Artikel 1. In bijlage XXV, eerste lid, van het koninklijk besluit van 20 juli 1973 houdende zeevaartinspectiereglement, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " Deze bijlage is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald zijn de bepalingen van deze bijlage niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titel
10 SEPTEMBER 2010. - Koninklijk besluit tot wijziging van verscheidene bepalingen ter omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad, met het oog op het gedeeltelijk omzetten van Richtlijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 tot wijziging van Richtlijn 2002/59/EG betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart
Titre
10 SEPTEMBRE 2010. - ArrĂȘtĂ© royal modifiant diverses dispositions transposant la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information, et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, afin de transposer partiellement la Directive 2009/17/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 23 avril 2009 modifiant la Directive 2002/59/CE relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic de navires et d'information
Documentinformatie
Info du document
Inhoud
Inhoud
CHAPITRE Ier. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal ...
CHAPITRE II. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal d...
CHAPITRE III. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal ...
CHAPITRE IV. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal d...
CHAPITRE V. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du...
CHAPITRE VI. - Dispositions finales
Tekst (47)
Texte (47)
HOOFDSTUK I. - Wijziging van het koninklijk besluit van 20 juli 1973 houdende zeevaartinspectiereglement
CHAPITRE Ier. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du 20 juillet 1973 portant rĂšglement sur l'inspection maritime
Article 1er. A l'annexe XXV, alinĂ©a 1er, de l'arrĂȘtĂ© royal du 20 juillet 1973 portant rĂšglement sur l'inspection maritime, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Le présent annexe ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent annexe ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des navires d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les navires destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Le présent annexe ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent annexe ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des navires d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les navires destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
HOOFDSTUK II. - Wijziging van het koninklijk besluit van 4 augustus 1981 houdende politie- en scheepvaartreglement voor de Belgische territoriale zee, de havens en de stranden van de Belgische kust
CHAPITRE II. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du 4 aoĂ»t 1981 portant rĂšglement de police et de navigation pour la mer territoriale belge, les ports et les plages du littoral belge
Art. 2. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 4 augustus 1981 houdende politie en scheepvaartreglement voor de Belgische territoriale zee, de havens en de stranden van de Belgische kust, wordt het tweede lid, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, vervangen als volgt :
" Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad, gewijzigd bij Richtlijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. "
" Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad, gewijzigd bij Richtlijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. "
Art. 2. Dans l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© royal du 4 aoĂ»t 1981 portant rĂšglement de police et de navigation pour la mer territoriale belge, les ports et les plages du littoral belge, l'alinĂ©a 2, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, est remplacĂ© par ce qui suit :
" Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, modifiĂ©e par la Directive 2009/17/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 23 avril 2009. "
" Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, modifiĂ©e par la Directive 2009/17/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 23 avril 2009. "
Art. 3. Artikel 3 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 9 februari 1996, 9 december 1998, 25 juni 2001 en 17 september 2005, wordt aangevuld met de bepalingen onder 32°, 33°, 34°, 35° en 36°, luidende :
" 32° lijndienst : een reeks overtochten door vaartuigen waarmee de verbinding tussen dezelfde twee of meer havens wordt onderhouden, hetzij volgens een gepubliceerde dienstregeling, hetzij met een zodanige regelmaat of frequentie dat zij een herkenbare systematische reeks vormen;
33° vissersvaartuig : elk vaartuig dat is uitgerust voor commerciële exploitatie van levende aquatische hulpbronnen;
34° vaartuig dat bijstand behoeft : een vaartuig in omstandigheden die gevaar voor verlies van het vaartuig, voor het milieu of voor de scheepvaart kunnen opleveren, onverminderd de bepalingen van het SAR-verdrag inzake opsporing en redding op zee;
35° LRIT : een systeem voor het op lange afstand identificeren en volgen van vaartuigen in overeenstemming met Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag;
36° brutotonnenmaat : de maat van de totale inhoud van een vaartuig vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
" 32° lijndienst : een reeks overtochten door vaartuigen waarmee de verbinding tussen dezelfde twee of meer havens wordt onderhouden, hetzij volgens een gepubliceerde dienstregeling, hetzij met een zodanige regelmaat of frequentie dat zij een herkenbare systematische reeks vormen;
33° vissersvaartuig : elk vaartuig dat is uitgerust voor commerciële exploitatie van levende aquatische hulpbronnen;
34° vaartuig dat bijstand behoeft : een vaartuig in omstandigheden die gevaar voor verlies van het vaartuig, voor het milieu of voor de scheepvaart kunnen opleveren, onverminderd de bepalingen van het SAR-verdrag inzake opsporing en redding op zee;
35° LRIT : een systeem voor het op lange afstand identificeren en volgen van vaartuigen in overeenstemming met Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag;
36° brutotonnenmaat : de maat van de totale inhoud van een vaartuig vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
Art. 3. L'article 3 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s royaux des 9 fĂ©vrier 1996, 9 dĂ©cembre 1998, 25 juin 2001 et 17 septembre 2005, est complĂ©tĂ© par les 32°, 33°, 34°, 35° et 36° rĂ©digĂ©s comme suit :
" 32° service rĂ©gulier : une sĂ©rie de traversĂ©es organisĂ©e de façon Ă desservir deux mĂȘmes ports ou davantage, soit selon un horaire publiĂ©, soit avec une rĂ©gularitĂ© ou une frĂ©quence telle qu'elle constitue une sĂ©rie systĂ©matique reconnaissable;
33° navire de pĂȘche : tout navire Ă©quipĂ© pour l'exploitation commerciale des ressources aquatiques vivantes;
34° bùtiment ayant besoin d'assistance : sans préjudice des dispositions de la convention SAR sur le sauvetage des personnes, un bùtiment se trouvant dans une situation qui pourrait entraßner la perte du bùtiment ou constituer une menace pour l'environnement ou pour la navigation;
35° LRIT : un systÚme d'identification et de suivi à distance des bùtiments conformément à la rÚgle SOLAS V/19-1;
36° jauge brute : la capacité d'utilisation d'un bùtiment, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
" 32° service rĂ©gulier : une sĂ©rie de traversĂ©es organisĂ©e de façon Ă desservir deux mĂȘmes ports ou davantage, soit selon un horaire publiĂ©, soit avec une rĂ©gularitĂ© ou une frĂ©quence telle qu'elle constitue une sĂ©rie systĂ©matique reconnaissable;
33° navire de pĂȘche : tout navire Ă©quipĂ© pour l'exploitation commerciale des ressources aquatiques vivantes;
34° bùtiment ayant besoin d'assistance : sans préjudice des dispositions de la convention SAR sur le sauvetage des personnes, un bùtiment se trouvant dans une situation qui pourrait entraßner la perte du bùtiment ou constituer une menace pour l'environnement ou pour la navigation;
35° LRIT : un systÚme d'identification et de suivi à distance des bùtiments conformément à la rÚgle SOLAS V/19-1;
36° jauge brute : la capacité d'utilisation d'un bùtiment, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
Art. 4. In de artikelen 7bis, tweede lid, 7ter, tweede lid, 7quinquies, tweede lid, en 7sexies, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005 worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
Art. 4. Aux articles 7bis, alinĂ©a 2, 7ter, alinĂ©a 2, 7quinquies, alinĂ©a 2, et 7sexies, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©s par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. " .
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. " .
Art. 5. In de artikelen 7quater, § 5, en 7septies, vierde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005 worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
Art. 5. Aux articles 7quater, § 5, et 7septies, alinĂ©a 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 6. In hetzelfde besluit wordt een artikel 7octies ingevoegd, luidende :
" Art. 7octies. Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter dat de Belgische vlag voert en in de Europese Gemeenschap is geregistreerd, of dienstdoet in de Belgische binnenwateren of territoriale wateren, of zijn vangst aan land brengt in een haven van de Belgische kust, moet volgens het hieronder aangegeven tijdschema worden uitgerust met een automatisch identificatiesysteem (AIS) (klasse A) dat voldoet aan de door de IMO ontwikkelde prestatienormen :
a) elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter moet aan de uitrustingsplicht voldoen overeenkomstig het volgende tijdschema :
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 24 meter of meer, doch minder dan 45 meter : uiterlijk op 31 mei 2012;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 18 meter of meer, doch minder dan 24 meter : uiterlijk op 31 mei 2013;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter, doch minder dan 18 meter : uiterlijk op 31 mei 2014.
b) pasgebouwde vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter moeten aan de uitrustingsplicht voldoen vanaf 30 november 2010.
Vissersvaartuigen die zijn uitgerust met een AIS houden dit systeem te allen tijde operationeel. In uitzonderlijke omstandigheden mag het AIS worden uitgeschakeld, wanneer dat volgens de kapitein noodzakelijk is voor de veiligheid of de beveiliging van zijn vaartuig. ".
" Art. 7octies. Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter dat de Belgische vlag voert en in de Europese Gemeenschap is geregistreerd, of dienstdoet in de Belgische binnenwateren of territoriale wateren, of zijn vangst aan land brengt in een haven van de Belgische kust, moet volgens het hieronder aangegeven tijdschema worden uitgerust met een automatisch identificatiesysteem (AIS) (klasse A) dat voldoet aan de door de IMO ontwikkelde prestatienormen :
a) elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter moet aan de uitrustingsplicht voldoen overeenkomstig het volgende tijdschema :
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 24 meter of meer, doch minder dan 45 meter : uiterlijk op 31 mei 2012;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 18 meter of meer, doch minder dan 24 meter : uiterlijk op 31 mei 2013;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter, doch minder dan 18 meter : uiterlijk op 31 mei 2014.
b) pasgebouwde vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter moeten aan de uitrustingsplicht voldoen vanaf 30 november 2010.
Vissersvaartuigen die zijn uitgerust met een AIS houden dit systeem te allen tijde operationeel. In uitzonderlijke omstandigheden mag het AIS worden uitgeschakeld, wanneer dat volgens de kapitein noodzakelijk is voor de veiligheid of de beveiliging van zijn vaartuig. ".
Art. 6. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 7octies rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 7octies. Tout navire de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres, battant pavillon belge et immatriculĂ© dans la CommunautĂ© europĂ©enne, ou en exploitation dans les eaux intĂ©rieures ou territoriales belges, ou dĂ©barquant ses captures dans un port du littoral belge est Ă©quipĂ©, conformĂ©ment au calendrier suivant d'un systĂšme d'identification automatique (AIS) (de classe A) rĂ©pondant aux normes de performance Ă©tablies par l'OMI :
a) les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout dĂ©passe 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport selon le calendrier suivant :
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 24 mĂštres et infĂ©rieure Ă 45 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2012;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 18 mĂštres et infĂ©rieure Ă 24 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2013;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres et infĂ©rieure Ă 18 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2014.
b) les navires de pĂȘche neufs d'une longueur hors tout supĂ©rieure Ă 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport Ă partir du 30 novembre 2010.
Les navires de pĂȘche Ă©quipĂ©s de l'AIS maintiennent celui-ci en fonctionnement Ă tout moment. Dans des circonstances exceptionnelles, l'AIS peut ĂȘtre dĂ©branchĂ© si le capitaine le juge nĂ©cessaire pour la sĂ©curitĂ© ou la sĂ»retĂ© de son navire. ".
" Art. 7octies. Tout navire de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres, battant pavillon belge et immatriculĂ© dans la CommunautĂ© europĂ©enne, ou en exploitation dans les eaux intĂ©rieures ou territoriales belges, ou dĂ©barquant ses captures dans un port du littoral belge est Ă©quipĂ©, conformĂ©ment au calendrier suivant d'un systĂšme d'identification automatique (AIS) (de classe A) rĂ©pondant aux normes de performance Ă©tablies par l'OMI :
a) les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout dĂ©passe 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport selon le calendrier suivant :
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 24 mĂštres et infĂ©rieure Ă 45 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2012;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 18 mĂštres et infĂ©rieure Ă 24 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2013;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres et infĂ©rieure Ă 18 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2014.
b) les navires de pĂȘche neufs d'une longueur hors tout supĂ©rieure Ă 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport Ă partir du 30 novembre 2010.
Les navires de pĂȘche Ă©quipĂ©s de l'AIS maintiennent celui-ci en fonctionnement Ă tout moment. Dans des circonstances exceptionnelles, l'AIS peut ĂȘtre dĂ©branchĂ© si le capitaine le juge nĂ©cessaire pour la sĂ©curitĂ© ou la sĂ»retĂ© de son navire. ".
Art. 7. In hetzelfde besluit wordt een artikel 7novies ingevoegd, luidende :
" Art. 7novies. Vaartuigen waarop Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag en de door de IMO aangenomen prestatienormen en functionele eisen van toepassing zijn, worden uitgerust met een LRIT-uitrusting die aan dat voorschrift voldoet, indien zij een haven van de Belgische kust aandoen. "
" Art. 7novies. Vaartuigen waarop Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag en de door de IMO aangenomen prestatienormen en functionele eisen van toepassing zijn, worden uitgerust met een LRIT-uitrusting die aan dat voorschrift voldoet, indien zij een haven van de Belgische kust aandoen. "
Art. 7. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 7novies rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 7novies. Les bùtiments auxquels la rÚgle SOLAS V/19-1 et les normes de performance et exigences opérationnelles adoptées par l'OMI s'appliquent, sont dotés d'un équipement LRIT conforme à ladite rÚgle, lorsqu'ils font escale dans un port du littoral belge. "
" Art. 7novies. Les bùtiments auxquels la rÚgle SOLAS V/19-1 et les normes de performance et exigences opérationnelles adoptées par l'OMI s'appliquent, sont dotés d'un équipement LRIT conforme à ladite rÚgle, lorsqu'ils font escale dans un port du littoral belge. "
Art. 8. In artikel 21, § 3, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 9 februari 1996 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van de paragrafen 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
1° de woorden " De bepalingen van de paragrafen 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
Art. 8. A l'article 21, § 3, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 9 fĂ©vrier 1996 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. ".
