Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
27 JUNI 2010. - Koninklijk besluit betreffende het administratief statuut van de militair die een vrijwillige militaire inzet vervult(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 16-07-2010 en tekstbijwerking tot 30-09-2022)
Titre
27 JUIN 2010. - Arrêté royal relatif au statut administratif du militaire qui effectue un engagement volontaire militaire(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 16-07-2010 et mise à jour au 30-09-2022)
Documentinformatie
Info du document
Tekst (37)
Texte (37)
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° "de EVMI" : de vrijwillige militaire inzet;
  2° "de Minister" : de Minister van [1 Defensie]1;
  3° "de DGHR" : de directeur-generaal human resources;
  4° "de wet" : de wet van 10 januari 2010 tot instelling van de vrijwillige militaire inzet en tot wijziging van diverse wetten van toepassing op het militair personeel.
  Bovendien worden de noties van "militair EVMI", "sollicitant", "sollicitant EVMI", "kandidaat-EVMI" en "werkdag" gebruikt overeenkomstig de definities bedoeld in artikel 23 van de wet.
  
Article 1er. Pour l'application du présent arrêté, il faut entendre par :
  1° "l'EVMI" : l'engagement volontaire militaire;
  2° "le Ministre" : le Ministre de la Défense;
  3° "le DGHR" : le directeur général human resources;
  4° "la loi" : la loi du 10 janvier 2010 instituant l'engagement volontaire militaire et modifiant diverses lois applicables au personnel militaire.
  En outre, les notions de "militaire EVMI", "postulant", "postulant EVMI", "candidat EVMI" et "jour ouvrable" sont utilisées conformément aux définitions visées à l'article 23 de la loi.
Art.2. Voor de toepassing van dit besluit wordt, telkens als een graad wordt vermeld, de gelijkwaardige graad ook in aanmerking genomen.
Art.2. Pour l'application du présent arrêté, chaque fois qu'un grade est mentionné, le grade équivalent est aussi pris en considération.
HOOFDSTUK 2. - De werving
CHAPITRE 2. - Du recrutement
Art.3. De selectieproeven omvatten voor alle sollicitanten EVMI :
  1° psychotechnische proeven inzake het intellectuele potentieel;
  2° psychotechnische proeven inzake de beoordeling van de karakteriële hoedanigheden;
  3° geneeskundige onderzoeken betreffende de medische geschiktheid;
  4° een proef van fysieke conditie die het fysieke potentieel meet.
  Voor bepaalde vacatures kunnen bijkomende proeven van fysieke conditie bepaald worden in een reglement vastgesteld door de minister, waaruit moet blijken dat de sollicitant EVMI het vereiste fysieke potentieel voor deze vacature bezit.
  Een aanvullend geneeskundig onderzoek moet voor bepaalde vacatures ondergaan worden.
Art.3. Les épreuves de sélection comprennent pour tous les postulants EVMI :
  1° des épreuves psychotechniques concernant le potentiel intellectuel;
  2° des épreuves psychotechniques concernant l'appréciation des qualités caractérielles;
  3° des examens médicaux relatifs à l'aptitude médicale;
  4° une épreuve de condition physique mesurant le potentiel physique.
  Pour certains postes vacants, des épreuves supplémentaires de condition physique, justifiant que le postulant EVMI possède le potentiel physique requis pour ce poste vacant, peuvent être fixées dans un règlement arrêté par le ministre.
  Un examen médical complémentaire doit être subi pour certains postes vacants.
Art.4. Voor de sollicitant kandidaat-officier EVMI omvatten de selectieproeven bovendien specifieke psychotechnische proeven inzake het intellectuele potentieel en de beoordeling van de karakteriële hoedanigheden.
Art.4. Pour le postulant candidat officier EVMI, les épreuves de sélection comprennent en outre des épreuves psychotechniques spécifiques concernant le potentiel intellectuel et l'appréciation des qualités caractérielles.
