Naar hoofdinhoud

Vergelijking NL / FR

| Word Word (citaat)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titel
14 DECEMBER 2007. - Decreet houdende de organisatie en werking van de regionale technologische centra(NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 01-02-2008 en tekstbijwerking tot 28-06-2024)
Titre
14 DECEMBRE 2007. - Décret portant organisation et fonctionnement des centres technologiques régionaux (TRADUCTION)(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 01-02-2008 et mise à jour au 28-06-2024)
Documentinformatie
Numac: 2008035118
Datum: 2007-12-14
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2008035118
Date: 2007-12-14
Moniteur: Voir
Tekst (29)
Texte (29)
HOOFDSTUK I. - Inleidende bepaling.
CHAPITRE Ier. - Disposition introductive.
Artikel 1. Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid
Article 1. Le présent décret règle une matière communautaire.
HOOFDSTUK II. - Begripsomschrijving en opdrachten.
CHAPITRE II. - Description de la notion et missions.
Art. 2. In elke provincie is er één regionaal technologisch centrum, hierna RTC te noemen. Het RTC Vlaams-Brabant heeft ook het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest in zijn werkingsgebied. Het RTC neemt de rechtsvorm aan van een vereniging zonder winstoogmerk zoals bepaald in [2 de wettelijke verplichtingen voor verenigingen zonder winstoogmerk]2.
  [1 [3 De werking van een RTC is erop gericht:
   1° synergieën te creëren tussen onderwijsinstellingen en de ondernemingswereld om innovatie in het onderwijs te brengen;
   2° leerlingen optimaal voor te bereiden op de arbeidsmarktrealiteit;
   3° het onderwijs te ondersteunen op het vlak van innovatie, techniek, technologie en arbeidsmarktrealiteit;
   4° een brede groep leraren aansluiting te laten vinden bij hedendaagse en toekomstgerichte technologie en arbeidsmarktrealiteit]3
.]1

  
Art. 2. Il existe dans chaque province un centre technologique régional, dénommé ci-après "CTR". La zone d'action du CTR Brabant flamand comprend également la Région de Bruxelles-Capitale. Le CTR prend la forme juridique d'une association sans but lucratif au sens [2 des obligations légales des associations sans but lucratif]2.
  [1 [3 Le fonctionnement d'un CTR vise :
   1° à créer des synergies entre les établissements d'enseignement et le monde de l'entreprise pour introduire l'innovation dans l'enseignement ;
   2° à préparer les élèves de manière optimale à la réalité du marché du travail ;
   3° à soutenir l'enseignement dans le domaine de l'innovation, de la technique, de la technologie et de la réalité du marché du travail ;
   4° à permettre à un large groupe d'enseignants de se connecter à la technologie moderne et orientée avenir et à la réalité du marché du travail]3
.]1

  
Art. 3. [1 Een RTC neemt concrete initiatieven voor de volgende aspecten:
   1° tussen onderwijsinstellingen en ondernemingen de vraag naar en het aanbod van infrastructuur, apparatuur en uitrusting voor onderwijs die een pedagogisch-didactische rol kan vervullen, door een of meer infrastructurele inbeddingen te ontwikkelen of te ondersteunen, op elkaar afstemmen; en
   2° aanvullend op de nascholing in scholen professionalisering op het vlak van nieuwe technologieën en STEM faciliteren of coördineren; en
   3° een platform creëren waarin onderwijsinstellingen en ondernemingen kennis en ervaring kunnen uitwisselen; en[2 ...]2
   4° tussen onderwijsinstellingen en ondernemingen de mogelijkheden tot werkplekleren[2 inclusief duaal leren]2 faciliteren; en/of
   5° noden, behoeften en tendensen met betrekking tot materies op het snijvlak onderwijs-arbeidsmarkt signaleren aan en ontvangen van het Departement Onderwijs en Vorming]1
.
  