1° les mots " Les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. ".
Art. 9. In artikel 22, § 2, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 9 februari 1996 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van de paragraaf 1 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
1° de woorden " De bepalingen van de paragraaf 1 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
Art. 9. A l'article 22, § 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 9 fĂ©vrier 1996 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf dispositions contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf dispositions contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 10. Artikel 22bis van hetzelfde besluit wordt paragraaf 1, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, wordt vervangen als volgt :
" Art. 22bis. § 1. Vrijstelling van de eisen van de artikelen 21, § 1, en 22 kan worden verleend voor lijndiensten tussen de havens van de Belgische kust of tussen een haven van de Belgische kust en een andere Belgische haven wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan :
a) de maatschappij die deze lijndiensten exploiteert, houdt een lijst bij van de betrokken vaartuigen en deelt die lijst mee aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, en werkt deze bij;
b) telkens als de reis wordt uitgevoerd, wordt de in bijlage 5, indien toepasselijk, genoemde informatie ter beschikking gehouden van de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, indien deze daarom verzoekt. De maatschappij zet een intern systeem op waarmee genoemde inlichtingen 24 uur per dag direct na het verzoek, elektronisch aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest kunnen worden doorgegeven;
c) alle afwijkingen van de verwachte tijd van aankomst in de haven van bestemming of bij het loodsstation van drie uur of meer worden, indien toepasselijk, meegedeeld aan de haven van aankomst of aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest;
d) vrijstellingen worden alleen verleend aan individuele vaartuigen op een specifieke dienst.
De vrijstelling wordt toegekend door de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de dienst alleen als lijndienst beschouwd als het de bedoeling is dat hij ten minste één maand wordt geëxploiteerd.
Vrijstellingen van de in de artikelen 21, § 1, en 22 neergelegde eisen blijven beperkt tot reizen met een geplande duur van maximaal 12 uur. ".
§ 2. Wanneer één internationale lijndienst tussen een haven van de Belgische kust en een of meer lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vrijstelling verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1 indien de betrokken lidstaat of lidstaten daarom verzoeken.
Wanneer een internationale lijndienst tussen een haven van de Belgische kust en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vragen aan de betrokken lidstaat of lidstaten om vrijstelling te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
Wanneer een internationale lijndienst tussen een haven van de Belgische kust en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, werkt de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is samen met alle betrokken lidstaten met inbegrip van de betrokken kuststaten om een vrijstelling voor de betreffende dienst te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
§ 3. De met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn, controleren regelmatig of aan de voorwaarden van paragraaf 1 wordt voldaan. Wanneer niet meer wordt voldaan aan ten minste één van deze voorwaarden, trekken de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn het voorrecht van de vrijstelling voor de betrokken maatschappij onmiddellijk in. "
" Art. 22bis. § 1. Vrijstelling van de eisen van de artikelen 21, § 1, en 22 kan worden verleend voor lijndiensten tussen de havens van de Belgische kust of tussen een haven van de Belgische kust en een andere Belgische haven wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan :
a) de maatschappij die deze lijndiensten exploiteert, houdt een lijst bij van de betrokken vaartuigen en deelt die lijst mee aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, en werkt deze bij;
b) telkens als de reis wordt uitgevoerd, wordt de in bijlage 5, indien toepasselijk, genoemde informatie ter beschikking gehouden van de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, indien deze daarom verzoekt. De maatschappij zet een intern systeem op waarmee genoemde inlichtingen 24 uur per dag direct na het verzoek, elektronisch aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest kunnen worden doorgegeven;
c) alle afwijkingen van de verwachte tijd van aankomst in de haven van bestemming of bij het loodsstation van drie uur of meer worden, indien toepasselijk, meegedeeld aan de haven van aankomst of aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest;
d) vrijstellingen worden alleen verleend aan individuele vaartuigen op een specifieke dienst.
De vrijstelling wordt toegekend door de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de dienst alleen als lijndienst beschouwd als het de bedoeling is dat hij ten minste één maand wordt geëxploiteerd.
Vrijstellingen van de in de artikelen 21, § 1, en 22 neergelegde eisen blijven beperkt tot reizen met een geplande duur van maximaal 12 uur. ".
§ 2. Wanneer één internationale lijndienst tussen een haven van de Belgische kust en een of meer lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vrijstelling verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1 indien de betrokken lidstaat of lidstaten daarom verzoeken.
Wanneer een internationale lijndienst tussen een haven van de Belgische kust en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vragen aan de betrokken lidstaat of lidstaten om vrijstelling te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
Wanneer een internationale lijndienst tussen een haven van de Belgische kust en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, werkt de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is samen met alle betrokken lidstaten met inbegrip van de betrokken kuststaten om een vrijstelling voor de betreffende dienst te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
§ 3. De met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn, controleren regelmatig of aan de voorwaarden van paragraaf 1 wordt voldaan. Wanneer niet meer wordt voldaan aan ten minste één van deze voorwaarden, trekken de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn het voorrecht van de vrijstelling voor de betrokken maatschappij onmiddellijk in. "
Art. 10. L'article 22bis du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, est remplacĂ© par ce qui suit :
" Art. 22bis. § 1er. Les services rĂ©guliers assurĂ©s entre les ports du littoral belge ou entre un port du littoral belge et un autre port belge, peuvent ĂȘtre exemptĂ©s des exigences Ă©noncĂ©es aux articles 21, § 1er, et 22 pour autant que les conditions suivantes ont Ă©tĂ© remplies :
a) la compagnie exploitant ces services réguliers établit et tient à jour une liste des bùtiments concernés et la transmet au service compétent de la Région flamande;
b) pour chaque voyage effectué, les informations prévues à l'annexe 5, selon le cas, sont tenues à la disposition du service compétent de la Région flamande à sa demande. La compagnie établit un systÚme interne qui garantit, 24 heures sur 24, la transmission sous forme électronique et sans délai aprÚs en avoir reçu la demande, de ces informations au service compétent de la Région flamande;
c) toute différence par rapport à l'heure d'arrivée probable au port de destination ou à la station de pilotage, égale ou supérieure à trois heures, est notifiée au port de destination ou au service compétent de la Région flamande;
d) des exemptions ne sont accordées qu'à des bùtiments déterminés pour ce qui concerne un service spécifique.
L'exemption est accordée par les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet.
Aux fins de l'alinĂ©a 1er, le service n'est rĂ©putĂ© ĂȘtre un service rĂ©gulier que s'il est prĂ©vu de l'assurer pendant un mois au minimum.
Les exemptions aux exigences des articles 21, § 1er, et 22 sont limitées à des voyages d'une durée maximale prévue de douze heures. ".
§ 2. Quand un service régulier international est exploité entre un port du littoral belge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er sur demande du ou des Etats membres concernés.
Quand un service régulier international est exploité entre un port du littoral belge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut demander à ou aux Etats membres concernés d'accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
Quand un service régulier international est exploité entre un port du littoral belge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet coopÚre avec tous les Etats membres concernés, y compris les Etats cÎtiers concernés, en vue d'octroyer au service en question une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
§ 3. Les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet vérifient périodiquement que les conditions énoncées au paragraphe 1er sont remplies. Lorsque l'une au moins de ces conditions n'est plus remplie, les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet retirent immédiatement le bénéfice de l'exemption à la compagnie concernée. "
" Art. 22bis. § 1er. Les services rĂ©guliers assurĂ©s entre les ports du littoral belge ou entre un port du littoral belge et un autre port belge, peuvent ĂȘtre exemptĂ©s des exigences Ă©noncĂ©es aux articles 21, § 1er, et 22 pour autant que les conditions suivantes ont Ă©tĂ© remplies :
a) la compagnie exploitant ces services réguliers établit et tient à jour une liste des bùtiments concernés et la transmet au service compétent de la Région flamande;
b) pour chaque voyage effectué, les informations prévues à l'annexe 5, selon le cas, sont tenues à la disposition du service compétent de la Région flamande à sa demande. La compagnie établit un systÚme interne qui garantit, 24 heures sur 24, la transmission sous forme électronique et sans délai aprÚs en avoir reçu la demande, de ces informations au service compétent de la Région flamande;
c) toute différence par rapport à l'heure d'arrivée probable au port de destination ou à la station de pilotage, égale ou supérieure à trois heures, est notifiée au port de destination ou au service compétent de la Région flamande;
d) des exemptions ne sont accordées qu'à des bùtiments déterminés pour ce qui concerne un service spécifique.
L'exemption est accordée par les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet.
Aux fins de l'alinĂ©a 1er, le service n'est rĂ©putĂ© ĂȘtre un service rĂ©gulier que s'il est prĂ©vu de l'assurer pendant un mois au minimum.
Les exemptions aux exigences des articles 21, § 1er, et 22 sont limitées à des voyages d'une durée maximale prévue de douze heures. ".
§ 2. Quand un service régulier international est exploité entre un port du littoral belge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er sur demande du ou des Etats membres concernés.
Quand un service régulier international est exploité entre un port du littoral belge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut demander à ou aux Etats membres concernés d'accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
Quand un service régulier international est exploité entre un port du littoral belge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet coopÚre avec tous les Etats membres concernés, y compris les Etats cÎtiers concernés, en vue d'octroyer au service en question une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
§ 3. Les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet vérifient périodiquement que les conditions énoncées au paragraphe 1er sont remplies. Lorsque l'une au moins de ces conditions n'est plus remplie, les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet retirent immédiatement le bénéfice de l'exemption à la compagnie concernée. "
Art. 11. In artikel 26bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Gevaarlijke of verontreinigende stoffen mogen in een haven van de Belgische kust niet voor vervoer worden aangeboden noch aan boord van een vaartuig worden genomen, ongeacht de grootte van het vaartuig, tenzij aan de kapitein of de exploitant, vooraleer de goederen aan boord worden genomen, een verklaring met de volgende informatie werd overhandigd :
a) de in bijlage 9 genoemde informatie;
b) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150(77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
c) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen.
Vaartuigen komende van een haven buiten de Gemeenschap die een haven van de Belgische kust aandoen en gevaarlijke of verontreinigende stoffen aan boord hebben, beschikken over een verklaring van de verlader met de informatie vereist volgens het eerste lid, onder a), b) en c).
De verlader bezorgt deze verklaring aan de kapitein of de exploitant en zorgt ervoor dat de voor vervoer aangeboden vracht werkelijk die is waarover overeenkomstig het eerste lid een verklaring werd afgelegd. ";
2° in paragraaf 2 worden de woorden " § 1 is niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op " en wordt de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Gevaarlijke of verontreinigende stoffen mogen in een haven van de Belgische kust niet voor vervoer worden aangeboden noch aan boord van een vaartuig worden genomen, ongeacht de grootte van het vaartuig, tenzij aan de kapitein of de exploitant, vooraleer de goederen aan boord worden genomen, een verklaring met de volgende informatie werd overhandigd :
a) de in bijlage 9 genoemde informatie;
b) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150(77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
c) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen.
Vaartuigen komende van een haven buiten de Gemeenschap die een haven van de Belgische kust aandoen en gevaarlijke of verontreinigende stoffen aan boord hebben, beschikken over een verklaring van de verlader met de informatie vereist volgens het eerste lid, onder a), b) en c).
De verlader bezorgt deze verklaring aan de kapitein of de exploitant en zorgt ervoor dat de voor vervoer aangeboden vracht werkelijk die is waarover overeenkomstig het eerste lid een verklaring werd afgelegd. ";
2° in paragraaf 2 worden de woorden " § 1 is niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op " en wordt de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op vaartuigen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle vaartuigen. "
Art. 11. A l'article 26bis du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Les marchandises dangereuses ou polluantes ne peuvent ĂȘtre prĂ©sentĂ©es pour le transport ou chargĂ©es Ă bord d'un bĂątiment, quelles que soient ses dimensions, dans un port du littoral belge que si le capitaine ou l'exploitant a reçu avant que les marchandises soient chargĂ©es Ă bord une dĂ©claration comportant les informations suivantes :
a) les informations énumérées à l'annexe 9;
b) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité.
c) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimique des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence.
Les bùtiments en provenance d'un port extracommunautaire faisant escale dans un port du littoral belge et ayant à bord des marchandises dangereuses ou polluantes ont en leur possession une déclaration, fournie par le chargeur, contenant les informations exigées en vertu de l'alinéa 1er, a), b) et c).
Le chargeur fournit une telle déclaration au capitaine ou à l'exploitant et fait en sorte que le chargement présenté pour le transport corresponde effectivement à celui a été déclaré conformément à l'alinéa 1er. ";
2° les mots " Le § 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots : " Sauf disposition contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " et le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Les marchandises dangereuses ou polluantes ne peuvent ĂȘtre prĂ©sentĂ©es pour le transport ou chargĂ©es Ă bord d'un bĂątiment, quelles que soient ses dimensions, dans un port du littoral belge que si le capitaine ou l'exploitant a reçu avant que les marchandises soient chargĂ©es Ă bord une dĂ©claration comportant les informations suivantes :
a) les informations énumérées à l'annexe 9;
b) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité.
c) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimique des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence.