Art.5. Tijdens de selectieproeven wordt de sollicitant EVMI beoordeeld volgens de nadere regels van toepassing op de sollicitanten [1 van het beroepskader]1.
  
Art.5. Lors des épreuves de sélection, le postulant EVMI est apprécié selon les règles applicables aux postulants [1 du cadre de carrière]1.
  
HOOFDSTUK 3. - De dienstneming en de wederdienstneming
CHAPITRE 3. - De l'engagement et du rengagement
Art.6. De dienstneming van elke kandidaat-EVMI wordt aangegaan voor een duur van vierentwintig maanden.
Art.6. L'engagement de tout candidat EVMI est souscrit pour une durée de vingt-quatre mois.
Art.7. Ten laatste drie maanden vóór het verstrijken van zijn dienstneming of zijn vorige wederdienstneming, kan de militair EVMI een aanvraag tot wederdienstneming in dezelfde personeelscategorie bij zijn korpscommandant indienen.
Art.7. Au plus tard trois mois avant que son engagement ou que son rengagement précédent ne vienne à expiration, le militaire EVMI peut introduire une demande de rengagement dans la même catégorie de personnel auprès de son chef de corps.
Art.8. Ten laatste vijf werkdagen na de dag van ontvangst van de aanvraag tot wederdienstneming betekent de korpscommandant schriftelijk aan de militair EVMI dat hij zijn wederdienstneming aanvaardt of weigert. Indien de betrokken militair niet geslaagd is voor de jaarlijkse basisproeven van fysieke conditie, moet de korpscommandant de wederdienstneming weigeren. Indien betrokkene niet de mogelijkheid heeft gehad om deze proeven af te leggen vóór de termijn bedoeld in artikel 7, kan de korpscommandant evenwel de wederdienstneming aanvaarden onder voorbehoud van het slagen van betrokkene in deze proeven vóór het verstrijken van de lopende dienstneming of wederdienstneming.
  Als de korpscommandant beslist de wederdienstneming te weigeren, kan de betrokken militair, binnen de vijf werkdagen volgend op de dag van betekening van deze beslissing, een verweerschrift indienen en vragen om door de korpscommandant gehoord te worden.
  Hij wordt desgevallend gehoord door zijn korpscommandant ten laatste tien werkdagen volgend op de dag van het indienen van deze aanvraag.
  Wanneer hij gehoord wordt door de korpscommandant, mag de betrokken militair zich laten bijstaan door een persoon van zijn keuze.
  Binnen de drie werkdagen volgend op de dag van ontvangst van het verweerschrift of van het horen van de betrokken militair, licht de korpscommandant de betrokkene in van het handhaven van zijn weigering tot wederdienstneming of van de beslissing de wederdienstneming te aanvaarden.
Art.8. Au plus tard cinq jours ouvrables après le jour de réception de la demande de rengagement, le chef de corps notifie par écrit au militaire EVMI qu'il accepte ou refuse son rengagement. Lorsque le militaire concerné n'a pas réussi les épreuves annuelles de base de condition physique, le chef de corps doit refuser le rengagement. Si l'intéressé n'a pas eu la possibilité de passer ces épreuves avant le délai visé à l'article 7, le chef de corps peut toutefois accepter le rengagement sous réserve de la réussite de l'intéressé à ces épreuves avant l'expiration de l'engagement ou rengagement en cours.
  Si le chef de corps décide de refuser le rengagement, le militaire concerné peut, dans les cinq jours ouvrables qui suivent le jour de la notification de cette décision, introduire un mémoire justificatif et demander à être entendu par le chef de corps.
  Il est le cas échéant entendu par son chef de corps au plus tard dix jours ouvrables après le jour de l'introduction de cette demande.
  Lorsqu'il est entendu par le chef de corps, le militaire concerné peut se faire assister par une personne de son choix.
  Dans les trois jours ouvrables qui suivent le jour de la réception du mémoire ou de l'audition du militaire concerné, le chef de corps informe l'intéressé du maintien de son refus de rengagement ou de la décision d'accepter le rengagement.