Art. 3. [1 Un CTR prend des initiatives concrètes concernant les aspects suivants :
   1° coordonner l'offre et la demande d'infrastructures, de matériel et d'équipements destinés à l'enseignement et susceptibles de jour un rôle didactico-pédagogique, entre les établissements d'enseignement et les entreprises, en développant ou en soutenant une ou plusieurs intégrations infrastructurelles ; et
   2° faciliter ou coordonner la professionnalisation dans le domaine des nouvelles technologies et des STIM, en plus de la formation continue dans les écoles ; et
   3° créer une plateforme dans laquelle les établissements d'enseignement et les entreprises peuvent échanger des connaissances et des expériences ; et[2 ...]2
   4° faciliter les possibilités d'apprentissage sur le lieu de travail[2 , y compris l'apprentissage dual,]2 entre les établissements d'enseignement et les entreprises ; et/ou
   5° signaler les besoins, les exigences et les tendances dans les matières à l'interface entre l'enseignement et le marché du travail au Département de l'Enseignement et de la Formation et en être informé par celui-ci. ]1

  
HOOFDSTUK III. - Beheersovereenkomst.
CHAPITRE III. - Contrat de gestion.
Afdeling I. - Inhoud.
Section Ire. - Contenu.
Art. 4. § 1. [2 Elk RTC sluit met de Vlaamse Regering telkens voor een periode van maximum vijf schooljaren een beheersovereenkomst. Mits onderling akkoord tussen de Vlaamse Regering en het betrokken RTC kan de looptijd van de beheersovereenkomst worden gewijzigd zonder echter de globale termijn van vijf schooljaren te overschrijden. De looptijd van de diverse beheersovereenkomsten is steeds identiek.
   De beheersovereenkomst behandelt de bijzondere regels en voorwaarden waaronder het RTC zijn taken vervult. Het is een sturings- en voortgangsbewakingsinstrument, in het bijzonder gericht op een doelmatige uitvoering of dienstverlening, voortgangsbewaking en evaluatie.]2

  § 2.[3 Een beheersovereenkomst bestaat uit:
   1° algemene voorwaarden;
   2° een strategisch plan voor de vijf RTC's samen;
   3° een actieplan voor elk schooljaar voor de vijf RTC's samen.
   Een beheersovereenkomst bevat bepalingen over de resultaats- en inspanningsverbintenissen. De resultaatsverbintenissen betreffen minimaal cijfermatige afspraken over het aantal onderwijsinstellingen dat aan de RTC-acties deelneemt met leraren of leerlingen]3
.
  [3 Het strategisch plan bevat minstens de volgende elementen:" vervangen door de volgende zin en zinsnede "De RTC's maken het strategisch plan op. Het strategisch plan bevat al de volgende elementen :]3
  1° de visie en de missie van het RTC;
  2° een analyse van de omgeving, het beleidsveld en van de eigen organisatie;
  3° de formulering van de strategische doelstellingen;
  4° de omschrijving van de kritieke succesfactoren;
  5° de instrumenten waarmee men de doelstellingen wil bereiken.
  Het strategisch plan [1 heeft telkens betrekking op [2 de volledige looptijd van de beheersovereenkomst]2]1 en wordt bij de beheersovereenkomst gevoegd.
   [3 De RTC's maken voor elk schooljaar een actieplan op voor de vijf RTC's samen. Het actieplan bevat concrete stappen om de strategische doelstellingen van het strategisch plan te bereiken. Voor de uitvoering van de identieke acties voor de vijf RTC's kunnen de provinciale of lokale samenwerkingspartners per RTC verschillen. Het voormelde actieplan kan per RTC worden aangevuld met RTC-specifieke acties die rekening houden met het provinciale, interregionale, regionale of lokale behoeftepatroon. Het actieplan bevat ook per RTC een financieel plan waarin de kosten en de opbrengsten van dat schooljaar begroot worden]3
  § 3. Tijdens de looptijd van een beheersovereenkomst kunnen de Vlaamse Regering en het betrokken RTC beslissen om eventuele wijzigingen van of addenda bij de beheersovereenkomst aan te brengen.
  § 4. [3 ...]3
  
Art. 4. § 1er. [2 Chaque CTR conclut un contrat de gestion avec le Gouvernement flamand, chaque fois pour une période de cinq années scolaires au maximum. Moyennant un accord entre le Gouvernement flamand et le CTR intéressé, la durée du contrat de gestion peut être modifiée sans toutefois dépasser le délai global de cinq années scolaires. La durée des divers contrats de gestion est toujours identique.
   Le contrat de gestion traite les modalités et conditions auxquelles le CTR accomplit ses tâches. Il s'agit d'un instrument de direction et de suivi, particulièrement axé sur une exécution ou un service, un suivi et une évaluation efficaces.]2