Les bùtiments en provenance d'un port extracommunautaire faisant escale dans un port du littoral belge et ayant à bord des marchandises dangereuses ou polluantes ont en leur possession une déclaration, fournie par le chargeur, contenant les informations exigées en vertu de l'alinéa 1er, a), b) et c).
Le chargeur fournit une telle déclaration au capitaine ou à l'exploitant et fait en sorte que le chargement présenté pour le transport corresponde effectivement à celui a été déclaré conformément à l'alinéa 1er. ";
2° les mots " Le § 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots : " Sauf disposition contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " et le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bĂątiments d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bĂątiments destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
HOOFDSTUK III. - Wijziging van het koninklijk besluit van 23 september 1992 houdende scheepvaartreglement voor het Kanaal van Gent naar Terneuzen
CHAPITRE III. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du 23 septembre 1992 portant rĂšglement de navigation du Canal de Gand Ă Terneuzen
Art. 12. In artikel 1, § 1, van het koninklijk besluit van 23 september 1992 houdende scheepvaartreglement voor het Kanaal van Gent naar Terneuzen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, wordt de zin " Dit reglement bevat bepalingen ter omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad. " vervangen als volgt :
" Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad, gewijzigd bij Richtlijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. "
" Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad, gewijzigd bij Richtlijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. "
Art. 12. Dans l'article 1er, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© royal du 23 septembre 1992 portant rĂšglement de navigation du Canal de Gand Ă Terneuzen, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, la phrase " Le prĂ©sent rĂšglement contient des dispositions transposant la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information, et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil. " est remplacĂ©e par la phrase suivante :
" Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, modifiĂ©e par la Directive 2009/17/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 23 avril 2009. "
" Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, modifiĂ©e par la Directive 2009/17/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 23 avril 2009. "
Art. 13. Artikel 2, § 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 9 februari 1996, 9 december 1998, 3 mei 1999 en 17 september 2005, wordt aangevuld met de bepalingen onder zsepties, zocties, znonies, zdecies en zundecies, luidende :
" zsepties) lijndienst : een reeks overtochten door schepen waarmee de verbinding tussen dezelfde twee of meer havens wordt onderhouden, hetzij volgens een gepubliceerde dienstregeling, hetzij met een zodanige regelmaat of frequentie dat zij een herkenbare systematische reeks vormen;
zocties) vissersvaartuig : elk schip dat is uitgerust voor commerciële exploitatie van levende aquatische hulpbronnen;
znonies) schip dat bijstand behoeft : een schip in omstandigheden die gevaar voor verlies van het schip, voor het milieu of voor de scheepvaart kunnen opleveren, onverminderd de bepalingen van het SAR-verdrag inzake opsporing en redding op zee;
zdecies) LRIT : een systeem voor het op lange afstand identificeren en volgen van schepen in overeenstemming met Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag;
zundecies) brutotonnenmaat : de maat van de totale inhoud van een schip vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
" zsepties) lijndienst : een reeks overtochten door schepen waarmee de verbinding tussen dezelfde twee of meer havens wordt onderhouden, hetzij volgens een gepubliceerde dienstregeling, hetzij met een zodanige regelmaat of frequentie dat zij een herkenbare systematische reeks vormen;
zocties) vissersvaartuig : elk schip dat is uitgerust voor commerciële exploitatie van levende aquatische hulpbronnen;
znonies) schip dat bijstand behoeft : een schip in omstandigheden die gevaar voor verlies van het schip, voor het milieu of voor de scheepvaart kunnen opleveren, onverminderd de bepalingen van het SAR-verdrag inzake opsporing en redding op zee;
zdecies) LRIT : een systeem voor het op lange afstand identificeren en volgen van schepen in overeenstemming met Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag;
zundecies) brutotonnenmaat : de maat van de totale inhoud van een schip vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
Art. 13. L'article 2, § 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtĂ©s royaux des 9 fĂ©vrier 1996, 9 dĂ©cembre 1998, 3 mai 1999 et 17 septembre 2005, est complĂ©tĂ© par les zsepties, zocties, znonies, zdecies et zundecies, rĂ©digĂ©s comme suit :
" zsepties) service rĂ©gulier : une sĂ©rie de traversĂ©es organisĂ©e de façon Ă desservir deux mĂȘmes ports ou davantage, soit selon un horaire publiĂ©, soit avec une rĂ©gularitĂ© ou une frĂ©quence telle qu'elle constitue une sĂ©rie systĂ©matique reconnaissable;
zocties) navire de pĂȘche : tout bateau Ă©quipĂ© pour l'exploitation commerciale des ressources aquatiques vivantes;
znonies) bateau ayant besoin d'assistance : sans préjudice des dispositions de la convention SAR sur le sauvetage des personnes, un bateau se trouvant dans une situation qui pourrait entraßner la perte du bateau ou constituer une menace pour l'environnement ou pour la navigation;
zdecies) LRIT : un systÚme d'identification et de suivi à distance des bateaux conformément à la rÚgle SOLAS V/19-1;
zundecies) jauge brute : la capacité d'utilisation d'un bateau, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
" zsepties) service rĂ©gulier : une sĂ©rie de traversĂ©es organisĂ©e de façon Ă desservir deux mĂȘmes ports ou davantage, soit selon un horaire publiĂ©, soit avec une rĂ©gularitĂ© ou une frĂ©quence telle qu'elle constitue une sĂ©rie systĂ©matique reconnaissable;
zocties) navire de pĂȘche : tout bateau Ă©quipĂ© pour l'exploitation commerciale des ressources aquatiques vivantes;
znonies) bateau ayant besoin d'assistance : sans préjudice des dispositions de la convention SAR sur le sauvetage des personnes, un bateau se trouvant dans une situation qui pourrait entraßner la perte du bateau ou constituer une menace pour l'environnement ou pour la navigation;
zdecies) LRIT : un systÚme d'identification et de suivi à distance des bateaux conformément à la rÚgle SOLAS V/19-1;
zundecies) jauge brute : la capacité d'utilisation d'un bateau, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
Art. 14. In artikel 42bis, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 14. A l'article 42bis, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 15. In de artikelen 43bis, § 3, en 43ter, § 4, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van de paragrafen 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " De bepalingen van de paragrafen 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 15. Aux articles 43bis, § 3, et 43ter, § 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 16. In artikel 43sexies van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Gevaarlijke of verontreinigende stoffen mogen in de Gentse zeehaven niet voor vervoer worden aangeboden noch aan boord van een schip worden genomen, ongeacht de grootte van het schip, tenzij aan de kapitein of de exploitant, vooraleer de goederen aan boord worden genomen, een verklaring met de volgende informatie werd overhandigd :
a) de in bijlage 5 genoemde informatie;
b) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150 (77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
c) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen.
Schepen komende van een haven buiten de Gemeenschap die de Gentse zeehaven aandoen en gevaarlijke of verontreinigende stoffen aan boord hebben, beschikken over een verklaring van de verlader met de informatie vereist volgens het eerste lid, onder a), b) en c).
De verlader bezorgt deze verklaring aan de kapitein of de exploitant en zorgt ervoor dat de voor vervoer aangeboden vracht werkelijk die is waarover overeenkomstig het eerste lid een verklaring werd afgelegd. " ;
2° in paragraaf 2 worden de woorden " § 1 is niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op " en wordt de bepaling onder c) vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Gevaarlijke of verontreinigende stoffen mogen in de Gentse zeehaven niet voor vervoer worden aangeboden noch aan boord van een schip worden genomen, ongeacht de grootte van het schip, tenzij aan de kapitein of de exploitant, vooraleer de goederen aan boord worden genomen, een verklaring met de volgende informatie werd overhandigd :
a) de in bijlage 5 genoemde informatie;
b) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150 (77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
c) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen.
Schepen komende van een haven buiten de Gemeenschap die de Gentse zeehaven aandoen en gevaarlijke of verontreinigende stoffen aan boord hebben, beschikken over een verklaring van de verlader met de informatie vereist volgens het eerste lid, onder a), b) en c).
De verlader bezorgt deze verklaring aan de kapitein of de exploitant en zorgt ervoor dat de voor vervoer aangeboden vracht werkelijk die is waarover overeenkomstig het eerste lid een verklaring werd afgelegd. " ;
2° in paragraaf 2 worden de woorden " § 1 is niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op " en wordt de bepaling onder c) vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 16. A l'article 43sexies du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Les marchandises dangereuses ou polluantes ne peuvent ĂȘtre prĂ©sentĂ©es pour le transport ou chargĂ©es Ă bord d'un bateau, quelles que soient ses dimensions, dans le port maritime de Gand que si le capitaine ou l'exploitant a reçu avant que les marchandises soient chargĂ©es Ă bord une dĂ©claration comportant les informations suivantes :
a) les informations énumérées à l'annexe 5;
b) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité.
c) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimique des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence.
Les bateaux en provenance d'un port extracommunautaire faisant escale dans le port maritime de Gand et ayant à bord des marchandises dangereuses ou polluantes ont en leur possession une déclaration, fournie par le chargeur, contenant les informations exigées en vertu de l'alinéa 1er, a), b) et c).
Le chargeur fournit une telle déclaration au capitaine ou à l'exploitant et fait en sorte que le chargement présenté pour le transport corresponde effectivement à celui a été déclaré conformément à l'alinéa 1er. ";
2° dans le paragraphe 2, les mots " Le § 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " et le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. ".
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Les marchandises dangereuses ou polluantes ne peuvent ĂȘtre prĂ©sentĂ©es pour le transport ou chargĂ©es Ă bord d'un bateau, quelles que soient ses dimensions, dans le port maritime de Gand que si le capitaine ou l'exploitant a reçu avant que les marchandises soient chargĂ©es Ă bord une dĂ©claration comportant les informations suivantes :
a) les informations énumérées à l'annexe 5;
b) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité.
c) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimique des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence.
Les bateaux en provenance d'un port extracommunautaire faisant escale dans le port maritime de Gand et ayant à bord des marchandises dangereuses ou polluantes ont en leur possession une déclaration, fournie par le chargeur, contenant les informations exigées en vertu de l'alinéa 1er, a), b) et c).
Le chargeur fournit une telle déclaration au capitaine ou à l'exploitant et fait en sorte que le chargement présenté pour le transport corresponde effectivement à celui a été déclaré conformément à l'alinéa 1er. ";
2° dans le paragraphe 2, les mots " Le § 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " et le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. ".
Art. 17. In de artikelen 43septies, tweede lid, 43octies, tweede lid, en 43nonies, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 17. Aux articles 43septies, alinĂ©a 2, 43octies, alinĂ©a 2, et 43nonies, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©s par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 18. In artikel 43decies, § 5, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt aangevuld met de woorden " onverminderd de bepalingen van artikel 43duodecies; ";
3° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. ".
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt aangevuld met de woorden " onverminderd de bepalingen van artikel 43duodecies; ";
3° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. ".
Art. 18. A l'article 43decies, § 5, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le b) est complété par les mots " sans préjudice des dispositions de l'article 43duodecies. ";
3° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le b) est complété par les mots " sans préjudice des dispositions de l'article 43duodecies. ";
3° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 19. In artikel 43undecies, vierde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 19. A l'article 43undecies, alinĂ©a 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 20. In hetzelfde besluit wordt een artikel 43duodecies ingevoegd, luidende :
" Art. 43duodecies. Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter dat de Belgische vlag voert en in de Europese Gemeenschap is geregistreerd, of dienstdoet in de Belgische binnenwateren of territoriale wateren, of zijn vangst aan land brengt in de Gentse zeehaven, moet volgens het hieronder aangegeven tijdschema worden uitgerust met een automatisch identificatiesysteem (AIS) (klasse A) dat voldoet aan de door de IMO ontwikkelde prestatienormen :
a) Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter moet aan de uitrustingsplicht als bedoeld in dit artikel voldoen overeenkomstig het volgende tijdschema :
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 24 meter of meer, doch minder dan 45 meter : uiterlijk op 31 mei 2012;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 18 meter of meer, doch minder dan 24 meter : uiterlijk op 31 mei 2013;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter, doch minder dan 18 meter : uiterlijk op 31 mei 2014.
b) Pasgebouwde vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter moeten aan de uitrustingsplicht, als bedoeld in dit artikel, voldoen vanaf 30 november 2010.
Vissersvaartuigen die zijn uitgerust met een AIS houden dit systeem te allen tijde operationeel. In uitzonderlijke omstandigheden mag het AIS worden uitgeschakeld, wanneer dat volgens de kapitein noodzakelijk is voor de veiligheid of de beveiliging van zijn vaartuig. "
" Art. 43duodecies. Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter dat de Belgische vlag voert en in de Europese Gemeenschap is geregistreerd, of dienstdoet in de Belgische binnenwateren of territoriale wateren, of zijn vangst aan land brengt in de Gentse zeehaven, moet volgens het hieronder aangegeven tijdschema worden uitgerust met een automatisch identificatiesysteem (AIS) (klasse A) dat voldoet aan de door de IMO ontwikkelde prestatienormen :
a) Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter moet aan de uitrustingsplicht als bedoeld in dit artikel voldoen overeenkomstig het volgende tijdschema :
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 24 meter of meer, doch minder dan 45 meter : uiterlijk op 31 mei 2012;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 18 meter of meer, doch minder dan 24 meter : uiterlijk op 31 mei 2013;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter, doch minder dan 18 meter : uiterlijk op 31 mei 2014.
b) Pasgebouwde vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter moeten aan de uitrustingsplicht, als bedoeld in dit artikel, voldoen vanaf 30 november 2010.