Art.9. Als de korpscommandant zijn weigering tot wederdienstneming handhaaft, kan de militair EVMI schriftelijk een beroep aantekenen bij de DGHR, ten laatste vijf werkdagen volgend op de dag van betekening van de beslissing van de korpscommandant.
  Als de militair EVMI van wie de wederdienstneming aanvaard werd door de korpscommandant onder voorbehoud van het slagen voor de jaarlijkse basisproeven van fysieke conditie, één maand voor het verstrijken van zijn dienstneming of zijn vorige wederdienstneming niet de mogelijkheid heeft gehad deze proeven af te leggen, kan hij schriftelijk een beroep aantekenen bij DGHR, ten laatste de eerste werkdag volgend op deze datum.
  De DGHR beslist op stukken en besluit of de wederdienstneming toegestaan of geweigerd wordt. Deze beslissing wordt betekend aan de betrokken militair ten laatste dertig dagen vóór het verstrijken van de lopende dienstneming of wederdienstneming.
  De betekening in het geval bedoeld in het tweede lid gebeurt ten laatste vijf dagen vóór het verstrijken van de dienstneming of de wederdienstneming.
Art.9. Si le chef de corps maintient son refus de rengagement, le militaire EVMI peut introduire un recours par écrit auprès du DGHR, au plus tard cinq jours ouvrables après le jour de la notification de la décision du chef de corps.
  Si le militaire EVMI dont l'engagement avait été accepté par le chef de corps sous réserve de réussite des épreuves annuelles de base de condition physique, n'a pas eu la possibilité de présenter ces épreuves un mois avant que son engagement ou rengagement précédent ne vienne à expiration, il peut introduire un recours par écrit auprès de DGHR, au plus tard le premier jour ouvrable qui suit cette date.
  Le DGHR statue sur pièces et décide d'accorder ou de refuser le rengagement. Cette décision est notifiée au militaire concerné au plus tard trente jours avant l'expiration de l'engagement ou du rengagement en cours.
  La notification dans le cas visé à l'alinéa 2 a lieu au plus tard cinq jours avant l'expiration de l'engagement ou du rengagement.
Art.10. De minister bepaalt het model van de wederdienstnemingsakte die door de militair EVMI moet onderschreven worden.
  De militair EVMI ontvangt een exemplaar van de wederdienstnemingsakte die hij heeft onderschreven.
Art.10. Le ministre détermine le modèle de l'acte de rengagement à souscrire par le militaire EVMI.
  Le militaire EVMI reçoit un exemplaire de l'acte de rengagement qu'il a souscrit.
HOOFDSTUK 4. - De vorming
CHAPITRE 4. - De la formation
Art.11. De vormingscyclus van de kandidaat-EVMI duurt :
  1° twaalf vormingsmaanden voor de kandidaat-vrijwilliger EVMI;
  2° vierentwintig vormingsmaanden voor de kandidaat-officier en -onderofficier EVMI.
  De stageperiode wordt doorgebracht in de eenheid van eerste affectatie van de kandidaat-EVMI. Tijdens deze periode oefent de kandidaat-EVMI de functie uit waarvoor hij een vorming heeft gekregen.
  De concrete samenstelling en de concrete duur van elke periode en fase van de vormingcyclus, alsook het programma en de nadere regels betreffende de uitvoering van dit programma worden vastgelegd in een reglement uitgevaardigd door de minister.
Art.11. Le cycle de formation du candidat EVMI dure :
  1° douze mois de formation pour le candidat volontaire EVMI;
  2° vingt-quatre mois de formation pour le candidat officier et sous-officier EVMI.
  La période de stage se déroule dans l'unité de première affectation du candidat EVMI. Pendant cette période, le candidat EVMI exerce la fonction pour laquelle il a reçu une formation.
  La composition concrète et la durée concrète de chaque période et phase du cycle de formation ainsi que le programme et les règles complémentaires relatives à l'exécution de ce programme sont fixés dans un règlement arrêté par le ministre.