  § 2. [3 Un contrat de gestion se compose des éléments suivants :
   1° des conditions générales ;
   2° d'un plan stratégique pour l'ensemble des cinq CTR ;
   3° d'un plan d'action pour chaque année scolaire pour l'ensemble des cinq CTR.
   Un contrat de gestion doit contenir des dispositions sur les obligations de résultat et de moyens. Les obligations de résultat concernent a minima des accords chiffrés sur le nombre d'établissements d'enseignement participant aux actions CTR avec des enseignants ou des élèves]3
.
  [3 Les CTR établissent le plan stratégique. Le plan stratégique comporte tous les éléments suivants :]3
  1° la vision et la mission du CTR;
  2° une analyse de l'environnement, du domaine de gestion et de la propre organisation;
  3° la formulation des objectifs stratégiques;
  4° la définition des facteurs de succès critiques;
  5° les instruments à utiliser pour atteindre les objectifs.
  Le plan stratégique [1 porte chaque fois sur [2 la durée complète du contrat de gestion]2]1 et est annexé au contrat de gestion.
  [3 Les CTR élaborent un plan d'action pour chaque année scolaire et pour l'ensemble des cinq CTR. Un plan d'action annuel comprend des étapes concrètes pour atteindre les objectifs stratégiques du plan stratégique. En ce qui concerne l'exécution des actions identiques pour les cinq CTR, les partenaires de la coopération provinciaux ou locaux peuvent, eux, être différents pour chaque CTR. Le plan d'action précité peut être complété par des actions spécifiques à chaque CTR qui tiennent compte de la structure des besoins provinciaux, interrégionaux, régionaux ou locaux. Le plan d'action comprend également un plan financier dans lequel les coûts et les revenus de l'année scolaire dont question sont budgétisés]3.
  § 3. Pendant la durée du contrat de gestion, le Gouvernement flamand et les CTR peuvent décider d'apporter des modifications ou addenda éventuels au contrat de gestion.
  § 4. [3 ...]3
  
Art. 5. [1 De Vlaamse Regering houdt toezicht op de [4 RTC's]4 via gerichte [3 controle]3 die erin bestaat de RTC-structuren, -processen en -uitkomsten te toetsen aan dit decreet en de beheersovereenkomst zoals bedoeld in artikel 4. [2 ...]2 ]1
  
Art. 5. [1 Le Gouvernement flamand surveille les CTR par la voie [3 d'un contrôle ciblé]3 afin de vérifier les structures, les processus et les résultats des CTR au présent décret et au contrat de gestion tel que visé à l'article 4. [2 ...]2 ]1
  
Afdeling II. - Financiële bijdrage van de Vlaamse Gemeenschap.
Section II. - Contribution financière de la Communauté flamande.
Art. 6. [1 § 1. Een RTC heeft door het afsluiten van een beheersovereenkomst met de Vlaamse Regering recht op werkingstoelagen met in acht name van de beschikbare begrotingskredieten. De werkingstoelagen worden geïndexeerd.
   § 2. De werkingstoelagen worden per schooljaar als volgt per RTC bepaald:
   1°[2 een forfaitair bedrag dat is vastgesteld op 125.000 euro]2;
   2° [2 een variabel bedrag per RTC naar rato van het aantal regelmatige leerlingen in het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs en het stelsel voor leren en werken in het werkingsgebied van het betrokken RTC, geteld op 1 februari van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het betrokken schooljaar. Voor de toepassing van deze bepaling komen niet in aanmerking:
   a) de leerlingen van de eerste graad en de tweede graad van het voltijds gewoon secundair onderwijs en van het buitengewoon secundair onderwijs, OV 4;
   b) de leerlingen van de derde graad van het voltijds gewoon algemeen en kunstsecundair onderwijs en van het buitengewoon algemeen en kunstsecundair onderwijs, OV 4;
   c) de leerlingen van het buitengewoon technisch en beroepssecundair onderwijs, OV 4, type 5;
   d) de leerlingen van het buitengewoon secundair onderwijs, OV 3, observatiefase en opleidingsfase;
   e) de leerlingen van het gemoderniseerde [3 7de leerjaar gericht op instroom arbeidsmarkt]3 in het derde leerjaar van de derde graad, domeinen Kunst en Creatie en Taal en Cultuur]2
.
  [3 f) de leerlingen van het buitengewoon secundair onderwijs, OV1 en OV2;
   g) de leerlingen in het onthaalonderwijs voor anderstalige nieuwkomers.]3

