatif à la création, la composition et le fonctionnement de la 'Commissie HBO' (Commission de l'Enseignement supérieur professionnel HBO-5)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (13)
Texte (13)
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
1° décret : le décret du 30 avril 2009 relatif à l'enseignement secondaire après secondaire et l'enseignement supérieur professionnel HBO-5;
2° Commissie HBO (Commission de l'Enseignement supérieur professionnel HBO-5) : la commission visée au Titre Ier, Chapitre II, Section Ire, du décret;
3° division : la Division de l'Enseignement supérieur du Département de l'Enseignement et de la Formation du Ministère flamand de l'Enseignement et de la Formation;
4° institution : un établissement d'enseignement qui, en vertu du décret, offre une ou plusieurs formations conduisant à une certification de niveau 5 de la structure flamande des certifications;
5° Ministre : le Ministre flamand chargé de l'enseignement;
6° avis sur la qualification d'enseignement : l'avis visé au Titre Ier, Chapitre II, Section Ire, article 8 du décret;
7° avis sur la macro-efficacité : l'avis visé au Titre Ier, Chapitre II, Section Ire, article 9 du décret;
1° décret : le décret du 30 avril 2009 relatif à l'enseignement secondaire après secondaire et l'enseignement supérieur professionnel HBO-5;
2° Commissie HBO (Commission de l'Enseignement supérieur professionnel HBO-5) : la commission visée au Titre Ier, Chapitre II, Section Ire, du décret;
3° division : la Division de l'Enseignement supérieur du Département de l'Enseignement et de la Formation du Ministère flamand de l'Enseignement et de la Formation;
4° institution : un établissement d'enseignement qui, en vertu du décret, offre une ou plusieurs formations conduisant à une certification de niveau 5 de la structure flamande des certifications;
5° Ministre : le Ministre flamand chargé de l'enseignement;
6° avis sur la qualification d'enseignement : l'avis visé au Titre Ier, Chapitre II, Section Ire, article 8 du décret;
7° avis sur la macro-efficacité : l'avis visé au Titre Ier, Chapitre II, Section Ire, article 9 du décret;
Art. 2. Bij de afdeling wordt er een Commissie HBO opgericht.
Art. 2. Auprès de la Division est créée une 'Commissie HBO'.
Art. 3. De minister benoemt en ontslaat de leden van de Commissie HBO. De benoeming en het ontslag worden gemeld aan de Vlaamse Regering.
De leden worden benoemd voor een periode van drie jaar. Na afloop van de eerste periode zijn de leden eenmaal herbenoembaar voor een nieuwe periode van drie jaar.
De leden van de Commissie HBO zijn onafhankelijk ten opzichte van de aanbieders van HBO5. Personeelsleden die onder het gezag van de Vlaamse Regering staan, kunnen geen lid zijn van de Commissie HBO.
De minister kan alleen een lid ontslaan wegens onbekwaamheid voor het vervullen van de functie, wegens kennelijke nalatigheid of wegens een andere zwaarwegende reden die betrekking heeft op de persoon zelf.
Daarnaast kan een lid ontslagen worden op zijn eigen verzoek.
De leden worden benoemd voor een periode van drie jaar. Na afloop van de eerste periode zijn de leden eenmaal herbenoembaar voor een nieuwe periode van drie jaar.
De leden van de Commissie HBO zijn onafhankelijk ten opzichte van de aanbieders van HBO5. Personeelsleden die onder het gezag van de Vlaamse Regering staan, kunnen geen lid zijn van de Commissie HBO.
De minister kan alleen een lid ontslaan wegens onbekwaamheid voor het vervullen van de functie, wegens kennelijke nalatigheid of wegens een andere zwaarwegende reden die betrekking heeft op de persoon zelf.
Daarnaast kan een lid ontslagen worden op zijn eigen verzoek.
Art. 3. Le Ministre nomme et licencie les membres de la 'Commissie HBO'. La nomination et le licenciement sont signalés au Gouvernement flamand.