Art.12. Vóór het begin van de gespecialiseerde professionele vorming, kan de kandidaat-EVMI geheroriënteerd worden naar een andere vorming, naargelang het geval :
  1° op zijn aanvraag, voor zover de DGHR terzake een personeelsbehoefte vaststelt en hij beslist er op deze manier aan te verhelpen;
  2° op beslissing van de DGHR, voorzover personeelsbehoeften dit absoluut noodzakelijk maken.
  [1 De kandidaat-vrijwilliger EVMI kan evenwel vóór het begin van de stageperiode op zijn verzoek geheroriënteerd worden naar een andere specifieke vormingscyclus, in dezelfde hoedanigheid.]1
  
Art.12. Avant le début de la formation professionnelle spécialisée, le candidat EVMI peut être réorienté vers une autre formation, selon le cas :
  1° à sa demande, pour autant que le DGHR, constate un besoin en personnel en la matière, qu'il décide de rencontrer par cette voie;
  2° sur décision du DGHR, pour autant que des besoins en personnel le nécessitent absolument.
  [1 Toutefois, le candidat volontaire EVMI peut être réorienté à sa demande vers un autre cycle de formation spécifique, dans la même qualité, avant le début de la période de stage.]1
  
Art.13. De beoordeling van de professionele hoedanigheden van de kandidaat-EVMI heeft plaats op het einde van :
  1° de militaire initiatiefase;
  2° de militaire basisvorming;
  3° de gespecialiseerde professionele vorming;
  4° de stageperiode.
  De beoordeling kan eveneens plaatshebben op het ogenblik vastgelegd in een reglement uitgevaardigd door de minister, op het einde van een cursusgedeelte, van een cursus of van een geheel van cursussen.
  Indien de stageperiode minder dan zes maanden duurt, wordt de kandidaat-EVMI bovendien beoordeeld in de helft van deze periode.
Art.13. L'appréciation des qualités professionnelles du candidat EVMI a lieu à la fin :
  1° de la phase d'initiation militaire;
  2° de la formation militaire de base;
  3° de la formation professionnelle spécialisée;
  4° de la période de stage.
  L'appréciation peut également avoir lieu au moment fixé dans un règlement arrêté par le ministre, à la fin d'une partie de cours, d'un cours ou d'un ensemble de cours.
  En outre, si la période de stage dure moins de six mois, le candidat EVMI est apprécié à la moitié de cette période.
Art.14. Het verlies van de hoedanigheid van kandidaat-EVMI, wordt uitgesproken door de DGHR.
Art.14. La perte de la qualité de candidat EVMI est prononcée par le DGHR.
Art.15. De kandidaat-officier EVMI wordt aangesteld :
  1° in de graad van korporaal, de eerste dag van de zesde maand volgend op de maand van de ondertekening van zijn dienstnemingsakte;
  2° in de graad van sergeant, de eerste dag van de negende maand volgend op de maand van de ondertekening van zijn dienstnemingsakte;
  3° in de graad van adjudant, de eerste dag van de twaalfde maand volgend op de maand van de ondertekening van zijn dienstnemingsakte;
  4° in de graad van onderluitenant, de eerste dag van de maand volgend op de maand tijdens dewelke hij zijn vormingscyclus met succes heeft beëindigd.
Art.15. Le candidat officier EVMI est commissionné :
  1° dans le grade de caporal, le premier jour du sixième mois qui suit le mois de la signature de son acte d'engagement;
  2° dans le grade de sergent, le premier jour du neuvième mois qui suit le mois de la signature de son acte d'engagement;
  3° dans le grade d'adjudant, le premier jour du douzième mois qui suit le mois de la signature de son acte d'engagement;
  4° dans le grade de sous-lieutenant, le premier jour du mois qui suit le mois au cours duquel il a terminé avec succès son cycle de formation.