   § 3. De toekenning van de werkingstoelagen per RTC gebeurt als volgt:
   1° voor de periode van 1 september tot en met 31 december:
   a) een voorschot van 80 percent wordt uitbetaald uiterlijk 31 oktober van die periode;
   b)[2 het saldo van 20 percent wordt uitbetaald na de indiening en de goedkeuring van het werkings- en activiteitenverslag over het betrokken schooljaar en de toetsing van de realisaties aan de resultaats- en inspanningsverbintenissen, vermeld in de beheersovereenkomst en het actieplan per schooljaar, vermeld in artikel 4, § 2]2;
   2° voor de periode van 1 januari tot en met 31 augustus:
   a) een voorschot van 80 percent wordt uitbetaald uiterlijk 28 februari van die periode;
   b)[2 het saldo van 20 percent wordt uitbetaald na de indiening en de goedkeuring van het werkings- en activiteitenverslag over het betrokken schooljaar en de toetsing van de realisaties aan de resultaats- en inspanningsverbintenissen, vermeld in de beheersovereenkomst en het actieplan per schooljaar, vermeld in artikel 4, § 2 ]2.]1
;
  [2 3° voor de toepassing van de bepalingen onder punt 1°, b), en 2°, b), geldt dat naast de goedkeuring van het werkings- en activiteitenverslag enkel de toetsing aan de resultaatsverbintenissen, vermeld in artikel 4, § 2, een vermindering van de uitbetaling van het saldo tot gevolg kan hebben, begrensd tot een maximum van 10 percent van de totale uit te betalen werkingstoelage. Als een resultaatsverbintenis niet wordt behaald, wordt de 10 percent a rato van het aantal behaalde resultaatsverbintenissen betaald.]2
  
Art. 6. [1 § 1er. Un CTR a droit à des allocations de fonctionnement, tout en tenant compte des crédits budgétaires disponibles, grâce à la conclusion d'un contrat de gestion avec le Gouvernement flamand. Les allocations de fonctionnement sont indexées.
   § 2. Par année scolaire, les allocations de fonctionnement sont fixées comme suit par CTR :
   1° [2 un montant forfaitaire fixé à 125 000 euros ]2;
   2° [2 un montant variable par CTR au prorata du nombre d'élèves réguliers de l'enseignement secondaire ordinaire et spécial et du système d'apprentissage et de travail dans la zone d'action du CTR concerné, comptés au 1er février de l'année civile précédant l'année scolaire dont question. N'entrent pas en ligne de compte pour l'application de cette disposition :
   a) les élèves du premier et du deuxième degré de l'enseignement secondaire ordinaire à temps plein et de l'enseignement secondaire spécial, forme d'enseignement 4 ;
   b) les élèves du troisième degré de l'enseignement secondaire ordinaire général et artistique à temps plein et de l'enseignement secondaire spécial général et artistique, forme d'enseignement 4 ;
   c) les élèves de l'enseignement secondaire spécial technique et professionnel, forme d'enseignement 4, type 5 ;
   d) les élèves de l'enseignement secondaire spécial, forme d'enseignement 3, phase d'observation et phase de formation ;
   e) les élèves de [3 7e année d'études préparatoires à l'entrée sur le marché du travail]3 en troisième année de troisième degré, domaines Art. et Création et Langue et Culture. ]2
.
  [3 f) les élèves de l'enseignement secondaire spécial, formes d'enseignement 1 et 2 ;
   g) les élèves de l'enseignement d'accueil pour primo-arrivants allophones.]3