Vissersvaartuigen die zijn uitgerust met een AIS houden dit systeem te allen tijde operationeel. In uitzonderlijke omstandigheden mag het AIS worden uitgeschakeld, wanneer dat volgens de kapitein noodzakelijk is voor de veiligheid of de beveiliging van zijn vaartuig. "
Art. 20. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 43duodecies rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 43duodecies. Tout navire de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres, battant pavillon belge et immatriculĂ© dans la CommunautĂ© europĂ©enne, ou en exploitation dans les eaux intĂ©rieures ou territoriales belges, ou dĂ©barquant ses captures dans le port maritime de Gand est Ă©quipĂ©, conformĂ©ment au calendrier suivant d'un systĂšme d'identification automatique (AIS) (de classe A) rĂ©pondant aux normes de performance Ă©tablies par l'OMI :
a) Les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout dĂ©passe 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport selon le calendrier suivant :
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 24 mĂštres et infĂ©rieure Ă 45 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2012;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 18 mĂštres et infĂ©rieure Ă 24 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2013;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres et infĂ©rieure Ă 18 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2014.
b) Les navires de pĂȘche neufs d'une longueur hors tout supĂ©rieure Ă 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport Ă partir du 30 novembre 2010.
Les navires de pĂȘche Ă©quipĂ©s de l'AIS maintiennent celui-ci en fonctionnement Ă tout moment. Dans des circonstances exceptionnelles, l'AIS peut ĂȘtre dĂ©branchĂ© si le capitaine le juge nĂ©cessaire pour la sĂ©curitĂ© ou la sĂ»retĂ© de son navire. "
" Art. 43duodecies. Tout navire de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres, battant pavillon belge et immatriculĂ© dans la CommunautĂ© europĂ©enne, ou en exploitation dans les eaux intĂ©rieures ou territoriales belges, ou dĂ©barquant ses captures dans le port maritime de Gand est Ă©quipĂ©, conformĂ©ment au calendrier suivant d'un systĂšme d'identification automatique (AIS) (de classe A) rĂ©pondant aux normes de performance Ă©tablies par l'OMI :
a) Les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout dĂ©passe 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport selon le calendrier suivant :
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 24 mĂštres et infĂ©rieure Ă 45 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2012;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 18 mĂštres et infĂ©rieure Ă 24 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2013;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres et infĂ©rieure Ă 18 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2014.
b) Les navires de pĂȘche neufs d'une longueur hors tout supĂ©rieure Ă 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport Ă partir du 30 novembre 2010.
Les navires de pĂȘche Ă©quipĂ©s de l'AIS maintiennent celui-ci en fonctionnement Ă tout moment. Dans des circonstances exceptionnelles, l'AIS peut ĂȘtre dĂ©branchĂ© si le capitaine le juge nĂ©cessaire pour la sĂ©curitĂ© ou la sĂ»retĂ© de son navire. "
Art. 21. In hetzelfde besluit wordt een artikel 43terdecies ingevoegd, luidende :
" Art. 43terdecies. Schepen waarop Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag en de door de IMO aangenomen prestatienormen en functionele eisen van toepassing zijn, worden uitgerust met een LRIT-uitrusting die aan dat voorschrift voldoet, indien zij de Gentse zeehaven aandoen. "
" Art. 43terdecies. Schepen waarop Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag en de door de IMO aangenomen prestatienormen en functionele eisen van toepassing zijn, worden uitgerust met een LRIT-uitrusting die aan dat voorschrift voldoet, indien zij de Gentse zeehaven aandoen. "
Art. 21. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© une article 43terdecies rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 43terdecies. Les bateaux auxquels la rÚgle SOLAS V/19-1 et les normes de performance et exigences opérationnelles adoptées par l'OMI s'appliquent, sont dotés d'un équipement LRIT conforme à ladite rÚgle, lorsqu'ils font escale dans le port maritime de Gand. "
" Art. 43terdecies. Les bateaux auxquels la rÚgle SOLAS V/19-1 et les normes de performance et exigences opérationnelles adoptées par l'OMI s'appliquent, sont dotés d'un équipement LRIT conforme à ladite rÚgle, lorsqu'ils font escale dans le port maritime de Gand. "
Art. 22. In hetzelfde besluit wordt een artikel 43quaterdecies ingevoegd, luidende :
" Art. 43quaterdecies. § 1. Vrijstelling van de eisen van de artikelen 43bis, § 1, en 43ter kan worden verleend voor lijndiensten tussen de Gentse zeehaven en een andere Belgische haven wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan :
a) de maatschappij die deze lijndiensten exploiteert, houdt een lijst bij van de betrokken schepen en deelt die lijst mee aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, en werkt deze bij;
b) telkens als de reis wordt uitgevoerd, wordt de in bijlage 5, indien toepasselijk, genoemde informatie ter beschikking gehouden van de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, indien deze daarom verzoekt. De maatschappij zet een intern systeem op waarmee genoemde inlichtingen 24 uur per dag direct nadat daarom door de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest is gevraagd, elektronisch aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest kunnen worden doorgegeven;
c) alle afwijkingen van de verwachte tijd van aankomst in de haven van bestemming of bij het loodsstation van drie uur of meer worden, indien toepasselijk, meegedeeld aan de haven van aankomst of aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest;
d) vrijstellingen worden alleen verleend aan individuele schepen op een specifieke dienst.
De vrijstelling bedoeld in het eerste lid wordt toegekend door de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de dienst alleen als lijndienst beschouwd als het de bedoeling is dat hij ten minste één maand wordt geëxploiteerd.
Vrijstellingen van de in de artikelen 43bis, § 1, en 43ter neergelegde eisen blijven beperkt tot reizen met een geplande duur van maximaal 12 uur. "
§ 2. Wanneer een internationale lijndienst tussen de Gentse zeehaven en één of meer lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vrijstelling verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1 indien de betrokken lidstaat of lidstaten daarom verzoeken.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de Gentse zeehaven en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vragen aan de betrokken lidstaat of lidstaten om vrijstelling te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de Gentse zeehaven en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, werkt de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is samen met alle betrokken lidstaten met inbegrip van de betrokken kuststaten om een vrijstelling voor de betreffende dienst te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
§ 3. De met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn, controleren regelmatig of aan de voorwaarden van paragraaf 1 wordt voldaan. Wanneer niet meer wordt voldaan aan ten minste één van deze voorwaarden, trekken de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn het voorrecht van de vrijstelling voor de betrokken maatschappij onmiddellijk in. "
" Art. 43quaterdecies. § 1. Vrijstelling van de eisen van de artikelen 43bis, § 1, en 43ter kan worden verleend voor lijndiensten tussen de Gentse zeehaven en een andere Belgische haven wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan :
a) de maatschappij die deze lijndiensten exploiteert, houdt een lijst bij van de betrokken schepen en deelt die lijst mee aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, en werkt deze bij;
b) telkens als de reis wordt uitgevoerd, wordt de in bijlage 5, indien toepasselijk, genoemde informatie ter beschikking gehouden van de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest, indien deze daarom verzoekt. De maatschappij zet een intern systeem op waarmee genoemde inlichtingen 24 uur per dag direct nadat daarom door de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest is gevraagd, elektronisch aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest kunnen worden doorgegeven;
c) alle afwijkingen van de verwachte tijd van aankomst in de haven van bestemming of bij het loodsstation van drie uur of meer worden, indien toepasselijk, meegedeeld aan de haven van aankomst of aan de bevoegde dienst van het Vlaamse Gewest;
d) vrijstellingen worden alleen verleend aan individuele schepen op een specifieke dienst.
De vrijstelling bedoeld in het eerste lid wordt toegekend door de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de dienst alleen als lijndienst beschouwd als het de bedoeling is dat hij ten minste één maand wordt geëxploiteerd.
Vrijstellingen van de in de artikelen 43bis, § 1, en 43ter neergelegde eisen blijven beperkt tot reizen met een geplande duur van maximaal 12 uur. "
§ 2. Wanneer een internationale lijndienst tussen de Gentse zeehaven en één of meer lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vrijstelling verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1 indien de betrokken lidstaat of lidstaten daarom verzoeken.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de Gentse zeehaven en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vragen aan de betrokken lidstaat of lidstaten om vrijstelling te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de Gentse zeehaven en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, werkt de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is samen met alle betrokken lidstaten met inbegrip van de betrokken kuststaten om een vrijstelling voor de betreffende dienst te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
§ 3. De met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn, controleren regelmatig of aan de voorwaarden van paragraaf 1 wordt voldaan. Wanneer niet meer wordt voldaan aan ten minste één van deze voorwaarden, trekken de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn het voorrecht van de vrijstelling voor de betrokken maatschappij onmiddellijk in. "
Art. 22. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© une article 43quaterdecies rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 43quaterdecies. § 1er. Les services rĂ©guliers assurĂ©s entre le port maritime de Gand et un autre port belge peuvent ĂȘtre exemptĂ©s des exigences Ă©noncĂ©es aux articles 43bis, § 1er, et 43ter pour autant que les conditions suivantes ont Ă©tĂ© remplies :
a) la compagnie exploitant ces services réguliers établit et tient à jour une liste des bateaux concernés et la transmet au service compétent de la Région flamande;
b) pour chaque voyage effectué, les informations prévues à l'annexe 5, selon le cas, sont tenues à la disposition du service compétent de la Région flamande à sa demande. La compagnie établit un systÚme interne qui garantit, 24 heures sur 24, la transmission sous forme électronique et sans délai aprÚs en avoir reçu la demande de ces informations au service compétent de la Région flamande;
c) toute différence par rapport à l'heure d'arrivée probable au port de destination ou à la station de pilotage, égale ou supérieure à trois heures, est notifiée au port de destination ou au service compétent de la Région flamande;
d) des exemptions ne sont accordées qu'à des bateaux déterminés pour ce qui concerne un service spécifique.
L'exemption visée à l'alinéa 1er est accordée par les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet.
Aux fins de l'alinĂ©a 1er, le service n'est rĂ©putĂ© ĂȘtre un service rĂ©gulier que s'il est prĂ©vu de l'assurer pendant un mois au minimum.
Les exemptions aux exigences des articles 43bis, § 1er, et 43ter sont limitées à des voyages d'une durée maximale prévue de douze heures. "
§ 2. Quand un service régulier international est exploité entre le port maritime de Gand et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er sur demande du ou des Etats membres concernés.
Quand un service régulier international est exploité entre le port maritime de Gand et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut demander à ou aux Etats membres concernés d'accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
Quand un service régulier international est exploité entre le port maritime de Gand et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet coopÚre avec tous les Etats membres concernés, y compris les Etats cÎtiers concernés, en vue d'octroyer au service en question une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
§ 3. Les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet vérifient périodiquement que les conditions énoncées au paragraphe 1er sont remplies. Lorsque l'une au moins de ces conditions n'est plus remplie, les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet retirent immédiatement le bénéfice de l'exemption à la compagnie concernée. ".
" Art. 43quaterdecies. § 1er. Les services rĂ©guliers assurĂ©s entre le port maritime de Gand et un autre port belge peuvent ĂȘtre exemptĂ©s des exigences Ă©noncĂ©es aux articles 43bis, § 1er, et 43ter pour autant que les conditions suivantes ont Ă©tĂ© remplies :
a) la compagnie exploitant ces services réguliers établit et tient à jour une liste des bateaux concernés et la transmet au service compétent de la Région flamande;
b) pour chaque voyage effectué, les informations prévues à l'annexe 5, selon le cas, sont tenues à la disposition du service compétent de la Région flamande à sa demande. La compagnie établit un systÚme interne qui garantit, 24 heures sur 24, la transmission sous forme électronique et sans délai aprÚs en avoir reçu la demande de ces informations au service compétent de la Région flamande;
c) toute différence par rapport à l'heure d'arrivée probable au port de destination ou à la station de pilotage, égale ou supérieure à trois heures, est notifiée au port de destination ou au service compétent de la Région flamande;
d) des exemptions ne sont accordées qu'à des bateaux déterminés pour ce qui concerne un service spécifique.
L'exemption visée à l'alinéa 1er est accordée par les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet.
Aux fins de l'alinĂ©a 1er, le service n'est rĂ©putĂ© ĂȘtre un service rĂ©gulier que s'il est prĂ©vu de l'assurer pendant un mois au minimum.
Les exemptions aux exigences des articles 43bis, § 1er, et 43ter sont limitées à des voyages d'une durée maximale prévue de douze heures. "
§ 2. Quand un service régulier international est exploité entre le port maritime de Gand et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er sur demande du ou des Etats membres concernés.
Quand un service régulier international est exploité entre le port maritime de Gand et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut demander à ou aux Etats membres concernés d'accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
Quand un service régulier international est exploité entre le port maritime de Gand et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet coopÚre avec tous les Etats membres concernés, y compris les Etats cÎtiers concernés, en vue d'octroyer au service en question une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
§ 3. Les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet vérifient périodiquement que les conditions énoncées au paragraphe 1er sont remplies. Lorsque l'une au moins de ces conditions n'est plus remplie, les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet retirent immédiatement le bénéfice de l'exemption à la compagnie concernée. ".