Les membres sont nommés pour une période de trois ans. A l'issue de la première période, leur nomination est renouvelable une fois pour une nouvelle période de trois ans.
Les membres de la 'Commissie HBO' sont indépendants à l'égard des offreurs de formations HBO-5.
Les membres du personnel qui relèvent de l'autorité du Gouvernement flamand ne peuvent pas être membre de la 'Commissie HBO'.
Le Ministre ne peut licencier un membre qu'en raison d'incapacité d'accomplir la fonction, en raison de négligence manifeste ou en raison d'une autre cause importante liée à la personne concernée.
Un membre peut en outre être licencié à sa propre demande.
Les membres sont nommés pour une période de trois ans. A l'issue de la première période, leur nomination est renouvelable une fois pour une nouvelle période de trois ans.
Les membres de la 'Commissie HBO' sont indépendants à l'égard des offreurs de formations HBO-5.
Les membres du personnel qui relèvent de l'autorité du Gouvernement flamand ne peuvent pas être membre de la 'Commissie HBO'.
Le Ministre ne peut licencier un membre qu'en raison d'incapacité d'accomplir la fonction, en raison de négligence manifeste ou en raison d'une autre cause importante liée à la personne concernée.
Un membre peut en outre être licencié à sa propre demande.
Art. 4. De werkende leden kunnen zich laten vervangen door een plaatsvervangend lid.
De wisselende leden worden alleen uitgenodigd op de vergaderingen van de Commissie HBO als de dossiers van de Commissie HBO handelen over opleidingen die leiden tot een beroep in de sector die ze vertegenwoordigen. De SERV draagt die leden voor.
De wisselende leden worden alleen uitgenodigd op de vergaderingen van de Commissie HBO als de dossiers van de Commissie HBO handelen over opleidingen die leiden tot een beroep in de sector die ze vertegenwoordigen. De SERV draagt die leden voor.
Art. 4. Les membres effectifs peuvent se faire remplacer par un membre suppléant.
Les membres alternants sont uniquement invités aux réunions de la 'Commissie HBO' lorsque les dossiers de la 'Commissie HBO' se rapportent à des formations conduisant à une profession dans le secteur qu'ils représentent. Ces membres sont proposés par le SERV.
Les membres alternants sont uniquement invités aux réunions de la 'Commissie HBO' lorsque les dossiers de la 'Commissie HBO' se rapportent à des formations conduisant à une profession dans le secteur qu'ils représentent. Ces membres sont proposés par le SERV.
Art. 5. De secretaris van de Commissie HBO wordt, in overleg met de voorzitter, aangewezen door de minister.
Art. 5. Le secrétaire de la 'Commissie HBO' est désigné par le Ministre, en concertation avec le président.
Art. 6. De zetel van de Commissie HBO is gevestigd in de lokalen van de afdeling.
Art. 6. Le siège de la 'Commissie HBO' est établi dans les locaux de la Division.
Art. 7. De voorzitter van de Commissie HBO kan een instelling vragen, binnen een door de Commissie HBO aangegeven termijn, nadere inlichtingen en verduidelijkingen te verschaffen bij een voorgelegd dossier en eventueel aanvullende documenten te bezorgen als de Commissie HBO of een daarin ingestelde werkgroep van oordeel is dat de voorliggende stukken onvoldoende zijn om een gefundeerd advies te verstrekken.
Art. 7. Le président de la 'Commissie HBO' peut demander à une institution de fournir des informations et éclaircissements plus précis, dans un délai fixé par elle, concernant un dossier soumis et, le cas échéant, de fournir des documents additionnels si la 'Commissie HBO' ou un groupe de travail institué au sein de celle-ci estime que les pièces présentes ne suffisent pas pour formuler un avis fondé.
Art. 8. De Commissie HBO bepaalt haar interne werkwijze en eventuele interne taakverdeling. Ze kan die vastleggen in een reglement van inwendige orde, dat wordt meegedeeld aan de minister.
De afdeling en de voorzitter van de Commissie HBO bepalen samen de wijze waarop zij hun taken voor de Commissie HBO uitvoeren.