Art.16. De kandidaat-onderofficier EVMI wordt aangesteld :
  1° in de graad van korporaal, de eerste dag van de zesde maand volgend op de maand van de ondertekening van zijn dienstnemingsakte;
  2° in de graad van sergeant, de eerste dag van de negende maand volgend op de maand van de ondertekening van zijn dienstnemingsakte.
Art.16. Le candidat sous-officier EVMI est commissionné :
  1° dans le grade de caporal, le premier jour du sixième mois qui suit le mois de la signature de son acte d'engagement;
  2° dans le grade de sergent, le premier jour du neuvième mois qui suit le mois de la signature de son acte d'engagement.
Art.17. De kandidaat-vrijwilliger EVMI wordt aangesteld in de graad van eerste soldaat, de eerste dag van de maand volgend op de maand tijdens dewelke hij zijn vormingscyclus met succes heeft beëindigd.
Art.17. Le candidat volontaire EVMI est commissionné dans le grade de premier soldat le premier jour du mois qui suit le mois au cours duquel il a terminé avec succès son cycle de formation.
HOOFDSTUK 5. - De verbreking van de dienstneming of van de wederdienstneming
CHAPITRE 5. - De la résiliation de l'engagement ou du rengagement
Art.18. § 1. Om te kunnen worden heropgenomen overeenkomstig artikel 41, tweede lid, van de wet, moet de ex-militair EVMI aan de volgende voorwaarden voldoen :
  1° zijn hoedanigheid van kandidaat [1 ...]1 van het actief kader niet verloren hebben :
  a) wegens het niet meer bezitten van de vereiste morele hoedanigheden of [1 geen onderdaan meer te zijn van een lidstaat van de Europese economische ruimte of van de Zwitserse Bondsstaat, of het voorwerp uitgemaakt te worden van een]1 beslissing tot verwijdering van het grondgebied, tot terugwijzing of tot uitzetting, in toepassing van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen;
  b) wegens onvoldoende fysieke hoedanigheden op het medisch vlak waardoor hij niet meer voldoet aan het minimum medisch profiel van het ambt waarvoor hij in de hoedanigheid van kandidaat-EVMI oorspronkelijk gevormd werd;
  c) wegens door de DGHR vastgestelde onvoldoende karakteriële hoedanigheden, professionele hoedanigheden of fysieke hoedanigheden op het vlak van de fysieke conditie voor het heropnemen van de oorspronkelijke vormingscyclus van kandidaat-EVMI;
  2° zijn dienstneming mag niet van ambtswege verbroken zijn geweest :
  a) wegens een valse verklaring;
  b) wegens een veroordeling met of zonder uitstel, tot een militaire gevangenisstraf van ten minste één maand wegens een misdrijf dat volgens het militair Strafwetboek strafbaar is;
  c) wegens het feit dat hij zich aan ernstige, met zijn staat van militair niet overeen te brengen feiten schuldig heeft gemaakt of wegens het feit dat zijn gedrag of zijn wijze van dienen slecht is;
  [1 d) wegens een onwettige afwezigheid van meer dan eenentwintig opeenvolgende dagen.]1
  3° de oorspronkelijke vormingscyclus nog wordt georganiseerd en volgens de DGHR op deze wijze een personeelsbehoefte kan worden ingevuld.
  Bovendien, wanneer de heropneming een ex-kandidaat-EVMI betreft die in het kader van zijn vorming de fase van gespecialiseerde professionele opleiding moet volbrengen, moet deze nog georganiseerd worden binnen een termijn die het normaal verloop van de vorming mogelijk maakt. Zonodig kan de kandidaat-EVMI door de DGHR naar een andere vorming geheroriënteerd worden.
  § 2. De heropgenomen kandidaat-EVMI kan worden vrijgesteld van bepaalde vormingsgedeelten.
  § 3. De heropgenomen kandidaat-EVMI volgt een specifieke vormingscyclus waarvan de duur en het programma rekening houdt met de vorming gevolgd voor de verbreking van de dienstneming als kandidaat-EVMI.
  De DGHR bepaalt er de nadere uitvoeringsregels van.