HOOFDSTUK IV. - Wijziging van het koninklijk besluit van 23 september 1992 houdende politiereglement van de Beneden-Zeeschelde
CHAPITRE IV. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du 23 septembre 1992 portant rĂšglement de police de l'Escaut maritime infĂ©rieur
Art. 23. In artikel 1, § 1, van het koninklijk besluit van 23 september 1992 houdende politiereglement van de Beneden-Zeeschelde, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, wordt de zin " Dit reglement bevat bepalingen ter omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad " vervangen als volgt :
" Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad, gewijzigd bij Richtlijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. "
" Dit besluit voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad, gewijzigd bij Richtlijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. "
Art. 23. Dans l'article 1er, § 1er, de l'arrĂȘtĂ© royal du 23 septembre 1992 portant rĂšglement de police de l'Escaut maritime infĂ©rieur, modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, la phrase " Le prĂ©sent rĂšglement contient des dispositions transposant la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information, et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil. " est remplacĂ©e par la phrase suivante :
" Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, modifiĂ©e par la Directive 2009/17/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 23 avril 2009. "
" Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, modifiĂ©e par la Directive 2009/17/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 23 avril 2009. "
Art. 24. Artikel 2 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 9 februari 1996, 9 december 1998 en 17 september 2005, wordt aangevuld met de bepalingen onder 34°, 35°, 36°, 37° en 38°, luidende :
" 34° lijndienst : een reeks overtochten door schepen waarmee de verbinding tussen dezelfde twee of meer havens wordt onderhouden, hetzij volgens een gepubliceerde dienstregeling, hetzij met een zodanige regelmaat of frequentie dat zij een herkenbare systematische reeks vormen;
35° vissersvaartuig : elk schip dat is uitgerust voor commerciële exploitatie van levende aquatische hulpbronnen;
36° schip dat bijstand behoeft : een schip in omstandigheden die gevaar voor verlies van het vaartuig, voor het milieu of voor de scheepvaart kunnen opleveren, onverminderd de bepalingen van het SAR-verdrag inzake opsporing en redding op zee;
37° LRIT : een systeem voor het op lange afstand identificeren en volgen van schepen in overeenstemming met Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag;
38° brutotonnenmaat : de maat van de totale inhoud van een schip vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
" 34° lijndienst : een reeks overtochten door schepen waarmee de verbinding tussen dezelfde twee of meer havens wordt onderhouden, hetzij volgens een gepubliceerde dienstregeling, hetzij met een zodanige regelmaat of frequentie dat zij een herkenbare systematische reeks vormen;
35° vissersvaartuig : elk schip dat is uitgerust voor commerciële exploitatie van levende aquatische hulpbronnen;
36° schip dat bijstand behoeft : een schip in omstandigheden die gevaar voor verlies van het vaartuig, voor het milieu of voor de scheepvaart kunnen opleveren, onverminderd de bepalingen van het SAR-verdrag inzake opsporing en redding op zee;
37° LRIT : een systeem voor het op lange afstand identificeren en volgen van schepen in overeenstemming met Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag;
38° brutotonnenmaat : de maat van de totale inhoud van een schip vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
Art. 24. L'article 2 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, modifiĂ© par les arrĂȘtes royaux des 9 fĂ©vrier 1996, 9 dĂ©cembre 1998 et 17 septembre 2005, est complĂ©tĂ© par les 34°, 35°, 36°, 37° et 38°, rĂ©digĂ©s comme suit :
" 34° service rĂ©gulier : une sĂ©rie de traversĂ©es organisĂ©e de façon Ă desservir deux mĂȘmes ports ou davantage, soit selon un horaire publiĂ©, soit avec une rĂ©gularitĂ© ou une frĂ©quence telle qu'elle constitue une sĂ©rie systĂ©matique reconnaissable;
35° navire de pĂȘche : tout bateau Ă©quipĂ© pour l'exploitation commerciale des ressources aquatiques vivantes;
36° bateau ayant besoin d'assistance : sans préjudice des dispositions de la convention SAR sur le sauvetage des personnes, un bateau se trouvant dans une situation qui pourrait entraßner la perte du bùtiment ou constituer une menace pour l'environnement ou pour la navigation;
37° LRIT : un systÚme d'identification et de suivi à distance des bateaux conformément à la rÚgle SOLAS V/19-1;
38° jauge brute : la capacité d'utilisation d'un bateau, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
" 34° service rĂ©gulier : une sĂ©rie de traversĂ©es organisĂ©e de façon Ă desservir deux mĂȘmes ports ou davantage, soit selon un horaire publiĂ©, soit avec une rĂ©gularitĂ© ou une frĂ©quence telle qu'elle constitue une sĂ©rie systĂ©matique reconnaissable;
35° navire de pĂȘche : tout bateau Ă©quipĂ© pour l'exploitation commerciale des ressources aquatiques vivantes;
36° bateau ayant besoin d'assistance : sans préjudice des dispositions de la convention SAR sur le sauvetage des personnes, un bateau se trouvant dans une situation qui pourrait entraßner la perte du bùtiment ou constituer une menace pour l'environnement ou pour la navigation;
37° LRIT : un systÚme d'identification et de suivi à distance des bateaux conformément à la rÚgle SOLAS V/19-1;
38° jauge brute : la capacité d'utilisation d'un bateau, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
Art. 25. In de artikelen 3bis, tweede lid, 3ter, tweede lid, 3quinquies, tweede lid en 3sexies, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " Het eerste lid is niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van het eerste lid niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 25. Aux articles 3bis, alinĂ©a 2, 3ter, alinĂ©a 2, 3quinquies, alinĂ©a 2 et 3sexies, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ©s par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " L'alinéa 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions de l'alinéa 1er ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 26. In artikel 3quater, § 5, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt aangevuld met de woorden "onverminderd de bepalingen in artikel 3octies; ";
3° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt aangevuld met de woorden "onverminderd de bepalingen in artikel 3octies; ";
3° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 26. A l'article 3quater, § 5, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le b) est complété par les mots " sans préjudice des dispositions de l'article 3octies. ";
3° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le b) est complété par les mots " sans préjudice des dispositions de l'article 3octies. ";
3° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 27. In artikel 3septies, vierde lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " De bepalingen van dit artikel zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit artikel niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 27. A l'article 3septies, alinĂ©a 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions du présent article ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent article ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 28. In hetzelfde besluit wordt een artikel 3octies ingevoegd, luidende :
" Art. 3octies. Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter dat de Belgische vlag voert en in de Europese Gemeenschap is geregistreerd, of dienstdoet in de Belgische binnenwateren of territoriale wateren, of zijn vangst aan land brengt in de haven van Antwerpen, Brussel of Luik, moet volgens het hieronder aangegeven tijdschema worden uitgerust met een automatisch identificatiesysteem (AIS) (klasse A) dat voldoet aan de door de IMO ontwikkelde prestatienormen :
a) Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter moet aan de uitrustingsplicht als bedoeld in dit artikel voldoen overeenkomstig het volgende tijdschema :
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 24 meter of meer, doch minder dan 45 meter : uiterlijk op 31 mei 2012;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 18 meter of meer, doch minder dan 24 meter : uiterlijk op 31 mei 2013;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter, doch minder dan 18 meter : uiterlijk op 31 mei 2014.
b) Pasgebouwde vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter moeten aan de uitrustingsplicht, als bedoeld in dit artikel, voldoen vanaf 30 november 2010.
Vissersvaartuigen die zijn uitgerust met een AIS houden dit systeem te allen tijde operationeel. In uitzonderlijke omstandigheden mag het AIS worden uitgeschakeld, wanneer dat volgens de kapitein noodzakelijk is voor de veiligheid of de beveiliging van zijn vaartuig. "
" Art. 3octies. Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter dat de Belgische vlag voert en in de Europese Gemeenschap is geregistreerd, of dienstdoet in de Belgische binnenwateren of territoriale wateren, of zijn vangst aan land brengt in de haven van Antwerpen, Brussel of Luik, moet volgens het hieronder aangegeven tijdschema worden uitgerust met een automatisch identificatiesysteem (AIS) (klasse A) dat voldoet aan de door de IMO ontwikkelde prestatienormen :
a) Elk vissersvaartuig met een lengte over alles van meer dan 15 meter moet aan de uitrustingsplicht als bedoeld in dit artikel voldoen overeenkomstig het volgende tijdschema :
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 24 meter of meer, doch minder dan 45 meter : uiterlijk op 31 mei 2012;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van 18 meter of meer, doch minder dan 24 meter : uiterlijk op 31 mei 2013;
- vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter, doch minder dan 18 meter : uiterlijk op 31 mei 2014.
b) Pasgebouwde vissersvaartuigen met een lengte over alles van meer dan 15 meter moeten aan de uitrustingsplicht, als bedoeld in dit artikel, voldoen vanaf 30 november 2010.
Vissersvaartuigen die zijn uitgerust met een AIS houden dit systeem te allen tijde operationeel. In uitzonderlijke omstandigheden mag het AIS worden uitgeschakeld, wanneer dat volgens de kapitein noodzakelijk is voor de veiligheid of de beveiliging van zijn vaartuig. "
Art. 28. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 3octies rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 3octies. Tout navire de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres, battant pavillon belge et immatriculĂ© dans la CommunautĂ© europĂ©enne, ou en exploitation dans les eaux intĂ©rieures ou territoriales belges, ou dĂ©barquant ses captures dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiĂšge est Ă©quipĂ©, conformĂ©ment au calendrier suivant d'un systĂšme d'identification automatique (AIS) (de classe A) rĂ©pondant aux normes de performance Ă©tablies par l'OMI :
a) les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout dĂ©passe 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport selon le calendrier suivant :
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 24 mĂštres et infĂ©rieure Ă 45 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2012;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 18 mĂštres et infĂ©rieure Ă 24 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2013;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres et infĂ©rieure Ă 18 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2014.
b) les navires de pĂȘche neufs d'une longueur tout supĂ©rieure Ă 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport Ă partir du 30 novembre 2010.
Les navires de pĂȘche Ă©quipĂ©s de l'AIS maintiennent celui-ci en fonctionnement Ă tout moment. Dans des circonstances exceptionnelles, l'AIS peut ĂȘtre dĂ©branchĂ© si le capitaine le juge nĂ©cessaire pour la sĂ©curitĂ© ou la sĂ»retĂ© de son navire. "
" Art. 3octies. Tout navire de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres, battant pavillon belge et immatriculĂ© dans la CommunautĂ© europĂ©enne, ou en exploitation dans les eaux intĂ©rieures ou territoriales belges, ou dĂ©barquant ses captures dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiĂšge est Ă©quipĂ©, conformĂ©ment au calendrier suivant d'un systĂšme d'identification automatique (AIS) (de classe A) rĂ©pondant aux normes de performance Ă©tablies par l'OMI :
a) les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout dĂ©passe 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport selon le calendrier suivant :
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 24 mĂštres et infĂ©rieure Ă 45 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2012;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure ou Ă©gale Ă 18 mĂštres et infĂ©rieure Ă 24 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2013;
- les navires de pĂȘche dont la longueur hors tout est supĂ©rieure Ă 15 mĂštres et infĂ©rieure Ă 18 mĂštres : au plus tard le 31 mai 2014.
b) les navires de pĂȘche neufs d'une longueur tout supĂ©rieure Ă 15 mĂštres sont soumis Ă l'exigence d'emport Ă partir du 30 novembre 2010.
Les navires de pĂȘche Ă©quipĂ©s de l'AIS maintiennent celui-ci en fonctionnement Ă tout moment. Dans des circonstances exceptionnelles, l'AIS peut ĂȘtre dĂ©branchĂ© si le capitaine le juge nĂ©cessaire pour la sĂ©curitĂ© ou la sĂ»retĂ© de son navire. "
Art. 29. In hetzelfde besluit wordt een artikel 3novies ingevoegd, luidende :
" Art. 3novies. Schepen waarop Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag en de door de IMO aangenomen prestatienormen en functionele eisen van toepassing zijn, worden uitgerust met een LRIT-uitrusting die aan dat voorschrift voldoet, indien zij de haven van Antwerpen, Brussel of Luik aandoen. "
" Art. 3novies. Schepen waarop Voorschrift 19-1 van hoofdstuk V van het SOLAS-verdrag en de door de IMO aangenomen prestatienormen en functionele eisen van toepassing zijn, worden uitgerust met een LRIT-uitrusting die aan dat voorschrift voldoet, indien zij de haven van Antwerpen, Brussel of Luik aandoen. "
Art. 29. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 3novies rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 3novies. Les bateaux auxquels la rÚgle SOLAS V/19-1 et les normes de performance et exigences opérationnelles adoptées par l'OMI s'appliquent, sont dotés d'un équipement LRIT conforme à ladite rÚgle, lorsqu'ils font escale dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge. "
" Art. 3novies. Les bateaux auxquels la rÚgle SOLAS V/19-1 et les normes de performance et exigences opérationnelles adoptées par l'OMI s'appliquent, sont dotés d'un équipement LRIT conforme à ladite rÚgle, lorsqu'ils font escale dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge. "
Art. 30. In artikel 27, § 3, van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 9 februari 1996 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van §§ 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " De bepalingen van §§ 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 30. A l'article 27, § 3, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 9 fĂ©vrier 1996 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions des §§ 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions des §§ 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 31. In artikel 28, § 4, van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 9 februari 1996 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van de §§ 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " De bepalingen van de §§ 1 en 2 zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van de paragrafen 1 en 2 niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder b) wordt vervangen als volgt :
" b) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 31. A l'article 28, § 4, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, remplacĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 9 fĂ©vrier 1996 et modifiĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions des §§ 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions des §§ 1er et 2 ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions des paragraphes 1er et 2 ne s'appliquent pas ";
2° le b) est remplacé par ce qui suit :
" b) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 32. In hetzelfde besluit wordt een artikel 28bis ingevoegd, luidende :
" Art. 28bis. § 1. Vrijstelling van de eisen van de artikelen 27, § 1, en 28 kan worden verleend voor lijndiensten tussen de havens van Antwerpen, Brussel en Luik, of tussen de havens van Antwerpen, Brussel of Luik en een andere Belgische haven wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan :
a) de maatschappij die deze lijndiensten exploiteert, houdt een lijst bij van de betrokken schepen en deelt die lijst mee aan de bevoegde dienst van het bevoegde gewest, en werkt deze bij;
b) telkens als de reis wordt uitgevoerd, wordt de in bijlage 1, indien toepasselijk, genoemde informatie ter beschikking gehouden van de bevoegde dienst van het bevoegde gewest, indien deze daarom verzoekt. De maatschappij zet een intern systeem op waarmee genoemde inlichtingen 24 uur per dag direct na het verzoek, elektronisch aan de bevoegde dienst van het bevoegde gewest kunnen worden doorgegeven;
c) alle afwijkingen van de verwachte tijd van aankomst in de haven van bestemming of bij het loodsstation van drie uur of meer worden, indien toepasselijk, meegedeeld aan de haven van aankomst of aan de bevoegde dienst van het bevoegde gewest;
d) vrijstellingen worden alleen verleend aan individuele schepen op een specifieke dienst.