De afdeling en de voorzitter van de Commissie HBO bepalen samen de wijze waarop zij hun taken voor de Commissie HBO uitvoeren.
Art. 8. La 'Commissie HBO' définit son mode de fonctionnement interne et l'éventuelle répartition interne des tâches. Elle peut les fixer dans un règlement d'ordre intérieur, qui sera communiqué au Ministre.
La Division et le président de la 'Commissie HBO' déterminent conjointement la façon dont ils accomplissent leurs tâches au bénéfice de la 'Commissie HBO'.
La Division et le président de la 'Commissie HBO' déterminent conjointement la façon dont ils accomplissent leurs tâches au bénéfice de la 'Commissie HBO'.
Art. 9. De leden van de Commissie HBO zijn voor de gegevens die voortvloeien uit de werkzaamheden van de Commissie HBO, tot geheimhouding verplicht, behalve als een wettelijk voorschrift hen verplicht deze gegevens bekend te maken.
Ze verstrekken geen informatie over ingediende dossiers noch over de werkzaamheden van de Commissie HBO aan derden.
Alleen de voorzitter of, indien van toepassing, zijn plaatsvervanger is gemachtigd toelichting te geven over het advies nadat de Commissie HBO haar advies aan de minister heeft verstrekt.
Ze verstrekken geen informatie over ingediende dossiers noch over de werkzaamheden van de Commissie HBO aan derden.
Alleen de voorzitter of, indien van toepassing, zijn plaatsvervanger is gemachtigd toelichting te geven over het advies nadat de Commissie HBO haar advies aan de minister heeft verstrekt.
Art. 9. Les membres de la 'Commissie HBO' sont, pour ce qui est des données résultant des activités de la 'Commission HBO', tenus au secret professionnel, à moins qu'une disposition légale n'impose de les rendre publiques.
Ils ne fournissent aucune information sur des dossiers introduits ou sur les activités de la 'Commisie HBO' à des tiers.
Seul le président ou, si d'application, son suppléant, est autorisé à donner des explications concernant l'avis après que la 'Commissie HBO' a rendu son avis au Ministre.
Ils ne fournissent aucune information sur des dossiers introduits ou sur les activités de la 'Commisie HBO' à des tiers.
Seul le président ou, si d'application, son suppléant, est autorisé à donner des explications concernant l'avis après que la 'Commissie HBO' a rendu son avis au Ministre.
Art. 10. De Commissie HBO streeft naar een consensus bij het bepalen van haar adviezen. Als de consensus niet wordt bereikt, kan de Commissie HBO alleen een geldige beslissing nemen als een meerderheid van de leden ermee instemt. Bij staking van stemmen heeft de voorzitter de doorslaggevende stem.
De Commissie HBO kan geldig beslissen als de meerderheid van de leden aanwezig is.
De adviezen van de Commissie HBO worden tegelijkertijd meegedeeld aan de Vlaamse Regering en aan de instelling in kwestie.
De Commissie HBO kan geldig beslissen als de meerderheid van de leden aanwezig is.
De adviezen van de Commissie HBO worden tegelijkertijd meegedeeld aan de Vlaamse Regering en aan de instelling in kwestie.
Art. 10. La 'Commissie HBO' recherche le consensus dans la détermination de ses avis. Si le consensus n'est pas atteint, la 'Commissie HBO' ne peut statuer valablement que si une majorité des membres y consent. En cas de partage des voix, la voix du président est prépondérante.
La 'Commissie HBO' ne peut statuer valablement que si la majorité des membres est présente.
Les avis de la 'Commissie HBO' sont communiqués en même temps au Gouvernement flamand et à l'institution en question.
La 'Commissie HBO' ne peut statuer valablement que si la majorité des membres est présente.
Les avis de la 'Commissie HBO' sont communiqués en même temps au Gouvernement flamand et à l'institution en question.
Art. 11. § 1. De kosten van de Commissie HBO komen voor rekening van de Vlaamse Gemeenschap.