   § 3. L'attribution des allocations de fonctionnement par CTR se fait comme suit :
   1° pour la période du 1er septembre au 31 décembre inclus :
   a) un acompte de 80 pour cent est versé au plus tard le 31 octobre de cette période ;
   b) [2 le solde de 20 pour cent est versé après l'introduction et l'approbation du rapport de fonctionnement et d'activités pour l'année scolaire en question et la vérification des réalisations par rapport aux obligations de résultat et de moyens, telles que visées dans le contrat de gestion et le plan d'action par année scolaire, tel que visé à l'article 4, § 2 ]2;
   2° pour la période du 1er janvier au 31 août inclus :
   a) un acompte de 80 pour cent est versé au plus tard le 28 février de cette période ;
   b)[2 le solde de 20 pour cent est versé après l'introduction et l'approbation du rapport de fonctionnement et d'activités pour l'année scolaire en question et la vérification des réalisations par rapport aux obligations de résultat et de moyens, telles que visées dans le contrat de gestion et le plan d'action par année scolaire, tel que visé à l'article 4, § 2]2.]1

  [2 3° pour l'application des dispositions prévues au point 1°, b), et 2°, b), outre l'approbation du rapport de fonctionnement et d'activités, seule la vérification des obligations de résultat, visées à l'article 4, § 2, peut entraîner une réduction du paiement du solde, limitée à un maximum de 10 pour cent du total de l'allocation de fonctionnement à payer. Si une obligation de résultat n'est pas remplie, les 10 % sont payés au prorata du nombre d'obligations de résultat remplies. ]2
  
Art.6/1. [1 In het kader van de beheersovereenkomst met de Vlaamse Regering en binnen de beschikbare begrotingskredieten heeft een RTC recht op specifieke werkingstoelagen ter ondersteuning van het duaal leren. De specifieke werkingstoelagen worden geïndexeerd.
   Deze specifieke werkingstoelagen worden per schooljaar per RTC bepaald zoals omschreven in artikel 6, Ї 2, 2А. In afwijking hiervan gaat voor het schooljaar 2023-2024 de periode in op 1 oktober 2023.
   Naast het actieplan, vermeld in artikel 4, Ї 2, eerste lid, 3А, maken de vijf RTC's samen voor de periode 1 oktober 2023 tot 31 augustus 2024 een actieplan op met de concrete stappen ter ondersteuning van het duaal leren, inclusief een financieel plan per RTC. Het actieplan is complementair aan de activiteiten van het Vlaams Partnerschap Duaal Leren en de sectorale partnerschappen Duaal Leren. Het actieplan wordt voor advies voorgelegd aan het Vlaams Partnerschap Duaal Leren.
   De Vlaamse Regering bepaalt de rapporterings- en uitbetalingsmodaliteiten van de specifieke werkingstoelagen, vermeld in het eerste lid.]1

  
Art. 6/1. [1 Dans le cadre du contrat de gestion avec le Gouvernement flamand et dans la limite des crédits budgétaires disponibles, un CRT a droit à des allocations de fonctionnement spécifiques pour soutenir l'apprentissage dual. Les allocations de fonctionnement spécifiques sont indexées.
   Elles sont déterminées par année scolaire et par CRT conformément à l'article 6, § 2, 2°. Par dérogation, pour l'année scolaire 2023-2024, la période commence le 1er octobre 2023.
   En plus du plan d'action, prévu par l'article 4, § 2, alinéa 1er, 3°, les cinq CRT préparent conjointement un plan d'action pour la période du 1er octobre 2023 au 31 août 2024, comprenant les mesures concrètes pour soutenir l'apprentissage dual et un plan financier par CRT. Le plan d'action est complémentaire aux activités du Partenariat flamand pour l'Apprentissage dual et des partenariats sectoriels pour l'Apprentissage dual. Le plan d'action est soumis au Partenariat flamand pour l'Apprentissage dual pour avis.
   Le Gouvernement flamand arrête les modalités de rapport et de paiement des allocations de fonctionnement spécifiques, visées à l'alinéa 1er.]1