De vrijstelling bedoeld in het eerste lid wordt toegekend door de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de dienst alleen als lijndienst beschouwd als het de bedoeling is dat hij ten minste één maand wordt geëxploiteerd.
Vrijstellingen van de in de artikelen 27, § 1, en 28 neergelegde eisen blijven beperkt tot reizen met een geplande duur van maximaal 12 uur.
§ 2. Wanneer een internationale lijndienst tussen de haven van Antwerpen, Brussel of Luik en één of meer lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vrijstelling verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1 indien de betrokken lidstaat of lidstaten daarom verzoeken.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de haven van Antwerpen, Brussel of Luik en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vragen aan de betrokken lidstaat of lidstaten om vrijstelling te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de haven van Antwerpen, Brussel of Luik en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, werkt de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is samen met alle betrokken lidstaten met inbegrip van de betrokken kuststaten om een vrijstelling voor de betreffende dienst te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
§ 3. De met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn, controleren regelmatig of aan de voorwaarden van paragraaf 1 wordt voldaan. Wanneer niet meer wordt voldaan aan ten minste één van deze voorwaarden, trekken de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn het voorrecht van de vrijstelling voor de betrokken maatschappij onmiddellijk in. "
" Art. 28bis. § 1. Vrijstelling van de eisen van de artikelen 27, § 1, en 28 kan worden verleend voor lijndiensten tussen de havens van Antwerpen, Brussel en Luik, of tussen de havens van Antwerpen, Brussel of Luik en een andere Belgische haven wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan :
a) de maatschappij die deze lijndiensten exploiteert, houdt een lijst bij van de betrokken schepen en deelt die lijst mee aan de bevoegde dienst van het bevoegde gewest, en werkt deze bij;
b) telkens als de reis wordt uitgevoerd, wordt de in bijlage 1, indien toepasselijk, genoemde informatie ter beschikking gehouden van de bevoegde dienst van het bevoegde gewest, indien deze daarom verzoekt. De maatschappij zet een intern systeem op waarmee genoemde inlichtingen 24 uur per dag direct na het verzoek, elektronisch aan de bevoegde dienst van het bevoegde gewest kunnen worden doorgegeven;
c) alle afwijkingen van de verwachte tijd van aankomst in de haven van bestemming of bij het loodsstation van drie uur of meer worden, indien toepasselijk, meegedeeld aan de haven van aankomst of aan de bevoegde dienst van het bevoegde gewest;
d) vrijstellingen worden alleen verleend aan individuele schepen op een specifieke dienst.
De vrijstelling bedoeld in het eerste lid wordt toegekend door de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt de dienst alleen als lijndienst beschouwd als het de bedoeling is dat hij ten minste één maand wordt geëxploiteerd.
Vrijstellingen van de in de artikelen 27, § 1, en 28 neergelegde eisen blijven beperkt tot reizen met een geplande duur van maximaal 12 uur.
§ 2. Wanneer een internationale lijndienst tussen de haven van Antwerpen, Brussel of Luik en één of meer lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vrijstelling verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1 indien de betrokken lidstaat of lidstaten daarom verzoeken.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de haven van Antwerpen, Brussel of Luik en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, kan de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is vragen aan de betrokken lidstaat of lidstaten om vrijstelling te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
Wanneer een internationale lijndienst tussen de haven van Antwerpen, Brussel of Luik en één of meer andere lidstaten wordt geëxploiteerd, werkt de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaar die daartoe aangesteld is samen met alle betrokken lidstaten met inbegrip van de betrokken kuststaten om een vrijstelling voor de betreffende dienst te verlenen van de eisen van paragraaf 1 overeenkomstig de voorwaarden van paragraaf 1.
§ 3. De met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn, controleren regelmatig of aan de voorwaarden van paragraaf 1 wordt voldaan. Wanneer niet meer wordt voldaan aan ten minste één van deze voorwaarden, trekken de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn het voorrecht van de vrijstelling voor de betrokken maatschappij onmiddellijk in. "
Art. 32. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 28bis rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 28bis. § 1er. Les services rĂ©guliers assurĂ©s entre les ports d'Anvers, de Bruxelles et de LiĂšge, ou entre les ports d'Anvers, de Bruxelles ou de LiĂšge et un autre port belge, peuvent ĂȘtre exemptĂ©s des exigences Ă©noncĂ©es aux articles 27, § 1er, et 28 pour autant que les conditions suivantes ont Ă©tĂ© remplies :
a) la compagnie exploitant ces services réguliers établit et tient à jour une liste des bateaux concernés et la transmet au service compétent de la région compétente;
b) pour chaque voyage effectué, les informations prévues à l'annexe 1re, selon le cas, sont tenues à la disposition du service compétent de la région compétente à sa demande. La compagnie établit un systÚme interne qui garantit, 24 heures sur 24, la transmission sous forme électronique et sans délai aprÚs en avoir reçu la demande de ces informations au service compétent de la région compétente;
c) toute différence par rapport à l'heure d'arrivée probable au port de destination ou à la station de pilotage, égale ou supérieure à trois heures, est notifiée au port de destination ou au service compétent de la région compétente;
d) des exemptions ne sont accordées qu'à des bateaux déterminés pour ce qui concerne un service spécifique.
L'exemption visée à l'alinéa 1er est accordée par les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet.
Aux fins de l'alinĂ©a 1er, le service n'est rĂ©putĂ© ĂȘtre un service rĂ©gulier que s'il est prĂ©vu de l'assurer pendant un mois au minimum.
Les exemptions aux exigences des articles 27, § 1er, et 28 sont limitées à des voyages d'une durée maximale prévue de douze heures.
§ 2. Quand un service régulier international est exploité entre le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er sur demande du ou des Etats membres concernés.
Quand un service régulier international est exploité entre le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut demander à ou aux Etats membres concernés d'accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
Quand un service régulier international est exploité entre le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet coopÚre avec tous les Etats membres concernés, y compris les Etats cÎtiers concernés, en vue d'octroyer au service en question une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
§ 3. Les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet vérifient périodiquement que les conditions énoncées au paragraphe 1er sont remplies. Lorsque l'une au moins de ces conditions n'est plus remplie, les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet retirent immédiatement le bénéfice de l'exemption à la compagnie concernée. "
" Art. 28bis. § 1er. Les services rĂ©guliers assurĂ©s entre les ports d'Anvers, de Bruxelles et de LiĂšge, ou entre les ports d'Anvers, de Bruxelles ou de LiĂšge et un autre port belge, peuvent ĂȘtre exemptĂ©s des exigences Ă©noncĂ©es aux articles 27, § 1er, et 28 pour autant que les conditions suivantes ont Ă©tĂ© remplies :
a) la compagnie exploitant ces services réguliers établit et tient à jour une liste des bateaux concernés et la transmet au service compétent de la région compétente;
b) pour chaque voyage effectué, les informations prévues à l'annexe 1re, selon le cas, sont tenues à la disposition du service compétent de la région compétente à sa demande. La compagnie établit un systÚme interne qui garantit, 24 heures sur 24, la transmission sous forme électronique et sans délai aprÚs en avoir reçu la demande de ces informations au service compétent de la région compétente;
c) toute différence par rapport à l'heure d'arrivée probable au port de destination ou à la station de pilotage, égale ou supérieure à trois heures, est notifiée au port de destination ou au service compétent de la région compétente;
d) des exemptions ne sont accordées qu'à des bateaux déterminés pour ce qui concerne un service spécifique.
L'exemption visée à l'alinéa 1er est accordée par les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet.
Aux fins de l'alinĂ©a 1er, le service n'est rĂ©putĂ© ĂȘtre un service rĂ©gulier que s'il est prĂ©vu de l'assurer pendant un mois au minimum.
Les exemptions aux exigences des articles 27, § 1er, et 28 sont limitées à des voyages d'une durée maximale prévue de douze heures.
§ 2. Quand un service régulier international est exploité entre le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er sur demande du ou des Etats membres concernés.
Quand un service régulier international est exploité entre le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet peut demander à ou aux Etats membres concernés d'accorder à ce service une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
Quand un service régulier international est exploité entre le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et un ou plusieurs autres Etats membres, l'agent chargé du contrÎle de la navigation désigné à cet effet coopÚre avec tous les Etats membres concernés, y compris les Etats cÎtiers concernés, en vue d'octroyer au service en question une exemption aux exigences du paragraphe 1er conformément aux conditions énoncées au paragraphe 1er.
§ 3. Les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet vérifient périodiquement que les conditions énoncées au paragraphe 1er sont remplies. Lorsque l'une au moins de ces conditions n'est plus remplie, les agents chargés du contrÎle de la navigation désignés à cet effet retirent immédiatement le bénéfice de l'exemption à la compagnie concernée. "
Art. 33. In artikel 36bis van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 17 september 2005, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Gevaarlijke of verontreinigende stoffen mogen in de haven van Antwerpen, Brussel of Luik niet voor vervoer worden aangeboden noch aan boord van een schip worden genomen, ongeacht de grootte van het schip, tenzij aan de kapitein of de exploitant, vooraleer de goederen aan boord worden genomen, een verklaring met de volgende informatie werd overhandigd :
a) de in bijlage 4 genoemde informatie;
b) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150(77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
c) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen.
Vaartuigen komende van een haven buiten de Gemeenschap die de haven van Antwerpen, Brussel of Luik aandoen en gevaarlijke of verontreinigende stoffen aan boord hebben, beschikken over een verklaring van de verlader met de informatie vereist volgens het eerste lid, onder a), b) en c).
De verlader bezorgt deze verklaring aan de kapitein of de exploitant en zorgt ervoor dat de voor vervoer aangeboden vracht werkelijk die is waarover overeenkomstig het eerste lid een verklaring werd afgelegd. ";
2° in paragraaf 2 worden de woorden " § 1 is niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op " en wordt de bepaling onder c) vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° paragraaf 1 wordt vervangen als volgt :
" § 1. Gevaarlijke of verontreinigende stoffen mogen in de haven van Antwerpen, Brussel of Luik niet voor vervoer worden aangeboden noch aan boord van een schip worden genomen, ongeacht de grootte van het schip, tenzij aan de kapitein of de exploitant, vooraleer de goederen aan boord worden genomen, een verklaring met de volgende informatie werd overhandigd :
a) de in bijlage 4 genoemde informatie;
b) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150(77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
c) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen.
Vaartuigen komende van een haven buiten de Gemeenschap die de haven van Antwerpen, Brussel of Luik aandoen en gevaarlijke of verontreinigende stoffen aan boord hebben, beschikken over een verklaring van de verlader met de informatie vereist volgens het eerste lid, onder a), b) en c).
De verlader bezorgt deze verklaring aan de kapitein of de exploitant en zorgt ervoor dat de voor vervoer aangeboden vracht werkelijk die is waarover overeenkomstig het eerste lid een verklaring werd afgelegd. ";
2° in paragraaf 2 worden de woorden " § 1 is niet van toepassing op " vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van paragraaf 1 niet van toepassing op " en wordt de bepaling onder c) vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 33. A l'article 36bis du mĂȘme arrĂȘtĂ©, insĂ©rĂ© par l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Les marchandises dangereuses ou polluantes ne peuvent ĂȘtre prĂ©sentĂ©es pour le transport ou chargĂ©es Ă bord d'un bateau, quelles que soient ses dimensions, dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiĂšge si le capitaine ou l'exploitant a reçu avant que les marchandises soient chargĂ©es Ă bord une dĂ©claration comportant des informations suivantes :
a) les informations énumérées à l'annexe 4;
b) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité;
c) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimique des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence.
Les bùtiments en provenance d'un port extracommunautaire faisant escale dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et ayant à bord des marchandises dangereuses ou polluantes ont en leur possession une déclaration, fournie par le chargeur, contenant les informations exigées en vertu de l'alinéa 1er, a), b) et c).
Le chargeur fournit une telle déclaration au capitaine ou à l'exploitant et fait en sorte que le chargement présenté pour le transport corresponde effectivement à celui a été déclaré conformément à l'alinéa 1er. ";
2° dans le paragraphe 2, les mots " Le § 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " et le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° le paragraphe 1er est remplacé par ce qui suit :
" § 1er. Les marchandises dangereuses ou polluantes ne peuvent ĂȘtre prĂ©sentĂ©es pour le transport ou chargĂ©es Ă bord d'un bateau, quelles que soient ses dimensions, dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiĂšge si le capitaine ou l'exploitant a reçu avant que les marchandises soient chargĂ©es Ă bord une dĂ©claration comportant des informations suivantes :
a) les informations énumérées à l'annexe 4;
b) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité;
c) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimique des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence.