  § 4. Op de dag van zijn heropneming wordt de militair EVMI aangesteld tot de graad die hij gekregen zou hebben indien hij de hoedanigheid van militair EVMI niet verloren had.
  
Art.18. § 1er. Pour pouvoir être réintégré conformément à l'article 41, alinéa 2, de la loi, l'ex-militaire EVMI doit satisfaire aux conditions suivantes :
  1° ne pas avoir perdu sa qualité de candidat [1 ...]1 du cadre actif :
  a) à la suite du fait de ne plus posséder les qualités morales requises ou [1 de ne plus être ressortissant d'un état membre de l'Espace économique européen ou de la Confédération Suisse, ou d'avoir fait l'objet d'une]1 décision d'éloignement du territoire, de renvoi ou d'expulsion, en application de la loi du 15 décembre 1980 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers;
  b) à la suite de qualités physiques insuffisantes sur le plan médical, par lesquelles il ne satisfait plus au profil médical minimal de l'emploi pour lequel il était formé originellement en qualité de candidat EVMI;
  c) à la suite de qualités caractérielles, qualités professionnelles ou qualités physiques sur le plan de la condition physique insuffisantes pour la reprise du cycle de formation d'origine de candidat EVMI, constatées par le DGHR;
  2° ne pas avoir eu son engagement résilié d'office :
  a) à la suite d'une fausse déclaration;
  b) à la suite d'une condamnation avec ou sans sursis, à un emprisonnement militaire d'un mois au moins du chef d'une infraction réprimée par le Code pénal militaire;
  c) à la suite du fait qu'il s'est rendu coupable de faits graves incompatibles avec son état de militaire ou à la suite du fait que sa conduite ou sa manière de servir est mauvaise;
  [1 d) à la suite d'une absence illégale plus de 21 jours consécutifs.]1
  3° le cycle de formation originelle soit encore organisé et selon le DGHR un besoin en personnel peut être rempli de cette manière.
  En outre, lorsque la réintégration concerne un ancien candidat EVMI qui, dans le cadre de sa formation, doit parfaire la phase d'instruction professionnelle spécialisée, il faut que celle-ci soit encore organisée dans un délai permettant le déroulement normal de la formation. Si nécessaire, le candidat EVMI peut être réorienté vers une autre formation par le DGHR.
  § 2. Le candidat EVMI réintégré peut être dispensé de certaines parties de la formation.
  § 3. Le candidat EVMI réintégré suit un cycle de formation spécifique dont la durée et le programme tiennent compte de la formation suivie avant la résiliation de l'engagement comme candidat EVMI.
  Le DGHR en fixe les modalités d'exécution.
  § 4. Le jour de sa réintégration, le militaire EVMI est commissionné au grade qu'il aurait obtenu s'il n'avait pas perdu la qualité de militaire EVMI.