  
Afdeling III. - Facilitair kader.
Section III. - Cadre facilitaire.
Art. 7. Naast de financiële bijdragen van de Vlaamse Gemeenschap als bedoeld in artikel 6 kan een RTC over de volgende middelen beschikken :
  1° financiële, materiële of immateriële middelen die op eigen initiatief door actoren uit de onderwijssector, [3 het ondernemingsleven of door overheden]3 worden ingebracht;
  2° vergoedingen voor verleende diensten aan organisaties andere dan door de Vlaamse Gemeenschap gefinancierde of gesubsidieerde onderwijs-, opleidings- of vormingsinstellingen;
  3° opbrengsten uit eigen bezit;
  4° schenkingen en legaten;
  5° leningen van allerlei aard;
  [1 6° vergoedingen in geval ingeschreven deelnemers zonder voorafgaandelijke verwittiging niet kwamen opdagen; de bepaling van het bedrag zal in de beheersovereenkomst geregeld worden;]1
  [2 7° vergoedingen vanwege scholen bij deelname van leraren aan door een RTC ingerichte [3 professionaliseringsprojecten]3; de bepaling van het bedrag zal in de beheersovereenkomst geregeld worden.]2
  
Art. 7. Outre les contributions financières de la Communauté flamande telles que visées à l'article 6, un CTR peut disposer des moyens suivants :
  1° des moyens financiers, matériels ou immatériels apportés d'initiative par les acteurs du secteur de l'enseignement, [3 les entreprises ou les autorités]3;
  2° des indemnités pour les services rendus à des organisations autres que les établissements d'enseignement ou de formation financés ou subventionnés par la Communauté flamande;
  3° des bénéfices provenant de la propre propriété;
  4° des dons et des legs;
  5° des prêts de nature diverse;
  [1 6° des indemnités au cas où les participants inscrits ne se sont pas présentés sans avoir averti au préalable; le montant de cette indemnité sera fixé dans le contrat de gestion;]1
  [2 7° des indemnités versées par des écoles pour la participation d'enseignants à des [3 projets de professionnalisation ]3 organisés par un CTR ; la détermination du montant sera réglée dans le contrat de gestion.]2
  
HOOFDSTUK III/1. [1 Governance]1
CHAPITRE III/1 [1 Gouvernance ]1
Art.7/1.[1 De Vlaamse Regering richt een Vlaamse Stuurgroep RTC op.
   De Vlaamse Stuurgroep RTC is samengesteld uit de volgende leden:
   1° een voorzitter aangeduid door de Vlaamse minister bevoegd voor het onderwijs;
   2° een vertegenwoordiger voor de Vlaamse minister bevoegd voor het onderwijs;
   3° een vertegenwoordiger voor de Vlaamse minister bevoegd voor werk;
   4° zeven leden voorgedragen door de Vlaamse Onderwijsraad;
   5° vijf leden voorgedragen door de representatieve middenstands-, zelfstandigen-, werkgevers- en werknemersorganisaties vertegenwoordigd in de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen;
   6° een vertegenwoordiger van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding;
   7° vijf vertegenwoordigers van de regionale technologische centra, met name één vertegenwoordiger per regionaal technologisch centrum;
   8° een vertegenwoordiger van het STEM-platform;
   9° een vertegenwoordiger van Agentschap Innoveren en Ondernemen VLAIO;
   10° een waarnemend vertegenwoordiger van het Departement Onderwijs en Vorming;
   11° een waarnemend vertegenwoordiger van het Departement Werk en Sociale Economie.
   De instanties, vermeld in punt 2° tot en met 11°, duiden een effectieve en een plaatsvervangende vertegenwoordiging aan.
   De leden, vermeld in punt 2° tot en met 9°, hebben stemrecht.
   De leden van de stuurgroep worden aangesteld voor een periode van 5 jaar.
   Het secretariaat wordt opgenomen door het Departement Onderwijs en Vorming.
   De Vlaamse Stuurgroep RTC heeft de volgende opdrachten:
   1° strategische doelstellingen voor alle RTC's samen voor de duur van de beheersovereenkomsten formuleren;
   2° operationele doelstellingen met inbegrip van prioriteiten voor alle RTC's samen voor de duur van de beheersovereenkomsten formuleren;
   3° RTC-acties op Vlaams niveau initiëren, ondersteunen en monitoren;
   4° RTC-acties op provinciaal niveau bewaken op inhoudelijke coherentie, ondersteunen en monitoren;
   5° advies verlenen over materies op het snijvlak onderwijs-arbeidsmarkt.
   De doelstellingen, vermeld in het zevende lid, 1° en 2°, worden in de vorm van een advies ter beslissing aan de Vlaamse Regering voorgelegd.
   De Vlaamse Regering kan eveneens:
   1° een vergoeding toekennen aan de leden van de Vlaamse Stuurgroep RTC;
   2° nadere modaliteiten bepalen met betrekking tot de organisatie en werking van de Vlaamse Stuurgroep RTC. ]1