Les bùtiments en provenance d'un port extracommunautaire faisant escale dans le port d'Anvers, de Bruxelles ou de LiÚge et ayant à bord des marchandises dangereuses ou polluantes ont en leur possession une déclaration, fournie par le chargeur, contenant les informations exigées en vertu de l'alinéa 1er, a), b) et c).
Le chargeur fournit une telle déclaration au capitaine ou à l'exploitant et fait en sorte que le chargement présenté pour le transport corresponde effectivement à celui a été déclaré conformément à l'alinéa 1er. ";
2° dans le paragraphe 2, les mots " Le § 1er ne s'applique pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du paragraphe 1er ne s'appliquent pas " et le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des bateaux d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les bateaux destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
HOOFDSTUK V. - Wijziging van het koninklijk besluit van 17 september 2005 tot omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad
CHAPITRE V. - Modification de l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005 transposant la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil
Art. 34. In artikel 1 van het koninklijk besluit van 17 september 2005 tot omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° vóór het enige lid wordt een lid toegevoegd, luidende :
" Dit hoofdstuk voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad en gewijzigd bij Richtijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. ";
2° in het vroegere enige lid, dat het tweede lid wordt, worden de woorden " ter omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad wat betreft aangelegenheden die tot de federale bevoegdheid behoren " opgeheven;
3° het vroegere enige lid, dat het tweede lid wordt, wordt aangevuld met de bepalingen onder 19°, 20°, 21°, 22°, 23° en 24°, luidende :
" 19° " resolutie A.917 (22) van de IMO " : resolutie A.917 (22) van de Internationale Maritieme Organisatie, getiteld : "Guidelines for the onboard use of AIS", zoals gewijzigd bij Resolutie A.956 (23) van de IMO;
20° " resolutie A.949 (23) van de IMO " : resolutie A.949 (23) van de Internationale Maritieme Organisatie, getiteld : "Guidelines on places of refuge for ships in need of assistance";
21° " resolutie A.950 (23) van de IMO " : resolutie A.950 (23) van de Internationale Maritieme Organisatie, getiteld : "Maritime assistance services (MAS)";
22° " IMO-richtsnoeren betreffende de billijke behandeling van zeelieden bij een ongeval op zee " (IMO guidelines on the fair treatment of seafarers in the event of a maritime accident) : de richtsnoeren in bijlage bij Resolutie LEG.3 (91) van de juridische commissie van de IMO van 27 april 2006 en goedgekeurd door de raad van bestuur van de Internationale Arbeidsorganisatie op haar 296ste zitting van 12 tot 16 juni 2006;
23° " verlader " : de persoon door wie, namens wie of ten behoeve van wie een overeenkomst voor het vervoer van goederen over zee is gesloten met een vervoerder;
24° " brutotonnenmaat " : de maat van de totale inhoud van een schip vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
1° vóór het enige lid wordt een lid toegevoegd, luidende :
" Dit hoofdstuk voorziet in de gedeeltelijke omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad en gewijzigd bij Richtijn 2009/17/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009. ";
2° in het vroegere enige lid, dat het tweede lid wordt, worden de woorden " ter omzetting van Richtlijn 2002/59/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 juni 2002 betreffende de invoering van een communautair monitoring- en informatiesysteem voor de zeescheepvaart en tot intrekking van Richtlijn 93/75/EEG van de Raad wat betreft aangelegenheden die tot de federale bevoegdheid behoren " opgeheven;
3° het vroegere enige lid, dat het tweede lid wordt, wordt aangevuld met de bepalingen onder 19°, 20°, 21°, 22°, 23° en 24°, luidende :
" 19° " resolutie A.917 (22) van de IMO " : resolutie A.917 (22) van de Internationale Maritieme Organisatie, getiteld : "Guidelines for the onboard use of AIS", zoals gewijzigd bij Resolutie A.956 (23) van de IMO;
20° " resolutie A.949 (23) van de IMO " : resolutie A.949 (23) van de Internationale Maritieme Organisatie, getiteld : "Guidelines on places of refuge for ships in need of assistance";
21° " resolutie A.950 (23) van de IMO " : resolutie A.950 (23) van de Internationale Maritieme Organisatie, getiteld : "Maritime assistance services (MAS)";
22° " IMO-richtsnoeren betreffende de billijke behandeling van zeelieden bij een ongeval op zee " (IMO guidelines on the fair treatment of seafarers in the event of a maritime accident) : de richtsnoeren in bijlage bij Resolutie LEG.3 (91) van de juridische commissie van de IMO van 27 april 2006 en goedgekeurd door de raad van bestuur van de Internationale Arbeidsorganisatie op haar 296ste zitting van 12 tot 16 juni 2006;
23° " verlader " : de persoon door wie, namens wie of ten behoeve van wie een overeenkomst voor het vervoer van goederen over zee is gesloten met een vervoerder;
24° " brutotonnenmaat " : de maat van de totale inhoud van een schip vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het Internationaal Verdrag van 23 juni 1969 betreffende de meting van schepen. "
Art. 34. A l'article 1er de l'arrĂȘtĂ© royal du 17 septembre 2005 transposant la Directive 2002/59/CE du Parlement europĂ©en et du Conseil du 27 juin 2002 relative Ă la mise en place d'un systĂšme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° un alinéa rédigé comme suit est inséré avant l'alinéa unique :
" Le présent chapitre transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement européen et du Conseil du 27 juin 2002 relative à la mise en place d'un systÚme de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil et modifiée par la Directive 2009/17/CE du Parlement européen et du Conseil du 23 avril 2009. ";
2° dans l'alinéa unique ancien devenant l'alinéa 2, les mots " transposant la Directive 2002/59/CE du Parlement européen et du Conseil du 27 juin 2002 relative à la mise en place d'un systÚme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information, et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil en ce qui concerne des matiÚres relevant de la compétence fédérale " sont abrogés;
3° l'alinéa unique ancien devenant l'alinéa 2 est complété par les 19°, 20°, 21°, 22°, 23° et 24° rédigés comme suit :
" 19° " résolution A.917 (22) de l'OMI " : la résolution A.917 (22) de l'Organisation maritime internationale intitulée " Directives pour l'exploitation, à bord des navires, des systÚmes d'identification automatique (AIS) ", telle que modifiée par la résolution A.956 (23) de l'OMI;
20° " résolution A.949 (23) de l'OMI " : la résolution A.949 (23) de l'Organisation maritime internationale portant " Directives sur les lieux de refuge pour les navires ayant besoin d'assistance ";
21° " résolution A.950 (23) de l'OMI " : la résolution A.950 (23) de l'Organisation maritime internationale intitulée "Services d'assistance maritime";
22° " directives de l'OMI sur le traitement équitable des gens de mer en cas d'accident maritime " : les directives annexées à la résolution LEG.3 (91) du comité juridique de l'OMI du 27 avril 2006 telles qu'approuvées par le conseil d'administration de l'Organisation internationale du travail lors de sa 296e session du 12 au 16 juin 2006;
23° " chargeur " : toute personne par laquelle, au nom de laquelle ou pour le compte de laquelle un contrat de transport de marchandises est conclu avec un transporteur;
24° " jauge brute " : la capacité d'utilisation d'un navire, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
1° un alinéa rédigé comme suit est inséré avant l'alinéa unique :
" Le présent chapitre transpose partiellement la Directive 2002/59/CE du Parlement européen et du Conseil du 27 juin 2002 relative à la mise en place d'un systÚme de suivi du trafic des navires et d'information et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil et modifiée par la Directive 2009/17/CE du Parlement européen et du Conseil du 23 avril 2009. ";
2° dans l'alinéa unique ancien devenant l'alinéa 2, les mots " transposant la Directive 2002/59/CE du Parlement européen et du Conseil du 27 juin 2002 relative à la mise en place d'un systÚme communautaire de suivi du trafic des navires et d'information, et abrogeant la Directive 93/75/CEE du Conseil en ce qui concerne des matiÚres relevant de la compétence fédérale " sont abrogés;
3° l'alinéa unique ancien devenant l'alinéa 2 est complété par les 19°, 20°, 21°, 22°, 23° et 24° rédigés comme suit :
" 19° " résolution A.917 (22) de l'OMI " : la résolution A.917 (22) de l'Organisation maritime internationale intitulée " Directives pour l'exploitation, à bord des navires, des systÚmes d'identification automatique (AIS) ", telle que modifiée par la résolution A.956 (23) de l'OMI;
20° " résolution A.949 (23) de l'OMI " : la résolution A.949 (23) de l'Organisation maritime internationale portant " Directives sur les lieux de refuge pour les navires ayant besoin d'assistance ";
21° " résolution A.950 (23) de l'OMI " : la résolution A.950 (23) de l'Organisation maritime internationale intitulée "Services d'assistance maritime";
22° " directives de l'OMI sur le traitement équitable des gens de mer en cas d'accident maritime " : les directives annexées à la résolution LEG.3 (91) du comité juridique de l'OMI du 27 avril 2006 telles qu'approuvées par le conseil d'administration de l'Organisation internationale du travail lors de sa 296e session du 12 au 16 juin 2006;
23° " chargeur " : toute personne par laquelle, au nom de laquelle ou pour le compte de laquelle un contrat de transport de marchandises est conclu avec un transporteur;
24° " jauge brute " : la capacité d'utilisation d'un navire, déterminée conformément aux dispositions de la Convention internationale de 23 juin 1969 sur le jaugeage des navires. "
Art. 35. In artikel 2, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° de woorden " De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit hoofdstuk niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
1° de woorden " De bepalingen van dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op " worden vervangen door de woorden " Tenzij anders bepaald, zijn de bepalingen van dit hoofdstuk niet van toepassing op ";
2° de bepaling onder c) wordt vervangen als volgt :
" c) bunkers op schepen met een brutotonnenmaat van minder dan 1 000 en scheepsvoorraden en uitrusting voor gebruik aan boord van alle schepen. "
Art. 35. A l'article 2, alinĂ©a 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° les mots " Les dispositions du présent chapitre ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent chapitre ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des navires d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les navires destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
1° les mots " Les dispositions du présent chapitre ne s'appliquent pas " sont remplacés par les mots " Sauf disposition contraire, les dispositions du présent chapitre ne s'appliquent pas ";
2° le c) est remplacé par ce qui suit :
" c) aux soutes des navires d'une jauge brute infĂ©rieure Ă 1 000 et Ă l'avitaillement et au matĂ©riel d'armement de tous les navires destinĂ©s Ă ĂȘtre utilisĂ©s Ă bord. "
Art. 36. In artikel 3 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° het eerste lid wordt aangevuld met de bepalingen onder d) en e), luidende :
" d) schepen die geen kennisgeving hebben gedaan of niet beschikken over verzekeringscertificaten of financiële zekerheden als voorgeschreven bij de geldende communautaire wetgeving en internationale voorschriften;
e) schepen ten aanzien waarvan door de loodsen of havenautoriteiten is gemeld dat zij klaarblijkelijke gebreken vertonen die de veiligheid van hun navigatie in gevaar kunnen brengen of een risico voor het milieu kunnen vormen. ";
2° in het tweede, derde en vierde lid, worden de woorden " de met de havenstaatcontrole belaste dienst van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer " vervangen door de woorden " de Directie Scheepvaartcontrole van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer ".
1° het eerste lid wordt aangevuld met de bepalingen onder d) en e), luidende :
" d) schepen die geen kennisgeving hebben gedaan of niet beschikken over verzekeringscertificaten of financiële zekerheden als voorgeschreven bij de geldende communautaire wetgeving en internationale voorschriften;
e) schepen ten aanzien waarvan door de loodsen of havenautoriteiten is gemeld dat zij klaarblijkelijke gebreken vertonen die de veiligheid van hun navigatie in gevaar kunnen brengen of een risico voor het milieu kunnen vormen. ";
2° in het tweede, derde en vierde lid, worden de woorden " de met de havenstaatcontrole belaste dienst van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer " vervangen door de woorden " de Directie Scheepvaartcontrole van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer ".
Art. 36. A l'article 3 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° l'alinéa 1er est complété par les d) et e) rédigés comme suit :
" d) les navires qui n'ont pas procédé à la notification ou ne disposent pas des certificats d'assurance ou des garanties financiÚres prévus par la législation communautaire ou par la réglementation internationale;
e) les navires signalés par les pilotes ou les autorités portuaires comme présentant des anomalies apparentes susceptibles de compromettre la sécurité de la navigation ou de constituer un risque pour l'environnement. ";
2° dans les alinéas 2, 3 et 4, les mots " le service chargé du contrÎle de l'Etat du port de la Direction générale Transport maritime " sont chaque fois remplacés par les mots " la Direction ContrÎle de la navigation de la Direction générale Transport maritime du Service public fédéral Mobilité et Transports ".
1° l'alinéa 1er est complété par les d) et e) rédigés comme suit :
" d) les navires qui n'ont pas procédé à la notification ou ne disposent pas des certificats d'assurance ou des garanties financiÚres prévus par la législation communautaire ou par la réglementation internationale;
e) les navires signalés par les pilotes ou les autorités portuaires comme présentant des anomalies apparentes susceptibles de compromettre la sécurité de la navigation ou de constituer un risque pour l'environnement. ";
2° dans les alinéas 2, 3 et 4, les mots " le service chargé du contrÎle de l'Etat du port de la Direction générale Transport maritime " sont chaque fois remplacés par les mots " la Direction ContrÎle de la navigation de la Direction générale Transport maritime du Service public fédéral Mobilité et Transports ".