  
Art.19. De dienstneming of de wederdienstneming van de militair EVMI wordt van rechtswege verbroken wanneer hij niet ten minste het volgend medisch profiel behoudt :
  1° voor de officier en de onderofficier EVMI :
  P S I V C A M E
  3 3 3 3 3 2 1 2
  2° voor de vrijwilliger EVMI :
  P S I V C A M E
  3 3 3 3 3 2 3 3
  De militair EVMI van de marine moet bovendien het volgend speciaal medisch profiel behalen :
  G Y K O
  2 3 3 3
Art.19. L'engagement ou le rengagement du militaire EVMI est résilié de plein droit lorsqu'il ne conserve pas au moins le profil médical suivant :
  1° pour l'officier et le sous-officier EVMI :
  P S I V C A M E
  3 3 3 3 3 2 1 2
  2° pour le volontaire EVMI :
  P S I V C A M E
  3 3 3 3 3 2 3 3
  Le militaire EVMI de la marine doit obtenir en outre le profil médical spécial suivant :
  G Y K O
  2 3 3 3
Art.20. De wederdienstneming van de militair EVMI wordt van ambtswege verbroken indien de militair EVMI :
  1° zijn dienstneming onderschreven heeft op grond van een valse verklaring;
  2° veroordeeld wordt, met of zonder uitstel, tot een militaire gevangenisstraf van ten minste één maand wegens een misdrijf dat volgens het militair Strafwetboek strafbaar is;
  3° zich aan ernstige, met zijn staat van militair niet overeen te brengen feiten schuldig heeft gemaakt of wanneer zijn gedrag of zijn wijze van dienen slecht is;
  [1 4° meer dan eenentwintig opeenvolgende dagen onwettig afwezig is.]1
  
Art.20. Le rengagement du militaire EVMI est résilié d'office lorsque le militaire EVMI :
  1° a souscrit son engagement sur la base d'une fausse déclaration;
  2° est condamné, avec ou sans sursis, à un emprisonnement militaire d'un mois au moins du chef d'une infraction réprimée par le Code pénal militaire;
  3° s'est rendu coupable de faits graves incompatibles avec son état de militaire ou lorsque sa conduite ou sa manière de servir est mauvaise;
  [1 4° est absent illégalement plus de 21 jours consécutifs.]1
  
Art.21. § 1. In de gevallen bedoeld in artikel 20, 1° en 2°, wordt de beslissing genomen door de DGHR, op voorstel van een hiërarchische meerdere met een rang ten minste gelijk aan die van korpscommandant.
  § 2. [1 In het geval bedoeld in artikel 20, 3°, maakt elke hiërarchische meerdere met een rang ten minste gelijk aan die van korpscommandanteen omstandig verslag op dat een gemotiveerd advies bevat betreffende de ernst van de feiten die ten laste worden gelegd.
   Hij gaat over tot de oproeping van de die ervan verwittigd wordt dat hij opgeroepen wordt in het kader van een procedure die het nemen van een statutaire maatregel ten gevolge kan hebben.
   Een afschrift van het omstandig verslag wordt bij de oproeping gevoegd.]1

  § 3. De korpscommandant van de betrokkene stuurt aan de minister, langs de hiërarchische weg doch zonder tussenkomst van een onderzoeksraad, een voorstel tot verbreking van ambtswege van de wederdienstneming dat berust op de beweegredenen opgesomd in artikel 20, 3°.
  De korpscommandant stelt betrokkene schriftelijk in kennis van het voorstel vooraleer het wordt ingediend. Deze kan een verweerschrift indienen en vragen om door de korpscommandant gehoord te worden, binnen de vijf werkdagen volgend op de dag van betekening van deze beslissing.
  Wanneer hij gehoord wordt door de korpscommandant, mag de betrokken militair zich laten bijstaan door een persoon van zijn keuze.
  § 4. Wanneer ze oordeelt dat de feiten bewezen en ernstig zijn en niet overeen te brengen zijn met de staat van militair of zijn gedrag of wijze van dienen slecht is, kan de bevoegde overheid de wederdienstneming van de militair EVMI verbreken.
  De verbreking van de wederdienstneming wordt uitgesproken :
  1° door de minister indien het om een officier [2 ...]2 EVMI gaat;
  2° [2 door de chef Defensie indien het om een onderofficier EVMI gaat;]2
  [2 3° door de directeur-generaal human resources indien het om een vrijwilliger EVMI gaat.]2
  [1 § 5. In het geval bedoeld in artikel 20, 4°, wordt de maatregel genomen volgens dezelfde regels dan die van toepassing zijn op de beroepsmilitairen van het actief kader.]1
  
Art.21. § 1er. Dans les cas visés à l'article 20, 1° et 2°, la décision est prise par le DGHR, sur la proposition d'un supérieur hiérarchique d'un rang au moins égal à celui de chef de corps.
  § 2. [1 Dans le cas visé à l'article 20, 3°, tout supérieur hiérarchique d'un rang au moins égal à celui de chef de corps rédige un rapport circonstancié reprenant un avis motivé sur la gravité des faits qui sont reprochés.