Onder de kosten worden volgende bedragen verstaan :
1° de kosten voor de vergaderingen;
2° de forfaitaire vergoeding voor reis- en verblijfskosten van de voorzitter en de leden, en voor de representatiekosten van de voorzitter en andere algemene kosten;
3° het honorarium van de voorzitter en de leden als vergoeding voor de geleverde prestaties.
§ 2. Het honorarium van de werkende leden is vastgesteld op 6000 euro op jaarbasis. De forfaitaire kostenvergoeding van de werkende leden is vastgesteld op 1500 euro op jaarbasis. Het honorarium van de werkende voorzitter is vastgesteld op 9000 euro op jaarbasis. De forfaitaire kostenvergoeding van de werkende voorzitter is vastgesteld op 3000 euro op jaarbasis.
Deze honoraria en de forfaitaire kostenvergoedingen worden enkel volledig uitbetaald indien het lid of de voorzitter minstens 80 % van de adviezen macrodoelmatigheid en onderwijskwalificatie van dat jaar behandeld heeft. Indien het lid of de voorzitter minder dan 80 % van de adviezen van dat jaar behandelde, wordt het honorarium en de onkostenvergoeding evenredig met het aantal behandelde adviezen bepaald.
§ 3. De plaatsvervangende en wisselende leden ontvangen een forfaitaire vergoeding van 180 euro per advies macrodoelmatigheid of advies onderwijskwalificatie.
De vergoeding van een plaatsvervangende lid is gelimiteerd tot 80 % van de som van het honorarium en de onkostenvergoeding van een werkend lid, behalve indien de vervanging betrekking had op een volledig jaar.
De vergoeding van een plaatsvervangende voorzitter is gelimiteerd tot 80 % van de som van het honorarium en de onkostenvergoeding van een werkend voorzitter, behalve indien de vervanging betrekking had op een volledig jaar.
§ 4. De bedragen, vermeld in paragraaf 2 en 3, zijn brutobedragen en worden niet geïndexeerd.
Onder de kosten worden volgende bedragen verstaan :
1° de kosten voor de vergaderingen;
2° de forfaitaire vergoeding voor reis- en verblijfskosten van de voorzitter en de leden, en voor de representatiekosten van de voorzitter en andere algemene kosten;
3° het honorarium van de voorzitter en de leden als vergoeding voor de geleverde prestaties.
§ 2. Het honorarium van de werkende leden is vastgesteld op 6000 euro op jaarbasis. De forfaitaire kostenvergoeding van de werkende leden is vastgesteld op 1500 euro op jaarbasis. Het honorarium van de werkende voorzitter is vastgesteld op 9000 euro op jaarbasis. De forfaitaire kostenvergoeding van de werkende voorzitter is vastgesteld op 3000 euro op jaarbasis.
Deze honoraria en de forfaitaire kostenvergoedingen worden enkel volledig uitbetaald indien het lid of de voorzitter minstens 80 % van de adviezen macrodoelmatigheid en onderwijskwalificatie van dat jaar behandeld heeft. Indien het lid of de voorzitter minder dan 80 % van de adviezen van dat jaar behandelde, wordt het honorarium en de onkostenvergoeding evenredig met het aantal behandelde adviezen bepaald.
§ 3. De plaatsvervangende en wisselende leden ontvangen een forfaitaire vergoeding van 180 euro per advies macrodoelmatigheid of advies onderwijskwalificatie.
De vergoeding van een plaatsvervangende lid is gelimiteerd tot 80 % van de som van het honorarium en de onkostenvergoeding van een werkend lid, behalve indien de vervanging betrekking had op een volledig jaar.
De vergoeding van een plaatsvervangende voorzitter is gelimiteerd tot 80 % van de som van het honorarium en de onkostenvergoeding van een werkend voorzitter, behalve indien de vervanging betrekking had op een volledig jaar.
§ 4. De bedragen, vermeld in paragraaf 2 en 3, zijn brutobedragen en worden niet geïndexeerd.
Art. 11. § 1er. Les frais de la 'Commissie HBO' sont pour le compte de la Communauté flamande.