Art. 37. In artikel 5 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegde, luidende :
" Daartoe verstrekken zij de federale overheid met bevoegdheid op zee op diens verzoek de volgende informatie over de lading :
a) de correcte technische benaming van de gevaarlijke of verontreinigende stoffen, de identificatienummers van de Verenigde Naties (UN), indien van toepassing; de IMO-risicoklassen overeenkomstig de IMDG-code, de IBC-code en de IGC-code en, in voorkomend geval, de klasse van het vaartuig die voor INF-ladingen als bedoeld in voorschrift VII/14.2 vereist is, de hoeveelheden van dergelijke stoffen en, wanneer zij worden vervoerd in voor vrachtvervoer bestemde laadeenheden, behalve tanks, de identificatienummers daarvan;
b) het adres waar uitgebreide informatie over de lading kan worden verkregen;
c) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150 (77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
d) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen. ";
2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende :
" Overeenkomstig de nationale regelgeving wordt in de zeegebieden onder de Belgische rechtsbevoegdheid rekening gehouden met de relevante bepalingen van de IMO-richtsnoeren betreffende de billijke behandeling van zeelieden bij een ongeval op zee. "
1° tussen het tweede en het derde lid wordt een lid ingevoegde, luidende :
" Daartoe verstrekken zij de federale overheid met bevoegdheid op zee op diens verzoek de volgende informatie over de lading :
a) de correcte technische benaming van de gevaarlijke of verontreinigende stoffen, de identificatienummers van de Verenigde Naties (UN), indien van toepassing; de IMO-risicoklassen overeenkomstig de IMDG-code, de IBC-code en de IGC-code en, in voorkomend geval, de klasse van het vaartuig die voor INF-ladingen als bedoeld in voorschrift VII/14.2 vereist is, de hoeveelheden van dergelijke stoffen en, wanneer zij worden vervoerd in voor vrachtvervoer bestemde laadeenheden, behalve tanks, de identificatienummers daarvan;
b) het adres waar uitgebreide informatie over de lading kan worden verkregen;
c) voor de in bijlage I bij het Marpol-verdrag genoemde stoffen, het veiligheidsinformatieblad waarop de fysisch-chemische eigenschappen van de producten zijn vermeld, waar van toepassing, met inbegrip van hun viscositeit, uitgedrukt in cSt bij 50 °C en hun dichtheid bij 15 °C, alsook de andere gegevens die conform Resolutie MSC.150 (77) van de IMO op het veiligheidsinformatieblad staan;
d) de alarmnummers van de verlader of enige andere persoon of organisatie die beschikt over informatie over de fysisch-chemische eigenschappen van de producten en over de bij een calamiteit te nemen maatregelen. ";
2° het artikel wordt aangevuld met een lid, luidende :
" Overeenkomstig de nationale regelgeving wordt in de zeegebieden onder de Belgische rechtsbevoegdheid rekening gehouden met de relevante bepalingen van de IMO-richtsnoeren betreffende de billijke behandeling van zeelieden bij een ongeval op zee. "
Art. 37. A l'article 5 du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les modifications suivantes sont apportĂ©es :
1° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3 :
" A cette fin, ils transmettent à l'autorité fédérale ayant compétence en mer, à sa demande, les informations suivantes :
a) désignation technique exacte des marchandises dangereuses ou polluantes, numéros (ONU) attribués, le cas échéant, par les Nations unies, classes de risque OMI déterminées conformément au code IMDG et aux recueils IBC et IGC et, le cas échéant, catégorie du navire requise pour les cargaisons au sens du recueil INF telles que définies dans la rÚgle VII/14.2, quantités de ces marchandises et, si elles sont transportées dans des unités de transport de cargaison autres que des citernes, numéros d'identification de celles-ci;
b) l'adresse Ă laquelle des renseignements dĂ©taillĂ©s sur la cargaison peuvent ĂȘtre obtenus;
c) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité;
d) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimiques des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence. ";
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Conformément au droit national, il est tenu compte des dispositions pertinentes des directives de l'OMI sur le traitement équitable des gens de mer en cas d'accident maritime dans les eaux relevant de la juridiction belge. "
1° un alinéa rédigé comme suit est inséré entre les alinéas 2 et 3 :
" A cette fin, ils transmettent à l'autorité fédérale ayant compétence en mer, à sa demande, les informations suivantes :
a) désignation technique exacte des marchandises dangereuses ou polluantes, numéros (ONU) attribués, le cas échéant, par les Nations unies, classes de risque OMI déterminées conformément au code IMDG et aux recueils IBC et IGC et, le cas échéant, catégorie du navire requise pour les cargaisons au sens du recueil INF telles que définies dans la rÚgle VII/14.2, quantités de ces marchandises et, si elles sont transportées dans des unités de transport de cargaison autres que des citernes, numéros d'identification de celles-ci;
b) l'adresse Ă laquelle des renseignements dĂ©taillĂ©s sur la cargaison peuvent ĂȘtre obtenus;
c) pour les substances visées à l'annexe Ire de la convention Marpol, la fiche de données de sécurité détaillant les caractéristiques physico-chimiques des produits y compris, le cas échéant, la viscosité exprimée en cSt à 50 °C et la densité à 15 °C, ainsi que les autres données qui, conformément à la résolution MSC.150 (77) de l'OMI, figurent sur la fiche de données de sécurité;
d) les numéros d'appel d'urgence du chargeur ou de toute autre personne ou organisme en possession des informations sur les caractéristiques physico-chimiques des produits et sur les mesures à prendre en cas d'urgence. ";
2° l'article est complété par un alinéa rédigé comme suit :
" Conformément au droit national, il est tenu compte des dispositions pertinentes des directives de l'OMI sur le traitement équitable des gens de mer en cas d'accident maritime dans les eaux relevant de la juridiction belge. "
Art. 38. In artikel 6, eerste lid en tweede lid, van hetzelfde besluit worden de woorden " de met de havenstaatcontrole belaste dienst van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer " vervangen door de woorden " de Directie Scheepvaartcontrole van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer ".
Art. 38. Dans l'article 6, alinĂ©as 1er et 2, du mĂȘme arrĂȘtĂ©, les mots " le service chargĂ© du contrĂŽle de l'Etat du port de la Direction gĂ©nĂ©rale Transport maritime " sont chaque fois remplacĂ©s par les mots " la Direction ContrĂŽle de la navigation de la Direction gĂ©nĂ©rale Transport maritime du Service public fĂ©dĂ©ral MobilitĂ© et Transports ".
Art. 39. In hetzelfde besluit wordt een artikel 6/1 ingevoegd, luidende :
" Art. 6/1. Wanneer de Directie Scheepvaartcontrole van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer van mening is dat de ijsgang een ernstige bedreiging vormt voor de veiligheid van mensenlevens op zee of voor de bescherming van de Belgische zee- of kustgebieden of de zee- of kustgebieden van andere staten :
a) verstrekt zij aan de kapiteins van een schip dat zich in haar bevoegdheidsgebied bevindt of één van de Belgische havens wil binnen- of uitvaren, alle nodige informatie over de ijsgang, de aanbevolen routes en de ijsbreekdiensten in haar bevoegdheidsgebied;
b) mag zij, onverminderd de plicht tot bijstandsverlening aan schepen die bijstand behoeven en andere uit de toepasselijke internationale voorschriften voortvloeiende verplichtingen, verlangen dat schepen die zich in het betrokken gebied bevinden en die een haven of terminal willen binnen- of uitvaren of een ankerplaats willen verlaten, met documenten kunnen aantonen dat zij aan sterkte- en vermogenseisen voldoen die op de ijsgang in het betrokken gebied zijn afgestemd.
De uit hoofde van de in het eerste lid getroffen maatregelen worden, wat de gegevens over de ijsgang betreft, gebaseerd op de ijsberichten en de weersvoorspelling van een door België erkende gekwalificeerde meteorologische dienst. "
" Art. 6/1. Wanneer de Directie Scheepvaartcontrole van het Directoraat-generaal Maritiem Vervoer van de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer van mening is dat de ijsgang een ernstige bedreiging vormt voor de veiligheid van mensenlevens op zee of voor de bescherming van de Belgische zee- of kustgebieden of de zee- of kustgebieden van andere staten :
a) verstrekt zij aan de kapiteins van een schip dat zich in haar bevoegdheidsgebied bevindt of één van de Belgische havens wil binnen- of uitvaren, alle nodige informatie over de ijsgang, de aanbevolen routes en de ijsbreekdiensten in haar bevoegdheidsgebied;
b) mag zij, onverminderd de plicht tot bijstandsverlening aan schepen die bijstand behoeven en andere uit de toepasselijke internationale voorschriften voortvloeiende verplichtingen, verlangen dat schepen die zich in het betrokken gebied bevinden en die een haven of terminal willen binnen- of uitvaren of een ankerplaats willen verlaten, met documenten kunnen aantonen dat zij aan sterkte- en vermogenseisen voldoen die op de ijsgang in het betrokken gebied zijn afgestemd.
De uit hoofde van de in het eerste lid getroffen maatregelen worden, wat de gegevens over de ijsgang betreft, gebaseerd op de ijsberichten en de weersvoorspelling van een door België erkende gekwalificeerde meteorologische dienst. "
Art. 39. Dans le mĂȘme arrĂȘtĂ©, il est insĂ©rĂ© un article 6/1 rĂ©digĂ© comme suit :
" Art. 6/1. Si la Direction ContrÎle de la navigation de la Direction générale Transport maritime du Service public fédéral Mobilité et Transports estime, compte tenu de l'état des glaces, qu'il existe un risque important pour la sauvegarde de la vie humaine en mer ou pour la protection des zones maritimes ou cÎtiÚres belges ou de celles d'autres Etats :
a) elle fournit aux capitaines des navires qui se trouvent dans une zone relevant de sa juridiction ou qui ont l'intention d'entrer dans un des ports belges, ou d'en sortir, les informations appropriées sur l'état des glaces, les itinéraires recommandés et les services de brise-glaces dans la zone relevant de sa juridiction;
b) elle peut, sans préjudice du devoir d'assistance aux navires ayant besoin d'assistance et d'autres obligations résultant de la réglementation internationale applicable, demander que les navires qui se trouvent dans la zone concernée et qui ont l'intention d'entrer dans un port ou un terminal, d'en sortir ou de quitter une zone de mouillage fournissent la preuve documentaire qu'ils satisfont aux exigences de résistance et de puissance correspondant à la situation des glaces dans la zone concernée.
Les mesures prises en application de l'alinéa 1er sont fondées, pour les données concernant l'état des glaces, sur les prévisions concernant la situation des glaces et les conditions météorologiques fournies par service d'information météorologique qualifié, reconnu par la Belgique. "
" Art. 6/1. Si la Direction ContrÎle de la navigation de la Direction générale Transport maritime du Service public fédéral Mobilité et Transports estime, compte tenu de l'état des glaces, qu'il existe un risque important pour la sauvegarde de la vie humaine en mer ou pour la protection des zones maritimes ou cÎtiÚres belges ou de celles d'autres Etats :
a) elle fournit aux capitaines des navires qui se trouvent dans une zone relevant de sa juridiction ou qui ont l'intention d'entrer dans un des ports belges, ou d'en sortir, les informations appropriées sur l'état des glaces, les itinéraires recommandés et les services de brise-glaces dans la zone relevant de sa juridiction;
b) elle peut, sans préjudice du devoir d'assistance aux navires ayant besoin d'assistance et d'autres obligations résultant de la réglementation internationale applicable, demander que les navires qui se trouvent dans la zone concernée et qui ont l'intention d'entrer dans un port ou un terminal, d'en sortir ou de quitter une zone de mouillage fournissent la preuve documentaire qu'ils satisfont aux exigences de résistance et de puissance correspondant à la situation des glaces dans la zone concernée.
Les mesures prises en application de l'alinéa 1er sont fondées, pour les données concernant l'état des glaces, sur les prévisions concernant la situation des glaces et les conditions météorologiques fournies par service d'information météorologique qualifié, reconnu par la Belgique. "
HOOFDSTUK VI. - Slotbepalingen
CHAPITRE VI. - Dispositions finales
Art. 40. Dit besluit treedt in werking op 30 november 2010.
Art. 40. Le prĂ©sent arrĂȘtĂ© entre en vigueur le 30 novembre 2010.
Art. 41. De Minister bevoegd voor maritieme zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 41. Le Ministre qui a les affaires maritimes dans ses attributions est chargĂ© de l'exĂ©cution du prĂ©sent arrĂȘte.
Brussel, 10 september 2010
ALBERT
Van Koningswege :
De Eerste Minister,
Y. LETERME
De Staatssecretaris voor Mobiliteit,
E. SCHOUPPE
ALBERT
Van Koningswege :
De Eerste Minister,
Y. LETERME
De Staatssecretaris voor Mobiliteit,
E. SCHOUPPE
Bruxelles, le 10 septembre 2010.
ALBERT
Par le Roi :
Le Premier Ministre,
Y. LETERME
Le Secrétaire d'Etat à la Mobilité,
E. SCHOUPPE
ALBERT
Par le Roi :
Le Premier Ministre,
Y. LETERME
Le Secrétaire d'Etat à la Mobilité,
E. SCHOUPPE