   Il procède à la convocation du militaire concerné en l'informant qu'il est convoqué dans le cadre d'une procédure pouvant donner lieu à la prise d'une mesure statutaire.
   Une copie du rapport circonstancié est jointe à la convocation.]1

  § 3. Le chef de corps de l'intéressé transmet au ministre, par la voie hiérarchique mais sans l'intervention d'un conseil d'enquête, une proposition fondée sur les motifs énoncés à l'article 20, 3°, en vue de la résiliation d'office du rengagement.
  Le chef de corps notifie la proposition par écrit à l'intéressé avant qu'elle ne soit transmise. Celui-ci peut introduire un mémoire justificatif et demander à être entendu par le chef de corps, dans les cinq jours ouvrables qui suivent le jour de la notification de cette décision.
  Lorsqu'il est entendu par le chef de corps, le militaire concerné peut se faire assister par une personne de son choix.
  § 4. Lorsqu'elle est d'avis que les faits sont établis, graves et incompatibles avec l'état de militaire ou lorsque sa conduite ou sa manière de servir est mauvaise, l'autorité compétente peut résilier le rengagement du militaire EVMI.
  La résiliation du rengagement est prononcée :
  1° par le ministre lorsqu'il s'agit d'un officier [2 ...]2 EVMI;
  2° [2 par le chef de la Défense lorsqu'il s'agit d'un sous-officier EVMI;]2
  [2 3° par le directeur général human resources lorsqu'il s'agit d'un volontaire EVMI.]2
  [1 § 5. Dans le cas visé à l'article 20, 4°, la mesure est prise selon les mêmes règles que celle applicables aux militaires de carrière du cadre actif.]1
  
HOOFDSTUK 6.
CHAPITRE 6.
HOOFDSTUK 7. - Wijzigingsbepalingen
CHAPITRE 7. - Dispositions modificatives
Art.27. In artikel 86, eerste lid, 4°, van het koninklijk besluit van 11 augustus 1994 betreffende de vorming van de kandidaat-militairen van het actief kader, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 1 september 2008, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° de bepalingen onder a) en b) worden aangevuld als volgt :
  " - kandidaat-officier in vrijwillige militaire inzet;";
  2° de bepalingen onder c) en d) worden aangevuld als volgt :
  " - kandidaat-officier in vrijwillige militaire inzet;
  - kandidaat-onderofficier in vrijwillige militaire inzet;";
  3° de bepaling onder e) wordt aangevuld als volgt :
  " - kandidaat-officier in vrijwillige militaire inzet;
  - kandidaat-onderofficier in vrijwillige militaire inzet;
  - kandidaat-vrijwilliger in vrijwillige militaire inzet. "
Art.27. A l'article 86, alinéa 1er, 4°, de l'arrêté royal du 11 août 1994 relatif à la formation des candidats militaires du cadre actif, modifié par l'arrêté royal du 1er septembre 2008, les modifications suivantes sont apportées :
  1° les a) et b) sont complétés comme suit :
  " - candidat officier en engagement volontaire militaire;";
  2° les c) et d) sont complétés comme suit :
  " - candidat officier en engagement volontaire militaire;
  - candidat sous-officier en engagement volontaire militaire;";
  3° le e) est complété comme suit :
  " - candidat officier en engagement volontaire militaire;
  - candidat sous-officier en engagement volontaire militaire;
  - candidat volontaire en engagement volontaire militaire. "
HOOFDSTUK 8. - Slotbepalingen
CHAPITRE 8. - Dispositions finales
Art.28. Op de dag van bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad treden in werking :
  1° de artikelen 4, 16 tot 19, 21 tot 49, 56 en 57 van de wet;
  2° dit besluit.
Art.28. Entrent en vigueur le jour de la publication du présent arrêté au Moniteur belge :
  1° les articles 4, 16 à 19, 21 à 49, 56 et 57 de la loi;
  2° le présent arrêté.
Art. 29. De Minister bevoegd voor Landsverdediging is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 29. Le Ministre qui a la Défense dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.