  
Art. 7/1. [1 Le Gouvernement flamand crée un Groupe de pilotage flamand CTR.
   Le Groupe de pilotage flamand CTR est composé des membres suivants :
   1° un président désigné par le ministre flamand compétent pour l'enseignement ;
   2° un représentant du ministre flamand compétent pour l'enseignement ;
   3° un représentant du ministre flamand compétent pour l'emploi ;
   4° sept membres présentés par le Conseil flamand de l'Enseignement ;
   5° cinq membres, présentés par les organisations représentatives des classes moyennes, des indépendants et des employeurs représentées au Conseil socio-économique de la Flandre ;
   6° un représentant de l'Office flamand de l'Emploi et de la Formation professionnelle ;
   7° cinq représentants des centres technologiques régionaux, à savoir un représentant par centre technologique régional ;
   8° un représentant de la plateforme STIM ;
   9° un représentant de l'Agence de l'Innovation et l'Entrepreneuriat VLAIO ;
   10° un représentant observateur du Département de l'Enseignement et de la Formation ;
   11° un représentant observateur du Département de l'Emploi et de l'Economie sociale.
   Les instances mentionnées aux points 2° à 11°, désignent un représentant effectif et un représentant suppléant.
   Les membres mentionnés aux points 2° à 9° ont le droit de vote.
   Les membres du groupe de pilotage sont désignés pour une durée de 5 ans.
   Le secrétariat est assuré par le Département de l'Enseignement et de la Formation.
   Le Groupe de pilotage flamand CTR est investi des missions suivantes :
   1° formuler des objectifs stratégiques pour l'ensemble des CTR pour la durée des contrats de gestion ;
   2° formuler des objectifs opérationnels y compris des priorités pour l'ensemble des CTR pour la durée des contrats de gestion ;
   3° initier, soutenir et suivre les actions CTR au niveau flamand ;
   4° soutenir, contrôler et assurer la cohérence du contenu des actions des CTR au niveau provincial ;
   5° rendre un avis sur les matières à l'interface entre l'enseignement et le marché du travail.
   Les objectifs mentionnés à l'alinéa 7, 1° et 2°, sont soumis à la décision du Gouvernement flamand sous la forme d'un avis.
   Le Gouvernement flamand peut également :
   1° accorder une indemnité aux membres du Groupe de pilotage flamand CTR ;
   2° déterminer les modalités relatives à l'organisation et au fonctionnement du Groupe de pilotage flamand CTR. ]1