On entend par 'frais' :
1° les frais des réunions;
2° l'indemnité forfaitaire pour frais de voyage et de séjour du président et des membres, et pour les frais de représentation du président et autres frais généraux;
3° les honoraires payés au président et aux membres pour les prestations effectuées.
§ 2. Les honoraires des membres effectifs sont fixés à 6.000 euros sur une base annuelle. L'indemnité forfaitaire des membres effectifs est fixée à 1.500 euros sur une base annuelle. Les honoraires du président effectif sont fixés à 9.000 euros sur une base annuelle. L'indemnité forfaitaire du président effectif est fixée à 3.000 euros sur une base annuelle.
Ces honoraires et les indemnités forfaitaires sont uniquement payés entièrement, si le membre ou le président a traité au moins 80 % des avis sur la macro-efficacité et sur la qualification d'enseignement de l'année en question. Si le membre ou le président a traité moins de 80 % des avis de cette année, les honoraires et l'indemnité forfaitaire sont fixés proportionnellement au nombre d'avis traités.
§ 3. Les membres suppléants et alternants reçoivent une indemnité forfaitaire de 180 euros par avis sur la macro-efficacité ou avis sur la qualification d'enseignement.
L'indemnité d'un membre suppléant est limitée à 80 % de la somme des honoraires et de l'indemnité de frais d'un membre effectif, sauf si le remplacement portait sur une année entière.
L'indemnité d'un président suppléant est limitée à 80 % de la somme des honoraires et de l'indemnité de frais d'un président effectif, sauf si le remplacement portait sur une année entière.
§ 4. Les montants visés aux paragraphes 2 et 3, sont des montants bruts et ne sont pas indexés.
On entend par 'frais' :
1° les frais des réunions;
2° l'indemnité forfaitaire pour frais de voyage et de séjour du président et des membres, et pour les frais de représentation du président et autres frais généraux;
3° les honoraires payés au président et aux membres pour les prestations effectuées.
§ 2. Les honoraires des membres effectifs sont fixés à 6.000 euros sur une base annuelle. L'indemnité forfaitaire des membres effectifs est fixée à 1.500 euros sur une base annuelle. Les honoraires du président effectif sont fixés à 9.000 euros sur une base annuelle. L'indemnité forfaitaire du président effectif est fixée à 3.000 euros sur une base annuelle.
Ces honoraires et les indemnités forfaitaires sont uniquement payés entièrement, si le membre ou le président a traité au moins 80 % des avis sur la macro-efficacité et sur la qualification d'enseignement de l'année en question. Si le membre ou le président a traité moins de 80 % des avis de cette année, les honoraires et l'indemnité forfaitaire sont fixés proportionnellement au nombre d'avis traités.
§ 3. Les membres suppléants et alternants reçoivent une indemnité forfaitaire de 180 euros par avis sur la macro-efficacité ou avis sur la qualification d'enseignement.
L'indemnité d'un membre suppléant est limitée à 80 % de la somme des honoraires et de l'indemnité de frais d'un membre effectif, sauf si le remplacement portait sur une année entière.
L'indemnité d'un président suppléant est limitée à 80 % de la somme des honoraires et de l'indemnité de frais d'un président effectif, sauf si le remplacement portait sur une année entière.
§ 4. Les montants visés aux paragraphes 2 et 3, sont des montants bruts et ne sont pas indexés.
Art. 12. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 september 2010.
Art. 12. Le présent arrêté produit ses effets le 1er septembre 2010.
Art. 13. De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 13. Le Ministre flamand ayant l'enseignement dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Brussel, 17 december 2010.
De minister-president van de Vlaamse Regering,
K. PEETERS
De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel,
P. SMET
De minister-president van de Vlaamse Regering,
K. PEETERS
De Vlaamse minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel,
P. SMET
Bruxelles, le 17 décembre 2010.
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
K. PEETERS
Le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité des Chances et des Affaires bruxelloises,
P. SMET
Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
K. PEETERS
Le Ministre flamand de l'Enseignement, de la Jeunesse, de l'Egalité des Chances et des Affaires bruxelloises,
P. SMET