  
HOOFDSTUK IV. - Infrastructuur.
CHAPITRE IV. - Infrastructure.
Art. 8. § 1. Indien een inrichtende macht aan een RTC voor de werking van het RTC een persoonlijk of zakelijk recht of een gebruiksrecht verleent op een onroerend goed bestemd voor het onderwijs, wordt dit nooit als een bestemmingswijziging beschouwd.
  § 2. Het RTC treedt ten aanzien van het Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs, hierna AGIOn te noemen, of de rechtsopvolger daarvan, in de rechten en verplichtingen van de overdragende inrichtende macht, indien het RTC eigenaar wordt van het gebouw of het zakelijk recht overneemt dat noodzakelijk was voor het verkrijgen van de subsidies verstrekt door bedoeld agentschap, of de rechtsopvolger daarvan.
  Indien het RTC de eigendom of het zakelijk recht niet overneemt, blijft de overdragende inrichtende macht verantwoordelijk voor de naleving van de verplichtingen die voortvloeien uit de regelgeving voor het verkrijgen van de subsidies verstrekt door AGIOn of de rechtsopvolger daarvan.
Art. 8. § 1er. Si un pouvoir organisateur accorde à un CTR, au profit du fonctionnement d'un CTR, un droit personnel, un droit réel ou un droit d'usufruit sur un bien immobilier destiné à l'enseignement, cela n'est jamais considéré comme une modification de la destination.
  § 2. Le CTR demeure, vis-à-vis de l'Agentschap voor Infrastructuur in het Onderwijs, dénommée ci-après "AGIOn", ou de son successeur, subrogé aux droits et obligations du pouvoir organisateur transmetteur, si le CTR devient propriétaire du bâtiment ou reprend le droit réel qui était nécessaire pour l'obtention des subventions, fournies par l'agence visée ou son successeur.
  Si le CTR ne reprend pas la propriété ou le droit réel, le pouvoir organisateur transmetteur reste responsable du respect des obligations qui découlent de la réglementation pour l'obtention des subventions fournies par l'AGIOn ou son successeur.
HOOFDSTUK V. - Evaluatie van de regionale technologische centra.
CHAPITRE V. - Evaluation des centres technologiques régionaux.
Art. 9. De Vlaamse Regering evalueert de werking van de RTC's en brengt daarvan ten minste [1 één jaar]1 vóór het verstrijken van elke beheersovereenkomst verslag uit aan het Vlaams Parlement.
  [2 Voor de beheersovereenkomsten voor de periode 1 september 2020 tot 31 augustus 2022 wordt tijdens de looptijd van die beheersovereenkomsten geen evaluatie georganiseerd.]2
  
Art. 9. Le Gouvernement flamand évalue le fonctionnement des CTR et en fait rapport au Parlement flamand, au plus tard [1 un an]1 avant l'expiration de chaque contrat de gestion.
  [2 Pendant la durée de ces contrats de gestion, aucune évaluation n'est organisée concernant les contrats de gestion pour la période du 1er septembre 2020 au 31 août 2022.]2
  
HOOFDSTUK VI. - Rapporteringsverplichting.
CHAPITRE VI. - Obligation de rapportage.
Art. 10. De RTC's bezorgen jaarlijks, [1 ten laatste op 15 november]1 volgend op het werkingsjaar, een werkingsverslag, een financieel verslag, een afschrift van de bewijsstukken en hun jaarrekening aan het Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming.
  
Art. 10. Chaque année, [1 le 15 novembre]1 suivant l'année d'activité au plus tard, les TCR remettent au Ministère flamand de l'Enseignement et de la Formation un rapport d'activité, un rapport financier, une copie des pièces justificatives et leur compte annuel.
  
HOOFDSTUK VII. - Opheffingsbepalingen.
CHAPITRE VII. - Dispositions abrogatoires.
Art. 11. In het decreet van 13 juli 2001 betreffende het onderwijs-XIII-Mozaïek wordt hoofdstuk XII, bestaande uit de artikelen XII. 1 tot XII.9bis en XII. 15 tot XII. 17, gewijzigd bij de decreten van 7 mei 2004 en 7 juli 2006, opgeheven.
Art. 11. Dans le décret du 13 juillet 2001 relatif à l'enseignement-XIII-Mosaïque, le chapitre XII, comprenant les articles XII.1 à XII.9bis et XII.15 à XII.17, modifié par les décrets des 7 mai 2004 et 7 juillet 2006, est abrogé.
HOOFDSTUK VIII. - Overgangsbepaling.
CHAPITRE VIII. - Disposition transitoire.
Art.12/1. [1 Toepassing van de bepalingen van artikel 6 kan er nooit toe leiden dat de, per kalenderjaar begrote, globale werkingstoelagen voor de RTC's worden overschreden.]1
  
Art. 12/1. [1 L'application des dispositions de l'article 6 ne peut jamais donner lieu au dépassement des allocations de subventionnement globales budgétisées par année calendaire pour les CTR.]1
  
HOOFDSTUK IX. - Inwerkingtredingsbepaling.
CHAPITRE IX. - Disposition d'entrée en vigueur.
Art. 13. Dit decreet treedt in werking op 15 december 2007.
Art. 13. Le présent décret entre en vigueur le 15 décembre 2007.